CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raadsvergadering 2025-05-20

Gemeenteraad 3 juni 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Goedkeuring notulen van de openbare raadsvergaderingen van de gemeenteraad van 7, 8, 20 en 21 mei 202538.179 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

2 alinea's met “sluiting”: 197 211

Maar wat hebben die straks aan een heel duur Design Museum als ze dan nog steeds in die schimmelwoning zitten en nog steeds heel veel zaken onbetaalbaar zijn? Mevrouw HOEKSTRA: Sorry, even nog een keer uw vraag. De heer VAN HATTEM: Wat hebben ze aan een peperduur Design Museum als ze straks nog gewoon in dezelfde schimmelwoning zitten en nog steeds hun boodschappen niet kunnen betalen? Mevrouw HOEKSTRA: Volgens mij zitten die mensen niet meer per se dankzij ons beleid straks nog steeds in een schimmelwoning maar doen we daar heel veel aan. En dat debat voeren wij vaker met elkaar mijnheer Van Hattem. We doen volgens mij en, en. Dus en we bouwen heel erg veel extra betaalbare woningen en we geloven inderdaad ook in een ontwikkeling in een deel van onze binnenstad met een Design Museum, maar ook met 800 extra betaalbare woningen en een heel gebied waar het gaat bruisen en leven en waardoor we straks ook nog fijn met elkaar in de binnenstad carnaval kunnen vieren omdat we niet uit onze voegen barsten. De heer VAN HATTEM: Heel veel van die mensen kunnen amper carnaval vieren omdat een biertje voor hen onbetaalbaar is geworden, parkeren voor hen onbetaalbaar is geworden, maar ondertussen hebben ze wel een heel duur Design Museum waarvoor ze ook geen kaartje kunnen betalen. De VOORZITTER: Dat is geen vraag. Mevrouw Hoekstra, gaat u verder. Mevrouw HOEKSTRA: Ik ga verder.

Daarmee lukt het hier wel om in een stad die doorgroeit naar 200.000 inwoners grote keuzes te maken, Spoorzones te ontwikkelen, duizenden vierkante meters ruimte voor groen, ontmoeting, cultuur en wonen voor iedereen toe te voegen. En in Den 39

Bosch laten wij zien dat vooruitgang mogelijk is, we houden de boel aan de gang. Onze kracht ligt in samen doen, met maatschappelijke organisaties, vrijwilligers en bewoners bouwen aan de toekomst. En terwijl de participatienota nog geschreven moet worden, ziet mijn fractie prachtige voorbeelden van samen doen, niet alleen de burgerberaden, maar ook de beweging Van ik naar wij, waarmee we de lokale overheid laten werken voor onze gemeenschap. En dat smaakt ook voor een volgende periode naar meer. Samen bouwen om armoede te bestrijden, samen bouwen om mensen in schulden te helpen, samen bouwen om ieder kind echt gelijke kansen te geven. Met initiatieven zoals de Bossche Pas en het eenloketsysteem voor armoedebestrijding maken we verschil en bieden we steun aan hen die de hulp het hardst nodig hebben. Gelukkig zien we dat de armoedecijfers aan het terugdringen zijn en de stevige aanpak waar we sinds deze collegeperiode mee zijn gestart, lijkt zich uit te betalen. Tegelijkertijd weten we dat voor een echt eerlijkere aanpak van armoede we in Den Haag moeten zijn, en armoede raakt ook in onze gemeente nog steeds te veel Bosschenaren. Daarom zetten we extra middelen in voor armoedebestrijding met speciale aandacht voor kinderen, alleenstaande ouders en ouderen. We versterken initiatieven zoals het Perspectieffonds schulden en bieden maatwerkoplossingen om mensen hulp te bieden.

Deze voorjaarsnota laat zien dat Den Bosch vooruitgaat ondanks de landelijke stilstand, en dat we de boel aan de gang houden, het samen doen en blijven bouwen aan een stad waarin iedereen meetelt. Dat brengt mij op het verhaal van Den Bosch. Vieren, verbeelden en verenigen, is wat mijn fractie betreft een kompas dat past bij ons Bossche DNA. En het schept ons ook een verplichting, want alle 160.000 inwoners verdienen het om het leven te kunnen vieren, om zich de toekomst te kunnen verbeelden, waarbij er echt voor iedereen, ongedacht afkomst, geslacht, seksuele voorkeur, beperking of inkomenspositie een plek is, ook tijdens het feesten met carnaval. Ons Den Bosch is prachtig en de tradities zijn er om te koesteren, maar ook om ze mee te nemen de toekomst in. Programma's zoals Samen Gezond, de Inclusieagenda en het aanjagen van sociale structuren van onze wijken en dorpen vragen in de toekomst om nog meer armslag, omdat we in dit land en ook in deze stad nog altijd te veel moeten repareren van wat kapot is. Samenleven is meer dan het zelf goed voor elkaar hebben. Het is omkijken naar elkaar. Het zijn al die Bosschenaren die een keer de boodschappen doen voor hun zieke buurvrouw. En het is Lizette Schiltmans in Orthen, die iedere week tientallen voedselpakketten uitdeelt in haar buurt.

En het is Youssef Noudri, die er met Hambaken Connect voor zorgt dat bewoners met een laag inkomen bij hem gratis kunnen sporten. Het doel van die drie V's, vieren, verbinden en verenigen, is wat mijn fractie betreft een vierde V, de V van voorspoed voor al onze inwoners, voor huidige en toekomstige generaties. Ik sluit af, het is wat mijn partij betreft ook een boodschap naar de toekomst. Samen doen is samenleving en politiek, is de enige weg voorwaarts. Daar past een cultuur bij waarin partijen die constructief samenwerken elkaar vinden. Partijen die liever op social media verwijten maken zonder alternatief en daarbij de grenzen van de werkelijkheid overschrijden, daar hebben onze inwoners helemaal niets aan. Daar heeft mijn partij ook helemaal niets mee. En daarmee spreek ik de vurige wens uit dat die cultuur van samen doen, van elkaar op inhoud kritisch bevragen, maar met als doel het leven beter te maken voor onze inwoners, dat we die in de aanloop naar maart 2026 met zijn allen laten zien. We zijn het aan 160.000 inwoners verplicht en het is de weg vooruit. De heer VAN SILFHOUT: Als ik zo naar het verhaal van mevrouw Hoekstra luister, dan lijkt het alsof het na de voorjaarsnota het allemaal goed komt met de stad en we klaar zijn, tenzij Den Haag zich er ook nog mee bemoeit, dan komt het sowieso niet goed.

Maar zijn er ook nog voorstellen die de PvdA gaat doen om dit verhaal beter te maken dit jaar op de voorjaarsnota? Mevrouw HOEKSTRA: En doelt u dan specifiek op het verhaal van Den Bosch? De heer VAN SILFHOUT: Nee, ik bedoel gewoon of u voorstellen gaat doen richting de voorjaarsnota? Wat is er nog niet goed genoeg in de voorjaarsnota? Mevrouw HOEKSTRA: Zeker, en daar kom ik heel graag in de tweede bijdrage kort op terug als u het goed vindt. De heer VAN CREIJ: Er werd net afgesloten met het verhaal. Daar begin ik eigenlijk mijn stukje mee. In het verhaal, om het zo maar even te zeggen, spreekt het college over kathedralen bouwen, maar voordat er kathedralen gebouwd kunnen worden überhaupt moeten er toch eerst stenen gestapeld worden. En de eerste metselaar zegt: ik ben wat stenen aan het stapelen, de tweede metselaar zegt: ik ben een muur aan het bouwen. En als je niet oplet zegt de volgende metselaar: ik ben een kathedraal aan het bouwen. Dus enige voorzichtigheid hoort er dan toch bij. 40

En als je dan kijkt, eigenlijk kun je heel veel dromen hebben, maar ik had het net over metselaars, we hebben hier al een aantal raadsbesluiten genomen, en een metselaar kan niet meer de binnenstad in komen vanwege die milieuzone. Een metselaar wil 's avonds zijn auto parkeren, maar als we wijken gaan bouwen zoals bij De Vliert en bij de Tramkade, dan komen daar eigenlijk geen metselaars te wonen, maar dan krijgen we wat Volt graag wil, daar studenten en geen echte werkmensen. Zoals wij onszelf zien, zijn we de eerste metselaar die de eerste steen legt. Wij denken vooruit, want de eerste steen moet gelegd worden, maar dan moet wel het fundament goed zijn voordat die steen gelegd kan worden en dan moet je nagedacht hebben van wat, waar en hoe functioneel iets is. Dus wat dat betreft zien wij onszelf als de eerste metselaar. Dan de voorjaarsnota, de jaarrekening en de actualisatie ineen. Dat moet gewoon goed staan, buiten het financiële ook het sociale plaatje en wij vinden het heel belangrijk dat dat fundament goed staat. En dat fundament moet er zijn met draagvlak voor de plannen. En dan pak ik gewoon de windmolens of het Design Museum. Als er geen draagvlak is moet je niet met iets doorgaan. Dan even de financiën. Deze begroting is sluitend of nagenoeg sluitend en dat is gelukt zonder verhoging van de belastingen en dat vinden wij in principe goed.

Maar dat resulteert er ook in dat er weinig financiële ruimte is om extra te investeren en daarom vinden wij het ook des te beter, en het is net al door Rosmalens Belang gezegd en het CDA, dat de gezamenlijke motie van Be Quick en Nulandia, ondanks de beperkte middelen, er toch in verwerkt is. Dan valt het ons verder op met hoeveel gemak bij wijze van spreken dat de extra subsidie van het Theater aan de Parade of de stookkosten van het Sportiom in de begroting verwerkt zijn of verwerkt worden. Hoe mooi zou het zijn als we diezelfde denkwijze nu eens doortrekken bij de hondenbelasting? Zonder slag of stoot worden de extra middelen van het Theater aan de Parade erin verwerkt. Ik heb het in de commissiebehandeling ook aangegeven de vorige keer. Zeg eens waar er dan op geschrapt moet worden en er kan niet op geschrapt worden. Er wordt steeds gezegd: op het moment dat wij het hebben over hondenbelasting, geef eens even aan waar het vandaan moet komen. En dan, ik zeg al, wij komen in ieder geval met een motie over hondenbelasting om die op gelijke trend te verwerken als nu met de extra subsidie van het Theater aan de Parade. Dan het ravijnjaar. Er is al meer gezegd, wij kijken eigenlijk niet zo specifiek naar het ravijnjaar. Het rijk spreekt van € 2,4 miljard bezuinigen.

Het is opgeschoven, maar wij zien eigenlijk meer de verspildrift van het huidige college als een ravijnjaar dan het ravijnjaar dat op ons afkomt vanuit het landelijke. Dan daaropvolgend, als wij de huidige lijn volgen, gaan we het dan eigenlijk nog steeds goed doen voor onze inwoners? Wij denken van niet, we moeten andere keuzes maken. En gaat het slecht, het is net al een paar keer meer gezegd. Kan het anders, moet het anders? Dan zeggen wij volmondig ja. En als we dan kijken naar voorliggende voorzieningen, als je kijkt naar de actualisatie van de begroting. Vanaf 2023 is er € 2,5 miljoen extra in cultuur geïnvesteerd en slechts € 550.000,00 in wonen en leefbaarheid, in de voorzieningen. Die wijkvoorzieningen vinden wij heel belangrijk en ik ben dan ook benieuwd, onze motie over de buurthuizen die we de vorige keer ingebracht hebben en die gehonoreerd is, in hoeverre komen die onder druk te staan? Want op het gebied van cultuur kan er heel veel, en andere zaken minder. Dan woningbouw. Er wordt nog steeds gestreefd naar ongeveer 11.000 woningen. Die gaan er komen voor een groot deel in De Groote Wielen, ongeveer 3000. Ik hoor dadelijk dan ook graag de wethouder, het is net ook al gezegd, de status van de oostelijke ontsluitingsweg, want wij zien wel mogelijkheden.

De Bossche Groenen hebben technische vragen gesteld, dat er € 17 miljoen overblijft in het Garantiefonds, en om die te oormerken, in ieder geval vast vooruitlopend op de realisatie van de oostelijke ontsluitingsweg. Want we moeten opletten dat er dadelijk wel huizen zijn, maar het los komt te staan van wel een huis, niet bereikbaar, of geen huisarts of geen basisschool. Dus die koppeling. De bereikbaarheid, en dat sluit een beetje aan, daar is slechts in zijn totaliteit € 875.000,00 voor gereserveerd, dan denken wij, dan gaat het specifiek over de auto, maar in de stadsmonitor blijkt dat die maar voor het cijfer 6 gehonoreerd wordt. Dus dat vinden wij ondermaats, er mag best een tandje bij. De VOORZITTER: Gaat u richting een afronding? De heer VAN CREIJ: Dan zal ik een stukje over cultuur overslaan. De voorjaarsnota dient natuurlijk een financieel stuk te zijn, maar we roepen het college ook op om het ook echt sociaal te maken. En dan kom ik op het verhaal van verenigen, verbeelden en vieren. Wij hebben drie andere V's, voorzieningen, voor bereikbaarheid en vertrouwen. Dat vinden wij betere thema's. Afsluitend, 302 dagen na het referendum van 18 maart. De heer VAN HATTEM: Het is net al terecht aangehaald, het grote verspiljaar 2026 komt eraan met deze voorjaarsnota en we hebben vanavond ook de jaarstukken voorliggen. Wat we zien 41

in de stukken is dat er voortdurend wordt gesproken over het inspelen op de toekomst en toekomstpijlers en toekomstgerichte investeringen en het wordt nog allemaal opgeleukt met een verhaal voor 's-Hertogenbosch. Kortom, het lijkt er niet op dat we aan het eind van een raadsperiode zitten maar alsof dit college nog heel wat jaren op dezelfde voet verder wil, alsof er komend jaar helemaal geen verkiezingen aankomen. Kortom, het lijkt er heel sterk op dat dit college vooral bezig is om over het graf heen te regeren. We zien het onder andere ook bij die klimaatimpactanalyse en dat soort zaken. Daar wordt alleen maar ingezet op het verder verspillen van belastinggeld, het verder lastig maken van onze burger en het nog minder betrekken van de mensen. Het is dus echt een verhaal waar wij als PVV Den Bosch niet vrolijk van worden. Er wordt dan ook gesproken over het afronden van de mijlpalen uit het bestuursakkoord. Je kunt je afvragen wat die mijlpalen dan moeten zijn. Ik zou eigenlijk willen zeggen: laat het vooral niet de rotpalen zijn in Rosmalen, oftewel de megawindturbines in de zogenaamde Duurzame Polder. Aan die rotpalen hechten wij geen enkel belang in Rosmalen. En als er dan wordt gesproken over kernwaarden in dit verhaal van 'sHertogenbosch, dan is voor ons de kernwaarde vooral kernenergie in plaats van deze verschrikkelijke megawindturbines.

Om het verhaal van 's-Hertogenbosch, het is gewoon een beetje een lege huls, een verhaal waar niemand op zit te wachten en waar niemand iets aan heeft, om dat nog erger te maken… De heer HUIBERS: Een kleine interruptie, ik heb hem ook eerder gemaakt op deze avond bij De Bossche Groenen. Nu weet ik dat ik de PVV, ik heb het een paar keer geprobeerd, maar echt niet ga overtuigen van het bestuursakkoord dat voorligt, maar toch daag ik de PVV wel uit: wat gaat er volgens de PVV goed in deze gemeente? Want ik hoor eigenlijk alleen maar wat er niet goed gaat en dat vind ik wel jammer. De heer VAN HATTEM: Ik heb het wel vaker gezegd, deze interruptie krijg ik bijna elk jaar met de voorjaarsnota. Er zijn heel veel dingen die goed gaan en die kunnen we prijzen. Maar er zijn ook dingen die minder goed gaan of juist heel slecht gaan en ik denk dat wij als raad ook juist aan zet zijn om die dingen te benoemen en je hebt hier maar zes minuten, dus ik kan wel een hele lofzang gaan houden op wat er allemaal goed gaat en heel trots op de mensen op de markt hè, die het volhouden ondanks dat er zo'n verschrikkelijke zero-emissiezone over hen wordt afgeworpen, of al die andere mensen die keihard werken, die elke dag in de file staan om toch het beste te maken van hun leven of die zich inzetten als vrijwilliger of bij de sportclubs, allemaal prima.

Maar ik wil toch kijken wat er beter kan en wat er niet goed gaat en welke slechte plannen er liggen die wij als raad beter moeten maken. Dus dan zet ik de beperkte spreektijd liever iets efficiënter in, maar dank voor deze interruptie om dat nog een keer te kunnen benadrukken. Mevrouw WELTEN: Een vraag richting de heer Van Hattem. Ik hoor u zeggen: het huidige college is over zijn graf heen aan het regeren, maar zou u er voorstander van zijn dat er plannen liggen tot maart 2026 en daarna zien we wel? De heer VAN HATTEM: Ik zou het eigenlijk een goed gebruik vinden, als je aan het eind van een bestuursperiode zit dat je met de voorjaarsnota voor het komend jaar en ook bij de begroting dan eigenlijk met een beleidsarme begroting komt, want je gaat niet nog een keer richting de verkiezingen, dat er een nieuw college komt dat opnieuw sturing kan geven voor de komende jaren, waar de kiezer aan zet is om met een nieuwe raad richting te geven, allerlei dingen vastleggen. En wat ik hier zie in dit stuk is dat er ook allerlei zaken structureel worden vastgelegd, structurele investeringen. Dus dan denk ik: dat is toch even een stap die je niet aan het eind van een bestuursperiode moet maken. Laat dan eerst de kiezer aan zet zijn. Ga niet over het graf heen regeren.

Dat vind ik toch een verkeerde ontwikkeling en ik hoor toch graag de uitleg van het college hoe het dit verantwoordt richting het verkiezingsjaar, want dit kan een belemmering zijn voor een volgend college en daarmee worden eigenlijk vooruitgeschoven posten neergezet, laat ik het zo maar noemen. Dan over het verhaal van 's-Hertogenbosch. Het wordt dan ook nog eens opgeleukt met wat teksten van Eric Alink. U mag gerust weten, dat zijn voor mij geen lange lijnen maar het lange lijden. Dus dat had er voor mij helemaal niet in hoeven staan. Kortom, met heel dat verhaal van 's-Hertogenbosch kunnen we helemaal niks en moeten we ook helemaal niets willen. Dan kijken we naar wat er wel allemaal in de voorjaarsnota staat. De planvorming voor de verplaatsing van de coffeeshops in de Hinthamerstraat. Dat is vooral een verplaatsing van het probleem. Doe dan echt iets aan de veiligheidsaanpak in de wijken. En als we dan kijken naar de stadsmonitor zien we dat er een 6,7 staat voor de veiligheid in de buurten. Dat is een dalend cijfer.

42

Mevrouw CRASTE: Ik begrijp met de begroting, structurele middelen, niet te ver over je graf regeren. Die begrijp ik, maar heel even die lange lijnen, vindt mijnheer Van Hattem dat we werkelijk niets aan lange lijnen moeten doen over vier jaar heen van raadsperioden, welke periode het dan ook is? De heer VAN HATTEM: Het is logisch als je aan het begin van een raadsperiode zegt: we gaan voor deze periode even de lange lijnen uitzetten, dat kunnen ook best wel dingen zijn die ook voor een wat langere termijn nog effect hebben. Maar om nu te zeggen: we zitten minder dan een jaar voor de verkiezingen en we gaan nu nog even lange lijnen uitzetten, ook nog eens een keer via de voorjaarsnota structurele middelen op allerlei manieren inzetten. Dan denk ik: dan ga je wel een nieuw college, een nieuwe raad voor de voeten lopen. En dat bedoel ik dus met het probleem van de lange lijnen. En er wordt dus bij dat verhaal van 's-Hertogenbosch ook over lange lijnen gesproken. Leuk en aardig, maar laat eerst de kiezer aan het woord, laat die bepalen wat de lange lijnen moeten zijn voor deze gemeente in plaats van als oude raad en oud-college het al voor te kauwen. De heer VAN SILFHOUT: Kort daarop doorvragend.

Als er dan wel een verhaal van 'sHertogenbosch komt, komt dat er dus na de verkiezingen, maar dan is de heer Van Hattem wel bereid om een verhaal voor Den Bosch te gaan schrijven? De heer VAN HATTEM: Er hoeft mij niet per se op deze manier een verhaal voor Den Bosch te worden opgelegd. Ik denk dat vooral de inwoners zelf hun verhaal vertellen en dat we daar meer naar moeten luisteren in plaats van als gemeente te gaan vertellen: dit is het verhaal van 'sHertogenbosch, waar jullie allemaal jezelf in moeten vinden en in moeten herkennen. Ik denk dat we het juist andersom moeten doen, dat we beter moeten luisteren naar wat er in onze gemeente gebeurt en wat er speelt. En als er hier voorstellen liggen die ook in de samenleving neerleggen, bijvoorbeeld via een referendum of op een andere manier in ieder geval de burger beter betrekken zodat we ook een keer een iets hogere opkomst krijgen bij de verkiezingen. De heer VAN SILFHOUT: Maar als ik dan de heer Van Hattem goed begrijp, dan wil hij eigenlijk na de verkiezingen ook niet dat verhaal gaan schrijven, maar ik denk niet dat de heer Van Hattem na de verkiezingen een meerderheid in deze raad gaat hebben. Hij zal dus met andere partijen een verhaal moeten gaan schrijven.

Is de heer Van Hattem daartoe bereid of wordt dat wel heel lastig? De heer VAN HATTEM: Zoals het er nu hier ligt, een verhaal voor 's-Hertogenbosch, zoals ik al zei zie ik daar niets in. Dat vind ik niet echt iets wat wij moeten doen. Dat moeten we niet gaan voorkauwen voor onze burger wat het verhaal van 's-Hertogenbosch moet zijn. Eerder moeten we op gaan halen wat wij willen horen. En uiteindelijk kun je wel een raadsakkoord of een bestuursakkoord maken, maar dat is heel wat anders dan een uitgekauwd verhaal van: hier heeft u een verhaal en misschien mag u nog een paar hokjes invullen, maar daar heb ik helemaal niets mee. Dan was ik gebleven bij veiligheid, een heel belangrijk onderwerp voor ons als PVV. We zien in de stadsmonitor dat er een 6,7 wordt gegeven, dat een dalend cijfer is, en dat 13% van de inwoners vaak overlast van rondhangende jongeren in de eigen wijk ervaart. En dan zal het met name in bepaalde wijken nog veel erger zijn dan in andere wijken. We zien nu dat er een azc komt voor 600 personen, structureel, en dan vraag ik toch nog een keer aan de portefeuillehouder welke veiligheidsgaranties er kunnen worden gegeven. Kan deze portefeuillehouder veiligheidsgaranties geven rond het azc richting de eigen inwoners? Dan wordt er van allerlei impulsen gesproken, voor doelen en afspraken uit het bestuursakkoord.

Het bestuursakkoord wordt nu in het verkiezingsjaar nog een keer op touw gezet, zoals ik straks al zei, het verhaal rond visie, diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid wordt er nog een keer ingepompt. Dat kom erop neer dat er waarschijnlijk weer allerlei activiteiten rond ook weer het azc worden opgezet, waar veel mensen in de buurt helemaal niet op zitten te wachten. Er staan ambities in uit het bestuursakkoord voor de Duurzame Polder, de klimaatimpactanalyse en de veel te dure ambities voor de Afvalstoffendienst. En ook de investeringen in de JADS, daar zijn we als PVV helemaal niet voor, dat vinden we helemaal geen effectieve manier van inzetten van geld voor onderwijs. Dan zien we nog een verhaal terugkomen over dat natuurversterkend ontwikkelen voor onder andere het stikstofdossier. Een vraag aan het college is waarom we niet eerst even wachten waar het landelijke beleid op gaat uitdraaien voor het stikstofdossier in plaats van nu zelf het wiel te gaan uitvinden. Dan zien we het Structuurfonds waar ook nog een beroep op wordt gedaan voor onder andere het verplaatsen van de roeivereniging. Daar kunnen wij niet mee instemmen want die kan wat ons betreft gewoon op die plek blijven. Een 43

ander punt dat er wel in staat zijn de ontwikkelingen rond het stadion van FC Den Bosch. We hebben vandaag gezien dat ze met een mooi gelijkspel zicht houden op de Eredivisie. En dan is mijn vraag toch aan het college: wat gaat er straks concreet gebeuren, mocht Den Bosch promoveren? Want het stadion is via de BIM 100% eigendom van de gemeente. De oosttribune is echt aan groot onderhoud, misschien wel vervanging toe. Wat heeft het college voor ogen, mocht het geval zijn dat Den Bosch, en ik hoop het voor ze, gaat promoveren en hoe voorkomen we ook dat het bijvoorbeeld in Chinese handen gaat vallen? Want daar was eerder sprake van, dat straks een stuk strategisch vastgoed in onze gemeente via Chinese investeerders misschien in buitenlandse handen komt. Is daar ook een visie op, terwijl we daar tegelijkertijd misschien een goede ontwikkeling neer kunnen zetten. Dan zijn er nog de voorstellen voor nieuw structureel beleid, onder andere de Afvalstoffendienst. Ik heb het er net over gehad, € 21,8 miljoen voor elektrisch laden is absurd. We hebben nog incidenteel, voorbereiding voor de herdenking voor de val van 's-Hertogenbosch in 1629. Ik wil eigenlijk namens de PVV zeggen: we willen ook een voorbereiding voor de herdenking van de val van het Design Museum. Dat lijkt me ook goed om over een paar jaar te herdenken. We zien ook nog de extra subsidie voor DTV voorbijkomen.

Het is op zich begrijpelijk dat daar afspraken over worden gemaakt, maar als er extra subsidie voor DTV wordt uitgekeerd, dan hoor ik ook graag of DTV ook iets extra's gaat doen voor ons als gemeente wat uitzendingen en programmering betreft. Er staat ook iets tegenover die extra subsidie. Tot slot, in de actualisering van de begroting wordt gesproken over € 0,5 miljoen nadeel vanwege het Theater aan de Parade. Daar hebben we het al uitgebreid over gehad. Daar zijn wij geen voorstander van. En een € 0,3 miljoen nadeel op de toeristenbelasting door met name de sluiting van één hotel en we weten allemaal dat dat hotel nu in gebruik is als azc. Kortom, die vreselijke asielopvang kost onze gemeente ook nog heel veel geld. Ik hoor graag van de gestelde punten een reactie van het college. Kortom, wij zijn eigenlijk niet heel erg blij met wat er in de voorjaarsnota staat. Mevrouw HOEKSTRA: Ik wilde even tot het einde van uw betoog wachten. Ik had één vraag over DTV. Volgens mij is het zo, maar misschien kunnen we het antwoord van de portefeuillehouder afwachten, dat we geld compenseren dat de lokale omroep van het rijk zou krijgen maar dat dat uitgesteld is en dat we dat daarmee opvangen. Dus dat het niet zo is dat we iets extra's van DTV kunnen vragen voor dat geld dat we hen dan geven.

Als dat het geval blijkt te zijn, is mijnheer Van Hattem er dan gewoon voor om dat geld aan de lokale omroep te geven zodat ze kunnen blijven doen wat ze doen of vindt u dan nog steeds dat ze iets extra's moeten gaan doen? De heer VAN HATTEM: Allereerst vind ik dat DTV met een beperkt budget al een mooi product neerzet. Dat heb ik altijd gezegd, ik ben geen groot fan van de publieke omroep, maar als ik het vergelijk met andere omroepen wat daar aan geld wordt verspild, heb ik toch wel waardering voor wat ze doen. Aan de andere kant, als ik dan bijvoorbeeld kijk naar de programmering in Oss, daar hebben ze een iets uitgebreider programma, iets meer inhoud, ook gericht op de lokale situatie, lokaal sportprogramma erbij en zo, dus ik vind de programmering voor Den Bosch wel een klein beetje karig, om het even zo te noemen. Dus als er dan toch extra geld komt, zou het misschien goed zijn om in gesprek te kijken: kan er misschien ook iets meer gedaan worden voor dat geld en ik zou het alleen maar toejuichen om daarmee ook een sterkere omroep neer te zetten, wat misschien ook weer meer adverteerders trekt. Mevrouw HOEKSTRA: Volgens mij is het zo, naar aanleiding van een gesprek dat ik met de mensen van DTV heb gevoerd, dat Oss ook bijna twee keer zoveel geld geeft aan de lokale omroep, dus daar krijgen ze ook meer voor terug. Het lijkt me dus logisch dat daar een verschil in zit.

Pleit u er nu voor om als Den Bosch ook extra middelen uit te trekken voor de lokale omroep of hoor ik u nu zeggen: ze moeten meer gaan doen voor dat geld? De heer VAN HATTEM: Eigenlijk toch wel dat laatste. Als er extra geld wordt gegeven verwacht ik er ook iets meer voor terug, ook al is het een compensatie. Er kan misschien in ieder geval in gesprek worden gegaan om te kijken wat met het budget dat er staat toch iets meer gedaan kan worden om de couleur locale nog meer mee te geven en Den Bosch beter op de kaart te zetten, als we toch iets positiefs mogen noemen. Er zijn veel positieve dingen in deze stad en via zo'n lokale omroep kan dat ook mooi in beeld. En als er dan extra wordt betaald moeten we die kans wel aangrijpen om daar vorm aan te geven. De heer GERSJES: Dames en heren, we gaan leuk afsluiten. Ik zal u meenemen in een aantal zorgen die wij hebben. Die zijn niet altijd leuk, maar het zijn voorbeelden die ik noem die ik in 44

de praktijk tegenkom in mijn dagelijkse rondje in de binnenstad, in de wijken. Namens de fractie van VOOR Den Bosch wil ik onze visie delen op de voorjaarsnota van 2026 en als oppositiepartij voelen wij de verantwoordelijkheid om kritisch te zijn en de belangen van onze inwoners en ondernemers te verdedigen. Onze bijdrage richt zich op een aantal voorbeelden die ik zo meteen zal noemen. Eigenlijk zou ik kunnen verwijzen naar mijn site voordenbosch.com. Daar staat eigenlijk heel mijn betoog bijna op, want daar komt eigenlijk alles terug wat ik hier met u ga delen. Want onze partij is zoals u weet een partij met een tegengeluid en soms rebels, om het college bij de les te houden. De vele vragen die VOOR Den Bosch heeft gesteld waren nodig om het college scherp te houden en ook om te weten hoe de vork in de steel zit. Of ze daar nu wel altijd blij mee waren weet ik niet, maar het gaat niet verminderen. Noem onze partij maar gewoon de dingen van de gewone mensen die vinden dat zaken goed geregeld moeten zijn. Daar gaan we voor. Maar dat blijkt ook nodig hè, want omvangrijke projecten zijn er genoeg in Den Bosch. Prestigieuze projecten, zoals het nieuwe theater en het eveneens nieuwe Design Museum en het station. Maar wij van VOOR Den Bosch zijn voor vooruitgang, maar tegen geldverkwisting. Het bonnetje moet kloppen, en anders stellen we veel vragen.

Over de kapotte liften bij de Paleisbrug, die € 2.050 per week kosten omdat ze nog steeds niet kunnen worden geplaatst. Januari hopelijk. Dan het grofvuil, dat zomaar voor jouw deur komt te staan. Of als u gaat winkelen bij de containers die bij de winkelcentra, Helftheuvel, Rompertpassage, Zuiderpassage staan. Wat doen we daaraan wethouder? U heeft wel handhaving ingezet en u schrijft bonnen uit, maar het grote probleem wordt niet onderkend. En dan nog het gebrek aan fatsoenlijke schone toiletten in onze stad. Ook daar komt maar niets van. Ik heb er vaak voor gepleit om openbare toiletten gewoon aan te passen en te vermeerderen, en onze partij blijft zich daarvoor inzetten, de dingen die voor de gewone Bosschenaren van groot belang zijn. Wij vinden dat de binnenstad leefbaar en ook leuk moet blijven voor onze bewoners. Het moet geen evenemententerrein worden of een toeristenoord zoals Giethoorn. Kom je naar Den Bosch, dan moet je je wel gedragen, want niet alles kan. Bosschenaren zijn gastvrij en maken makkelijk een praatje en zorgen al decennia voor een mooie historische binnenstad. Ik kom ze iedere dag tegen en ik hoor ook kritische punten. Laat ik ze maar gewoon noemen. Gisteren was ik bij de Beach Bar Zuiderplas en praatte ik met de beheerder. De man is al jarenlang in onzekerheid over zijn exploitatie te mogen doorvoeren, te mogen behouden.

De man wil zijn spullen verkopen, want hij moet eind december eruit. Mogelijk gaat hij nog een jaar door. Maar ieder jaar weer een verlenging. Zijn spullen wil hij verkopen, zijn interieur, zijn meubels, zijn hele hebben en houwen. Onduidelijkheid, hij weet niet wat hij ermee aan moet. De man is eigenlijk ten einde raad. Dat moet niet, er moet duidelijkheid zijn dat hij gewoon nog door kan, want dat hele project daar bij de Zuiderplas gaat zeker nog wel meer dan een jaar duren. Dan nog een voorbeeldje. Bij de IJzeren Vrouw is een jaar geleden een mooi speeltoestel weggehaald, het zou vervangen worden. Vragen gesteld, het is er nog niet. We hebben wel geld over in de begroting. Snapt u het nog? Dan nog een voorbeeldje. Ik kom zo meteen langs de Koningsweg. Daar hebben mensen bordjes geplaatst met een hartje, 30 km. Hoezo, waarom moeten mensen dit zelf doen? We moeten gewoon waarschuwen dat daar gewoon 30 km per uur mag worden gereden. De snelheid moet ook wel worden aangepast, maar toch moeten inwoners dat allemaal zelf regelen. Dat vind ik echt wel jammer. En ik pleit er ook voor dat in de snelheden goed wordt gecontroleerd, wie dat dan ook doet, dat moet de politie doen of iemand anders, maar ga er in ieder geval mee aan de slag. In de Rijnstraat, in de Maaspoortweg, het is gewoon een gekkenhuis.

En wat binnenkort en eigenlijk nu al speelt, maar ik wil u dat toch best even meedelen, ik heb een heel groot aantal bezorgde ouders, meer dan 200, en die maken zich zorgen over het onderwijs van hun kinderen op de scholen in Den Bosch, de kwaliteit van de ontwikkeling, en dat heeft ermee te maken dat er zoveel buitenlandse kinderen, die wij natuurlijk moeten onderwijzen, in die klassen zitten. Ik zal u een voorbeeld geven. Een leerkracht heeft een iPad en die zegt: en nu gaan we pauze houden. Het wordt vertaald in het Syrisch, in het Oekraïens, in het Russisch. Taal gaat allemaal ten koste van de ontwikkeling van de kwaliteit van het kind. Ik kom er binnenkort op terug. Laat ik nog een voorbeeld noemen, de Afvalstoffendienst. Er ligt nu een motie van de VVD. Mevrouw MULLER: Ik herken dat beeld niet, van ouders die dan klagen dat het onderwijs minder goed zou zijn omdat er anderstalige kinderen in de klas zitten, want daar is extra hulp voor. De heer GERSJES: Nou, ik heb 200 handtekeningen binnen uit een bepaalde wijk in Den Bosch waar bezorgde ouders tegen dit probleem aanlopen. Minder Nederlandse kinderen op scholen, meer buitenlandse kinderen in de klas. Dat gaat ten koste van het onderwijs, vinden zij. En ik noem de wijken nog niet, maar binnenkort hoort u misschien wel meer.

45

Mevrouw MULLER: Maar bent u het met mij eens dat als er extra hulp is voor die anderstalige kinderen dat dat probleem er dan niet hoeft te zijn? De heer GERSJES: Ik onderken het wel, ik snap dat dit gebeurt. Even een voorbeeld, als je een kleuterklas hebt van dertig leerlingen en er zitten nog vijf Nederlandse kinderen en voor de rest moet allemaal omdat ze de Nederlandse taal niet spreken, aandacht worden gevraagd, om duidelijk te maken hoe of wat, dan gaat dat ten koste van de kwaliteit van het onderwijs van de kinderen in die klas die wel de Nederlandse taal spreken. Ik spreek het maar uit, het zijn de dingen die naar me toe komen en ik kan er niets anders van maken. De heer VAN HATTEM: Diezelfde signalen heb ik ook ontvangen, dus ik kan het betoog van de heer Gersjes onderschrijven, sterker nog, er zijn zelfs al personeelsleden vertrokken van scholen vanwege deze situatie. Ik heb ook zelf vragen hierover in voorbereiding. Ik wilde de heer Gersjes vragen of hij bereid is om samen met mij hierover vragen in te dienen. De heer GERSJES: Altijd bereid, op dingen die niet lekker lopen moeten we in ieder geval scherp op zijn om ze te tackelen.

Mevrouw MULLER: Vindt u het dan ook van belang om niet alleen de ouders te horen, maar ook de scholen als u daar een punt van gaat maken? De heer GERSJES: De signalen zijn er en als je daarmee komt bij een school dan zal er altijd worden gesproken vanuit de visie van de school en die is altijd goed. We doen dit, we doen dat, we houden ons aan dat, we houden ons aan de inspectie, et cetera. Maar er is ook een andere kant die het anders vindt en dat zijn die burgers, de ouders die bezorgd zijn over hun kinderen op de school. Dat betekent dat er dus veel meer spreiding moet komen van de kinderen die op een taalschool zitten, die moeten terug naar de postcodegebieden in de wijken. En dat signaal geef ik mee. Dat is niet helemaal op orde. De VOORZITTER: Het blijft allemaal in duisternis, maar gaat u verder over de voorjaarsnota. De heer GERSJES: Ik kan er wel concreet in zijn, ik hoef geen namen te noemen. De VOORZITTER: Maar u komt ook met vragen, dus dat komt goed. Gaat u verder. De heer GERSJES: Over die Afvalstoffendienst had ik al het een en ander gezegd, we gaan die motie van de VVD steunen. Ik vind het jammer dat die motie er moet komen, om het college te vragen om projectmatige aanpak van het verbeterplan. Het had er gewoon in moeten staan hoe je het doet. Dat vind ik een misser.

Vervolgens, ooit hadden we Proper Jetje, een project in de wijken, toen kwamen kraakwagens en kon je dus gratis je afval inleveren. Dat hebben we ook niet meer. Het kan wel, als je iets meer betaalt aan heffing, dan kan het wel mooi gecompenseerd worden met de doelstellingen die er nu liggen, om 10% van onze inwoners meer te gaan vragen voor de duurzaamheid van de Afvalstoffendienst. Ik zou zeggen: de verbeteringen van de veiligheid en de efficiency, financier die uit het potje duurzaamheid zodat de lasten niet voor de inwoners verder gaan stijgen. De VOORZITTER: Gaat u naar een afronding toe? U zit op zes minuut dertig. De heer GERSJES: Maar daar waren interrupties bij. Maar ik ga er niet moeilijk over doen. Ik zou zeggen kijk op onze website voordenbosch.com en daar ziet u meer. De VOORZITTER: Dank u wel. Dames en heren, ik heb net het bij het voorstel voor morgenavond vanuit het college het verzoek gekregen of we morgen om 20.00 uur kunnen beginnen, omdat er een drietal collegeleden morgen ook nog overleggen hebben met burgers en met de samenleving en die zouden dan verzet moeten worden terwijl het ook al moeilijk wordt om die afspraken te plannen. Dus het verzoek is om om 20.00 uur te beginnen. Is dat een probleem? (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) De heer KAGIE: Dat is geen probleem, maar we konden bevroeden dat er morgenavond teruggekomen zou moeten worden.

Ik wil het alleen maar even gezegd hebben. 46

De VOORZITTER: Zowel de griffie als presidium gingen er niet van uit dat we twee avonden nodig zouden hebben voor deze avond. Het feit dat u dat wel had, prima. De heer KAGIE: Je zag het aankomen. De VOORZITTER: Het was niet het beeld van het presidium en van de griffie, gezien het tijdpad. Mevrouw HENDRICKX: Ik wil er iets over zeggen. We hebben volgens mij de afspraak gemaakt, en ik vind het jammer dat we het daar elke vergadering opnieuw over hebben, dat we rekening houden met die tweede avond. Dat is volgens mij de afspraak die we met elkaar hebben. En dan mag je ook verwachten dat collegeleden dat ook doen. Ik vind het persoonlijk niet fijn om om 20.00 uur pas te beginnen. Ik heb liever wat vroeger op de avond, maar goed, ik kan me voorstellen dat het voor andere mensen het ook vervelend is, dus laten we in het vervolg wel echt proberen, college en raad, om die tweede avond dan gewoon ook echt te pakken, zeker omdat het zo vaak onderwerp is van gesprek. De VOORZITTER: Maar even voor de helderheid, nogmaals, zowel het presidium als de griffie gingen niet uit van een tweede avond op basis van deze zaak. Voor reguliere vergaderingen hebben we dat afgesproken voor de rest van het jaar, maar dit is wel de situatie van deze avond.

De heer VAN HATTEM: Misschien, in het verleden deden we ook altijd één avond voor die algemene beschouwingen en dan waren we ook pas ongeveer om 23.00 uur klaar, dus het lag wat mij betreft wel redelijk in de lijn der verwachtingen. Maar misschien een alternatief voorstel, want we hebben natuurlijk nog die afrondende vergadering op 3 juni. Is het misschien mogelijk om de tweede termijn van het college dan te doen, dat we dan meteen alles pakken? De VOORZITTER: Dan gaat het morgen niet door en dan gaat alles naar 3 juni, maar dan zou mijn voorstel zijn om om 13.00 uur te beginnen. De heer VAN HATTEM: Nee, dat gaat hem niet worden. De VOORZITTER: Dan zou mijn voorstel zijn om om 13.00 uur te beginnen, een uur eerder. Maar dan hebt u dus niet de reactie van het college op basis van wat er vanavond is gezegd. Dat is een beetje raar. De heer VAN GENUGTEN: Ik vind het een beetje marchanderen met alle afspraken die we hebben gemaakt. We hebben vanavond een raadsvergadering, die kent een vergaderorde. We hebben met elkaar als raad besloten dat we morgen doorgaan en dat we dan verdergaan met de beantwoording van het college en degenen die een tweede termijn willen doen dan hun tweede termijn. Dat is hoe we het hebben afgesproken. Deze materie vraagt gewoon om een ordentelijk debat.

De VOORZITTER: Daarom stel ik voor, alleen we zitten met het probleem dat drie portefeuillehouders een overleg hebben met de samenleving en het verzoek is om om 20.00 uur te beginnen. Dat is het. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) 20.00 uur onder leiding van mevrouw Hendrickx morgen en dan gaan we morgen door. Sluiting 23.10 uur Vastgesteld in de vergadering van de gemeenteraad d.d. 3 juni 2025

47

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15615428/1