CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

20260623 Inspreektekst Euro Index-omgevingsplan Het Nieuwe Rivium

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer 23 juni 2026, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Spreekrecht inwoners1.752 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

TK

advocaten notarissen

Per e-mait Gemeente Cape Ile aan den Ussel De gemeenteraad Rivierweg 111 2903 AR CAPELLE AAN DEN IJSSEL

rD fl) rD

t-p rD rm 0_ o 7 C 01 L71-'

griffie

capelleaandenijsseLnl

Behandeld door Telefoon Mobiel E-mail Referentie Uw referentie Plaats /Datum

Dhr. mr. F.P. van Galen, Advocaat, partner

+31 71 535 80 50 +31 6 104 112 45 vangalen@tk.nt Euro-Index B.V. - Orngevingsplan Het Nieuwe Rivium, 2025.45099, FG 0088 TAR-Omgevingsplan hoofdstuk 21b Het Nieuwe Rivium

Leiden,23 juni 2026

INSPRAAKREACTIE AGENDAPUNT 8 TAR-OMGEVINGSPLAN HET NIEUWE12.mum

Geachte leden van de raad,

Cliente, Euro-Index B.V. gevestigd aan de Rivium 2e straat 12, heeft kennisgenomen van

de Nota beantwoording zienswijzen en de overige stukken bij agendapunt 8. De inhoud daarvan geeft aanleiding tot de navolgende schriftelijke inspraakreactie.

Het raadsvoorstel bevat een groot aantal bijLagen. Het is niet mogelijk om in deze inspraakreactie uitputtend te zijn. CLiente persisteert bij al hetgeen zij eerder naar voren heeft gebracht. Deze inspraakreactie beoogt slechts enkele prangende punten onder uw aandacht te brengen, opdat u daar bij de behandeling van het raadsvoorstel rekening mee kunt houden. Cliente heeft al veel van haar zorgen naar voren gebracht in de zienswijze. De zienswijzen zijn behandeld in de Nota beantwoording zienswijzen onder inbrenger 5. Een deel van de zienswijzen is gehonoreerd en heeft geleid tot een aanpassing van het raadsvoorstel. Een

deel van de zienswijzen is echter, naar de mening van cliënte ten onrechte, niet gehonoreerd.

1. 1.1.

Maatwerkbestemming - milieucategorie 3.1

Naar aanleiding van de zienswijze is alsnog onderkend dat het bedrijf van cliënte valt in miLieucategorie 3.1. In de VNG Handreiking bedrijven en milieuzonering

(2009), die blijkens de toelichting (vgl. pagina 89) bij de voorbereiding is gehanteerd, moet tussen dergelijke bedrijven en gevoelige objecten in beginsel in gemengd gebied een afstand van ten minste 50 meter in acht worden genomen.

T +31 71 535 80 00 Postbus 201

F

+31 71 535 80 01

2300 AE Leiden

!

www.tk.n1

1.2.

Allereerst meent cliënte dat ten onrechte wordt uitgegaan van het omgevingstype gemengd gebied. Een gemengd gebied is een gebied waarin, in de bestaande

situatie, sprake is van matige tot sterke functiemenging met wonen. In de bestaande situatie i s er geen sprake van functiemenging. Milieuzonering werkt noodzakelijkerwijs twee kanten op. De Handreiking bedrijven en milieuzonering (2009) ziet ook op de zogenoemde uitwaartse zonering rondom een bedrijventerrein (vgl. pagina 26). 1.3.

2.

2.1.

Ten tweede geldt dat het opnemen van een maatwerkbestemming die beperkt is tot "groothandelsbedrijf in meet- en regelapparaten, SBI-2025 46695" geen recht doet aan de situatie. De betreffende zeer gedetailleerde maatwerkbestemming belet cliënte om haar bedrijfsactiviteiten in de toekomst te wijzigen of uit te breiden, ook indien daarmee wordt gebleven binnen milieucategorie 3.1. Daarvoor bestaat echter geen enkele reden, omdat voor alle bedrijven in milieucategorie 3.1 dezelfde richtafstand geldt. Andersom heeft de beperking van de milieucategorie tot deze maatwerkbestemming wel verstrekkende gevolgen voor de gebruiksmogelijkheden en de waarde van de percelen. Borging milieuruimte

Cliënte wijst erop dat het opnemen van een bestemming waarmee de bedrijfsactiviteiten in milieucategorie 3.1 kunnen worden voortgezet, anders dan wordt gesuggereerd in de Nota beantwoording zienswijzen geen waarborg biedt voor het bedrijf dat er geen woningen dichter dan de betreffende richtafstand zullen worden gebouwd of anderszins rekening wordt gehouden met de bestaande milieuruimte. De planregels maken op de gronden met de bestemming "Ontwikkelveld" de bouw van woningen mogelijk.

2.2.

In de Nota beantwoording zienswijzen staat: "Bij

de

vergunningverlening

voor

de

nieuwe

woningen

kunnen

maatwerkvoorschriften benodigd zijn voor Euro-Index, waarbij we de benodigde geluidimmissies maatwe r kvoorschrift."

van

Euro-lndex

B.V.

toestaan

via

een

Verderop bij de beantwoording van de zienswijzen van inbrenger 12 staat:

"Het is correct dat bij de omgevingsvergunningaanvraag aangetoond moet worden dat aan alle geLuidseisen voldaan wordt. Dit is in het belang van de nieuwe bewoners maar zeker ook voor de bestaande bedrijven." 2.3.

De betreffende regels over geluid staan in artikel 22, welk artikel gelet op het bepaalde in artikel 9.1 tevens van toepassing is op de gronden met de bestemming "Ontwikkelveld". In artikel 22.2.2 staat dat een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit wordt verleend "onder de voorwaarde dat het geluid" van een industrieterrein op de gevel niet meer bedraagt dan de daar genoemde waarde. Cliënte merkt op dat daar niet staat dat de omgevingsvergunning alleen wordt verleend als daaraan wordt voldaan. Ook uit hetgeen staat in artikel. 22.2.2 sub b van de planregels volgt dat kennelijk bedoeld wordt voorwaarden te verbinden aan de omgevingsvergunning. Daarmee is cliënte niet, althans niet zonder meer, geholpen. De geluidsnormen voor activiteiten, zoals die thans zijn opgenomen in artikel 22.54 e.v. Omgevingsplan, gelden immers gewoon voor cliënte. Het feit dat een maatwerkvoorschrift benodigd kan zijn, betekent niet dat het betreffende maatwerkvoorschrift ook zal worden vastgesteld. Al met al is met de planregels ten onrechte niet geborgd dat de milieuruimte van cliënte, anders dan het ontwerp kennelijk beoogt, niet beperkt zal worden.

2

(13 CD CD co+

col CD

0_ o o c,J

o

3.

—4 CD CD

Provinciate instructieregels bedrijventerrein

CD

3.1.

Cliënte persisteert bij haar standpunt dat het plan ten onrechte niet op voorhand duidelijk maakt op welke wijze compensatie zal plaatsvinden van de ruimte voor bedrijven die vertoren gaat.

tr t 0.) —t CD

3.2.

3.3.

In de Nota beantwoording zienswijzen stelt het college dat de locatie in regionaal verband is aangewezen als Transformatielocatie. Dat argurnent overtuigt niet. Nota bene heeft ook de provincie erop gewezen dat het enkele feit dat de locatie in regionaal verband als Transformatielocatie is aangewezen onvoldoende is om te kunnen vaststellen dat aan de instructieregels van de ZHOV is voldaan (vgl. inbrenger 23).

Het college stelt dat de transformatie "mede is ingegeven door de structurele

leegstand op dit kantorenpark". Allereerst wijst cliënte erop dat het geen kantorenpark is maar een in de provinciale Omgevingsverordening als zodanig aangewezen bedrijventerrein. Ten tweede geldt dat de betreffende leegstand is gecreëerd door het feit dat de gemeente al jarenlang praat over een transformatie en niet andersom. 4. 4.1.

Mobiliteit en parkeren Cliënte blijft zich ernstig zorgen maken over de bereikbaarheid en het parkeren. Zij benadrukt dat in de bestaande situatie een deel van de parkeervraag voor de bedrijven wordt opgevangen in de openbare ruimte. Die parkeerplaatsen zullen verl.oren gaan. Cliënte organiseert regelmatig bijeenkomsten voor klanten en relaties, waarvoor zij op eigen terrein onvoldoende parkeergelegenheid heeft. Naar de mening van cliënte is daarmee onvoldoende rekening gehouden. In de

motivering van het voorstet lijkt vooral te worden ingezet op een lagere parkeernorm dan elders in de gemeente en het ontmoedigen van autogebruik. Dat is op zich natuurlijk toe te juichten, maar zal vooraL voor de woningen gelden. De leveranciers en klanten van cliënte kunnen niet met het openbaar vervoer komen om goederen te brengen of te haten en zullen ook bij door cliënte te organiseren bijeenkomsten met de auto komen. Cliënte heeft niet kunnen vaststellen dat met haar belang op dit punt rekening is gehouden.

5.

De te verwerven strook grond

5.1.

Naar aanleiding van de zienswijze is de eerder in het ontwerp opgenomen strook tangs de zuidzijde van de Rivium 2e straat met de bestemming "Openbare ruimte" van 3,2 meter verkleind naar een te verwerven strook van 0,8 meter.

5.2.

Cliënte meent dat nog altijd onvoldoende rekening is gehouden met haar belang op dit punt. De betreffende strook van 3,2 meter was eerder - per abuis - getekend over de bestaande bedrijfsbebouwing van cliënte. Met de verkleining naar 0,8 meter, komt de beoogde stoep nog altijd op circa 2 meter van de glazen gevel en 1 meter van de dakoverstek. De betreffende strook zal niet eenvoudig opnieuw groen ingericht kunnen worden. Bomen kunnen irnmers niet direct tegen de gevel staan.

5.3.

Andersom is niet duidelijk gemaakt waarom de betreffende strook nodig is. Aan de noordzijde van de Rivium 2e straat liggen de ontwikkelvelden. Kennelijk is de behoefte aan verwerving vooral ingegeven door de gedachte dat de kosten van de verwerving opwegen tegen de opbrengst van de grond die dan aan de noordzijde tot woningen ontwikkeld kan worden. Cliënte wijst erop dat een onteigening, los van de te vergoeden waarde van de grond en de kosten van de herinrichting, hoge kosten met zich meebrengt. Het is maar zeer de vraag of die kosten opwegen tegen de hogere opbrengst van de grond aan de noordzijde.

3

cr% cL o o 7 7 o

o 7

rts rD rD

6. 6.1.

Kostenverhaal

Cliënte persisteert bij haar standpunt dat geen kostenverhaal mogelijk is ten aanzien van de eigenaren van gronden waarop bestaande te handhaven functies worden bestemd. De beantwoording van de zienswijzen overtuigt niet. Het college verwijst naar een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van

0

dat kostenverhaal ook kan plaatsvinden jegens "de bestaande stad als die daar

o

dat kostenverhaal kan plaatsvinden jegens eigenaren van gronden waarop geen kostenverhaalsplichtige ontwikkeling is voorzien. De betreffende uitspraak bevestigt enkel dat kosten naar rato van profijt moeten worden verdeeld tussen gronden in het exploitatieplangebied en gronden buiten dat gebied, voor zover die eveneens profijt daarvan hebben. lndien ook de bestaande stad profiteert, dan kan

als gevolg daarvan slechts een deel van de kosten aan het exploitatieplangebied

worden toegerekend. Daar volgt andersom niet uit dat kostenverhaal kan plaatsvinden jegens die bestaande stad. Kostenverhaal kan aLleen plaatsvinden bij

het toeLaten van nieuwe bouwmogelijkheden.

Ten onrechte zijn de gronden met bestaande te handhaven functies in het kostenverhaalsgebied opgenomen en wordt daarmee kostenverhaal. jegens die gronden, bijvoorbeeld bij het vernieuwen van bestaande gebouwen, mogelijk. Dat is in strijd met de wet.

7. 7.1.

rt. rD

State van 16 oktober 2013, Eal:NL:RVS:2013:1573. Daarin zou beweerdelijk staan profijt van heeft". In die uitspraak werd naar de mening van cliënte niet geoordeeld

6.2.

cu

Uitvoering

Cliënte waardeert de toezegging dat met haar te zijner tijd contact zal worden opgenomen om afspraken te maken over de uitvoering en het voorkomen van trillingshinder om schade als gevolg van het moeten staken van de kalibratiewerkzaamheden te voorkomen. Zij herhaalt nog eens dat dit voor haar

van groot belang is en dat trillingen al snel tot het moeten staken van die werkzaamheden zullen Leiden. Het is van groot belang dat maximaal geborgd is dat ontwikkelaars en bouwers rekening houden met de bedrijfsactiviteiten.

Hoogachtend,

F.P. van Galen

4

o tru o z

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17127922/1