Memo ophaalsessie raad voor Kadernota 2026 14 mei 2025
Tekst van het document
Interne mededeling
Aan
De leden van de raad
Van
Femke Manders
Datum
14 mei 2025
Over
Informatie ten behoeve van ophaalsessie kadernota 2026
Geachte leden van de raad, Op 20 mei aanstaande zal zoals voorgaande jaren, de ophaalsessie kadernota plaatsvinden. De griffier heeft u toegezegd dat er informatie verstrekt wordt ten behoeve van de voorbereiding van deze ophaalsessie. Aangezien de ophaalsessie de voorbereiding van uw raad is op de kadernota, en het college hier geen rol in heeft, hebben wij ervoor gekozen (zoals ook voorgaande jaren) om ambtelijk de op dit moment bekend zijnde informatie te verschaffen. Waar de ophaalsessie kadernota de voorgaande jaren vooral in het teken stond van het ophalen van onderwerpen welke volgens u thuishoorde in de kadernota, kent de ophaalsessie dit jaar ook nog een andere insteek. De andere insteek houdt verband met het meerjarenperspectief (zie hieronder). Dit laat voor de komende jaren weliswaar een positief resultaat zien, maar we zien de komende periode ook ontwikkelingen aan de uitgavenkant op ons afkomen waar op dit moment nog geen exacte bedragen genoemd kunnen worden. Enerzijds omdat we nog midden in de ontwikkelingsfase zitten van besluitvorming en/of processen, anderzijds omdat we nog geen zicht hebben op (mogelijke) compensatie vanuit het rijk. Tegenover deze uitgaven staan ambities van onze organisatie, welke de komende jaren verwezenlijkt zullen worden.
Hoe kijkt u als raad hier tegen aan? En welke keuzes zouden wij als gemeente Bergen kunnen maken als we kijken naar de beleidsinhoudelijke keuzes en de onzekerheden? Gelet op de ontwikkelingen en onzekerheden achten wij het zinvol dat hierover het gesprek plaatsvindt, naast het ophalen van onderwerpen voor de kadernota 2026. Om dit gesprek op een juiste wijze te kunnen voeren treft u hierbij een aantal punten aan welke wij van belang vinden u mee te geven. Deze punten zijn te beschouwen als richtinggevend en naar huidig inzicht. De uitkomst van de ophaalsessie zullen wij meenemen bij het opstellen van de kadernota 2026. Bespreking hiervan vindt plaats tijdens de raadsvergadering van 8 juli 2025. De kadernota is vervolgens weer de opmaat naar de begroting 2026 zoals die door uw raad op 10 november 2025 wordt vastgesteld. Gedurende dit traject zal er in ieder geval met betrekking tot het financiële perspectief een aantal bijstellingsmomenten komen (bijvoorbeeld naar aanleiding van de mei – en septembercirculaire). Deze momenten zijn van belang aangezien hier meer informatie wordt gegeven over de meerjarige ontwikkeling van de algemene uitkering.
Pagina 1 van 3
Financieel meerjarenperspectief Het financieel meerjarenperspectief zoals geschetst in de begroting 2025 is op dit moment het meest actuele beeld dat u in uw overwegingen mee kunt nemen. Bij de vaststelling van de begroting zijn onderstaande saldi als ruimte voor nieuw beleid gepresenteerd: Omschrijving/Jaar
2026
2027
Eindsaldo (in feite post onvoorzien) 248.443 315.644 * het jaar 2029 werd niet in de begroting 2025-2028 gepresenteerd
2028
2029*
442.177
283.902
In de begroting 2025 is het meerjarenperspectief tot en met 2028 opgenomen. De kolom 2029 hebben wij nu toegevoegd. De afgelopen jaren hebben wij steeds rekening gehouden met de korting welke het Rijk doorvoert vanaf 2026 (ravijnjaar). De afgelopen jaren hebben wij hierop geanticipeerd door onder andere: 1. In de begroting 2024 slechts beperkt nieuw beleid op te nemen; 2. In de begroting 2025 maatregelen te nemen met een structureel effect. Het rijk publiceert in het voorjaar de Voorjaarsnota 2025. Het is gelukt om deze voor de tweede deadline te presenteren. De Voorjaarsnota is de basis voor het schrijven en publiceren van de meicirculaire. Gemeenten en de VNG hebben zich hard gemaakt richting rijk om te komen tot een afwending van het financiële ravijnjaar 2026. In hoeverre dit gelukt is blijft onzeker. Pas na het ontvangen van de meicirculaire hebben we zekerheid over de omvang van de Gemeentefondsuitkering zoals we die in de komende jaren mogen ramen. Bij de voorbereiding van de begroting zullen wij alle begrotingsposten – zoals we dat jaarlijks doen – kritisch beschouwen op noodzakelijkheid en omvang.
Ontwikkelingen en onzekerheden Wij stellen onze kadernota 2026 op volgens ons bestaand financieel beleid. Vanwege Gemeenteraadsverkiezingen (2026) is gebruikelijk dat de begroting in een dergelijk jaar “beleidsarm” wordt opgesteld. Zoals eerder in deze mededeling aangegeven staat de ophaalsessie mede in het teken van het gesprek voeren over de ontwikkelingen en onzekerheden en welke keuzes daarbij te maken zijn.
De volgende onzekerheden hebben impact op onze kadernota 2026: • De economische situatie in Nederland blijft onzeker, mede in het licht van grote maatschappelijke opgaven voor de komende jaren. • Pas na het ontvangen van de meicirculaire hebben wij zekerheid over de omvang van de Gemeentefondsuitkering zoals we deze in de komende jaren mogen ramen. • De kostenontwikkeling in het sociaal domein. Landelijk wordt er nog steeds oppositie gevoerd tegen de (financiële) gevolgen van de decentralisaties in het sociaal domein. Ondanks het feit dat wij de basis op orde hebben zijn er naar onze mening wetswijzigingen bij zowel de Wet maatschappelijke ontwikkeling als bij de Jeugdwet noodzakelijk om toekomstige kostenstijgingen te kunnen opvangen, de voornemens daartoe zijn door het kabinet geschetst (mogelijk verhoging eigen bijdrage WMO gerelateerd aan inkomen en vermogen met ingang van 2027). Daarnaast heeft de nieuwe aanbesteding van Jeugdzorg en WMO het gevolg dat er met realistische tarieven moet worden. Dit brengt aanzienlijk meer kosten met zich mee, waarbij we op dit moment nog in afwachting zijn van de compensatiemaatregel vanuit het rijk. • Het rijk heeft aangegeven de meeste specifieke uitkeringen (SPUK’s) te willen overhevelen naar het Gemeentefonds. Doel van een specifieke uitkering is om specifieke taken bij de gemeente neer te leggen en deze via de SPUK te financieren.
Gemeente moet deze SPUK vervolgens gedetailleerd verantwoorden. Het rijk heeft aangegeven deze gelden verantwoordingsvrij uit te keren middels de Algemene
•
•
Uitkering uit het Gemeentefonds maar daarbij wel een korting door te voeren (15%20%). De termijn en omvang van deze hervorming is nog niet bekend. De vorming van een fysieke RUD welke voldoet aan de wettelijke eisen, de zogenaamde robuustheidscriteria zal leiden tot een aanmerkelijke kostenverhoging. Deze kosten zullen in de loop van 2025 duidelijk worden. De krapte op de arbeidsmarkt raakt ook onze gemeente. Werving en selectie is enkel mogelijk als wij een goed aanbod aan potentiële kandidaten kunnen doen. Daarnaast zorgt de toename van taken voor extra druk op de ambtelijke organisatie. Deze aspecten zullen kostenverhogend werken, omdat wij hiervoor niet altijd een kostendekkende compensatie vanuit het rijk voor ontvangen.
De volgende ontwikkelingen staan op de planning voor onze gemeente: • Het duurzaam sportpark, waarbij de raad heeft aangegeven met een positieve houding naar de plannen te kijken. Echter op dit moment is nog niet duidelijk hoe hoog de bijdrage van de gemeente zal zijn en hoe we de lasten gaan dekken. Een mogelijkheid zou kunnen zijn om een deel van deze lasten te dekken vanuit de OZB-verhoging. • De school Siebengewald, vanuit het IHP-onderwijsplan is zichtbaar dat er de komende jaren vervangende nieuwbouw nodig is voor de school in Siebengewald. De gemeente is verantwoordelijk voor de huisvesting van basisonderwijs. Wanneer de vervangende nieuwbouw nodig is, wordt in overleg met het schoolbestuur bepaald. • Diverse projecten vragen in het komende jaar investeringen. Deze investeringen zijn zo fors dat het niet onwaarschijnlijk is dat er extra leningen noodzakelijk zijn. Op termijn leveren deze investeringen hoge opbrengsten voor de gemeente op. Een voorbeeld van deze investering is de aankoop van gronden om toekomstige gebiedsontwikkeling te kunnen realiseren. • Transitie openbare ruimte, in de begroting 2025 is een start gemaakt met het beschikbaar stellen van kredieten voor de grootschalige transitie van de openbare ruimte.
In 2025 wordt een gecombineerd Wegen-, Water- en Rioleringsplan opgesteld, de kostencomponent uit dit plan kan op verschillende manieren gedekt worden, derhalve de stijging van de OZB, een stijging van de rioolheffing dan wel het inzetten van een deel van het positieve begrotingssaldo. • Den Asseldonk, momenteel loopt er een juridisch geschil met Optisport aangaande de exploitatie van Den Asseldonk. Gemeente acht het gemeenschapshuis van vitaal belang voor de samenleving als geheel en het verenigingsleven in het bijzonder. De oplossing is vooralsnog onzeker. Ervan uitgaande u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.