CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

02.01 - verslag commissie 30 november 2020

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer 27 januari 2021, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Vaststellen verslagen7.896 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Verslag van de digitale vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer, gehouden op maandag 30 november 2020 via Pexip, aanvang 20.00 uur. Aanwezig zijn als: voorzitter

:

mevrouw mr. A.S. van der Klauw-Cornet;

volksvertegenwoordigers :

mevrouw V. King-de Hoog, raadslid Leefbaar Capelle; mevrouw J.W. Lauw-Schouten, raadslid Leefbaar Capelle; de heer drs. S. van Loef, raadslid VVD; de heer H.E. Tiesma, burgerraadslid D66; de heer B.H.W. Oudshoorn, burgerraadslid SGP; de heer ing. P. Eilander, raadslid ChristenUnie; mevrouw C.W.J. Weemhoff MA, raadslid PvdA; de heer M.W. Vlot, raadslid SP; de heer E. Harinck, burgerraadslid CDA; de heer E.C. Raadsen, raadslid GroenLinks;

secretaris

:

de heer G.P. Venis;

portefeuillehouders

:

de heer M.J.W. Struijvenberg, wethouder; de heer M.E. Wilson wethouder;

notulist

:

de heer D.J. van Eck (Notuleerservice Dictum).

1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda. De VOORZITTER opent de vergadering en heet een ieder van harte welkom in deze digitale vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -beheer. De aanwezigheid van de deelnemers aan de vergadering wordt bij navraag bevestigd conform bovenstaande presentielijst. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Loef, die het ordevoorstel zal toelichten dat is ingediend door de fractievoorzitters van VVD en Leefbaar Capelle t.a.v. agendapunt 6, Gebiedspaspoort Capelseweg/Bermweg. De heer VAN LOEF licht toe dat de fracties van Leefbaar Capelle en VVD het op prijs zullen stellen wanneer het participatieproject met de bewoners van Bermweg/Capelseweg wordt hervat door het organiseren van een hoorzitting met de raad, omwonenden en ambtelijke ondersteuning. De VOORZITTER doet volledigheidshalve voorlezing van het verzoek dat door Leefbaar Capelle en VVD is ingediend: “Leefbaar Capelle en de Capelse VVD verzoeken om agendapunt 6, Gebiedspaspoort Capelseweg/Bermweg (definitief besluit) van de agenda af te voeren. In het participatietraject zoals dat na vaststelling van het conceptpaspoort op verzoek van de raad heeft plaatsgevonden heeft de wethouder een aantal malen individueel gesproken met betrokkenen.

Wij zeggen de wethouder hiervoor dank en ook voor het door hem bereikte resultaat, dat naar zijn zeggen het hoogst haalbare lijkt te zijn in de kaders die vanuit het conceptgebiedspaspoort aan de wethouder zijn meegegeven. Er blijven echter op dit moment nog onduidelijkheden bij de raad naar aanleiding van recente uitlatingen van een aantal bewoners. Dat maakt dat wij graag als raad in de gelegenheid gesteld worden om een laatste hoorzitting te doen met deze bewoners en daarmee recht te doen aan het volledig participeren van de bewoners en de raad in dit complexe dossier. Wij verzoeken hiermee tegelijkertijd de wethouder om een bijeenkomst te beleggen van de betrokken bewoners, raad en ondersteunende ambtenaren, om een laatste participatietraject af te ronden. We verwachten dat dit traject slechts een korte vertraging in het totaal zal geven. De besluitvorming zou dan gedaan kunnen worden in de commissies en raad van januari 2021.” Zij biedt de wethouder en daarna de commissie de gelegenheid hierop te reageren. Wethouder STRUIJVENBERG benadrukt dat de afgelopen maanden een intensief traject is doorlopen. Als de gemeenteraad er echter behoefte aan heeft zelf nog een gesprek aan te gaan met de

Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 30 november 2020

Pagina:

2

bewoners, zal hij dat zeker niet in de weg staan en de gevraagde bijeenkomst organiseren. Inmiddels is hem bij navraag al bevestigd dat uitstel van de besluitvorming tot januari mogelijk is. Mevrouw KING-DE HOOG zegt de wethouder dank voor het intensieve traject dat hij gevolgd heeft. Het is echter belangrijk om te participeren zoals dat destijds met de gehele raad en alles gedaan is. Leefbaar Capelle onderschrijft dan ook het ordevoorstel van de VVD en hoopt dat dit niet zal leiden toe een al te lange vertraging in dit project. De heer VLOT pleit ervoor het agendapunt vanavond toch even in bespreking te nemen en pas dan de conclusie te trekken of het aanbeveling verdient de besluitvorming op te schorten. De heer OUDSHOORN geeft te kennen dat de SGP-fractie zeer content is met het ordevoorstel van VVD en Leefbaar Capelle. De SGP vindt de participatie tot nu toe namelijk niet voldoende, ondanks de pogingen die daartoe in het werk zijn gesteld. De fractie wil zorgvuldigheid boven snelheid laten prevaleren. Of januari gehaald wordt, is minder belangrijk dan dat het zorgvuldig gebeurt. Overigens pleit hij ervoor de insprekers die zich hebben voorbereid voor deze avond wel de gelegenheid te geven om hun zegje te doen. De heer EILANDER geeft te kennen een minder positief gevoel te hebben bij dit ordevoorstel. Wat dat betreft sluit hij zich een beetje aan bij de heer Vlot.

Als hij namelijk de bewoners goed heeft beluisterd, hadden zij gedacht bij de uitwerking van het gebiedspaspoort 1.0 te mogen meedenken over een gebiedspaspoort 2.0 en niét participatie over 2.0. Naar zijn mening wordt met dit ordevoorstel niet voldaan aan de wens die de omwonenden hebben ingediend. Mevrouw WEEMHOFF sluit zich hierbij aan. Participatie betekent letterlijk ‘actieve deelname’, dat is waar deze bewoners bij haar weten om vragen, en dat is iets anders dan een beetje plussen en minnen op een voorgelegd concept. In een hoorzitting gaat de gemeenteraad met bewoners in gesprek, maar welke ruimte is er dan nog om iets te veranderen aan het voorliggende voorstel? De heer HARINCK waardeert de inzet van de collega’s van Leefbaar Capelle en de VVD, maar vraagt zich af of dat eigenlijk niet neerkomt op een beetje plussen en minnen, met als gevolg dat men over een maand of twee weer met dezelfde vragen en zorgen zal worden geconfronteerd. Namens het CDA wil hij het ordevoorstel graag aanvullen met het verzoek aan de wethouder om als uitgangspunt voor het hernieuwde traject het stuk van 2017 te nemen en op basis daarvan met de bewoners te gaan bouwen aan een voorstel dat recht doet aan een goede bouwkundige kwaliteit en aan de wens van de bewoners en van de wethouder.

De heer TIESMA vraagt zich af of het zinvol is het ordevoorstel door te zetten, maar áls het gebeurt zal er zijns inziens ook een ander gebiedspaspoort uit moeten rollen dan nu op tafel ligt, anders heeft het weinig zin. De heer RAADSEN sluit zich aan bij de vorige vier sprekers. Als er geen ruimte is om echt tot een heel nieuw gebiedspaspoort te komen, heeft het ordevoorstel zijns inziens weinig zin. Van de wethouder wil hij daarom graag weten of die ruimte er is. Wethouder STRUIJVENBERG zegt niet te kunnen voorspellen wat zo’n gesprek van de gemeenteraad met bewoners zal opleveren. Wat de achterliggende gedachte achter het ordevoorstel is, zal eerder aan de indieners ervan moeten worden gevraagd. De heer RAADSEN heeft van de bewoners vernomen dat er al een overleg is geweest met de ontwikkelaar. De wethouder legt hij de vraag voor of daarin toezeggingen zijn gedaan en, zo ja, of die een verandering van het gebiedspaspoort überhaupt nog mogelijk maken. Wethouder STRUIJVENBERG bevestigt dat zijnerzijds gesprekken worden gevoerd met de ontwikkelaar. Het zou vreemd zijn als dat niét zo was, want het is zijn werk en daarvoor wordt hij betaald. Toezeggingen zijn daarin echter niet gedaan, want hij loopt nooit vooruit op een beslissing van de gemeenteraad. Het is de gemeenteraad die gebiedspaspoorten vaststelt in Capelle en dat weet de ontwikkelaar ook.

De heer VLOT merkt op dat de SP de afgelopen twee weken vrij intensief contact heeft gehad met de bewoners, die steeds dezelfde zorg naar voren brengen. Naar zijn mening is het daarom aan de wet-

Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 30 november 2020

Pagina:

3

houder om het voortouw te nemen en hierover opnieuw met de bewoners in overleg te treden en moet dit niet worden afgeschoven op een gesprek met de raad. Mevrouw KING-DE HOOG dring erop aan nu een beslissing te nemen over het ordevoorstel, omdat anders te veel een inhoudelijke discussie dreigt te ontstaan. De heer HARINCK legt de heer Van Loef en mevrouw King de vraag voor die hij al eerder aan het adres van de wethouder had geopperd, namelijk om voor het hernieuwde traject het stuk van 2017 als uitgangspunt te nemen. De heer VAN LOEF meent dat de wethouder duidelijk is geweest. Het lijkt hem goed als raad, en met ambtelijke ondersteuning, het gesprek met de bewoners aan te gaan. Wat hem betreft ligt de uitkomst van die sessie nog helemaal open. Misschien zal inderdaad de conclusie worden getrokken dat terug moet worden gegaan naar 2017, maar daarop wil hij nu niet vooruitlopen. Mevrouw KING-DE HOOG benadrukt dat het er vooral op aankomt te proberen er met z’n allen uit te komen, opdat dit een omgeving wordt waarin eenieder goed kan wonen. Het zal nooit mogelijk zijn iedereen tegemoet te komen, maar er kan wel worden geluisterd. De heer EILANDER betuigt instemming met het voorstel van de heer Harinck, omdat de bewoners was toegezegd dat ze in de fase ‘Doe mee!’ mee mochten doen, van gebiedspaspoort 1 naar samen de ontwikkeling, en dat is niet gebeurd.

Daarom moet nu eerst netjes terug worden gegaan naar wat beloofd was, 1.0, dan komt de ontwikkelaar met het plan en vervolgens moet dat met de buurt worden besproken. Misschien komt er dan wel hetzelfde plan uit, dat zou kunnen, maar dan is in ieder geval wel netjes gedaan wat beloofd is. De heer OUDSHOORN valt het op dat niemand het eigenlijk eens is met het plan dat voorligt. Daarom doet het hem deugd dat het vanavond van de agenda kan worden gehaald, om het vervolgens nog eens rustig te bespreken, zonder alweer een nieuwe datum te prikken voor de behandeling ervan, want dat moet nog open staan. De heer TIESMA is het daarmee eens en valt ook de heer Eilander bij, want de bewoners willen echt terug naar het plan van 2017. Kortom, hij vindt het prima om het voorstel nu van tafel te halen en het nog eens uitgebreid te bespreken. De heer VLOT zegt zich daarin ook te kunnen vinden. De heer RAADSEN geeft aan dat GroenLinks er eveneens voorstander van is om het voorstel nu van de agenda te halen, waarbij hij er overigens van uitgaat dat er ruimte zal zijn om samen met de bewoners een nieuw plan te ontwikkelen. Mevrouw WEEMHOFF sluit zich daarbij aan. De VOORZITTER concludeert dat het ordevoorstel unaniem wordt ondersteund en dat het voorstel dus van de agenda zal worden afgevoerd. De agenda wordt aldus gewijzigd vastgesteld. 2.

Vaststellen verslagen - Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 12 oktober 2020 - Raadsbrede commissie van 13 oktober 2020 - Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 26 oktober 2020 - Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 27 oktober 2020 - Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer en Bestuur, Veiligheid en Middelen van 28 oktober 2020 De verslagen worden ongewijzigd vastgesteld. 3. Spreekrecht inwoners De heer BALFOORT spreekt als volgt in over het gebiedspaspoort Capelseweg/Bermweg: Mijn naam is Hans Balfoort. Ik spreek in namens zowel Kristel Capelle BV als de heer Jongenelen. Beiden zijn niet omwonenden, maar ondernemers en dus eigenaar van een perceel op het achterterrein, dat gezamenlijk wordt aangeduid met B6.Op B6 vindt bedrijvigheid plaats, zware bedrijvigheid.

Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 30 november 2020

Pagina:

4

Grote vrachtwagens rijden dagelijks heen en weer, soms met opleggers tot wel 18 meter lang. De bedrijven die zijn gevestigd op B6 hebben milieucategorie 3.1. Het gebied waarin wonen wordt voorzien is dan ook: gemengd gebied, dus er zitten ook bedrijven, niet primair bedoeld voor wonen, maar een mengsel van grote en soms intensieve bedrijvigheid. Ik wil u vandaag in een korte reactie meenemen en bijpraten over het gebiedspaspoort en de betekenis daarvan voor de eigenaren van B6. Dat doe ik aan de hand van 3 punten: 1. Uitgangspunten van het vorige gebiedspaspoort, dus 2017; 2. Ingediende initiatieven; 3. Integrale ontwikkeling voorterrein en achterterrein. 1: Uitgangspunten van het vorige gebiedspaspoort. Op 13 november 2017 heeft de gemeenteraad het gebiedspaspoort Capelseweg/Bermweg vastgesteld. Op basis van dat gebiedspaspoort moet het handelen van het college getoetst worden. Enkele uitgangspunten van dat gebiedspaspoort waren: 1. De belofte dat de betrokkenheid van bewoners en ondernemers uiteindelijk zou worden voortgezet en dat de concrete uitwerking van de diverse projecten wordt besproken met de direct belanghebbenden. 2. Een ambitie, namelijk de transformatie naar woongebied, eventueel gecombineerd met kleinschalige bedrijvigheid.

Herontwikkeling van het achterterrein kan alleen plaatsvinden als dit achterterrein onderdeel is van een integrale planontwikkeling in combinatie met het voorterrein. 3. Procedure, en dat is, het werd al gezegd, ‘Doe mee!’ De ambitie was geen blauwdruk of een in beton gegoten plan, maar een uitnodiging gezamenlijk verder te werken. 2: Ingediende initiatieven. Er hebben zich in ieder geval twee initiatiefnemers gemeld bij de gemeente. Het eerste initiatief was van de heer Jongenelen, eigenaar van een gedeelte van het achterterrein. Hij heeft zich in 2017 direct al gemeld met het verzoek zijn plannen mee te nemen in de herontwikkeling van het gebied. Het plan bevatte onder meer een voorstel tot transformatie van de bestaande bedrijvigheid naar kleinschalige bedrijvigheid, en was daarmee een plan dat voldeed aan de ambitie van het gebiedspaspoort. Het tweede punt was de verbetering van de uitstraling. De gemeente vroeg daarop in een mailcontact of hij iets concreter kon worden. Daarop is aangegeven dat voorzien wordt in een aantal garageboxen, opslagcontainers, bedoeld voor ZZP’ers, zoals schilders en hoveniers, een bouwhoogte van maximaal 5 meter, een haag aanbrengen tegen het gezicht en dat delen bijvoorbeeld voorzien kunnen worden van zonnepanelen, om groene energie te voorzien voor de woonwijk die ernaast kwam.

Daarop kwam van de gemeente het antwoord dat een bebouwingsoppervlak buiten de in het bestemmingsplan toegestane kaders niet wenselijk werd geacht. Tot zover de belofte om ondernemers mee te nemen, de ambitie om het achterterrein te transformeren naar kleine bedrijvigheid en daarmee ook het einde van de uitnodiging om met initiatieven te komen. De wethouder krijgt complimenten voor de participatie, en dan moet ik toch wel tegen mevrouw King zeggen: de wethouder heeft nul, nooit, niet gesproken met de beide eigenaren van B6. In al die tijd is er niet gesproken. Dat is niet eens slechte participatie, dat is géén participatie. Er is geen gesprek geweest, terwijl er wel een initiatief is ingediend op het gebiedspaspoort dat u als raad heeft vastgesteld, waarin bewoners ook werden uitgenodigd om met initiatieven te komen. Wat wel gebeurd is, is dat er gesproken is met een tweede initiatiefnemer, de heer Mahler, de ontwikkelaar. Hij had ook een initiatief, dat niet voldeed aan het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan zegt “geen bewoning toegestaan”, uiteindelijk was er voorzien in 21 huizen. Dat vond de gemeente geen probleem. Daarop werd wel geacteerd, daarop werd wel een rode loper uitgerold en anders dan bij initiatief 1 werd niet gezegd dat het niet past in het bestaande bestemmingsplan.

Op grond van de WOB hebben buurtbewoners gespreksverslagen gekregen van de gemeente waaruit blijkt dat er jarenlang meerdere malen intensieve vergaderingen zijn geweest met de heer Mahler, de projectontwikkelaar. Niet met de eigenaren van B6, niet met de omwonenden en ook niet met de heer Jongenelen als initiatiefnemer van een gedeelte van het plan. In 2019 heeft de heer Jongenelen opnieuw zijn initiatief aan de gemeente voorgelegd en ook toen kreeg hij bij de gemeente geen gehoor. De heer Mahler zou nu verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling van B6. De heer Mahler geeft overigens in de stukken aan die wij op grond van de WOB gekregen hebben, dat hij een bod heeft gedaan aan de heer Jongenelen en dat hij daarop nog niets heeft gehoord. Dat kan op zich wel kloppen, want er is ook helemaal geen bod gedaan voor bedrijfsverplaatsing. Er wordt alleen over gesproken. En zo zegt hij in de gespreksverslagen tegen de gemeente dat hij bezig is met omwonenden en met initiatiefnemers, terwijl dat niet het geval is. De vraag is: waarom worden de ontwikkelingen op B6 niet meege-

Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 30 november 2020

Pagina:

5

nomen? Er zou toch sprake moeten zijn van een integrale benadering? De integrale ontwikkeling is niet alleen een ambitie, maar is ook noodzakelijk. 3: Integrale ontwikkeling voorterrein en achterterrein. De projectontwikkelaar moet rekening houden met de bereikbaarheid van B6, dat staat in de regels van het gebiedspaspoort. Echter, de huidige toegangsweg naar B6 ligt ongeveer 6 meter uit de linker plangrens en de ingetekende weg door de projectontwikkelaar ligt pal links langs de plangrens. Maar daar liggen ook stukken oprit van onder andere de loods van de voedselbank, waar het laden en lossen gebeurt. Als de huizen inderdaad vanaf de rechterkant tot en met bijna aan de linkerkant gesitueerd worden en de weg dus alleen maar pal links kan liggen, dan loopt de weg over een oprit heen van de voedselbank en dus is de weg geblokkeerd en niet bereikbaar. Dat is nadelig voor zowel Kristel Capelle BV als de heer Jongenelen, die hun terrein niet meer kunnen bereiken. De toegangsweg kan ook verminderd bereikbaar worden vanwege foutparkerende bewoners, die hun auto’s aan de zijkant van de weg zetten. De gemeente zegt “wij gaan niet handhaven, het wordt een privéweg”, dus ook daarop is een verminderde bereikbaarheid voorzien in de toekomst.

Alleen een integrale benadering van zowel de bedrijvigheid als de bewoning had hierin kunnen voorzien en zorgdragen in goede afspraken tussen de gemeente, de ontwikkelaar en de bewoners. En dan de geluids- en geuroverlast. Zoals gezegd, vindt er veel bedrijvigheid plaats. Daar komt veel geluid mee vrij. Er wordt meermaals per dag gereden met grote vrachtauto’s, en dat mag tussen zeven uur ’s ochtends en zeven uur ’s avonds onbeperkt. Buiten die uren mag het zelfs nog vier keer per bedrijf per dag. Dat betekent veel geluidsoverlast. En wat te denken van geuroverlast? Op B6 vindt op- en overslag van groen afval plaats. Het composteren daarvan geeft geuroverlast. Daar past helemaal geen bebouwing bij. Alleen de integrale benadering tussen B6 en de projectontwikkelaar had hierin kunnen komen tot goede afspraken, en, zoals gezegd: dat is niet gebeurd. Er is niet gesproken met B6, met de eigenaren van bedrijvigheid, en zo worden daar woningen voorzien die helemaal niet passen in die omgeving en zonder dat er goede afspraken gemaakt zijn. Het laatste punt is de onveiligheid. Grote vrachtauto’s zorgen voor veel extra gevaarlijk verkeer, dat uiteindelijk onveilige situaties kan opleveren met bijvoorbeeld spelende kinderen daar. Daar moeten afspraken over gemaakt worden.

Er moeten daar goede regels en afspraken gemaakt worden om bedrijvigheid naast de bestaande of te voorziene bewoning uiteindelijk in te passen. En dat is niet gebeurd. Omdat de gemeente tegen de door de raad vastgestelde ambitie in niet gekozen heeft voor de integrale aanpak, maar alleen kiest voor ontwikkeling van B5, zijn er dus problemen met bereikbaarheid, geluid, geurhinder, parkeeroverlast en ten slotte onveiligheid. Een integrale benadering, zoals was voorgesteld, had dit kunnen voorkomen. Maar goed. De vraag is: wat kunt u, leden van de commissie, nu nog doen? We begrijpen het belang en tegenstemmen en het plan wegwijzen doet niemand recht, brengt niemand ook verder, maar onze oproep zou zijn: terug naar de tekentafel. Wij zij blij met het initiatief om in ieder geval met de bewoners en de ondernemer, de omwonenden en belanghebbenden te spreken. Kort gezegd: terug naar de tekentafel, terug naar het voorstel uit 2017 en niet de participatie óver dit plan doen, maar het gaat om ontwikkeling in gezamenlijkheid met de gemeente en de ontwikkelaar, want alleen zo kan aan de problemen van geluid, parkeren en onveiligheid recht worden gedaan. Dank voor uw aandacht. De heer KRANS spreekt de commissie als volgt toe over het gebiedspaspoort Capelseweg/Bermweg: Dank voor de gelegenheid in te spreken. Net werd gevraagd “waar zitten nou precies de problemen?”.

Daar willen wij het volgende bij noemen. Het plan moet aan de gebiedscriteria van historische polderlinten voldoen, met een groene, lommerrijke opzet. Dat is een eerste punt uit het vigerende gebiedspaspoort. Het tweede punt: de watergang ten oosten van B1, B2 en B3 (het appartementengebouw) wordt doorgezet tot aan de Bermweg, met passende beplanting, bijvoorbeeld knotwilgen. Deze watergang is nergens te bekennen in het nieuwe gebiedspaspoort. Mede daardoor voldoet het niet aan een groene, lommerrijke opzet. Derde punt: de bebouwing moet aansluiten bij de Bermweg: voorgevel 13,5 meter uit het midden van de Bermweg, 3 meter afstand van de bebouwing tot aan het haakse slotenpatroon, haaks op de Bermweg. Nu wordt er slechts 1 meter afstand gehouden tot de enig overgebleven haakse watergang, en huizen komen daarmee pal naast het bestaande huis op Bermweg 79.

Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 30 november 2020

Pagina:

6

Vierde punt. Aansluiting bij Bermweg: goothoogte 4 meter, nokhoogte 10 meter. Zo staat het in het gebiedspaspoort voor het achterterrein. Op de Bermweg wordt een maximale dakhelling van 60 graden voorgeschreven, dus niet van pakweg 90 graden, recht omhoog boven de goot, zoals Mahler in zijn plan voorstelt. Het nieuwe gebiedspaspoort zwijgt hierover. Dit vinden we onacceptabel. Vijfde punt. Op de hoek komt een groene kavel met villa, aansluitend bij de Bermweg. Nu is een flat gepland in plaats van een villa, veel hoger dan afgesproken, met in plaats van groen tussen Bermweg en B3 drie grote ingegraven vuilcontainers. De vuilcontainers zouden volgens het paspoort op het terrein zelf worden geplaatst, maar daar is geen ruimte voor gereserveerd in het plan van Mahler. Zesde. De villa zou een goothoogte hebben van maximaal 8,5 meter en een nokhoogte van maximaal 14,5 meter. Dat is nu opgerekt naar een goothoogte 6,5 meter hoger, namelijk 15 meter, en een nokhoogte van zelfs 18,4 plus 10 procent, dus meer dan 20 meter hoog. Dat heeft niets meer met aansluiting bij historische polderlinten te maken, waarvan het gebiedspaspoort ook spreekt. Volgende punt. De achtertuin van Bermweg 77 is van 37 meter naar 3 meter ingekort; direct daarachter komt een brandgang en dan schuren. Deze mensen hebben na 51 jaar huren van gemeente en opvolgers nu ineens nauwelijks een achtertuin meer.

Dan: het nieuwe huis ten westen van Bermweg 77 voldoet niet aan de 13,5 meter, genoemd in het gebiedspaspoort, afstand tot het centrum van de weg. De wethouder heeft overlegd met Mahler en Mahler heeft het huis pakweg 70 cm naar achter geschoven, want anders bleef er te weinig achtertuin over. Nou, beter dat de achtertuin van Bermweg 77 10 meter diep blijft, of zo, dan kan het nieuwe buurhuis ook verder naar achter en toch een goede achtertuin krijgen. Dan: er is een bebouwingsvrije zone vanaf het bedrijventerrein van 50 meter tot perceel Jongenelen en 20 meter tot de aangrenzende hovenier. Daarbinnen staat nu een vierde rij huizen. En de brandweer wil een keerlus, want de weg loopt dood. Daar staat nu de vierde rij huizen gepland, die daar ook al niet mag staan vanwege de verbouwingsvrije zone. Het nieuwe gebiedspaspoort is dus niet goed doordacht. In het gebiedspaspoort dat nu geldt staat: “Dit is een uitnodiging om gezamenlijk deze locatie verder vorm te geven.

Wij vragen een ontwikkelende partij om een duidelijke visie te presenteren op elk van deze (5 overkoepelende) thema’s.” Die visie hebben we nog niet gezien, ook al was daar drie jaar de tijd voor! In stuk 930656 van 25 september 2017 over het gebiedspaspoort staat: “Doe mee! De grote betrokkenheid van bewoners, ondernemers en organisaties bij de totstandkoming van de gebiedsvisie zetten we voort bij de uitvoering van de projecten. De concrete uitwerking van de diverse projecten wordt besproken met de direct belanghebbenden.” Dat is dus niet gebeurd. Dit bekrachtigde Dick van Sluis op 24 oktober 2017 in deze commissie: “We gaan een kwaliteitsimpuls op natuurlijke ontwikkeling geven, en bij uitvoering en uitwerking rekening houden met dat soort componenten, en we gaan hierover intensief in gesprek blijven, met elkaar optrekken, met de omgeving; dit wil ik meegeven aan de mensen in de zaal.” Dit is dus ook niet gebeurd. Ontwikkeling van deze locatie is een goede zaak, maar dan wel op de toegezegde manier. We hebben het paspoort niet voor niets met burgerparticipatie opgesteld.

Daarom vragen wij u met klem dit gebiedspaspoort niet te accepteren voor behandeling in de gemeenteraad – dat is nu ook voorgesteld, hartelijk dank daarvoor, daar zijn we erg blij om – en in plaats daarvan de gemeente te vragen eindelijk met ons rond de tafel te gaan zitten, samen met de projectontwikkelaar, om tot goede randvoorwaarden voor het gebied te komen en om echt te komen tot een kwaliteitsimpuls, en niet zomaar zoveel mogelijk woningen te proppen in een krap gebied. Laten we een ontwikkeling maken die recht doet aan de groene ambities van Capelle. Je kan het maar één keer goed doen. Hartelijk dank. De VOORZITTER zegt beide insprekers dank voor hun bijdrage 4. Gemeenschappelijke regelingen DCMR Milieudienst Rijnmond Corona Geen opmerkingen. Schorsing (20.57 – 21.05 uur). 5. Ontwerpverklaring van geen bedenkingen ten behoeve van golfactiviteiten en incidentele voetbalwedstrijden op het terrein van Sparta1888 aan de Bermweg 141.

Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 30 november 2020

Pagina:

7

Mevrouw LAUW-SCHOUTEN memoreert dat op 13 september 2020 Sparta een omgevingsvergunning heeft aangevraagd voor golfactiviteiten en voor het incidenteel toestaan van (jeugd)voetbalwedstrijden in het kader van festiviteiten op het terrein van Sparta aan de Bermweg 141. Momenteel zijn deze activiteiten niet toegestaan, omdat hier het bestemmingsplan Schollebos en omgeving uit 2013 geldt. De gronden van Sparta zijn momenteel bedoeld voor rugby, cricket en jeu de boules. Een omgevingsvergunning voor een activiteit die niet in lijn is met het bestemmingsplan kan alleen worden verleend als de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Hier is sprake van een goede ruimtelijke onderbouwing. De gronden van Sparta hebben al de bestemming sport. De activiteiten golf en incidentele voetbalwedstrijden vinden er al plaats. Alleen door de beperkende functieaanduiding zijn deze hier niet toegestaan, maar wel vergelijkbaar met sporten als rugby, cricket en jeu de boules. De impact op een goede ruimtelijke ordening is hiermee zeer beperkt. De golfactiviteiten zullen geen concurrentie zijn voor de bestaande golfclubs. Uitgebreide golfactiviteiten zullen conform de vergunning niet worden toegestaan. Het gaat om golfactiviteiten voor beginners. Zodra golfers beter worden zullen ze doorstromen naar een echte golfvereniging.

De golfactiviteiten zijn voor Sparta belangrijk om financieel onafhankelijk van de gemeente te blijven. De golfactiviteiten vinden al plaats sinds 2012, met medeweten van de gemeente. Wat betreft het organiseren van voetbalwedstrijden mag Sparta er geen financieel voordeel uit gaan halen. Het zal gaan om onder andere wedstrijden van de RV&AV Sparta in het kader van onderlinge festiviteiten en jubilea. Ook het parkeren zal geen probleem vormen. Er zijn 135 plaatsen. Golf- en voetbalwedstrijden vinden op een ander tijdstip plaats dan cricket en rugby, dus dubbelgebruik. Conclusie. Met golf en voetbal wordt de ruimte beter benut. De golfactiviteiten zijn financieel van belang voor de vereniging, om als maatschappelijk relevante sportvereniging te blijven functioneren, zonder dat de gemeente subsidie verstrekt. Er zijn geen milieuaspecten die in het geding komen met deze activiteiten. De paden op het terrein blijven te allen tijde openbaar toegankelijk. De activiteiten vormen geen volwaardige concurrentie voor echte golf- en voetbalverenigingen. Leefbaar Capelle kan dan ook instemmen met het voorstel. De heer VAN LOEF sluit zich geheel aan bij de vorige spreker.

De heer TIESMA verzoekt de wethouder diens collega erop te attenderen dat de bestaande overeenkomst van Sportief Capelle met Sparta zal moeten worden uitgebreid en dat die overeenkomst maar voor een beperkt aantal jaren moet worden aangegaan. De vergunning die verleend wordt zou anders zo’n beetje tot in de eeuwigheid duren, als de raad er niets aan zou doen, en hij kan zich voorstellen dat Sportief Capelle een ander belang heeft. De heer OUDSHOORN betuigt namens de SGP-fractie instemming met de verruiming van de sportactiviteiten. Hoewel daarbij is opgemerkt dat de veiligheid gewaarborgd is, verzoekt hij erop toe te zien dat de paden die toegankelijk zijn op het terrein inderdaad veilig bewandelbaar blijven. Mevrouw WEEMHOFF toont zich benieuwd naar de aanleiding voor het verzoek om de vergunning aan te passen. Zijn er al niet voldoende sportvelden in de gemeente aanwezig die deze faciliteiten bieden en wat betekent het uitbreiden van de vergunning met deze activiteiten voor de omgeving qua overlast? Hoe kijkt de buurt tegen dit verzoek aan en wat betekent het voor de functionaliteit van het bos? De heer VLOT vindt de uitbreiding van de activiteiten heel sympathiek, voor zover ze kunnen plaatsvinden.

Wel zal hij een toelichting op prijs stellen bij de opmerking dat de golfactiviteiten het bestaan van de vereniging ondersteunen, terwijl bij de andere activiteiten met name wordt genoemd dat er geen financieel gewin uit kan zijn. Het slaan met de houten club zou het afsluiten van diverse paden hebben vereist. In hoeverre is het betreden van het terrein dan nog veilig als die activiteiten plaatsvinden? Onlangs is nog gesproken over de voetbalvelden, de positie van Sportief Capelle en de evaluatie van de buitensportverenigingen. Nu wordt hier gezegd dat die voetbalactiviteiten misschien wel een soort van verlichting van andere verenigingen zijn, maar geen concurrentie. Moet in deze bifunctionaliteit een precedent worden gezien voor verder gebruik van de sportvelden? De heer HARINCK heeft mevrouw Lauw horen zeggen dat de clinics eigenlijk kruimelwerk zijn en niet zoveel opleveren. Volgens hem zijn die clinics echter juist hartstikke interessant voor een golfclub,

Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 30 november 2020

Pagina:

8

omdat daarmee gewoon goed geld kan worden verdiend. Daarom wil Sparta ook die clinics. Is daarover overleg geweest met de golfclub die ernaast ligt? Voorts heeft hij horen zeggen dat het al lange tijd plaatsvindt, al vanaf 2012. Volgens hem heeft de raad in 2013 het bestemmingsplan voor het Schollebos goedgekeurd. Waarom is dat toen niet meegenomen? Want het vond blijkbaar al plaats en het had er keurig in gekund. Vervolgens het punt van Sparta, dat er graag af en toe gebruik van zou willen maken. In het AD van 25 november heeft hij gelezen dat Sparta op zoek is naar een trainingslocatie in verband met het vervangen van kunstgras. Betekent dit ook dat Sparta in de toekomst wedstrijden kan laten spelen op dit terrein? Volgens hem ontstaat dan echt wel een parkeerprobleem. De heer EILANDER sluit zich aan bij de vraag die door mevrouw Weemhoff is gesteld over mogelijke geluidoverlast. In het stuk staat wel dat er geen geluidoverlast en zo zal zijn, maar het is helemaal niet bekend om welke aantallen het gaat. Zijn vraag aan de wethouder is dan ook: moet er in de vergunning, of in de ontheffing, of hoe je het ook maar noemen wilt, niet een beperking of een aantal genoemd worden voor de clinics en de toernooitjes? Wethouder STRUIJVENBERG wijst erop dat het hier een bestendiging betreft van een reeds bestaande praktijk, wat legalisatie wordt genoemd.

De gemeente heeft de mogelijkheid tijdelijk te berusten in een bepaalde situatie als die nog niet helemaal voldoet aan bestaande regels, maar het is wel handig om dat op een gegeven moment recht te trekken, en dat is wat met dit voorstel wordt beoogd. Inderdaad zal met Sportief Capelle nog een privaatrechtelijke overeenkomst moeten worden aangegaan, maar die zal gestoeld zijn op wat hier wordt afgesproken, vandaar dat deze volgorde nodig is. Je kunt namelijk moeilijk een privaatrechtelijke afspraak maken op basis van iets wat nog geen bestemmingsplan is. De aantallen e.d. waarover de heer Eilander sprak zullen ook terugkomen in de privaatrechtelijke afspraak die met Sparta wordt gemaakt vanuit Sportief Capelle. Dat de paden veilig bewandelbaar moeten zijn is zeker belangrijk. Het houdt gedeeltelijk ook verband met de vraag over de houten clubs. Zelf is hij geen fervent golfspeler, maar hij meent te weten dat de term ‘hout’ slaat op clubs waarmee erg ver kan worden geslagen. Hoewel dat tegenwoordig niet meer zo is, is die benaming wel behouden gebleven. Het is dus niet de bedoeling dat men met clubs af gaat slaan waarmee het balletje erg ver kan worden geslagen. Het financiële voordeel waarnaar de heer Vlot informeerde gaat over voetbal en niet over golf. De heer VLOT zegt dat ook wel te hebben begrepen.

Waar het hem om gaat is dat er een evaluatie komt van de buitensportverenigingen met betrekking tot bijvoorbeeld een kunstgrasveld, qua capaciteit en benutbaarheid bij de Zwerver, terwijl hier straks eventueel voetbaltoernooitjes worden georganiseerd bij Sparta. Op zich is daar niets tegen, maar is er een samenhang tussen deze ontwikkelingen? De ontwikkeling bij Sparta heeft weinig financiële gevolgen voor de gemeente en zonder cynisch te willen zijn vraagt hij zich af of er profijt haalbaar is uit deze situatie ook voor andere sportverenigingen. Wethouder STRUIJVENBERG antwoordt ontkennend en herhaalt dat het gaat om het bestendigen van een bestaande praktijk. Er wordt dus niet iets mogelijk gemaakt wat nog nooit is gebeurd, noch wordt voorzien dat er opeens van alles en nog wat zal worden toegevoegd op die locatie. Het is in ieder geval niet de reden waarom dit voorstel voorligt. Overleg met andere golfclubs heeft naar hij meent in het verleden wel eens plaatsgevonden. Volgens hem kan het aanbod dat hier wordt geboden alleen maar in het voordeel zijn van andere golfclubs. Iemand die voor het eerst in aanraking komt met de golfsport op deze locatie zal, als het goed bevalt, waarschijnlijk heel snel uitwijken naar een andere golfclub om de sport verder op te kunnen pakken. De mogelijkheden daarvoor zijn op deze locatie namelijk uiterst beperkt.

Waarom een en ander niet is meegenomen bij het bestemmingsplan Schollebos, weet hij niet, maar kennelijk heeft men dat toen niet verstandig of nodig gevonden. Desgewenst wil hij dat nog wel eens uitzoeken. Tweede termijn Mevrouw WEEMHOFF geeft aan nog steeds te worstelen met de vraag waarom een praktijk die al sinds 2012 bestaat niet is meegenomen in het bestemmingsplan 2013 en nu ineens wel bestendigd moet worden. Zij hoopt dat de wethouder haar daarin iets kan geruststellen. De heer HARINCK concludeert dat hij kennelijk de enige is in dit gezelschap die thuis golfclubs heeft staan. Daarom is hij bekend met het fenomeen ‘afslaan’. Hij zal het op prijs stellen wanneer alsnog

Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 30 november 2020

Pagina:

9

even met de omliggende golfclubs in contact zal worden getreden, want hij weet wat het kost om zo’n clinic te doen. Het zijn commerciële activiteiten die aantrekkelijk zijn en hij kan zich daarom voorstellen dat een naburige golfclub het niet kan waarderen als dat ineens in de eigen achtertuin gebeurt. Wethouder STRUIJVENBERG licht aan het adres van mevrouw Weemhoff toe dat, als ergens een keer iets experimenteel wordt toegestaan, dat een keer bestendigd zal moeten worden. Hij vindt het in ieder geval een goed idee om dat te doen. Overleg met andere golfclubs heeft in het verleden al eens plaatsgevonden en daaraan houdt hij voor zichzelf de redenatie over die hij zojuist heeft uiteengezet. Hij wil zich overigens nog wel eens de moeite getroosten om dat voor de raadsvergadering nog een keer te doen. Hij verwacht niet dat er schokkende zaken uit zullen komen, maar je weet nooit. De heer HARINCK ziet hierop voor de raadsvergadering graag een schriftelijk antwoord tegemoet. De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad kan worden geleid. 6. Gebiedspaspoort Capelseweg Bermweg. Is van de agenda afgevoerd. 7. Capelle bouwt aan de stad-monitor 2020: bekrachtiging geheimhouding bijlage Actualisatie grondexploitaties Najaarsnota 2020.

De heer VLOT geeft te kennen dat de SP niet zonder meer voorstander is van geheimhouding betreffende de plussen en minnen van de ontwikkelingen die samenhangen met de leefomgeving van de Capellenaren. De VOORZITTER neemt daar kennis van en sluit de beraadslagingen over dit agendapunt. 8. Najaarsnota 2020. Programma 2 De heer TIESMA spreekt zijn voldoening uit over het feit dat het traject voor de waterbus nu definitief van start gaat. Hoewel zijn verwachtingen over de capaciteit niet hoog zijn, biedt het straks toch een aantrekkelijke verbinding, vooral als ook de ParkShuttle doorgetrokken is. Hij moedigt de wethouder aan die stap liefst gereed te hebben samen met de oplevering van de waterbushalte. Op pagina 55, taakveld 2.1, worden vijf maatregelen aangegeven die volgens het antwoord op de technische vraag ter zake nog dit jaar zouden worden uitgevoerd. Drie daarvan betreffen fietskruisingen in Schollevaar. Hij komt er regelmatig en heeft nog geen enkele voorbereiding geconstateerd. Zijn vraag luidt dan ook: gaat het echt nog dit jaar gebeuren, of pas vólgend jaar? Benieuwd is D66 voorts naar de voorrangsregels voor fietsers die afslaan op Herenburg en Beatrixerf. Op pagina 58 is sprake van een stijging van ruim 30% van het aantal meldingen in de buitenruimte, wat hem wel erg veel lijkt.

Wat vindt de wethouder van deze stijging en wat is de verwachting voor 2021? De aanpak van de fietsroute van de Algerabrug naar Capelsebrug spreekt D66 aan, temeer daar de kosten beperkt blijven tot 92K voorbereiding. Belangrijk is wel hoe de fietsers veilig de Schönberglaan kunnen oversteken richting de Schubertstraat. De heer HARINCK stelt vast dat de Centrumring wordt doorgeschoven naar volgend jaar. Naar aanleiding daarvan maakt het CDA zich enige zorgen over de werkdruk van de afdeling en hij dringt er bij de wethouder op aan daarmee rekening te houden. De heer EILANDER citeert onder punt 2.3 inzake de al door de heer Tiesma besproken fietsroute, dat hiervoor een voorbereidingsbudget van 92.000 euro wordt aangeraamd en dat voor dit project een 100% uitvoeringssubsidie geldt. Hij is gewend dat voorbereidingskosten ook gewoon in de uitvoering zitten en daarom is hij benieuwd of deze kosten nog worden teruggevraagd. Ten slotte rest hem een algemene vraag bij punt 2.7. De Centrumring krijgt ondanks het doorschuiven van de IBOR-projecten de hoogste prioriteit, wat ten koste gaat van andere projecten, zoals naar hij aanneemt ook de verkeersveiligheidsprojecten in Schollevaar. Graag zou hij eens met de wethouder in conclaaf gaan over de vraag wanneer nu eens een realistische planning zal worden gemaakt van al die dingen.

Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 30 november 2020

Pagina:

10

De heer RAADSEN uit namens GroenLinks zijn blijdschap over de aanpak van de snelle fietsroute. Wethouder STRUIJVENBERG bevestigt aan het adres van de heer Tiesma dat het de bedoeling is met de in taakveld 2.1 genoemde maatregelen nog dit jaar een aanvang te maken. Voor zover met betrekking tot de werkdruk en de planning van projecten een relatie is gelegd met de Centrumring, wijst hij erop dat de Centrumring niet met Stadsontwikkeling te maken heeft, maar met Stadsbeheer. De voorbereidingskosten voor de fietsroute ad 92K betreffen de Capelse kosten en zullen niet worden teruggevraagd. In antwoord op de vraag hoe de Schönberglaan en de Schubertstraat veilig zullen worden gemaakt deelt hij mede dat van het haakse parkeren aldaar zal worden overgegaan naar langsparkeren, waardoor het veel veiliger wordt voor fietsers. Het totaal aantal parkeerplekken kan dan aan de andere kant worden opgelost. De heer TIESMA verduidelijkt dat het hem vooral gaat om de veiligheid van de fietsers die straks de Schönberglaan zullen moeten oversteken. Daarvoor zal een voorziening moeten worden getroffen, anders is het niet veilig. Wethouder STRUIJVENBERG zegt toe dat te zullen uitzoeken. Wethouder WILSON gaat in op de vraag die is gesteld over de planning van de IBOR-projecten.

Ook in het rekenkamerrapport waren daarover opmerkingen gemaakt en binnenkort zal hierop worden teruggekomen via de Capelle bouwt aan de stad-monitor. Tweede termijn De heer TIESMA herhaalt zijn vraag wat de wethouder vindt van de stijging van het aantal meldingen in de buitenruimte en wat de verwachting is voor het jaar 2021. De heer VLOT releveert dat in maart werd aangezegd dat in de Gebouwenbuurt in Schollevaar een speeltoestel zou worden weggehaald omdat dat onveilig zou zijn. De bewoners hadden daar nooit iets over gehoord, zodat zij tot op de dag dat dat gebeurde waarschijnlijk met hun kinderen gebruik hadden gemaakt van een onveilig speeltoestel. Van wethouder Wilson wil hij graag wat meer weten over de communicatie ter zake. Uiteindelijk werd alleen de bewoonster die navraag deed wanneer er vervanging zou plaatsvinden van dat speeltoestel medegedeeld dat in september in de Gebouwenbuurt zou worden begonnen met de straatophoging en het terugplaatsen van een speeltoestel, wat niet is gebeurd. Gezegd werd toen dat er hooguit in december mee zou worden begonnen en dat werd uiteindelijk medio volgend jaar. Hoe zit het dan met de participatie binnen deze projecten? Wethouder WILSON merkt aan het adres van de heer Tiesma op dat hij het alleen maar goed vindt als er meldingen worden gedaan.

Voor het overige vindt hij het lastig om zo’n technische vraag te beantwoorden, wat ook geldt voor de technisch-inhoudelijke vraag van de heer Vlot. Hij wil er best op terugkomen, maar het betreft een heel specifiek onderwerp en daar zal hij zelf ook in moeten duiken. De VOORZITTER raadt beide heren aan hun vragen schriftelijk ter kennis te brengen van de griffie, waarna wethouder Wilson er nader op kan ingaan. Programma 5b De heer TIESMA vraagt hoe de wethouder alsnog kan zorgen voor een participatiemogelijkheid ten aanzien van het programma buitenruimte, taakveld 5.7. Als er namelijk iéts dagelijks over de tong gaat in Capelle, is het wel de buitenruimte. Als mooi, sprekend voorbeeld mag wat hem betreft de participatie rondom het Schollebos worden genoemd, die destijds erg succesvol is verlopen. Wethouder WILSON zegt dank voor dat compliment. Wellicht kan hij de heer Tiesma een beetje geruststellen met de mededeling dat degene die het participatietraject van het Schollebos heeft gedaan bereid is gevonden ook de participatie voor het programma buitenruimte ter hand te nemen. Helaas kan in deze coronatijd niet alles fysiek gebeuren, vandaar dat via de digitale weg wat meer creativiteit zal moeten worden nagestreefd. Programma 7 De heer TIESMA citeert onder programma 7.8 dat de extra kosten voor het afval in 2020 ten laste van de algemene reserve worden gebracht.

Vervolgens valt in programma 7.9 te lezen dat de continuering van het beleid grofvuil ten laste komt van de voorziening afvalstoffenheffing middelen derden. Dat lijkt

Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 30 november 2020

Pagina:

11

hem niet consistent. Waarom gaat de ene post ten laste van de algemene reserve en de andere pest ten laste van de voorziening afvalstoffenheffing middelen derden? Wethouder WILSON meent dat het antwoord op deze vraag te vinden is in de laatste drie zinnen van het stuk zelf. Het grote bedrag van N820 is dusdanig groot dat het niet ten laste kan worden gebracht van de voorziening afvalstoffenheffing middelen derden. Met het andere bedrag is dat wel mogelijk. Programma 8 De heer HARINCK memoreert dat zijdens het CDA een technische vraag was gesteld over het woonexperiment voor Capelle-west, die ook keurig is beantwoord. De vraag is echter of dat antwoord correct is. Geantwoord is namelijk dat de Toekomstagenda van Capelle-west een product is van het WOP Capelle-west en dat deze daarom niet wordt voorgelegd aan de raad. Dat verbaast hem, want in het coalitieakkoord van Leefbaar Capelle en VVD is bij ‘Overige maatregelen’ de Toekomstagenda Capelle-west opgenomen. Waarom komt dit dan niet bij de raad terecht? De heer TIESMA worstelt een beetje met de vraag naar woningen versus het uitgangspunt ‘een steen voor een steen’. Het zijn dingen die lastig met elkaar in harmonie zijn te brengen, wat hij illustreert met een vraag aan de wethouder. Er wordt een gebiedsatlas opgesteld, een prima idee om de woningvoorraad direct inzichtelijk te hebben.

Er komt dan echter wel een fundamentele vraag om de hoek kijken: je hebt inzicht hoe het staat met de woonruimte, maar welke ruimte heb je eigenlijk om de voorraad bij te sturen? In taakveld 8.3 op pagina 142 wordt gesteld dat er niet alleen oog moet zijn voor traditionele woonvormen, maar dat ook gericht moet worden op starters, alleenstaanden en ouderen. Gezien de hoeveelheid traditionele woonvormen, zouden eigenlijk niet-traditionele woonvormen een bepaalde prioriteit moeten krijgen bij de gemeente. Is de wethouder het daarmee eens en, zo ja, hoe gaat deze dat dan sturen? Op pagina 142 komt ook het Nieuwe Rivium ter sprake. Hoe zit het nou met de voorruitgang met betrekking tot de overeenkomst met de coalitie? Welke invloed heeft de coronacrisis hierop? Ten slotte nog een vraag over de Florabuurt. Hoe staat het met de planning? Voor het middengebied is er een relatie met het strategisch huisvestingsplan, dat een update zou krijgen, en dat zou eerst gebeuren, voordat de plannen bekend zijn. Wanneer is die update dan klaar? Wethouder STRUIJVENBERG oppert dat de vraag waarom iets in een coalitieakkoord staat aan de coalitiepartijen gesteld zal moeten worden en niet aan het college. Door de heer Tiesma is gevraagd welke voorraad er is om de voorraad bij te sturen.

Er is natuurlijk een vrij forse woningmarkt en het is niet zo dat in een jaar even 10% kan worden gewijzigd of iets dergelijks. Zo snel gaat dat natuurlijk niet. Er is echter wel degelijk ruimte om bij te sturen, zoals ook is terug te zien in de Capelle bouwt aan de stad-monitor. Op woningen voor starters, alleenstaanden en ouderen is invloed uit te oefenen door in gesprekken met ontwikkelaars daarvoor aandacht te vragen, ook in gesprekken met Havensteder bijvoorbeeld, ook een belangrijke partner waar het gaat om wonen in Capelle. Het kan niet even met een toverstafje worden bepaald, maar de gemeente heeft er wel degelijk invloed op, al zal het veranderen daarvan in de richting van iets wat wenselijk wordt geacht altijd met stapjes gaan, omdat de woningmarkt nu eenmaal iets is van lange adem. De vragen over de stand van zaken ten aanzien van het Rivium en de Florabuurt zijn naar zijn mening technische vragen, die ook op die manier gesteld en beantwoord zouden moeten worden. 9. Rondvraag. De heer HARINCK maakt de wethouder, de redactie en de afdeling een compliment voor de woningmonitor, een prachtig product, waarop lang is gewacht. Hij is er heel blij mee. Mevrouw KING-DE HOOG onderschrijft dat van harte. Vanmiddag werd zij aangesproken door een bewoner in de buurt over de bouwwerkzaamheden die plaatsvinden bij de Amandelhof en de ASVZ.

Die werkzaamheden gaan gepaard met heien, waarvan het geluid bepaald hinderlijk is. Dat hoort er nou eenmaal bij, dat vooropgesteld, maar de betrokken bewoner vroeg zich af waarom daarvoor geen maatregelen zijn getroffen zoals bij een project in Rotterdam, waar met een soort van omkapping werd gewerkt, waardoor dat geluid een beetje werd gere-

Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 30 november 2020

Pagina:

12

duceerd. Zij legt die vraag nu graag bij de wethouder neer: is er een mogelijkheid om dat geluid te reduceren en, zo ja, waarom wordt er bij heiwerkzaamheden dan niet gewerkt met zo’n omkapping? Wethouder STRUIJVENBERG zegt de heer Harinck dank voor de complimenten, die hij zeer waardeert. Het heien bij de ASVZ is inmiddels klaar, zo is hem zojuist bij navraag gebleken. Resten de werkzaamheden bij de Amandelhof. Heien kan inderdaad nogal wat geluidhinder opleveren, maar het is wel van tijdelijke aard. De suggestie die is gedaan ten aanzien van een omkapping zal hij ter nadere bestudering meenemen. De heer VLOT vraagt of wethouder Wilson kan aangeven wanneer de tegelvervanging op het Pier Panderplein zal plaatsvinden en in welk opzicht de gemeente aansprakelijk is voor de keuze van de tegels en de vervanging daarvan. Wethouder WILSON meent te weten dat de tegels op het Pier Panderplein voor het einde van het jaar zullen worden vervangen. Ter zake zal nog een collegebrief verschijnen, waarin ook nader zal worden ingegaan op de aansprakelijkheid, enz. 10. Sluiting. De VOORZITTER sluit te 22.16 uur de vergadering. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 25 januari 2021, de secretaris,

de voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9640164/1