CConstaterende datBreda
Koppel je AI →
Document · PDF

2026-02-09 Samenwerkingsovereenkomst Stedelijke Regio West Brabant

gemeenteraad 9 februari 2026, gemeente Breda4.357 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Concept-Samenwerkingsovereenkomst Stedelijke Regio West-Brabant 2025

DE ONDERGETEKENDEN: De gemeenten, voor zover het de bestuurlijke bevoegheden betreft Burgemeester en Wethouders van: Bergen op Zoom, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Woensdrecht en het dagelijkse bestuur van Waterschap Brabantse Delta, hierna gezamenlijk te noemen: ‘partijen dan wel ieder afzonderlijk partij ’ De provincie Noord-Brabant, voor zover het de bestuurlijke bevoegdheden betreft Gedeputeerde Staten van, hierna te noemen: ‘de provincie’

NEMEN HET VOLGENDE IN OVERWEGING: •

•

•

• •

• •

De rijksoverheid heeft een Nationale Omgevingsvisie (NOVI) opgesteld, die in 2022 op provinciaal niveau vertaald is naar een Brabantse Verstedelijkingsstrategie die in 2024 heeft geleid tot de Uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant; In de Omgevingsverordening Noord-Brabant (afdeling 7.2) stuurt de provincie op regionale samenwerking en afstemming op het gebied van de fysieke leefomgeving. In het provinciale Beleidskader Toekomstbestendig Bestuur en samenhangende Uitvoeringsagenda Toekomstbestendig Bestuur is de samenwerking van partijen binnen SRWB erkend als een van de vier samenwerkingsregio's in Brabant voor deze regionale afstemming. Door partijen is een Regionale Verstedelijkingsstrategie West-Brabant West vastgesteld (vanaf 5 december 2024: SRWB) dat op 5 juni 2024 geleid heeft tot het Pact van Moerdijk; De SRWB heeft zich tot integraal doel gesteld het versterken van het woonmilieu en het creëren van een zodanig vestigingsklimaat voor het doorontwikkelen van de kenmerkende proces- en maakindustrie in de regio. Daarbij ligt het accent op drie issues: overschakelen op duurzame energie, gebruik van circulaire en biobased grondstoffen en het zorgdragen voor betaalbare woningen in een groen landschap met voldoende voorzieningen. Uiteindelijk is het doel om leefbaarheid en brede welvaart in de regio te versterken.

De SRWB doet dit deels op eigen kracht, en deels via de samenwerking in NOVEX Stedelijk Brabant. Het Pact van Moerdijk heeft geleid tot de Regionale Investeringsagenda (RIA); De genoemde Uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant en de RIA zijn adaptief en met in achtneming van de genoemde agenda’s is door de respectievelijke partijen afzonderlijk het voorstel ‘Governance en Werkagenda 2025/2026’ (Werkagenda) aangenomen en op 5 juni 2025 door zowel partijen als partner bij acclamatie bevestigd; De Werkagenda bepaalt de gezamenlijke koers en opgaven, programma’s en projecten van partijen binnen de SRWB; Partijen hebben naar elkaar uitgesproken – vooralsnog – geen gemeenschappelijke regeling te willen aangaan, zoals bedoeld in de Wet Gemeenschappelijke Regelingen, maar wel te willen overgaan tot het sluiten van een bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst waarin de gemaakte afspraken over de samenwerking binnen de SRWB tot uitvoering van de Werkagenda worden vastgelegd.

KOMEN HET VOLGENDE OVEREEN: INLEIDING Artikel 1. Definities 1. Agendaleden: leden van het Kernteam die op voordracht van het Kernteam door de Stuurgroep worden benoemd op inhoudelijke en/of relationele gronden.

2. Ontwikkeldag: een door partijen en partner minimaal tweemaal per jaar georganiseerde bijeenkomst, waarin kennis wordt uitgewisseld over en afspraken worden gemaakt over de invulling van de kwaliteit van de (leef)omgeving. 3. Partijen: gemeenten Bergen op Zoom, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen en Woensdrecht en Waterschap Brabantse Delta. 4. Partner: de provincie. 5. Regio: het geografisch gebied van de Stedelijke Regio West-Brabant (SRWB), bestaande uit partijen bij deze samenwerkingsovereenkomst. 6. Regio West-Brabant (RWB): een gemeenschappelijke regeling van zestien gemeenten in WestBrabant. 7. Regionale Energie Strategie West-Brabant (RES): een plan dat door regio West-Brabant is opgesteld om samen te werken aan duurzame energie en het behalen van klimaatdoelen. 8. Regionale Investeringsagenda (RIA): de agenda die richting geeft aan investeringen of interventies die in de regio nodig zijn om de gewenste duurzame ontwikkeling mogelijk te maken. 9. Regionale Ontwikkelingsmaatschappij West-Brabant (REWIN): de organisatie die in WestBrabant de economische ontwikkeling vormgeeft. 10. Stedelijke Regio Breda-Tilburg (SRBT): samenwerkingsverband in de regio Breda-Tilburg dat werkt aan de opgaven op het terrein van (ruimtelijke) economie, energie, natuur, water en landschap, verstedelijking, bereikbaarheid.

brede welvaart in de regio van partijen in die regio. 11. Stedelijke Regio West-Brabant (SRWB): partijen bij deze samenwerkingsovereenkomst, die binnen dit samenwerkingsverband werken aan de opgaven op het terrein van (ruimtelijke) economie, energie, natuur, water en landschap, verstedelijking, bereikbaarheid. brede welvaart in de regio van partijen. 12. Werkagenda: de inhoudelijke agenda die gebaseerd is op de koersdocumenten RIA en de Uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant, die de gezamenlijke koers bepaalt van opgaven, programma’s en projecten van de SRWB.

HOOFDSTUK 1. SAMENWERKING Artikel 2. Uitgangspunten en principes 1. Partijen zijn gelijkwaardig, waarbij onderkend wordt dat de gemeenten Roosendaal en Bergen op Zoom als duo-stad door de Rijksoverheid en provincie zijn aangewezen als coördinatoren en initiatiefnemers, terwijl de gemeente Moerdijk ook deel uitmaakt van de SRBT. 2. Partijen zijn niet verplicht om deel te nemen aan elk project dat voortvloeit uit de Werkagenda. Ingeval van deelname aan een project zijn partijen gehouden tot een inspanningsverplichting. 3. De Werkagenda is uitgangspunt, maar deze kan naar behoefte van partijen in de loop van de tijd worden uitgebreid, bij wijze van een samenwerkingsverband als groeimodel/netwerksamenwerking. Die samenwerking is praktisch, eenvoudig en gericht op uitvoering van de Werkagenda. 4. Het regionale belang is ook het belang van partijen afzonderlijk en daarmee een leidend principe, in die zin dat, als beleid of een besluit een positief effect zal hebben op de regio, verondersteld wordt dat dit effect ten goede komt aan het merendeel van partijen. 5. Grootstedelijke of regionale ontwikkelingen dienen in overeenstemming te zijn met de ontwikkelingen van gemeenten afzonderlijk, meer specifiek haar dorpen en het landelijk gebied. 6.

De Werkagenda kent als uitgangspunt 6 thema’s, te weten: wonen, economie, mobiliteit, energie, groen/blauw (landschap, natuur en water) en brede welvaart. De thema’s worden behandeld in structurele werkgroepen en bestuurlijke overleggen, behoudens het thema ‘brede welvaart’. Voor laatstgenoemd thema wordt een tijdelijke werkgroep ingericht. Voor het thema ‘brede welvaart’ zal een tijdelijke werkgroep worden ingericht en heeft tot doel dat dit thema als een rode draad door de andere thema’s zal lopen. 7. Binnen alle thema’s zal verbinding gezocht worden met stakeholders. Binnen het thema ‘economie’ zal nauw samengewerkt worden met de RWB en REWIN. De bestaande ‘Woontafel’ zal geïntegreerd worden in de Werkgroep en het Bestuurlijke Overleg ‘Wonen’.

Het geografisch deel van de RES dat overeenstemt met de regio van partijen zal geïntegreerd worden binnen de Werkgroep en het Bestuurlijke Overleg ‘Energie’. Artikel 3. Doel van de samenwerking 1. De SRWB heeft tot doel de Werkagenda in uitvoering te nemen om daardoor de brede welvaart in de regio te vergroten. 2. De Werkagenda impliceert het maken van integrale bestuurlijke afwegingen op het gebied van ruimte (thema’s wonen, mobiliteit, energie en groen/blauw) en economie, die het lokale belang en de capaciteit van de afzonderlijke partijen overstijgen. 3. De SRWB beoogt door deze samenwerking de uitvoeringskracht te vergroten, de brede welvaart van de regio te stimuleren en de positie van de regio te versterken in provinciaal of landelijk overleg door middel van een effectieve lobby met als doel het aantrekken van extra financiële middelen. 4. De SRWB zal de regio formeel vertegenwoordigen binnen de relevante provinciale, landelijke en Europese beleids- en overlegorganen. Artikel 4. Werkagenda 1. Op 5 juni 2025 is de Werkagenda met bijbehorend budget voor de jaren 2025 en 2026 door partijen vastgesteld (zie bijlage I). 2. Met ingang van 1 januari 2027 wordt jaarlijks een Werkagenda met bijbehorend budget door partijen in de stuurgroep vastgesteld. 3.

De Werkagenda wordt gebaseerd op de prioriteiten afkomstig uit de koersdocumenten RIA en de Uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant, en bepaalt de gezamenlijke koers van opgaven, programma’s en projecten van de SRWB. 4. De Werkagenda wordt jaarlijks voorgesteld door de Stuurgroep en vastgesteld door de colleges van Burgemeester en Wethouders en het Dagelijks Bestuur van partijen. Artikel 5. Taken binnen de samenwerking A. Reguliere taken 1. Het ontwikkelen, uitwerken en bijhouden van de regionale en integrale ruimtelijke ontwikkelingsstrategie van de SRWB, binnen het kader van de Werkagenda. Partijen stemmen hun lokale beleid, zoals de Omgevingsvisie en de Omgevingsplannen, op die Werkagenda af. 2. Het maken van integrale bestuurlijke afwegingen op het gebied van ruimte (thema’s wonen, mobiliteit, energie en groen/blauw) en economie, die het lokale belang en de capaciteit van de afzonderlijke partijen overstijgen en de brede welvaart in de regio stimuleren. 3. Het monitoren en eventueel aanpassen van de adaptieve koersdocumenten RIA en de Uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant. 4. Het participeren in en afstemmen op provinciale programma’s. 5. Het geven van uitvoering aan de Werkagenda door middel van de organisatie, coördinatie en het beheer van partijen binnen de SRWB in het algemeen en de themagerichte werkgroepen en bestuurlijke overleggen in het bijzonder.

Stimuleringsprojecten De binnen de Werkagenda geprioriteerde projecten waarmee een impuls wordt gegeven aan de toekomstbestendigheid van de regio en haar brede welvaart. Deze projecten worden uitgevoerd door de themagerichte werkgroepen en bestuurlijke overleggen. HOOFDSTUK 2: STRUCTUUR VAN DE SAMENWERKING INLEIDING De structuur van de samenwerking blijkt uit het organogram dat als bijlage II is bijgesloten en deel uitmaakt van onderhavige samenwerkingsovereenkomst. De SRWB komt de volgende structuur met bijbehorende taken en verantwoordelijkheden overeen, zoals hierna artikelsgewijs is uiteengezet: Artikel 6: Stuurgroep - Agendacommissie – Voorzitter

1. De Stuurgroep bestaat uit de voorzitters van de bestuurlijke overleggen wonen, economie, mobiliteit, energie en groen/blauw en de vertegenwoordigers van de SRWB in NOVEX Stedelijk Brabant. Iedere gemeente is vertegenwoordigd. Als een gemeente geen voorzitter aan een bestuurlijk overleg levert, zal het college van Burgemeester en Wethouders een collegelid benoemen en afvaardigen. De Stuurgroep bestaat tevens uit één lid van het dagelijks bestuur van het Waterschap, te benoemen door het Dagelijks Bestuur van het Waterschap, en één of twee leden van Gedeputeerde Staten van de provincie (afhankelijk van het onderwerp), te benoemen door het college van Gedeputeerde Staten van NoordBrabant. 2. Besluitvorming vindt plaats op basis van een meerderheid (de helft + 1) van de stemmen. Partner heeft geen beslissende, maar enkel een adviserende stem. 3. De burgemeester van de gemeente Roosendaal is technisch voorzitter van de Stuurgroep en technisch vicevoorzitters zijn de burgemeesters van de gemeenten Bergen op Zoom (1e vicevoorzitter) en Moerdijk (2e vicevoorzitter). Gezamenlijk vormen zij de Agendacommissie. 4.

De Stuurgroep heeft de volgende taken: • het maken van een integraal bestuurlijke afweging van het ruimtelijk-economisch beleid; • participatie in en strategisch afstemmen met provinciale en rijksprogramma’s; • Voorbereiden bestuurlijk overleg met provincie en Rijk; • Afstemming met RWB/Rewin en SRBT en subregio De Baronie; • Vertegenwoordigt de SRWB naar andere overheden, onderwijs/kennisinstellingen, brancheorganisaties en triple-helixpartners. • Monitoren en eventueel aanpassen RIA en Uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant. Besluitvorming ten aanzien van het voorleggen van besluiten aan de colleges van B en W, de gemeenteraden, het dagelijks en algemeen bestuur van de partijen; • Profilering, lobby, marketing en communicatie. 5. De Agendacommissie heeft als taak om te beoordelen of de door andere gremia aangereikte stukken rijp zijn voor bespreking in de Stuurgroep. Tevens kan zij door de Stuurgroep gevraagd worden om taken van de Stuurgroep uit te voeren. 6. De voorzitter representeert extern de SRWB en is voorzitter van de Stuurgroep en Agendacommissie. Deze kan zichzelf laten vervangen door een van de vicevoorzitters. Artikel 7: Gemeentesecretarissen Overleg (GO) 1. Het Gemeentesecretarissen Overleg (GO) bestaat naar keuze uit de gemeentesecretarissen of een directeur van de gemeenten, de provincie en het Waterschap.

De voorzitter is de gemeentesecretaris van de gemeente Roosendaal. 2. Het Gemeentesecretarissen Overleg (GO) heeft de volgende taken: • Zorgen voor de ambtelijke aansturing als uitvloeisel van de reguliere rol van gemeentesecretaris / algemeen directeur; • Zorgen voor de juiste condities voor de voortgang in de samenwerking, zoals voldoende capaciteit en middelen; • Eerste aanspreekpunt van de ambtelijke organisaties als er zaken in de ambtelijke samenwerking niet goed lopen; • Aandacht voor het betrekken van de ambtelijke organisaties en het voldoende beschikbaar stellen van ambtelijke capaciteit om de gewenste uitvoeringskracht binnen SRWB ook daadwerkelijk te realiseren. 3. Besluitvorming vindt plaats op basis van een meerderheid (de helft + 1) van de stemmen. Ieder lid van het GO vertegenwoordigt één stem, waarbij de provincie enkel een adviserende en geen beslissende stem heeft. Artikel 8: Kernteam / Coördinatoren (Programmateam) / Regioatelier / Regiobouwmeester 1. Het Kernteam bestaat uit de algemene coördinatoren van de SRWB, uit ambtelijke vertegenwoordigers van alle partijen en de provincie 2. Het Regioatelier bestaat uit het programmateam, provincie, de regiobouwmeester en de coördinatoren van de themagerichte werkgroepen. 3. Het Programmateam voert het voorzitterschap over het kernteam en het regioatelier.

Het programmateam heeft tot taak, om de vastgestelde werkagenda en begroting uit te voeren.

4. Het Programmateam vergadert met het kernteam, de ambtelijke vertegenwoordigers van alle partijen en de provincie, waarbij primair aandacht is voor het proces. 5. Het Programmateam vergadert met het regioatelier, de coördinatoren van de themagerichte werkgroepen, waarbij primair aandacht is voor de inhoud. 6. Tot het regioatelier behoort ook een Regiobouwmeester. Hij/zij is een onafhankelijke deskundige die de belangrijkste adviseur op strategisch niveau van de Stuurgroep is op het gebied van de ruimtelijke kwaliteit. Hij /zij zal richting geven aan de grote transities en vanuit de onafhankelijkheid meervoudige belangen dienen. Hij / zij zal worden aangesteld door het GO. 7. Input in het Kernteam wordt vanuit een regionaal perspectief gegeven. 8.

Het Kernteam heeft de volgende taken: • Algemene coördinatie van de inhoud en de processen tot en met de besluitvorming; • Verbinding met de organisatie die zij vertegenwoordigen, hetgeen onder andere inhoudt dat zij het contact onderhoudt met eenieder die zich binnen hun organisatie bezig houdt met inhoud en de onderwerpen die spelen in en relevant zijn voor de SRWB; • Het inhoudelijk verkennen en benoemen van dwarsverbanden tussen verschillende thema’s ten behoeve van het borgen van de ruimtelijk integrale benadering; • Een initiërende rol; • Regie op de thema’s en zorgen dat de themagerichte werkgroepen en bestuurlijke overleggen goed functioneren; • De secretarisrol binnen de bestuurlijke tafels; • Voorbereiden van voorstellen richting de Agendacommissie / Stuurgroep; • Organiseren van bijeenkomsten ten behoeve van de samenwerking als geheel en van de Ontwikkeldagen; • Financiën, waaronder het beheer en verantwoording; • Participeren in relevante provinciale en Rijksprogramma’s; • Contact met en betrekken van stakeholders; • Lobby, profilering, marketing en communicatie; • Het organiseren van afstemming en besluitvorming. 9. Het Regioatelier heeft als taak om inhoudelijke (tussen)producten en projecten te beoordelen op integraliteit en consistentie.

Artikel 9: Themagerichte Bestuurlijke Overleggen (BO) 1. De themagerichte Bestuurlijke Overleggen (BO’s) bestaan uit portefeuillehouders van de gemeenten, waarvan één het voorzitterschap op zich/haar neemt. De deelname van een lid van het dagelijks bestuur van het Waterschap Brabantse Delta is facultatief. Indien hij/zij deelneemt, kan hij/zij ook het voorzitterschap vervullen. De deelname van een lid van Gedeputeerde Staten van provincie is ook facultatief. 2. De secretarisrol wordt vervuld door de coördinator van de betreffende themagerichte werkgroep en de secretariële ondersteuning wordt geregeld door de voorzitter van het betreffende bestuurlijke overleg. 3. De taak is het voorbereiden van besluitvorming door de Stuurgroep op basis van door de betreffende themagerichte werkgroepen en het Kernteam aangeleverde stukken. 4. Besluitvorming door het BO vindt plaats op basis van een meerderheid (de helft + 1) van de stemmen. Ieder lid van het BO vertegenwoordigt één stem, behoudens de provincie die slechts een adviserende stem heeft en geen beslissende stem heeft. Artikel 10: Themagerichte Werkgroepen 1. De themagerichte werkgroepen bestaan uit ambtenaren van partijen en de provincie, uit een (externe) coördinator die de betreffende werkgroep voorzit, uit externe (inhuur)krachten en stakeholders. 2.

Het is aan de betreffende werkgroep om te bepalen welke stakeholders betrokken worden bij de uitvoering van de opdrachten.

3. De themagerichte werkgroepen hebben de volgende taken: • Uitvoeren van de Werkagenda, mede gerelateerd aan uitvoering van de RIA en de Uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant; • Uitvoeren van voor de SRWB relevante provinciale en Rijksprogramma’s; • Vormgeven van de benodigde lobby ten behoeve van een succesvolle uitvoering van de Werkagenda, de RIA en de Uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant; • Bewaken van de dwarsverbanden met de overige beleidsthema’s; • Voorbereiden van voorstellen ten behoeve van de betreffende BO.

Artikel 11: Bijzonderheden 1. Brede welvaart betreft een integrale manier van werken en handelen. Na afloop van de werkzaamheden van de interim werkgroep brede welvaart gaat met de opgeleverde resultaten worden gewerkt. Het betreft een proces van integratie van deze manier van werken en handelen. 2. Het bestaande overlegorgaan ‘Woontafel’ zal geïntegreerd worden binnen de Werkgroep en het Bestuurdersoverleg Wonen. 3. Het geografische deel van de RES dat overeenkomt met de SRWB zal geïntegreerd worden binnen de Werkgroep en het Bestuurdersoverleg Energie. 4. De gemeenteraden respectievelijk het algemeen bestuur worden regelmatig bij de samenwerking tussen partijen betrokken. Partijen dragen zelf zorg voor het initiëren van betrokkenheid van en het uitwisselen van informatie aan c.q. ophalen van informatie bij de gemeenteraden respectievelijk het algemeen bestuur. Artikel 12: Rol Provincie 1. De provincie wordt door de ondertekening van onderhavige samenwerkingsovereenkomst adviserend partner van het samenwerkingsverband. Deze rol vloeit voort uit het feit dat de provincie als bestuurslaag over relevante kennis, expertise en beleidskaders beschikt die van waarde kunnen zijn voor partijen.

Tegelijkertijd dient de provincie een eigen onafhankelijke, juridische positie en bestuurlijke verantwoordelijkheid te hebben, wat maakt dat zij niet gebonden kan worden aan de afspraken die partijen onderling via deze overeenkomst maken. In deze samenwerking vervult de provincie twee complementaire rollen: • Als gelijkwaardige, inhoudelijk betrokken samenwerkingspartner: de provincie denkt mee, levert inhoudelijke bijdragen en brengt kennis en informatie in; • In haar publieke rol als toezichthouder en kadersteller, waarbij zij oog houdt voor provinciale belangen en de aansluiting op relevante beleidskaders en wet- en regelgeving. 2.

De Provincie: • Erkent het samenwerkingsverband SRWB als een relevante intergemeentelijke partner en werkt op vrijwillige en gelijkwaardige basis samen aan de ontwikkeling van een ruimtelijk integraal ontwikkelperspectief voor de deelnemende gemeenten; • Levert inhoudelijke bijdragen aan de totstandkoming en doorontwikkeling van het ontwikkelperspectief, door provinciale beleidskaders, kennis en relevante ontwikkelingen op provinciaal en nationaal niveau in te brengen; • Ondersteunt en faciliteert, desgevraagd en in voorkomend geval, de intergemeentelijke samenwerking, bijvoorbeeld door het delen van expertise, procesondersteuning of het creëren van verbindingen met andere relevante partijen; • Brengt signalen, inzichten en beleidsontwikkelingen in die voortkomen uit haar eigen taken en rollen in de fysieke leefomgeving; • Is met partijen in gesprek over constateringen, kansen, risico’s en mogelijke investeringsrichtingen, zonder dat hieruit juridische of financiële verplichtingen voor de provincie voortvloeien.

HOOFDSTUK 3: FINANCIËN Artikel 13: Bekostiging 1. Het samenwerkingsverband SRWB kent geen rechtspersoonlijkheid. De gemeente Roosendaal fungeert bij rechtshandelingen als rechtspersoon en zij voert ook de administratie ten behoeve van de SRWB. 2. De SRWB wordt bekostigd op grond van een financiële bijdrage per inwoner. Partijen dragen jaarlijks een vast bedrag bij, waarbij geldt dat: • De zeven deelnemende gemeenten een vast bedrag per inwoner binnen hun grondgebied bijdragen, waarbij het aantal inwoners wordt bepaald op basis van het CBS-cijfer van 1 januari in het voorafgaande kalenderjaar; • De financiële bijdrage van het Waterschap Brabantse Delta is afhankelijk van het Werkprogramma en de hoeveelheid activiteiten daarin die de wettelijke taken van het Waterschap aangaan en is maximaal het bedrag dat de gemeente Roosendaal (de gemeente met de meeste inwoners) per jaar bijdraagt. Vanwege het feit dat het Waterschap een functionele overheid is, die op grond van de Waterschapswet en het Reglement van het Waterschap middelen alleen aan mag wenden voor haar wettelijke taken, zal de bijdrage van het Waterschap hieraan rechtstreeks besteed worden; • Het bedrag per inwoner zal jaarlijks vastgesteld worden aan de hand van een begroting, die voortvloeit uit de jaarlijkse werkagenda (zie artikel 4) • De activiteiten voor het inkopen c.q.

inhuren van leveringen en diensten voor de SRWB wordt vastgelegd in het Werkplan met bijbehorend budget van de SRWB dat door de Stuurgroep SRWB wordt bevestigd. De Stuurgroep SRWB is materieel opdrachtgever. • Het kernteam SRWB voert deze activiteiten uit. De coördinator van de gemeente Roosendaal voert de administratieve handelingen voor het Kernteam uit. De coördinator van de gemeente Roosendaal is administratief ambtelijk opdrachtgever. • De gemeente Roosendaal voert binnen haar eigen financiële huishouding een apart onderdeel voor de SRWB uit waarover het Kernteam zich jaarlijkse zal verantwoorden aan de Stuurgroep. • De gemeente Roosendaal dient zich via haar reguliere planning & controlcyclus bij de accountant te verantwoorden over de inkomsten en uitgaven van de SRWB. Artikel 14: Tijdelijke samenwerkingen en wisselende coalities 1. Partijen kunnen collectief, tijdelijk, en aanvullend op de vigerende Werkagenda, een regionale opgave, programma of project oppakken en daar onder de vlag van en met ondersteuning door het samenwerkingsverband, samen aan werken. Drie of meer partijen kunnen hiervoor een verzoek indienen bij de Stuurgroep. De partijen dragen zelf de aanvullend benodigde middelen bij op basis van hetgeen is opgenomen in artikel 13. 2.

Twee of meer (maar niet alle) partijen kunnen – in uitzonderlijke situaties in een zogenoemde “wisselende coalitie” – onder de vlag van het samenwerkingsverband samen een opgave, programma of project oppakken, die aanvullend is op of als verdere uitwerking dient van de Werkagenda. Zij vragen daartoe om instemming van de Stuurgroep. De betreffende partijen dragen hiertoe ieder zelf eventueel extra benodigde middelen bij. HOOFDSTUK 4: WIJZIGING, OPZEGGING, BEËINDIGING EN EVALUATIE Artikel 15: Wijzigingen 1. De binnen deze samenwerkingsovereenkomst gemaakte afspraken kunnen worden gewijzigd bij unanimiteit en op basis van gelijkluidende besluiten van de colleges van B en W van de zeven gemeenten en het Dagelijks Bestuur van het Waterschap Brabantse Delta. 2. Indien er een externe noodzaak is om deze samenwerkingsovereenkomst te wijzigen, waaronder in ieder geval wordt verstaan een gemeentelijke herindeling of opsplitsing waarbij één of meer gemeenten binnen de SRWB zijn betrokken, gaan de partijen met elkaar in overleg over de gevolgen voor het samenwerkingsverband, waaronder de

financiële bijdrage van de betreffende partij(en) en eventueel noodzakelijke wijzigingen van de samenwerkingsovereenkomst.

Artikel 16: Duur, opzegging en beëindiging 1. De overeenkomst heeft een looptijd van 3 jaren vanaf de datum van ondertekening en is niet opzegbaar. 2. De Stuurgroep kan, zonder rechterlijke tussenkomst en met meerderheid van stemmen, na ingebrekestelling een partij met onmiddellijke ingang tijdelijk uitsluiten van de samenwerking, indien de afspraken uit deze samenwerkingsovereenkomst (herhaaldelijk) niet door de desbetreffende partij worden nagekomen. 3. Verplichtingen die naar hun aard zijn bestemd om ook na uitsluiting van deze samenwerkingsovereenkomst voort te duren, blijven na uitsluiting van deze samenwerkingsovereenkomst bestaan. 4. Bij algehele beëindiging van deze samenwerkingsovereenkomst worden de kosten verdeeld over alle partijen naar rato van ieders inbreng in het lopende boekjaar, dat voortvloeit uit artikel 13. Artikel 17: Monitoring en evaluatie 1. Ieder halfjaar, in de maanden mei en november, zal de samenwerking en de uitvoering van de Werkagenda’s in relatie tot de adaptieve koersdocumenten RIA en Uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant, organisatie, planning en financiën, gemonitord worden door het Programmateam binnen het Kernteam. Opdrachtgever van de monitoring is de Stuurgroep. 2. Na 2 jaar na ondertekening van deze overeenkomst zal een evaluatie plaatsvinden door een door de Stuurgroep te benoemen commissie (van minimaal 3 personen).

Alle gremia binnen de samenwerking zullen hiervoor de nodige informatie inbrengen. Deze evaluatie kan leiden tot het handhaven van deze samenwerkingsovereenkomst, dan wel tot het oprichten van een lichte Gemeenschappelijke Regeling waarbinnen de samenwerking in de toekomst plaats zal gaan vinden. Opdrachtgever van de evaluatie is de Stuurgroep. 3. Het rapport inzake de evaluatie zal gedeeld worden met de gemeenteraden en het algemeen bestuur van de partijen. De met de evaluatie belaste commissie is op afroep beschikbaar om richting de gemeenteraden en het algemeen bestuur van de partijen de rapporten toe te lichten. HOOFDSTUK 5: SLOTBEPALINGEN Artikel 18: Aansprakelijkheid 1. Partijen zetten zich in voor een constructieve uitvoering van deze samenwerkingsovereenkomst en zullen zich houden aan de in deze samenwerkingsovereenkomst gemaakte afspraken. 2. Deze samenwerkingsovereenkomst geeft geen grondslag tot aansprakelijkstelling tussen partijen. Elke partij verbindt zich slechts tot nakoming van de eigen verplichtingen die voortvloeien uit deze samenwerkingsovereenkomst. 3. Partijen vrijwaren elkaar voor aanspraken van derden. Dit laat onverlet dat partijen in overleg de wijze van handelen ten aanzien van de aansprakelijkheid ten opzichte van derden afstemmen. Ieder is aansprakelijk naar rato van zijn inleg (ex artikel 13). 4.

Indien deze samenwerkingsovereenkomst om welke reden dan ook wordt beëindigd, dragen partijen zelf alle kosten die daaruit voortvloeien voor de eigen organisatie, een en ander met inachtneming van hetgeen in deze samenwerkingsovereenkomst overigens is bepaald. 5. Alle situaties omtrent aansprakelijkheid waarin deze samenwerkingsovereenkomst niet voorziet, zijn ter beoordeling van de Stuurgroep. Artikel 19: Geschilbeslechting 1. De voorzitter van de Stuurgroep bemiddelt bij verschil van inzicht ten aanzien van de inhoud van deze overeenkomst. Indien het geschil de (gemeente van) de voorzitter betreft. In dat geval zou de plaatsvervangend voorzitter de taken over moeten nemen.

Artikel 20: Inwerkingtreding De samenwerkingsovereenkomst treedt in werking na vaststelling van deze samenwerkingsovereenkomst in de colleges van de deelnemende gemeenten en het algemeen bestuur van het Waterschap. Artikel 21: Overgangsbepaling 1. Zolang geen uitvoering is gegeven aan hetgeen in artikel 20 is bepaald, blijft hetgeen is overeengekomen in “Het Pact van Moerdijk, 5 juni 2024” van kracht. 2. Het voorstel inzake de governance en werkagenda 2025/2026 SRWB is door de partijen in de periode mei, begin juni 2025 aangenomen en maakt onverbrekelijk deel uit van deze samenwerkingsovereenkomst. Dit voorstel is opgenomen in een bijlage bij deze samenwerkingsovereenkomst.

Artikel 22: Toepasselijk recht Op deze overeenkomst is het Nederlands recht van toepassing. BIJLAGEN: Bijlage I: Werkagenda: voorstel governance en werkagenda 2025/2026 SRWB; Bijlage II: organogram SRWB

PAGINA ONDERTEKENING PER PARTIJ: •

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen op Zoom, hierbij vertegenwoordigd door de burgemeester, mevrouw M. Mulder,

Ondertekend op … 2025 te Bergen op Zoom Handtekening : … •

Het dagelijks bestuur van het Waterschap Brabantse Delta, hierbij vertegenwoordigd door de mevrouw A.E.J. Govers-Gabriëls,

Ondertekend op … 2025 te … Handtekening : … •

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge, hierbij vertegenwoordigd door de burgemeester, de heer A. Mulder,

Ondertekend op … 2025, te Halderberge Handtekening : … •

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk, hierbij vertegenwoordigd door de burgemeester, de heer A.J. Moerkerke,

Ondertekend op … 2025, te Moerdijk

Handtekening : … •

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roosendaal, hierbij vertegenwoordigd door de burgemeester, de heer M. Buijs,

Ondertekend op … 2025, te Roosendaal Handtekening : … •

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rucphen, hierbij vertegenwoordigd door de burgemeester, mevrouw M. van der Meer Mohr

Ondertekend op … 2025, te Rucphen Handtekening : … •

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Steenbergen, hierbij vertegenwoordigd door de burgemeester, de heer R.P. van den Belt,

Ondertekend op … 2025, te Steenbergen Handtekening : … •

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Woensdrecht, hierbij vertegenwoordigd door de burgemeester, de heer J.J.C. Adraansen,

Ondertekend op … 2025, te Woensdrecht Handtekening : …

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16574249/1