Leefbaarheidsakkoord afgesloten met de Provincie Limburg
Tekst van het document
LEEFBAARHEIDSAKKOORD Gemeente Bergen Ondergetekenden,
Provincie Limburg, dan wel zover het haar publiekrechtelijke bevoegdheden betreft het college van Gedeputeerde Staten, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer M.L.M. Theuns, portefeuillehouder Leefbaarheid, daartoe gemachtigd door de Commissaris van de Koning en handelend ter uitvoering van haar besluit van 20 mei 2025, hierna te noemen: “de Provincie”; en Gemeente Bergen, dan wel zover het haar publiekrechtelijke bevoegdheden betreft het college van Burgemeester en Wethouders, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door mevrouw C.E.M.G.T. Ponjee, Wethouder Samenleving en tweede locoburgemeester, daartoe gemachtigd door de Burgemeester en handelend ter uitvoering van haar besluit van 13 mei 2025, hierna te noemen: “de Gemeente”;
Hierna gezamenlijk te noemen: Partijen,
verklaren dat deze overeenkomst wordt aangegaan onder de volgende bepalingen en bedingen: Overwegende dat:
Provinciale Staten op 26 april 2024 het beleidskader 2024-2027 “Leefbare steden en dorpen” (hierna: het Beleidskader) hebben vastgesteld en daarin is aangegeven dat de Provincie de leefbaarheid wil versterken door te investeren in de fysieke leefomgeving, door de juiste omstandigheden te creëren voor de realisatie van een woningvoorraad die aansluit op de behoefte
Pagina 1 van 12
van de regio en door te sturen op samenhangende ruimtelijke keuzes voor meer omgevingskwaliteit; voor de verbetering van de fysieke leefomgeving de bij het Beleidskader behorende Leefbaarheidsaanpak (november 2024) wordt gehanteerd; Provinciale Staten een budget van € 20 miljoen beschikbaar hebben gesteld voor de Leefbaarheidsaanpak met betrekking tot gebiedsgerichte publieke initiatieven; Provinciale Staten hebben aangegeven de nadruk te willen leggen op maatregelen in de fysieke openbare ruimte en (semi)publiek toegankelijke ruimte en gebouwen die bijdragen aan de leefbaarheidsbehoeften van het specifieke gebied; met het Beleidskader de Provincie gemeenten financieel wil ondersteunen met cofinanciering bij fysieke maatregelen in de openbare ruimte en (semi)publiek toegankelijke ruimte en/of gebouwen; de beoordeling van initiatieven zal plaatsvinden op basis van drie toetsen zoals uiteengezet in het Beleidskader: 1. legitimiteit / steun, 2. publieke waarde / impact en 3. uitvoerbaarheid; de Provincie conform het Beleidskader de gebiedsgerichte publieke initiatieven zal toetsen op de leefbaarheidscriteria, ofwel leefbaarheidsbehoeften van inwoners. Om deel te nemen aan de Leefbaarheidsaanpak dienen initiatieven te voldoen aan minimaal drie van de zes criteria/ behoeften. De leefbaarheidscriteria/-behoeften betreffen: o
Veiligheid. Denk aan de veiligheidsbeleving en verkleining van de slachtofferkans in een dorp en/of een stad (bijvoorbeeld: verkeersveiligheid en tegengaan van geweld).
o
Gezondheid. Denk aan een gezonde omgeving en vergroting van mentale gezondheid (bijvoorbeeld: vergroening, wandelpaden, beweegtoestellen, voorkomen hittestress en gezonde voeding).
o
Welzijn. Denk aan mogelijkheden voor zinvolle tijdsbesteding en faciliteren van eigen regie en grip op het bestaan (bijvoorbeeld: initiatieven voor vrijetijdsbesteding die bijdragen aan de leefbaarheid van meerdere en dementievriendelijke omgevingen).
o
Positieve sociale relaties. Denk aan de mogelijkheden om je ergens thuis te voelen en relaties op te bouwen, het versterken van cohesie in een dorp en/of een stad, het bevorderen van gemeenschapszin (bijvoorbeeld: initiatieven t.a.v. ontmoeting zoals gemeenschapsaccommodaties, moestuinen, speeltuinen, toegankelijkheid, inclusie en het tegengaan van overlastsituaties).
o
Kansen. Denk aan kansen voor mensen op (passend) onderwijs, (zorg)voorzieningen en werkgelegenheid (bijvoorbeeld: initiatieven t.a.v. nabijheid en bereikbaarheid van voornoemde zaken gericht op ontplooiing, het tegengaan van armoede en laaggeletterdheid en kansrijk opgroeien).
o
Contact met de natuurlijke omgeving. Denk aan initiatieven t.a.v. vergroening, gemeenschapsgroen en biodiversiteit.
Pagina 2 van 12
het onderhavige Leefbaarheidsakkoord alleen van toepassing is op door gemeenten ingediende gebiedsgerichte publieke projecten om een integraal en samenhangend pakket aan maatregelen (hierna: projectplan) te realiseren. Dat betekent dat het projectplan van de Gemeente in samenhang bijdraagt aan opgaven in het fysieke domein en tegemoetkomt aan het realiseren van zowel de provinciale als de gemeentelijke ambities; dit Leefbaarheidsakkoord nadrukkelijk niet bedoeld is om tekorten in (grond)exploitaties van de Gemeente te dekken; in bijlage 2 bij dit Leefbaarheidsakkoord de resultaatsverplichtingen voor de Gemeente zijn opgenomen; de Gemeente aan de Provincie kenbaar heeft gemaakt dat zij binnen haar grenzen een opgave heeft met lokaal draagvlak die bijdraagt aan de leefbaarheidsbehoefte binnen haar Gemeente en dat heeft uitgewerkt en vastgelegd in een projectplan (zie bijlage 3); Partijen door middel van ondertekening van dit Leefbaarheidsakkoord de langjarige afspraken om de leefbaarheid binnen de Gemeente te verbeteren schriftelijk willen vastleggen.
Artikel 1
Doel van het Leefbaarheidsakkoord
Partijen beogen met dit Leefbaarheidsakkoord inhoudelijke en procedurele afspraken ten behoeve van de realisatie van het projectplan inclusief bijbehorende resultaten schriftelijk vast te leggen.
Artikel 2
Samenwerkingsafspraken
1.
De Gemeente verplicht zich de Provincie steeds gevraagd en ongevraagd adequaat, volledig en tijdig te informeren over de belangrijkste ontwikkelingen binnen het projectplan en bijbehorende resultaten (bijlage 3 en 2).
2.
Ten behoeve van een adequate uitvoering, monitoring en evaluatie van het projectplan en bijbehorende resultaten onderhouden Partijen geregeld overleg. De verantwoordelijk, coördinerende bestuurders zijn de Gedeputeerde van de Provincie met de portefeuille Leefbaarheid en de portefeuillehouder Samenleving van de Gemeente.
3.
Elk halfjaar, dan wel zo vaak als door Partijen nodig wordt geacht, zal er bestuurlijk overleg tussen de verantwoordelijk, coördinerende bestuurders van de Gemeente en de Provincie worden ingepland. De Gemeente draagt zorg voor een planning (inclusief een nulmeting, conform het gestelde in lid 9 van dit artikel) waaruit het proces, gericht op het realiseren van de in bijlage 2 omschreven resultaten, duidelijk blijkt. De afspraken in dit bestuurlijk overleg zullen schriftelijk worden vastgelegd.
4.
Binnen een jaar na ondertekening van dit Leefbaarheidsakkoord (zie artikel 3, lid 1), met inachtneming van het bepaalde in lid 10 en 11 van dit artikel, dient de Gemeente het projectplan en bijbehorende resultaten verder te hebben uitgewerkt. Dit houdt onder andere in dat de Gemeente heeft zorggedragen voor: het uitvoeringsgereed hebben van alle maatregelen (o.a. een ontwerp omgevingsvergunning of ontwerp omgevingsplan ter inzage is gelegd conform de daartoe geëigende procedures), het voorhanden hebben van een uitvoeringplanning en een onomkeerbare dekking schriftelijk is geborgd (besluiten zijn genomen, het projectplan is opgenomen in de begroting(en) en maximaal gebruik is gemaakt van alle beschikbare cofinancierings-
Pagina 3 van 12
mogelijkheden). Ook worden door Partijen afspraken gemaakt over flexibiliteit met betrekking tot de concreet te behalen resultaten. Daarnaast bespreken Partijen in goed partnerschap andere provinciale/gezamenlijke dossiers (o.a. gerelateerde besluiten) die mogelijk dit Leefbaarheidsakkoord raken en die ook in bijlage 2 en/of 3 kunnen worden of reeds zijn opgenomen. 5.
Om in aanmerking te kunnen komen voor een financiële bijdrage voor het projectplan en bijbehorende resultaten, dient de Gemeente (na uitwerking ervan, zoals gesteld in lid 4 van dit artikel en met inachtneming van het gestelde in lid 10 van dit artikel) een subsidieaanvraag in te dienen bij de Provincie binnen de ten tijde van het indienen van de aanvraag vigerende Nadere subsidieregels Leefbaarheidsaanpak gebiedsgerichte publieke initiatieven. Deze aanvraag dient uiterlijk 31 december 2026 te zijn ontvangen door Gedeputeerde Staten.
6.
De Provincie heeft de intentie voor de realisatie van het projectplan en bijbehorende resultaten een bedrag vanuit de Leefbaarheidsaanpak maximaal € 1.000.000,- te verstrekken, voor zover het projectplan en bijbehorende resultaten voldoende zijn uitgewerkt en passen binnen het gestelde in de ten tijde van het indienen van de subsidieaanvraag vigerende Nadere subsidieregels Leefbaarheidsaanpak gebiedsgerichte publieke initiatieven en voor zover er nog middelen beschikbaar zijn binnen het voor deze Nadere subsidieregels door Gedeputeerde Staten vastgestelde subsidieplafond (waarbij aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst). Daarbij gaat de Provincie ervan uit dat de Gemeente voor een gemeentelijke inzet van minimaal € 6.400.000,- voor het projectplan en bijbehorende resultaten zorgt. Hierbij dient de Gemeente een inzet van externe taakstellende verenigingen te genereren van minimaal € 3.715.517,- conform het gestelde zoals benoemd in lid 11 van dit artikel. De Gemeente spant zich maximaal in om aanvullende middelen te verwerven bij (subsidie- en/of financiële) regelingen van derden (o.a. Rijk en/of Europa) om de financiële behoefte(n) c.q. tekorten van het projectplan en bijbehorende resultaten te dekken, mits daartoe mogelijkheden bestaan.
De Provincie zal de Gemeente ook proactief wijzen op regelingen op basis waarvan een beroep op extra middelen voor het projectplan kan worden gedaan. Een provinciale subsidie bedraagt ten hoogste het bedrag dat Gedeputeerde Staten noodzakelijk achten om het projectplan en bijbehorende resultaten te kunnen realiseren. Bovendien bedraagt het eventueel te verstrekken subsidiebedrag: - maximaal 50% van de subsidiabele kosten; - nooit meer dan de Gemeentelijke bijdrage; en - maximaal het bedrag ter hoogte van de intentie zoals opgenomen in dit Leefbaarheidsakkoord.
7.
In aanvulling op een eventuele subsidie op grond van de ten tijde van het indienen van de aanvraag vigerende Nadere subsidieregels Leefbaarheidsaanpak gebiedsgerichte publieke initiatieven, kunnen Gedeputeerde Staten besluiten (een) aanvullende financiële bijdrage(n) te verstrekken, indien het projectplan voorziet in het realiseren van provinciale ambities en doelen zoals opgenomen in het coalitieakkoord 2023-2027 ‘Elke Limburger telt!’ en indien het past binnen vigerende provinciale beleidskaders.
8.
Indien subsidie door de Provincie wordt verleend voor het projectplan en bijbehorende resultaten, dienen de in bijlage 2 samengevatte resultaten vóór 1 januari 2027 in uitvoering te zijn. Dit houdt
Pagina 4 van 12
in dat de Gemeente onomkeerbare (financiële) verplichtingen is aangegaan, er een sluitende businesscase beschikbaar is, waaruit blijkt dat zowel realisatie als exploitatie van het projectplan duurzaam geborgd zijn en dat de feitelijke realisatie vóór deze datum dient te starten. Het projectresultaat dient gedurende een periode van vijf jaar te worden gegarandeerd. 9.
De Gemeente levert, om niet, informatie/data (bijvoorbeeld in de vorm van een objectief onderzoek of rapport) voor het aantonen van de lokale leefbaarheidsbehoeften die de nulsituatie vastleggen. Tijdens de uitvoering van het project levert de Gemeente, om niet, conform een afgesproken ritme, informatie/data over de leefbaarheidsaspecten. Deze meetresultaten/data worden aan de Provincie aangeleverd in een machine leesbaar formaat. De Gemeente conformeert zich hierbij om de nulmeting naar de leefbaarheidsbehoefte in de Gemeente uit te voeren binnen één jaar na ondertekening van dit Leefbaarheidsakkoord, zoals gesteld in artikel 3, lid 1.
10. In bijlage 3 is verwoord dat op inhoud politiek-bestuurlijk draagvlak is voor de ontwikkeling van het duurzaam, centraal sportpark in de kern Nieuw-Bergen. Het krediet voor de gemeentelijke bijdrage dient nog beschikbaar gesteld te worden door de gemeenteraad. Dit krediet wordt opgenomen in de Kadernota 2026 welke, ter besluitvorming op 8 juli 2025, aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Mocht de Raad besluiten om onvoldoende krediet beschikbaar te stellen voor de ontwikkeling van het sportpark, waarmee het initiatief dan onvoldoende financiële dekking heeft, dan wensen Partijen in het kader van dit Leefbaarheidsakkoord flexibiliteit in te bouwen om zo de onzekerheden over het krediet op te vangen. De gemeente krijgt in dat geval de mogelijkheid om nieuwe afspraken over de dekking voor het initiatief te maken of om een ander initiatief voor de Leefbaarheidsaanpak voor te kunnen leggen aan de Provincie. Hierbij neemt de gemeente in acht dat moet worden voldaan aan de criteria die zijn gesteld vanuit de ten tijde van het indienen van de aanvraag vigerende Nadere subsidieregels Leefbaarheidsaanpak gebiedsgerichte publieke initiatieven. Indien de Raad wel instemt met de kredietvraag, dient deze in de begroting van november 2025 door de Gemeente te worden vastgesteld en dient het Raadsbesluit met de Provincie te worden gedeeld. 11.
De Gemeente is verantwoordelijk voor het verkrijgen van een dekking van € 3.715.517,- vanuit de betrokken verenigingen om de totale kosten voor de voorgenomen ontwikkeling te dekken. De Gemeente heeft ermee ingestemd dat de dekking door verenigingen binnen één jaar na ondertekening van dit Leefbaarheidsakkoord, zoals gesteld in artikel 3, lid 1, verkregen is. Indien de dekking niet binnen deze termijn verkregen wordt, treden Partijen in overleg over de resultaatsverplichtingen. In gezamenlijkheid wordt dan bekeken of er bezuinigingen gemaakt kunnen worden in de kosten voor de elementen die door de verenigingen gedekt worden, zoals de realisatie van de speeltuin, de natuurspeeltuin, de bootcampheuvel en de jeu des boulesbaan. Artikel 3
1.
2.
Looptijd, voortijdige beëindiging of wijziging van het Leefbaarheidsakkoord
Dit Leefbaarheidsakkoord treedt in werking zodra het College van B&W van de Gemeente evenals het College van Gedeputeerde Staten van de Provincie hebben ingestemd met het aangaan van het akkoord. Het Leefbaarheidsakkoord wordt formeel bekrachtigd wanneer het door beide Partijen bevoegdelijk is ondertekend en eindigt zodra een subsidiebeschikking op basis van de ten tijde van het indienen van de aanvraag vigerende Nadere subsidieregels Leefbaarheidsaanpak gebiedsgerichte publieke initiatieven is afgegeven. Indien de Gemeente niet binnen één jaar na ondertekening van dit Leefbaarheidsakkoord, naar het oordeel van de Provincie, het projectplan en bijbehorende resultaten verder heeft uitgewerkt
Pagina 5 van 12
conform het gestelde in artikel 2, lid 4, komt dit Leefbaarheidsakkoord en de daarin vastgelegde afspraken, waaronder de provinciale financiële intentie zoals vastgelegd in artikel 2, lid 6, te vervallen. 3.
Wijziging, aanvulling of verlenging van dit Leefbaarheidsakkoord geschiedt schriftelijk bij besluit van beide Partijen.
Artikel 4
Bijlagen
1.
Bij dit Leefbaarheidsakkoord behoren de volgende bijlagen: 1. Werkwijze Gedeputeerde Staten kader Leefbare Steden en Dorpen; 2. Resultaatsverplichtingen in samengevatte vorm; 3. Projectplan van de Gemeente Bergen.
2.
De in lid 1 genoemde bijlagen vormen een integraal onderdeel van dit Leefbaarheidsakkoord. In geval van vermeende tegenstrijdigheden tussen het bepaalde in dit Leefbaarheidsakkoord en de bijlage(n) geldt het bepaalde in dit Leefbaarheidsakkoord.
Artikel 5
Slotbepalingen
1.
Partijen zullen, indien sprake is van een geschil, trachten dit geschil bij te leggen door middel van (bestuurlijk) overleg vóórdat zij zich wenden tot de rechter, spoedeisende gevallen daargelaten. Geschillen zullen in eerste aanleg met uitsluiting worden voorgelegd aan de rechtbank Limburg.
2.
Een ieder verplicht zich alles wat hem bij de uitvoering van het Leefbaarheidsakkoord ter kennis komt en waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs kan vermoeden, op geen enkele manier bekend te maken aan derden, behalve voor zover enig wettelijk voorschrift of uitspraak van de rechter hem tot bekendmaking verplicht.
3.
Op dit Leefbaarheidsakkoord is Nederlands recht van toepassing.
Pagina 6 van 12
Aldus overeengekomen en ondertekend in tweevoud op 27 augustus 2025 te Nieuw-Bergen,
De Provincie
Pagina 7 van 12
De Gemeente
Bijlage 1 bij het Leefbaarheidsakkoord Werkwijze Gedeputeerde Staten kader Leefbare Steden en Dorpen 1.
Van de Gemeente wordt een samenhangend ruimtelijk projectplan verwacht waarin zij aangeeft hoe zij de gebiedseigen leefbaarheid wil verbeteren in een specifiek gebied binnen de Gemeente. Deze verbetering bestaat uit een of meerdere initiatieven binnen één aaneengesloten gebied. Dit projectplan geeft tevens inzicht in de beoogde effecten en resultaten en geeft aan wat zij voor een bepaalde datum bereikt wil hebben.
2.
Bij voornoemd projectplan hoort een overzicht van voorgenomen projecten/initiatieven en concrete maatregelen waarmee de Gemeente de beschreven visie/ambities en de beoogde resultaten wil realiseren. Dit overzicht kan nadien bij de subsidieaanvraag nog worden aangevuld. Van de daarin opgenomen projecten/initiatieven wordt aangegeven in welke mate deze bijdragen aan de onder 1 bedoelde effecten en resultaten en welke relatie er is met (onderdelen van) provinciaal beleid zoals omschreven in het Beleidskader. Om een aanvraag inbehandeling te kunnen nemen, dient in het projectplan voor de leefbaarheidsaanpak in elk geval te worden opgenomen: o een korte samenvatting van het voorgenomen plan/initiatief; o de aanleiding voor het voorgenomen plan/initiatief; o een beschrijving van het voorgenomen plan/initiatief (inclusief projectlocatie en/of eventuele tekeningen); o de omschrijving op welke wijze in de leefbaarheidsbehoefte(n) wordt voorzien, zowel gemeentelijk als planspecifiek; o een omschrijving aan welke van de 6 leefbaarheidscriteria het projectplan voldoet (aan minimaal 3 criteria dient te worden voldaan); o de beoogde effecten die de Gemeente met het plan/initiatief wil bereiken; o de resultaten (zie ook bijlage 2); o een omschrijving van aanpalende ontwikkelingen met eventuele koppelkansen; o een opsomming van de betrokken partijen, inclusief rolverdeling; o de betrokkenheid
van derden/stakeholders en hun commitment; o een beschrijving van het lokale draagvlak en hoe tot dit draagvlak is gekomen; o de planning, inclusief toelichting op het ruimtelijk traject; o een toelichting op welke wijze monitoring van het projectplan wordt ingevuld; o een beschrijving van een businesscase met een kostenraming en een dekkingsvoorstel; o een concrete beschrijving van de vraag die de Gemeente aan de Provincie in het kader van de Leefbaarheidsaanpak stelt.
3.
De informatie met betrekking tot de opgenomen projecten/initiatieven moet eenduidig zijn ten aanzien van inhoud, financiën, (onherroepelijke) deelname derden, planning en bijdrage aan de beoordelingscriteria zoals in het Beleidskader zijn benoemd.
4.
Projectplannen dienen bij te dragen aan ten minste 3 van de 6 leefbaarheidscriteria/-behoeften. Deze zijn nader uitgewerkt in het Beleidskader.
Pagina 8 van 12
5.
De omvang van de intentie voor het verstrekken van een provinciale financiële bijdrage aan een projectplan wordt bepaald: • op basis van de inhoud van het projectplan: - de te verwachten impact voor de (bewoners van de) kern/wijk waar het projectplan wordt gerealiseerd; - de mate waarin wordt bijgedragen aan de lokale leefbaarheidsbehoeften van het specifieke gebied. Het lokale karakter blijkt uit minimaal één van de volgende aspecten: o data, een objectief onderzoek of rapport; o de directe betrokkenheid van inwoners dan wel lokaal draagvlak; o de directe betrokkenheid van andere stakeholders in de ontwikkeling en/of exploitatie van het project; o een raadsbesluit waarin de Gemeenteraad instemt met het project en waaruit lokaal draagvlak blijkt. • op basis van de volgens de bijbehorende begroting blijkend(e): - omvang van de bijdragen van derden; - omvang van het dekkingstekort op de initiële investeringen; - potentieel opbrengend vermogen van het projectplan.
• rekening houdend met: - het binnen de ten tijde van het indienen van de aanvraag vigerende Nadere subsidieregels Leefbaarheidsaanpak gebiedsgerichte publieke initiatieven beschikbare budget; - de bereidheid van de Gemeente om haar publiekrechtelijk instrumentarium in te zetten om de beoogde resultaten te realiseren; - alle geldende wettelijke kaders; - de mate waarin het duurzaam in stand houden van de te realiseren investeringen gedurende minimaal vijf jaar is geborgd; - de mate waarin burgers bijdragen aan het realiseren van (onderdelen van) het projectplan; - de financiële en organisatorische draagkracht van de Gemeente; en - de mate waarin de Gemeente haar financieel beleid en instrumentarium op orde heeft.
6.
Aan de intentie zoals geformuleerd in artikel 2, lid 6 van het Leefbaarheidsakkoord worden voorwaarden verbonden, gericht op het realiseren van het projectplan. De intentie vervalt, indien de Gemeente niet binnen één jaar na inwerkingtreding van het Leefbaarheidsakkoord het projectplan en bijbehorende resultaten verder heeft uitgewerkt conform het gestelde in artikel 2, lid 4 van het Leefbaarheidsakkoord.
7.
Een eventuele provinciale bijdrage bedraagt niet meer dan 50% van de initiële subsidiabele kosten (het totaal van de investeringen die nodig zijn om het project/initiatief te realiseren, conform de ingediende businesscase) en nooit meer dan de Gemeentelijke bijdrage. Bovendien bedraagt de eventueel te verstrekken subsidie ten hoogste het bedrag dat Gedeputeerde Staten noodzakelijk achten om het projectplan en bijbehorende resultaten te kunnen realiseren en zal het bedrag nooit hoger zijn dan de intentie zoals opgenomen in artikel 2, lid 6 van het Leefbaarheidsakkoord met de betreffende Gemeente. Gedeputeerde Staten verlenen géén bijdrage indien het ingediende projectplan en/of bijbehorende acties en resultaten indruisen tegen vigerend provinciaal beleid.
Pagina 9 van 12
8.
Het daadwerkelijk beschikbaar stellen van middelen vindt plaats nadat het Leefbaarheidsakkoord door de Gemeente en de Provincie is ondertekend, aan de voorwaarden zoals omschreven in het Leefbaarheidsakkoord is voldaan, de Gemeente (na uitwerking van het projectplan en bijbehorende resultaten conform het gestelde in artikel 2, lid 4 van het Leefbaarheidsakkoord) een subsidieaanvraag bij de Provincie heeft ingediend en het projectplan past binnen het gestelde in de ten tijde van het indienen van de aanvraag vigerende Nadere subsidieregels Leefbaarheidsaanpak gebiedsgerichte publieke initiatieven en voor zover er nog middelen beschikbaar zijn binnen het voor deze Nadere subsidieregels door Gedeputeerde Staten vastgestelde subsidieplafond (waarbij aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst). Voor het daadwerkelijk beschikbaar stellen is in ieder geval noodzakelijk dat er door de Gemeente een onomkeerbare financiële verplichting is aangegaan en dat er een sluitende businesscase beschikbaar is, waaruit blijkt dat zowel realisatie als exploitatie van het projectplan duurzaam geborgd zijn en dat de feitelijke realisatie vóór 1 januari 2027 start.
Pagina 10 van 12
Bijlage 2 bij het Leefbaarheidsakkoord Resultaatsverplichtingen in samengevatte vorm • De Gemeente draagt zorg voor de start van de realisatie van het duurzaam, centraal sportpark vóór 1 januari 2027 conform het projectplan uit bijlage 3. • De Gemeente is verantwoordelijk voor: • de ontwikkeling van één duurzaam, centraal gelegen sportpark in de kern Nieuw-Bergen waar een grote diversiteit aan doelgroepen gedurende de hele dag plek heeft voor sport, beweging, ontspanning, ontmoeting én samenwerking; • het creëren van een levendige en uitnodigende semi-openbare ruimte die voor iedere inwoner van de Gemeente Bergen en haar regio goed toegankelijk is; • de realisatie van sportvoorzieningen: vier voetbalvelden, vier tennisbanen, vier beachvolleybalvelden, twee pickleball banen met oefenmuur en een bootcampheuvel; • de realisatie van recreatieve voorzieningen: een jeu des boulesbaan en beweegpaden (wandelen en fietsen); • de realisatie van speelvoorzieningen, waaronder een speeltuin, een natuurspeeltuin en een multicourt; • het behouden en realiseren van sociaal-maatschappelijke en culturele functies en activiteiten: behouden en inpassen ruimte voor Jong Nederland, behouden en inpassen ruimte voor de schutterij, ruimte bieden aan dagopvang voor dementerenden enruimte bieden aan kinderdagverblijf en/of sport-BSO; • de realisatie van een gezamenlijk centraal gelegen openclubgebouw
aan een centraal activiteitenplein; • de reservering van ruimte voor alle buitensporten, toekomstig binnensporten en andere sociaal-maatschappelijke en culturele functies op het sportpark; • het in stand houden en stimuleren van een goed en levendig (sport)verenigingsleven in de Gemeente; • de ontwikkeling van een sportpark met klimaatadaptieve middelen, aangrenzend aan een Natura 2000 gebied; • het centraliseren van de sportvoorzieningen op één locatie, waardoor er op de voormalige sportlocaties in de kleinere kernen van de Gemeente ruimte ontstaat om bouwgrond uit te geven. • De Gemeente dient op 8 juli 2025 de kadernota – met daarin de kredietvraag voor het sportpark – te laten vaststellen om tot ondertekening van dit Leefbaarheidsakkoord over te gaan. Vanuit de kadernota dient bekrachtigd te worden dat de gemeentelijke dekking voor het project € 6.400.000,bedraagt. • De Gemeente is verantwoordelijk voor het verkrijgen van de dekking van € 3.715.517,- vanuit verenigingen om daarmee de totale kosten van het projectvoorstel te dekken. De dekking dient binnen één jaar na inwerkingtreding van dit Leefbaarheidsakkoord verkregen te zijn. Indien de dekking niet binnen deze termijn verkregen wordt, geldt hetgeen zoals gesteld in artikel 2, lid 11 van het Leefbaarheidsakkoord.
Pagina 11 van 12
Bijlage 3 bij het Leefbaarheidsakkoord Projectplan van de Gemeente Bergen
Pagina 12 van 12