Overzicht technische vragen bij Raadsplein 28 oktober 2021
Tekst van het document
Overzicht technische vragen bij Raadsplein 28 oktober Steller CKenG
Onderwerp Kadernota samenwerking en fusie
Vraag Hoe verhoudt de referendumverordening van de gemeente Castricum zich tot de Kadernota (Regionale) Samenwerking/Fusie 2021, met andere woorden sluiten de Kadernota en de referendumverordening op elkaar aan?
CKenG
Kadernota samenwerking en fusie
Er wordt melding gemaakt van een referendum in de Kadernota in paragraaf 5.1 Algemene uitgangspunten, bullit e.) e. De bevolking wordt geraadpleegd over de voorgenomen fusie d.m.v. een enquête voor de besluitvorming (mening peilen) of referendum na de besluitvorming (raadgevend correctief); De heer Beems doet de suggestie om een passage op te nemen in de Kadernota die melding maakt dat Castricum een referendum verordening heeft.
GroenLinks
Belastingverordeningen
I. Lijkbezorgingsrechten, tarieventabel. 1. Wat is het verschil tussen 'het begraven van een overledene' (> 12 jaar € 748) en (idem) 'in een algemeen graf, inclusief gebruiksrecht voor 10 jaar' (€
Antwoord In de nota is als algemeen uitgangspunt opgenomen dat de gemeente de inwoners consulteert middels een zogenoemde peiling (in de vorm van een enquete). Als algemeen uitgangspunt is de mogelijkheid voor een referendum na besluitvorming (raadgevend correctief) uit de tekst gehaald, omdat de huidige referendumverordening niet voorziet in deze mogelijkheid. Deze gaat uit van een referendum op initiatief van inwoners. Dit is een goed voorstel, dat op voorhand duidelijk maakt wat binnen de zelfstandige invloedsfeer van de inwoner(s) valt. We hebben hiervoor als voetnoot bij het algemene uitgangspunt een tekst nu opgenomen in de kadernota.
1. niet als gebruiksrecht voor tien jaar in algemene zin , het verschil zit in het gebruiksrecht voor de duur van tien jaar van een algemeen graf. Voor gebruiksrechten voor particuliere graven gelden de tarieven zoals opgenomen in hoofdstuk 2. 2. voor het begraven van een overledene in een algemeen graf, inclusief gebruiksrecht voor 10 jaar” geldt een tarief van in totaal € 1284,00. In een algemeen graf worden 2 personen begraven die geen relatie hebben met elkaar. Ontvangsten voor de gemeente
GroenLinks
Belastingverordeningen
1284)? Zit 'm dat alleen in het gebruiksrecht voor tien jaar? 2. Zo ja, hoe is het bij het tarief van € 748 dan met het gebruiksrecht geregeld? Geldt voor het begraven van een overledene > twaalf jaar in een algemeen graf, inclusief tien jaar gebruiksrecht een tarief van €748 + € 1284 of alleen van € 1284? (De bepaling kan op beide manieren worden gelezen!) 3. Waarom worden er bij de punten 2.1 t.e.m. 2.1.3 alleen tarieven voor twee personen genoemd? II. Verordening rioolheffing Waarom wordt in artikel 7 lid 4 bepaald dat een agrarisch bedrijf geacht wordt niet meer dan 500 m3 aan waterverbruik te hebben?
GroenLinks
Belastingverordeningen
III. Notitie toeristenbelasting Onder het kopje 'Samenloop toeristenbelasting met forensenbelasting' wordt gesteld dat na afschaffing van de vrijstelling de opbrengst van de forensenbelasting zou kunnen toenemen. Is het niet andersom: dat het verschuldigd
per algemeen graf zijn 2 x 1284,00 = 2568.00 over een periode van 10 jaar of iets langer, afhankelijk wanneer de 2e persoon wordt begraven in het graf. Na deze periode wordt het graf geruimd en kan weer opnieuw worden uitgegeven. 3. de tarieven gelden voor een particulier graf voor twee personen, de aanduiding twee personen heeft betrekking op het graf, niet op het aantal begraven overledenen.
De gedachte hierbij is bij agrarische bedrijven niet altijd de gehele hoeveelheid aangevoerd water altijd wordt afgevoerd via het rioolstelsel. Er kan bijvoorbeeld sprake zijn van melkproductie of opname van water door gewassen. In 2012 is deze bepaling in de Verordening rioolheffing opgenomen. Destijds is voorgesteld om bij de rioolheffing voor agrarische bedrijven uit te gaan van een gemaximeerde hoeveelheid afgevoerd water van 500 kubieke meters. Dit komt neer op het basistarief + 2x het tarief per extra 100m3. In feite betreft dit een volume tot 599 m3. Pas bij 600m3 volgt immers een derde maal het tarief voor 100 m3 extra afgevoerd water. Daarbij is niet gesteld dat agrarische bedrijven deze hoeveelheid afgevoerd water niet zouden kunnen overschrijden. In de Verordening toeristenbelasting maar ook in de Verordening forensenbelasting is de vrijstelling opgenomen. De heffingsambtenaar laat de toeristenbelasting prevaleren boven de forensenbelasting. Daardoor zouden door de afschaffing van de betreffende vrijstellingen de objecten die thans in de toeristenbelasting worden betrokken ook voor forensenbelasting in aanmerking kunnen komen met als gevolg een toename van de opbrengst forensenbelasting.
CKenG
Belastingverordeningen
CKenG
Belastingverordeningen
CKenG
Belastingverordeningen
CKenG
Belastingverordeningen
zijn van forensenbelasting voorop staat, maar dat door afschaffing van de vrijstelling de opbrengst van de toeristenbelasting zou kunnen toenemen? WABO leges. Het legesartikel 2.3.3.2 is aangepast naar een meer evenwichtige De leges gaan van buitenproportioneel staffel. Om de verlaging onder de € 200.000 op te vangen is het hoog naar meer evenwichtig. Is het in die tarief voor bouwplannen hoger dan context correct dat de leges voor gering € 500.000 verhoogd (kruissubsidiëring ). Op deze wijze blijft de buitenplans-tijdelijk wel met 25% omhoog impact op de begroting gering. gaat? Zo ja, wat is daar de reden voor? Rijkstarieven leges Ja, alle BUCH gemeenten hanteren de maximum rijkstarieven. De gemeente Castricum hanteert de maximum rijkstarieven. Is dat voor de overige BUCH gemeenten hetzelfde? Rioolheffing Het tarief rioolheffing 2021 bedraagt € 201,90. Voor 2022 wordt Hoe verhouden deze bedragen zich tot het een tarief voorgesteld van € 204,84, dit houdt een stijging in van huidige jaar? En wat is de percentuele 1,46%. aanpassing? Afvalstoffenheffing In Onderstaande tabel zijn de tarieven ten opzichte van het huidige jaar Hoe verhouden deze bedragen zich tot het opgenomen, inclusief de stijging in de vorm van een bedrag en als huidige jaar? En wat is de percentuele percentage.
Wegens een afrondingsverschil is de stijging bij aanpassing? meerpersoonshuishoudens iets lager uitgevallen. Ta Vast aandeel aanslag afvalstoffenheffing eenpersoons € huishouden tweepersoons € huishouden drie of meerpersoonshuish€ ouden Variabel aandeel aanslag afvalstoffenheffing
Tarief 2021
Voorstel 2022
Stijging €
Stijging %
€ 204,12 € € 211,20 € € 7,08
€ 3,47%
€ 227,52 € € 235,44 € € 7,92
€ 3,48%
€ 269,40 € € 278,52 € € 9,12
€ 3,39%
Tarief 2021
Voorstel 2022
Stijging €
Stijging %
container 240 liter per lediging container 140 liter per lediging per inworp bij trommel 30liter per inworp bij trommel 60liter
PvdA
Belastingverorde ningen
Afvalstoffenheffing Wat is de onderbouwing van de 3,48% verhoging van het vaste tarief van de afvalstofheffing (uitgaande van 2 persoonshuishouden)?
€ 6,25
€ 6,25
€
€ 0,00
0
0,00%
€ 3,64
€ 3,64
€ 0,00
0,00%
€ 0,55
€ 0,55
€ 0,00
0,00%
€ 1,10
€ 1,10
€ 0,00
0,00%
In de concept-begroting 2022 staat op pag. 69 opgenomen: Om de hierboven geraamde opbrengsten te realiseren is een stijging van het tarief van ong. 3% nodig. Dit is 1,5% boven de inflatie in verband met de extra opbrengstverhoging van € 100.000 om te komen tot 100% kostendekkendheid (zie Kadernota 2020). Voorgesteld wordt om de aanname van het aantal ledigingen en het variabele tarief per lediging op dit moment ongewijzigd te laten. Met andere woorden: om de begrote opbrengst te behalen en het voorstel om het variabele tarief ongewijzigd te laten, is het vaste tarief met iets meer gestegen dan de hierboven genoemde 3%. Overigens: ook het vaste tarief voor een één-persoonshuishouden en een meer-persoonshuishouden is met bijna 3,5% gestegen.
PvdA
Belastingverorde ningen
Afvalstoffenheffing Een onderdeel van de verhoging van de tarieven voor 2021 was de stijgende verwerkingskosten voor papier. Inmiddels is er veel vraag naar oud papier en gaat de opbrengst per kilo flink omhoog. Hoe is
Zoals gecommuniceerd in de evaluatie implementatie grondstoffenplan worden er gemiddeld zowel in de laagbouw als in de hoogbouw minder restafval zakken en containers aangeboden als waar in de afvalstoffenheffing rekening mee is gehouden. Voor de inwoners betekent dit dat zij gemiddeld goedkoper uit zijn. In de jaarrekening wordt bekeken hoe deze uitkomst zich verhoudt tot de kostendekkendheid afval. Nee, de begrote opbrengst van de ingezamelde afvalstromen (waaronder papier) is in de meerjarenraming begroot conform het begrote bedrag 2021 (€ 408.818). In de tarieven 2022 is m.a.w. geen rekening gehouden met een andere opbrengst van de overige afvalstromen. Uiteraard zien we ook de gunstige prijsontwikkeling van papier. Net als hierboven vermeld bij de verwachte lagere
CKenG
2e tussenevaluatie grondstoffenplan
de meegenomen in de tarieven voor 2022?
aanbiedingen zakken en containers restafval kijken we hoe deze uitkomst zich verhoudt tot de totale kostendekkenheid afval.
4. Bijplaatsingen Wat zijn de kosten voor het opruimen van de bijplaatsingen en het afhandelen van de meldingen hierover?
In 2020 (feb-dec) zijn er 227 meldingen m.b.t. bijplaatsingen, afvaldumping in de openbare ruimte en naast ondergrondse containers. 87x bij Handhaving, dit betreft dumping van grof vuil, fietsen en winkelwagens etc. 140 x bij Afval, dit betreft zwerfafval op hangplekken maar ook bijplaatsingen bij volle/kapotte ondergrondse container (50 meldingen betreffen bijvoorbeeld papier naast de papiercontainers) In 2021 waren dit er aanzienlijk meer, in totaal 335 meldingen. Deze stijging is deels toe te schrijven aan de intensieve signalering, documentatie en opvolging van meldingen over afvaldumping sinds de aanvang van het beleid met variabele heffing. De samenwerking tussen wijkteams, afvalinzameling en Handhaving is geintensiveerd en rapportage genuanceerder. Meldingen 2021 (t/m 26 oktober) 185 x bij Afval 150 x bij Handhaving , waarvan 35 meldingen interne doorverwijzingen van wijkbeheer/afval naar de boa’s omdat er een adres gevonden is en beboet kan worden. Van alle meldingen betreft het: 50x grof vuil wat naar Schulpstet had gemoeten (fietsen/bouwafval/wit- en bruingoed) 34x volle ondergrondse container op milieuparkje (papier/glas) 16x zwerfafval op hangplek (bierflesjes bij papenberg etc) 35x meldingen intern van wijkbeheer naar Handhaving (mogelijke boetes)
Er lijkt gelukkig een positieve tendens te zijn. In het 1e kwartaal van 2021, direct na invoering van de variabele heffing, werden 140 meldingen gedaan. In het tweede kwartaal 92, in het derde kwartaal 80 (met een piek in juli). In oktober zijn nu 22 meldingen gedaan. De interne samenwerking is sinds april goed geregeld waardoor vanaf april pas interne meldingen oplopen. De kosten voor bijplaatsingen zijn niet duidelijk. Bijplaatsingen vallen onder de verantwoordelijkheid van Wijkbeheer/de wijkteams (straatreiniging). Zij signaleren, melden en ruimen op. Alle meldingen die naar Handhaving gaan of rechtstreeks door inwoners bij handhaving binnenkomen, worden door hen opgevolgd. Terugkoppeling vanuit Handhaving over inzet uren is niet bekend. Wel weten we dat er ca. 12 boetes zijn uitgedeeld. In Castricum in 2021. De kosten voor de specifieke acties tegen bijplaatsingen zoals de nieuwe bestickering van alle containers, waarschuwingsborden tegen bijplaatsingen en enquetes onder gebruikers van milieuparkjes worden in 2021 vergoed door de zwerfafvalvergoeding vanuit de overheid. VVD
2e tussenevaluatie grondstoffenplan
Het is goed om te zien dat de hoeveelheid restafval flink omlaag is gegaan, maar de tussenevaluatie geeft geen compleet beeld. 1. Hoeveel kg luier- en incontinentiemateriaal wordt er in totaal en omgerekend per inwoner aangeboden? 2. Wat zijn de kosten van verwerking van luiermateriaal? 3. Is de verwerking van luiermateriaal duurzaam of wordt deze alsnog verbrand?
1 2
Deze cijfers worden apart bijgehouden sinds juni 2021. Gemiddeld 12.000 kg per maand in Castricum. Tot nu toe wordt luier- en incontinentiemateriaal als restafval verbrand, omdat de weinige (2 in Nederland) verwerkingslijnen voor luiers vol zitten. Wij zouden graag meedoen aan een pilot bij deze lijnen. We zijn in afwachting van een plek. De kosten van de verbranding van restafval (exclusief de kosten voor lediging ondergrondse container en transport) bedragen € 163 per 1.000 kg. Uitgaande van installatie en start gebruik van alle luiercontainers vanaf april 2021 zouden we op een
3
VVD
2e tussenevaluatie grondstoffenplan
4. Hoe is de ontwikkeling van het
aanbod van de afvalstromen op Schulpstet in de de afgelopen jaren geweest? Zowel in aantal kg als in kg per inwoner per afvalstroom. 5. Wat zijn de kosten dan wel opbrengsten van de verschillende afvalstromen op Schulpstet? 6. Hoe ziet de opbrengstenontwikkeling per ton PMD eruit van de afgelopen jaren en is er een verwachting voor 2022?
bedrag van ca. € 18.000 voor 2021 uitkomen. Aangezien lang niet alle inwoners gebruik maken van deze containers, zijn kg per inwoner niet representatief. De kilogrammen van de luiers zijn meegenomen binnen de gerapporteerde kilogrammen van het restafval. Zie hierboven. Tot nu toe is de plaatsing van luiercontainers alleen een service voor inwoners die anders extra veel kosten voor restafval hebben die niet beheersbaar zijn. Zoals gezinnen met kleine kinderen of huishoudens met incontinentiemateriaal.
4. Bijgaand een overzicht van de afvalstromen op Schulpstet 2018-2021 (geschat want cijfers zijn t/m aug bekend) -
-
-
Opvallend is de stijging in o.a. hout, gips en ander (ver)bouwmaterialen. Dit is een gevolg van de Corona lockdowns waarin er heel wat verbouwd en geklust werd. Papier op de milieustraat is afgenomen, aan te nemen is dat dit een gevolg is van de toename van OPK ogc’s in Castricum Hetzelfde geldt voor KEA Glas is niet alleen voor Schulpstet te analyseren. Er zijn 2 glascontainers (en een vlakglas) op Schulpstet, de hoeveelheid aangeboden glas is een combinatie van de stortingen van deze containers en alle glascontainers op de milieuparkjes in Castricum. Textiel wordt wel op Schulpstet ingezameld maar door een externe partijen afgevoerd (Leger des Heils)
5. Deze vraag kunnen we gegeven de beantwoordingstijd die voor deze vragen geldt nu niet van een antwoord voorzien. 6. Voor beantwoording zie onderaan dit document
VVD
PvdA
2e tussenevaluatie grondstoffenplan
7. Welk percentage van de totale kosten van de afvalverwerking bestaat uit de kosten van de verbranding van het restafval? 8. Welk percentage van de totale kosten van de afvalverwerking bestaat uit de kosten voor het ophalen van het restafval?
7. In de paragraaf lokale heffingen van de begroting 2021
Aanvraag bommenregeling
Er wordt voorgesteld om een subsidie aan te vragen en deze rechtstreeks te verstrekken aan Mourik Infra BV. Het lijkt ons redelijk om de uren die de ambtenaar heeft gemaakt in mindering te brengen. Is dit al meegenomen en zo niet waar vindt dan de verrekening plaats?
Uw gedachte om de uren die ambtelijk zijn besteed aan het aanvragen van de subsidie ten laste te brengen aan de ontvanger van de subsidie vindt het college op zich redelijk en logisch. De 'bommenregeling' biedt echter geen mogelijkheid om op de door het rijk toe te kennen subsidie door de gemeente gemaakte ambtelijke kosten in te houden. Deze subsidie mag enkel worden toegekend ter vergoeding van een gedeelten van de rechtstreekse, werkelijk gemaakte kosten. Andere kosten zoals de ambtelijke kosten voor het verzorgen van de aanvraag komen niet voor vergoeding in aanmerking.
staat aangegeven dat de totale kosten van de afvalverwerking inclusief inzameling afgerond 4,5 miljoen bedraagt. De kosten voor de verwerking/verbranding van het restafval zullen in 2021 naar verwachting tussen de € 600.000,- en € 650.000,- komen te liggen 8. De kosten voor het ophalen van restafval zijn nauw verbonden met de kosten van het ophalen van alle overige afvalstromen. In 2021 is de tijd die besteed wordt aan het ophalen van restafval lager geworden. Daar tegenover staat dat het inzamelen van met name de mini containers GFT, GFT cocons en KEA cocons meer tijd in beslag neemt. Een bedrag voor het ophalen van restafval is niet te bepalen.
Daarbij wenst het college in haar antwoord mee te geven dat de Legesverordening geen grondslag bevat om leges voor de behandeling van het subsidieverzoek in rekening te brengen. De legesverordening kent (in artikel 4 onder f. van de Legesverordening Castricum 2021 )juist een algemene vrijstellingsregeling voor subsidieverzoeken welke de gemeente zelf beoordeeld. In dat licht moet de vraag of de legesverordening zodanig kan worden aangepast dat in de toekomst de door de gemeente gemaakte ambtelijke kosten in rekening moeten en
kunnen worden gebracht worden bezien. Het zou in dat geval een uitzondering op de algemene regel zijn dat er voor de behandeling van subsidieverzoeken geen leges in rekening worden gebracht. Ook al is het momenteel niet mogelijk deze kosten in rekening te brengen biedt het wellicht troost dat de ambtelijke inzet er wel toe zal bijdragen dat er nog vaker explosieven worden opgeruimd en daarmee de gemeente Castricum telkens wat veiliger wordt. GroenLinks
GroenLinks
Wijziging GR Omgevingsdienst NHN
Wijziging GR Omgevingsdienst NHN
in artikel 22 lid 2 wordt gesteld dat bij een ontslag artikel 4:8 uit de AWB niet van toepassing is, waardoor de rol van een rechter beperkt zou worden. Het lijkt ons onwaarschijnlijk dat een dergelijke bepaling in een GR landelijke regelgeving uit de AWB overschrijft. Graag zouden we onderbouwing zien op basis waarvan deze bepaling mogelijk zou zijn en waarom dit wenselijk geacht wordt
In artikel 29.1 a wordt gesproken over de resultaatbestemming. Specifiek wordt genoemd de algemene reserve en de bestemmingsreserve. In algemene zin kan in dergelijke regels natuurlijk niet een specifieke bestemmingsreserve aangewezen worden, maar daarmee zou 'een bestemmingsreserve' een geschiktere bewoording zijn. Verder lijkt dit artikel in
De voorliggende wijziging van de GR heeft mede tot doel om deze in overeenstemming te brengen met de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). De gewijzigde omschrijving van artikel 22 lid 2 in de GR is om deze reden geheel gelijk aan artikel 19a lid 3 van de Wgr en voldoet hier mee derhalve aan landelijke wetgeving waarin is gesteld dat toepassing van artikel 4:8 AWB (hoorplicht) niet van toepassing is. Achtergrond: Omdat de gronden waarop leden van het dagelijks bestuur door het algemeen bestuur kunnen worden ontslagen niet wezenlijk zullen verschillen als die waarop wethouders door de raad tot ontslag worden gedwongen, wordt in de Wgr analoog aan artikel 50 van de Gemeentewet bepaald dat de rechter niet treedt in de beoordeling van de gronden waarop het algemeen bestuur tot het ontslag van een lid van het dagelijks bestuur heeft besloten alsook – analoog aan artikel 49 van de Gemeentewet – dat op het ontslagbesluit artikel 4:8 van de Awb (hoorplicht) niet van toepassing is. De voorliggende wijziging van de GR heeft mede tot doel om deze in overeenstemming te brengen met de publicatie “Governance in Noord-Holland Noord” van de Regietafel gemeenschappelijke regelingen d.d. januari 2019. In beide documenten wordt gesproken over ‘de’ bestemmingsreserve en is deze inderdaad niet specifiek benoemd.
Deze bewoording kan nog steeds op enige bestemmingsreserve wijzen en is daarmee niet onjuist. Aan de OD zal worden verzocht een eventuele tekstuele aanpassing in een volgende wijziging te overwegen.
algemene zin weinig toegevoegde waarde te hebben, omdat hier feitelijk een opsomming is van wat mogelijk is. D66
Intrekken verzoek taakterugname Omgevingsdienst NHN
Welke wettelijke taken zijn uitgevoerd met financiële middelen die eigenlijk bestemd waren voor de taken die niet of nauwelijks zijn uitgevoerd?
Deze uitgevoerde wettelijke taken zijn in het jaarlijkse uitvoeringsprogramma opgenomen in het programma ‘specialisme en advies’. Dit betreft taken welke volgen uit toezicht, handhaving en vergunningverlening m.b.t. bodem, geluid en lucht zoals de OD deze namens de gemeente moet uitvoeren. Te denken valt aan vergunningverlening Wet bodembescherming, beoordeling van bodemonderzoek bij (Wabo)aanvragen en meldingen bodembedreigende activiteiten, bodeminformatiebeheer, bodeminformatieverstrekking, beoordeling akoestische onderzoeken en advisering voor evenementen.
D66
Zienswijze wijziging organisatieverordening RAUM
Waarom kunnen de taken die dit bureau moet gaan uitvoeren niet uitgevoerd worden binnen de reguliere bedrijfsvoering met medewerkers die al in dienst zijn van het RAUM? In het raadsvoorstel is niet opgenomen of er eerst intern onderzoek heeft plaats gevonden om dit in de interne bedrijfsvoering op te lossen. Heeft hier voorafgaand onderzoek op plaats gevonden (zo ja wat was de onderzoeksvraag en de uitkomst van het onderzoek) of is het RAUM bij voorbaat uitgegaan van het oprichten van een nieuw bureau?
In 2019 stelden de voorzitters van recreatieschappen Spaarnwoude, Twiske-Waterland, RAUM, Groengebied Amstelland en Geestmerambacht een bestuursopdracht vast om te komen tot een oplossing voor beschreven knelpunten in het huidige model van de governance- en beheersstructuur. Het gevolgde proces en de uitkomst tot het oprichten van een bestuursbureau is dus een beslissing waarmee de besturen van alle 5 de recreatieschappen mee hebben ingestemd. Het op te richten bestuursbureau heeft namelijk niet alleen betrekking op RAUM, maar alle 5 de recreatieschappen die opdracht geven aan het RNH.
VVD vraag: Hoe ziet de opbrengstenontwikkeling per ton PMD eruit van de afgelopen jaren en is er een verwachting voor 2022? Antwoord: Voor PMD geldt producentenverantwoordelijkheid. Kort gezegd komt dat neer op dat de staatssecretaris de producenten van verpakkingsmateriaal verantwoordelijk maakt voor het product in de afvalfase. Bij PMD is deze zo ingericht dat de producenten sinds 2009 betalen voor de recycling van het afval.
De systematiek voor de vergoedingen is een aantal keren aangepast. Aan het begin (april) van 2020 is de laatste landelijke verandering ingetreden. We zetten de spelregels kort op een rijtje:
Voor 2020 Gemeenten ontvangen een bedrag om het PMD afval in te zamelen, te laten sorteren en het te vermarkten
De gemeenten sluiten een contract met een sorteerder en met een vermarkter (dit kan worden gecombineerd) en dit contract moet worden betaald. De gemeenten ontvangen een bedrag voor het NETTO tonnage KUNSTSTOF dat uiteindelijk wordt aangeboden ter vermarkting, en het BRUTO tonnage drankenkartons dat wordt ingezameld. Daarnaast is er een aanvullend tarief voor administratie en vermarktingskosten dat
Na 2020 Gemeenten ontvangen een bedrag om het PMD afval in te zamelen. Al het geaccepteerde PMD bij de op en overslag wordt vergoed. Voor het PMD afval dat in de nascheiding wordt gescheiden bestaan andere afspraken die nog niet volledig uit onderhandeld zijn. De verpakkingsindustrie sluit aparte contracten met sorteerders om het afval te laten sorteren en vermarkten. Dit gaat niet langer via de gemeente. De gemeenten ontvangen een bedrag voor het BRUTO tonnage PMD dat wordt ingezameld, en dat wordt geaccepteerd door het inzamelpunt. De gemeenten worden niet langer gekort op het tonnage afkeur dat ontstaat tijdens het sorteerproces
achteraf (soms vele jaren na dato) definitief wordt vastgesteld en verrekend De vergoedingen per ton lopen terug
De vergoedingen per ton lopen terug
Deze veranderingen hebben het proces voor de gemeenten enorm versimpeld. Voor elke ton die door de verwerker wordt geaccepteerd ontvangt de gemeente een vast bedrag. Dit maakt de vergoeding vanaf april 2020 heel transparant. Voor 2019 is de structuur veel minder transparant. Gemeenten kregen een voorschot op basis van bruto aangeleverde tonnen, en moesten vervolgens verrekenen 1. De netto aangeleverde tonnen plastic aan de verwerker 2. De bruto ingezamelde tonnen drankenkartons op basis van een jaarlijks uitgerekende verrekengrondslag 3. De daadwerkelijke kosten voor vermarkting (waar de gemeenten geen inzicht in kregen omdat deze tussen Nedvang en de sorteerders werden gecommuniceerd) 4. Het tonnage uitval dat tijdens het sorteer en vermarktingsproces plaatsvond Deze verrekening vond vaak vele jaren later plaats. Zo werd er in 2019 bijvoorbeeld verrekend voor de jaren 2015 en 2016. Bovendien werd er in de verrekening verevend. De uitval werd bijvoorbeeld niet per gemeente berekend maar naar een percentage dat voor alle gemeenten gold. Zo betaalden gemeenten met goede aanbieders voor de gemeenten waar de inwoners voor veel vervuiling zorgden. Door al deze redenen zijn de cijfers van voor 2020 erg lastig goed in beeld te brengen. Vanaf 2020 is dit voor de gemeenten veel makkelijker en minder risicovol geworden.
Om een beeld te krijgen wat de verandering voor de inzameling betekent voor de vergoeding vergelijken we de inzameltonnages van 2020 met 2021 en berekenen we alles met de nieuwe vergoedingenstructuur (dit is voor 2020 niet geheel correct omdat het eerste kwartaal via de oude structuur loopt).
Jaartal
Tonnage
2020 2021 2022
780,31 1184,72
Inzamelvergoeding per ton € 261,€ 245,Nog onbekend, naar verwachting tussen 225 en 245
Totaal € 203.660 € 290,256 € 275.000 (onder voorbehoud)
Let wel; dit zijn alleen de vergoedingen voor de verwerking van het PMD. Het zegt niets over de inzamelkosten (die worden uit de vergoeding (deels) betaald) en ook niets over de vermeden kosten voor de verbranding van het restafval (ten opzichte van 2020).