E7 - Burgemeester en wethouders gemeente Brummen - toezending antwoord van Omgevingsdienst Regio Nijmegen namens Provincie Gelderland op schriftelijke vragen over gebruik van staalslakken stortplaats Doonweg
Tekst van het document
*D210812479* W.Z21.102568.01
Mariënburg 75 6511 PS Nijmegen Telefoon: (024) 751 7700 E-mail: info@odrn.nl
College van Burgemeester en Wethouders van Brummen Postbus 5 6970 AA BRUMMEN
Postbus 1603 6501 BP Nijmegen
Datum
Ons kenmerk
Contactpersoon
29 juni 2021
OD50/ W.Z21.102568.01
Andre Sulter Direct telefoonnummer
Onderwerp
Beantwoording raadsvragen gebruik staalslakken Stort Doonweg
Datum uw brief
024- 751 7413
21 mei 2021
Beste leden van het College, Op 12 april 2021 hebben wij schriftelijke vragen van een raadslid van Groen Links beantwoord. De vragen gaan over het gebruik van staalslakken op de (voormalige) vuilstortplaats aan de Doonweg te Eerbeek. Onze beantwoording van de raadsvragen heeft geleid tot nieuwe raadsvragen die wij op 21 mei 2021 ontvingen. Onderstaand geven wij antwoord op deze nieuwe raadsvragen Vraag 1 U heeft gemeend de staalslakken niet conform de eisen van Pelt&Hooykaas toe te passen. Mag de ODRA afwijken van een Ministerieel Rechtsoordeel en vigerende wet- en regelgeving en toestaan dat dit materiaal op deze manier toegepast is? Graag vernemen wij uw reactie hierop. Op welke gronden en met welk mandaat wijkt de ODRA (en dus de provincie) af van de het ministerieel rechtsoordeel en vigerende wet- en regelgeving. Antwoord: Wij zijn van mening dat de staalslakken wel zijn toegepast conform het rechtsoordeel van Pelt&Hooykaas en daarmee veilig zijn toegepast op de stortplaats. In het rechtsoordeel wordt het milieu toetsingskader doorlopen voor wat betreft de Kaderrichtlijn water, de kwaliteitseisen Bbk en REACH. Daar wordt volledig aan voldaan. De staalslakken hebben bij opslag, transport en toepassing geen ongunstige effecten op milieu en menselijke gezondheid.
Het rechtsoordeel eist wel dat er aanvullende eisen gesteld worden aan de toepassing in verband met het vrijkomen van kalk. Deze aanvullende eisen zijn vastgelegd en ook uitgevoerd op de stortplaats in de vorm van o.a. het tijdelijk afvoeren van het hemelwater via de ringsloot en een gesloten systeem naar de waterzuivering van Industriewater Eerbeek. Vraag 2 Het afvalwater uit de berg bevat inmiddels andere stoffen dan het water dat voorheen uit de stortplaats kwam. Heeft het bedrijf (industriewater Eerbeek) de mogelijkheden dit water te
Omgevingsdienst Regio Nijmegen Afdeling Vergunningverlening
zuiveren (mogelijke zware metalen) en heeft het bedrijf daar een vergunning voor? Kunt u aangeven in welke vergunning dit vergund is? Antwoord: Er zijn op dit moment geen gegevens beschikbaar van het water uit de stort die aangeven dat na het aanbrengen van de staalslakken andere stoffen zijn vrijgekomen. Monitoringsrapportages van 2019 en 2020 zijn opgevraagd. Uit de grondwatermonitoringsrapportage van 2018 blijkt dat het algemene beeld van de grondwateranalyses in is lijn met dat van voorgaande jaren. Gezien de gehalten in het percolaatwater lekt de stort nauwelijks CZV, chloride, EOX, chroom en nikkel naar het grondwater. De afstromende concentraties liggen op hetzelfde niveau als die van de referentiewaarden. Op basis daarvan kan niet geconcludeerd worden dat er een emissie vanuit het stortlichaam optreedt. Wij merken op dat in 2018 nog geen staalslakken op de stortplaats waren aangebracht zodat de eventuele invloed daarvan op de kwaliteit van het grondwater niet is meegenomen. Overigens zijn de zware metalen gebonden in de staalslakken waarmee het niet aannemelijk is dat deze zorgen voor een verhoging van het gehalte zware metalen in het afstromend hemelwater en het percolaatwater uit de stort. In de omgevingsvergunning, kenmerk W.Z16.102627.01 van 15 mei 2018 van Industriewater Eerbeek is opgenomen dat het opgevangen hemelwater van Stort Doonweg mag ontvangen.
Daarmee is dat vergund. Vraag 3 Hoe wordt het water opgevangen? Met het ‘blote oog’ is te zien dat een aantal geulen (‘ringsloot’) om de stortplaats heen bedekt zijn met folie, echter aan één zijde stroomt het water via een pijp in een geul zonder folie. Wat gebeurt er met dit water? Hemelwater van de staalslakken komt niet allemaal in de ringsloot terecht, maar vanwege de zandbodem infiltreert het voor een groot deel in de bodem voordat het de ringsloot bereikt. Welke gevolgen heeft dit op de lange termijn voor het grondwater en de bodemkwaliteit? Antwoord: De ringsloot rondom de stortplaats is geheel bedekt met folie. Het klopt dat bij een deel van de ringsloot deze folie niet meer zichtbaar is, maar de folie is daar wel aanwezig. Het hemelwater dat mogelijk niet in de ringsloot terecht komt als gevolg van lekkage van de folie in de ringsloot kan infiltreren in de bodem. Er is echter een monitoringsysteem van het grondwater dat vervuiling van het grondwater signaleert. Tweejaarlijks vindt monitoring (bemonstering en analyse) plaats. Ook is in voorschriften van de omgevingsvergunning vastgelegd vroegtijdig verhoogde waardes in het grondwater te signaleren. Deze voorschriften zijn erop gericht verdere verspreiding te voorkomen, de oorzaak te achterhalen en ontstane vervuiling te saneren. Er vindt regelmatig inspectie plaats van gaten in de folie van de ringsloot. Vraag 4.
Op het terrein van de stortplaats zijn regelmatig tankauto’s gesignaleerd (‘rioleringsbeheer’, signaal inwoners gestaafd met fotomateriaal) Wat wij uit de formele stukken begrijpen is dat het verontreinigde water via een pijpleiding naar industriewater Eerbeek wordt geleid. Is dit conform de regels? Antwoord: De tankauto was daar aanwezig voor het reinigen van de ringsloot conform de voorschriften uit de omgevingsvergunning. Het is juist dat het hemelwater vanuit de ringsloot centraal wordt opgevangen en via een gesloten leiding afgevoerd naar Industriewater Eerbeek. Zo is het vastgelegd in de vergunning. Met “gesloten” bedoelen wij dat het hemelwater niet in contact mag komen met de bodem/grondwater. Hierop wordt door toezichthouders gecontroleerd.
2
Omgevingsdienst Regio Nijmegen Afdeling Vergunningverlening
Vraag 5 De Doonweg betreft een gecontroleerde situatie zo beschrijft u (antwoord 4). Peilbuizen, monitoring e.d. Hoe vaak worden deze onderzoeken uitgevoerd en wat zijn de resultaten? Graag zouden wij de resultaten van de laatste onderzoeken willen ontvangen. Antwoord: Op grond van de geldende omgevingsvergunning moet Stort Doonweg de grondwaterpeilbuizen tweejaarlijks bemonsteren en analyseren. De analyseresultaten worden voor beoordeling gerapporteerd aan het bevoegd gezag. De jaarrapportage van 2018 is bijgevoegd. Rapportages van recentere jaren zijn opgevraagd. Wij hebben een aantal bevindingen gedaan en het bedrijf is verzocht een aangepast monitoringsvoorstel voor te leggen. Vraag 6 U geeft een procedureel (ontwijkend) antwoord op vraag 5. Nogmaals de vraag: kunt u garantie geven dat er geen milieuvervuilende lekkage plaatsvindt Antwoord: Nee, wij geven geen ontwijkend antwoord, wij geven aan hoe het formeel is geregeld. Belangrijk bij het kunnen afgeven van de vergunning voor een stortplaats is dat er een gecontroleerde omstandigheid zijn en dat is geborgd in de voorschriften van de omgevingsvergunning. Bij stortplaatsen is er altijd een mogelijkheid dat er lekkage plaatsvindt. De voorschriften uit de omgevingsvergunning borgen dat deze lekkage snel wordt gesignaleerd, dat de oorzaak wordt achterhaald en daarop maatregelen kunnen worden genomen.
Met deze voorschriften wordt voorkomen dat er vervuiling buiten de stortplaats kan plaatsvinden. Tenslotte enkele vragen betreffende de ecologische situatie ter plekke. Vraag 1 Is u bekend dat de directe omgeving van de stortplaats een wandelgebied was waar inmiddels veel vegetatie aanwezig was. Antwoord: Ja. Vraag 2 Is er voorafgaande aan de werkzaamheden een flora- en fauna uitgevoerd? Antwoord Voorafgaande aan de aanleg van zonnepanelen op de staalslakken is een natuurtoets (rapport januari 2019) uitgevoerd. Hierbij zijn zowel soorten- als gebiedsbescherming beschouwd. Vraag 3 Ons bereiken signalen dat er voorafgaande en tijdens de werkzaamheden gejaagd is op reeën en ander wildbestand. Kunt u aangeven wie hiervoor opdracht heeft gegeven? Antwoord: De provincie heeft een meerjarige ontheffing verstrekt die door de jachthouders kan worden gebruikt om populatiebeheer bij reeën uit te voeren. De lokale wildbeheereenheid bepaalt op basis van tellingen waar hoeveel reeën moeten worden geschoten om te voorkomen dat de standen teveel oplopen. Uiteindelijk bepaalt de jachthouder in zijn jachtveld hoe hij dit uitvoert, dat geldt ook voor de uitvoering van jacht op de jachtwildsoorten zoals bijvoorbeeld
3
Omgevingsdienst Regio Nijmegen Afdeling Vergunningverlening
haas en konijn. De grondgebruiker kan toestemming geven voor jacht, beheer en schadebestrijding op zijn perceel. Ons is niet bekend of daadwerkelijk gejaagd is op reeën en ander wildbestand. Vraag 4 Welke compensatie is het bedrijf opgelegd in kader van herstel ecologische omgeving? Antwoord: De gehele houtopstand op de voormalige stort is in februari 2019 geveld en afgevoerd. Door Stort Doonweg is een aantal compenserende maatregelen voorgesteld waar amfibieën en reptielen (zoals ringslangen) van kunnen profiteren. Het betreft o.a. verbreding van de zone rondom de kwelsloot, aanleg van kleine poelen en smalle stroken met zand en het aan de randen laten staan van lage struiken en bramen. Vanuit de kapmelding volgt een herplantverplichting.
Hoogachtend, Het College van Gedeputeerde Staten van Gelderland, namens deze:
Marieke Prins, Directeur Omgevingsdienst Regio Nijmegen Deze brief is digitaal aangemaakt en daarom niet ondertekend. Bijlage: Grondwatermonitoringsrapportage 2018
4