Overzicht technische vragen 7 mei 2026
Tekst van het document
Technische vragen bij Raadsplein donderdag 7 mei 2026 Steller GroenLinks /PvdA
Onderwerp Auditcommissie – nieuwe programma-indeling begroting
Vraag Er wordt voorgesteld een nieuwe programmaindeling vast te stellen. Daarnaast verlangt artikel 2 van de Financiële Verordening ook dat wij een programma-onderdeelindeling voor de nieuwe raadsperiode vaststellen. Zo'n programma-onderdeelindeling kan tegemoetkomen aan de breed levende wens om de begroting meer te specificeren en aan te laten sluiten bij de mate van concreetheid waarmee de debatten in de raad - en amendementen en dergelijke - zich plegen af te spelen. Wanneer kunnen we een voorstel voor een nieuwe programmaonderdeelindeling tegemoet zien?
CDA
Auditcommissie – nieuwe programma-indeling begroting
Partij voor de Dieren
Auditcommissie – nieuwe programma-indeling begroting
We missen het overzicht van de oude indeling qua begrotingsposten ten opzichte van de nieuwe indeling. Dus was-wordt graag in tabelvorm terugzien. Hoe blijft een thema als Duurzaamheid goed zichtbaar als het over meerdere programma's verdeeld is?
Pagina 1 van 12
Antwoord Er ligt nu in lijn met een eerder doorlopen traject met de raden een nieuwe programmaonderdeel indeling voor. De genoemde programma onderdelen in de Financiële Verordening zijn feitelijk programma’s zoals door de BBV voorgeschreven. Deze stap van een nieuwe programmaindeling is onderdeel van een breder traject waarbij de inzet is om het mogelijk te maken voor raden om de effectiviteit van de sturing door de raden op de maatschappelijke effecten en doelen te vergroten. Een stap die parallel loopt naast de nieuwe programma-indeling is het wijzigen van de opzet van de gemeentelijke begrotingen vanaf 2027 waarbij een directe link zichtbaar wordt tussen de maatschappelijke opgaven (effecten), maatschappelijke - en beleidsdoelen en de activiteiten die worden uitgevoerd om de doelen te realiseren. Een stap die daarop volgt vanaf tweede helft 2026 is om de indicatoren door te lichten om zodoende de meetbaarheid van de gestelde doelen te vergroten. De Financiële verordening zal in de tweede helft van 2026 worden aangepast. Zie bijlage 1.
Duurzaamheid is een breed en doorlopend thema dat in meerdere programma’s terugkomt, zowel in de huidige als in de voorgestelde programma-indeling. Risico hierbij is dat een thema dat door meerdere programma's loopt, versnippert raakt. Om dit te voorkomen is de regie op het thema in de organisatie centraal belegd ondanks dat de uitvoering verspreid is. Op dit moment wordt over
Partij voor de Dieren
Auditcommissie – nieuwe programma-indeling begroting
Hoe is ervoor gezorgd dat er nog steeds een goede vergelijking te maken is met voorgaande jaren m.b.t. de nieuwe programma-indeling?
GroenLinks / PvdA
Commissie vaststellen begrotingswijziging t.b.v. opstellen tarievenbeleid sportaccommodaties
Er wordt voorgesteld een begrotingswijziging van €21.800 op te nemen voor de werkzaamheden van een extern bureau dat onderzoek moet doen naar een gezamenlijk (BUCH-breed) tarievenbeleid voor sportaccommodaties. 1. Wat is het totaalbedrag (dus voor de gehele BUCH) dat hiervoor wordt gebudgetteerd? 2. Waarom kan dit niet als PLUStaak worden uitgevoerd, daar het blijkbaar de gehele BUCH betreft? Ergo, waarom moet dit worden uitbesteed? 3. Aangezien blijkbaar het opstellen van dit tarievenbeleid haast heeft, waarom is dan voor harmonisatie van die tarieven gekozen? Pagina 2 van 12
duurzaamheid gerapporteerd binnen meerdere programma’s. Tegelijkertijd wordt organisatiebreed verkend of voor omvangrijke, programma-overstijgende thema’s, zoals bijvoorbeeld duurzaamheid, een thematische paragraaf in de begroting kan worden opgenomen. In zo’n paragraaf kunnen doelen, activiteiten en indicatoren op één plek worden samengebracht. Om voor omvangrijke, programma-overstijgende thema’s, zoals bijvoorbeeld duurzaamheid, een thematische paragraaf in de begroting op te nemen is een nadere verkenning nodig. De organisatie zal die verkenning dit jaar oppakken. Een vergelijking tussen de oude en nieuwe programma indeling is mogelijk doordat vooraf is vastgelegd hoe de verbinding tussen beide indelingen is gemaakt.
1. Het totaal gebudgetteerde bedrag is € 64.700. Dit bedrag wordt verdeeld volgens de verdeelsleutel naar de afzonderlijke gemeenten. 2. Wij hebben niet de kennis in huis om zelf een gedegen tarievenbeleid op te stellen en hebben hiervoor de expertise van een extern bureau nodig die al vaker een dergelijk tarievenbeleid heeft opgesteld. Als dit als plustaak opgevoerd wordt, betekent dit dat er niet enkelvoudig onderhands aanbesteed kan worden, maar dat het meervoudig onderhands aanbesteed moet worden. Dit kost veel tijd, welke we, gezien het binnenkort aflopen van overeenkomsten, niet hebben. 3. Verenigingen spreken elkaar en de verschillen tussen de tarieven zijn groot. Er worden vanuit historisch oogpunt verschillende tarieven gehanteerd. Om sport te kunnen beoefenen zijn sportaccommodaties nodig, welke door de gemeenten worden verhuurd aan verenigingen en
GroenLinks / PvdA
Commissie vaststellen begrotingswijziging t.b.v. opstellen tarievenbeleid sportaccommodaties
CDA
Commissie vaststellen begrotingswijziging t.b.v. opstellen tarievenbeleid sportaccommodaties
1. Het voorstel is om deze begrotingswijziging te boeken onder het kopje 'samen leven'. Waarom is niet gekozen om dit budget van het programma 'cultuur, recreatie, toerisme' te halen? 2. Wij nemen aan dat de noodzaak van het opstellen van een tarievenbeleid al veel langer bekend is. Waarom is dit budget niet meteen bij de begroting opgenomen?
1. Waar gaat het onderzoek over? Over het wél harmoniseren van alle tarieven waar het kan, of juist differentiëren in de tarieven en dat transparant maken?
Pagina 3 van 12
gebruikers. Hiervoor worden huurtarieven gehanteerd. De huurovereenkomsten worden telkens (stilzwijgend) verlengd voor een periode van 10 jaar. De binnenkort aflopende huurovereenkomsten zijn sterk verouderd en deze wijze van tarifering volstaat niet meer. Aanpassing is gewenst voordat deze overeenkomsten aflopen, anders gelden deze weer voor een periode van 10 jaar. Nu is dus het moment om te harmoniseren. Het is gewenst om één duidelijk, transparant tarievenbeleid op te stellen voor de vier BUCH-gemeenten. 1. Binnen cultuur, recreatie en toerisme houdt men zich niet bezig met sport. Sport valt onder dienstverlening en samenleven. De sportaccommodaties vallen onder vastgoed en BOR. Het opstellen van het tarievenbeleid is een samenspel tussen de afdelingen D&S, RO en BOR. 2. Het klopt dat de noodzaak al langer bekend is. Bij het moment van het opstellen van de begroting was er echter geen sprake van voldoende ambtelijke capaciteit om deze opdracht op te pakken. In de periode daarna is capaciteit beschikbaar gekomen om het traject daadwerkelijk te starten. Dat moment lag na vaststelling van de begroting. Ten tijde van de begrotingsvoorbereiding was daardoor onvoldoende duidelijk wat de kosten van een in te schaken adviesbureau zouden zijn, wat het lastig maakte om hiervoor een reëel budget op te nemen.
Met deze begrotingswijzing wordt alsnog het benodigde budget beschikbaar gesteld. 1. Er is geen sprake van een verkennend onderzoek. Het betreft het opstellen van nieuw tarievenbeleid, waarbij het uitgangspunt het harmoniseren van de tarieven binnen de BUCH-gemeenten is. Differentiatie kan optreden a.d.h.v. een zogenoemde kruisjeslijst welke
GroenLinks /PvdA
Commissie TAM IMRO Omgevingsplan Koekoeksbloem
2. Worden de voor-en nadelen van de aangepaste tarieven voor alle sportverenigingen in alle dorpskeren meegenomen in het onderzoek? 3. Bij harmoniseren van het tarievenbeleid, wordt er dan ook gekeken naar de bezettingsgraad van de sporthallen/zalen? Dus bij minder gebruikte hallen, lagere tarieven vragen. Wordt dat meegenomen in dit onderzoek? 4. In de beleidsnota wordt enkel gesproken over tarievenbeleid per gemeente te harmoniseren (BUCH). Maar wordt ook het tarievenbeleid per dorpskern binnen gemeente Castricum, zoals Limmen en Akersloot, ook meegenomen betreft harmonisatie of differentiatie in de tarieven?
voornamelijk betrekking zal hebben op de buitensportaccommodaties. Op die manier zijn de tarieven transparant en eventuele verschillen verklaarbaar. 2. De effecten worden in beeld gebracht en betrokken bij de uitwerking van het tarievenbeleid. Indien nodig kan een overgangsregeling worden toegepast. 3. De bezettingsgraad van de sporthallen/zalen is meegenomen in het Integraal HuisvestingsPlan Sport en Bewegen, welke begin van dit jaar in de raad is gepresenteerd. Deze informatie dient als een onderbouwing voor het tarievenbeleid, maar is niet het enige bepalende criterium bij het vaststellen van het tarievenbeleid. 4. Het uitgangspunt is beleidskader en harmonisatie van tarieven op BUCH-niveau. Dit betekent dat dezelfde systematiek wordt toegepast voor alle sportaccommodaties, ongeacht gemeente of dorpskern. Eventuele verschillen in tarieven ontstaan uitsluitend op basis van objectieve kenmerken van accommodaties en gebruik, niet op basis van geografische ligging.
Gezien de notitie Uitgangspunten ruimtelijk kader Koekoeksbloem 13 juni 2024, onderdeel van de ruimtelijke verbeelding zoals vastgesteld door de raad, leg ik het college de volgende technische vragen voor:
1. In het ruimtelijk kader, zoals vastgesteld door de raad in 2024, is gerekend met de toen geldende Nota Parkeernormen uit 2020. In totaal waren toen 124 parkeerplaatsen nodig. Echter uit een regionaal onderzoek naar een passende parkeernorm voor sociale huurwoningen bleek een lagere parkeernorm voldoende te zijn. Het werkelijke autobezit onder huurders van sociale huurwoningen in Castricum lag namelijk lager dan de norm. Er is toen aangegeven in eerste aanleg een lagere parkeernorm te hanteren, om daarmee zoveel mogelijk groen te behouden.
Parkeren en verharding 1. Bij het ruimtelijke kader was besloten tot een parkeernorm van 23 parkeerplaatsen voor 88 woningen. In het geagendeerde voorstel tot wijziging van het Pagina 4 van 12
omgevingsplan wordt gesproken over 101 parkeerplaatsen. Kan dit nader worden toegelicht. 2. De berekening in het voorliggende omgevingsplan is gebaseerd op de parkeernormen 2020. Kan worden toegelicht waarom niet de vigerende parkeernormen 2025?
Pagina 5 van 12
Voor de zekerheid is in het ruimtelijk kader wel een extra ruimtereservering van 23 parkeerplaatsen aangehouden. Als het werkelijke autobezit na realisatie toch hoger zou zijn, kon alsnog worden voldaan aan de vigerende parkeernorm. De stedenbouwkundige verbeelding, behorende bij het ruimtelijk kader toont een concept inrichtingsplan met 101 parkeerplaatsen, met daarnaast een ruimtereservering van 23 parkeerplaatsen in het groen. In het thans voorliggende omgevingsplan is gerekend met de huidige Nota Parkeernormen van 2025. Daarin is een lagere norm voor sociale- en middenwoningen opgenomen. Het aantal benodigde parkeerplaatsen is daarom nu in totaal 101. Voor de voormalige school werden 5 parkeerplaatsen langs de Dotterbloem als ‘kiss and ride’-parkeerplaatsen gebruikt. Deze parkeerplaatsen blijven gehandhaafd en kunnen voor de nieuwe woningen gebruikt worden. Dit betekent dat nog 96 extra parkeerplaatsen (101 – 5) gerealiseerd moeten worden om aan de parkeernormering uit 2025 te voldoen voor de 45 nieuwe sociale huurwoningen en 43 nieuwe middenhuurwoningen. De reservering, zoals was opgenomen in het ruimtelijke kader in het groen, van 23 parkeerplaatsen is komen te vervallen, mede naar aanleiding van de inbreng in de klankbordgroep en de zienswijzen over de plek van extra te voegen parkeerplaatsen. 2.
In het omgevingsplan zijn de benodigde parkeerplaatsen berekend aan de hand van de Nota Parkeernormen 2025. Zie paragraaf 4.6 van de toelichting van het omgevingsplan. In artikel 10.1
GroenLinks /PvdA
Commissie TAM IMRO Omgevingsplan Koekoeksbloem
Groen en inrichting openbare ruimte Bij het ruimtelijke kader was het uitgangspunt om zoveel mogelijk bomen te behouden. Uit de voorliggende wijziging blijkt dat vrijwel alle bomen zullen worden gekapt en dat er nieuw groen zal worden toegevoegd. Kan dit nader worden toegelicht?
GroenLinks /PvdA
Commissie TAM IMRO Omgevingsplan Koekoeksbloem
Klimaatadaptatie- natuurinclusief bouwen In het ruimtelijke kader was aangegeven dat de klimaatadaptatietoets zou worden uitgevoerd en dat daarbij het streven op natuurinclusiviteit gericht zou zijn op een score hoger dan 30 punten. Kan worden aangegeven of de klimaatadaptatietoets is uitgevoerd en, zo ja, wat de score was?
Pagina 6 van 12
van het omgevingsplan is ook bepaald dat voldaan moet worden aan de parkeernormen van 2025. Uitgangspunt is altijd gebleven om zoveel mogelijk bomen te behouden. Om de twee nieuwe woongebouwen te realiseren en het openbaar gebied in te richten, is de kap van een aantal bomen niet te voorkomen. Er is een inrichtingsplan van de openbare ruimte bij de toekomstige woongebouwen opgesteld. Doel van het inrichtingsplan is om de locatie zo groen mogelijk in te richten. Bij het opstellen van het inrichtingsplan is ook gekeken naar de kwaliteit van het bestaande groen. Zo zijn de inspanningen erop gericht de beeldbepalende kastanjeboom op het plein te behouden. Het ontwerp van het parkeerterrein heeft zich daarnaar gevoegd. Veel bomen, met name ook langs de randen van de locatie en bij het water blijven behouden. Ook worden er nieuwe bomen toegevoegd. Verwezen wordt naar bijgevoegde inrichtingsplan (waarbij de klankbordgroep heeft meegedacht) en bomenkaart. Voor het project is een natuurversterkingsplan opgesteld door een Ecologisch adviesbureau. Op basis van het puntensysteem klimaatadaptief- en natuurinclusief bouwen van de gemeente Castricum wordt advies gegeven welke van de genoemde maatregelen zinvol zijn op deze specifieke locatie, rekening houden met de voorkomende dieren- en plantensoorten.
Dit resulteert in een lijst met maatregelen in het gebouw en het terrein eromheen, waaruit een keuze gemaakt zal worden om minimaal 30 punten te behalen. Het betreft een bovenwettelijke inspanningsverplichting. De intentie en de verwachting is dat het minimum van 30 punten bij dit project gehaald zal worden. De toetsing hiervan vindt pas plaats bij de aanvraag van de omgevingsvergunning (als er een definitief ontwerp ligt). Momenteel is het ontwerp voor de gebouwen en het terrein
GroenLinks /PvdA
Commissie TAM IMRO Omgevingsplan Koekoeksbloem
Gezien de Nota van Zienswijzen Ontwerp TAM-omgevingsplan ‘Hoofdstuk 22c Koekoeksbloem 55’ te Castricum, met daarin de beantwoording van vragen gesteld bij ingekomen zienswijzen, Naar aanleiding van de beantwoording van ingekomen zienswijzen, leg ik het college de volgende technische vragen voor: Algemeen De Omgevingswet legt de nadruk op participatie als een belangrijke fase in de planvorming, met als doel de aansluiting van een plan op de omgeving te verbeteren en ook draagvlak voor een plan in een vroeg stadium te organiseren. De gedachte daarbij is dat er dan ook vroegtijdig in de planvorming daadwerkelijk rekening gehouden kan worden met wensen en aandachtspunten van Pagina 7 van 12
nog niet definitief. Daardoor is een score nog niet te geven. In het voorlopig ontwerp is o.a. rekening gehouden met ecologische wadi’s, waterpasserende verharding onder de parkeerplaatsen en nestkasten in de gebouwen. Het thema klimaatadaptatie is daarnaast uitvoerig beschreven in paragraaf 4.12 van de toelichting van het omgevingsplan. Nog aanvullend kunnen wij opmerken dat bij deze nieuwe ontwikkeling duurzaam bouwen hoge prioriteit heeft. De huidige te slopen bebouwing dateert uit de jaren ‘70 met bijbehorend isolatieniveau. De nieuwbouw woningen worden gasloos gebouwd, worden goed geïsoleerd, worden verwarmd met een warmtepomp en zullen daardoor voldoen aan de eisen van bijna energieneutraal bouwen (BENG). Het is juist dat in de Omgevingswet participatie een belangrijke fase is in de planvorming. Het vroegtijdig meenemen van omwonenden en belanghebbenden is in deze toekomstige ontwikkeling daarom ook erg belangrijk. De gemeenteraad heeft in 2021 besloten om de voormalige basisschoollocatie aan de Koekoeksbloem te ontwikkelen voor woningbouw, waarbij een verhouding van 50% sociale huur en 50% middenhuur is opgenomen. Daarnaast heeft de gemeenteraad gevraagd om te onderzoeken of een huisartsenpraktijk in de herontwikkeling zou passen.
Participatieplan In het participatieplan is de volgende alinea opgenomen: De gemeente is eigenaar van de grond en eindverantwoordelijk voor een juist participatietraject. Kennemer Wonen als ontwikkelaar denkt mee en faciliteert. In deze fase van het project is het niveau van de participatie het informeren en laten meedenken van de omwonenden. Het doel van de participatie is om bij de omwonenden
omwonenden. Insprekers beklagen zich over het wel mogen luisteren, maar niet gehoord worden. Kan nader worden toegelicht hoe deze wensen zijn meegewogen?
ideeën en suggesties op te halen en deze in beeld te brengen. Bouwhoogte staat vast Bij de start van het proces is het buurtcomité betrokken (zij heeft hier ook om gevraagd). Er heeft dan ook meerdere malen overleg plaatsgevonden en het comité is volledig op de hoogte gebracht van het te doorlopen proces. Wel werd duidelijk dat het buurtcomité vooral problemen had met de voorgestane bouwhoogte van 6 en 5 lagen. In het traject is vanwege het verwachtingenmanagement uitgelegd dat er vanuit de projectorganisatie geen wijzigingen in de bouwhoogte wordt aangebracht. Duidelijk is aangegeven dat de gemeenteraad hier uiteindelijk een besluit over moet nemen. Het buurtcomité heeft daarop nog tijdens het raadsspreekuur op 11 december 2023 zelf een alternatief met laagbouw ingediend. De raad heeft het initiatief aangehoord. Participatiemomenten en afstemming Op 18 juli 2024 heeft de gemeenteraad met het ruimtelijk kader ingestemd voor Koekoeksbloem 55. In het kader is de inbreng van de bredere participatie (twee informatiebijeenkomsten) meegewogen. Dit heeft geresulteerd in een aantal kwalitatieve randvoorwaarden. Denk bijvoorbeeld aan de gekozen architectuur en materiaalgebruik voor een goede overgang naar de bestaande bebouwing, dichte balkons in verband met privacy etc.
Vanaf de vaststelling van het ruimtelijk kader lag de invloed van de omwonenden en belangstellenden op het ‘hoe’ invulling te geven aan dit woningbouwprogramma op deze locatie. Door middel van een klankbordgroep (een aantal omwonenden uit de diverse omliggende straten) is
Pagina 8 van 12
hier invulling aan gegeven. De uitdaging was hier om samen met de omwonenden te komen tot stedenbouwkundige uitgangspunten waarbij tegemoet gekomen wordt aan de ideeën van de omwonenden voor de inpassing van het woningbouwprogramma op deze locatie. Input van direct betrokkenen wordt opgehaald en meegenomen voor wat betreft de inpassing van het woningbouwprogramma op deze locatie. Vanuit de participatie zijn diverse onderwerpen aangepast: - Geen ruimte voor een huisartsenpraktijk in het plan; - Van twee inritten naar één inrit waarbij de ligging zo is gekozen dat er geen sprake is van inschijn van auto’s; - Alzijdige ontwerp waardoor er geen achterkanten met galerijen ontstaan en er sprake is van sociale controle op omliggende openbare ruimte aan alle vier de zijden van het gebouw; - Dichte balkons en een strook groen ten noorden tegen inkijk in de achtertuinen; - Behoud van de parkachtige omgeving en het bestaande groen aan de waterzijde; - Zo min mogelijk bestaande bomen kappen en behoud van de ‘bijzondere bomen’; - Ondergrondse afvalinzameling in een rij van 2x3 ipv 1 x 6; - Autoparkeren zoveel mogelijk uit het zicht voor de inwoners van de Koekoeksbloem. Er zijn in drie samenstellingen gesprekken gevoerd met de omwonenden rondom de Koekoeksbloem. Omgevingsbreed door middel van inwonersbijeenkomsten (3x).
Daarnaast hebben aparte overleggen plaatsgevonden met een Pagina 9 van 12
afvaardiging namens het buurtcomité (3x) en later in de tijd door middel van klankbordgroep-overleggen (5x).
GroenLinks /PvdA
Commissie TAM IMRO Omgevingsplan Koekoeksbloem
CDA
Commissie TAM IMRO Omgevingsplan Koekoeksbloem
Conclusie Er ligt nu een inrichtingsplan voor de openbare ruimte bij de 2 nieuwe woongebouwen die door actieve en constructieve gesprekken met de buurt gedragen wordt. Dat neemt niet weg dat de omwonenden zich (nog steeds) verzetten tegen de voorgestelde hoogte van de twee complexen. Uiteindelijk neemt de gemeenteraad hier een beslissing over. Toename van de verkeersintensiteit Voor het omgevingsplan is onderzoek gedaan naar de Omwonenden vrezen voor een aanzienlijke verkeersbewegingen. De bevindingen zijn beschreven in toename in het aantal verkeersbewegingen. paragraaf 4.6. Ook de Nota van Zienswijzen gaat nader in op Kan de toename van het aantal dit thema. Onder andere is het volgende te lezen: verkeersbewegingen gekwantificeerd worden: De actuele gemeten autointensiteiten op de Koekoeksbloem is er sprake van een verdubbeling, of van meer en Dotterbloem bedragen 325, resp. 509 auto’s per etmaal. of minder dan dat? En met welke De fietsintensiteit op deze wegen is ongeveer hetzelfde als bewoningsscenario’s wordt gerekend? Zijn de autointensiteit. De extra verkeersgeneratie van de 88 toe deelauto’s als scenario meegenomen? te voegen woningen is 267 motorvoertuigen per etmaal. De totale auto-intensiteit na realisering van dit woningbouwproject blijft hiermee ver onder de gewenste auto-intensiteit van deze wegen van ca. 2.000 motorvoertuigen per etmaal.
Van het concept deelauto’s wordt in deze ontwikkeling geen gebruik gemaakt. Uit het onderzoek blijkt dat de voorgenomen ontwikkeling ook op verkeerskundig gebied verantwoord is. In de nota zienswijzen is terug te lezen dat de In het ontwerp-omgevingsplan was het nog mogelijk om te parkeerplekken bij de achtertuinen van de parkeren op gronden met de bestemming Groen. Dit maakte Koekoeksbloem 25-37 niet meer nodig zijn, het mogelijk om te parkeren ter hoogte van de tuinen van doordat een lagere parkeernorm wordt nummers 25 t/m 37. In de stedenbouwkundige verbeelding gehanteerd. Deze komen te vervallen (pp.7-8). behorende bij het ruimtelijk kader waren deze Tegelijkertijd staat in het raadsvoorstel betreft parkeerplekken dan ook ingetekend. Mede naar aanleiding omgevingsplan het volgende: van de zienswijze is gekeken of er ruimte is om de Pagina 10 van 12
"Op gronden met de bestemming Groen mag niet worden geparkeerd. Hierdoor kan er nabij de tuinen van de Koekoeksbloem nr. 25 t/m 37 niet meer worden geparkeerd. Langs de Koekoeksbloem zullen extra parkeerplaatsen worden gerealiseerd" (p. 5).
Partij voor de Dieren
Commissie TAM IMRO Omgevingsplan Koekoeksbloem
Partij voor de Dieren
Commissie TAM IMRO Omgevingsplan Koekoeksbloem
Dit lijkt tegenstrijdig. Komen deze parkeerplaatsen letterlijk te vervallen, of moeten deze elders gecreëerd worden langs de weg Koekoeksbloem als compensatie voor de bestemde, groene grond? Par. 2.2: “Er is sprake van een bestaande voetgangersverbinding ten zuiden van het gebied naar de Henri Dunantsingel. De bosrijke omgeving kan in de huidige situatie ’s avonds als onveilig worden ervaren. In de nieuwe situatie zullen de wandelroutes door de openbare ruimte verbeteren, bijvoorbeeld door toepassing van voldoende verlichting.” Worden effecten van bebouwing/ bewoning (normaliter) meegenomen in ecologisch onderzoek? Par. 3.2: “De hoogte met respectievelijk 5 en 6 bouwlagen wordt gelet op de afstand tot bestaande woningen stedenbouwkundig aanvaard geacht.” Wat betekent ‘stedenbouwkundig aanvaard’? Welke criteria liggen onder aanvaardbaar?
Pagina 11 van 12
parkeerplaatsen op een andere plek te realiseren. Dit is gevonden op het deel waar nieuwe parkeerplaatsen komen en langs de weg Koekoeksbloem door middel van een gedeeltelijke herinrichting van het openbare gebied bij de twee nieuwe woongebouwen.
De effecten van de herontwikkeling op de flora en fauna zijn inderdaad onderzocht. De resultaten zijn beschreven in paragraaf 4.4. van de toelichting van het omgevingsplan. Uit de ecologische onderzoeken blijkt dat de herontwikkeling verantwoord is. De ecologische waarden van het gebied zijn ook meegenomen bij het opstellen van het inrichtingsplan.
Voor de herontwikkeling is een ruimtelijk kader opgesteld. Daarnaast is de Herijking Masterplan Inbreidingen 20252029 van toepassing. De herontwikkeling voldoet hieraan. Ook de onderzoeken die zijn uitgevoerd (bijlagen bij het omgevingsplan, waaronder de bezonningsstudie) tonen aan dat er sprake is van een verantwoord initiatief. De herontwikkeling is hiermee stedenbouwkundig aanvaardbaar.
Partij voor de Dieren
Commissie TAM IMRO Omgevingsplan Koekoeksbloem
Bijlage 6, figuur 1: het onderzoeksgebied v.h. ecologisch onderzoek (rood omlijnd) is kleiner dan het plangebied (blauw omlijnd). Waar vinden wij de reden voor de keuze om dit kleinere gebied nader te onderzoeken en niet het hele gebied?
Partij voor de Dieren
Commissie TAM IMRO Omgevingsplan Koekoeksbloem
Waar vinden we de uitgevoerde boomeffectanalyse?
Lokaal Vitaal
Commissie TAM IMRO Omgevingsplan Koekoeksbloem
LV heeft geconstateerd dat de ingang van de boxen beneden bij het ontmoetingsplein is. Hoe wordt voorkomen dat dit plein een buitenstalling voor fietsen ed wordt. Komen er bv nietjes of een afgebakend deel of anders? Hoe wordt er eventueel gehandhaafd?
Pagina 12 van 12
Met het plangebied (blauw omlijnd) wordt de plangrens van het omgevingsplan verondersteld. Bijlage 6 van het omgevingsplan bevat de ecologische quickscan. Figuur 1 in deze bijlage geeft indicatief het onderzoeksgebied aan. Deze wijkt wat betreft de verbeelding iets af van het plangebied. Eerst is alleen het schoolperceel onderzocht. Bijlage 7 van het omgevingsplan bevat het aanvullend ecologisch onderzoek. Daar is het gebied ruimer genomen dan het plangebied van het omgevingsplan. Het ruimere gebied is gelijk aan het exploitatiegebied dat is vastgesteld t.b.v. de grondexploitatie. Samenvattend, het gehele perceel is onderzocht. De bomeneffectanalyse maakt geen onderdeel uit van de toelichting van het omgevingsplan. Deze analyse is opgesteld voor het inrichtingsplan. Het inrichtingsplan en ook de bomenkaart is als bijlage toegevoegd aan de beantwoording van de technische vragen. Alle bewoners kunnen de fiets binnen in het gebouw stallen in de bergingen. Bij het woongebouw voor sociale huur zijn de toegangen naar bergingen aan de zijde van het parkeerterrein gesitueerd. Juist niet bij het ontmoetingsplein. Bij het gebouw met middenhuur zijn er slechts 5 bergingen ontsloten zijn via het ontmoetingsplein. Er komt voor bezoekers een aparte plek voor fietsparkeren buiten het ontmoetingsplein. Zie hiervoor het bijgevoegde inrichtingsplan.
Toezicht en handhaving zal door de boa’s worden verzorgd.