Bijlage B 2015 Gemeenschappelijke-fietsenberging-bij-een-woongebouw-Amsterdam
Tekst van het document
Bouwbrief Regels en afspraken bouwen en wonen Amsterdam
Gemeenschappelijke fietsenberging bij een woongebouw Het Bouwbesluit stelt in artikel 4.31, lid 1, voor woningen een individuele fietsenberging verplicht van 5 m². In deze Bouwbrief wordt toegelicht hoe een gemeenschappelijke fietsenberging in combinatie met een inpandige berging zodanig kan worden ingericht dat dit als gelijkwaardig aan een individuele fietsenberging conform het Bouwbesluit wordt beschouwd door de gemeente Amsterdam. Een aantal aspecten is hierbij van belang: het aantal fietsplekken per woning, de eisen aan de inpandige berging in de woning, de bereikbaarheid en het beheer van de gemeenschappelijke fietsenberging. Als aan de onderstaande eisen wordt voldaan wordt het plan op grond van artikel 1.3 van het Bouwbesluit door de gemeente Amsterdam als gelijkwaardig beschouwd. Dit sluit overigens niet uit dat ook andere oplossingen mogelijk zijn.
Nummer 2015-130 maart 2015
Informatie Susanne Ritsma
Technische beleidsadviseur Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied telefoon 020 5678808 susanne.ritsma@odnzkg.nl
Aantal fietsplekken Het aantal fietsplekken per woning moet voldoen aan het onderstaande schema. Het is toegestaan om dubbele fietsenrekken toe te passen. Er dienen echter wel altijd twee plekken per woning in een laag rek beschikbaar te zijn. Gebruiksoppervlakte woning (m²)
Aantal plekken in fietsrek
Benodigde interne berging (m²)
< 50
2
n.v.t.
>50 - < 75
3
2,7
>75 - <100
4
2,7
>100
5
2,7
>125
6
2,7
Berging in de woning Aangezien de toelichting van het Bouwbesluit stelt dat een fietsenberging ook bedoeld is voor het opbergen van spullen, moet er een berging van 2,7 m² in de woning te worden gerealiseerd. Voor deze ruimte geldt dat: De berging in één ruimte moet worden gerealiseerd. Binnen het oppervlak van 2,7 m² het oppervlak dat een warmwatertoestel, een ruimteverwarmingstoestel of een andere gebouwgebonden installatie inneemt niet mag worden meegerekend. Makkelijke bereikbaarheid Fietsenbergingen conform het Bouwbesluit worden in de stedelijke omgeving meestal gesitueerd onder het maaiveld, waarbij men lange gangen en meerdere deuren door moet om deze te bereiken. De slechte bereikbaarheid van deze bergingen is vaak reden voor bewoners om hun fietsen buiten te parkeren. Een makkelijker bereikbare gemeenschappelijke fietsenberging is dan een meerwaarde en een compensatie voor het feit dat bewoners geen privé fietsenberging hebben. De makkelijke bereikbaarheid is daarom een voorwaarde voor het toestaan van de gemeenschappelijke fietsenberging. De bereikbaarheid is een samenspel van een aantal factoren. Bij een bouwplan waarbij men aanspraak wil maken op deze gelijkwaardigheid dient er bij de aanvraag omgevingsvergunning een onderbouwing te worden gevoegd ten aanzien van de bereikbaarheid. Onderstaande aspecten dienen hierbij in ieder geval aan de orde te komen.
Per aspect is aangegeven of het de bereikbaarheid positief of negatief beïnvloedt.
Colofon De Bouwbrief is een uitgave van de Gemeente Amsterdam en de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
Redactieadres Margit Assenberg Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied telefoon 023-5678019 margit.assenberg@odnzkg.nl
Bouwbrief Voor aan- of afmeldingen van de bouwbrief en voor het bouwbriefarchief gaat u naar www.amsterdam.nl/bouwbrief
Disclaimer www.amsterdam.nl/bouwbrief
Bouwbrief Bereikbaarheidsaspect Fietsenberging bereikbaar via 1 deur Fietsenberging bereikbaar via meer dan 1 deur Elektronische sloten op de deuren naar de fietsenberging Fietsenberging gelegen op maaiveld niveau Fietsenberging gelegen onder of boven maaiveld (laag -1 of laag +1) Hoogteverschil wordt overbrugd door hellingbaan
Negatief of positief
+ -
+ + -
+
Hoogteverschil wordt overbrugd door een lift die geschikt is voor het meenemen van fietsen
+
Hoogteverschil wordt overbrugd door trap, maar met elektrische ondersteuning voor de fiets
+
Hoogteverschil wordt overbrugd door trap met fietsgoten
-
Loopafstand van de toegangsdeur van het woongebouw, naar de fietsenstalling en daarna naar de entreehal of het stijgpunt onder deze entreehal < 25 meter
+
Loopafstand van de toegangsdeur van het woongebouw, naar de fietsenstalling en daarna naar de entreehal of het stijgpunt onder deze entreehal > 25
-
Ruimte voor/ tussen de fietsplaatsen > 2 m
+
Ruimte voor/tussen de fietsplaatsen < 2 m
-
Beheer Bij een gemeenschappelijke fietsenberging is een goed beheer van belang. Er worden de volgende eisen gesteld: In overleg met een notaris moet worden gekeken hoe privaatrechtelijk wordt vastgelegd dat ieder appartement het aantal plekken krijgt toegewezen conform het eerste schema van deze Bouwbrief. Tevens moeten er afspraken over gebruik en beheer in het huishoudelijke reglement worden opgenomen. De fietsplekken moeten worden genummerd met de huisnummers van de woningen waartoe ze behoren. De toegewezen plekken van een woning liggen bij elkaar en er zijn per woning ten minste 2 plekken in een laag rek. Bij de aanvraag omgevingsvergunning dient te worden aangegeven op welke wijze er aan bovenstaande wordt voldaan.