CConstaterende datBorsele
Koppel je AI →
Document · PDF

11.84 GGD begroting 2024 2027

Besluitvormende raadsvergadering 29 juni 2023, gemeente BorseleBij agendapunt: Voorstel inzake de zienswijzen over de financiële stukken van diverse gemeenschappelijke regelingen (alle portefeuillehouders)25.514 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Niet gevonden in dit document.

Programmabegroting 2024-2027 GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland

Inleiding Een goede publieke gezondheid en veiligheid is van essentieel belang voor de Zeeuwse samenleving. Daarom zet de GGD, samen met de Zeeuwse gemeenten, in op een sterke publieke gezondheid. Om de taken op het gebied van de publieke gezondheid en veiligheid goed te kunnen uitvoeren zijn voldoende financiële middelen noodzakelijk. Met dit document bieden we u daarom de begroting 2024-2027 aan van de gemeenschappelijke regeling (GR) Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland. GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland In de GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland is een onderscheid te maken tussen GGD Zeeland en Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ). Beide onderdelen komen samen in deze begroting, maar zijn wel duidelijk van elkaar onderscheiden. IJZ is door de Zeeuwse gemeenten ondergebracht bij de Bestuurscommissie die onderdeel is van de gemeenschappelijke regeling. Basis op Orde Eind 2022 zijn er noodzakelijke structurele en deels ook incidentele middelen toegekend om te komen tot een inhoudelijk sterke en robuuste GGD Zeeland. Dit was nodig omdat we op diverse onderdelen door de ondergrens zakten. De begrotingswijziging "Basis op orde" van de GGD betreft de primaire processen ten aanzien van de Algemene Gezondheidszorg, de bedrijfsvoeringsprocessen en het leidinggevend kader. Buiten scope zijn hier de jeugdgezondheidszorg en Veilig Thuis.

Voor 2024 betekent dit dat de focus vooral ligt bij het op orde brengen van de basis van de organisatie, zodat GGD Zeeland een robuuste en toekomstbestendige organisatie wordt. De effecten daarvan worden in 2025 zichtbaar. De resultaten en effecten worden geëvalueerd. In het derde kwartaal van dit jaar wordt een plan van aanpak voor de criteria van de evaluatie voorgelegd aan het Algemeen Bestuur. Deze evaluatie wordt in het derde kwartaal van 2024 uitgevoerd door een nog te werven externe en onafhankelijke partij en wordt in december 2024 aangeboden aan het AB. Naast het op orde brengen van de organisatie zijn er diverse grote ontwikkelingen die de komende periode hun invloed zullen doen gelden. COVID-19 De afgelopen jaren stonden voor de GGD voor een groot deel in het teken van de bestrijding van de COVID-19 pandemie. We zijn enorm trots op alle medewerkers die met grote betrokkenheid en bevlogenheid er alles aan hebben gedaan om in Zeeland het virus onder controle te krijgen. Nu de situatie officieel endemisch is geworden, komt er ook een einde aan het specifieke onderdeel coronabestrijding. De hoofdfinanciering vanuit het Rijk stopt per juni 2023. Er worden gesprekken gevoerd over een vervolg in afgeslankte vorm, bijvoorbeeld een najaarscampagne. De uitkomsten hiervan zijn nog onbekend.

Pandemische Paraatheid De pandemie COVID-19, en in mindere mate monkeypox, heeft ons laten zien wat de impact van een infectieziekte op de hele maatschappij kan zijn en hoe belangrijk het is om snel op te kunnen schalen; de zogenoemde pandemische paraatheid. De Rijksoverheid heeft hiervoor extra middelen beschikbaar gesteld. Wij hebben deze incidentele middelen voor 2023 en 2024 aangevraagd en zetten deze middelen bij toekenning in voor taakdifferentiatie, deskundigheidsbevordering en bovenregionale samenwerking om pandemisch paraat te zijn. Inflatie en cao-stijgingen De hoge inflatie en als gevolg daarvan hogere indexatie leidt ertoe dat de personeelslasten en materiële kosten in 2022 sterk zijn gestegen. Per 1 januari 2023 is een nieuwe cao afgesloten. Vanwege het relatief grotere aandeel personeelslasten in de begroting 2024 stijgen de verplichte personeelsuitgaven voor 2023 fors. De VZG-norm is medio maart 2023 voor 2023 aangepast op de hogere inflatie en cao-stijgingen. De begroting was op dat moment al nagenoeg gereed en is nadien aangepast voor hogere lasten en hogere gemeentelijke bijdragen.

1

Voor GGD Zeeland geldt daarnaast dat de verhouding personeel/materieel (78% - 22%) afwijkt van de VZGnorm (2/3e - 1/3e). Omdat de verwachte cao-stijgingen vanaf 2023 hoger zijn dan de VZG-norm wordt GGD Zeeland zonder compensatie met een bezuiniging geconfronteerd. Deze situatie is heel ongunstig; net tijdens de periode om de basis op orde te brengen. Om die reden verzoekt GGD Zeeland (conform uitgangspunten VZG-rapport) ter compensatie om aanvullende gemeentelijke bijdragen van € 88.243. IZA/GALA De Rijksoverheid wil met het vorig jaar gesloten Integraal Zorg Akkoord (IZA) en het dit jaar gesloten Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) investeren in de (publieke) gezondheid van alle Nederlanders. De ambitie van IZA is zorg voor iedereen toegankelijk, kwalitatief goed en betaalbaar houden. De ambitie van het GALA is een gezonde generatie in 2040. Deze akkoorden hebben overlap en versterken elkaar. Gemeenten, GGD, zorgverzekeraar en zorgaanbieders werken samen om de doelen uit de akkoorden te halen. GGD treedt hierin op als kennispartner van de gemeenten: de GGD is leverancier van data en duidt deze, de GGD kan adviseren hoe de interventies uit GALA zo effectief mogelijk kunnen worden ingezet en is bijvoorbeeld onderdeel van een ketenaanpak. De gemeenten vragen de bijdrage bij de landelijke overheid aan.

Jeugdgezondheidszorg (JGZ) Het onderdeel jeugdgezondheidszorg (JGZ) vervult een belangrijke en onmisbare rol voor de (preventieve) lichamelijke en geestelijke gezondheid van onze Zeeuwse jongeren. Om de capaciteit van de inzet van het aantal jeugdartsen en verpleegkundigen voor het basis takenpakket (BTP) te bepalen is een berekeningsmodel opgezet. Vanwege capaciteitsuitval (o.m. ziekteverzuim, ouderschapsverlof en zwangerschapsverlof) en veranderende demografische cijfers (bevolkingsgroei - waaronder de instroom van vluchtelingen uit o.a. Oekraïne) vraagt dit voor 2024 o.b.v. peildatum 1 januari 2023 om een stijging in de formatie. De wijze van financiering voor de Oekraïense vluchtelingen staat voor zowel 2023 als 2024 nog niet vast. We kiezen er echter voor om de hierboven genoemde stijging nog niet door te voeren in de begroting van 2024, omdat we werken aan het project Toekomst JGZ. In 2023 wordt bekeken in welke mate deze extra kosten structureel van aard zijn, als onder meer de werkwijze binnen de JGZ met Toekomst JGZ tegen het licht gehouden wordt. Zoals bestuurlijk afgesproken tijdens het traject Basis op Orde worden de resultaten hiervan verwacht in de tweede helft van 2023. Het is mogelijk dat eventueel hieruit voortvloeiende begrotingswijzigingen door het afgesproken bestuurlijk traject niet de vernieuwde planning van de VZG volgen.

Met deze vernieuwde planning worden vanaf 2023 minder begrotingswijzigingen voorgelegd aan gemeenteraden. Begrotingswijzigingen worden in principe alleen nog opgesteld bij een verhoging van de gemeentelijke bijdrage. Dit gekoppeld aan de bestuursrapportage. Hiermee wordt de bestuurlijke drukte aanzienlijk verminderd. Alleen wanneer zich bijzondere zaken voordoen kan gemotiveerd worden afgeweken van deze planning. Zoals aangegeven kan deze situatie zich voordoen bij het project Toekomst JGZ. Naast het BTP voert de JGZ ook aanvullende diensten uit voor gemeenten. Deze aanvullende diensten alsmede de markttaken (bv. reizigersvaccinaties of technische hygiëne-inspecties) die de GGD uitvoert dragen bij aan een robuustere GGD-organisatie en dekking van de overhead. Abusievelijk was de daling in opbrengsten door een verminderde vraag bij gemeenten naar aanvullende diensten JGZ, niet verwerkt. Deze omissie is vermeld in de Bestuursrapportage 2022 en heeft ook betrekking op de begrotingen 2023 en 2024. De daling van de uitgaven (personele lasten) is in voorgaande begrotingen verwerkt. In eerste instantie hebben we binnen onze begroting gezocht naar dekking hiervoor. We zijn daar echter niet in geslaagd. Ook de effecten uit het exploitatieoverschot 2022 zijn op structurele componenten bezien en in de beschouwing betrokken. Dit heeft eveneens niets opgeleverd.

In de begroting 2024 wordt om een verhoging van de gemeentelijke bijdrage gevraagd van € 229.185 om de omissie te herstellen. Voor 2023 wordt het effect bezien in de bestuursrapportage. Veilig Thuis Veilig Thuis vervult Zeeuws breed een belangrijke functie in het signaleren, aanpakken en doorbreken van huiselijk geweld en kindermishandeling. Op basis van de toenemende aantallen meldingen, adviezen en vervolgdiensten alsmede de toenemende complexiteit en multiproblematiek blijft toekomstige inzet noodzakelijk. 2

De financiering van het programma Veilig Thuis bestaat uit twee delen. Eén deel van de begroting komt vanuit de gemeentelijke bijdrage en één deel komt vanuit een subsidie vanuit het CZW bureau (in opdracht van de centrumgemeente Vlissingen). In voorgaande jaren is, binnen het programma Veilig Thuis, de indexering voor loon- en prijscompensatie (vergelijkbaar met de VZG-norm) op de bijdrage van het CZW bureau binnen het programma opgelost (impliciete bezuinigingen). Voor 2024 is dit niet meer mogelijk. Aangezien de Rijksoverheid op de bijdrage van het CZW-bureau (centrumgemeentemiddelen) een indexatie toepast via de algemene uitkering van de 13 gemeenten, wordt deze indexatie (€ 183.010) in rekening gebracht bij de deelnemende gemeenten op basis van de VZG-richtlijn. Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ) De huidige contracten voor de gezamenlijke inkoop van jeugdhulp lopen eind 2023 af. De Bestuurscommissie heeft na afstemming met de opdrachtnemers besloten gebruik te maken van de contractuele optie om de contracten met één jaar te verlengen. Het is de planning dat deelnemende gemeenten in de loop van 2023 een Regiovisie jeugdhulp aangeboden krijgen ter vaststelling in hun gemeenteraden. Na vaststelling vormt die regiovisie de basis voor een nieuwe aanbesteding van jeugdhulp waarbij de nieuwe contracten ingaan per 2025.

Het jaar 2024 staat dan ook in het teken van die aanbesteding. Voor de bepaling van de begrotingscijfers 2024 is een nieuwe systematiek gebruikt voor wat betreft het grootste deel van de lasten, namelijk voor de p*q gecontracteerde zorg. Tot nu toe waren de uitgegeven euro’s van het jaar t-2, zoals ze geboekt waren tot en met medio februari van het jaar t-1 (dus vóór accountantscontrole) de basis voor het begrotingsbedrag van het jaar t. Na prijsindexatie voor de jaren t-1 en t was het begrotingsbedrag per gemeente op die manier bekend. De nieuwe systematiek gaat uit van een tijdreeksanalyse van de werkelijke uitgaven per maand over de jaren 2018 tot en met 2022. Die trend is per gemeente en per productcategorie gemaakt, waarbij de meest recente periodes bij de extrapolatie naar 2024 zwaarder wegen dan de oudere jaren. Een ingezette trend weegt daardoor zwaarder mee. De OVA prijsindexatie voor 2023 (5,29%) en 2024 (4,74%) zijn meegenomen in de berekening. De OVA voor 2023 is kort voor verzending aan de gemeenteraden definitief geworden. De financiële gevolgen door de hogere OVAprijsindex worden meegenomen in een begrotingswijziging die is gekoppeld aan de bestuursrapportage 2023. Het OVA-percentage voor 2024 is nog voorlopig en kan nog afwijken. Een hogere OVA-index leidt tot hogere tarieven van jeugdhulpaanbieders.

Door de nieuwe begrotingsmethode ontstaat een betere basis voor de begroting die per gemeente per productcategorie inzicht geeft in de p, de q en de prijsindex. Afwijkingen van de begroting kunnen daardoor beter worden geanalyseerd en geven meer zicht en grip op de lasten voor jeugdhulp. Tot slot Nu we de coronapandemie achter ons laten, we de COVID-organisatie afschalen en we groen licht hebben om de basis op orde te gaan brengen breekt er een nieuwe fase aan. De basis op orde brengen doen we niet voor niets. We merken dat we onvoldoende in staat zijn om onze taken te verrichten volgens de professionele standaarden die er gelden. Dat zien we in de uitvoering van onze publieke gezondheidstaken maar ook bij de ondersteunende diensten, zoals bijvoorbeeld onderliggende Programmabegroting. De collega's zetten vaak een stap extra waarvoor ik veel waardering heb. Joke Gaemers Directeur Publieke Gezondheid en Veiligheid, GGD Zeeland

3

Inhoudsopgave Inleiding................................................................................................................................................................... 1 1. BELEIDSBEGROTING ............................................................................................................................................ 6 1.1. HET PROGRAMMAPLAN .............................................................................................................................. 7 1.1.1.Programma Publieke Gezondheid ........................................................................................................ 7 1.1.1.1.

Programmalijn Fysieke Veiligheid en Bescherming .................................................................. 7

1.1.1.2.

Programmalijn Gezondheid in de wijk.................................................................................... 12

1.1.1.3.

Programmalijn Sociale veiligheid............................................................................................ 16

1.1.2.

Programma Veilig Thuis .............................................................................................................. 18

1.1.3.

Programma Inkoop Jeugdhulp Zeeland ...................................................................................... 20

1.1.4.

Overhead en kostentoerekening ................................................................................................ 23

1.1.4.1. Algemene kosten.......................................................................................................................... 23 1.1.4.2. Financiën ...................................................................................................................................... 23 1.1.4.3. HRM.............................................................................................................................................. 24 1.1.4.4. Communicatie .............................................................................................................................. 24 1.1.4.5. Informatievoorziening en automatisering ................................................................................... 24 1.1.4.6. Huisvesting, facilitaire zaken en inkoop ....................................................................................... 25 1.1.4.7. Ondersteuning Bestuur en Directie .............................................................................................. 25 1.1.5.

Algemene dekkingsmiddelen ...................................................................................................... 27

1.1.6.

Onvoorzien en Vennootschapsbelasting .................................................................................... 32

1.2.

DE PARAGRAFEN.................................................................................................................................. 33

1.2.1.

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................... 33

1.2.2.

Paragraaf Bedrijfsvoering ........................................................................................................... 33

1.2.3.

Paragraaf Financiering ................................................................................................................ 35

1.2.4.

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing ................................................................ 35

1.2.5.

Paragraaf Verbonden partijen .................................................................................................... 40

2. FINANCIELE BEGROTING EN MEERJARENRAMING ........................................................................................... 41 2.1. Uitgangspunten voor de begroting ........................................................................................................... 42 2.2. Totaaloverzicht van baten en lasten ......................................................................................................... 44 2.2.1. Toelichting op het overzicht van baten en lasten ............................................................................. 45 2.2.2. Begrotingsresultaat 2024 - 2027 ....................................................................................................... 47 2.3. Uiteenzetting financiële positie................................................................................................................. 49 2.3.1. Geprognosticeerde begin- en eindbalans (2022 t/m 2027) ............................................................ 49 2.3.2. Geprognosticeerde EMU-saldo (2024 t/m 2027) .............................................................................. 52 2.4.

Investeringsplan 2024-2027 .................................................................................................................. 53

2.4.1. Meerjarig investeringsplan ................................................................................................................ 53 2.4.2. Geprognosticeerde afschrijvingen ..................................................................................................... 53 2.5. Stand en verloop van de reserves en voorzieningen .............................................................................. 54 BIJLAGE 1 - Gemeentelijke bijdragen (Primaire begroting) GGD incl. IJZ .............................................................. 57 BIJLAGE 2 – 1.1.1.1. Fysieke veiligheid en bescherming ....................................................................................... 63

4

BIJLAGE 3 – 1.1.1.2. Gezondheid in de wijk .......................................................................................................... 66 BIJLAGE 4 – 1.1.1.3. Sociale veiligheid .................................................................................................................. 67 BIJLAGE 5 – 1.1.2. Veilig Thuis ............................................................................................................................... 68

5

1. BELEIDSBEGROTING

6

1.1. HET PROGRAMMAPLAN Het programmaplan van de Gemeenschappelijke Regeling GGD is op te delen in een aantal inhoudelijke onderdelen: • Publieke gezondheid • Veilig Thuis • Inkoop Jeugdhulp Zeeland Overhead en kostentoedeling staan hiermee in verband. Tenzij anders vermeld, worden de programmaonderdelen gefinancierd vanuit de gemeentelijke bijdragen, voorzieningen en reserves (de Algemene Dekkingsmiddelen).

1.1.1.Programma Publieke Gezondheid Het programma Publieke Gezondheid bestaat uit drie lijnen: 1. Fysieke Veiligheid en Bescherming 2. Gezondheid in de wijk 3. Sociale veiligheid Het wettelijk kader waarbinnen de GGD haar taken uitvoert, bij welke teams dit belegd is en welke indicatoren benoemd zijn, is opgenomen in Bijlage 2 – 1.1.1.1. Fysieke veiligheid en bescherming. 1.1.1.1. Programmalijn Fysieke Veiligheid en Bescherming Beoogd maatschappelijk effect: Inwoners van Zeeland zijn optimaal beschermd tegen schadelijke gezondheidseffecten vanuit de fysieke leefomgeving Onder de Programmalijn Fysieke Veiligheid en Bescherming vallen alle activiteiten die behoren tot de infectieziektebestrijding, taken in het kader van medische milieukunde, technische hygiëne zorg en activiteiten ter voorkoming van en het inperken van gezondheidsschade als gevolg van crises en calamiteiten. Infectieziekten De pandemie COVID-19, en in mindere mate monkeypox, heeft ons laten zien wat de impact van een infectieziekte op de hele maatschappij kan zijn en hoe belangrijk het is om snel op te kunnen schalen; de zogenoemde pandemische paraatheid. In 2024 is COVID vermoedelijk onderdeel van het taakveld. Dat zal gepaard gaan met een verandering in lasten en de dekking daarvan. De details daarvan zijn bij het opstellen van de begroting 2024 nog niet uitgekristalliseerd.

In 2023 heeft de GGD incidentele gelden aangevraagd voor 2023 en 2024 bij de landelijke overheid voor de versterking van infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid (SPUK VIP). Deze gelden zijn bij het opstellen van de begroting nog niet toegekend en nog niet in de begroting 2024 verwerkt. De landelijke overheid stelt eisen aan de besteding van deze incidentele middelen. Wij zullen deze gelden gaan inzetten om via taakdifferentiatie te bepalen of en hoe niet medische professionals ingezet kunnen worden bij het voorkomen van een uitbraak van infectieziekten en bij het adequaat reageren op een pandemie of andere crisis. Een deel van het budget wordt ingezet voor deskundigheidsbevordering en het versterken van de bovenregionale samenwerking op het gebied van monitoring en surveillance. In 2022 heeft de Tweede Kamer het doel geformuleerd om maximale gezondheidswinst door vaccinatie, voor iedere Nederlander, op elke leeftijd te realiseren. Om dit doel te bereiken heeft de Tweede Kamer de intentie uitgesproken om deze vaccinatie voorziening voor volwassenen bij de GGD-en te beleggen. Het vaccinatieprogramma voor jongeren loopt via de Jeugdgezondheidszorg. In 2023 voert het RIVM in opdracht van het ministerie een uitvoeringstoets uit: op welke wijze moet de vaccinatievoorziening voor volwassenen worden ingericht? De minister gaat hierbij uit van een groeimodel.

De verwachting is dat eind 2023 duidelijk is wat deze ontwikkeling voor GGD Zeeland betekent.

7

Infectieziektebestrijding is een wettelijke taak van de GGD. De kosten bestaan, naast personele lasten uit kosten voor deelname aan landelijke en regionale netwerken, kosten voor voorlichtingsactiviteiten en laboratoriumkosten. De opbrengsten die gegeneerd worden zijn voor onderzoek bij asielzoekerscentra, die door VWS per persoon vergoed worden. En onderzoeken die we kunnen declareren bij de zorgverzekeraars, zoals onderzoeken bij mensen buiten de doelgroep. Deze opbrengsten zijn een schatting op basis van eerdere jaren en zijn niet gegarandeerd of beïnvloedbaar. Infectieziekten

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

727.200

727.200

727.200

727.200

Materiële lasten

36.600

36.600

36.600

36.600

Opbrengsten

-24.000

-24.000

-24.000

-24.000

Hygiëne en Infectiepreventie (HIP) / toezicht WMO In het kader van de Wet Kinderopvang voert GGD Zeeland in opdracht van de gemeenten de toetsing van deze wet uit. Kinderdagverblijven, buitenschoolse opvangen, peuterspeelzalen, gastouderbureaus en gastouders worden geïnspecteerd. Na de inspectie adviseert de inspecteur de gemeente over de bevindingen waarna de gemeente al dan niet handhavend optreedt. De opbrengsten van team HIP (Hygiëne en Infectiepreventie) wisselen jaarlijks, mede op basis van het aantal aangevraagde her-inspecties na herstelaanbod. GGD Zeeland functioneert ook als toezichthouder WMO voor de Zeeuwse gemeenten. Na een melding van geweld en/of een calamiteit op een WMO-locatie zal de toezichthouder een onderzoek (laten) instellen, met als insteek de kwaliteit van de zorg. Hygiëne en Infectiepreventie / toezicht WMO Personele kosten Materiële lasten Opbrengsten (Wet Kinderopvang)

2024

2025

2026

2027

663.400

663.400

663.400

663.400

500

500

500

500

-717.000

-717.000

-717.000

-717.000

Technische Hygiënezorg Een goede hygiëne voorkomt de verspreiding van infectieziekten. Bij GGD Zeeland houdt de afdeling Technische Hygiënezorg zich bezig met alle mogelijke bedrijfsmatige hygiëne-aspecten. Deze hygiënezorg richt zich op het beperken van risico’s op plaatsen waar veel mensen samenkomen en bij gemeenschappelijke voorzieningen. Dit gebeurt bij: • Tatoeage- en piercingshops en bedrijven die permanente make-up plaatsen • Seksinrichtingen • Zeeschepen • Zorginstellingen • Publieksevenementen Op basis van de Wet Publieke Gezondheid zijn de gemeenten verantwoordelijk voor 'het bevorderen van de technische hygiënezorg'. In de praktijk voert de GGD deze taak meestal uit. Tijdens de COVID-pandemie heeft de technische hygiënezorg een belangrijke preventie rol vervuld door onder meer advisering bij zorginstellingen, scholen. Daarnaast kunnen ook inwoners van Zeeland, professionals, bedrijven en instellingen een beroep doen op de expertise van de GGD. Deze activiteiten horen niet tot de wettelijke taken van de GGD. We berekenen daarvoor een uurtarief. Technische Hygiënezorg

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

224.900

224.900

224.900

224.900

Materiële lasten

11.400

11.400

11.400

11.400

Opbrengsten

-260.000

-260.000

-260.000

-260.000

8

Seksuele gezondheid (SG) Iedere Zeeuwse burger seksueel gezond! Dat is waar het team SG aan bijdraagt. Seksueel welzijn van de Zeeuwse burger door iedereen te bereiken die kans loopt op een SOA of risicovol gedrag vertoont. De belangrijkste risicogroepen: MSM (mannen die seks hebben met mannen), mensen met veel wisselende seksuele contacten, jongeren, jonge kwetsbare vrouwen, sekswerkers, etnische groepen, (LHBTQI+). Het doel is een vangnet te vormen voor mensen die nergens anders terecht kunnen. Op basis van de kernwaarden: inclusie, diversiteit, bewustwording, acceptatie, bereikbaarheid (voor burger, professional en andere teams binnen de GGD). Om de risicogroepen actief te benaderen, is een extra impuls vanuit de Rijksoverheid beschikbaar. Voorlichting over seksualiteit, relaties, anticonceptie, SOA en zwangerschap vindt plaats in individueel en groepsverband. Klanten kunnen terecht op het spreekuur Seksuele Gezondheid voor testen op SOA en allerhande vragen over seksualiteit. Indien bezoekers van het spreekuur niet tot de doelgroep behoren, worden hiervoor facturen gemaakt. Dit verklaart de opbrengsten van deze taak. Seksuele gezondheid (SG) en SOA/Aids curatief Personele kosten

2024

2025

2026

2027

283.500

283.500

283.500

283.500

Materiële lasten

138.400

138.400

138.400

138.400

Opbrengsten

-388.700

-388.700

-388.700

-388.700

Tuberculosebestrijding (TBC) Voor tuberculose geldt een wettelijke aangifteplicht; bij de GGD gemelde gevallen van TBC worden indien nodig begeleid, behandeld en we voeren het bron- en contactonderzoek uit. Tot 2022 werd de mobiele röntgen unit (MRU) ingezet om TBC op te sporen in opdracht van justitiële instellingen, op contractbasis. Die opdracht is per 31 -12-2022 weggevallen, omdat justitie door middel van bloedafname is gaan screenen. Verhuur van de MRU gebeurt nu op incidentele basis. De businesscase of en zo ja in welke mate deze herinvestering noodzakelijk is met voor/ nadelen staat voor 2023 gepland. Opbrengsten zijn hier declarabele zorg, screening Publieke Gezondheidszorg Asielzoekers en particuliere bezoekers. Tuberculosebestrijding

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

333.100

333.100

333.100

333.100

Materiële lasten

134.400

134.400

134.400

134.400

Opbrengsten

-53.800

-53.800

-53.800

-53.800

Medische Milieukunde (MMK) Het team MMK beoordeelt gezondheidsrisico’s van milieufactoren, geeft voorlichting en informatie en denkt mee over het voorkomen van ongezonde invloeden van de omgeving en het stimuleren van gezond gedrag. Dat kan op regionaal niveau zijn – denk aan de vraag of PFAS in de Westerschelde invloed heeft op de gezondheid – maar ook lokaal: stank, lawaai, ongedierte, asbest, vochtige woningen, enz. Dit doet team MMK voor gemeenten en burgers. Daarnaast faciliteert MMK de functie van Gezondheidskundig Adviseur Gevaarlijke Stoffen (GAGS) die de Veiligheidsregio adviseert over gezondheidsrisico’s tijdens incidenten. Medische milieukunde Personele kosten

2024

2025

2026

2027

409.100

409.100

409.100

409.100

Materiële lasten

9.900

9.900

9.900

9.900

Vaccinaties op maat en reisadvies (PMR) Reizigersadvisering is onderdeel van de publieke gezondheid en heeft een duidelijk preventie-gerelateerd aspect in de bestrijding van infectieziekten; het beschermen van individuele reizigers tegen infectieziekten en andere gezondheidsrisico’s (eten, drinken, uitdroging, SOA's) en het voorkomen van de introductie van importziekten in Nederland. Team PMR verzorgt ook beroepsvaccinaties; dit zijn vaccinaties voor de werkende Zeeuw die deze nodig heeft om veilig en gezond zijn werk uit te oefenen. Denk hierbij aan zorgmedewerkers, 9

politie en buitendienstmedewerkers. Daarnaast wordt er veel aan voorlichting gedaan, niet alleen via de reizigersspreekuren maar ook digitaal. Dit onderdeel van de GGD is zowel een basistaak als een markttaak. De opbrengsten uit vaccinaties zijn ingeschat op het niveau van voor COVID-19. Preventieve Maatregelen Risicogroepen

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

327.500

327.500

327.500

327.500

Materiële lasten

340.000

340.000

340.000

340.000

Opbrengsten

-779.300

-779.300

-779.300

-779.300

Rijksvaccinatieprogramma (RVP) Kinderen worden sinds 1957 gevaccineerd volgens het Rijksvaccinatieprogramma. Coördinatie van dit programma is in handen van het RIVM. Deelname aan de vaccinatie is niet verplicht, maar meer dan 95% van de ouders laat hun kind inenten. Jaarlijks bepaalt het RIVM welke vaccinaties worden aangeboden bovenop het programma van de Jeugdgezondheidszorg. Zo werd begin 2023 een grootschalige inhaalcampagne HPV gedaan. Voor 2024 zijn bij het opstellen van deze begroting, bovenop het reguliere RVP, alleen de kinkhoestvaccinaties zeker. Deze worden op de consultatiebureaus uitgevoerd. Bij grootschalige vaccinactiecampagnes wordt personeel ingehuurd, waar een vergoeding van RIVM tegenover staat. Dit is budgetneutraal. RVP Materiële lasten

2024

2025

2026

2027

38.700

38.700

38.700

38.700

Opbrengsten RIVM

-92.800

-92.800

-92.800

-92.800

Veiligheid Indien de GGD te maken krijgt met een ramp- of crisissituatie, bijvoorbeeld in het geval van een pandemie, een ramp of bij maatschappelijke onrust na een incident, organiseert de GGD zich conform de wettelijke verplichting in een Crisis Beleidsteam (CBT). De afdeling Veiligheid, waar ook interne veiligheid (waaronder bedrijfshulpverlening) wordt geborgd, zorgt ervoor dat het GGD Rampen Opvang Plan (GROP) actueel blijft en organiseert Opleidingen, Trainingen en Oefeningen (OTO). Opleidingen en trainingen vanuit OTO worden in principe vergoed vanuit het ROAZ. Om altijd paraat te zijn, nemen we een klein budget op voor OTO. Bij OTO en ramp-of crisissituaties worden specialisten uit alle expertises van de GGD ingezet, ook via piketdiensten. Veiligheid

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

158.400

158.400

158.400

158.400

Materiële lasten

4.900

4.900

4.900

4.900

AGZ Overkoepelend Binnen deze programmalijn Fysieke veiligheid en bescherming is een aantal kosten niet direct aan één organisatieonderdeel toe te kennen. Bijvoorbeeld de kosten van (her)registratie van AGZ artsen en andere medewerkers, en een klein activiteitenbudget. AGZ overstijgend

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

4.500

4.500

4.500

4.500

Materiële lasten

21.200

21.200

21.200

21.200

Onvoorziene projecten Naast de reguliere (wettelijke) taken uit het Basis Pakket en de terugkerende markttaken, komt het binnen de programmalijn Fysieke Veiligheid en Bescherming steeds vaker voor dat de GGD een extra taak toegewezen krijgt vanuit de Rijksoverheid. COVID-19, maar ook de zorg voor asielzoekers of vluchtelingen uit Oekraïne, vaccinaties die nog niet zijn opgenomen in het RVP et cetera. Op dit soort onvoorziene situaties kunnen we niet begroten. Vaak is het ook zo dat de financiering van de werkzaamheden via andere routes loopt: en/of achteraf betaald wordt: via de VRZ of rechtstreeks met een ministerie of een instantie.

10

Daarnaast zijn er vaak tijdelijke, kortlopende projecten waarbij de financiering ook rechtstreeks met de opdrachtgever loopt. Ook deze (zichzelf dekkende) projecten zijn in deze begroting niet meegenomen. Bij de financiering van deze taken wordt ook voorzien in dekking van de benodigde overhead hiervoor. Het (financiële) totaal van de programmalijn en de dekking uit algemene middelen is opgenomen in de financiële begroting.

11

1.1.1.2. Programmalijn Gezondheid in de wijk Beoogd maatschappelijk effect: een leven lang meedoen; Zeeuwse inwoners zijn én voelen zich gezonder Met de programmalijn Gezondheid in de wijk wordt via twee hoofddoelen ingezet op de gezondheid van de Zeeuwse inwoners. Eén gericht op de jeugd en één gericht op volwassenen (inclusief ouderen). Het wettelijk kader waarbinnen de GGD haar taken uitvoert, bij welke teams dit belegd is en welke indicatoren benoemd zijn, is opgenomen in Bijlage 3 – 1.1.1.2 Gezondheid in de wijk. Jeugdgezondheidszorg De jeugdgezondheidszorg (JGZ) heeft tot doel het bevorderen, beschermen en beveiligen van de gezondheid en de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van jeugdigen van 0-19 jaar, zowel individueel als op populatieniveau. Het aantal kinderen – en de problematiek waar ze mee kampen – kan erg wisselen. De laatste jaren zien we een groei in het aantal kinderen, niet alleen autonoom, maar ook door ontwikkelingen als de instroom van asielzoekers en ontheemden. De JGZ heeft vrijwel alle kinderen in beeld, vaccineert en monitort de gezondheid en de ontwikkeling van kinderen. Hierdoor vervult zij een preventieve en verbindende rol, een spilfunctie waarbij JGZ een duidelijke preventieve rol heeft.

Het Basis Taken Pakket (BTP) betreft de werkzaamheden die gemeenten beschikbaar moeten hebben en actief dienen aan te bieden aan iedere jongere, volgens professionele richtlijnen. Het is een uitgebreid, uniform pakket. In de uitvoering kan echter flexibiliteit zitten. Deze flexibiliteit wordt geheel door de verantwoordelijke professional bepaald en kan per kind/gezin verschillen. Om aan bepaalde wettelijk verplichtingen van bijvoorbeeld monitoring en advisering te kunnen voldoen, is er door GGD Zeeland een werkwijze met zorgpaden en ijkmomenten ontwikkeld. Dit is in lijn met het landelijk professioneel kader. Naast wettelijk vastgestelde taken zijn er ook producten ontwikkeld welke geen direct wettelijke grondslag hebben, echter alle producten die aangeboden worden zijn terug te voeren naar een wettelijke basis. Deze producten worden aangeboden onder de noemer Aanvullende Diensten (AVD). Inzet Jeugdartsen en Jeugdverpleegkundigen BTP (en AVD) De meeste taken van de JGZ op basis van het BTP worden uitgevoerd vanuit de consultatiebureaus (CB's), door de teams die per gemeente en per regio georganiseerd zijn. Daarnaast vinden er uiteraard taken plaats op scholen en ook door middel van huisbezoeken. Zeeland heeft relatief veel consultatiebureaus; dit heeft alles te maken met de geografische spreiding van de doelgroepen. Consultatiebureaus

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

6.374.000

6.374.000

6.374.000

6.374.000

Huisvestingskosten

589.100

589.100

589.100

589.100

Opbrengsten aanvullende diensten

-273.500

-273.500

-273.500

-273.500

De benodigde formatie is voor 2023 tot stand gekomen door gebruik te maken van het Formatie Calculatie Model (FCM). Door inzet van dit model kunnen werkplannen en de daarvoor benodigde formatie per jaar worden vastgesteld op basis van demografische ontwikkelingen, maar ook de verzuimcijfers, het percentage ouderschapsverlof en zwangerschapsverlof wordt hierin meegenomen om het capaciteitsverlies vast te stellen. Voor 2024 (en verder) geldt dat de geactualiseerde cijfers voor het lopende jaar (2023) als uitgangspunt zijn genomen. Ieder jaar wordt in het derde kwartaal opnieuw beoordeeld in hoeverre het model aansluit bij of afwijkt van de werkelijkheid. Indien nodig wordt de formatie/productie hierop bijgesteld. Op basis van de voor 2023 bekende demografische cijfers en de capaciteitsuitval in 2022 (als gevolg van ouderschapsverlof, zwangerschapsverlof en verzuim) is in het kader van de ‘basis op orde voor JGZ’ becijferd dat er in 2023 meer capaciteit benodigd is voor inzet van Jeugdartsen en Jeugdverpleegkundigen dan initieel begroot om het BTP uit te voeren. Deze lijn is vooralsnog niet meegenomen in de begroting 2024. Dit geldt ook voor het mogelijk opnieuw invoeren van het 6 maanden consult (dat in overleg met de inspectie door een gebrek aan Jeugdartsen tijdelijk is stopgezet tot september 2023).

In 2023 zal bekeken worden in welke mate deze extra kosten structureel van aard zijn. In de begrotingswijziging Basis op Orde is JGZ buiten scope gebleven. Het project toekomst JGZ dat in 2022 een doorstart heeft gekregen wordt in de tweede helft 2023 opgeleverd. Aanvullend wordt hierbij gekeken naar de behoefte aan taakherschikking vanwege het artsentekort, het

12

verkennen van mogelijkheden om nog meer te investeren in preventie en in digitalisering. Hiervoor zal in 2023 een apart programma worden opgestart. Aanvullende diensten In aanvulling op de taken uit het Basis Taken Pakket voert de Jeugdgezondheidszorg ook aanvullende diensten uit, de zogenaamde Aanvullende Diensten Jeugdgezondheidszorg (AVD JGZ). Deze dienstverlening wordt per gemeente apart ingekocht – afhankelijk van de behoefte. Het kan gaan om extra preventieactiviteiten, video hometraining, aanvullende huisbezoeken, cursussen en themabijeenkomsten et cetera. De aanvullende diensten worden separaat aan de gemeenten gefactureerd. De werkzaamheden worden uitgevoerd door jeugdverpleegkundigen van de JGZ. Voor 2024 (en verder) geldt dat de geactualiseerde offertes voor het lopende jaar (2023) als uitgangspunt zijn genomen. Ieder jaar wordt in het derde kwartaal opnieuw besproken met gemeenten welke Aanvullende Diensten afgenomen zullen worden. Indien nodig wordt de formatie hierop bijgesteld met die kanttekening dat met gemeenten is afgesproken dat hier wel vast personeel op ingezet wordt (en dat de risico’s voor eventuele afschaling bij de gemeenten liggen). Facturatie zal daarbij plaatsvinden op basis van de afgesloten offertes indien afschaling gedurende het jaar niet mogelijk is.

Plan- en Afspraken Bureau (PAB) Het PAB is onderdeel van de JGZ en werkt ondersteunend en faciliterend aan alle consultatiebureaus ten behoeve van efficiency en effectiviteit van het inplannen van alle afspraken. Het PAB zorgt dat kinderen worden uitgenodigd voor een consult op het consultatiebureau of dat ouders een uitnodiging krijgen voor het invullen van een digitale vragenlijst. Dit gaat vanaf de leeftijd van 3 maanden op het bureau tot contactmomenten op het voortgezet onderwijs (0-19 jaar). Ook zorgen zij ervoor de personele bezetting op de consultatiebureaus optimaal is. Daarnaast voert PAB administratieve taken uit (en ontlasten ze hiermee deels de Jeugdartsen en Jeugdverpleegkundigen) door o.a. het beoordelen van ingevulde vragenlijsten alsook het koppelen van documenten aan de dossiers van de kinderen. Verder zijn zij (mede) verantwoordelijk voor het analyseren van de no-show (een belangrijke ‘kostenpost’ in de bedrijfsvoering). Plan- en afsprakenbureau

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

846.700

846.700

846.700

846.700

Materiële lasten

0

0

0

0

JGZ overstijgend Sinds 2023 wordt er – voortkomend uit het FCM – gebruikgemaakt van een ‘flexibele schil’ jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen. Deze wordt gevormd door professionals in dienst van GGD Zeeland, die niet aan één team zijn verbonden maar ingezet kunnen worden waar nodig om capaciteitsverlies als gevolg van ouderschapsverlof, zwangerschapsverlof en verzuim op te vangen. Daarnaast wordt vanuit deze flexibele schil gebruikgemaakt van inhuurkrachten. Zie toelichting onder het kopje ‘Consultatiebureaus’ Om te voldoen aan de eisen van het BBV zijn de kosten die rechtstreeks te maken hebben met het uitvoeren van de basistaken, zoals het gebruik van de software voor KD+ en de inzet van functioneel beheer uitsluitend voor JGZ ook toegerekend aan deze afdeling. Ook de afschrijvingen binnen JGZ zijn hier meegenomen. JGZ overstijgend Personele kosten

2024

2025

2026

2027

417.300

417.300

417.300

417.300

Materiële lasten

190.100

190.100

190.100

190.100

Naast de taken die vanuit de CB's worden uitgevoerd, zijn er ook twee teams die regionaal of zelfs provinciaal opereren. Het gaat dan om de screeners en om het team 12+. De screeners zijn medewerkers die binnen een week na de geboorte van een kind een huisbezoek afleggen om de hielprik te geven en de kinderen in hun eigen omgeving een gehoortest te laten ondergaan. Hier staat een rechtstreekse vergoeding van het RIVM tegenover. Het team 12+ richt zich op het oudere kind; zij verzorgen de bezoeken aan de middelbare scholen, en werken indien nodig samen met de afdelingen Leerplichtzaken van de gemeenten en middelbare scholen, waarbij zorg kan worden verleend aan verzuimende leerlingen. De aandacht voor ziekteverzuim in het MBO,

13

wat geoormerkt is in de algemene dekkingsmiddelen, wordt uitgevoerd vanuit team 12+. Voor ziekteverzuim MBO betalen Scalda en Hoornbeeck College een bijdrage. 2024

2025

2026

2027

Personele kosten

JGZ Screeners en 12+

1.151.300

1.151.300

1.151.300

1.151.300

Materiële lasten

18.900

18.900

18.900

18.900

Opbrengsten

-97.700

-97.700

-97.700

-97.700

Coördinatie integrale vroeghulp Integrale Vroeghulp is voor alle ouders met kinderen van 0-7 jaar die zich zorgen maken of vragen hebben over de ontwikkeling van hun kind. GGD Zeeland coördineert het proces om in een zo vroeg mogelijk stadium hulp te bieden aan kinderen die problemen ondervinden in hun ontwikkeling. Coördinatie Integrale vroeghulp Personele kosten

2024

2025

2026

2027

33.500

33.500

33.500

33.500

Materiële lasten

100

100

100

100

Verwijsindex De Verwijsindex is een digitaal systeem waarin professionals een signaal afgeven dat ze betrokken zijn bij kinderen en jongeren tot 23 jaar. Dankzij de Verwijsindex blijft iedereen in beeld en kunnen de professionals onderling afstemmen om de best mogelijke ondersteuning te bieden. In december 2021 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen, die de regering oproept de wettelijke verplichting op het gebruik van de Verwijsindex te schrappen. De staatssecretaris van VWS heeft september 2022 een brief aan de Tweede Kamer gezonden waarin wordt aangegeven dat de Verwijsindex uit de Jeugdwet wordt gehaald. Dat betekent dat VWS een wetsvoorstel voorbereidt om de wettelijke verplichting van de Verwijsindex in de Jeugdwet af te schaffen. Een wetgevingstraject duurt gemiddeld twee jaar. In de begroting is vooralsnog uitgegaan van het continueren van de huidige werkwijze t.a.v. het in de lucht houden van het systeem dat voor de verwijsindex gebruikt wordt en waarvan de kosten hieronder staan weergegeven. Dit geldt ook voor de personele inzet. T.a.v. het terugbrengen van de kosten voor de personele inzet (waakvlamniveau) wordt in het AB (april 2023) een voorstel ter besluitvorming gedaan. Dit voorstel is nog niet meegenomen in de begroting 2024. Verwijsindex

2024

2025

2026

2027

Materiële lasten

100.600

100.600

100.600

100.600

Publieke Gezondheid Asielzoekers GGD Zeeland voert de publieke gezondheidszorg voor asielzoekers uit in het kader van een overeenkomst tussen GGD GHOR Nederland, de koepelorganisatie van 25 GGD’en en GHOR-bureaus, en het COA. De taken voor statushouders die in de gemeente wonen, zijn gelijk aan die voor andere inwoners van Nederland en vallen onder verantwoordelijkheid van de gemeente. De gezondheidsbevorderaars Publieke Gezondheidszorg Asielzoekers (PGA) geven groepsgewijs voorlichting aan asielzoekers over gezondheidsrisico’s en hoe zij die kunnen voorkomen. GGD Zeeland stelt jaarlijks per opvanglocatie, in afstemming met het COA en andere samenwerkingspartners, een werkplan gezondheidsbevordering op. Ook voert de GGD op aanvraag individuele voorlichting seksuele gezondheid uit. We krijgen voor de verleende dienstverlening een vergoeding per asielzoeker. Omdat het aantal asielzoekers fluctueert, is hier lastig op te begroten. De begroting is dan ook een inschatting op basis van eerdere jaren waarbij kosten en opbrengsten idealiter op nul zouden moeten uitkomen. De ervaring leert echter dat dit niet altijd mogelijk is gezien de fluctuaties in relatie tot vast personeel dat aangesteld wordt. PGA JGZ

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

66.700

66.700

66.700

66.700

Materiële lasten

500

500

500

500

Opbrengsten

-65.000

-65.000

-65.000

-65.000

14

Onderzoek en advies De Onderzoekers Publieke Gezondheid leveren betrouwbare gezondheidsinformatie als essentiële basis voor besluitvorming om de gezondheid van Zeeuwen te verbeteren. Zij leggen de puzzel door gezondheidsinformatie te combineren, analyseren, interpreteren en de betekenis ervan aan te geven. Hierbij houden zij rekening met onderlinge verbanden, de context van de huidige samenleving en de toekomst. Dit doen zij voor en in samenwerking met GGD-teams, beleidsmakers en de Zeeuwse burgers. Zij geven gevraagd en ongevraagd advies aan beleidsmakers in verschillende domeinen en de GGD als organisatie door een beeld te leveren van de gezondheid van Zeeuwen. Daarnaast maken zij de informatie toegankelijk voor hen en de burgers. Eenmaal per vier jaar worden er monitoren Jeugd en Volwassenen uitgevoerd. In de begrotingswijziging Basis op Orde is meegenomen dat de lasten van de monitors gelijkmatiger verdeeld worden over de tijd. Jaarlijks wordt hiervoor €30.000 aan kosten opgenomen. Daarnaast wordt in 2024 €60.000 ten laste van de algemene reserve gebracht om het budget op peil te brengen. Begin 2023 werd bekend dat de aanbesteding voor de onderzoeken Volwassenen pas voorjaar 2024 wordt gedaan. De middelen van 2023 zijn bij die van 2024 gevoegd. Onderzoek en advies

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

1.510.900

1.510.900

1.510.900

1.510.900

Materiële lasten

140.200

50.200

50.200

50.200

Opbrengsten

-61.000

-61.000

-61.000

-61.000

Nu Niet Zwanger Het programma Nu Niet Zwanger ondersteunt vrouwen en mannen, in een kwetsbare situatie, om een bewuste keuze te maken over het moment van hun kinderwens. (Zorg)professionals begeleiden cliënten hierbij actief. Nu Niet Zwanger is opgenomen in het landelijke programma Kansrijke Start en is sinds 2023 een onderdeel van de reguliere taken van GGD Zeeland. Nu Niet Zwanger Personele kosten

2024

2025

2026

2027

59.900

59.900

59.900

59.900

Materiële lasten

12.000

12.000

12.000

12.000

Artsen in opleiding Het artsentekort speelt in heel Nederland en dus ook bij GGD Zeeland. Om het oplossen van dit tekort te stimuleren, bieden we opleidingsplaatsen aan basisartsen die zich willen specialiseren. Het aantal artsen in opleiding voor 2024 is pas september 2023 bekend. Hier is niet op begroot, ook omdat kosten en opbrengsten ongeveer tegen elkaar wegvallen. We begroten wel de kosten van de opleiders vanuit GGD Zeeland en hun opleidingskosten. Opleiding en bijscholing AIO

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

39.500

39.500

39.500

39.500

Opbrengsten

39.300

39.300

39.300

39.300

AGZ overstijgend Naast de reguliere (wettelijke) taken voert AGZ ook een aantal projecten uit. Een voorbeeld zijn de projecten in het kader van ‘Gezonde School’. Uit onderzoek blijkt dat kinderen die voldoende bewegen en gezond eten en drinken zich beter voelen. Ook weten we hoe belangrijk een gezonde leefstijl en mentale veerkracht is voor de ontwikkeling en schoolprestaties van een kind. Voldoende urgentie om hier in het basisonderwijs en voortgezet onderwijs met bewezen effectieve interventies aandacht aan te besteden. Met de Gezonde School-aanpak worden van alle losse activiteiten één geheel gemaakt. Na het behalen van minimaal één themacertificaat mag de school zich gedurende drie jaar een Gezonde School noemen. Projecten worden in principe allemaal budgetneutraal begroot – indien dit alsnog niet mogelijk blijkt volgt een begrotingswijziging. Het (financiële) totaal van de programmalijn en de dekking uit algemene middelen is opgenomen in de financiële begroting.

15

1.1.1.3. Programmalijn Sociale veiligheid Beoogd maatschappelijk effect: Het gevoel van veiligheid in het persoonlijke leven is vergroot Het programma Sociale veiligheid richt zich op de ervaren veiligheid van inwoners. Het gaat hier om kwetsbare inwoners van Zeeland waarvoor een sluitende aanpak nodig is. Hierbij is signaleren en toeleiding naar ondersteuning of zorg van groot belang. Het wettelijk kader waarbinnen de GGD haar taken uitvoert, bij welke teams dit belegd is en welke indicatoren benoemd zijn, is opgenomen in Bijlage 4 – 1.1.1.3 Sociale veiligheid. Meld- en Actiepunt Bemoeizorg (MAB) Het MAB is gespecialiseerd in het opbouwen van contacten met inwoners die zorg mijdend zijn, dus zelf niet om hulp vragen. Vaak betreft het mensen in een kwetsbare, vrij uitzichtloze situatie die al dan niet voor overlast zorgen. Emergis en de GGD werken hierin samen. In samenwerking met cliënt en ketenpartners wordt gezocht naar een passend hulpaanbod. Het MAB is gericht op een integrale aanpak van de problemen en er wordt actief met verschillende ketenpartners samengewerkt, waaronder verslavingszorg (SCM), maatschappelijk werk, huisartsen, woningcorporaties, het Zorg- en Veiligheidshuis in het kader van WvGGZ (Wet verplichte GGZ) en het daarbij behorende meldpunt Zorgwekkend gedrag.

Meldingen worden onder andere gedaan door gemeenten, zorgnetwerken, politie, woningcorporaties, hulpverleners, maar ook door inwoners. Het team MAB krijgt steeds vaker te maken met zeer complexe problematiek. Daarnaast geven gemeenten en partners aan dat er behoefte is om bij problemen eerder in grijpen (vroegsignalering) of de terugkerende problematiek rondom een kleine groep verwarde personen te doorbreken door bijvoorbeeld vinger aan de pols te houden als de persoon geen ondersteuning en behandeling accepteert. In 2023 is het team MAB gestart met verschillende pilots (wijk GGD/inzet straat psychiater/verkenning loopvermogen voor meldpunt zorgwekkend gedrag). Samen met gemeenten wordt verkend hoe de groep zorgmijders en /of mensen met verward gedrag en hun omgeving het effectiefst geholpen kunnen worden. In 2024 gaat het team hiermee verder. Het MAB wordt gefinancierd middels een structurele budgetsubsidie uit (centrum)gemeentegelden voor de Maatschappelijke Opvang.

MAB

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

487.600

487.600

487.600

487.600

Materiële lasten

17.100

17.100

17.100

17.100

Opbrengsten

-536.700

-536.700

-536.700

-536.700

Forensische geneeskunde De forensisch geneeskundige verleent diensten voor gemeenten (lijkschouw), politie en justitie (medische arrestanten zorg, medisch onderzoek bij zedendelicten, kindermishandeling) en bloedproeven. De situatie is onveranderd ten aanzien van het tekort aan FG-artsen. We hebben nog steeds maar één FG-arts in dienst die per oktober 2023 vertrekt. In de begroting voor 2024 is er wel rekening gehouden met vervanging, maar niet met uitbreiding. Voor complexe lijkschouw moet een geregistreerde FG-arts 24/7 beschikbaar zijn, waardoor we (in geval van verlof of ziekte van onze FG-arts) externe FG-artsen in zetten. Dit is een complex vraagstuk, onder meer vanwege het landelijke tekort aan FG-artsen en vanwege financiële, juridische en organisatorische aspecten om het rooster rond te krijgen. Voor de niet complexe lijkschouw en dienstverlening aan politie zetten wij (conform een vanuit de minister goedgekeurde noodmaatregel) huisartsen in (in loondienst of als zzp arts), die onder supervisie van een FG-arts (op afstand) werken.

16

In 2022 is besloten de krachten regionaal te bundelen om maximale inzet met de beperkte capaciteit te realiseren. Hiervoor is in 2023 een FG regiomanager aangesteld die een cruciale rol heeft In het zorgdragen voor het borgen van de continuïteit van de dienstverlening aan politie, justitie en gemeenten. Het aandeel van de GGD in deze kosten is opgenomen in de materiële lasten. De FG regiomanager gaat in 2023 de mogelijkheden verkennen om samen met de GGD-en binnen de politieregio Zeeland West Brabant het artsentekort structureel op te lossen en werkprocessen, tarieven en financiering te harmoniseren. Tegen het einde van 2023 maken we opnieuw de balans op en overwegen we of we genoodzaakt zijn om de dienstverlening aan politie te stoppen, waardoor de kosten voor gemeenten stijgen.

Forensische geneeskunde Personele kosten

2024

2025

2026

2027

668.700

668.700

668.700

668.700

Materiële lasten

48.800

48.800

48.800

48.800

Opbrengsten

-794.000

-794.000

-794.000

-794.000

17

1.1.2. Programma Veilig Thuis Beoogd maatschappelijk effect: Het gevoel van veiligheid in het persoonlijke leven is vergroot Onveiligheid in afhankelijkheidsrelaties, waaronder huiselijk geweld en kindermishandeling, is de meest voorkomende vorm van geweld in onze samenleving. In 2022 gaf 9% van de bevolking van 16 jaar en ouder (bijna 1,3 miljoen personen) aan in de afgelopen 12 maanden slachtoffer te zijn geweest van een of meer vormen van huiselijk geweld. Hier is de verbale agressie nog niet in meegenomen. Nemen we die wel mee, dan gaat het om 33% slachtoffers.* Daarnaast worden 119.000 kinderen slachtoffer van huiselijk geweld en kindermishandeling. Dat is gemiddeld 1 kind per klas. Belangrijk hierbij te vermelden is dat circa 70% van alle geweldsvormen van structurele aard is. *Prevalentiemonitor huiselijk geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag 2022, CBS. Verankering De maatschappelijke impact die met huiselijk geweld en kindermishandeling gemoeid gaat, is enorm. Sinds de inwerkingtreding van de Jeugdwet (1 januari 2015) hebben gemeenten en Veilig Thuis samen met relevante ketenpartners de plicht om deze maatschappelijke impact terug te dringen. Veilig Thuis valt onder de bestuurlijke verantwoordelijkheid van de 13 Zeeuwse Gemeenten en is onderdeel van de GGD Zeeland.

Door deze samenvoeging is op provinciaal niveau verbinding tussen gezondheid en veiligheid ontstaan. Veilig Thuis wordt op financieel vlak enerzijds gefinancierd vanuit het Macrobudget Jeugd. Anderzijds wordt Veilig Thuis via het CZW bureau gefinancierd vanuit de Decentralisatie Uitkering Vrouwenopvang (DuVo). Deze gelden ontvangt de (centrum)gemeente Vlissingen voor de aanpak van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Om blijvend in te kunnen zetten op het terugdringen van de maatschappelijke impact blijft financiering toekomstig noodzakelijk.

Organisatie Veilig Thuis Zeeland is het advies- en meldpunt voor huiselijk geweld en kindermishandeling. Vanuit deze rol levert Veilig Thuis een bijdrage aan het doorbreken van onveilige situaties en het stoppen van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Iedereen, of je nu slachtoffer, pleger, omstander of professional bent, kan bij Veilig Thuis terecht voor informatie, advies of ondersteuning. Daar waar nodig doet Veilig Thuis onderzoek. Veilig Thuis voert de (wettelijke) taken uit zoals deze zijn vastgelegd in de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (art. 4) en de Jeugdwet (art. 7) alsmede het handelingsprotocol. Concreet valt hierbij te denken aan de uitvoering van taken zoals de radar-, onderzoeks- en monitoringsfunctie. Middels een versterking van de ketensamenwerking en de inregeling van korte samenwerkingslijnen investeert Veilig Thuis, samen met de ketenpartners, in een vroegtijdige signalering. Dit om escalaties in onveilige situaties, zoals geweld, mishandeling, verwaarlozing of misbruik, te voorkomen of te stoppen en doorbreken. De indicatoren die samenhangen met het wettelijke kader (art 4. Wet Maatschappelijke Ondersteuning en art. 7 Jeugdwet) waarbinnen Veilig Thuis Zeeland haar taken uitvoert zijn opgenomen in Bijlage 5 – 1.1.2 Veilig Thuis.

Cijfers Afgelopen jaren zijn zowel de adviezen, meldingen als de vervolgdiensten Veilig Thuis Zeeland sterk toegenomen. Zo is er in 2022 een stijging van 8% van het aantal adviesvragen waar te nemen ten opzichte van 2021 en is het aantal meldingen in 2022 met 17% gestegen ten opzichte van 2021. Daarnaast is ook het aantal vervolgdiensten in 2022, als gevolg van de toenemende multiproblematiek en complexiteit in zaken, met 18% toegenomen ten opzichte van vorig jaar. Door de parallel ingezette interventies zijn de wachtlijsten afgenomen en de doorlooptijden verbeterd. Daarnaast heeft Veilig Thuis in 2022, onder andere middels het verzorgen van voorlichtingen, verder geïnvesteerd in de verbetering van de ketensamenwerking met bijvoorbeeld de gemeenten, alsmede de justitiële netwerkpartners, huisartsen, ziekenhuizen, scholen en kinderdagverblijven. Het blijvend investeren in voorlichtingen en ketensamenwerking blijft toekomstig ook van groot belang.

Toekomstige ontwikkelingen Veilig Thuis Zeeland Qua cijfermatige ontwikkelingen is de verwachting dat de huidige tendens van de afgelopen jaren (stijging van de adviezen, meldingen, ondersteuningsverzoeken en vervolgdiensten) zich ook komende jaren voortzet. 18

De multiproblematiek en complexiteit in casussen neemt daarbij steeds verder toe. Dit vergt intensievere en andersoortige interventies, waardoor inzet van gedragswetenschappers en vertrouwensartsen in de toekomst vaker dienen te worden benut. Verder blijft de zichtbaarheid binnen de keten en verbetering van de samenwerking, door o.a. voorlichtingen over de werkwijze alsmede de wet verplichte meldcode en het regiogerichte werken van groot belang. Landelijke ontwikkelagenda’s en programmalijnen Toekomstig dient Veilig Thuis Zeeland (in opdracht van de VNG, het ministerie van VWS en JenV) ook uitvoering te blijven geven aan landelijke ontwikkelagenda’s en programmalijnen. Zo omvat het Toekomstscenario kinden gezinsbescherming een voorstel voor de verbeterde aanpak van de jeugdbeschermingsketen. De ontwikkelagenda, genaamd ‘Veiligheid Voorop’ richt zich op een vroegtijdige afstemming tussen de zorg- en strafketen bij bijvoorbeeld stalking en hoog complexe casuïstiek. Daarnaast dient er blijvend geïnvesteerd te worden op het eerder in beeld brengen van huiselijk geweld en kindermishandeling, het stoppen en duurzaam oplossen en de kennis- en expertise deling omtrent specifieke doelgroepen zoals ouderenmishandeling, eer gerelateerd geweld, complexe echtscheidingen en seksueel geweld. Deze elementen zijn onder andere opgenomen in de uitwerking van de Zeeuwse regiovisie. Veilig Thuis

2024

2025

2026

2027

Personele kosten

2.851.800

2.851.800

2.851.800

2.851.800

Materiële lasten

58.300

58.300

58.300

58.300

-1.687.000

-1.687.000

-1.687.000

-1.687.000

Opbrengsten (subsidie CZW)

De subsidie van het CZW bureau is voor een belangrijk deel structureel (1.115.937); het overige is incidenteel (571.600). Deze subsidie moet jaarlijks aangevraagd worden.

Compensatie indexering De werkzaamheden van Veilig Thuis worden gefinancierd vanuit de gemeentelijke bijdrage, en vanuit de bijdrage van het CZW. Deze laatste partij heeft zich niet aangesloten bij de gemeenten als het gaat om indexering volgens de VZG norm. Voor Veilig Thuis betekent dat de laatste jaren een impliciete bezuiniging. Immers: de kosten van personeel en materiele middelen stijgen wel. We vragen dan ook aan de gemeenten om dit gemis in bijdrage met ingang van 2024 te compenseren, voor een bedrag van € 183.010,- . Dit bedrag is als volgt opgebouwd: CZW bijdrage 2022 VZG index 2023 Bijdrage 2023 VZG index 2024 Bijdrage 2024

1.687.537 121.503 1.809.040 61.507 1.870.547

Mutatie

183.010

7.2% 3.4%

19

1.1.3. Programma Inkoop Jeugdhulp Zeeland Beoogd maatschappelijk effect: jeugdigen kunnen gezond en veilig opgroeien, groeien naar zelfstandigheid, zijn voldoende zelfredzaam en kunnen maatschappelijk participeren Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ) Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het beschikbaar stellen van alle vormen van jeugdhulp. De Zeeuwse gemeenten hebben de Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ) opgericht die als Bestuurscommissie is ondergebracht bij de gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland. De gemeenten hebben daarbij de volgende taken en bevoegdheden gemandateerd aan de Bestuurscommissie: a. het uitvoeren van taken uit de Jeugdwet door middel van het contracteren en subsidiëren van aanbieders van jeugdhulp en uitvoerders jeugdreclassering en jeugdbeschermingsmaatregelen in het kader van de Jeugdwet; dit omvat ook het beëindigen van deze contracten door opzegging of ontbinding en het terugvorderen van deze subsidies; b. voeren van inkoop- en aanbestedingsprocedures voor Jeugdhulp; c. onderhandelen met aanbieders en uitvoerders van Jeugdhulp; d. verzamelen van de benodigde gegevens ten behoeve van de monitoring en verantwoording; e. bewaken van de Zeeuws brede afspraken; f. gevraagd en ongevraagd adviseren aan de gemeenten over zaken betreffende de inkoop en het subsidiëren van Jeugdhulp; g.

voeren van de financiële administratie; h. contractenbeheer; i. aanspreekpunt voor aanbieders en uitvoerders van Jeugdhulp en voor de gemeenten. De wettelijke verwijzers (waaronder de gemeenten zelf) leiden jeugdigen via gemeentelijke toewijzingen naar gecontracteerde zorg die door IJZ wordt ingekocht en geadministreerd. De inkooporganisatie draagt zorg voor het controleren en betalen van de declaraties van de jeugdhulpaanbieders. Op basis van de huidige raamovereenkomsten, andere contracten (die niet op basis van percelen zijn aanbesteed), data-analyses, de VZG-richtlijn en actuele ontwikkelingen is de begroting 2024 met meerjarenraming opgesteld. In bijlage 1 staat de verdeling over de deelnemende gemeenten. Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12880268/2