Nota van beantwoording buitenslapen op de openbare weg.pdf
Tekst van het document
Nota van beantwoording Overzicht van de inspraakreacties over het voornemen tot het wijzigen van artikel 2.20 APV bepaling waardoor een einde komt aan het verbod op slapen op of aan de openbare weg en de reactie daarop. Hieronder treft u, zakelijk weergegeven, de inspraakreacties. Zoveel mogelijk is de oorspronkelijke inspraakreactie per inspreker opgeschreven zodat deze zijn/haar inbreng kan teruglezen. De volgende reacties zijn ontvangen: •
• • • • •
• • • • • •
Het huidige beleid lost al de overlast van dak- en thuislozen niet op. Het schrappen van het verbod op slapen op of aan de openbare weg leidt tot toename van structurele overlast in woonbuurten en zal een verdere verslechtering van de openbare ruimte en woonkwaliteit voor bewoners dreigen. Er wordt onvoldoende gehandhaafd op overlast veroorzaakt door dak- en thuislozen (vervuiling, hygiëne, blokkade van doorgangen en gevoel van onveiligheid vooral ’s avonds en ‘s nachts). Er moet beter gehandhaafd worden op concrete hinder. Er moet ook gehandhaafd worden tussen 22.00 -07.00 uur. Verbod op slapen moet blijven bestaan. Of het college moet specifieke gebieden aanwijzen (woonwijken rond het spoor en grachten) waar slapen verboden blijft bij overlast. Het probleem van buitenslapen is nier zozeer het slapen maar het overlastgevend gedrag (toiletteren). Handhaving is gebrekkig. Het algeheel afschaffen van het verbod om buiten te slapen gaat te ver. Naast mensen die aanspreekbaar zijn en vrijwillig vertrekken is er ook een kleine maar hardnekkige groep die structureel overlast veroorzaakt, agressief is en niet ontvankelijk is voor gesprek, zorg of bemiddeling. Juist voor deze groep is het nodig om een instrumentarium te hebben om te kunnen sanctioneren.
Door het afschaffen van het verbod op buitenslapen ontneem je politie en handhaving een noodzakelijke laatste interventiemogelijkheid om orde en veiligheid te waarborgen. Het voorstel is het beleid te houden zoals het was maar expliciet ruimte te laten voor handhavend optreden bij structurele overlast, agressie of herhaald niet- meewerkend gedrag. Ook niet dak- en thuislozen kunnen nu boetevrij buitenslapen. Dat is ongewenst en werkt overlast in parken in de hand. Het verbod moet blijven maar kan minder streng worden toegepast bij dak- en thuislozen: waarschuwen, wegsturen zonder boete of gedogen. Er moet een wettelijk instrument blijven bestaan om overlast tegen te gaan en te voorkomen. Buitenslapers voelt erg bedreigend. Er moet worden gehandhaafd. De stad en buurt verloederen door buitenslapers. Het geeft onhygiënische situaties. Behoefte wordt op straat gedaan en de buitenslapers laten troep achter.
Gemeente Amsterdam
• • • •
• • •
• • • • •
• • •
• • •
•
Datum: 18 mei 2026
Er ontstaan ongewenste tentenkampen. Bewoner heeft met de dak-/of thuislozen te doen. Vaak zijn de dak- en thuislozen psychisch ziek maar slapen op straat hoort niet in een beschaafde stad zo te zijn. Bewoner voelt zich niet veilig als zij langs slapers moet lopen. Buiten slapen geeft veel rommel zoals matrassen en vuiligheid waar het publiek langs moet lopen. Het is al een bende. Nu krijgt de buurt slapers in parken, onder bruggen en in de openbare ruimte. Het verbod om buitenslapen op te heffen lijkt op het eerste gezicht humaan maar negeert de reële problemen die dit in de praktijk veroorzaakt voor bewoners en de leefbaarheid in woonwijken. Overal kan men nu slapen. Dat gebeurt al in de Haarlemmerbuurt. Het zet de deur open met alle gevolgen van dien: vervuiling, overlast en aantasting van waarden die bewoners juist koesteren. Het gaat veel verder dan een plek om te rusten. Het schrappen van het verbod adresseert de oorzaak niet- dakloosheid en gebrek aan opvang- maar maakt het probleem groter door iedereen het recht te geven op openbare plekken te slapen. Inspreker pleit ook voor slapen in auto, camper, boot, tent of een ander onderkomen. Geen restricties. Het verbod moet blijven samen met meer hulpverlening aan de buitenslaper. Op die manier kan iemand ‘s nachts onderdak hebben. Door buitenslapen toe te staan bevorder je het buitenslapen. Dat brengt onveiligheid mee.
Het besluit is niet weloverwogen genomen en incompleet. Het overal buiten kunnen slapen brengt onveiligheid mee dit terwijl juist maatregelen zouden worden genomen om de veiligheid van vrouwen ’s avonds en ’s nachts te verbeteren. Het nodigt ook toeristen uit om in de openbare ruimte te gaan slapen. Beter is om het verbod te handhaven maar de echte dak- en thuislozen niet te beboeten. Inspreker heeft begrip voor de vaak schrijnende en mensonterende situaties waarin daken thuislozen zich bevinden. Het volledig schrappen van het verbod is echter een te ver gaande maatregel met mogelijk onwenselijke gevolgen voor de leefbaarheid van de stad en in het bijzonder voor de toch al zwaar belaste binnenstad. Er kan overal geslapen worden. dit heeft directe gevolgen voor de toegankelijkheid, (gevoel van) veiligheid en leefbaarheid van de woonen werkgebieden. Toeristen zullen ook profiteren van het schrappen van het verbod. Dit vergroot de druk op de openbare ruimte verder, terwijl de druk nu al structureel is. Door het schrappen verdwijnt een handhavingsinstrument. Bewoners die overlast ervaren staan met lege handen. Dit kan leiden tot gevoelens van onmacht en tot onveilige of onhygiënische situaties. Het bestaan van een verbod betekent niet dat er altijd beboet hoeft te worden. In de praktijk is waarschuwen, aanspreken en doorverwijzen vaak de eerste stap.
Dat biedt ruimte voor maatwerk, menselijkheid en hulpverlening, terwijl tegelijkertijd een norm wordt gehandhaafd die misbruik van de openbare ruimte kan voorkomen. Inspreker verzoekt het voorgenomen besluit te heroverwegen en te zoeken naar een genuanceerde oplossing voor het probleem. Thuis en daklozen hebben genoeg problemen, dus afschaffen die boete. Wel registeren en vastleggen waardoor de thuis- en daklozen zover gekomen zijn. Daar ligt de kans om met oplossingen te komen. Er zal een grote en zeer onveilige chaos ontstaan in Amsterdam door het opheffen van het slaapverbod. Op allerlei plekken zullen concentraties ontstaan van daklozen, uitgeprocedeerde asielzoekers, goedkope drugstoeristen, dronken feestgangers, clandestiene sekswerkers en ga zo maar door. Laat het verbod in stand en handhaaf deze streng. Inspreker spreekt grote zorgen uit over de sterke toename van buitenslapers in het centrum van Amsterdam. Er wordt nu al een duidelijke en zorgelijke groei van het aantal mensen dat buiten slaapt, onder overkappingen, afdakjes en galerijen in onder andere de 2
Gemeente Amsterdam
• • • • • • • • •
Datum: 18 mei 2026
Jodenbreestraat en de Sint Antoniesbreestraat geconstateerd en dat midden in de winter. Dit baart grote zorgen met het oog op de komende lente- en zomerperiode. In Het Parool van 24 januari 2026 wordt terecht gewezen op de risico’s en gevolgen van het versoepelen of schrappen van het verbod op buitenslapen uit de APV. Inspreker is het hier volledig mee eens. In de praktijk ziet inspreker nu al dat de druk op de openbare ruimte toeneemt, en de verwachting is dat dit beeld aanzienlijk zal verergeren wanneer handhaving op buitenslapen verder wordt beperkt of geheel wegvalt. Hoewel inspreker meldingen blijft doen bij gemeente, politie en handhaving, de mogelijkheden om op te treden wordt steeds verder ingeperkt. Wanneer buitenslapen niet langer verboden is, vreest inspreker voor een sterke toename van slaapplekken onder alle mogelijke overkappingen, afdakjes en galerijen in de binnenstad, maar ook in de verdere openbare ruimte. Daarnaast constateert inspreker dat sommige buitenslapers agressiever reageren wanneer zij worden aangesproken, en dat er regelmatig vervuiling wordt achtergelaten. Het afschaffen van het verbod leidt tot een zorgelijk toekomstbeeld voor een stad als Amsterdam, die nu al te maken heeft met grote uitdagingen op het gebied van schoon, heel en veilig.
Ook is het risico reëel dat er vanuit andere steden meer buitenslapers naar Amsterdam komen, of dat toeristen vaker op straat en in parken gaan overnachten. Een verdere toename van buitenslapen zal de leefbaarheid, veiligheid en uitstraling van de binnenstad ernstig onder druk zetten, met negatieve gevolgen voor bewoners, ondernemers en bezoekers. Inspreker doet een dringend beroep op u om het verbod op buitenslapen in de APV te behouden en te zorgen voor voldoende handhaving, in combinatie met passende zorg- en opvangvoorzieningen. Alleen zo kan worden voorkomen dat de problematiek verder escaleert en de openbare ruimte onhoudbaar wordt belast
Beantwoording: In de desbetreffende raadsbrief van 5 juni 2026 is aangeven waarom de driehoek heeft besloten om te stoppen met beboeten van dak- en thuislozen. Het schrappen van de strafbaarstelling voor buitenslapen slapen is vervolgens tevens besloten in de driehoek. Het beleid uit 2021 waarin eerst werd gewaarschuwd voor overlastgevend slapen en bij herhaling beboeten, bleek niet goed uitvoerbaar. Regelmatig werden dak- en thuislozen beboet, zelfs wanneer zij geen overlast veroorzaakten. Door het schrappen van de strafbaarstelling voor buitenslapen in de APV bepaling en het Handelingskader van politie en handhaving aan te passen is de kans op een onterecht opgelegde boete nu nihil. Daarnaast is het accent komen te liggen van straffen naar het doorgeleiden van zorg. Met deze verandering in de APV wordt bewerkstelligd dat een buitenslaper, die al in een benarde positie zit, geen boetes krijgt opgelegd waardoor voorkomen kan worden dat zij verder in de schulden komen en het geeft de handhaving en politie duidelijkheid over wat wel en niet mag. In het Handelingskader voor de THOR en politie is afgesproken dat nog steeds de slaper aangesproken kan worden om vrijwillig te vertrekken. Bij zorgen over de slaper belt handhaving de GGD op het 24-uurs nummer. Slaper mag blijven liggen tenzij deze overlast veroorzaakt.
Te denken valt aan openbaar dronkenschap, verstorend gedrag, vervuiling, urineren agressief/gevaarlijk gedrag etc. Alsdan kan worden opgetreden en eventueel worden beboet. Het slapen in bijvoorbeeld boten, tenten, auto’s en campers blijft handhaafbaar. In dat geval zal eerst worden gewaarschuwd en doorverwezen naar opvang en/of zorg, daarna kan er bij herhaling handhavend worden opgetreden. De handhaving/politie zal telkens de afweging maken hoe doelmatig het verbaliseren is.
3
Gemeente Amsterdam
Datum: 18 mei 2026
Het voorstel om terug te gaan naar het beleid uit 2021 maar dan zonder boete, ook niet bij herhaling is niet uitvoerbaar voor de politie omdat het waarschuwen/registeren van de persoonsgegevens in het systeem (muteren) alleen op het politiebureau kan plaatsvinden. Dit vergt te veel capaciteit van de politie. Een APV bepaling maken waarin onderscheid in strafbaarstelling wordt gemaakt tussen toerist of een dak- en/of thuislozen is juridisch niet mogelijk want een APV bepaling mag niet discriminatoir zijn. Amsterdam heeft met de beslissing om niet meer te beboeten en voornemens is de APV te wijzigen, de keuze gemaakt om humaan beleid te voeren ten aanzien van deze kwetsbare groep mensen. Aan de andere kant begrijpt de burgemeester maar al te goed dat het daklozenprobleem in de stad aanwezig is en groeit en dat de opvangplekken beperkt zijn. Ook de zorgen over veiligheid en verloedering van de stad neemt de burgemeester serieus en zal dat blijven bespreken in de driehoek, met de stadsdelen en de zorgpartijen. Dat neemt echter niet weg dat er teruggekomen zou moeten worden op het voornemen om artikel 2.20 APV aan te passen. Het behouden van de strafbaarstelling van slapen op de weg zal immers ook niet leiden tot minder dak- en/of thuislozen in het straatbeeld. Het inzetten op interventie vanuit GGD en Zorg wel.
4