CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Besluit (1)

gemeenteraad 21 juni 2022, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Rekenkamerrapport Bouwen in Balans1.823 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

RAADSBESLUIT Onderwerp: Rekenkamerrapport Bouwen in Balans

Gemeenteraad: 21 juni 2022

Zaaknummer: 513376

:

De raad van de gemeente Barendrecht; gezien het advies van Gemeenteraad op 21 juni 2022;

BESLUIT: 1. Kennis te nemen van de conclusies 2. Aanbevelingen over te nemen 3. Het college te verzoeken de aanbevelingen te betrekken bij de herijking van de woonvisie

Aldus besloten in de vergadering van de gemeenteraad Barendrecht van 21 juni 2022.

Raadsvoorstel Onderwerp: Rekenkamerrapport Bouwen in Balans

Commissie Ruimte 7 juni 2022

Zaaknummer 513376

Portefeuillehouder

Gemeenteraad 21 juni 2022

Openbaar

Geadviseerd besluit 1. Kennis te nemen van de conclusies 2. Aanbevelingen over te nemen 3. Het college te verzoeken de aanbevelingen te betrekken bij de herijking van de woonvisie

Raadsvoorstel Inleiding "Het woonbeleid staat vol in de aandacht. Starters komen als gevolg van stijgende huizenprijzen (landelijk werden appartementen sinds 2013 65% duurder) nog maar moeilijk aan een woning en op de huurmarkt nemen de wachttijden toe. In de regio Rotterdam reageren gemiddeld meer dan 300 woningzoekenden op een vrijgekomen sociale huurwoning. Volgens Rotterdamse corporaties zijn meer dan 1.000 reacties echter “al lang geen uitzondering meer”. En ook in de vrije sector stegen de huren de voorbije jaren fors. Er zijn zelfs aanwijzingen dat hoge woonlasten bijdragen aan groeiende ongelijkheid in de maatschappij. Zo bleek uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat kopers in 2020 over veertien keer zoveel vermogen beschikten als huurders – de waarde van de woning niet meegerekend. In tijden van ‘woningnood’ kijken burgers naar de overheid. Dat is niet vreemd, aangezien artikel 22 van de Grondwet “bevordering van voldoende woongelegenheid” een “voorwerp van zorg der overheid” noemt.

Binnen het gedecentraliseerde woonveld zijn gemeenten verantwoordelijk voor de lokale woningbouwopgave Tegelijkertijd zijn zij afhankelijk van andere partijen, zoals de rijksoverheid die hen wettelijke instrumenten geeft, van woningcorporaties waarmee zij prestatieafspraken sluiten en van ontwikkelaars die de woningen bouwen." (Rekenkamerrapport Bouwen in balans paragraaf 1.1 Aanleiding) Bovenstaande was voor de Rekenkamer aanleiding om onderzoek te doen naar het woonbeleid en de woonvisie van Barendrecht. Beoogd effect Met dit onderzoekt beoogt de Rekenkamer na te gaan in hoeverre de woonvisie heeft geleid tot een betere aansluiting tussen vraag en aanbod. De Rekenkamer wil inzicht krijgen in: • de manier waarop de gemeente middels het woonbeleid de aansluiting tussen vraag en aanbod wilde verbeteren; • de mate waarin dat doel is bereikt; • de bijdrage die het beleid heeft geleverd aan het bereiken van dat doel. Relatie met beleidskaders Het Rekenkamerrapport is een relatie met het woonbeleid en de woonvisie van de gemeente Barendrecht. Argumenten

1. Kennisnemen van de conclusies 1.1

1.2

Aansluiting vraag en aanbod 1. Het Barendrechtse woonbeleid heeft in de periode 2015-2020 niet bijgedragen aan een verbeterde verhouding tussen vraag en aanbod. Dit komt onder meer doordat in de onderliggende probleemanalyse de vraag naar goedkope woningen kleiner en die naar dure woningen groter was dan deze in werkelijkheid zijn. Zo ontbrak een prikkel om woningen in de sociale voorraad te bouwen. 2. De absolute bouwproductie in de periode 2015-2020 bleef met bijna 600 woningen onder de 900 woningen die in de woonvisie werden beoogd. 3. De verhouding tussen vraag en aanbod verslechterde: • Het percentage dure woningen steeg, terwijl het percentage huishoudens in de hoge inkomensgroep daalde. De relatieve stijging van het dure segment is in lijn met de doelstellingen uit de woonvisie. • In het sociale segment groeide de vraag, maar bleef het aanbod ongeveer gelijk. In de periode 2015-2020 behoorde 17% van de opgeleverde nieuwbouwwoningen tot het sociale huursegment. Dat is minder dan het streefpercentage van 25% uit de woonvisie. Substantiële plannen voor sociale nieuwbouw die in lijn zijn met deze beleidsdoelstelling dateren van 2020. Inzicht en probleemanalyse

1. Het inzicht van de gemeente in de ontwikkeling van vraag en aanbod was gedurende de periode 2015-2020 beperkt. Er was geen totaaloverzicht beschikbaar van de prijscategorieën van opgeleverde en geplande nieuwbouw. De regionale monitor die sinds 2019 verschijnt heeft het inzicht in vraag en aanbod op de woningmarkt verbeterd. 2. In het woonbeleid spelen definities van vraag en aanbod een belangrijke rol. Gedurende de looptijd van de woonvisie introduceerde de gemeente twee keer nieuwe definities. Deze verschuivende definities ontnemen het inzicht in de lokale woningmarkt. Daarnaast zijn deze definitiewijzigingen niet uitgewerkt in het beleid. Hierdoor ontstaat het risico dat voor de verkeerde doelgroepen wordt gebouwd. 1.3

Inzet instrumenten en samenwerkingsafspraken 1. In de onderzochte periode is de gemeente Barendrecht zich actiever gaan opstellen binnen het woondossier. Dat geldt in het bijzonder voor instrumenten waarmee de gemeente kan sturen op nieuwbouw. 2. Daarbij is wel sprake van een mismatch tussen de complexiteit van de opgave van het woonbeleid en de beschikbare ambtelijke capaciteit. 3. Samenwerkingsafspraken met woningcorporaties en marktpartijen zijn binnen het woondossier een belangrijk sturingsinstrument. De afspraken werden in de onderzochte periode concreter en meer gericht op prijssegmenten van op te leveren nieuwbouw. 4. De samenwerking tussen gemeenten in de regio Rotterdam is nauwer en minder vrijblijvend geworden. De regionale dynamiek is waardevol gebleken, maar betekent ook dat het gemeentelijke woonbeleid in toenemende mate wordt ingekaderd door regionale afspraken.

2.

Aanbevelingen overnemen

2.1 Actualiseer de woonvisie. Houd zicht op de uitvoering van het beleid door bestaande vormen van registratie op projectniveau samen te voegen tot een totaaloverzicht. Sta ook stil bij de beperkte ambtelijke capaciteit en de inzet daarvan. • De huidige woonvisie loopt van 2016 tot 2025. Beleidscontinuïteit is cruciaal binnen het woondossier, waar het jaren duurt voor een nieuwbouwproject is gerealiseerd. Toch kan en moet het beleid tussentijds herijkt worden als daar aanleiding toe is – bijvoorbeeld ten aanzien van het streven om bij nieuwbouw 50% dure woningen te realiseren. Ook kan worden beoordeeld of de uitgangspunten en probleemanalyse nog actueel zijn – bijvoorbeeld in het licht van de prijsontwikkelingen op de woningmarkt, veranderende regelgeving of regionale afspraken. • In de huidige registratie van nieuwbouw op projectniveau ontbreekt een totaalbeeld van segmenten van opgeleverde en geplande woningen. Dit ontneemt het zicht op de beleidsuitvoering, waarin segmenten juist een belangrijke rol spelen. In de vorm van periodieke rapportages kan een totaaloverzicht van de nieuwbouwproductie de gemeenteraad bovendien ondersteunen bij de beoordeling van de realisatie van de beleidsdoelstellingen. • De complexiteit van het woonbeleid staat niet in relatie tot de beschikbare ambtelijke capaciteit.

Dit vraagt om bezinning op de vraag of de beschikbare capaciteit volstaat of dat keuzes noodzakelijk zijn met betrekking tot de inzet van deze capaciteit. 2.2 Wees zuinig met het introduceren van nieuwe definities van vraag en aanbod. Als het onontkoombaar is, werk deze nieuwe definities dan uit in het woonbeleid en de nieuwbouwdoelstellingen. • Een analyse van vraag en aanbod vormt de basis van het woonbeleid, en voor die analyse is het nodig dat vraag en aanbod cijfermatig gedefinieerd worden. De gemeente deelt daarvoor de Barendrechtse huishoudens op basis van hun inkomen in naar woonsegment – met andere woorden: het inkomen bepaalt of het huishouden hoort tot de doelgroep voor het goedkope, middeldure of het dure woningsegment. • Wanneer de gemeente de inkomensgrens van het middensegment bijvoorbeeld naar boven opschuift, vergroot dit de omvang van deze groep. De gemeente dient dan te bekijken hoeveel huishoudens tot de nieuwe inkomensgroep behoren en hoe groot de bijbehorende

Barendrechtse woningvoorraad is. Deze confrontatie tussen vraag en aanbod geeft immers inzicht in tekorten of overschotten en vormt daarmee de uitgangspunten van het beleid en de nieuwbouwdoelstellingen die daaruit voortkomen. Ook de keuze om vermogen te laten meewegen in het lokale woningmarktbeleid zou gestoeld moeten zijn op een gegevensanalyse van de vermogens van de Barendrechtse huishouden. 2.3 Formuleer een visie op de wisselwerking tussen de gemeente en de regio, en de rol van de gemeenteraad daarbij, en leg deze aan de raad voor. • Hoewel de regio geen formele rol heeft in het woonbeleid, is er binnen het bestel een belangrijke rol weggelegd voor regionale samenwerking. De provincie ziet immers toe op belangen die het niveau van de gemeente ontstijgen en wijst hiervoor woningmarktregio’s aan. In de regio Rotterdam is deze vorm van samenwerking de afgelopen jaren bovendien minder vrijblijvend geworden; als gevolg van regionale afspraken over de ‘herverdeling’ van de sociale voorraad en gezamenlijke monitoring van vraag en aanbod. • Door het toegenomen belang van de regio wordt het woningbouwbeleid niet alleen binnen de gemeente bepaald. De woonvisie kan worden benut om een visie te schetsen op de wisselwerking tussen het Barendrechtse woonbeleid en de regionale samenwerking. Daarin zou niet alleen stil moeten worden gestaan bij hetgeen waartoe de regio verplicht.

Ook kan de meerwaarde van regionale samenwerking worden benoemd. Daarnaast kan ook de Barendrechtse inzet op regionaal niveau worden uitgewerkt

3. Verzoekt het college de aanbevelingen te betrekken bij de herijking van de Woonvisie Het college heeft in zijn reactie aangegeven voornemens te zijn om de woonvisie te herijken. Overleg gevoerd met n.v.t. Kanttekeningen

1. Conclusies Ten aanzien van de conclusies is het college van mening dat deze niet (geheel) recht doen aan de behaalde resultaten.

2. Aanbevelingen 2.1 Actualiseer de woonvisie. Houd zicht op de uitvoering van het beleid door bestaande vormen van registratie op projectniveau samen te voegen tot een totaaloverzicht. Sta ook stil bij de beperkte ambtelijke capaciteit en de inzet daarvan. Het college neemt deze aanbeveling over. Het traject voor de nieuwe woonvisie is vorig jaar reeds gestart en de vaststelling ervan staat in de planning voor het 4' kwartaal van 2022. Het college neemt het advies van een totaaloverzicht ter harte en hebben uiteraard ook oog voor de ambtelijke capaciteit en inzet. 2.2. Wees zuinig met het introduceren van nieuwe definities van vraag en aanbod. Als het onontkoombaar is, werk deze nieuwe definities dan uit in het woonbeleid en de nieuwbouwdoelstellingen. Het college zou deze aanbeveling graag overnemen. Echter, de nieuwe definities van vraag en aanbod zijn niet zozeer geïntroduceerd door de gemeente maar zijn het gevolg van aanpassingen van definities door het rijk en de regio. De gemeente wordt daarmee geconfronteerd waarna wij daar vervolgens zo goed mogelijk op proberen in te spelen. 2.3. Formuleer een visie op de wisselwerking tussen de gemeente en de regio, en de rol van de gemeenteraad daarbij, en leg deze aan de raad voor. Het college zal de mogelijkheden voor de aanbevolen visie onderzoeken.

Voor de volledige reactie van het college verwijzen wij u naar het rapport (pg 25 en 26)In het nawoord (rapport pg 27 en 28) reageert de rekenkamer op de reactie van het college.

Uitvoering/vervolgstappen De nieuwe woonvisie staat in de planning voor het vierde kwartaal 2022. Het Rekenkamerrapport is tijdig in besluitvorming gebracht om de aanbevelingen te betrekken bij het opstellen van de nieuwe Woonvisie. Evaluatie/monitoring n.v.t. Financiën n.v.t. Juridische zaken n.v.t. Duurzaamheid n.v.t. Communicatie/participatie na besluitvorming n.v.t.

Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5.

Rekenkamerrapport 'Bouwen in Balans'.pdf Bijlage rekenkamerrapport bouwen in balans.pdf 20220601 presentatie woonvisie commissie Ruimte 7 juni 2022.pdf Advies commissie Ruimte 7 juni 2022 Ondertekend raadsbesluit Rekenkamerrapport Bouwen in Balans.pdf

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11629850/1