Gemeenteraad Initiatiefvoorstel
Tekst van het document
Gemeenteraad
VN2024-003488 Griffie
RAAD
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van 27 maart 2024
Van
De leden .
Datum
16 maart 2024
Portefeuille
ICT en Digitale Stad
Agendapunt
3 Onderwerp
Instemmen met het gewijzigd initiatiefvoorstel ‘Amsterdam digitaal onaankelijk’ van het lid IJmker en kennisnemen van de bestuurlijke reactie op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel De gemeenteraad van Amsterdam besluit
gezien het initiatiefvoorstel van het lid IJmker Amsterdam digitaal onaankelijk van 5 juli 2023 en gewijzigd op 16 maart 2024; mede gezien de behandeling van het initiatiefvoorstel in de raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit van 18 januari 2024; I. in te stemmen met genoemd initiatiefvoorstel II. het college van burgemeester en wethouders te verzoeken: 1. 2.
3. 4.
te onderzoeken wat er voor nodig is om in 2030 digitaal onaankelijk te zijn; hiertoe een nadere verkenning met verschillende scenario’s nog voor het einde van 2024 voor te leggen aan de raad, waarin in ieder geval de volgende elementen worden meegenomen: - welke ICT-producten en -diensten het meest kansrijk zijn en waar de grootste uitdagingen liggen; - binnen welke domeinen ‘quick wins’ te behalen zijn en wat er voor nodig is om die omslag te maken; - mogelijkheden van voorwaarden opnemen in inkoopbeleid; - mogelijkheden voor het opzetten van een coöperatie voor gezamenlijk beheer van open source tools die nu al gebruikt worden door verschillende gemeenten; op basis waarvan een Amsterdamse strategie kan worden vastgesteld; hierin samen te werken met de VNG, maatschappelijke organisaties en internationale netwerken van steden zoals Eurocities en de City Coalition for Digital Rights
III. kennis te nemen van de bestuurlijke reactie op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel. Wettelijke grondslag
artikel 147a, lid 1 van de Gemeentewet Initiatiefvoorstel
De samenleving digitaliseert, en de overheid digitaliseert mee. Deze digitalisering biedt veel kansen, maar als de richting wordt bepaald door enkele machtige bedrijven schuilen er ook grote gevaren in. Omdat de ontwikkeling van digitale technologie snel gaat en voor velen ongrijpbaar is, is er de afgelopen decennia nauwelijks regie genomen over deze ontwikkelingen. Gelukkig is deze houding aan het kantelen en proberen steeds meer overheden het heft in handen te nemen en ervoor te zorgen dat publieke waarden worden beschermd in de digitale sfeer.
Gegenereerd: v1.10
1
Gemeenteraad
VN2024-003488 Griffie
RAAD
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van 27 maart 2024
Het terugnemen van de macht begint bij de technologie die we als overheid zelf gebruiken. Daarom komt GroenLinks nu met dit initiatiefvoorstel over de inkoop van technologie. Als we duidelijke ambities hebben voor onze inkoop van digitale diensten, kan Amsterdam bijdragen aan de ontwikkeling van alternatieve, verantwoorde technologie die hard nodig is. In onze huidige positie zijn we te aankelijk van grote techgiganten, met risico’s voor de gegevens van Amsterdammers, een lock-in effect wat onze vrijheid beperkt, en geopolitieke risico’s die de laatste tijd alleen maar groter zijn geworden. Hoewel het haast onmogelijk lijkt om de dominantie van een aantal Big Tech bedrijven te breken, laten we wat GroenLinks betreft het hier niet bij zitten. Amsterdam moet haar voortrekkersrol pakken en toewerken naar een digitaal onaankelijke toekomst. In deze inleiding schetsen we de huidige situatie en lichten we toe hoe we die kunnen verbeteren. Onze aankelijkheid in de ICT De gemeente Amsterdam besteedt elk jaar zo’n 130 miljoen euro aan digitale toepassingen, zoals software en (cloud)diensten.[1] De keuzes die worden gemaakt bij de inkoop van deze producten en diensten creëren grote aankelijkheid van specifieke bedrijven en leveranciers.
Deze aankelijkheid is niet gewenst, want het beperkt ons functioneren, vormt een gevaar voor de privacy van burgers en legt een grote macht bij bedrijven. Bij software komt de aankelijkheid vooral voort uit de beperkende licenties die bij de aanschaf horen. In het bedrijfsmodel dat veel softwarebedrijven nu hanteren, hebben ze dit soort licenties nodig, maar het zorgt ervoor dat het delen en verbeteren van code contractueel verboden is. Zo kunnen verschillende publieke organisaties en burgers elkaar niet helpen om systemen beter te laten werken en zijn we aankelijk van de ontwikkelaar om tekortkomingen in de software te verbeteren, mede omdat de code vaak opzettelijk onleesbaar wordt geschreven. Om de digitale middelen die tot onze beschikking staan ten volle te gebruiken, zou het principe juist moeten zijn dat software die met publiek geld is ontwikkeld, ook publiekelijk toegankelijk is.[2] Open source software zou ook beter passen bij de principes waarop de rest van onze organisatie is gebouwd. Terwijl elke burger of journalist via de Wet Open Overheid een aanvraag kan doen om geschreven documenten in te zien, is veel van de code niet te lezen of ontoegankelijk. Iedereen die kan coderen zou de overheid juist moeten kunnen controleren, ook omdat de software gegevens van burgers verwerkt.
Amsterdammers zouden moeten kunnen zien wat er met hun data gebeurt, zeker wanneer de software direct of indirect betrokken is bij besluitvorming.[3] Wat er gebeurt met de data van burgers is ook een van de grote gevaren van clouddiensten van Big Tech. Privacygevoelige informatie die door een overheid in de cloud wordt gezet kan namelijk in een datacenter buiten de Europese Unie worden opgeslagen. Wat voor sterke afspraken er ook zijn gemaakt met het cloudbedrijf, de staat in dat land kan dan zelf bepalen hoe streng er wordt omgegaan met de regels en kan deze regels ook zomaar veranderen. Nu is het al zo dat data die opgeslagen ligt in de VS kan worden ingezien door de Amerikaanse geheime diensten, met alle risico’s van dien. Daarnaast schuilen er risico’s in het feit dat het verdienmodel van deze bedrijven gebaseerd is op handel van data. We zouden hier uiterst voorzichtig mee om moeten gaan. Een ander gevaar van de cloudservices van Big Tech, is het zogenaamde ‘lock-in’ effect. Door de sterke aankelijkheid van bepaalde aanbieders, wordt het bijna onmogelijk gemaakt om je systemen over te zetten naar die van een andere aanbieder. Dit is een van de manieren waarop de paar bedrijven die de markt domineren hun macht behouden. Deze bedrijven hebben door hun enorme marktaandeel veel invloed op hoe wij werken, wat er met onze data gebeurt en welke algoritmes ons besturen.
Ook beperkt het onze slagkracht en mogelijkheden om toepassingen te ontwikkelen waar onze inwoners behoefte aan hebben, die onze dienstverlening kunnen verbeteren. Onlangs nog zei de hoofdadviseur van de Digitale Transitie van de Europese Commissie
Gegenereerd: v1.10
2
Gemeenteraad
VN2024-003488 Griffie
RAAD
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van 27 maart 2024
hierover: ‘De wereld zag nog nooit zo’n machtsconcentratie’.[4] Als overheid hebben we de verantwoordelijkheid om ons niet te laten verleiden door de gemakken van de diensten van Big Tech, en onze onaankelijkheid en soevereiniteit te beschermen. Het is daarmee ook onze verantwoordelijkheid om een sturende rol te nemen in het stimuleren van Europese alternatieven. Recent is het geo-politieke argument om minder aankelijk te worden van enkele Big Tech bedrijven ook alleen maar sterker geworden. Doordat we in Europa voor onze digitale infrastructuur en data sterk aankelijk zijn geworden van een handjevol techbedrijven uit niet-Europese landen, zijn we vanuit economisch en politiek perspectief kwetsbaar. In geopolitieke conflicten wordt digitale technologie steeds vaker als machtsmiddel ingezet en we hebben te maken met ransomware- en cyberaanvallen. In een rapport van de de Cyber Security Raad over Nederlandse strategische autonomie en cybersecurity komt een duidelijke aanbeveling naar voren om meer aandacht te hebben voor strategische autonomie. “Steeds grotere digitale aankelijkheid, nieuwe technologieën en marktspelers, nieuwe dreigingen zijn ons aan het inhalen,” zo stellen de onderzoekers.
“Er moet én kan nu actie genomen worden om politiek, beleid en uitvoering bewust te maken, instrumenten aan te reiken, en praktisch te handelen.”[5] Ook Clingendael waarschuwde onlangs nog dat we ons zorgen moeten maken om onze aankelijkheid van Amerikaanse techbedrijven.[6] Het rapport bevestigt het vermoeden dat Amerikaanse wetgeving het mogelijk maakt om mee te kijken in de data, wat grote nationaleveiligheidsrisico's met zich mee brengt. De auteurs concluderen dat sterke Europese alternatieven hard nodig zijn, voordat Amerikaanse internetdiensten de markt helemaal in handen hebben en er geen keus meer is. Zoals een van de onderzoekers stelde, “De Nederlandse overheid geeft veel geld uit aan ICT, die zou het ook aan Europese bedrijven kunnen geven om ze sterker te maken”.[7] In reactie op dit rapport bevestigde staatssecretaris Van Huffelen dat het noodzakelijk is om te investeren in Europese alternatieven. Al eerder in de kamerbrief over de Digitaliseringsstrategie werd uitgebreid ingegaan op het belang van digitale autonomie.
Dat betekent “dat we zelf de spelregels bepalen voor digitale markten en diensten, en dat niet overlaten aan grote techbedrijven of regimes van landen met heel andere waarden dan wij”.[8] Even verderop schrijft de staatssecretaris: “Ook willen we een einde maken aan onze aankelijkheid van niet-Europese producten en diensten en aansturen op strategische autonomie op Europees niveau.”[9] In de Europese verklaring over digitale rechten en beginselen, ook ondertekend door Nederland, wordt benadrukt hoe de toekomst van digitalisering er uit moet zien: “De EU-benadering van de digitale transformatie van onze samenlevingen en economie moet met name betrekking hebben op digitale open soevereiniteit, respect voor grondrechten, de rechtsstaat en democratie, inclusie, toegankelijkheid, gelijkheid, duurzaamheid, veerkracht, veiligheid, verbetering van de levenskwaliteit, de beschikbaarheid van diensten en eerbiediging van ieders rechten en ambities”.[10] Recent kwamen meer dan 40 maatschappelijke organisaties met een gezamenlijk statement waarin zij een oproep doen aan de Europese Commissie en lidstaten om te investeren in digitale publieke infrastructuren.[11] Kortom, er is nu momentumvoor een duidelijke visie op onze digitale (on)aankelijkheid. En Amsterdam moet daarin niet achterblijven. Amsterdam heeft ambities Onze stad is koploper in de ambities voor verantwoord digitaliseren.
Zo lanceerden we in 2018 samen met Barcelona en New York City de Cities Coalition for Digital Rights, waar ondertussen
Gegenereerd: v1.10
3
Gemeenteraad
VN2024-003488 Griffie
RAAD
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van 27 maart 2024
al meer dan 50 steden zich bij hebben aangesloten. In 2019 kwamen we met de Agenda Digitale Stad, waarin we bijvoorbeeld al de Tada! principes beschreven, met principes als ‘Legitiem en gecontroleerd’ en ‘Van iedereen, voor iedereen’. In 2022 sloten we ons als eerste gemeente aan bij Public Spaces, waar we helpen bijdragen aan een betere digitale publieke ruimte. Dat het onze ambitie is om deze vooruitstrevende positie te behouden, staat expliciet genoemd in de uitvoeringsagenda Internationaal Beleid: ‘Amsterdam wil de krachten bundelen met andere steden en een voortrekkersrol vervullen in de ontwikkeling van eerlijke en transparante algoritmes en het bieden van een innovatieve publieke digitale ruimte waar digitale soevereiniteit voor de burger centraal staat.’ Dat de inkoop van technologie een essentieel aspect vormt van hoe we als stad met de digitale transitie omgaan, erkent ook het college. In de beantwoording op de motie ‘Inkoop verantwoorde technologie’ schreef de wethouder bijvoorbeeld al over een ‘ja, tenzij’ principe wat betreft open source bij inkoop. [12] Deze raad heeft verder ook ingestemd met de motie ‘kiezen voor verantwoorde technologie’[13], waarin het college werd opgeroepen om ‘te onderzoeken hoe Amsterdam kan bijdragen aan de ontwikkeling en groei van Europese verantwoorde (privacyvriendelijke) technologie’.
Ook houden we al rekening met duurzame criteria bij de inkoop van ICT-diensten en producten. [14] De impact van digitalisering op klimaatverandering is enorm. Digitalisering dient dan ook de grenzen van mens en planeet in acht te nemen en duurzaam gefinancierd te worden. Dat betekent dat we eisen moeten stellen op het gebied van duurzaamheid en goed moeten kijken naar het financieel-economisch model van aanbieders, en of dat wel de planetaire grenzen voldoende in acht neemt. Ethische markt nog niet volwassen De bereidheid om voor de meest verantwoordelijke optie te kiezen bij inkoop is dus groot. We lopen er echter tegen aan dat er niet altijd verantwoorde opties zijn, of dat deze nog niet volwassen genoeg zijn. Zo heeft het college er eerder ondanks al haar ambities in de Cloudstrategie 2022-2026 voor gekozen om voor haar clouddiensten in zee te gaan met Microsoft, omdat alternatieve opties niet de juiste functionaliteiten konden bieden. Ook het ‘ja, tenzij’ principe bij open source laat de optie open om de principes te laten varen wanneer er geen andere opties aanwezig zijn. Dit is begrijpelijk als je kijkt naar het huidige aanbod in de markt en de wensen die we hebben op het gebied van functionaliteiten en veiligheidseisen. Wat GroenLinks betreft laten we het hier niet bij zitten, maar verbreken we de vicieuze cirkel van gebrek aan aanbod en gebrek aan vraag.
De vraag is dus eigenlijk wat er nodig is om, in dit voorbeeld, te zorgen dat we bij de volgende cloudstrategie niet gedwongen worden om weer dezelfde keuze te maken, omdat het aanbod nog steeds gedomineerd wordt door de Big Tech. Dit geldt voor onze cloudstrategie, maar ook voor andere ICT-producten en -diensten die we inkopen. Als we doorgaan op dezelfde voet houden we de huidige situatie in stand en beperken we ook mogelijke innovatie en ontwikkeling op het gebied van verantwoorde technologie. Kortom, hoe zorgen we ervoor dat we bij elke volgende aanbesteding opnieuw moeten concluderen dat er geen andere opties zijn dan het aanbod van de grote techgiganten? We kunnen hier als overheid wel degelijk invloed op uitoefenen. Markten zijn geen gegeven, maar kunnen worden uitgedaagd. De gemeente heeft een dusdanige inkoopmacht dat zij daadwerkelijk verschil kan maken. We hebben de verantwoordelijkheid om een goede opdrachtgever zijn. Door meer ambitie te tonen in het aanbestedingsbeleid en niet alleen van bestaande diensten
Gegenereerd: v1.10
4
Gemeenteraad
VN2024-003488 Griffie
RAAD
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van 27 maart 2024
en marktpartijen uit te gaan, maar condities te stellen voor de diensten en de markt die de publieke belangen het beste dienen. Door aan te geven welke eisen wij zullen stellen bij de inkoop van ICT, en hierin samen op te trekken met andere partijen, geven we een duidelijk signaal aan de markt en nodigen we aanbieders uit om verantwoorde ICT-diensten en producten te gaan ontwikkelen. Aanbieders kunnen dan zeker ook niet-commerciële aanbieders zijn. We moeten ook voorbij het idee dat de enige spelers in dit veld ‘de markt’ en ‘de overheid’ zijn. Er zijn, zeker in Amsterdam, ook een heleboel initiatieven die zich vanuit het gedachtegoed van de commons bezighouden met digitale coöperatieven en maatschappelijke oplossingen voor een publieke digitale infrastructuur. Denk bijvoorbeeld aan Code for NL, Foundation for Public Code en Waag die hier al ruime ervaring mee hebben. Wat GroenLinks betreft zijn dat ook essentiële partners richting digitale onaankelijkheid. Waar dit voorstel spreekt over ‘markt’ wordt dan zowel private als civiele partijen bedoeld. Wanneer de bestaande marktpartijen niet de diensten aanbieden waar de gemeente behoefte aan heeft, dan kunnen we de markt aansporen om deze te creëren.
Binnen het aanbestedingskader zijn hier ook mogelijkheden voor, die vaker ingezet kunnen worden: het pre-commercieel inkopen en het innovatiepartnerschap.[15] Het innovatiepartnerschap is onderdeel van de gewijzigde Aanbestedingswet 2012 en kan gebruikt worden voor de aanschaf van producten, werken en diensten die nog niet op de markt beschikbaar zijn. Amsterdam kan het niet alleen Onaankelijk worden van de grote techreuzen is een grote opgave en kan Amsterdam niet alleen. Om echt impact te kunnen creëren moeten we samenwerken. Denk bijvoorbeeld aan samenwerken met andere gemeenten binnen de VNG. Veel van de digitale voorzieningen die Amsterdam nodig heeft spelen ook bij andere gemeenten. Via het Common Ground project van de VNG wordt bijvoorbeeld al ingezet op het eenvoudiger, sneller en slimmer inrichten van de informatievoorziening van gemeenten.[16] Common Ground is een goed startpunt en geeft een raamwerk, maar valt of staat bij ambitieuze projecten. Amsterdam kan hierin een voortrekkersrol spelen. Andere publieke instellingen in Amsterdam, bijvoorbeeld in het onderwijs, worstelen ook met het vraagstuk van digitale (on)aankelijkheid. Zo is er een onderzoeksgroep bij de Universiteit van Amsterdam actief bezig met de vraag wat digitale soeveriniteit in de academische wereld betekent.
Een van de aanbevelingen van deze onderzoekers voor zowel de universiteit als overheden is om te kijken naar strengere inkoopvoorwaarden om zo publieke alternatieven te stimuleren.[17] Amsterdam kan hierin een faciliterende rol spelen en ook publieke instellingen zoals kennisinstellingen uitnodigen om te verkennen wat er nodig is voor meer digitale onaankelijkheid. Ook internationaal is er samenwerking mogelijk en nodig. Amsterdam is onderdeel van allerlei internationale samenwerkingsverbanden die zich bezighouden met digitale rechten en onaankelijkheid. Amsterdam is zelf een van de initiatiefnemers van de Coalitie van Steden voor Digitale Rechten, waar steden ervaring en kennis uitwisselen op het gebied van digitalisering en ook gezamenlijk onderwerpen agenderen. Maar denk ook aan Eurocities, een netwerk van meer dan 200 steden in Europa die samenwerken aan allerlei onderwerpen. Digitale transformatie is een van de onderwerpen waar dit netwerk aan werkt. Ook bij het European Forum for Urban Security (Efus), waar Amsterdam ook bij aangesloten is, wordt met andere Europese steden samen nagedacht over de impact van technologie en digitalisering op onze strategische autonomie en veiligheid. GroenLinks ziet kansen om in deze coalities in gesprek te gaan over digitale onaankelijkheid.
Als meer steden hierop samenwerken en de gezamenlijke ambitie uitspreken om digitaal onaankelijk te worden, geeft dat ook een
Gegenereerd: v1.10
5
Gemeenteraad
VN2024-003488 Griffie
RAAD
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van 27 maart 2024
belangrijker signaal aan de markt. Het maakt duidelijk dat er een significante vraag is en gaat zijn en daagt de markt uit hierop te reageren. Europa laat zien hoe het anders kan We hebben talloze bondgenoten in de strijd tegen de macht van Big Tech. Overheden die al stappen hebben durven zetten en waarmee we samen kunnen optrekken. Zo heeft Baskenland een wet aangenomen dat alle software voor de overheid open source moet zijn[18] en heeft Dortmund zich als doel gesteld om de publieke administratie in 2025 met open source te doen.[19] De Duitse stad zette een ‘Digital Sovereignty and Open Source Coordination Unit’ op, waar ze samen met Berlijn en München zullen samenwerken. München is al langer bezig met digitale onaankelijkheid en financiert en gebruikt meerdere open source tools die ook beschikbaar worden gesteld aan andere gemeenten.[20] De Duitse nationale overheid vindt het gebruik van Big Tech cloud blijkbaar minder onvermijdelijk dan Amsterdam, want zij gebruiken al sinds 2018 Nextcloud, een open source clouddienst.[21] In Tirana, de hoofdstad van Albanië, gaat men nog verder. Daar bouwt de gemeentelijke ICTafdeling zelf aan nieuwe platforms en diensten, daarbij gebruikmakend van open source software. Tot de zelfgebouwde platforms behoren een open data portaal en een forum voor digitale burgerparticipatie.
Het gemeentelijke ICT-team krijgt hulp en advies van de plaatselijke en de internationale gemeenschap van open source-ontwikkelaars. Waar we toe oproepen Amsterdam heeft zich al aangesloten bij PublicSpaces. De ambitie van PublicSpaces is om samen te werken aan een nieuw digitaal ecosysteem dat gebaseerd is op publieke waarden om zo toe te werken naar een alternatief software ecosysteem dat het publieke belang vertegenwoordigt en geen winstoogmerk heeft. Al eerder was Amsterdam aangesloten bij het project ‘Smart Cities? Public Code!’ in samenwerking met Foundation for Public Code en de HvA.[22] Er is dus een start gemaakt. Nu is het zaak dat concrete stappen worden gezet. Amsterdam moet digitaal onaankelijk worden. Dat zal niet over een nacht ijs gaan maar vraagt om lange termijn inzet. Daarom doet GroenLinks de oproep om te verkennen wat er voor nodig is om uiterlijk in 2030 digitaal onaankelijk te zijn. Dit is het moment om die ambitie uit te spreken en verdere stappen te zetten. Met een stip aan de horizon kunnen we een plan ontwikkelen hoe daar te komen en voorkomen we dat we de komende jaren het argument vasthouden dat er nou eenmaal geen opties zijn in de markt. Uiteindelijk willen we er voor zorgen dat we in 2030 in staat zijn om andere keuzes te maken bij onze inkoop van ICT.
De voorwaarden waar ‘digitaal onaankelijk’ aan zou moeten voldoen zijn op verschillende plekken al uitvoerig uitgedacht. Een goed startpunt is het manifest van Public Spaces dat stelt dat softwaresystemen moeten voldoen aan de waarden “open, transparant, verantwoordelijk, soeverein en de gebruiker centraal”.[23] Ook de Foundation for Public code heeft een duidelijke lijst van criteria die overheden kunnen gebruiken in hun inkoop van ICT-producten en diensten.[24] Voor GroenLinks betekent digitale onaankelijkheid minimaal dat de gemeente geen gebruik meer maakt van diensten of producten van bedrijven wiens verdienmodel gebaseerd is het verzamelen van en handelen in gegevens. In deze verkenning naar digitale onaankelijkheid moeten minimaal de volgende elementen worden meegenomen:
Gegenereerd: v1.10
6
Gemeenteraad
VN2024-003488 Griffie
RAAD
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van 27 maart 2024
• Welke ICT-producten en -diensten het meest kansrijk zijn en waar de grootste uitdagingen liggen • Binnen welke domeinen ‘quick wins’ te behalen zijn en wat er voor nodig is om die omslag te maken • Mogelijkheden van voorwaarden opnemen in inkoopbeleid, bijvoorbeeld over het verdienmodel van bedrijven bij wie we ICT-producten en -diensten inkopen • Mogelijkheden voor het opzetten van een coöperatie voor gezamenlijk beheer van open source tools die nu al gebruikt worden door verschillende gemeenten[25] In de Agenda Digitale Stad 2023-2026 wordt gepleit voor structurele samenwerking met lokale partners en maatschappelijke partijen in de stad rondom digitale vraagstukken. Digitale onaankelijkheid is bij uitstek een onderwerp waar deze structurele samenwerking vorm kan krijgen en dit voorstel roept dan ook op om deze samenwerking op te zoeken met organisaties in de stad tijdens deze verkenning. Zoals eerder genoemd kan Amsterdam dit niet alleen, en daarom is het belangrijk om in deze verkenning ook de samenwerking op te zoeken met andere gemeenten, VNG en internationale coalities. Wij vragen om op basis van deze verkenning uiterlijk eind 2024 verschillende scenario’s voor te leggen aan de raad, die duidelijk maken hoe een meerjarig pad naar digitale onaankelijkheid eruit kan zien.
In die scenario’s moet ook duidelijk worden welke (politieke) keuzes en afwegingen te maken zijn en de mogelijke financiële gevolgen daarvan. Kort samengevat, verzoekt GroenLinks dit college: 1. 2.
3. 4.
te onderzoeken wat er voor nodig is om in 2030 digitaal onaankelijk te zijn; hiertoe een nadere verkenning met verschillende scenario’s nog voor het einde van 2024 voor te leggen aan de raad, waarin in ieder geval de volgende elementen worden meegenomen: - welke ICT-producten en -diensten het meest kansrijk zijn en waar de grootste uitdagingen liggen; - binnen welke domeinen ‘quick wins’ te behalen zijn en wat er voor nodig is om die omslag te maken; - mogelijkheden van voorwaarden opnemen in inkoopbeleid; - mogelijkheden voor het opzetten van een coöperatie voor gezamenlijk beheer van open source tools die nu al gebruikt worden door verschillende gemeenten; op basis waarvan een Amsterdamse strategie kan worden vastgesteld; hierin samen te werken met de VNG, maatschappelijke organisaties en internationale netwerken van steden zoals Eurocities en de City Coalition for Digital Rights
[1] Zie Onderzoek ‘Inzicht in beleid, geld en keuzes’ van Cebeon/Lysias, pagina 55 https:// amsterdam.raadsinformatie.nl/document/12368695/1/09012f9780b26dec [2]
Zie ook het manifest ‘Public Money? Public Code!’ https://publiccode.eu/en/openletter/
[3] Zie ook de Aerius uitspraak waarbij de broncode en benodigde data openbaar moest worden gemaakt op basis van het zorgvuldigheid- en motiveringsprincipe onder de Algemene wet bestuursrecht (Awb) https://pure.uvt.nl/ws/portalfiles/portal/31738610/AA20190776.pdf [4]
https://www.nrc.nl/nieuws/2022/09/04/vertrouw-niet-op-algoritmes-die-missenverbeeldingskracht-a4140587?t=1680099382 [5] https://www.cybersecurityraad.nl/documenten/rapporten/2021/02/18/onderzoeksrapportdigitale-autonomie, pagina 64
Gegenereerd: v1.10
7
Gemeenteraad
VN2024-003488 Griffie
RAAD
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van 27 maart 2024
[6] https://www.clingendael.org/publication/too-late-act-europes-quest-cloud-sovereignty [7] https://nos.nl/artikel/2510923-amerikaanse-overheid-kan-bij-e-mail-van-nederlandse-overhedenen-kritieke-bedrijven [8] https://open.overheid.nl/documenten/ronl-bbc2eeff7c47541f993ebd2f9b61508f07750dd1/pdf, pagina 10 [9] Idem, pagina 11 [10] https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:32023C0123(01) [11] https://shared-digital.eu/statement/ [12]
https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/10933759/1/09012f97804ae9f8
[13]
https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/12030280/1/511_22+Motie+IJmker+c_s_ +Cloudstrategie+gemeente+Amsterdam+2022-2025+-+kiezen+voor+verantwoorde+technologie [14] https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/12607084/1/09012f9780c39ec9 [15] Https://www.pianoo.nl/nl/inkoopproces/aanbestedingsprocedures/innovatiepartnerschap [16] https://commonground.nl/ [17] https://www.uva.nl/en/about-the-uva/policy-and-regulations/general/preserving-digitalsovereignty-of-universities-and-researchers/preserving-digital-sovereignty-of-universities-andresearchers.html?cb [18]
https://joinup.ec.europa.eu/collection/open-source-observatory-osor/news/basque-countrywants-european [19]
https://joinup.ec.europa.eu/collection/open-source-observatory-osor/news/new-step-towardsopen-source-dortmund [20] https://opensource.muenchen.de/ [21]
https://nextcloud.com/blog/german-federal-administration-relies-on-nextcloud-as-a-secure-fileexchange-solution/ [22] https://smartcities.publiccode.net/ [23] https://publicspaces.net/manifest/ [24] https://standard.publiccode.net/criteria/ [25] Denk bijvoorbeeld aan Open Stad, Open Web Concept, Huishoudboekje, Signalen, GEM Chatbot, Platform Dienstverlening, Open Inwoner, Open Formulieren, Open Zaak
Welke stukken treft u aan
Gegenereerd: v1.10
8
Gemeenteraad
VN2024-003488 Griffie
RAAD
Initiatiefvoorstel voor de raadsvergadering van 27 maart 2024
Meegestuurd
Registratienr.
Naam
AD2024-014069
Gemeenteraad Initiatiefvoorstel (pdf)
AD2024-014092
Raadsinformatiebrief bestuurlijke reactie Amsterdam digitaal onaankelijk.pdf (pdf)
Registratienr.
Naam
Ter Inzage
Gegenereerd: v1.10
9