CConstaterende datBreda
Koppel je AI →
Document · PDF

Projectplan - Monitor Sociaal Domein 210316 incl Projectideeen

gemeenteraad 18 november 2021, gemeente Breda4.859 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Projectplan ´Monitor Sociaal Domein´ Anders monitoren in het sociaal domein

Almere, maart 2021

Inhoudsopgave Aanleiding ................................................................................................................................... 3 Probleemanalyse ........................................................................................................................ 3 Opbrengsten ............................................................................................................................... 4 Projectstructuur ......................................................................................................................... 6 Deelnemende gemeenten .......................................................................................................... 7 Kennisdeling en verspreiding naar andere gemeenten ............................................................. 7 Samenwerkingspartners............................................................................................................. 7 Begroting .................................................................................................................................... 8 Bijlage 1 – Voorbeeld Keuzekaart ............................................................................................ 10 Bijlage 2 - Planning ................................................................................................................... 12

2

Aanleiding In het project ‘Rol gemeenteraad, uniek samenspel’ als onderdeel van het programma Sociaal Domein1 is door middel van onderzoek en experimenten in kaart gebracht hoe de raad beter in positie kan worden gebracht binnen het sociaal domein. Er is specifiek gekeken naar de vormgeving van de informatievoorziening via de monitor sociaal domein en de wijze waarop de raad invulling geeft aan kaderstelling en controle van het beleid. De resultaten van dat project vindt u hier.

Probleemanalyse Een van de belangrijke bevindingen van dit traject is dat de gemeentelijke monitoren sociaal domein met name kwantitatief zijn ingericht. Cijfermatig dus, met bovendien een sterke neiging vanuit de volksvertegenwoordiging die monitoren met steeds meer data te vullen. Maar welke data hebben raden eigenlijk nodig? Als dat niet duidelijk is, en niet duidelijk wordt of kan worden gemaakt, dan raken veel monitoren losgezongen van de initiële doelstelling: raden in staat stellen toezicht te houden en zo nodig bij te sturen op ontwikkelingen binnen en de ontwikkeling van het lokale sociaal domein. Binnen ‘Rol gemeenteraad, uniek samenspel’ is een experiment gedaan waarbij kwalitatieve informatie is toegevoegd aan de monitor sociaal domein. Er is gebleken dat meer ‘verhalende verantwoording’ raden kan helpen om meer te gaan sturen op waarden en doelen2, in plaats van welhaast exclusief op prestaties en resultaten. Er ontstaat door de verschuiving van kwantitatief naar kwalitatief een veel directere relatie met de mensen op wie het beleid is gericht. In combinatie met andere kwalitatieve informatie blijkt dit raadsleden beter te positioneren om inderdaad volksvertegenwoordiger, kadersteller én controleur te kunnen zijn.

Veel gemeentes zoeken naar manieren hoe ze vanuit hun specifieke situatie hun eigen monitor kunnen verbeteren door de juiste mix te vinden tussen kwantitatieve en kwalitatieve informatie. Bij opzet en uitvoering van het project ‘Rol gemeenteraad, uniek samenspel’ is nauw opgetrokken met de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB), die min of meer gelijktijdig hebben gewerkt aan het rapport ‘Decentrale zaak is politieke zaak’. Verontrustend aan de bevindingen van de ROB is de constatering dat raadsleden niet tot nauwelijks komen tot een waardengedreven discussie over fundamentele uitgangspunten en keuzes met betrekking tot de vormgeving van het lokaal sociaal domein.3 Anders gesteld: het ontbreekt in te veel gemeenten aan een richtinggevende visie op dat lokaal sociaal domein. In deze volgende fase gaan we met het project ‘Monitor Sociaal Domein’ aan de slag met deze constatering van de ROB. Het blijkt dat voor veel volksvertegenwoordigers niet duidelijk is waar hun ruimte lokaal ligt om te sturen en hoe je deze ruimte kunt benutten. Het ontbreekt aan kennis van en inzicht in het speelveld van het sociaal domein. We zien 1

Het Programma Sociaal Domein werkt aan het wegnemen van de dilemma’s en knelpunten die professionals in de dagelijkse praktijk tegenkomen. Dat gebeurt vanuit 16 trajecten waarin wordt gewerkt aan praktische oplossingen voor vaak taaie vraagstukken. . 2 Zie https://www.programmasociaaldomein.nl/trajecten/rolgemeenteraad/documenten/publicaties/2020/03/25/rol-gemeenteraad-infographic 3 Het gemis aan visie, een richtinggevend verhaal, is ook een van de rode draden in de bundel Vijf jaar lokaal sociaal domein. Veel gedaan te weinig bereikt (Soest 2020), van Jasper Loots en Piet-Hein Peeters.

3

aanzienlijke verschillen tussen gemeenten hoe deze ruimte wordt ingevuld, waarbij het duidelijk is dat mogelijkheden onbenut blijven. Uit dit gebrek aan inzicht en overzicht volgt de grote worsteling van veel raadsleden bij het vormgeven van de monitor: een hang naar meer informatie in monitors, zonder dat duidelijk is welk doel daarmee wordt gediend. Is het louter ter geruststelling van het raadslid (hoe meer informatie, hoe beter) of helpt het de raadsleden daadwerkelijk de hen gegeven rollen goed te kunnen vervullen? Idealiter leidt een monitor tot goede verantwoordings- en tevens sturingsinformatie, een basis dus om een politieke discussie te voeren en keuzes te maken ofwel kaders te stellen. We kunnen landelijk zien dat dit nog niet het geval is. Sterker nog, er is uitgesproken behoefte van raadsleden en griffiers hoe zij hier met elkaar stappen kunnen zetten. Vanuit een goede basiskennis van het sociaal domein, komen tot een visie en vervolgens bepalen welke informatie daarbij past.

Opbrengsten In dit project wordt in de praktijk door middel experimenten en pilots in 6 gemeenten gewerkt richting 4 eindproducten. Deze experimenten en pilots hebben we nodig om kennis te ontwikkelen, te leren van elkaar en uiteindelijk tot de eindproducten te komen. De eindproducten zijn te gebruiken voor alle gemeenten in Nederland. De eindproducten van het project zijn als volgt: 1. Een format voor een monitor waarin kwalitatieve informatie over ontwikkelingen binnen het sociaal domein op een dusdanige manier wordt gepresenteerd dat het de raad handvatten biedt om te kunnen (bij)sturen op basis van waarden (dus meer kwalitatief) gedreven, politieke kaders4. Om zodoende raden van het op dit moment vooral passieve monitoren van kwantitatief gepresenteerde prestaties te faciliteren in een meer sturende/kaderstellende rol, in nauwere verbinding met en gebruikmakend van de (ervarings)kennis van (keten)partners en betrokkenen binnen dat sociale domein. Dit format sluit aan op de monitor zoals die nu wordt gebruikt, en biedt de bouwstenen (ook met behulp van externe bronnen: CBS, planbureaus, waarstaatjegemeente.nl) om hem precies aan te laten sluiten op de behoefte van jouw gemeenteraad. Verderop in dit projectplan beschrijven we hoe we samenwerken met de verschillende partners in dit project. 2.

Inzage in de wetten die van toepassing zijn op het sociaal domein middels een ‘staalkaart’. Grafisch weergegeven, niet op detailniveau, maar juist de hoofdlijnen die raadsleden nodig hebben om te begrijpen hoe zij hun rol als volksvertegenwoordiger kunnen vervullen. Dus kennis en inzicht bieden, ook voor raadsleden die nieuw instromen en het sociaal domein in hun portefeuille hebben. Met daarbij handvatten om vast te stellen hoe binnen jouw gemeente deze wettelijke basis is ingericht. Daaraan koppelen we het opleveren van ‘Keuzekaarten’: die raden helpen bij het verkrijgen van inzicht in keuzeruimte/ beïnvloedingsruime/mate van lokale beleidsruimte 4

Dit vanuit het doel om raadsleden handvatten te geven om meer (politieker) te kunnen sturen in het sociaal domein door middel van kwalitatieve informatie. Niet als vervanging van kwantitatieve informatie zien, maar als aanvulling daarop.

4

(‘valt er hier iets te kiezen en zo ja, waartussen kan ik kiezen’). Te ontwikkelen vanuit de praktijk, vanuit de keuzes en de dilemma’s die zich daar voordoen. We bieden raadsleden handvatten om de inzichten uit deze monitor te benutten om consistent te blijven toetsen aan visie, kaders en de keuzes die worden gemaakt om de gewenste richting te geven aan het beleid en binnen de uitvoering. In bijlage 1 hebben we een schets opgenomen van het eerste idee hoe een keuzekaart vorm te geven. 3. Een infographic met overzicht en inzicht in methodes die raadsleden kunnen gebruiken om hun visie op het sociaal domein te verwoorden, om zo het politieke debat een impuls te geven. Wat vinden wij en ik als raadslid nu van belang? Wat zijn onze leidende principes? Hoe verwoorden wij wat voor ons kwaliteit is? Daarbij deze methoden op maat vertalen voor raadsleden en te verwerken in een infographic, met specifieke uitleg, begeleidingsmogelijkheden voor de griffie en voorbeelden. De infographic is ‘doorklikbaar’, met verdiepingen via kennisclips en andere leermaterialen. 4. Tot slot leveren we een infographic met het totaal overzicht van dit project, waar bovenstaande 3 producten in terug komen. Daar laten we op een inzichtelijke manier zien hoe je kunt leren en ontwikkelen vanuit: Kennis -

Visie Informatie -

Vakmanschap

-

-

Juridische basis: de wetten die van toepassing zijn op het sociaal domein Keuzekaarten: maakt per wet duidelijk waar voor mij als volksvertegenwoordiger de ruimte ligt om invloed uit te oefenen. Ook met voorbeelden uit andere gemeenten: welke ruimte pakken zij? Beleidsproces: maakt inzichtelijk waar in het beleidsproces voor mij als volksvertegenwoordiger de momenten liggen om mijn stem te laten horen Visie vorming op het sociaal domein: hoe kan ik als politieke partij en raadslid komen tot een aantal leidende principes? Hoe bepaal ik welke kwaliteit van informatie daarbij past? Handreiking Monitor Sociaal Domein: wat wil ik terugzien in de monitor? Op basis van mijn visie en kennis, wat vind ik belangrijk? Welke mix kies ik tussen kwantiteiten en kwalitatieve informatie? Wat betekent dit voor mij als volksvertegenwoordiger? Verwijzingen naar content leeromgeving, invulling geven aan nog nieuwe leerlijn Sociaal Domein Kennisclips van het NJI, Movisie en Vilans Werkmethoden voor raad en griffie

5

Om te komen tot de eindproducten gaan we in 6 gemeenten tegelijkertijd aan de slag met pilots en experimenten. Om zo veel mogelijk van elkaar te leren en om te komen tot een zo goed mogelijk eindproduct hebben we een projectstructuur ingericht die de principes volgt van een eerder Programma Sociaal Domein traject ‘Volgen, Spiegelen, Leren’.

Projectstructuur Het project wordt gecoördineerd en aangestuurd door Robert-Jan Ritsema, raadsadviseur bij de gemeenteraad van Almere. De deelnemende gemeenten krijgen elk een eigen procesbegeleider toegewezen, te weten Jasper Loots of Chantal Ridderbos. Binnen het project wordt de volgende overlegstructuur ingericht: 1. Stuurgroep overleg: in de stuurgroep delen de projectleider en procesbegeleiders hun ervaringen en bespreken met elkaar de voortgang. Hier wordt de verbinding naar elkaars trajecten gelegd en wordt inhoudelijke ondersteuning vanuit de kennispartners ingeschakeld; 2. Kennisgroep overleg: in de kennisgroep worden de grote lijnen en de voortgang van het project doorgesproken met de projectleider, de procesbegeleiders en de contactpersonen van de 6 deelnemende gemeenten. Input wordt geleverd vanuit de Stuurgroep; Het kennisgroep overleg vindt 2 of 3 wekelijks plaats via een online meeting. Stuurgroep overleggen vinden wekelijks plaats.

Vanuit het Ministerie van Binnenlandse Zaken zijn de volgende namen aangereikt om betrokken te worden bij dit project: Overkoepelend & inhoudelijk versterking lokale democratie: Abassin Nessar Fokke Gietema, Fokke.Gietema@minbzk.nl Vakdepartementen: Vera Hermans, vj.hermanns@minvws.nl Wietske Veltman, wt.veltman@minvws.nl (Jeugdzorg) Rana Fagirzada-Maiakhil, r.fagirzada@minvws.nl (Wmo) Loes Evers, l.r.m.evers@minocw.nl (OCW, directie MBO) (directies D & B en BFR), de Vereniging van Griffiers en de Nederlandse Vereniging van Raadsleden worden gevraagd een contactpersoon aan te wijzen die participeren in een maandelijks Kerngroep overleg. Hier worden de resultaten en voortgang gemonitord en wordt invulling gegeven aan het toezicht op het project. Indien gewenst kunnen zij op onderdelen deelnemen in de trajecten bij de gemeenten zelf. In afstemming met Hella van de Velde de onderstaande aanvulling over betrokkenheid van planbureaus/ onderzoekers: -

Bij SCP, de uitvoerders van monitor sociaal domein Vanuit Movisie werd de naam van Saskia Keuzenkamp genoemd maar waarschijnlijk hebben jullie dat in het vizier

6

-

De betrokkenheid van ROB is denk ik sowieso gewaarborgd

Verder heb ik een naam gekregen van OCW, directie MBO: Loes Evers, l.r.m.evers@minocw.nl.

Deelnemende gemeenten Vanuit verschillende gemeentegroottes en geografische spreiding gaan we op 6 plaatsen tegelijk aan de slag met dit project. Kennis en ervaringen worden tussentijds onderling gedeeld en zo snel als mogelijk ook met alle andere belangstellenden. Deze wijze waarop we dat doen beschrijven we in de volgende paragraaf. De volgende gemeenten willen graag participeren in het traject ‘Monitor Sociaal Domein’5: • Gemeente Almere • Gemeente Heerenveen • Gemeente Borger-Odoorn • Gemeente Enschede • Gemeente Breda • Gemeente Goirle

Kennisdeling en verspreiding naar andere gemeenten De leeromgeving voor raadsleden is het centrale platform waar we onze producten laten landen. Via de samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden borgen we de continuïteit en werken we volgens de kwaliteitseisen die zij stellen aan het plaatsen van content. De resultaten van het traject delen we direct na afloop via verschillende kanalen, onder andere via die van de betrokken projectpartners zoals Democratie in actie, de Vereniging van Griffiers en de Nederlandse Vereniging van Raadsleden. We denken daarbij aan een webinar, online college of een fysieke bijeenkomst (afhankelijk van de mogelijkheden) in de vorm van een symposium. Dit als startschot voor de andere gemeenten om hier ook mee aan de slag te gaan. We stellen daarbij het eindresultaat (de producten) beschikbaar en delen onze kennis en ervaringen. Vanuit de gemeente Almere willen we vervolgens jaarlijks een themabijeenkomst organiseren bij een van de deelnemende gemeenten waarbij we dan ervaringen weer met elkaar delen, onder leiding van Jasper Loots en Chantal Ridderbos.

Samenwerkingspartners In dit traject werken we samen met een groot aantal partijen die op onderdelen hun bijdrage leveren: Met het Nederlands Jeugdinstituut (NJI), Movisie en Vilans werken we aan het maken en vormgeven van de staal- en keuzekaarten. Ook leveren zij input aan de kennisclips en infograpics, de methodes om tot visievorming te komen en het verwoorden van kwaliteit. Tevens benutten we de expertise van deze partijen met betrekking tot het vormgeven van de monitor en het ontwikkelen naar een meer kwalitatieve insteek.

5

Onder voorbehoud van medefinanciering door BZK.

7

Met Chantal Ridderbos (ProFacto) en Jasper Loots hebben we twee ervaren procesbegeleiders die beide 3 gemeenten bijstaan in dit traject. Bij het toetsen van onze aannames en het uitvoeren van de pilots en experimenten doen we een beroep op ons netwerk bij de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB), Rijksuniversiteit Groningen en de NHL/Stenden Thorbecke Academie. Het gaat dan vooral over kennis van het beleidsproces, de ruimte om te sturen en de uitwerking van de verschillende wetten binnen de deelnemende gemeenten. Bij het werken aan de handreiking voor de monitor kijken we naar de ontwikkelingen bij het SCP, CBS en waar staat je gemeente. Dit in samenspraak met de ambtelijke ondersteuning die de monitor verzorgd binnen de deelnemende gemeentes. Vanuit Almere wordt in ieder geval de Werkplaats Sociaal Domein Flevoland betrokken, aangezien zij ook betrokken zijn geweest bij een eerder experiment om de waarde van kwalitatieve informatie te onderzoeken voor raadsleden. Met de Vereniging van Griffiers, de Nederlandse Vereniging van Raadsleden en het Ministerie van Binnenlandse Zaken vormen we de Kerngroep binnen dit traject. Via de griffiers en de raadsleden zorgen we voor optimale aansluiting bij en verspreiding naar de doelgroep.

Het Ministerie van Binnenlandse Zaken is een belangrijke aanjager en overziet het totale speelveld en draagt daarnaast bij aan de noodzakelijke kennisontwikkeling en verspreiding. Daarnaast hebben we een omvangrijk netwerk van hoogleraren en kennisinstituten, die we vragen bij te dragen als de situatie daar om vraagt.

Begroting We gaan met 6 gemeenten aan de slag met bovenstaand beschreven aanpak. We verwachten een doorlooptijd van circa 1,5 jaar, waarbij we in dit plan de tussen- en eindproducten hebben beschreven. Met een kleine disclaimer, we zijn enigszins afhankelijk van de voorwaarden die vanuit de ontwikkeling van Covid-19 aan ons worden gesteld. We verwachten binnen deze termijn het traject te kunnen afronden. De gemeente Almere, het NJI, Movisie en Vilans zijn dit najaar gestart met het ontwikkelen van de ‘Staalkaart Sociaal Domein’: een serie infographics, animaties en kennisclips om het sociaal domein in samenhang weer te geven en te verdiepen. Feitelijk de basis voor elk raadslid die aan de slag wil met en in het sociaal domein. De betrokken partijen steken elk ongeveer 100 uur in dit traject, voor de op te leveren materialen vragen we een bijdrage aan BZK, zodat we deze via de digitale leeromgeving voor raadsleden toegankelijk kunnen maken. Het gaat daarbij om een bedrag van € 24.500. Van de deelnemende gemeenten verwachten we een inzet op basis van uren. Deze uren willen we als cofinanciering inbrengen voor de begroting van dit traject. Daarnaast zullen zij een derde deel van het benodigde budget van € 150.000 voor hun rekening nemen. Dus per gemeente € 50.000/6 = € 8.334.

Voor de projectbegeleiding willen we een beroep doen op externen, gelet op de specifieke kennis en expertise die nodig is. Daarnaast stellen we per gemeente een projectcoördinator in, om snel en effectief te kunnen schakelen.

8

Per gemeente schatten we in een traject van circa 400 uur te doorlopen voor de lengte van het traject. Voor de begeleider 150 uur, voor projectcoördinator 50 uur en eigen inzet van de gemeente 200 uur. We willen werken met een uurtarief van € 75 voor de begeleider, voor de coördinator € 50. Daarnaast willen we de opbrengsten kunnen delen met de andere gemeenten, daar is een budget voor gewenst. Totale gevraagde bijdrage: € 100.000. Begroting Staalkaart Sociaal Domein Infographics, animaties, kennisclips

€

24.500

Financiele bijdrage deelnemende gemeenten 6 * 8.334 euro

€

50.000

Inzet projectleider 6 gemeenten x 150 uur x 95 euro

€

85.500

Inzet projectcoordinator 6 gemeenten x 50 uur x 50 euro

€

15.000

Budget Borging en communicatie

€

25.000

Gevraagde bijdrage BZK

€

100.000

Inzet 6 deelnemende gemeenten 6 gemeenten * 200 uur * 65 euro

€

78.000

Bijdrage in uren deelnemende gemeenten

€

78.000

€

228.000

€

228.000

9

Bijlage 1 – Voorbeeld Keuzekaart

Een kaart die welhaast helemaal rood kleurt, maakt in een oogopslag duidelijk dat daar vanuit het perspectief van een raad(slid) niet veel ‘te halen valt’. Waarmee niets is gezegd

10

over het belang of de relevantie van dat beleid(sterrein), maar dus wel over de mate van lokale, politieke beïnvloedbaarheid ervan. Dit helpt raden/raadsleden heel concreet bij het zo gericht mogelijk besteden van hun tijd aan die dossiers waar zij het verschil kunnen maken. Omdat de keuze-kaart als aangegeven interactief wordt gemaakt, biedt de kaart ook zicht op de consequenties van de keuzes die voorliggen. Waar leiden de keuzes toe? Welke ervaringen zijn er in andere gemeenten? Die informatie kan allemaal worden opgenomen, waardoor de keuze-kaart raadsleden direct ook hel concreet faciliteert in het onderbouwen van hun stellingnames, bij het opstellen van moties en amendementen, etc. Deze keuze-kaarten zullen gemaakt worden met (input en medewerking van) deskundigen (experts, wetenschappers, kennisinstituten, planbureaus, CBS), praktijk-deskundigen (bestuurders uit het sociaal domein, wethouders, ambtenaren, en hun beroepsorganisaties voor zover relevant) en gebruikers (raadsleden, griffiers). Het is heel nadrukkelijk een onderzoek- en ontwikkeltraject. Het is steeds een combinatie namelijk van onderzoeken waar welke keuzes voorliggen en het ontwikkelen van manieren en methoden om dat zo goed mogelijk inzichtelijk te maken.

In dit traject moet ook bekeken worden hoeveel keuze-kaarten uiteindelijk nodig zijn: hoeveel sub-domeinen binnen dat sociaal domein in kaart moeten worden gebracht om de raadsleden goed te kunnen bedienen.

11

Bijlage 2 - Planning maart 2021 • • •

•

• •

• •

•

• •

juli 2022

Beginnen met ontwikkelen en ontwerpen van de staalkaarten en daarop volgende de keuzekaarten Te beginnen met 1 of meerdere tegelijkertijd, afhankelijk van deelnemende gemeenten Keuzes en mogelijkheden o route 1: ontwikkelen volgtijdelijk, dus eerst met deskundigen, feedback vragen ambtenaren en wethouders, bespreken met raadsleden en terug naar deskundigen enzovoort. o Route 2: format maken met deskundigen en daarna een soort ontwerp- of aterlier bijeenkomst met raadsleden, ambtenaren, wethouder(s) bij elkaar Dit proces, keuze 1 of 2, kan natuurlijk alleen in en voor de raad van Almere maar idealiter doe je dat in diverse steden tegelijkertijd en worden ontwerpbijeenkomsten gecombineerd, dus met wethouders en ambtenaren bij elkaar vanuit verschillend gemeenten. Tussenstap is naast ontwikkelen ook steeds het vormgeven en gebruiksvriendelijk maken. Een stap in dit ontwikkeltraject is ook steeds het vullen van de digitale pdf(-en): zoeken naar content en ook maken van content (filmpjes etc.) met good practices, ervaringen met te maken en gemaakte keuzes, etc. mei 2021

•

Staalkaarten en keuzekaarten

format monitor sociaal domein

Te beginnen in mei 2021 (of later nog) omdat je de concept staal- en keuzekaarten in handen wil hebben In meerdere steden/gemeenten tegelijkertijd, voor de kruisbestuiving en het samen leren en ontwikkelen. Let op: bij grip op het sociaal domein wordt vandaag de dag vooral gedacht aan grip op onverwachte uitgaven, met name m.b.t. de jeugdzorg. Zie visitatiecommissie o.l.v Sint en ook het aanbod van Movisie. Dat gaat vooral om ambtelijke en bestuurlijke grip: weten waar het mis gaat en daar tijdig over informeren. Is dus niet wat wij verstaan onder beter grip voor raadsleden: bij ons gaat het om anders monitoren. Het organiseren van ontwerpsessies – organiseren van gesprekken over welke informatie voor de raad relevant is en welke niet en waarom niet? Perspectief moet zijn grip op sociaal domein van de raad niet van de gemeente. Dat zijn twee verschillende dingen. Onze lijn is: beïnvloedbaarheid, waar kun je sturen en hoe krijg je informatie over de keuzes die je maakt. Inventariseren ontwikkelingen ontsluiting data bij planbureaus en CBS: hoe kunnen we aansluiten bij deze mogelijkheden en deze verwerken in ons format. Ontwerpen nieuwe format monitor dus langs de gesimplificeerde rood-groen lijn van beïnvloedbaarheid die we ook bij de keuzekaarten willen introduceren (zie bijlage 1),

12

zodat de effecten en resultaten van de politieke keuzes letterlijk vooraan komen te staan. juni 2021 •

• • •

kwalitatieve informatie

Dit zou eventueel ook eerder kunnen beginnen dan in juni 2021 maar tegelijk is het logisch om die kwalitatieve informatie (samen met derden en door derden) ook aan te bieden langs de groen-rood lijn van beïnvloedbaarheid. En dan ligt het dus voor de hand te wachten tot er een 1e versie van de keuzes-in-kaart-kaarten beschikbaar zijn. Hier zit een element zoeken en verzamelen in wat gebeurt er allemaal al op dit vlak? good practices ophalen. Verder natuurlijk ook hier ene lijn ontwerpen en experimenteren: uitproberen, beschrijven, delen, doorontwikkelen. In meerdere gemeenten tegelijk met diverse experimenten en/of juist door één bepaalde vorm in meerdere gemeenten tegelijk te beproeven.

13

30 september 2021 Project-ideeën gemeente Breda

Breda – de context Bredase raadsleden ervaren weinig ruimte/mogelijkheden om te kunnen sturen op ‘het’ sociaal domein. Er zijn weinig ‘knoppen’ om aan te draaien. Of beter wellicht: niet alle knoppen waaraan kan worden gedraaid zijn bij de raadsleden bekend. En van die knoppen die bekend zijn ontbreekt vaak het zicht op mogelijke ‘waterbedeffecten’. Sturen op dossier A kan leiden tot onvoorziene en ongewenste effecten binnen dossier B. Onzekerheid over die mogelijke gevolgen kan ertoe leiden dat er voorzichtiger tot wellicht helemaal niet wordt gestuurd. Want beter nauwelijks tot niet sturen dan nieuwe of zelfs grotere problemen en/of tekorten veroorzaken. Sturing op ‘het’ sociaal domein wordt bovendien als zeer lastig ervaren omdat er in beperkte mate sprake is van een integrale aanpak. College en organisatie werken In Breda, als in veel andere gemeenten, nog meer of minder ‘verkokerd’. Er wordt dus noodgedwongen ook nog vaak gestuurd op deelaspecten. Het is niet verwonderlijk dat dus ook veel raadsleden ‘verkokerd kijken’ en dito sturen en controleren. Gevolg van die verkokerde aanpak is daarnaast ook dat de raadsleden binnen de kokers mee ‘de diepte’ in gaan. Dus detailvragen stellen over deelaspecten. En dat was nu precies niet de bedoeling toen de gemeenten in 2015 de verantwoordelijkheid kregen voor ‘het’ sociale domein. Sturen in samenhang, dat was en is de ambitie.

Het ervaren gebrek aan grip en mogelijkheden tot sturing op en binnen het sociaal domein wordt in Breda in de derde plaats gevoed door het feit dat er maar mondjesmaat kan worden vergeleken met de prestaties van andere gemeenten. Daarvoor zijn de indicatoren die in Breda worden gebruikt regelmatig te gemeente-specifiek. In vergelijkende zin zeggen de geleverde prestaties dus regelmatig te weinig tot niets. Als er al inzicht is in doelrealisatie (worden de gestelde doelen gehaald) dan valt er vervolgens weinig tot niets te zeggen over de doelmatigheid (wordt er efficiënt gewerkt en worden de euro’s optimaal besteed). Daardoor mist de raad informatie om al dan niet te besluiten de koers te verleggen, en in welke richting dan. Breda – de doelstelling De raad moet keuzes kunnen maken. Er is bovenal behoefte aan inzicht in de knoppen waar de raad aan kan draaien en wat de te verwachten effecten daarvan zijn. Te vaak worden (politieke) keuzes op dit moment - bewust en onbewust - overgelaten aan de uitvoering. Want als het gemeentebestuur om welke reden dan ook te veel stuurt op hoofdlijnen, worden de ‘echte’ keuzes ergens anders gemaakt. Dat is tot op zekere hoogte gewenst, omdat het ruimte laat aan de professionals om ‘het goede’ te doen. Echter, het is niet de bedoeling dat de professionals en uitvoerders keuzes maken die politici al dan niet bewust uit de weg gaan.

Dat kan zijn omdat die keuzes te pijnlijk zijn, te ingewikkeld zijn of omdat ze onvoldoende als principiële, politieke keuzes worden onderkend.

1

Het doel is te zorgen dat de politiek – de raad dus – in het sociaal domein kan doen waar ze voor is: waardegedreven keuzes maken. De raad in positie krijgen dus: sturend, controlerend en bijsturend. Dat is de ambitie om mee te doen aan dit project. In de afbeelding hieronder is verbeeld welke aspecten in aanmerking komen voor het opzetten van een pilot binnen dit project.

Ad 1. De raad moet een heel scherp inzicht hebben in de beïnvloedbaarheid van beleid. Waar gaat de gemeente over? Wat is beïnvloedbaar binnen de eigen gemeente en in de regio? Een deel van de taken die bij de gemeente berusten komen ‘simpelweg’ neer op uitvoering geven aan rijksbeleid. Daar valt dus niets te kiezen of te beïnvloeden. Daar kunnen geen eigen, lokale keuzes worden gemaakt. Maar waar valt wel degelijk iets te kiezen? Het is zaak dat de raad in staat wordt gesteld goed afgewogen fundamentele keuzes te maken en dus kaders te stellen en dus te sturen. Als de gemeenteraad inderdaad de architect is van het lokaal sociaal domein dan moet hij ook in staat worden gesteld die fundamentele keuzes te maken. Welke keuzes kunnen gemaakt worden en wat zijn de verwachte effecten van die keuzes? Een pilot opzetten en uitvoeren die hier betrekking op heeft: hoe het besluitvormingsproces en de kaderstelling (door middel van de raadsvoorstellen) zo inrichten dat de raad daadwerkelijk 2

kiest, dus keuzes voorgelegd krijgt, alternatieven kent, een afweging kan maken tussen scenario’s, etc. deze pilot kan als vertrekpunt hebben de staalkaarten/keuzekaarten die worden gemaakt met de partners Nji, Movisie en Vilans. Ad 2 Om de raad in positie te krijgen moet de politiek gevoed worden vanuit de uitvoering. De “feedback loop” sluitend maken tussen de uitvoering en de politiek. Enerzijds om inzicht te krijgen in de bedoelde en vooral ook onbedoelde gevolgen van de door de raad gemaakte keuzes. Zijn er waterbedeffecten en welke dan? Zijn er neveneffecten, positief en negatief, en wat leren die en wat vragen die in termen van bijsturen, aanvullende maatregelen, etc.? Die informatie uit het veld is cruciaal voor de raad om bij te kunnen sturen. Er is nog een tweede reden om politiek en praktijk (beter) op elkaar te laten aansluiten.

Welke beslissingen en keuzes maken die uitvoerders/professionals, en horen die keuzes wel op hun bord? Zijn dat keuzes die vallen onder de professionele vrijheid of horen die eigenlijk thuis in de politieke arena? Een pilot opzetten en uitvoeren die hier betrekking op heeft:  hoe kan de monitoringsinformatie – zicht op bedoelde en onbedoelde effecten – van en vanuit ‘het veld’ bij de raad komen?  hoe kunnen ‘politiek’ en ‘praktijk’ op een betekenisvolle manier in gesprek over keuzes die van de politiek zijn of van de professional/de praktijk zijn? Een dergelijk pilot vraagt betrokkenheid en inzet van het college, de organisatie, de raad, de professionals/de uitvoerders (uitvoerende partijen/ketenpartners). Om samen op zoek te gaan naar manieren om die feedback loop en dat gesprek tussen ‘stadsbestuur/raad en de uitvoerders/het veld’ in te richten. Ad 3 Een raad in positie vraagt ook om informatie die afkomstig is van de afnemers, de direct betrokkenen, de cliënten dus: zijnde alle gebruikers van diensten en producten.

Hoe tevreden zijn ze? Blijkt uit hun ervaringen, verhalen en waarderingscijfers dat de doelen worden bereikt? Leiden keuzes via beleid en uitvoering tot realisatie van de gestelde doelen en tot tevredenheid? Een pilot opzetten en uitvoeren die hier betrekking op heeft: hoe krijg je op een soort van permanente en zinvolle manier vooral ook kwalitatieve monitoringsinformatie bij de raad? Dat is een zoektocht waar heel veel partijen bij betrokken zijn, binnen en buiten het stadhuis. Een pilot dus die dat onderzoekt, uitprobeert, bedoeld om te kijken of dat de raad inderdaad beter in positie brengt, via ombudspolitiek 2.0: geen casuïstiek dus maar het optellen van casuservaringen om daarmee de raad een stuur in handen te geven. Hierbij kan worden voortgebouwd op (positieve en waardevolle) ervaringen die zijn opgedaan met het werken met een extern onderzoeksbureau dat een onderzoek heeft gedaan onder cliënten van partners van de Zorg voor Elkaar Tafel. Ad 4 Zinvolle vergelijkingen met de prestaties van andere gemeenten kunnen in heel veel opzichten belangrijke informatie opleveren voor een raad. Zijn we efficiënt? Zijn we

3

doeltreffend? Waar ligt dat aan? Welke successleutels hebben andere gemeenten kennelijk in handen? Kunnen we daarvan leren? Een pilot opzetten die erop is gericht een set van indicatoren te ontwikkelen die een zinvolle vergelijking mogelijk maakt van Breda met een aantal vergelijkbare gemeenten. Om zodoende als raad minder afhankelijk te zijn van informatie van en door het college en om sneller zicht te hebben op afwijkingen (in vergelijkende zin). Zijn die afwijkingen logisch, of zorgelijk en dus reden om nadere stappen te zetten. Die signaalfunctie kan van belang zijn om als raad tijdig in positie te zijn, om tijdig te kunnen bijsturen als de seinen op oranje staan. Die vergelijkingsinformatie gaat ook helpen om vroegtijdig op het spoor te komen van good practices in andere gemeenten.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10766702/1