CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag Commissie Omgeving 18 maart 2025

Commissie OMGEVING 18 maart 2025, gemeente 's-Hertogenbosch10.396 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Commissie OMGEVING verslag Datum: Locatie: Aanwezig: Voorzitter: Secretaris: Aanwezige leden:

Collegeleden:

18 maart 2025 Raadzaal

F.J. van Haren mr. G.L. Pijnenburg H.B. Bos, J. Broekmeulen, J.J.EL. van Creij, M.C. Dupuis, L.A.J. van Griensven, B.B.R. den Hartog, T.A.J. Heijmans, mw. A. Hernández, W.B.G. Hoeben, ing. J.Th.M. van Hoek, J. Kanters, M.P. Kagie, drs. R.M.J. van den Kerkhof, mw. M.A.J.T. Korvervan Weegberg, mw. W.M. van de Leemput, A.A.J. van der Leest, mw. mr. drs. R. Lipman, mr. S.J.M. Peters, M.G.H. van Rens, B.F.C. Roovers, mw. E. Samshuijzen, A.C. van Silfhout, ir. P.K. Schuurmans, mw. N.R. Verreijt, mw. mr. C.H.A. van den Wildenberg P. Slikker

Afwezig:

J.M.A. van der Els, E.R.F. Esser, J.J.M. Gersjes, drs. P.E. Kagie, ing. J.P. Verhoef BEd

Verslaglegging:

E.J. Wendt, DemiSec

1.

Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering om 19.00 uur en heet de aanwezigen welkom. Hij maakt melding van de afwezigen en meldt dat de heer Verhoef wordt vervangen door de heer Van Creij.

2.

Vaststellen van de agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

3.

Vaststellen van het verslag van de commissie Omgeving van 11 februari 2025 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.

4.

Vaststellen van de lijst van toezeggingen en de lijst van openstaande moties Het college stelt geen moties als afgedaan te beschouwen voor. De heer Van Rens (D66) wijst op de lange lijst met openstaande moties die als toelichting hebben dat in 2024 of Q1 van 2025 informatie wordt verstrekt of actie ondernomen. Aan het college het verzoek om een update te geven. Wethouder Slikker geeft aan dat deze update voor de volgende vergadering gereed is. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) zou van deze lijst weinig tot niets doorgeschoven willen zien naar een volgende collegeperiode. De lijst van bestuurlijke toezeggingen geeft geen aanleiding tot reacties.

5.

Werkplanning De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vraagt naar de discussienotities Mobilliteitsvisie en Parkeervisie. Wethouder Slikker geeft aan dat uitvoering op dit moment de volle aandacht heeft, zodat het resultaat op straat het grootst is. Bij de voorjaarsnota wordt een concrete planning gepresenteerd.

1

De heer Hoeben (De Bossche Groenen) vraagt naar de achtergrond van de verschuivingen in de planning. Wethouder Slikker herhaalt dat in de prioritering momenteel alles op de uitvoering is gericht, ten behoeve van zichtbare resultaten op straat. Bij de voorjaarsnota volgt de exacte planning. De voorzitter geeft aan dat de raadsplanning is bijgewerkt. Hierover wenst niemand te spreken. Raadsvoorstellen 6.

Initiatiefvoorstel Centrale locaties huisvesting short- en midstayarbeidsmigranten Initiatiefnemer, de heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch), vraagt aandacht voor inwoners van diverse straten in Den Bosch die dagelijks worden geconfronteerd met overlast veroorzaakt door met name short- en midstayarbeidsmigranten, die geen perspectief op integratie hebben en wier woonomstandigheden ernstig te wensen overlaten. Geweldsdelicten, agressie en overlast in allerlei vormen zijn het gevolg. Bewoners staan tegenover de huisvesters, partijen die de mazen in de wet kennen en opzoeken en kunnen niet anders dan handhavingsverzoeken indienen bij de al overvraagde politie. De commissie en raad moeten zich niet verschuilen achter eventueel toekomstig beleid uit Den Haag of een papieren beleidsstuk. Inwoners van Den Bosch hebben dagelijks te maken met deze breed onderkende onwenselijke situaties. Het voorstel vraagt betrokken ambtenaren om huisvesters richting centrale huisvesting te bewegen. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) kondigt een motie of amendement aan om molenaarswoningen op te nemen in de beleidsregels. De heer Dupuis (SP) erkent de inhumane toestanden die rond arbeidsmigranten spelen en de druk op de leefbaarheid in de omgeving die als gevolg hiervan ontstaat. Dat het college hier volgens zijn brief niet meer verantwoordelijkheid in durft te nemen, is schrijnend.

Het gemeentelijk economisch groeibeleid leidt tot arbeidsmigratie en verplicht de gemeente daar zorg voor te hebben en niet alleen aan ondernemers in de uitzendbranche over te laten. Het initiatiefvoorstel voor meer regie op deze groep wordt gesteund. De fractie overweegt een amendement of motie. De heer Kanters (Volt) vindt dit voorstel klinken als geldverspilling: een midstayarbeidsmigrant verblijft maximaal drie jaar in Den Bosch. Het huidige beleid geldt nu een jaar. De doelgroep die kwam in 2022 en staat op het punt te vertrekken, de groep uit januari 2024 is er nog maximaal twee jaar. Daarbij is huisvesten geen taak van de gemeente. Als de gemeente zich aan het huidige beleid houdt, faseert het probleem zich vanzelf uit. De juiste stap is al gezet. De heer Van Hoek (50PLUS) stelt dat, omdat de maatschappij niet zonder arbeidsmigranten kan, het voorstel in een behoefte voorziet. In plaats van het over te laten aan de stakeholders dient de gemeente iets te doen aan ongewenste situaties in de stad. Via de centrale huisvesting zouden door een goede prijs-kwaliteitverhouding ongewenste situaties uit de markt worden gedrukt. Dat aspect zou 50PLUS graag toegevoegd zien.

Mevrouw Samshuijzen (PvdD) is geen voorstander van het huidige gemeentelijke beleid, maar wil in plaats van het probleem verplaatsen naar de randen het aanpakken door in gesprek te gaan met vakbonden als belangenbehartigers van de mensen waar het hier om gaat. Het zijn de uitzendbureaus die mensen verplaatsen, wat bijdraagt aan het niet kunnen integreren. Partijen die de huidige ‘sloopeconomie’ in stand houden met goedkope pakketjes en kiloknallers moeten niet opkijken van deze schaduwzijde. Gewezen wordt op een rapport van de Adviesraad Migratie met aanbevelingen om de leefomstandigheden te verbeteren. De heer Den Hartog (PvdA) wijst op werkgevers die de arbeidsmigranten die Nederland hard nodig heeft als verdienmodel of zelfs wegwerpproduct zien. De taak van de gemeente is handhaven op excessen die daar het gevolg van zijn. Voorkomen moet worden dat in woonwijken te grote groepen arbeidsmigranten komen te wonen. De heer Van der Leest (CDA) benadrukt dat centrale huisvesting van short- en midstayarbeidsmigranten geen kerntaak van de gemeente is, maar van werkgevers en uitzendbureaus als 2

initiatiefnemers. Wel heeft de gemeente een controlerende en handhavende taak. Voor zowel omwonenden als arbeidsmigranten dient de goede woonomgeving te worden beschermd. Het CDA wil voorrang geven aan mensen met lokale binding en maatschappelijk relevante beroepen. Goede huisvesting dient ook bij verlies van werk op goed niveau te zijn. Daar waar mogelijk kan een centrale huisvesting worden ingericht. Arbeidsmigranten moeten worden gehuisvest nabij de werkplek en er dienen maximaal vier personen in een woning te wonen. Een gezonde balans in de woonomgeving dient blijvend gemonitord te worden. Het CDA kan niet instemmen met de voorgestelde aanpak. De heer Van Rens (D66) gunt iedereen in Den Bosch een fatsoenlijk dak boven het hoofd, van de arbeidsmigrant die werk doet dat de Nederlander vaak niet wíl doen tot de tijdelijke student. Wat de arbeidsmigranten betreft ligt een belangrijke verantwoordelijkheid bij werkgevers om hen op een fatsoenlijke manier te behandelen, huisvesten en betalen. De gemeentelijke verantwoordelijkheid ligt bij het handhaven op excessen. De fractie steunt het voorstel niet. Mevrouw Korver (GroenLinks) erkent dat in een aantal gevallen sprake is van overlast, maar in de meeste gevallen gaat het goed. De gemeente treedt op als regels niet worden nageleefd. De gemeente doet echt wel iets als overlast wordt veroorzaakt.

Uit gesprekken met omwonenden en met arbeidsmigranten zelf begrijpt de fractie dat beide tevreden zijn met wat de gemeente doet. De gemeentelijke rol beperkt zich wat de fractie betreft tot de handhaving en het meedenken met ondernemers die arbeidsmigranten in dienst willen nemen. De oproep deze rol groter en meer proactief te maken steunt GroenLinks niet. Mevrouw Van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) geeft aan dat problemen voor de arbeidsmigrant vaak ontstaan als die zijn of haar werk kwijtraakt en geen dak meer boven het hoofd heeft. In veel gevallen echter gaat het wel goed. De fractie vraagt zich af of dit plan wel de gewenste uitwerking heeft, of de doelgroep wel echt naar zo’n centrale locatie toegaat, of gestuurd door het uitzendbureau toch weer in zo een pand in de wijk terechtkomt. De fractie is voor het handhaven op excessen en alles verder laten zoals het nu is. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) maakt een onderscheid tussen longstay (gericht op integratie) en het heel andere verhaal over shortstay. Daar ontstaan problemen waar de ogen kennelijk voor worden gesloten. Het voorstel daar iets in te centraliseren, is niet zo gek. De arbeidsmigrant is vermoedelijk zelfs blij om in een grotere goed gefaciliteerde ruimte te zitten om na een jaar of twee terug te keren naar het thuisland.

Het ís primair een verantwoordelijkheid van de werkgevers, maar de gemeente kan daar wel een faciliterende rol in spelen. De heer Van Griensven (PVV) herkent het door het college benoemde risico van een aanzuigende werking van centraal opgevangen arbeidsmigranten. Er wordt een probleem mee verplaatst. Bedrijven moeten worden gestimuleerd om mensen met een WW-uitkering in dienst te nemen in plaats van arbeidsmigranten. Reactie college Wethouder Slikker merkt op dat de arbeidsmigranten vaak de goede buren van de Bosschenaar zijn. Twee derde van de arbeidsmigranten woont hier langjarig. De ingehuurde schilder vloekt misschien in het Pools als zijn kwast van de ladder valt, maar zegt gewoon ‘Houdoe’. De cijfers zijn anders dan wat Leefbaar ’s-Hertogenbosch presenteert: per maand zijn er vier handhavingstrajecten. Dit college heeft via de nota Verkamering nieuwe situaties aangepakt en is via beleidsregels faciliterend richting werkgevers en huisvesters. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vraagt zich af hoeveel ambtelijke capaciteit het kost om alle gemeentelijke loketmeldingen en politiemeldingen te verwerken en te handhaven voordat de gemeente in de probleemstraten het verschil kan maken. Terzijde wordt opgemerkt op dat de Poolse arbeidsmigrant nooit een shortstayarbeidsmigrant is. Dat die ‘houdoe’ zou zeggen, is dus een bewuste misinterpretatie.

Wethouder Slikker geeft aan dat de aanpak die in de initiatiefnota wordt voorgesteld niet zal leiden tot meer rust in bijvoorbeeld de Van Noremborghstraat. De panden die onder het oude overgangsrecht vallen, zoals deze, mogen nadat de door de verhuurder veroorzaakte problemen met behulp van de gemeente zouden zijn aangepakt opnieuw worden gebruikt onder 3

datzelfde overgangsrecht, ook door een nieuwe gebruiker. Als de eigenaar het pand verkoopt, heeft de gemeente geen zicht op wie die nieuwe eigenaar is en wat die met het pand doet. Daar komt bij dat het door de gemeente meezoeken naar een nieuwe locatie voelt als het belonen van slecht gedrag. Net nadat een last onder dwangsom is opgelegd, zou de gemeente een partij helpen om woonruimte te zoeken waar veel andere partijen ook naar zoeken, terwijl het probleem op de oude locatie niet wezenlijk is opgelost. Het college kiest dan ook voor handhaven daar waar misstanden zijn geconstateerd en roept burgers op die misstanden te melden. De heer Dupuis (SP) wijst op het regionaal overleg en de VNG om dit soort problemen breder dan alleen lokaal aan te pakken. Wethouder Slikker wijst op regionale afspraken over huisvesting van arbeidsmigranten, zoals duidelijke regels voor huisvesters en ondernemers die huisvesting willen bieden. Als een gemeente als eenling in de regio als enige proactief handelt, heeft dat een aanzuigende werking. Behalve binnen de regio wordt ook met het rijk indringend gesproken over adequate huisvesting. Landelijk is dit niet goed geregeld, de vraag is wat daar op de Bossche schaal aan kan worden gedaan. Als een economie mede afhankelijk is van tijdelijke arbeid, kan dit niet op de Bossche schaal alleen worden opgelost.

De heer Dupuis (SP) wijst op de kennelijke paradox die de wethouder ziet tussen de last onder dwangsom en het zoeken naar een oplossing. Zoals ook in het strafrecht geldt, is alleen straffen onvoldoende, mensen moeten ook uit de problemen worden geholpen. Polariseren lijkt de SP geen oplossing. Wethouder Slikker merkt op dat gelijktijdig met het opleggen van de last onder dwangsom de huisvesters al zijn geïnformeerd over zowel de regels over verkamering als over het faciliteren van partijen. Wie een geschikte locatie denkt te weten, kan zich melden bij de gemeente die daar proactief over in gesprek gaat. De suggestie van gewoon ge-DREVEN om molenaarswoningen in het aanbod te betrekken, vraagt nader onderzoek. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) ziet de faciliterende/motiverende rol van de gemeente als die van een partij die bruggen slaat en bijvoorbeeld een huisvester aanraadt zich in het Jeroen Bosch College te vestigen. Zonder dat de gemeente zich met de concrete invulling bemoeit, kan het doen van die suggestie al voldoende zijn. Tweede termijn De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) dankt zijn collega’s voor de reacties en het meedenken. De macro-economische uitstapjes (pakketbezorgers, goed huisvaderschap) kwamen hem wat wollig over. Zijn fractie neemt pijnpunten waar en wil waar zij excessen ziet, ingrijpen voordat een situatie tot jarenlange frustratie leidt.

Tussen de eerste melding en het oplossen van een probleem kunnen jaren van problematiek zitten, waar schaarse politiemensen veel tijd aan moeten besteden. Door als gemeente een kleine stap vooruit te zetten en iets meer een rol te pakken, wordt voorkomen dat ongewenste situaties jarenlang in stand blijven. Ten behoeve van de leefbaarheid in de wijk zouden al betrokken ambtenaren via bestaand stakeholdermanagement dat ene vastgoedpand moeten verbinden met de huisbaas. Mevrouw Van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) woont dicht bij de al genoemde probleemlocatie in de Van Noremborghstraat en neemt daar verbetering waar. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) wil dat best geloven, maar kent ook recente meldingen die het tegendeel bewijzen. Hij ziet de discrepantie tussen hoe omwonenden dit beleven en hoe de gemeente dit ziet en wijst op de gewiekstheid van de verhuurders die net tijdens de controle hun boeltje op orde weten te brengen. De heer Van Hoek (50PLUS) onderschrijft dat de gemeente een grotere rol moet pakken. Er zijn ooit vergunningen gegeven aan mensen die een zo groot mogelijk rendement uit de woningmarkt halen. Daar is de gemeente wel degelijk verantwoordelijk voor en die moet zorgen dat ongewenste situaties als die er nu zijn, zullen uitsterven. Dat overgangsrecht kan ook persoonsgebonden gemaakt worden. Er moet íets gebeuren.

4

De heer Dupuis (SP) heeft moeite met het spreken over shortstay of midstay. Het gaat om mensen. De behoefte aan arbeidsmigranten is veroorzaakt door deze maatschappij. De bedrijven die hen inhuren, kunnen daar wel op worden aangesproken, maar de fractie wil dat graag zien tegen een achtergrond waarin het Nederlandse bedrijven al niet lukt om voor Nederlandse werknemers te zorgen en het Nederlandse corporaties al niet lukt om Nederlandse woningzoekenden aan een woning te helpen. Dan kan dit probleem niet alleen op het bord van deze ondernemers worden gelegd. De SP biedt niet een oplossing aan. Mensen moeten niet in getto’s terechtkomen en de gemeente heeft daar een actieve rol in. Het woningprobleem is groter dan die ene groep en die ene ondernemer. De gemeente lijkt geen zicht te hebben op de actuele situatie: de SP krijgt op vragen over het arbeidsmigrantenvraagstuk cijfers uit 2018. Dit terwijl arbeidsmigratie hoog op de agenda staat. Het gaat om mensen die ver weg van hun dierbaren de kwarweitjes opknappen waar de Nederlander geen zin in heeft. Dit vraagt om empathie. De fractie vindt het niet normaal dat twintig mensen in een eengezinswoning als acceptabel wordt gezien.

De door andere fracties gebruikte term ‘maatschappelijk relevante functies’ kan ook breder worden uitgelegd: het distributiecentrum van de Jumbo om de hoek is een wezenlijk onderdeel van de voedselketen in de moderne maatschappij. Van de fracties wordt meer empathie en verantwoordelijkheidsgevoel voor de arbeidsmigranten gevraagd. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) merkt op dat aan de vooravond van bedrijventerrein Heesch West de geschetste problematiek zal toenemen. Als de arbeidsmigrant langer blijft, moet zorg worden geboden. Dit vraagt om een onderzoek leidend tot een plan van aanpak. Misschien moet Den Bosch dan maar eens die voortrekker zijn. Jammer dat aan dit open stuk, dat de basis van een goede discussie had moeten zijn, een brief van het college was gekoppeld. Reactie college Wethouder Slikker herkent een aantal van de suggesties uit de beleidsregels voor het huisvesten van arbeidsmigranten: huisvesting aan randen van bedrijventerreinen mogelijk maken, vergunningverlening bij adequate huisvesting van personeel, kleinschalig wonen in het buitengebied nabij de werkplek. Een aantal dingen is zonder meer wenselijk. maar wat is vastgesteld en de extra stap die wordt gevraagd in het initiatiefvoorstel, dat zijn twee verschillende dingen. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) erkent dat er een beleidsstuk ligt waar de fractie zich in grote lijnen in kan vinden.

Het initiatiefvoorstel houdt echter rekening met de weerbarstigheid tussen een beleidsstuk en de realiteit van alledag. De heer Dupuis (D66) neemt het voorstel mee terug naar de fractie om de inbreng van deze avond af te wegen tegen de gewenste snelle aanpak. De voorzitter stelt dit stuk met de motie van gewoon ge-DREVEN en de mogelijke inbreng van D66 in eerste instantie voor als licht bespreekstuk, maar gaat met initiatiefnemer Leefbaar ’sHertogenbosch mee om er een debatstuk van te maken. 7.

Ontwikkelkader Bloemenkampkwartier De heer Van Silfhout (Volt) sluit zich aan bij een inwoner, die de plannen voor het Bloemenkampkwartier als een grote verbetering ziet, maar wel zorgen uit. Er is waardering geuit voor het betrekken van de bewoners bij de planvorming. Een deel van de inspraak is meegenomen, getuige een zonnestudie, oplossingen voor de parkeerproblemen rond de Zuid-Willemsvaart en enkele andere zaken. Daarnaast is dit een van de weinige projecten met een plus op de sociale huur. De wachtlijst voor sociale huur is inmiddels tien jaar. Meer sociale huur is ook buiten het centrum nodig. Het principe eerst bouwen, dan slopen, verdient de goedkeuring, maar zorgpunt is dat eenzelfde soort woningen wordt teruggebouwd. In het gebied worden veel een- en tweepersoonsappartementen gebouwd, terwijl er nu veel gezinnen wonen. De heer Roovers (SP) ziet liefst vaker gebieden waar 60 tot 80% sociaal wordt gebouwd. De vraag is waarom dat elders niet kan, terwijl de gemeente of corporatie er al grondeigenaar zijn. Omdat woningen worden gesloopt, zijn de cijfers bruto. In het naastgelegen Gasthuiskwartier is totaal geen sociale huurwoning te vinden. Bloemenkamp moet dus voor het hele gebied in de sociale huurbehoefte voorzien. Het is opmerkelijk dat het college van de netto toegevoegde 226 woningen er maar 48 sociaal bouwt. Dat is 21%.

De middenhuur is al voorzien in het Gasthuiskwartier. 5

Mevrouw Lipman (CDA) merkt op dat in het Ontwikkelkader de historie niet uit het oog wordt verloren. In de plinten van gebouwen worden ontmoetingsfuncties en andere levendige functies (buurtkamer) toegepast om de sociale cohesie te verbeteren. Het is jammer dat een buurtkamer wordt gerealiseerd in plaats van een studentensociëteit in het Stadsarchief. Een buurtkamer staat weliswaar open voor iedereen, de gewenste studentensociëteit lijkt nu nog verder weg. Garanties dat het Grand Café kan dienen als studentensociëteit zijn er niet. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) merkt op dat de Zusterflat is bedacht als onderdeel van het naastgelegen Gasthuiskwartier om de sociale component voor het hele gebied goed te maken. Zonder schaamte wordt dit nu meegeteld als het toevoegen van veel sociale woningbouw. In de echte cijfers moet worden verdisconteerd dat Mooiland sociale huur gaat upgraden naar middenhuur. Duidelijk moet zijn wat er verdwijnt ten opzichte van wat eerder is afgesproken. De heer Schuurmans (VVD) is blij met de nieuwbouw maar beoordeelt wonen naast kwantitatief ook kwalitatief. In de schaarse ruimte is de keuze de hoogte in te gaan begrijpelijk. Hopelijk past dit bij het stadsbeeld. Begrip heeft de fractie voor de compensatie voor het Gasthuiskwartier.

Volgens het stuk zou een bescheiden aandeel koopwoningen bijdragen aan versterking van de woonmix en het plan haalbaar(der) maken. Gevraagd wordt naar de positie van de koop in het plan. De financiële onderbouwing ontbreekt. De raad zoekt waarborgen voor de financiële kaders die hiermee worden gesteld. Parkeren is een zorgpunt bij een verdubbeling van het aantal woningen. Vooruitlopend op de tweede termijn is de vraag of de wethouder in gesprek kan met ondernemers en exploitanten van het winkelgebied rondom de Arena. De heer Peters (PvdA) refereert aan onderzoek van het Brabants Dagblad dat Den Bosch in vergelijking met vergelijkbare gemeenten relatief de meeste sociale huurwoningen bouwt. De fractie is blij dat van de 465 woningen een heel groot deel sociale huur is. Hiermee wordt een tegenwicht geboden aan de vele onbetaalbare woningen in het Gasthuiskwartier. Een deel van de woningen in Bloemenkamp zal voor jongeren en studenten worden bestemd. Zij zijn essentieel voor de levendigheid die Den Bosch nastreeft. Enthousiast wordt de fractie over de stappen om Bloemenkamp een leefbaarder gedeelte van Den Bosch te maken met duurzame, energiezuinige woningen, verbeterde openbare ruimte en een vergroende omgeving. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) deelt de zorg van de VVD over de bereikbaarheid en het parkeren.

In sociale woningbouw zullen veel mensen met de handen werken en 's morgens vroeg de deur uit gaan. Met 475 huizen en relatief weinig parkeerplaatsen voorziet de fractie problemen. Los van dit aandachtspunt op lange termijn ogen de sfeerbeelden netjes. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) uit als doorgaans kritische partij haar waardering voor een duurzaam en groen plan. Gevraagd wordt wel of de bewoners kunnen meedoen aan de vergroening en of er ruimte is voor sociale ontmoeting. Er wordt betaalbaar en duurzaam gebouwd. Dat compenseert de redelijk onbetaalbare bouw in het Gasthuiskwartier. Het is goed dat de gemeente en corporaties samen deelmobiliteit faciliteren en stimuleren, zij het dat nog niet duidelijk is hoe. De ambitie wordt wel aangemoedigd. De heer Van den Kerkhof (D66) is enthousiast over het opplussen van de betaalbare huur in deze inbreidingslocatie. De noordelijke historische binnenstad wordt hiermee in balans gebracht. De heer Bos (GroenLinks) ziet Den Bosch een grote vergroeningslag maken, een flink aandeel sociale woningbouw toevoegen en een groene omgeving creëren. De huidige inrichting van het gebied kent veel verstening, een groot parkeerdek en weinig bomen. Het ontwikkelkader leidt tot een groene omgeving in plaats van stilstaande auto’s. In zienswijzen worden zorgen geuit over de keuze voor verdere inbreiding.

Hoewel GroenLinks achter deze inbreiding staat, wil zij de zorgen niet opzij schuiven. De reactie op de zienswijzen had meer empathisch gekund. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) is blij dat er naast wonen rekening is gehouden met diverse voorzieningen. Wel wordt aandacht gevraagd voor de bereikbaarheid van diensten voor ouderen.

6

De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) heeft moeite met de jubelstemming over dit plan. Dit gaat over vijf diffuse fasen in een periode van tien jaar. Hij kan de Bosschenaar niet uitleggen wanneer daar echt gewoond gaat worden. Blijkbaar is het met dit papieren stuk voor de meeste fracties al geregeld. Hij noemt dit gênant. De heer Van Griensven (PVV) vindt positief dat er twee keer zoveel woningen worden gebouwd als er worden gesloopt, waaronder veel sociale huur. Hopelijk sluit net als bij het Gasthuiskwartier de bouw aan bij het historisch karakter. Te veel wordt gedramd op het verdringen van auto’s. Die keuze zou bij de bewoners moeten liggen. Het is wensdenken dat mensen geen parkeerruimte nodig hebben. Het waterbedeffect zal toenemen. Waarom nog voor zonnepanelen wordt gekozen, terwijl die de gebruikers niets meer opleveren, is de fractie niet duidelijk. De fractie is benieuwd of sociale huur hier rendabel is te maken. Reactie college Wethouder Slikker geeft aan dat de participatie doorlopend plaatsvindt met alle belanghebbenden. Niet alle te slopen woningen worden in dezelfde omvang teruggebouwd. De woonvraag is veranderd: 80% van de woningzoekenden wil alleen of met zijn tweeën wonen. Mensen die in het gebied willen verhuizen, zullen dus kleiner gaan wonen. Mensen die groter willen, krijgen met sloopurgentie voorrang in de hele stad.

De eerste gesprekken worden gevoerd. De heer Van Silfhout (Volt) haalt uit het stuk dat iedereen die dat wil daar kan blijven wonen. Dat is dus niet zo. Dat gaat impact op buurtbewoners hebben. Wethouder Slikker meldt dat de eerste bewoners weten dat ze in 2028 terechtkunnen in de eerste nieuwbouw. De schetsen kunnen ze al zien. Ouderen keren er graag terug, soms met hun huidige buren, anderen willen met sloopurgentie elders bij vrienden of familie in de buurt terechtkomen. De wethouder erkent dat sloop-nieuwbouw een ingrijpend proces is. De heer Roovers (SP) vraagt wat verhuizen naar kleinere woningen met de huurlasten van mensen doet. Wethouder Slikker merkt op dat ondanks meer huur de totale woonlasten omlaag gaan, vanwege de energierekening. Uitgangspunt is dat de woonlasten niet stijgen. De heer Roovers (SP) merkt op dat huurders nooit lagere huren krijgen omdat de vaste lasten stijgen. Corporaties zeggen dan dat geld nodig te hebben voor investeringen in de woning, zonder dat daadwerkelijk altijd te doen. Als het goed gaat, is het voor de corporaties, als het slecht gaat voor de huurder. Wethouder Slikker bestrijdt dit: in de afgelopen twee jaar is een forse huurverlaging voor iedereen onder het minimum doorgevoerd.

Alle E-, F- en G-woningen hebben huurbevriezing gehad en de corporaties schrijven geen dikke zwarte cijfers, maar investeren in betaalbare huren, verduurzaming, nieuwbouw en renovatie. Zij zijn daarmee de bondgenoten van de gemeente. De heer Roovers (SP) geeft aan dat dit verhaal maar ten dele geldt. De SP spreekt veel Bosschenaren in huurwoningen van een slechte kwaliteit. Huurverlaging is dan nooit aan de orde. Hopelijk is voor Bloemenkamp nog een gesprek over huurstijging met de wethouder mogelijk voor de raadsvergadering. Wethouder Slikker benadrukt het uitgangspunt dat woonlasten niet stijgen. Als de huur niet mag stijgen terwijl woonlasten gelijk blijven of lager worden, zal er weinig worden gebouwd. De wethouder hecht aan balans tussen woonlasten, de kwaliteit van woningen, verduurzaming, betaalbaarheid en productie. De mix voor heel Den Bosch is die van 30% sociaal, 30% middelduur, 10% betaalbare koop en 30% duur. Dat hier meer sociaal wordt gebouwd, is inderdaad ter compensatie voor het eerste deel van het Gasthuiskwartier. In het stuk exclusief de Zusterflat komen 325 woningen, waar er 159 stonden. Meer dure bouw zou hier betekenen dat de corporaties eruit stappen. Mooiland heeft dit vijf jaar geleden opgepakt om te verduurzamen.

Het bedrag dat zij nu voor nieuwbouw moeten betalen, halen zij terug als minimaal 1,8 keer de bestaande bouw terugkeert, mits het gedeelte duur beperkt is. Rijkssubsidie is het laatste onderdeel van de financiering. 7

De heer Hoeben (De Bossche Groenen) vraagt om een eindbalans van de Bloemenkamp met de Zusterflat erbij en wat Den Bosch daadwerkelijk krijgt. Wethouder Slikker geeft aan dat het huidige plan die cijfers al bevat. Hij kan dit op basis van een technische vraag (laten) uitrekenen. In de participatie gaven de bewoners aan geen grootschalige horeca en daarmee een studentensociëteit te wensen, mede omdat bij Campus 300 op de Onderwijsboulevard aan plannen wordt gewerkt. Op het Grand Café wil juist de studentenvereniging intekenen om die te gaan exploiteren. Mevrouw Lipman (CDA) begrijpt dat dit een soort huiskamer met de openingstijden van Avans is. Dan lijkt het meer op een buurtkamer dan een sociëteit. Wethouder Slikker geeft aan dat het om een beperkte horecavoorziening tot 22.00 of 23.00 uur gaat. Voor de gewenste nachtvoorziening kan men tegenover het Stadskantoor terecht. De bereikbaarheid in het plangebied blijft op orde. De Tolbruggarage wordt autoluwer. De inritten voor de Arenagarage gaan naar de Zuid-Willemsvaart, waar ook het overdekte parkeervlak bereikbaar is. De auto verdwijnt zo uit het beeld, maar blijft wel. De heer Schuurmans (VVD) merkt op dat met een flink aantal woningen erbij het aantal parkeerplaatsen van 356 naar ongeveer 372 gaat. Dat is zeker geen verdubbeling.

Wethouder Slikker geeft aan dat de parkeernorm reductiefactoren kent zoals de nabijheid van het station en aparte normen voor sociale, midden- en dure huur. Het parkeren in het gebied wordt overdekt, het particuliere parkeren wordt teruggedrongen. De parkeernorm wordt gehaald. De openbare parkeerplaatsen die vervallen in het binnengebied worden gecompenseerd in de omgeving. Als de raad bij een parkeervisie een andere keuze maakt, wordt die geïncorporeerd. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt of dit plan na de discussie over de parkeernorm mogelijk weer overhoop wordt gehaald. Wethouder Slikker benadrukt dat hij sprak over de plannen in het openbaar gebied, niet over de kelder, waar een eenmaal gestart proces niet zomaar wordt gewijzigd. Los van de fysieke ruimte zijn parkeerplaatsen momenteel zo’n beetje het duurste onderdeel van een betaalbare woning. Dat zou het plan dus snel onhaalbaar maken. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vraagt of de huidige parkeernorm blijft gelden ondanks de uitwerktijd van het plan die zo’n tien jaar bedraagt. Wethouder Slikker reageert op deze als-danvraag dat een eventuele wens om bij elke sociale huurwoning drie parkeerplaatsen te projecteren dit plan onhaalbaar maakt. Ondanks voortschrijdend inzicht kan aan het plan op enig moment niet meer alles worden opgerekt.

Mevrouw Samshuijzen (PvdD) merkt op dat het naar beneden bijstellen van de parkeernorm het plan goedkoper zou maken. Gevraagd wordt of als over vijf jaar een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) wordt ingediend, het actuele parkeerbeleid wordt toegepast. Wethouder Slikker benadrukt dat dit plan is gemaakt op basis van de mix en de parkeernota waarmee het college op pad is gestuurd. De participatie met de bewoners blijft doorgaan. In het Ontwikkelkader komen de fasen inclusief de beoogde jaartallen voor, zoals door Leefbaar ’sHertogenbosch technisch uitgevraagd. De Zusterflat wordt nog dit jaar gesloopt. De start van de herbouw is voor 2026 gepland, realisatie in 2028. Dan begint fase 2, de doorsteek van de parkeergarage. In 2030 start de volgende fase die doorloopt tot 2035. Met stikstof en netcongestie als variabelen wordt elke twee jaar een nieuw blok opgepakt en gaat de realisatie tot 2035 gestaag door met de eerste sleutels in 2028. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) komt het jaartal 2028 nul keer in dit stuk tegen, ook niet in het Ontwikkelkader. Hij vraagt of hij de wethouder hierop kan afrekenen.

8

Wethouder Slikker bevestigt dat. De technische vragen van Leefbaar ’s-Hertogenbosch zijn keurig beantwoord. Hij snapt de narrigheid niet. Hoewel de ideale wereld van de tekentafel nooit die van de buitenwereld is, bouwt Den Bosch gestaag voort. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) geeft aan geen technische vragen gesteld te hebben. Geen enkel jaartal opschrijven is een wel heel vrije vorm van carte blanche. Wethouder Slikker geeft aan dat over sloop en nieuwbouw van de Zusterflat meermalen is geïnformeerd. Opgemerkt wordt dat de heer Kagie senior deze vragen heeft gesteld. De heer Van Silfhout (Volt) valt de wethouder bij en verwijt Leefbaar ’s-Hertogenbosch een kortzichtige focus op jaartallen. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) geeft aan dat in papier niet kan worden gewoond en dat Volt kennelijk blij is met een stuk waarin geen enkel jaartal staat. Tweede termijn Mevrouw Lipman (CDA) merkt op dat in Bloemenkampkwartier woningen voor studenten worden gebouwd. Daarom is de locatie zo passend voor een sociëteit. De vraag is of de buurtkamer wordt uitgebaat door een studentenvereniging of studievereniging. Gevraagd wordt welke plek in de gemeente geschikt zou zijn als deze buurtkamer geen doorgang vindt.

Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vraagt of het bouwen met baksteen, net als bij agendapunt 8, plaats kan maken voor kurk om de CO2-uitstoot te verminderen of als men toch steen wil gebruiken te kiezen voor steenstrips. Mevrouw Lipman (CDA) vraagt naar de kosten daarvan. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) merkt op dat de bouwkosten nog op geen enkele manier zijn uitgewerkt. Juist omdat de tekenfase nog niet is aangebroken, kan er rekening mee worden gehouden, tegelijkertijd de look and feel borgen en aansluiten bij het duurzame kader. Materiaalgebonden CO2-uitstoot zou leidend moeten zijn in de afwegingen. Bij het voorgenomen inrichten van de Pastoor de Kroonstraat als autoluw en bij voorkeur autovrij parkje is de vraag wat de afweging wordt. In een parkje komen wat de fractie betreft geen auto’s. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) wijst op de grote discrepantie tussen het grote aantal jaren dat al wordt gewoond op het GZG-terrein en het uitzicht op realisatie van het nieuwe terrein. Ongeveer tien jaar en vijf fasen vindt deze fractie wat mager. De fractie zal via een amendement komen om hier jaartallen achter te zetten. De heer Van Silfhout (Volt) blijft uitgaan van eerst bouwen en dan slopen. Meer projecten met meer sociale huur zijn een uitdaging voor de toekomst. Alle plannen beginnen op papier. Het opschrijven van plannen afdoen als slecht bestuur is echt een zwaktebod.

Het frame in stand houden dat gemeente, college en raad daar niet keihard aan werken, is feitenvrij debatteren. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) vraagt bevestiging dat het stuk geen jaartallen bevat. Hij wijst erop dat niet is te zien welke fase in welk jaar wordt opgeleverd. De heer Van Silfhout (Volt) wijst er op dat de heer Kagie in elk debat als enige vraag stelt dat alles eerder moet. Niet alles kan eerder. Deze stad bouwt zo snel mogelijk, zoals de landelijke cijfers uitwijzen. Al staan hier geen jaartallen in, op dit vlak schiet de gemeente echt niet tekort. Volt is nog niet bezig met de tijdlijn, maar met de realistische ambitie uit het stuk. Afgezet tegen andere bouwprojecten mag of deze schop volgend jaar de grond in of een andere. Bouwen voor studenten is hard nodig. De fractie is er kritisch op dat de studentensociëteit hier niet wordt gebouwd. De Onderwijsboulevard, waar dat nu gaat gebeuren, is geen onderdeel van de binnenstad. Studenten zoeken die reuring. Een gemiste kans. De fractie hoopt op een gesprek dat uitwijst of de plannen op de Onderwijsboulevard aansluiten bij wat de raad beoogt met een studentensociëteit. De Kaderrichtlijn Water wordt mogelijk het ‘nieuwe Stikstofdossier’. Het waterschap heeft de gevolgen van het niet voldoen aan de normen nog niet berekend. Dit stuk geeft slechts aan dat het niet slechter wordt.

Niet uit te sluiten valt dat als de bouw start de 9

waterkwaliteit juist beter moet zijn dan nu. Daar wordt niet op voorgesorteerd. Hopelijk volgt de dialoog met de waterschappen. Geluidwerende gevels en slapen met open raam worden beide genoemd. Een lastige combinatie volgens Volt, waarop een reflectie van de wethouder wordt gevraagd. Parkeerplekken toevoegen boven maaiveld in 2035 is nu al niet meer van deze tijd, over tien jaar zeker niet. Compensatie van parkeerplaatsen hoort onder het maaiveld. Ook bij niet-grondgebonden woningen heeft men recht op schone grond. Graag hoort Volt waarom dat aspect niet wordt meegenomen. De heer Schuurmans (VVD) verwoordt zorgen over het verdwijnen van bergingen en kleinere woningen, maar de fractie ziet ook een kans voor collectieve voorzieningen. Kleinschalige werkplekken staan genoemd als mogelijkheid voor de plint, maar verankerd is dit niet. Over bergingen is vermeld dat die ‘zouden kunnen’. Bij vragen over de financiële onderbouwing en het recht op schone grond (en de kosten van reiniging) sluit de VVD zich aan. De duurzaamheidparagraaf is ambitieus. In de Pastoor de Kroonstraat verdwijnen al parkeerplaatsen voor de aanleg van een park. Vooruitlopend op de parkeervisie worden hier al stappen in gezet. Een aantal van die parkeerplaatsen is ‘gecompenseerd’ in een garage die alleen voor bewoners is.

De fractie vraagt zich af hoe over de bouwoverlast in een periode van tien jaar is nagedacht. Ook is de VVD benieuwd naar een transitieplan dat bewoners, bezoekers en lokale bedrijven hier niet door worden belemmerd. Naast een impuls aan het gebied biedt dit een kans de bedrijvigheid een impuls te geven. Gevraagd wordt of gesprekken hierover worden opgestart. Reactie college Wethouder Slikker merkt op dat de vraag of de plannen zijn wat was beoogd met Campus 300 vooral door de studenten moet worden beantwoord als zij er een exploitatievergunning krijgen. Als dat níet gebeurt, blijft de zoekopdracht naar een alternatief staan. Feit is dat de huidige bewoners er niet op zitten te wachten en de onderwijsinstellingen haar niet op deze plek willen realiseren. Als de raad het wel wil, is de wethouder benieuwd hoe dat aan de bewoners wordt verteld en vraagt hij of de gemeente de sociëteit zelf zou moeten exploiteren. Zo lang dat niet zo is en Campus 300 niet wordt gerealiseerd, blijft de zoekopdracht staan. Mevrouw Lipman (CDA) was benieuwd om welke studentenvereniging het gaat, omdat voor zover zij weet de studentenvereniging er niet op zit te wachten. Wethouder Slikker pleegt ruggespraak met Avans om dit te verifiëren. Mevrouw Lipman (CDA) wijst op de Bossche Stadsdelta, als locatie dicht bij het centrum die nog in ontwikkeling is als optie.

Wethouder Slikker zegt dat als Campus 300 spaak loopt in het centrum of in de buurt daarvan naar alternatieven wordt gezocht. De heer Van Silfhout (Volt) merkt op dat geen enkele buur zit te wachten op een studentenvereniging. Als dat de zoekopdracht vernauwt, kan het sowieso niet in de binnenstad. Wethouder Slikker ziet een verschil tussen een buurtontwikkeling waar wonen centraal staat, zoals Bloemenkamp, en meer dynamische gebiedsecosystemen waar ook horeca is en een studentensociëteit past. De heer Van Silfhout (Volt) weet uit ervaring dat zelfs in een drukke binnenstad mensen niet op een studentensociëteit zitten te wachten. Hopelijk wordt dat kader bijgesteld. Daarnaast is de Tramkade inderdaad geschikt omdat het bruisende aspect daar al in het ontwikkelkader zit. Wethouder Slikker merkt op dat niet het college, maar de onderwijsinstellingen studentenfaciliteiten bouwen. Op Campus 300 wordt samen met een studentenvereniging naar een oplossing gezocht. Pas als bekend is wat daar is beoogd, kan de raad dit toetsen. Circulair bouwen is het uitgangspunt, inclusief hergebruik van materialen. De uitstraling moet passen bij de Bossche binnenstad. Er bestaat geen veto tegen steenstrips, wel moet de uitstraling passen bij hoe het er daar al honderden jaren uitziet. Het parkje in de Pastoor de Kroonstraat is autovrij.

Het autoluwe stuk is het binnengebied van het Bloemenkampkwartier. De tekst wordt nagekeken op onduidelijkheid hierover. 10

Negatieve effecten op het water worden hier niet verwacht door de toepassing van woningbouw. Dat de Kaderrichtlijn Water om verbetering van de waterkwaliteit gaat vragen, is een terechte verwachting en is nodig. Deze maatregelen staan los van deze ontwikkeling. Wat de geluidwerende gevels betreft, geldt dat het geluid in dit gebied minder zal worden. De hoeveelheid verkeer van de Arenagarage verdwijnt naar de Zuid-Willemsvaart. Het verkeerslawaai neemt af. Wie het raam openzet, hoort wel de binnenstad. De heer Van Silfhout (Volt) vindt het in het stuk benoemde slapen met open raam hier niet bij passen. Wethouder Slikker heeft zelf andere ervaringen in de binnenstad. Omdat men voor de bouw niet de grond in gaat, is er geen noodzaak tot grondsanering om te voorkomen dat de gezondheid in gevaar komt. Met een verkleuring van grijs naar groen en van onveilig naar veilig wordt dit een veel gezonder gebied. In de plinten passen kleinschalige werkplekken en de wethouder benoemt het als een van de mogelijkheden. Het middengebied van het Gasthuiskwartier kent een zeer beperkt woningbouwprogramma en een enorm programma gericht op (flexibele) werkplekken. De behoefte van het gebied moet kunnen ademen. Tot 2035 zal intensief gebouwd en ontwikkeld worden. Bouwers worden wel steeds beter in ‘chirurgisch ontwikkelen’.

Het Theater Aan de Parade en de Prins Bernhardstraat zijn met weinig overlast gepaard gegaan. Wel is er gezien de locatie aandacht nodig. Daar is ook de fasering voor bedoeld. De heer Schuurmans (VVD) vraagt naar waarborgen voor de vormen van communicatie over wat er de komende tien jaar gaat gebeuren. Wethouder Slikker verwijst naar de klankbordgroep waarin alle stakeholders zitting hebben. Met hen is ook de fasering besproken. Bij het afvoeren van materiaal van de binnenkort te slopen Zusterflat zal de binnenstad zoveel mogelijk worden ontzien en wordt rekening gehouden met de nachtrust van bewoners. De voorzitter noteert een motie van de PvdD en een amendement van Leefbaar ‘s-Hertogenbosch. De heer Roovers (SP) geeft aan dat zijn partij de hoogte van de huren wil bespreken, maar vraagt zich af of dit plan het goede aanknopingspunt is of een discussienotitie meer geschikt is. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) overweegt bijdragen over parkeren en de toegankelijkheid van vrachtverkeer in de zero-emissie binnenstad. De heer Van Silfhout (Volt) denkt met andere fracties na hoe de discussie over de studentensociëteit gestalte kan krijgen. De voorzitter geeft aan dat dit voorstel als licht bespreekstuk naar de raadsvergadering zal worden doorgeleid. 8.

Ruimtelijk en functioneel kader De Donken Mevrouw Verreijt (Rosmalens Belang) is positief over de nieuwe bestemming voor dit braakliggende terrein, dat wordt getransformeerd tot een omgeving waar mensen elkaar kunnen ontmoeten. Het binnenmeer de Ploossche Plas is waardevol voor de inwoners, dus ook voor de paar honderd extra nieuwe aanwonenden. Over de mogelijkheden en toegankelijkheid van het park moet goed worden nagedacht. Ook bij hevige regenval of in het donker of voor wie minder goed ter been is moet het park goed bereikbaar zijn. De Bossche mix zorgt ervoor dat veel woningzoekenden een voor hen betaalbare woning vinden. De koopsector blijft wat achter bij de (sociale) huur. Daar valt ook nog winst te behalen door de private sector meer te betrekken ten behoeve van de zo belangrijke doorstroming. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) is ook over dit ontwikkelkader te spreken. Ook hier echter enkele voorstellen om het nog wat groener en duurzamer te maken. Ook hier wordt op basis van de beeldkwaliteit voor baksteen gekozen, maar wordt creatief nadenken over materiaalgebruik passend geacht. In het ontwikkelkader ziet de fractie graag expliciet benoemd dat naar de

11

materiaalgebonden CO2-uitstoot wordt gekeken. Dat met een materialenpaspoort wordt gewerkt, verheugt de fractie. De heer Schuurmans (VVD) is positief over het faciliteren van doorstroming van ouderen in de wijk en het levensloopbestendig bouwen. Specifiek veertig woningen aan ouderen toekennen waardoor eengezinswoningen vrijkomen, is een goede ontwikkeling. Het is goed dat een gemeenschappelijke woonvorm voor jong en oud wordt voorzien. De inzet op houtbouw binnen De Donken stemt de fractie eveneens positief. De haalbaarheid van deze ambitieuze duurzaamheidsdoelen moet wel kritisch worden bekeken. De VVD sluit zich aan bij het voorstel de private sector te betrekken om voldoende koop te blijven bouwen voor voldoende koop gemeentebreed. Het economisch perspectief binnen De Donken wordt gemist: er wordt vooral op wonen ingezet, weinig werkgelegenheid en commerciële voorzieningen en een restaurantfunctie is helemaal niet toegestaan. Gezien de ligging is voldoende parkeergelegenheid voor bewoners en bezoekers van belang. Wat de toegangsweg betreft: eerst bereikbaarheid, dan bouwen. Mevrouw Van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) ziet de vijf ingediende zienswijzen als bewijs van de grote behoefte aan deze woningen. Dat de buurtkamer leidt tot huiver van bewoners is begrijpelijk, ondanks het kleinschalige karakter en openingstijden alleen overdag.

Aan de inmiddels gehouden feestjes komt hopelijk een einde. De fractie is blij dat er extra woonwagenplaatsen komen. De heer Van Hoek (50PLUS) merkt op dat met in totaal 700 appartementen op een avond Den Bosch er wel veel krijgt. Over leefstraten merkt de fractie op dat men er normaal moet kunnen leven. In de afgelopen decennia is pakketbezorging aan huis normaal geworden. De beperkingen van leefstraten laten dit niet toe. De (wekelijkse) boodschappen die veel mensen aan huis laten bezorgen, met name senioren, stuiten hier ook op blokkades. Hier moeten oplossingen voor komen om de straten daadwerkelijk leefbaar te laten zijn. De regels voor duurzaam bouwen moeten onder aan de streep niet leiden tot een veel hogere eindprijs. Het wonen is al duur. Bij de WKO stelt de fractie enige vraagtekens De heer Bos (GroenLinks) merkt op dat van deze 300 woningen 70% het predicaat betaalbaar verdient. Het enthousiasme hiervoor blijkt uit de zienswijzen. In deze wijk met veel gezinswoningen kunnen mensen doorgroeien. Jongeren die bij hun ouders willen wonen (of andersom) of ouderen die kleiner willen wonen binnen hun sociale structuur. Deze ontwikkelingen ziet de fractie ook graag bij andere wijken zoals De Hambaken. Ook GroenLinks is blij met de toepassing van het materialenpaspoort als impuls om duurzaam bouwen te stimuleren.

Hopelijk worden duurzame materialen ook meegenomen in de wering van geluid van de snelweg. Het is een goede zaak dat in het ontwikkelkader ontmoeting centraal staat door met name de buurtkamer. Dat bewoners voor een kop koffie de wijk uit moeten, roept de vraag op of er nog plannen zijn om de wijk enige reuring te geven. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) ziet in tegenstelling tot het braakliggend terrein dat Rosmalens Belang zag eerder sportvelden. OJC zoekt nog uitbreiding. Maar goed, die keuze is gemaakt. In de keuze voor bouwen kan de fractie zich vinden. Wel zijn er zorgen over de gevolgen van een door sommigen gewenste bredere A2. Dan zou een geluidsscherm in deze hoek niet overbodig zijn. Biobased mag in dit prima plan nog wel prominenter. Dit wordt immers steeds gangbaarder. In de gaten moet worden gehouden of Den Bosch blijft bouwen naar de behoefte die er is. De heer Peters (PvdA) is blij met het de hoogte in gaan ten behoeve van de betaalbaarheid, het groene, circulaire en klimaatvriendelijke karakter, de brede bevolkingssamenstelling inclusief ruimte voor woonzorgdoelgroepen in de grotendeels levensloopbestendige woningen. De buurtkamer leidt er toe dat al deze verschillende mensen elkaar blijven ontmoeten. Naar de extra woonwagenstandplaatsen is al geruime tijd veel vraag. De heer Roovers (SP) is tevreden over de mogelijkheden tot doorstroming die dit plan biedt.

De angst voor huurharmonisatie houdt ouderen tegen hun eengezinswoning te verlaten. De vraag is of de huren van de nieuwe sociale huur hierin een remmende factor zijn. De keuze van het college om niet meer dan 30% sociaal te bouwen verandert niets aan de daling in de afgelopen tien jaar van het aantal sociale huurwoningen van 35 naar 33%. De netto toename in die tien

12

jaar was niet meer dan 1100 woningen. Om de wachtlijst echt omlaag te brengen, moet de slag worden geslagen in plannen als deze op volledig eigen grond van de gemeente. De keuze voor drie verschillende gebouwen voor drie verschillende inkomensgroepen roept de vraag op welk mensbeeld daar achter zit. Het is om meerdere reden onwenselijk niet op basis van inkomen te scheiden en dit te mengen. De heer Kagie (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) onderschrijft veel al genoemde zaken. Een kanttekening wordt gemaakt bij het circulair, biobased en duurzaam bouwen, waar nog wel een marktpartij voor moet worden gevonden. Die mag niet worden afgeschrikt in deze tijd van schaarste. Daar kan de gemeente in doorslaan. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) prijst de veelzijdigheid van het plan. Een goede zaak is dat rekening wordt gehouden met hoogspanningsleidingen. Nadat het rijk besloot dat het noodzakelijke geluidscherm er niet komt, wordt de wethouder gevraagd hierover alsnog met het rijk in gesprek te gaan. De bijna te bereiken maximale grenswaarde van 60 dB(A) overschrijdt de voorkeurgrenswaarde van 50 dB(A). Dat de woningen als geluidsscherm moeten gaan dienen, baart de fractie zorgen. De heer Van Griensven (PVV) merkt op dat veel ondernemers in deelvervoer, dat een onderdeel van deze plannen vormt, al hebben moeten stoppen.

Voorkomen moet worden dat er na aanpassing van de parkeernorm te weinig parkeerplaatsen zijn als het deelvervoer tot stilstand komt. De tussenruimte tussen woonwagens zou gebruikt kunnen worden voor meer woonwagens dan de geplande drie. Het is jammer dat er weer hoogbouw bij komt: weer een locatie buiten de stad die geen zicht op de Sint Jan biedt. De heer Van den Kerkhof (D66) is blij dat de honderd tijdelijke woningen die ooit in De Donken waren gepland niet zijn doorgegaan, die hadden dit plan in de weg gestaan. Hoewel het goed is dat deze locatie is vrijgespeeld, wijst D66 net als De Bossche Groenen op de wachtlijsten bij voetbalclubs. OJC is een voorbeeld van de clubs met wachtlijsten. De oproep is de komende jaren geen voetbalvelden weg te strepen, ook niet voor woningbouw. De heer Van Silfhout (Volt) noemt het mengen van groen en wonen en de zoektocht naar gezamenlijke woonvormen voor jong en oud stappen in de goede richting. Wel is wederom een onderzoek naar flexwoningen gestrand. In plaats van flex kan beter permanent sociale huur worden ontwikkeld, zo blijkt. Er moet worden gebouwd naar behoefte. Volgens de enquête in de stukken heeft 1% behoefte aan vrije middenhuur. Dat is het gat tussen sociale huur en koop. Volgens het bestuursakkoord wordt doelmatig 30% middenhuur gebouwd in plaats van dat naar de behoefte wordt gebouwd. Er wordt voor tientallen jaren gebouwd.

De vrees voor segregatie wordt met de SP gedeeld: aparte panden voor sociale huur, middenhuur en koop is echt niet meer van deze tijd. Ook mensen van verschillende inkomensgroepen moeten elkaar ontmoeten. Verder is de fractie blij met deze groene wijk. Reactie college Wethouder Slikker merkt op dat het nu vrij geïsoleerde park en de Ploossche Plas onderdeel van de wijk moeten worden. De loopverbindingen worden vergroot om er een bruisende, toegankelijke plek van te maken. Over de doorstroming wordt opgemerkt dat is beoogd iets toe te voegen waar de buurt behoefte aan heeft, van starters bij pa en ma op zolder tot ouderen die uit de eengezinswoning weg willen. De mix is conform het bestuursakkoord. De ontmoetingsplek in Blok B dient als verbinding tussen alle bewoners, juist om segregatie tegen te gaan. Ook de bewoners hebben in de participatie om een mix gevraagd. De heer Van Silfhout (Volt) vraagt hoe de wethouder ertegenaan kijkt dat beheer van een pand makkelijker is terwijl wel wordt gesegregeerd Wethouder Slikker vindt het eigendom van de panden in een klein wijkje differentiëren geen vorm van segregatie. Er is sprake van een gemêleerde wijk. De groep die in de middenhuur bekneld zit tussen betaalbare huur en betaalbare koop komt hier in de enquêtering niet naar voren, elders in de stad wel. De bewoners hebben gevraagd om een gemêleerde buurt.

Voor het eerst in vele jaren wordt weer eens perspectief aan woonwagenbewoners geboden, op basis van gesprekken over hun behoeften. De reuring zoals bij de vroegere TGG-feestjes is niet 13

langer gewenst. Verder zijn de voorzieningen op orde. De Rompert is lopend in dertien minuten bereikbaar. De ontmoetingsruimte in de wijk wordt gefaciliteerd. Terecht wordt de forse geluidsbelasting in het gebied benoemd. Wachten op het rijk duurt te lang, Daarom is een oplossing binnen het plan gezocht met de positionering van de gebouwen en de schermen die tot een aanvaardbaar geluidsniveau leiden. Ondertussen wordt druk op het rijk uitgeoefend voor alle plekken waar aanvullende maatregelen zijn gewenst. Voor de huurprijs geldt hier hetzelfde als in Bloemenkamp, dat de huurprijs hoger kan liggen dan voorheen, maar dat in energieneutrale woningen de woonlasten lager zijn. De heer Roovers (SP) vraagt of de wethouder erkent dat een nieuwe huurprijs doorstroming remt. Wethouder Slikker erkent dat men vaak de kale huurprijs vergelijkt. Daarom raadt de gemeente aan de totale woonlasten te vergelijken. De redenatie van minder vierkante meters voor een hoge huur wordt vaak gebruikt. De hoogbouw is zo gesitueerd dat er geen bebouwing meer achter staat. Er wordt een nieuwe zichtlijn op de Sint Jan gecreëerd. De heer Bos (GroenLinks) erkent dat dertien minuten lopen naar De Rompert binnen de vijftien minutengrens valt. Bewoners beschouwen het als ‘de wijk uit’. Ook wordt de aanlooproute als minder aantrekkelijk beschouwd. Gevraagd wordt of ook die aanlooproutes worden meegenomen.

Wethouder Slikker geeft aan dat dit plan woningbouw combineert met een buurtfunctie, een extra park en een ontmoetingsruimte. Andere maatregelen moeten elders worden getroffen. Op de nog niet beantwoorde vraag van Rosmalens Belang over het betrekken van private partijen ten behoeve van de koopsector geeft de wethouder aan dat de koopsector in de planvorming niet achterblijft. Plannen worden toegevoegd zoals in de mix afgesproken. Ontwikkelaars konden corporaties in de afgelopen jaren soms niet bijhouden (noordoosthoek Groote Wielen). Daarna gaan de ontwikkelaars weer meer leveren. Dat in Vlek F ontwikkelaars koop realiseren, is omdat een corporatie van betaalbare koop middenhuur heeft gemaakt. Hun samenwerking wordt dus benut om de 70% verkoop te halen. Of biobased ontwikkelaars zal afschrikken, zal blijken uit de tenders. Op zo’n tender reageren partijen die de randvoorwaarden wel onderschrijven. Dat is zeker spannend in deze markt. Bij de Bloemenkamp kunnen ontwikkelaars al intekenen op emissieloos bouwen. Ook zij zien dat de wereld verandert. In dit plan wordt de parkeernorm keurig gehaald. Daar waar mogelijk wordt van deelmobiliteit uitgegaan. Als dat niet wordt gebruikt, zullen andere maatregelen getroffen moeten worden.

De heer Van Griensven (PVV) kan zich voorstellen dat het wel aanleggen van die parkeerplaatsen en die vooralsnog van bijvoorbeeld verrijdbaar groen voorzien minder definitief is. Wethouder Slikker geeft aan dat bereikbaarheid in een gebiedsontwikkeling altijd wordt meegenomen. Als het gaat knellen, wordt naar een oplossing gezocht. De heer Van Hoek (50PLUS) vraagt naar de beperkingen die zijn opgelegd aan de leefstraten. Wethouder Slikker merkt op dat de leefstraten in het binnengebied zitten, tussen de bebouwing. Bij de entrees kan men altijd komen. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) vraagt naar het omzeilen van zero emissiezones bij het vervoer van grondstoffen. Wethouder Slikker merkt op dat het streven naar emissieloos bouwen gevolgen heeft voor zowel de bouwfase als de materialen. Bij het onder de grond brengen van hoogspanningsleidingen zou de magneetveldzone worden beperkt van 45 tot 30 meter. De heer Schuurmans (VVD) vraagt hoe groot de wethouder met de huidige duurzaamheidsnormen de kans acht dat partijen hierop gaan inzetten.

14

Wethouder Slikker geeft aan dat het college alleen haalbaar geachte plannen presenteert. Daar is marktverkenning aan voorafgegaan. Tweede termijn De heer Van Hoek (50PLUS) vraagt of vooraf wordt gegarandeerd dat het systeem van WKO (warmte-koudeopslag) ruim aan de behoefte voldoet, ook bij langdurige kou. De fractie ziet in steeds meer complexen weer gasaansluitingen en zou dat hier ook ter overweging geven. Opgemerkt wordt dat Den Bosch met andere gemeenten ver achterloopt bij het wettelijk verplichte voorzien in de woonbehoefte van woonwagenbewoners door uitbreiding van kampen. Reactie college Wethouder Slikker merkt op dat ook in De Groote Wielen sprake is geweest van een technisch ondermaatse WKO-installatie. Leveringszekerheid inclusief aansluiting, haalbaar en betaalbaar, is uitgangspunt. Anders dan het rijk heeft Den Bosch nooit een uitsterfbeleid voor woonwagens gekend. Naast De Donken staan meer uitbreidingsplekken op de rol. Sinds deze raadsperiode is het Woonwagenberaad in ere hersteld. Mevrouw Verreijt (Rosmalens Belang) overweegt een motie dat de Bossche mix gehanteerd moet blijven worden. De voorzitter geeft aan dat dit voorstel als licht bespreekstuk naar de raadsvergadering zal worden doorgeleid. Overige agendapunten 9.

Discussienota Verkeersveiligheid Kanaalboulevard (DBG) De voorzitter verwoordt dat indieners volgens besluit van het Presidium hun discussienota niet meer vooraf toelichten, maar er de eerste (en enige) termijn mee openen. In hun betoog van drie minuten mogen zij worden geïnterrumpeerd. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) roept in herinnering dat volgens het Handboek Binnenstadsring (2011) de Binnenstadsring geen geheel meer zou zijn en enkel voor bestemmingsverkeer was bedoeld. De brede wandelpromenade die de Kanaalboulevard in het ontwerp uitgangspunt was, is verworden tot een smal pad achter de bomen. Klinkers zijn asfalt geworden, parkeerplaatsen zijn gehandhaafd. Inmiddels zijn de gevaarlijke situaties waar Goudappel voor waarschuwde realiteit. Maatregelen als paaltjes remmen hardrijders niet. De wijzigingen waar de raad voor heeft gekozen, laten nog op zich wachten. Als de VRI wordt vervangen door een rotonde, staat de weekendfile over de rotonde heen. De fietser kan dan niet meer veilig oversteken en de bus kan niet veilig de Van Berckelstraat opdraaien. De gestelde vragen zijn bij de commissie bekend. De heer Van Rens (D66) staat voor de besluiten die deze raad in deze periode heeft genomen. In die besluiten is bepaald dat iedereen wordt meegenomen in de grote veranderingen. De fractie heeft weinig behoefte aan een reactie en wacht op resultaten.

Het college is daarmee bezig. Vragen bespreken over zaken die al zijn afgesproken, creëert onrust over zaken die in deze commissie al uitgebreid zijn besproken en die tot besluiten hebben geleid. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) vraagt of de fractie zich geen zorgen maakt over de verkeersveiligheid als de VRI weg is. De heer Van Rens (D66) neemt brede consensus waar dat het op punten niet veilig genoeg is. Daar zijn besluiten over genomen. Na een besluit verwachten dat alles de volgende dag is veranderd, is niet reëel. Er wordt aan gewerkt. De fractie wil niet halverwege de uitvoering gaan bijsturen. De heer Van Creij (gewoon ge-DREVEN) respecteert, hoewel zijn fractie tegenstemde, dat bepaalde besluiten zijn genomen en dat moet worden gewacht op uitwerking. Gevraagd wordt welke maatregel De Bossche Groenen op de Pelssingel voor ogen hebben.

15

De heer Hoeben (De Bossche Groenen) merkt op dat de knip op de Kanaalboulevard al veel onveiligheid zou wegnemen. De Muntel kent nog een waterbedeffect dat dit tegenhoudt. De rotonde kan de verkeersintensiteit niet aan tot de knip is gezet. Daar gaat de bespreeknotitie over. Mevrouw Van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) neemt als bewoner van De Muntel de Kanaalboulevard al heel lang niet meer omdat ze die zelfs voor een automobilist heel gevaarlijk acht. Juist de verkeersremmende maatregelen (vluchtheuvels, inhammen) maken de weg gevaarlijk. Omdat een auto moet wachten op een tegenligger kan de fietser niet verder. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) houdt vast aan genomen besluiten en de daaraan gekoppelde tijdlijnen. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) erkent het toenemende risico voor kwetsbare verkeersdeelnemers, die ook op de Zuid-Willemsvaart al niet even veilig zijn. Het is logisch om aan het begin van de aanpak te bekijken wat daar nog bij hoort. De knip wel naar voren halen, is in balans met de rotonde om opstoppingen te voorkomen. Ook de suggestie voor eenrichtingsverkeer wordt gesteund omdat die meer ruimte voor gescheiden verkeersstromen creëert. Er kan een voorschot worden genomen op de maatregelen om het waterbedeffect op De Muntel te voorkomen zoals opgenomen in de studie Autoluwe Binnenstad.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15441686/1