b6 schetsontwerp_Kerkdekske
Tekst van het document
Zonnepark Kerkdekske
Schetsontwerp
Uitgangspunten uit analyse Inventarisatie en plangebied
wandelpaden, de ecologische kwaliteit versterken door het toevoegen van nieuwe
Het plangebied voor zonnepark Kerkdekske is gelegen in de gemeente
milieucondities en het versterken van cultuurhistorische waarden.
’s-Hertogenbosch, ten zuiden van de A59 en de kern van Nuland. Het plangebied
Ten zuiden en zuidwesten van het plangebied zijn verspreid op enige afstand enkele
bestaat uit meerdere kadastrale percelen met een gezamenlijke oppervlakte van
woningen gelegen met mogelijk zicht op het zonnepark. Hiermee dient rekening te
6,33 hectare.
worden gehouden in de landschappelijke inpassing.
www.eelerwoude.nl
Het plangebied is gelegen op de grens van stedelijk- en landelijk gebied. Het gebied ten zuiden van de snelweg A59 is voornamelijk (agrarisch) buitengebied met verspreid diverse natuurgebieden, ten noorden van de A59 begint het stedelijke gebied van de kern van Nuland. Het plangebied wordt aan de noordzijde begrenst door de Kleine Wetering en de A59, in het oosten door de Kleine Wetering en in het zuiden door de Coppensdijk. Het meest westelijke perceel wordt zowel in het noorden als in het zuiden begrenst door de Coppensdijk, en in het oosten- en westen door sloten tussen de percelen. Het landschap ten zuiden van de huidige A59 en de watergang Kleine Wetering is van oudsher een moerassig gebied. Vanaf circa 1850 is het gebied ontgonnen met oost-west verbindingen en een noord-zuid verkavelingspatroon met smalle kavels, gescheiden door sloten. In de loop van de jaren ’50 en ’60 is er sprake van schaalvergroting in het landschap waarbij de oorspronkelijke verkavelingsstructuur is verdwenen. Het centrale plangebied wordt doorsneden door het Kerkdekske (kerkdijkje), tegenwoordig een wandelpad met een kenmerkende laanstructuur.
Historische kaarten 1870 (links) en 1950 (rechts)
De Kleine Wetering die tussen het plangebied en de A59 loopt is een A-watergang in beheer van het waterschap. In het ontwerp dient er rekening mee te worden gehouden dat de watergang voor onderhoud door het waterschap bereikbaar moet zijn. Ook kan dit gevolgen hebben voor aanvullende inrichtingseisen met betrekking tot water en waterberging. Hiervoor is afstemming met het waterschap noodzakelijk. In de Visie Energielandschap van de gemeente ’s-Hertogenbosch komen gronden langs infrastructuur (de A59) als tweede stap op een vereenvoudigde zonneladder in aanmerking voor het realiseren van een zonnepark, na zon-op-dak. De snelweg A59 is op zichzelf reeds een verstorend element wat het landschap heeft doorsneden. Bundeling van verstoring door het zonnepark aan te leggen naast de snelweg zorgt voor minder beleving van de verstoring dan wanneer deze verspreid in het landschap ligt. Hierbij dient wel rekening te worden gehouden met de kernkwaliteiten van het landschap van het deelgebied waar het plangebied in is gelegen. Bij de inpassing van het zonnepark kan worden gedacht aan het versterken van de ruimtelijke structuur door het aanplanten van houtwallen en
Historische kaart 1995 (links) en luchtfoto van de huidige situatie (rechts)
houtsingels, de recreatieve gebruiksmogelijkheden verruimen door de aanleg van
2
www.eelerwoude.nl
Uitganspunten vanuit beleid
Energieperspectieven
Deel A van de Visie Energielandschap zijn gebieden aangewezen waar zonne- en
In het afwisselende landschap van Hoge Heide kunnen onder voorwaarden
windenergie uitgesloten is (‘vrijwaren’) en een gebied ‘Iinpassen’ waar onder
zonnevelden worden ingepast. In het deelgebied zijn ook enkele Natuur Netwerk
voorwaarden alleen zonne-energie mogelijk is. Het plangebied is gelegen in het
Brabant (NNB) gebieden gelegen, deze gebieden zijn in beginsel ongeschikt voor
‘inpassen’ gebied. Landschappelijke inpassing en het ontwikkelen van ruimtelijke
de inpassing van zonne-energie. De ontwikkeling van een zonneveld moet integraal
kwaliteit zijn de belangrijkste voorwaarden voor een zonneveld. Het bestaande
worden benaderd, waarbij onder meer kan worden gedacht aan:
landschap verandert, zonder dat het essentieel van karakter verandert. Bij de
•
door houtwallen, singels of laanbeplanting aan te brengen.
ontwikkelingen van een initiatief dient de relatie van de locatie tot zijn omgeving centraal te staan. Bij de ontwikkeling moet aangetoond worden dat: •
Het initiatief is afgestemd met de omgeving;
•
Het ontwerp is passend bij de maat en schaal van het landschap;
•
De draagkracht van het landschap niet wordt overschreden;
•
De kernkwaliteiten van de locatie niet worden aangetast;
•
Er nieuwe kwaliteiten worden toegevoegd;
•
Er behalve de opwekking van duurzame energie ook is voorzien in strategie en uitvoeringsprogramma waarbij de maatregelen voor verdere verduurzaming van het bedrijfsproces en de omgeving fundamenteel zijn uitgewerkt.
In de Visie Energielandschap deel B wordt gewerkt met verschillende deelgebieden
Het versterken van de ruimtelijke structuur van het mozaïeklandschap
•
De recreatieve gebruiksmogelijkheden verruimen door het aanleggen van wandelpaden.
•
Het versterken van de ecologische kwaliteit door het toevoegen van nieuwe milieucondities zoals ecologische verbindingen of een poel.
•
Rekening houden met en/of versterking van cultuurhistorische waarden.
Uitgangspunten landschappelijke inpassing •
Ligging plangebied nabij het NNB
Oude verkavelingsstructuren en landschapselementen zijn verdwenen,
op basis van het landschap. Aan de hand van deze deelgebieden zijn er
waardoor de leesbaarheid van het landschap is verdwenen. Met de
verschillende Energieperspectieven gegeven.
landschappelijke inpassing zijn kansen om aan te sluiten op het herkenbaar maken van het landschap, waarbij de landschapsstructuren worden hersteld.
Hoge Heide is het landelijk gebied op de dekzandrug tussen Rosmalen, Nuland
•
Rond 1900 was het landschap nog goed leesbaar. Het landschap van
en Berlicum. Het gebied is overwegend droog, maar wordt dooraderd door
voorliggend zonnepark was een nat landschap, waarbij de weteringen en
de Grote Wetering en de Kleine Wetering. Het is een kleinschalig landschap
watergangen uitkomst boden om het gebied te gebruiken voor de mens.
met landgoederen, kloostercomplexen, bossen, (bloemrijke) weilanden, heide,
•
Het plangebied kent een divers en kleinschalig landschap. In de omgeving zijn van oudsher heidevelden te vinden, welke duiden op schrale grond. De van
akkerrandwallen en stuifzanden.
oudsher oude akkers duiden op hogere gronden. Kenmerkend voor het gebied zijn de kleinschaligheid, grote mate van
•
De late ontginning van het gebied heeft gezorgd voor de - in die tijd -
toegankelijkheid, natuurrijkdom en de aanwezigheid van monumentale bomen.
typische orthogonale landschapsstructuren. Het gebied is hierdoor divers en
In het gebied leven soorten die afhankelijk zijn van een gevarieerd en kleinschalig
kleinschalig, met hoge droge gronden en natte lage gronden.
landschap zoals de das, knoflookpad en diverse vogels.
•
Het Kerkdijkje (kerkdekske) is als stevige groenstructuur bewaard gebleven in
Hoge Heide wordt door de A59 opgedeeld in Hoge Heide Noord en Hoge Heide
het landschap. Ook de kleine wetering is nog aanwezig. Dit zijn waardevolle
Zuid. Het plangebied voor zonneveld Kerkdekske is gelegen in Hoge Heide Zuid,
elementen om te behouden en te versterken.
gelegen op de dekzandrug. Hoge Heide Zuid omvat naast bos- en natuurgebieden
•
De wandelroute over het Kerkdekske biedt kansen om de recreatieve voorzieningen aan te vullen/uit te breiden.
ook een aanzienlijk areaal jonge heide ontginningen; het overwegen open agrarisch landschap rond Vinkel, waar ook het plangebied is gesitueerd.
Deelgebieden ‘s-Hertogenbosch met ligging plangebied
•
Vanuit de ecologische adviezen, van o.a. Agrarisch natuur- en landschapsbeheer Brabant, liggen hier kansen voor een vogelakker en kruidenrijk grasland ten behoeve van bijen.
3
Zonneveld Kerkdekske
www.eelerwoude.nl
Schetsontwerp
Datum: 28-06-2024
Projectnummer: 204075
Haag Water bestaand Oever bestaand Water nieuw Flauwe oever Greppel Kruidenrijk grasland Vogelakker Boom bestaand Knotwilgen nieuw Panelen veld Hekwerk Technische installaties Halfverhard onderhoudspad 0
0
Schetsontwerp Zonnepark Kerkdekske
50
50
10
100
15m 0
150m
Onverhard wandelpad Bestaand schuurtje
4
Schetsontwerp
Zonneveld Kerkdekske
www.eelerwoude.nl
Schetsontwerp
Datum: 28-06-2024
Projectnummer: 204075
Aansluiten op landschap
Zonnepark Kerkdekske is gelegen binnen het landschap van de Hooge Heide. Dit landschap wordt gekenmerkt als een kleinschalig mozaïek landschap met een afwisseling van bos, heide, stuifzanden en open agrarisch gebied. Met voorliggend ontwerp wordt aangesloten op de oude mozaïekstructuren en de bijbehorende verkaveling. Door middel van knotwilgenrijen wordt het lijnenspel van de historische (kleinschalige) verkaveling weer aangezet. Langs de historische lijn van de Kerkdekske worden open ruimtes gehouden om de kenmerkende structuur te behouden. Aan weerszijde van de Kerkdekske wordt een vogelakker gerealiseerd en rondom de paneelvelden komt kruidenrijk grasland. Rondom het zonnepark wordt tevens een onverhard wandelpad aanlegd in aanvulling op de Kerkdekske. Dit biedt omwonende de mogelijkheid om een ommetje te maken. Het wandelpad betreft een onverhard en uitgemaaid pad, zodat er toename is van verharding binnen het plangebied.
Licht-op-bodemsysteem
Voorliggend zonneveld krijgt een oost-west-opstelling, waarbij een nieuw
Haag Water bestaand
legsysteem, licht-op-bodem, wordt toegepast. Door stroken van noord tot zuid
Oever bestaand
tussen de panelen vrij te laten wordt het zonlicht gedurende de gehele dag over de
Water nieuw
gehele bodem onder de panelen verspreid. Tevens wordt door het gebruik van deze
Flauwe oever Greppel
opstelling visueel aangesloten bij de verkavelingsrichting. Het licht-op-bodem kent
Kruidenrijk grasland
een lage opstelling van maximaal 1,40 meter hoog, waardoor men gemakkelijker
Vogelakker Boom bestaand
over de panelen heen kijkt. Wel is de opstelling hoog genoeg voor het beweiden met
Knotwilgen nieuw
schapen.
Panelen veld Hekwerk Technische installaties Halfverhard onderhoudspad 0
0
50
50
10
100
150 m
150m
Onverhard wandelpad Bestaand schuurtje
Schetsontwerp Zonnepark Kerkdekske
Ecologische versterking
Zonnepark Kerkdekske is gelegen nabij het Natuurnetwerk Brabant (NNB). Met de landschappelijke inpassing wordt naast de versterking van het kleinschalig mozaïek landschap ook bijgedragen aan de ecologische versterking van het plangebied in relatie tot de omliggende NNB-gebieden en verschillende landgoederen. Zo wordt aan de noordzijde een natuurvriendelijke oever gerealiseerd, welke bijdraagt aan de waterkwaliteit en de ecologie in en rondom de watergang, de Kleine Wetering. Rondom het panelenveld en rondom de Kerkdekske worden verschillende kruidenrijke zones, waaronder de vogelakker, aangelegd. Deze kruidenrijke zones Sfeerbeelden landschappelijke inrichting Zonnepark Kerkdekske
5
www.eelerwoude.nl
dragen bij aan de voedselvoorziening voor vogel, maar ook voor wilde bijen en
•
de das, welke in omliggende bosgebieden (NNB) voorkomt. De aanleg van de knotwilgenrijen met greppels zorgen niet alleen voor de herkenbaarheid van het
•
landschap, maar ook voor een diversiteit in het landschap, wat op zijn beurt weer bijdraagt aan de ecologische versterking in een gebied met veel natuurgebieden.
Beheer
•
Voorkom slachtoffers onder fauna (bijvoorbeeld egels en ringslangen) door
Flauwe (natuurvriendelijke) oever
robotmaaiers alleen onder persoonlijke besturing toe te passen.
Normaliter hoeft een oever niet te worden ingeplant en vestigen er zich
Vanwege brandgevaar moet de vegetatie in de nazomer en herfst niet tegen de
vanzelf diverse soorten die passen bij de plek. Oeverplanten aanplanten of een
panelen komen.
oevermengsel inzaaien levert een sneller resultaat.
Invasieve soorten als Japanse duizendknoop en berenklauw jaarrond biologisch Ontwikkelingsbeheer (jaar 0 t/m 2 - 4)
bestrijden.
Om het doorstroomprofiel open te houden en de gewenste vegetatiegroei
Het plangebied wordt extensief beheerd. Het kruidenrijk grasland wordt gemaaid
Instandhoudingsbeheer (vanaf 3 jaar)
te krijgen, is onderhoud van een natuurvriendelijke oever noodzakelijk. Het
en afgevoerd, hierna kunnen schapen het grasland kort begrazen (niet langer dan
•
De vegetatie maaien (en afvoeren) volgens het onderstaande schema.
ontwikkelingsbeheer is erop gericht een geschikt milieu te scheppen voor het
een week op 1 plek met tussenpozen van minimaal 6 tot 8 weken zodat bloemen
•
Er kan selectief extra worden gemaaid waar ongewenste soorten domineren.
kiemen en vestigen van de gewenste plantengroei.
de kans krijgen te bloeien). Ditzelfde principe geldt ook voor het beheren van de
•
Voor de overige maatregelen zie Ontwikkelingsbeheer.
•
natuurvriendelijke oever.
•
Maai niet alles in één keer. Zo bloeit altijd een deel van de vegetatie waardoor
Kruidenrijk grasland Kruidenrijk grasland wordt gekenmerkt door variatie in structuur en een begroeiing
langer nectar en stuifmeel voorradig is voor insecten en dekking aanwezig is
•
Opschot van jonge bomen verwijderen.
Instandhoudingsbeheer (vanaf jaar 2 - 4)
laten staan.
•
fauna. Gradiënten zoals in voedselrijkdom, licht - schaduw en nat - droog en
Alternatief voor maaien
diversiteit in beheer zorgen voor diverse vegetatietypen. Het aandeel kruiden is ten
Een alternatief voor machinaal maaien is drukbegrazing van schapen.
minste 20%. Belangrijk is dat de soorten passen bij de bodem en waterhuishouding
Drukbegrazing houdt in dat schapen een paar keer per jaar, voor slechts een
ter plekke, daarom wordt een extensief beheer uitgevoerd en het maaisel zo
aantal dagen achtereen, op hetzelfde stuk van een perceel grazen en vervolgens
veel mogelijk afgevoerd. Waar geen bestaande grasmat aanwezig is (vanwege
een volgende stuk tot hun beschikking krijgen. Er dient minimaal 6 tot 8 weken
akkerbouw voorafgaand aan de aanleg) wordt een kruidenrijk grasmengsel
tussen te zitten voordat ze weer op hetzelfde stuk grazen. Hierdoor ontstaat
ingezaaid, zoals mengsel M5 ‘Nectar onder het maaimes’ of N1 ‘Bloemrijk
structuurvariatie in de vegetatie en kunnen bloemen tot bloei komen. Insecten
bijenmengsel met vaste soorten’ van de Cruydthoeck (of vergelijkbaar). Een
profiteren van deze natuurlijke vorm van beheer.
bloemrijk resultaat kan vanwege de meerjarige kruiden vanaf het tweede of derde
Planning maaien en afvoeren
Aanleg
goed kan ontwikkelen.
voor vogels en kleine zoogdieren. Hiertoe minimaal 20-30 % van de vegetatie
die rijk is aan bloeiende planten, insecten zoals vlinders en (wilde) bijen en kleine
jaar worden verwacht.
De eerste twee jaar kan de vegetatie met rust worden gelaten zodat deze zich
Bij zeer voedselrijke oevers tweemaal per jaar maaien. De extra maaibeurt vindt bij voorkeur voor de zomer plaats.
•
Een eenzijdige natuurvriendelijke oever 30% tot maximaal 75% van de oever per jaar maaien.
•
Maaisel dient niet te worden afgezet in de natuurvriendelijke oever.
jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec
Onderhoudsperiode: groen optimaal, blauw optioneel, grijs liever niet
Bewerk het zaaibed na zaaien zo min mogelijk, omdat doorgaans alleen kruiden in de bovenste centimeters van de bodem kiemen. Zaai het liefst in de nazomer en de herfst voor aanleg van het zonneveld voor het beste resultaat. Niet zaaien als het heel droog of nat is of als het vriest. Houd rekening met een langere kiemperiode dan de reguliere landbouwgewassen. Ontwikkelingsbeheer (jaar 0 t/ 3) •
De eerste paar jaren het perceel (afhankelijk van de ontwikkeling) drie tot vijf keer per jaar maaien (en afvoeren) met tussenpozen van minimaal 6 weken. Door maaisel af te voeren wordt de grond verschraalt en krijgen kruiden meer kans ten opzichte van grassen.
•
Voorkom schade aan de vegetatie door niet met zwaar materieel en onder natte omstandigheden te maaien.
Referentiebeeld kruidenrijk grasland
Referentiebeeld flauwe oever
6
www.eelerwoude.nl
Bijlage 1: Leaflet vogelakker
Knotbomen Streefbeeld knotbomen Knotbomen komen net als elzensingels vaak voor op natte gronden. De onderlingen afstand is echter groter en de bomen worden op een grotere hoogte geknot. Diverse boomsoorten kunnen worden geknot, maar het vaakst gebeurt dit met wilgen. Knotbomen nemen het zicht op een zonneveld niet weg, maar filteren het en zorgen ervoor dat de omgeving wordt verfraaid, hierdoor wordt de draagkracht van het landschap vergroot waardoor de impact van een zonneveld wordt gemitigeerd. Aanleg Bij de aanleg van nieuwe knotbomen is het relevant om autochtoon plantmateriaal te gebruiken. Plant het liefst zo snel mogelijk na aanleg van het hekwerk en voor aanleg van de zonnepanelen. Plant in het najaar zolang het niet vriest zodat planten langer de kans krijgen aan te slaan voordat de zomer begint. Gebruik bewortelde stekken of veren voor een sneller resultaat dan bij gebruik van vers gesnoeide staken. Plant op variërende afstand van 4 tot 6 meter zodat een onregelmatig beeld ontstaat, passend bij het landelijk gebied. Omdat de bomen op grotere hoogte worden geknot is het niet noodzakelijk deze uit te rasteren ter bescherming tegen vraat door vee (schapen).
Referentiebeeld knotbomen nabij een greppel
Geschoren haag Rondom het hekwerk, worden beuken- of veldesdoornhagen (Fagus sylvatica – Acer campestre) aangeplant, waardoor een groene gebiedseigen uitstraling ontstaat. Aanplant dient te gebeuren in 2 rijen met 6 stuks/m1. Het is de bedoeling dat de hagen 1 meter breed en 1,2 meter hoog zijn zodat de groene uitstraling wordt geborgd Hiermee ontstaat een natuurlijke lage afscheiding van de opstelling met
Ontwikkelingsbeheer (jaar 0 t/m 2) •
Bij extreme droogte de eerste paar jaar watergeven.
•
Bij uitval van meer dan 10% inboeten.
zonnepanelen.
Instandhoudingsbeheer (vanaf jaar 2) •
Eens in de 4 tot 6 jaar knotten op circa 2 meter hoogte.
•
Het knotten kan het beste plaatsvinden in de periode van half november tot half maart.
•
Zaag de takkan af tot op 2 à 3 centimeter van de stam, haaks op de tak.
•
Vrijgekomen takken / hakhout verwijderen.
•
Onderhoudspad jaarlijks maaien en het maaisel afvoeren.
7
Doorsnede B_Oost
Doorsnedes
Datum: 28-06-2024
Datum: 28-06-2024
www.eelerwoude.nl
onneveld Kerkdekske
A
hetsontwerp
Datum: 28-06-2024
Hekwerk +2
Projectnummer: 204075
Geschoren haag +5 NAP
B
+1,4 m
+4,75 NAP GHG -0,4 m GLG -0,7 m
A
Diepte watergang - 1,7 m
d Kerkdekske
Projectnummer:
Projectnummer: 204075
Plangrens
D
10,3
Zuid
Datum: 28-06-2024
Flauwe oever
4,6
Projectnummer: 204075
Talud 1:7
C
2,5
Onderhoudspad
Onderhoudspad
B
Haag Water bestaand Oever bestaand Water nieuw
D*
Kruidenrijk grasland
0
Zonneveld Kerkdekske
50
10
50
150 m
100
150m
Boom bestaand
Water bestaand
Knotwilgen nieuw
Oever bestaand
Panelen veld
Water nieuw
Hekwerk
Flauwe oever
Technische installaties
Greppel
GHG -0,4 GLGm-0,7 m Diepte watergang - 1,7 m
Diepte greppel - 0,8 m
Halfverhard onderhoudspad
Kruidenrijk grasland2,5
Onverhard wandelpad
Vogelakker
Onderhou
5,5
20
10,6
Greppel
Kruidenrijk grasland
Flauwe oever Talud 1:7
Boom bestaand ds-pad
Bestaand schuurtje
Knotwilgen nieuw Panelen veld
C Doorsnede D_West
Datum: 28-06-2024
Hekwerk
Projectnummer: 204075
Technische installaties Halfverhard onderhoudspad 0
0
+1,4 m
+5 NAP
+4,80 NAP
Haag
Vogelakker
0
Hekwerk +2
+1,4 m
s
Greppel
Plangren
Flauwe oever
50
50
10
100
Onverhard wandelpad
150 m
150m
Bestaand schuurtje
Hekwerk +2 Geschoren haag +4,9 NAP
Plangrens
+4,75 NAP
5
Kruidenrijk grasland
Hekwerk +2 +1,4 m +4,8 NAP Diepte greppel -0,8 m
Plangrens
D & D*
2,5
Onderhoudspad
2,5
5
20
Onderhouds -pad
Greppel
Vogelakker
Plangrens
ekske
Zonneveld Kerkdekske
8
Visualisatie
www.eelerwoude.nl
Datum: 28-06-2024
Projectnummer: 204075
Huidig
Haag Water bestaand Oever bestaand Water nieuw Flauwe oever Greppel Kruidenrijk grasland Vogelakker Boom bestaand Knotwilgen nieuw Panelen veld Hekwerk Technische instalaties Halfverhard onderhoudspad Onverhard wandelpad 0
50
100
150m
Bestaand schuurtje
Visualisatie Zonneveld
9
www.eelerwoude.nl