Handelingen raadsvergadering 17 oktober 2024
Tekst van het document
De heer TREFFERS (Volt): Dit klinkt natuurlijk als muziek in de oren: van tevoren participatiekaders meegeven. Maar dan moeten we het daar daarna ook inhoudelijk over hebben. Cocreatie is nou precies een participatiemethode die heel veel ambtelijke capaciteit kost. Tegelijkertijd stelt u dit eigenlijk voor bij iets wat een tijdelijke invulling is, waarna je daarna eigenlijk weer moet gaan participeren. Bent u niet bang dat u bij bewoners verkeerde
23
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
verwachtingen wekt als u zegt dat zij voor die tijdelijke invulling van alles mogen vinden, maar dat we daarna wel allemaal kaders hebben voor hoe we het uiteindelijk gaan invullen? De VOORZITTER: Een interruptie moet kort en krachtig zijn, meneer Treffers. Volgens mij is het kraakhelder. De heer VALK (CDA): Ik heb een typische CDA-vraag aan de heer Gommers: wie gaat dit betalen? De heer GOMMERS (STIP): Laat ik beginnen met de vraag van het CDA. Uiteraard hebben we deze motie ambtelijk laten toetsen voordat we haar indienden. Naar we hebben begrepen, kan dit gewoon betaald worden vanuit lopende budgetten. Wat de vraag van Volt betreft: cocreatie kost inderdaad ambtelijke capaciteit, maar we hebben begrepen dat dit past binnen de ambtelijke capaciteit die we hebben bedacht. Wij stellen ook niet voor dat er alleen participatie wordt toegepast op de tijdelijke inrichting. De tijdelijke inrichting wordt juist gebruikt als participatie voor de definitieve inrichting. Het is dus niet zo dat we twee keer die participatie gaan doen. Ik denk ook dat bijvoorbeeld de Green Village van de TU Delft en ook andere mensen echt mee kunnen denken over die inrichting. Juist de universiteit waar ik net over sprak, de TU Delft, kan ook op andere manieren goed helpen.
De bijna 3.000 parkeerplekken op het campusterrein kunnen in de avonden en de weekenden een mooie toevoeging zijn aan de parkeervoorzieningen van de stad. Een goede ov-verbinding tussen de TU Delft Campus en de rest van de stad is daarbij wel cruciaal. Eerder diende STIP hiervoor een motie mede in, die door de raad unaniem is aangenomen. Het koppelen van deze ov-verbindingen aan de parkeervoorzieningen van de TU Delft is wat ons betreft een goed idee. Het college heeft na de inbreng van de stad aanpassingen aangebracht in de plannen: de introductie van twee fases en voldoende plek in de parkeergarages. Ik dank dan ook het CDA en de VVD voor de samenwerking. Met die motie wordt gevraagd om de uitvoering beter af te stemmen. STIP staat achter dit voorstel om ervoor te zorgen dat de tijd tussen het weghalen van de parkeerplekken en een nieuwe invulling zo kort mogelijk is, maar kan de wethouder aangeven of deze motie betekent dat er vertraging ontstaat in het starten van fase 2? Tot slot: over Ruimte in de binnenstad is al veel te doen geweest. Ik snap die emotie heel goed. Veranderingen zoals deze hebben directe impact op het leven van mensen. Hun dagelijkse routine zal mogelijk veranderen, maar dat kan ook positieve effecten hebben.
Wij als raadsleden hebben de taak om alle belangen met elkaar af te wegen, zowel die van de tegenstander die de krant opzoekt als de voorstander die je enkel spreekt als je erom vraagt. Ik heb namens STIP geprobeerd hen allemaal te spreken en aan te horen welke zorgen er spelen maar ook welke wensen er zijn. Door in gesprek te zijn en te blijven kan ik met een gerust hart zeggen dat STIP vanavond een weloverwogen keuze zal maken. Wij blijven toch voorstander van een autoluwe binnenstad. Door de fracties van STIP, D66, GroenLinks en de ChristenUnie wordt motie 7.1.7 (Samen werken aan de binnenstad) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 17 oktober 2024 ter bespreking van agendapunt 7.1 Voorstel van het college aan de raad inzake Ruimte in de binnenstad (nr. 2436468). 24
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
We stellen vast dat: -
samen met bewoners en ondernemers participatie gaat plaatsvinden over de invulling van de vrijgekomen parkeerplekken in het uit te breiden autoluw-plusgebied; de aanleg van de nieuwe invulling van de vrijgekomen parkeerplekken gecombineerd gaat worden met werkzaamheden aan kabels, leidingen en de Rode Loper; tijdens de overbruggingsperiode tussen het verkeersbesluit en de nieuwe invulling momenteel geen inrichting wordt gegeven aan de vrijgekomen ruimte; de landschapsarchitect een toolbox heeft ontwikkeld waarin verschillende opties zijn uitgewerkt voor de nieuwe invulling van de vrijgekomen parkeerplekken.
We hebben nagedacht over en houden er rekening mee dat: -
-
het actief betrekken van bewoners en ondernemers bij de ontwikkeling van een nieuwe invulling het draagvlak voor het uitbreiden van het autoluw-plusgebied kan vergroten; de subjectieve veiligheid en verblijfskwaliteit op straat wordt verhoogd zodra lege parkeerplekken worden ingevuld.
We geven het college opdracht om: -
een tijdelijke invulling te vinden voor de vrijgekomen parkeerplekken in het uit te breiden autoluw-plusgebied door te experimenteren met inrichtingsvoorstellen; samen met bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden cocreatie aan te gaan voor het vinden van een nieuwe inrichting; de raad over de voortgang en de uitkomsten te informeren,
en we gaan over tot de orde van de dag." De heer HERREMA (GroenLinks): Voorzitter. We hebben het over Ruimte in de binnenstad. Net als in de commissie zeg ik hier dat GroenLinks en onze kiezers, waarvan ook een groot deel in de binnenstad woont, al heel lang een autoluwe binnenstad willen, het liefst zo snel mogelijk en het liefst ook in één keer, maar we zijn niet doof. We hebben ook geluisterd en we hebben gehoord dat er zorgen zijn over de gevolgen en dat er wordt getwijfeld, met name over het aantal vrije plekken in de garages. Daarom gaat GroenLinks mee met het collegevoorstel om de uitbreiding van het autoluw-plusgebied in twee fasen uit te voeren. Wij vinden dat het voorstel tegemoetkomt aan de bestaande bezwaren, waar we echt goed naar geluisterd hebben. Het voorstel geeft de bewoners en de ondernemers maar ook het college iets meer tijd om te bekijken of autoluw-plus inderdaad werkt zoals ze dat hadden bedacht. Ik denk niet dat onze reacties op de moties u zullen verbazen. De motie Samen werken aan de binnenstad hebben we mede ingediend. Wat mij betreft heeft de heer Gommers die motie al prima toegelicht. Met de motie van Hart voor Delft zouden we alles van de afgelopen maanden volgens mij opnieuw gaan doen. Dat lijkt ons geen goed idee. Daar zijn wij dus tegen. De motie In het midden vinden we elkaar: helaas, daar vindt u niet GroenLinks.
Wel autoluwplus uitrollen maar toch auto's in de binnenstad toestaan is voor mijn fractie echt een stap te ver. 25
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
Dan de motie van met name de VVD over het evalueren. Ook wij vinden dat er geëvalueerd moet worden. Volgens mij gaat het college dat ook gewoon doen; ik vraag maar even aan de wethouder hoe het college dit gaat oppakken. De motie Parkeren op afstand gaat eigenlijk al bij voorbaat uit van te weinig plekken om te kunnen parkeren. Wij denken dat dat zal meevallen, zeker nu we met twee fasen gaan werken. Wat ons betreft is er dus geen noodzaak om nu al een onderzoek te doen naar alternatieve oplossingen. Dat geldt eigenlijk ook voor de motie Op zoek naar een parkeerlocatie voor P+R. Er is bij de TU inderdaad voldoende ruimte om te parkeren, maar we vinden het niet nodig om er nu druk op te leggen om een P+R te bouwen voor januari 2026. Ik ben benieuwd hoe het college hiernaar kijkt. De heer TREFFERS (Volt): Mag ik samenvatten dat GroenLinks eigenlijk pas wil beginnen met naar oplossingen zoeken als er al een probleem is ontstaan? De heer HERREMA (GroenLinks): Dat is nou precies het probleem: meneer Treffers denkt dat er al een probleem is. Dat probleem zien wij nu nog niet. Als dat probleem er komt - dat probleem zal er zeker niet zijn nu we in twee fasen gaan uitrollen - gaan we zeker naar die oplossingen in de TU-wijk kijken. De heer TREFFERS (Volt): Het grappige is dat niet ik of Volt dat per se vindt, maar dat alle insprekers dat vonden.
Ik vraag me daarom af of u daarnaar geluisterd heeft. De heer HERREMA (GroenLinks): Nee, volgens mij was het zo dat het, kijkend naar de getalletjes, vooral heel penibel was als we autoluw-plus in één keer zouden uitrollen. Dan zijn er echt knelpunten, maar er is voldoende parkeerplek in de TU als achtervang, lijkt ons. De heer ANALIKWU (D66): Die laatste zin van de heer Herrema is eigenlijk precies de introductie die ik nodig heb voor mijn vraag. Die parkeerplekken zijn er al en er rijden ook bussen. Met deze motie vragen we om dit echt expliciet neer te zetten als een P+R. Dat missen we op dit moment nog. Waarom zouden we dus niet efficiënt gebruikmaken van de parkeerplekken die er toch al zijn en de bussen die er toch al rijden en daarop inzetten, ook in het vervolg bij nieuwe dienstregelingen? Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): De heer Herrema zegt dat er nu, in ieder geval in fase 1 en fase 2, eigenlijk geen probleem lijkt te zijn, maar in hoeverre kan hij in de grote bal van de toekomst kijken? Want volgens mij weten we niet wat er daarna gaat gebeuren en weten we in elk geval wel dat nog steeds heel veel Nederlanders auto's kopen en dat er ook allerlei afsluitingen in de binnenstad zijn die hier impact op hebben.
Is het dan niet verstandig om toch al te kijken hoe we een beetje vooruit kunnen lopen op de feiten? De heer VALK (CDA): Ik ga op dit punt een andere vraag stellen, namelijk niet of er wel of niet een probleem is, maar over een stukje service aan de gasten die naar Delft komen, namelijk goedkoop kunnen parkeren. Dat product, goedkoop parkeren en dan met het ov naar de binnenstad, kunnen we nu niet aanbieden. Waarom wil GroenLinks onze gasten dit niet aanbieden? De heer HERREMA (GroenLinks): Ik denk dat ik dan niet helemaal helder genoeg ben geweest, want GroenLinks vindt het ook prima om te streven naar een P+R in de TU-wijk.
26
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
Waar wij alleen bezwaar tegen hebben, is om daar nu druk op te zetten en het college te vragen om er voor januari 2026 eentje te realiseren. Daar is wat ons betreft meer tijd voor. Tot slot de motie over veiligheid. Die steunen we niet. Veiligheid is belangrijk; dat vinden wij ook, maar dat is natuurlijk niet het enige aspect. Het verbeteren van de leefbaarheid in brede zin vinden wij eigenlijk het allerbelangrijkste. Veiligheid is daar wel gewoon een onderdeel van. De heer ANALIKWU (D66): Ik heb nog niet helemaal antwoord op mijn vraag gekregen, want het punt met die parkeerplaatsen is volgens mij dat zij er al liggen. Ook de ovverbindingen zijn er al. De druk die we nu opvoeren, is juist om in gesprek te gaan met de TU om gebruik te gaan maken van wat er al ligt. Er hoeft niet een hele nieuwe parkeergarage gebouwd te worden. Volgens mij is het dus raar om te vragen of dat voor 1 januari 2026 kan. De heer VAN DER SLUIS (SP): Ik heb van GroenLinks gehoord dat het de bezwaren ter harte heeft genomen, maar daarna wachtte ik: wanneer komen dan de bezwaren van bijvoorbeeld de zorginstelling die in de binnenstad zit en die echt enorm in de knel komt met dit plan? Wat doet u daarmee? Schuift u dat ook weg, net zoals u met alle andere voorstellen doet? Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Ik hoor GroenLinks zeggen dat veiligheid prioriteit heeft maar eigenlijk ook weer niet.
Ik vraag me af hoe u dat dan voor zich ziet in een vergrijzende samenleving waarin iedereen straks veel meer meters moet maken om nog naar die auto te komen. Waarom wilt u niet inzetten op veilige parkeergarages en een veilige doortocht naar die locaties? Onafhankelijk Delft begrijpt dat niet. De heer HERREMA (GroenLinks): Om met dat laatste te beginnen: wij ontkennen niet dat wij een veilige binnenstad moeten maken. Daar zijn we het helemaal mee eens, maar de motie focust alléén op veiligheid. Dat vinden wij te smal. Er spelen straks bij de inrichting van de openbare ruimte meer aspecten dan alleen veiligheid, maar natuurlijk gaan we ook werken aan de veiligheid. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Ik ben het er helemaal mee eens dat de motie gericht is op veiligheid, maar we moeten ergens beginnen. Dit is gewoon een goed begin. Dat kan straks toch eventueel gewoon meegenomen worden in een integraler, groter beleid? Waarom zou je nu in godsnaam hiertegen zijn? De VOORZITTER: Ho, ho, dat vind ik wel hele forse taal. De heer HERREMA (GroenLinks): Wij zijn er als GroenLinks dus ook niet tegen om het aspect veiligheid mee te nemen in de oplossingen die we zoeken voor de openbare ruimte. De SP vroeg of wij nog iets doen aan de bezwaren. Ik denk dat de discussie in de commissie daar helder over was.
Natuurlijk moeten we iets met al die bezwaren die er zijn: van de mantelzorgers die in de stad werken, mensen die slecht ter been zijn en die een vergunning hebben enzovoort. Dat moet zeker worden opgelost, maar dat is wat ons betreft de volgende fase.
27
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
De heer VAN DER SLUIS (SP): Het gaat dus niet om mantelzorgers en mensen die slecht ter been zijn. Er is ook gewoon een zorginstelling in dit gebied die onbereikbaar wordt. Hoe gaan we daarmee om? De heer HERREMA (GroenLinks): De bereikbaarheid is natuurlijk ook voor ons een belangrijk item, maar het is wat ons betreft echt een volgende stap, die we dan met die zorginstelling gaan bekijken. Volgens mij was die mevrouw heel erg bereid om daar het gesprek over te voeren. De heer VAN DER SLUIS (SP): Ja, die mevrouw was bereid het gesprek te voeren, maar wij niet, want wij nemen hier nu gewoon het besluit. Tenminste, de SP neemt dat besluit niet; dat doet de college, want het college zegt: we gaan het gewoon doen en daarna gaan we nog wel praten. Maar dan is er veel minder ruimte om iets op te lossen. Is het dus niet beter om eerst het probleem op te lossen en pas daarna de besluiten te nemen in plaats van andersom? De heer HERREMA (GroenLinks): Nee, die lijn volgen wij niet. Wij vinden het goed dat we nu eindelijk een keer besluiten om iets te doen aan die autoluwe binnenstad. Dat heeft wat ons betreft prioriteit. Dan tot slot richting D66: ja, die parkeerplaatsen liggen er inderdaad. Het is ook prima dat daar op termijn gebruik van kan worden gemaakt.
Het is ook goed om dat gesprek met de TU stevig aan te gaan, maar voor ons is er niet echt een noodzaak om dat voor januari 2026 te realiseren; dat is eigenlijk ons punt. De VOORZITTER: Helder. Volgens mij heeft u uw standpunten voldoende toegelicht. De heer VAN DER SLUIS (SP): Voorzitter. Zoals u misschien weet, wordt Delft bestuurd door een technocratische, kosmopolitische elite, die weinig oog heeft voor de belangen van bewoners die niet tot die elite behoren. Ik heb vaker betoogd dat de coalitie geen visie op de stad heeft. Ze hebben enkel een stapeltje van technocratische taken die ze één voor één willen afvinken. Eén daarvan is het autoluw maken van de binnenstad, maar een visie of een doel van dit plan ontbreekt volkomen. Iedereen kan voor zichzelf wel een doel bedenken bij het autoluw maken van de binnenstad. We kunnen het doen voor de luchtkwaliteit of de CO2-uitstoot, maar in dat geval zou je het feitelijk in de hele stad moeten doen, want waarom alleen in de binnenstad? We zouden het kunnen doen om meer ondernemers de ruimte te geven, maar dan zou je toch verwachten dat er meer overleg gevoerd wordt met ondernemers? We kunnen het doen om te vergroenen, maar dan verwacht je toch dat we niet overgaan tot het aanleggen van extra fietsparkeerplaatsen? We zouden het kunnen doen om autobezitters uit de stad te verjagen en fietsers meer ruimte te geven.
Misschien is dat het dan wel. Of doen we het voor de veiligheid? Nee, ook niet, want dan zouden we beter het fietsgebruik in de stad kunnen beperken. Kort samengevat: het is volledig onduidelijk waarom het college de binnenstad autoluw wil hebben. Dat maakt het ook lastig om met verbeteringen te komen, want als er geen doel of visie is, hoe kan je een plan dan verbeteren? Het college doet gewoon wat het wil, ten koste van iedereen die niet tot die technocratische, kosmopolitische elite behoort. Inclusie is ver te zoeken. Dat zag je ook bij de inspraak, die in eerste instantie vrijwel afwezig was. Na ingrijpen van deze raad heeft die inspraak wel plaatsgevonden, maar dat heeft feitelijk tot niets geleid, terwijl dat wel had gekund. Dat blijkt ook vandaag, want nu de raad de druk echt maximaal heeft opgevoerd en met enorme inzet van een aantal raadsleden blijkt het college 28
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
toch bereid om het plan enigszins gefaseerd in te voeren. We moeten de stemmingen nog afwachten, maar het lijkt erop dat dat het gaat halen. Hoewel, dat mag natuurlijk niet "gefaseerd" worden genoemd, want dat woord ligt te gevoelig. Dit hele plan verdient geen schoonheidsprijs, is ondoordacht en leidt op de korte termijn slechts tot ellende. Zoals u weet is de SP geen voorstander van ondoordachte voorstellen. We zullen dus tegenstemmen, in tegenstelling tot GroenLinks, dat zegt: het plan is slecht, maar we hopen dat er toch eindelijk iets gebeurt; laten we dus maar voorstemmen. De SP doet dat anders. Het zou het beste zijn als het college het plan gewoon intrekt en met de nieuwe inzichten die vandaag en gedurende de afgelopen weken weer zijn opgedaan, het plan verbetert en bijschaaft, een visie daarbij schrijft en doelen vaststelt en dan in deze raad met een nieuw voorstel komt. Want op deze manier zal het plan nooit het goede plan voor de binnenstad zijn dat onze stad verdient. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Volt heeft in de commissie al benoemd dat het voor ons gaat over hoe we onze doelen kunnen bereiken zonder daarbij bewoners en ondernemers oneerlijk te benadelen.
Binnen dat kader vroegen we de wethouder naar de thema's fasering, het plan van het BOB, de effecten van dat plan, een mogelijke P+Rregeling naar de TU Delft en ook de mogelijkheid om deelvervoer een uitzonderingspositie te geven. Om met dat laatste te beginnen: op deze manier hebben bewoners die zich zorgen maken over de afstand naar hun eigen vervoer, in ieder geval de mogelijkheid om zich naar zijn of haar eigen deur te verplaatsen wanneer dat nodig is. Na hulp van de ambtenaren en nog eens naar de stukken gekeken te hebben, concluderen wij dat het college dit gaat uitvoeren. Daar zijn we heel blij mee. Het hele mooie nieuws is dat alle andere onderwerpen waar wij tegenaan liepen, zijn opgepakt door andere partijen in de raad. Om te beginnen heeft het CDA een genuanceerde en helemaal afonderhandelde motie opgeleverd die wij volledig kunnen steunen en daarom mede hebben ingediend. Ook de moties van de ChristenUnie over de P+R op de TU en het amendement van het CDA over de Phoenixgarage hebben wij mede ingediend. Heel erg bedankt voor het opstellen. Wij denken dat deze moties de ondernemers echt kunnen helpen. Daarnaast zullen we ook de motie van de VVD over het evaluatieplan steunen. Kortom: wij denken dat wij als raad hier vanavond de plannen met hulp van de bewoners en ondernemers beter gaan maken.
Het zou mooi zijn geweest als daaraan niet zoveel emotie en boosheid vooraf waren gegaan. Ik geloof dat dat echt had gekund als er echte participatie was geweest vanaf het begin. De heer VAN DER STEEG (PvdA): Voorzitter. Zoals we in de commissie al zeiden, voelen we de spanning op dit dossier. Een grote verandering hangt in de lucht en dat geeft die spanning. De PvdA blijft voorstander van een openbare ruimte die primair bestemd is voor voetgangers en fietsers maar ook voor ontmoeting, waar het veilig is, waar je frisse lucht kunt inademen en waar je kunt genieten van een groene stad. In de commissie hebben we zeer uitvoerig gesproken, geluisterd en afgewogen. In dat debat maar ook in eerdere debatten is wat ons betreft al gekeken hoe we het proces beter en inzichtelijker kunnen maken en hoe we tegemoet kunnen komen aan gegronde bezwaren. Wat ons betreft zijn daar goede stappen in gezet, waarbij alle verschillende belangen van bewoners maar ook van de gemeente, bijvoorbeeld uitvoerbaarheid, zijn afgewogen. Wat ons betreft is het plaatje echter nog niet compleet. Zoals bekend is de PvdA voorstander van parkeren op afstand, beter bekend als "parkeren en rijden" of "park-and29
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
ride". Onze motie om hier in de ov-visie op in te gaan, werd dan ook breed gesteund in deze raad. Vanavond liggen er een aantal moties op tafel over dit onderwerp, waarvan de PvdA er één mede heeft ingediend; dank aan de ChristenUnie en de VVD voor het werk op dit punt. Wij horen graag van het college hoe het tegen deze moties aankijkt en of het ook de extra urgentie van realisatie ziet, met dit project in het achterhoofd. In de commissie ging het veel over twee of drie fases. Het lijkt een feit dat er onder ondernemers en inwoners meer draagvlak lijkt voor drie fases. De PvdA vindt draagvlak belangrijk. Wij kunnen ons dan ook vinden in de motie van het CDA die hiertoe oproept. Die motie zullen wij steunen. Over het amendement over de Phoenixgarage hebben wij wat meer zorgen. We hebben eerder in de commissie aangegeven dat we in eerste instantie voor de bewoners willen kiezen, met name voor bewoners voor wie andere alternatieven minder geschikt zijn vanwege een langere loopafstand. Dit amendement biedt wat ons betreft deze oudere en minder mobiele inwoners minder ruimte. Dat vinden we jammer. Wij zijn benieuwd hoe het college naar deze specifieke zorgen kijkt. De VVD heeft ook een motie ingediend over veiligheid, een belangrijk onderwerp, maar wij zien ook dat de nadruk erg ligt op een binnenstad die heel onveilig zou zijn, bijvoorbeeld in relatie tot geweld.
De veiligheid met betrekking tot het verkeer wordt helemaal buiten beschouwing gelaten en die vinden wij óók belangrijk. We hebben eigenlijk ook het bezwaar dat de heer Analikwu al noemde: verschillende moties geven hier al invulling aan. Wij steunen daarom wel de gedachte van deze motie dat mensen veilig moeten zijn - dat is logisch en ze moeten zich ook veilig voelen - maar de motie in haar huidige vorm vinden wij overbodig. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): De PvdA ondersteunt de gedachte van deze motie. Wat zou er misgaan als u er toch voor stemt? De heer VAN DER STEEG (PvdA): Dan zou er misgaan dat er een aantal dingen in staan waar wij nu in die verwoording niet helemaal achter kunnen staan. Dat gaat voor ons dan mis. De VOORZITTER: Dat roept natuurlijk toch wat op. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ja, een beetje een inkoppertje: wat is dan bijvoorbeeld een woord waar de PvdA over valt? De heer VALK (CDA): Ik heb een hele andere vraag. Ik zit nog even na te kauwen op de zorgen bij de PvdA over het amendement. Realiseert de heer Van der Steeg zich dat we, als het amendement niet wordt aangenomen en de motie wel, straks een halflege Phoenixgarage hebben waar geen bezoekers meer mogen parkeren, terwijl er onvoldoende bewoners zijn die daar kúnnen parkeren? En vindt u dat een wenselijke uitkomst? De heer VAN DER STEEG (PvdA): Ik begin met de laatste vraag van de heer Valk.
Daar hebben we telefonisch contact over gehad en u gaf dit toen ook aan. We hebben dat met de fractie besproken. Wij realiseren ons ook dat er nog een perspectief komt op het bezoekersparkeren. De bewoners in dit deel die wél gebruik gaan maken van de Phoenixgarage, hebben misschien ook bezoekers. Misschien is het een vraag aan het
30
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
college om te kijken of daar dan nog mogelijkheden zijn voor de bezoekers van bewoners, want oudere bewoners krijgen ook oudere bezoekers. De heer VALK (CDA): Dan moet je vreselijk veel bezoekers hebben. Ik denk toch dat de ondernemers en de horeca meer bezoekers krijgen dan de mensen die daar wonen. Dus graag een reflectie. Het is inderdaad wel een mooie CDA-gedachte! De VOORZITTER: Mijnheer Van der Steeg, er ligt ook nog een vraag van mevrouw Van den Berg. De heer VAN DER STEEG (PvdA): Die heb ik genoteerd: welk woord? Ik ga nog even in op de vraag van de heer Valk. Als je daar bijvoorbeeld nog tien plekken overhoudt - of twintig; het aantal doet er niet veel toe - denken wij dat toch heel veel mensen voor die parkeergarage gaan staan, met als gevolg weer onduidelijkheid. Als het op een gegeven moment zo weinig wordt, kiezen wij echt voor de bewoners. Ik ben mevrouw Van den Berg niet vergeten: over welk woord gaat het? Ik gaf al aan dat er ook dingen níét in staan, bijvoorbeeld de verkeersveiligheid. Dat stoort ons. Het gaat dus niet zozeer over woorden die er wél specifiek in staan, maar ook over welke woorden er niet in staan en waaraan voorbij wordt gegaan.
Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): De heer Van der Steeg moet zich realiseren dat er best wel een dik document van het college ligt en dat daar al heel veel elementen in zitten, maar dat juist het aspect veiligheid - dus echt incidenten, geweldsincidenten - er niet in staat. Daar hebben de bewoners twee weken geleden in de commissievergadering zoveel aandacht voor gevraagd. Om te voorkomen dat ik het plan van het college ga herschrijven, maar om het op dit specifieke punt dus wel aan te scherpen, hebben we deze motie geschreven. Volgens mij gaat er dus vooral niks mis als u er straks gewoon mee instemt. De VOORZITTER: Meneer Van der Steeg, het wordt nog één keer geprobeerd. De heer VAN DER STEEG (PvdA): Om daar kort op in te gaan: ik las ook iets over statistiek, die u ook aanhaalt. Daarin staat de binnenstad in de op één na laagste categorie qua onveiligheid. Volgens mij is er objectief gezien niet heel veel onveiligheid in de binnenstad van Delft. Ik moest ook een beetje denken aan de uitspraak: "Er zijn leugens, grote leugens en er is statistiek". Tot slot. We hebben in de commissie al aangegeven dat we ook zien dat er allerlei knoppen zijn waaraan gedraaid kan worden. De VOORZITTER: Nog één keer mevrouw Van den Berg. Mevrouw Van den Berg, is het hetzelfde punt? Dan vervallen we wel erg in herhaling.
Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ik ben benieuwd waar de heer Van der Steeg de statistiek leest. De heer VAN DER STEEG (PvdA): Ik zei dat het in de voorbereiding van deze motie ook daarover ging. U refereerde ook aan de inspraak, waarin dit ook werd aangehaald, namelijk de cijfers van het CBS.
31
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
Wat ons betreft blijft het zo dat we kunnen blijven draaien aan knoppen, zodat die bijsturing mogelijk blijft. Wij proefden dit eigenlijk ook in het debat. Daarom denken we net als GroenLinks dat de motie van de VVD op dit punt overbodig is. Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Onafhankelijk Delft is hier in de commissievergadering uitgebreid op ingegaan. Wij vinden al het onderzoek dat het college hiernaar heeft gedaan uitgebreid, maar we hebben zelden gezien dat bewoners zo fel in opstand zijn gekomen. Mensen die bijvoorbeeld niet gehandicapt zijn maar wel slecht ter been, zijn eigenlijk het meest de klos. Over het algemeen zijn dat senioren. Ook gezien de Inclusieagenda is dit niet echt mensvriendelijk. Daarnaast vinden wij het heel belangrijk dat direct betrokkenen in zo'n geval als eersten gehoord worden. Er moet ook nauw met hen samengewerkt worden, juist om uit dit voorstel datgene te halen waar iedereen mee kan leven. Vandaar dat je eigenlijk compromissen moet sluiten. De heer ANALIKWU (D66): Voorzitter. De afgelopen tijd hebben we veel contact gehad met de bewoners en de ondernemers over deze parkeertransitie. De emoties liepen daarbij soms hoog op, zoals vandaag al door anderen is benoemd. Waar sommigen eigenlijk de verschillen willen benadrukken, wil D66 juist aandacht schenken aan de gedeelde belangen.
We begrijpen de zorgen van verschillende ondernemers en bewoners. Een bereikbaar huis is essentieel voor vrijheid en bereikbaarheid is cruciaal voor ondernemers. We mogen niet uit het oog verliezen dat het om meer gaat dan alleen een parkeervak langs de gracht. Die gedeelde belangen gaan verder dan de autotoegankelijkheid. Bewoners kunnen op warme dagen hun huis namelijk niet altijd koelen. Delft heeft de meest vervuilde lucht van de regio, vergelijkbaar met het meeroken van maar liefst vijf sigaretten per dag. En er zijn vaak genoeg gevaarlijke verkeerssituaties en, om maar wat te noemen, instortende kades. Om goed wonen te garanderen moeten we hittestress, luchtvervuiling en verkeersveiligheid aanpakken. Daarvoor is ruimte nodig. Ondernemers wijzen erop dat de binnenstad ook de huiskamer van de stad is. Steeds meer mensen komen naar Delft. Uit onderzoek blijkt dat zij dit vaker doen met de fiets en met het ov. In 2040 verwachten we bijna een verdubbeling van het aantal fietsen in onze binnenstad. D66 gelooft dan ook dat de transitie de binnenstad aantrekkelijker gaat maken. In ons geliefde Pontevedra, dat vaak genoeg in de commissie Ruimte en Verkeer wordt aangehaald, groeide het aantal bezoekers enorm na hun parkeertransitie. We begrijpen de zorgen over de garagecapaciteit, maar met de fasering die wordt voorgesteld, komen we voldoende tegemoet aan deze zorgen.
D66 is er dan ook van overtuigd dat de uitbreiding van het autoluw-plusgebied een echte verbetering kan zijn voor de stad. Maar dan toch de motie van het CDA, In het midden vinden we elkaar. Laat het geen verrassing zijn dat D66 de motie niet zonder meer kan steunen. We maken ons zorgen over verder uitstel in een aantal belangrijke projecten die samenhangen met de uitbreiding van het autoluw-plusgebied om een aantal knelpunten aan te pakken van de doelen die we willen nastreven, om te beginnen bij de Gasthuisplaats. Dat is de plek die in de hele stad breed wordt genoemd als dé plek om te vergroenen in de binnenstad. De vraag aan de wethouder is dus of deze motie op enige manier zorgt voor vertraging bij het vergroenen van de Gasthuisplaats. Vervolgens maken we ons er zorgen over dat het later autovrij maken van de Oude Delft zorgt voor vertraging voor de Rode Loper. De verkeerssituatie moet met hoge prioriteit in dit deel van de binnenstad worden aangepakt en mag daarom wat D66 betreft echt geen vertraging oplopen. Dus opnieuw de vraag: kan de wethouder garanderen dat dit project geen verdere vertraging oploopt door deze motie?
32
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
Tot slot vindt D66 het belangrijk dat de tweede fase van de uitbreiding van het autoluwplusgebied in dit deel van de binnenstad geen verdere vertraging oploopt. Concreet willen wij van de wethouder horen wat de motie betekent voor de monitoring van twee jaar: gaat de teller gewoon lopen vanaf het moment dat het eerste deel wordt aangepakt of pas wanneer de laatste auto van de Oude Delft af is? De heer VAN DER SLUIS (SP): D66 zegt dat een van de redenen toch het verbeteren van de luchtkwaliteit in de binnenstad is, maar bent u het dan niet met mij eens dat we dan feitelijk de hele stad autoluw zouden moeten maken? Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Daar heb ik een aanvulling op. We zitten tussen de A4 en de A13. Wordt daar ook een stop op gezet? De heer ANALIKWU (D66): Dat zijn twee leuke vragen die ik in één keer kan behandelen, want op termijn wordt de hele vervoerssector, alle mobiliteit, verduurzaamd, maar we beginnen hiermee met een stukje van de binnenstad. Dat doen we samen met een aantal andere steden; volgens mij zijn dat er in totaal 30. Op die manier krijgt het een soort kritieke massa, waardoor die logistieke sector wordt verduurzaamd. Je moet ergens beginnen; je kan niet alles in één keer doen. De heer VAN DER SLUIS (SP): Ik ben het met u eens dat dat moet gebeuren. We moeten dus de hele sector veranderen.
Dat doen we bijvoorbeeld door het inzetten van andere brandstoffen. Dat lijkt mij een betere oplossing, want die oplossing kunnen we overal breed doen, maar als dat je argument is en als je het dan alleen concentreert op een bepaalde regio, de binnenstad, komt dat er feitelijk op neer dat je de mensen in die regio wil pesten. Waarom willen we een autoluwe binnenstad? Want ik vind het argument van een schonere lucht geen argument. De VOORZITTER: Meneer Van der Sluis, een interruptie moet kort en krachtig zijn. De heer ANALIKWU (D66): Ik volg de cirkelredenering van de heer Van der Sluis niet helemaal, maar als ik terugdenk aan de commissievergadering waarin de SP-collega de heer Jubitana volgens mij juist een groot voorstander leek te zijn van het weghalen van zo veel mogelijk auto's, snap ik niet helemaal waar dit SP-geluid vandaan komt, maar ik ga gewoon rustig door met mijn betoog. Voor D66 is het belangrijk dat dit plan om het autoluw-plusgebied uit te breiden kan steunen op voldoende steun in de stad. We gaan daarom zeker niet lichtzinnig om met de steun van het BOB en de bewonersverenigingen voor de stapsgewijze uitvoering, zoals de motie van de heer Valk voorstelt. We zien dit als een goede tegemoetkoming aan de kritische geluiden, maar we doen tegelijkertijd recht aan de geluiden die wij ook te horen krijgen die de plannen van het college juist ondersteunen.
Want er moet hard gewerkt worden aan verbetering van de luchtkwaliteit, de verkeersveiligheid en de hittestress. Onze steun zal dus afhangen van de beantwoording door het college van onze zojuist door mij gestelde vragen. Dan het amendement over de Phoenixgarage. D66 vroeg in de commissie al aan de wethouder of efficiënt dubbelgebruik voor bezoekers, bijvoorbeeld wanneer bewoners van huis zijn, mogelijk is. Technisch was dit volgens de wethouder ingewikkeld, omdat bewoners dan mogelijk lang in de rij moeten staan omdat er geen aparte ingang gemaakt kan worden. Daar wordt met dit amendement niet direct een antwoord op gegeven, maar indien de motie van het CDA wordt aangenomen, zullen er minder bewoners in de Phoenixgarage parkeren, 33
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
zoals de heer Valk net al zei in zijn interruptie, en wordt de noodzaak van efficiency door dubbelgebruik juist groter. De heer VAN DER SLUIS (SP): Nu doet D66 het weer; nu zegt u: we doen het ook voor het voorkomen van hittestress. Ook dat geldt voor de hele stad. Ik vraag me dus af waarom u zo specifiek op de binnenstad bent gericht. Of is het uw bedoeling om het autogebruik uiteindelijk in de hele stad uit te bannen en zegt u gewoon "toedeledoki" tegen alle mensen die niet tot uw groep behoren maar die hun auto nodig hebben voor hun werk? De heer ANALIKWU (D66): Dit is weer zo'n typische cynische reactie van de SP. D66 staat er in deze raad en in deze stad volgens mij juist om bekend dat wij breed kijken naar de hele stad. We hebben bijvoorbeeld Poptahof aangedragen als een plek om meer te gaan vergroenen. We kijken ook naar de binnenstad. Het is juist heel cynisch en heel eenzijdig van de SP om dit eruit te lichten en te doen alsof we alleen voor vergroening in de binnenstad zijn. Ik was bij het efficiënte dubbelgebruik van de parkeergarage. D66 kan het amendement steunen als ook de motie op voldoende steun kan rekenen. Tot slot wil ik kort iets zeggen over de moties Samen werken aan de binnenstad en P+Rruimte op de Campus. Die zijn al keurig toegelicht door beide mede-indieners. Ik sluit mij aan bij de woorden van beide woordvoerders over die moties.
Wethouder VAN VLIET: Voorzitter. Dank voor het goede en mooie debat; dat geldt voor het debat van nu, maar ook voor het debat in de commissie. Het was een stevig, maar ook heel fair debat, met ook de insprekers, die terecht hun zorgen hebben geuit over verschillende zaken waarover zij zich zorgen maken, met name in hun straten. Het is natuurlijk een beladen onderwerp, zoals de heer Valk heel zorgvuldig heeft verwoord. Hij zei: we streven echt een doel na voor de beleefbaarheid van de binnenstad en we dromen van een fijne plek, een straat, vooral voor voetgangers. Dat zeg ik ook tegen de SP, die zich zorgen maakte om de visie op de binnenstad. Die visie is helder omschreven in het Mobiliteitsplan Delft. De stad is een historische stad die niet is ontworpen voor de auto, die er langzamerhand bezit van heeft genomen. Hoe mooi is het als we die stad weer terug kunnen geven aan de voetganger en aan alle beleving die we daarbij geven aan mensen? Tegelijkertijd heeft dit een grote impact voor mensen die daar wonen. We moeten ons bij het maken van deze plannen realiseren dat het belangrijk is dat mensen goed bij hun huis kunnen komen en dat schilders of iemand die je komt ophalen, bij het huis kunnen komen, maar het gaat juist om de geparkeerde auto die er al langdurig staat en die we heel graag in de garage willen hebben.
Ik vind het erg mooi om te zien hoe heel veel raadsleden van tevoren maar ook de afgelopen week er echt heel veel tijd in hebben gestoken om te kijken of we met elkaar toch tot nog betere voorstellen kunnen komen. Het college heeft bij het maken van de stukken zijn best gedaan om met heel veel mensen te spreken. Daar zijn ook voorstellen uit gekomen, zoals voor de fasering en dergelijke, om echt gehoor te geven aan alle mogelijke zorgen en bezwaren. De raad heeft naar aanleiding van het debat gekeken of het misschien nóg beter kan. Ik begin graag met de motie In het midden vinden we elkaar van het CDA. Complimenten aan met name de heer Valk, die erg zijn best heeft gedaan om te kijken of we misschien 34
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
toch een extra stapje kunnen zetten in de uitvoering en of we de invoering toch met net een stapje extra stapsgewijs kunnen doen. De manier die in de motie wordt voorgesteld, is goed mogelijk. Als de raad hiertoe besluit, kan het college de motie heel goed uitvoeren. De manier waarop het college dat zal doen als deze motie aan de orde is - dat was ook de vraag van de heer Valk - is zoals de heer Valk dat beschrijft: in fase 1 zullen we allereerst de Brabantse Turfmarkt, de Gasthuisplaats en de Koornmarkt autoluw maken, maar zullen we nog even wachten met de Oude Delft, precies zoals de heer Valk heeft beschreven. De Oude Delft kan dan binnen fase 1, binnen de besloten fase 1, op een later moment worden gerealiseerd. Dan wordt gelijk de vraag gesteld of dit vertraging oplevert. Voor de Gasthuisplaats dus niet, want die gaat gelijk over. En de Rode Loper? Als het zover is dat de Rode Loper echt met de uitvoering gaat beginnen en dat de aannemer daar aan de slag wil, kunnen we op dat moment zorgen dat ook de auto's van de Oude Delft weg zijn. Daar zit een tijd tussen. Op die manier loopt het geen vertraging op. Wat fase 2 betreft: de afspraak is dat we na twee jaar zullen evalueren. Wat het college betreft kunnen we, nadat we zijn begonnen met de uitrol van fase 1, twee jaar later goed evalueren hoe we ervoor staan.
We hebben dan echt een substantieel deel van dit deel van de binnenstad verder autoluw gemaakt, hebben een goed inzicht in feiten en cijfers en kunnen op basis daarvan ook evalueren. De VOORZITTER: Ik zie de heer Gommers voor een interruptie. We zouden terughoudend zijn met interrupties tijdens de termijnen van de wethouder, maar misschien heeft u een dringend punt. De heer GOMMERS (STIP): Ik vraag me af of de wethouder hiermee bedoelt dat als fase 1 langer duurt en we daarna twee jaar wachten totdat we beginnen met fase 2, fase 2 eigenlijk uitgesteld wordt. Wethouder VAN VLIET: De volgorde blijft dat we fase 1 doen en dan fase 2, waarbij we fase 1b - zo noem ik het maar even; dat is dus het autoluw maken van de Oude Delft - redelijk vlot kunnen doen op het moment dat we inzicht hebben in hoe zaken gaan en hoe dat logisch past in de uitvoering buiten. Dat brengt mij bij het amendement over de Phoenixgarage. Dat is natuurlijk een logisch vervolg op de motie, want als we de Oude Delft nog niet autoluw maken, scheelt dat 70 plekken. Het zijn met name deze bewoners die ook gebruik zullen maken van de Phoenixgarage. Daarmee zouden we heel veel lege plekken in de Phoenixgarage hebben. Dat is natuurlijk zonde. Daarmee past dit amendement heel goed bij deze motie. Het college heeft daar dan ook geen bezwaar tegen.
De Partij van de Arbeid vraagt of we dat kunnen vullen met bezoekers van de bewoners. Dat zullen te weinig mensen zijn. Dan hebben we dus echt een garage die voor een deel leegstaat. We begrijpen wel uw zorg om de bewoners. In het voorstel van het college wordt het exclusief voor bewoners, waarmee bewoners ook altijd zeker weten dat ze in de Phoenixgarage kunnen parkeren. In deze nieuwe situatie zal dat niet zo zijn. Ik moet daarbij zeggen dat er bijvoorbeeld juist in de avonduren, wanneer het extra prettig is om in een dichtbij zijnde garage te parkeren, ruimte in de Phoenixstraat is om te parkeren. Maar op drukke momenten, zeker op de zaterdagmiddag zal dat niet het geval zijn. Dat is het eerlijke antwoord daarop. Dat brengt me bij motie 7.1.1 van Hart voor Delft, Belofte maakt schuld. In het debat is al genoemd dat het dictum drie onderdelen heeft. Het eerste dictum vraagt om een uitleg. Die 35
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
uitleg is inderdaad ook gevraagd met schriftelijke vragen. Die hebben wij vandaag op het RIS zien verschijnen; dit is afgelopen dinsdag in het college geweest. Ik ga ervan uit dat deze vraag daarmee is beantwoord. Het tweede dictum vraagt om een gesprek te voeren met de insprekers, onder andere over economische belangen. Het college is van mening dat we die gesprekken zeer uitvoerig hebben gevoerd en u als raad daar ook zeer uitvoerig over hebben gerapporteerd. Het college is van mening dat op basis van wat daar is opgehaald en wat u heeft kunnen lezen, nu tot een goede besluitvorming gekomen zou moeten kunnen worden. Het derde dictum vraagt eigenlijk op basis van de eerste twee dicta: welke zaken gaat u veranderen? Op basis van de eerste twee zaken zoals ik die heb toegelicht, hebben wij niet het voornemen om daar iets aan te veranderen. Daarmee is deze motie voor het college overbodig. Dat brengt mij bij motie 7.1.3, Evalueren vraagt om een goed plan. Door verschillende partijen, onder andere GroenLinks, is gevraagd hoe het college dit oppakt en hoe die evaluatie gaat. De evaluatie zoals wij die voornemens zijn te doen, is eigenlijk geheel in lijn met hoe wij nu zorgvuldig kijken naar cijfers. Met elkaar vinden wij het belangrijk dat de bezoekers kunnen blijven parkeren in de parkeergarages. Dat is steeds het uitgangspunt geweest.
Wij kijken hoe het op ieder moment met de vrije plekken in de garage is en welke ontwikkelingen wij zien. Zo heeft het college nu bijvoorbeeld gerekend met 10% extra vrije plekken, omdat wij zeggen dat het aantal bezoekers van de binnenstad weleens zou kunnen groeien. Daarom willen wij 10% extra vrijhouden. Dat zijn zaken die het college nu heeft betrokken en zo zal het college dat ook straks doen. Wij maken dat helder en feitelijk inzichtelijk. Wij bespreken dat ook met de bewoners en de ondernemers, precies zoals u vraagt in de motie en zoals we dat nu ook hebben gedaan. Wat dat betreft kunnen we ons het werk besparen om daar een plan voor te schrijven en dat plan met u te bespreken, omdat wij van mening zijn dat we dat op deze manier verder kunnen doen, maar wel in lijn met hoe u dat aan ons vraagt. Daarmee is deze motie wat het college betreft overbodig. Dan gaan we naar motie 7.1.4, Start tijdig met integraal aanbod parkeren op afstand. Op deze motie zal in hoofdzaak worden gereageerd door mijn collega Huijsmans, de wethouder Mobiliteit. Eén ding wil ik daar als wethouder Parkeren wel bij noemen.
Als u met de tweede subbullet bij het dictum over alternatieve voorzieningen bedoelt - dat hoorde ik in uw mondelinge bijdrage - dat u ook wil weten hoe het zit met de nieuwe parkeergarages, waar die zouden kunnen komen en welke investering en wat voor exploitatie dat vraagt, is dat best een omvangrijk onderzoek. Dat moeten we ergens in de komende jaren echt gaan doen als je serieus werk wil maken van een autoluwe binnenstad, maar dat is niet voor komend jaar begroot. Dat brengt mij motie 7.1.5, P+R-ruimte op de Campus. Ook op deze motie zal mijn collega Huijsmans reageren. Dan motie 7.1.6, Veiligheid in het autoluw-plusgebied. Laat ik vooropstellen dat het college veiligheid uiteraard hartstikke belangrijk vindt. Wij kijken heel kritisch. In het centrum zijn er bijvoorbeeld twee plekken, de Peperstraat en de Kromstraat, waar we met extra veel aandacht naar kijken. Onze burgemeester is daarbij nauw betrokken en kijkt ook of daar misschien cameratoezicht noodzakelijk is. Dat zijn specifieke plekken. Als we verder kijken naar de binnenstad, zien we dat in de veiligheidsbeleving, die wij meten, de binnenstad uitzonderlijk goed scoort. Als we kijken naar de parkeergarages, zien wij dat daar nu geen calamiteiten zijn. De verwachting is dat als er meer mensen in de parkeergarages gaan parkeren, dat nog meer sociaal toezicht en een gevoel van veiligheid zal geven.
36
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): In de parkeergarage aan de Phoenixstraat, de Phoenixparkeergarage, is regelmatig de lift stuk en er is maar één lift. Mensen die een beperking hebben en daar gaan parkeren, komen daar dan gewoon niet uit. Kunnen we daar dan een andere oplossing voor bedenken of kan de wethouder daar een andere oplossing voor bedenken? Wethouder VAN VLIET: De Phoenixgarage functioneert al zeer vele jaren. Als er iets aan de hand is en als er hulp moet komen om mensen daar te helpen, is dat natuurlijk vervelend. Gelukkig gebeurt dat niet vaak en ik moet daarbij zeggen dat het voorliggende plan niks verandert aan het gebruik van die parkeergarage. We hopen dus dat die parkeergarage nog steeds volop gebruikt wordt en dat er zo veel mogelijk auto's in staan. In die zin verandert daar niets aan. Het eerste dictum van de motie zegt: kijk goed naar veiligheid als je de openbare ruimte ontwerpt. De ChristenUnie vroeg al wat dit verandert aan wat de gemeente al doet. Eigenlijk verandert daar niet veel aan, omdat wij dat nu al doen. Het zit standaard in het programma van eisen van de inrichting van een straat dat die veilig moet zijn. De verwachting is dat wat we hier gaan doen, het weghalen van auto's en mogelijk het toevoegen van wat andere elementen, niet heel principieel wijzigingen geeft in de veiligheidsbeleving.
Maar veiligheid heeft dus gewoon de aandacht, zoals altijd. Dit gezegd hebbende en alles bij elkaar vinden wij de motie overbodig. Ten slotte motie 7.7.1 van STIP en andere fracties over Samen werken aan de binnenstad. De motie spreekt eigenlijk een zorg uit: als we straks de auto's van de straat halen maar als het nog een tijdje gaat duren voordat onder andere de nutspartijen daadwerkelijk aan de slag gaan om kabels en leidingen te vervangen en om het daarna nieuw in te richten, is er een grote tussenperiode waarin er misschien niks zou veranderen. Als er niks verandert, kan inderdaad gebeuren wat sommigen vrezen, namelijk dat het straks helemaal vol staat met fietsen. Wat zijn we er dan mee opgeschoten? Deze motie roept op om gelijk aan de slag te gaan, om gelijk te beginnen met de participatie, om met mensen te gaan praten over wat je daar wil en om daar dan in tijdelijkheid iets mee te gaan doen. Het college vindt dit een heel verstandig en ook aantrekkelijk idee. Het is natuurlijk mooi dat je dit in tijdelijkheid ook kunt laten zien: hier hebben we groen en mogelijk nog andere elementen. Dan kunnen we ook bekijken of dat bevalt en daar leren we dan weer van voor de definitieve inrichting. Wij denken dat dit het gesprek met de buurt en het zorgen dat het echt goed wordt, juist alleen maar bevordert. Het CDA vroeg daarbij wie dit betaalt. Dat bestaat uit twee elementen.
Allereerst de inspraak over wat we willen met die straat en wat we daar mooi vinden: dat proces zit sowieso in de raming voor Ruimte in de binnenstad. Dat is bij dit proces eigenlijk verreweg de grootste kostenpost. Voor die tijdelijke inrichting is dat echt dat stuk inspraak. Het vervolgens plaatsen van bijvoorbeeld tijdelijke plantenbakken, fietsnietjes of iets anders is mogelijk binnen het bestaande budget, omdat dat alles bij elkaar een investering is die daar nog binnen past. Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. Dank voor de vragen en de voorliggende moties. Ik zal iets zeggen over motie 7.1.4 en motie 7.1.5. Motie 7.1.4 gaat over parkeren op afstand, met name ook over de koppeling met de ov-visie. Zoals u wellicht ook in de langetermijnagenda heeft gelezen - of misschien komt die morgen op het RIS - komt die eind Q1 van het komende jaar naar de raad. Hierin wordt niet alleen een visie op openbaar vervoer gegeven, maar zullen we ook de koppeling uitleggen die je kunt maken met deelmobiliteit, maar ook 37
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
met parkeren op afstand. Daarbij zal het college niet alleen de parkeerplekken bij de TU meenemen, waar op dit moment overigens ook al gesprekken over zijn. We zullen ook gaan kijken welke andere mogelijkheden er voor parkeren op afstand zijn, bijvoorbeeld gekoppeld met een mobiliteitshub of andere parkeerplaatsen in de nabijheid van openbaar vervoer. Dan kan ook P+R met deelmobiliteit een rol spelen om die parkeerplekken ook te kunnen gebruiken. Wat dat betreft ontraden we de motie, maar op dit onderdeel kan ik vanuit het college toezeggen dat we dat nog net iets dikker zullen aanzetten, zodat we ook een antwoord kunnen geven op wat hier in de raad naar voren is gekomen. Dus ontraden, maar wel een toezegging op het punt van de koppeling tussen parkeren op afstand en de ov-visie. Dan motie 7.1.5 en het dictum daarvan. In het verleden zijn er inderdaad ook afspraken gemaakt met de TU. We zijn hierover ook met haar in gesprek, maar er zijn op dit punt nog steeds geen concrete afspraken, ook over hoe we dan die inzet van parkeerplaatsen zullen doen. Wat dat betreft zijn de vraag zoals die nu is gesteld en de genoemde tijdlijn dus werkbaar. We hebben het er al vaak genoeg over gehad in de commissie R&V: er ligt nog wel een uitdaging op het punt van de ov-bereikbaarheid.
Wat dat betreft kan daarin ook de motie die in deze motie wordt genoemd, worden meegenomen en is dit wat ons betreft een uitvoerbare motie. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. De heer VAN DER SLUIS (SP): Voorzitter. D66 beschuldigt mij van een cirkelredenatie en komt vervolgens met een jij-bak over mijn SP-collega Jubitana, maar de heer Jubitana en ik hebben allebei geen enkel probleem met een op termijn autoluwe binnenstad. Het gaat ons om de manier waarop. Het argument van uitstoot is geen valide argument, omdat de definitieve oplossing daarvoor is dat we de uitstoot van auto's zeer sterk gaan reduceren. Autoluw maken van het hele land is dan niet meer nodig. Het klopt dat D66 ook in andere delen van de stad voorstelt of heeft voorgesteld om auto's weg te pesten. Dat is juist het punt van de SP. In de ideale wereld van D66 is er geen plaats meer voor mensen die afhankelijk zijn van de auto. Dat buitensluiten van die minderheid stuit de SP tegen de borst. Daarnaast heeft de wethouder een vergelijkbaar argument. Hij betoogt dat de Mobiliteitsvisie de visie bevat waarin wordt beschreven wat we willen bereiken met het autoluw maken van de binnenstad, maar dat is dus niet waar.
In de Mobiliteitsvisie staat hoe de wethouder autogebruikers uit de hele stad wil wegjagen, maar daar staat dus niet specifiek in waarom de binnenstad de uitzonderingspositie zou moeten krijgen die we nu aan de binnenstad geven. Dat is mijn punt: de visie op waarom we dit nu in de binnenstad doen, ontbreekt. Die visie is echt nodig, ook om de stad mee te krijgen met dit besluit - dat is uiteindelijk nodig en daar staat de SP dus ook achter - om de binnenstad op termijn autoluw te krijgen. De heer GOMMERS (STIP): Voorzitter. We vinden de beantwoording van de wethouder nog een beetje onduidelijk. Kan de wethouder nog één keer duidelijk aangeven of de motie We vinden elkaar in het midden impact heeft op wanneer fase 2 in zou kunnen gaan? Ook vragen we ons af hoe de wethouder het woord "noodzakelijk" interpreteert in het amendement. Vanaf wanneer kunnen de plekken dan wel exclusief ingezet gaan worden? De heer VAN DER STEEG (PvdA): Voorzitter. Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Wij zitten, ook naar aanleiding van het debat, heel erg te kauwen op het amendement, want daar valt wat voor te zeggen, maar wij zien ook wel wat zorgen. Ik heb begrepen dat we niet kunnen schorsen om zelf nog even te discussiëren; ik denk dat we dat
38
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
ook niet binnen deze avond redden. Maar goed, we zullen er bij de stemmingen over stemmen. Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Voorzitter. We zijn blij met de toezegging over de rol van deelmobiliteit in de ov-visie en ook over de rol van P+R, maar we zullen niet voor de motie stemmen vanwege het onderzoek naar langdurig parkeren, waar nu geen rekening mee is gehouden bij de financiën. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. In de eerste plaats is het ontzettend goed om te horen dat het college de motie waarmee we in het midden met elkaar samenkomen, wil omarmen. Ik denk dat het echt de allergrootste winst van vanavond is dat we, ook met het geluid van de ondernemers en de bewoners, een variant op het plan van het college hebben gevonden waarmee we in een iets meer stapsgewijze en misschien ook enigszins meer gereguleerde vorm naar de autoluwe binnenstad gaan kijken. Dat vind ik echt grote winst. Ik ben ontzettend blij dat het college dat omarmt. Daar hoort het amendement inderdaad ook bij. De andere moties zijn in mijn ogen wat ondergeschikt, want zoals gezegd zit de winst in die stapsgewijze invoering. Met betrekking tot het evalueren heb ik een vraag die ik belangrijk vind. De wethouder zei net dat de evaluatie vooral plaatsvindt op basis van cijfers, die ook worden besproken met inwoners. Die zinsnede las ik niet als zodanig in het plan zelf.
Is dat dan een toezegging dat die evaluatie op basis van cijfers inderdaad ook echt met de inwoners wordt gedaan? Dat wil ik graag van de wethouder horen. Tot slot de motie over veiligheid. Het is ontzettend fijn om te horen dat dit al standaard in het programma van eisen zit voor de herinrichtingsontwerpen voor dit soort delen van de binnenstad. Dat omarmen we dus. Het is fijn om te horen dat dat al wordt opgepakt. De heer ANALIKWU (D66): Voorzitter. Dank aan de wethouder voor de beantwoording. In de antwoorden hoor ik misschien wat anders dan de heer Gommers. Ik hoor dat de wethouder garandeert dat de knelpunten in de binnenstad wat hittestress en verkeersveiligheid betreft geen vertraging zullen oplopen door deze voorgestelde stapsgewijze uitvoering. Daarom kan D66 instemmen met de motie van het CDA. De heer HERREMA (GroenLinks): Het is mooi dat D66 vraagt om allerlei garanties. Ik kan D66 nog wel een garantie geven: het kruispunt op de Oude Delft met de Peperstraat en de Binnenwatersloot wordt en blijft de komende twee jaar een chaos. Hoe reageert u daarop? De heer ANALIKWU (D66): Het is ook een kwestie van het afwegen van verschillende belangen. We hebben van de wethouder juist gehoord dat er zo veel mogelijk wordt gedaan aan de Rode Loper, maar het verwijderen van de parkeervakken langs de Oude Delft zal de werkzaamheden volgen van de Rode Loper.
Die zal daardoor dus geen vertraging oplopen. Het is in dit geval dus een beetje een non-redenering. Ik wil nog een vraag stellen aan de wethouder. We horen van bewoners die graag in een garage willen staan maar net buiten het zuidwestelijk deel van de binnenstad wonen dat zij lang op de wachtlijst moeten staan. Kan de wethouder aangeven of er al eerder een mogelijkheid is om de reservering van bewoners van het zuidwestelijk deel van de binnenstad te herzien? Dat kan bijvoorbeeld als blijkt dat er minder bewoners naar de garages gaan. Dan zouden wat meer mensen, bijvoorbeeld in de Olofsbuurt of in andere
39
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
delen van de binnenstad, van de wachtlijsten af kunnen. Dit vergat ik in mijn eerste termijn te vragen, maar ik hoor graag het antwoord van de wethouder hierop. De heer HERREMA (GroenLinks): Voorzitter. In mijn eerste termijn heb ik niet gereageerd op het voorstel om in de Phoenixgarage alleen nog abonnementhouders toe te staan. Het leek ons een hele logische zet om dat te doen in combinatie met het autoluw maken van dit deel van de binnenstad. Heel veel fracties maken een koppeling tussen de motie en het amendement, maar is die koppeling er ook? In mijn gedachte moeten we de Phoenixgarage ook nu al gewoon voor de abonnementhouders inrichten, zodat we daar alvast op voorbereid zijn. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Die laatste vraag kan ik ook beantwoorden, want de koppeling tussen de motie en het amendement is er wel degelijk. Ze moesten technisch gescheiden worden. Als de motie het haalt en als de Oude Delft dan, zoals de wethouder ook bevestigt, wat later autoluw kan worden gemaakt, scheelt dat de eerste jaren gewoon 70 parkeerplekken. Dat is een derde van de Phoenixgarage, dat leeg komt te staan. Dat kunnen we gebruiken voor bezoekers aan Delft; dat zegt het amendement. Maar daarvoor is het natuurlijk wel nodig dat de motie aangenomen wordt.
Daarom wil ik het procesvoorstel doen om eerst de motie in stemming te brengen en dan het amendement, het liefst ook meteen na elkaar, dus niet met andere moties ertussen. De VOORZITTER: Ik kijk gelijk rond. Ik zie geen nee-knikkers. Dat is dus prima. De heer VALK (CDA): Verder sluit ik me aan bij de woorden van mevrouw Van den Berg: ook ik ben heel blij met het antwoord van de wethouder. We hebben echt samen gezocht naar wat wél kan. Ik ben heel blij dat we daaruit lijken te komen met een meerderheid van de raad. Ik sluit me ook aan bij de heer Analikwu: ook ik heb expliciet gehoord dat er geen vertraging gaat optreden. Dat is ook niet het doel van de motie en het amendement. Ik realiseer me dat het een politieke realiteit is, maar wat is er binnen die tijdslijnen wél mogelijk? Tegen de heer Herrema kan ik zeggen dat de Peperstraat volgens mij gewoon gesloten kan worden. Dan is het kruispunt ook een stuk rustiger. Volgens mij is dat ook gewoon de planning, maar dat hoor ik graag van de wethouder. Wethouder VAN VLIET: Voorzitter. Is er een impact voor fase 2 als we fase 1 stapsgewijs doen? Het antwoord is nee. Twee jaar nadat we zijn gestart met fase 1, kunnen we de evaluatie die nodig is voor fase 2, gewoon gaan doen en op basis daarvan kunnen we besluiten nemen. Dan de vraag om "noodzakelijk" toe te lichten.
Het moge duidelijk zijn dat er veel minder bewoners in de Phoenixgarage parkeren als de motie wordt aangenomen; daar zit die afhankelijkheid wel degelijk in. Dan zouden die plekken leegstaan. Wanneer is het dan noodzakelijk om er wél een bewonersgarage van te maken? Dat zal naar verwachting zijn als we de Oude Delft autoluw gaan maken. De reden is dan dat er zoveel bewoners in de Phoenixgarage willen parkeren dat het niet meer te mengen is. Als het percentage bewoners zo groot is, is het niet meer te mengen en zullen we ertoe moeten overgaan om er een bewonersgarage van te maken. Of er ontstaan bij de Phoenixgarage files met een mix van bewoners en bezoekers. Dan weet niemand meer wanneer hij naar binnen kan en zullen bewoners een groot deel van de tijd heel ver moeten lopen of verder dan eerder beloofd.
40
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2024
De VVD vraagt: als wij gaan evalueren, gaan wij de cijfers dan ook met bewoners bespreken? Ja, uiteraard. Met bewoners en ondernemers zullen we de cijfers die daaruit komen bespreken. De heer VAN DER STEEG (PvdA): Een kleine inhoudelijke interruptie over het vorige punt. Als bewoners van de Oude Delft, hoewel zij voor de deur mogen parkeren, toch kiezen voor de Phoenixgarage, hoe werkt dat dan? Krijgen zij dan voorrang als dit amendement wordt aangenomen? Hoe kijkt u daartegen aan? Wethouder VAN VLIET: Als de motie wordt aangenomen, zullen bijvoorbeeld ook bewoners van de Koornmarkt de vraag krijgen of zij een abonnement in de Phoenixgarage willen. Zij zullen dat dan ook krijgen. Alleen is er dan niet meer een plekgarantie en zullen ze bijvoorbeeld op een drukke zaterdagmiddag niet in de Phoenixgarage terechtkunnen; dan zullen ze moeten uitwijken naar de Prinsenhofgarage. Dan de vraag van D66 over de wachtlijsten. Dat is een terechte vraag. Er zijn nu wachtlijsten. Die hebben wij aangehouden omdat wij volop in dit proces zitten met kijken hoe we de plekken gaan vullen vanuit Ruimte in de binnenstad. Op dit moment kunnen wij de mensen op de wachtlijsten nog niet weer toegang geven tot de garage. Uw suggestie nemen wij ter harte en we gaan kijken wanneer dit wel kan.