RIS312006 - Bijlage 1 Programmarekening 2021
Tekst van het document
• Vanuit het Sociaal Economisch Herstelplan is extra ingezet op loopbaanoriëntatie, in acquisitie van stages en leerbanen en in de begeleiding van kwetsbare leerlingen naar stages. Dit gebeurt door de Leerwerkmakelaar (RIS 306618) en het PrO/VSO-team. • De arbeidsmarktregio Haaglanden en Zuid-Holland Centraal heeft 7 TOP Academies. Hier werken kwetsbare leerlingen in het laatste jaar van hun opleiding. • Voor nieuwkomers (kinderen die korter dan een jaar in Nederland wonen en geen Nederlands spreken) waren er voldoende plekken op scholen. Voldoende en toekomstbestendige gebouwen • Er zijn 3 revitalisaties van monumentale voortgezet onderwijs schoolgebouwen opgeleverd. • De verordening Voorzieningen huisvesting onderwijs is geactualiseerd. • In coproductie met de schoolbesturen is de herijking van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) gemaakt. • Er zijn 2 aanvragen voor cofinanciering van energiebesparende maatregelen. • Dit jaar is de vergoeding van ontwerpkosten voor een groen-blauw schoolplein eenmaal toegekend. • Er zijn 42 aanvragen ingediend voor het verbeteren van ventilatie en het realiseren van energiebesparende maatregelen. Sociaal Economisch Herstelfonds Vanuit het Sociaal Economisch Herstelfonds is in 2021 geld uitgegeven aan: • Laptops voor kinderen met een ooievaarspas. • Student voor Educatie. • Eenmalige subsidie voor educatieve buitenschoolse programma’s.
• Huiswerkbegeleiding in de bibliotheken. • Genereren van studieplekken in de stad. • Ondersteuning bij het vinden van alternatieve stageplekken. Nationaal programma Onderwijs In 2021 heeft het Rijk het nationaal programma Onderwijs opgezet. Dit is een meerjarige specifieke uitkering voor het inlopen van onderwijsachterstanden vanwege corona. Door corona waren scholen en kinderopvang tijdelijk gesloten en konden kinderen tijdelijk niet meedoen aan bijvoorbeeld voorschoolse educatie. Hierdoor hebben kinderen achterstanden opgelopen. Den Haag kiest ervoor om dit budget in te zetten voor activiteiten waar scholen niet aan toekomen of die beter bovenschools georganiseerd kunnen worden (RIS 310172). De 3 actielijnen in Den Haag zijn: 1. Versterken zorgstructuur in en om de school en voorkomen uitval. 2. Impuls aan brede ontwikkeling. 3. Investeren in (ondersteunend) personeel. Over de gemeentelijke inzet NPO bent u 5 oktober 2021 met een brief uitgebreid geïnformeerd (RIS 310172).
84
In 2021 zijn voor actielijn 1 de projectplannen voor het versterken van de zorgstructuur opgesteld en de wijken en doelgroepen geselecteerd waar de versterking moet gaat plaatsvinden. Voor actielijn 2 biedt de aanvullende subsidieregeling (RIS 310831) een impuls voor cultuureducatie. Scholen kunnen hierdoor in 2022 meer activiteiten op het gebied van cultuur ondernemen. Nieuwe Haagse Educatieve Agenda Het afgelopen jaar is in samenwerking met de kinderopvang en het onderwijsveld gewerkt aan de nieuwe Haagse Educatieve Agenda 2022-2026, welke in het tweede kwartaal van 2022 ter vaststelling aan de raad wordt aangeboden. “Kiezen voor kansen” is de titel van de nieuwe HEA. Het overkoepelende doel voor deze HEA is het bevorderen van kansengelijkheid. Indicatoren en kengetallen Voorschoolse educatie Effectindicator
Nulmeting 2019
Realisatie 2021
Begroting 2021
% doelgroeppeuters(kinderen) VVE dat deelneemt aan VVE
59%
65%
59%
Bij de nulmeting staat het percentage uit 2019 van 59%. Historisch vergelijken is slechts beperkt mogelijk. Dat komt omdat de achterstandsscore op scholen met ingang van het schooljaar 2019-2020 anders wordt vastgesteld: doelgroeppeuters in plaats van doelgroepkinderen. Ondanks de coronacrisis, de toeslagenaffaire en de arbeidsmarkttekorten is het bereik door de coronacompensatie die onder andere op toeleiding is ingezet gestegen naar 65%. Voortijdige schoolverlaters Prestatie-indicator
Nulmeting
Realisatie 2021
Begroting 2021
Percentage herplaatste nieuwe VSV-ers t.o.v. het totaal aantal nieuwe VSV-ers (Voortijdig schoolverlaten)
52%
49%*
55%
Aantal PO scholen met VVTO-aanbod (vroeg vreemde taal onderwijs)
22
29
28
* Voorlopig cijfer op basis van DUO-gegevens per 1 november 2021 Het percentage heringeschreven voortijdig schoolverlaters is lager dan vorig jaar. In de coronaperiode hebben de mbo-scholen meer studenten binnen boord gehouden, omdat ze studenten bij wie de opleiding niet zo goed ging toch nog een kans wilden geven. Dit betekent dat de jongeren die wel uitvielen, vaker zwaardere problematiek hadden. Het was voor hen moeilijker om op korte termijn weer te starten met een opleiding. Beleidsindicatoren (Rijk)
Eenheid
Actuele peildatum 2021
Absoluut verzuim*
Aantal per 1.000 leerlingen
0,7
Relatief verzuim*
Aantal per 1.000 leerlingen
34,1
Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (VSV-ers)**
Percentage deelnemers aan het voortgezet en mbo onderwijs
2,53%
*Bron: leerplichttelling 2020-2021, peildatum 1 oktober 2021 **Bron: maandrapportage gebaseerd op DUO-cijfers, peildatum 1 oktober 2021 Verzuim In het schooljaar 2020-2021 zaten 77.417 kinderen en jongeren van 5 tot 18 jaar op school. Gedurende het schooljaar stonden 373 leerlingen op enig moment niet op een school ingeschreven (absoluut verzuim). Hiervan zijn er 318 tijdens het schooljaar toch weer op school ingeschreven. Daarnaast hebben scholen over 2.637 leerlingen ongeoorloofd schoolverzuim gemeld (relatief verzuim).
85
Voor een deel van de leerlingen was het verzuim kort, bijvoorbeeld vanwege een verhuizing. Voor een ander deel van de leerlingen heeft dit langer geduurd, bijvoorbeeld omdat er zwaardere problematiek was. In totaal waren er in het schooljaar 2020-2021 540 thuiszitters. Dit betreft door de afdeling Leerlingzaken geregistreerde leerlingen tussen 5 en 18 jaar die ongeoorloofd een maand of langer de school niet hebben bezocht (relatief verzuim) of geen schoolinschrijving hadden (absoluut verzuim). Hiervan zijn 262 leerlingen binnen 3 maanden weer naar school gegaan. Voor 187 leerlingen duurde dat langer dan 3 maanden. Aan het eind van het schooljaar waren er 91 leerlingen nog niet (terug) op school. Er was geen groot effect zichtbaar van de coronamaatregelen op het aantal thuiszitters. Er zijn wel zorgen over de ontstane onderwijsachterstanden. Ook zijn er met name bij leerlingen in het voortgezet onderwijs en mbo zorgen over de psychische gevolgen van de langdurige coronacrisis. Voortijdig schoolverlaters Het definitieve percentage voortijdig schoolverlaters is in 2020 uitgekomen op 2,44%. Hiermee is de ambitie van minder dan 2,5% gerealiseerd. De verwachting is dat het schooljaar 2020-2021 op ongeveer hetzelfde percentage uitkomt: 2,53%.
Dit zijn ongeveer 960 jongeren die tijdens het schooljaar 2020-2021 zijn uitgevallen en op 1 oktober 2021 nog geen nieuwe schoolinschrijving hadden. Er blijkt elk jaar een groep jongeren te zijn die de verkeerde studiekeuze heeft gemaakt of die afhaakt door problemen in de school- of thuissituatie. Een deel van deze jongeren lukt het niet om snel weer een studie op te pakken. Aanpak Casemanagers voortijdig schoolverlaten en de leerwerkmakelaars benaderen jongeren die uitvallen actief vanuit het Jongerenpunt070. Ze begeleiden hen terug naar school of zorgen ervoor dat de jongeren naar werk of een ander passend perspectief worden begeleid. Deze ondersteuning ging in de coronaperiode uiteraard gewoon door. In september 2021 is het Jongerenpunt070 in samenwerking met ROC Mondriaan gestart met een preventieve aanpak om te voorkomen dat jongeren van het mbo zouden uitvallen. Deze aanpak stelt de student centraal: per student wordt de best passende ondersteuning ingezet om de opleiding te kunnen afronden.
Wat hebben we gedaan? Beleidsverantwoording per activiteit
Activiteiten in 2021 Onderwijshuisvesting Leerlingenvervoer Leerlingzaken Onderwijsachterstandenbeleid en taal Onderwijshuisvesting (onderwijsbeleid en leerlingzaken) Stedelijk onderwijsbeleid en projecten Kinderopvang Totaal
(incl. toevoegingen en onttrekkingen, bedragen x € 1.000) Begroting Rekening 2021 Resultaat saldo 2021 Lasten Baten Saldo 2021 46.615 N 61.506 14.928 46.578 N 37 V 5.787 N 6.016 0 6.016 N 229 N 3.562 N 6.996 3.422 3.574 N 12 N 16.033 N 60.908 45.241 15.667 N 366 V 2.093 V 876 2.873 1.998 V 95 N 23.376 N 24.528 1.354 N 4.521 94.634 N 165.349
136 4.654 71.254
24.392 N 133 V 94.095 N
1.016 N 1.487 V 539 V
Onderwijshuisvesting Nieuwbouw Dit jaar zijn er 3 revitalisaties van monumentale voortgezet onderwijs schoolgebouwen opgeleverd. Voor 2 scholen was de vervangende nieuwbouw reeds gestart en voor 6 scholen is de bouw van de vervangende nieuwbouw gestart. Voor nog eens 2 scholen is een uitvoeringsbeschikking afgegeven. Ook is een uitbreiding opgeleverd en een nieuwe wissellocatie gereedgekomen. In het in november vastgestelde programma voorzieningen onderwijshuisvesting 2022 (RIS310731) is budget voor 4 vervangende nieuwbouwprojecten opgenomen. Verordening In 2021 is de verordening Voorzieningen huisvesting onderwijs aangepast. In een werkgroep met de schoolbesturen is ook een advies geformuleerd voor volgende tranche-aanpassingen. Hiermee wordt de verordening gemoderniseerd en in lijn gebracht met de beleidsuitgangspunten uit de nota Onderwijshuisvesting in Den Haag en het Integraal Huisvestingsplan. 86
Integraal Huisvestingsplan Dit jaar is in coproductie met de schoolbesturen de herijking van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) gemaakt. Het betreft opname van eerdere onderzoeklocaties in de investeringsplanning, een overzicht van ontwikkelingen die onderwijshuisvesting raken en aanpassing van de investeringsplanning. Er start een werkgroep ten aanzien van de krimp van het aantal leerlingen in de Schilderswijk. Ook houdt een werkgroep zich bezig met de verdeling van leerlingen in het voortgezet onderwijs. Hierbij is het uitgangspunt dat het gebruik van nieuw op te richten scholen wordt geoptimaliseerd. De herijking van het IHP zal begin 2022 aan de Raad worden aangeboden. IHP’s en voorzieningenprogramma’s voor de groeigebieden worden op elkaar afgestemd. Financieel onderzoek Het onderzoek van het college naar de investeringsbehoefte voor onderwijshuisvesting is afgerond en betrokken bij de begrotingsvoorbereiding. De kosten voor onderwijshuisvesting stijgen als gevolg van oplopende bouwkosten, duurzaam bouwen en de groei van de stad. Tegelijk lopen de beschikbare middelen voor onderwijshuisvesting sterk terug. De raad is hierover geïnformeerd bij de afdoening van de motie Inzicht in middelen geplande investeringen (RIS 304556). Het onderzoek wordt betrokken bij de coalitieonderhandelingen.
Duurzaamheid en ventilatie In 2021 zijn 2 aanvragen voor cofinanciering van energiebesparende maatregelen en 1d aanvraag voor een vergoeding van de ontwerpkosten voor een groen-blauw schoolplein toegekend. In totaal is in 2021 voor € 0,7 mln. toegekend in het kader van de regeling Cofinanciering energiebesparende maatregelen en groenblauwe schoolpleinen. Het subsidieplafond voor de regeling was voor 2021 € 2,0 mln. In 2021 hebben schoolbesturen 42 aanvragen ingediend voor de rijksregeling Specifieke uitkering ventilatie in scholen. In totaal gaat het om circa € 4,0 mln. In 2021 zijn 22 aanvragen toegekend: goed voor circa € 3,3 mln. Nog 4 aanvragen zijn in behandeling, in totaal circa € 0,6 mln. Het gaat om aanvragen voor betere ventilatie en energiebesparende maatregelen in scholen. Leerlingenvervoer Op 1 december 2021 maakten 1.443 leerlingen gebruik van het leerlingenvervoer: • 1.069 leerlingen maakten gebruik van aangepast leerlingenvervoer: de taxibus. • 219 leerlingen gebruikten het openbaar vervoer, soms begeleid door ouders/verzorgers. • 153 leerlingen kregen een vergoeding voor het eigen vervoer, meestal de auto. • 85 leerlingen maakten gebruik van meerdere voorzieningen vanwege co-ouderschap of stagevervoer. Ondanks het groeiende tekort aan chauffeurs, verloopt het leerlingenvervoer in Den Haag goed. De vraag naar leerlingenvervoer steeg dit jaar met 8,4%.
Dit komt onder andere doordat er meer leerlingen naar het speciaal onderwijs gaan en het groeiende aantal inwoners van de Gemeente Den Haag. Daarnaast moeten leerlingen vaker verder reizen omdat de speciale scholen in de buurt wachtlijsten hebben. Aanbesteding harmonisatie doelgroepenvervoer Eind 2021 liep de aanbesteding voor de harmonisatie voor het doelgroepenvervoer. De inschrijvers hebben hun plannen van aanpak ingediend en er heeft een consensus vergadering plaatsgevonden. Op dit moment is de gemeente Den Haag in afwachting van de uitkomst van een kort geding over het uitsluiten van waterstof in de aanbesteding. Leerlingzaken In het schooljaar 2020-2021 telde Den Haag 114.007 kinderen en jongeren van 5 tot 23 jaar. De meeste Haagse kinderen en jongeren doorlopen hun schoolloopbaan zonder problemen en komen niet in aanraking met de leerplichtambtenaar of casemanager voortijdig schoolverlaten. De groep waarvoor zij zich wel inzetten, zijn de jongeren die ongeoorloofd verzuimen, thuiszitten of van school (dreigen) uit (te) vallen. Ook voor jongeren die een vrijstelling van schoolinschrijving nodig hebben of voor wie de overstap naar het mbo risicovol is, komen bij hen in beeld. Afhankelijk van het type melding en de achterliggende oorzaken worden verschillende routes ingezet.
Soms is dit handhaving, maar in veel gevallen zorgt de leerplichtambtenaar of casemanager voortijdig schoolverlaten er door gesprekken met ouders, leerling, school en ketenpartners voor dat een leerling weer naar school gaat (jaarverslag Leerlingzaken 2020-2021 RIS 311685).
87
Onderwijsachterstandenbeleid en taal Meer kansengelijkheid in het Haagse onderwijs Onderzoeken naar onderwijsachterstanden door corona laten zien dat de kansenongelijkheid groter is geworden. Dat komt niet alleen door de sluiting van scholen, maar ook doordat kinderen niet konden meedoen aan sport, cultuur en welzijn. Soepele overgang De gemeente werkte ook in 2021 onverminderd door aan het vergroten van de kansengelijkheid in de overgangen, in de schooladvisering en via schoolroutes die leerlingen volgen in hun schoolloopbaan. De onderzoeken van Oberon en SEO in opdracht van de gemeente Den Haag zijn afgerond. Hieruit blijkt dat er al veel dingen goed gaan, maar dat er helaas ook in Den Haag sprake is van het verschijnsel dat het schooladvies wordt bepaald door het opleidingsniveau van de ouder, ook als dit niet strookt met de uitslag van de eindtoets. Hierover was de gemeente al in gesprek met het onderwijs. Deze gesprekken zet de gemeente voort. Om dit te doorbreken, zijn en worden verschillende acties uitgezet. Over deze acties wordt de Raad in het eerste kwartaal van 2022 geïnformeerd. Rol van de ouders Er is ingezet op ouderbetrokkenheid. Mooi voorbeeld is ook de uitbreiding van de uren sociaal medische indicatie.
Deze uren zijn ook bij de voorschoolse educatie uitgebreid, waarbij ze vooral worden ingezet om ouders te begeleiden bij de rol die zij hebben in de (talige) opvoeding van hun kind: spelen, lezen en wanneer vraag je hulp? Studenten voor educatie In 2021 zijn middelen uit het Sociaal Economisch Herstelfonds voor het programma ‘Studenten voor educatie’ beschikbaar gesteld. Met dit programma werken 40 studenten op 25 scholen in het primair onderwijs. Ze bieden extra ondersteuning bij het leerproces van de leerlingen. Zwakke scholen Den Haag kende in 2021 geen zwakke of zeer zwakke scholen. Extra leertijd Extra leertijd, zoals het leerkansenprofiel en de verlengde schooldag is een vorm om onderwijsachterstanden te voorkomen en te bestrijden. De activiteiten hebben tijdens en buiten schooltijd plaatsgevonden en zijn gericht op de Nederlandse taal en het ontwikkelen van creativiteit, talent en persoonlijke vorming. Zomerscholen en weekendscholen Zomer 2021 was het Zomerfestival070 ‘The city is ours’. Het festival bood een integraal programma voor kinderen en jongeren. Vanuit het primair onderwijs deden 3 zomerscholen mee. Daarnaast waren er zomerscholen op basisscholen en scholen in het voortgezet onderwijs. De zomerscholen openden de deuren in de wijken met de grootste achterstanden: Centrum en Escamp.
In de ochtend stonden taal en rekenen centraal en in het middagdeel werden activiteiten aansluitend op het ochtenddeel aangeboden. Naast de zomerscholen waren er enkele weekendscholen voor het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs. De gemeente heeft het beleid aangepast zodat meer kinderen gebruik kunnen maken van de zomerscholen en weekendscholen. Integrale kindcentra Op verschillende plekken in Den Haag worden brede buurtscholen omgevormd tot integrale kindcentra voor 0 tot 12-jarigen. Om de voortgang van de kindcentra in Den Haag te volgen, is door een extern bureau een monitorinstrument opgesteld: de stadsfoto. De ontwikkeling van het monitorinstrument liep vertraging op door alle coronamaatregelen. Inmiddels hebben 31 kindcentra deelgenomen aan de stadsfoto. Het rapport verschijnt in het eerste kwartaal van 2022. Voor- en vroegschoolse educatie In 2021 is het nieuwe beleidskader voor voorschoolse educatie in werking getreden. Hier ligt de nadruk op het verhogen van de daadwerkelijke deelname van doelgroepkinderen aan voorschoolse educatie en het verhogen van de kwaliteit van voorschoolse educatie. Ook de zogenoemde en wettelijke verplichte resultaatafspraken tussen primair onderwijs en de kinderopvang leveren hier een bijdrage aan. Het nieuwe beleid wordt uitgevoerd met 3 verschillende werkgroepen: bereik, communicatie en resultaatafspraken.
Hierin zijn alle partners vertegenwoordigd.
88
Volwasseneducatie Het educatie-aanbod voor volwassenen bestaat uit trajecten taal, rekenen en digitale vaardigheden. Het doel: zelfredzaamheid, actieve deelname aan de samenleving en perspectief op werk. Er is taalaanbod op centrale locaties in de stad en er is een laagdrempelig taalaanbod in de wijken op locaties als scholen, Centra voor Jeugd en Gezin en buurthuizen. In Den Haag Zuidwest is een extra taalaanbod voor volwassenen in combinatie met digitale vaardigheden en praktijklessen. Vanwege corona zijn veel taallessen en -activiteiten in 2021 digitaal aangeboden. Inmiddels worden de lessen weer fysiek aangeboden binnen de geldende maatregelen en zijn de succesvolle digitale lesmethoden ook buiten lockdown tijd voortgezet. Midden 2021 is de Taalnota vastgesteld door de gemeenteraad (RIS 307986). De taalontwikkeling van laaggeletterden heeft daarin een centrale plek. Doel is om meer Hagenaars met een taalachterstand een passend aanbod te geven dat perspectief biedt op participatie, werk, opleiding of taalonderhoud. In 2021 is het regionaal programma laaggeletterdheid voor de Arbeidsmarktregio Haaglanden vastgesteld. De gemeente trekt hierin samen op met de gemeenten Rijswijk, Westland, Delft en Midden-Delfland. Op landelijk niveau deed Den Haag mee aan een werkgroep over de ontwikkeling van een monitor.
Deze monitor moet de voortgang bijhouden in de aanpak van laaggeletterdheid in relatie tot de bestedingen uit de Wet educatie beroepsonderwijs. Een proefproject is inmiddels succesvol afgerond. Verder heeft de gemeente op landelijk niveau meegewerkt aan de totstandkoming van een handreiking Kwaliteitsbeleid laaggeletterdheid. Schoolveiligheid Maart 2021 is de aanpak Schoolveiligheid 2021-2022 aan de Raad gestuurd (RIS 308006). Deze aanpak richt zich op het verder verbeteren van de sociale en fysieke veiligheid op scholen en het verminderen van geweldsincidenten. De acties op een rij: een campagne wapenbezit en geweld, wapen inleveracties, een inventarisatie van de veiligheidssituatie op scholen rond wapenbezit bij jongeren en kinderen, voortzetting van de subsidies schoolveiligheid, het updaten van de Haagse veiligheidskaart, het updaten van de convenanten schoolveiligheid en het organiseren van een jongerenstadslab. Stedelijke onderwijsbeleid en projecten Meer kansen in het Haagse onderwijs Door de coronamaatregelen is digitaal en online onderwijs sterk toegenomen. Kinderen hebben hiervoor een laptop nodig. Dankzij het Sociaal Economisch Herstelfonds kunnen ouders die hier geen geld voor hebben een beroep doen op deze regeling bij stichting Leergeld. In 2021 zijn 900 van de 1.000 beschikbare laptops verstrekt.
Leerlingen uit het voortgezet onderwijs konden gratis gebruik maken van studiefaciliteiten en huiswerkbegeleiding in de bibliotheek. Leerlingen konden in 2021 hiervoor terecht op 8 locaties van de bibliotheek en bij 2 jongerencentra: de centrale bibliotheek, bibliotheek Schilderswijk, bibliotheek Segbroek, bibliotheek Escamp, bibliotheek Transvaal, Bouwlust (vanaf 4e kwartaal), jongerencentrum Samson en buurthuis de Jeugdhaven. In totaal zijn 300 leerlingen per week geholpen. Dat zijn 130 leerlingen per week meer dan in 2020. De opkomst was hoog: tussen de 85 en 100%. Voldoende onderwijsprofessionals In 2021 is de uitvoering van de programma’s Noodplan G5 en zij-instroom op gang gekomen. Het noodplan biedt extra ondersteuning en personeel: onderwijsassistenten, vakkrachten en studenten. Dit had een dempend effect op het lerarentekort. Het programma Zij-instroom moet zorgen voor een succesvolle inzet van zij-instromers. Eind 2021 werkten er circa 185 fte zij-instromers in Den Haag. In het kader van professionalisering zijn er in Den Haag 5 netwerken over het thema Urban Education, zowel in het primaire als in het voortgezet onderwijs. Urban Education helpt leraren om effectief te kunnen lesgeven in een grootstedelijke context. Het programma De Rode Loper richt zich, met name via Leraar van Buiten, op de werving van zijinstromers voor het voortgezet onderwijs.
Daarnaast is er een aanbod voor Haagse docenten in het voortgezet onderwijs die zich verder willen professionaliseren of een bevoegdheidstraject doorlopen. In 2021 is hieraan toegevoegd: een stedelijk inductieprogramma’s voor startende docenten. Binnen het programma Aanpak lerarentekort mbo is een aanpak ontwikkeld om geïnteresseerden van goede informatie te voorzien over het werken in het mbo. Verder hoort hierbij: begeleiding van zij-instromers in het voortraject en pr-activiteiten voor werving. In 2021 werkte het instituut Pedagogische wetenschappen van de Universiteit Leiden verder aan een nieuwe academische opleiding voor onderwijsprofessionals in Den Haag. Eind 2021 lag er een 89
macrodoelmatigheidsdossier, een beeld van het curriculum en toetsbeleid, afspraken over de samenwerking met de Haagse schoolbesturen en de plannen voor de huisvesting. Aansluiting op werk De uitvoering van het meerjarenplan Sterk Techniekonderwijs in het vmbo in Haaglanden is verder gegaan met 32 scholen. De vernieuwingen in het mbo-beroepsonderwijs voor welzijn, techniek en de maakindustrie zijn vanwege de coronamaatregelen in aangepaste vorm uitgevoerd. Stages Sinds het uitbreken van corona hebben het praktijkonderwijs, het voortgezet speciaal onderwijs, het voorbereidend, het middelbaar en hoger beroepsonderwijs te kampen met tekorten aan stageplekken. Hiervoor zijn oplossingen gezocht vanuit het Sociaal Economisch Herstelplan (RIS 306618). In alle onderwijssoorten is de capaciteit vergroot om stageplekken te verwerven of alternatieven te ontwikkelen. Ook het Jongerenpunt070 draagt hieraan bij met de extra inzet van de Leerwerkmakelaar. Niet altijd was het mogelijk om tot volledige stageplekken te komen. Soms was er een alternatief dat in ieder geval ‘vlieguren’ opleverde. Voorbeelden zijn: assistentie verlenen op stembureaus en meewerken aan het Den Haag leert-zomerfestival. Via een succesvolle sociale mediacampagne zijn werkgevers in Den Haag en omgeving geattendeerd op een subsidiemogelijkheid voor stages bij het Rijk.
Conciërgeregeling Ook dit jaar zijn scholen benaderd en geïnformeerd over het in dienst nemen van een STiP-kandidaat als conciërge. Op 1 december 2021 zijn 95 STiP-kandidaten actief op scholen voor het uitvoeren van conciërgetaken. Ontwikkelingen binnen hoger en internationaal onderwijs Met de Haagse hoger onderwijsinstellingen is samengewerkt om het hoger onderwijs in Den Haag stevig te verbinden aan actuele maatschappelijke vraagstukken in de stad. Via het platform Student en Stad hebben de gemeente Den Haag, hoger onderwijsinstellingen en studenten in themateams actief samengewerkt aan het verbeteren van het Haagse studentenklimaat. Ook heeft Den Haag zich in 2021 aangesloten bij het landelijke netwerk Kennissteden Nederland. Tot slot zijn er vanuit het Sociaal Economisch Herstelplan middelen ingezet om in coronatijd voldoende zelfstudieplekken te realiseren voor studenten (RIS 306618). In 2021 zijn de ontwikkelingen in het internationaal primair en voortgezet onderwijs in de Haagse regio in kaart gebracht. Dat geldt ook voor de instroom van internationals in het reguliere onderwijs in Den Haag. De uitkomsten staan in het ‘Vervolgonderzoek internationaal primair en voortgezet onderwijs in de regio Leiden-Den Haag-Delft 2021’. Schoolzwemmen De gemeente Den Haag vindt het belangrijk dat alle Haagse kinderen leren zwemmen. Daarom kunnen scholen gebruik maken van schoolzwemmen.
In september 2021 zijn bijna 100 scholen gestart met zwemlessen, waaronder 80 basisscholen, 10 regionale expertisecentra en 9 scholen voor voortgezet onderwijs met nieuwkomers. Dit zijn 5.000 leerlingen. De gemeente streeft ernaar dat deze scholen blijven deelnemen of hun leerlingen zonder zwemdiploma helpen met een zwemprogramma op maat. Om achterstanden weg te werken, zijn in de zomervakantie leerlingen van het schoolzwemmen uitgenodigd voor extra zwemlessen. Van de bijna 300 deelnemers hebben 118 leerlingen een zwemdiploma gehaald. Kinderopvang Cijfers Tot 1 december heeft de GGD Haaglanden voor de gemeente Den Haag 475 reguliere inspecties en 66 incidentele inspecties uitgevoerd bij kindercentra en gastouderbureaus. Ook waren er 77 reguliere inspecties bij gastouders en 3 incidentele inspecties. In 2021 zijn alle kindercentra en gastouderbureaus door de GGD geïnspecteerd. Er zijn tot medio december 82 nieuwe aanvragen ontvangen voor registratie in het Landelijk Register Kinderopvang, plus 198 wijzigingsformulieren. Jaarverslag In het jaarverslag over de kwaliteit van kinderopvang 2021 verantwoordt het college zich over de taken op het terrein van toezicht, register en handhaving. Dit jaarverslag ligt medio 2022 bij de Raad. De gemeente Den Haag heeft de A-status. Dit betekent dat de gemeente volgens de Inspectie van het Onderwijs de wettelijke taken juist uitvoert.
90
Wat zijn de gevolgen van corona? De coronamaatregelen hadden vanaf maart 2020 grote gevolgen voor het onderwijs en de kinderopvang. Vanaf het begin is de gemeente in gesprek gegaan met bestuurders van kinderopvang, onderwijsinstellingen en regiogemeenten om de zaken voor de kinderen goed te regelen. De in 2020 getroffen maatregelen zijn in 2021 in overeenstemming met het rijksbeleid voortgezet. Zo konden kinderen van ouders met cruciale beroepen tijdens de lockdown op school of op de dagopvang terecht. Ook kinderen die als ‘kwetsbaar’ worden beschouwd vanwege hun gedrag of thuissituatie konden terecht in de noodopvang. Tot 8 februari 2021 waren basisscholen, kinderopvang en speciaal (basis)onderwijs gesloten. Alleen noodopvang was nog open. Met ingang van 20 december 2021 herhaalde zich deze situatie door een nieuwe lockdown. In de kinderopvang steeg het ziekteverzuim door de quarantainemaatregelen en corona. Het was lastig om voldoende (gekwalificeerde) beroepskrachten op de groep te hebben. In enkele gevallen zagen centra zich genoodzaakt om groepen of locaties tijdelijk te sluiten. In een brief van 29 november 2021 kondigde de staatsecretaris tijdelijke maatregelen aan ter verlichting van de werkdruk en de personeelstekorten in de kinderopvang.
Wat heeft het gekost? Financiële verantwoording op hoofdlijnen
91
Algemene toelichting Het grootste deel van het budget (40%) voor onderwijs is besteed aan onderwijsachterstandenbeleid en taal (€ 61 mln.). Een derde ging naar schoolgebouwen (€ 48 mln.). De rest is besteed aan stedelijk onderwijsbeleid, leerlingenvervoer, het handhaven van de leerplicht, het voorkomen van schooluitval en het toezicht op kinderopvang. Circa € 52 mln. van de baten betreft de specifieke uitkeringen van het Rijk. Rekening 2020 Lasten Baten Saldo exclusief reserves Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Saldo inclusief reserves
129.219 49.285 79.934 N 0 2.567 77.367 N
Begroting 2021 voor wijziging 138.246 49.717 88.529 N 0 4.450 84.079 N
Begroting 2021 na wijziging 151.436 58.757 92.679 N 14.755 12.800 94.634 N
Bedragen x € 1.000 Rekening Resultaat 2021 2021 150.594 59.409 91.185 N 14.756 11.845 94.095 N
842 V 652 V 1.494 V 1N 955 N 539 V
Resultaten Het programma sluit met een voordelig resultaat van € 0,5 mln. De 3 grootste resultaten komen per saldo op € 0,7 mln. voordeel: • • •
Een voordeel van € 1 mln. omdat de aan schoolbesturen te vergoeden huren in 2020 te hoog waren ingeschat, waardoor de lasten in 2021 lager zijn. Een nadeel van € 1 mln. omdat er activiteiten zijn uitgevoerd in het kader van corona. Het gaat om Students for Education en laptops voor leerlingen. Er is extra geld van het Rijk gekomen om de toezicht en handhaving van kinderopvangorganisaties te intensiveren. Mede door corona is deze activiteit tijdelijk stilgevallen waardoor een voordeel van € 0,7 mln. ontstaat.
Neutrale ontwikkelingen • Bij onderwijshuisvesting was de realisatie ten laste van 3 reserves in totaal € 1,2 mln. lager dan begroot. Zie de paragraaf over reserves. • Door een combinatie van tijdelijke extra middelen (coronamiddelen van het rijk), nieuwe medewerkers die pas in de loop van het jaar zijn ingestroomd en gedetacheerde medewerkers is er voor € 1 mln. minder gebruik gemaakt de specifieke uitkering voor de regionale meld- coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten (RMC). • Ten laste van de specifieke uitkering Onderwijsachterstandenbeleid is er in 2021 € 2,1 mln. meer uitgegeven aan het bestrijden van taalachterstand bij doelgroepkinderen. Wat zijn de verschillen met 2020? • Bij onderwijshuisvesting zijn de lasten € 28 mln. en de baten € 15 mln. hoger dan in 2020. Dit komt allereerst door een stelselwijziging waarbij het exploitatiedeel van het programma onderwijshuisvesting voortaan via een reserve wordt afgewikkeld. Het komt ook door de rijksregeling voor ventilatie in scholen. • Bij Onderwijsachterstandenbeleid en taal en Stedelijk onderwijsbeleid en projecten waren de lasten € 7 mln. hoger dan in 2020, vanwege de extra inzet op de aanpak van corona problematiek en ruimte voor extra inzet door een hogere rijksbijdrage. Hier staan hogere baten van € 5 mln. tegenover.
Wat zijn de gevolgen van corona? In 2021 zijn de volgende corona-effecten opgetreden: Er zijn laptops verstrekt aan leerlingen ter hoogte van € 0,8 mln. • Er was ondersteuning bij het vinden van leerbanen, stages en praktijkopdrachten en Students for Education ter hoogte van € 0,8 mln. • Er zijn zelfstudieplekken gefinancierd voor € 0,1 mln. • De bijdrage aan het tegengaan van kansenongelijkheid, zoals huiswerkbegeleiding, was € 0,5 mln. • De bijdrage aan buitenschoolse programma’s in buurthuizen was € 0,4 mln. De totale kosten bedragen daarmee € 2,6 mln., waarvan € 1,4 mln. gedekt wordt uit het Sociaal Economisch Herstelplan.
92
Waar bestaan de kosten uit? Financiële verantwoording per activiteit (lasten en baten per activiteit en verschillenverklaring) Onderwijshuisvesting Rekening 2021 Begroting 2021
Lasten 61.506 62.954 1.448
Resultaat
Baten 14.928 16.339 V
1.411
Onderwijshuisvesting (onderwijsbeleid en leerlingzaken) Rekening 2021 Begroting 2021
Lasten 876 780 96
Resultaat
Baten 2.873 2.873 N
0
Bedragen x €1.000 Saldo 46.578 N 46.615 N N
37
V
Bedragen x €1.000 Saldo 1.998 V 2.093 V 95
N
Toelichting op lasten en baten De lasten onderwijshuisvesting betreffen: • Vastgoedbeheer € 24 mln. • De diverse - vaak wettelijk verplichte - taken zoals de onroerende zaakbelasting, huren en klokuurvergoedingen sport en overige kosten zoals salarissen: € 12 mln. • Exploitatiekosten van het programma onderwijshuisvesting: € 5 mln. • Kosten voor verduurzaming en multifunctioneel gebruik van klaslokalen (verrekend via reserves): € 3 mln., • Kosten van de rijksregeling voor ventilatie van scholen: (SUVIS) € 3 mln. • Dotatie aan de reserve voor exploitatieprojecten in verband met een stelselwijziging: € 15 mln. De baten betreffen onttrekkingen aan de reserves voor financiering van de kosten voor verduurzaming, multifunctioneel gebruik van klaslokalen, en exploitatieprojecten die gefinancierd worden vanuit reserves (€ 12 mln.) en de rijksbijdrage voor de SUVIS-regeling voor ventilatie op scholen (€ 3 mln.). Naar aanleiding van de accountantscontrole van de jaarrekening 2020 is een stelselwijziging doorgevoerd. De in de programma’s onderwijshuisvesting toegekende exploitatiebudgetten worden voortaan afgewikkeld via een projectreserve. Dit leidt tot afwijkingen ten opzichte van de begroting. Toelichting financieel resultaat
€ 0,1 mln. N/I
Onderwijshuisvesting N/I
€ 0,1 mln.
- In 2021 is de subsidieregeling voor de ventilatie van scholen (SUVIS) vrijgegeven. Haagsche scholen hebben hiervoor € 3,5 mln. aangevraagd, waarvan inmiddels € 3 mln. is gedeclareerd. Het bedrag dat in 2022 wordt gedeclareerd, leidt tot een voordeel in de lasten en een nadeel in de baten van € 0,5 mln. - Er was € 3,2 mln. begroot voor declaraties op toegekende aanvragen multifunctioneel gebruik van schoolgebouwen. Hiervan is € 2,7 mln. gedeclareerd. Het restant wordt in 2022 gedeclareerd en leidt tot een voordeel in de lasten en een nadeel in de baten van € 0,5 mln. - Voor declaraties op toegekende aanvragen duurzame huisvesting was € 1,0 mln. begroot. Hiervan is € 0,8 mln. gedeclareerd. Het restant wordt in 2022 gedeclareerd en leidt tot een voordeel in de lasten en een nadeel in de baten van € 0,2 mln. - Er is in de begroting op een vrijval op exploitatieprojecten van € 1,4 mln. ingespeeld. De gerealiseerde vrijval was € 0,4 mln. lager. Dit leidt tot een nadeel in de lasten en een nadeel in de baten van € 0,2 mln. - Er is een voordeel van € 1 mln. omdat de aan schoolbesturen te vergoeden huren in 2020 te hoog zijn ingeschat (voordeel in de lasten). Sindsdien is het beheer van de huren op orde gebracht.
93
- De kosten voor onroerendezaakbelastingen voor schoolgebouwen waren € 0,3 mln. hoger (nadeel in de lasten). - Overig nadeel: € 0,2 mln.
Leerlingenvervoer Lasten 6.016 5.787
Rekening 2021 Begroting 2021
229
Resultaat
N
Baten 0 0
Bedragen x €1.000 Saldo 6.016 N 5.787 N
0
229
N
Toelichting op lasten en baten Aan leerlingenvervoer is dit jaar € 6,0 mln. besteed, waarvan € 5,5 mln. aan vervoersvoorzieningen en € 0,5 aan apparaatslasten en overige lasten. Toelichting financieel resultaat
€ 0,2 mln. N/S
Overig:
€ 0,2 mln. N/S
Leerlingzaken Rekening 2021 Begroting 2021
Lasten 6.996 8.092 1.096
Resultaat
V
Baten 3.422 4.530
Bedragen x €1.000 Saldo 3.574 N 3.562 N
1.108
N
12
N
Toelichting op lasten en baten In de lasten zitten naast de gemeentelijke uitgaven van € 3,8 mln. ook de rijksuitgaven van € 3,2 mln. voor de uitvoering van het bestrijden van voortijdig schoolverlaters en de wettelijke taken als leerplicht en het hebben van een RMC-beleid. De baten betreffen de rijksbijdrage voor het RMC. Toelichting financieel resultaat
€ 0,0 mln. N/I
Leerlingzaken
€ 0,0 mln. N/I
- Door een combinatie van tijdelijke extra middelen (coronamiddelen van het rijk), nieuwe medewerkers die pas in de loop van het jaar zijn ingestroomd en gedetacheerde medewerkers is er minder gebruik gemaakt de specifieke uitkering. Dit leidt tot een voordeel in de lasten en een nadeel in de baten van circa € 1 mln.
Onderwijsachterstandenbeleid en taal Rekening 2021 Begroting 2021
Lasten 60.908 59.011 1.897
Resultaat
Baten 45.241 42.978 N
2.263
Bedragen x €1.000 Saldo 15.667 N 16.033 N V
Toelichting op lasten en baten De lasten van € 61 mln. bestaan uit subsidies (circa € 58 mln.), opdrachten (circa € 1 mln.) en apparaatslasten (€ 2 mln.). De baten bestaan uit rijksbijdragen.
94
366
V
Toelichting financieel resultaat
€ 0,4 mln. V/I
Onderwijsachterstandenbeleid en Taal
€ 0,4 mln. V/I
- Ten laste van de specifieke uitkering Onderwijsachterstandenbeleid is 2021 meer uitgegeven aan het bestrijden van taalachterstand bij doelgroepkinderen. Vooruitlopend op het Nationaal Programma Onderwijs, waarvan het bedrag voor Den Haag pas aan het einde van 2021 is toegekend, zijn samen met de verhoging van de specifieke uitkering voor 2021 de uitgaven op de reguliere activiteiten € 2,1 mln. hoger dan begroot (nadeel in de lasten). Deze wijzigingen hebben ertoe geleid dat in 2021 in totaal € 2,1 mln. meer ten laste van het Rijk gebracht wordt (voordeel in de baten). - Op gemeentelijke activiteiten vond een vrijval van oude jaren plaats van € 1,1 mln. (voordeel lasten). Hier was bij de uitvoering van de reguliere activiteiten al gedeeltelijk op ingespeeld voor € 0,7 mln. (nadeel lasten). - Er zijn corona activiteiten uitgevoerd waaronder het project Students for Education. Dit leidt tot een nadeel in de lasten van € 0,2 mln. - Overig: € 0,2 mln. (voordeel baten)
Stedelijk onderwijsbeleid en projecten Rekening 2021 Begroting 2021
Lasten 24.528 23.501
Baten 136 125
1.027
Resultaat
Bedragen x €1.000 Saldo 24.392 N 23.376 N
N
11
V
1.016
N
Toelichting op lasten en baten De lasten van € 24,5 mln. bestaan uit subsidies (circa € 15,2 mln.), opdrachten (circa € 6,3 mln.) en apparaatslasten (€ 3 mln.). Toelichting financieel resultaat
€ 1,0 mln. N/I
Stedelijk onderwijsbeleid en projecten
€ 1,0 mln. N/I
- Er vond een vrijval van subsidies van oude jaren plaats ter hoogte van € 0,9 mln. (voordeel in de lasten), hierop is bij de reguliere activiteiten al geanticipeerd (€ 0,2 mln. nadeel) en er is een nadeel op personeel van € 0,8 mln. - In het kader van corona zijn laptops verstrekt ter hoogte van € 0,8 mln. (nadeel in de lasten). - Overig
€ 0,1 mln. N/I
Kinderopvang Rekening 2021 Begroting 2021
Lasten 4.521 6.066 1.545
Resultaat
Baten 4.654 4.712 V
58
Bedragen x €1.000 Saldo 133 V 1.354 N N
1.487
Toelichting op lasten en baten Ongeveer de helft van de lasten (€ 2,4 mln.) en het grootste deel van de baten hangen samen met het vastgoedbeheer van kinderopvanglocaties. De andere helft betreft het toezicht op en de handhaving van de kinderopvang.
95
V
Toelichting financieel resultaat
€ 1,5 mln. V/I
Kinderopvang
€ 1,5 mln. V/I
- De uitgaven op onderhoud waren € 0,4 mln. lager dan begroot. Dit resultaat wordt verrekend met de algemene onderhoudsreserve. Voor nadere toelichting zie ook de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen. - Op rendabele panden kinderopvang is een exploitatievoordeel van € 0,4 mln. - Er is extra geld van het rijk gekomen om de toezicht en handhaving van kinderopvangorganisaties te intensiveren. Mede door corona is deze activiteit tijdelijk stilgevallen waardoor een voordeel van € 0,7 mln. ontstaat. Dit voordeel bestaat uit de inzet van de gemeenschappelijke regeling GGD (voordeel € 0,6 mln.) en vacatureruimte € 0,1 mln.
Reserves, voorzieningen en investeringen Reserves (begroting vs. realisatie)
Begroting 2021
bedragen x € 1.000 Saldo
Rekening 2021
Toevoeging Onttrekking Vrijval Toevoeging Onttrekking Vrijval afwijking Duurzame huisvesting onderwijs
0
1.000
1.300
0
832
1.300
168
Multifunctioneel gebruik schoolgebouwen Onderwijshuisvesting exploitatiemiddelen
0
3.200
1.300
0
2.672
1.300
528
14.755
6.000
0
14.756
4.703
1.037
260
14.755
10.200
2.600
14.756
8.208
3.637
955
Totaal
Reserve Multifunctioneel gebruik schoolgebouwen De onttrekking aan de reserve is € 0,5 mln. lager dan begroot. De begroting is een inschatting van declaraties die over meerdere jaren mogen worden ingediend. Reserve Duurzame huisvesting De onttrekking aan de reserve is € 0,2 mln. lager dan begroot. De begroting is een inschatting van declaraties die over meerdere jaren mogen worden ingediend. OMV Egalisatiereserve onderwijshuisvesting Naar aanleiding van de jaarrekening 2020 is een stelselwijziging toegepast en wordt het exploitatiedeel van de jaarlijkse programma’s Onderwijshuisvesting afgewikkeld via deze reserve.
Investeringen MIP
Begroting 2021
Rekening 2021
Totaal
Derden/ Voorz.
Gem. aandeel
Totaal
3.373
0
3.373
Onderwijshuisvesting Activiteiten en projecten stedelijk onderwijsbeleid
185
0
Onderwijshuisvesting Bijzonder (voortgezet) speciaal onderwijs
186
Onderwijshuisvesting openbaar en bijzonder basisonderwijs
bedragen x € 1.000 Afwijking
Derden/ Gem. Voorz. aandeel
Totaal
389
0
389
-2.984
185
152
0
152
-33
0
186
137
0
137
-49
17.618
0
17.618
13.705
0
13.705
-3.913
160
0
160
150
0
150
-10
8.713
0
8.713
11.963
0
11.963
3.250
30.235
0
30.235
26.496
0
26.496
-3.739
Economisch nut: Kinderopvang
Onderwijshuisvesting openbaar en bijzonder speciaal voorgezet onderwijs Onderwijshuisvesting openbaar en bijzonder voorgezet onderwijs Totaal
Bij de investeringen in kinderopvang is er in 2021 € 3 mln. minder gerealiseerd. Dit heeft verschillende oorzaken, waaronder vergunningen of aanbestedingen die langer duren en aannemers die meer tijd nodig hebben. 96
Bij de investeringen in onderwijshuisvesting is er in totaal € 0,7 mln. minder gerealiseerd. Dit heeft de volgende oorzaken: • Op lopende projecten is er in 2021 € 2,6 mln. meer gerealiseerd dan begroot, omdat bij meerjarige projecten de realisatie per jaarschijf moeilijk te bepalen is. Dit wordt vooraf op basis van vuistregels ingeschat. De regie op de voortgang ligt bij de schoolbesturen. Deze € 2,6 mln. bestaat voor € 11,3 mln. uit projecten met een hogere realisatie en voor € 8,7 mln. uit projecten met een lagere realisatie. • Er is een vertraging van € 2,5 mln. door specifieke oorzaken zoals de omgevingsdienst waar meer onderzoek voor nodig is (bommenonderzoek, luchtkwaliteit), mislukte aanbestedingen en een beroepszaak bij de Raad van State. • Overig: € 0,8 mln.
97
2.7 Werk en inkomen Coördinerend portefeuillehouder: Arjen Kapteijns Wat is het doel? 1. In Den Haag kan iedereen deelnemen aan de samenleving. Waar nodig ondersteunt de gemeente haar inwoners hierbij. 2. De gemeente Den Haag kiest voor innovatieve aanpakken om de uitstroom uit de bijstand naar werk een extra impuls te geven. 3. Het armoede- en schuldenbeleid zorgt ervoor dat inwoners van de gemeente Den Haag met een laag inkomen of schulden volwaardig mee kunnen doen en zichzelf kunnen ontplooien. Een laag inkomen of schulden mag geen belemmering zijn om mee te doen op school, bij de sportvereniging of elders in de Haagse samenleving.
Wat is beoogd en wat is behaald? Beleidsverantwoording op hoofdlijnen Werk en inkomen: wat is het? Dit programma gaat over werk, inkomen en minima- en schuldenbeleid: Werk gaat over alle instrumenten en middelen om Haagse inwoners die vallen onder de Participatiewet toe te leiden naar werk of school. Inkomen bevat de instrumenten en middelen om inwoners die vallen onder de Participatiewet rechtmatig te voorzien van een bijstandsuitkering of loonkostensubsidie. Het minima- en schuldenbeleid biedt voorzieningen om inwoners met een minimuminkomen actief mee te laten doen in de samenleving. Bijzondere aandacht gaat daarbij uit naar kinderen. De insteek is om schulden zoveel mogelijk te voorkomen. De gemeente ondersteunt mensen met schulden om deze zo snel en integraal mogelijk op te lossen. Wat is het doel? Den Haag wil dat iedere inwoner in staat is deel te nemen aan de samenleving. Werk en inkomen zijn hiervoor cruciale randvoorwaarden. Met dit programma wil de gemeente inwoners ondersteunen die (tijdelijk) niet in staat zijn om op eigen kracht in hun levensonderhoud te voorzien en maatschappelijk mee te doen en daarmee bijdragen aan de bestaanszekerheid van Hagenaars.
2021 in het kort Alle steunmaatregelen die in 2020 in het kader van de coronacrisis zijn opgestart – Tozo (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers), TONK (Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten), bedrijfskredieten en bijbehorende ondersteuning en begeleiding – liepen voor het grootste deel in 2021 door. Wel heeft het Rijk per 1 oktober het herstelpakket stopgezet. Dat betekende een einde van de Tozoregeling. Hiervoor is in de plaats gekomen: het Besluit bijstandverlening zelfstandigen met een lichte toetsing. Andere vormen van extra ondersteuning liepen door. Ook de komende tijd houden we rekening met extra noodzaak tot ondersteuning. Daarover zijn we voortdurend in gesprek met onze partners, regionaal en landelijk. In 2021 heeft de gemeente flink geïnvesteerd in passende hulpverlening voor de gedupeerden van de kinderopvangtoeslagaffaire. Dat was geen eenvoudige opgave. Voor veel zaken is de gemeente afhankelijk van de landelijke overheid en de belastingdienst. Waar mogelijk en nodig heeft Den Haag zo goed mogelijk geanticipeerd op de landelijke ontwikkelingen zodat snel stappen gezet konden worden in het herstel van vertrouwen en een nieuw perspectief. Zo was Den Haag de eerste grote gemeente die de gemeentelijke schulden kwijtschold bij alle erkend gedupeerden. Vernieuwingen In 2021 is een begin gemaakt met belangrijke vernieuwingen.
Zo wordt de gewijzigde Wet inburgering per 1 januari 2022 ingevoerd. Deze wet is in 2021 voorbereid. Met deze gewijzigde wet komt de regierol in de inburgering terug bij gemeenten. Een tweede vernieuwing is dat in 2021 ervaring is opgedaan met het regionale mobiliteitsteam: (RMT), een regionaal samenwerkingsverband om de instroom in de WW of bijstand vanwege corona te voorkomen. Deze samenwerking is ingezet in nauw overleg met het Rijk en de sociale partners in de regio, en krijgt waarschijnlijk de komende jaren, ook na de coronacrisis, een vervolg. Andere vernieuwingen zijn: de start met vroegsignalering om problematische schulden te voorkomen en uitbreiding van de dienstverlening. Ook is gestart met nieuwe vormen van ondersteuning van mensen die 98
langdurig in de bijstand zitten, voorlopig niet naar een reguliere baan kan, maar wel op een andere manier mee kan en wil doen in de samenleving. Daarmee zijn ook het afgelopen jaar weer stappen gezet binnen de gemeente Den Haag gericht op de nieuwe en steeds veranderende opgave die er binnen het sociaal domein ligt. Belangrijkste mijlpalen Werk • Er zijn in totaal 3.683 mensen naar werk of school begeleid (t.o.v. een doelstelling van 4.600). Bij 2.701 personen is de bijstandsuitkering hierdoor beëindigd (t.o.v. een doelstelling van 3.200). • Tot en met 31 december 2021 werkten 1.363 SW medewerkers gewerkt bij de sociale werkvoorziening. • Voor 2021 was de wettelijke taakstelling voor beschut werk het equivalent van 238 werkplekken van 31 uur. Eind 2021 hadden 312 mensen een beschut dienstverband bij de gemeente Den Haag. De gemeente voldoet hiermee ruimschoots aan haar wettelijke verplichting. • In 2021 is op basis van aanbestedingen en inkoop ‘social return’ toegepast. Er zijn via deze afspraken 1.147 kandidaten geplaatst waarvan 693 op werk. • In 2021 zijn 230 kandidaten gestart met een werkontwikkeltraject, 739 kandidaten zijn gestart met een werkfittraject. Inkomen • In 2021 is het aantal bijstandsuitkeringen in Den Haag met 5,3% gedaald van 24.751 naar 23.441 uitkeringen op 31 december 2021.
• In 2021 zijn 7.362 bijstandsaanvragen afgehandeld, waarvan er 4.314 zijn toegekend. Het afwijzingspercentage bijstand levensonderhoud bedroeg 41,4%. Het aantal bijstandsaanvragen is ten opzichte van 2020 met 26,5% gedaald. • In 2021 zijn 9.077 Tozo-uitkeringen levensonderhoud toegekend en 421 Tozo-bedrijfskredieten. Minima- en schuldenbeleid • Met de regelingen uit het minima- en schuldenbeleid wordt 80% van de doelgroep bereikt. • Ondanks de tijdelijke sluiting van sommige servicepunten en buurtcentra vanwege corona zijn 5.548 gesprekken gevoerd. Het aantal afgesloten kredieten voor mensen met grote betalingsachterstanden (1.250) en klantreizen (circa 1.500) was in 2021 vergelijkbaar met 2020. • Het Rode Kruis en het Noodfonds van STEK hebben extra ondersteuning gekregen voor de extra toestroom vanwege corona. • Er zijn op tientallen locaties gratis menstruatiemiddelen beschikbaar gesteld vanuit het minimabeleid. • Dankzij de samenwerking tussen de gemeente en de woningcorporaties is ook in 2021 95% van de geplande uithuiszettingen voorkomen. De overige geplande huisuitzettingen die wel door zijn gegaan, gaan in 25 van de 34 gevallen over onbewoonde huizen. • Door de nieuwe TONK-regeling (Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten) ondersteunde de gemeente in 2021 huishoudens die door inkomensverlies door corona in de knel kwamen bij het betalen van de vaste lasten.
In totaal is er aan 976 huishoudens een TONK verstrekt. De totale uitgaven (exclusief uitvoeringslasten) bedroegen € 2.1 mln. Indicatoren en kengetallen Prestatie-indicatoren
Nulmeting 2018
Realisatie 2019
Realisatie 2020
Realisatie 2021
Het aantal personen waarvan re-integratie heeft geleid tot een beëindigde uitkering *
3.119
3.115
2.684
2.701
Het aantal personen dat uitstroomt en binnen een jaar weer in de bijstand komt **
476
151
149
153
* Deze indicator geeft inzicht in de effectiviteit van het re-integratiebeleid m.b.t. uitstroom uit de BUIG: de gebundelde uitkering als bedoeld in artikel 69 van de Participatiewet. Deze bestaat uit reguliere uitstroom en 500 extra uit intensivering uitstroom bijstand: Werkoffensief +500. ** Deze indicator geeft inzicht in hoeverre de inzet van re-integratie-instrumenten tot een duurzame werkhervatting van ex-uitkeringsgerechtigden heeft geleid.
99