CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbesluit2021-177A - Strategisch Masterplan Universiteitskwartier

RAAD 7 juli 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het Strategisch Masterplan Universiteitskwartier VN2021-01658725.186 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Niet gevonden in dit document.

Strategisch Masterplan Universiteitskwartier Uitwerkingskaders voor ontwikkeling van het gebied Juni 2021

2

Voorwoord De stad Amsterdam en de Universiteit van Amsterdam delen een lange geschiedenis, waarin wetenschap, stedenbouw en voorstellingsvermogen een centrale plek innemen. Die geschiedenis startte hier, in het Universiteitskwartier. Het rijke verleden van dit deel van de binnenstad spreekt tot de verbeelding. De Agnietenkapel, waar vandaag de dag nog altijd academici promoveren, maakte oorspronkelijk deel uit van een franciscaner nonnenklooster – wat terug te zien is aan de ruimte voor tuinen op het terrein. Na 1578 verdween de religieuze functie, en vanaf 1631 werden de colleges van het Athenaeum Illustre hier gegeven. Het is dit gebied, in het hart van onze stad, waar wij nu gezamenlijk een nieuw plan voor presenteren: het Strategisch Masterplan Universiteitskwartier. Dit plan komt op een bijzonder moment. De Amsterdamse binnenstad staat op een kruispunt. Waar vóór de coronacrisis toenemende bezoekersaantallen steeds zwaarder op stad drukten, is het nu onnatuurlijk rustig. Onze binnenstad behoort te bruisen, een magneet te zijn voor Amsterdammers uit alle stadsdelen, en voor wetenschappers, studenten en bezoekers uit alle delen van de wereld. Het behoort een plek te zijn waar bewoners en ondernemers zich thuis voelen.

Dit strategisch masterplan draagt daar aan bij. Het Universiteitskwartier van de toekomst is een plek waar innovatie en geschiedenis elkaar ontmoeten. Waar bedrijvigheid en bezinning elkaar versterken. Waar de natuur weer ruimte krijgt. Een plek die uitnodigt om je terug te trekken uit de soms overweldigende drukte van de stad. Zodat je weer kunt horen wat je denkt. Zien met wie je hier leeft. Elkaar verstaat. Iets wat niet alleen studenten en wetenschappers nodig hebben, maar iedere Amsterdammer nodig heeft. In het Strategisch Masterplan Universiteitskwartier zijn vele verschillende perspectieven en belangen bij elkaar gebracht. Die met elkaar delen en overstijgen is lang niet altijd eenvoudig. Ik ben trots op de betrokkenheid van alle partijen die hebben bijgedragen aan dit masterplan.

Femke Halsema Burgemeester van Amsterdam

Naast dank aan de Universiteit van Amsterdam als initiator en drijvende kracht achter deze ontwikkeling, wil ik dan ook alle belanghebbenden die zich ingezet hebben in dit traject, bedanken voor hun constructieve bijdrage en grote betrokkenheid. Ik hoop dat het rijke verleden van het Universiteitskwartier een spiegel zal zijn voor de toekomst van dit prachtige, unieke deel van onze stad.

Femke Halsema Burgemeester van Amsterdam

3

4

Wetenschap heeft tot doel om de wereld beter te begrijpen en om met die kennis nieuwe ontwikkelingen mogelijk te maken. Op ieder gebied. Hoe dichter wij bij de maatschappij staan, hoe beter we aan die opdracht kunnen voldoen. Eén van de manieren waarop we de verbondenheid met de wereld om ons heen stimuleren, is door in de stad te blijven. Zo staan we letterlijk midden in de samenleving. Het houdt ons scherp, bij de les en helpt ons om zo waardevol mogelijk te zijn. Voor Amsterdam en de rest van de wereld. Eind jaren negentig heeft de UvA dan ook definitief besloten haar door de stad verspreide locaties onder te brengen in vier wetenschappelijke clusters in de stad. Drie daarvan zijn inmiddels gereed en volop in gebruik. De vierde staat aan het begin van zijn ontwikkeling: het Universiteitskwartier. Hier komen de Faculteit der Geesteswetenschappen, het universiteitsbestuur , de Universiteitsbibliotheek, ceremoniële ruimtes, het Allard Pierson en Spui25. Het UK wordt het visitekaartje van de Universiteit van Amsterdam en het kloppend hart van de universiteit. Het Universiteitskwartier is een bijzonder gebied voor ons. Het is de geboortegrond van de UvA en de bakermat van de wetenschap in Amsterdam. In 1632 gaven Barlaeus en Vossius hier de allereerste colleges op Amsterdamse bodem. Promoties vinden al sinds jaar en dag plaats in de Agnietenkapel.

De Zusterklinieken werden ooit omgevormd tot de plek voor politicologen en de

Oudemanhuispoort was er jarenlang voor juristen. Door hier nu de Faculteit der Geesteswetenschappen en verschillende wetenschappelijke instituten te vestigen, worden de humanities verder versterkt en kunnen onze studenten optimaal gebruik maken van de kennis die in dit gebied al zo lang aanwezig is. Zo vanzelfsprekend als deze keuze voor ons is, zo uitdagend is die echter ook. Het is niet eenvoudig om de monumentale panden te laten passen bij de moderne eisen van een universiteit en dat bovendien op een duurzame manier. Er zijn ingrijpende verbouwingen en herzieningen nodig om aan alle wensen en eisen te kunnen voldoen. Ik heb er alle vertrouwen in dat dankzij een integrale aanpak van het gebied we de uitdagingen aankunnen en een gebied inrichten dat een waardevolle toevoeging wordt aan de prachtige binnenstad. Het is onze overtuiging en ervaring dat samenwerking met gemeente en omwonenden met oog voor ieders belangen het beste resultaat oplevert.

Geert ten Dam Voorzitter College van Bestuur Universiteit van Amsterdam

We zijn trots op het plan dat nu voor u ligt. Het brengt de rijke geschiedenis van het gebied weer tot leven en gebruikt het als fundament voor de toekomst. Het is respectvol naar iedereen die er woont, studeert, werkt, onderneemt en geniet. Er ontstaat een plek waarin je voelt dat je een bijzonder gebied betreedt. Met ruimte voor ontmoeting. Tussen de stad en de universiteit. De student en haar omgeving. De bewoner en de wetenschap. En dat is uiteindelijk waar wij voor staan.

Geert ten Dam Voorzitter College van Bestuur Universiteit van Amsterdam

5

6

Inhoud Voorwoord3

5

1

9

6 Visie Universiteitskwartier: Toekomstbeeld

56

1.1 Status

9

7 

Opgave

60

1.2 Opbouw

9

7.1 Identiteit

60

7.2. Historie en monumentaliteit 

64

2

Wat is het Strategisch Masterplan?

Stad en Universiteit 2.1 Stad

48

10

7.3 Toegankelijkheid en gebruik

66

2.1.1 Onze binnenstad

10

7.4 Bereikbaarheid en logistiek

68

2.1.2 Visie op de toekomst van de binnenstad

10

7.5 Leefbaarheid en veiligheid

74

2.1.4 Agenda Autoluw

16

7.6 Duurzaamheid en groen

78

2.1.5 Bruggen en Kademuren

17

2.1.6 Uitvoeringsplan Transport over Water 

18

2.1.8 Duurzaamheidsambities van de gemeente

18

8.1 Randen en poorten 

86

20

8.2 Gasthuishof en Turfdraagsterpad 

92

2.2.1 Achtergrond

20

8.3 B  innengasthuisplein, Binnengasthuisstraat en gebouw BG3 94

2.2.2 Synergie stad en universiteit

20

8.4 Gebouw BG5 (vm. Klinisch Ziekenhuis) en de Vendelstraat 

98

2.2.3 Faculteit der Geesteswetenschappen (FGw)

21

8.5 Oudemanhuispoort en de Slijkstraat 

100

2.2.4 Programma en gebouwen

22

8.6 Het Universiteitstheater

102

2.2.5 Omvang en gebruik van het vastgoed 

24

8.7 H  et BOS-cluster (Bushuis, Oost-Indisch Huis en het Spinhuis )

2.2.6 Duurzaamheid

27

2.2 Universiteit

3 Participatie

4

10

Stedenbouw en openbare ruimte

8 Uitwerkingskader voor het Universiteitskwartier 83

103

28

9 Vervolg

104

3.1 Een gebied van ons samen 

28

9.1 Planning

104

3.2 Leefbaarheid en veiligheid; balans tussen reuring en rust

28

9.2 Juridisch Planologisch

105

3.3 Werkwijze

29

9.3 Investeringen 

106

3.4 Hoofdlijn uit de participatiebijeenkomsten

31

9.4 Communicatie

106

Cultuurhistorische context

32

4.1 Inleiding

32

4.2 Stedenbouwkundige en architectonische ontwikkeling 

32

4.2.1 Binnengasthuisterrein  4.3 Kernwaarden: Poorten, hoven, stegen

Bijlagen 

107

Colofon 

109

32 46

7

de

Ho

og

s tr

aat

Ru s l a nd Sl i j k s t ra at

al

zi j d

Kl

ov en

ie r

sb

ur

Ou

gw

de

zijds Oude

sA c ht

Voorb u

e rb

urg

rg wa l

wa

l

Ou

Ou de r Tu fm ar kt

Plangebied

Ni

eu

D we

oe

s le n

t ra

at

Legenda

Printdatum: 06 maart 2018

Legenda

Omtrek Universiteitskwartier Openbare ruimte in eigendom van gemeente waarin geïnvesteerd gaat worden Onbebouwde grond in eigendom van UvA Openbare ruimte in eigendom van gemeente Gebouwen en grond niet in eigendom van gemeente of UvA of erfpacht Gebouwen in eigendom van UvA Openbare ruimte in eigendom van UvA

BI -groep I V Stadsdelen

Omtrek Universiteitskwartier 0 25 50 m Openbare ruimte in eigendom van gemeente waarin geïnvesteerd gaat worden Onbebouwde grond in eigendom van UvA Openbare ruimte in eigendom van gemeente Gebouwen en grond niet in eigendom van gemeente of UvA of erfpacht Gebouwen in eigendom van UvA Openbare ruimte in eigendom van UvA

Kaart uit Intentieovereenkomst UvA - Gemeente, 2018

8

Printd

0

1

Wat is het Strategisch Masterplan?

1.1 Status

1.2 Opbouw

De ontwikkeling van het Universiteitskwartier is een gebiedsontwikkeling op een bijzondere plek in de binnenstad. Dat vraagt om maatwerk en om een zorgvuldige en integrale afweging van alle relevante aspecten, wensen en belangen. Om die reden hebben de Universiteit en de gemeente in 2018 een samenwerkingsovereenkomst getekend waarin onder meer werd afgesproken dit Strategisch Masterplan op te stellen1. Met inbreng van tal van betrokkenen en een uitgebreide integrale benadering van de relevante thema’s is dit SMP tot stand gekomen. De hierin vastgelegde kaders voor de verdere uitwerking van de plannen mogen op een breed maatschappelijk draagvlak rekenen. Daarin en in het feit dat daarover vervolgens inspraak en bestuurlijke besluitvorming heeft plaatsgevonden vindt dit masterplan zijn legitimatie. Het Strategisch Masterplan is een uitwerkingskader. Het geeft duidelijkheid aan alle partijen in welke richting de plannen voor het gebied zullen worden uitgewerkt en wat men daarbij wel en niet mag verwachten. Met dit plan geeft de gemeente de uitgangspunten voor de ontwerpen van aanpassingen aan gebouwen en buitenruimtes. Ook zijn uitwerkingskaders opgenomen over o.a. beheer, duurzaamheidsmaatregelen en logistiek, die daar waar van toepassing ter besluitvorming voorgelegd moeten worden.

Voor zover voor de aanpassingen aan gebouwen en buitenruimtes een of meer omgevingsvergunningen nodig zijn, worden de aanvragen daarvoor getoetst aan de vigerende bestemmingsplannen en overige toetsingskaders zoals de Welstandsnota. De onderbouwing van uitgewerkte aanpassingen vindt zijn legitimatie in dit bestuurlijk vastgestelde uitwerkingskader.

De methodische opbouw van het masterplan is als volgt: ƒ De achtergrond en aanleiding voor deze integrale planvorming voor het gebied staat in hoofdstuk 2 Stad en Universiteit, met daarin het programma en de wensen van de universiteit en het relevante, bestaande beleid van de gemeente voor het gebied. ƒ De belangen en wensen van alle stakeholders in het gebied en deze wijze waarop die zijn samengekomen in de centrale thema’s staat verwoord in hoofdstuk 3 Participatie. ƒ De cultuurhistorische context waarop de ontwikkelkaders mede gebaseerd zijn, is weergegeven in hoofdstuk 4 Cultuurhistorie. ƒ Een analyse van de huidige stedenbouwkundige situatie en de openbare ruimte staat in hoofdstuk 5. ƒ Alle voornemens, ambities, kennis, beleid en inzichten komen in hoofdstuk 6 samen in een inspirerend toekomstbeeld, de Visie voor het Universiteitskwartier. Deze visie wordt begeleid door een Programma UvA visiekaart. ƒ Vervolgens wordt in hoofdstuk 7 aangegeven wat de opgave is; hoe Cultuurhistorie het gebied nu verschilt van de visie en welke ingrepen nodig zijn om de visie Stedenbouwte realiseren. Dit wordt gedaan aan de Visie kundige analyse hand van de centrale thema’s. ƒ In hoofdstuk 8 worden de De opgaven uitgewerkt in concrete ontwikkelkaBelangen stakeholders ders per deelgebied.

ƒ Tot slot wordt het vervolgproces na Overig het SMP inclusief de overallplanning gemeentelijk beleid weergegeven in hoofdstuk 9.

Methodische opbouw van het SMP

vs Huidige situatie

Opgave

Uitwerkingskaders

 Te downloaden op de projectpagina op www.amsterdam.nl/universiteitskwartier

1

9

2 Welke plannen hebben de Universiteit en de stad voor het Universiteitskwartier en hoe versterken zij elkaar?

Stad en Universiteit

In het eerste deel van dit hoofdstuk wordt het relevante gemeentelijke beleid genoemd en waar de kansen liggen om dit beleid te implementeren bij de ontwikkeling van het Universiteitskwartier. In het tweede deel ontvouwt de Universiteit haar plannen voor de clustering van de Faculteit der Geesteswetenschappen, een aantal centrale voorzieningen en samenwerkingspartners in het gebied.

2.1 Stad 2.1.1 Onze binnenstad De Amsterdamse binnenstad is een van de mooiste stedelijke gebieden ter wereld met haar historie, de unieke structuur en de ontelbare monumenten. Maar het gebied staat ook flink onder druk. De hoge concentratie aan bezienswaardigheden, winkels, horeca en de seks-gerelateerde functies en coffeeshops, oefenen een enorme aantrekkingskracht uit op toeristen uit binnen- en buitenland. Er komen meer en meer bezoekers. En dat resulteert in nog meer van hetzelfde. In delen van het centrum is inmiddels sprake van een economische monocultuur. Je zou bijna vergeten dat er ook nog wordt gewoond, gewerkt en … gestudeerd. Steeds minder Amsterdammers voelen zich dan ook thuis in hun eigen stadscentrum. En dat is niet zoals het zou moeten zijn. De gemeente is dan ook volop in beweging om de binnenstad terug te geven aan haar bewoners. Om te zorgen dat ze leefbaar, bereikbaar en van de Amsterdammer blijft. Nu en in de toekomst. De ontwikkeling van het Universiteitskwartier geeft de gemeente de kans om in het Universiteitskwartier uitwerking te geven aan een aantal reeds bestaande plannen en voornemens die er liggen om dat te bewerkstelligen. In de volgende paragrafen behandelen we de belangrijkste daarvan. 10

2.1.2 Visie op de toekomst van de binnenstad Amsterdam is voortdurend in beweging. Voorziene en onvoorziene ontwikkelingen volgen elkaar razendsnel op. In de politiek, maar ook daarbuiten vindt een continu debat plaats over de impact daarvan. Dragen de ontwikkelingen bij aan de groei van de stad en aan het welzijn van de Amsterdammers of doen ze daar juist afbreuk aan? Is er reden om tegen- of bij te sturen, of om te stimuleren? Een ontwikkeling die al heel lang gaande is, maar waarvan de keerzijde van de medaille zich de laatste jaren in toenemende mate manifesteert, is de almaar groeiende populariteit van Amsterdam en de Amsterdamse binnenstad in het bijzonder, en de snelle toename van het aantal bezoekers als gevolg daarvan. Om scherp te krijgen hoe het best op deze ontwikkeling gereageerd kan worden, is in 2019, op verzoek van de burgemeester, een visie op de binnenstad in 2040 opgesteld. Deze visie, ‘Een nieuwe historische binnenstad’ had als belangrijke conclusies dat de binnenstad zijn verbindende functie dreigt te verliezen en er een proces van vervreemding gaande is. In de Coronacrisis werd die conclusie nog eens bevestigd. Het werd pijnlijk zichtbaar hoe verschillende buurten inmiddels te afhankelijk zijn geworden van bezoekers en de woonfunctie onder druk staat.

De gestegen toestroom van internationale bezoekers leidde de afgelopen jaren tot een gevoel van vervreemding, door drukte, ongewenst gedrag of sfeer. Met het verdwijnen van al de toeristen, voelden vele Amsterdammer zich opeens weer een stuk meer thuis.

Op 27 mei 2020 heeft de burgemeester de raad in een brief geïnformeerd over de visie van het college op een nieuwe toekomst voor de binnenstad en de weg om daar te komen. Ten aanzien van de toekomst spreekt het college de volgende ambitie uit: “De Amsterdamse binnenstad moet weer een plek worden waar alle Amsterdammers graag komen en bewoners zich thuis voelen. Als centrum van de hoofdstad van ons land vervult het voor alle Nederlanders een plek van samenkomst en betekenis, onder meer vanwege de vele culturele, maatschappelijke, economische en historische functies. Bezoekers uit binnen- en buitenland blijven we verwelkomen als open en internationale binnenstad, wanneer zij komen voor het unieke karakter van Amsterdam en er van toegevoegde waarde zijn. Namelijk een binnenstad waar vrijzinnigheid, initiatief en creativiteit letterlijk en figuurlijk de ruimte krijgen. Een binnenstad die haar erfgoed koestert, culturele vernieuwing omarmt en accepteert dat het leven in een binnenstad ook rauwe randjes kent. Een binnenstad waar leefbaarheid en het buurtgevoel weer terug zijn, de openbare ruimte uitnodigt tot ontmoeting en voorzieningen voor bewoners behouden blijven. Een binnenstad die verder is vergroend, waar overlast, drukte en ondermijning zijn teruggedrongen en waar de economische diversiteit is toegenomen“.

Om het bovenstaande te bereiken is in januari 2021 het Uitvoeringsprogramma Aanpak Binnenstad gepresenteerd. Daarmee wil het college zowel inhoudelijk als organisatorisch een vervolg geven aan de raadsbrief van mei 2020. Niet alleen wil het college een wenkend perspectief bieden, maar ook met maatregelen, investeringen en samenwerking bouwen aan een nieuwe binnenstad. De gemeente neemt het voortouw maar kan het niet alleen. De gewenste resultaten kunnen alleen worden bereikt als bewoners, ondernemers, vastgoedeigenaren, culturele instellingen, instituten voor onderwijs en wetenschap én de overheid eendrachtig samenwerken. Ieder neemt zelfstandig én in gezamenlijkheid de verantwoordelijkheid voor (een deel van) de aanpak. Sleutelen aan de binnenstad vraagt om een zorgvuldige en integrale aanpak. Tegelijkertijd is uitvoeringskracht en resultaatgerichtheid noodzakelijk.

AAN PAK BIN NEN STA D Uitvoeringsprogramma december 2020

Uitgave Uitvoeringsprogramma Aanpak Binnenstad, 2020

Referentie: Drukte in de binnenstad

11

Omgeving Universiteitskwartier (bron: UvA)

12

Het uitvoeringsprogramma focust daarom op vier opgaven die zowel inhoudelijk als organisatorisch samenhangen. Het zijn vertalingen van de uitgangspunten van de raadsbrief uit mei 2020. Deze opgaven vormen de brug tussen wat voor binnenstad we wensen en hoe we daar komen, tussen ambitie en maatregelen. ƒ Leefbaarheid en openbare orde: We herstellen het woon­en leefklimaat door te werken aan aantrekkelijke functiemenging en minder overlast. Ondermijning pakken we aan. ƒ Economie en voorzieningen: We zorgen voor een meer divers en kwalitatief hoger aanbod van winkels, werk, horeca, maatschappelijke en commerciële voorzieningen, met name gericht op hen die wonen en werken in Amsterdam. ƒ Cultuur en schoonheid: We koesteren ons erfgoed, benadrukken onze diversiteit en omarmen culturele vernieuwing. ƒ Wonen en openbare ruimte: We zetten in op meer woningen, een hogere verblijfskwaliteit in een vergroende openbare ruimte met meer ruimte voor fietser en voetganger.

De ontwikkeling van het Universiteitskwartier biedt verschillende mogelijkheden om bij te dragen aan de visie van het college en aan de in het uitvoeringsprogramma genoemde opgaven en prioriteiten. Heel expliciet wordt als belangrijke maatregel bij prioriteit 6 de ontwikkeling van het Universiteitskwartier genoemd met een netwerk van duurzaam en groen ingerichte openbare ruimtes. Het streven is om het Universiteitskwartier als sterk anker te laten fungeren met een harmonieuze combinatie van functies, waar onderwijs en onderzoek centraal staan, omringd door afgeleide activiteiten en functies en zo samen voor een dynamisch en grootstedelijk karakter zorgen.

Zicht op Universiteitskwartier (bron: UvA)

Voor wat betreft de maatregelen worden in het uitvoeringsprogramma Aanpak Binnenstad zes prioriteiten onderscheiden die samen en in wisselwerking met elkaar bijdragen aan de opgaven in de binnenstad: 1. Functiemenging en diversiteit 2. Beheer en handhaving 3. Een waardevolle bezoekerseconomie 4. Versterken van de culturele verscheidenheid en buurtidentiteiten 5. Bevorderen van meer en divers woningaanbod 6. Meer verblijfsruimte en groen in de openbare ruimte

13

2.1.3 Bestemmingsplan Een bestemmingsplan bepaalt welk gebruik en welke bebouwingsmogelijkheden van gronden zijn toegelaten. Voorstellen voor aanpassingen aan gebouwen of gebieden dienen daarom te allen tijden daaraan te worden getoetst. Herstel functiebalans Het Universiteitskwartier ligt grotendeels in het gebied waar het bestemmingsplan ‘Postcodegebied 1012’ van kracht is. Het is een plan van mogelijkheden en richt zich op het herstel van de functiebalans en een verbetering van het woon-, leef- en ondernemersklimaat en heeft een verdere toename van ‘economisch laagwaardige en/of overlast gevende functies’ een halt toegeroepen. Tussentijds (2017) is voor de hele stad het overnachtingsbeleid aangescherpt, waardoor m.u.v. hotels die al in de pijplijn zaten, nieuwe hotels niet langer mogelijk zijn. Ook de mogelijkheden van Airbnb-verhuur zijn inmiddels aangescherpt. Naast het bestemmingsplan ‘Postcodegebied 1012’ is in het gebied ook nog het bestemmingsplan ‘Winkeldiversiteit Centrum’ van kracht. Dit bestemmingsplan heeft met name tot doel een verdere toename van op toeristen en dagjesmensen gerichte functies tegen te gaan.

14

Ruimtelijk structuur, bebouwing en gebruik Wat betreft de ruimtelijke structuur en de bebouwing zetten de regels van het bestemmingsplan ‘Postcodegebied 1012’ in op het behoud en herstel van cultuurhistorische waarden. In het Universiteitskwartier zijn vrijwel alle gebouwen rijks- dan wel gemeentelijk monument, met uitzondering van de bebouwing van ná 1970. Ten aanzien van het gebruik wordt in de regels uitgegaan van flexibiliteit, dat wil zeggen dat veel functies mogelijk zijn, met uitzondering van functies die een aantasting kunnen betekenen van het woon- en leefklimaat. Hiermee wordt recht gedaan aan de dynamiek die de binnenstad eigen is. Om de bouw van de Universiteitsbibliotheek mogelijk te maken is in 2015 de Eerste Herziening bestemmingsplan Postcodegebied 1012 vastgesteld. Binnen deze herziening heeft de bebouwing waarin de Universiteitsbibliotheek moet komen de bestemming Onderwijs en Wonen gekregen. De overige gebouwen in het plangebied hebben de bestemming Gemengd. De gebouwen van het BOS-cluster hebben de bestemming Maatschappelijk en de binnenhoven zijn bestemd als Tuin. De ruimte tussen BG5 en de woningen aan de Kloveniersburgwal heeft de bestemming Groen gekregen en de overige openbare ruimte heeft de bestemming Verkeer.

Uitsnede verbeelding bestemmingsplan Postcodegebied 1012. Aan deze afbeelding kunnen geen rechten worden ontleend. Voor actualisatie raadpleeg www.ruimtelijkeplannen.nl Enkelbestemmingen Centrum

Groen

Gemengd

Tuinen

Maatschappelijk

Verkeer

Uitsnede Waarderingskaart behorende bij verbeelding bestemmingsplan Postcodegebied 1012. Aan deze afbeelding kunnen geen rechten worden ontleend. Voor actualisatie raadpleeg www.ruimtelijkeplannen.nl

Onderwijs en wonen

15

2.1.4 Agenda Autoluw

Amsterdam maakt ruimte

Agenda Amsterdam Autoluw

Vastgesteld door de gemeenteraad op 23-1-2020

H1

Uitgave Amsterdam maakt ruimte, Agenda Amsterdam Autoluw

Een leefbare en toegankelijke stad

De doelen van de Agenda Amsterdam Autoluw zijn als volgt omschreven:

Eén van de speerpunten van dit college van B&W is de ‘Agenda Amsterdam Autoluw‘. Het programma van de gemeente Amsterdam om minder afhankelijk van de auto te worden en om op straat minder plek in te ruimen voor de auto. Voor het Universiteitskwartier is de Agenda Amsterdam Autoluw relevant omdat daarmee meer ruimte op de openbare weg voor langzaam verkeer wordt gecreëerd in het Universiteitskwartier. Dat komt de veiligheid en leefbaarheid op met name de Oudezijds Achterburgwal en Voorburgwal ten goede en verlicht de belasting van de kades en bruggen. Met het betekent ook de universiteit en andere bedrijven in het gebied logistieke oplossingen moeten zoeken voor de bevoorrading nu de auto en vrachtwagen niet meer overal kunnen komen.

Hoofddoel: meer ruimte voor een leefbare en toegankelijke stad. Subdoelen:

ƒ Meer ruimte voor prettig verblijven in de stad: groen, speelvoorzieningen en ontspanning.

ƒ Meer ruimte voor voorzieningen: schone afvalinzameling, voldoende en nette fietsparkeerplekken, laden en lossen.

ƒ Meer ruimte voor auto-alternatieven; brede stoepen/voetpaden, fietspaden en –straten, openbaar vervoer en deelmobiliteit.

ƒ Meer schone lucht, minder geluidsoverlast. ƒ Een inclusieve stad zijn.

Afbeelding uit Agenda Amsterdam Autoluw : Het ruimtebeslag per vervoerswijze verschilt. Deze figuur laat de actuele berekening zien o.b.v. de gemiddelde lengte, oppervlakte en snelheid van het voertuig, gedeeld > Figuur 6 Het ruimtebeslag per vervoerwijze verschilt. Onderstaand figuur laat de actuele berekening zien door het gemiddeld aantal inzittenden (en/of doorgedeeld het aantal o.b.v. de gemiddelde lengte, oppervlakte en snelheid van het voertuig, door het voertuigen gemiddeld aantal (en/of door het rijden). aantal voertuigen dat naast elkaar kan rijden). datinzittenden naast elkaar kan

80 m2 15 m2 50 km/uur 1,4 passagiers

8 m2

8 m2

15 km/uur

50 km/uur 20 passagiers

6 m2

2 m2

50 km/uur 40 passagiers

2 m2 1 m2 5 km/uur

Data in tabelvorm: bijlage 10

16

Met de Agenda Amsterdam Autoluw trekken we deze lijn door. Het Uitvoeringsprogramma Autoluw richten we flexibel in om te kunnen inspelen op de nieuwste ontwikkelingen. De agenda bevat gerichte en concrete maatregelen voor op straat en voor innovatieve experimenten. Daarnaast agendeert de agenda

Samen met inwoners, bezoekers, ondernemers, belangenorganisaties en partners als Rijk, provincies, Vervoerregio Amsterdam, buurgemeenten, mobiliteitsaanbieders en belangenorganisaties maken we werk van een leefbare en toegankelijke stad voor onze generatie en die van onze kinderen.

De agenda bevat gerichte Referentie: Druk verkeer en concrete maatregelen voor op straat en voor innovatieve experimenten.

In 2040 is Amsterdam optimaal ingericht voor voetgangers, fietsers en het openbaar vervoer. Voetgangers hebben veel obstakelvrije routes tot hun beschikking. Op fietsstraten mengt het verkeer zich op een veilige manier. De openbare ruimte is aantrekkelijk, groen en ingericht voor langzaam verkeer. De Agenda Amsterdam Autoluw bevat 27 concrete maatregelen, experimenten en onderzoeken en agendeert de belangrijkste onderwerpen. Het laat zien wat we nu (t/m 2022), straks (t/m 2025) en later doen, voortbouwend op wat al is bereikt.

2.1.5 Bruggen en Kademuren

september 2020 op het UvA terrein een deel van de kade aan de Grimburgwal instortte. Er ligt dan ook een grote opgave om op korte termijn, in samenspraak met de particuliere eigenaren en de maatschappelijke partners, de veiligheid van de kades en bruggen te borgen, de kennis over de staat te vergroten, een beter passend gebruik te formuleren en de omvangrijke vervangingsopgave te starten. In het Coalitieakkoord is afgesproken om hiervoor middelen beschikbaar te stellen. Inmiddels is er een plan vastgesteld om invulling te geven aan deze opgave.

Actieplan bruggen en kademuren

vastgesteld 2 juli 2019

Uitgave Actieplan bruggen en kademuren

Doelstellingen: 1. Waarborgen van de veiligheid en functionaliteit van de bruggen en

Een ander onderwerp dat een belangrijke rol speelt in het gebied is het onderhoud aan de kades en bruggen. De gemeente is verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van ca. 1800 bruggen en 600 km kades en oevers in de stad. Daarnaast zijn er ook een groot aantal kades in particuliere handen. Er is sprake van een grote mate van achterstallig onderhoud en structurele overbelasting. Ook in het Universiteitskwartier, zoals pijnlijk duidelijk werd toen op 1

kademuren. 2. Zorgen voor een functionerende stad gedurende de gehele opgave. 3. Realiseerbare programmering maken voor de vervangingsopgave. 4. Optimaliseren en innoveren van processen en werkwijzen.

De onderhoudsstaat van kades en bruggen in het gebied en de urgentie om indien nodig maatregelen te nemen heeft ook een weerslag op de transformatie van het Universiteitskwartier. Het kan gevolgen hebben voor de bouwlogistiek tijdens de verbouwing van panden en kan betekenen dat met herinrichting van autoluwe grachten in het gebied pas kan worden aangevangen nadat noodzakelijk herstel aan kademuren en bruggen is uitgevoerd.

Herstel kade Grimburgwal

17

Gemeente Amsterdam

2.1.6 Uitvoeringsplan Transport over Water DUURZAAM BOUWEN in Amsterdam

mei 2019 1

Uitgave Duurzaam bouwen in Amsterdam

Met het Uitvoeringsplan Transport over Water geeft de gemeente concrete uitwerking van het beleid voor het stimuleren van transport over water. Transport over water draagt bij aan een aantrekkelijke, leefbare, gezonde, veilige en bereikbare stad voor iedereen. Ook biedt het een oplossing om logistieke stromen te garanderen, terwijl er wordt gewerkt aan ingrijpende maatregelen. Dit gebeurt met een stapsgewijze aanpak: 1. Uitwerken vergunningenstelsel. 2. Venstertijden voor de centrumzone voor 10 uur ‘s ochtends en na 20 uur ‘s avonds. 3. Uitbreiden voorzieningen voor laden en lossen. 4. Faciliteren voor initiatieven en pilots. 5. Monitoring en evaluatie. Voor het Universiteitskwartier is dit Uitvoeringsplan van belang omdat hier kansen liggen om logistieke stromen (bouw, bevoorrading, afval) te verplaatsen naar het water en zo de kwetsbare kades en bruggen te ontlasten. Hiervoor loopt er een pilot in samenwerking tussen gemeente en UvA.

2.1.7 Pilots logistiek De hierboven genoemde gemeentelijke programma’s Agenda Amsterdam Autoluw, Bruggen en Kademuren en Uitvoeringspan Transport over Water onderzoeken gezamenlijk door middel van logistiek-pilots hoe het transport in het gebied efficiënter, schoner en lichter georganiseerd kan worden. Dit doen we niet alleen, maar met partijen uit de logistieke ketens en bewoners en ondernemers uit het gebied. ƒ Pilot bevoorrading: de pilot bevoorrading heeft twee doelen: eenduidige regels voor de bevoorrading van de Wallen en het beperken van zware voertuigen op de kwetsbare kades en bruggen.

18

ƒ Pilot afval over water: afvoer van afval anders organiseren. Van het aan huis afhalen van afval overstappen naar het afhalen van afval op verzamelpunten en transport over water. ƒ Pilot bouwlogistiek: de gemeente en de UvA werken samen in een pilot voor de bouwlogistiek in het centrum. Ook hier wordt vervoer over water als kansrijk onderzocht.

2.1.8 Duurzaamheidsambities van de gemeente Energietransitie De wijze waarop Amsterdam de energietransitie voor elkaar wil krijgen is door zoveel mogelijk samen te werken met bewoners, bedrijven en instellingen, en met overheden op andere bestuurslagen. Het streven is verder dat de energietransitie op een rechtvaardige wijze plaatsvindt. De juiste oplossing voor het aardgasvrij maken van een buurt is er een die met zo laag mogelijke kosten voor de maatschappij als geheel gerealiseerd kan worden. In 2020 zijn twee belangrijke beleidsdocumenten vastgesteld over de energietransitie van de stad: de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 en de Transitievisie Warmte Amsterdam. De Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050 is tot stand gekomen na een intensief participatietraject in 2019. Dit resulteerde in het Amsterdams Klimaatakkoord: een verbond van de stad om samen te werken aan een klimaatneutrale stad. De input vanuit de stad vormt de basis van de Routekaart. Samen met bewoners, bedrijven en instellingen wordt intensief samengewerkt om de verandering naar duurzame energie in beweging te zetten. De Routekaart beschrijft de langetermijnvisie op en strategie voor de Amsterdamse energietransitie plus acties voor de korte termijn in 4 thema’s: gebouwde omgeving, verkeer en vervoer, elektriciteit, haven en industrie.

De Transitievisie Warmte beschrijft voor de gebouwde omgeving de aanpak uit de routekaart. De energietransitie van het UvA-vastgoed

in het Universiteitskwartier wordt genoemd in de Transitievisie als groot particulier initiatief. Het Universiteitskwartier biedt grote kansen om tot een gebiedsgerichte aanpak van de transitie te komen. Met het vastgoed van de UvA is een kritische massa aanwezig voor een dergelijke ontwikkeling waarin ook andere grote partijen uit het gebied zoals o.a. de hotels The Grand, l’Europe, Doelenhotel, Radisson, woningbouwcooperatie De Key en de vele particuliere huisbezitters aan kunnen sluiten.

Circulaire economie In Amsterdam willen we voor iedereen een goed leven mogelijk maken, binnen de natuurlijke grenzen van de aarde. Dat kan in een circulaire stad: daar gaan we slimmer om met schaarse grondstoffen, produceren en consumeren we anders en is er meer werkgelegenheid voor iedereen. Zo ontstaat er meer welzijn, gezondheid, een prettige leefomgeving, een schoner milieu en meer rechtvaardigheid, zowel binnen de stadsgrenzen als ver daarbuiten. In de strategie voor een circulaire economie zet de gemeente in

Klimaatadaptatie De ambitie van de gemeente is dat Amsterdam in 2050 zo goed mogelijk voorbereid is op het veranderende klimaat. Klimaatadaptatie is essentieel om te zorgen dat Amsterdam in fysiek, sociaal en economisch opzicht waardevol blijft. Het is een kans om samen met alle Amsterdammers een belangrijke bijdrage aan een veilige, groene, leefbare en aantrekkelijke stad te leveren. Klimaatadaptatie moet als vanzelfsprekend worden meegenomen in relevante ontwikkelingen en projecten in de stad. Het klimaatbestendiger en veerkrachtiger maken van onze stad vereist een nieuwe wijze van inrichten en beheren van de stad. De uitvoeringsagenda bevat concrete plannen om Amsterdam klimaatbestendig te maken. Bij de verbouw, herinrichting en beheer van panden en buitenruimtes in het Universiteitskwartier liggen kansen en uitdagingen om de principes van klimaatadaptatie mee te nemen en daar als universiteit mogelijk zelfs een voorbeeldfunctie in te vervullen. Ecologie/ biodiversiteit In de Binnenstadvisie is een belangrijke ambitie het vergroenen van de (openbare) ruimte. Om een gezonde, aantrekkelijke en toekomstbestendige leefomgeving voor mens en dier te maken, moet de natuur een volwaardige plaats krijgen bij de ontwikkeling van het Universiteitskwartier.

op drie waardeketens: 1.

Voedsel & organische reststromen

2.

Consumptiegoederen

3.

Gebouwde omgeving

Nieuw Amsterdams Klimaat Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050

Uitgave Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050

Bij het laatste wordt verwezen naar het ontwerp, de bouw en de renovatie van woningen en gebouwen, maar ook naar de inrichting van de openbare ruimte, van wegen en bruggen tot speeltuinen en parken. Ook hier ligt met de ontwikkeling van het Universiteitskwartier een grote kans om de gemeentelijke strategie samen met de UvA toe te passen.

Referentie: Daktuin op kantoorpand Wibautstraat

19

2.2 Universiteit Hoger onderwijs en wetenschap vormen samen een van de sterkste punten van de Metropoolregio Amsterdam. In Nederland is er geen andere stad waar deze sector zo sterk vertegenwoordigd is, met meer dan 10.000 wetenschappers en 100.000 studenten verdeeld over de universiteiten, hogescholen en verschillende instituten en instellingen als KNAW, NWO, Sanquin en NKI-AvL. In de binnenstad wil de UvA het Universiteitskwartier voltooien als centrale plek van de geesteswetenschappen. Centrale ligging Universiteitskwartier midden in de historische binnenstad.

2.2.1 Achtergrond Het initiatief voor de ontwikkeling van het Universiteitskwartier volgt uit het beleidsvoornemen van de UvA om haar huisvesting te clusteren. Van vele gebouwen verspreid over de hele stad, maakt de universiteit de overstap naar vier open stadscampussen: Roeterseilandcampus, Amsterdam Science Park, Amsterdam Medical Business Park en het Universiteitskwartier. Faculteiten kunnen zo in hun geheel worden samengebracht, waardoor de samenwerking en kennisuitwisseling tussen studenten en medewerkers van verschillende disciplines, het bedrijfsleven, de overheid, kennisinstellingen culturele en publieke instellingen en de stad, kan intensiveren. Deze ontwikkeling levert een belangrijke bijdrage aan de kwaliteit van onderwijs, onderzoek en valorisatie en aan de economische en wetenschappelijke betekenis van de stad Amsterdam.

2.2.2 Synergie stad en universiteit Het Universiteitskwartier is de oudste en meest iconische van de vier clusters. Hier ligt de oorsprong van de Universiteit van Amsterdam: het in 1632 opgerichte Athenaeum Illustre dat nog steeds

20

gebruikt wordt door de universiteit. Het is dan ook geen toeval dat de UvA juist dit cluster kiest als het visitekaartje van de complete universiteit. De bijzondere omgeving, midden in het eeuwenoude hart van de stad, bevestigt de historische achtergrond van de UvA als oudste universiteit van Amsterdam. Het geeft studenten en medewerkers bovendien de mogelijkheid om de vruchten te plukken van een academische vorming in directe relatie met de hoge kwaliteit van kunst- en cultuurinstellingen en wetenschappelijke instituten, die de Amsterdamse binnenstad rijk is. Maar er is nog een essentiële reden die het Universiteitskwartier belangrijk maakt voor de gemeente en de UvA. De centrale ligging, in een gebied met een grote verscheidenheid aan functies, maakt het een uitgelezen locatie om de synergie tussen stad en universiteit verder te ontwikkelen. Met een gemeenschap van mensen die hier leren, werken, onderzoeken, ontdekken, ondernemen, bezoeken, vormt het kwartier een waardevolle kennisclustering. Hier kan een plek ontstaan waar studenten, medewerkers, kennisinstellingen, bedrijfsleven en bewoners elkaar ontmoeten, waar vernieuwende ideeën worden ontwikkeld, kennis uitgewisseld, samenwerkingsverbanden gesmeed, startups gelanceerd. Ontwikkelingen die goed zijn voor de universiteit, voor de stad en voor haar bewoners.

In het Universiteitskwartier zal de Faculteit der Geesteswetenschappen geclusterd worden en een aantal algemene universiteitsvoorzieningen voortaan gehuisvest zijn, zoals de Universiteitsbibliotheek (UB), het College van Bestuur, de bestuursstaf van de UvA en de ceremoniële voorzieningen van de UvA (aula en Agnietenkapel). Op het gebied van cultuur en ontmoeting wordt het aanwezige aanbod van het Allard Pierson en de Amsterdamse Academische Club versterkt met de komst van Spui25. Aan de rand van het Universiteitskwartier zijn al het interfacultaire onderzoeksinstituut Institute for Advanced Studies (IAS) en de Studentenartsen gehuisvest.

2.2.3 Faculteit der Geesteswetenschappen (FGw) Voor het eerst in haar geschiedenis zal de complete Faculteit der Geesteswetenschappen samen komen in het Universiteitskwartier. FGw is een gevestigde en gerenommeerde omgeving voor onderwijs en onderzoek binnen een breed spectrum van disciplines op het gebied van taal en cultuur, geschiedenis en religie, archeologie, kunst, cultuur, media en filosofie. Ook zijn er tal van vooruitstrevende onderzoeksvelden zoals nieuwe media, cognitie, digital humanities, artificial intelligence en conservering en restauratie. De FGw verzorgt dertig bacheloropleidingen, waarvan negen (ook) Engelstalig, en meer dan tachtig veelal Engelstalige masterprogramma’s. Op basis van de ontwikkeling in de afgelopen jaren en de verwachting voor de komende jaren wordt een bandbreedte voor FGw-studenten aangehouden van 6.500 tot 7.000 studenten. De vijf facultaire research schools en het interfacultaire Institute for Logic, Language en Computation staan mede door hun interdisciplinaire aanpak internationaal hoog aangeschreven. Bijna 900 wetenschappelijk medewerkers vinden hun thuisbasis in afdelingen waar onderwijs en onderzoek samen komen. Iedere afdeling heeft een spilfunctie: hier vindt overleg en afstemming plaats over personeel, onderzoek en onderwijs. Tevens worden er actuele ontwikkelingen binnen de discipline vertaald naar onderwijs en onderzoek.

Synergie FGw en Universiteitskwartier De Faculteit der Geesteswetenschappen is momenteel nog verspreid over negen locaties in het hart van Amsterdam, maar kan straks volledig ondergebracht worden in het Universiteitskwartier. Deze clustering maakt het mogelijk de profilering van de FGw te versterken als kennisinstituut dat midden in de samenleving staat.

De FGw werkt samen met talrijke overheden, culturele en maatschappelijke instellingen en bedrijven in Amsterdam en daarbuiten, met name in het Universiteitskwartier. Denk hierbij aan wetenschappelijke instellingen zoals het humanities cluster van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (Huygens ING, Meertens Instituut,IISG en NIAS) en verschillende NWO-instituten, aan podia, musea en andere erfgoedinstellingen en aan eigen startups die een spin-off zijn van het facultaire onderwijs en onderzoek, zoals het Humanities Lab AVS dat ondernemerschap stimuleert onder studenten, jonge onderzoekers, wetenschappers en alumni. Daarnaast is de FGw in het BOS-cluster (Bushuis, Oost- Indisch Huis en Spinhuis) een nauwe samenwerking aangegaan met de KNAW en zullen deze drie gebouwen uitgroeien tot hét onderzoeksgebouw van de geesteswetenschappen. Vanuit dit gebouw wordt verbinding gelegd tussen wetenschappelijke kennis en urgente maatschappelijke vraagstukken, zodat de impact van het facultaire onderzoek kan worden vergroot. Door al deze samenwerkingsverbanden zal het Universiteitskwartier een van de grootste geesteswetenschappelijke clusters in Europa worden, in diepe verbondenheid met de wereld om haar heen.

De aanwezigheid van het Allard Pierson en de nieuwe Universiteitsbibliotheek zullen daarbij ook een belangrijke rol spelen, omdat daar nieuw onderzoek aan het grote publiek te gepresenteerd kan worden en interactie met de stad en haar inwoners mogelijk wordt.

Universiteitskwartier (bron: UvA)

21

2.2.4 Programma en gebouwen Door middel van programmatisch onderzoek is door de UvA onderzocht waar de benodigde functies van het Universiteitskwartier het best tot hun recht zouden komen. Hierbij speelt het Programma van Eisen van de gebruikers (faculteit, decaan, studenten, onderzoekers) een rol, maar ook de geschiktheid van de beschikbare gebouwen (ruimtes en opzet), de ligging binnen het gebied en de mogelijkheden en kosten van eventuele aanpassingen aan de bebouwing. Dit onderzoek heeft de volgende gewenste functieverdeling opgeleverd:

ƒ ƒ

ƒ In de nieuwe Universiteitsbibliotheek wordt de open geestes-

Oudemanhuispoort

22

wetenschappelijke boekencollectie samengebracht op 1 locatie. De bibliotheek biedt een grote diversiteit aan studieplekken (ruim 1.000), onderwijs -en evenementenruimtes. Er komen werkplekken voor ongeveer 100 bibliotheekmedewerkers. ƒ Gebouw BG5 wordt het onderwijshart van de campus. In het gebouw komt een groot aantal onderwijszalen, variërend van kleine werkgroepzalen tot grotere collegezalen. Op de begane grond is ruimte voor ontmoeting van studenten en medewerkers. Hier vindt men de centrale campusvoorziening van eten en drinken, gekoppeld aan het vernieuwde atrium en de tentoonstellingsruimte van FGw. Ook een deel van de medewerkers van de FGw vinden hier hun werkplek. ƒ De Oudemanhuispoort

ƒ

ƒ ƒ

ƒ

wordt het ceremoniële hart van het Universiteitskwartier en de UvA, met de aanwezigheid van de aula en de nabijheid van de Agnietenkapel. Daarnaast wordt een groot aantal afdelingen van de Faculteit der Geesteswetenschappen in de Oudemanhuispoort gehuisvest, en worden er meerdere grote collegezalen, kleinere werkgroepruimtes en het centrale logistieke punt van de campus gerealiseerd. Verdeeld over de UB, BG5 en de Oudemanhuispoort komen ruim 1.300 studieplekken voor de studenten van de UvA. Het gebouw BG3 wordt het centrale gebouw van de faculteit, midden in het gebied. De onderwijsbalies, het bestuur met stafbureau en een deel van de medewerkers van de Faculteit der Geesteswetenschappen worden op deze centrale locatie gehuisvest. Het Universiteitstheater wordt het ‘theater van de wetenschap’, waarin naast onderwijs en onderzoek van de FGw ook een cultureel programma wordt gepresenteerd bestaande uit lezingen en bijeenkomsten voor zowel de academische gemeenschap als de stad. De Gasthuiskerk, een van de oudste gebouwen in het gebied, wordt breed ingezet voor kantoren en representatie. Het Allard Pierson beheert en presenteert de erfgoedcollecties van de Universiteit van Amsterdam.

Met internationaal vermaarde verzamelingen op het gebied van archeologie, boekgeschiedenis, cartografie, grafische vormgeving, Joodse cultuurgeschiedenis, zoölogie en de uitvoerende kunsten is dit een van de belangrijkste erfgoedcollecties in Europa. Het Allard Pierson verbindt daarmee de wereld van de Universiteit met de maatschappij. In het pand bevindt zich onder andere het museum en het museumcafé, onderwijszalen, stijlkamers, en de onderzoekzaal. De gebouwen BG1 en BG2 blijven in gebruik voor onderwijs en onderzoek door de FGw.

Functiekaart Op de functiekaart zijn alle functies op de begane grond van gebouwen in het plangebied aangegeven. Daarnaast zijn alle UvA gebouwen met nummers aangegeven.

11

12

10 Legenda Functies in de plint op de begane grond Hotels

9

Horeca Wonen Kantoren

6

Theater Galerie Winkel Pleziervaart Museum

4

Kerkgebouw

2

1

UvA gebouwen

5

3

13 14

15

7 8

1

BG1

2

BG2

3

BG3

4

BG4

5

BG5

6

Oudemanhuispoort

7

Oude Turfmarkt

8

Universiteitstheater

9

Agnietenkapel

10

Spinhuis

11

Oost-Indisch Huis

12

Bushuis

13

Gasthuiskerk

14

Allard Pierson

15

Universiteitsbibliotheek

23

ƒ In het BOS-cluster bevinden zich de gebouwen Bushuis, Oost Indisch Huis en het Spinhuis. Hier komt het onderzoekshart van het Universiteitskwartier. Een aantal instituten van de KNAW zijn al gehuisvest in het Spinhuis en een deel van het Oost-Indisch Huis. Het onderzoeksgebouw van de FGw in het Bushuis zal een toonaangevend expertisecentrum worden voor medewerkers, studenten en partners op het gebied van culturele, creatieve, digitale en diversiteit vraagstukken uit domeinen als kunst en cultuur, media en talen, voor beleid en onderwijs. Hier is ruimte voor onderzoeksintensief onderwijs en fundamenteel experiment, voor valorisatie en het Humanities Lab Venture Studios Amsterdam. Tevens wordt de centrale bestuursstaf van de UvA in dit cluster gehuisvest. ƒ Aan de Oude Turfmarkt 141-143 zal het College van Bestuur van de UvA zich vestigen.

2.2.5 Omvang en gebruik van het vastgoed In de weergegeven tabel is een prognose gegeven van het verwachte gebruik van de voorzieningen van de UvA in het Universiteitskwartier en is een vergelijking gemaakt met het gebruik in de periode toen de Faculteit Maatschappij & Gedrag, Faculteit der Rechten en functies als Crea en een studentencafé in de gebouwen van de UvA waren gehuisvest. Deze vergelijking is gemaakt, omdat de situatie in 2020 geen representatief beeld geeft van het gebied nu veel gebouwen (gedeeltelijk) leeg staan, in afwachting van de ontwikkeling. Het overzicht biedt inzicht in het gebruik in de toekomst en hoe zich dat verhoudt tot de oude situatie. Zo krijgen bewoners een goed beeld van de voorziene drukte in het gebied. Belangrijk, omdat in het participatietraject naar voren kwam dat bewoners zich grote zorgen maken dat het veel drukker gaat worden door de veranderingen aan de UvA-gebouwen.

24

De prognose is dat het aantal studenten en universiteitsmedewerkers dat aan het gebied verbonden is afneemt. De Universiteitsbibliotheek en de aula zijn echter campusoverstijgende voorzieningen die ook studenten van andere faculteiten faciliteren. Per saldo is de prognose daarom dat het gebied ongeveer net zoveel UvA-gerelateerde bezoeken krijgt als in de vorige periode dat het gebied volledig in gebruik was. De openbare ruimte zal echter wel heel anders beleefd worden: in het verleden vond het fietsparkeren voor het overgrote deel in de openbare ruimte plaats en heel beperkt in de aanwezige fietsenkelders. In de toekomst vindt het fietsparkeren door studenten, medewerkers en bezoekers juist voor het overgrote deel plaats in de fietsenkelders (door de realisatie van twee grote stallingen onder de Oudemanhuispoort en Universiteitsbibliotheek). Daarnaast moet opgemerkt worden dat de druk op het gebied niet alleen bepaald wordt door de UvA, maar ook afhangt van het overige gebruik door bijvoorbeeld toeristen en dagjesmensen. Als de beoogde bouwplannen van de UvA in lijn met de uitwerkingskaders uitgewerkt worden, vindt er als gevolg van het SMP ook geen verdichting plaats.

De omvang van het vastgoed neemt weliswaar toe naar circa 50.000 m², echter is dit het gevolg van realisatie van de nieuwe UB (met het overkappen van het binnenhof en nieuwbouw op de hoek van de Nieuwe Doelenstraat en Binnengasthuisstraat), waarvan de planuitwerking en vergunningverlening plaatsvond ruim voor het opstellen van het SMP. De UvA wil bij de bouwambities verbonden aan het SMP, binnen het eigen vastgoed en eigendomsgrenzen te blijven. Bij de ontwikkelkaders wordt bij BG3 een voorstel gedaan waarbij tot een uitruil van gronden moet worden gekomen waarbij de m2 openbare ruimte in het gebied gelijk blijft. Dit wordt bij het betreffende deelgebied verderop in dit plan nader toegelicht.

2012

Aantal evenementen 2025 per jaar 400

Gemiddelde bezetting

-

CREA (zalen) CREA (café)

680 plaatsen 150 plaatsen

Allard Pierson

60.000 bezoekers per jaar

80.000 bezoekers per jaar

Studenten

11.500 (FMG en FdR)

6.500 - 7.000 (FGw)

Medewerkers

3.000 (FMG, FdR en ondersteunende diensten)

2.000 (FGw, UB, Bestuursstaf, Allard Pierson, ondersteunende diensten)

1.000 per dag

Universiteitsbibliotheek

-

1.200 werk- en studieplekken

Gemiddeld 2.100 bezoekers per dag tijdens collegemaanden

Aula

-

220

500 plaatsen

150

Universiteitstheater

250 plaatsen

300

400 plaatsen

100

Agnietenkapel

100 plaatsen

350

100 plaatsen

50

Vox-Pop

-

70

100 plaatsen

60

Omvang vastgoed

47.648 m2

49.839 m2

Toevoeging nieuwbouw UB en reductie OMHP

Fietsparkeren

Overgrote deel op maaiveld

Overgrote deel in fietsparkeerkelders (2.400 plaatsen)

300 per dag

Gebruik Voorzieningen UvA In de tabel is een prognose gegeven van het verwachte gebruik van de voorzieningen van de UvA in het Universiteitskwartier en is een vergelijking gemaakt met de vorige periode dat deze gebouwen volledig in gebruik waren.

25

Gasthuishof Universiteitskwartier (bron: UvA)

26

2.2.6 Duurzaamheid Vanwege de unieke locatie in de binnenstad en de samenhang met de andere gebouwen in het gebied, hebben de UvA en stadsdeel Centrum in maart 2018 een overeenkomst gesloten om samen een duurzaam Universiteitskwartier te realiseren. Beleid UvA De ontwikkeling van het Universiteitskwartier biedt de mogelijkheid om grote stappen te zetten in de verduurzaming van het vastgoed van de UvA. Duurzaamheid is een maatschappelijke verantwoordelijkheid gericht op het zorgvuldig omgaan met natuurlijke bronnen zodat de toekomstige generaties, net als wij, in staat zijn om in hun behoeften te voorzien. Zorgvuldig omgaan met bronnen betekent voor vastgoed onder andere een efficiënt gebruik van gebouwen en voorzieningen. Bij duurzame ontwikkeling is sprake van een ideaal evenwicht tussen ecologische, economische en sociale belangen. Verduurzamen van vastgoed is niet slechts een technische opgave. De UvA heeft deze ambitie samengevat in drie pijlers: 1.

UvA Routekaart Energietransitie De doelstelling van de UvA is dat de hele vastgoedportefeuille in 2040 Paris Proof, All-Electric is. In de basis komt het neer op: het beperken van de energievraag, het gebruiken van hernieuwbare bronnen, nu doen wat nu kan en waar mogelijk gebruik maken van gebiedsgebonden oplossingen zoals bodemenergie (WKO-bronnen), zodat in 2040 alle campussen aardgasvrij zijn. Voor alle gebouwen is een duurzaam meerjaren-onderhoudsplan opgesteld en waar mogelijk zet de UvA in op versnelling van verduurzaming.

2. Klimaatadaptieve en natuurinclusieve campus Door de klimaatveranderingen is de kans op extreme weersomstandigheden ook in Nederland steeds groter. Denk hierbij aan extreme neerslag of hitte. Juist de stedelijke (versteende) gebied zullen hier de meeste overlast van gaan ondervinden. Klimaatadaptief ontwikkelen, biedt kansen om antwoord te geven aan deze omstandigheden en verbetert de leefbaarheid op de campus. Ook ecologie en de luchtkwaliteit speelt hierbij een rol. Maatregelen om bijvoorbeeld de biodiversiteit te herstellen, hangen samen met klimaatadaptieve maatregelen. Een groene campus is een aantrekkelijke campus. Binnen dit thema is er veel ruimte voor living labs, proeftuinen op het gebied van klimaatadaptatie en ecologie. 3. Circulariteit In een circulaire economie staat het efficiënter omgaan met grondstoffen centraal, met als doel dat de milieudruk afneemt, de leveringsrisico’s kleiner worden en er economische kansen worden gecreëerd. De positieve effecten op het milieu ontstaan bijvoorbeeld doordat er minder plastics en metalen nodig zijn, de uitstoot van broeikasgas afneemt, biodiversiteitsverlies wordt beperkt of bodem, water en lucht minder worden verontreinigd. De ecologische voetafdruk van ons materiaalgebruik is (deels) inzichtelijk gemaakt.

In het formuleren van doelstellingen en in de praktische uitwerking van de circulaire ambitie loopt de UvA aan tegen meetbaarheid versus bewijslast. Hiermee wordt het pijnpunt op de haalbaarheid van circulaire ambities duidelijk. Door te focussen op de belangrijkste onderdelen kunnen we nu al actie ondernemen en ervaring opdoen en hoeven we niet te wachten op consensus over meetmethodes die later pas duidelijk worden.

27

3 Wat vinden bewoners, ondernemers en gebruikers belangrijk bij de ontwikkeling van het Universiteitskwartier?

Participatie

3.1 Een gebied van ons samen Bij het maken van dit uitwerkingskader zijn bewoners en ondernemers in de buurt, studenten, medewerkers van de Universiteit van Amsterdam en andere belangstellenden betrokken om hun belangen kenbaar te maken. De bewoners (o.a. bewonersvereniging Vereniging Openbaar en Leefbaar BG-terrein) hebben zich hierin zeer actief opgesteld. Deze betrokkenheid heeft waardevolle inzichten en informatie opgeleverd. Tijdens de bijeenkomsten die hiervoor georganiseerd zijn, heeft discussie plaatsgevonden en is inzicht verkregen in elkaars belangen. Zeker voor een bestaand binnenstedelijk gebied, zoals het Universiteitskwartier, is dat relevant. Het gebied wordt gekenmerkt door een diversiteit aan functies, activiteiten en gebruik. De subtiele balans tussen de functies creëert een uniek karakter. Het is er

Participatiebijeenkomst in de Waalse kerk

28

levendig, gezellig en er valt genoeg te doen en te beleven, maar er is ook behoefte aan ruimte voor stilte en rust om te studeren, te werken en prettig te wonen. De aanwezigheid van de universiteit is hierbij heel bepalend en maakt een goede afstemming tussen de verschillende belangen extra belangrijk bij de planvorming.

3.2 Leefbaarheid en veiligheid; balans tussen reuring en rust De ligging en diversiteit van het gebied heeft voor zowel bewoners als de UvA z’n mooie kanten. Bewoners leven midden in de dynamiek van de binnenstad met in de nabijheid een grote variatie aan voorzieningen en functies zonder dat ze overspoeld worden door toeristen. Studenten en medewerkers van de universiteit zijn omringd door een gezellige woonomgeving, cultuur, cafés en restaurants, historische gebouwen en altijd mensen op straat. Het maakt het Universiteitskwartier een aantrekkelijke plek om te wonen, te studeren en onderzoek te doen en een waardevol visitekaartje voor de UvA. Zowel de bewoners, ondernemers als de universiteit hebben er dus belang bij dat de bijzondere balans in het Universiteitskwartier goed blijft en waar mogelijk wordt versterkt. Tegelijkertijd is er het besef dat deze subtiele balans gemakkelijk verstoord kan worden. Dat is de afgelopen jaren ook gebeurd o.a. door (bouw)overlast en onveilige situaties. Dit verklaart dat tijdens het participatieproces naast de aanvankelijk vijf thema’s een zesde is toegevoegd: leefbaarheid en veiligheid. Er moet een evenwicht zijn passend bij wat het Universiteitskwartier wil zijn: een gemengd en historisch gebied in de luwte van de binnenstad waar onderwijs, onderzoek en wonen hand in hand gaan.

Dit vraagt om zorgvuldige afwegingen in programmering, ontwerp en beheer van buitenruimte en gebouwen.

3.3 Werkwijze In 2018, bij de start van het opstellen van dit SMP, zijn door de UvA een aantal bijeenkomsten gehouden met de academische gemeenschap en de buurt. Onder leiding van West 8 zijn toen de eerste analyses gemaakt en is een conceptplan gedeeld. Hierbij zijn knelpunten, ideeën en wensen opgehaald. Met de academische gemeenschap zijn stappen gezet om het programma voor gebouwen nader te specificeren. In 2019 heeft de gemeente de lead overgenomen in het participatieproces. Dit traject heeft plaatsgevonden onder externe en onafhankelijke begeleiding. Allereerst zijn er verkennende gesprekken gevoerd om te vernemen hoe iedereen tegen het gebied en de toekomst ervan aankijkt. De uitkomsten hebben een plek gekregen in zes centrale thema‘s voor het Universiteitskwartier. Deze zijn vervolgens gezamenlijk uitgewerkt in uitgangspunten voor de planontwikkeling. Deze uitwerking is gebeurd in tien openbare meet-ups, in 1-op-1-gesprekken en met een online enquête. De gezamenlijke uitgangspunten hebben geholpen om focus te krijgen op de prioriteiten in het gebied en daarmee op het SMP. Hierbij waren de betrokken partijen het lang niet altijd met elkaar eens, maar duidelijk werd wel dat de thema’s een goed handvat bieden om het gesprek op strategisch niveau te voeren. Participatiebijeenkomst in de Waalse kerk

29

De thema’s komen in dit SMP terug bij de uitwerking van de opgaven (hoofdstuk 7 Opgave) en het uitwerkingskader (hoofdstuk 8 Uitwerkingskader voor het Universiteitskwartier).

Identiteit

Historie en monumentaliteit

Toegankelijkheid en gebruik

In het Universiteitskwartier komt de synergie tussen stad en universiteit tot leven. Hier is ruimte om te denken en te doen. Te beschouwen en te ondernemen. Van elkaar te leren.

De historische structuur van het Universiteitskwartier is het fundament onder de bijzondere sfeer in het gebied.

Het Universiteitskwartier wordt intensief gebruikt, maar er is ook ruimte voor rust en privacy.

Uitgangspunten voor de uitwerking:

Uitgangspunten voor de uitwerking:

Uitgangspunten voor de uitwerking:

In het Universiteitskwartier… 1. ….is de hovenstructuur herkenbaar en versterkt 2. ….is de samenhang tussen gebouwen verbeterd (ensembles) 3. ….zijn de gebouwen goed aangesloten op de openbare ruimte 4. ….kunnen gebouwen en de openbare ruimte worden aangepast aan de eisen van morgen

In het Universiteitskwartier… 1. ….is er balans tussen functies 2. ….zijn rustige, serene plekken en plekken waar het levendig is 3. ….vinden ontmoetingen plaats 4. ….zijn voorzieningen die passen bij het kennis- en woonmilieu 5. ….wordt eigenaarschap gefaciliteerd

Bereikbaarheid en logistiek

Leefbaarheid en veiligheid

In het Universiteitskwartier is alles goed bereikbaar, maar wel met oog voor de kwetsbaarheid van het eeuwenoude gebied en de rust die er heerst.

In het Universiteitskwartier zorgen wij er samen voor dat we er allemaal prettig kunnen studeren, wonen, werken, ondernemen en ontspannen.

Uitgangspunten voor de uitwerking:

Uitgangspunten voor de uitwerking:

In het Universiteitskwartier…. 1. ….heeft de voetganger voorrang, maar is niet te dominant aanwezig 2. ….zijn er doorgaande fietsroutes, onder voorwaarden 3. ….worden fietsen op eigen terrein geparkeerd 4. ….vindt bevoorrading en afvoer van afval plaats aan de randen 5. ….worden de waterwegen benut voor logistiek en bevoorrading en afvoer van afval 6. ….is de verkeersveiligheid geborgd

In het Universiteitskwartier…. 1. ….staat leefbaarheid voorop 2. ….wordt leefbaarheid actief beheerd 3. ….wordt drukte gemanaged 4. ….is het veilig

30

In het Universiteitskwartier… 1. ….zijn er goed vindbare verbindingen met de omgeving 2. ….zorgen de entrees/poorten voor een gepast gedrag 3. ….is duidelijk welke openbare ruimte publiek, semipubliek of privé is 4. ….wordt zelfbeheer actief ondersteund

Duurzaamheid en groen In het Universiteitskwartier wordt bewezen dat ook een eeuwenoude stad duurzaam kan zijn. Uitgangspunten voor de uitwerking: In het Universiteitskwartier…. 1. ….wordt ingezet op collectief verduurzamen en energieneutraal maken 2. ….is men circulair 3. ….zijn gebouwen en openbare ruimte klimaatbestendig 4. ….wordt geëxperimenteerd met nieuwe vormen van verduurzaming 5. ….is er veel groen 6. ….dient het groen duidelijke doelen

3.4 Hoofdlijn uit de participatiebijeenkomsten Naarmate de voorstellen concreter werden, scherpten de vragen en standpunten van participanten aan. Hiermee werden ook de overeenkomsten en verschillen van mening duidelijker. De clustervorming van de UvA op het Universiteitskwartier leidt tot het weer in gebruik nemen van gedeeltelijk leegstaande gebouwen en het centraliseren van een aantal UvA-brede functies. Een aantal buurtbewoners maakt zich zorgen over de mate van verdichting, zowel in aantal functies als in bebouwing. Op sommige onderdelen van het SMP zijn de belangen van bewoners, gebruikers en overige stakeholders niet eensluidend en dat betekent dat er spanning op ambities en oplossingsrichtingen staat. Dat is ook gebleken tijdens deze bijeenkomsten. In het verslag van het participatieproces is dit concreet opgenomen. Met het vaststellen van het SMP is het betrekken van de omgeving niet afgerond. Ook na vaststelling van het Strategisch Masterplan zijn gesprekken over de planuitwerking nodig. Het participatietraject over het SMP heeft ervoor gezorgd dat partijen elkaar goed weten te vinden, zoals over de bouw van de UB en de plannen voor tijdelijk beheer en –inrichting in de aankomende periode met veel bouwactiviteiten. Een compleet verslag van het participatieproces is te vinden op de gemeentelijke projectpagina www.amsterdam.nl/universiteitskwartier.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10409018/1