CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-01-13 Commissie Bedrijvigheid vastgesteld

Commissie BEDRIJVIGHEID 13 januari 2025, gemeente 's-Hertogenbosch7.725 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Commissie BEDRIJVIGHEID Datum: Locatie: Aanwezig: Voorzitter: Secretaris: (plv.) Commissieleden:

Collegeleden:

13 januari 2025 Raadzaal

mw. M.A.J.T. Korver-van Weegberg mr. drs. R. van der Meer drs. E.M.M.P. Altenburg-Collin, B. El Amraoui, mw. mr. Y. Doğan, J.J.M. Gersjes, L.A.J. van Griensven, S.C. van Hasselt, T.A.J. Heijmans, W.B.G. Hoeben, ing. J.N. Kieft, H.J.M. Kitslaar, mw. J.M. Klerks, J. Kouwenberg, mw. W.M. van de Leemput, REV H.W. Pennings, mr. S.J.M. Peters, M.C.J.M. Ploegmakers, mw. E. Samshuijzen, D.G.G. Scholten, drs. ing. G.M.M. Verbruggen, mw. mr. C.H.A. van den Wildenberg R.J.J. Geers

Afwezig:

H.B. Bos, E.R.F. Esser, mw. W. de Groot MSc, mw. A. Hernández, M.P. Kagie, R.F.E. van Oijen, P.J. Romijn, mw. C.K.J. Visscher

Verslaglegging:

mw. J. Beaumont, DemiSec

1.

Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen welkom. De heer Romijn wordt vervangen door mevrouw Samshuijzen en de heer Bos door mevrouw Doğan.

2.

Vaststellen van de agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

3.

Vaststellen van het verslag van de commissie Bedrijvigheid van 25 november 2024 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.

4.

Vaststellen van de lijst van toezeggingen en de lijst van openstaande moties De voorzitter merkt op dat het college voorstelt de moties 4, 9 en 22 als afgedaan te beschouwen. Zij constateert dat de commissieleden daarmee instemmen. De lijst van toezeggingen en de lijst van openstaande moties zijn hiermee vastgesteld.

5.

Werkplanning De voorzitter licht ten aanzien van de functie van de werkplanning toe dat het college hierin inzicht geeft in de planning van raadsvoorstellen en discussienotities voor de komende twee kwartalen. De commissie kan middels dit instrument regie voeren op die agendering, zoals eigen onderwerpen agenderen bij Informeren en Ontmoeten. Als er voorstellen zijn om de agendering te wijzigen omdat een voorstel bijvoorbeeld meer voorbereidingstijd vraagt of een agendapunt toegevoegd zou moeten worden dan dient dit voorafgaand aan de vergadering aan de secretaris kenbaar te worden gemaakt. De werkplanning wordt conform vastgesteld.

Raadsvoorstellen 6.

Wijzigen Marktverordening gemeente ’s-Hertogenbosch 2021 De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) is verheugd over dit voorstel om privaat georganiseerde markten mogelijk te maken. Dit biedt bijvoorbeeld Empel de mogelijkheid om zelf een markt te organiseren, wat de bewoners graag willen. Er blijkt veel behoefte aan een markt op de Brink, dat initiatief komt hiermee een stap dichterbij. Lokale initiatiefnemers dienen hierbij wel voorrang te krijgen zodat niet grote partijen van buiten de vergunning krijgen. De gemeente moet goed letten op hoe de markten worden georganiseerd zodat deze voor 1

iedereen toegankelijk blijven. De heer Altenburg-Collin (VVD) heeft begrepen dat maar liefst zestien ondernemers zelf een markt willen organiseren op de Brink. Een dergelijk initiatief juicht de VVD toe. Ondernemers dienen gefaciliteerd te worden bij hun ondernemerschap en dit voorstel past hier perfect in. Als marktpartijen een markt goedkoper kunnen organiseren onder dezelfde voorwaarden dan gaat hij daarin mee. Het lijkt hem goed ook te kijken naar andere markten in de gemeente zoals de Bossche warenmarkt op woensdag en de markt in Rosmalen. Ondernemers in Rosmalen blijken hier ook voor te porren te zijn. Kunnen die markten in de toekomst ook geprivatiseerd worden? Welke markten zijn hiervoor geschikt en welke niet? Op bepaalde markten zal de gemeente de regie willen behouden, zoals de Bossche zaterdagmarkt. De heer El Amraoui (D66) sluit zich grotendeels aan bij de VVD: het is goed dat de dorpen en wijken zelf regie hierop hebben samen met de ondernemers. Mevrouw Klerks (Volt) is het eens met Rosmalens Belang. Zij deelt de zorg dat de vergunning niet aan grote partijen moet worden verleend maar juist bekeken moet worden hoe dit lokaal opgelost kan worden. Zij hoopt dat dit ook kansen biedt voor andere wijken en gebieden in de omgeving. De heer Van Griensven (PVV) staat positief tegenover dit voorstel.

Ondernemers weten immers zelf het beste hoe zij moeten ondernemen, daar hebben zij geen bestuurders voor nodig. Jammer dat het college alsnog in de stukken vermeldt dat het organiseren van een markt geen lucratieve business is want het is het voor veel marktkooplui wel een noodzakelijk inkomen. Er wordt gesproken over een enquête onder alle inwoners van Empel. Was die enquête alleen voor inwoners in het centrum of niet? Hij heeft namelijk signalen gekregen dat inwoners geen enquête hadden gezien. In artikel13.d staat dat duurzaamheid een verplicht criterium is bij het verdelen van de schaarse vergunningen voor het organiseren van een markt, maar het begrip duurzaamheid is verder niet uitgewerkt. Op welke aspecten van duurzaamheid kan worden getoetst? En kunnen ondernemers van de markt in Empel dezelfde zero-emissie eisen als de ondernemers van de markt in de binnenstad? Wat als ondernemers van de markt in de binnenstad liever op markten buiten de binnenstad willen staan? Welke acties onderneemt de gemeente als de markt in het centrum leegloopt? Vraag van een ondernemer: hoe kunnen marktkooplui weten waar de zelfstandige markten komen te staan en wanneer kunnen zij zich daarvoor inschrijven? De heer Kieft (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) kan instemmen met het voorgenomen raadsvoorstel. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) kan zich grotendeels aansluiten bij Rosmalens Belang.

Nu staat de wijkraad op maar als er geen zelfstandig orgaan is dat een markt wil organiseren, blijft het dan een verantwoordelijkheid van de gemeente? In Empel was geen markt en het is goed dat er daar een komt. De heer Van Hasselt (SP) steunt het zelforganiserend vermogen van de gemeenschap dus ook het initiatief van de bestuursraad van Empel. De gemeenschap moet zelf zeggenschap kunnen hebben over het organiseren van verzelfstandigde markten. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) is ook voorstander van dit voorstel. Vrijheid van handel ook voor kleinere partijen is goed. Uiteindelijk bepalen de burgers en ondernemers of de markt kans van slagen heeft. Al jaren zijn er jaarmarkten die succesvol door winkeliersverenigingen worden georganiseerd dus er zijn altijd wel mogelijkheden om dit door te zetten naar een wekelijkse markt. Grootste dilemma is wie er op die markt mag staan, daar zullen goede kaders voor moeten komen. Hij stelt voor evaluatiemomenten in te bouwen om eventueel bij te sturen mocht dat nodig zijn. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) vindt dit een mooi voorstel. Het is goed te monitoren als er nieuwe ontwikkelingen zijn. De heer Ploegmakers (CDA) kan ook instemmen met het voorstel. Een wijkmarkt in Empel is een prima initiatief en hij hoopt ook dat het levensvatbaar is. Het is goed ook te kijken naar 2

andere markten in de stad die nieuwe impulsen nodig hebben. Zou privatisering niet tot een ander soort en betere markt leiden? Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) staat achter het besluit in dit raadsvoorstel en sluit zich aan bij de VVD voor wat betreft het kijken naar de overige markten. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) vindt het een goed voorstel maar het heeft wel haken en ogen. Het gaat volgens hem om alle markten in Den Bosch in deze verordening. In een artikel in de plaatselijke krant werd een andere nuance gelegd dan de marktverordening beoogt. Het gaat niet om concurrentie. Er mag ook gekeken worden naar de nieuwe termijn van vergunningen want het gaat niet alleen over verzelfstandiging. Hij stelt voor om van vijftien naar twintig jaar te gaan om de kosten van elektrische auto’s eruit te halen. Reactie college Wethouder Geers zegt dat met dit raadsvoorstel mogelijk wordt gemaakt dat niet alleen de gemeente maar ook een andere organisatie een markt kan organiseren. Op basis van de verordening kan de gemeente bepalen hoe omgegaan wordt met bestaande markten. De verordening geldt inderdaad voor de hele gemeente. Er is sprake van schaarse vergunningen en schaarse ruimte, en om die reden moet worden voldaan aan de Europese richtlijnen.

De gemeente is verplicht te publiceren aan wie de vergunning wordt gegeven om een markt te organiseren waarop partijen in kunnen schrijven. Hij is benieuwd naar de uitwerking van VVD en CDA over wat zij verder willen onderzoeken. Richting PVV zegt hij dat het organiseren van markten niet direct lucratief is want de gemeente legt er vaak geld op toe. De vraag over de enquête gaat hij na. Met duurzaamheid kunnen kandidaten punten scoren in de gunningsprocedure. Zero-emissie is op dit moment niet voorzien in Empel. De organisator kan een uitvraag doen richting marktkooplui via bijvoorbeeld het vakblad, maar dat is aan de organisator van de markt. De gemeente behoudt altijd de mogelijkheid bij het organiseren van een markt om het belang van de markt, de potentie en het draagvlak te bezien. Als er een enorme terugloop in belangstelling is dan kan ook worden besloten die markt te stoppen indien er geen partij is die de markt overeind wil houden. Ten aanzien van de termijn voor vergunningen zegt hij dat het college op dit moment geen reden ziet om die termijn te veranderen. Landelijk wordt ook gekeken naar wat de huidige ontwikkelingen betekenen voor de tijdigheid van de vergunningen en dat wordt nauwlettend gevolgd. Mocht er een andere richtlijn komen dan komt hij hiermee terug bij de raad.

De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) merkt op dat dat voor de bestaande vergunninghouders geldt, maar nieuwe ondernemers krijgen een vergunning voor slechts tien jaar. Dat vindt hij niet reëel gelet op de investering die zij moeten doen in een duurzame elektrische auto die niet binnen tien jaar is terugverdiend. In diverse andere gemeenten wordt de termijn wel verlengd; dat is de ontwikkeling die gaande is. Wethouder Geers heeft bij het invoeringsbesluit onderzoek gedaan naar de terugverdientijd. Die is toen voor de huidige gebruikers op vijftien jaar gezet en uit de berekening is gebleken dat de terugverdientijd op tien tot twaalf jaar uitkwam. Er wordt op dit moment onderzoek naar gedaan of die termijn actueel is en daar wil hij niet op vooruitlopen. De markten zijn op verschillende dagen en verschillende plekken, en de ondernemer moet zelf uitmaken wat voor hem rendabel is. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat als hij een amendement hiervoor indient en de andere partijen steunen dat dan hoeft de wethouder hier niet mee terug te komen. Wethouder Geers zegt dat dat inderdaad zo is. Er is een schaarste in vergunningen en een termijn van twintig jaar maakt ook dat nieuwe toetreders langer moeten wachten om in te kunnen schrijven. Het is daarom goed om de termijn goed te onderbouwen op basis van de terugverdientijd, vandaar nu eerst dat onderzoek.

De heer Hoeben (De Bossche Groenen) vraagt of als de gemeente de organisatie van de markt uit handen geeft, de gemeente daar niet meer over gaat. Wethouder Geers zegt dat dit de markten die de gemeente organiseert betreft. 3

De heer Van Griensven (PVV) ziet nu al ondernemers die weg zijn op de markt in het centrum. Door de komst van de zero-emissiezone kan het zo zijn dat ondernemers de markt in het centrum gaan mijden. Hoe gaat de gemeente daarmee om? De voorzitter merkt op dat die vraag nu niet aan de orde is. De heer Van Griensven (PVV) meent dat als er andere markten in de gemeente geopend worden de kans bestaat dat de markt in het centrum leegloopt, vandaar zijn vraag. Wethouder Geers zegt dat markten niet in elkaars vaarwater moeten gaan zitten en die afweging kan het college op basis van de verordening ook maken. Er moet voor gezorgd worden dat markten onderling niet te veel met elkaar kunnen concurreren. Tweede termijn De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat de markt in beweging is en het aantal marktkooplieden met 10% is teruggelopen. De bedrijfsopvolging in de non-foodsector is minder. Hij heeft bij de voorjaarsnota een motie ingediend over het structurele tekort elk jaar van rond de € 100.000 dat de gemeente niet kan ombuigen. Er wordt nu de mogelijkheid geboden tot privatisering, maar zou er geen onderzoek gedaan moeten worden naar hoe de markten op de toekomst voorbereid moeten worden? De Centrale Vereniging van Ambulante Handel heeft een project De markt van morgen. Dat project is op vele plaatsen uitgerold.

Als de markt zelf de markt organiseert, is dat volgens hem veel effectiever en vindt een betere afstemming plaats van de branchering. Hij overweegt een motie in te dienen om een dergelijk onderzoek op te starten. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) denkt ook dat de markt dit misschien beter kan organiseren dan de gemeente, maar de gemeente legt er wel geld bij. Het is niet lucratief om de markt zelf te gaan organiseren. Stel dat het tegenvalt dan zou er een verschuiving van aanbod kunnen komen of de organisatie laat te wensen over. De heer Ploegmakers (CDA) wil eerst zien of het überhaupt haalbaar is om de markt in deze stad de markt te laten organiseren. Het traject van De markt van morgen wordt begeleid door de Centrale Vereniging van Ambulante Handel en veel gemeenten zijn daarmee bezig. Hij stelt voor te onderzoeken wat de uitkomst daarvan is. De markt is in verandering; moet de gemeente organiseren of faciliteren? De heer Van Hasselt (SP) vindt dat de rechtspersoon die de verzelfstandigde markt moet beheren altijd een niet-commercieel rechtspersoon moet zijn, dus een vereniging of stichting van bewoners en kooplieden. Zo houdt de gemeenschap zelf zeggenschap over haar directe omgeving. De marktkooplieden kunnen zo zelf meebeslissen over hun markt.

Waarom kiest het college er dan voor om het besluit hierover zelf te nemen en niet standaard als vereiste op te nemen voor het aanvragen van een vergunning? Hoe kan het college ervoor zorgen dat er geen woekerprijzen worden gevraagd bij het uitgeven van standplaatsen? De kosten voor het beheren van de markt zijn immers een van de redenen waarom nagedacht wordt over het verzelfstandigen van de markten. De SP wil niet dat er winst wordt gemaakt op de standplaatsen op de markt. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) hoort hier een discussie over de markt in totaal, maar vergeten wordt dat de aanvraag gaat over de wijkraad Empel. Kan niet afgesproken worden daar eerst een pilot van te maken en na een evaluatie te kijken of het werkt en wat de gevolgen zijn? Of moet daar direct een verordening voor worden vastgesteld? Het is goed evaluatiemomenten op te nemen. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat er een initiatief was om de markt daar te gaan organiseren en hij denkt niet dat er eerst een pilot moet komen. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) zegt dat het inderdaad een initiatief is dat opgezet wordt. Eigenlijk wordt de verordening nu klaargestoomd om dit te kunnen. Is dat niet te snel? Of moet deze op een bepaalde manier teruggedraaid kunnen worden? Hij wil bij een evaluatie kijken of dit gaat werken. 4

De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat aan de nieuwe Europese lijnen wordt vastgehouden. De marktverordening wordt aangepast om de verzelfstandiging erin op te nemen; dat moet gebeuren. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) zegt dat als de verordening opgelegd wordt het dan een ander verhaal is. De vraag nu is of de markt in Empel georganiseerd kan worden en of dat meteen zo structureel moet zijn. Hij pleit in ieder geval voor een evaluatie. De heer Van Hasselt (SP) vraagt of gewoon ge-DREVEN voorstander is van dit op lokaal niveau te organiseren door een stichting of vereniging. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) zegt dat als het een lokaal initiatief is het dan wel de goedkoopste manier lijkt, maar dan moeten er wel mensen zijn die dat willen doen. De heer Ploegmakers (CDA) gaat ervan uit dat er ook in Empel een stichting komt want er moet een aantal overeenkomsten worden gesloten. De markt moet ook worden opgeruimd en schoongeveegd. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) ziet dit anders. Of de gemeente organiseert de markt en stelt de regels, of een andere partij organiseert de markt en die partij regelt de schoonmaak et cetera. Het is in ieder geval een privaat persoon die het gaat doen.

De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) stelt toch een langere termijn dan vijftien jaar voor om ervoor te zorgen dat de marktondernemers voor een langere termijn aan de markt en de stad gebonden worden. Op de woensdagmarkt zijn er 84 plaatsen waarvan er 12 bezet zijn, dat is niet echt positief. De heer Ploegmakers (CDA) meent dat die termijn van tien jaar ook gewoon verlengd kan worden. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) merkt op dat het Europese besluit juist zegt dat je een termijn moet bepalen als gemeente zodat er duidelijkheid is over hoelang je er mag ondernemen. Het is niet meer zo dat je na tien jaar automatisch kan verlengen, vandaar dat hij op die termijn hamert in verband met de aanschaf van een elektrische auto. Ga dus niet uit van vijftien jaar maar probeer naar twintig jaar te gaan; dat geeft rust aan de ondernemer. De Marktadviescommissie heeft hierover geen advies gegeven dus hij spreekt nu voor hen, want misschien hebben zij hier geen rekening mee gehouden. Wethouder Geers corrigeert de uitspraak van de heer Gersjes en zegt dat 12 van de 84 plaatsen vrij zijn op de woensdagmarkt en de rest is bezet. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) zegt dat de wethouder inderdaad gelijk heeft. Hij had het verkeerd gelezen. Dat wil echter niet zeggen dat er daardoor geen daling is van de bezetting. Wethouder Geers zegt dat de woensdagmarkt inderdaad aandacht verdient.

Samen met de Marktadviescommissie is in 2020 gekomen tot de termijn van de marktvergunningen. De organisatie van de markt is een flinke klus, evenals de schoonmaak en de taxi’s naar de plekken waar de busjes staan. Of private partijen dat beter kunnen dan de overheid gaat niet overal op, denkt hij. Hij heeft geen reactie van het CDA gekregen op de brief aan de commissie, waarin aangegeven had kunnen worden waar de gemeente inefficiënt te werk zou zijn gegaan. Sommige wijkmarkten vallen wel eens stil. Of dat met een andere manier van organiseren beter kan gaan, kan onderzocht worden. Hij weet ook niet waarom bijvoorbeeld de Maaspoort maar voor de helft gevuld wordt. Doet de gemeente het niet goed of is er te weinig klandizie en is het dus niet rendabel? De heer Ploegmakers (CDA) heeft niet gezegd dat het allemaal beter wordt als andere partijen de markt gaan organiseren. Wethouder Geers zegt dat naar de initiatieven gekeken zal worden. Er is in het voorstel voor 5

gekozen om het mogelijk te maken dat een andere partij de markt organiseert, waarbij de voorkeur ernaar uitgaat dat het vanuit de samenleving zelf komt. Het kan ook zo zijn dat een aantal wijkbesturen een partij in de wijk wil vinden die een markt in die wijk kan organiseren. Het moet in ieder geval een rechtspersoon zijn want er worden overeenkomsten en verplichtingen met elkaar aangegaan. Op woekerprijzen zal geen marktondernemer in willen schrijven dus daar is hij niet bang voor. De heer Van Hasselt (SP) vraagt of het niet mooi zou zijn de marktkooplieden te verenigen in een vereniging om hen democratische zeggenschap te geven over de markt. Wethouder Geers zegt dat als ervoor gekozen wordt dat een andere partij dan de gemeente de markt gaat organiseren, de gemeente dat conform de Europese richtlijnen zal moeten publiceren. Daar zullen entiteiten op inschrijven en daar wil de gemeente niet in sturen. Als marktondernemers zich willen verenigen dan kunnen zij dat doen. Geprobeerd is de balans te zoeken in deze verordening. De heer Van Hasselt (SP) leest in het voorstel dat dit gegoten kan worden in een stichtingsvorm. Hij hoort nu dat Europa de mogelijkheid heeft om de democratische middelen uit handen te nemen en een markt op te leggen, waarmee de democratie wordt aangetast. Dat is onwenselijk.

Wethouder Geers zegt dat Europese richtlijnen aangeven dat als je een schaarse vergunning verleent dat op een transparante manier moet gebeuren waarbij iedereen kans moet kunnen maken. Dat geldt nu maar ook als een andere partij de markt organiseert; dan gelden dezelfde regels. Op basis van artikel 13.f kan de gemeente ingrijpen als een partij zich niet aan de regels houdt en kan een vergunning ingetrokken worden. De heer Van Hasselt (SP) vraagt of het niet wenselijk is van tevoren aan te geven welke rechtsvorm de gemeente verlangt van een organisator. Wethouder Geers wil ook ruimte bieden aan burgerinitiatieven als zij bijvoorbeeld een partij die elders in het land markten organiseert, vragen dat hier ook te doen. De voorzitter verzoekt partijen aan te geven wat zij adviseren. De heer Ploegmakers (CDA) heeft reeds een motie aangekondigd. De heer Altenburg-Collin (VVD) en mevrouw Samshuijzen (PvdD) zijn benieuwd naar de motie van het CDA. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) komt met een amendement over de tijdsduur van de vergunning. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) neemt dit mee terug naar de fractie. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) kijkt kritisch mee naar de motie van het CDA. De heer Van Hasselt (SP) dient een motie in over de rechtspersoon. De voorzitter constateert dat de overige partijen het voorstel als hamerstuk willen doorgeleiden naar de raadsvergadering.

Het voorstel zal als licht bespreekstuk naar de raadsvergadering worden doorgeleid. Overige agendapunten 7.

Discussienota Houtstook van de fracties Partij voor de Dieren en De Bossche Groenen Mevrouw Samshuijzen (PvdD) zegt dat houtstook slecht voor de gezondheid en het milieu is. Het draagt ook bij aan klimaatverandering. Mensen kunnen hier ernstige gezondheidsproblemen van ondervinden. Met de Omgevingswet is het nu wel mogelijk om die overlast te voorkomen en er zijn al gemeenten die gebruik gemaakt hebben van deze 6

mogelijkheid. Als er een code rood of oranje wordt gegeven in de Stookwijzer dan hebben mensen een poot om op te staan als zij hier overlast van ondervinden en kan er gehandhaafd worden. Het burgerberaad heeft zich hier vorig jaar over uitgesproken. Zij willen een betere luchtkwaliteit door meer zichtbare voorlichting en handhaving op houtstook. De PvdD en De Bossche Groenen hebben de commissie vragen voorgelegd over het reguleren van houtstook en zijn benieuwd naar de beantwoording. De heer Van Griensven (PVV) zegt dat het inderdaad vervelend kan zijn als je in de rook van een ander gaat staan. Het verbod op houtstook gaat hem echter te ver. Houtstook zou vooral een luxeprobleem zijn, zo leest hij in het voorstel, maar voor velen is het ondertussen essentieel vanwege onbetaalbare gas- en elektriciteitsprijzen. Zelfs als je weinig verbruikt, betaal je veel aan vaste kosten voor het ontwikkelen van een nog groter privaat netwerk. Wanbeleid dat de grootste houtstookfabriek in Nederland die op biomassa draait, faciliteert. Veel inwoners hebben moeite de hoge energieprijs te betalen en stoken hout niet uit luxe. Wat moeten zij als er een verbod op stoken komt? In antwoord op vraag 1 zegt hij dat er wel meer onwenselijk is gezien vanuit een ideale situatie. Een ideale situatie is echter niet altijd haalbaar. Op vraag 2 antwoordt hij ontkennend.

De Bosschenaar moet de vrijheid hebben om middels houtstook zijn woning te verwarmen. De heer Scholten (GroenLinks) zegt dat de gemeente in 2020 het Schone Lucht Akkoord heeft ondertekend. Den Bosch is niet het beste jongetje van de klas wat betreft luchtkwaliteit in de leefomgeving. De luchtkwaliteit in deze gemeente wordt voor een groot deel bepaald door houtstook. GroenLinks heeft de gezondheid van alle burgers hoog in het vaandel en zet in op een brede verbetering van die gezondheid. De gezondheidsverschillen tussen de verschillende groepen moeten verkleind worden. Gezondheidsschade door houtstook is dan ook onwenselijk. Met vraag 2 is hij het eens. De conceptmotie vindt hij sympathiek. Mevrouw Van den Wildenberg (VOOR Den Bosch) erkent dat houtstook vervelend kan zijn maar een verbod vindt zij te ver gaan. Zij heeft hierover gesproken met de gemeente Amersfoort en een verbod blijkt niet te handhaven te zijn. Daarbij heeft Den Bosch geen nachtboa’s dus kan hier ook niet op gehandhaafd worden. En wat als er net over de gemeentegrens wordt gestookt en de wind richting Den Bosch staat? Een landelijk verbod zou dan beter zijn. Zij wil het bouwen van schoorstenen niet tegenhouden. Voormalig premier Rutte heeft opgeroepen allemaal te gaan preppen. Als er straks geen stroom meer is, is er zonder schoorstenen ook geen verwarming meer mogelijk met houtkachels.

De heer Kieft (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) zal niet instemmen met de conceptmotie omdat handhaving ondoenlijk is en onduidelijk is welke boetes worden gegeven. Veel bewoners kiezen voor een goedkope oplossing middels houtstook. Moeten zij in de kou komen te zitten? Mochten er landelijke regels komen omtrent houtstook dan zal hij zich daaraan conformeren, maar tot die tijd gaat een gemeentelijk verbod hem te ver. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vindt gezondheid een groot goed en gezondheidsschade door houtstook is niet wenselijk. Hoe ziet de opsteller van dit stuk de handhaving voor zich? Heeft de gemeente de capaciteit om meldingen te onderzoeken? Is het alleen houtstook waar mensen last van hebben? Komen er ook regels voor roken, joints en barbecues? En hoe zijn die te handhaven? Kan de dichtheid van de bevolking van het gebied invloed hebben op dit voorstel? Er zal meer overlast zijn in dichtbevolkte gebieden. Er zal juist veel ruzie ontstaan in buurten als er meldingen komen. Zij is het eens met vraag 1: er is voldoende onderzoek naar gedaan en beleid opgenomen in de Europese richtlijnen. De gemeente heeft geen invloed op de verkoop van hout en pallets, dus die kan gewoon doorgaan. Wordt een huis binnen gegaan om te kijken of er een open haard brandt? Zij ziet conflicten ontstaan tussen buren en buurten. Andere gemeenten geven aan dat dit lastig te handhaven is.

Of zij de motie zal steunen hangt af van de antwoord op haar vragen. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) zegt dat het niet om een algeheel stookverbod gaat maar alleen als de Stookwijzer oranje of rood aangeeft. Dat zal zijn als het windstil is en de rook niet weg kan of de luchtkwaliteit heel slecht is. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) zegt dat dit niet veel verduidelijkt want na onderzoek 7

blijkt dat maar weinig mensen een idee hebben de Stookwijzer of het bestaan ervan. Daarnaast zijn er veel klachten over hoe vaak de Stookwijzer op oranje en rood staat. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) zegt dat het erom gaat dat onder bepaalde omstandigheden wordt afgeraden om te gaan stoken. Dat is nu ook al. Mensen zijn echter niet op de hoogte van de werkwijze van de Stookwijzer en daar gaat het om. Preventief kan het gesprek worden aangegaan met een houtstoker. Mevrouw Van de Leemput (Bosch Belang) vraagt of het niet voldoende is meer bekendheid te geven aan de Stookwijzer. Wat is de meerwaarde van een verbod hierop? De heer Hoeben (De Bossche Groenen) zegt dat dat nu al gebeurt maar dat helpt onvoldoende. Er zijn nog steeds probleemgebieden in de stad waar een burenconflict ontstaat omdat nergens staat dat houtstook verboden is en omdat het excuus wordt gebruikt dat mensen hun huis willen verwarmen. Alle begrip daarvoor maar het kan niet zo zijn dat dat de gezondheid schaadt van een buur. De Stookwijzer is realistisch daarin. Houtstook is altijd ongezond maar op momenten dat het heel veel overlast veroorzaakt, moet er iets aan gedaan kunnen worden. De heer Verbruggen (D66) kan zich vinden in de woorden van de heer Hoeben. Echter, de heer Hoeben zegt dat er iets juridisch nodig is om het gesprek aan te kunnen gaan.

De gemeente besteedt de laatste tijd extra aandacht aan de Stookwijzer; zou eerst de ervaring daarmee niet afgewacht moeten worden? De heer Hoeben (De Bossche Groenen) zegt dat de gemeente al een aantal keren eerder aandacht aan de Stookwijzer heeft besteed maar deze problemen blijven in de stad. Het is geen verbod, maar een verbod op een moment dat er erg veel overlast is. Het is makkelijk te zeggen dat het niet te handhaven is maar het is wel nodig. De heer Verbruggen (D66) hoort de heer Hoeben zeggen dat het geen verbod is, maar het is wel een tijdelijk verbod en dat is ook een verbod. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) zegt dat het soms nodig is om de luchtkwaliteit op orde te krijgen. De ergste overlast moet voorkomen worden. De heer Van Hasselt (SP) zegt dat de luchtkwaliteit een probleem blijft voor de volksgezondheid. De milieuoverlast en overlast die mensen ervaren, is erg. Is er ook een manier om houtstook door mensen die de hoge energierekening niet kunnen betalen, te compenseren? Is er een betaalbaar alternatief? De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) zegt dat in de prehistorie al vuur gestookt werd van hout. Het kijken naar de vlammen is een fascinatie geworden. De gezondheidsschade is voor iedereen moeilijk te accepteren. Hij wil echter het landelijke beleid afwachten en geen voortrekkersrol hierin nemen. Als de motie wordt aangenomen dan is die niet te handhaven.

Tevens wordt de verwachting geschept dat er iets gedaan kan worden als dat nodig is. Daar is geen capaciteit en mogelijkheid voor en mensen zullen daardoor teleurgesteld worden. Voorlichting over de houtstookwijzer vindt hij een betere keuze. Mevrouw Klerks (Volt) zegt dat er genoeg onderzoeken zijn die de gezondheidsschade van houtstook aangeven. Houtstook is schadelijker dan kolen. Echter, het probleem is dat een slechte luchtkwaliteit niet direct zichtbaar is. Onzichtbare overlast kreeg geen prioriteit. Niet alles is door de gemeente te reguleren, maar open vuur en houtstook wel. Er wordt ook gezegd: hout is duurzaam, maar het meest duurzame hout is hout dat leeft en zo CO 2 compenseert. Het is maar de vraag of houtstook wel zo duurzaam is en die vraag verdient een bredere discussie. De gemeente moet stelling nemen. Het beperken van houtstook is een broodnodige eerste stap in de discussie over gezondheid en duurzaamheid dus zal Volt de motie van harte ondersteunen. De heer Peters (PvdA) zegt dat Den Bosch zich gelukkig goed inzet om de luchtkwaliteit te verbeteren. Houtstook kan inderdaad overlast veroorzaken. Dat zou ingeperkt moeten worden, maar hij is het niet eens met de voorgestelde aanpak. Een gedeeltelijk verbod op houtstook 8

roept meerdere problemen op. Experts wijzen erop dat handhaving vrijwel onmogelijk is en extra handhavingscapaciteit zou een forse belasting zijn voor de gemeente. Dat verbod brengt het risico met zich mee dat inwoners eerst de gemeente inschakelen in plaats van zelf het gesprek met de buren aangaan hetgeen het meest effectief blijkt. Een niet-handhaafbaar verbod kan ook onrealistische verwachtingen wekken bij de inwoners. Een gedeeltelijk verbod is volgens hem niet de juiste weg. In plaats daarvan pleit hij voor goede voorlichting en het stimuleren van directe gesprekken tussen buren. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) sluit zich volledig aan bij de woorden van de heer Peters. Houtstook is onwenselijk en schadelijk voor de gezondheid. Een verbod op basis van de Stookwijzer is niet de oplossing, het handhaven daarop is complex en kostbaar. Inwoners in dorpen en het buitengebied zijn afhankelijk van houtkachels als betaalbare verwarmingsoptie. De mogelijkheden van de Omgevingswet moeten benut worden. Bescherming van de inwoners is heel belangrijk maar die regels kunnen leiden tot spanningen en conflicten in buurten. Daarbij hoort hij juist goede geluiden over de voorlichtingscampagne van de gemeente. Hij zal niet instemmen met de motie. Daarnaast is het ook nog zo dat de overheid tot voor kort subsidie verstrekte op pelletkachels als alternatief.

Mevrouw Samshuijzen (PvdD) zegt dat er op dit moment niets is dat zegt: je mag niet stoken op bepaalde momenten en daardoor kunnen hele nare conflicten ontstaan. De heer Kouwenberg (Rosmalens Belang) is het daarmee eens maar als het verboden wordt, wordt eenzelfde reactie in de hand gewerkt. Dat biedt dus geen oplossing, de oplossing zit in het gesprek. Den Bosch zet al in op preventie en dat ziet hij liever dan beperkingen. De heer Verbruggen (D66) zegt dat bij de aanpak van houtstook het ook zou moeten gaan over vuurkorven en barbecues. Dat gebeurt achter de voordeur bij mensen thuis en dat maakt het ingewikkeld om te handhaven. Het instellen van een verbod is geen realistische maatregel. Het voorstel is niet handhaafbaar. Met de motie zal hij niet instemmen. Hij ziet meer in goede voorlichting en het gesprek met elkaar aangaan. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat ook zijn zorg zit in de handhaving van het verbod, mede gelet op de landelijke cijfers ten aanzien van de vele houtkachels. Ook hij wil meer inzetten op voorlichting en preventie. De vraag is wanneer het code oranje of rood is. Europa komt in 2030 met nieuwe richtlijnen inzake houtstook en Nederland heeft aangegeven het Europese beleid hierin te volgen. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) dankt alle partijen voor hun inbreng. Veel partijen zeggen dit onderwerp heel belangrijk te vinden maar zetten toch geen stappen.

De indieners zullen zich beraden over hoe verder met dit voorstel. De nood is namelijk heel hoog, er is veel overlast. 8.

Discussienota Ondernemersloket van de fracties van VVD en Bosch Belang De heer Altenburg-Collin (VVD) zegt dat tijdens het behandelen van de detailhandelsvisie het idee opkwam hoe ondernemers beter gefaciliteerd zouden kunnen worden, zoals met een Ondernemersloket. Dat belang is in de tussentijd alleen maar toegenomen. Het aantal faillissementen is helaas ook gestegen in de detailhandel. Grote bedrijven hebben moeite geschikte locaties te vinden op de bedrijventerreinen. Als een horecaonderneming een vergunning wil aanvragen, wordt eerst om een huurcontract gevraagd en soms is nog niet bekend waar de horecavestiging komt. Een goede ambtenaar maakt de slagingskans voor het verkrijgen van een vergunning groter. Hij vindt dat elke ondernemer dezelfde kansen moet krijgen in deze stad. Hij wil dat ondernemers beter geïnformeerd worden en wil graag een beter accountmanagement. De heer El Amraoui (D66) zegt dat inderdaad alle ondernemers belangrijk zijn in de stad en dat maakt de stad ook mooi. Het is cruciaal dat de gemeente de ondernemers optimaal faciliteert. Niet alleen de gebruiksvriendelijkheid van de gemeentewebsite voor ondernemers maar ook de niet-onlineservice die de gemeente levert aan ondernemers behoeft verbetering. De oplossing ligt niet alleen in technologie of een betere website.

Wat echt telt, is luisteren, vooral ook naar ideeën die ondernemers hebben want zij weten wat zij nodig hebben. Met die feedback moet de gemeente aan de slag. De ambtenaren moeten goed uitgerust zijn om hen te ondersteunen. 9

Alle ondernemers zijn de gemeente even dierbaar en moeten gelijke toegang krijgen tot het ambtelijk apparaat om zaken te regelen. Ten aanzien van de website valt op dat er verschillende URL’s zijn. Als je op een optie klikt op de ondernemerspagina dan is het afhankelijk van de knop waar je op drukt op welke website je eindigt. Dat is niet gunstig. Het Ondernemersloket is niet alleen een kans om ondernemers beter te helpen maar ook om de relatie tussen ondernemers en gemeente te versterken. Mevrouw Klerks (Volt) sluit zich grotendeels aan bij D66. Haar eerste reactie op dit voorstel was: is er dan nog geen Ondernemersloket? Nee, maar in zekere zin ook weer wel. Als je naar de website van de gemeente gaat, krijg je namelijk direct drie opties: inwoner, ondernemer en stad en bestuur. Bij ondernemer staat een uitgebreid overzicht van visiestukken, regelingen en subsidiestukken. Ook is er een onlinegids waarin informatie en contactpunten gegeven worden, aangevuld met relevante gemeentelijke stukken en het laatste nieuws. Dit is echter geen Ondernemersloket maar onderdeel van de onlinegids van Den Bosch. De heer El Amraoui (D66) vraagt of Volt het met hem eens is dat ondernemers zich niet direct aangesproken voelen door de huidige ondernemerswebsite maar dat wel zou moeten. Mevrouw Klerks (Volt) is het daarmee eens. Dat moet met een betere look and feel benaderd worden.

Den Bosch heeft geen centraal nummer zoals Eindhoven bijvoorbeeld maar directe contactgegevens van aanspreekpunten en de gebiedsexpert. Dat ziet er prima uit, maar zij is geen ondernemer. Zij heeft dit nagevraagd bij ondernemers en zij zeiden dat het natuurlijk helpt als je mensen kent, maar dat heeft meer met de ervaring van het ondernemen in de omgeving zelf en het netwerk te maken dan met willekeur van het ambtelijk apparaat. Het gemis van eenduidige informatie werd niet direct herkend; informatie is goed vindbaar. Wat willen de indieners van dit voorstel nu significant anders of extra wat nu nog niet beschikbaar is? De heer El Amraoui (D66) zegt dat de raad wel een principebesluit kan nemen maar er zou juist aan de ondernemers gevraagd moeten worden wat er gewijzigd zou moeten worden. Mevrouw Klerks (Volt) is het daarmee eens. Zij hoopt dat er een opening komt om dat te faciliteren en te waarborgen. Ten aanzien van een persoonlijke accountmanager voor bedrijven met meer dan 100 fte’s vraagt zij zich af waarom voor die grootte is gekozen en wat de extra ambtelijke kosten zijn. Nu zijn de contactpunten op thema en gebied ingedeeld, dat lijkt haar de juiste insteek. Het is een goed initiatief maar zij weet niet wat hiermee nu echt verandert voor ondernemers. De heer Ploegmakers (CDA) zegt dat het maximale moet worden gedaan voor bestaande en nieuwe ondernemers in de stad.

Zij zijn de economische motor van de stad. Hij hoort soms van ondernemers dat procedures ellenlang duren voordat vergunningen verstrekt worden. Als een ondernemer zich bij de gemeente meldt dan zou hij maximaal begeleid moeten worden. Dat gebeurt onvoldoende volgens de notitie en een Ondernemersloket kan daar een goed middel voor zijn. Ten aanzien van het aantal faillissementen zegt hij dat de gemeente een actieve rol zou moeten nemen op het gebied van acquisitie. Eindhoven heeft een aantal acquisiteurs in dienst die de boer op gaan en bedrijven zoeken. Als de ondernemers zien dat de gemeente een actieve rol speelt, is dat heel goed. De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) hoort de VVD zeggen dat met verschillende maten gemeten wordt in het omgaan met ondernemers. Dat kan absoluut niet; er zijn richtlijnen en er is wet- en regelgeving, er moet uniformiteit zijn in de dienstverlening. Heeft de VVD hier voorbeelden van? Hij hoort zelf ook van ondernemers dat de website onoverzichtelijk en onduidelijk is. Een loket kan hier zeker aan bijdragen. De indicatoren waar een ondernemersklimaat om draait, dienen helder en duidelijk te zijn. De heer El Amraoui (D66) vraagt wat de heer Gersjes precies wil met het goederenrecht en het ondernemersrecht.

De heer Gersjes (VOOR Den Bosch) verwijst naar vraag 3, waarin gevraagd wordt of verbeteringen meegegeven kunnen worden over het ondernemersklimaat. Als je ondernemersklimaat googelt, dan weet je precies wat dat inhoudt en wat daaronder valt. 10

De heer Kitslaar (Rosmalens Belang) is het ermee eens dat iedere ondernemer die in de gemeente een bedrijf wil starten op dezelfde wijze gefaciliteerd moet worden. Via de website kan je nu al met één klik op het ondernemersdeel van de website komen. Aan de opmaak en het gebruiksgemak van die pagina’s is nog wel iets te verbeteren. Als er echt specifieke vraagstukken zijn, voldoet de website niet. Als doorgeklikt wordt naar advies en contact verschijnt er een overzicht van twaalf contactpersonen. Dat lijkt sterk op het Ondernemersloket dat in deze notitie wordt voorgesteld. De heer Altenburg-Collin (VVD) zegt dat alle ondernemers inderdaad uniek zijn. In het voorstel staat ook het verschil dat gemaakt zou moeten worden tussen de verschillende ondernemers, zoals starters, horecaondernemers, sociale ondernemers. De heer Kitslaar (Rosmalens Belang) denkt dat dat zeker een verbetering is, maar er wordt nu ook al onderscheid gemaakt in de verschillende branches. Wat voor ondernemer je ook bent, zij zouden allen toegang moeten kunnen krijgen tot dezelfde gegevens. Hij kan zich voorstellen dat de website voor ondernemers verwarrend kan zijn. Een Ondernemersloket zal zeker bijdragen in het faciliteren van ondernemers, echter, niet op de wijze zoals in deze notitie is geschetst.

Als een grens wordt gesteld aan het minimale aantal fte’s om toegang te krijgen tot een accountmanager dan betekent dat dat ondernemers niet op een gelijke manier gefaciliteerd worden. Een vorm van het Ondernemersloket is al aanwezig met Team Economie, gelet ook op hun werkzaamheden zoals op de website vermeld,, maar er is wel iets te doen aan de vindbaarheid van dit loket. Het lijkt hem goed om de knelpunten die Team Economie ervaart bij hen op te halen. De heer El Amraoui (D66) zegt dat in de beschrijving van Team Economie vooral gefocust wordt op het commerciële bedrijf, maar ook sociale ondernemers zouden vanuit datzelfde loket geholpen en gefaciliteerd moeten worden. De heer Kitslaar (Rosmalens Belang) is het daarmee eens. De heer Pennings (gewoon ge-DREVEN) herkent de signalen maar op de site is nu al alles te vinden. Als inwoner of ondernemer verdwaal je vaak op de website, daar zit de kern van het probleem. Er zijn zoveel verschillende links dus dat probleem zal altijd blijven. Door de brei aan informatie zouden ondernemers hulp moeten krijgen. De meeste ondernemers zouden eenvoudig een vraag moeten kunnen stellen en dan eenvoudig doorverwezen moeten worden. Het doorsturen naar de juiste persoon is vaak al genoeg en daar zouden mensen op gezet moeten worden. Aan iedere pagina zou toegevoegd moeten worden: ik heb een andere vraag en die moet je dan ook kunnen stellen.

Het Ondernemersloket dient zodanig opgepakt te worden dat die vraag ook opgepakt wordt. De heer Peters (PvdA) zegt dat het goed is te streven naar een sterk vestigingsklimaat voor ondernemers. Zij moeten de contactpersonen bij de gemeente en benodigde informatie snel kunnen vinden. Veel zaken uit de notitie zijn al terug te vinden op de ondernemerspagina. Er zijn nog genoeg mogelijkheden voor verbetering, zoals één website in plaats van twee, maar de heer Altenburg-Collin heeft zelf afgelopen jaar een motie geschreven om de website voor ondernemers beter te maken. Die motie kreeg brede steun in dit huis. Dus wat willen de indieners nu nog meer anders dan op de pagina contactpersonen het label Ondernemersloket te plakken? Hij ziet verder weinig toegevoegde waarde om nu weer met aanpassingen te komen terwijl genoemde motie nog uitgevoerd moet worden. Hij stelt voor dat af te wachten. Mevrouw Samshuijzen (PvdD) zegt dat eerdergenoemde motie inderdaad al aangenomen is dus die zal uitgevoerd worden. Moet er meer gebeuren en is dat dan een taak van de gemeente of van de ondernemersverenigingen? Hoeveel mensen moeten hiervoor aangenomen worden en hoeveel geld gaat het allemaal kosten? Er zijn zoveel andere prioriteiten en de motie over de website zet hier al een mooie stap in. Zij hoort niet van ondernemers dat de site dramatisch zou zijn.

Zij geeft prioriteit aan de inwoners van de gemeente en is niet overtuigd van de noodzaak van dit voorstel. De heer Scholten (GroenLinks) zegt dat het altijd goed is na te denken over het verbeteren van 11

de informatievoorziening. De motie ten tijde van de voorjaarsnota is nog niet afgehandeld en hij heeft gevraagd hoe het daarmee staat. Hij ziet veel overeenkomsten met de punten uit de discussienotitie. Het is de bedoeling dat van twee sites naar één site wordt gegaan en dat te doen met een groep ondernemers. De gemeente is volop bezig met het uitvoeren van die motie. GroenLinks zoekt naar de toegevoegde waarde van een Ondernemersloket boven wat al bestaat. Er zouden meer duurzame voorbeelden van bedrijven op de website gezet kunnen worden zodat hun tips en tricks opgepakt kunnen worden door andere ondernemers. De heer Hoeben (De Bossche Groenen) proeft nu dat deze discussie eindigt in een voorstel om het knopje ondernemer te wijzigen in Ondernemersloket. Dat kan niet de bedoeling zijn. Hij is het met de meesten eens dat eigenlijk alles al op de website staat. Ondernemers moeten gelijkelijk gefaciliteerd worden maar dat geldt ook voor de inwoners. Dan wordt toch weer uitgekomen op het gebruikersgemak van de website en daar is al een motie voor aangenomen. Dit is hem iets te snel na het aannemen van die motie. Er zal best hier en daar bijgevijld kunnen worden maar het is ook geen drama nu. De vraag inzake de accountmanager vindt hij discutabel, want waar moet dat uit betaald worden? De heer Van Hasselt (SP) denkt dat alles al gezegd is.

Hij vindt deze discussienotitie overbodig op dit moment, met het oog op de motie. De heer Van Griensven (PVV) zegt dat ondernemers naar hun eigen ideeën in Den Bosch moeten kunnen ondernemen. De gemeente zou zoveel mogelijk moeten faciliteren maar niet moeten sturen. Het proces moet zo makkelijk mogelijk gemaakt worden. Voorbeelden van andere steden gebruiken maakt dat het wiel niet opnieuw uitgevonden hoeft te worden. Samen met de ondernemers zou een duidelijke website gemaakt moeten worden waarin in eenvoudige taal alles duidelijk wordt voor alle ondernemers. De signalen van de ondernemers herkent hij. Duidelijke taal zou een extra aanvulling kunnen zijn op de website. Geschikte voorbeelden uit andere gemeenten zouden gefilterd moeten worden voor deze gemeente. Het verbeteren van het ondernemersklimaat zou kunnen door de zero-emissiezone en het autopesten in de brede binnenstad door het invoeren van de knips in de prullenbak te gooien. De heer Kieft (Leefbaar ’s-Hertogenbosch) kan zich voorstellen dat ondernemers de website als onoverzichtelijk ervaren maar daar wordt een motie voor uitgevoerd. Een Ondernemersloket kan zeker bijdragen aan een goede facilitering. Niet alleen de informatie moet duidelijk zijn op de website, ook de backoffice en de begeleiding van de ondernemer moet goed zijn.

Is er al een beeld van de extra kosten en het uitvoeren van de motie? Er moeten niet te veel regels komen en er moet vooral praktisch gedacht worden met de ondernemers. De heer Altenburg-Collin (VVD) dankt partijen voor hun waardevolle input. De meerwaarde van deze notitie is: een betere landingspagina, één landingspagina en beter informeren van de ondernemer middels een nieuwsbrief en informatiepakket aan nieuwe ondernemers in Den Bosch. Ook de social media zouden meer op ondernemers gericht moeten worden. Accountmanagement is nauwelijks ingeregeld. Actief de boer op gaan, is wat hij beoogt met deze notitie. De grens van 100 fte’s is aangegeven om het handzaam te maken, maar in het verlagen van de ondergrens kan hij zich ook vinden. Naar het kostenaspect is nog niet gekeken. Er wordt al naar de website gekeken. Met een nieuwe mindset in Team Economie kan al veel bereikt worden, dus de kosten hoeven niet substantieel te zijn. 9.

Rondvraag en sluiting De voorzitter zegt dat er geen rondvragen zijn ingediend. Zij sluit onder dankzegging aan eenieder de vergadering om 21.18 uur. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de commissie Bedrijvigheid van 10 februari 2025. De secretaris, mr. drs. R. van der Meer

De voorzitter, mw. M.A.J.T. Korver-van Weegberg

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15143979/1