Technische vragen huisvestingsverordening
Tekst van het document
Waarom wordt bij de definitie van een sociale huurwoningen niet aangesloten bij de wettelijke definitie sociale huurwoning zoals omschreven in de Wet regie op de volkshuisvesting? Waarom geldt de huisvestingsverordening niet voor sociale huurwoningen die in bezit zijn van particuliere verhuurders? Uit de reactie in de zienswijzennota wordt door het college gesteld dat de eisen omtrent lokale binding worden bijgehouden in het woonruimteverdeelsysteem van woningcorporaties (Thuis in Limburg). In hoeverre wordt hierin bijgehouden hoe lang een woningzoekende onafgebroken ingeschreven staat in van de kern? M.a.w. hebben corporaties hiervoor geen directe toegang tot de Basisregistratie Persoonsgegevens toe nodig om dit te kunnen verifiëren? Zo nee, op welke wijze kan de lokale bindingseis dit door corporaties geautomatiseerd worden bijgehouden? Welke voorrangsregelingen buiten de in de huisvestingsverordening genoemde voorrangsregelingen zijn in de prestatieafspraken overeengekomen? De adviesraad sociaal domein roept op om vast te stellen dat urgenten ook echt urgent zijn en de reactietermijn voor urgenten met een zoekprofiel te beperken. Heeft het college een beeld van de gemiddelde duur waarvan zo’n urgentieverklaring geldig is voor urgenten met een zoekprofiel -naast de maximale duur van zes maanden?