CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

(In)formatie hoe had het ook gekund

Raadsvergadering 30 juni 2022, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake Kaderbrief 2022 (nr. 2220278)1.981 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Voorstellen van de oppositie - Een transparante (in)formatie Proces van het (in)formatie – hoe het gegaan is Op 16 maart 2022 vonden de gemeenteraadsverkiezingen plaats. Nadat op 21 maart 2022 de officiële verkiezingsuitslag bekend werd gemaakt door het Centraal Stembureau van Delft, informeerde de lijsttrekker van STIP, de grootste partij na de verkiezingen, de lijsttrekkers van de andere in de gemeenteraad gekozen partijen dat STIP een informateur had gevonden: Pieter Guldemond, een voormalig wethouder van STIP die vier jaar geleden ook (mede-)informateur was. Informateur Guldemond heeft vervolgens, via de ambtelijke bijstand, alle in de gemeenteraad gekozen partijen uitgenodigd voor een gesprek. Deze uitnodiging is op 22 maart aan de lijsttrekkers verstuurd. De gesprekken tussen de informateur en afgevaardigden van de politieke partijen vonden plaats op donderdag 24 en vrijdag 25 maart, waarbij op donderdag de vertegenwoordigers van de grootste partijen (STIP, D66, GroenLinks, Hart voor Delft en VVD) zijn gesproken en op vrijdag de vertegenwoordigers van de kleinere partijen (PvdA, SP, CDA, Onafhankelijk Delft, ChristenUnie en Volt). Voor deze ontmoeting kregen de partijen vooraf een aantal vragen mee: • • • •

De uitslag van de verkiezingen en uw duiding daarvan. Inhoud: wat zijn voor u de belangrijkste thema’s in Delft voor de komende vier jaar? Coalitievorming: welke rol ziet u voor uw fractie en welke mogelijkheden ziet u voor een coalitie? Samenwerking: wat is voor u belangrijk in de samenwerking binnen de raad, de samenwerking tussen de raad en het college, en de samenwerking met de stad?

Ook werd de opdracht die de informateur van STIP meegekregen had meegestuurd. Na de gesprekken ontvingen partijen rond 28 maart de aantekeningen van het gesprek met het verzoek voor woensdag 30 maart 09.00 uur te reageren. Op donderdag 31 maart kwam er via de ambtelijke bijstand een mailbericht met een ingesproken videoboodschap van de informateur (genoemd tussenbericht), waarin hij aangaf dat vier thema’s door alle partijen waren genoemd in de gesprekken (wonen, energietransitie, kansengelijkheid en de financiële situatie van Delft). Op 6 april deed de informateur in een openbare presentatie verslag van zijn bevindingen. De informateur gaf aan het begin van deze verklaring aan dat geen enkele partij op dat moment op de hoogte was van de inhoud van zijn advies. De informateur bevestigde dat alle politieke partijen bereid waren bestuursverantwoordelijkheid te nemen. Volgens de informateur zouden de partijen STIP, D66, GroenLinks, PvdA en ChristenUnie het vaakst genoemd zijn voor een coalitie. Ook noemde de informateur dat hij ‘inhoudelijke overeenkomsten’ had gezien tussen deze 5 partijen op de genoemde thema’s. Niet gemotiveerd werd welke onoverbrugbare afwijkingen op de inhoudelijke thema’s bij de andere partijen geconstateerd waren.

Bij Hart voor Delft, veruit de grootste oppositiepartij, werd enkel gezegd dat ‘veel partijen grote inhoudelijke verschillen hadden geconstateerd’ en dat door de tot nu toe ervaren manier van samenwerken Hart voor Delft door de meeste partijen niet genoemd is als mogelijke coalitiepartij. De op dat moment nog coalitiepartij VVD (afgelopen 8 jaar in de coalitie) kreeg in één zin te horen dat er nu ‘onvoldoende draagvlak was voor verdere samenwerking’. De keuze om niet te kiezen voor CDA, SP en Onafhankelijk Delft werden door de informateur enkel gemotiveerd dat deze drie partijen ‘significant minder vaak genoemd waren als samenwerkingspartij dan de PvdA en de ChristenUnie’, waarbij voor de ChristenUnie nog gezegd werd dat deze partij zo geprezen werd vanwege de constructieve wijze van oppositievoeren de afgelopen jaren. Volt tenslotte werd volgens de informateur door veel partijen als ‘een nog relatief onbekende factor’ gezien, en viel daarom af. Na deze toelichting kreeg elke partij vanwege de

tijd de kans één vraag te stellen aan de informateur, die vervolgens wegsnelde om de pers te woord te staan in een andere zaal. De door de informateur genoemde partijen zijn vervolgens begonnen aan het formatietraject. Op 13 april werden alle fractievoorzitters geïnformeerd door de fractievoorzitter van de grootste partij STIP dat GroenLinks-prominent Huri Sahin gevraagd was om als formateur op te treden en hiertoe bereid was. Daarna bleef het een aantal weken stil. Pas tussen 8-10 mei werden de fractievoorzitters van de beoogde oppositiepartijen gebeld door de fractievoorzitters van onderhandelende partijen met de vraag of deze bereid waren mee te praten over de vraag hoe politiek en stad beter te verbinden, mede naar aanleiding van het raadsweekend. Niet onderhandelende partijen mochten dan op 17 mei tussen 18-19 uur aansluiten bij een in concept georganiseerde bijeenkomst. Eerste indrukken of suggesties konden worden gedeeld en deze zouden dan mogelijk een plek kunnen krijgen in het coalitieakkoord. Deze suggestie is uiteindelijk op 11 mei weer ingetrokken, waarna er een mail van de fractievoorzitter van de grootste partij kwam dat er op 9 juli (?) een bijeenkomst hierover zou zijn. We denken dat men hier doelt op de raadssessie van 6 juli aanstaande.

Op 10 mei en 20 mei heeft de raad een brief ontvangen van de formateur met een update over de voortgang van de formatiegesprekken, waarna op 25 mei het coalitieakkoord gepresenteerd werd. In een interview met de krant lazen de beoogde oppositiepartijen dat inwoners van de stad brieven aan het stadsbestuur konden sturen met suggesties voor de nieuwe coalitie die met de onderhandelende partijen zouden worden gedeeld en misschien ook met de beoogd oppositiepartijen. Inmiddels hadden de oppositiepartijen gezamenlijk een brief naar de formateur gestuurd met het verzoek om alle tijdens de formatie aan de onderhandelende partijen verstrekte informatie ook aan oppositiepartijen te verstrekken. De formateur heeft in de brief van 20 mei op dit verzoek positief geantwoord. Terugkijkend op het proces van de (in)formatie trekken wij een paar conclusies: - Het proces van de informatie tot en met de opdrachtverstrekking aan de informateur is enkel door de grootste partij bepaald, voor zover ons bekend zonder (procesmatig of politiek) overleg met andere partijen (de nieuwe oppositiepartijen zijn in ieder geval geen van allen benaderd over het proces rondom opdrachtverstrekking aan de informateur); - Het advies en de motivatie daarvan van de informateur kwam voor veel van de oppositiepartijen volkomen uit de lucht vallen.

De motivatie was beperkt tot één of enkele zinnen per partij, waarbij CDA, SP en Onafhankelijk Delft voor het gemak in één enkele zin samengenomen werden. De woordkeuze van de informateur bij deze drie partijen suggereert dat in ieder geval voor hen enkel het aantal keren zij genoemd zijn door andere partijen bepalend is geweest voor de keuze. Afgezien van de ene vraag die gesteld mocht worden (en die in de vergadering slechts algemeen werd beantwoord door de informateur) is er geen mogelijkheid geboden tot een nadere toelichting door de informateur over waarom partijen zijn afgewezen; - Ook over het proces rondom de formatie is geen overleg geweest met de beoogd oppositiepartijen. Oppositiepartijen zijn niet betrokken geweest bij de keuze van de formateur, de wijze waarop de stad en ook de achterban van de oppositiepartijen tijdens het formatieproces zouden worden geraadpleegd en het proces van de formatie inclusief hoe en wanneer de oppositiepartijen tussentijds geïnformeerd zouden worden; - Voor de oppositiepartijen heeft de hele (in)formatie drie kwartier geduurd. Dat was de tijd van het gesprek met de informateur. Voor de rest bestond de tijd tussen de verkiezingsuitslag en het moment dat het coalitieakkoord gepresenteerd werd uit wachten;

-

Al met al kunnen we stellen dat er tijdens het formatieproces nauwelijks politiek-inhoudelijk contact is geweest tussen formerende partijen en niet-formerende partijen. Ook de formateur heeft geen contact gezocht met de beoogd oppositiepartijen. Hoewel transparant het woord is dat STIP vooraf vaak gebruikte om het gewenste (in)formatieproces te beschrijven (een woord dat ook in de opdracht aan de informateur stond), was de (in)formatie voor de oppositiepartijen een grote black box.

Proces van het (in)formatie – hoe het ook had gekund De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) laat weten dat er geen draaiboek bestaat voor formaties. Niet landelijk en ook niet gemeentelijk. Ook de termen informateur en formateur staan niet in de Gemeentewet, en dus is het mandaat van zowel de informateur als de formateur ook niet formeel geregeld (daarom zou wellicht de term procesbegeleider beter zijn). Juist om die reden is het extra belangrijk om het proces van (in)formatie zodanig in te richten dat alle partijen zoveel mogelijk het gevoel hebben dat het proces bestendig en evenwichtig ingericht is. De ondertekenaars van dit stuk vinden het belangrijk dat het primaat bij de raad hoort te liggen bij de (in)formatie en niet slechts bij één (de grootste) politieke partij. Immers, de raad moet haar controlerende taak goed en continu kunnen uitoefenen en dat geldt in het bijzonder voor de (beoogd) oppositiepartijen. Wij zien daar een aantal mogelijkheden tot verbetering en doen een aantal suggesties die voor de volgende zittingsperiode gevolgd kunnen worden: 1. Laat het fractievoorzittersoverleg (FVO) ruim voor de verkiezingen een proces inrichten waar in ieder geval een goede stemhulp , verkiezingsdebatten en een voorstel voor de nieuwe raad voor een duidingsdebat direct na de verkiezingsuitslag deel van uit maken. 2.

Na bekendmaking van de definitieve uitslag door het centraal stembureau komen de lijsttrekkers van alle in de raad gekozen partijen bijeen met de burgemeester om de procesvoorstellen voor na de verkiezingen zoals die door het FVO zijn gemaakt te herbevestigen danwel te wijzigen. 3. Snel na de verkiezingen komt er een openbaar duidingsdebat waarin de lijsttrekkers van alle in de raad gekozen partijen hun visie/analyse kunnen geven op de verkiezingsuitslag, de opkomst van kiezers en mogelijk belangrijke thema’s (speerpunten) die aandacht behoeven in het verdere traject. Dit duidingsdebat wordt geleid door een onafhankelijke (politiek neutrale), door de griffie uitgekozen, moderator. Dit debat kan plaatsvinden in de raadszaal of op een andere locatie in de stad, maar is openbaar toegankelijk en wordt gestreamd (en opgenomen). 4. Tijdens de eerstvolgende raadsvergadering na het duidingsdebat stemt de nieuwe gemeenteraad per motie over de informateur en diens opdracht (dit zou dus bij de installatieraad kunnen plaatsvinden). Hiermee is de informateur door de raad aangesteld en niet louter door de grootste partij. De informateur legt dan ook verantwoording af aan de gemeenteraad. 5. Wanneer de informateur zijn door de raad meegegeven opdracht heeft uitgevoerd, rapporteert deze aan de gemeenteraad.

Het rapport wordt kort voorafgaand aan het raadsdebat (vertrouwelijk) gedeeld met alle in de raad gekozen partijen. Indien de informateur kiest voor een coalitie (en dus ook voor een oppositie), krijgen partijen die in het advies niet genoemd worden als coalitiepartij een uitgebreidere toelichting dan één of enkele algemene zinnen.

6. Na de openbare presentatie van de bevindingen en advies door de informateur, bespreekt de gemeenteraad het rapport en de verdere stappen. Afhankelijk van de uitkomst van de informatieronde kan de raad stemmen over een formateur en de opdracht die deze formateur meekrijgt (zoals het uitwerken van een coalitieakkoord of een raadsakkoord), of over een nieuwe informateur als de informatie mislukt is of het advies van de informateur niet kan rekenen op steun van een meerderheid van de raad. 7. De door de raad gekozen formateur stuurt voorafgaand aan de uit te voeren opdracht een korte procesmemo naar de raad met daarin een voorstel voor een werkwijze en momenten waarop de raad, al dan niet vertrouwelijk, wordt geïnformeerd over de voortgang van de formatie. 8. De formateur ziet erop toe dat de partijen die niet aan de formatie deelnemen geen inhoudelijke achterstand oplopen ten opzichte van de partijen die onderhandelen over een akkoord. Alle presentaties, lobbybrieven e.d. die gegeven worden aan of verstuurd worden naar de onderhandelende partijen, zijn openbaar of tijdens de formatie al in te zien door alle raads- en commissieleden van alle partijen. Voor eventuele geheime informatie kunnen afspraken gemaakt worden, zoals gebruikelijk bij geheime informatie. 9.

De formateur ziet erop toe dat ook de beoogd oppositiepartijen die dat wensen betrokken input kunnen leveren aan de afspraken. Uiteraard kunnen beoogd oppositiepartijen hier ook van afzien. Hierdoor wordt het mogelijk om voorstellen in het coalitieakkoord op te nemen die op brede steun van de raad (coalitie plus (een deel van) de oppositie) kunnen rekenen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11598760/1