RIS308365 Bijlage 2 Ouderenmonitor 2020 definitief
Tekst van het document
Ouderenmonitor 2020 De positie van Haagse senioren in kaart gebracht
december 2020
Ouderenmonitor 2020 De positie van Haagse senioren in kaart gebracht
Uitgave Gemeente Den Haag Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn Ondersteuning en Kwaliteit, Processen en Besturing December 2020
Redactie Anita van der Velden Aletta Dieben
Inlichtingen welzijn@denhaag.nl
Dit rapport is met de grootst mogelijke zorgvuldigheid opgesteld. Toch kan het voorkomen dat bepaalde informatie niet (geheel) juist wordt weergegeven. U kunt geen rechten ontlenen aan de teksten en cijfers uit dit rapport.
Inhoudsopgave SAMENVATTING Demografische kenmerken Gezondheid Huisvesting Publieke ruimte Mobiliteit Burgerparticipatie Respect en sociale integratie Sociale participatie Communicatie en informatie Gemeenschap en gezondheidszorg
-3-3-4-4-4-5-5-5-6-6-6-
1
INLEIDING 1.1 Onderzoeksaanpak 1.1.1 Gebruikte bronnen 1.1.2 Doelgroep 1.1.3 Trends 1.1.4 Representativiteit en betrouwbaarheid 1.2 Corona 1.3 Opzet rapportage
-8-8-8-9-9-9-9-9-
2
DEMOGRAFISCHE KENMERKEN 2.1 Aantal ouderen in Den Haag 2.2 Kenmerken van de Haagse ouderen 2.2.1 Leeftijd 2.2.2 Sekse 2.2.3 Etniciteit 2.2.4 Etniciteit naar herkomst 2.2.5 Burgerlijke staat 2.2.6 Samenstelling huishoudens 2.3 Waar wonen Haagse senioren? 2.3.1 Spreiding over de stad 2.3.2 Aandeel senioren per stadsdeel 2.4 Kwetsbare ouderen
- 10 - 10 - 11 - 11 - 12 - 13 - 14 - 15 - 16 - 16 - 17 - 18 - 19 -
3
GEZONDHEID 3.1 Lichamelijke gezondheid 3.1.1 Handicap of chronische aandoening 3.1.2 Ervaren belemmeringen/beperkingen 3.2 Geestelijke gezondheid 3.2.1 Angst en depressie 3.2.2 Dementie 3.3 Sociale gezondheid 3.3.1 Geluk 3.3.2 Regie over eigen leven 3.3.3 Ouderenmishandeling 3.4 Leefstijl 3.4.1 Sport en bewegen 3.4.2 Voeding en overgewicht 3.4.3 Roken en alcohol 3.4.4 Verbeteren gezondheid 3.5 Nadere analyse van de uitkomsten
- 20 - 20 - 20 - 21 - 22 - 23 - 23 - 23 - 23 - 24 - 24 - 25 - 25 - 26 - 27 - 27 - 28 -
4
HUISVESTING 4.1 Zelfstandig versus niet-zelfstandig 4.2 Typering woonsituatie 4.3 Waardering van de woning 4.4 Wel of niet verhuizen
- 30 - 30 - 31 - 32 - 33 -
4.5 4.6 4.7 4.8
Aanpassingen aan de woning woonsituatie 75-plussers Bijzondere woonvormen Nadere analyse van de uitkomsten
- 34 - 35 - 35 - 37 -
5
PUBLIEKE RUIMTE 5.1 Waardering van de (fysieke) buurt 5.1.1 Ontwikkeling van de buurt 5.1.2 Tevredenheid met voorzieningen in de buurt 5.2 Veiligheid 5.3 Nadere analyse van de uitkomsten
- 39 - 39 - 39 - 40 - 41 - 42 -
6
MOBILITEIT 6.1 Mobiliteit onder Haagse senioren 6.2 Tevredenheid voorzieningen in de buurt 6.3 (Gesubsidieerde) voorzieningen gericht op mobiliteit
- 45 - 45 - 47 - 47 -
7
BURGERPARTICIPATIE 7.1 Werk 7.2 Vrijwilligerswerk 7.3 Mantelzorg 7.4 Burenhulp 7.5 Nadere analyse van de uitkomsten
- 50 - 50 - 51 - 51 - 51 - 52 -
8
RESPECT EN SOCIALE INTEGRATIE 8.1 Sociale cohesie in de buurt 8.2 Respectloos gedrag 8.3 Eenzaamheid en sociale uitsluiting 8.3.1 Eenzaamheid in Coronatijd 8.4 Nadere analyse van de uitkomsten 8.5 De sentimentanalyse – Haags sentiment over senioren
- 54 - 54 - 55 - 56 - 57 - 58 - 60 -
9
SOCIALE PARTICIPATIE 9.1 Sociale kwaliteit woonomgeving 9.2 Activiteiten en (gesubsidieerde) voorzieningen 9.3 Financiële middelen 9.3.1 Hoogte inkomen 9.3.2 Rondkomen 9.3.3 Inkomensondersteunende voorzieningen
- 61 - 61 - 62 - 65 - 65 - 66 - 66 -
10 COMMUNICATIE EN INFORMATIE 10.1 Internetgebruik 10.2 (gesubsidieerde) voorzieningen gericht op informatie en advies
- 68 - 68 - 69 -
11 GEMEENSCHAP EN GEZONDHEIDSZORG 11.1 Professionele zorg 11.1.1 Huisarts, praktijkondersteuner, medisch specialist 11.1.2 Thuiszorg 11.1.3 Hulp bij de persoonlijke verzorging 11.1.4 Hulp bij het huishouden 11.2 Mantelzorg 11.3 Aanwezigheid voorzieningen in de zorg
- 71 - 71 - 71 - 71 - 72 - 72 - 72 - 73 -
BIJLAGEN
- 76 -
BIJLAGE 1 OVERZICHT VAN DE GEBRUIKTE BRONNEN EN ONDERZOEKEN
- 77 -
BIJLAGE 2 DEMOGRAFISCHE KENMERKEN 55-PLUS
- 81 -
B3.1 Aantal 55-plussers in Den Haag B3.2 Kenmerken van de Haagse ouderen B3.3 Waar wonen Haagse ouderen? BIJLAGE 3 DEMOGRAFISCHE KENMERKEN 80-PLUS B4.1 Aantal 80-plussers in Den Haag B4.2 Kenmerken van de Haagse ouderen B4.3 Waar wonen Haagse ouderen?
- 81 - 81 - 85 - 87 - 87 - 87 - 91 -
Samenvatting De gemeente Den Haag vindt het belangrijk om regelmatig over de meest actuele informatie over Haagse ouderen ofwel senioren te beschikken. Ook diverse instellingen en organisaties in de stad tonen hiervoor belangstelling. Om deze reden wordt periodiek een Ouderenmonitor opgesteld. Voorliggende rapportage is de zesde Ouderenmonitor in de reeks. De vraag die in deze monitor centraal staat is: ‘Wat is de situatie van Haagse senioren op dit moment en hoe is deze in vergelijking met voorgaande jaren?’ Om deze vraag te beantwoorden is gekeken naar een aantal verschillende onderwerpen. Allereerst wordt een beschrijving gegeven van demografische kenmerken van Haagse senioren. Hierbij gaan we uit van personen van 65 jaar en ouder. Vervolgens wordt er gekeken naar verschillende thema’s, zoals gezondheid, huisvesting en participatie.
DEMOGRAFISCHE KENMERKEN De afgelopen vijf jaar is het aantal Haagse 65-plussers gestaag toegenomen. In de komende jaren zal het aantal 65-plussers blijven toenemen. Deze groei is relatief groter dan de groei van de totale Haagse bevolking, waardoor de vergrijzing zal toenemen. Vooral het aantal senioren in de leeftijd van 65-74 jaar is de afgelopen jaren toegenomen en met name de groep 70 tot en met 74-jarigen. Het aantal 75-plussers is ook gegroeid, maar minder hard. De verwachting voor de komende jaren is dat het aantal 75-plussers sneller zal groeien dan het aantal 65-74-jarigen. Zowel het aantal mannen als het aantal vrouwen van 65 jaar en ouder is de afgelopen jaren toegenomen. Het aantal mannen groeit harder dan het aantal vrouwen. Hierdoor neemt het aandeel mannen binnen de groep senioren toe. Deze ontwikkeling zal zich de komende jaren verder voortzetten. Het aantal vrouwen zal echter groter blijven dan het aantal mannen. In 2020 heeft een derde van de Haagse 65-plussers een migratie achtergrond. Het aantal senioren met een migratie achtergrond steeg de afgelopen sterker dan het aantal ouderen met een Nederlandse achtergrond. De verwachting voor de komende jaren is dat het aandeel 65-plussers met een migratie achtergrond verder zal toenemen tot ruim 36% in 2025.
De grootste groepen senioren met een migratie achtergrond zijn van Surinaamse afkomst, Indonesische afkomst en uit de categorie ‘overige westerse landen’ De drie grootste herkomstlanden binnen de categorie ‘overige westerse landen’ zijn Duitsland, Groot-Brittannië en België. In de afgelopen jaren is de groep migrantensenioren uit de categorie ‘overige niet-westerse landen’ het meest gestegen. Ongeveer een kwart van de senioren in deze categorie in 2020 heeft een herkomst uit China of Hongkong. Verder is de samenstelling van deze categorie erg divers (ZuidAmerika, Azië en Afrika). Met de groei van het aantal 65-plussers, groeit ook het aantal huishoudens met aan het hoofd een 65plusser. De meerderheid (bijna 60%) van deze huishoudens zijn eenpersoonshuishoudens. Ook in de komende jaren zal dit de grootste groep blijven. Door de jaren heen zien we weinig veranderingen in de spreiding van Haagse senioren over de stad. In Laak en Leidschenveen-Ypenburg woont het minst aantal senioren. Deze stadsdelen zijn ook het minst vergrijsd; 9% van alle inwoners is 65 jaar of ouder. In Leidschenveen-Ypenburg is de vergrijzing in de afgelopen jaren wel toegenomen. In Escamp wonen de meeste 65-plussers, gevolgd door Loosduinen. Loosduinen is, samen met Haagse Hout en Scheveningen, het meest vergrijsd. In deze stadsdelen zijn de senioren relatief gezien ook het oudst.
-3-
GEZONDHEID Haagse senioren van 65 jaar en ouder, die zelfstandig wonen, zijn in het algemeen redelijk tevreden over hun eigen gezondheid en geven deze het rapportcijfer 6,9. Over bepaalde aspecten van hun gezondheid zijn zij minder tevreden. Qua lichamelijke gezondheid zien we dat 65-plussers vaker te maken hebben met een handicap en/of chronische aandoening dan gemiddeld onder alle inwoners van Den Haag. Voor wat betreft sociale gezondheid zien we dat 65-plussers vaker het gevoel hebben dat zij zelf niet voldoende regie hebben over hun leven dan gemiddeld onder alle inwoners van Den Haag. Als het om leefstijl gaat, ‘scoren’ senioren op bepaalde aspecten beter en op andere aspecten minder goed dan gemiddeld onder alle inwoners van Den Haag. Zo sporten senioren minder vaak, maar voldoen zij wel vaker aan de combinorm voor voldoende beweging. Ook eten zij beter (qua fruit en ontbijt), maar hebben wat vaker te maken met overgewicht. Daarnaast is het aandeel senioren dat (momenteel) rookt lager. Maar het aandeel dat ooit gerookt heeft, is hoger dan gemiddeld onder alle inwoners van Den Haag. Senioren zijn overigens minder snel geneigd om hun eigen gezondheid te willen verbeteren.
HUISVESTING In 2020 wonen ruim 4.300 senioren niet zelfstandig, oftewel intramuraal. Dit is een klein aandeel van alle 65-plussers, namelijk 5,4%. Driekwart van de zelfstandig wonende Haagse 65-plussers woont in een meergezinswoning (flat, appartement, etc.). Een kwart woont in een eengezinswoning (hoekwoning, rijtjeshuis of tussenwoning). Senioren wijken wat dit betreft niet veel af van het Haagse gemiddelde. Wel wonen senioren wat vaker in een woning van een woningcoöperatie dan gemiddeld. Van de Haagse 65plussers woont 16% in een woning die speciaal bestemd is voor senioren. Dat aandeel is onder 75plussers duidelijk hoger dan onder 65-74-jarigen. Haagse 65-plussers zijn in het algemeen tevreden over hun woning en geven deze een 7,7. Zij zijn vaker tevreden over hun woning, qua indeling, sfeer, grootte en onderhoud, dan gemiddeld onder alle inwoners van Den Haag. Senioren wonen vaak al langere tijd in hun woning; de helft woont langer dan 20 jaar in de huidige woning. Bijna 80% wil beslist niet verhuizen in de komende twee jaar. De verhuisgeneigdheid is onder ouderen ook duidelijk lager dan gemiddeld onder alle inwoners van Den Haag. 65-plussers die eventueel wel willen verhuizen, geven als belangrijkste reden aan dat zij dit zouden doen voor hun gezondheid of de behoefte aan zorg.
PUBLIEKE RUIMTE Haagse senioren lijken in het algemeen redelijk tevreden met hun woonomgeving en geven deze het rapportcijfer 7,3. Twee derde van de Haagse 65-plussers vindt dat de buurt waarin zij wonen het afgelopen jaar niet vooruit, maar ook niet achteruit is gegaan. Een vijfde geeft echter aan dat de buurt achteruit is gegaan. 65-plussers geven duidelijk minder vaak aan dat de buurt erop vooruit is gegaan dan alle inwoners van Den Haag bij elkaar. Qua voorzieningenaanbod in de buurt zijn senioren vooral tevreden over de winkels voor dagelijkse boodschappen en het openbaar vervoer. Over de parkeergelegenheid zijn 65-plussers minder tevreden. Een vijfde van de 65-plussers voelt zich weleens onveilig in de eigen buurt. Senioren voelen zich in het algemeen minder onveilig in hun eigen buurt dan de gemiddelde Hagenaar maar geven wel vaker aan hun deur ’s avonds niet open te doen.
-4-
Buiten de eigen buurt voelen senioren, net zoals de gemiddelde Hagenaar, zich niet altijd veilig op plekken waar jongeren rondhangen. Door de jaren heen lijkt het onveiligheidsgevoel onder senioren te zijn afgenomen.
MOBILITEIT Gemiddeld verplaatsen Haagse senioren zich per persoon per dag 2 keer. Met een verplaatsing bedoelen we een beweging van een beginpunt naar een eindpunt. Haagse 65-plussers verplaatsen zich minder vaak dan de gemiddelde Hagenaar. Binnen de groep 65-plussers lijkt het erop dat geldt; hoe ouder, hoe minder verplaatsingen men maakt. Haagse senioren verplaatsen zich vooral per auto (als bestuurder), te voet of per fiets. De belangrijkste reden voor Haagse senioren om zich te verplaatsen is het doen van boodschappen en/of om te winkelen. Daarnaast hebben verplaatsingen vaak een sociaal doel, zoals een visite. Ouderen zijn redelijk tevreden over de mobiliteitsvoorzieningen in de buurt; met het openbaar vervoer en met het onderhoud van wegen en fietspaden. Er is in Den Haag een aantal (gesubsidieerde) voorzieningen die ervoor zorgen dat senior langer mobiel blijven. Zo zijn er wijkbussen die senioren kunnen gebruiken om naar bepaalde voorzieningen te gaan en is er een boodschappenbegeleidingsdienst die senioren helpt bij het doen van de dagelijkse boodschappen. Daarnaast kunnen senioren bij de gemeente terecht voor individuele en collectieve voorzieningen voor vervoer vanuit de Wmo, zoals een scootmobiel, een rolstoel of vervoer met een Taxibus.
BURGERPARTICIPATIE Als we kijken naar de maatschappelijke of burgerparticipatie, zien we dat een klein deel van Haagse 65-plussers, werkt (7%). Een derde van de 65-plussers zet zich in voor vrijwilligerswerk en 30% is mantelzorger. Van alle 65-plussers, die mantelzorger zijn, verleent een overgrote meerderheid intensieve mantelzorg (88%). Dit wil zeggen dat zij meer dan drie maanden per jaar en/of meer dan acht uur per week mantelzorg verlenen. Hoewel de verleende mantelzorg vaak intensief is, geeft de ruime meerderheid aan dat het wel te combineren is met primaire dagelijkse bezigheden (79%). Zij geven dit vaker aan dan gemiddeld, onder alle inwoners van Den Haag. De helft van de mantelzorgers van 65-plus geeft dan ook aan dat zij zich niet / nauwelijks tot enigszins belast voelen. 18% van de 65-plussers die mantelzorg verlenen voelt zich tamelijk zwaar tot overbelast. Voor wat betreft burenhulp blijkt uit eerder onderzoek (in 2015) dat 79% van de 65-plussers hun buren helpt (of geholpen wordt door de buren). Vaak gaat het daarbij om het aannemen van pakketjes. Iets meer dan de helft van de ouderen geeft aan dat zij tijdens vakanties voor elkaars tuin, planten en huisdieren zorgen. Een vijfde van de 65-plussers geeft aan dat zij elkaar helpen met het doen van boodschappen. Elkaar verzorgen bij ziekte, samen koken/eten en oppassen op kinderen wordt minder vaak gedaan.
RESPECT EN SOCIALE INTEGRATIE Ruim de helft van de Haagse 65-plussers voelt zich thuis in de buurt waarin zij wonen, vindt dat de mensen in hun buurt op een prettige manier met elkaar omgaan en zijn tevreden met de bevolkingssamenstelling in de buurt. 41% vindt echter (ook) dat mensen in hun buurt elkaar nauwelijks kennen. Zelf heeft een derde van de 65-plussers veel contact in de buurt. Het lijkt erop dat het aandeel ouderen dat tevreden is met de bevolkingssamenstelling van hun buurt ieder jaar iets afneemt. In het algemeen worden senioren, naar eigen zeggen, met voldoende respect behandeld. 14% van de Haagse 65-plussers geeft aan wel eens respectloos te worden behandeld op straat, 11% in het openbaar vervoer, 10% door personeel in winkels en bedrijven en 8% door overheidsinstanties. Door bekenden, zoals de partner, familie en vrienden, worden ouderen het minst vaak respectloos behandeld.
-5-
Ruim de helft van de 65-plussers (52%) is matig tot zeer ernstig eenzaam. Het aandeel eenzamen onder ouderen is vergelijkbaar met het gemiddelde voor heel Den Haag. Het aandeel ouderen dat ernstig tot zeer ernstig eenzaam is, is echter lager dan gemiddeld. Een klein deel van de Haagse 65plussers (7%) voelt zich sociaal uitgesloten. Dit aandeel is iets minder groot dan onder alle inwoners van Den Haag.
SOCIALE PARTICIPATIE Senioren waarderen de sociale kwaliteit van hun buurt doorgaans positief. Ook de leefbaarheid in de buurt waarderen zij veelal positief. Zowel de sociale als de fysieke kwaliteit van de woonbuurt zouden dan ook geen belemmering moeten zijn voor 65-plussers om te participeren. Daarnaast zijn er in Den Haag meerdere voorzieningen die vanuit de gemeente gesubsidieerd worden waar activiteiten worden georganiseerd en waar ouderen elkaar kunnen ontmoeten. Zo zijn er buurthuizen en Buurthuizen van de Toekomst, locaties van Haags Ontmoeten, buurtkamers en zijn er vele gesubsidieerde ouderensociëteiten. Ook de verschillende maaltijdvoorzieningen kunnen we in dit rijtje meenemen. Van een deel van deze voorzieningen kan in principe iedere Hagenaar gebruik maken, zoals de buurthuizen. Andere voorzieningen, zoals de ouderensociëteiten, zijn uitsluitend bedoeld voor ouderen. Of senioren kunnen participeren hangt voor een deel ook af of ze over voldoende financiële middelen beschikken. Ruim de helft van de Haagse ouderen (51%) heeft een laag inkomen; een netto huishoudinkomen van 2.000 euro of minder per maand. 65-plussers hebben doorgaans een lager inkomen dan gemiddeld onder alle inwoners van Den Haag. Ruim een kwart (27%) van de Haagse ouderen geeft aan dat hun financiële positie het laatste jaar is verslechterd.
Het aandeel ouderen dat aangeeft erop vooruitgegaan te zijn, is duidelijk lager dan gemiddeld. 14% van de 65-plussers moet door geldgebrek wel eens bezuinigen op zaken als eten en kleding of moet wachten met het betalen van rekeningen. Het aandeel 65-plussers met schulden is duidelijk lager dan gemiddeld, onder alle inwoners van Den Haag.
COMMUNICATIE EN INFORMATIE Om als oudere zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen wonen is het van belang dat er goede voorzieningen voor ouderen zijn. Even belangrijk daarbij is dat ouderen weten dat deze voorzieningen er zijn en bij wie zij voor hulp kunnen aankloppen. Haagse senioren hebben meerdere bronnen tot hun beschikking om geïnformeerd te blijven over voorzieningen en activiteiten. Internet, huis-aan-huisbladen en wijkkranten, maar ook familie, vrienden, kennissen en buren kunnen een bron van informatie zijn. Daarnaast zijn er verschillende (gesubsidieerde) voorzieningen in Den Haag die gericht zijn op het geven van informatie en advies. Zo is er op ieder stadsdeelkantoor een Advies- en informatiebalie of een Informatie en Hulppunt ingericht of kan met terecht bij de Sociaal Raadslieden van de gemeente. Verspreid over de stad zijn er bibliotheken en kunnen ouderen terecht bij ouderenconsulenten/-adviseurs of bij de Servicepunten (XL). Veel informatie is via internet te vinden. 86% van de Haagse 65-plussers (75%) maakt gebruik van internet, waarbij 75-plussers duidelijk minder vaak gebruik maken van internet dan 65-74-jarigen. Het internetgebruik onder Haagse ouderen is minder dan gemiddeld onder de gehele Haagse bevolking.
GEMEENSCHAP EN GEZONDHEIDSZORG Goede gezondheidszorg en voorzieningen zijn noodzakelijk om gezond en zelfstandig te kunnen blijven wonen. Veel senioren krijgen ondersteuning als het gaat om hun gezondheid. Zo maken 65-plussers vaker dan gemiddeld (van alle inwoners van Den Haag) gebruik van de huisarts en medisch specialisten. Ook hebben zij vaker contact met de thuiszorg. Ruim een derde van de Haagse 65-plussers (34%) krijgt hulp in de huishouding en 9% krijgt hulp bij de persoonlijke verzorging. 75-plussers krijgen vaker hulp dan 65-74-jarigen. Een deel van deze hulp wordt door professionals gegeven, maar ook wordt een deel door informele hulp gegeven, bijvoorbeeld door de partner, familie, kennissen en/of vrijwilligers. -6-
Ruim één op de tien Haagse 65-plussers (11%) ontvangt mantelzorg. Dit wil zeggen dat zij regelmatig op vrijwillige basis hulp krijgen van iemand in hun omgeving vanwege een ziekte en/of handicap. Onder 65-74-jarigen is het aandeel dat mantelzorg ontvangt kleiner dan onder 75-plussers.
-7-
1
Inleiding
De gemeente Den Haag vindt het belangrijk om regelmatig over de meest actuele informatie over Haagse ouderen ofwel senioren te beschikken. Ook diverse instellingen en organisaties in de stad tonen hiervoor belangstelling. Deze actuele informatie wordt periodiek gebundeld in de Ouderenmonitor. In januari 2010 is de Ouderenmonitor voor het eerst verschenen. Voorliggende monitor is de zesde op rij. In de monitor is een veelheid aan data over ouderen in Den Haag bij elkaar gebracht, voornamelijk kwantitatieve data. Thema’s die aan de orde komen, zijn: • demografie, • gezondheid, • huisvesting, • publieke ruimte, • mobiliteit, • burgerparticipatie, • respect en sociale integratie, • sociale participatie, • communicatie en informatie, • gemeenschap en gezondheidszorg. De thema’s sluiten grotendeels aan bij de acht domeinen van ‘Seniorvriendelijk Den Haag’, afgeleid van de Wereldgezondheidsorganisatie. De onderzoeksvraag die in deze en voorgaande monitors centraal staat, is: ‘Wat is de situatie van Haagse senioren op dit moment en hoe is deze in vergelijking met voorgaande jaren?’
1.1
ONDERZOEKSAANPAK
In deze Ouderenmonitor wordt er gebruikt gemaakt van reeds bestaande bronnen en onderzoeken binnen de gemeente waarbij de uitkomsten worden toegespitst op de doelgroep 65-plussers. 1.1.1
Gebruikte bronnen
Voor het samenstellen van de monitor is gebruik gemaakt van de volgende bronnen: • gegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP), • bevolkingsprognoses opgesteld door de Dienst Stedelijke Ontwikkeling, • gegevens uit de Armoedemonitor, • gegevens uit de Gezondheidsenquête, • gegevens uit het Onderzoek Onderweg in Nederland (ODiN), • gegevens uit het Inwonersonderzoek Den Haag, • gegevens uit de Veiligheidsmonitor, • gegevens uit de Sociale Kaart Den Haag, • gegevens uit het Woononderzoek Nederland (WoOn), • uitkomsten van meningen van ouderen uit de bijeenkomsten Samenkracht/Stadsateliers Aan het begin van elk hoofdstuk wordt aangegeven welke bronnen/onderzoeken gebruikt zijn. In bijlage 1 vindt u hier meer informatie over.
-8-
1.1.2
Doelgroep
De nadruk in deze monitor ligt op Haagse 65-plussers. In de monitor worden de termen 65-plussers, senioren en ouderen door elkaar gebruikt. Waar mogelijk, wordt er onderscheid gemaakt tussen: • 65 tot en met 74-jarigen, • 75-plussers. In bijlage 2 en 3 worden ook de demografische gegevens gepresenteerd over Haagse 55-plussers en over 80-plussers. 1.1.3
Trends
In de monitor wordt niet alleen gekeken naar de situatie op dit moment, maar ook naar het verleden zodat er wellicht trends te ontdekken zijn. Voor de thema’s en onderwerpen die ook in voorgaande monitors gepresenteerd zijn, zullen we de reeks zoveel mogelijk voortzetten en aanvullen met het laatste jaar waarover we data beschikken. 1.1.4
Representativiteit en betrouwbaarheid
De gegevens uit een aantal gebruikte bronnen hebben betrekking op een steekproef (zie bijlage 1). Hoewel de uitkomsten gewogen zijn, zodat er uitspraken kunnen worden gedaan over de gehele populatie, moet er rekening worden gehouden met de betrouwbaarheid en de nauwkeurigheidsmarges. Kort gezegd betekent dit dat de uitkomsten die worden gepresenteerd in werkelijkheid een aantal procenten kunnen afwijken. Bij de berekening van de marges wordt doorgaans uitgegaan van 95% betrouwbaarheid. Dit betekent dat als het onderzoek 100 maal herhaald wordt er 95 keer een waarde wordt gevonden die binnen de marges ligt. De mate van nauwkeurigheid neemt af naarmate het aantal respondenten kleiner is (zie ook bijlage 1). Bij de interpretatie van de uitkomsten moet hiermee rekening gehouden worden.
1.2
CORONA
De gegevens die in dit rapport worden gepresenteerd betreffen voornamelijk de periode tot 2020 dus de situatie vóór de Coronacrisis. Wel zijn enkele resultaten uit onderzoeken over dit onderwerp in de monitor opgenomen.
1.3
OPZET RAPPORTAGE
De opzet van de rapportage is als volgt. In hoofdstuk 2 wordt een beschrijving gegeven van Haagse 65-plussers. Het gaat hierbij om vragen als; hoe groot is de groep 65-plus, hoe kenmerkt deze groep zich en waar wonen zij in Den Haag? Vervolgens komt in hoofdstuk 3 het thema gezondheid aan bod. In de daaropvolgende hoofdstukken komen de verschillende thema’s van ‘Seniorvriendelijk Den Haag’ aan de orde: huisvesting (hoofdstuk 4), publieke ruimte (hoofdstuk 5), mobiliteit (hoofdstuk 6), burgerparticipatie (hoofdstuk 7), respect en sociale integratie (hoofdstuk 7), sociale participatie (hoofdstuk 9), communicatie en informatie (hoofdstuk 10) en gemeenschap en gezondheidszorg (hoofdstuk 11).
-9-
2 Demografische kenmerken In dit hoofdstuk geven we een beschrijving van de senioren in Den Haag. Het gaat daarbij om alle Hagenaars van 65 jaar en ouder. De gegevens in dit hoofdstuk zijn afkomstig uit de bestanden van de Basisregistratie Personen (BRP) en Den Haag in Cijfers. In bijlage 1 vindt u hier meer informatie over. In bijlage 3 is informatie over 55-plussers opgenomen en in bijlage 4 gegevens over 80-plussers.
2.1
AANTAL OUDEREN IN DEN HAAG
Op 1 januari 2020 telde Den Haag 79.890 inwoners van 65 jaar en ouder (zie tabel 2.1). Het aantal 65-plussers is ten opzichte van 2013 met ruim 11.000 toegenomen, dat is een stijging van 17%. De totale bevolking van Den Haag is deze periode met 8% toegenomen. Het aandeel dat 65-plussers innemen in de totale Haagse bevolking is in de periode 2013-2020 dan ook licht gestegen. Maar er is op dit moment geen sprake van verregaande vergrijzing in Den Haag; in 2020 is het aandeel ouderen in Den Haag 14,6%. De grijze druk, dat wil zeggen de verhouding van het aantal 65-plussers ten opzichte van het aantal 15-64-jarigen, is in de laatste 7 jaar in Den Haag iets toegenomen, van 19,6% in 2013 naar 21,4% in 2020. De komende jaren zal het aantal 65-plussers verder toenemen. Dat geldt ook voor het aandeel dat zij innemen in de totale Haagse populatie. De vergrijzing in Den Haag zal dus toenemen. De verwachting is dat er in 2025 ruim 90.000 Hagenaars van 65 jaar en ouder zijn en dat zij 15,5% van de gehele Haagse bevolking uitmaken. De lange termijnprognose (tabel 2.2c) laat zien dat de groep ouderen van 65 jaar en ouder in 2040 is gestegen tot ruim 122.000 personen; dit is 20% van de totale bevolking in Den Haag in 2040. Tabel 2.1
Aantal ouderen (65 jaar en ouder) in Den Haag en aandeel van de totale bevolking werkelijke gegevens
prognose
2013
2014
2016
2018
2020
2021
2023
2025
Totale bevolking
506.366
509.682
520.697
533.026
546.335
553.366
565.280
584.304
Aantal ouderen 65+
68.422
70.213
73.310
76.465
79.890
81.693
85.739
90.350
13,5%
13,8%
14,1%
14,3%
14,6%
14,8%
15,2%
15,5%
19,6%
20,1%
20,6%
21,0%
21,4%
21,6%
22,2%
22,7%
Vergrijzing % ouderen 65+ van totale bevolking Grijze druk % ouderen 65+ van 15-64-jarigen
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli)
De groei dan wel afname van het aandeel ouderen heeft voor een deel te maken met de opbouw van de bevolking. Daarnaast wordt groei of afname van het aantal ouderen bepaald door migratie van en naar Den Haag en door sterfte. Ieder jaar sterven er in Den Haag ruim 4.000 personen waarvan ongeveer 80% in de leeftijdscategorie 65 jaar en ouder. In 2019 zijn er 3.411 ouderen overleden waarvan 22% in de leeftijd van 65-74 jaar, 31% in de leeftijd van 75-84 jaar en 47% in de leeftijd van 85 jaar en ouder.
- 10 -
2.2
KENMERKEN VAN DE HAAGSE OUDEREN
Hoe kunnen we de Haagse ouderen typeren? We kijken naar een aantal kenmerken, te weten: • leeftijd, • sekse, • etniciteit, • burgerlijke staat, • samenstelling huishouden, • woonvorm.
2.2.1
Leeftijd
In 2020 is 58% van de ouderen tussen de 65-74 jaar. Dit is 8,5% van de totale Haagse bevolking (zie tabel 2.2b). 42% van de Haagse ouderen is 75 jaar of ouder. Dit is 6,1% van alle inwoners van Den Haag. De verhouding tussen de groep 65-74-jarigen en de groep 75-plussers is in de afgelopen 10 jaar nogal gewijzigd. Was deze verhouding in 2005 nog ongeveer gelijk; in 2020 het aandeel 65-74-jarigen binnen de groep ouderen gestegen van 50% naar bijna 60%. De groei van het totale aantal Haagse ouderen is grotendeels toe te rekenen aan de groep 65-74-jarigen en in het bijzonder de 70 tot en met 74-jarigen. Als we aan de hand van prognoses naar de toekomst kijken, zien we dat het aantal 75-plussers sterker zal gaan groeien. De totale groep 65-plus zal dan ook de komende 5 jaar licht ‘verouderen’. Tabel 2.2a Verdeling van de groep ouderen naar leeftijd (absoluut en procentueel) werkelijke gegevens
prognose
2013
2014
2016
2018
2020
2021
2023
2025
65 – 74 jaar
37.440
39.105
41.592
44.418
46.596
47.974
48.052
49.716
75 jaar en ouder
30.982
31.108
31.718
32.047
33.294
33.719
37.687
40.634
Totaal ouderen 65+
68.422
70.213
73.310
76.465
79.890
81.693
85.739
90.350
65 – 74 jaar
54,7%
55,7%
56,7%
58,1%
58,3%
58,7%
56,0%
55,0%
75 jaar en ouder
45,3%
44,3%
43,3%
41,9%
41,7%
41,3%
44,0%
45,0%
Totaal ouderen 65+
100%
100%
100%
100%
100,0%
100%
100%
100%
Aantal
Percentage
Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli)
Tabel 2.2b Aandeel ouderen van de totale bevolking naar leeftijd werkelijke gegevens
prognose
2013
2014
2016
2018
2020
2021
2023
2025
506.366
509.682
520.697
533.026
546.335
553.366
565.280
584.304
65 – 74 jaar
7,4%
7,7%
8,0%
8,3%
8,5%
8,7%
8,5%
8,5%
75 jaar en ouder
6,1%
6,1%
6,1%
6,0%
6,1%
6,1%
6,7%
7,0%
Totaal ouderen 65+
13,5%
13,8%
14,1%
14,3%
14,6%
14,8%
15,2%
15,5%
Aantal Totale bevolking (=100%) Percentage
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli)
- 11 -
Tabel 2.2c
Aantal en aandeel ouderen op basis van lange termijn prognose* huidig 2020
Prognose 2025
2030
2035
2040
Aantal Totaal ouderen 65+
79.890
90.349
101.418
112.023
122.203
Totale bevolking (=100%)
546.335
584.304
598.066
604.800
617.192
65 – 74 jaar
8,5%
8,5%
9,2%
9,9%
10,2%
75 jaar en ouder
6,1%
7,0%
7,8%
8,7%
9,6%
Totaal ouderen 65+
14,6%
15,5%
17,0%
18,5%
19,8%
Percentage
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli) * lange termijn prognose: ARvdS 2000 variant
2.2.2
Sekse
Er zijn in Den Haag meer vrouwen dan mannen van 65 jaar en ouder. Van alle 65-plussers is, in 2020, 55% vrouw en 45% man (zie tabel 2.3a). Vooral in de hogere leeftijdsgroepen zien we meer vrouwen dan mannen (zie figuur 2.3b). Dit is niet vreemd aangezien de levensverwachting van vrouwen hoger is dan voor mannen. Wel is de levensverwachting van mannen de afgelopen jaren sterker gestegen dan die van vrouwen (zie het kader op de volgende pagina). Ook in voorgaande jaren was het aantal vrouwen groter dan het aantal mannen. Het aandeel dat vrouwen innemen in de gehele groep ouderen is de afgelopen jaren echter wel gedaald. Het aantal mannen stijgt de afgelopen jaren sneller dan het aantal vrouwen. Zowel bij mannen als bij vrouwen zien we een toename van het aantal in de leeftijd van 70-74 jaar. Het aantal vrouwen in de leeftijd van 80-94 jaar is de afgelopen jaren afgenomen. De komende jaren zal het aantal ouderen in de leeftijd van 65 jaar en ouder blijven toenemen. De verwachting is dat in de komende 5 jaar het aantal mannen zal stijgen met 15% en het aantal vrouwen met 11%. Hierdoor zal het aandeel vrouwen in de totale groep 65-plussers verder gaan dalen tot 54% in 2025.
Tabel 2.3a Verdeling van de groep ouderen naar sekse (absoluut en procentueel) werkelijke gegevens
prognose
2013
2014
2016
2018
2020
2021
2023
2025
Mannen
29.007
30.147
32.253
34.178
36.071
37.124
39.218
41.609
Vrouwen
39.415
40.066
41.057
42.287
43.819
44.569
46.521
48.741
Totaal ouderen 65+
68.422
70.213
73.310
76.465
79.890
81.693
85.739
90.350
Mannen
42,4%
42,9%
44,0%
44,7%
45,2%
45,4%
45,7%
46,1%
Vrouwen
57,6%
57,1%
56,0%
55,3%
54,8%
54,6%
54,3%
53,9%
Totaal ouderen 65+
100%
100%
100%
100%
100%
100%
100%
100%
Aantal
Percentage
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli)
- 12 -
Figuur 2.3b
Verdeling van de groep ouderen naar sekse en leeftijd (absoluut) in 2020
14000 12000 10000 8000 6000 4000 2000 0 65 t/m 69 jaar 70 t/m 74 jaar 75 t/m 79 jaar 80 t/m 84 jaar 85 t/m 89 jaar 90 t/m 94 jaar Man
95 plus
Vrouw
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli), bewerking OCW/OKPB
Kader: Levensverwachting Nederland De levensverwachting bij geboorte van mannen en vrouwen in Nederland was in 2019 voor mannen 80,4 jaar en voor vrouwen 83,6 jaar. Vrouwen leven dus gemiddeld iets meer dan 3 jaar langer dan mannen. De levensverwachting bij geboorte is in de periode 1950-2019 voor mannen toegenomen van 70,3 tot 80,4 jaar en voor vrouwen van 72,6 naar 83,6 jaar. Het verschil in levensverwachting bij geboorte tussen mannen en vrouwen in Nederland is de afgelopen jaren sterk afgenomen. Was dit verschil in de jaren 80 van de vorige eeuw nog ruim 6 jaar, in 2019 bedroeg het verschil in levensverwachting tussen mannen en vrouwen nog maar 3,2 jaar. De resterende levensverwachting op 65-jarige leeftijd is voor vrouwen 2,5 jaar groter dan voor mannen; in 2017 21,7 jaar versus 19,2 jaar. De levensverwachting bij geboorte voor Nederlandse mannen is één van de hoogste in de Europese Unie (EU). De levensverwachting voor Nederlandse mannen is ongeveer twee jaar hoger dan het EU-gemiddelde, die voor Nederlandse vrouwen is ongeveer gelijk aan het EU-gemiddelde. Bron: Nationaal Kompas Volksgezondheid (juni 2020)
2.2.3
Etniciteit
Van alle ouderen in Den Haag in 2020 heeft 32% een migratieachtergrond, oftewel is allochtoon 1. Het gaat om 25.698 personen (zie tabel 2.4a). Migrantenouderen zijn gemiddeld jonger dan ouderen met een Nederlandse afkomst (zie figuur 2.4b). Er geldt; hoe hoger de leeftijd, hoe kleiner het aandeel migrantenouderen. Van alle ouderen met een migratieachtergrond is 37% in de leeftijd van 75 jaar of ouder. Ter vergelijking; van alle ouderen van Nederlandse komaf is 44% 75 jaar of ouder. Ten opzichte van 2013 is het aantal ouderen toegenomen van 68.422 naar 79.890. Dit is een stijging van 17%. Het aantal ouderen van Nederlandse komaf steeg met 8% terwijl het aantal ouderen met een migratieachtergrond met 42% toenam. De komende jaren zal het aantal migrantenouderen sterker toenemen dan het aantal ouderen van Nederlandse komaf. Hierdoor zal ook het aandeel migrantenouderen onder de 65-plussers de komende jaren verder gaan toenemen, tot 36% in 2025 (4,0 procentpunt hoger dan in 2018).
1
Op basis van de definitie van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Volgens deze definitie is een persoon allochtoon wanneer één van beide ouders in het buitenland geboren is. Alleen op basis van deze definitie zijn er prognosecijfers beschikbaar. In de tekst en tabellen / figuren spreken we van ouderen met een migratieachtergond of migrantenouderen.
- 13 -
Tabel 2.4a Verdeling van de groep ouderen naar etniciteit (absoluut en procentueel) werkelijke gegevens
prognose
2013
2014
2016
2018
2020
2021
2023
2025
Nederlandse achtergrond
50.316
51.112
52.334
53.229
54.192
54.727
56.186
57.835
Migratieachtergrond
18.106
19.101
20.976
23.236
25.698
26.967
29.553
32.514
Totaal ouderen 65+
68.422
70.213
73.310
76.465
79.890
81.694
85.739
90.349
Nederlandse achtergrond
73,5%
72,8%
71,4%
69,6%
67,8%
67,0%
65,5%
64,0%
Migratieachtergrond
26,5%
27,2%
28,6%
30,4%
32,2%
33,0%
34,5%
36,0%
Totaal ouderen 65+
100%
100%
100%
100%
100%
100%
100%
100%
Aantal
Percentage
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli)
Figuur 2.4b Verdeling van de groep ouderen naar etniciteit en leeftijd (absoluut) in 2020 16000 14000 12000 10000 8000 6000 4000 2000 0 65 t/m 69 jaar 70 t/m 74 jaar 75 t/m 79 jaar 80 t/m 84 jaar 85 t/m 89 jaar 90 t/m 94 jaar Nederlandse achtergrond
95 plus
Migratie achtergrond
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli), bewerking OCW/OKPB
2.2.4
Etniciteit naar herkomst
Binnen de groep migrantenouderen zijn de groepen ‘Surinaams’, ‘Overig Westers’ en ‘Indonesisch’ het grootst (zie tabel 2.5a). Bijna een kwart (23,5%) heeft een Surinaamse achtergrond. Zowel het aantal als het aandeel ouderen met een Surinaamse achtergrond is de afgelopen jaren gegroeid. Deze stijging zal de komende jaren worden voortgezet. Van alle 65-plussers zullen in 2025 ongeveer 8.300 ouderen van Surinaamse herkomst zijn; ruim een kwart van alle migrantenouderen. Deze groei leidt ertoe dat ook hun aandeel in de totale populatie Haagse ouderen zal gaan toenemen; in 2025 zal 9,2% van alle 65-plussers van Surinaamse herkomst zijn. Ruim 20% van alle ouderen met een migratieachtergrond komt uit de categorie ‘overige westerse landen’. De drie grootste herkomstlanden binnen deze groep zijn Duitsland (2.751 ouderen), GrootBrittannië (545 ouderen) en België (496 ouderen). Van alle migrantenouderen heeft 21% een Indonesische achtergrond. Dit is bijna 7% van alle Haagse ouderen. De verwachting is dat het aantal ouderen van Indonesische afkomst de komende jaren nog licht zal stijgen. Hun aandeel in de gehele groep migrantenouderen zal echter afnemen; over de periode van 2020 tot en met 2025 met 3,6 procentpunt (zie tabel 2.5b).
- 14 -
Het aandeel ouderen in de categorie ‘overig niet-westers’ binnen de groep migrantenouderen is in 2020 3,8% maar is in de afgelopen zeven jaar in aantal verdubbeld; van 1.519 in 2013 tot 3.071 in 2020. De categorie ‘overig niet-westers’ bestaat uit landen in Zuid-Amerika, Azië en Afrika. Bijna een kwart (23,4%) van de ouderen in de categorie ‘overig niet-westerse landen’ in 2020 heeft een herkomst uit China of Hongkong. Verder is de samenstelling in deze categorie erg divers. Tabel 2.5a Verdeling van de groep migrantenouderen naar herkomstgroep (absoluut) werkelijke gegevens
prognose
2013
2014
2016
2018
2020
2021
2023
2025
Turks
1.181
1.264
1.482
1.614
1.801
2.009
2.307
2.639
Marokkaans
1.246
1.358
1.540
1.736
1.969
2.078
2.301
2.555
Surinaams
3.649
3.901
4.418
5.162
6.034
6.496
7.332
8.316
Antilliaans
528
559
659
796
950
1.048
1.240
1.453
Indonesisch
4.488
4.650
4.892
5.198
5.394
5.426
5.556
5.648
Oost-Europees
499
520
597
675
820
873
1.020
1.194
Overig niet-westers
1.519
1.680
2.070
2.527
3.071
3.403
4.057
4.795
Overig westers
4.996
5.169
5.318
5.528
5.659
5.634
5.740
5.914
Totaal migrantenouderen 65+
18.106
19.101
20.976
23.236
25.698
26.967
29.553
32.514
Aantal
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli)
Tabel 2.5b Verdeling van de groep migrantenouderen naar herkomstgroep (procentueel) werkelijke gegevens
prognose
2013
2014
2016
2018
2020
2021
2023
2025
Turks
6,5%
6,6%
7,1%
6,9%
7,0%
7,4%
7,8%
8,1%
Marokkaans
6,9%
7,1%
7,3%
7,5%
7,7%
7,7%
7,8%
7,9%
Surinaams
20,2%
20,4%
21,1%
22,2%
23,5%
24,1%
24,8%
25,6%
Percentage
Antilliaans
2,9%
2,9%
3,1%
3,4%
3,7%
3,9%
4,2%
4,5%
Indonesisch
24,8%
24,3%
23,3%
22,4%
21,0%
20,1%
18,8%
17,4%
Oost-Europees
2,8%
2,7%
2,8%
2,9%
3,2%
3,2%
3,5%
3,7%
Overig niet-westers
8,4%
8,8%
9,9%
10,9%
12,0%
12,6%
13,7%
14,7%
Overig westers
27,6%
27,1%
25,4%
23,8%
22,0%
20,9%
19,4%
18,2%
Totaal migrantenouderen 65+
100%
100%
100%
100%
100%
100%
100%
100%
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli)
2.2.5
Burgerlijke staat
Bijna de helft van de ouderen (48%) is getrouwd dan wel geregistreerd als partner (zie tabel 2.6), een vijfde deel van het aantal ouderen (20,4%) is weduwe/weduwnaar of achtergebleven partner. In de afgelopen jaren is het aantal en aandeel gescheiden Haagse ouderen toegenomen. Het aandeel en aantal ‘verweduwd / achtergebleven partner’ neemt af.
- 15 -
Tabel 2.6
Verdeling van de groep ouderen naar burgerlijke staat (absoluut en procentueel) 2013
2014
2016
2018
2020
gehuwd / geregistreerd partner
31.897
33.107
34.961
36.749
38.340
gescheiden
11.311
12.016
13.192
14.430
15.653
verweduwd / achtergebleven partner
18.060
17.687
17.174
16.584
16.284
anders
7.154
7.403
7.983
8.702
9.613
Totaal ouderen 65+
68.422
70.213
73.310
76.465
79.890
gehuwd / geregistreerd partner
46,6%
47,2%
47,7%
48,1%
48,0%
gescheiden
16,5%
17,1%
18,0%
18,9%
19,6%
verweduwd / achtergebleven partner
26,4%
25,2%
23,4%
21,7%
20,4%
anders
10,5%
10,5%
10,9%
11,4%
12,0%
Totaal ouderen 65+
100%
100%
100%
100%
100%
Aantal
Percentage
Bron: Gemeente Den Haag, BRP 2013-2020
2.2.6
Samenstelling huishoudens
Eén op de vijf huishoudens in Den Haag heeft een 65-plusser aan het hoofd (21%). Dit zijn 57.000 huishoudens (zie tabel 2.7). Bijna 60% daarvan is een éénpersoonshuishouden. De afgelopen jaren is dit aandeel iets teruggelopen, terwijl het absolute aantal éénpersoonshuishoudens is gestegen. Tabel 2.7 Samenstelling huishoudens waarvan het hoofd 65-plus is (absoluut en procentueel) werkelijke gegevens
prognose
2013
2014
2016
2018
2020
2021
2023
2025
Eenpersoonshuishouden
30.539
31.011
32.120
32.922
33.525
34.912
36.621
38.600
Samenwonend zonder kinderen
16.804
17.372
18.274
19.106
19.418
20.068
20.699
21.376
Samenwonend met kinderen
1.592
1.701
1.975
2.188
2.315
2.617
2.954
3.346
Eenoudergezin
1.360
1.397
1.491
1.678
1.742
1.927
2.137
2.416
Totaal aantal huishoudens
50.295
51.481
53.860
55.894
57.000
59.524
62.411
65.738
Eenpersoonshuishouden
60,7%
60,2%
59,6%
58,9%
58,8%
58,7%
58,7%
58,7%
Samenwonend zonder kinderen
33,4%
33,7%
33,9%
34,2%
34,1%
33,7%
33,2%
32,5%
Samenwonend met kinderen
3,2%
3,3%
3,7%
3,9%
4,1%
4,4%
4,7%
5,1%
Eenoudergezin
2,7%
2,7%
2,8%
3,0%
3,1%
3,2%
3,4%
3,7%
Totaal aantal huishoudens
100%
100%
100%
100%
100,0%
100%
100%
100%
Aantal
Percentage
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli)
De komende jaren zal het aantal huishoudens met een 65-plusser aan het hoofd verder gaan groeien en zullen alle typen huishoudens in aantal gaan toenemen. Absoluut gezien stijgt het aantal éénpersoonshuishoudens het meest. Van 33.525 in 2020 tot 38.600 in 2025; een stijging van ruim 5.000 éénpersoonshuishoudens. Het aandeel éénpersoonshuishoudens onder ouderen zal echter ongeveer gelijk blijven, rond de 59%.
2.3
WAAR WONEN HAAGSE SENIOREN?
Er zijn twee manieren om aan te geven waar Haagse ouderen wonen: de spreiding van alle Haagse ouderen over de stad en het aandeel ouderen van de bevolking per stadsdeel.
- 16 -
2.3.1
Spreiding over de stad
Van alle Haagse 65-plussers woont 20,3% in het stadsdeel Escamp. In Loosduinen woont ook een aanzienlijke aantal ouderen; 17,3%. In Leidschenveen-Ypenburg (5,2%) en Laak (4,5%) woont het minst aantal Haagse ouderen.
Figuur 2.8a Spreiding van Haagse ouderen over de stad, 2020 Loosduinen
5,2% 17,3%
11,8%
Escamp Segbroek
4,5%
Scheveningen Centrum
20,3%
15,1%
Laak Haagse Hout 11,6%
14,2%
Leidschenveen/Ypenburg
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli), bewerking OCW/OKPB
Figuur 2.8b Spreiding van Haagse ouderen over de stad, door de jaren heen
Loosduinen Escamp Segbroek Scheveningen Centrum Laak Haagse Hout Leidschenveen/Ypenburg 0% 2020
5% 2018
10% 2016
2014
15%
20%
25%
2013
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli), bewerking OCW/OKPB
Het beeld voor 2020 is vergelijkbaar met voorgaande jaren (zie figuur 2.8b). Wel zien we dat het aandeel ouderen in Leidschenveen-Ypenburg en Centrum ieder jaar iets toeneemt. Het aandeel ouderen dat in Escamp en Haagse Hout woont, neemt af. Het aantal ouderen in een stadsdeel of wijk zegt in feite nog niets over de ruimtelijke concentratie van ouderen in deze stadsdelen en wijken. Hiervoor moeten we ook kijken naar de grootte van het gebied waar zij wonen; een x-aantal ouderen in een kleiner gebied levert een grotere concentratie op dan hetzelfde aantal ouderen in een groter gebied.
- 17 -
In figuur 2.8c zijn een aantal duidelijke concentraties te zien. Een deel van deze concentraties zien we op plekken waar verpleeg- en verzorgingshuizen of andere vormen van ouderenwoningen zijn. De gegevens uit deze kaart zijn uit 2018. Figuur 2.8c Concentratie 65-plussers in Den Haag in 2018
2.3.2
Aandeel senioren per stadsdeel
Wanneer er wordt gekeken naar het aandeel dat senioren innemen in de populatie van het betreffende stadsdeel, dan is Loosduinen het meest vergrijsd (zie tabel 2.9). Bijna 28% van de inwoners van Loosduinen is 65 jaar of ouder. Ook in Haagse Hout en Scheveningen zien we een hoog aandeel ouderen; van alle inwoners in deze stadsdelen is 20% 65-plus. Loosduinen, Haagse Hout en Scheveningen behoren niet alleen tot de meest vergrijsde stadsdelen; in deze stadsdelen is de ouderenbevolking relatief gezien ook het oudst. Dit laatste geldt ook voor Escamp. In Haagse Hout is 49% van de groep ouderen 75 jaar of ouder. In Loosduinen is dit aandeel 47%, in Escamp 44% en in Scheveningen is dit 43%. Leidschenveen-Ypenburg en Laak zijn van alle stadsdelen het minst vergrijsd; 8,6% van alle inwoners in deze stadsdelen is 65 jaar of ouder. Wel zien we in Leidschenveen-Ypenburg dat dit aandeel de afgelopen vijf jaar met 2,9 procentpunt is toegenomen. Dit komt (mede) door een stijging van het absolute aantal ouderen. De ouderenbevolking in dit stadsdeel is relatief gezien jonger dan in de andere stadsdelen; 69% van de ouderen is in de leeftijd van 65-74 jaar. Ook in Laak en Centrum is de groep 65-plus relatief jong; respectievelijk 66% en 65% is in de leeftijd van 65-74 jaar.
- 18 -
Tabel 2.9 Aandeel ouderen (65-plus) van het totaal aantal inwoners per stadsdeel, 2013 – 2020 2013
2014
2016
2018
2020
aantal
%
aantal
%
aantal
%
aantal
%
aantal
%
Loosduinen
11.761
25,9%
12.137
26,5%
12.826
27,7%
13.428
27,9%
13.859
27,9%
Escamp
15.660
13,2%
15.815
13,3%
15.775
13,0%
15.931
12,8%
16.223
12,7%
Segbroek
7.526
12,5%
7.943
13,1%
8.407
13,8%
8.855
14,4%
9.241
14,8%
Scheveningen
9.806
18,4%
10.049
18,6%
10.471
18,9%
10.807
19,1%
11.376
19,5%
Centrum
9.176
9,2%
9.405
9,5%
10.220
10,0%
11.094
10,6%
12.027
11,3%
Laak
3.058
7,6%
3.079
7,7%
3.207
7,7%
3.356
7,7%
3.605
7,9%
Haagse Hout
8.758
20,7%
8.849
20,3%
9.064
20,3%
9.202
20,2%
9.397
20,0%
Leidschenveen/Ypenburg
2.677
5,7%
2.936
6,1%
3.340
6,9%
3.792
7,8%
4.162
8,6%
Den Haag totaal
68.422
13,5%
70.213
13,8%
73.310
14,1%
76.465
14,3%
79.890
14,6%
Bron: Gemeente Den Haag, Dienst Stedelijke Ontwikkeling – Den Haag in Cijfers 2020 (juli)
2.4
KWETSBARE OUDEREN
In de literatuur zijn tal van definities van kwetsbaarheid te vinden. Eind juni 2020 heeft Vektis een model ontwikkeld om de populatie kwetsbare ouderen in Nederland in beeld te brengen op basis van declaratie-informatie. Hierbij wordt de mate van kwetsbaarheid vooral gerelateerd aan lichamelijke gezondheidsklachten en minder aan cognitieve, sociale en psychische aspecten. Met het model kan Vektis de prevalentiecijfers van kwetsbare ouderen en het zorggebruik van deze groep op landelijk niveau en verschillende regionale niveaus inzichtelijk maken. Volgens Vektis heeft 22% van de 65plussers in ons land veel gezondheidsklachten, moeite om de regie over hun leven te voeren en een verhoogde kans op ziekenhuisopname of overlijden. Het landelijk percentage thuiswonende kwetsbare ouderen is 17%. In Den Haag is het percentage ouderen dat kwetsbaar is en zelfstandig woont 19%. Wanneer we dit percentage toepassen op het aantal Haagse inwoners van 65 jaar en ouder, dan zou dit betekenen dat er in Den Haag in 2020 rond de 14.350 zelfstandig wonende kwetsbare 65-plussers zijn. Vektis gaat ervan uit dat mensen in instellingen per definitie als kwetsbaar kunnen worden aangemerkt. Het aantal ouderen in Den Haag dat intramuraal woont wordt geschat of 5,4% oftewel 4.300 personen. In totaal zou volgens de definitie van Vektis rond de 19.000 kwetsbare ouderen in Den Haag wonen.
- 19 -
3 Gezondheid Haagse senioren van 65 jaar en ouder zijn in het algemeen tevreden over hun eigen gezondheid. Gemiddeld geven zij (in 2018) een 6,9 voor hun gezondheid. De waardering van de eigen gezondheid is afhankelijk van een aantal factoren. Zo kan het hebben van een handicap of chronische aandoening of de belemmeringen die ouderen ervaren in het dagelijks leven en de vrije tijd van invloed zijn. Naast deze lichamelijke gezondheid spelen ook aspecten van geestelijke en sociale gezondheid en leefstijl een rol. De uitkomsten in dit hoofdstuk hebben betrekking op ouderen die zelfstandig wonen. Over ouderen die in verpleeg- of verzorgingshuizen wonen, hebben we geen informatie. De gegevens komen uit het Inwonersonderzoek Den Haag en de Gezondheidsenquête. De meest actuele gegevens uit de vierjaarlijkse Gezondheidsenquête zijn de gegevens over 2016. Deze gegevens zijn ten opzichte van de vorige editie van de Ouderenmonitor dus niet geactualiseerd. Bij elke (sub)paragraaf wordt in een voetnoot aangegeven welke bron is gebruikt. In Bijlage 1 vindt u meer informatie over deze onderzoeken. 3.1
LICHAMELIJKE GEZONDHEID
In deze paragraaf kijken we naar aspecten die te maken hebben met lichamelijke gezondheid. Hoeveel ouderen hebben te maken met een handicap en/of chronische aandoening? En ervaren zij (mede hierdoor) belemmeringen/beperkingen in het dagelijks leven? 3.1.1
Handicap of chronische aandoening2
63% van de 65-plussers heeft, in 2018, te maken met een handicap en/of chronische aandoening (zie figuur 3.1). Dit aandeel is voor 65-plussers duidelijk hoger dan gemiddeld onder alle inwoners van Den Haag (37%). Figuur 3.1
Aandeel (zelfstandig wonende) Haagse ouderen dat een handicap en/of een chronische aandoening heeft (2018) 65 - 74 jaar handicap
75 jaar en ouder totaal ouderen
chronische aandoening
totaal Den Haag
beide 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100%
Bron: Gemeente Den Haag, Inwonersonderzoek 2018
Van alle 65-plussers heeft 45% te maken met een handicap. In bijna de helft van de gevallen gaat het hierbij om motorisch lichamelijke beperkingen (44% van degenen die aangeven een handicap te hebben). In 15% van de gevallen gaat het om auditieve beperkingen / slechthorendheid en in 6% gaat het om een visuele beperking. 50% van de 65-plussers heeft te maken met een chronische aandoening. Zowel dit percentage als het percentage dat een handicap heeft, ligt boven het gemiddelde voor heel Den Haag; 20% van alle Hagenaars heeft een handicap en 30% heeft een chronische aandoening. 75-plussers lijken vaker een handicap en een chronische aandoening te hebben dan 65-74-jarigen.
2
Bron: Inwonersonderzoek Den Haag
- 20 -
Tabel 3.2 Aandeel (zelfstandig wonende) Haagse ouderen dat een handicap en/of chronische aandoening heeft, 2018 2018 % handicap
44,8%
% chronische aandoening
50,5%
% handicap en/of chronische aandoening
62,7%
Bron: Gemeente Den Haag, Inwonersonderzoek 2018
3.1.2
Ervaren belemmeringen/beperkingen3
In het Inwonersonderzoek is gevraagd of Hagenaars die aangeven een handicap of chronische ziekte te hebben, zich hierdoor belemmerd voelen en op welke plaats dit voorkomt. In de onderstaande figuur en tabel is dit weergegeven voor Haagse ouderen en totaal Den Haag. Ruim driekwart van de Haagse senioren (78%) ervaart belemmeringen (zie figuur 3.3). Ouderen die zich belemmerd voelen, ervaren dit met name in de openbare ruimte (52%) en in huis (36%). Ruim een kwart van de ouderen die zich belemmerd voelen, ervaart dit in het openbaar vervoer en een vijfde van de ouderen in openbare gebouwen.
Figuur 3.3
Belemmeringen die (zelfstandig wonende) Haagse ouderen ervaren (2018)
65 - 74 jaar
ervaart belemmeringen in huis op werk/op school in (openbare) gebouwen in de openbare ruimte
75 jaar en ouder
totaal ouderen
totaal Den Haag 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Bron: Gemeente Den Haag, Inwonersonderzoek 2018
3
Bron: Inwonersonderzoek, aangevuld met gegevens uit de Gezondheidsenquête
- 21 -
Tabel 3.4
Aandeel (zelfstandig wonende) Haagse ouderen dat belemmeringen ervaart, 2018 2018
% ervaart belemmeringen
77,6%
% ervaart belemmeringen - in huis
36,4%
- op werk/op school
1,5%
- in openbaar vervoer
19,7%
- in (openbare) gebouwen
24,2%
- in de openbare ruimte
51,5%
Bron: Gemeente Den Haag, Inwonersonderzoek 2018
In de Gezondheidsenquête (2016) is er aandacht voor beperkingen die ouderen ervaren. Zij maken daarbij onderscheid in beperkingen in algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL), zoals wassen, aankleden, eten en drinken en verplaatsingen om en rond het huis en beperkingen in huishoudelijke dagelijkse levensverrichtingen (HDL), zoals eten klaarmaken, boodschappen doen, wassen en strijken. 19% van de 65-plussers ervaart een beperking bij tenminste één ADL. Met name met traplopen en zich verplaatsen buitenshuis hebben zij grote moeite of zij kunnen dit alleen met hulp van anderen. 27% van de 65-plussers ervaart beperkingen bij tenminste één van de huishoudelijke taken. Zij hebben met name grote moeite met zwaar huishoudelijk werk, zoals dweilen, ramen lappen of stofzuigen, en met het doen van kleine reparaties en klusjes. Niet verwonderlijk stijgt het aandeel ouderen dat beperkingen ervaart naarmate de leeftijd toeneemt. Van de 65-74-jarigen heeft 12% ten minste één ADL-beperking en 16% ten minste één HDLbeperking. Onder 75-plussers is dit respectievelijk 28% en 43%.
75-plussers hebben met name vaker grote moeite met traplopen, zich verplaatsen buitenshuis (voor wat betreft ADL) en met zwaar huishoudelijk werk, kleren wassen en strijken, bedden verschonen en opmaken, boodschappen doen, het gebruik maken van vervoer en het doen van kleine reparaties en klusjes (voor wat betreft HDL). In de Gezondheidsenquête is ook aandacht voor valongelukken bij ouderen. De meest voorkomende oorzaak van letsel door een ongeval bij ouderen is een valongeval. 33% van de 65-plussers geeft aan in het jaar voorafgaand aan het onderzoek ten minste één keer te zijn gevallen. 13% is zelfs twee keer of vaker gevallen. 75-plussers geven vaker aan dat zij gevallen zijn (39%) dan ouderen in de leeftijd van 65-74 jaar (29%). Ook zijn zij vaker bang om te vallen (48% tegen 29% onder 65-74-jarigen).
Kader: Valpreventie Eén derde van het aantal 65-plussers in Den Haag heeft een verhoogd valrisico. Daarom wil gemeente Den Haag actie ondernemen om het aantal valongevallen onder 65-plussers te verminderen. Er zijn meerdere factoren die van invloed zijn op hoe hoog het risico is om te vallen. Bijvoorbeeld afgenomen spierkracht, verminderd zicht, maar ook omgevingsfactoren zoals losliggende snoeren. Deze factoren kunnen allemaal aangepakt worden in een valpreventietraining. In een valpreventietraining kan je oefeningen doen om je balans en spierkracht te trainen en kun je tegelijkertijd tips krijgen om risicovolle omgevingsfactoren aan te pakken. Eind 2020 starten we met het vergroten van het aanbod en het bereik van valpreventietrainingen in Den Haag. Het streven is daarbij om in 2022 in totaal 500 senioren bereikt te hebben. Bron: gemeente Den Haag, OCW Ouderenbeleid
3.2
GEESTELIJKE GEZONDHEID
In deze paragraaf gaan we in op een tweetal aspecten die te maken hebben met de geestelijke gezondheid. Hebben Haagse ouderen een verhoogd risico op angst en depressie? En hoeveel ouderen met dementie zijn er in Den Haag? De gegevens komen voornamelijk uit de Gezondheidsmonitor 2016.
- 22 -
3.2.1
Angst en depressie4
Het hebben van angststoornissen is geen specifiek ouderenprobleem. Het maakt ouderen, in het bijzonder in combinatie met andere invaliderende ziekten en omstandigheden, extra kwetsbaar. Het houdt eigen initiatieven tegen en belemmert het aangaan van sociale contacten. Van de Haagse 65-plussers heeft 46% een matig tot hoog risico op angst of depressie: 38% heeft een matig risico en 8% heeft een hoog risico. Het percentage 65-plussers met een matig of hoog risico is iets lager dan gemiddeld; van alle Haagse inwoners van 19 jaar en ouder heeft 52% een matig of hoog risico op angst en depressie (40% een matig risico en 12% een hoog risico). 75-plussers hebben vaker een matig of hoog risico op angst en depressie (52%) dan 65-74-jarigen (41%). 3.2.2
Dementie5
Alzheimer Nederland heeft in 2019 een schatting gemaakt van het aantal mensen met dementie. Volgens deze schatting zijn er in 2020 circa 6.600 Hagenaars met dementie. Dit aantal zal naar verwachting gaan toenemen; tot 7.400 in 2025, 9.000 in 2030, 13.000 in 2040 en 17.000 in 2050. Ten opzichte van 2020 betekent dit een toename van 12% in 2025, 36% in 2030, 97% in 2040 en 157% in 2050. Landelijk gezien stijgt het percentage tot 2050 iets minder snel. Overigens worden hierbij ook mensen in verzorgings- en verpleeghuizen meegerekend en gaat het om alle leeftijden. Het is dus niet bekend om hoeveel 65-plussers het gaat.
3.3
SOCIALE GEZONDHEID6
In deze paragraaf gaan we in op de sociale gezondheid. Zijn Haagse senioren gelukkig? Hebben zij het gevoel regie te hebben over hun eigen leven? En in hoeverre hebben Haagse ouderen te maken met huiselijk geweld? Daarnaast spelen ook eenzaamheid en sociale uitsluiting een rol bij de sociale gezondheid. Deze onderwerpen komen aan bod in hoofdstuk 8.
3.3.1
Geluk
Er bestaat een relatie tussen geluk en gezondheid. Mensen die gezond zijn, voelen zich vaker gelukkig dan mensen met een minder goede gezondheid. Ook leven gelukkige mensen langer dan mensen die minder gelukkig zijn. 88% van de Haagse 65-plussers geeft aan dat zij zich tamelijk of heel gelukkig voelen (zie figuur 3.5). Dit aandeel is vergelijkbaar met het gemiddelde onder alle inwoners van Den Haag van 19 jaar en ouder (87%).
4
Bron: Gezondheidsenquête 2016 Bron: Alzheimer Nederland (2020), Mensen met dementie per gemeente (www.alzheimer-nederland.nl) 6 Bron: Gezondheidsenquête 2016 5
- 23 -
Figuur 3.5
Sociale gezondheid van Haagse ouderen aan de hand van een aantal indicatoren (2016)
Bron: GGD Haaglanden, Gezondheidsenquête 2016
3.3.2
Regie over eigen leven
Regie over eigen leven heeft betrekking op de mate waarin iemand het gevoel heeft controle te hebben over veranderingen die plaatsvinden in zijn of haar leven. Mensen die het gevoel hebben regie te hebben over hun eigen leven kunnen beter omgaan met problemen, waaronder gezondheidsproblemen. 17% van de 65-plussers heeft het idee dat zij te weinig regie hebben over hun eigen leven (zie figuur 3.5). Dit aandeel is hoger dan het gemiddelde onder alle inwoners van Den Haag van 19 jaar en ouder (14%). 3.3.3
Ouderenmishandeling
Ouderenmishandeling is het handelen en het nalaten van handelen van al degenen die in een terugkerende persoonlijke of professionele relatie met de oudere (iemand van 65 jaar of ouder) staan, waardoor de oudere persoon lichamelijke en/of psychische en/of materiële schade lijdt en waarbij van de kant van de oudere sprake is van een vorm van gedeeltelijke of volledige afhankelijkheid. Ouderenmishandeling onderscheidt zich van ander huiselijk geweld doordat de pleger niet per se uit de huiselijke kring hoeft te komen, maar ook een professionele zorgverlener kan zijn. Het kan gaan om intentionele mishandeling zoals bewuste financiële uitbuiting of seksueel misbruik, maar ook onbedoelde mishandeling zoals bij ontspoorde mantelzorg waarbij de mishandeling een gevolg is van overbelasting of onkunde van de mantelzorger of professional. 7% van de 65-plussers in Den Haag geeft aan ooit slachtoffer te zijn geweest van ouderenmishandeling (zie figuur 3.5). Het gaat in de meerderheid van de gevallen om psychisch mishandeling in de vorm van beledigen en treiteren (5% van alle 65-plussers), gevolgd door financiële benadeling (2%). Meldingen Veilig Thuis Veilig Thuis is het advies- en meldpunt voor iedereen die te maken heeft met huiselijk geweld of kindermishandeling. Veilig Thuis richt zich op de directe veiligheid bij verschillende soorten huiselijk geweld waaronder ouderenmishandeling.
In tabel 3.6 is het aantal meldingen van ouderenmishandeling weergegeven over de jaren 2017 tot en met 2019. De tabel laat een toename zien in het aantal meldingen. De indruk van Veilig Thuis is dat deze toename is ontstaan door de bekendheid die wordt gegeven aan deze vorm van mishandeling maar ook door de signaalfunctie en goede samenwerking in de keten.
- 24 -
Tabel 3.6
Aantal meldingen Ouderenmishandeling Veilig Thuis Haaglanden 2016-2019
Aantal meldingen Ouderenmishandeling
2017
2018
2019
80
115
152
Bron: Veilig Thuis Haaglanden (RIS305564)
In de onderstaande tabel is het aantal meldingen ouderenmishandeling weergegeven in de ‘Coronacrisis’periode ten opzichte van het jaar ervoor. Het aantal meldingen kent over deze periode geen opvallende veranderingen; de coronacrisis gedurende de maanden maart tot en met juli 2020 lijkt niet van invloed te zijn op het aantal meldingen. Tabel 3.7
Aantal meldingen Ouderenmishandeling Veilig Thuis Haaglanden 2019-2020 2019
2020
Maart
10
11
April
10
9
Mei
10
9
Juni
16
14
Juli
23
30
Totaal maart tot en met juli
69
73
Bron: Veilig Thuis Haaglanden (RIS305564)
3.4
LEEFSTIJL7
In deze paragraaf kijken we naar een aantal aspecten die te maken hebben met leefstijl en die de gezondheid kunnen beïnvloeden. In hoeverre sporten Haagse ouderen en bewegen zij voldoende? Eten zij gezond? Wordt er veel gerookt en/of alcohol gedronken? En willen Haagse ouderen hun eigen gezondheid verbeteren? 3.4.1
Sport en bewegen
Sport8 Aan de Haagse inwoners is gevraagd of zij aan sport doen en hoe vaak zij dat doen. Van de Haagse ouderen sport 10% incidenteel (1 tot 12 keer per jaar), 10% onregelmatig (12 tot 60 keer per jaar), 24% sport regelmatig (60 tot 120 keer per jaar) en 19% van de ouderen sport intensief (120 keer of vaker per jaar. Dat betekent dat 38% van de Haagse ouderen niet aan sport doet. 65-plussers doen minder vaak aan sport dan gemiddeld. Van alle inwoners van Den Haag doet 61% minimaal 12 keer per jaar aan sport en voor ouderen is dit percentage 53%. Bewegen9 Om na te gaan of iemand voldoende beweegt, worden er drie normen gebruikt: • Nederlandse Norm Gezond Bewegen (NNGB): dagelijks minstens een half uur matig intensieve lichamelijke activiteit, op minimaal vijf dagen per week, • Fitnorm: ten minste drie keer per week minimaal twintig minuten zwaar intensieve activiteit, • Combinorm: ten minste voldoen aan één van de twee bovenstaande normen. Voor ouderen (55-plus) gelden dezelfde normen, maar met een lager intensiviteitsniveau. 69% van de Haagse ouderen van 65 jaar en ouder voldoet aan de norm NNGB. 36% voldoet aan de fitnorm. In totaal voldoet 70% van de 65-plussers aan een van deze twee normen en voldoet daarmee aan de combinorm (zie figuur 3.8). Dit aandeel is hoger dan het gemiddelde onder alle inwoners van Den Haag van 19 jaar en ouder (62%).