CConstaterende datBergen (L)
Koppel je AI →
Document · PDF

Primaire begroting 2026 WAA Schap

Gemeenteraad 3 juni 2025, gemeente Bergen (L)Bij agendapunt: Zienswijze begroting 2026 en jaarstukken 2024 GR WAA;18.208 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

6 alinea's met “breed”: 97 180 182 206 610 619

2026* 437,8 0,0 -38,8 399,0 -8,9%

2025* 467,1 0,0 -29,3 437,8 -6,3%

2024* 493,7 0 -26,6 467,1 -5,4%

2023 537,1 0,0 -43,4 493,7 -8,1%

2022 572,5 0,0 -35,4 537,1 -6,2%

*) 2022 en 2023 werkelijk, 2024 volgens laatste cijfers, 2025 en 2026 volgens begroting

Vanaf 2015 is de eindstand van t-1 en de actuarieel berekende uitstroom per gemeente leidend voor de jaarlijkse subsidievaststelling WSW van de afzonderlijke gemeenten voor de komende perioden. Wachtlijst Vanaf 1-1-2015 zijn alle WSW-wachtlijsten opgeheven omdat vanaf die datum ook geen instroom meer mogelijk is vanaf een wachtlijst in de WSW. Taakstelling WSW en realisatie WAA zal, conform de beleidsdoelstellingen, evenals in 2025 ook in 2026 en volgende jaren de aan haar door individuele gemeenten toegewezen WSW-populatie conform de kaders van de WSW voorzien van passende arbeid. 3. Financieel beleid Het jaarlijks kostenniveau van het Schap is in jaren 2025 en 2026 begroot op ca. € 600.000. Voor die jaren is hierbij jaarlijks een vergoeding van afgerond ongeveer € 200.000 van gemeenten voor de dienstverlening WSW door het Schap begroot. Dit omdat het Schap in de jaren 2025 en 2026, idem als voorgaande jaren, jaarlijks ongeveer € 200.000 jaarlijks gebruikt en onttrekt uit de bestemmingsreserve frictie ter dekking van de frictiekosten en daarbovenop jaarlijks € 200.000 zal inzetten ter mitigering van de gemeentelijke kosten middels een structurele vrijval uit het verwachte structurele overschot in de bestemmingsreserve frictie. De begroting 2026 van het Schap sluit uiteindelijk met een tekort van € 400.000.

Het tekort zal worden gedekt door: • een onttrekking van € 200.000 uit de bestemmingsreserve ter dekking van frictiekosten over 2024; • een vrijval van € 200.000 van de bestemmingsreserve, dit uit hoofde van bestuursbesluiten in december 2021, 2022 en 2023 dat een overschot op bestemmingsreserve Frictie over de jaren 2023 tot en met 2027 wordt ingezet ter dekking van eventuele exploitatietekorten van het Schap resp. ter mitigering van de gemeentelijke uitvoeringskoeten WSW over die jaren. Na 2027 zullen de kosten van het Schap geleidelijk oplopen richting € 600.000. Door het wegvallen van de jaarlijkse vrijval van overschotten uit de bestemmingsreserve, zullen de vergoedingen van de gemeenten dan oplopen naar een nieuw structureel niveau van jaarlijks ongeveer € 400.000. - 20 -

Het totale weerstandvermogen van Schap is en blijft jaarlijks vanaf 2024 op een stabiel niveau van ruim € 1 mio en zit dan daarmede ook iets boven het bestuurlijk bepaalde minimum niveau ad € 0,5 mio. Dit niveau is gewenst om eventuele staartverplichtingen en meerkosten, zoals die begin 2025 aan de orde zijn, en gezien de economische onzekerheden zoals door het CPB voor komende periode daarna voorzien worden, in de exploitatie van het Schap in eerste instantie en in beperkte mate zelf te kunnen opvangen. Het is de bedoeling dat hiermede extra, onverwachte gemeentelijke meerkosten zoveel mogelijk wordt voorkomen, maar nadrukkelijk dient gezegd te worden dat dit niet uitgesloten kan worden. 4. Uitgangspunten voor de jaarbegroting en meerjarenbegroting De verwachting ten aanzien van het sociale en financiële beleid voor het volgend jaar wordt in de jaarbegroting vertaald, en voor de komende vier jaar in de meerjarenbegroting. Beide begrotingen zijn gebaseerd op de uitgangspunten zoals die onderstaand worden aangegeven. Deze uitgangspunten zijn gestoeld op bedrijfsspecifieke, regionale en landelijke ontwikkelingen die verwacht worden en zichtbaar zijn op het gebied van gesubsidieerde arbeid in het algemeen en de sector Sociale Werkvoorziening in het bijzonder. Door het m.i.v.

1-1-2023 wegvallen van de eerdere 100% aandeelhouders-relatie van het Schap met WAA groep nv, zijn de begrote resultaten van de NV, en de uitgangspunten hiervoor, niet meer direct maar nog slechts indirect en secundair van belang voor de begrotingen van het Schap en niet meer primair relevant voor en aangegeven in de (meerjaren)begrotingen van het Schap vanaf 2023. De jaar- en meerjarenbegrotingen van het Schap zijn gebaseerd op de volgende uitgangspunten: 1. Met ingang van 1-1-2015 is de nieuwe Participatiewet in werking getreden. De aparte regelingen WWB, WSW, Wajong en AWBZ dagbesteding ca. zijn samengevoegd tot één koepelregeling. De nieuwe wet is primair gericht op plaatsing van eenieder die, al dan niet tijdelijk, niet actief is in de arbeidsmarkt en aangewezen is op ondersteuning van de overheid, z.s.m. en met een zeer tijdelijke, minimale ondersteuning van de overheid terug te laten keren naar de reguliere arbeidsmarkt. Vanaf 2015 is geen instroom meer in de WSW en worden alle mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt door gemeenten zo veel mogelijk bemiddeld naar reguliere arbeid. Voor diegene waar dit niet mogelijk voor is, zorgen gemeenten zélf - al dan niet via regionale werkbedrijven - voor passende activiteiten voor deze groepen. WAA staat alleen aan de lat voor de uitvoering van de WSW. 2.

Voor het budgetvolume WSW geldt als uitgangspunt een taakstelling voor 2026 van 423 SE (incl. Begeleid WerkenWerken in buurten en bij lokale werkgevers). Doordat vanaf 2015 geen instroom meer plaatsvindt daalt de gemiddelde bezetting WSW naar verwachting t/m 2029 jaarlijks met gemiddeld 7%, naar een niveau van 335,9 SE per eind 2029. Deze verwachte uitstroom is hoger dan in voorgaande begrotingen verwacht, o.a. door toenemende uitstroom a.g.v. uitval van WSW-ers, die hierdoor instromen in WIA en prepensioen. 3. Op basis van het strategisch plan “Samen Anders!” 2015 - 2020 zijn alle activiteiten voor eigen risico en rekening van WAA inmiddels afgebouwd t.g.v. externe plaatsingen van WSW-capaciteit voor en onder regie van derden. Activiteiten met relatief weinig raakvlak met onze WSWbezetting zijn in 2018 vervreemd. De strategische koers en uitgangspunten zoals die toen benoemd zijn, blijven ook vanaf 1-1-2023 voor zowel WAA en in haar verlengde de uitvoeringsorganisatie WAA groep nv van toepassing en normatief. 4. De ‘beschutte groep’ SW-medewerkers met een lagere loonwaarde (<30%) is vanaf 2018 in zijn geheel door de gemeenten zelf overgenomen, incl. alle financiële resultaten hierop, en door WAA groep in zijn geheel afgebouwd.

In de financiële exploitatie vanaf 2018 zijn de effecten hiervan zowel in operationele zin als qua frictie opgenomen en financieel op hoofdlijnen vertaald in zowel de jaar- als meerjarenbegroting. Met het m.i.v. 2023 vervreemden van het belang in WAA groep nv, heeft het Schap de directe aansturing en financiële verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de WSW voor ook de zgn. ‘niet beschutte groep’ WSW-ers vervreemd en in zijn geheel afgebouwd. Het Schap richt zich vanaf 2023 nog sec op haar primaire wettelijke kerntaak zijnde voor, door en namens de gemeenten regievoering over, toezicht houden op en verantwoording afleggen over de onderdelen van de WSW die niet direct gerelateerd zijn aan passende plaatsing. 5. Bij de ombouw en krimp van de organisatie en vervreemding resp. afstoten van activiteiten is rekening gehouden met frictiekosten bij WAA groep nv. In lijn met “Samen Anders!” geldt hierbij - 21 -

dat WAA Groep nv deze kosten kan en mag declareren bij het Schap voor zover de hiervoor gereserveerde middelen bij het Schap hiervoor toereikend zijn. 6. De gehele doelgroep WSW is op basis van een IOP (Individueel Ontwikkelingsplan) gescreend en ingedeeld op basis van loonwaarde. Hierbij is een onderscheid gemaakt tussen WSW-ers met een verwachte loonwaarde die hoger is dan de te verwachten individuele begeleidingskosten (de ‘niet beschutte groep’) en WSW-ers waar dit waarschijnlijk niet het geval is (‘de beschutte groep’). De ‘niet beschutte groep’ is zoveel mogelijk extern geplaatst als Detacheringen, Begeleid werken of in Werken op locatie. De ‘beschutte groep’ is door de deelnemende gemeenten zelf zoveel mogelijk geplaatst via het concept “Werken in buurten”. 7. In tegenstelling tot de jaren t/m 2022, is de ontwikkeling van het subsidieresultaat vanaf 2023 niet meer toonaangevend in de ontwikkeling van het totale tekort van WAA. 8. De stijging van de loonkosten van het reguliere personeel is vanaf 2023 niet meer direct maar wel indirect van belang voor het Schap omdat zij de personele capaciteit voor al haar activiteiten inkoopt bij WAA groep nv. In deze begroting is hierbij rekening gehouden met jaarlijks loonindexatie van 3,8% en prijsinflatie van 2,5% o.b.v. de MEV 2025 voor de periode 20252028. 9.

In de meerjarenraming van het Schap als WAA groep nv is rekening gehouden met de meest recente prognoses van het CPB (okt. 2024). In de 1e begrotingswijzigingen van 2025 en in deze primaire begroting 2026 is met onzekerheden als de gevolgen van oa oorlogen in de Oekraïne en Israël als volgt rekening gehouden: • In het begrote resultaat 2025 is een extra voorzichtigheidsbuffer van € 125.000 in de toegevoegde waarde opgenomen. In de primaire Begroting 2026 is dit PM opgenomen. • Voor 2025 en volgende jaren zijn in dit kader eventuele extra kosten én eventuele compensatie hiervoor beiden als PM opgenomen. 10. Het (verwachte) tekort a.g.v. het negatieve concernresultaat wordt, behalve door de gemeentelijke vergoeding voor WSW dienstverlening, opgevangen door: a) de inzet van de bestemmingsreserve (ter dekking van frictiekosten). b) de al genoemde vrijval van de bestemmingsreserve frictie ad € 200.000 jaarlijks van 2025 t/m 2026 en een extra vrijval van € 51.000 in 2027. c) door inzet van de vrije algemene reserves middels een zgn. egalisatiefonds resp. weerstandsvermogen. De vrije reserves van WAA Venlo e.o. bedragen begin en eind 2025 naar verwachting structureel ongeveer € 0,5 mio en een aanvullende extra buffer van € 0,5 mio voor incidentele mogelijke incidentele extra (meer)kosten.

Op basis van de genoemde uitgangspunten ziet de meerjarenbegroting er als volgt uit: Meerjarenraming Schap na Samen Verder! Meerjarenperspectief (in € x 1.000) Bijdrage Gemeenten inzake kosten d.v.o. Overige baten Totaal baten Reorganisatie-/frictiekst. Overige kosten

2025 1e begroot wijziging

2026 begroot

2027 begroot

2028 begroot

2029 begroot

179 0 179 269 379

189 0 189 200 389

349 0 349 56 400

411 0 411 18 411

419 0 419 200 419

Totaal lasten

648

589

456

429

619

Exploitatieresultaat Bijdrage Schap aan NV Concernresultaat Onttrekking bestemmingsreserve Vrijval bestemmingsreserve Toevoeging bestemmingsreserve

-469 0 -469 269 200 0

-400 0 -400 200 200 0

-107 0 -107 56 51 0

-18 0 -18 18 0 0

-200 0 -200 200 0 0

Onttrekking (+) /toevoeg (-). vrije reserve

0

0

0

0

0

Concern resultaat na dekking

0

0

0

0

0

- 22 -

419 419 419 0

0 0 0 0 0 0

200 0 0 -200

0 0 0 0 0 200

619 419 419 -200

0 0 0 0 0 200

411 411 411 0

0 0 0 0 0 0

18 0 0 -18

0 0 0 0 0 18

429 411 411 -18

0 0 0 0 0 18

400 349 349 -51

0 0 0 0 0 51

56 0 0 -56

0 0 0 0 0 56

456 349 349 -107

0 0 0 0 0 107

389 189 189 -200

0 0 0 0 0 200

200 0 0 -200

0 0 0 0 0 200

589 189 189 -400

0 0 0 0 0 400

379 179 179 -200

0 0 0 0 0 200

269 0 0 -269

0 0 0 0 0 269

648

179

179

-469

0

0

0

0

0

469

Totaal lasten programma's

Baten programma Wsw

Totaal baten programma's

Saldo van baten en lasten programma's

lasten algemeen dekkingsmiddel

lasten overhead

lasten vennootschapsbelasting

lasten onvoorzien

Totaal lasten diverse

- 23 -

419 419 0

411 0 0 0

0

Geraamd resultaat

411

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0

0

Vrijval reserves

400

0 0

0 0 0 0 0 0 0 0

0

0

0

0

0

0

Onttrekking aan reserves

400

0

0 0 0 0 0 0 0 0

0

0

0

0

0

0

Stortingen in reserves

389

0

0 0 0 0 0 0 0

0

0

0

0

0

0

0

389

0

200 200 0 18 18 51 56

107

200

200

400

200

269

469

Saldo van diverse lasten Saldo totale saldo van baten en lasten van programma's en diverse

379

0

200 200 0 18 18 51

56

107

200

200

400

200

269

469

Totaal baten diverse

379

0 0

0 0 0 0 0 0

0

0

0

0

0

0

0

0

baten onvoorzien

Totaal structurele baten Structurele baten - structurele lasten

0 0 0 0 0 0 0

0

0

0

0

0

0

0

0

baten vennootschapsbelasting

Totaal structurele lasten

0 0 0 0 0 0 0

0

0

0

0

0

0

0

0

baten overhead

baten algemeen dekkingsmiddel

419 200

619

411

18

429

400

56

456

389

structureel

waarvan incidenteel

totaal

structureel

waarvan incidenteel

totaal

structureel

waarvan incidenteel

200

totaal

589

waarvan structureel incidenteel

379

totaal

2029

2028

2027

269

structureel

waarvan incidenteel

2026

648

totaal

2025

Lasten programma Wsw

Recapitulatie begrotingsevenwicht (in € 1.000)

Primaire begroting 2025

Begrotingsevenwicht Schap

Onderstaand de meerjarenbegroting weergegeven in structurele en incidentele baten en lasten conform het model Begrotingsevenwicht zoals voorgeschreven door het BBV:

Balans meerjarenoverzicht Onderstaand een meerjarig overzicht van de geprognotiseerde balansposities van het Schap, waarin conform de verplichtingen vanuit de wet FIDO, zijn opgenomen de reserves en voorzieningen. Omschrijving x €1.000

2025

2026

2027

2028

2029

1. Activa 1.1 Vaste activa 1.1.1 Financiële vaste activa

0

0

0

0

0

Totaal vaste activa

0

0

0

0

0

7.702

7.177

6.960

6.852

6.652

1.2.2 Liquide middelen

35

35

35

35

35

Totaal vlottende activa

7.737

7.212

6.995

6.887

6.687

Totaal activa

7.737

7.212

6.995

6.887

6.687

500

500

500

500

500

1.2 Vlottende activa 1.2.1 Uitzettingen korter dan 1 jaar

2. Passiva 2.1 Vaste passiva Algemene reserve Egalisatiereserve

340

340

340

340

340

Bestemmingsreserve

1.772

1.372

1.265

1.247

1.047

2.1.1 Totaal eigen vermogen

2.612

2.212

2.105

2.087

1.887

Geen voorzieningen

0

0

0

0

0

2.1.2 Totaal voorzieningen

0

0

0

0

0

2.612

2.212

2.105

2.087

1.887

Totaal reserves en voorzieningen 2.1.3 Vaste schulden langer dan 1 jaar

0

0

0

0

0

2.2 Vlottende passiva

5.125

5.000

4.890

4.800

4.800

Totaal passiva

7.737

7.212

6.995

6.887

6.687

2025

2026

Mutaties reserves: x €1.000

2027

2028

2029

Onttrekking bestemmingsreserve

269

200

56

18

200

Vrijval bestemmingsreserve

200

200

51

0

0

Onttrekking egalisatiereserve

0

0

0

0

0

469

400

107

18

200

Totaal

De onttrekking van de bestemmingsreserve betreft bijdragen aan frictiekosten en projectkosten van WAA groep nv. De vrijval van de bestemmingsreserve 2025-2026 en 2027 betreft een bedrag van in totaal € 451.000 dat ultimo 2025 teveel is gereserveerd voor dekking van toekomstige frictiekosten. Dit bedrag zal conform bestuursbesluit (december 2023) vrijvallen ter dekking van toekomstige exploitatietekorten van WAA Schap.

- 24 -

Overige paragrafen 1. Weerstandvermogen en risicobeheersing Het bestuur heeft in 2017 o.b.v. een modelmatige calculatie van het risico-/weerstandvermogen bepaald dat eventuele toekomstige positieve exploitatiesaldi tot een niveau van minimaal € 0,5 mio voor het Schap voldoende zijn als weerstandvermogen om de eerste algemene risico’s binnen WAA zelf te kunnen opvangen. De deelnemende gemeenten zijn zich ervan bewust en zijn bereid bij grotere calamiteiten bij te (moeten) springen. Onderstaand een overzicht van de kengetallen zoals genoemd in art. 11 van BBV (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten): Verloop van de kengetallen

Primaire begroting 2026

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsrisico Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie Belastingcapaciteit

1e begr.- Primaire Werkelijk Begroting Begroting Begroting wijziging begroting 2024 2027 2028 2029 2025 2026 -1812% -1459% -1170% -603% -508% -450% -1812%

-1459%

-1170%

-603%

-508%

-450%

36% -61% n.v.t. n.v.t.

41% -262% n.v.t. n.v.t.

31% -212% n.v.t. n.v.t.

30% -31% n.v.t. n.v.t.

30% -4% n.v.t. n.v.t.

28% -48% n.v.t. n.v.t.

De netto schuldquote en de solvabiliteit nemen in de tijd af doordat het Schap (bijna) alles financiert met eigen vermogen én na 2024 geen leningen meer heeft en derhalve niet meer jaarlijks aflost op langlopende leningen. Dit in combinatie met een gelijkblijvend van vrije reserves. Alleen de bestemmingsreserve wordt geleidelijk aangesproken ter dekking van frictiekosten resp. valt deels geconditioneerd vrij voor het overschot. Hierdoor daalt de verhouding eigen vermogen / vreemd vermogen en solvabiliteitsrisico zeer geleidelijk. De exploitatieruimte is vanaf 2024 tot en met 2029 negatief omdat er structureel een blijvend tekort op de exploitatie is dat met de structurele vrijval – én bijdrage uit de bestemmingsreserve structureel wordt gedekt tm 2027. Daarna is er alleen nog een structurele dekking uit de bestemmingsreserve frictie voor de feitelijke frictiekosten en geen aanvullende vrijval meer.

2. Paragraaf weerstandvermogen en risicobeheersing De risico’s die het Schap loopt als publiekrechtelijke organisatie zijn vanaf 2023 door de nieuwe organisatorische en Bestuurlijke constellatie fundamenteel anders van aard en omvang dan in de periode ervoor. Tot en met 2022 loopt het Schap als integraal uitvoerder van de WSW en enig aandeelhouder van haar WSW uitvoeringsorganisatie zowel direct als indirect risico uit hoofde van uitvoering van de WSW overall als uit het dagdagelijks plaatsen en begeleiden van mensen met een loonwaarde tot 80% in en onder reguliere marktsettings. Vanaf 2023 loopt het Schap alleen nog als ambtelijk opdrachtgever namens haar deelnemende gemeenten indirecte risico’s voor het door WAA groep nv laten uitvoeren van de WSW onder haar eindverantwoordelijkheid en toezicht, en zijn de directe operationele en financiële risico’s sterk beperkt tot en door de kleinere eigen financiële huishouding onder het gesternte van de nieuwe strategische werkelijkheid en met inachtneming van de nieuwe bestuurlijke, operationele en contractuele afspraken onder Samen Verder!. 2.1 Risico’s voor Schap als publiekrechtelijke organisatie •

Risico: optimalisatie- en finetuning proces

Ondanks dat WAA vanaf 2023 niet meer financieel verantwoordelijk is voor de concrete uitvoering van de WSW, en de krimp van de uitvoeringsorganisatie WAA vermoedelijk in de loop van 2025 zal worden getemperd door een in het proces Samen Verder al aangegeven gewenste verbreding van de doelgroep bij WAA Groep nv, blijft het Schap wel voor, door en namens de gemeenten bij - 25 -

gemeenschappelijke regeling aangewezen samenwerkingsverband eindverantwoordelijk voor de integrale uitvoering van de WSW. Het verder optimaliseren van het gehele proces van detacheren en van (aanvullende) maatregelen dat nodig is voor WAA groep nv om als aangewezen uitvoerder van deze taak dit kwalitatief en kwantitatief te kunnen blijven doen en duurzaam borgen, heeft dan wel vanaf 2023 geen direct maar wel een indirect effect op de exploitatie van WAA Venlo e.o. De mate waarin dit proces bij WAA groep nv slaagt is derhalve niet meer direct maar wel nog indirect een financieel risico voor WAA Venlo e.o. voor het geval de uitvoering niet kan (blijven) voldoen aan de vereiste minimum criteria van de WSW. •

Risico: mogelijke herijking bestuurlijke constellatie WAA

De nieuwe bestuurlijke constellatie van WAA vanaf 2023 zorgt bij het Schap voor een fundamentele wijziging in bestuurlijke taken en verantwoordelijkheid bij het Schap. De taken die het Schap vanaf 2023 heeft in het hele proces van integrale uitvoering aan de WSW, zijn hierbij beperkt tot regie en toezicht houden op de uitvoering van de WSW door de individuele gemeenten t.b.v. ‘beschutte groep’ WSW) en WAA groep nv voor de ‘niet beschutte groep’ WSW én het (laten) administreren en verantwoording afleggen aan zowel gemeenten als het Rijk (resp. Pantheia) hierover middels de maandelijkse prognose- en bezettingsstaten resp. periodieke wettelijke rapportages zoals b.v. Sisa etc. Deze nieuwe verantwoordlijkheden kunnen en zullen op termijn waarschijnlijk tot een andere invulling in vorm en inrichting van zowel administreren WSW als in de governance en daarmee bestuurlijke constellatie bij het Schap zorgen. Vooralsnog is het nog niet zover en behoudens de veranderingen in financiële stromen en veranderingen die vanaf 2023 voortvloeien uit Samen Anders!, gaan de zaken going concern door en wordt vooralsnog geen veranderingen doorgevoerd in administratie voering van de WSW én in de wijze en vorm van regie en toezicht houden op de uitvoering WSW door het Schap. Maar het behoort zeker tot de mogelijkheden dat hier in de toekomstaanpassingen in komen.

Door een verdergaande krimp van de WSW is het op een langere termijn ook de vraag of dan nog voldoende draagkracht en economy of scale is voor de deelnemende gemeenten om de uitvoering van de WSW bij een aparte eigen entiteit als het Schap te houden en/of het Schap als eigen entiteit an sich dan überhaupt nog wel standhoudt. Op termijn kan dit zorgen voor het aanpassen van de algemene Gemeenschappelijke Regeling tot bv sec een basis Bedrijfsvoeringregeling binnen de Wet Gemeenschappelijke Regelingen maar ook is er een risico voor continuïteit voor het Schap als Gemeenschappelijke Regeling en zelfstandige WSW organisatie. •

Risico’s uit hoofde van de WSW

Met ingang van 2023 zijn de directe financiële risico’s voor de uitvoering van de WSW niet meer van toepassing. Vanaf 1-1-2023 zijn de deelnemende gemeenten immers direct zélf financieel en volledig verantwoordelijk voor het totale subsidieresultaat WSW (= werkgeverskosten WSW t.o.v. rijksbijdrage WSW c.a.) En dan niet alleen zoals t/m 2022 voor sec de ‘beschutte groep’ WSW, maar vanaf 1-1-2023 voor de zgn. ‘Gele’ én ‘Blauwe groep’ WSW. Tevens zal na 2022 en wel vanaf 1-12023 onveranderd WAA Groep nv, en indirect daarmede de gemeente Venlo als nieuwe 100% eigenaar hiervan, en dus niet meer het Schap, volledig verantwoordelijk zijn voor het operationele resultaat dat voortvloeit uit de plaatsing en begeleiding van ‘niet beschutte groep’ WSW medewerkers. De rol van het Schap verandert daarmede definitief ook in financieel opzicht van een breed uitvoerend en risicodragend Shared Service Centre voor de integrale aansturing én uitvoering van de WSW t/m 2022, naar een kleine publiekrechtelijke samenwerking van gemeenten en een organisatie die gezamenlijk namens haar deelnemende gemeenten de WSW administratie inkoopt bij WAA Groep nv, regie voert en toezicht houdt op de uitvoering van sec de WSW regeling vanaf 2023. •

Risico’s naar aanleiding van gemeentelijke herindeling

Het herindelingsproces in de regio Noord-Limburg is voorlopig niet aan de orde maar daarom niet minder belangrijk. Dit proces is direct van belang voor WAA omdat een mogelijke verkleining van het WSW-verzorgingsgebied kan leiden tot een geringer gemeentelijk draagvlak via een lager aanbod van SW-geïndiceerd personeel. Hierdoor kan de bedrijfsvoering (nog) sterker onder druk komen te staan terwijl de financiële draagkracht onder de onderneming WAA kleiner wordt. Hierdoor kunnen in de toekomst activiteiten onder druk komen te staan. De risico’s voor WAA vanuit deze optiek zijn bijna niet in te schatten maar daarom niet minder aanwezig.

- 26 -

•

Demografische risico’s

Het maatschappelijk probleem van een vergrijzende samenleving is ook bij WAA een issue dat bij WAA zelfs nog sterker doorwerkt dan in de samenleving. Een analyse van het SW-personeelbestand van WAA geeft aan dat de gemiddelde leeftijd hoger is dan het gemiddelde in den lande. Een stijging van de gemiddelde leeftijd gaat gepaard met een oplopende krimp en hogere uitvoeringskosten. Hierbij valt dan onder andere te denken aan hogere loonkosten per fte (meer functie-eindlonen) en hogere prepensioenkosten en vervangingskosten doordat meer gebruik gemaakt wordt van seniorenregelingen c.a. Op nationaal niveau wordt steeds nadrukkelijker nagedacht over en gewerkt aan diverse maatregelen om werknemers langer in het arbeidsproces te houden. In de nieuwe Cao voor zowel WSW- als niet-WSW-personeel is deze beweging echter omgekeerd zichtbaar: seniorenregelingen en RVU/FPU-achtige modellen worden niet om- en afgebouwd maar uitgebouwd en kennen hele lange uitlooptermijnen voor zittend personeel en stimuleren zo medewerkers eerder om op relatief jonge leeftijd te stoppen met werken dan andersom. Dit omdat deze regelingen nog steeds gepaard gaan met financieel aantrekkelijke voorwaarden voor de medewerkers.

Nog los van het sterk kostenverhogende effect van deze maatregelen voor de individuele bedrijven en gemeenten, zal duidelijk zijn dat bovenstaande ontwikkelingen een risico vormen voor de gemeenten zelf maar ook voor de bedrijfsvoering van WAA Groep nv en daarmee indirect voor de uitvoering van de WSW waarvoor het Schap verantwoordelijk is en blijft. •

Fiscale risico’s

Vanaf 2016 is een breed en integraal vennootschapsbelastingmodel voor publiekrechtelijke organisaties van toepassing. WAA Venlo e.o. is hierbij aangemerkt als een Gemeenschappelijke Regeling die geen winststreven heeft en die zich om die reden niet als onderneming voor de vennootschapsbelasting kwalificeert. De uitvoeringsorganisatie WAA groep nv is te zien als een overheids-nv die sec de WSW uitvoert met haar werkactiviteiten en om die reden valt onder de vrijstellingsbepalingen van de nieuwe Wet Vpb. Beide vrijstellingen zijn eind 2017 formeel door de Belastingdienst goedgekeurd en bevestigd. De 100% dochtermaatschappijen van WAA groep nv, Beheermaatschappij Werkvoorziening Venlo bv en Vindt bv, zijn beide wel aangemerkt als formeel Vpb-plichtig, maar voeren feitelijk (momenteel) geen onderneming. Hierdoor is de materiële Vpbplicht voor deze beide bedrijven nagenoeg nihil. Ondanks dat ten aanzien van fiscaliteiten en vennootschapsbelasting e.e.a. vanaf 2017 is uitgekristalliseerd en formeel is goedgekeurd, is het altijd maar de vraag of dit ook in de toekomst zo blijft. De hele wet- en regelgeving op dit terrein is nl. nog steeds volop in beweging. Hierdoor loopt WAA (en haar deelnemende gemeenten) het risico dat in de toekomst toch ooit mogelijke overschotten van het Schap en WAA groep nv worden ‘afgeroomd’ met vennootschapsbelasting.

Vanaf begin 2023 tot eind 2024 heeft bij WAA een zgn. integraal boekenonderzoek door de belastingdienst plaatsgevonden. Dit omdat WAA in de aselecte steekproef van de belastingdienst was gevallen. Primair was het boekonderzoek gericht op loonheffing, sociale premies en btw over het boekjaar 2022, met een doorsteek naar de jaren t/m 2024. Het onderzoek heeft dus bijna 2 jaar (!) in beslag genomen. Met als eindresultaat; geen enkele correctie en/of boete over alle jaren tm 2024 en een compliment van de fiscus t.a.v. fiscale cultuur, mindset en uitvoering binnen WAA voor fiscale zaken. Wel heeft de Belastingdienst naar aanleiding van dit boekonderzoek ten aanzien van de huidige vrijstellingen rondom btw verrekening voor gemeentelijke bijdragen en werkgeverslasten Wsw vanaf 2025 en verder enkele nieuwe, vooralsnog voorlopige standpunten ingenomen. Over de fiscale en juridische juistheid hiervan verschillen de meningen tussen de fiscus en WAA. Voor het Schap en WAA groep heeft dit geen directe gevolgen omdat alle dienstverlening belast was, is en blijft met btw voor beide organisaties. Maar e.e.a. kan mogelijk wel gevolgen hebben voor btw verrekening en btw compensatie van deze items bij deelnemende gemeenten.

Omdat een mogelijke andere btw handelswijze in dit kader een landelijke uitstraling kan hebben, worden deze items ook landelijk als aandachtspunt bij de Wsw branchevereniging Cedris neergelegd. Naar verwachting zal er einde 2024 een 1e overleg tussen WAA ca en de fiscus hierover plaatsvinden en zal ergens na medio 2025 een meer definitief standpunt hierbij door de Belastingdienst worden ingenomen. Als dat bekend is, zal WAA zich daarna, samen met haar fiscale adviseur en de deelnemende gemeenten, hierover beraden.

- 27 -

•

Financieringsrisico’s

In de wet FIDO (Financiering Decentrale Overheid) is onder andere opgenomen dat gemeenten en gemeenschappelijke regelingen in hun begroting een treasurystatuut moeten opnemen, waarin een uiteenzetting wordt gegeven van de risico´s met betrekking tot treasurybeheer. Voor een uiteenzetting van deze risico´s wordt verwezen naar de toelichting onder ‘Financiering’. •

Risico’s majeure bijzondere externe ontwikkelingen ten aanzien van Rijksbijdrage WSW

Ondanks dat COVID-19 tot en met 2022 en de energiecrisis wel een fors effect hebben gehad bij WAA, zijn de effecten hiervoor voor sec het Schap op kortere termijn vooralsnog beperkt gebleven. Het zelfde geldt grotendeels voor de globale effecten en naweeën van de oorlogen in de Oekraïne en Israël. Als gekeken wordt naar de periode vanaf 2023 en verder, ligt dit risico primair bij WAA Groep nv en indirect nog bij het Schap. En ondanks dat e.e.a. vanaf 2023 dan wel minder in directe financiële zin het Schap raakt, kan het wel van invloed zijn op de wijze waarop het Rijk daarop inspeelt met wettelijke maatregelen die zowel direct als indirect uitvoering van de WSW en daarmee het toezicht c.a. hierop kunnen beïnvloeden. 2.2 Risico’s in de uitvoering van de WSW •

Aanwijzing en uitvoering WSW door WAA-groep nv

Door de verkoop van het volledige aandelenbelang per 1-1-2023 loopt het Schap als Gemeenschappelijke Regeling geen directe risico´s uit hoofde van het ondernemerschap. Omdat het Schap tot en met 2032 WAA groep nv heeft aangewezen als enige uitvoerder voor, door en namens haar voor de WSW, loopt het Schap indirect natuurlijk wel bedrijfsrisico´s. Immers, de resultaten van WAA groep nv zullen van invloed zijn op de bedrijfsvoering van WAA groep nv en kunnen daarmee zowel in organisatie, aard en inhoud de uitvoering van de WSW raken. Een uitvoering waar het Schap toezicht op moet houden omdat zij hiervoor eindverantwoordelijk is. Het risico dat voortvloeit uit het ondernemerschap is altijd iets wat blijft, en is inherent aan de structuur en afzetmarkten waarop WAA groep nv opereert. En vanaf 2023 heeft het Schap daar geen directe bemoeienis meer mee maar toch; continuit van WAA Groep nv is in de huidige contractrelatie en voor de uitvoering van de WSW wel een direct issue voor het Schap. En daarmede is discontinuïteit van WAA groep nv een direct risico voor het Schap. •

Risico: vervuilde gronden

Het Schap was tot medio 2018 eigenaar van (onder-)gronden aan de Edisonstraat in Venlo en van de Kwekerij Roobeek. En ondanks dat zowel het complex aan de Edisonstraat als de Kwekerij vervreemd zijn, kan voor WAA t.a.v. milieuvervuilingen een staartverplichting uit voortvloeien. Ondanks het feit dat WAA van mening is dat momenteel geen sprake is van milieurisico’s en/of vervuiling van ondergronden c.a., in welke zin dan ook, die niet in beeld en opgelost resp. afgekocht zijn, is hier wel altijd een latent risico aanwezig. •

Risico: AVG

Vanaf medio 2018 is in Europa een nieuwe privacywetgeving van kracht die de wettelijke bescherming van persoonsgegevens moet waarborgen. In Nederland is dit vertaald in (aanvullende) wetgeving in de vorm van een zgn. AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming). Deze wet schrijft gedetailleerd voor hoe, wat en waar een organisatie moet omgaan met de bewaring en verstrekking van persoonsgegevens. Zeker aan een publieke organisatie als WAA, die werkt met een kwetsbare doelgroep, stelt deze wet hoge eisen zowel in middelen als doen en laten van mensen op dit gebied. WAA is in dit kader al een heel traject gelopen van zowel fysieke maatregelen als bewustwording en het als organisatie steeds alert zijn op alles in dit kader. En ondanks dat WAA van mening is dat zij momenteel “AVG-proof” is, moet nog het nodige gebeuren om op dit gebied ook op lange termijn volledig AVG-proof te blijven. In de AVG zijn boetes en bestuurlijke maatregelen vastgelegd indien hier niet aan voldaan wordt. En ondanks dat WAA op dit punt naar haar mening AVG-proof is, is het nu, maar ook in de toekomst nooit uit te sluiten dat iets op dat punt niet goed - 28 -

gaat. Immers: WAA is en blijft een organisatie die draait om en met mensen. En mensen maken nu eenmaal fouten. Vanuit die optiek is nu, maar ook in de toekomst altijd een risico voor WAA en in het verlengde haar participanten. •

Risico: cyberrisico’s

Recente voorvallen van organisaties die zijn aangevallen door hackers of internetcriminelen hebben aangetoond dat elke organisatie tegenwoordig risico loopt op verstoring of zelfs lamlegging van de interne werkprocessen door virussen a.g.v. malware of door bedreigingen via ransomware. WAA heeft tegen deze risico’s wel maatregelen genomen, zowel fysiek en softwarematig als in risicoafdekking (cyberverzekering). Desondanks is algemeen bekend dat beveiliging tegen cyberrisico’s vaak achter de nieuwste ontwikkelingen aanloopt, en dus altijd een latent cyberrisico aanwezig is.

3. Onderhoud kapitaalgoederen Na de verkoop van haar gronden in 2017 en 2018 heeft WAA Venlo e.o. geen kapitaalgoederen meer. Derhalve is geen sprake van onderhoud van kapitaalgoederen.

4. Financiering WAA kent conform de wet FIDO een treasurystatuut en geeft jaarlijks in een aparte paragraaf in de begroting een beschouwing van de rente en financieringsontwikkelingen zoals het Schap die verwacht. Uitgangspunt is hierbij dat voldoende inzicht moet zijn in korte en langlopende financieringsrisico’s van het Schap en op welke wijze het Schap deze risico’s beheerst resp. beperkt. Indicatoren hiervoor zijn, naast het financieringsoverzicht, overzichten van leningenrisico’s en renterisico’s. Benchmarks hiervoor zijn de wettelijke criteria zoals die in de Wet FIDO zijn vastgelegd voor gemeenschappelijke regelingen. Onderstaand zijn de kasgeldruimte en de renterisico’s weergegeven. Deze overzichten zijn opgesteld volgens de voorschriften van de Wet FIDO. Uit beide overzichten blijkt dat het Schap, binnen de geldende marges en afzienbare tijd, voldoet aan de hiervoor geldende normen. Vanaf 2023 is er bij het Schap sprake van een nieuwe, fors lagere reguliere exploitatie. Er loopt wel nog een oude, langlopende lening met lineaire aflossing tot en met 2025 door, die vanaf 2023 niet primair meer de basis vormt voor de balans- en exploitatiefinanciering voor het Schap. Door de gewijzigde exploitatie wordt nl.

miv 2023 zowel de kortlopende als langlopende financiering bij het Schap primair intern via een rekening courant met WAA Groep nv én door de inzet van vrij beschikbaar eigen vermogen (egalisatiereserve en bestemmingsreserve) verzorgd. Over de jaren 2023 t/m 2025 is er derhalve sprake van een tijdelijke overloop van uitlopende externe t.o.v. inlopende interne financiering. 1e kwartaal 2024 Stappen (1-4)

Bedragen x € 1.000

ultimo januari ultimo februari ultimo maart (4) Gemiddelde van (3) Stappen (5-9) (6a) = (5>4) (6b) = (4>5)

(1) Vlottende schuld

(2) Vlottende middelen

4.669 6.731 7.074

8.560 10.807 11.112

Variabelen Kasgeldlimiet (KGL) Ruimte onder de KGL Overschrijding van de KGL

(3) Tekort(-) of overschot(+) vlottende middelen 3.891 4.076 4.038 4.002 Bedragen 40 3.962

Berekening kasgeldlimiet (5) Begrotingstotaal 2024 Percentage regeling (5) = (7) x (8) / 100

Kasgeldlimiet

- 29 -

485 8,2% 40

2e kwartaal 2024 Stappen (1-4)

Bedragen x € 1.000

ultimo april ultimo mei ultimo juni (4) Gemiddelde van (3) Stappen (5-9) (6a) = (5>4) (6b) = (4>5)

(1) Vlottende schuld

(2) Vlottende middelen

7.468 8.371 6.778

11.636 12.532 10.904

Variabelen Kasgeldlimiet (KGL) Ruimte onder de KGL Overschrijding van de KGL

(3) Tekort(-) of overschot(+) vlottende middelen 4.168 4.161 4.126 4.152 Bedragen 40 4.112

Berekening kasgeldlimiet (5) Begrotingstotaal 2024 Percentage regeling (5) = (7) x (8) / 100

485 8,2%

Kasgeldlimiet

40

3e kwartaal 2024 Stappen (1-4) Bedragen x € 1.000

ultimo juli ultimo augustus ultimo september (4) Gemiddelde van (3) Stappen (5-9) (6a) = (5>4) (6b) = (4>5)

(1) Vlottende schuld

(2) Vlottende middelen

8.409 7.038 7.923

12.448 11.072 11.720

Variabelen Kasgeldlimiet (KGL) Ruimte onder de KGL Overschrijding van de KGL

(3) Tekort(-) of overschot(+) vlottende middelen 4.039 4.034 3.797 3.957 Bedragen 40 3.917

Berekening kasgeldlimiet (5) Begrotingstotaal 2024 Percentage regeling (5) = (7) x (8) / 100

485 8,2%

Kasgeldlimiet

40

4e kwartaal 2024 Stappen (1-4)

Bedragen x € 1.000

ultimo oktober ultimo november * ultimo december * (4) Gemiddelde van (3) Stappen (5-9) (6a) = (5>4) (6b) = (4>5)

(1) Vlottende schuld

(2) Vlottende middelen

8.318 8.316

12.132 12.200

Variabelen Kasgeldlimiet (KGL) Ruimte onder de KGL Overschrijding van de KGL

(3) Tekort(-) of overschot(+) vlottende middelen 3.814 3.884 3.800 3.833 Bedragen 40 3.793

Berekening kasgeldlimiet (5) Begrotingstotaal 2024 Percentage regeling (5) = (7) x (8) / 100

Kasgeldlimiet

*) voorlopige cijfers

- 30 -

485 8,2% 40

Renterisico vaste schuld Bedragen x € 1.000 Stap

Variabelen Renterisico(norm)

(1) (2) (3)

Renteherziening Aflossingen Renterisico

(4) (5a) = (4>3) (5b) = 3>4)

Renterisiconorm Ruimte onder risiconorm Overschrijding risiconorm

Berekening Renterisiconorm: Totaal reguliere lasten (4a) boekjaar (4b) Percentage regeling (4) =(4a x 4b/100)

0 150 150

Begroting 2025 na wijziging 0 150 150

Primaire begroting 2026 0 0 0

55

130

95

20

273

Realisatie 2024

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

0 0 0

0 0 0

0 0 0

118 118

91 91

86 86

124 124

648

589

456

429

619

20%

20%

20%

20%

20%

20%

55

130

118

91

86

124

Renterisiconorm boekjaar

EMU saldo Primaire begroting 2026 EMU-saldo

x € 1000 Begroting

Realisatie Omschrijving Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan 1 c .q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c ) Afsc hrijvingen ten laste van de 2 exploitatie Bruto dotaties aan de post 3 voorzieningen ten laste van de exploitatie Investeringen in (im)materiële vaste 4 ac tiva die op de balans worden geac tiveerd Baten uit bijdragen van andere overheden waaronder in het Sc hap deelnemende gemeenten, de 5 Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebrac ht bij post 4 Desinvesteringen in (im)materiële vaste ac tiva: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële 6 vaste ac tiva (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d.

(alleen transac ties met derden die niet op de exploitatie staan) Baten bouwgrondexploitatie: Baten 8 voor zover transac ties niet op exploitatie verantwoord Lasten op balanspost Voorzieningen 9 voor zover deze transac ties met derden betreffen Lasten ivm transac ties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rec htstreeks ten laste van de 10 reserves (inc lusief fondsen en dergelijke) worden gebrac ht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten 11 Verkoop van effec ten a Gaat u effec ten verkopen? (ja/nee) Zo ja wat is bij verkoop de b verwac hte boekwinst op de exploitatie? Berekend EMU-saldo *) volgens voorlopige c ijfers 7

2024 *)

2025 voor wijz.

2025 na 1e wijz.

2026

2027

2028

2029

-103

-315

-469

-400

-107

-18

-200

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0 Nee

0 Nee

0 Nee

0 Nee

0 Nee

0 Nee

0 Nee

-103

-315

-469

-400

-107

-18

-200

- 31 -

5. Verbonden partijen Het Schap is een Gemeenschappelijke Regeling die de WSW uitvoert namens de hierin deelnemende gemeenten Beesel, Bergen en Venlo. Het Schap was tot en met 1-1-2023 100% eigenaar van WAA groep nv, gevestigd aan de Prinsessesingel 10 te Venlo. WAA groep nv voert namens het Schap de WSW uit op basis van een contract. Het huidige contract is, met een voorbehoud van behoud van de huidige organieke constellatie, verlengd en loopt tot en met 31 december 2032.

6. Lokale heffingen Het Schap kent geen lokale heffingen.

7. Grondbeleid Het Schap kent geen grondbeleid. Het Schap heeft, na de verkoop van haar gronden in 2017 en begin 2018, geen gronden meer in bezit.

- 32 -

Overzicht van baten en lasten begroting 2026

- 33 -

- 34 -

Overzicht van baten en lasten

Primaire begroting 2026 Lasten Vergoeding DVO gemeenten Diverse baten Totale baten

Begroting 2025 na 1e wijziging

Baten

Lasten

Primaire begroting 2025

Baten Lasten

Werkelijk 2024*

Baten

Lasten

189

179

178

170

0

0

0

0

189

179

178

170

Administratiekosten

82

80

80

78

Personeelskosten bestuur Rentekosten minus – opbrengsten Kosten uitplaatsingen en herindicatie Frictiekosten bijdrage aan NV

28

27

27

25

-106

-103

-104

-214

236

230

230

218

200

269

115

68

0

0

0

149

145

145

98

Projectkosten bijdrage aan NV Overige algemene kosten

Baten

Totale lasten

589

648

493

273

Exploitatieresultaat

-400

-469

-315

-103

Bijdrage aan WAA groep nv

0

0

0

0

Resultaat deelnemingen

0

0

0

0

-400

-469

-315

-103

0

0

0

0

-400

-469

-315

-103

200

269

115

68

200

200

200

200

0

0

0

0

0

0

0

165

Concernresultaat Dekking concernresultaat: Gemeentelijke tekortfinanciering WSW Begroot saldo baten en lasten Onttrekkingen aan bestemmingsreserve Vrijval bestemmingsreserve Toevoegingen aan bestemmingsreserve Begroot resultaat (te dekken uit alg. reserve) *) betreft voorlopige cijfers

- 35 -

Kasstroomoverzicht

Resultaat (te dekken uit algemene reserve) Mutaties in bestemmingsreserve Mutaties in werkkapitaal Kasstroom uit operationele activiteiten

0 -400 400 0

Begroting 2025 na 1e wijziging 0 -469 519 150

Desinvesteringen mat. vaste activa Resultaat deelnemingen Kasstroom uit investeringsactiviteiten

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

Aflossingen van langlopende schulden Kasstroom uit financieringsactiviteiten

0 0

-150 -150

-150 -150

-150 -150

Mutatie geldmiddelen

0

0

0

11

35 35 0

35 35 0

35 35 0

24 35 11

( x € 1.000 )

Primaire begroting 2026

Primaire begroting 2025

Werkelijk 2024*

0 -315 465 150

165 -268 264 161

*) betreft voorlopige cijfers

Saldi geldmiddelen BNG RC ca: Beginstand boekjaar Eindstand boekjaar Mutatie

- 36 -

Toelichting op de programmabegroting Nadrukkelijk dient, idem als in alle jaarrekeningen en begrotingen vanaf 2018 tot en met 2022, rekening gehouden te worden dat bij elke vergelijking van alle jaren t/m 2017 van de kerncijfers, exploitatie e.d. van WAA op totaalniveau met de jaren vanaf 2018 tot en met 2022, dat de totale SW-populatie waarvoor WAA de WSW uitvoerde, vanaf 2018 tot en met 2022 fors lager was dan in voorgaande jaren. Er is nl. vanaf 1-1-2018 tot en met 2022 geen sprake meer van een integrale maar van een deeluitvoering van de WSW voor de gemeenten via WAA. Dit omdat gemeenten vanaf 1-1-2018 tot en met 2022 zélf aan de lat staan voor de uitvoering van het ‘beschutte deel’ van WSW. Vanaf 1-1-2023 en verder gelden o.b.v. nieuwe bestuurlijke afspraken onder Samen Verder! andere financiële afspraken en verhoudingen tussen het Schap en haar participanten. En staat WAA Venlo e.o. in een andere hoedanigheid weer aan de lat voor de gehele SW populatie. Hierdoor zijn de kencijfers, resultaten e.d. tot en met 2022 en die vanaf de 1e begroting 2023 na wijziging en verder niet 1 op 1 meer inhoudelijk vergelijkbaar. Ook hiermede dient in alle vergelijkende cijfers vanaf 2023 ten opzichte van oudere jaren c.a. nadrukkelijk rekening gehouden te worden! Vergoeding DVO gemeenten

Vergoeding DVO Gemeenten Totaal

Primaire begroting 2026 189

Begroting 2025 na 1e wijzig. 179

Primaire begroting 2025 178

Werkelijk 2024

189

179

178

170

170

Vanaf 2023 worden de kosten voor de WSW dienstverlening van het Schap, in lijn met bestuurlijk vastgestelde dienstverleningsovereenkomsten, jaarlijks geïndexeerd en direct bij de deelnemende gemeenten middels een factuur met 21% btw in rekening gebracht. Deze vergoeding moet in principe zorgen voor een sluitende exploitatie van het Schap resp. kostendekkend moet zijn.

Diverse baten Via doorbetaling van beschikbare middelen wordt elke compensatie door het Rijk ca voor een bijzondere situatie, in lijn met eerdere bestuurlijke besluitvorming vanaf 2020, volledig door gemeenten resp. Schap via het Schap doorbetaald aan WAA groep nv. Hierdoor worden de gevolgen van dergelijke issues op de bedrijfsvoering / exploitatie en de compensatie hiervoor binnen de overall WAA Sw uitvoeringsconstellatie zowel materieel als formeel gematched. Dit is in 2020 ev met de covid bijdrage en in 2023 met een compensatie energiekosten aan de orde geweest. In verband met het afwijkende en eenmalige karakter van zowel de ontvangst als doorbetaling van de eenmalige posten zoals bv Coronabijdrage resp. de energiecompensatie, wordt een eventuele ontvangst van dit soort gelden apart verantwoord onder Diverse baten. De doorbetalingen aan WAA groep nv worden apart verantwoord onder Bijdragen van/aan Derden. Voor 2025 is recent in de septembercirculaire 2024 door het Rijk aangekondigd dat er in 2025 extra rijkssubsidie beschikbaar gesteld wordt voor de transitie van Sw bedrijven naar brede, sociale ontwikkelbedrijven. Deze extra subsidie zal in 2025 met de meicirculaire, in lijn met de gangbare gedragslijn, door nu weer het Rijk in 2025 via de decentralisatie uitkering Participatie primair aan de gemeenten worden uitbetaald.

Dit nadrukkelijk ook nu weer met de bedoeling dit dan uiteindelijk beschikbaar te stellen aan de SW uitvoeringsorganisatie WAA Groep nv , die straks ook de kosten hiervoor maakt. In lijn met de vigerende bestuurlijke afspraken binnen WAA, zal het Schap deze middelen in 2025 derhalve declareren bij de deelnemende gemeenten en deze middelen in 2025 dan 1 op 1 direct doorbetalen aan WAA groep nv. Omdat deze extra bijdrage pas met de meicirculaire 2025 definitief door SZW zal worden toegekend en vooralsnog zowel aard als omvang nog onzeker is, zullen deze middelen in deze 1e begrotingswijziging van 2025/Primaire begroting 2026 van het Schap als PM worden meegenomen. Voor alle jaren na 2025 is een eventuele andere en/of aanvullende bijdrage uit dien hoofde als PM geraamd. - 37 -

Personeelskosten bestuur

Salarissen en sociale premies

Primaire begroting 2026 28

Begroting 2025 na 1e wijzig. 27

Primaire begroting 2025 27

Werkelijk 2024*

28

27

27

25

Primaire begroting 2026 0 0 106 -106

Begroting 2025 na 1e wijzig. 4 0 107 -103

Primaire begroting 2025 4 0 108 -104

Werkelijk 2024 *)

Totaal  Voorlopige cijfers

25

Rentekosten minus –opbrengsten

Rentekosten leningen o/g Rentekosten overige Renteopbrengsten Totaal  Voorlopige cijfers

8 2 224 -214

In de primaire begroting 2026 dalen de netto rentekosten van langlopende leningen t.o.v. 2025 en voorgaande jaren door reguliere aflossingen op langlopende leningen én een positief financieringssaldo dat rentedragend is bij Rijksschatkist tegen een rentevergoeding die weliswaar dalende is van bijna 3,5% in 2024 naar 2,7% in 2025 en 2026, maar wel onveranderd positief is.

Kosten uitplaatsingen en herindicatie Dit betreft de vergoeding aan WAA groep nv voor het uitvoeren van uitplaatsingen en herindicatie van de WSW, conform de Uitvoerings- en plaatsingsovereenkomst tussen het Schap en WAA groep nv. In 2026 is € 236.000 begroot (2025: € 230.000).

Projectkosten bijdrage aan NV

Projectkosten bijdrage aan NV Totaal  Voorlopige cijfers

Primaire begroting 2026 0

Begroting 2025 na 1e wijzig. 0

Primaire begroting 2025 0

Werkelijk 2024*

0

0

0

0

0

De bijdrage in de projectkosten aan WAA groep nv worden, op basis van bestuursbesluiten, gedekt uit de bestemmingsreserve.

Frictiekosten bijdrage aan NV

Frictiekosten bijdrage aan NV Totaal  Voorlopige cijfers

Primaire begroting 2026 200

Begroting 2025 na 1e wijzig. 269

Primaire begroting 2025 115

Werkelijk 2024*

200

269

115

68

- 38 -

68

De frictiekosten betreffen vooral personeelskosten van boventallig en vervanging van zittend personeel vanuit strategische ombouwoperaties. Deze worden op basis van bestuursbesluiten gedekt uit de bestemmingsreserve frictie.

Overige algemene kosten Primaire begroting 2026 Accountantskosten Kosten modernisering WSW Onvoorzien Overige Totaal  Voorlopige cijfers

Begroting 2025 na 1e wijzig.

69 0 15 65 149

Primaire begroting 2025

65 0 15 65 145

65 0 50 30 145

Werkelijk 2024* 61 0 0 37 98

De kosten modernisering WSW betreffen m.n. de inzet van externe deskundigen namens alle drie de deelnemende gemeenten vanuit de Wsw voor het borgen van een blijvend passende Wsw uitvoering bij de integratie van WAA en het sociale domein van de gemeente Venlo. Tot 2023 is hier nog sprake van uitloop van het Schapsproject Samen Verder! maar vanaf 2024 en verder is Samen Verder 2.0 aan de orde en is dit een volledige WAA groep nv- gemeente Venlo aangelegenheid geworden. Onder de post Onvoorzien en overige zijn, naast een budget voor onvoorziene zaken, in 2025 en 2026 (evenals voorgaande jaren) ook middelen begroot om eventuele incidentele extra externe kosten, zoals oa fiscale ondersteuning bij het lopende fiscale boekenonderzoek, te dekken en om eventuele staartverplichtingen uit voorgaande jaren op te kunnen opvangen.

Bijdragen aan WAA groep nv Onder deze post wordt incidentele Rijkscompensatie voor de Wsw uitvoering, die volledig door gemeenten wordt ontvangen van het Rijk, via het Schap doorbetaald aan WAA groep nv. Dit is in lijn met eerdere bestuurlijke besluitvorming vanaf 2020. Hierdoor worden de gevolgen hiervan op de bedrijfsvoering / exploitatie en de compensatie hiervoor binnen de WAA constellatie zowel materieel als formeel gematched. In verband met het afwijkende en eenmalige karakter van zowel de ontvangst als doorbetaling van deze bijdrage van het Rijk resp. gemeenten via de Rijksbijdrage WSW, wordt de ontvangst hiervan in de exploitatie van het Schap apart verantwoord onder Diverse baten. De doorbetaling aan WAA groep nv wordt ook apart verantwoord onder deze post Bijdragen van/aan Derden.

Onttrekkingen uit bestemmingsreserve De hierboven vermelde bijdragen in projectkosten en frictiekosten aan WAA groep nv worden op basis van bestuursbesluiten gedekt uit bestemmingsreserves.

Projectkosten bijdrage aan NV Frictiekosten bijdrage aan NV

Primaire begroting 2026 0 200

Begroting 2025 na 1e wijzig. 0 269

Primaire begroting 2025 0 115

Werkelijk 2024*

200

269

115

68

Totaal onttrekkingen

0 68

Toevoeging aan bestemmingsreserve Voor alle jaren vanaf 2023 en verder zijn geen toevoeging aan de bestemmingsreserve begroot. De in voorgaande jaren gereserveerde frictiemiddelen zijn naar verwachting toereikend om de geplande ombouw/transitie van WAA volledig te financieren. - 39 -

Vrijval uit bestemmingsreserve Vanaf 2024 tot en met 2027 is, t.g.v. verwachte boven-matigheid vanaf 2020, een jaarlijkse vrijval begroot uit de bestemmingsreserve voor frictie. Voor de jaren 2024 tot en met 2026 is dit jaarlijks € 200.000, en in 2027 ten finale nogmaals € 51.000. Dit omdat de in voorgaande jaren gereserveerde frictiemiddelen per ultimo 2024 naar verwachting voor in totaal € 651.000 bovenmatig en niet meer direct noodzakelijk zijn om de geplande ombouw/transitie van WAA uit hoofde van het strategische plan “Samen Anders!” volledig af te financieren. De jaarlijkse vrijval vanaf 2023 gespreid over vijf jaren geschiedt conform genomen bestuursbesluiten.

Gemeentelijke bijdrage WSW ter financiering van het tekort Zoals onder Vergoeding DVO Gemeenten al aangegeven, worden vanaf 2023 de kosten voor de dienstverlening van het Schap, in lijn met bestuurlijk vastgestelde dienstverleningsovereenkomsten, direct bij de deelnemende gemeenten middels een factuur in rekening gebracht. Deze vergoeding moet in principe zorgen voor een sluitende exploitatie van het Schap resp. kostendekkend zijn. Derhalve is een aanvullende exploitatiebijdrage van gemeenten dan in principe niet meer noodzakelijk en aan de orde. Eventuele overschotten op resp. tekorten op de DVO vergoedingen zullen vanaf 2023 tijdelijk ten gunste resp. ten laste van de algemene reserve van het Schap komen. Overschotten resp. tekorten boven het minimale weerstandsvermogen van het Schap ad € 0,5 mio zullen zo tijdelijk worden geparkeerd voor eventuele incidentele extra kosten boven begroting resp. in volgende jaren door het Schap worden ingezet ter egalisatie voor een sluitende exploitatie op lange termijn. Het Schap had en heeft ook in de toekomst immers geen winstdoel.

Taakvelden Het Schap voert één programma uit, de Wet Sociale Werkvoorziening. De volledige exploitatie van WAA is hierop gericht, waardoor geen sprake is van overheadkosten, resp. kosten die gemaakt worden voor meerdere programma’s. Er is derhalve bij het Schap alleen sprake van algemene overheadkosten zijnde indirecte kosten. Overzicht Taakvelden Begroting 2026 Schap primaire begroting

Taakvelden (in € 1.000)

Primaire Begroting 2026

Begroting 2025 na 1e wijziging

Primaire Begroting 2025

Realisatie 2024

Baten

Baten

Baten

Baten

Lasten

Lasten

Lasten

Lasten

0. Bestuur en Ondersteuning 0.1 Bestuur

28

27

27

25

0.4 Overhead

231

225

225

176

0.5 Treasury

-106

-103

-104

0.8 Overige baten en lasten

200

269

115

0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten

-214 -

400

469

315

268

0

-

-

-165

68

6.0 Sociaal domein 6.4 Begeleide Participatie

189

236

179

230

178

230

170

218

Totaal generaal

589

589

648

648

493

493

273

273

- 40 -

Overzicht van Incidentele baten en lasten

Incidentele baten en lasten (in € 1000)

Primaire Begroting 2026

Begroting 2025 na 1e wijziging

Primaire Begroting 2025

Realisatie 2024

Baten

Baten

Baten

Baten

lasten

Lasten

Lasten

Lasten

0. Bestuur en Ondersteuning 0.10 Mutaties reserves

400

0

469

0

315

0

0

0

0

0

0

0

0

400

0

469

0

315

0

268

0

268

-

-

6.0 Sociaal domein 6.4 Begeleide Participatie

Totaal Generaal

- 41 -

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15489895/1