Gemeenteraad Voordracht
Tekst van het document
VN2025-014274 clusterstaf r en e
RAAD Voordracht voor de raadsvergadering van 12 november 2025
Agendapunt
Water (incl. Varen) (55) A13
Datum besluit
College van B en W, 7 oktober 2025
Portefeuille
Onderwerp
Vaststellen van de Verordening Binnenhavengeld Pleziervaart 2026 De gemeenteraad van Amsterdam besluit
1. Vast te stellen de Verordening Binnenhavengeld Pleziervaart 2026, met de wijzigingspunten ten opzichte van 2025:
a. Een tekstuele wijziging van artikel 6 onder A en E. b. Een tekstuele wijziging van artikel 8 lid 3. c. De binnenhavengeldtarieven, het doorvaartvignettarief en het bezoekers- en dagtarief worden geïndexeerd met 3,69%. d. Een korting van 25 % voor het milieutarief en hybride tarief op het reguliere tarief Binnenhavengeld pleziervaart. 2. In te stemmen met het financieren van de korting onder d. door het inzetten van de Stimuleringsregeling Pleziervaart en de te verwachten hogere binnenhavengeld baten. Wettelijke grondslag
Gemeentewet: De artikelen 216 en 229 van de Gemeentewet bieden de gemeenteraad de bevoegdheid tot het vaststellen van gemeentelijke belastingverordeningen. Bestuurlijke achtergrond
Jaarlijks stelt de gemeenteraad de Verordening Binnenhavengeld Pleziervaart (BHG-verordening) vast. In de Verordening Binnenhavengeld Pleziervaart staat het recht beschreven om belasting te mogen heffen op het gebruik van het binnenhavenwater door pleziervaartuigen en worden de tarieven voor Binnenhavengeld Pleziervaart en doorvaartvignet bepaald. De gemeenteraad heeft op 14 november 2024 de Binnenhavengeldverordening Pleziervaart 2025 vastgesteld (Gemeenteblad 2024, nr. 503917). Met het vaststellen van de Verordening Binnenhavengeld 2026 wordt de Verordening Binnenhavengeld Pleziervaart 2025 ingetrokken per 1 januari 2026. Onderbouwing besluit
Vaststellen van de Verordening Binnenhavengeld Pleziervaart 2026, met de wijzigingspunten ten opzichte van 2025: Ad 1a. Een tekstuele wijziging van artikel 6 onder A en E
VN2025-014274 clusterstaf r en e
RAAD In artikel 6 staat vermeld hoeveel betaald moet worden voor binnenhavengeld pleziervaart. Onder A en E wordt een toelichting gegeven wanneer het abonnementstarief van toepassing is. Deze toelichting in de Verordening Binnenhavengeld Pleziervaart 2025 bevat de ongebruikelijke term ‘gepachte’ locatie. Dit moet zijn ‘in erfpacht uitgegeven’ locatie. Wijziging van artikel 6 onder A en E van:
A. [...] behalve op een gepachte of gehuurde locatie. A. [...] behalve op een gepachte of gehuurde locatie. [...]. voor:
A. [...] behalve op een in erfpacht uitgegeven of gehuurde locatie. A. [...] behalve op een in erfpacht uitgegeven of gehuurde locatie. [...]. Ad 1b. Een tekstuele wijziging van artikel 8 lid 3 Een tekstuele wijziging van artikel 8 lid 3. van: Het doorvaartvignet kan worden verstrekt op aanvraag tegen kostprijs en geldt voor: Het doorvaartvignet kan worden verstrekt tegen kostprijs en geldt Ad 1c. De binnenhavengeldtarieven, het doorvaartvignettarief en het bezoekers- en dagtarief worden geïndexeerd met 3,69% De binnenhavengeldtarieven, het doorvaartvignettarief en het bezoekers- en dagtarief dienen volgens de regeling standaard systematiek nominaal te worden geïndexeerd. Voor 2026 bedraagt de indexering van de tarieven 3,69 %. In 2025 is in stadsgebied Weesp Binnenhavengeld Pleziervaart ingevoerd. Per 1 januari 2026 gaat het 2e jaar van het ingroeimodel in waarbij de korting op de tarieven ieder jaar (tot 2030) met 15 procent afneemt. De korting bedraagt in 2026 55 procent op de vignettarieven. Ad 1d. Het milieutarief en hybride tarief krijgen 25% korting op het reguliere tarief en Ad 2. In te stemmen met het financieren van de korting onder 1d. door het inzetten van de Stimuleringsregeling Pleziervaart en de te verwachten hogere binnenhavengeld baten. Op het milieu- en hybridetarief geldt een korting ten opzichte van het reguliere tarief. Deze was 70% in 2024 en 35% in 2025.
Dit jaar (2025) zou het laatste jaar van de korting zijn. De korting wordt in 2026 nog eenmaal behouden en tegelijkertijd afgebouwd. Per 1 januari 2026
2 Gegenereerd: v1.12
VN2025-014274 clusterstaf r en e
RAAD wordt de korting 25% op het reguliere tarief. Zodoende blijft de uitstootvrije pleziervaart gestimuleerd. De korting is een stimuleringsmaatregel. Doel is zowel nieuwe mensen aan te moedigen nu een investering te doen als tegemoet te komen aan mensen die dit in het verleden al hebben gedaan. Van het aantal verkochte vignetten is 42,7% een milieu of hybride vignet (bron: Grachtenmonitor 2024). Toezegging bij uitstootvrije zone pleziervaart Op 1 april 2025 trad het besluit in werking dat in de binnenstad alleen uitstootvrij mag worden gevaren. Voor de huidige Binnenhavengeld vignethouders geldt een overgangsregeling. Zij mogen tot 2030 blijven varen met een brandstofmotor. Houders van een doorvaartvignet hebben tot uiterlijk 2028 recht op een overgangsregeling. Tijdens de inspraak- en bezwaarfase is veel ingegaan op de haalbaarheid en betaalbaarheid van de elektrificatie van vaartuigen. Het college heeft per brief op 4 februari 2025 (Besluit uitstootvrije zone pleziervaart in Amsterdam per 1 april 2025) aangegeven, omdat de korting zou stoppen eind 2025, te werken aan een stimuleringsregeling om pleziervaartuigeigenaren te blijven ondersteunen. Een dergelijke regeling is niet op een eenvoudige en fraudebestendige manier op korte termijn op te zetten.
Het verlengen van de milieu korting biedt een signaal van ondersteuning aan booteigenaren en de sector om verdere verduurzaming te stimuleren. Uitstootvrij varen De Amsterdamse ambitie is dat al het verkeer uiterlijk in 2030 uitstootvrij is. Voor mensen die in het centrum willen varen, geldt dat dit uitstootvrij moet zijn. Voor mensen die nu geen boot met vignet hebben en in de uitstootvrije zone willen varen kan deze korting een stimulans zijn om te investeren in verduurzaming. Participatie
Niet van toepassing. Het vaststellen van de Verordening Binnenhavengeld Pleziervaart 2026 vereist volgens de gemeentelijke participatieverordening geen participatie. Financiële onderbouwing
Consequenties gedekt? Overige toelichting
1c. De indexatie van de binnenhavengeldtarieven, het doorvaartvignettarief en het bezoekers- en dagtarief met 3,69% heeft een financieel effect. Dit is al verwerkt in de begroting. 1d. De korting op het reguliere tarief, het milieu- en hybride tarief, van 25% heeft financiële consequenties en is in onderstaande tabel verwerkt. Tabel: Financiële consequenties van de beslispunten LASTEN Product Coalitiemiddelen Luchtkwaliteit
a.
I/S
Jaar T
Jaar T+1
Jaar T+2
Jaar T+3
I
€0
€ -500.000
€0
€0
3 Gegenereerd: v1.12
VN2025-014274 clusterstaf r en e
RAAD Totaal
€0
€-500.000
€0
€0
BATEN
1.a. Aanpassen korting milieutarief 25% Actualisatie baten BHG Totaal
Product
I/S
Jaar T
Jaar T+1
Jaar T+2
Jaar T+3
2.5
I
€0
€ 640.000
€0
€0
2.5
I
€0
€ -140.000
€0
€0
€0
€ 500.000
€0
€0
I=Incidenteel S=Structureel Het aanpassen van de korting naar 25% in 2026 geeft een batenderving van een geschat bedrag van € 0,64 miljoen. De gereserveerde middelen van de stimuleringsregeling pleziervaart worden hiervoor ingezet voor een bedrag van € 0,5 miljoen. Daarnaast liggen de verwachte BHG-baten op dit moment, als er geen korting gegeven zou worden, hoger dan de huidige begroting. De overige 0,14 miljoen wordt hieruit gedekt. Consequenties gedekt? Ja Overige toelichting: Conclusie: Als gevolg van het besluit onder 1d wordt er een (neutrale) begrotingswijziging opgevoerd bij de Voorjaarsnota / Viermaands 2026. Conclusie
Geheimhouding
Niet van toepassing. Welke stukken treft u aan
Meegestuurd
Registratienr.
Naam
AD2025-064201
Gemeenteraad Voordracht (pdf)
AD2025-064323
Bekendmaking Verordening BHG 2026.docx (msw12)
Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)
Programma Varen, Laetitia Mostart, 06 - 39270610, l.mostart@amsterdam.nl
4 Gegenereerd: v1.12