D21 575264 Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid oktober 2021
Tekst van het document
Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
Eindrapport oktober 2021
Documentbeschrijving Titel
Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
Ondertitel
Eindrapport
Aantal pagina‘s
48
Pulicatienummer
2164
Datum
oktober 2021
Auteurs
Koos Louwerse
Opdrachtgever
Gemeente Borsele, Gemeente Goes, Gemeente Middelburg, Provincie Zeeland, Waterschap Scheldestromen
ROTTERDAM Walenburgerplein 104 3039 AN Rotterdam T: +31 10 303 29 98
ANTWERPEN Quellinstraat 6 2018 Antwerpen T: +32 3 226 77 90
info@tridee.eu www.tridee.eu
TRIDÉE – Drievoudig Duurzaam TRIDÉE draagt duurzaamheid hoog in het vaandel, het is zelfs in onze naam verwerkt: we streven samen met onze opdrachtgever naar drievoudig duurzaam mobiliteitsbeleid. Toekomstgericht mobiliteitsbeleid plaatst duurzame vervoerwijzen centraal. We werken voor een belangrijk deel aan beleidsprojecten die expliciet een toename van groene vervoerwijzen nastreven of faciliteren: stappen, fietsen, openbaar vervoer, deel-auto, elektrisch vervoer. Meestal zijn we met álle vormen van mobiliteit samen bezig, inclusief autoverkeer.
We hebben geleerd hoe belangrijk het is om voor een breed draagvlak te zorgen bij de bevolking en andere betrokken partijen. De behoefte tot participatie groeit en de mogelijkheden nemen evenzeer toe – op de traditionele manier of met slimme online tools. We raden participatie dan ook sterk aan en helpen onze opdrachtgever: we analyseren niet alleen wie invloed heeft, maar stellen een aanpak voor om optimale betrokkenheid en tevredenheid te bereiken.
Mobiliteit is geen doel maar een middel: het dient om ergens te komen. Naar school, het werk, de winkel of naar een vrijetijdsbesteding. Keuzes in mobiliteit kunnen moeilijk zijn en veel geld kosten. Het wordt alleen acceptabel, of zelfs een goede deal, als achterliggende doelen dichterbij gebracht worden. We zoeken naar verbindingen met verschillende beleidsdomeinen en naar gedeelde visies – door brede kennis, analytisch vermogen en een druppel creativiteit.
Inhoudsopgave 1
Samenvatting .......................................................................................................... 1
2
Inleiding ................................................................................................................... 6
3
Huidige en verwachte verkeersproblemen ......................................................... 10 3.1 Huidige verkeersproblemen ................................................................................................. 10 3.2 Verwachte verkeersproblemen ............................................................................................ 12 3.3 Conclusies .................................................................................................................................... 13
4
Fase 1: Beoordeling varianten .............................................................................. 15 4.1 Beoordeling varianten Wolphaartsdijk ............................................................................. 15 4.2 Beoordeling varianten Arnemuiden en Lewedorp ....................................................... 17 4.3 Afwegingen in het middengebied ...................................................................................... 26
5
Fase 2: Verkeerskundige uitwerking varianten en korte termijn maatregelen 27 5.1 Gebied rond Wolphaartsdijk: variant W1a ...................................................................... 28 5.1.1
Lange termijn oplossing variant W1a ................................................................ 28
5.1.2
Korte termijn maatregelen variant W1 .............................................................. 30
5.1.3
Kosten variant W1 ..................................................................................................... 31
5.2 Gebied rond Arnemuiden en Lewedorp: variant A2 ................................................... 32 5.2.1
Lange termijn oplossing variant A2 .................................................................... 32
5.2.2
Korte termijn maatregelen variant A2 ............................................................... 34
5.2.3
Kosten variant A2 ....................................................................................................... 36
5.3 Gebied rond Arnemuiden en Lewedorp: varianten A3 en A4b............................... 37 5.3.1
Lange termijn oplossing varianten A3 en A4b ............................................... 37
5.3.2
Korte termijn maatregelen varianten A3 en A4b .......................................... 40
5.3.3
Kosten varianten A3 en A4b .................................................................................. 42
5.3.4
Totaaloverzicht varianten A2, A3 en A4b ......................................................... 43
1
Samenvatting Dit adviesrapport betreft een verkeerskundig advies voor een toekomstbestendige oplossing voor de bereikbaarheid van het gebied ten zuiden van het Veerse Meer. Of dit advies daadwerkelijk - geheel of gedeeltelijk - wordt opgevolgd, op welke termijn de maatregelen dan zullen worden uitgevoerd en hoe de realisatiekosten dan zullen worden verdeeld, is aan de in dit project samenwerkende overheden. In dit adviesrapport zijn nieuwe tracés extreem vereenvoudigd, met kaarsrechte stippellijnen en haakse aansluitingen, ingetekend op de kaartjes. Daarbij is dus geen rekening gehouden met aanwezige gebouwen, verkaveling, watergangen en dijken e.d.. Daarmee wordt benadrukt dat deze lijnen ver af staan van hoe het in werkelijkheid gaat worden: dat moet in overleg met de betrokken perceeleigenaren en andere belanghebbenden worden bepaald. De bereikbaarheid van het gebied ten zuiden van het Veerse Meer, globaal begrensd door Arnemuiden in het westen en Wolphaartsdijk in het oosten, vormt al jaren een aandachtspunt. De gemeente Middelburg startte in 2019 met de planvorming om de doorontwikkeling van het recreatiepark Waterpark Veerse Meer (WVM) mogelijk te maken. Daarvoor is een zogenaamd milieueffectrapport (MER) opgesteld, inclusief een verkeersonderzoek. Met dit verkeersonderzoek is voor het gebied ten zuiden van het Veerse Meer de actuele verkeerssituatie in kaart gebracht.
Uit dit onderzoek bleek dat er binnen het gebied, met name in de kernen van Arnemuiden en Wolphaartsdijk en op enkele wegen van het Waterschap Scheldestromen in het buitengebied, al zodanige verkeersknelpunten bestaan, dat maatregelen nodig zijn. Deze problemen zullen door de autonome groei van het verkeer verder toenemen. De recreatieve ontwikkelingen in het gebied zorgen voor een extra verkeersgeneratie van ongeveer 2.400 tot 2.800 motorvoertuigen per etmaal (mvt/etm) in het hoogseizoen, bovenop de verwachte autonome groei. Deze extra verkeersgeneratie past overigens binnen de ontwikkelingsmogelijkheden van de geldende bestemmingsplannen (zie par. 2.2). De verwachte extra groei verdeelt zich als volgt over het wegennet: De grootste toename van het verkeer (met meer dan 1.000 mvt/etm) is te zien op de route via de Nieuwe Kraaijertsedijk bij Lewedorp. Ook de Oranjepolderseweg ten noorden van Arnemuiden kent een flinke toename (met ongeveer 1.000 mvt/etm). De toename door Arnemuiden (Nieuwlandseweg en Schuttershof) is met circa 400 mvt/etm beperkt. De rest van het verkeer vanaf de Oranjepolderseweg volgt onder meer de route richting Middelburg (Derringmoerweg en Doeleweg). Tenslotte neemt ook het verkeer op de Muidenweg tussen Arnemuiden en Wolphaartsdijk toe met circa 200 mvt/etm.
Vanwege de al bestaande problemen in het gebied en de verwachte toename daarvan, hebben de verschillende wegbeheerders (de gemeenten Middelburg, Goes, Borsele, Waterschap Scheldestromen en Provincie Zeeland) besloten dat er een gezamenlijke visie opgesteld moet worden voor een toekomstbestendige Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
1
ontsluiting van het gebied ‘Veerse Meer zuid’. De opdracht is uitgevoerd door adviesbureau TRIDÉE met ondersteuning van verkeerskundig adviesbureau Goudappel voor de modelmatige doorrekening van varianten. Tijdens de opdracht hebben twee digitale informatiebijeenkomsten plaatsgevonden voor alle stakeholders in het gebied en zijn er klankbordgroepbijeenkomsten georganiseerd voor de kernen van Arnemuiden, Lewedorp en Wolphaartsdijk. Ook is er een aparte bijeenkomst georganiseerd met perceeleigenaren uit Arnemuiden en Lewedorp. In de eerste fase van het project zijn verschillende varianten rond Arnemuiden en Lewedorp beoordeeld. Deze varianten zijn deels voortgekomen uit het participatietraject dat volgde op het eerder genoemde verkeersonderzoek in het kader van het MER WVM. Ook zijn twee varianten bij Wolphaartsdijk onderzocht. Uiteindelijk is er één variant overgebleven bij Wolphaartsdijk (variant W1, zie par. 3.1, tabel pag. 12) en zijn er drie varianten overgebleven bij Arnemuiden en Lewedorp (varianten A2, A3 en A4b, zie par. 3.2, tabel pag. 19). Deze keuzes zijn gebaseerd op doorrekeningen van de verkeerseffecten en globale berekeningen van de kosten door het adviesbureau Goudappel. Bij Wolphaartsdijk is het advies in te zetten op variant W1 waarbij voor de inwoners van de kern van Wolphaartsdijk de hoofdverbinding met Goes via de route N668 en N664 blijft lopen.
De hoofdverbinding richting Noord-Beveland (de N256 Deltaweg) via de Kaaidijk en de Aardebolleweg blijft eveneens ongewijzigd. Voor de bereikbaarheid van de recreatievoorzieningen boven Wolphaartsdijk vormt de route via de Deltaweg en de Aardebolleweg de hoofdontsluiting. In het kader van de Planstudie Deltaweg wordt onderzocht of de aansluiting op de N256 kan worden verlegd in noordelijke richting (zie de gestippelde lijnen op het kaartje hierboven) in het verlengde van de Aardebolleweg. Hierdoor wijzigt de huidige aansluiting met de Langeweg, waardoor de Roodewijk (leefbaarheid bewoners) en Kwistenburg (te smalle dijk) kunnen worden ontlast. Het effect van de maatregelen op het verkeer in de kern van Wolphaartsdijk is gering. Verreweg het grootste aandeel betreft namelijk bestemmingsverkeer. De kosten voor de maatregelen bij variant W1 zijn op basis van eenheidsprijzen gecalculeerd op € 8 à € 11 miljoen (zie par. 4.1). De Muidenweg is nu een 80 km/u weg waar hard wordt gereden. Dit is uit oogpunt van verkeersveiligheid niet wenselijk. Ook is het niet de bedoeling om doorgaand verkeer te faciliteren. Tegelijkertijd moeten de voorzieningen langs het Veerse Meer wel goed bereikbaar zijn. Dat kan prima met een 60 km/u weg. Om de snelheid te beheersen zijn passende snelheidsremmende maatregelen nodig, waarbij rekening gehouden moet worden met de belangen van het landbouwverkeer.
Het aanwezige vrijliggend fietspad mag blijven; het geeft de fietsers comfort en veiligheid. (zie par. 3.1 en 4.1). Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
2
Bij Arnemuiden en Lewedorp zijn, op basis van de doorrekeningen van de verkeerseffecten en globale berekeningen van de kosten door het adviesbureau Goudappel, drie varianten overgebleven (zie par. 3.2).
(Gestippelde lijnen zijn nieuwe wegen.)
Variant A2: Op de A58-aansluiting aan de zuidkant van Arnemuiden worden de open afritten vanuit en naar de richting Goes afgesloten. Daarvoor in de plaats komt een nieuwe halve aansluiting (van en naar Goes) nabij Lewedorp. Autoverkeer uit Arnemuiden Zuid rijdt over het viaduct over de A58 via de Langeweg (N665) naar de nieuwe aansluiting richting Goes. Autoverkeer uit Arnemuiden Noord rijdt via een nieuwe ontsluitingsweg ten noorden van het spoor naar de nieuwe aansluiting. Tegelijkertijd komt er vanaf de nieuwe halve aansluiting op de A58 een nieuwe ontsluitingsweg richting de zuidelijke oever van het Veerse Meer en een nieuwe ontsluitingsweg naar het bedrijventerrein ten noorden van Lewedorp (zie par. 4.2.1). Variant A3: in deze variant komt de bestaande A58-aansluiting aan de zuidkant van Arnemuiden volledig te vervallen. (Het tankstation met de verzorgingsplaats blijft wel gewoon bestaan.) In de plaats daarvan komt er een nieuwe volledige aansluiting ten oosten van Arnemuiden. Autoverkeer uit Arnemuiden Zuid rijdt over het viaduct over de A58 via de Langeweg (N665) naar de nieuwe aansluiting, maar kan ook gebruik maken van de nieuwe ontsluitingsweg aan de noordzijde van het spoor. Autoverkeer uit Arnemuiden Noord rijdt via een nieuwe ontsluitingsweg ten noorden van het spoor naar de nieuwe aansluiting.
Tegelijkertijd komt er een nieuwe ontsluitingsweg richting de zuidelijke oever van het Veerse Meer (zie par. 4.3.1).
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
3
Variant A4b: In deze variant blijft de huidige aansluiting op de A58 bij Arnemuiden volledig bestaan, evenals het tankstation met de verzorgingsplaats. Maar er wordt een knip aangebracht bij de huidige rotonde die normaal gesproken de aansluiting biedt op de A58. Voortaan moet het verkeer via een nieuwe oostelijke randweg onder de spoorlijn en de A58 door en dan terug naar de bestaande aansluiting op de A58. Tegelijkertijd biedt de oostelijke randweg via een nieuwe weg een nieuwe ontsluiting richting de zuidelijke oever van het Veerse Meer (zie par. 4.3). De effecten van de varianten zijn samengevat als volgt (zie par. 3.2, tabel pag. 19):
Etmaalintensiteiten hoogseizoen. Rood = overschrijding norm maximaal aantal voertuigen. De varianten A3 en A4b zorgen ervoor dat de intensiteiten van het autoverkeer op de Nieuwlandseweg en Schuttershof in Arnemuiden ten opzichte van nu sterk afnemen. Datzelfde geldt voor het autoverkeer bij Lewedorp op de Nieuwe Kraaijertsedijk ten noorden van het spoor. Op de Nieuwe Kraaijertsedijk ter hoogte van het dorp Lewedorp blijft de intensiteit van het autoverkeer ongeveer gelijk. Op de Postweg neemt het verkeer echter enigszins toe. Dit vergt aanvullende maatregelen. Variant A2 scoort minder goed op de Nieuwlandseweg en Schuttershof in Arnemuiden dan de varianten A3 en A4b: de intensiteiten van het autoverkeer dalen weliswaar ten opzichte van nu, maar voldoen toch niet aan de gestelde norm van maximaal circa 3.000 mvt/etm. Dit vergt aanvullende maatregelen. Variant A2 scoort daarentegen aanzienlijk beter op de Postweg en de Nieuwe Kraaijertsedijk ter hoogte van het dorp Lewedorp en ook ten noorden van het spoor. Voor elk van de drie varianten is in het adviesrapport aangeven hoe de bouwroute voor het bouwverkeer voor Waterpark Veerse Meer mogelijk gaat lopen. Verder is Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
4
bepaald welke maatregelen er, vooruitlopend op de realisatie van de nieuwe A58aansluitingen, al op korte termijn getroffen kunnen worden (zie par. 4.2.2 en par. 4.3.2). Qua kosten is er een onderscheid gemaakt tussen de kosten voor de realisatie van de lange termijnvariant en de kosten die gemoeid zijn met de korte termijn maatregelen. De totale kosten voor de drie varianten op basis van eenheidsprijzen zijn: Variant A2 (halve aansluiting): € 25 à 40 miljoen Variant A3 (volledig nieuwe aansluiting): € 40 à 55 miljoen Variant A4b (oostelijke randweg met knip): € 35 à € 51 miljoen Het totaalbeeld is duidelijk. Zonder maatregelen wordt het op veel wegen te druk. De verschillende varianten zorgen elk voor een afname van het verkeer op vrijwel alle wegen, maar per variant zijn er wezenlijke verschillen. Dat geldt ook voor de kosten. Deze inzichten moeten de betrokken wegbeheerders helpen om samen een keuze te maken uit een van deze varianten.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
5
2
Inleiding Aanleiding De bereikbaarheid van het gebied ten zuiden van het Veerse Meer, globaal begrensd door Arnemuiden in het westen en Wolphaartsdijk in het oosten, vormt al jaren een aandachtspunt. In de Gebiedsvisie Rondom het Veerse Meer uit 2004 en het project Rondom Arnemuiden uit 2007 is reeds geconstateerd dat de druk van het wegverkeer op het bestaande wegennet een punt van zorg is. Verkeersstudies destijds gaven aan dat het probleemoplossend vermogen van dat wegennet te beperkt is. In 2019 is gestart met de planvorming om de doorontwikkeling van het recreatiepark Waterpark Veerse Meer (WVM) mogelijk te maken. Hierbij vormt bereikbaarheid weer een belangrijk onderwerp. Voor het recreatiepark is een zogenaamd milieueffectrapport (MER) opgesteld, inclusief een verkeersonderzoek. Met dit verkeersonderzoek is voor het gebied ten zuiden van het Veerse Meer de actuele verkeerssituatie in kaart gebracht en onderzocht wat de effecten van de komst van het WVM zijn op de bereikbaarheid. Uit dit onderzoek is gebleken dat er binnen het gebied, met name in de kernen van Wolphaartsdijk en Arnemuiden en op enkele wegen van het Waterschap Scheldestromen in het buitengebied ook zonder de ontwikkeling van WVM al zodanige verkeersknelpunten bestaan, dat maatregelen nodig is.
Deze problemen zullen door de autonome groei van het verkeer en door geplande en verwachte uitbreidingen van ruimtelijke functies in het gebied verder toenemen. Daarbij worden ook problemen bij Lewedorp verwacht. Daarnaast zijn ook op het gebied van de spoorveiligheid knelpunten gesignaleerd op de bestaande overwegen in Arnemuiden en Lewedorp. Gelijktijdig met het verkeersonderzoek hebben er in 2019 en ook nog begin 2020 dialoogsessies plaatsgevonden met bewoners en belanghebbenden uit het Veerse Meer-zuid gebied. Naast bewoners en belanghebbenden uit Arnemuiden (gemeente Middelburg), waren er ook bewoners en belanghebbenden uit Lewedorp (gemeente Borsele) en Wolphaartsdijk (gemeente Goes) betrokken. Uit deze bijeenkomsten is gebleken dat met name de verkeersveiligheid, bereikbaarheid en de leefbaarheid in de kernen nu al zwaar onder druk staat door de hoge verkeersintensiteit en dat de toename van het verkeer niet meer acceptabel wordt geacht. Vanuit dit participatietraject is daarom aan de gezamenlijke wegbeheerders in de regio het volgende advies gegeven: “Start samen zo spoedig mogelijk een proces om nog in 2020 te komen tot een visie op een robuuste ontsluiting van het Zuidelijk Veerse Meer gebied. Betrek hierbij ook zo spoedig mogelijk ProRail en Rijkswaterstaat.
En denk daarbij niet alleen aan autoverkeer, maar ook aan fietsers, wandelaars en landbouwverkeer.” [red: als gevolg van de belemmeringen die corona met zich mee heeft gebracht is de visie in 2021 gereed gekomen]. De bestuurders van verschillende wegbeheerders (de gemeenten Middelburg, Goes, Borsele, Waterschap Scheldestromen en Provincie Zeeland) hebben het advies uit het participatietraject overgenomen en via een Startnotitie in mei 2020 vastgelegd dat er een gezamenlijke visie opgesteld moet worden voor een toekomstbestendige ontsluiting van het gebied ‘Veerse Meer zuid’: het gebied ten zuiden van het Veerse Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
6
Meer, ten oosten van de N57 en het Kanaal door Walcheren, ten westen van de N256 (Deltaweg) en ten noorden van de Postweg bij Lewedorp en de Langeweg bij Arnemuiden (zie onderstaande kaart). De hoofdlijnen van deze ontsluitingsvisie zijn tevens onderdeel van de beleidscontext van de geactualiseerde ‘Gebiedsvisie Veerse Meer 2020 – 2030’.
Kaart: Gebied Veerse Meer zuid
Opdracht De opdracht is tweeledig en is in twee fasen uitgevoerd: (1) Ontwikkel een Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid: een visie op een toekomstbestendige ontsluiting van het gebied, zodat (a) de aanwezige en toekomstige functies en bestemmingen in het gebied vlot en veilig bereikbaar zijn en (b) de huidige en toekomstige verkeersproblemen op enkele wegen in de belangrijkste kernen en op enkele andere wegen in het buitengebied opgelost worden en (c) het middengebied zoveel mogelijk autoluw blijft. Deze visie zal worden opgenomen in de Gebiedsvisie Veerse Meer 2020-2030. (2) Ontwikkel een Uitwerkingsplan: een uitwerking van de visie in een plan met realiseerbare oplossingen, met aandacht voor maatregelen op korte termijn en een goede fasering van maatregelen op langere termijn, incl. een kostenraming. De opdracht mondt uit in een verkeerskundig advies voor een toekomstbestendige oplossing. Of dit advies daadwerkelijk - geheel of gedeeltelijk - wordt opgevolgd, op welke termijn het dan zal worden uitgevoerd en hoe de realisatiekosten dan zullen worden verdeeld, is vervolgens aan de gezamenlijke wegbeheerders. De politiek-bestuurlijke besluitvorming hierover valt buiten de scope van de opdracht.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
7
Organisatie De opdracht is uitgevoerd: door adviesbureau TRIDÉE, met Koos Louwerse als projectleider, daarbij ondersteund door Marjolein de Jong onder leiding van een Bestuurlijk overleg dat bestaat uit bestuurders namens de volgende partijen: de Gemeenten Borsele, Goes en Middelburg, de Provincie Zeeland, het Waterschap Scheldestromen, Rijkswaterstaat en ProRail; in nauwe samenwerking met een werkgroep bestaande uit ambtelijk vertegenwoordigers namens deze partijen ; met ondersteuning van verkeerskundig adviesbureau Goudappel voor de doorrekening van varianten.
Aanpak In fase 1 heeft de werkgroep in totaal 7 keer vergaderd. In deze bijeenkomsten is stapsgewijs gewerkt aan het opstellen van een visie. Gaandeweg zijn tal van mogelijke varianten voor oplossingen bij Arnemuiden/Lewedorp en Wolphaartsdijk beoordeeld. Tussentijds heeft op 18 juni 2020 een digitale informatiebijeenkomst plaatsgevonden voor bewoners(organisaties) en andere organisaties en burgers die eerder betrokken waren bij het participatietraject rondom het verkeersonderzoek voor het Waterpark Veerse Meer. De varianten die door de werkgroep als beste zijn beoordeeld voor het oplossen van de huidige en verwachte verkeersproblemen in de kernen en in het gebied Veerse Meer zuid als geheel, zijn vervolgens modelmatig doorgerekend door verkeerskundig adviesbureau Goudappel. De uitkomsten zijn besproken in de werkgroep. Het eindresultaat is besproken in het Bestuurlijk Overleg en op 25 februari 2021 gepresenteerd tijdens een digitale informatieavond voor alle stakeholders en leden van raden en commissies van betrokken Gemeenten, Waterschap en Provincie. In fase 2 heeft de werkgroep in totaal 8 keer vergaderd. In deze bijeenkomsten is stapsgewijs gewerkt aan het verder uitwerken van de overgebleven lange termijn oplossingen en bijbehorende maatregelen op korte termijn.
Tussentijds heeft hierover overleg plaatsgevonden met klankbordgroepen in Wolphaartsdijk (op 17 mei 2021), Lewedorp (op 18 mei 2021) en Arnemuiden (op 20 mei 2021). Tijdens deze bijeenkomsten zijn diverse nuttige opmerkingen gemaakt en suggesties gedaan. Er werden veel vragen gesteld over hoe de tracés van nieuwe wegen precies gaan lopen. Hierover volgden diverse mails van perceeleigenaren. Daarom vond op 14 juni een apart overleg plaats met perceeleigenaren.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
8
Tijdens dit overleg bleek dat diverse perceeleigenaren vanzelfsprekend bezwaren hebben tegen de aanleg van nieuwe wegen over hun percelen. Er werden diverse sub-varianten geopperd. Ook bleken de belangen tegenstrijdig: wat voor de ene perceeleigenaar een goede oplossing is, is voor de andere een slechte oplossing. Dat bleek ook uit sommige mails. Verder waren er zorgen over de status van de ingetekende lijnen: de vrees was dat het opnemen hiervan in het eindrapport zou kunnen betekenen dat ze daarmee een juridische basis vormen voor mogelijke onteigeningen. Hoewel de wens, om nu al meer duidelijkheid te geven over de exacte loop van de tracés van nieuwe wegen en daarover nader overleg te voeren met perceeleigenaren, begrijpelijk is, is dit in dit stadium nog niet nodig. De overgebleven varianten met oplossingsrichtingen zijn namelijk zodanig van elkaar verschillend, dat de exacte situering van de wegen binnen deze varianten geen doorslaggevende invloed heeft op de keuze tussen deze varianten. Uiteraard zal na die keuze, bij de verdere uitwerking van de gekozen variant, er uitvoerig overleg moeten plaatsvinden met de betrokken perceeleigenaren en andere belanghebbenden, met het oog op het optimaliseren van het tracé, om zoveel als mogelijk tegemoet te komen aan hun belangen. Daarbij zullen de aangedragen ideeën en schetsen van sub-varianten serieus worden meegenomen.
Om de zorgen over de status van de kaarten met de nieuwe tracés weg te nemen, zijn deze tracés in het eindrapport extreem vereenvoudigd ingetekend, met kaarsrechte stippellijnen en haakse aansluitingen. Daarbij is dus geen rekening gehouden met aanwezige gebouwen, verkaveling, watergangen en dijken e.d.. Daarmee wordt benadrukt dat deze lijnen ver af staan van hoe het in werkelijkheid gaat worden: dat moet in overleg met de betrokken perceeleigenaren en andere belanghebbenden worden bepaald. Dit is hiermee ook schriftelijk vastgelegd. Tenslotte zijn de uitgewerkte lange termijn oplossingen en bijbehorende korte termijn maatregelen op 8 juli gepresenteerd tijdens een digitale informatieavond voor alle stakeholders en leden van raden en commissies van betrokken Gemeenten, Waterschap en Provincie.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
9
3
Huidige en verwachte verkeersproblemen 3.1 Huidige verkeersproblemen In het kader van het MER Waterpark Veerse Meer heeft verkeerskundig adviesbureau Goudappel een verkeersonderzoek uitgevoerd naar de huidige en verwachte verkeersknelpunten in het gebied Veerse Meer zuid. In de huidige situatie zijn er al een aantal verkeersknelpunten. Het gaat vooral om: 1. Nieuwlandseweg en Schuttershof in Arnemuiden 2. Nieuwe Kraaijertsedijk ten noorden van het spoor boven Lewedorp 3. Lepelstraat in Wolphaartsdijk 4. Kwistenburg bij Wolphaartsdijk 1. Nieuwlandseweg Arnemuiden
De Nieuwlandseweg is een erftoegangsweg 30 km/u (ETW-30) die de hoofdontsluiting vormt naar de A58 voor heel Arnemuiden, zowel ten noorden als ten zuiden van het spoor. De functie is feitelijk die van gebiedsontsluitingweg. Omdat vorm en functie niet goed op elkaar aansluiten, noemen we dit wel “een grijze weg”. Er rijden nu op een gemiddelde werkdag ongeveer 6.000 motorvoertuigen per etmaal (mvt/etm, intensiteit hoogseizoen). Dit verkeer heeft voor 80% een herkomst of bestemming binnen de kern van Arnemuiden. Er zijn geen vrijliggende fietspaden, dus fietsers en autoverkeer zijn gemengd. En er wordt geparkeerd aan beide zijden van de weg. In het mobiliteitsbeleid van de gemeente Middelburg is de norm voor een ETW-30 met een dergelijk profiel maximaal circa 3.000 mvt/etm. 2. Nieuwe Kraaijertsedijk ten noorden van het spoor boven Lewedorp
De Nieuwe Kraaijertsedijk ten noorden van het spoor boven Lewedorp is een smalle erftoegangsweg 60km/u (ETW-60) zonder fietsvoorziening. De weg functioneert in Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
10
het hoogseizoen als een van de ontsluitingswegen voor het recreatiegebied aan de zuidkant van het Veerse Meer. De weg verwerkt dan circa 1.700 mvt/etm (intensiteit hoogseizoen). Dat aantal valt binnen de norm die het Waterschap hanteert voor een normale ETW-60, zij het dat het profiel van de weg erg smal is, met ook enkele woningen vlak langs de weg, terwijl auto’s met caravans en campers elkaar daar regelmatig moeten passeren. Daarvoor is de weg op dit moment niet geschikt. 3. Lepelstraat Wolphaartsdijk
De Lepelstraat in Wolphaartsdijk is een smalle ETW-30 met verkeer vlak langs de woningen: de gevels reiken tot aan de weg, slechts gescheiden door een voetpad. Er rijden nu ongeveer 3.000 mvt/etm door de straat (intensiteit hoogseizoen), terwijl de gemeente Goes voor dit type weg een maximumnorm hanteert van circa 2.500 mvt/etm. Meer dan 80% van dit verkeer heeft een herkomst of bestemming binnen de kern van Wolphaartsdijk zelf. 4. Kwistenburg Wolphaartsdijk
Kwistenburg is onderdeel van de verbinding voor autoverkeer vanaf de Deltaweg (N256), via de Langeweg, Kwistenburg en de Aardebolleweg, naar het recreatiegebied aan de zuidkant van het Veerse Meer boven Wolphaartsdijk en verder westwaarts richting Arnemuiden. Het is een smalle dijk waar in het hoogseizoen circa 1.500 mvt/etm rijden, waaronder - net als op de Nieuwe Kraaijertsedijk ten noorden van Lewedorp - veel auto’s met caravans en campers. Hiervoor is ook deze ETW-60 op dit moment niet breed genoeg.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
11
3.2 Verwachte verkeersproblemen Naast de huidige verkeersproblemen zijn met het onderzoek van Goudappel ook verwachte verkeersproblemen in kaart gebracht. Hiervoor is gewerkt met een verkeersmodel met als basisjaar 2012 en als prognosejaar 2030. Daarbij zijn in het najaar van 2019 voor de locatie Waterpark Veerse Meer berekeningen uitgevoerd voor drie scenario’s, met als onderscheiden uitgangspunt: a) Scenario autonome groei; stopzetting van alle bouwactiviteiten op de locatie voor Waterpark Veerse Meer; feitelijk een bevriezing van de huidige situatie; b) Scenario Referentiemodel: een maximale invulling van de locatie Waterpark Veerse Meer zoals dat volgens het vigerende bestemmingsplan mogelijk is, ongeacht wie dit uitvoert en wat de precieze vorm is; c) Scenario Plansituatie Driestar (alternatief 1): de door Driestar beoogde invulling van het Waterpark Veerse Meer zoals voorzien in het najaar van 2019 (alternatief 1); In het kader van het door ons uitgevoerde onderzoek Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid heeft Goudappel in de zomer van 2020 nog een aanvullende berekening uitgevoerd.
Dit betreft een vierde scenario, met als uitgangspunt: d) Scenario Plansituatie Driestar (alternatief 2): de door Driestar beoogde invulling van het Waterpark Veerse Meer zoals voorzien in het voorjaar van 2020; dit betreft een invulling met een kleiner aantal eenheden dan bij alternatief 1. Scenario a): alleen autonome groei; stopzetting van alle bouwactiviteiten op locatie Waterpark Veerse Meer In de berekeningen in dit scenario is er van uit gegaan dat de locatie van het Waterpark Veerse Meer niet verder is ontwikkeld. Wel is gerekend met de extra verkeersgeneratie van andere reeds geplande uitbreidingsprojecten in het gebied Veerse Meer zuid en met de verwachte autonome groei van het autoverkeer. De uitkomsten laten zien dat in dit scenario in 2030 het verkeer op een gemiddelde werkdag op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof met 14% zal toenemen, op de Nieuwe Kraaijertsedijk noord met 17% en op de Lepelstraat met 10%. Scenario b): een maximale invulling volgens het vigerende bestemmingsplan In de berekeningen in dit scenario is er van uit gegaan dat de locatie Waterpark Veerse Meer, ongeacht wie dit uitvoert en wat de precieze vorm is, een maximale invulling heeft gekregen, zoals dat volgens het vigerende bestemmingsplan maximaal mogelijk is.
De uitkomsten laten zien dat in dit scenario - vergeleken met het scenario a) met alleen autonome groei - in 2030 er op een gemiddelde werkdag sprake is van een extra verkeersgeneratie van ongeveer 2.400 mvt/etm. Dit verkeer verdeelt zich hoofdzakelijk over drie ontsluitingsroutes (zie de kaart hieronder): De grootste toename van het verkeer met circa 1.200 mvt/etm is te zien op de route via de Nieuwe Kraaijertsedijk noord:. De Oranjepolderseweg kent een toename van circa 1000 mvt/etm. De Muidenweg krijgt circa 200 mvt/etm te verwerken. Overigens is de toename op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof met circa 400 mvt/etm beperkt. Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
12
Kaart: Toename verkeer in scenario b) t.o.v. scenario a) op een gemiddelde werkdag Scenario c): de door Driestar beoogde invulling van het Waterpark Veerse Meer zoals voorzien in het najaar van 2019 (alternatief 1) In de berekeningen in dit scenario is uit gegaan van het Driestarplan van najaar 2019 (alternatief 1). De uitkomsten laten zien dat in dit scenario - vergeleken met scenario a) met alleen autonome groei - in 2030 er sprake is van een extra verkeersgeneratie van ongeveer 2.800 mvt/etm op een gemiddelde werkdag. Ten opzichte van scenario b) is het verschil dus slechts 300 mvt/etm. Dit kleine verschil is enkel zichtbaar op wegen in de directe omgeving van het Waterpark en dan gaat het om maximaal 100 of 200 mvt/etm meer. Voor de kernen Arnemuiden, Lewedorp en Wolphaartsdijk zijn de verschillen verkeerskundig te verwaarlozen. Scenario d): de door Driestar beoogde invulling van het Waterpark Veerse Meer zoals voorzien in het voorjaar van 2020 (alternatief 2) In de berekeningen in dit scenario is uit gegaan van het Driestarplan van voorjaar 2020 (alternatief 2). Dit betreft een invulling met een kleiner aantal eenheden dan bij alternatief 1. Ten opzichte van scenario c) zijn de verschillen uiterst beperkt: er is sprake van een kleine afname, zodat de cijfers in de buurt komen van scenario b).
3.3 Conclusies A. In de huidige situatie zijn er al een aantal verkeersknelpunten. Het gaat vooral om: 1. de Nieuwlandseweg en het Schuttershof in Arnemuiden 2. de Nieuwe Kraaijertsedijk ten noorden van het spoor boven Lewedorp 3. de Lepelstraat in Wolphaartsdijk 4. Kwistenburg bij Wolphaartsdijk B. De uitkomsten van het verkeersonderzoek MER Waterpark Veerse Meer tonen aan dat deze problemen de komende jaren tot 2030 verder zullen groeien. Dit is vooral een gevolg van de verwachte autonome groei van het autoverkeer en ten tweede van de toename van de verkeersbewegingen als gevolg van realisatie van al Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
13
geplande uitbreidingsprojecten. Deze groei verschilt per weg(vak) maar ligt meestal tussen de 10% en 20%. C. Daar bovenop zullen (reeds planologisch toegestane) extra uitbreidingen op de locatie van Waterpark Veerse Meer vooral zorgen voor een forse toename van het autoverkeer op de route via Lewedorp (+1.200 mvt/etm op een gemiddelde werkdag). Dit leidt vooral op de Nieuwe Kraaijertsedijk noord tot een ongewenste toename van de verkeersdruk. De door deze uitbreidingen veroorzaakte toename op de andere routes, waaronder die via de Nieuwlandseweg en Schuttershof (+ 400 mvt/etm op een gemiddelde werkdag), blijft beperkt. D. De door Driestar in het najaar van 2019 beoogde invulling voor de mogelijke uitbreidingen op de locatie Waterpark Veerse Meer (alternatief 1) levert weinig extra verkeersdruk op ten opzichte van wat al planologisch door het geldend bestemmingsplan is toegestaan. E. De door Driestar in het voorjaar van 2020 beoogde invulling voor de mogelijke uitbreidingen op de locatie Waterpark Veerse Meer (alternatief 2) levert ongeveer dezelfde verkeersdruk op als die welke door het geldend bestemmingsplan is toegestaan.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
14
4
Fase 1: Beoordeling varianten In dit hoofdstuk behandelen we de in fase 1 beoordeelde mogelijke verkeerskundige oplossingsvarianten voor de verkeersproblemen in en rond Wolphaartsdijk en mogelijke verkeerskundige oplossingsvarianten voor de verkeersproblemen in en rond Arnemuiden en Lewedorp afzonderlijk van elkaar. Dat kunnen we doen omdat de onderzochte oplossingen in en rond Wolphaartsdijk nauwelijks invloed hadden op de problemen in en rond Arnemuiden en Lewedorp, en andersom. Feitelijk zijn het twee deelgebieden binnen het gebied Veerse Meer zuid met weinig onderlinge relatie. We beginnen bij Wolphaartsdijk. Daarna Arnemuiden en Lewedorp. En tenslotte beschouwen we het middengebied.
4.1 Beoordeling varianten Wolphaartsdijk In 2008 is door de gemeente Goes reeds een verkeerskundig onderzoek uitgevoerd naar het oplossend vermogen en de haalbaarheid van mogelijk oplossingen ter ontlasting van de verkeersdruk in de Lepelstraat. Onderzocht zijn de aanleg van een oostelijke randweg, de aanleg van een westelijke randweg en het verbeteren van de ‘noordelijke recreatieslag’ (de route Kwistenburg - Aardebolleweg). Uit de studie kwam de verbetering van de noordelijke recreatieslag als beste oplossing naar voren. Samen met de gemeente Goes, het Waterschap en de Provincie is nu nogmaals gekeken naar de beste ontsluiting voor de kern van Wolphaartsdijk en het recreatiegebied ten noorden daarvan aan het Veerse Meer. Twee mogelijke varianten zijn in juli 2020 modelmatig doorgerekend door Goudappel voor wat betreft de effecten op verkeersintensiteiten in het hoogseizoen (aantal motorvoertuigen per etmaal - mvt/etm). Gekozen is voor het hoogseizoen, om zeker te zijn van een zo robuust mogelijke oplossing: de verkeersintensiteiten liggen in het hoogseizoen op diverse wegen circa 30 à 40% hoger dan normaal). Variant W1: N668 GOW-80
Capaciteitsvergroting
Intelligente VRI
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
15
Bij Variant W1 blijft de N668 een Gebiedsontsluitingsweg 80 km/u (GOW-80: kleur blauw), blijft de Kaaidijk een normale Erftoegangsweg 60 km/u zonder vrijliggend fietspad (ETW-60: kleur geel) en wordt de Langeweg een Erftoegangsweg1 60 km/u mét vrijliggend fietspad (ETW-60: kleur groen). Zie bovenstaande kaart. Variant W2: N668 ETW-60 met vrijliggend fietspad
Capaciteitsvergroting
Intelligente VRI
Bij Variant W2 wordt de N668 een Erftoegangsweg1 60 km/u mét vrijliggend fietspad (ETW-60: kleur groen) en worden de Kaaidijk en de Langeweg een Gebiedsontsluitingsweg 80 km/u met vrijliggend fietspad (GOW-80: kleur blauw). Dit komt overeen met de in de Mobiliteitsvisie Zeeland 2028 opgenomen wegencategorisering. In beide varianten worden Kwistenburg en de Aardenbolleweg Erftoegangsweg1 60 km/u mét vrijliggend fietspad (ETW-60: kleur groen). Voor Kwistenburg wordt uitgegaan van een nieuw tracé onderlangs de huidige dijk. De 30km/u-zone in de kern van Wolphaartsdijk wordt uitgebreid tot aan de oevers van het Veerse Meer. Voor beide varianten zijn als aanname gedaan dat het kruispunt van de Deltaweg (N256) bij Goes in 2030 is voorzien van een intelligente VRI en dat het kruispunt bij Wilhelminadorp in capaciteit is vergroot en dat de weg tussen beide kruispunten is voorzien van 2 x 2 rijstroken met een maximum snelheid van 100 km/u. In de tabel op de volgende pagina zijn de effecten van beide varianten weergegeven op de verkeersintensiteiten (mvt/etm in hoogseizoen) op verschillende wegen in het gebied. Gekozen is voor het hoogseizoen, om zeker te zijn van een zo robuust mogelijke oplossing: de verkeersintensiteiten liggen in het hoogseizoen op diverse wegen circa 30 à 40% hoger dan normaal).
Ook wordt aangegeven wat de globale kosten zijn van de lange termijn oplossingen (nog excl. kosten voor Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
16
grondverwerving, verleggen van kabels en leidingen, aanpassing van waterkeringen, verwijderen van niet-gesprongen explosieven, archeologie, bodemverontreiniging en compensatie van water, flora en fauna).
Uit een globale kostencalculatie blijkt dat Variant W1 € 3,2 mio kost en Variant W2 € 6,9 mio. Daarnaast scoort W1 ook beter dan W2 als het gaat om de verkeersintensiteit op de Lepelstraat, hoewel dit de verkeersproblematiek daar niet helemaal oplost. Beide varianten scoren goed op de omliggende wegen; wel moet er een oplossing komen voor Langeweg-Roodewijk. Het verkeerskundig advies op basis van de effecten en de geraamde globale kosten is variant W1.
4.2 Beoordeling varianten Arnemuiden en Lewedorp In de afgelopen jaren zijn door de gemeente Middelburg al diverse verkenningen uitgevoerd naar mogelijke oplossingen voor de verkeersproblemen in Arnemuiden. Onder andere is gekeken naar het opwaarderen van de doorgaande route door Arnemuiden (Nieuwlandseweg-Schuttershof) van ETW-30 naar GOW-50. Dit vergt echter de sloop van woningen en het opheffen van parkeerplaatsen. Terwijl zelfs dan het gewenst profiel voor een GOW-50 niet haalbaar bleek. Maximaal haalbaar zijn fietsstroken, wat qua verkeersveiligheid niet voldoet. Bovendien blijkt het vinden van een alternatief voor de vervallen parkeerplaatsen op een redelijke loopafstand niet realiseerbaar. Verder is het handhaven van een weg met een zodanig hoge verkeersintensiteit (die feitelijk het dorp doormidden snijdt) ook uit oogpunt van leefbaarheid niet gewenst. Daarbij komt dat het draagvlak onder de bewoners hiervoor ontbreekt. Het opwaarderen van de doorgaande route als oplossing is dan ook terzijde geschoven. Andere al eerder bekeken oplossingen en enkele nieuwe varianten kwamen naar voren uit de bewonersparticipatie die in het najaar van 2019 plaatsvond naar aanleiding van het door bureau Goudappel uitgevoerde verkeersonderzoek MER Waterpark Veerse Meer.
Deze oplossingsvarianten zijn door het bureau in het kader van het MER modelmatig doorgerekend en van een eerste beoordeling voorzien. In vervolg daarop hebben we in het kader van de op te stellen Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid de meest kansrijke oplossingsvarianten nu Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
17
nogmaals bestudeerd. Daar zijn ook nog enkele varianten aan toegevoegd. Vervolgens hebben we alle varianten beoordeeld op hun oplossend vermogen: in hoeverre zorgt een oplossing ervoor dat (a) de aanwezige en toekomstige functies en bestemmingen in het gebied ten noorden van Arnemuiden en Lewedorp vlot en veilig bereikbaar zijn en (b) de huidige en toekomstige verkeersproblemen op enkele wegen in de kernen van Arnemuiden en Lewedorp en op enkele overige wegen in het gebied opgelost worden. Hieronder presenteren we alle beoordeelde varianten en leggen we de gemaakte afwegingen uit. We beginnen met de varianten die zijn afgevallen. Daarna lichten we de meest kansrijke varianten toe, die modelmatig zijn doorgerekend door Goudappel. Deze resultaten presenteren we aan de hand van een vergelijkingstabel. Westelijke randweg Arnemuiden (afgevallen) Een westelijke randweg langs Arnemuiden lost de problemen op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof alleen op als die randweg wordt gecombineerd met harde knips bij de spoorwegovergangen in Arnemuiden. Zonder deze knips zullen vrijwel alle automobilisten op de route tussen de noordzijde van Arnemuiden en de aansluiting met de A58 (vice versa), vanwege de omrijtijd, blijven kiezen voor de route door de kern.
Omdat het aanbrengen van harde knips bij de spoorwegovergangen het dorp feitelijk in tweeën deelt, is dit maatschappelijk/politiek geen haalbare optie. Een westelijk randweg als mogelijke optie voor de verkeersproblemen op de Nieuwlandseweg en is daarom afgevallen. Oostelijke randweg Arnemuiden ten noorden van A58 (afgevallen) Voor deze oostelijke randweg geldt hetzelfde als voor de westelijke: zonder harde knips gaat deze randweg ook niet werken. Verder is er te weinig ruimte voor de aanleg van een weg tussen de A58 en het Oude Gat, hetgeen zou betekenen dat het Oude Gat deels moet worden gedempt. Bovendien zouden de bewoners van de Oude Havenstraat geconfronteerd worden met een veel verkeer voorlangs de woningen. Deze variant is daarom afgevallen.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
18
Variant Lewedorp (afgevallen)
Deze variant biedt een goede oplossing voor het verkeer vanaf de aansluiting bij Heinkenszand richting het Veerse Meer zuid gebied. Echte, deze variant vergt niet alleen grote infrastructurele ingrepen, het ook het knelpunt in Arnemuiden (Nieuwlandseweg en Schutterhof) niet op. Deze variant is daarom afgevallen. Langeweg doortrekken met een tunnel onder de A58 en spoor en verbinden met Arnemuiden Noord en Veerse Meer (afgevallen) In deze variant wordt er een nieuwe verbinding gemaakt onderdoor de A58 en het spoor: de Langeweg wordt doorgetrokken met een tunnel richting Veerse Meer en er wordt een nieuwe ontsluiting gemaakt voor Arnemuiden Noord. Deze variant heeft echter slechts een beperkt effect op de Nieuwlandseweg. en het Schuttershof Dit komt omdat ongeveer 80% van het verkeer op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof een herkomst of bestemming heeft binnen de kern van Arnemuiden. Voor dit verkeer biedt deze variant geen oplossing. Daarom is deze variant afgevallen.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
19
Variant A1: Nieuwe halve aansluiting richting Goes ten oosten van Arnemuiden
In deze variant worden op de bestaande A58-aansluiting aan de zuidkant van Arnemuiden de op- en afritten vanuit en naar de richting Goes afgesloten. Daarvoor in de plaats komt een nieuwe halve aansluiting (van en naar Goes). Autoverkeer uit Arnemuiden Zuid rijdt over het viaduct over de A58 via de Langeweg (N665) naar de nieuwe aansluiting richting Goes. Autoverkeer uit Arnemuiden Noord rijdt via een nieuwe ontsluitingsweg ten noorden van het spoor naar de nieuwe aansluiting. Dit leidt tot een duidelijke afname van het verkeer op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof. Tegelijkertijd komt er een nieuwe ontsluitingsweg richting de zuidelijke oever van het Veerse Meer. Deze variant is eind 2019 door Goudappel modelmatig doorgerekend en bleek redelijk goed te scoren:. Daarom is deze in juli 2020 opnieuw modelmatig doorgerekend door Goudappel. Zie de resultaten verderop. Variant A2: nieuwe halve aansluiting richting Goes ten westen van Lewedorp
Deze variant lijkt qua uitgangspunten erg op de vorige. Ook in deze variant worden op de bestaande A58-aansluiting ten zuiden van Arnemuiden de op- en afritten vanuit en naar de richting Goes afgesloten. Daarvoor in de plaats komt nu een nieuwe halve aansluiting (van en naar Goes) ten westen van Lewedorp. Autoverkeer uit Arnemuiden Zuid rijdt over het viaduct over de A58 via de Langeweg (N665) naar de nieuwe aansluiting richting Goes. Autoverkeer uit Arnemuiden Noord rijdt via een Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
20
nieuwe ontsluitingsweg ten noorden van het spoor naar de nieuwe aansluiting. Dit leidt tot een duidelijke afname van het verkeer op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof. Met deze oplossing krijgen de inwoners van Lewedorp een nabije ontsluiting op de A58 richting Goes. Verder komt er een nieuwe ontsluitingsweg richting de zuidelijke oever van het Veerse Meer. En er komt een nieuwe ontsluitingsweg naar het bedrijventerrein ten noorden van Lewedorp (o.a. McCain). Ook deze variant bleek eind 2019 in de modelmatige doorgerekend redelijk goed te scoren. Daarom is ook deze in juli 2020 opnieuw modelmatig doorgerekend door Goudappel. Zie de resultaten verderop. Variant A3: volledig nieuwe aansluiting op A58 ten oosten van Arnemuiden
In deze variant komt de bestaande A58-aansluiting onder Arnemuiden volledig te vervallen. In de plaats daarvan komt er een nieuwe volledige aansluiting ten oosten van Arnemuiden. Autoverkeer uit Arnemuiden Zuid rijdt over het viaduct over de A58 via de Langeweg (N665) naar de nieuwe aansluiting. Autoverkeer uit Arnemuiden Noord rijdt via een nieuwe ontsluitingsweg ten noorden van het spoor naar de nieuwe aansluiting. Tegelijkertijd komt er een nieuwe ontsluitingsweg richting de zuidelijke oever van het Veerse Meer. Deze variant was eind 2019 nog niet doorgerekend, maar is in juli 2020 wel meegenomen in de doorrekening. Zie de resultaten verderop.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
21
Variant A4a: oostelijke randweg onderdoor de spoorlijn en de A58 met knip voor autoverkeer bij spoorwegovergang Van Cittersweg
In deze variant komt er een nieuwe oostelijke randweg onder de spoorlijn en de A58, die een nieuwe ontsluiting biedt voor de inwoners van Arnemuiden ten noorden van het spoor. Om deze aansluiting goed te laten functioneren wordt een knip aangebracht bij de spoorwegovergang Van Cittersweg. Autoverkeer uit Arnemuiden Zuid kan dan nog steeds via de huidige aansluiting naar de A58. Autoverkeer uit Arnemuiden Noord rijdt via de nieuwe oostelijke randweg naar de huidige aansluiting op de A58. Tegelijkertijd biedt de oostelijke randweg via een nieuwe weg een nieuwe ontsluiting richting de zuidelijke oever van het Veerse Meer. Om de route via Lewedorp verder te ontlasten worden op de Nieuwe Kraaiertsedijk ten noorden van het spoor extra ‘weerstandsmaatregelen’ genomen. Ook deze variant is doorgerekend door Goudappel. Zie de resultaten verderop.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
22
Variant A4b: oostelijke randweg onderdoor de spoorlijn en de A58 met knip voor autoverkeer bij huidige rotonde bij zuidelijke aansluiting A58
Deze variant is qua infrastructuur vergelijkbaar met de vorige, maar nu is de knip aangebracht bij de huidige zuidelijke rotonde bij de aansluiting op de A58. Autoverkeer uit Arnemuiden Zuid moet nu - net als het autoverkeer uit Arnemuiden Noord - via de spoorwegovergang Van Cittersweg en de nieuwe oostelijke randweg richting de A58. Ook deze variant is doorgerekend door Goudappel. Zie de resultaten verderop. De overgebleven varianten zijn in juli 2020 modelmatig doorgerekend door Goudappel. In de tabel hieronder zijn de effecten van deze varianten weergegeven op de verkeersintensiteiten op verschillende wegen in het gebied in het hoogseizoen (aantal motorvoertuigen per etmaal - mvt/etm). Gekozen is voor het hoogseizoen, om zeker te zijn van een zo robuust mogelijke oplossing: de verkeersintensiteiten liggen in het hoogseizoen op diverse wegen circa 30 à 40% hoger dan normaal). Ook wordt aangegeven wat de globale kosten zijn van deze lange termijn oplossingen (nog excl. kosten voor grondverwerving, verleggen van kabels en leidingen, aanpassing van waterkeringen, verwijderen van niet-gesprongen explosieven, archeologie, bodemverontreiniging en compensatie van water, flora en fauna).
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
23
De resultaten van de uitgevoerde modelmatige doorrekeningen in fase 1 zijn:
N.B. De verkeerskundige doorrekening van deze varianten is uitgevoerd met het verkeersmodel van Goudappel. Er kon toen nog geen gebruik worden gemaakt van het nieuwste regionaal verkeersmodel (NRM 2021) van Rijkswaterstaat. De verwachting is echter dat dit niet tot zodanig grote veranderingen zal leiden in het studiegebied, dat de oplossingen die op basis van bovenstaande cijfers in deze studie zijn bedacht, ontoereikend zullen blijken te zijn. Toch kan het nuttig zijn om tijdens de verdere voorbereiding en uitwerking van maatregelen, nogmaals een doorrekening uit te voeren met een geactualiseerd verkeersmodel. De varianten A1 (een nieuwe halve aansluiting richting Goes ten oosten van Arnemuiden) en A2 (een nieuwe halve aansluiting richting Goes ten westen van Lewedorp) verbeteren de situatie op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof in 2030 aanzienlijk, maar voldoen toch niet aan de gestelde norm van maximaal circa 3.000 mvt/etm. Variant A1 scoort beter op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof dan Variant A2, omdat Variant A1 dichter bij Arnemuiden ligt en daardoor meer verkeer uit de doorgaande route door het dorp weghaalt dan Variant A2. Variant A2 scoort daarentegen veel beter op de Nieuwe Kraaijertsedijk noord en de Postweg.
Dat beide varianten onvoldoende soelaas bieden voor de Nieuwlandseweg en het Schuttershof wordt vooral verklaard door het feit dat het meeste verkeer uit Arnemuiden is gericht op Walcheren. Dit verkeer blijft in deze varianten via de Nieuwlandseweg en het Schuttershof rijden. Als ook de kosten in beschouwing worden genomen, scoort alles overziend variant A2 beter dan variant A1.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
24
Variant A3 (een volledig nieuwe aansluiting op A58 ten oosten van Arnemuiden) scoort verkeerskundig goed op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof, omdat alle verkeer uit Arnemuiden Noord nu via de nieuwe ontsluitingsweg ten noorden van het spoor naar de A58 rijdt. De nieuwe A58-aansluiting zorgt er ook voor dat er minder verkeer via de Nieuwe Kraaijertedijk naar de recreatiegebieden aan de zuidelijke oevers van het Veerse Meer rijdt. De nieuwe aansluiting zorgt bovendien voor een betere ontsluiting van Lewedorp op de A58. Wel neemt het verkeer op de Postweg toe, vanwege de ontwikkeling van Waterpark Veerse meer, zij het minder dan wanneer er niks zou gebeuren (in het Referentie-scenario) . Dit vergt aanvullende maatregelen op de Postweg. Wat betreft de hulpdiensten: het aanrijden van hulpdiensten naar Arnemuiden gebeurt in vrijwel alle gevallen vanuit Middelburg. Als aanrijdroute zijn er twee opties: Via de Doeleweg (deze optie blijft in stand en verandert niet) en via de A58 en Nieuwlandseweg en het Schuttershof. Met variant A3 wordt de route van de A58 tot het midden van het Schuttershof ongeveer een kilometer langer dan de huidige route. De aanrijdtijd zal daardoor met ongeveer 60 seconden toenemen. Variant A4a (een nieuwe oostelijke randweg en een knip bij spoorwegovergang Van Citterstraat) scoort vooral op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof minder goed dan variant A4b.
Dit komt o.a. omdat bij variant A4a er toch een deel van de inwoners van Arnemuiden Noord via de spoorwegovergang Doeleweg richting de A58 zal rijden, omdat dit voor hen aantrekkelijker is dan gebruik maken van de nieuwe oostelijke randweg. Variant A4a heeft verder als groot nadeel dat het noorden en zuiden van het dorp door de knip bij de spoorwegovergang voor het autoverkeer feitelijk van elkaar gescheiden worden; in ieder geval worden veel bewoners van Arnemuiden Noord geconfronteerd met omrijdafstanden, bijv. naar het winkelcentrum Schuttershof. Daarom verdient variant A4b de voorkeur. Variant A4b (een nieuwe oostelijke randweg en een knip bij de rotonde bij de huidige aansluiting op de A58) scoort op alle wegen verkeerskundig even goed als variant A3 en scoort vooral op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof beter dan variant A4a. Wel neemt bij variant A4b het verkeer op de Spoorstraat toe (2.800 mvt/etm) en rijdt er ook op Schuttershof nog heel wat verkeer (3.600 mvt/etm), maar het blijft in de buurt van de door de gemeente Middelburg gehanteerde norm van maximaal circa 3.000 mvt/etm. Groot nadeel van variant A4b is dat de bewoners van Arnemuiden Zuid t.o.v. de huidige situatie een flinke omweg moeten maken voordat zij bij de aansluiting op de A58 zijn. Bovendien vormen de tamelijk hoge intensiteiten op de nieuwe oostelijke randweg nog wel een aandachtspunt.
Tot slot zullen bij variant A4b (net als bij variant A3) de aanrijdtijden van de hulpdiensten vanaf de A58 naar Arnemuiden Noord en Zuid met ongeveer 60 seconden toenemen. Alles overwegende verdient variant A4b toch de voorkeur boven variant A4a. Voor de varianten A3 en A4b geldt dat de toename van het verkeer op de Postweg een aandachtspunt is: daar moeten aanvullende maatregelen getroffen worden. Bij variant A2 geldt dat de intensiteiten op de Nieuwlandseweg en het Schuttershof zodanig hoog blijven dat daar aanvullende maatregelen nog zijn. Alles overwegende blijven verkeerskundig de varianten A2, A3 en A4b over. Kijken we naar de globale kostencalculatie, dan is variant A2 verreweg de goedkoopste en is variant A3 iets duurder dan variant A4b. Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
25
4.3 Afwegingen in het middengebied
Het is van belang om het middengebied autoluw te houden en te faciliteren voor bestemmingsverkeer. Dat kan alleen als de belangrijkste recreatiegebieden langs de zuidoever van het Veerse Meer op een directe manier worden ontsloten vanuit het oosten en het westen, en er op die manier weinig mogelijk doorgaand verkeer door het gebied heen hoeft te rijden. Op dit moment zijn de wegen in het middengebied nog relatief rustig. Dat willen we zo houden. Gelukkig zijn er - buiten de Muidenweg - geen directe oost-west verbindingen in het gebied. De Muidenweg verdient wel speciale aandacht in fase 2: de uitwerking van de gebiedsontsluitingsvisie De Muidenweg is nu een 80 km/u weg waar hard wordt gereden. Dit is uit oogpunt van verkeersveiligheid niet wenselijk. Ook is het niet de bedoeling om doorgaand verkeer te faciliteren. Tegelijkertijd moeten de voorzieningen langs het Veerse Meer wel goed bereikbaar zijn. Dat kan prima met een 60 km/u weg. De weg vervult ook een belangrijke functie voor het landbouwverkeer, waar bij de inrichting van de weg dus rekening mee gehouden moet worden.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
26
5
Fase 2: Verkeerskundige uitwerking varianten en korte termijn maatregelen In dit hoofdstuk werken we de varianten W1, A2, A3 en A4b verder verkeerskundig uit. Dit doen we aan de hand van kaarten met daarop: de lange termijn oplossingen waarmee bestaande en verwachte knelpunten zo goed mogelijk opgelost worden, aangevuld met enkele kaarten waarop wordt aangegeven van welke routes het doorgaand landbouwverkeer dan gebruik kan maken de maatregelen die op kortere termijn getroffen kunnen worden om al enige verlichting te brengen in bestaande en verwachte knelpunten, aangevuld met enkele kaarten waarop wordt aangegeven van welke routes het bouwverkeer voor het Waterpark Veerse Meer dan gebruik kan maken. Bij deze kaarten hoort de volgende legenda:
Zoals al eerder is uitgelegd in het kader op pagina 3, duiden de op de kaarten getrokken stippellijnen op gewenste nieuwe verbindingen. Deze stippellijnen zeggen echter nog niets over de gewenste tracés op perceelniveau. Die zullen in de verdere uitwerking worden bepaald, in nauw overleg met de perceeleigenaren en andere belanghebbenden. Verder wordt een inzicht gegeven in de kosten die zijn gemoeid met de realisering van de voorgestelde lange en korte termijn maatregelen.
Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
27
5.1 Gebied rond Wolphaartsdijk: variant W1a 5.1.1
Lange termijn oplossing variant W1a
De uitkomst van fase 1 was dat variant W1 qua effecten en geraamde kosten verkeerskundig zodanig beter scoorde dan variant W2, dat alleen variant W1 verder is uitgewerkt. In deze variant blijft de hoofdverbinding voor de inwoners van Wolphaartsdijk richting Goes de route via de N668 en de N664. De N668 blijft een gebiedsontsluitingsweg 80 km/u (GOW-80). Deze weg beschikt al over een vrijliggend fietspad. De N664 is nu nog een GOW-80 met vrijliggend fietspad, maar zal worden aangepast tot ETW-60 en een stukje GOW-50, beiden met vrijliggend fietspad. De hoofdverbinding voor de inwoners van Wolphaartsdijk richting Noord-Beveland blijft lopen via de Kaaidijk (deze blijft ETW-60 zonder fietsvoorziening) of de Aardebolleweg (deze blijft ETW-60, maar krijgt een fietsvoorziening omdat hier het autoverkeer zal toenemen) naar de N256 (Deltaweg). Een knelpunt bij deze variant is echter de situatie bij Kwistenburg en de Roodewijk: daar ontbreekt de ruimte voor een fietspad, terwijl dit gezien de verwachte verkeersintensiteiten daar wel noodzakelijk wordt. Tijdens de uitwerking in fase 2 kwam een nog verder te onderzoeken variant - W1a - naar voren: trek de Aardebolleweg met een nieuwe verbindingsweg door naar de N256 (Deltaweg) en verplaats het huidige kruispunt bij de Langeweg in noordelijke richting. Daarmee Eindrapport Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid
28
wordt het veel rustiger voor de Roodewijk, c.q. op het westelijk deel van de Langeweg. En daarmee kan het gemotoriseerde verkeer worden geweerd van de smalle dijk Kwistenburg, die een solitair fietspad kan worden. De nieuwe aansluiting van de Aardebolleweg op de N256 vergt naast een nieuwe verbindingsweg ook een aanpassing van de westelijke parallelweg, zodat autoverkeer, landbouwverkeer en fietsverkeer daar samen op een veilige wijze kunnen worden afgewikkeld. En de nieuwe aansluiting vergt ook een aanpassing van de oostelijke parallelweg. Op de plaats van de huidige aansluiting kan dan een fietstunnel onder de N256 komen. De effectiviteit van een nieuwe noordelijke ontsluiting is sterk afhankelijk van een goede doorstroming op de N256. Als die doorstroming stokt, zal het autoverkeer dat van de A58 komt, toch kiezen voor de route via de N664-N668 en dan door de kern van Wolphaartsdijk heen naar de recreatie- en verblijfsvoorzieningen boven Wolphaartsdijk rijden, hetgeen juist niet de bedoeling is. Begin 2021 is een planstudie gestart naar de toekomstbestendigheid van de N256 met het oog op verbetering van de verkeersveiligheid en doorstroming. In deze studie zal de vanuit de Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer zuid gewenste, meer noordelijk gelegen, aansluiting als studievariant worden meegenomen, evenals de gewenste inrichting van de parallelwegen en een fietstunnel.
Aandacht is nodig voor passende maatregelen met het oog op het terugbrengen van de snelheid van het autoverkeer op de Langeweg en de Aardebolleweg. Daarbij moet rekening worden gehouden met de belangen van het landbouwverkeer en bewoners. Het 30 km/u verblijfsgebied rond het kruispunt van de Veerweg met de Aardebolleweg en de Muidenweg moet worden uitgebreid en beter worden ingericht, omdat daar veel kruisende bewegingen zijn van autoverkeer en fietsverkeer. Ook moet daar gezorgd worden voor een nieuwe verbinding voor fietsers vanaf de Muidenweg naar het solitaire fietspad langs het Veerse Meer.