Zienswijze Annoniem 2
Tekst van het document
INGEKOMEN Gemeente Bergen dd.
2 7 DEC. 2022
Afd.
Nr.
Aan het College van B&W en de gemeenteraad van de gemeente Bergen L Postbus 140 5854 ZJ Bergen L
Betreft: Zienswijze ontwerpbestemmingsplan "Dorpsstraat 36 t/m 42 Afferden" Afferden, 27 december 2022 Geacht College, Ondergetekende heeft kennisgenomen van "het ontwerpbestemmingsplan Dorpsstraat 36 t/m 42, met IDN "NLIMRO.0893.BP22008DOONGAFF-ON01, wijziging bestemming van horeca & bedrijf naar wonen", gepubliceerd op 17 november 2022. Graag maken wij van de gelegenheid gebruik onze zienswijze hierop in te dienen. Uit de publicatie in het gemeenteblad blijkt dat zienswijzen kunnen worden ingediend tot en met 28 december 2022. Wij hebben het ontwerpbestemmingsplan getoetst aan de voorwaarden die voor de omwonenden sinds de start van de planvorming van belang zijn geweest. Deze voorwaarden zijn gebaseerd op de hoogte van de nieuwbouw en de mate van parkeeroverlast als gevolg van het aantal te realiseren woningen. Omgevingsdialoog In de plantoelichting opgesteld door Reland staat dat er een `omgevingsdialoog' heeft plaatsgevonden. Als bijlage 7 bij de toelichting is een verslag gevoegd van de informatiebijeenkomst op 22 april 2022. Er was geen sprake van een informatiebijeenkomst in de zin dat de initiatiefnemer, dan wel de architect of de planontwikkelaar, de aanwezigen een duidelijke toelichting hebben gegeven op de plannen en de planologische procedure. In het verslag wordt geschreven dat de nadruk is gelegd op de invloed van de nieuwe gebouwen op de omgeving.
Dit is niet correct. Er waren enkel plattegronden en artist impressies van de plannen aanwezig. De architect en de planontwikkelaar waren niet herkenbaar voor de aanwezigen. Een dialoog heeft dan ook niet kunnen plaatsvinden met de aanwezigen. De conclusie in het verslag dat de aanwezigen vooral blij zijn dat er geen (echte....=hoge) hoogbouw komt, is volstrekt onjuist. Er zijn diverse aanwezigen die bezwaar hebben gemaakt tegen de hoogte van het appartementencomplex. Ook is er uitdrukkelijk gesproken over het feit dat aantal parkeerplaatsen niet voldoende is voor het aantal woningen. Het verslag is derhalve geen weergave van de werkelijkheid. Dorpsbeeld/cultuurhistorische waarde Het ontwerpbestemmingsplan heeft tot doel om nieuwbouw te kunnen realiseren op o.a. de locatie aan de Dorpsstraat 42 te Afferden. Waar men hieraan voorbij gaat, is dat een gedeelte van het gebouw aan de Dorpsstraat 42 beeldbepalend is voor de kern van Afferden. Weliswaar is dit
1
gebouw niet door de gemeente aangewezen als karakteristiek of beeldbepalend, maar dit is niet bepalend. Zoals ook in paragraaf 5.5 van de plantoelichting staat, moeten in de belangenafweging over cultuurhistorische waarden immers niet alleen 'formeel beschermde objecten' worden meegenomen. In het rapport van Reland is dit echter wel het enige wat vervolgens is gedaan; in de tweede alinea van paragraaf 5.5 wordt immers geconcludeerd dat omdat er geen monumenten of cultuurhistorisch waardevolle elementen op een waardenkaart van de provincie zijn aangegeven, de cultuurhistorische kenmerken niet in het geding zouden zijn. Daarmee wordt miskend dat het pand aan de Dorpsstraat 42 wel degelijk bepalend is voor het dorpsgezicht van Afferden. Het gaat hier immers om één van de gebouwen die de verwoesting van de tweede wereld oorlog heeft doorstaan. Door dit gebouw te vervangen door moderne architectuur, wordt het dorpsbeeld aangetast. Daarnaast is het nieuwe appartementengebouw te hoog en verstoort daarmee het ritme van de bebouwing aan de Dorpsstraat.
Het is des te meer opmerkelijk dat de gemeente bereid is om mee te werken aan de sloop van het pand aan de Dorpsstraat 42, daar de gemeente niet wenste mee te werken aan het eerder voor gelegde plan, waarbij tevens de panden aan de Dorpsstraat 36, 38 en 40 ook zouden worden gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw, om reden dat dit het dorpsgezicht zou aantasten. In het rapport van Reland wordt hier abusievelijk nog aan gerefereerd in artikel 4.2.3 waar verwezen wordt naar het nieuwe wooncomplex en zeven nieuwe grondgebonden woningen. Regionaal beleid Het rapport van Reland verwijst naar de Regionale Woonvisie Noord-Limburg 2020-2024. Uit deze structuurvisie blijkt dat er in de regio een dominante vraag is naar het wonen in kernen waar voorzieningen aanwezig zijn. Reland stelt dat de gewenste ontwikkeling plaats vindt binnen het centrum van Afferden en daardoor gelegen is in de nabijheid van voorzieningen. Vervolgens wordt verwezen naar een regionale afstemming die heeft plaatsgevonden op 16 mei 2021 met de regionale werkgroep, die het plan heeft getoetst aan de criteria plancapaciteit, ruimtelijke kwaliteit en kwalitatieve toets. In deze toets zou zijn geconcludeerd dat in Afferden, volgens het gemeentelijk woningbouwprogramma, nog ruimte is voor het toevoegen van extra woningen.
Op basis van deze toets zouden de regiogemeenten in het afstemmingsoverleg hebben ingestemd met de voorgenomen planontwikkeling. Deze toets en de daaraan gekoppelde conclusie, zijn echter nergens terug te vinden en — in strijd met artikel 3:11 van de Awb — niet bij het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd. De conclusie van Reland dat het ontwikkelen van de woningen in lijn is met de Regionale Woonvisie in Noord-Limburg kan derhalve niet worden geverifieerd. Ontwerpbestemmingsplan te ruim In de toelichting bij het ontwerpbestemmingsplan wordt de ruimtelijke motivering van de aanvaardbaarheid volledig toegespitst op een concreet initiatief van de initiatiefnemer, zoals dit blijkt uit bijlage 1 bij het rapport van Reland. Deze bijlage 1 bestaat overigens alleen uit een plattegrond van de begane grond, zodat hiermee geen inzicht wordt geboden in de beoogde bouwhoogten. Het ontwerpbestemmingsplan maakt echter ook andere ontwikkelingen mogelijk, die in sommige gevallen meer belastend zijn voor de omgeving dan het initiatief zoals opgenomen in bijlage 2. Zo loopt bijvoorbeeld het westelijke bestemmingsvlak "Wonen" inclusief het bouwvlak veel verder door naar het zuidwest (in de richting van de woning van ondergetekende) dan blijkens bijlage 1 de bedoeling is van initiatiefnemer. De initiatiefnemer heeft hier immers parkeerplaatsen ingetekend. 2
In plaats van die vijf parkeerplaatsen maakt het ontwerpbestemmingsplan hier nieuwbouw mogelijk tot een hoogte van maar liefst 11 meter. Deze bouwmogelijkheid — die kennelijk niet is beoogd door de initiatiefnemer, is niet acceptabel. De zuidwestelijke grens van het bouwvlak zal daarom in elk geval moeten worden teruggelegd (net als overigens nu ook het geval is in het huidige bestemmingsplan "Afferden". Het ontwerpbestemmingsplan omvat ook de panden aan de Dorpsstraat 36, 38 en 40. Volgens het initiatief zoals dat blijkt uit bijlage 1 bij de plantoelichting zou hier geen ontwikkeling zijn voorzien. Het ontwerpbestemmingsplan maakt hier echter wel een forse ontwikkeling mogelijk, nu de toegelaten maximum bouwhoogte hier worden verhoogd van 9m naar 11m. Dit is ongewenst. Nu het niet de bedoeling is dat de bestaande gebouwen worden gesloopt, zou het bestemminspian hier wat betreft bouwregels moeten aansluiten bij de bestaande bebouwing. Bovendien zou in het ontwerpplan een regeling moeten worden opgenomen die sloop van de bestaande gebouwen verbiedt, zodat voorkomen wordt dat deze voor het dorpsgezicht van Afferden beeldbepalende panden zonder enige toetsing door de gemeente kunnen worden gesloopt.
Bouwvolume en bouwhoogte In het rapport van Reland van oktober 2022 wordt gesteld dat de door de initiatiefnemer beoogde situatie is het realiseren van 10 levensloopbestendige appartementen en vier grondgebonden woningen. Het appartementengebouw bestaat in het initiatiefplan kennelijk uit drie bouwlagen. De voorgenomen exacte hoogte van de bouwlagen wordt niet vermeld. Om dit initiatiefplan te kunnen realiseren, wordt het gebouw aan de Dorpsstraat 42 gesloopt en worden de percelen 2224, 1577 en 994 gesplitst. Door deze perceelsplitsingen krijgen de woningen aan de Dorpsstraat 36, 38 en 40 aanzienlijk minder buitenruimten. De parkeerplaatsen op het huidige perceel van de Dorpsstraat 38 komen hiermee ook te vervallen. Het rapport van Reland stelt dat het woning project een impuls geeft aan de ruimtelijke kwaliteit van het dorpshart van Afferden. Dit wordt onderbouwd door te stellen dat een horecapand dat niet meer exploitabel zou zijn, wordt vervangen door woningen in de vorm van een appartementencomplex bestaande uit drie bouwlagen. Tevens wordt gesteld dat naast dit horecapand op een braakliggend terrein vier woningen worden gebouwd. Er is echter geen sprake van een braakliggend terrein. De tuinen van de woningen aan de Dorpsstraat 36, 38 en 40 worden verkleind en de daarop liggende garages worden gesloopt om de vier grondgebonden woningen te kunnen realiseren.
Ook stelt Reland in het rapport dat de milieubelasting op de omliggende objecten af neemt, als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling. Dit standpunt wordt echter niet onderbouwd. Feit is dat de milieubelasting toeneemt door de voorgenomen ontwikkeling. In het Besluit ruimtelijke ordening is de Ladder voor duurzame verstedelijking in artikel 3.1.6 Bro opgenomen (hierna: de Ladder). De Ladder is van toepassing op ieder bouwplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Het doel van de Ladder is om ongewenste leegstand te voorkomen en zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik te stimuleren. Bij ruimtelijke besluiten moet daarom worden gemotiveerd hoe een zorgvuldige afweging is gemaakt van het ruimtegebruik. In onderhavige situatie is echter geen sprake van ongewenste leegstand. Reland stelt dat er kan worden voldaan aan de eisen van artikel 3.1.6 Bro doordat voor de in dit bestemmingsplan vervatte stedelijke ontwikkeling wordt voorzien in een (regionale) behoefte. Deze regionale behoefte betreft de behoefte aan levensloop bestendige woningen binnen de stedelijke omgeving. Volgens Reland wordt de levensloopbestendigheid gefaciliteerd doordat de tien appartementen en de twee seniorenwoningen nultreden woningen betreffen. Daarnaast wordt gesteld dat doorstroming op de 3
woningmarkt binnen Afferden wordt bevorderd door dit plan. Dat hier werkelijk levensloop bestendige woningen / nultreden woningen gerealiseerd gaan worden, is echter in het ontwerpbestemmingsplan niet verzekerd, zodat daarvan bij de motivering ook niet zonder meer vanuit gegaan mag worden. Vervolgens wordt gesteld dat door de mix van het plan, de woningen zowel door starters als door gezinnen kunnen worden bewoond. Dit is in strijd met de stelling dat met de bouw van de woningen de doorstroming op de woningmarkt wordt bevorderd. Overigens zijn acht van de tien appartementen slechts 70 m2 groot en derhalve niet geschikt voor bewoning door gezinnen. De grootte van de overige twee appartementen is niet bekend en daarom kan hier niet worden beoordeeld of deze twee appartementen geschikt zijn voor bewoning door gezinnen. Bovendien beschikken de appartementen amper over buitenruimten. Waar moeten de kinderen van de gezinnen buiten spelen? De kans is groot dat deze kinderen hun heil gaan zoeken op het Mgr. Frederixplein en daarmee overlast veroorzaken voor de bewoners die aan het plein wonen. In het huidige bestemmingsplan is sprake van een maximale bouwhoogte van negen meter en een maximale goothoogte van zes en een halve meter. In het rapport van Reland wordt aangegeven dat het planvoornemen in strijd is met de regels van het geldende bestemmingsplan.
In het geldende bestemmingsplan zijn er geen afwijkings- of wijzigingsbevoegdheden om in de voorgenomen ontwikkeling te voorzien. In het ontwerp bestemmingsplan wordt wel in voornoemde bevoegdheden voorzien. Er wordt in artikel 7.1 onder andere bepaald dat het bevoegd gezag kan afwijken van de maximale hoogte tot maximaal 1,25 keer de maximale bouwhoogte, oftewel tot maximaal 11,25 meter. De exacte bouwhoogte van het beoogde plan wordt nergens vermeld. Uitgaande van drie bouwlagen zal de bouwhoogte boven de 11 meter uitkomen. Dit betekent dat het appartementencomplex ruimschoots uitsteekt boven de bebouwing in de omgeving. De nokhoogte van de woning aan het Mgr. Frederixplein is 8,20 meter. De nokhoogte van de woning aan het Mgr. Frederixplein 6 zal nog iets lager zijn. Dit geeft de appartementen op de 2e verdieping, dus derde bouwlaag, de mogelijkheid om over de bebouwing in de omgeving heen te kijken, waarmee de privacy van de bewoners van de bestaande bebouwing wordt geschonden. Aangezien in het rapport van Reland alleen de plattegrond van de begane grond is opgenomen en verder in de documenten die ter inzage zijn gelegd geen plattegronden van de 1ste en 2e verdieping zijn toegevoegd, is de mate waarin de privacy wordt geschonden niet te beoordelen.
In elk geval ontbreekt bij de plantoelichting een onderzoek naar de schaduwwerking bij maximale invulling van wat het ontwerpbestemmingsplan aan bebouwing mogelijk maakt. Wat betreft het bouwvolume dat in het ontwerpbestemmingsplan is toegelaten, is tot slot niet duidelijk waarom voor 'hoofdgebouwen' een bebouwingspercentage van 60 wordt gehanteerd, maar bij gestapelde woningen maar liefst 80% (zie artikel 4.2.1, onder d en e). In de plantoelichting wordt niet gemotiveerd waarom bij gestapelde woningen zo'n fors hoger percentage acceptabel wordt gevonden. Entree appartementencomplex In het ontwerpbestemmingsplan en in het rapport van Reland wordt voor het appartementencomplex het adres Dorpsstraat 42 gebruikt. Dit betekent dat de entree van het appartementencomplex ook moet komen te liggen aan de Dorpsstraat. Echter, in het plan wordt de entree van het appartementencomplex gesitueerd aan het Mgr. Frederixplein. Omdat het appartementencomplex een adres heeft aan de Dorpsstraat, dient de entree ook aan de Dorpsstraat te worden gesitueerd.
4
In dit kader komt de vraag op wat exact is bedoeld met de bouwregel van artikel 4.2.1, onder f, waarin staat dat de voorgevel (waarin zit de toegangsdeur bevindt) van een hoofdgebouw dient te worden gebouwd "in dan wel maximaal 3 meter achter de naar de weg gekeerde grens van het bouwvlak". De twee bestemmingsvlakken "Wonen" in het ontwerpbestemmingsplan grenzen immers aan meerdere wegen. In dit geval ligt voor de hand om de voorgevel (met toegangsdeur) zoveel mogelijk aan de Dorpsstraat te positioneren. Dit zou in de bouwregels moeten worden vastgelegd. Verkeer en parkeren Een tweede belangrijk thema dat de hele dorpskern van Afferden, maar met name de directe omgeving van het plan raakt, is de parkeersituatie in en rondom het plangebied. In het rapport van Reland wordt gesteld dat na realisatie van het plan het aantal verkeersbewegingen af neemt ten opzichte van de huidige situatie. Volgens paragraaf 5.6.1 bedraagt het aantal verkeersbewegingen in de huidige situatie 119,9 per etmaal. Van deze verkeersbewegingen worden 90,7 bewegingen toegekend aan de horeca. In de nieuwe situatie zouden de verkeersbewegingen worden terug gebracht naar 95,7 bewegingen per etmaal. De conclusie in het rapport van Reland is niet juist. De verkeersbewegingen in de huidige situatie zijn gebaseerd op een dagelijkse exploitatie van de horeca. Partycentrum De Kubbus is echter niet dagelijks geopend.
Tot en met 8 februari 2020 waren er circa 10 evenementen per jaar in Kubbus. Na 8 februari 2020 is Partycentrum De Kubbus gestopt met zijn evenementen activiteiten. Op o.a. 11 februari 2020 wordt er door Partycentrum De Kubbus op Facebook een post geplaatst dat er na 116 jaar een eind is gekomen aan Kubbus Partycentrum. Verbazingwekkend is dat in oktober 2022 het bericht komt dat Partycentrum Kubbus weer evenementen gaat organiseren. In het laatste kwartaal van 2022 zijn dat twee evenementen. Het vermoeden rijst dat Kubbus weer evenementen gaat organiseren om zo de druk op te voeren om het woningbouwplan te kunnen realiseren. Het is immers bekend dat de evenementen van Kubbus veel overlast veroorzaken in de omgeving. Maar feit blijft, dat de in het rapport van Reland vermelde verkeersbewegingen slechts van toepassing zijn op enkele weekenden per jaar. Blijft over, de verkeersbewegingen van de huidige reeds bestaande woningen in het plangebied, te weten vier woningen, die volgens het rapport verantwoordelijk zijn voor 29,2 verkeersbewegingen per etmaal. Zet dit af tegen de in het rapport van Reland vermelde verkeersbewegingen in de nieuwe situatie van 95,7 bewegingen per etmaal, dan neemt het aantal verkeersbewegingen toe met 66,5 verkeersbewegingen per etmaal. De conclusie uit het rapport van Reland dat het aspect mobiliteit geen belemmeringen oplevert, is derhalve niet juist.
Dan het parkeren. Het rapport Reland stelt dat het aantal benodigde parkeerplaatsen in de huidige situatie 64 parkeerplaatsen betreft, hiervan zijn zes parkeerplaatsen toegewezen aan de reeds bestaande vier woningen. Ook deze stelling is niet correct. Immers Kubbus is niet dagelijks geopend, waardoor het aantal benodigde parkeerplaatsen in de huidige situatie slechts van toepassing is op de momenten dat er een evenement plaats vindt in Kubbus. De benodigde parkeerplaatsen in de huidige situatie zijn derhalve van tijdelijke en dus niet permanente aard. Voor het berekenen van de behoefte aan parkeerplaatsen in de nieuwe situatie maakt Reland gebruik van de Crow-parkeernormen. Voor de acht huurappartementen in het goedkoop/midden 5
segment hanteert Reland een parkeernorm welke is gelegen aan de onderkant van de Crow bandbreedte. Voor de grondgebonden koopwoningen gaat men ook uit van de onderkant van de Crow bandbreedte voor het segment goedkoop. Door in alle gevallen aan de onderkant van de Crow bandbreedte te gaan zitten, zou er in de nieuwe situatie dan sprake zijn van een behoefte aan 22 parkeerplaatsen. Echter als je uit gaat van de gemiddelde Crow bandbreedte, zou er behoefte zijn aan 25 parkeerplaatsen.
Nieuwe situatie
Door Reland gehanteerde parkeernorm (onderkant CROWbandbreedte)
aantal woningen
Totaal aantal Gehanteerde parkeerplaatsen parkeernorm op basis van op basis van door Reland gemiddelde gehanteerde CROWnorm bandbreedte
Totaal aantal parkeerplaatsen op basis van gemiddelde CROW bandbreedte
Appartementen huur goedkoop/midden
8
1,1
8,8
1,3
10,4
Appartementen huur duur
2
1,4
2,8
1,7
3,4
Geschakelde woning bestaand koop
3
1,5
4,5
1,5
4,5
Geschakelde woning nieuw koop
2
1,5
3
1,7
3,4
Levensbestendige woning koop
2
1,5
3
1,7
3,4
Totaal aantal parkeerplaatsen
22,1
25,1
Van de 22 parkeerplaatsen die men in het plan wil gaan realiseren worden er 11 parkeerplaatsen gerealiseerd op het terrein bij het appartementencomplex en vijf parkeerplaatsen op de kop van de vier grondgebonden woningen. De 11 parkeerplaatsen op het terrein van het appartementencomplex zijn bereikbaar via een inrit, die niet breed genoeg is om twee auto's naast elkaar te laten passeren. Dat betekent dat als er op het zelfde moment een auto in wil en een auto uit wil, dit tot opstoppingen in de straat leidt. Gezien de lengte van de inrit, circa 13 meter, is dan ook nog eens een chaos te verwachten als er al een auto de inrit op rijdt en er op het zelfde moment vanaf de parkeerplaats een auto het terrein af wil rijden. Het terrein biedt niet voldoende ruimte om hier een verkeersmanoeuvre te maken. Daarnaast moet ook nog rekening gehouden worden met fietsers die van en op het terrein gaan en komen.
6
De overige zes benodigde parkeerplaatsen worden gerealiseerd in het openbaar gebied. Deze zes parkeerplaatsen zouden moeten komen op het Mgr. Frederixplein. De straat tussen het appartementencomplex en de vier grondgebonden woningen zou worden verbreed om zo zes langsparkeerplaatsen te kunnen maken. Aan weerzijden van de straat wordt dan vervolgens ook nog een stoep aangelegd. Waar men deze ruimte vandaan wil halen is niet duidelijk. Volgens de geldende normen moet een rijweg langs een parkeervak tenminste vijf meter breed zijn bij tweerichtingsverkeer. Een parkeerplaats moet minstens twee meter breed zijn. Tel daarbij nog aan weerszijden een stoep van circa anderhalve meter, zoals ook is ingetekend in de plattegrond van het plan, dan is er een totale breedte nodig van circa tien meter. De afstand tussen het perceel behorende tot de woning aan het Mgr. Frederixplein 6 en het kadastrale perceel aan de overzijde, nummer 998, bedraagt circa zeven meter. Ter plaatse van de woning aan de Dorpsstraat 40 is de breedte circa 9 meter. Het bouwplot van het appartementencomplex aan de zijde Dorpsstraat is volgens de tekening 28,3 meter breed. Het perceel Dorpsstraat 42 is aan de zijde van de Dorpsstraat circa 28 meter breed. Deze breedte is derhalve niet voldoende om de voorgenomen langsparkeerplaatsen te realiseren.
Op pagina 36 van het rapport van Reland wordt aangegeven dat om de zes langsparkeerplaatsen mogelijk te maken de Pastoor Berdenstraat wordt verbreed. Echter, de langsparkeerplaatsen komen helemaal niet op de Pastoor Berdenstraat, maar op het Mgr.Frederixplein. Verbreding van het Mgr. Frederixplein is gezien het vorenstaande niet mogelijk. Conclusie is dat het beoogde plan niet kan voorzien in de daarvoor benodigde parkeerbehoefte. Waar men bij de berekeningen geen rekening mee houdt is het feit dat er in de huidige situatie aan de Dorpsstraat al een tekort is aan parkeerplaatsen. Dit blijkt uit het feit dat er dagelijks meerdere auto's staan geparkeerd op de stoep. Daarnaast vergeet men rekening te houden met de parkeerbehoefte van de kerk op het Mgr. Frederixplein. In het plan is geen onderzoek gedaan naar de huidige parkeerdruk rond het plangebied. Veel woningen aan de Dorpsstraat beschikken over maximaal één parkeerplaats op eigen terrein. Gevolg hiervan is dat auto's op de stoep worden geparkeerd. Deze parkeerdruk is alleen maar toegenomen door het afgeven van een omgevingsvergunning voor het realiseren van acht appartementen aan de Dorpsstraat 64 te Afferden. Voorts is er een omgevingsvergunning ingediend voor het realiseren van vier appartementen in het pand aan de Dorpsstraat 54 te Afferden. Deze omgevingsvergunning is gepubliceerd op 22 november 2022.
Dit pand beschikt niet over de mogelijkheid om op eigen terrein parkeerplaatsen te realiseren. Door dit plan zal de parkeerdruk in de Dorpsstraat nog meer toenemen. Tot slot wat betreft parkeren wordt vastgesteld dat in de planregels géén parkeerregeling is opgenomen op grond waarvan de gemeente bij beoordeling van een aanvraag om omgevingsvergunning daadwerkelijk kan toetsen of het aangevraagde bouwplan in voldoende parkeerplaatsen voorziet om in de eigen parkeerbehoefte te voorzien. Voorheen ging deze toetsing via de gemeentelijke bouwverordening, maar dat is niet langer nodig. Zo'n parkeerregeling kan niet ontbreken; het gevolg kan immers zijn dat er een bouwplan wordt aangevraagd zonder enige parkeerplaats zonder dat de vergunning geweigerd kan worden hierom. Anterieure overeenkomst Tussen de initiatiefnemer van het beoogde plan en de gemeente Bergen L is een anterieure overeenkomst gesloten. Deze overeenkomst is gesloten voor de voor het plan benodigde herinrichting van de openbare ruimte, te weten de herinrichting van het Mgr. Frederixplein, teneinde de nieuwe parkeerplaatsen te realiseren. Deze anterieure overeenkomst is niet openbaar 7
gemaakt. Aangezien initiatiefnemer, dan wel de directe familie van de initiatiefnemer, raadslid is van de gemeente Bergen L, kan men zich hier afvragen in hoeverre hier sprake is van belangenverstrengeling. Door het niet openbaar maken van deze anterieure overeenkomst is het niet mogelijk om te bepalen of initiatiefnemer in deze wordt bevoorrecht. Een dergelijke anterieure overeenkomst moet binnen twee weken na het sluiten daarvan openbaar kennis worden gegeven (artikel 6.24 lid 3 Wro) en moet een zakelijke beschrijving van de inhoud van de overeenkomst ter inzage worden gelegd (artikel 6.2.12 Bro), maar de overeenkomst zelf hoeft niet openbaar te worden gemaakt. Echter, van deze overeenkomst is geen openbare kennismaking bekend gemaakt en derhalve heeft de gemeente niet voldaan aan het bepaalde in artikel 6.24 lid 3 Wro. Conclusie Het voorgenomen bouwplan is te groot voor de planlocatie en voldoet niet aan de hieraan gestelde eisen en voorwaarden. Wij tekenen dan ook bezwaar aan tegen het ontwerp bestemmingsplan. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en zien uw reactie met belangstelling tegemoet. MIt vriendelijke groet, Mevr P.M.R.M, Michels Mg Fredlein 2 5851 AM Afferden
8