Overzicht technische vragen 20 juli 2023
Tekst van het document
Technische vragen bij Raadsplein 20 juli 2023 Steller Lokaal Vitaal
Onderwerp Integraal Verkeersplan Zandzoom LimmenWest
Vraag 1. Als de Westerweg wordt ingericht als een doorfietsroute betekent dit een comfortverslechtering voor het agrarisch verkeer (staat zo letterlijk in het IVP). Wat betekent dit exact , als dit voorrang betekent gaarne een duidelijke uitleg daarvan , als dit plateaus en drempels betekent , graag een indicatie van de hoeveelheid daarvan.
Antwoord In een fietsstraat wordt voorrang met zijstraten geregeld. Dit leidt tot hogere rijsnelheden van gemotoriseerd verkeer (ervaring op o.a. fietsstraat Hoogeweg te Heiloo). Om dit te voorkomen, zijn drempels of plateaus nodig. Ook wordt de maximaal toegestane rijsnelheid op de Westerweg ten westen van het spoor verlaagd van 50 naar 30 km/h. Om deze lagere snelheid af te dwingen, zijn hier drempels of plateaus nodig. Het effect van drempels en plateaus op het comfort van landbouwverkeer is groter dan voor personenvoertuigen. CROW-richtlijn Drempels, plateaus en uitritten geeft het volgende aan over landbouwverkeer: “De passage met brede landbouwmachines vergt aandacht, evenals het vervoer op slecht of ongeveerde aanhangers. Goed overleg met betrokkenen vooraf voorkomt klachten achteraf. Landbouwvoertuigen ondervinden bij het passeren van 8 cm hoge plateaus nauwelijks problemen, in tegenstelling tot bij 12 cm hoge plateaus. Aangetekend wordt dat de wettelijke maximumsnelheid voor landbouwvoertuigen (op wegen binnen de bebouwde kom zonder vrijliggend fietspad) 25 km/h bedraagt.” Het aantal te realiseren drempels/plateaus is nog onbekend. Dit wordt in overleg met aanwonenden en andere belanghebbenden (waaronder agrariërs) bepaald voorafgaand aan de daadwerkelijke herinrichting van de Westerweg (zie pagina 16, laatste zin). Hierbij is het beperken van evt.
comfortverlies voor landbouwverkeer nadrukkelijk een aandachtspunt:
Lokaal Vitaal
Integraal Verkeersplan Zandzoom LimmenWest
2. De Fietsersbond gaf in haar betoog aan , dat een doorfietsroute gecombineerd met landbouwverkeer minimaal 5,50 meter breed dient te zijn. Klopt die veronderstelling en waar kunnen wij dat terug vinden in de richtlijnen ?
de gemeente Castricum past alleen de lagere variant toe (8 cm hoog) met de door de CROW aanbevolen drempelvorm; terughoudend wordt omgegaan met de aanleg van drempels of plateaus op locaties waar de snelheid niet wordt overschreden; bij de keuze tussen drempel of plateau wordt rekening gehouden met effect op comfort voor fietsers én agrariërs; bij de keuze voor een plateau wordt bij de lengte van het bovenvlak afgestemd op gebruik door landbouwverkeer. De kern van CROW-/Fietsberaadnotitie Aanbevelingen fietsstraten binnen de kom betreft de tabel op pagina 10, die de relatie tussen de verhardingsbreedte en de auto- en fietsintensiteit weergeeft; deze nieuwe op de praktijk gebaseerde aanbevelingen zijn aanzienlijk soepeler dan in de eerdere Fietsberaadnotitie over fietsstraten uit 2005. Op basis hiervan komen RoyalHaskoning DHV en de regionale werkgroep doorfietsroutes tot een vereiste breedte van 4,80 meter. Deze tabel is gebaseerd op maximaal 2% zwaar verkeer. Onbekend is of dit percentage op de Westerweg wordt overschreden. Ook is onduidelijk op basis waarvan de Fietsersbond een maatvoering van 5,50 meter noemt; CROWFietsberaad-publicatie bevat geen aanbevelingen over de breedte van de weg bij intensiever zwaar verkeer. In 2021 heeft CROW-fietsberaad aanbevelingen gepubliceerd voor fietsstraten buiten de bebouwde kom.
De conclusie is dat fietsstraten met een relatief breed profiel (≥ 4,80 m., eventueel uitgebreid met bermverharding) in ieder geval tot een intensiteit van 1.000 mvte goed werken; deze maximale intensiteit voor gemotoriseerd verkeer is fors lager dan bij fietsstraten binnen de bebouwde kom door de hogere rijsnelheden buiten de kom. De op de Westerweg gemeten autointensiteiten zijn kleiner dan 1.000 mvte en de maximaal toegestane rijsnelheid wordt op de hele
Lokaal Vitaal
Integraal Verkeersplan Zandzoom LimmenWest
3. Is het mogelijk de Westerweg te benoemen als doorfietsroute , maar niet in te richten als doorfietsroute ? M.a.w. is Castricum verplicht deze weg in te richten als doorfietsroute of heeft Castricum hierin een keuze vrijheid ?
Westerweg 30 km/h. Ook kan bij de inrichting van de Westerweg als fietsstraat bermverharding (grasbetontegels) worden toegepast in de obstakelvrije strook naast de rijweg, om veilig passeren met brede voertuigen mogelijk te maken zonder schade aan de grasberm. Links: https://fietsberaad.nl/Kennisbank/FietsberaadnotitieAanbevelingen-fietsstraten-binn; https://fietsberaad.nl/getmedia/339eed2a-790d-43a9bd61-7b89ba80d4ce/Fietsberaadnotitie-AanbevelingenFietsstraten-buiten-de-bebouwde-kom.pdf.aspx?ext=.pdf. Het is mogelijk om de doorfietsroute als erftoegangsweg in te richten. Wij merken hierbij op dat de keuze voor het tracé van de doorfietsroute, inclusief inrichting als fietsstraat, op zowel regionaal als lokaal niveau al in 2020 is genomen. Inrichting als erftoegangsweg doet geen recht aan deze besluiten. De door LTO en Fietsersbond genoemde argumentatie is naar mening van het college geen aanleiding voor een heroverweging: inrichting van de Westerweg als erftoegangsweg is strijdig met de in het Fietsbeleidsplan gemeente Castricum (2020) vastgestelde functionele eisen voor hoofdfietsroutes. Nadelen van inrichting als erftoegangsweg i.p.v. fietsstraat zijn dat de fietsroute niet herkenbaar is, de voorrang met zijwegen niet wordt geregeld (minder doorfietsen dus) en comfortverlies door toepassing van elementenverharding i.p.v.
asfalt; de Fietsersbond geeft ten onrechte aan dat – als een weg te smal is – deze beter als erftoegangsweg dan als fietsstraat kan worden ingericht. De Aanbevelingen voor fietststraten binnen de kom bevat hierover de volgende tekst: “Als de combinatie van rijbaanbreedte en intensiteiten niet klopt, kan dit slechts in (zeer) beperkte mate gecompenseerd worden met een andere vormgeving
De VrijeLijst
Integraal Verkeersplan Zandzoom LimmenWest
De Westerweg in Limmen is de beoogde doorfietsroute. Wanneer en door wie is dit vastgelegd? Kan dit nog worden gewijzigd en wat zijn de consequenties als de gemeenteraad een andere route kiest als doorfietsroute. Bijvoorbeeld de Kapelweg. Aanleiding voor deze vraag zijn volgende overwegingen in de vergelijking Kapelweg en Westerweg: - Spoorwegovergang Westerweg negatief - huidige intensiteit en gebruik fietsers kapelweg hoger - gebruik Westerweg door vrachtverkeer, agrarische voertuigen en auto’s maken allerlei kunstgrepen noodzakelijk om aan de randvoorwaarden voor doorfietsroute te voldoen. Alle kunstgrepen hebben negatieve gevolgen voor of bedrijven of landbouwvoertuigen of de weg als doorgaande route. Welke argumenten staan hier tegenover om toch
van de straat. Het is dan effectiever om de auto-intensiteit te verlagen en/of de rijbaan te verbreden. Het is geen oplossing om dan maar geen fietsstraatinrichting te kiezen. Het aantal hinderlijke/gevaarlijke ontmoetingen neemt hierdoor niet af.“ De belangrijkste meerwaarde van een fietsstraat - het herkenbaar en continu maken van de hoofd-/doorfietsroute en lagere rijsnelheden van gemotoriseerd verkeer – worden dan niet gerealiseerd. de Westerweg is niet te smal: zie het antwoord op vraag 2 hiervoor. Zie bijgevoegd Memo
voor de Westerweg te kiezen als doorfietsroute en de Kapelweg in te richten als hoofdfietsroute of fietsstraat? GroenLinks
Ruimtelijk kader Puikman 1
GroenLinks
Ruimtelijk kader Puikman 1
In de discussie bij de presentatie van de plannen voor de Puikman bleken er twee hoofdbezwaren te zijn tegen verhoging van het aantal woningen. De stikstofnormen zouden een hoger aantal woningen niet toestaan en we zouden in de knel komen met de bestaande parkeernormen. Hierover de volgende vragen. Graag krijgen we meer uitleg over deze stikstofnormen. Zeker in het licht van de situatie, waarbij er op een vergelijkbare locatie 200 meter verderop 103 woningen worden gerealiseerd (Kaptein Kaas). Waarom is het aantal woningen gemaximeerd op 86? Eerder was er sprake van een hoger aantal woningen. Is er onder bepaalde voorwaarden wel meer mogelijk en wat zijn deze voorwaarden? Is er op de Puikman een uitzondering mogelijk op de parkeernormen in verband met de nabijheid van een groot parkeerterrein dat na 18.00 en in het weekend grotendeels leeg staat?
Het ontwerp zoals gepresenteerd is een resultaat van overleg waarbij meerdere belangen spelen.). Specifiek voor stikstof is niet alleen het aantal woningen bepalend, maar bijvoorbeeld ook de omvang en aard van de huidige stikstofuitstotende activiteiten waarmee intern is gesaldeerd. Ook de precieze inzet van bouwmaterieel en hoeveel er prefab wordt gebouwd maakt uit. Hetgeen mogelijk is qua stikstof, verschilt dus per locatie. Als er in de huidige situatie van Kaptein Kaas bijvoorbeeld meer stikstofuitstoot is (waarmee intern gesaldeerd kan worden), dan zijn er dus ook meer woningen mogelijk in de nieuwe situatie. Daarnaast is het programma ook een gevolg van de in de Kadernota gestelde hoogtes, de parkeeropgave, de wensen t.a.v landschap, zichtlijnen etc. Het is gelet daarop en de vergevorderde planvorming (financieel) niet goed mogelijk een wezenlijk ander programma te realiseren (zoals extra bouwlagen of meer woningen).
Hier is geen gebruik van gemaakt, omdat de ontwikkeling mogelijk is door voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein + herinrichting van de parkeerstrook aan de Puikman te realiseren. Weliswaar is het P en R terrein ’s avonds en in het weekend minder bezet, maar als een lagere parkeernorm zou worden gehanteerd, dan zijn er ook in de dagperiode doordeweeks ‘te weinig’ parkeerplaatsen op eigen terrein en dan kan de parkeerbehoefte niet afgewenteld worden op het P en R terrein, althans dat is ongewenst. Voorts ligt er een Goudappel-onderzoek uit 2019, waarin staat dat er een tekort is aan P+R-capaciteit. De vraag is of de gemeente wil uitbreiden i.v.m. duurzame mobilteit/mobiliteitstransitie en het
GroenLinks
Ruimtelijk kader Puikman 1
PvdA
Ruimtelijk kader Puikman 1
In de nota parkeernormen wordt onderscheid gemaakt tussen het Centrum en de Schil daaromheen. Deze laatste heeft hogere parkeernormen. De Puikman behoort tot de schil. Is het mogelijk om de Puikman 1 toe te voegen aan het centrum van Castricum, waardoor zelfs met de bouw van extra woningen toch wordt voldaan aan de bestaande parkeernormen. In 01 RV Ruimtelijk kader Puikman 1 wordt een totaal 86 woningen gegeven waarvan 25 sociale huur en 4 middenhuur. In 03 Ruimtelijk Kader Puikman 1 worden juist geen aantallen gegeven, enkel 30% aan sociale woningen. Welk document is hierin bepalend? Zijn er technische redenen te noemen waardoor het maximumaantal woningen in
gegeven dat veel automobilisten uit Castricum komen. Deze vraag komt i.h.k.v. de realisering van een mobiliteitshub voor de diverse wijzen van voor- en natransport naar/vanaf het NS-station aan de orde; in de concept-Regionale Agenda Mobiliteit/RAM (besluitvorming door PS en colleges na zomerreces) staat als korte termijn actie het realiseren van regionale mobiliteitshubs in de regio Alkmaar , waar bewoners uit de kop van Noord-Holland kunnen overstappen van auto naar OV. In dit kader wordt ook gediscussieerd over regionale afspraken over parkeerregulering rondom NS-stations. Kortom, rondom de toekomst van de P en R leven nog de nodige vragen en mede gelet op het genoemde feit dat voor deze ontwikkeling de parkeeropgave op eigen terrein + herinrichting van de parkeerstrook opgelost kan worden, is dit zo ingestoken. Dit is alleen mogelijk door het beleid te wijzigen. Hiertoe wordt geen aanleiding gezien, omdat het plan Puikman 1 zoals het nu voorligt, voldoet aan de gemeentelijke parkeernormen.
De aantallen uit het raadsvoorstel zijn i.c.m. de stedenbouwkundige massa’s uit het beeldkwaliteitsplan leidend. Het kaderstellend besluit wordt dus door twee documenten tezamen gevormd. Los daarvan zijn in het beeldkwaliteitsplan wel degelijk de aantallen benoemd, op pagina 34; Ja, er zijn technische redenen voor, nl de kaders uit de kadernota, stikstofregelgeving, parkeernormen (voor zover deze als technisch kunnen worden gezien).
PvdA
Ruimtelijk kader Puikman 1
PvdA
Ruimtelijk kader Puikman 1
PvdA
Ruimtelijk kader Puikman 1
‘01 RV Ruimtelijk Kader’ is vastgesteld op 86 en zo ja welke zijn dat? Aantal bouwlagen: Zijn er technische redenen te noemen waarom de maximale bouwhoogte vastgesteld is op 5, 4 en 4 bouwlagen en zo ja, welke zijn dat? Participatie: In ‘03-Ruimtelijk Kader Puikman 1’ wordt gesteld dat ‘Dit document nog wordt besproken in een participatietraject. Volgens ‘01 RV Ruimtelijk Kader Puikman 1’ zijn in september 2021 en juni 2023 participatieavond gehouden, waarbij over het algemeen de houding van de genodigden positief was. Het Landschapsplan / Beeldkwaliteitsplan dateert van juli 2023. Welke partij was de initiatiefnemer van die participatieavonden? Was het nu voorliggend Landschapsplan/ Beeldkwaliteitsplan van BMB, onderwerp van beide participatieavonden? Zijn tijdens die participatieavonden opmerkingen gemaakt over mogelijke bouwhoogten? Zijn er verslagen gemaakt van die participatieavonden? Zo ja, dan willen wij deze graag ontvangen vóór de behandeling in de commissie. Stikstof berekening: Volgens 03 Ruimtelijk Kader Puikman 1 wordt gesteld dat ‘op basis van de beschikbare Aeriuscalculator 2022.1 komen we door middel
Zie hiervoor het antwoord op vorige vraag.
De ontwikkelaar, BMB; Nee, tijdens de eerste bijeenkomst ging het om ander plan (wel ging dit ook om 3 appartementengebouwen, alleen om een iets ander situering en een iets hoger woningaantal); Ja, in zoverre dat men daar positief over was; Ja, deze zijn bijgevoegd (zie bijlage 2).
Nee, dat betekent dat niet; Het bouwvolume is niet bepalend hiervoor. Het gaat om het aantal woningen (extra verkeersproductie).
PvdA
Ruimtelijk kader Puikman 1
PvdA
Ruimtelijk kader Puikman 1
van de voorgestelde geprefabriceerde bouwmethode per saldo niet tot een toename van stikstofdepositie in het nabij gelegen Natura 2000-gebied.’ Betekent dit, dat ook een hogere bouwvolume niet tot een toename van stikstofdepositie in het nabij gelegen Natura 2000 gebied zal leiden? Zo nee, Welke bouwvolume met de voorgestelde bouwmethode zal dan wel leiden tot een toename van de stikstofdeposito? Parkeernormering: Volgens de geldende parkeernorm is het aantal parkeerplekken per woning afhankelijk van huur of koop en oppervlak. In totaal worden er in dit plan 122 extra parkeerplekken gerealiseerd. Welke parkeernormen zijn voor dit plan per woningtype, woonoppervlak bij huur of koop gehanteerd? Waterberging: In document 03-Ruimtelijk kader wordt verwezen naar het Raadsvoorstel van 10 oktober 2019 waarin is vastgelegd dat een waterpartij of wateropvang aan de Beverwijkerstraatweg ongewenst is. Volgens de verordening Hemelwaterberging 2023-2026, onderdeel van Programma Water en Riolering moet een minimale opvang van 40 mm. per woning in het plangebied gerealiseerd worden. Welk document is hierin leidend?
De parkeernormen uit de het gemeentelijk parkeerbeleid zijn gehanteerd.
Het ruimtelijk kader; volgens het Hoogheemraadschap is geen watercompensatie nodig (immers de locatie is nu al grotendeels verhard en op basis van het bestemmingsplan mag dag ook); Zie antwoord hierboven.
PvdA
Ruimtelijk kader Puikman 1
PvdA
Ruimtelijk kader Puikman 1
PvdA
Ruimtelijk kader Puikman 1
Moet de nodige waterberging niet alsnog in het Ruimtelijk kader worden opgenomen? Vaststelling Kadernota: In ‘03-Ruimtelijk Kader Puikman 1’ wordt als basis de kadernota Zanderij Zuid van 2012 gehanteerd. Komt met de vaststelling Ruimtelijk kader Puikman 1 de oude kadernota zanderij Zuid van 2012 en het ruimtelijk kader Puikman 1 van 2019 te vervallen? Bouwvolume: In het Ruimtelijk kader van 2019 werden in bijlage 2 de volgende voorwaarden gesteld: ‘Er worden 27 (31%) woningen in de sociale sector gerealiseerd, uitgaande van het aangevraagde plan van 91 woningen . Het realiseren hiervan (zowel aantal als dat het typehuur) vormt een voorwaarde bij het ruimtelijk kader;’ Zijn er technische redenen te geven waarom van de in 2019 gestelde kaders wordt afgeweken? Klopt het dat bij een hogere bouwvolume op hetzelfde grondplan de stichtingskosten per woning zal dalen? Verkeer: Volgens ‘01 RV Ruimtelijk Kader Puikman 1’ zal door zowel de gemeente als ProRail worden nagedacht over de verkeerssituatie in en rondom de Zanderij-Zuid. Bij een eventuele verandering in de infrastructuur wordt de verkeerstoename van de ontwikkelingen Puikman 1 en deelgebied 3 betrokken bij de keuze voor inrichtingsmaatregelen.
Nee.
Deze kaders zijn nooit vastgesteld door de raad, er wordt dus ook niet van afgeweken; De gemeente kan deze vraag niet beantwoorden.
Verkeersonderzoek Zanderij vindt momenteel al plaats in het kader van het IVP Castricum/Bakkum.
GroenLinks
Consultatie raad ten aanzien van voorgenomen collegebesluit over verlenen omgevingsvergunning voor 16 seizoensgebonden strandhuisjes bij paviljoen Zoomers
In welk stadium van de ontwikkeling is het verstandig om onderzoek te doen naar de verkeersafhandeling en ontsluiting van Puikman en deelgebied 3?
Op pag. 4 van het RV consultatie staat dat de locatie niet in het gebied ligt dat aangeduid is als seizoensstrand. Dat lijkt me niet juist. Kan het college dit uitleggen, liefst met een overzichtskaartje van de aanduidingen van het hele strand dat in het kustpact en binnen de zoneringsafspraken valt?
Het kustpact is vertaald in de provinciale omgevingsverordening NH2020. Daarin zijn voor twee zones regels opgenomen. Deze zones zijn op een kaart behorende bij deze verordening opgenomen.: Natuurstrand, geen bebouwing toegestaan Seizoensstrand, alleen seizoensgebonden bouwwerken in de periode van 1 februari tot 1 november toegestaan Voor de gebieden die geen aanduiding hebben, gelden geen nadere regels. Dat is feitelijk de ‘jaarrond zone’. Paviljoen Zoomers, en dus de locatie van de 16 strandhuisjes, ligt in deze zone. Zie onderaan bijlage 1 voor het overzichtskaartje. Integrale tekst Omgevingsverordening: Omgevingsverordening NH2020 Paragraaf 6.4.4 Strandzonering Artikel 6.50 Toepassingsbereik Deze afdeling gaat over de zonering van de Noord-Hollandse stranden zoals vastgelegd in Strandzonering NH2025 als onderdeel van het Toekomstperspectief Kust 2040. Artikel 6.51 Oogmerk Deze afdeling bevat regels met het oog op de borging van een goede balans tussen natuur en recreatieve bebouwing op de Noord-Hollandse stranden. Artikel 6.52 Seizoensstrand
1. Een ruimtelijk plan voorziet ter plaatse van het werkingsgebied seizoenstrand alleen in seizoensgebonden bouwwerken in de periode van 1 februari tot 1 november. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken als bedoeld in artikel 2.3.5, tweede lid onder c, van het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening.
GroenLinks
De VrijeLijst
Consultatie raad ten aanzien van voorgenomen collegebesluit over verlenen omgevingsvergunning voor 16 seizoensgebonden strandhuisjes bij paviljoen Zoomers Consultatie raad ten aanzien van voorgenomen collegebesluit over verlenen omgevingsvergunning voor 16 seizoensgebonden strandhuisjes bij paviljoen Zoomers
Vervolgvraag n.a.v. voorgaande antwoord: De zone die is aangegeven is lichtgroen. Dat is wel degelijk een aanduiding, namelijk seizoensstrand. Dus in principe niet jaarrond. Dat we daar voor de paviljoens op hun oude plek van af zijn geweken doet niets af aan hoe het bestemd is. Hoe zit dat?
Artikel 6.53 Natuurstrand 1. Een ruimtelijk plan voorziet ter plaatse van het werkingsgebied natuurstrand niet in bebouwing. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken als bedoeld in artikel 2.3.5, tweede lid onder c, van het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening. De vier jaarrondpaviljoens staan in de zone ZONDER aanduiding. Op de onderstaande afbeelding (bijlage 1) zijn de jaarrond paviljoens als grijze objecten zichtbaar. De rode marker geeft dus niet de plaats van Zoomers aan, maar is daar geplaats zodat zichtbaar werd dat lichtgroen ‘seizoensstrand’ is.
1. De strandhuisjes zoals voorgesteld staan zeer 1. Het plan is beoordeeld door bouw- en woningtoezicht en dicht op elkaar en naast elkaar. Is dat akkoord bevonden. Daarbij is al contact geweest met de goedgekeurd door veiligheidsdiensten en met Veiligheidsregio en is onder andere gelet op de name de brandweer? brandweerbaarheid van de gevels van de strandhuisjes, ook wel brandscheiding genoemd. Het plan ligt nu nog voor een 2. Als er verhuur plaats vindt als hotel of B&B is laatste check bij de Veiligheidsregio. dat een andere bestemming dan horeca. Moet er een bestemmingsplan wijziging 2. Zoals in het raadsvoorstel staat te lezen is het plaatsen van worden doorgevoerd? Zo ja, wanneer wordt strandhuisjes voor de verhuur in strijd met het bestemmingsplan. Het betreft een tijdelijke aanvraag voor 10
dat voorgelegd aan de raad? Zo nee, waarom niet?
jaar. Het verlenen van een tijdelijke afwijking van het bestemmingsplan is een bevoegdheid van burgemeester en wethouders. Echter vinden burgemeester en wethouders dit een dusdanige ontwikkeling dat zij besloten hebben eerst de gemeenteraad te consulteren alvorens een definitief besluit te nemen. 1. Zijn het Hoogheemraadschap, Rijkswaterstaat 1. Zoals in het raadsvoorstel staat te lezen is het om advies gevraagd over het specifieke punt Hoogheemraadschap om advies gevraagd. Voor het strand van het inrichten van de zestien werken Hoogheemraadschap en Rijkswaterstaat samen en strandhuisjes? zorgt het Hoogheemraadschap voor de afstemming met 2. Kan de adviesaanvraag en het advies van de Rijkswaterstaat, zo ook voor deze aanvraag voor 16 Regionale Adviescommissie Verblijfsrecreatie strandhuisjes. Het hoogheemraadschap heeft nog geen over de strandhuisjes voor 20 juli aan de raad definitief advies afgegeven, maar wel al laten weten dat zij het worden gezonden of ter inzage worden een goede ontwikkeling vinden wanneer er in de winter gelegd? minder bebouwing staat op het strand. Het 3. Is het doorbrengen van de nacht toegestaan Hoogheemraadschap is dus voorstander van deze in de bestaande strandhuisjes volgens het ontwikkeling. bestemmingsplan of volgens andere 2. Het advies van de Regionale AdviesCommissie regelgeving? Verblijfsrecreatie (RAC) staat bij de raadsstukken. 3.
In het vigerende bestemmingsplan strandgebied Castricum is vastgelegd dat in de bestaande strandhuisjes overnacht mag worden.
PvdA
Consultatie raad ten aanzien van voorgenomen collegebesluit over verlenen omgevingsvergunning voor 16 seizoensgebonden strandhuisjes bij paviljoen Zoomers
GroenLinks
Verordening Bij artikel 3.4: dit artikel lijkt een delegatie in te rechtspositie raads- en houden (over de inwilliging van een commissieleden 2023 scholingsaanvraag). Wat is de wettelijke grondslag daarvan? Is artikel 107a, tweede lid Gemeentewet daarvoor voldoende? En zo ja, is dit geregeld in de in dat artikel bedoelde instructie?
In artikel 3.3.3 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers staat bepaald dat de kosten voor niet-partijpolitieke georiënteerde scholing in verband met de vervulling van de functie van raadslid ten laste komen van de gemeente. Over de toepassing hiervan kunnen nadere regels worden gesteld.
Zelfde artikel: in geval van twijfel wordt de aanvraag aan het presidium voorgelegd. Beslist
Met artikel 3 van de verordening zijn deze nadere regels gesteld. Vanuit praktisch oogpunt is het voorstel om het verzoek in eerste
Er wordt geen bevoegdheid gedelegeerd.
het presidium dit dan ook, en zo ja, moet dat dan niet expliciet bepaald worden?
instantie bij de griffie in te dienen. Bij scholingen die overduidelijk voldoen aan de eisen (zijnde een niet-partijpolitieke, functiegerichte scholing – zie ook de artikelsgewijze toelichting bij de verordening) kan de griffie dan akkoord geven en de factuur voor de scholing vanuit het opleidingsbudget betalen. Wanneer twijfel is over of een scholing aan de eisen voldoet, dan zal het verzoek voor besluitvorming worden voorgelegd aan het presidium. Dit kunnen we nog iets duidelijker opnemen in de verordening. Het voorstel is dan ook om lid 4 van artikel 3 als volgt te wijzigen: De griffie beslist op de aanvraag op basis van de overgelegde stukken. In geval van twijfel wordt de aanvraag geanonimiseerd aan het Presidium voorgelegd. Wordt:
GroenLinks
Verordening Artikel 7.3: declaraties en bewijsstukken moeten rechtspositie raads- en i.p.v. binnen drie maanden voortaan in het commissieleden 2023 lopende kalenderjaar worden ingediend. Hoe moet dit bij kosten die helemaal aan het eind van het kalenderjaar worden gemaakt?
De griffie beslist op de aanvraag op basis van de overgelegde stukken. In geval van twijfel wordt de aanvraag geanonimiseerd aan het Presidium voorgelegd voor besluitvorming. Op dit moment is de werkwijze dat de griffie tweemaal per jaar per mail inventariseert of er nog te vergoeden declaraties zijn voor het lopende kalenderjaar. Dit is doorgaans rond de maand juli en aan het eind van het kalenderjaar, rond half december. In de mail van december wordt als uiterste aanleverdatum de tweede week van januari genoemd, dit in verband met het afsluiten van de boekhouding. Het voorstel is om dit op deze manier te vermelden in de verordening:
Het declaratieformulier en de bewijsstukken dienen in het lopende kalenderjaar te worden ingediend bij de griffier. De griffier zal tweemaal per jaar actief inventariseren onder de raads- en commissieleden of er nog te vergoeden declaraties zijn. Wordt: Het declaratieformulier en de bewijsstukken dienen in het lopende kalenderjaar, doch uiterlijk op 15 januari van het nieuwe kalenderjaar te worden ingediend bij de griffier. De griffier zal tweemaal per jaar actief inventariseren onder de raads- en commissieleden of er nog te vergoeden declaraties zijn.
Bijlage 1
Lichtgroen: Seizoensstrand
donkergroen: Natuurstrand
Bijlage 2 Beste Thomas, We hebben de 2de participatieavond onlangs georganiseerd in het Huis van Hilde op 8 juni 2023. Op locatie zijn ongeveer 10-12 belangstellenden langsgekomen. De onderwerpen welke werden aangedragen door de bezoekers waren op hoofdlijnen verkeer, start bouw en of er nog deels van het P&R terrein bij het project hoorde. Dit kan je collega Mirjam mocht je dat willen bevestigen. Het was in ieder geval niet zo dat men erg kritisch uitte. Ik ben benieuwd of er vanuit de politiek nog interesse is getoond. Wordt er nog een vermelding gemaakt van de verlopen participatieavond bij de behandeling ten behoeve van het kaderstellend besluit? Zou je mij dit kunnen laten weten? Hartelijke groet, Thom Ligthart G&S&
Gustav Mahlerlaan 34 1082 MC Amsterdam The Netherlands www.gens.nl Instagram LinkedIn Please note: as of today, my email address is tligthart@gens.nl. ________________________________________ DISCLAIMER: De informatie verzonden met dit emailbericht is uitsluitend bestemd voor de geadresseerde. Gebruik van deze informatie door anderen dan de geadresseerde is verboden. Openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en/of verstrekking van deze informatie aan derden is niet toegestaan. Afzender staat niet in voor de juiste en volledige overbrenging van de inhoud van een verzonden email, noch voor tijdige ontvangst daarvan. Afzender attendeert erop dat de vertrouwelijkheid van informatie verzonden per email niet gewaarborgd is. The information contained in this communication is confidential and may be legally privileged. It is intended solely for the use of the individual or entity to whom it is addressed and others authorised to receive it. If you are not the intended recipient you are hereby notified that any disclosure, copying, distribution or taking any action in reliance on the contents of this information is strictly prohibited and may be unlawful. Sender is neither liable for the proper and complete transmission of the information contained in this communication nor for any delay in its receipt. Please note that the confidentiality of e-mail communication is not warranted.
Van: Thomas van der Zande <ThomasvanderZande@debuch.nl> Verzonden: woensdag 15 september 2021 07:15 Aan: Thom Ligthart <TLigthart@bmb.nl> Onderwerp: FW: vraag Puikman 1 participatie
Goedemorgen als samenvatting van de participatie avond van gisteren:
De participatie-avond verliep zeer rustig, ik denk dat er maximaal 15 personen waren en geen instanties/organisaties. Ze waren allen positief en waren vooral nieuwsgierig naar wanneer er gebouwd gaat worden en of men in aanmerking kan komen voor een woning.
Met vriendelijke groet, Thomas van der Zande Beleidsmedewerker Plannen en Projecten domein Ruimtelijke Ontwikkeling / team Plannen en Projecten Ik werk maandagochtend, dinsdag en vrijdagochtend
Van: Mirjam van der Horst Jansen-Sikkens <MirjamvanderHorst@debuch.nl> Verzonden: maandag 16 augustus 2021 13:54 Aan: Thom Ligthart <TLigthart@bmb.nl>; Thomas van der Zande <ThomasvanderZande@debuch.nl> CC: Duco van der Hoeven <ducovanderhoeven@debuch.nl> Onderwerp: RE: vraag Puikman 1 participatie
Goedemiddag Thom,
De diverse belangenpartijen in de Zanderij hebben inderdaad aangegeven dat zij nog actief zijn. Ik heb de vertegenwoordigers van deze belangengroepen (Zanderij Autoluw, Zanderij omwonenden en Platform Zanderij) op 25 mei geïnformeerd dat zij bij de informatiebijeenkomsten over de plannen voor Puikman betrokken zullen worden. Ik zie deze partijen ook met de correcte e-mailadressen op jouw lijst staan.
Voor wat betreft de dag voor de informatiebijeenkomst is dinsdag14/9 en woensdag 15/9 het meest geschikt. Het is namelijk gebruikelijk om voor informatiebijeenkomsten ook raadsleden uit te nodigen (via raadsgriffie@castricum.nl). Voor hen zijn de dinsdagen en woensdagen het meest geschikt. Zij hebben op maandagen fractievergaderingen en op donderdagen raadsvergaderingen.
Mocht je nog vragen hebben dan hoor ik het graag,
Met vriendelijke groet,
Mirjam van der Horst Jansen-Sikkens Gebiedsregisseur Akersloot, Limmen en de Woude maandag tot en met vrijdag
MEMO
Aan
: Valentijn Brouwer
Afdeling
: Beheer Openbare Ruimte
Opsteller
: Arthur Sanders
Datum
: 19 juli 2023
Onderwerp
: Tracé doorfietsroute door Limmen-West
Aanleiding Op 17 juli heeft de fractie De Vrije Lijst technische vragen gesteld over het tracé van de doorfietsroute op de Westerweg te Limmen. Met dit memo beantwoorden wij deze vragen.
Hoe is het tracé destijds bepaald? Het tracé voor de doorfietsroute is in 2019-2020 voorbereid door een regionale werkgroep, bestaande uit provincie Noord-Holland, regio Alkmaar en regiogemeenten. Medio 2020 hebben de colleges van de regiogemeenten de Intentieverklaring doorfietsroutes regio Alkmaar ondertekend; in dit kader heeft het college ook het tracé voor de doorfietsroute over grondgebied van Castricum vastgesteld.
In dezelfde periode is het Fietsbeleidsplan gemeente Castricum door de Raad vastgesteld. Met dit Fietsbeleidsplan is o.a. het fietsnetwerk en de hieraan te stellen functionele eisen vastgesteld. Dit plan is afgestemd met de regionale werkgroep doorfietsroutes en met de gemeente Heiloo: o
de doorfietsroute wordt in het plan vermeld en de Westerweg is de hoofdfietsroute voor forensen; o de Kapelweg ten noorden van de Burg. Nieuwenhuijsenstraat is de hoofdfietsroute voor scholieren. LTO, Fietsersbond en aanwonenden zijn niet betrokken bij de tracékeuze voor de doorfietsroute. De Fietsersbond is nadrukkelijk wel intensief betrokken bij het opstellen van het Fietsbeleidsplan.
Wijziging van het tracé is mogelijk in overleg met provincie Noord-Holland, regio Alkmaar en regiogemeenten. Wij merken op dat het verleggen van de doorfietsroute van Westerweg naar de Kapelweg-Hogeweg gevolgen heeft voor het tracé door Heiloo. Dit leidt echter niet tot desinvesteringen: o o o
ten zuiden van de Vennewatersweg zijn de twee hoofdfietsroutes nog niet heringericht; ten noorden van de Vennewatersweg is de Groeneweg (verlengde van de Kapelweg) heringericht als fietsstraat; ten noorden van de Vennewatersweg is de Westerweg heringericht als erftoegangsweg.
Wat zijn de voor- en nadelen van een aparte doorfietsroute voor forensen op de Westerweg t.o.v. combinatie met de tevens te realiseren hoofdfietsroute voor scholieren op de KapelwegHogeweg?
Voordelen Forensen worden niet gehinderd door scholieren die met meer dan twee fietsen naast elkaar rijden. Ook hebben scholieren hierdoor geen last van forensen met een speedpedelec. Beperkt aantal (nieuwe) aansluitingen voor gemotoriseerd verkeer. Minder doorgaand fietsverkeer langs kindcentrum Het Kleurenorkest. Financiële dekking voor herinrichting Westerweg door subsidiemogelijkheden. Geen risico op imagoschade betrouwbaarheid van Castricum in de regio.
Nadelen Westerweg is route voor breed landbouwverkeer door Limmen-West en Heiloo. Forensen hebben op de Westerweg last van weer en wind en de erfafscheiding (prikkeldraad). Forensen moeten de Vennewatersweg gelijkvloers oversteken en voorrang verlenen aan gemotoriseerd verkeer. Lagere fietsintensiteit per fietsroute, waardoor gemotoriseerd verkeer zich minder als gast gedraagt. extra kosten realisering doorfietsroute Westerweg én hoofdfietsroute KapelwegHogeweg. Juist dit deel van de Westerweg is het smalste met de hoogste rijsnelheden.
Fietsroute op Westerweg ten westen van de spoorwegovergang is nodig voor de latere realisering van directere oranje doorfietsroute ten westen van de spoorlijn naar de IJmond zonder twee keer het spoor over te hoeven steken. Geen voorkeur wat betreft oversteken spoorwegovergang: forensen moeten bij het huidige tracé van de doorfietsroute op de Westerweg in Limmen (ten zuiden van de Vennewatersweg) het spoor oversteken; forensen moeten bij wijziging van het tracé van de doorfietsroute op de Westerweg in Heiloo (ten noorden van de Vennewatersweg) het spoor oversteken. Autointensiteit is op beide NZ-verbindingen laag, waardoor een fietsstraat met een breedte van 4,80 meter, eventueel aangevuld met bermverharding om brede voertuigen te kunnen passeren, voldoet om fietsverkeer veilig te kunnen verwerken: autointensiteit op Westerweg is 800-1.000 mvte; autointensiteit op Kapelweg is ca. 300 mvte; autointensiteit op Hogeweg is 700-1.100 mvte. Fietsintensiteiten zijn alleen beschikbaar voor de Kennemerstraatweg (Heiloo) en de Groeneweg (viaduct Vennewatersweg te Heiloo). Deze tellingen zijn niet bruikbaar omdat (a) de Rijksweg te Limmen in onderhoud is en (b) de Hoogeweg nu nog de hoofdfietsroute in Heiloo is.