Gewijzigde verslag FKD 14-12-2023
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit
FKD
Raadscommissieverslag, 14 december 2023
GEWIJZIGDE VERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vastgesteld op:
Openbare vergadering van de Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit (FKD) Donderdag 14 december 2023 van 9.00 – 12.30 uur en van 15.00 - 17.00 uur in Raadzaal, stadhuis Donderdag 18 januari 2024
Voorzitter: R.P. Hofland Portefeuillehouders: wethouders H. van Buren, A. Scholtes, T. Meliani, R. van Dantzig Commissiegriffier: M. Diemont Commissieondersteuner: N. Bakkali Verslaglegging: J. Poot (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: F.A. Namane (PvdA), Z.D. Ernsting (GL), M. Lust (D66), E. Schmit (D66), H.C. Burgers (VVD), M.M. Meerburg (PvdD), M.M. Perdok (Lijst Ahmadi/Veldhuyzen), I. Garmy (Volt), E. Bobeldijk (SP), C. van Berkel (JA21), E. Mangal (DENK), L.J.J. Lochtenberg (CDA), J.A.H. Olivieira (Lijst Kabamba) Afwezig: R.B. Havelaar (CDA), J. Badal (CDA), S.N. Hijlkema (VVD) Overige aanwezigen: J. van Pijpen (GL)
1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 9.00 uur en heet de aanwezigen en toehoorders welkom. Hij stelt vast dat er een quorum is. b. Mededelingen Wethouder VAN BUREN deelt mee dat de toegezegde raadsinformatiebrief inzake de ketenverantwoordelijkheid in de haven met betrekking tot de ingediende moties over de ‘bloedkolen’ eind januari of begin februari 2024 zal verschijnen. Ook deelt zij mee dat de begrotingsbespreking 2025 door het college een week wordt vervroegd, zodat de raad meer tijd heeft de stukken te bestuderen. Hiermee beschouwt zij de toezegging op het verzoek van lid Garmy als afgedaan. c. Vaststellen agenda De VOORZITTER legt de vergaderorde uit voor het ochtenddeel en het middagdeel. De VOORZITTER stelt een aantal wijzigingen in de agenda voor: • agendapunt 4, Vaststellen van de Tweede wijzigingsverordening Roerende Ruimtenbelastingen 2022, niet bespreken, maar doorverwijzen naar de raad waar het punt gehamerd kan worden;
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
•
•
•
FKD
Agendapunt 13, Vaststellen van de Wijzigingsverordening geldelijke voorzieningen externe commissieleden in verband met het toevoegen van de Commissie Persoonsgegevens Amsterdam, gevoegd behandelen met agendapunt 17, Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over het jaarverslag 2021-2022 van de Commissie Persoonsgegevens Amsterdam; Agendapunt 15, Kennisnemen van de nieuwe agenda Digitale Stad & Overheid, gevoegd behandelen met agendapunt 16, Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de voorbereiding op nieuwe Europese wetgeving op het gebied van digitalisering en ICT; Op verzoek van lid IJmker agendapunt 14, Bespreken van het initiatiefvoorstel ‘Amsterdam digitaal onafhankelijk’ en de bestuurlijke reactie, doorschuiven naar de volgende commissievergadering.
Aldus wordt de agenda vastgesteld. d. Conceptverslag van de raadscommissie FKD d.d. 23 november 2023 Het verslag wordt zonder wijzigingen vastgesteld. e. Termijnagenda, per portefeuille Lid IJMKER merkt op dat zij de beantwoording van de schriftelijke vragen die GroenLinks stelde aan wethouder Scholte in de commissie in januari aan de orde wil stellen. De beantwoording plus een bijlage van 30 pagina’s is jongstleden dinsdag in de Dagmail verschenen. Wethouder SCHOLTE biedt zijn excuses aan dat de beantwoording zo lang op zich heeft laten wachten. f. TKN-lijst Op verzoek van de leden Garmy (Volt) en Burgers (VVD) wordt TKN-stuk 1, Kennisnemen van de Boardletter 2023 gemeenteaccountant ACAM, geagendeerd voor de vergadering van 18 januari 2023. Op verzoek van de het lid Namane (PvdA)wordt TKN-stuk 9, Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de maatregelen om de personeelstekorten in de gemeentelijke organisatie op te vangen, geagendeerd voor de vergadering van 18 januari 2023. Op verzoek van het lid Van Berkel (JA21) wordt TKN-stuk 11, Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de terug- en vooruitblik op Queer&Pride 2023/2024, geagendeerd voor de vergadering van 18 januari 2023. De motivatie heeft op 13 december in de Dagmail gestaan. g. Ingekomen stukken Stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken. 2. INHOUDELIJK DEEL a. Opening inhoudelijk gedeelte
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
De VOORZITTER opent het inhoudelijk deel om 9.20 uur. Vanaf dat moment zijn de spreektijden van kracht. b. Inspreekmoment Publiek Er heeft zich één inspreker aangemeld. De heer Alphons Martens spreekt namens de Stichting Publieke Omroep Amsterdam (POA), AT5 en SALTO met betrekking tot agendapunt 6, Adviseren om de Publieke Omroep Amsterdam aan te wijzen als de lokale publieke mediainstelling voor de periode 2024-2029. De heer Martens ondersteunt het advies en is dankbaar voor het verkrijgen van de concessie, het vertrouwen en de extra financiële middelen. Hij beschrijft vervolgens de plannen voor de komende jaren, zoals deze staan genoemd in het concessiebedrijfsplan. Ook intern zijn verbeteringen aan de orde ten aanzien van de arbeidsomstandigheden van de medewerkers en er is sprake van een onderbouwd financieel plan. Hij hoopt dat de gemeente in de komende jaren bij haar financiële ondersteuning rekening houdt met een passende indexering, zodat de inflatie het hoofd kan worden geboden en een eerlijke beloning voor de medewerkers kan blijven gehandhaafd. Tenslotte nodigt de heer Martens de raad uit om een uitzending bij te wonen en met eigen ogen te aanschouwen hoe er wordt gewerkt.
Lid LOCHTENBERG vraagt of de heer Martens mogelijkheden ziet om SALTO met het technische platform daaronder samen te voegen met AT5.nl om kosten te besparen en de merkidentiteit van beide merken te versterken. Inspreker Martens ziet daar mogelijkheden toe en dit zal ook ontwikkeld worden. Op het gebied van technische ondersteuning is er al sprake van gedeeld gebruik, ook bijvoorbeeld met de medialabs van OBA. Lid BELKASMI vraagt of de heer Martens een risico ziet voor het verlies van activiteiten in de toekomst als de financiële ondersteuning niet meegroeit met de inflatie en de stijgende kosten. Inspreker Martens beschrijft hoe het budget zo efficiënt mogelijk wordt ingezet, onder andere met langlopende contracten. Het gevaar schuilt hem in werknemers die betaald moeten blijven worden. Als dat niet meer lukt, betekent dit een afschaling van de content, aangezien er minder mensen overblijven. De heer Martens heeft zijn werknemers beloofd dat hij er alles aan zal doen om deze kosten op een andere manier op te vangen en hij noemt een aantal voorbeelden. Samenwerking met andere bedrijven is hierbij belangrijk. Hij hoopt dat dit voor de gemeente net zo’n groot aandachtspunt zal zijn als voor hem. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten. d. Rondvraag Lid NIJSSEN wil weten wanneer de Pride en de Queer worden georganiseerd.
Ook verneemt hij graag hoe de subsidie is geregeld voor beide evenementen, aangezien dit in voorgaande jaren nogal verschillend was. Wethouder MELIANI geeft aan dat er in principe budget voor is, maar dat het college ook verwacht dat de organisaties zelf geld binnenhalen. Op dit moment kan zij nog geen concrete toezeggingen doen.
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
Lid NIJSSEN vraagt de wethouder of de data voor de twee evenementen al bekend zijn. Ook hoort hij graag of de twee organisaties reeds hun aanvragen hebben ingediend. Wethouder MELIANI geeft aan dat de twee organisaties wel verzoeken hebben ingediend, maar zij zal hier later bij de raad op terug komen. Lid IJMKER refereert aan de expertsessie Inkoop van een maand geleden. Haar vraag aan de wethouder is of er geëvalueerd of gemonitord wordt in hoeverre de maatschappelijke doelstellingen behaald worden. Zij wil graag weten wanneer hier iets over bekend is. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat dit nog in ontwikkeling is en het college verantwoordt zich via de Jaarrekening, paragraaf Bedrijfsvoering. Vanaf 2022 is het thema ‘sociaal inkopen’ daaraan toegevoegd. Tevens is er begonnen met het herleidbaar en controleerbaar maken van de indicatoren met betrekking tot duurzaamheid, volgens Europese regelgeving die voor bedrijven geldt. Lid BOBELDIJK vraagt of het inclusie- en antidiscriminatiebeleid kan worden vertaald in het inkoopbeleid. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat dit mogelijk is. Dit vindt vooral plaats bij aanbestedingen waar veel personeel wordt ingezet. Er is een sociaal gunningscriterium opgenomen om ervoor te zorgen dat kandidaten met een afstand tot de arbeidsmarkt ook worden ingezet. Bovendien wordt deze ondernemingen gevraagd om een charter Diversiteit te ondertekenen.
Het is juridisch lastig om bij aanbestedingen zonder die personele component bijdrage aan inclusie en diversiteit te bewerkstelligen. In samenwerking met de Universiteit van Utrecht wordt een onderzoek verricht naar sociaal en inclusief aanbesteden in het licht van het Europese aanbestedingsrecht. Lid MOESKOPS refereert aan de sluiting van Theater De La Mar-West. Zij vraagt of er een culturele bestemming voor het pand bestaat. Wethouder MELIANI geeft aan dat dit niet het geval is. Het theater gaat sluiten omdat de organisatie het niet rendabel krijgt. De wethouder blijft met de organisatie in gesprek. In vervolg hierop gaat zij in gesprek met de huidige eigenaar, de woningcorporatie. Zij zegt toe de raad van de ontwikkelingen op de hoogte te houden. Lid BADAL komt terug op de belofte van de wethouder om documenten over het Slavernijmuseum naar de raad te sturen en geeft aan dat hij via de e-mail hierop een antwoord heeft gekregen van de wethouder. BESPREEKPUNTEN Financiën 3. De Najaarsnota 2023 (VN2023-025211) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en geeft aan dat dit punt is geagendeerd bij alle commissies. Dit onderwerp wordt besproken bij de raadsvergadering van 20 en 21 december 2023. Lid BURGERS geeft aan dat het in de Najaarsnota gaat over dienstverlening van de gemeente.
Hij verzoekt de wethouder de paspoortpiek op te vangen door meer mogelijke momenten te realiseren om een paspoort aan te vragen. Ter voorbereiding hierop komt de VVD
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
in het voorjaar 2024 met een motie waarin wordt verzocht de openingstijden van de stadsloketten te verruimen. Tevens verzoekt lid Burgers de wethouder sneller te reageren op zijn vragen inzake de Najaarsnota. Op de antwoorden die hij op 13 december aan het einde van de middag ontving, reageert lid Burgers in deze spreekbeurt. • Inzake de AEB zijn de lasten met 2 miljoen euro gedaald in verband met de lagere verkoopkosten. De wethouder heeft aangegeven dat dit terugvoert op het voorlopige rekenresultaat. De VVD heeft hiervoor een voorstel. • Lid Burgers las in de Najaarsnota dat er hogere lasten zijn vanwege de vereenvoudiging van het subsidielandschap. Dit valt volgens hem niet te rijmen met het nieuwe subsidiekader, waardoor er een eenvoudigere en efficiëntere subsidieverlening moet komen. De VVD vindt het zorgelijk dat hier nu extra geld voor nodig is en hij vraagt de wethouder hierop te reageren. • Ook heeft lid Burgers geconstateerd dat de gemeente geen inzicht heeft in de externe inzet. Op zijn vraag hierover heeft hij geen antwoord gekregen. Hij stelt voor om hiervoor een project te starten om het gewenste inzicht te krijgen. • In de Najaarsnota wordt aangegeven dat de totale investeringsportfolio 835 miljoen euro bedraagt. Er is daarbij sprake van meer dan 20 procent overprogrammering. Lid Burgers vraagt of dit eveneens het geval is bij de andere G4-gemeenten.
Wethouder VAN BUREN erkent dat er een paspoortpiek ontstaat en zij geeft aan dat hier extra personele inzet voor wordt geregeld. Op de motie van de VVD zal zij reageren als zij deze heeft ontvangen. Voorts geeft zij aan dat de vereenvoudiging van het subsidiestelsel uiteindelijk een bezuiniging op zal leveren. De overprogrammering van 20 procent is geen afwijkende situatie. Dit is in een eerdere technische sessie uitgelegd. De wethouder kent niet de cijfers van de G4, maar overprogrammering is bij gemeenten gebruikelijk. Lid BURGERS wil weten of het in zijn ogen hoge percentage ook geldt in de overige gemeenten uit de G4. Wethouder VAN BUREN zegt toe hierop terug te komen. Inzake de externe inzet zegt de wethouder toe hier spoedig op terug te komen in een raadsinformatiebrief. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voor nu voldoende is besproken en voor behandeling door gaat naar de raad. Op verzoek van lid Burgers wordt dit kort besproken in de raad. 4. Vaststellen van de Tweede wijzigingsverordening Roerende Ruimtenbelastingen 2022 (VN2023-021247) Dit punt wordt doorgeschoven naar de raad, alwaar het wordt gehamerd. 5.
Vaststellen van de Zeventiendenwijzigingsverordening op de Verordening onroerendezaakbelastingen 2007 (VN2023-021472) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat deze voordracht staat geagendeerd voor de raadsvergadering van 20 en 21 december 2023.
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
Lid BOBELDIJK geeft aan dat de SP dit punt als een technische transitie ziet in het kader van indexatie en komt uiteindelijk met schriftelijke vragen om de systematiek te kunnen begrijpen met betrekking tot de OZB en de erfpacht. Lid BURGERS citeert uit de raadsvoordracht inzake OZB-tarieven. Volgens de VVD is er sprake van een politieke keuze die nadelig uitvalt voor de bewoners. Hij vraagt de wethouder hierop te reageren. Lid ERNSTING refereert aan een motie van zijn partij die aansluit op de vraag van lid Bobeldijk. In de termijnagenda staat dat de behandeling van de motie staat gepland voor de bestuursmap van 7 december. Wellicht kan de wethouder reageren. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat de motie van GroenLinks nog even wordt aangehouden in afwachting van de kabinetsformatie. Dan wordt ook duidelijk hoe het staat met de ontwikkeling van het Gemeentefonds. De wethouder geeft aan in antwoord op de vraag van lid Burgers dat de tarieven stijgen, met 5,2 procent. De waardeontwikkeling van de woningen en niet-woningen heeft geen effect op de OZB-aanslag. De gemiddelde OZB-aanslag voor eigenaren van koopwoningen stijgt evenredig met de indexatie. In vergelijking met de G4 is de OZB minder. Lid BURGERS geeft aan dat de vergelijking ten dele opgaat, aangezien de andere gemeenten geen erfpacht heffen.
De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voor nu voldoende is besproken en voor behandeling door gaat naar de raad, alwaar deze voordracht gehamerd wordt. Lokale media (Inclusief Buurtmedia) 6. Adviseren om de Publieke Omroep Amsterdam aan te wijzen als lokale publieke media-instelling voor de periode 2024-2029 (VN2023-023949) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat deze voordracht staat geagendeerd voor de raadsvergadering van 20 en 21 december 2023. Lid BELKASMI vraagt of de wethouder meerwaarde ziet in het evalueren van het proces. Ook wil hij een toelichting van de wethouder op het gelijkblijvend budget van 5,4 miljoen per jaar, dat uiteindelijk zal leiden tot het afbouwen van bepaalde activiteiten in verband met stijgende kosten. Lid LOCHTENBERG deelt mee dat hij graag gebruik maakt van de uitnodiging van de inspreker. Wethouder SCHOLTES refereert aan het voorafgaande proces. Een eerste termijn bleek te krap om tot een zorgvuldig advies te komen voor de raad. De deadline voor het advies, 29 december 2023, valt nog binnen de termijn waarbinnen de concessie afloopt. De aanbevelingen van de eerdere evaluatie zijn grotendeels opgevolgd en vastgelegd in de nota van mei jongstleden en de wethouder ziet verder geen aanleiding voor een nieuwe evaluatie. Verder geeft de wethouder aan dat het genoemde bedrag is wat het college heeft vastgesteld.
Ieder jaar wordt bekeken of er compensatie bijkomt en hoeveel dat moet zijn. Hierbij is ook belangrijk wat er vanuit het Rijk komt in het Gemeentefonds. De wethouder zal met POA in gesprek gaan over de gevolgen. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voor nu voldoende is besproken en voor behandeling door gaat naar de raad, alwaar deze voordracht gehamerd wordt.
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 7. Vaststellen van het beleidskader Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 2023-2026 (VN2023-025221) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat het punt is geagendeerd voor de raadsvergadering van 20 en 21 december 2023. Lid GARMY beschrijft aan de hand van een aantal voorbeelden dat de veiligheid in Amsterdam onder druk staat. Discriminatie kan ook ontstaan door tekortkomingen in de openbare ruimte, zoals de gebrekkige toegankelijkheid voor mensen met een beperking van gebouwen, straten en ov-haltes. Vervolgens richt lid Garmy zich in zijn betoog op het nieuwe beleidskader Inclusie en Discriminatie, waarbij het initiatiefvoorstel ‘Bekend maakt Bemind’ van DENK en Volt is betrokken. Lid Garmy benadrukt het belang van meldingen, zoals dit ook in het kader wordt aangegeven. Niet alleen de slachtoffers moeten hierin verantwoordelijkheid nemen, maar ook getuigen van incidenten moeten zich uitspreken. De rolmodellen die het kader benoemt is een belangrijk onderdeel van de signaalfuncties via welke discriminatie en racisme worden aangegeven. Volt is kritisch ten aanzien van de rol van het MDRA. Hier vindt te weinig actie plaats om het percentage meldingen te verhogen. Hij vraagt de wethouder om aan te geven hoe dit kan verbeteren en of dit kan worden toegevoegd aan het beleidskader.
Tot slot kondigt lid Garmy een motie aan om de samenwerking tussen organisaties te bevorderen. Dit is volgens Volt noodzakelijk omdat de gemeente deze problematiek niet alleen kan aanpakken. Lid Garmy stelt voor om op 21 maart een netwerkbijeenkomst te organiseren waarbij alle instanties in de stad die zich inzetten voor inclusie en antidiscriminatie samenkomen. Lid Garmy heeft de volgende vragen: • Kunnen de acties die worden gepland door de gemeente om antisemitisme te bestrijden worden toegevoegd aan het beleidskader? • Wie is waar precies verantwoordelijk voor in deze context in de verhouding tussen de wethouder en de burgemeester? • Wanneer krijgt de raad inzicht in de acties die na 2024 gaan plaatsvinden? • Kan de wethouder toelichten wat er precies wordt bedoeld met grens overstijgende samenwerking in internationaal opzicht? Lid VAN DER VEEN mist in het beleidskader de aandacht voor de mensen met een beperking. GroenLinks overweegt te komen met een motie om het college te stimuleren om vanaf volgend jaar in te zetten op deze doelgroep, waarbij de sociale vraag centraal staat. Hij stelt voor dat de raadsleden en het college ter voorbereiding hierop gesprekken gaan voeren met mensen met een handicap.
Lid Van der Veen heeft de volgende vragen en opmerkingen: • Hoe kan er worden bewerkstelligd dat mensen zich veilig genoeg voelen om bij de politie aangifte te doen? • In het beleidskader mist GroenLinks het onderwerp ‘Gendergelijkheid buiten de werkvloer’. • GroenLinks heeft een motie ingediend waarin wordt gevraagd om een integrale benadering vanuit alle beleidsterreinen. • Kan er worden overnacht in het Regenbooghuis? • Is er behoefte in de raad om het door iedereen ondertekende Regenboogakkoord na te lezen om te zien wat er is doorgesijpeld in het beleid? Lid BADAL is benieuwd hoe het beleidskader in de praktijk zal uitpakken. Zijn voorstel is om asielzoekers en immigranten, vooral de potentiële vergunninghouders, zo vroeg mogelijk in het proces van inburgering mee te nemen en deel te laten nemen aan werk
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
en onderwijs. Deze deelneming aan de samenleving kunnen uitsluitingsmechanismen belemmeren, doordat men weerbaarder is voor de uitsluitingen. Lid BOBELDIJK heeft er vertrouwen in dat de genoemde acties zullen worden uitgevoerd. Voor de SP is het ook belangrijk om aandacht te schenken aan de toegankelijkheid van objecten in de openbare ruimte voor iedereen. Lid LUST stelt een aantal vragen. • Hoe wordt er concreet rekening gehouden met de complexiteit dat een slachtoffer ook dader kan zijn en vice versa bij activiteiten en interventies die het onderlinge inlevings- en empathisch vermogen moeten bevorderen? • Kan de raad de factsheets ontvangen waarin op acht domeinen Amsterdamse discriminatiecijfers worden weergegeven en die door ambtenaren gebruikt worden bij ontwikkeling van beleid? • Hoe kan het MDRA, anders dan ze nu al doen, meldingen van discriminatie effectiever opvolgen richting een strafrechtelijke of civiele procedure? • Kan de wethouder schriftelijk op een rij zetten welke punten uit het Regenboogstembusakkoord 2022 wat haar betreft afdoende terugkomen of nog gaan terug komen in het beleidskader? Lid AHMADI geeft in haar betoog een beschrijving waar de mechanismen van racisme en discriminatie uit voortkomen. Zij geeft aan dat voor bepaalde groepen in landen met oorlog nog steeds een vorm van dehumanisering plaatsvindt.
Dit heeft ook zijn weerslag voor sommige groeperingen in Amsterdam en zij vraagt de wethouder hiermee rekening te houden bij haar beleid. Lid VAN BERKEL refereert aan de focus waarop het beleidskader zich richt, zoals beschreven op pagina 4. Het onderscheid dat hier wordt gemaakt past volgens JA21 precies in de definitie van discriminatie. Vervolgens citeert lid Van Berkel uit het KIS-rapport inzake de term ‘institutioneel racisme’ en concludeert dat er sprake is van positieve discriminatie, waarbij groepen waarop de focus ligt bevoordeeld worden. Lid Van Berkel betoogt dat het geoorloofd is om dit toe te passen, maar dat hiermee het beleid niet inclusiever wordt. Volgens JA21 heeft de kwalificatie van de focusgroepen in het inclusie- en antidiscriminatiebeleid polarisatie tot gevolg. Lid VAN DER VEEN vraagt aan lid Van Berkel in wat voor soort stad hij zou willen wonen wanneer hij zelf gediscrimineerd of gepest zou worden. Lid VAN BERKEL geeft aan dat hij in een diverse stad leeft waar het er tamelijk vreedzaam aan toe gaat, vergeleken met andere plekken op de wereld. Daarom stelt hij de vraag waar dit inclusie- en discriminatiebeleid toe dient. Hij benadrukt dat de polarisatie uit dit beleid volgt, omdat daarin de verschillende groepen worden gespecificeerd.
Lid VAN DER VEEN vraagt lid Van Berkel wat het bestuur zou kunnen doen om een stad te realiseren waarin lid van Berkel zou willen wonen. Lid VAN BERKEL geeft aan dat het wat hem betreft niet nodig is om een beleid uit te rollen dat niet is gebaseerd op een zekere effectiviteit en meetbaarheid. Lid VAN DER VEEN verwijst naar de vele onderzoeken die er zijn gedaan op basis waarvan de ambities zijn geformuleerd. Daarnaast is het belangrijk om met elkaar in gesprek te blijven gaan om ervoor te zorgen dat iedereen zich veilig voelt. Lid VAN BERKEL meent dat de aantrekkingskracht van Amsterdam juist is dat iedereen zich welkom voelt en hier graag woont. Daar is wat JA21 betreft geen beleid voor nodig.
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
Lid GARMY vindt het de taak van het college om de mensen die worden gediscrimineerd, zoals nu het geval is bij joodse mensen die slachtoffer worden van snelgroeiend antisemitisme, in de stad te beschermen. Hij vraagt lid Van Berkel hierop te reageren. Lid VAN BERKEL meent dat hier een doelgerichte aanpak van het snel groeiende antisemitisme meer effect zou sorteren. Hij vindt dit niet te vergelijken met al de groepen waar nu de focus op ligt volgens het beleidskader en waar nauwelijks onderzoek naar is gedaan. Lid GARMY blijft erbij dat het beleidskader inzichtelijk maakt welke mensen in de stad kwetsbaarder zijn dan anderen. Hij begrijpt niet dat JA21 daar een probleem van maakt. Lid VAN BERKEL blijft bij het standpunt dat dit beleidskader racisme en discriminatie niet gaat oplossen. Lid OLIVIEIRA vraagt welk probleem JA21 ziet in het benoemen van de verschillende groepen. Lid VAN BERKEL benadrukt dat het geen probleem is, maar dat het onderscheid maken tussen groepen de kern is van discriminatie. Dat is het effect van dit beleid. Lid OLIVIEIRA vraagt wat lid Van Berkel discriminerend vindt aan het benoemen van die groepen. Lid VAN BERKEL geeft aan dat hier wordt gesuggereerd dat de ene groep anders wordt behandeld dan de andere. Dit beleid is niet inclusief voor alle Amsterdammers. Lid OLIVIEIRA verklaart dat hij het standpunt van lid Van Berkel vreemd vindt.
Lid VAN BERKEL vervolgt zijn betoog. Lid BOUHASSANI vraagt wat volgens JA21 de oplossing is voor mensen die in het dagelijks leven te maken hebben met discriminatie vanwege hun huidskleur, geloof of geaardheid. Lid VAN BERKEL geeft aan dat JA21 gelooft in de verantwoordelijkheid van mensen en dat het strafrecht een oplossing kan bieden, aangezien discriminatie verboden is. Lid BOUHASSANI erkent dat discriminatie verboden is, maar zij geeft aan dat het toch gebeurt. Zij vraagt nogmaals welke oplossing JA21 hiervoor heeft. Lid VAN BERKEL blijft bij het standpunt dat op deze wijze onderscheid maken tussen de genoemde groepen in het inclusiebeleid dit zou kunnen veranderen. Lid BOUHASSANI concludeert dat JA21 kritiek heeft op het beleidskader, maar zelf niet met een concrete oplossing komt. Lid VAN BERKEL geeft aan dat er al jaren wordt gestreden tegen discriminatie, zonder dit beleid. Dat is verankerd in de Grondwet. Maar het feit dat er zoveel verschillende nationaliteiten wonen in Amsterdam is voor lid Van Berkel een teken dat het een prettige plek is voor iedereen om te wonen. Lid LUST vindt in tegenstelling tot JA21 dat er wel problemen zijn in de stad op het gebied van racisme en discriminatie. Bij de voorgestelde interventies en activiteiten in het beleidskader wordt nadrukkelijk onderzocht welk effect zij hebben gehad.
Ook wordt er gevraagd hoe er kan worden gemeten of het beleid een positieve uitwerking heeft in de stad. Zij vraagt of
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
JA21 ook vindt dat dit soort inzichten cruciaal zijn om het succes van het beleidskader te kunnen bepalen. Lid VAN BERKEL verwijst naar de eerdere bijdrage van lid Lust, waarin zij ook sprak over de complexiteit van de slachtoffer-dader-rol. Het lijkt hem moeilijk om hier een aanpak op te bedenken. Lid LUST geeft aan dat dat haar vraag inhield, omdat je eigenlijk verwacht dat een bepaalde sensitiviteit al bestaat als je bedenkt dat de meeste Amsterdammers een of meerdere discriminatiegronden hebben als onderdeel van hun identiteit. Wat heel veel zegt over het feit dat dit een probleem is dat, naast dat het in de haarvaten van Amsterdam zit als diverse stad, dat het ook in de haarvaten zit dat we nog onderscheid maken. En dat juist de groepen die daar het meeste last van hebben een extra duwtje nodig hebben. Lid Lust vindt het moeilijk te begrijpen dat JA21 dat niet wil erkennen. Lid VAN BERKEL antwoordt met ‘waarvan akte’. Voorts concludeert hij dat de enige mogelijkheid lijkt om discriminatie te bestrijden is het toepassen van meer discriminatie. Hij geeft aan dat het college een beleid met positieve discriminatie kan ontwikkelen, maar zij kan dan niet stellen dat er geen onderscheid wordt gemaakt en het voor iedereen inclusiever wordt.
Lid MANGAL is erover verheugd dat het initiatiefvoorstel van Volt en DENK zijn opgenomen in het beleidskader, aangezien het voor DENK belangrijk is om in deze tijden van verhoogde spanning elkaar te blijven opzoeken. De fractie ondersteunt de onderzoeken naar de gediscrimineerde groepen, maar waarschuwt voor het risico van ‘eilandvorming’, waarbij hij op onjuiste gronden wordt gediscrimineerd. Om het algemener te maken stelt lid Mangal voor om de gedeelde kenmerken van raciale discriminatie nader te onderzoeken. Hij maakt de vergelijking met een boom, waarbij racisme de stam is en discriminatie van de verschillende groeperingen de takken zijn. Ook vraagt lid Mangal aandacht voor de positie van de statushouders. Dit betreft een kwetsbare groep die de weg naar de overheid niet goed weet te vinden. Lid Mangal acht het noodzakelijk te onderzoeken hoe deze groep mensen in gesprek kan komen met de gemeente. Lid VAN DER VEEN vraagt of DENK de LHBTIQ+-gemeenschap nu kan laten weten dat zij afstand neemt van de posters die DENK landelijk heeft gebruikt in een campagne. Lid MANGAL meent dat het niet aan hem is om dit te verklaren, maar dat het in de optiek van DENK niet gaat om de LHBTIQ+-gemeenschap, maar om de druk die er wordt uitgeoefend op de mensen die worden gedwongen dit te erkennen.
Lid VAN DER VEEN illustreert met een voorbeeld waarom het voor GroenLinks belangrijk is dat DENK Amsterdam afstand neemt van de gewraakte poster. Lid MANGAL blijft bij zijn standpunt, maar heeft wel gezien dat er veel bedrijven een slaatje slaan uit dit campagne-onderdeel en bijvoorbeeld tasjes met het regenboogsymbool uitgeven. Lid LUST laat zich eveneens kritisch uit over de campagneposter en geeft aan dat deze poster mensen kwetst en niet inclusief is. Zij vraagt lid Mangal om een reactie hierop. Lid MANGAL betreurt het dat de poster lid Lust en anderen heeft gekwetst. Lid LUST vindt de boodschap van de poster haaks staan op het initiatiefvoorstel ‘Bekend maakt Bemind’ van onder andere DENK. Daarom vindt zij het jammer dat DENK Amsterdam met naam en toenaam onder de poster wordt vermeld.
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
Lid MANGAL staat achter het voorstel ‘Bekend maakt Bemind’, maar dit kun je niet forceren. De achterban van DENK is bezig met onderzoeken hoe dit kan worden vormgegeven. Lid LUST is van mening dat het toepassen van logo’s die verwijzen naar de LHBTIQ+gemeenschap geen kwestie is van forceren, maar een uiting is van inclusiviteit. Zij gaat ervanuit dat DENK het hiermee eens is. Lid MANGAL geeft aan dat enkelen uit de achterban van DENK het als geforceerd ervaren en het blijkt lastig om deze leden van een andere zienswijze te overtuigen. Lid BOBELDIJK doet een handreiking naar de achterban van DENK en oppert dat het geven van vrijheden moet gelden voor iedereen. Hij is van mening dat deze inclusiviteit moet worden nagestreefd in het beleid en bij het benaderen van de achterban. Lid MANGAL verklaart hierop dat DENK Amsterdam staat voor de vrijheid van iedereen. Lid BOUHASSANI beschrijft de noodzaak van het nieuwe beleidskader nu het antisemitisme en islamofobie in de samenleving weer oprukken. Vervolgens geeft lid Bouhassani enkele voorbeelden van vormen van discriminatie. Zij is van mening dat ieder mens verlangt naar de vrijheid om te kunnen zijn wie hij/zij is en daarom vindt de PvdA het belangrijk dat er verbinding tot stand komt.
Lid Bouhassani heeft een aantal vragen: • Welke concrete stappen worden er gezet om de bekendheid van het MDRA te verhogen? • Hoe kan het MDRA een rol spelen bij het betrekken van jongeren bij hun zaak, bijvoorbeeld via het Jongerenwerk? • Kan de wethouder reageren op de suggestie dat het MDRA meer de wijken in moet om te spreken met bewoners? Welke mogelijkheden ziet de wethouder hiervoor? Lid MANGAL vervolgt zijn betoog. Het is hem niet duidelijk welke meerwaarde het luisterend oor van het MDRA voor het slachtoffer heeft. Lid Mangal heeft een kritische houding inzake de werkwijze van het MDRA. Hij zou willen dat het MDRA een stap verder gaat dan Bureau Slachtofferhulp. Hij vraagt de wethouder hierop te reflecteren. Voorts concludeert lid Mangal dat er geen onderzoek is gedaan naar Aziatisch racisme en discriminatie, aangezien deze opdracht naar verluid is teruggegeven door de Aziatische gemeenschap. Hij vraagt de wethouder dit toe te lichten. Tenslotte vraagt lid Mangal zich af hoe het college de norm kan stellen als zij niet in staat is de eigen organisatie voldoende te hervormen op dit dossier. Lid NIJSSEN deelt mee dat de VVD positief is over het nieuwe beleidskader, maar hij mist de groep jongeren met een biculturele achtergrond en een mbo-opleiding bij het onderwerp Arbeidsmarktdiscriminatie.
Deze worden volgens een onderzoek vaker gediscrimineerd bij het vinden van een baan of stage dan gemiddeld. Hij vraagt de wethouder dit te benoemen in het beleidskader. De VOORZITTER schorst de vergadering om 10.40 uur. De VOORZITTER heropent de vergadering om 10.55 uur. Wethouder MELIANI legt uit waarom het college middelen heeft gereserveerd voor deze problematiek. De aanpak gaat langs twee lijnen, antidiscriminatie en emancipatie, in nauwe samenwerking met de burgemeester die de repressieve kant voor haar rekening neemt en de wethouder de preventieve kant. De wethouder erkent het belang van het kunnen melden en het faciliteren van allerlei organisaties in de stad. In algemene zin gaat de wethouder in op een aantal punten in het beleidskader.
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
Het MDRA is een wettelijke taak die de gemeente uit moet voeren. Zij is echter momenteel niet in staat met de middelen die beschikbaar zijn om al haar taken goed uit te voeren, dus het is belangrijk dat de organisatie wordt versterkt. De wethouder heeft de MDRA gevraagd een plan in te dienen om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk mensen de MDRA weten te vinden en de samenwerking met het om en de politie versterkt wordt. Zodra het plan klaar is, zal de wethouder hier met de commissie over in gesprek gaan. De wethouder vindt het belangrijk om moslimdiscriminatie tegen te gaan en zij doet dit in samenwerking met de gemeenschappen in de stad. Hier komt een plan van aanpak voor. Zij verzoekt de raad aan te geven wat er voor nodig is. De motie van het lid Bentoumya, inzake de vergoeding van de kosten van het aanpassen van de genderregistratie in het BRP, is voor de wethouder aanleiding om in het huidige politieke landschap de trans- en non-binaire gemeenschap te blijven ondersteunen. Vervolgens somt de wethouder de groepen op waarvoor zij zich gaat inzetten met betrekking tot discriminatie. Voor geen van de groepen is specifiek een aanpak ontwikkeld, maar er zijn veel acties. De wethouder zegt toe de commissie een overzicht te sturen van alle activiteiten die al worden uitgevoerd en die nog uitgevoerd gaan worden.
Nog niet alles wordt ingevuld om ook te kunnen anticiperen op actuele zaken in de samenleving. De wethouder zegt tevens toe de commissie een overzicht te sturen met alle aanbevelingen uit het Regenboogstembusakkoord die zijn overgenomen. In reactie op de opmerking van lid Van Berkel, dat de wet aan de zijde staat van de slachtoffers, geeft de wethouder aan dat het college alsnog de verantwoordelijkheid heeft om de groepen die gediscrimineerd worden en hier ernstig onder lijden te beschermen. De wethouder vindt het niet juist te stellen dat iedereen voor zichzelf moet opkomen. De wethouder verklaart dat het college zich baseert op wetenschappelijk onderzoek en hierbij kwam uit dat het om drie zaken gaat bij het bestrijden van discriminatie; inlevingsvermogen, confrontatie met eigen vooroordelen en het stellen van een sociale norm. Op basis hiervan zijn in het nieuwe beleidskader de doelen en acties ontwikkeld om discriminatie te bestrijden. Straffen is hierbij belangrijk van de repressieve kant en preventie. De politie en het om hebben een cruciale taak bij het opvolging geven aan de meldingen. In de maatschappelijke ontwikkelingen kun je meten of het werkt. Bij het opstellen van het beleidskader heeft het college zich laten adviseren door onderzoek en statistiek op het gebied van de meetbaarheid en de monitoring.
Uiteindelijk zal er een tweejarige discriminatiemonitor worden ingezet en de uitkomsten hiervan zullen worden gepubliceerd in de commissie. In het beleidskader is ervoor gekozen om het gendergelijkheidsprincipe te onderzoeken in werk, want een gelijkwaardige arbeidspositie is een startpunt voor meer gelijkwaardigheid in brede zin. De signalen op andere terreinen zal de wethouder bij haar collega-bestuurders agenderen. Er wordt in het beleidskader gekeken met een intersectionele blik, want het kader geldt voor alle Amsterdammers, maar waar nodig zal er het college kiezen voor extra inzet op groepen die bijzondere aandacht behoeven. Zij benadrukt dat het vooral gaat om individuen. De wethouder erkent dat de doelgroep jongeren met een biculturele achtergrond en een mbo-opleiding ontbreekt bij het onderwerp Arbeidsdiscriminatie, maar zij geeft aan dat dit plek heeft in de portefeuille van haar collega. De wethouder geeft aan dat MDRA het meldpunt is voor iedereen en ook voor jonge mensen. In het plan staat beschreven dat het Meldpunt meer zichtbaar wil worden in de stad en ook gaat samenwerken met andere organisaties, zoals het Jongerenwerk. De wethouder stelt dat hoe meer meldingen er worden gedaan hoe gerichter er acties aan gekoppeld kunnen worden. Op dit moment heeft het MDRA te weinig medewerkers om op een goede wijze opvolging te geven aan een melding.
Slachtoffers moeten het vertrouwen krijgen dat de melding zin heeft en dat er een actie op volgt. De wethouder benadrukt nogmaals dat het beleidskader stoelt op wetenschappelijk onderzoek van KIS en Movisie. Wat haar betreft gaat de vergelijking van lid Mangal met betrekking tot racisme met een boom mank. Zij geeft vervolgens aan dat statushouders niet een specifieke doelgroep vormt, maar er is wel oog voor, aangezien er intersectioneel wordt gewerkt.
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
Er is een aantal overeenkomsten tussen Slachtofferhulp en het MDRA, maar MDRA is gespecialiseerd in discriminatiezaken en Slachtofferhulp is een bredere algemene hulpverlenersorganisatie. De wethouder ontkent dat het onderzoek naar Aziatisch racisme is teruggegeven. Het is vertraagd, aangezien er nog eisen worden gesteld aan het onderzoek. De wethouder houdt de commissie hiervan op de hoogte. Tenslotte vraagt zij zich af wat lid Mangal bedoelt met zijn verwijtende opmerking over de eigen organisatie. De gemeente is een onderdeel van de samenleving, dus ook daar is nog veel te doen. De wethouder erkent de complexiteit die lid Lust heeft genoemd voor wat betreft slachtoffer-daderrol. Daarom vindt de wethouder het belangrijk dat er verbinding ontstaat tussen mensen en gaat het college inzetten op het bevorderen van inleving en empathie. De wethouder zegt toe dat de gevraagde factsheets zullen worden gedeeld met de raad en dat zal waarschijnlijk voor het zomerreces gebeuren. De taakverdeling tussen de burgemeester en de wethouder is niet strikt gescheiden, maar in principe ligt het preventieve deel bij de wethouder en het repressieve deel bij de burgemeester. De doelstellingen zoals deze zijn geformuleerd in het nieuwe beleidskader zouden ook kunnen gelden voor mensen die gevlucht zijn met een oorlogsverleden.
De wethouder verklaart zich bereid te gaan praten met een dergelijke groep mensen. De wethouder erkent dat de relatie tussen het MDRA en het Transhuis weer verbeterd moet worden. In reactie op de vraag van lid Van der Veen geeft de wethouder aan dat het belangrijk is om ruimtes inclusief in te richten. Dit zou moeten beginnen bij het idee voor de inrichting van een ruimte. De wethouder voert gesprekken hierover met verschillende ondernemers en zij zal bij de overleggen inzake validisme dit aan de orde stellen. Lid GARMY ontvangt nog graag een reactie van de wethouder op zijn voorstel om op 21 maart, de internationale dag tegen racisme, een netwerkbijeenkomst te organiseren. Wethouder MELIANI vindt dit een goed idee. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voor nu voldoende is besproken en voor behandeling door gaat naar de raad, alwaar deze voordracht middellang behandeld wordt. Kunst en Cultuur 8. Vaststellen van het strategisch huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027 (VN2023-024029) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat het punt is geagendeerd voor de raad van 20 en 21 december. Het college heeft vier strategische huisvestingsplannen aangeleverd. Deze worden in de raadscommissie apart behandeld, maar in de raad gevoegd behandeld. Lid BOBELDIJK geeft aan dat de wat kleinere organisaties bij hun huisvesting tegen specifieke problemen aanlopen.
Zo is het Pianolamuseum ondergebracht in een pand dat deels bestemd is voor woning. Hij verzoekt het college mee te denken over de wijze van ondersteuning van deze kleinere organisaties. Lid HIJLKEMA vindt het opvallend dat broedplaatsen buiten de referentienorm voor vierkante meters worden geplaatst. Deze norm is bepalend voor de plaatsing in de stad. Hij vraagt de wethouder dit toe te lichten. Verder vraagt hij zich af of urgentie de juiste keuze is voor het toedelen van permanente locatie in de stad.
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
Tenslotte viel het lid Hijlkema op dat bij de detaillering per stadsdeel Noord, Nieuw-West en Zuid hebben hiervoor in het stuk een hele pagina en de overige stadsdelen slechts één regel. Centrum wordt helemaal niet genoemd. Hij vraagt de wethouder of dit representatief is voor de aandacht die de stadsdelen krijgen. Lid MINDERHOUD was in de veronderstelling dat het doel van de bespreking van deze voordracht een ander karakter heeft dan nu het geval blijkt. Er is in deze vergadering geen gelegenheid om de ambities aan te scherpen. De VVD heeft samen met enkele ander fracties een initiatiefvoorstel ingediend om voldoende vierkante meters te waarborgen voor onder andere de kunst- en cultuuractiviteiten. Lid Minderhoud hoopt dit voorstel in februari in de commissie te kunnen bespreken. Wethouder MELIANI benadrukt het belang van dit huisvestingsplan. Zij heeft het initiatiefvoorstel van onder andere de VVD onder ogen gehad en er moet worden bekeken hoe dit kan landen in het SHP. Voor het Pianola Museum heeft de wethouder momenteel geen oplossing, aangezien het niet mogelijk is om een woning aan het bestand te onttrekken. In het SHP zal er aan de kleinere instellingen die het moeilijk hebben ook aandacht worden gegeven. De wethouder staat open voor signalen van instellingen met problemen. De wethouder licht vervolgens toe wat er wordt verstaan onder urgent.
Lid HIJLKEMA verduidelijkt zijn vraag en verwijst naar de keuzeboom in het document. Er moet worden gekozen waarin de gemeente gaat investeren en dan komt het lid Hijlkema voor alsof instellingen met een urgentie het belangrijkste zijn. Dit lijkt in tegenspraak met het voornemen van de gemeente om te gaan investeren in permanente, fysieke locaties. Wethouder MELIANI geeft aan dat het schema waar lid Hijlkema naar verwijst aangeeft hoe een besluit tot stand komt, waarbij er allereerst een aantal vragen moeten worden beantwoord. Met het broedplaatsenbeleid wordt er op een andere manier gewerkt om vierkante meters te reserveren. Lid HIJLKEMA oppert dat het belangrijk is om van tevoren te weten hoeveel vierkante meters er aan broedplaatsen wordt toebedeeld, zodat de gemeente weet waar zij in investeert. Wethouder MELIANI geeft aan dat de broedplaatsen ook worden meegenomen bij de nulmeting. Alle plekken worden betrokken bij de inventarisatie. De referentienorm heeft betrekking op het toevoegen van permanente plekken. Voor broedplaatsen kunnen zich gelegenheden voordoen die van tevoren niet bekend zijn, bijvoorbeeld via een tender. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voor nu voldoende is besproken en voor behandeling door gaat naar de raad, alwaar de voordracht wordt gehamerd. De VOORZITTER doet een agendavoorstel in verband met de tijd.
Hij stelt voor allereerst agendapunt 9 te behandelen en vervolgens agendapunt 11. Agendapunt 10 kan dan eventueel deels of geheel doorgeschoven worden naar de volgende vergadering, aangezien het hierbij horende besloten deel sowieso in de volgende vergadering wordt besproken. De leden gaan akkoord Deelnemingen (excl. AEB en Schiphol) 9. Bespreken van de beantwoording van schriftelijke vragen van het lid Asruf over werkdruk personeel GVB (VN2023-025253)
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat het punt is geagendeerd door lid Asruf. Lid ASRUF benadrukt het belang van het GVB voor de stad en geeft aan dat het GVB afhankelijk is van de inzet van haar medewerkers. Naar aanleiding van een onafhankelijk onderzoek heeft de GVB goede stappen gezet voor wat betreft de arbeidsomstandigheden. Er kan echter nog veel worden verbeterd en lid Asruf vraagt de wethouder te bevestigen dat dit topprioriteit heeft in de gesprekken met het GVB. Hij vraagt de wethouder de stelling toe te lichten dat het hoge ziekteverzuim geen verband zou houden met de bedrijfscultuur, zoals hij dat beschrijft in de beantwoording. Lid Asruf vraagt tevens waarom het GVB alleen onderzoek heeft gedaan naar de werkdruk en niet naar de gehele bedrijfscultuur. Hij vraagt de wethouder met het GVB te bespreken of hier aanleiding voor is. Andere vragen en opmerkingen die lid Asruf heeft: • Hoe kunnen werknemers de externe vertrouwenspersoon vinden? • Is het GVB ontvankelijk voor de signalen die binnenkomen via de externe vertrouwenspersoon en wordt er ook gevolg aan gegeven? • Voor de verbetering van de dienstverlening is het noodzakelijk dat het GVB investeert in meer personeel.
• Vindt de wethouder het wenselijk dat het GVB gebruik maakt van een flexibele schil via uitzendkrachten? De aantrekkelijkheid van het GVB als werkgever verhoogt als zij mensen direct in dienst neemt. • Kan de wethouder met het GVB in gesprek gaan om tot streefcijfers te komen om diversiteit in de hogere managementlagen te bewerkstelligen? Lid MANGAL heeft een aantal vragen: • Hoe moeten de medewerkers voor de eerste dienst op hun werk komen en na de laatste dienst naar huis gaan nu de stad autoluw wordt gemaakt? • Kan de wethouder toelichten op welke wijze een dag minder werken invloed heeft op de werkdruk? • Wat betekent een dag minder werken voor het inkomen van de medewerker? • Welke handelwijze past de wethouder toe om bij het GVB goed werkgeverschap af te dwingen? • Hoe spreekt de wethouder het GVB erop aan als er sprake is van onderlinge spanningen op de werkvloer die de werksfeer en het verzuim beïnvloeden? En welke gevolgen verbindt de gemeente hieraan als wetaandeelhouder? • Welke consequenties zijn passend volgens de gemeente als wetaandeelhouder nu het GVB in één jaar tijd de werkdruk hoog heeft doen oplopen? Lid MEERBURG schetst dat de slechte arbeidsomstandigheden bij het GVB niet alleen voor de medewerkers ongezond zijn, maar ook kunnen leiden tot gevaarlijke situaties in het verkeer.
Lid Meerburg heeft begrepen dat er inmiddels verbeteringen in de arbeidsomstandigheden zijn toegepast en hij vraagt de wethouder of hij kan garanderen dat alle problemen nu afdoende zijn opgelost. Lid BILGIN legt de nadruk op het tekort aan personeel als bedreiging voor een betrouwbaar ov. Forum meent dat de werving van personeel op drie manieren wordt bemoeilijkt: Bij het GVB is het moeilijk om aan een vast contract te komen. Dit gebeurt eventueel pas na een opeenstapeling van tijdelijke fases. Omdat het zo lang duurt eer er een vast contract wordt geboden, is de verleiding voor de tijdelijke medewerker groot om naar een andere organisatie over te stappen, bijvoorbeeld de NS. Op de website van het GVB staat ook beschreven hoe deze weg naar een vast contract eruit ziet en lid Bilgin vraagt de wethouder of hij hiervan op de hoogte is. Naar verluid zal de sollicitant de opleidingskosten van de gratis opleiding alsnog moeten betalen, indien de sollicitant de opleiding niet haalt. Als dit inderdaad het geval zou zijn, zorgt dit,
15
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
samen met het eerder genoemde punt, voor een dubbele afschrikkende werking. Lid Bilgin vraagt de wethouder hier een toelichting op te geven. In het streven naar meer personeel wil het GVB een bredere doelgroep aanspreken, het werven van Engelstalig personeel is hier een onderdeel van. Lid Bilgin denkt dat dit dan alleen gaat om tijdelijk personeel. Dit sluit anderstalige Amsterdammers die ook geen Engels spreken uit. Het lijkt hem een goed idee om hiervoor de gratis taallessen die de gemeente aanbiedt in te zetten en dit dan aan te geven in de wervingstekst voor personeel. Tot. slot spreekt lid Bilgin de hoop uit dat dit een oplossing biedt tot verbeteringen bij het GVB die in de toekomst zullen leiden tot het aanleggen van nieuwe ov-lijnen. Wethouder SCHOLTES geeft allereerst aan dat hij regelmatig spreekt met het GVB over de werkdruk en de arbeidsomstandigheden. Het werkbezoek dat enige tijd geleden plaatsvond heeft inzicht gegeven in de situatie bij het GVB en toonde aan dat het GVB er veel aan doet om de arbeidsomstandigheden te verbeteren. Er is een medewerkerstevredenheidsonderzoek geweest dat weer heeft geleid tot een extern verdiepend onderzoek naar de werkdruk. Er zijn verschillende manieren binnen het GVB om misstanden aan te geven bij zowel een externe als een interne vertrouwenspersoon, die rechtstreeks benaderd kunnen worden.
De wethouder zegt toe na te vragen bij het GVB hoe dat precies in zijn werk gaat. Ook is er een meldpunt Integriteit bij het GVB dat rechtstreeks benaderbaar is, ook voor anonieme meldingen en de medewerker kan terecht bij de or of de leidinggevende. Er zijn ook acties ingezet om de werkdruk te verlagen, zoals de aanpassing van de reistijden en de roosters. Dit is nog niet afdoende, maar er wordt aan gewerkt en de wethouder stelt dit in gesprekken regelmatig aan de orde. Ook wordt er gekeken naar de coaching van de leidinggevenden, bijvoorbeeld als er sprake is van ziekteverzuim. Lid MEERBURG verzoekt de wethouder om op termijn te komen met een feitenrelaas met betrekking tot de reistijden, waarin staat wat er is verbeterd ten opzichte van de oude, problematische situatie. Wethouder SCHOLTES kan dit niet toezeggen, aangezien dit niet past bij de rol van aandeelhouder en de wethouder niet wil interfereren in de bedrijfsvoering van het GVB. Er zijn andere partijen, zoals de directie en de RvT die zich hiermee bezig moeten houden en de RVA gaat over het rooster. Wel kan de wethouder toezeggen dat hij de commissie van de stand van zaken op de hoogte zal houden. Lid MEERBURG legt uit dat hij wil voorkomen dat de raad achter de feiten aanloopt en dat er in 2024 alsnog naar buiten komt dat de situatie nog niet is veranderd.
Hij hoort graag van de wethouder wat de acties hebben opgeleverd aan verbetering. Wethouder SCHOLTES geeft aan dat de verbeteringen moeten worden geborgd in de nieuwe concessie en dit komt aan de orde bij de besprekingen in de VRA. Hij zal de informatie waar het lid Meerburg naar vraagt meenemen in de updates die hij toezegt. Lid BOBELDIJK vraagt om een bevestiging van de wethouder dat het college zowel vanuit haar rol bij de VRA als vanuit haar rol als aandeelhouder erop kan toezien dat de veiligheid van de reizigers niet in het geding komt door knellende roosters. Wethouder SCHOLTES verklaart dat veiligheid altijd een eerste vereiste is en dat het GVB een van de Deelnemingen is waar het meeste contact mee is. Het GVB is bezig met een traject dat moet leiden naar een gezonde werkcultuur, maar dat gaat niet zonder slag of stoot bij zo’n grote organisatie met 4500 medewerkers met diverse culturele achtergronden. De wethouder geeft aan dat er vanuit het GVB open en transparant over wordt gecommuniceerd.
16
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
Het GVB heeft beleid op diversiteit en inclusie en dat geldt ook voor de hogere managementlagen. De wethouder zegt toe in de gesprekken voortdurend aan de orde te stellen hoe het GVB dit invult en of dit tot verbetering leidt. Lid ASRUF heeft gemerkt dat die inclusie en diversiteit in de hogere managementlagen nog niet zichtbaar zijn. Hij stelt hierover twee vragen: • Kan de wethouder het GVB verzoeken streefcijfers te gaan hanteren inzake de doorstroming van medewerkers met een biculturele achtergrond naar hogere managementlagen? • Kan de wethouder in de gesprekken aan het GVB vragen deel te nemen aan de culturele barometer van het CBS voor bedrijven met meer dan 250 medewerkers? Wethouder SCHOLTES zegt toe dit mee te nemen in de volgende gesprekken met het GVB, al wordt er tot op zekere hoogte bij het GVB al naar gestreefd om ook bij de hogere managementlagen inzake diversiteit representatief te zijn.
Op de vragen van DENK geeft de wethouder de volgende reacties: • Werknemers hebben verschillende vervoersmogelijkheden om op het werk te komen en een debat over de autoluwe stad hoort thuis bij een andere commissie; • Er zijn al meerdere maatregelen genomen om de werkdruk te verminderen, zoals het aanpassen van de rijtijden op bepaalde lijnen waar de roosters te krap waren; • Het hoger worden van de werkdruk vanaf april 2022 heeft verschillende oorzaken, waaronder de post corona periode, waarbij het drukker werd in het ov. Lid MEERBURG meent dat de keuze van het GVB om te werken met te weinig personeel met de gevolgen van dien door het college veroordeeld moet worden. Wethouder SCHOLTES erkent dat deze keuze niet direct gerelateerd hoeft te worden aan de werkdruk. Het GVB kiest er dan ook vaak voor om ov lijnen uit te laten vallen en niet door te blijven werken met oververmoeide chauffeurs. Ook de roosters zijn aangepast aan de huidige omstandigheden. Ook intern wordt er onderzocht hoe de arbeidsomstandigheden voor wat betreft werkdruk verbeterd kunnen worden. Lid BOBELDIJK stelt voor om kritisch te kijken naar de financiële prikkel die wordt afgegeven door de gemeente. Zoals het nu lijkt wordt het GVB gestimuleerd om toch te gaan rijden met te korte pauzes. Wethouder SCHOLTES heeft hier geen informatie over en verwijst hiervoor naar de Regioraad.
De wethouder zal de suggesties die zijn gedaan door Forum voor Democratie doorgeven aan het GVB. Lid BILGIN herhaalt zijn vraag over het terugbetalen van de opleidingskosten. Wethouder SCHOLTES zal hier navraag bij het GVB over doen. Lid ASRUF herhaalt twee onbeantwoorde vragen over de flexibele schil via uitzendcontracten en het verband tussen het hoge ziekteverzuim en de bedrijfscultuur. Wethouder SCHOLTES zal de vraag over de bedrijfsvoering navragen bij het GVB. Voorts legt de wethouder uit dat hij niet de suggestie heeft willen wekken dat het hoge ziekteverzuim geen verband zou houden met de bedrijfscultuur. Wat hij bedoelde aan te geven is dat het GVB hiermee past in een landelijke trend.
17
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
Lid ASRUF vraagt op welke termijn alle toezeggingen die de wethouder in dit debat heeft gedaan terugkomen in de commissie. Wethouder SCHOLTES kan nu nog geen termijn noemen, maar zal na overleg hierop terugkomen. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voor nu voldoende is besproken en voor behandeling door gaat naar de raad, 10. Kennisnemen van het Jaarverslag Deelnemingen 2022 (VN2023-025250) Dit agendapunt wordt doorgeschoven naar de volgende commissie. Deelnemingen (incl. AEB) 11. Kennisnemen van de borging van publieke belangen bij verkoopproces AEB en de nieuwe strategische richting van AEB (VN2023-025666) De VOORZITTER leidt dit agendapunt in en deelt mee dat dit punt is geagendeerd door lid Schmit. Dit onderwerp bevat geheime bijlagen, maar deze zijn niet voor bespreking aangevraagd. Lid SCHMIT pleit ervoor om de leidende positie van de gemeente bij duurzame afvalverwerking te behouden. De raadsinformatiebrief geeft aan dat er juridisch niet voldoende grond is om de afvalscheidingsinstallatie te behouden, maar biedt voldoende borging dat er duurzaam afval zal worden verwerkt in de toekomst. Bij falen is de gemeente in bezit van een stuk land om dit zelf te gaan uitvoeren. Lid BOBELDIJK heeft gelezen dat als de gemeente een aparte vergunning nodig heeft om op dat stuk land afval te gaan scheiden.
Dit is de reden waarom de afvalscheiding niet in eigen handen wordt gehouden. Wat geeft D66 het vertrouwen dat dit voldoende borging geeft? Lid SCHMIT erkent dat de afvalscheidingsinstallatie niet zonder vergunning afgescheiden kan worden, dus daarom moet de afvalscheidingsinstallatie helaas worden mee verkocht. Maar voor D66 is de mogelijkheid om het uiteindelijk zelf te kunnen doen, afhankelijk van de onderhandelingen met de marktpartijen, een belangrijke back-up. Lid Schmit heeft drie vragen aan het college: • Wat is de impact op de boekwaarde en de boekwinst bij verkoop van de afvalscheidingsinstallatie? (dit is onderdeel van het geheime deel van de besprekingen en er zal door de wethouder niet op ingegaan worden) • Kan de wethouder de commissie informeren over het verdere proces? • Kan het stuk land, indien nog niet gebruikt voor afvalscheiding, worden gebruikt voor andere doeleinden met een tijdelijk karakter, zoals het organiseren van festivals? Lid GARMY vraagt de wethouder de commissie te informeren over de gesprekken met de minister van Binnenlandse Zaken over de mogelijke verkoop. Het is lid Garmy opgevallen dat in de strategie van het AEB niets wordt vermeld over het op termijn afschalen van de verbrandingsovens en ook wordt er niets gemeld over het importeren van buitenlands afval. Hij verzoekt de wethouder dit toe te lichten.
Lid ASRUF geeft aan dat het publieke belang voorop staat voor de PvdA bij de verkoop van AEB. Dit op een betaalbare en circulaire manier en hierop zou de PvdA de verkoopvoorwaarden toetsen.
18
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Gewijzigde raadscommissieverslag, 14 december 2023
FKD
Vervolgens deelt lid Asruf mee dat nu de or ook akkoord is gegaan de PvdA zich kan vinden in het besluit om de afvalscheidingsinstallatie mee te verkopen. Lid BOBELDIJK verwijst naar de motie van de PvdA inzake het publieke belang, waarbij er wordt gevraagd om een garantie dat de afvalstoffenheffing niet te hoog oploopt. Hierop kwam het antwoord dat er gepraat zou worden met de minister hierover. Wat vindt de PvdA hiervan? Lid ASRUF stelt voor te wachten op de reactie van de wethouder. Lid BOBELDIJK vraagt zich toch af hoe de PvdA dit interpreteert. Lid ASRUF wacht de reactie van de wethouder op de ingediende motie af. Lid Asruf vervolgt zijn vragenlijstje: • Wat wordt er bedoeld, inzake de technische bezwaren bij verkoop, met de aansluiting van de scheidingsinstallatie bij de gemeentelijke doelen of verbeterde nascheiding? • Waarom heeft de gemeente gekozen voor een overbruggingsovereenkomst voor de duur van minimaal drie jaar die nog vier keer met een jaar kan worden verlengd? Hoe worden betaalbaarheid en duurzaamheid in de inkoopvoorwaarden vastgelegd? Een langere looptijd van de overbruggingsperiode zou voordeliger uitpakken voor de Amsterdammer.
• Hoe waarschijnlijk is het dat er tijdig een geschikte overslaglocatie wordt gevonden? • Heeft het college inderdaad advies gevraagd aan het ministerie van BZK? • Heeft het college contact opgenomen met de buurgemeenten die ook hun afval laten verwerken bij AEB? Lid BOBELDIJK vindt het teleurstellend met het oog op duurzaamheid, dat nu in tweede instantie toch is besloten om de afvalscheidingsinstallatie mee te verkopen. Hij vraagt zich af wat momenteel de standpunten zijn van de linkse partijen GroenLinks en PvdA. Lid ASRUF wijst op de investeringen die AEB de komende jaren zal moeten doen en die door de gemeente niet opgebracht zouden kunnen worden. Hoe zou de SP dit opvangen binnen de gemeentelijke begroting? Lid BOBELDIJK meent dat investeringen worden gedaan via de afvalstoffenheffing en als dit wordt uitgevoerd door een marktpartij met dikke salarissen voor directeuren, dan komt dit uiteindelijk voor rekening van de Amsterdammer. Lid Bobeldijk is van mening dat de gemeente de investeringen zou kunnen opvangen. Lid ASRUF vindt dat de bijdrage van het lid Bobeldijk het debat niet bevordert. Hij stelt nogmaals de vraag hoe de SP meent dat de gemeente de investeringen in AEB kan doen. Lid BOBELDIJK geeft aan dat dit gerealiseerd kan worden door verschillende vormen van reserves aan te leggen in de begroting.