CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Besluit

gemeenteraad 1 juni 2021, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening 2021 tot 2024 Barendrecht3.717 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

RAADSBESLUIT Onderwerp: Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening 2021 tot 2024 Barendrecht

Gemeenteraad: 1 juni 2021

Zaaknummer: 286163

Commissie Samenleving 18 mei 2021

De raad van de gemeente Barendrecht; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders op 26 april 2021; gezien het advies van Commissie Samenleving op 18 mei 2021; gelet op Participatiewet; Wet gemeentelijke schuldhulpverlening; Gemeentewet.;

BESLUIT: 1. Het 'Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening Barendrecht 2021 - 2024' vast te stellen. 2. De motie 2018-026 'Werkende Armen' als afgedaan te beschouwen. 3. De motie 2020-033 'Gratis openbaar vervoer' als afgedaan te beschouwen. 4. De niet geoormerkte bedragen decembercirculaire gemeentefonds 2020 voor schuldhulpverlening à € 38.437 en voor minimabeleid/bijzondere bijstand à € 13.458 beschikbaar te stellen voor 2021 voor het beoogde doel en te verwerken in de 2e Tussenrapportage 2021. 5. Ten behoeve van de uitvoering van het plan voor schuldhulpverlening, structureel een budget van € 50.000 bij te ramen en te verwerken in de 2e Tussenrapportage 2021.

Aldus besloten in de vergadering van de gemeenteraad Barendrecht van 1 juni 2021.

Raadsvoorstel Onderwerp: Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening 2021 tot 2024 Barendrecht

College van burgemeester en wethouders 26 april 2021

Zaaknummer 286163

Portefeuillehouder Nico Bults

Commissie Samenleving 18 mei 2021

Openbaar

Gemeenteraad 1 juni 2021

Geadviseerd besluit 1. Het 'Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening Barendrecht 2021 - 2024' vast te stellen. 2. De motie 2018-026 'Werkende Armen' als afgedaan te beschouwen. 3. De motie 2020-033 'Gratis openbaar vervoer' als afgedaan te beschouwen. 4. De niet geoormerkte bedragen decembercirculaire gemeentefonds 2020 voor schuldhulpverlening à € 38.437 en voor minimabeleid/bijzondere bijstand à € 13.458 beschikbaar te stellen voor 2021 voor het beoogde doel en te verwerken in de 2e Tussenrapportage 2021. 5. Ten behoeve van de uitvoering van het plan voor schuldhulpverlening, structureel een budget van € 50.000 bij te ramen en te verwerken in de 2e Tussenrapportage 2021.

Raadsvoorstel Inleiding De beleidskaders voor minima en schuldhulpverlening worden om de vier jaar vernieuwd. Voor schuldhulpverlening is dit een wettelijke plicht vanuit de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Via deze cyclus kunnen we actuele ontwikkelingen meenemen. Omdat het minimabeleid en het beleid schuldhulpverlening raakvlakken heeft en de preventieactiviteiten veelal voor beide onderdelen worden uitgevoerd zijn de kaders voor de komende drie jaar gezamenlijk opgesteld. In 2020 is het beleidskader eerder voorgelegd aan de commissie Samenleving. De commissie vond het beleid nog niet besluitrijp waardoor er een traject van participatie en oriëntatie heeft plaatsgevonden. Er is input gevraagd in de oriënterende commissie Samenleving van 14 april 2020. Er zijn gesprekken geweest tussen de portefeuillehouder en samenwerkingspartners zoals Voedselbank, Kledingbank, Kleurrijk, KijkopWelzijn/Vraagwijzer, Present. Uit deze gesprekken kwam naar voren dat de samenwerkingspartijen niet meer minima in beeld hebben dan de gemeente zelf. Naar aanleiding van alle input zijn er aanpassingen gedaan in het beleid en wordt het beleid nu wederom voorgelegd ter besluitvorming.

De belangrijkste wijzigingen betreffen de onderwerpen: minimabeleid; actualiseren van de cijfers, realisatie 2020 zoals het vernieuwen van de verordening Meedoen en de introductie van het Kindpakket in natura, het aanpassen van de uitwerking motie werkende armen want er is een grote groep nieuwe klanten in beeld gekomen door de coronamaatregelen. schuldhulpverlening; actualiseren van de cijfers, aanpassingen naar aanleiding van landelijke ontwikkelingen op het gebied van preventie, vroegsignalering en schuldhulpverlening. Er zijn twee openstaande moties die verband houden met dit beleidskader. 1. Motie 2018-026 'werkende armen'; de uitwerking is meegenomen in het beleid 2. Motie 2020-033 'gratis openbaar vervoer minima'; de uitwerking is gedaan in dit raadsvoorstel Motie Werkende Armen 2018-026 De uitwerking van deze motie is deels uitgevoerd in de Armoedemonitor (het in beeld brengen van deze doelgroep). Het in beeld brengen van deze doelgroep is vooral door regelingen als de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) en de Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) gelukt. In het Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening is deze doelgroep specifiek opgenomen en zijn er acties opgenomen om deze doelgroep te informeren over inkomensondersteuning.

De zelfstandigen die een beroep hebben gedaan op de Tozo krijgen gepaste hulp bij de gemeente middels heroriënteringsgesprekken waarbij in brede zin wordt gekeken wat er nodig is. De nieuwe regeling (TONK) brengt werkende armen (zelfstandigen en in loondienst) in beeld die moeite hebben met het betalen van de vaste lasten. Na beëindiging van deze regeling houden we deze inwoners in beeld en wordt er actief geïnformeerd en geadviseerd over de mogelijkheden van inkomensondersteuning. Motie Gratis Openbaar Vervoer minima 2020-033 In deze motie wordt het college verzocht met een uitwerking te komen van de voors en tegens, kosten en besparing voor de volgende opties;  Behoud van bestaande voorziening gratis ov voor alle AOW-gerechtigden in Barendrecht;  De voorziening gratis ov te beperken tot alleen AOW-gerechtigden met een minimuminkomen;  De voorziening gratis ov toe te kennen aan alle minima in Barendrecht en daarbij aan te geven welke overlap er is met bestaande regelingen voor minima in Barendrecht;  De voorziening gratis ov toe te voegen aan de huidige minimaregelingen in Barendrecht. In dit raadsvoorstel zijn de genoemde opties uitgewerkt bij het onderdeel 'argumenten'.

Beoogd effect De uitgangspunten en richting bepalen van het minimabeleid en plan schuldhulpverlening voor de jaren 2021-2024 en het uitvoeren van motie 2018-026 Werkende Armen en motie 2020-033 gratis openbaar vervoer minima. Relatie met beleidskaders Integraal Beleid Sociaal Domein, Plan Schuldhulpverlening, minimabeleid, bijzondere bijstand, Individuele Studie- en Inkomenstoeslag. Argumenten 1.1 Het 'Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening 2021-2024' geeft richting aan de activiteiten en doelen voor de komende drie jaar. Enkele acties voor de komende drie jaar toegelicht. Minimabeleid:  Verordening Meedoen: De verordening is aangepast in 2020, de implementatie van de wijzigingen vindt plaats in 2021  Kindpakket in natura; De samenwerking met st. Leergeld is in 2020 gestart en vastgelegd in een verordening. Er wordt de komende jaren ingezet op een goede samenwerking met de lokale partners, een betaalbaar aanbod bij lokale winkels en meer persoonlijke aandacht voor de gezinnen in Barendrecht die een beroep doen op het kindpakket.  Zorgpolis voor minima: het aanbod actualiseren en optimaliseren, inzetten op het voorkomen of oplossen van betalingsachterstanden.  Studietoeslag Participatiewet: de wetswijziging verwerken in beleidsregels. De toegang tot de regeling verbeteren door meer persoonlijke aandacht en beoordeling bij het aanvraagproces.

 Communicatie minimaregelingen: de informatie op de website actualiseren, meer beeldmateriaal zodat laaggeletterden kunnen worden bereikt, meer inzetten op het bereiken van de werkende armen via diverse communicatiekanalen (krant, folder, website, social media), de informatiefolder voor minima aanpassen op leesbaarheid.  Werkende armen: deze doelgroep krijgt de komende driejaar speciale aandacht. De doelgroep komt door de landelijke ondersteuningsmaatregelen steeds beter in beeld en kan gericht worden benaderd voor inkomensondersteuning. Schuldhulpverlening:  Werken aan het efficiënter maken van doorstroom, we ondersteunen de inwoner bij de aanvraag en toegang.  We passen de werkwijze aan, aan de wetswijzigingen van de Wgs per 1 januari 2021.  We sluiten aan bij een juridische kennisbank specifiek voor schuldhulpverlening. Dit is nodig om de kwaliteit te waarborgen van de dienstverlening en besluitvorming.  We sluiten aan bij de BKR, dit betreft een verplichting vanuit de Wgs.  Onze leverancier voor de applicatie schuldhulpverlening stopt met updaten. Dit betekent dat we moeten overstappen naar een nieuwe leverancier. Dit is randvoorwaardelijk. Het overstappen naar een andere leverancier brengt kosten met zich mee.  We gaan aansluiten bij de aanpak vroegsignalering en het landelijk convenant vroegsignalering.

Een applicatie zoals Inforing of VPS van de BKR is randvoorwaardelijk om de meldingen van de betalingsachterstanden te kunnen ontvangen en dus ook om de wet uit te kunnen voeren.  We maken beleidsregels voor de uitvoering.  Communicatie: De Nibud geldkrant wordt periodiek verspreid onder alle inwoners van Barendrecht.  Gedurende de komende periode zal een nieuwe aanbesteding van de schuldhulpverlening moeten worden voorbereid voor de periode vanaf 2023.

 Preventie: het voorkomen van armoede en financiële problemen is een prioriteit. Voorlichting en ontmoeting kunnen instrumenten zijn, zo gaan we weer we voorlichting op scholen geven, hebben we aandacht voor jongeren die 18 jaar worden en werken we veel samen met partners, vrijwilligers en het wijkteam. Ook zoeken we naar initiatieven die aanvullend zijn op ons reeds bestaande hulpverlening. In het Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening is de ambitie opgenomen om integraal en persoonlijk hulp te verlenen, kijken naar wat er nodig is. Het Integraal Beleid Sociaal Domein biedt de basis voor deze aanpak. 2.1 In het beleidskader zijn de werkende armen als specifieke aandachtsgroep opgenomen. Het in beeld brengen van de doelgroep is deels gelukt in de Armoedemonitor die jaarlijks ter informatie naar de raad wordt gezonden. De doelgroep zelfstandigen is door de coronamaatregelen in 2020 beter in beeld gekomen bij de gemeente. Ook de werkende armen in loondienst komen naar verwachting beter in beeld in 2021 door de landelijke noodmaatregel Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK). Beide groepen kunnen hierdoor gericht worden benaderd over de inkomensregelingen. 3.1 In dit raadsvoorstel is de opdracht aan het college over de opties van gratis openbaar vervoer minima uitgewerkt. Op 10 november is de motie ‘Gratis openbaar vervoer minima’ door de raad vastgesteld.

In de motie wordt het college verzocht om bij de presentatie van de Voorjaarsnota voor de begroting 2022 met een uitwerking van de voors en tegens, kosten en besparingen gemoeid met de volgende opties te komen:  optie 1: behoud van de bestaande voorziening: gratis openbaar vervoer voor alle AOWgerechtigden in Barendrecht;  optie 2: de voorziening gratis openbaar vervoer te beperken tot alleen de AOW- gerechtigden met een minimuminkomen;  optie 3: de voorziening gratis openbaar vervoer toe te kennen aan alle minima in Barendrecht en daarbij aan te geven welke overlap er is met de bestaande regelingen voor de minima in Barendrecht;  optie 4: de voorziening gratis openbaar vervoer toe te voegen aan de huidige minimaregelingen in Barendrecht. Hieronder zijn de kosten in een tabel gezet die RET heeft berekend. Bij AOW-gerechtigden is het uitgangspunt dat er buiten de spits gereisd kan worden. Opties 1 2 3a buiten spits 3b inclusief spits 4

Kosten RET 2021 € 281.310 € 37.484 € 239.298 € 264.646 Afhankelijk van keus

Uitvoeringskosten gemeente laag Midden, n.t.b. Hoog n.t.b. Hoog n.t.b. Hoog n.t.b.

Voor optie 4 zijn er verschillende mogelijkheden die nader uitgewerkt kunnen worden. In het huidige beleid bijzondere bijstand is al een regeling voor reiskosten opgenomen. Jaarlijks wordt rond de € 9.000 aan bijzondere bijstand verstrekt op dit onderdeel. Dit is bedoeld voor inwoners die door omstandigheden extra kosten moeten maken; het bezoeken van zieken of familie in een instelling, eigen ziekenhuis bezoek etc. De reiskosten voor een traject re-integratie worden bekostigd uit het participatiebudget. De wetgever is van mening dat in de uitkering levensonderhoud

Participatiewet een bedrag is opgenomen voor deelname maatschappelijk verkeer. Reiskosten voor winkelen, sociaal bezoek familie e.d. kan in principe worden betaald uit de uitkering. Alleen als er bijzondere omstandigheden en kosten zijn (kosten die niet iedereen maakt) kan er bijzondere bijstand worden verstrekt voor reiskosten. Als alternatief voor gratis ov via RET kan worden gedacht aan de volgende opties;  Uitdelen anonieme ov kaart met een bepaald tegoed aan bepaalde doelgroepen zoals ouderen, eenzame inwoners, studenten, jongeren, voor het re-integratie traject etc. Dit neigt naar categoriale bijstand en is in principe niet toegestaan in de Participatiewet en valt onder 'buitenwettelijk beleid bijzondere bijstand'.  De gemeenteraad kan een vervoersregeling minima buiten de Participatiewet om vaststellen middels een verordening. In zo'n nieuwe verordening wordt de doelgroep, de voorwaarden en de hoogte van de verstrekking opgenomen. Er kan ook worden aangesloten bij een bestaande verordening zoals Meedoen, de regeling kan worden uitgebreid met een vervoerscomponent. Aandachtspunten/voors en tegens:  De uitvoeringskosten zijn hoog bij minimaregelingen als het inkomen en vermogen moet worden gecontroleerd en een rechtmatig gebruik. In de bijzondere bijstand moet ook de noodzaak worden aangetoond.

Aansluiten bij een bestaande regeling zoals 'Meedoen' geeft minder uitvoeringskosten.  Er zijn voor bepaalde vervoerskosten voorliggende voorzieningen; doelgroepen vervoer Wmo, Leerlingenvervoer, gratis vervoer studenten. Voor de bijstand zijn al deze voorzieningen voorliggend. Het onderzoek naar voorliggende voorzieningen geeft uitvoeringskosten.  Als gekozen wordt voor een minimaregeling gratis ov via RET dan is alleen de variant waarin ook in de spits gereisd kan worden interessant voor minima. Er kan dan gereisd worden naar werk, school etc. Deze variant zal qua kosten hoger uitvallen dan de regeling voor AOWgerechtigden, dat komt met name door de hoge uitvoeringskosten en het beoordelen van voorliggende voorzieningen. Deze regeling kan echter een belemmering vormen om volledig uit te stromen naar werk omdat bij een inkomen boven de minimagegrens (120% van de bijstandsnorm) er geen recht meer is op deze regeling.  Voor AOW-gerechtigden is reizen tijdens de spits niet noodzakelijk.  Als er gekozen wordt voor AOW-gerechtigden met een laag inkomen ( tot120% van de bijstandsnorm) is er sprake van lage reiskosten. Na vaststelling van het recht is er geen herbeoordeling nodig zolang de rechthebbende leeft, de uitvoeringskosten zijn hierdoor laag. Het college heeft hiermee de mogelijkheden, voors en tegens en kosten in beeld gebracht zoals in de motie is gevraagd.

4.1 Deze middelen zijn nodig om het beleid uit te voeren en de verwachte toename van hulpvragen op te kunnen vangen. Als de steunmaatregelen vanuit het Rijk stoppen zal duidelijk worden hoe groot de schade is bij bedrijven en of werknemers in dienst kunnen blijven. De coronamaatregelen hebben ook nieuwe schulden gecreëerd. Zo is het TOZO-krediet een lening die moet worden terugbetaald. Voor sommige lasten is uitstel van betaling verleend, het alsnog betalen van deze lasten zal problematisch zijn. De economische situatie na corona is een onzekere factor, de verwachting is dat er veel problematische schulden zullen zijn waarbij er pas laat om hulp wordt gevraagd. Als de werkloosheid toeneemt zal er ook een groter beroep worden gedaan op inkomensondersteuning via de minimaregelingen. De huidige regeling 'Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten' (TONK) brengt een groep mensen in beeld die nu al problemen hebben met het betalen van de vaste lasten. Zie verder bij het onderdeel 'financiën' in dit voorstel. De verwachting is dat ten gevolge van de corona-crisis het aantal hulpvragen voor schuldhulpverlening zal stijgen. De incidentele middelen zijn bedoeld om impulsen te geven aan het beleid alsmede de groei van hulpverlening te kunnen financieren.

Als de steunmaatregelen vanuit het Rijk stoppen zal duidelijk worden hoe groot de schade is bij bedrijven en of werknemers in dienst kunnen blijven. De

coronamaatregelen hebben ook nieuwe schulden gecreëerd. Zo is het Tozo krediet een lening die moet worden terugbetaald. Voor sommige lasten is uitstel van betaling verleend, het alsnog betalen van deze lasten zal problematisch zijn. De economische situatie na corona is een onzekere factor, de verwachting is dat er veel problematische schulden zullen zijn waarbij er pas laat om hulp wordt gevraagd. Als de werkloosheid toeneemt zal er ook een groter beroep worden gedaan op inkomensondersteuning via de minimaregelingen. De huidige regeling 'Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten' (TONK) brengt een groep mensen in beeld die nu al problemen hebben met het betalen van de vaste lasten. Zie verder bij het onderdeel 'financiën' in dit voorstel. 5.1 Deze middelen zijn nodig om de beleidsimpulsen op het gebied van schuldhulpverlening uit te kunnen voeren. Om de hulpverlening te kunnen verbeteren, hebben we middelen nodig. Het is noodzakelijk om de randvoorwaardelijke zaken in te regelen waaronder een applicatie alsmede de vereisten vanuit de gewijzigde Wet gemeentelijke schuldhulpverlening in te kunnen voeren. Met innovatie kunnen we het proces sneller en efficiënter te laten verlopen. Dit voorkomt uitval in het voortraject en de inwoner heeft daar baat bij.

Voorbeelden betreffen bijvoorbeeld schuldsanering, alsmede aansluiten bij schuldenknooppunt alsmede collectief schuldregelen (kan pas na inregelen schuldsaneren) om zo de aanloop richting het minnelijke traject aanzienlijk te verkorten. Een ander voorbeeld betreft het proces van vroegsignalering dat we willen optimaliseren. Aansluiten bij de Nederlandse Schuldhulproute kan bevorderen dat inwoners weten waar ze terecht kunnen voor hulp. Overleg gevoerd met Op 29 januari jl. is er een adviesaanvraag gedaan bij de WMO-raad voor het gewijzigde minimabeleid en plan schuldhulpverlening. Op 17 maart en 29 maart is er ambtelijk en door de portefeuillehouder een herinnering uitgegaan omdat de termijn van 6 weken is verstreken. Op 31 maart is er advies ontvangen. De adviezen zijn; Advies 1: Persoonlijk contact bij schulden; Maak inzichtelijk op welke wijze de gemeente Barendrecht persoonlijk contact zoekt met inwoners met schulden. Maar ook wie de regie voert in het contact met de betrokken partners. Het mag niet zo zijn dat de gemeente dit volledig overlaat aan derden, hoe betrokken deze partners ook zijn. Regie vanuit de Gemeente voor wat betreft de uitvoering van het vast te stellen beleid meer kwalitatieve effectiviteit te bereiken. Neem dit op in het actieplan. Zie advies 3.

Advies 2: Diaconaal noodfonds; Zoek, in samenwerking met de verschillende partners, naar oplossingen om ook niet gelovige inwoners in contact te brengen met de mensen die betrokken zijn bij het Diaconaal noodfonds. Advies 3: Nederlandse schuldhulproute; Kom zo snel mogelijk (in 2021) met een actieplan “Voorkomen van problematische schulden”, waarin de verschillende (nieuwe) mogelijkheden worden toegelicht en uitgewerkt. Maak duidelijk op welke wijze de mogelijkheden worden gecommuniceerd met de doelgroep. Advies 4: Schuldhulpverlening inclusie en nazorg; Bedenk, in samenwerking met de verschillende partners, een constructie waarbij metingen in de schuldhulpverlening op kwartaalbasis mogelijk zijn. Advies 5: Vroegsignalering; Maak een individueel maatwerkplan, waarbij het mogelijk is om incidenteel af te wijken van bestaande wet- en regelgeving. Voor een duurzame passende oplossing is het soms nodig om buiten de normale paden te treden en “niet gangbare” besluiten te nemen. De Wmo-raad pleit voor een empathische uitvoering.

Advies 6: Vroegsignalering; Voor een succesvolle vroegsignalering is het van belang dat de gemeente met leveranciers (zorgverzekering, huur, energie, water, ect.) goede afspraken maakt, bijvoorbeeld door reeds na 1 maand achterstand melding te doen aan de gemeente. Dit staat op gespannen voet met de privacy. Zie advies 8. Advies 7: Vluchtelingen; Besteed expliciet aandacht aan de positie van jonge vluchtelingen en draag zorg voor een vangnet zodat de overgang van 18- naar 18+ beter verloopt. Advies 8: Privacy Vroegsignalering; Voeg een extra paragraaf toe waarin concreet wordt uitgewerkt hoe binnen de gemeente wordt omgegaan met de privacy van schuldenaren. Advies 9: Eerder advies termijn schuldhulpverlening; Kom alsnog met een reactie op het eerdere advies van de Wmo-raad dd. 29 december 2020. Advies 10: Initiatief ´Schuldenvrij Barendrecht´; Onderzoek de mogelijkheden om schulden kwijt te schelden. Dit in navolging van diverse andere gemeenten, bijvoorbeeld Arnhem. https://nos.nl/artikel/2314387-gemeente-arnhem-scheldt-schulden-van-honderden-inwonerskwijt.html Het college reageert in de bijgevoegde brief op bovengenoemde adviezen. Kanttekeningen n.v.t. Uitvoering/vervolgstappen De acties uit het Minimabeleid en Plan schuldhulpverlening worden uitgewerkt in de periode 2021 tot 2024. Het resultaat is te volgen in de jaarlijkse evaluatie van het beleid.

Evaluatie/monitoring Jaarlijks vindt er een evaluatie plaats voor minimabeleid en schuldhulpverlening. Financiën Het bestaande budget minima is toereikend voor de voorgestelde acties, voor schuldhulpverlening echter niet. Hiervoor verzoeken we structureel budget te verstrekken. Voor de kosten uitvoering Zorgpolis minima is/wordt bij de 1e Turap 2021 om een verhoging van het budget gevraagd van structureel € 50.000. Dit is nodig omdat de regeling populair is en de jaarlijkse uitgaven stijgen. Totaal budget 2021 2022 2023 2024 Minimaregeling € € € € en 1.180.00 1.180.00 1.180.00 1.180.00 0* 0* 0* 0* Schuldhulpverle € € € € ning 81.700 103.700 103.700 103.700 Preventie € € € € 1.900 1.900 1.900 1.900 Subsidie € € € € maatjes 47.000 25.000 25.000 25.000 * inclusief € 144.000 p.j. voor kindpakket in natura Decembercirculaire gemeentefonds 2020 In de decembercirculaire gemeentefonds 2020 is extra geld beschikbaar gesteld voor schuldhulpverlening en de uitgaven bijzondere bijstand voor meerdere jaren.

Deze bedragen zijn niet geoormerkt en zijn daardoor niet automatisch beschikbaar voor het gestelde doel. Voor het realiseren van het meerjarig beleid en het opvangen van de verwachte hulpvragen vanaf 2021 wordt via dit raadsvoorstel gevraagd deze gelden toe te voegen aan schuldhulpverlening en bijzondere bijstand. Doel Bijzondere bijstand Schuldhulpverlening

2021 € 13.458 € 38.437

2022 onbekend onbekend

Extra geld voor schuldhulpverlening en preventie Naast de hierboven genoemde bedragen is er meer budget nodig om de gestelde doelen in het beleid te realiseren. Voor de volgende acties is extra geld nodig: preventieactiviteiten zoals MoneyWays, uitbrengen Nibudkrant, optimaliseren van de Vroegsignalering, versnellen en verbeteren van het proces schuldhulpverlening door schuldsanering, schuldenknooppunt en collectief schuldregelen. In de begroting is nog geen rekening gehouden met de mogelijkheid van de extra hulpvragen naar aanleiding van corona en toeslagenaffaire. Hieronder treft u een uitzetting van de kosten bij benadering. Wat

incidentele kosten

structurele kosten

Juridische kennisbank

PM

Applicatie SHV

PM

Aansluiten bij Vroegsignalering

€ 10.00,00

Aansluiten bij BKR

€ 2.000,00

Schuldsanering

400 per aanvraag

NSR

€ 6.000,00

Jonge Krijger

€ 7.500,00

MoneyWays

€ 10.000,00

Collectief schuldregelen

€ 10.000,00

Schuldenknooppunt

PM

Juridische zaken Geen bijzonderheden. Duurzaamheid In 2015 hebben de Verenigde Naties zeventien ambitieuze doelen voor duurzame ontwikkeling vastgesteld. Ook de Nederlandse regering heeft zich geëngageerd om die SDG’s te halen. SDG Nederland streeft naar 50% minder armoede in 2030. De gemeente Barendrecht onderschrijft deze ambitie. Communicatie/participatie na besluitvorming Na besluitvorming zal er worden gecommuniceerd met de samenwerkingspartners en zal hierover worden gecommuniceerd in de lokale media en social media.

Bijlagen 1. Motie 2018_026 SGPCU_Motie_Werkende_armen BD.pdf

2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

Motie 2020-033 Gratis Openbaar Vervoer.pdf Wmo-raad Advies 31 maart 2021.pdf 2e Tussenrapportage 2020 Sociaal Domein BD.pdf 276057 Antwoordbrief wethouder Bults op vragen SGP CU over schuldhulpverlening.pdf Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening 2021 - 2024 BD.pdf 20210426 Getekende brief WMO-Raad - advies WMO-Raad 31mrt21.pdf EVB technische vragen 'Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening 2021 tot 2024 Barendrecht’.pdf 9. Jaarverslag Stichting Diaconaal Fonds voor Bijzondere Noden Barendrecht 2020.pdf 10. Schriftelijke vragen PvdA Maximaal beleid minima.pdf 11. 20210518 Beantwoording tech vragen PvdA minima.pdf 12. 20210518 Beantwoording tech vragen EvB Minima.pdf 13. Bijlage 1a Barendrecht bereik minimaregelingen 2020.pdf 14. Bijlage 1b Barendrecht samenvatting aantal minima 2020.pdf 15. Advies commissie Samenleving 18 mei 2021.pdf 16. Ondertekend raadsbesluit Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening 2021 tot 2024.pdf 17. Amendement 2021-010 Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening Barendrecht 2021-2024 (nietondertekende versie).pdf 18. Motie 2021-012 Kwijtschelding Schulden.pdf 19. 286163 Antwoordbrief wethouder Bults op vragen SGP-CU over Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening 2021-2024.pdf 20. 286163 Antwoordbrief wethouder Bults op vragen PvdA over Minimabeleid en Plan Schuldhulpverlening 2021-2024.pdf

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10214162/1