CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag Commissie Sociaal 17 04 2024 (vastgesteld)

Commissie SOCIAAL 17 april 2024, gemeente 's-Hertogenbosch11.871 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Commissie SOCIAAL Verslag Datum: Locatie: Aanwezig: Voorzitter Secretaris: (plv.) Commissieleden:

Collegeleden:

17 april 2024 Raadzaal

J.J.M. Gersjes drs. E.A.A. Kerkhoff O. Çifçi, mw. M. Claessen, J.J.E.L. van Creij, mw. E.C.M. van Diejen BSc, mw. mr. Y. Doǧan, S.J.A. Elders BA, A.W.J.A. van Hattem LLB, F.J. van Haren, mw. F. Hoekstra, mw. R.F. van der Kallenvan der Donk, ing. J.N. Kieft, mw. W.M. van de Leemput, mw. ir. V.P.T. Muller-Laumans, mw. drs. E.W.M. van Opdorp, A.P.R.G.M van Rosmalen, ir. P.K. Schuurmans, mw. C.K.J. Visscher, mw. mr. C.H.A. van den Wildenberg, mw. J.J.M. van den Wildenberg, mw. dr. Y. van Zaalen P. Slikker, mw. mr. M.A.B. van der Sloot, H.M.M. Vermin

Afwezig:

F.G.F. van Genugten, S.C. van Hasselt, H.J.M. Mees, mw. W.A.M.H. Parijs, W.J. Plasmeijer, mw. E. Samshuijzen, A.C. van Silfhout

Verslaglegging

I. Wendt, DemiSec

1.

Opening en mededelingen De voorzitter heet allen, in de zaal en thuis, welkom bij de vergadering van de commissie Sociaal van 17 april 2024. Hij heeft de volgende mededelingen: Mevrouw Craste is naar de commissie Bestuur overgestapt en wordt in de commissie Sociaal opgevolgd door mevrouw Muller. Er is bericht van verhindering ontvangen van de heren Mees, Van Silfhout, Van Genugten en Plasmeijer.

2.

Vaststellen van de agenda De voorzitter meldt dat er op de agenda 3 raadsvoorstellen staan: Samen Gezond ’s-Hertogenbosch (Wensen en bedenkingen) Energie compensatiebijdrage Sportiom Regionaal beleidsprogramma jeugd 2024 - 2028 Noordoost Hij gaat ervan uit dat de commissie over alle 3 de agendapunten het woord wilt voeren. Verder staat een motie over Toezicht op zwemwater van de fractie van De Bossche Groenen op de agenda die vanuit de raad is doorverwezen naar deze commissie. En tot slot is er een rondvraag van de heer Van Creij over de sportaccommodaties in Nuland.

3.

Vaststellen van het verslag van de commissie Sociaal van 20 maart 2024 Het verslag van de commissie Sociaal van 20 maart 2024 wordt ongewijzigd vastgesteld.

4.

Bestuurlijke toezeggingen en moties De voorzitter meldt dat het college voorstelt om de moties 17 en 19 als afgedaan te beschouwen. Hij heeft hierover geen opmerkingen vanuit de commissie ontvangen en concludeert dat de commissie hiermee kan instemmen.

1

5.

Werkplanning De voorzitter vraagt voor twee onderdelen van de werkplanning aandacht: - De commissie heeft het aanbod van de portefeuillehouder ontvangen voor een werkbezoek aan WeenerXL in de tweede helft van het jaar. Met daarbij de vraag of de commissie zo’n werkbezoek jaarlijks zou willen. De commissie stemt hiermee in. - De raad heeft een aankondiging ontvangen over de presentatie op 16 mei 2024 om 19.00 uur in het bestuurscentrum van het rapport dat het burgerberaad oplevert. De voorzitter verzoekt om dit in de agenda’s te noteren.

Raadsvoorstellen 6.

Programma Samen Gezond 's-Hertogenbosch (wensen en bedenkingen op voorgenomen collegebesluit) De voorzitter licht toe dat de commissie het Programma Samen Gezond 's-Hertogenbosch op 15 februari 2024 op de strategische raadsagenda geplaatst. De werkgroep Sociaal Domein heeft over dit onderwerp een expertmeeting georganiseerd op 8 juni 2023. De uitkomsten zijn verwerkt in een discussienotitie die behandeld is op 6 september 2023. Het college heeft de resultaten daarvan met vele andere inzichten verwerkt in het voorliggende beleidsprogramma. Voordat het college dit beleidsprogramma vaststelt krijgt de gemeenteraad de gelegenheid om wensen en bedenkingen te uiten. De raad neemt dus geen besluit, maar kan via het aannemen van moties sturing geven aan het collegebesluit. Mevrouw Visscher (SP) is blij dat de gemeente iets gaat doen aan het verschil in gezondheid tussen rijk en arm. De SP kan zich in veel maatregelen vinden, maar mist de oorzaken van gezondheidsverschillen zoals armoede, zorgmijding en slecht onderhouden woningen. Mensen hebben pas iets aan sporttoestellen voor de deur als ze in een gezonde woning wonen. De SP zal daarom een motie indienen voor een meldpunt voor mensen die last hebben van tocht, vocht en schimmel in hun woning. Mevrouw J.J.M.

van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) ziet de voordelen van een gezonder 's-Hertogenbosch met minder gezondheidsverschillen tussen buurten. Maar: wie rood staat, kan geen groen doen. Verse groente en een sportabonnement kosten geld en sommigen hebben dat niet. De meeste bewoners zeggen niet hardop dat zij in armoede leven. VOOR Den Bosch adviseert de gemeente om hen discreet te benaderen en schuldhulpverlening in te schakelen. Voorkomen moet worden dat de gemeente een belerende aanpak hanteert. De fractie hoort graag hoe de wethouder hierover denkt. Mevrouw Doğan (GroenLinks) vindt het erg belangrijk dat de gemeente gaat inzetten op het verkleinen van gezondheidsverschillen en het versterken van het gezondheidspotentieel. De fractie vindt het onacceptabel dat mensen met een gezondheidsachterstand niet kunnen meedoen of minder lang leven. GroenLinks is voorstander van preventie, gezondheidseducatie en toegang tot een gezonde leefomgeving in alle wijken. Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) vindt het prima om gezondheidsverschillen tussen buurten te verkleinen. Dat mag ook geld kosten. Tegelijkertijd maakt Rosmalens Belang zich zorgen over wijken waar het nu nog goed gaat maar waar in de toekomst ook problemen zullen optreden. Bij de bouw moet de gemeente bewoners al bijeenbrengen door ze te laten samenwerken bij bijvoorbeeld de inrichting van een speeltuin of plantsoen.

Mensen die elkaar kennen, zullen eerder voor elkaar zorgen als dat nodig is. Ook oudere wijken zouden goed onderzocht moeten worden om te zien wat de veranderingen van de afgelopen jaren teweeggebracht hebben. Dat geldt ook voor de dorpen die door herindeling aan de stad zijn toegevoegd. De gemeente moet niet te gemakkelijk denken dat het wel goed gaat in wijken waar niet geklaagd wordt. Inwoners moeten niet alleen gezond worden maar ook blijven. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) is blij met het programma. Om gezond of groen te doen heb je echter geld nodig. Om de verschillen te verkleinen heeft de gemeente ook geld nodig. Met het programma wordt gestreefd naar integraliteit. De Bossche Groenen zou een gezamenlijke motie willen indienen bestaande uit alle losse relevante moties die de afgelopen maanden zijn ingediend en het verzoek om deze allemaal in het programma te verwerken en uit te

2

voeren. Daarnaast moeten de burgers budget aangereikt krijgen om met hun wijk aan de slag te gaan. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vindt dat de oorzaken van gezondheidsverschillen aangepakt moeten worden. Hij vroeg zich af wat er vernieuwend is aan het programma want de meeste ideeën zijn al vaker voorbijgekomen. Ook hoort gewoon ge-DREVEN graag wat de gemeente niet meer gaat doen om budget vrij te maken voor dit programma. Als stip op de horizon worden 2026 en 2035 genoemd, maar de fractie zou graag zien dat er tussentijds wordt geëvalueerd zodat het beleid eventueel bijgestuurd kan worden. De heer Çifçi (PvdA) vindt het belangrijk om de focus te leggen op de betrokkenheid van inwoners. Door hen actief in te zetten wordt de gelijkheid op langere termijn bevorderd. Het verschil tussen arm en rijk wordt steeds zichtbaarder. Door ongelijk te investeren in gelijke kansen op gezondheid maakt de gemeente werk van het verbeteren van de bestaanszekerheid van de meest kwetsbaren. Het Beatrixpark heeft het potentieel om een centrale ontmoetingsplek te worden. De PvdA is echter bezorgd dat de herinrichting wordt opgenomen in een groter project wat leidt tot vertraging.

Kan de wethouder een duidelijke termijn aangeven, waarbinnen de herinrichting gereed moet zijn? De heer Elders (D66) sluit zich aan bij PvdA en GroenLinks over het belang van het programma en is benieuwd hoe de doelen meetbaar worden gemaakt. Het gaat vaak om complexe casuïstiek met vele oorzaken waardoor het lastig te bepalen is wanneer de gemeente tevreden mag zijn. Tegelijkertijd is D66 benieuwd hoe de integraliteit, qua inhoud en financieel, geborgd kan worden, zeker omdat het veel verschillende beleidsdomeinen raakt. Verder vraagt D66 aandacht voor een doelgroep die nog niet eerder is benoemd, namelijk mensen met een beperking. De fractie is benieuwd of deze groep wordt meegenomen in de uitwerking van het plan. De heer Schuurmans (VVD) ziet diverse positieve punten in het programma, zoals inzet op maatwerk, preventie en impactgericht werken. Naast het geven van voorlichting en het voeren van campagnes is het echter ook nodig om in de wijken plekken te realiseren waar het gedrag daadwerkelijk wordt verbeterd. Hoe worden inwoners bereikt om gezonder te gaan leven? Hoe zorgt de gemeente ervoor dat de boodschap landt? 13.000 inwoners in 's-Hertogenbosch hebben moeite met de Nederlandse taal, dus eenvoudige communicatie is belangrijk. De gemeente wil vele doelgroepen bereiken, maar zij vergen allemaal een andere communicatieaanpak.

De VVD hoort graag hoe binnen het programma wordt geborgd dat de communicatieaanpak past bij de doelgroepen en aansluit bij hun wensen en voorkeuren. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vindt het belangrijk dat er naar de wijken en naar de verschillen wordt gekeken en dat de gemeente maatwerk biedt. Het betrekken van de bewoners bij het programma vindt Bosch Belang een mooi initiatief. Wijken veranderen echter, dus tijdige bijstelling van de aanpak is nodig. De fractie hoort graag van de wethouder hoe dit er in de praktijk gaat uitzien. De heer Kieft (Leefbaar 's-Hertogenbosch) vindt het programma helder. Er is dekking en de Adviesraad Wmo en Jeugdhulp stemt ermee in. De ambities zijn echter niet SMART geformuleerd. Hoe vindt de gemeente de juiste mensen uit de doelgroep? De vraag is hoe de gemeente per buurt de juiste aanpak ontwikkelt en hoe ze gebruikmaakt van informele netwerken en bestaande initiatieven. Het programma wordt geëvalueerd maar het is ook nodig om tussentijds te monitoren. Leefbaar 's-Hertogenbosch vraagt hoe de raad over de voortgang geïnformeerd wordt, naast de tweejaarlijkse Monitor Sociaal Domein. Wanneer zijn het college en de gemeente Den Bosch tevreden? Tot slot vraagt de fractie hoe het programma zich gaat verhouden tot de ontwikkeling van de medische zorgvraag. Leefbaar 's-Hertogenbosch wacht de moties met interesse af.

Met het voorstel van De Bossche Groenen om van alle voorstellen één motie te maken kan de fractie instemmen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vindt het een mooi en belangrijk plan. Het is goed dat de gemeente bewoners gaat betrekken bij het programma. Ze sluit zich aan bij de SP en gewoon ge-DREVEN die adviseren om de oorzaken aan te pakken. De PvdD juicht het toe dat het programma geëvalueerd en gemonitord wordt. De effecten zullen echter in het begin nog niet goed meetbaar zijn, wat niet betekent dat het programma niet werkt. De PvdD benadrukt dat het een project is van

3

een lange adem en dat de gemeente blijvend moet investeren in de inwoners en de vrijwilligersorganisaties. De vestiging van tabaks- en fastfoodaanbieders wordt ontmoedigd of verboden, met name bij scholen. De gezondheid kan echter nog beter beschermd worden door ook reclame op fastfood te verbieden. De PvdD hoort graag wat andere fracties vinden van een verbod op reclame door fastfoodketens. Mevrouw Van Zaalen (CDA) vindt het een mooi plan, maar is kritisch op het realiteitsgehalte van het programma met een budget van € 900.000 per jaar. In het programma wordt gezondheid vooral benaderd vanuit de westerse, lage contextcultuur. Er worden allerlei communicatievormen benoemd maar er wordt niet beschreven hoe de communicatie wordt afgestemd op mensen met lage gezondheidsvaardigheden uit de hoge contextculturen. Het CDA adviseert het college om hiermee rekening te houden. De beloning van het maatschappelijk initiatief vindt het CDA prachtig, maar welke initiatieven komen daarvoor in aanmerking, naast de activiteiten die nu al gehonoreerd worden? Er gaat veel geld naar de fysieke leefomgeving. Dat is prima, maar het CDA ziet nog geen integrale aanpak waarbij de gemeente met alle instanties en met bewoners gezamenlijk iets gaat doen. Het CDA is niet op zoek naar een opsomming van instanties die worden ingezet maar naar informatie over hoe zij tot een gezamenlijk plan komen.

De heer Van Hattem (PVV) vindt dat er veel goede zaken in het programma staan, maar heeft ook nog wel wat wensen en bedenkingen. Ten eerste vindt de PVV het belangrijk dat er voldoende groene ruimte over blijft in de gemeente en dat niet alles wordt volgebouwd. Verder vraagt de PVV in hoeverre inwoners invloed hebben op de voorgestelde activiteiten. Als men in de Gestelse buurt bijvoorbeeld activiteiten wil voor de eigen buurtbewoners en niet met de bewoners van het azc wordt dat dan gehonoreerd? Ook vraagt de PVV wat het betekent dat de gemeente haar beleid richt op inclusiever gezondheidsbeleid en -activiteiten. Kan hiermee het gescheiden zwemmen of sporten om islamitische redenen worden stopgezet? Wordt bij bepaalde activiteiten alleen een zorgverlener met een hoofddoek geaccepteerd? Er wordt in het programma gesproken over kwetsbare groepen die ook aangeduid worden als etnische minderheden. De PVV duldt geen doelgroepenbeleid op basis van etnische groepen. Tot slot vraagt de PVV zich af wat de inwoners, die allemaal meebetalen aan het programma, aan het programma hebben als zij niet in een van de aandachtsbuurten wonen. Reactie college Wethouder Vermin dankt de commissie voor de vele woorden van steun. Hij deelt met de commissie de schande die de gezondheidskloof is.

Het is onbestaanbaar dat mensen twintig jaar eerder gezondheidsklachten hebben en tot acht jaar eerder sterven. Terecht zegt nagenoeg iedereen dat een integrale aanpak nodig is en dat is precies wat de gemeente nastreeft. De gemeente gaat voor alle beleidsmaatregelen onderzoeken wat het effect is op de gezondheid. Hoe dat precies vormgegeven wordt, zal nog onderwerp van gesprek zijn als het programma is aangenomen. Er zal veel meer samengewerkt moeten worden. Er is al een community Samen Gezond 's-Hertogenbosch waar veel kansen liggen. Het vergroten van de bestaanszekerheid is een belangrijk aspect maar de gemeente kan de bestaanszekerheid niet voor iedereen verbeteren. Er moet dus op alle terreinen gekeken worden wat een laag inkomen doet met de gezondheid van mensen. De wethouder verwacht dat de gemeente echt slagen kan maken ondanks het geringe budget. Er worden bijvoorbeeld geen speeltuinen ingericht van het budget, maar de gemeente kan gezondheidsaspecten meenemen bij het ontwerpen van een buurt. Voor de herinrichting van het Beatrixpark kan hij geen realisatiedatum geven omdat aangesloten moet worden bij het uitvoeringsprogramma. Wel denkt hij dat hier verschil gemaakt kan worden door in te zetten op gezondheid. Dat gaat niet om slechts enkele sporttoestellen maar om een geheel andere inrichting van het park.

Door diverse fracties werd gevraagd hoe de gemeente de inwoners gaat bereiken. De gemeente wil mét de inwoners aan de slag. Alle groeperingen worden bij het programma betrokken zodat iedereen de kans krijgt om deel te nemen aan de activiteiten. Dat betekent dat de communicatie goed afgestemd moet worden op de doelgroepen. De wethouder is het eens met de PvdD dat het programma een lange adem kent. Toch wil de gemeente ook op korte termijn effecten laten zien.

4

Mevrouw Visscher (SP) vraagt of met integraliteit ook wordt bedoeld dat de gemeente met woningbouwcorporaties gaat overleggen over het verbeteren van vochtige huizen, of met het rijk over zorgmijding. Wethouder Vermin is dat zeker van plan. Er is al een meldpunt Goed Verhuurderschap en er zijn allerlei regelingen voor mensen die de zorg niet kunnen betalen. Het college gaat graag in overleg met partijen om dit soort zaken te verbeteren. Voor effecten op de lange termijn gaat de gemeente overleggen met de GGD om te bepalen hoe beleidseffecten gemeten kunnen worden zodat duidelijk wordt wat het verschil maakt. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) had gevraagd wat er in de overige wijken níet meer gebeurt om budget vrij te maken voor de aandachtswijken. Wethouder Vermin antwoordt dat er voor het programma nieuw budget is vrijgemaakt. Het gaat dus niet ten koste van andere buurten. Mevrouw J.J.M. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) stelt dat er ook mensen in armoede leven die niet in de schuldsanering zitten en vraagt hoe de gemeente die doelgroep gaat bereiken. Wethouder Vermin antwoordt dat de gemeente de wijken intrekt zodat ook aan deze groep een gezonder alternatief kan worden aangeboden. Mevrouw Van Zaalen (CDA) had gevraagd naar de hoge en lage contextculturen omdat bekend is dat leefstijlverandering niet werkt, als er niet op de juiste context wordt afgestemd.

Wethouder Vermin antwoordt dat het ook hiervoor noodzakelijk is om met de inwoners in de wijken te bespreken wat zij nodig hebben. Mevrouw Van Zaalen (CDA) zou dit graag eens met de wethouder verder bespreken bij een kop koffie. Wethouder Vermin zegt dit toe. De heer Van Hattem (PVV) vraagt naar de cultuursensitiviteit in het beleid en het uitsluiten van bepaalde aspecten. Ook vraagt hij of uitgesloten kan worden dat bewoners activiteiten met bijvoorbeeld azc-bewoners opgedrongen krijgen als zij daar zelf geen behoefte aan hebben. Wethouder Vermin denkt dat cultuursensitiviteit juist gaat om het bereiken van de inwoners. De gemeente wil bewoners geen activiteiten opdringen maar zal deze ook niet gescheiden aanbieden voor de azc-bewoners en de bewoners van de Gestelse buurt. Hij stelt voor dat de heer Van Hattem aansluit bij het kopje koffie drinken. De heer Van Hattem (PVV) vindt het vreemd dat enerzijds wordt toegezegd dat dergelijke activiteiten niet worden opgedrongen en anderzijds wordt aangegeven dat activiteiten niet gescheiden worden aangeboden. Over cultuursensitiviteit vraagt hij of de overheid zich gaat aanpassen aan bepaalde culturele gevoeligheden, want daar zou de PVV grote moeite mee hebben. Wethouder Vermin vindt dat de gemeente geen activiteiten opdringt aan bewoners. Bewoners bepalen zelf of ze deelnemen aan de plannen die de gemeente ontwikkelt.

Cultuursensitiviteit betekent dat men begrip heeft voor en luistert naar mensen zodat ze bereikt worden. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) vraagt naar de integrale aanpak. Er is een duidelijke relatie tussen gezondheid en geldstress. Als de gemeente het beleid integraal wil bekijken, zou ze de bijstandsnorm kunnen verhogen van 120% naar 130%. Op deze manier kan de gemeente enorm veel besparen. De voorzitter geeft de wethouder de gelegenheid om de vraag kort te beantwoorden maar vindt het onderwerp buiten de orde. Wethouder Vermin antwoordt dat de gemeente niet voor niets de beweging maakt van zorg naar preventie. Dat sluit aan bij het IZA en GALA. Wellicht ontstaat daarbij ruimte voor dit soort keuzes

5

maar dat heeft wel budgettaire consequenties. Hij is groot voorstander van het combineren van moties maar hij wil voorkomen dat alle gemeentelijk beleid in één programma terechtkomt. De heer Schuurmans (VVD) vraagt of de ervaringen met communicatie die in de twaalf aandachtsbuurten worden opgedaan ook in andere buurten van Den Bosch worden toegepast. Wordt daar bijvoorbeeld ook de geschreven communicatie eerst getoetst bij inwoners? Wethouder Vermin antwoordt dat er een model voor inwonersparticipatie wordt ontwikkeld op het gebied van gezondheid. Communicatie hoort daarbij. Hij zal ervoor zorgen dat de geleerde lessen vervolgens gedeeld worden. De heer Elders (D66) vraagt of de wethouder kan uitleggen wat het betekent als het voorliggende programma wordt uitgevoerd. Wordt de impact op gezondheid als aparte paragraaf opgenomen in elk raadsvoorstel? Wethouder Vermin legt uit dat nog onderzocht wordt hoe het beleid kan worden ingebed in raadsvoorstellen. Het kan een aparte paragraaf worden, zoals dat ook het geval is voor duurzaamheid. Tweede termijn Mevrouw Doğan (GroenLinks) stelt dat in de hearing over gezondheidsverschillen werd geadviseerd om ervaringsdeskundigen in te zetten. Het is goed dat daar aandacht voor is in het programma. GroenLinks zal kritisch volgen of de juiste doelgroepen bereikt worden.

Daarvoor zal de gemeente nieuwe methodieken moeten testen, maar vooral eigenaarschap moet geven aan mensen uit de doelgroep. Eerder heeft GroenLinks een motie ingediend over ervaringsdeskundigheid voor het Sociaal Domein. Mevrouw Doğan stelt een interne stuurgroep voor waardoor ervaringsdeskundigen een sterke stem krijgen in de bijsturing. GroenLinks is voorstander van ongelijk investeren om gelijke kansen te creëren. Mevrouw Doğan hoopt dat de gemeente zich realiseert dat de ene wijk meer hulpmiddelen nodig heeft dan de andere. Daarin moet de gemeente het verschil gaan maken. De heer Van Hattem (PVV) vraagt hoe GroenLinks een stuurgroep wil inzetten als het budget slechts € 900.000 is. Welk deel van het budget zou er naar die stuurgroep moeten gaan? Kan de gemeente dat geld niet beter rechtstreeks uitgeven aan de mensen die het nodig hebben? Mevrouw Doğan (GroenLinks) antwoordt dat zij niet gevraagd heeft om extra budget voor een stuurgroep. De groep kan bestaan uit vrijwilligers en wijkbewoners die een sterke stem krijgen in het programma. De heer Van Hattem (PVV) vindt een stuurgroep wel iets meer dan een paar vrijwilligers bij het programma betrekken. Bovendien kost de uitvoering van het programma ook al ambtelijke capaciteit. In hoeverre gaat dat ten koste van de uitvoering? Mevrouw Doğan (GroenLinks) antwoordt dat dit niet ten koste van de uitvoering gaat.

Bovendien heeft ze het als wens geuit en gaat het college er verder over hoe dit wordt opgepakt. GroenLinks vindt dat de openbare ruimte moet uitnodigen om een gezond leven te leiden. Daarvoor moet gezondheid op allerlei terreinen terugkomen wat ook een uitgangspunt is in de Omgevingswet. Tot slot is het belangrijk dat het programma langjarig wordt ingezet. De urgentie voor het thema is hoog. GroenLinks hoopt dat de gemeente na 2026 die urgentie blijft zien en blijft investeren in het verkleinen van gezondheidsverschillen. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) vraagt in hoeverre GroenLinks bereid is om moties, zoals die tegen het verstenen van wijken, te koppelen aan dit programma en ervoor te zorgen dat ze uitgevoerd worden. Mevrouw Doğan (GroenLinks) zou eerst de moties moeten zien die De Bossche Groenen in gedachte heeft en zal dit dan afstemmen met haar fractie. De heer Van Hattem (PVV) vindt dat de wethouder nauwelijks is ingegaan op het zorgpunt van de openbare groene ruimte. Met de inbreidingsplannen van het college blijft er steeds minder groene ruimte over om te bewegen. Bovendien richt dit programma zich op een aantal wijken, terwijl op andere plekken ook essentiële voorzieningen onder spanning staan. Hij vraagt nogmaals

6

wat het programma betekent voor de gebieden buiten de aandachtswijken. Ook vraagt hij wat precies de context is van 'inclusieve activiteiten'. Tot slot doet de PVV de oproep om goed te luisteren naar de inwoners van de Gestelse buurt. Als zij aangeven dat zij met hun eigen wijk aan de slag willen en niet met de bewoners van het azc erbij moet de gemeente dat respecteren. Mevrouw Visscher (SP) reageert dat de bewoners van het azc ook bewoners van de Gestelse buurt zijn. Het is toch een beetje vreemd om deze twee groepen tegenover elkaar te zetten. De heer Van Hattem (PVV) reageert dat degenen die opgevangen worden op een locatie van het COA geen inwoners zijn van de Gestelse buurt. Ze hebben geen eigen adres en zijn geen vaste bewoners van de wijk. De vaste bewoners van de wijk moeten een stem hebben in het programma en niet de mensen die tijdelijk in een hotel worden gehuisvest. Mevrouw Visscher (SP) is het daar niet mee eens. De heer Elders (D66) vraagt naar de motie die de SP gaat indienen over problemen met woningen. Hij vraagt wat deze opdracht toevoegt aan het meldpunt Wet goed verhuurderschap. Mevrouw Visscher (SP) antwoordt dat mensen het meldpunt niet goed weten te vinden. De SP wil graag dat er meer zicht komt op vocht-, tocht- en schimmelproblemen in woningen. Mensen moeten weten dat er alternatieven zijn voor het bellen naar de woningbouwvereniging.

Als de gemeente zicht heeft op de problemen kan ze ook beter beslagen ten ijs komen in het overleg met de woningbouwvereniging. De heer Kieft (Leefbaar 's-Hertogenbosch) reageert dat de Nederlandse Woonbond al een oproep heeft gedaan om prestatieafspraken te maken met de woningcorporaties. Het zou goed zijn als de gemeente 's-Hertogenbosch dat ook doet met haar corporaties. Mevrouw Visscher (SP) kent de oproep en heeft die zelf al vaker gedaan. Het blijkt echter dat woningcorporaties de problemen nog steeds bagatelliseren. Tot nu toe kan de gemeente daar weinig aan doen. De SP zou graag zien dat er betere afspraken worden gemaakt met de woningbouwverenigingen. Daarvoor is inzicht nodig. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt een toelichting op de financiering. De € 900.000 komt uit bestaande middelen en gaat dus ten koste van andere projecten of activiteiten. Gewoon ge-DREVEN hoort graag waar de gemeente dan op bezuinigt. De PvdD vroeg een reactie op een verbod op fastfoodketens bij scholen. Direct naast scholen wil gewoon ge-DREVEN geen fastfoodzaken maar verder is het de verantwoordelijkheid van de burger zelf om te bepalen wat hij wel of niet eet. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of gewoon ge-DREVEN weet dat fastfoodreclames onbewust aanzetten tot ongezond eten.

De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) blijft bij de mening dat het aan de burger zelf is of hij fastfood eet of een gezonde maaltijd. Mevrouw Van Diejen (PvdD) bedoelt dat er geen reclame gemaakt zou moeten worden waardoor mensen onbewust verleid worden tot ongezond eten. Dat is iets anders dan mensen verbieden om ongezond te eten. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) erkent dat het twee verschillende dingen zijn maar ze hangen wel met elkaar samen. Gewoon ge-DREVEN wil dit soort dingen niet verbieden. D66 had gevraagd hoe het programma geëvalueerd gaat worden. Daarop zou hij wel een wat concreter antwoord van de wethouder willen. Mevrouw Van Zaalen (CDA) stelt dat in het programma wordt gesproken over het verkleinen van gezondheidsverschillen. In grote steden nemen de verschillen echter toe. Daar moet de gemeente ook rekening mee houden. De verschillen kunnen dus ook gelijk blijven als gevolg van alle inzet.

7

Mentale problemen worden genoemd als een van de oorzaken van gezondheidsverschillen maar krijgen verder erg weinig aandacht. 30% van de jongeren loopt rond met lichte mentale problemen die heel goed ondersteund kunnen worden door online GGZ. Over een rookvrije generatie heeft het CDA onlangs een motie ingediend. Hiervoor is nog veel te doen. Het CDA komt daarom waarschijnlijk met een nieuwe motie om roken en vapen verder terug te dringen. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) stelt dat de fysieke omgeving grote impact heeft op de gezondheid. Uit onderzoek van het RIVM bleek dat een park positieve invloed heeft maar dat het groen maken van de straten nog meer effect heeft. Het CDA heeft onlangs de motie 'Groene straten' ingediend. Ze vraagt wat het CDA ervan vindt om deze motie mee te nemen in het programma. Mevrouw Van Zaalen (CDA) antwoordt dat ze daar positief tegenover staat. Mensen gaan echter pas naar buiten als ze gezond zijn en niet hoeven te werken. Het programma moet dus veel breder zijn. In dat opzicht sluit ze aan bij de SP: er zijn veel aspecten die de gezondheidsverschillen veroorzaken waardoor de gemeente zich niet moet focussen op één aspect. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) wil juist op alle aspecten de moties bij elkaar brengen om een stap verder te komen.

Mevrouw Van Zaalen (CDA) is er nog niet van overtuigd dat het verstandig is om alles in één motie op te nemen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of mevrouw Van Zaalen het met haar eens is dat het juist voor mensen met mentale klachten belangrijk is om in een prettige, groene omgeving te wonen. Mevrouw Van Zaalen (CDA) antwoordt dat het voor alle mensen goed is om naar buiten te gaan. Haar punt was dat in het programma alleen maar verwezen wordt naar psychosociale oplossingen voor mensen met mentale problemen terwijl er ook andere oplossingen zijn. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) vraagt of de PvdA te verleiden is om haar motie… De voorzitter staat niet toe om te onderhandelen over moties, maar alleen om betogen te houden in de verdiepende ronde. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) vraagt opnieuw of de andere fracties er voorstander van zijn om de vele moties die tot nu toe zijn ingediend en die de gezondheid van inwoners verbeteren op te nemen in het programma. De heer Çifçi (PvdA) neemt het voorstel graag mee naar de fractie. De heer Elders (D66) veronderstelt dat de moties waaraan De Bossche Groenen refereert al in uitvoering zijn en vraagt waarom De Bossche Groenen deze opnieuw wil indienen. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) antwoordt dat sommige moties zijn aangenomen, maar nog niet zijn uitgevoerd.

Ze zou het prettig vinden om een aantal moties te bundelen zodat ze via het programma worden uitgevoerd. De heer Elders (D66) stelt dat aan het begin van de commissievergadering altijd wordt gevraagd naar het afdoen van de moties. Daar kan de commissie aankaarten dat er onvoldoende voortgang is. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) doet een algemene oproep om te overwegen of de fracties tevreden zijn over de afhandeling van de moties, of dat er aspecten kunnen worden opgenomen in dit programma. Mevrouw Visscher (SP) vraagt zich af waarom De Bossche Groenen zo graag een paraplumotie wil indienen. Alle fracties zullen bij dit agendapunt moties indienen en die worden al dan niet aangenomen. Het gevaar van een paraplumotie is dat fracties op zoek gaan naar elementen waar ze tegen zijn en dan geheel tegenstemmen.

8

De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) verwijst naar een overzicht van 9 april jl. van alle moties die in uitvoering zijn en vraagt wat De Bossche Groenen daarnaast nog wil. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) is op zoek naar een manier om samen te werken aan de invulling van het programma. Veel ideeën die passen in het programma zijn reeds in moties verwoord. Sommige daarvan zijn al in uitvoering, andere nog niet. Ze zou die moties graag onder dit programma scharen, zodat duidelijker wordt welke doelen de gemeente wil bereiken. Vervolgens is het ook eenvoudiger om te meten of de doelen bereikt zijn. De heer Schuurmans (VVD) vraagt of het voldoende is om te beoordelen welke reeds ingediende moties relevant zijn voor het programma, zonder daar een nieuwe paraplumotie van te maken. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) vindt dat zeker een goed idee. Wethouder Vermin beantwoordt de laatste vragen. Veel van de opmerkingen van GroenLinks worden onderschreven door het college. In het programma wordt expliciet een klankbordgroep genoemd, waarin ruimte is voor ervaringsdeskundigen. Hij denkt niet dat er ook nog een stuur- of werkgroep nodig is. Gevraagd werd naar het effect op Bosschenaren die in de andere wijken wonen. Dat de gemeente zich focust op de genoemde twaalf buurten betekent niet dat er in de rest van de stad niets gebeurt.

De middelen zijn vrijgemaakt bij het bestuursakkoord. De uitgaven hebben dus geen impact op de bestaande budgetten. Dat het inclusief beleid is, betekent dat het bestemd is voor iedereen ongeacht taal, inkomen, opleiding of herkomst. De heer Van Hattem (PVV) had niet gevraagd wat wordt bedoeld met 'inclusief', maar met 'cultuursensitief'. Wethouder Vermin zegt dat hij op 'cultuursensitief' al had gereageerd in eerste termijn. Vervolgens vroeg de PVV naar 'inclusief beleid'. De wethouder benadrukt nogmaals dat hij er geen voorstander van is om alle moties van de afgelopen periode samen te voegen en via dit programma uit te voeren. Zijn collega-wethouders voeren ook een deel van de moties uit. Het CDA merkte terecht op dat het gelijk blijven van gezondheidsverschillen ook een terechte ambitie kan zijn. Toch is de ambitie van het college groter, zij het met een lange horizon. Qua rookvrije generatie vindt de commissie hem volledig aan haar zijde. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of de wethouder ook positief is over een verbod op fastfoodreclames. Wethouder Vermin antwoordt dat hij zich daar iets bij kan voorstellen. Hij weet dat reclames grote impact hebben op het aankoopgedrag van mensen. Als hierop gestuurd kan worden zou hij dat graag doen.

De heer Van Hattem (PVV) vraagt of er vanuit het nu voorgestelde beleid op aankoopgedrag gestuurd gaat worden, of dat de raad over dit soort zaken nog een expliciet besluit moet nemen. Wethouder Vermin antwoordt dat hij graag een uitspraak van de gemeenteraad zou krijgen of het verkennen van een reclameverbod gewenst is. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vraagt of TikTok dan ook de deur uitgaat omdat de telefoonmedia enorm is en jongeren op TikTok heel veel informatie ophalen. Wethouder Vermin antwoordt dat dit buiten de invloedssfeer van de gemeente ligt. Het CDA vroeg aandacht voor mentale problemen. Er komt nog een actieplan voor mentale gezondheid, met name gericht op interventies voor jongeren. De heer Schuurmans (VVD) vraagt wanneer dat actieplan aan de commissie Sociaal wordt aangeboden.

9

Wethouder Vermin weet niet of dit actieplan voor de commissie wordt geagendeerd, omdat het uitvoering betreft. Hij zegt toe om het plan voor het reces ter kennisgeving aan de commissie te sturen. De voorzitter gaat over naar de adviesronde. Alle fracties kunnen instemmen met het voorstel. De SP kondigt een motie aan over de aanpak van ongezonde woningen, de PvdD een motie over een verbod op reclame voor fastfood (PvdD) en het CDA een motie over een rookvrije generatie. De Bossche Groenen overwegen een motie om de verschillende acties die met dit programma samenhangen onder te brengen. De voorzitter concludeert dat het advies aan de raad is om dit als een bespreekstuk (C) te behandelen. 7.

Energie compensatiebijdrage Sportiom De voorzitter licht toe dat het college voorstelt om een jaarlijkse energiecompensatie te verstrekken aan Sportfondsen Den Bosch van maximaal € 630.000. Dit voorstel is toegelicht tijdens Informeren & Ontmoeten van 8 april 2024. De heer Schuurmans (VVD) zegt dat de Bossche VVD niet blij is met het raadsvoorstel, maar het wel als noodzakelijk beschouwt om de maatschappelijke functies die Sportiom vervult mogelijk te blijven maken. In het voorstel is een aantal voorwaarden opgenomen die de financiële risico's voor de gemeente verkleinen. Met deze bijdrage wordt verzekerd dat het tarief voor zwemlessen gelijk blijft, ondanks de kostenstijging. De Bossche VVD roept echter op om samen met Sportfondsen 's-Hertogenbosch BV een vinger aan de pols te houden om het risico van stijgende energieprijzen in de toekomst eerder te signaleren en waar mogelijk te vermijden. Mevrouw Visscher (SP) zegt dat de SP ook niet blij is met het voorstel. Het is een voorbeeld van een constructie waarbij de lusten voor de private exploitant zijn en de lasten voor de overheid. De SP zou graag eens kijken of de gemeente dit op een andere manier kan aanpakken. Voor al het geld dat de gemeente in Sportiom steekt, mag ze ook wel wat meer zeggenschap hebben. De heer Van Hattem (PVV) sluit zich aan bij de SP en de VVD.

In 2018 werd het Sportiom aanbesteed en wilden diverse bedrijven instappen, op voorwaarde dat er subsidie zou worden verstrekt. Uiteindelijk is het Sportfondsen geworden omdat die geen subsidie vroeg. Met dit voorstel wordt er alsnog subsidie verstrekt voor de exploitatie van het Sportiom. De PVV hoort graag hoe dit zich verhoudt tot elkaar, want hiermee lijken de aanbestedingsregels te worden geschonden. Dat Sportfondsen failliet dreigt te gaan wordt als argument gegeven. De PVV vraagt zich af of het doel moet zijn om Sportiom overeind te houden als voorziening of Sportfondsen als bedrijf. De PVV vindt dat het bedrijf niet met publiek geld overeind gehouden moet worden. Verder vraagt de fractie of er opnieuw aanbesteed moet worden en een ander bedrijf alsnog kan instappen als Sportfondsen failliet gaat. Volgens het raadsvoorstel mogen de toegangsprijzen niet te veel stijgen en betaalbaar blijven. De PVV vindt dat de prijzen helemaal niet mogen stijgen. De heer Elders (D66) voelt zich met de rug tegen de muur staan. Iedereen vindt Sportiom belangrijk vanwege zijn maatschappelijke functie. D66 vraagt zich af of er nog meer knoppen zijn om aan te draaien. Verduurzamen en nieuwbouw zijn volgens het college geen optie, maar D66 zou al wel willen kijken naar de rol van Sportiom in de omgeving, omdat daar de komende jaren veel gaat gebeuren.

Bovendien heeft D66 er moeite mee dat de gemeente niet kan opleggen dat de tarieven niet stijgen. De heer Kieft (Leefbaar 's-Hertogenbosch) ziet de compensatiebijdrage als noodzaak. Leefbaar 's-Hertogenbosch vindt het belangrijk dat de tarieven niet verhoogd worden. Gezien de extra kosten die nodig zijn om te verduurzamen vindt Leefbaar 's-Hertogenbosch Sportiom niet langer houdbaar. Er is dus alle reden om snel te gaan zoeken naar alternatieven waaronder nieuwbouw. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) is benieuwd of het college heeft onderzocht in hoeverre de landelijke organisatie Sportfondsen nog vlees op de botten heeft. De heer Çifçi (PvdA) zegt dat de PvdA graag een sportcomplex met verschillende faciliteiten wil behouden, maar zich zorgen maakt om de betaalbaarheid van een entreekaartje.

10

Mevrouw Doğan (GroenLinks) vindt het ook vervelend om te zien dat de gestegen energieprijzen de exploitatie van Sportiom in gevaar brengen. GroenLinks vindt het belangrijk dat Sportiom open- en betaalbaar blijft. Het zwembad heeft namelijk een belangrijke maatschappelijke functie en draagt het bij aan de sociale cohesie en het welzijn van de Bosschenaren. Daarom zal GroenLinks voor het voorstel stemmen. Mevrouw C.H.A. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) sluit zich aan bij de zorgen van de commissie over het voorstel. VOOR Den Bosch is ook bezorgd over de toekomst en vraagt of de compensatie eenmalig is of jaarlijks gaat terugkeren. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) dankt de ambtenaren die veel tijd hebben gestoken in het beantwoorden van de vele technische vragen. Gewoon ge-DREVEN heeft er moeite mee dat de gemeente € 630.000 uittrekt om de energiekosten te compenseren terwijl bij andere voorstellen, bijvoorbeeld over de hondenbelasting, wordt gezegd dat er geen geld beschikbaar is. Het is echter belangrijk dat voor de 800.000 jaarlijkse bezoekers een regeling wordt getroffen. Gewoon ge-DREVEN stelt voor om de verduurzamingsmaatregelen te financieren en te laten terugbetalen door de exploitant. Mevrouw Van Diejen (PvdD) erkent dat de gemeente tijdelijk moet bijdragen aan de energielasten om het zwembad te kunnen openhouden.

De PvdD vindt verder dat de toegangsprijzen niet mogen stijgen. De fractie stelt voor om vervroegd te starten met nieuwbouw waarbij de energieneutraliteit van het zwembad wordt gewaarborgd. Wellicht gaat Sportfondsen als exploitant failliet maar de maatschappelijke functie van het zwembad moet blijven bestaan. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) sluit zich aan bij vorige sprekers. Mevrouw Van Zaalen (CDA) stelt dat Sportiom niet alleen een zwembad is, maar een ontmoetingsplaats waar mensen zich vermaken en tegelijk werken aan hun gezondheid. Het CDA begrijpt het voorstel om de energielasten tijdelijk te compenseren en ziet geen andere oplossing. De fractie vindt dat de zwemlessen niet duurder mogen worden en dat eerdere plannen voor zwemles voor alle kinderen op de basisschool gehandhaafd moeten blijven. Ook mogen de verenigingen niet lijden onder de hogere energielasten. De fractie is wel bezorgd: wat gebeurt er als er opnieuw een externe factor is die de prijzen doet stijgen? De bal kan niet alleen bij de gemeente worden neergelegd. Welke keuze maakt het Sportiom dan? Het CDA ziet graag creatievere en innovatievere keuzes dan bezuinigingen en prijsverhogingen. Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) stelt dat de stad een zwembad nodig heeft en dat de gemeente dus hulp moet bieden.

Rosmalens Belang vraagt hoe geborgd kan worden dat de energiebesparende maatregelen worden uitgevoerd zodat de energierekening omlaaggaat. Reactie college Wethouder Van der Sloot begrijpt dat de commissie niet blij is met het voorstel. Het college ziet zich echter genoodzaakt om bij te dragen aan de energiekosten voor het Sportiom. De gemeente gaat de komende tijd zeker een vinger aan de pols houden. In het voorstel is een maximumbedrag opgenomen. Als er minder nodig is, draagt de gemeente ook minder bij. Door diverse fracties werd benadrukt dat de tarieven niet verhoogd mogen worden. Het zou voor de organisatie gemakkelijker zijn om de tarieven te verhogen, maar de gemeente heeft afgesproken dat dit niet gebeurt, prijscompensatie uitgezonderd. Er zijn vragen gesteld over de aanbesteding. Elke exploitant die was ingestapt, zou te maken gekregen hebben met enorm hoge energiekosten. Ten tijde van de aanbesteding wist niemand dat de energiekosten zo sterk zouden stijgen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of de wethouder niet vindt dat Sportfondsen heeft verzaakt om duurzaamheidsmaatregelen te treffen. Wethouder Van der Sloot vindt dat niet. Er had hooguit enkele maanden eerder geïnvesteerd kunnen worden in duurzaamheidsmaatregelen. Sportfondsen wachten echter het raadsbesluit af om te weten of men verder kan.

11

Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) vraagt of er gekeken is naar het vermogen van de beheermaatschappij van Sportfondsen Nederland. Wethouder Van der Sloot antwoordt dat Sportfondsen 's-Hertogenbosch een zelfstandige vennootschap met diverse zwembaden is. De gemeente heeft wel gezien dat Sportfondsen Nederland bij de start van de exploitatie verantwoordelijkheid heeft genomen maar de gemeente kan niets afdwingen. De wethouder is blij met het enthousiasme van een aantal fracties over nieuwbouw en energiezuinige opties. Het college heeft al de opdracht om scenario's uit te werken voor een nieuw Sportiom. In 2038 is er immers een nieuw sportcomplex nodig. Nu zal versneld gekeken worden naar de mogelijkheden. De heer Elders (D66) vraagt wanneer de commissie de verkenning voor een nieuw zwembad kan verwachten. Wethouder Van der Sloot antwoordt dat dit samenhangt met de planontwikkeling van Oost. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt een reactie op zijn voorstel om de duurzaamheidsmaatregelen te financieren en later te laten terugbetalen door de exploitant. Wethouder Van der Sloot antwoordt dat deze optie is afgewogen, maar dat de energiecompensatie financieel gunstiger is voor de gemeente. De heer Van Hattem (PVV) vraagt in hoeverre de andere exploitanten tijdens de aanbesteding in 2018 hogere energielasten hadden verwerkt in hun aanbieding.

Ook had hij gevraagd wat er gebeurt als Sportfondsen 's-Hertogenbosch failliet gaat. Vindt er dan een nieuwe aanbesteding plaats? Wethouder Van der Sloot antwoordt dat het Sportfondsen Nederland ervoor zorgt dat Sportiom bij een faillissement nog een jaar kan draaien. Daarna moet de gemeente besluiten of de exploitatie opnieuw wordt aanbesteed of dat ze het zwembad zelf gaat exploiteren. Over de aanbesteding van 2018 antwoordt ze dat de aanbiedingen zijn gedaan met de toen geldende energietarieven. Destijds had niemand voorzien dat de prijzen zo enorm zouden stijgen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt voor wie de compensatie van € 630.000 financieel de beste keuze is. Wethouder Van der Sloot antwoordt dat het voor de gemeente de meest gunstige keuze is. Tweede termijn De heer Van Hattem (PVV) vraagt naar het risico op een rechtszaak van partijen die in 2018 de aanbesteding verloren hebben. Verder vraagt de PVV hoe lang een zwembad hoort mee te gaan. Het is immers ook niet duurzaam om een zwembad te slopen en weer een nieuw te bouwen. Mevrouw Van Diejen (PvdD) stelt dat het huidige zwembad in 1998 werd gebouwd. Als er nu goede duurzaamheidsmaatregelen worden uitgevoerd, zou het zwembad tot 2038 moeten kunnen meegaan. Het zou dan wel minimaal energieneutraal moeten worden. Sommige zwembaden zijn zelfs klimaatpositief.

Wethouder Van der Sloot antwoordt dat de gemeente geen rechtszaak verwacht, maar het nooit kan uitsluiten. Als er een nieuw zwembad wordt gebouwd, is het uitgangspunt dat het zo lang mogelijk meegaat. De voorzitter inventariseert de standpunten van de commissie. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vindt het een te belangrijk onderwerp om het als hamerstuk te agenderen. Gewoon ge-DREVEN overweegt een motie over het rechtstreeks financieren van duurzaamheidsmaatregelen. Mevrouw Van Zaalen (CDA) veronderstelt dat bij meerderheid wordt bepaald of het een hamerstuk of bespreekstuk wordt.

12

De voorzitter antwoordt dat het alleen een hamerstuk is als daartoe unaniem wordt besloten. Mevrouw Van Diejen (PvdD) neemt haar standpunt mee terug naar de fractie, maar overweegt een motie over garanties voor een nieuw te bouwen zwembad. De heer Van Hattem (PVV) overweegt een motie. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) wil het voorstel als bespreekstuk agenderen en overweegt een motie. De heer Elders (D66) wacht de schriftelijke reactie af over de toekomstvisie op het Sportiom. De voorzitter concludeert dat het voorstel daarmee dat het voorstel als bespreekstuk (C) in de raad wordt behandeld. 8.

Regionaal Beleidsprogramma Jeugd 2024-2028 Noordoost Brabant De voorzitter licht toe dat het college voorstelt om het Regionaal Beleidsprogramma Jeugd 20242028 vast te stellen. Het voorstel is op 8 april toegelicht in de I&O-bijeenkomst. Mevrouw Van Diejen (PvdD) zegt dat de PvdD zich ernstige zorgen maakt over het beleidsprogramma. Er gaan al zo veel zaken mis in de jeugdzorg. In 2015 is er fors bezuinigd en nu zijn de kinderen opnieuw de dupe. Het lokale programma gaat weer gepaard met een bezuiniging terwijl het juist een investering in de jeugdzorg had moeten zijn. De fractie vraagt met klem om de specialistische jeugdhulp niet af te schalen. Ook is de fractie bang dat jeugdigen tussen wal en schip raken, doordat de jeugdhulp deels lokaal en deels regionaal wordt georganiseerd. De woonplaats van een kind mag niet afhankelijk zijn voor de beschikbare zorg. De PvdD zou graag zien dat de gesloten jeugdzorg niet wordt afgebouwd, maar meteen wordt afgeschaft. De gecontracteerde instellingen voldoen geen van alle aan de normen. Ze verwijst naar een rapport over misstanden op de ZIKOS-afdeling van Pactum in Zetten, een organisatie waarmee de gemeente een contract heeft afgesloten. Mevrouw Van Diejen hoort graag of de wethouder dit rapport kent en welke acties de gemeente gaat ondernemen.

Mevrouw Van der Kallen (Rosmalens Belang) stelt dat de problemen onder de jeugd toenemen, maar dat het zorgpersoneel schrikbarend afneemt. Rosmalens Belang zou graag zien dat het beroep weer aantrekkelijker wordt gemaakt. Ook zou de fractie graag zien dat bij jongeren eerst lichamelijke oorzaken worden onderzocht voordat men in jeugdzorg gaat. Door het beleidsprogramma krijgen huisartsen nog meer werk, terwijl zij al overbelast zijn. Daardoor zullen er in de toekomst gezinnen zijn die geen huisarts meer hebben. Mevrouw J.J.M. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) merkt op dat de lokale gevolgen van de landelijke besluiten over jeugdzorg nog niet bekend zijn. Volgens een ministeriële regeling moet sommige zorg regionaal ingekocht worden. Daarnaast is de VNG nog bezig met een richtinggevend kader voor de toegang tot lokale teams. Er moet natuurlijk wel iets gebeuren, maar om alles bij de huisarts neer te leggen lijkt VOOR Den Bosch niet reëel. De fractie hoort graag hoe de wethouder aankijkt tegen alle onzekerheden die in het voorstel worden genomen. Kan de raad dit voorstel al vaststellen? Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vindt het fijn dat niet alleen aan jeugdzorg in de eigen gemeente wordt gedacht, maar ook over de gemeentegrenzen heen. Bosch Belang is echter zeer bezorgd over de uitvoering en denkt ze niet dat dit de Bossche jeugd gaat helpen.

Huisartsen zijn al overbezet en kunnen geen POH's vinden om taken over te nemen. Nieuwe patiënten worden niet meer aangenomen, waardoor steeds meer gezinnen zonder huisarts zitten. Bosch Belang hoort graag hoe dit plan moet worden uitgevoerd met het huidige personeelstekort. Ook is de fractie benieuwd hoe er wordt gecommuniceerd over de veranderingen. Weet iedereen straks waar men moet aankloppen en welke zorg men kan inzetten? Is het college bereid om de vragen die een aantal partijen hebben gesteld over de sociale kaart mee te nemen in de informatievoorziening? De heer Van Haren (VVD) verwijst naar het boeiende debat over de jeugdzorg in juni 2023. Er was een notitie opgesteld als start voor het nieuwe Regionale Programma Jeugdhulp. Die notitie

13

bevat veel ontwikkelingen die de VVD steunt, maar ook een grote onzekerheid over de landelijke hervormingsplannen. Nu ligt er een nieuw regionaal programma, maar er lijkt nog niets veranderd. Zowel de lokale ambities als de landelijke onzekerheid zijn nog hetzelfde. De gemeente vaart de juiste koers in wat zij kan doen om de jeugdhulp te verbeteren, maar pas na het inperken van de reikwijdte, het veranderen van de toestroom en het afbouwen van de justitiële jeugdzorg met verblijf kunnen de ambities uit het plan gerealiseerd worden. Omdat het wettelijk verplicht is om nu een plan op te stellen zal de VVD het voorstel steunen. De Adviesraad Wmo en Jeugd hebben gevraagd om een goede sociale kaart. Bosch Belang en andere fracties hebben hier al vragen over gesteld. De VVD zou hier graag in tweede termijn verder over spreken. Mevrouw Hoekstra (PvdA) heeft de afgelopen jaren als mentor in het onderwijs een enorme toename gezien van psychische problemen onder jongeren. Inmiddels is er veel bekend over jongeren in jeugdzorg, maar ze hoopt dat aankomende studenten en jongeren veel eerder in het vizier van hulpverleners zijn. Daarom is de PvdA blij met de gemeentelijke inzet op jeugdzorg. Ondanks alle onzekerheden gelooft de PvdA in de kracht van preventie: kinderen eerder helpen, snel en in de eigen omgeving.

Daarnaast zou de fractie veel meer willen doen voor kwetsbare jongeren die op de wachtlijst staan voor jeugdzorg, bijvoorbeeld met online interventies. De heer Van Rosmalen (GroenLinks) zegt dat GroenLinks akkoord gaat met het voorliggende raadsvoorstel, al was het maar omdat het een wettelijke verplichting vanuit de Jeugdwet is. GroenLinks kan zich vinden in de doelen. Sinds de jeugdzorg in 2015 naar de gemeente kwam, is er veel veranderd en heeft de gemeenteraad vaak zijn zorgen geuit over de ontwikkelingen. De omstandigheden waarin dit beleidsprogramma wordt voorgesteld, stemmen weinig hoopvol. GroenLinks wenst de uitvoerders van het programma dan ook veel sterkte, wijsheid en uithoudingsvermogen toe. Mevrouw Van Opdorp (De Bossche Groenen) vraagt hoe het zit met de regionale en lokale wachtlijsten voor jeugdzorg. Mevrouw Van Zaalen (CDA) sluit zich aan bij de betogen van VVD en PvdA. Ze vraagt hoe de gemeente omgaat met de wachtlijsten. Zodra duidelijk is dat iemand jeugdhulp nodig heeft, hoe lang duurt het dan nog voordat het beschikbaar is? En wat gebeurt er in die tussentijd? Mevrouw Muller (D66) complimenteert het college met de wijze waarop 's-Hertogenbosch bezig is met de hervormingen van de jeugdzorg. D66 maakt zich zorgen over de haalbaarheid en toekomstbestendigheid van het regionale beleidsplan jeugdzorg.

De ambities zijn prima, maar er komen forse bezuinigingen aan en er worden personeelstekorten verwacht in de gehele welzijnssector. De vraag is of het beleid straks nog uitvoerbaar is. In hoeverre maakt de wethouder zich zorgen over de aankomende bezuinigingen en over de personeelstekorten? D66 zou graag zien dat het college een worstcasescenario hiervoor uitwerkt. De heer Kieft (Leefbaar 's-Hertogenbosch) onderschrijft het beleidsprogramma. Met name de beweging naar preventie is essentieel. Belangrijk is wel de vraag of er voldoende personeel is om het programma uit te voeren. Een lichtpuntje is de toename van praktijkondersteuners maar de vraag is of het voldoende is. In het voorstel wordt gesproken over een dashboard en een monitor. Het dashboard schijnt niet beschikbaar te komen voor raadsleden en de monitor is nog niet klaar. Leefbaar 's-Hertogenbosch vindt het vreemd dat het orgaan dat het beleid vaststelt niet beschikt over de monitoringsinstrumenten. Hierover zal Leefbaar 's-Hertogenbosch een motie indienen. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) sluit zich geheel aan bij de bijdrage van GroenLinks. De heer Van Hattem (PVV) herkent de zorgen die door veel sprekers zijn geuit. De PVV vindt het wel goed dat er nu een lokaal programma ligt. Eerder is aangegeven dat de raden meer grip moeten krijgen op het jeugdzorgbeleid.

De vervolgvraag is hoe de wethouder de raad gaat betrekken bij de uitvoering, zodat het beleid, indien nodig, bijgestuurd kan worden. Reactie college Wethouder Slikker heeft veel ervaring met jongeren die in jeugdzorg hebben gezeten. Veelgehoorde kritiek was dat het kind niet centraal stond, maar de organisatie van de zorg. Kinderen moesten keer op keer hun verhaal vertellen en zagen steeds weer nieuwe mensen. Het regionale beleidsprogramma wil dat verbeteren: kleinschaliger verblijf, ervaringsdeskundigheid en gezinnen

14

betrekken bij het aanbod, afbouw van grootschalige voorzieningen, bij crises eerder ingrijpen en zorgen dat er daarna meteen een plek is voor het vervolg. Los van het feit dat het wettelijk verplicht is om een plan vast te stellen, is het regionale beleidsplan een goede stap voorwaarts. Het lokale programma is als bijlage toegevoegd. Veel gemeenten hebben geen lokaal programma, maar het lokale team Jeugd van 's-Hertogenbosch heeft heel hard gewerkt aan een goed plan. Hiermee is er eind 2024 op tien scholen een collectief aanbod beschikbaar, wordt het aantal praktijkondersteuners verviervoudigd, komt er wachtlijstinterventie, mogen jongeren een eigen mentor inzetten, komt er laagdrempelige inloop voor jongeren en wordt er een e-health programma aangeboden. De wethouder is zeer trots op het lokale team Jeugd en heeft er vertrouwen in dat het in Den Bosch lukt. Er zijn ook zorgen. Om de grote omslag van regionale zorg naar een lokaal aanbod zijn tijd en geld nodig. Bovendien verandert het speelveld van de jeugdzorg voortdurend. Voor 2025 krijgt de gemeente hier geen helderheid over en na 2026 ontstaat het financiële ravijn. 's-Hertogenbosch staat er beter voor dan veel andere gemeenten en de gemeente loopt flink voor op het opbouwen van het lokale aanbod, doordat de raad hier de afgelopen jaren al € 10 miljoen in geïnvesteerd heeft.

Het college maakt zich zorgen over de personeelstekorten bij specialistische aanbieders. Dat is een extra reden om te focussen op tijdige, vrij toegankelijke, hulp. VOOR Den Bosch pleit voor lokaal waar het kan en regionaal waar het moet. Dat is de richting die de gemeente voorstaat. Dat betreft ook de wachtlijstinterventies en de sociale kaart. De sociale kaart is bijzonder beweeglijk. Mevrouw Van Diejen (PvdD) stelt voor om in te zetten op tweesporenbeleid. Nu wordt meteen de specialistische hulp afgeschaald, maar dat zou zij liever wat langer aanhouden totdat het niet meer nodig is. Wethouder Slikker antwoordt dat de gemeente niet kan bepalen in welk tempo het rijk de jeugdhulp afschaalt. De gemeente kan zich alleen goed erop voorbereiden, door een lokaal programma te ontwikkelen met vrij toegankelijke jeugdzorg en door regionaal kleinschaliger zorg te organiseren. Mevrouw Van Zaalen (CDA) vraagt naar de sociale kaart. Door een sociale kaart te gebruiken en naar andere partijen door te verwijzen, ontstaat nog geen samenwerking tussen de partijen. Ze vraagt hoe de wethouder daartegen aankijkt. Wethouder Slikker antwoordt dat dit in het lokale aanbod terugkomt. Waar men vroeger de zorg in opeenvolgende stappen aanbood, wordt nu meteen gekeken wat een kind of een gezin nodig heeft.

Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of het klopt dat de gemeente niet zelf bepaalt welke regionale zorg er ingekocht mag worden. Wethouder Slikker antwoordt dat het rijk bepaalt welk aanbod onder jeugdhulp gaat vallen. Verwacht wordt dat alleen zware ambulante hulp en specialistisch verblijf eronder gaan vallen. Vervolgens bepaalt de gemeente met welke aanbieders zij een contract afsluit om de rest van de jeugdzorg in te kopen. Het budget dat de gemeente hiervoor krijgt, is aan het rijk. D66 vroeg nog om een worstcasescenario. Dat wil het college niet opstellen. De focus moet liggen op het snel uitbouwen van lokaal aanbod. Daarnaast moet de gemeente zich voorbereiden op de aankomende ontwikkelingen. Den Bosch heeft meer lokale voorzieningen dan andere gemeenten en staat er financieel beter voor. Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt nog een reactie op het rapport over ZIKOS. Wethouder Slikker antwoordt dat de gemeente geen zakendoet met ZIKOS. De problemen in de gesloten jeugdzorg zijn bekend. De commissie heeft terecht gezegd dat ze dit soort jeugdzorg niet wil aanbieden. Toch zullen er altijd kinderen zijn waarvoor zware jeugdzorg nodig is. Dat moet wel op een beter niveau dan nu het geval is.

Mevrouw Van Diejen (PvdD) vraagt of het college vindt dat de gemeente verantwoordelijk is voor de kinderen die ze naar gesloten jeugdzorg stuurt en dus ook deels voor de misstanden die daar gebeuren.

15

Wethouder Slikker antwoordt dat dit al gebeurt. Het Nederlandse systeem voor jeugdzorg levert niet het beste resultaat op voor kinderen. Er wordt hard aan gewerkt om dit systeem te verbeteren. Dat is echter niet in één keer opgelost. Mevrouw Muller (D66) vraagt of de wethouder het niet nodig vindt om vooruit te denken over personeelstekorten en andere knelpunten. Wethouder Slikker vindt dat de gemeente juist wel vooruitkijkt. Er wordt een lokaal zorgaanbod opgebouwd, omdat de wereld er over een paar jaar heel anders uitziet. Het afschalen van grootschalige zorginstellingen is ook bedoeld om de zorg te verbeteren en om het aantrekkelijker te maken om in de jeugdzorg te werken. De gemeente kan echter niet voorspellen wanneer het rijk gaat besluiten over de reikwijdte en hoe dat uitpakt. Mevrouw Muller (D66) vraagt of de wethouder dan geen problemen ziet in de toekomst. Wethouder Slikker antwoordt dat de jeugdzorg sterk verbeterd kan worden als het rijk voldoende geld en tijd beschikbaar stelt voor de hervormingen. Als het rijk besluit om per direct bezuinigingen door te voeren heeft men in heel Nederland grote problemen met de jeugdzorg. De werkelijkheid zal in het midden liggen. Mevrouw Muller (D66) had deze drie scenario's graag willen terugzien in het beleidsplan, zodat men alvast vooruit kan denken over de hervormingen. Wethouder Slikker antwoordt dat dit al gebeurt.

Tweede termijn De heer Van Haren (VVD) zegt dat de VVD zich aansluit bij de zorgen over huisartsen en de personele bezetting in de jeugdzorg. De heer Van Haren wilde nog terugkomen op de informatievoorziening. Er komt veel op mensen af als zij met jeugdhulp te maken hebben. Het lijkt de fractie handig om een compact en actueel overzicht te hebben van de verschillende producten en mogelijkheden. Volgens het beleidsplan komt er zo'n overzicht, maar uit de beantwoording van de technische vragen bleek dat de basisondersteuning daar geen onderdeel van gaat uitmaken. Dat lijkt de VVD een gemiste kans. De twee opgaven voor basisondersteuning en jeugdhulp zou de fractie graag met elkaar verbinden. Mevrouw J.J.M. van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) begrijpt dat de wethouder trots is op het lokale programma. VOOR Den Bosch is dat ook, maar benadrukt dat jongeren die jeugdzorg nodig hebben alle zorg verliezen als ze achttien jaar worden. Vervolgens moeten zij weer een heel traject doorlopen in de volwassen GGZ. VOOR Den Bosch vraagt de wethouder om te kijken of dat traject verbeterd kan worden. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) is gerustgesteld door de toelichting op het lokale programma en blij dat de gemeente inzet op extra POH's. Ze blijft zorgen hebben over de personeelsbezetting, want de POH's worden ook weer ergens uit de zorgsector weggehaald.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14188445/1