CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitief verslag WIO 02-02-2022

Raadscommissie Werk Inkomen en Onderwijs 2 februari 2022, gemeente Amsterdam8.738 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering.

WIO

Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

DEFINITIEF VERSLAG Vergadering

Openbare digitale vergadering van de Raadscommissie Werk Inkomen en Onderwijs (WIO)

Vergaderdatum Verslag vastgesteld op:

Woensdag 2 februari 2022, van 9.00 tot 12.15 uur Donderdag 7 april 2022 Voorzitter: mevrouw Bakker Portefeuillehouders: wethouder mevrouw Moorman, wethouder Groot Wassink Commissiegriffier: de heer Van Zanen Verslaglegging: de heer Timmermans (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: mevrouw Bloemberg-Issa (PvdD), de heer Blom (GrLi), mevrouw De Fockert (GrLi), mevrouw Heinhuis (PvdA), mevrouw IJmker (GrLi), de heer Khan (DENK), mevrouw Kuiper-de Haan (CU), mevrouw Van der List (GrLi), mevrouw Marttin (VVD), de heer Miedema (PvdA), mevrouw Rooderkerk (D66), de heer Veldhuyzen (BIJ1), mevrouw Wijmenga (CDA), de heer Yilmaz (DENK) Afwezig: Nida, FvD, PvdD, PvdO, Ja21, SP Overige aanwezigen: de heer Blok (inspreker)

1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 9.00 uur. Zij gaat na welke leden daadwerkelijk digitaal aanwezig zijn en stelt vast dat er een quorum is. b. Mededelingen De VOORZITTER deelt mee dat het presidium besloten heeft dat onderwerpen die vandaag op deze laatste commissievergadering voor de verkiezingen naar de raad gepiept worden op de komende laatste raadsvergadering geagendeerd zullen worden. Verder zijn er geen mededelingen. c. Vaststellen agenda De agendapunten 3, 4 en 5 worden als hamerstukken doorgeleid naar de raadsvergadering. De agendapunten 8 en 9 worden gevoegd behandeld. Voor het overige wordt de agenda conform het voorstel vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare vergadering Raadscommissie WIO d.d. 12 januari 2022 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.

1

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

e. Termijnagenda per portefeuille Er zijn geen opmerkingen of vragen. f. TKN-lijst Er zijn voor deze vergadering vier TKN-stukken geagendeerd. Een verzoek van de heer Kreuger is voor de volgende commissievergadering geagendeerd. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken. 2. Inhoudelijk deel a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijk deel om 9.09 uur. Vanaf dit moment gaan de spreektijden in. b. Inspreekmoment Publiek De heer BLOK presenteert zich als bezorgde vader die het vorig jaar gelukt is de school gesloten te krijgen vanwege coronagevaar. Hij is met zijn gezin toen een jaar in Italië gaan wonen waar kinderen met een gerust hart naar school konden gaan. Nu is hij terug en heeft vergeefs geprobeerd de school te overtuigen van het plaatsen van filters. Hij is nu zelf gaan experimenteren met hepafilters. Die kosten relatief weinig en halen zo goed als alle virussen uit de lucht. In het buitenland worden ze al veel in scholen gebruikt met goede resultaten. Daarom vraagt hij als vader en ondernemer die ook op Amsterdamse scholen te gaan plaatsen. Scholen zijn volgens hem de grootste transmissielocaties, de filters kosten relatief weinig en hebben geen nadelen. Een bijkomstig effect is dat ze ook goed zijn tegen allergieën.

Mevrouw KUIPER-DE HAAN noemt dit een interessante optie en heeft zelf in haar woongemeenschap ervaring met hepafilters. Zij zegt dat haar fractie ook al contact heeft gehad met de gemeente Staphorst waar ze deze filters al toepassen. Daar zijn al Kamervragen over gesteld. Het blijkt dat er in sommige scholen nog steeds besmettingen voorkomen. Er is dus meer wetenschappelijk onderzoek nodig naar het effect. Zij is benieuwd of de inspreker desondanks voorstelt nu al tot plaatsing over te gaan. Het lijkt in ieder geval een nevenoplossing om overdracht van het virus te verminderen. Zij zal de wethouder vragen hoe die deze optie beziet. De heer BLOK zegt dat uit onderzoek gebleken is dat de filters zonder twijfel alle virussen uit de lucht kunnen halen, maar dat er in de praktijk dan wel krachtig machines nodig zijn die men te kostbaar of te luidruchtig kan vinden. Maar ook in zwakkere vorm verminderen de filters het risico op het binnenkrijgen van een virus aanzienlijk, en daar gaat het hem om. Mevrouw ROODERKERK merkt op dat er nog steeds scholen zijn zonder luchtfilters. Zij vindt het initiatief van de inspreker goed, maar noemt het de omgekeerde wereld dat een burger hiermee moet komen omdat de gemeente immers verantwoordelijk is voor schoolgebouwen. Zij is benieuwd wat er op de school van het kind van de inspreker allemaal speelt op dit gebied.

De heer BLOK zegt dat een kind op de Willibrordschool in IJburg zit Daar is twee jaar geleden

2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

een luchtfiltersysteem aangelegd. Zijn ander kind zit op het Vossius en daar is de luchtkwaliteit beroerd. De ouders van de Willibrord hebben buiten het tegenwerkende schoolbestuur om CO2-metingen verricht en het gehalte bleek onder de norm van 800 te liggen, maar volgens onderzoek in Japan zou de echte norm voor covid onder de 600 moeten zijn. Dat is echter lastig met ventilatie te regelen want dan zou men uitkomen op een te lage binnentemperatuur of gigantisch energiekosten. Daarom kiest men voor een kaasschaafmodel met ingrepen die allemaal een klein beetje helpen, Hij zegt de hepafilters op veel plaatsen zelf getest te hebben, ook in restaurants, met veelbelovende resultaten. Ventilatie alleen is volgens hem niet voldoende. Mevrouw HEINHUIS vraagt of zijn voorstel dan is naast ventilatie ook nog hepafilters te gaan bekostigen en dus nog meer te investeren. De heer BLOK zegt dat er nauwelijks kosten zijn als men die afweegt tegen de maatschappelijke baten. Het is een eenvoudige oplossing waar niemand tegen kan zijn. Hij ziet het als een plicht te zorgen voor gezonde scholen. Daarom pleit hij ervoor op korte termijn naast de ventilatie ook hepafilters te plaatsen. De VOORZITTER bedankt de inspreker voor zijn bijdrage en merkt op dat het onderwerp bij punt 13 weer aan de orde komt. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten ingebracht. c.

Rondvraag Mevrouw ROODERKERK vraagt waarom er na twee jaar nog steeds geen oplossing is voor de huisvesting van de basisschool Waldorf aan de Werf die vanwege dit probleem vandaag actievoert voor de Stopera. Zij vraagt op korte termijn duidelijkheid te scheppen over een locatie. Zij begrijpt niet dat er na twee jaar nog steeds geen geschikte plek gevonden is. Wethouder MOORMAN zegt dat zij bij de actie hier voor de Stopera een brief van de leerkrachten in ontvangst genomen heeft. De school zit nu samen met Kairos in een gebouw aan de Klaprozenweg, maar heeft een nieuw gebouw op een andere locatie nodig. Daar heeft de gemeente zich de afgelopen twee jaar voor ingespannen, maar het valt niet mee in Noord een geschikte locatie te vinden voor deze vrije, inclusieve school. De plek aan Zuideinde is onderzocht, maar die stuitte op weerstand bij de bewoners, zoals de vorige vergadering hier bleek, en op bezwaren van de verkeerscommissie. De stadsdeelvoorzitter onderzoekt of daar afdoende maatregelen voor te treffen zijn in het belang van de veiligheid voor de schoolkinderen en is intussen ook op zoek naar alternatieven. De school komt niet op straat te staan, maar zij begrijpt de gevoelens van onzekerheid. De realiteit is echter complex. Zij heeft morgen weer een afspraak met de school. Zij zegt zichzelf ook voortdurend in te spannen om een oplossong te vinden.

Mevrouw HENHUIS zegt dat hiermee ook haar vraag beantwoord is. De heer BLOM heeft problemen met zijn microfoon maar laat via andere kanalen weten dat zijn vraag hiermee ook beantwoord is. Mevrouw MARTTIN merkt op dat de school niet tevreden is over het gesprek. Zij is blij dat de wethouder zich blijft inspannen en vraagt of zij ook contact gezocht heeft met wethouder De Vries over mogelijke oplossingen voor de verkeersonveiligheid bij de locatie Zuideinde. Wethouder MOORMAN zegt dat het aan de voorkant van het gebouw daar onmogelijk is de verwachte verkeersdrukte van alle kinderen die uit de wijde omgeving per auto gebracht zullen gaan worden, veilig af te wikkelen. Er wordt nu gekeken of er aan de achterkant ruimte gemaakt kan worden, maar dan zal een omgevingsvergunning nodig zijn. Het stadsdeel gaat daarom kijken naar andere

3

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

mogelijkheden en dat is een stadsdeelkwestie. Zij weet niet wat wethouder De Vries in dit stadium zou kunnen betekenen, maar de kwestie heeft alle aandacht. Mevrouw MARTTIN zegt dat er aanwijzingen zijn dat leerkrachten op basisscholen niet goed weten hoe ze dit jaar moeten omgaan met kansrijk adviseren over de schoolkeuze van hun leerlingen. Zij vraagt of de gemeente ze daarop gaat attenderen en ook bij scholen gaat kijken of ze inderdaad kansrijk adviseren. Wethouder MOORMAN zegt die signalen niet te kennen en vraagt die aan haar door te geven. Er is volgens haar niets veranderd ten opzichte van vorig jaar en vraagt wat zij dan zou moeten aangeven in haar gesprekken met OSVO en schoolbesturen van het basisonderwijs. Mevrouw MARTTIN zegt dat de onzekere situatie rond corona leidt tot die onzekerheid. Leerkrachten weten niet wat er van ze verwacht wordt. Daarom vraagt ze de wethouder dit nog eens nadrukkelijk onder de aandacht te brengen. Wethouder MOORMAN zegt dit toe. BESPREEKPUNTEN Onderwijs 3. Benoeming één lid Raad van Toezicht AWBR Nr. VN2021-035244 Dit punt is als hamerstuk doorgeleid naar de raad. 4. Benoemen één lid in de Raad van Toezicht StWT met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2022 Nr. VN2021-029783 Dit punt is als hamerstuk doorgeleid naar de raad. 5. Herbenoemen van één lid in de Raad van Toezicht van StWT met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2022 Nr.

VN2021-026318 Dit punt is als hamerstuk doorgeleid naar de raad. 6. Wijzigen van de Verordening op het lokaal onderwijsbeleid Amsterdam 2019 (VloA 2019) en vaststellen van de subsidieplafonds voor het subsidietijdvak schooljaar 2022-2023. (ZD2022000567) Mevrouw MARTTIN merkt op dat er jaarlijks veel subsidies naar leerkrachten gaan in de strijd tegen kansenongelijkheid. Zij vraagt of deze nieuwe plafonds zijn bepaald op basis van effectiviteit of van populariteit van de regelingen. Zij is benieuwd naar de grondslag. De brede-brugklasbonus klinkt sympathiek om twijfelgevallen een plek te geven in een brede brugklas, maar zij wijst erop dat het risico van minder motivatie bij de leerlingen kan ontstaan omdat ze toch al weten dat ze op dezelfde school kunnen blijven. Zij vraagt of er al cijfers bekend zijn over op- en afstroom ten opzichte van het schooladvies. Mevrouw HEINHUIS vraagt of er onderzoek ten grondslag ligt aan de stelling dat de motivatie zou afnemen in een brede brugklas. Mevrouw MARTTIN stelt dat kinderen op categorale scholen hun best moeten doen om bij hun vrienden op school te blijven. Bij brede brugklassen is die noodzaak er minder. Dit geeft zij uit

4

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

gesprekken opgemaakt, van onderzoek is haar niets bekend. Maar zij sluit niet uit dat de wethouder daar meer over weet. Mevrouw DE FOCKERT zegt zich het omgekeerde ook te kunnen voorstellen, namelijk dat kinderen in die brede brugklas juist beter hun best gaan doen om hun niveau te halen. Zij waarschuwt voor tunnelvisies. Zij is een voorstander van goede deskundigheidsbevordering van leerkrachten en vindt het een goede zaak dat er nu een budget is voor dat doel als het gaat om de leefwereld van jongeren en individueel problematisch gedrag, maar mist training in het signaleren van online grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld. Wethouder MOORMAN is blij met de brede steun voor de VloA. Zij hoort van leerkrachten die in andere gemeenten voor de klas gestaan hebben, dat dit programma uitzonderlijk veel te bieden heeft. Iedereen wil graag goed onderwijs, maar de middelen zijn schaars en Amsterdam heeft er met dit college voor gekozen veel eigen middelen voor dit doel in te zetten. De vraag naar de hoogte van de plafonds is relevant, want het kan heel goed zijn dat die net te laag zijn. Daarom wordt het programma op verschillende manieren gemonitord en vinden er soms bijstellingen plaats in de verdeling van schaarse middelen. Zij verwijst naar de evaluaties. Mevrouw Marttin gaat volgens haar bij de beoordeling van de brede-brugklasbonus te veel uit van angstprikkels.

Uit pedagogisch onderzoek komt echter naar voren dat positieve prikkels een beter effect sorteren en dat negatieve een groot risico op psychische problemen in de toekomst opleveren. Zij signaleert dat de samenleving op steeds vroegere leeftijd prestaties van kinderen verwacht waar die nog lang niet aan toe zijn. Er zijn tal van redenen waarom kinderen pas later tot bloei komen en daarom vindt zij het verstandig kinderen meer ruimte en tijd te bieden voor hun ontwikkeling en ontdekking van talenten. Onderzoek laat zien dat dit leidt tot betere prestaties en meer levensgeluk. Mevrouw MARTTIN is het met haar eens dat de prestatiedruk te hoog is, maar vraagt of er gegevens zijn die uitwijzen hoe het kinderen in een brede brugklas vergaat en of zij daar beter gedijen. Wethouder MOORMAN zegt dat zij in het schoolloopbanenonderzoek de uitstroom, ook uit het categoraal onderwijs wil laten opnemen. Daar bestaat nu nog geen goed beeld van. Zij zegt toe dat het effect van de brede brugklas betere gemonitord zal worden in het besef dat ze daar mee haar opvolger met deze toezegging opzadelt. Mevrouw DE FOCKERT wil in dat onderzoek dan ook laten meenemen hoe kinderen met een dubbeladvies en een kansrijk advies op een hoger niveau in de brede brugklas presteren. Wethouder MOORMAN zegt dat dit ook kan worden meegenomen.

Het onderwijs kan inderdaad een rol spelen in de preventie en weerbaarheid rond online grensoverschrijdend gedrag. Het wordt hier niet apart genoemd, net zomin als andere thema’s, maar het kan wel meegenomen worden in dat extra budget voor deskundigheidsbevordering. De VOORZITTER constateert dat het stuk voor een korte behandeling wordt doorgeleid naar de raad. Volwasseneneducatie, Laaggeletterdheid en Inburgering 7. Stand van zaken implementatieplan 'ontzorgen statushouder' (ZD2021-015398) Mevrouw KUIPER-DE HAAN verwelkomt dit overzicht over een voor haar belangrijk onderwerp. Zij vindt het terecht dat via Vluchtelingenwerk en buurtteams ondersteuning geboden wordt aan statushouders op de superingewikkelde weg om een toekomst op te bouwen in dit land. Helaas is de praktijk weerbarstig en kampen veel buurteams met vacatures. Zij is benieuwd of er dan wel voldoende teamleden zijn om de steun aan statushouders te verlenen. Het is haar in de wijkmonitor van het Kenniscentrum Inclusief Samenleven (KIS) opgevallen dat met name statushouders uit Syrië en Eritrea met 55% en 43% grote aantallen werklozen tellen; ter vergelijking noemt zij het percentage van 16% bij Marokkanen, een groep waar de werkloosheid toch ook al groot is. Ook de armoedepercentages bij deze

5

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

twee groepen zijn uitzonderlijk hoog. Dat vraagt dus om extra aandacht voor deze twee groepen. Verder is zij benieuwd of er ook al cijfers zijn over de gevolgen van de toenemende krapte op de arbeidsmarkt. Mevrouw DE FOCKERT waarschuwt voor de negatieve beeldvorming die kan uitgaan van het strooien met werkloosheidspercentages over verschillende bevolkingsgroepen. Zij vindt de brief mooi, maar leest een in haar ogen cryptische passage voor over de Gemeentelijke Kredietbank rond de omzetting van leningen voor verhuiskosten in giften of andersom. Zij wil weten of statushouders aanvankelijk is voorgespiegeld dat het om een gift zou gaan en dat ze die later alsnog moeten terugbetalen. Zij wil weten hoe de gemeente omgaat met verhuiskosten als het gaat om een gedwongen herhuisvesting. Verder is zij benieuwd of bij hulpverlening ook de informele leningen van vrienden of anderen, bijvoorbeeld om de overtocht te betalen, worden meegenomen in berekeningen. Wethouder MOORMAN merkt op dat het erom gaat statushouders goed op weg te helpen en dat de mogelijkheid tot ontzorgen daarbij uiterst welkom is. Bij de buurtteams zijn speciale medewerkers voor de begeleiding van statushouders, dus die gaat door met hulp van Vluchtelingenwerk. Er is speciale aandacht voor Syriërs en mensen uit Eritrea. Het Amsterdamse Team Entree doet veel goed werk op dat gebied.

Amsterdam doet het beter dan andere gemeenten in het begeleiden van statushouders naar werk. Het programma Statushouders voor de Klas vindt zij een goed voorbeeld. Daarin worden bijvoorbeeld statushouders die in hun land van herkomst wiskundeleraar waren, toegerust om hier hun vak uit te oefenen. De wijkmonitor van KIS vormt een rijke bron van informatie die zij goed zal laten bestuderen door haar ambtenaren. Zij erkent dat de zin over de GKA in de brief cryptisch is. Waar het om gaat is dat gekeken is of leningen om te zetten zijn in giften om problemen op de lange termijn te voorkomen. Dat bleek zich in de praktijk echter weinig voor te doen omdat de aflossingen al op de bijstand worden ingehouden. In de betreffende zin is bedoeld te zeggen dat het niet om alle leningen gaat en dat er afwegingen gemaakt worden met de manier waarop alle Amsterdammers in zulke gevallen behandeld worden. Die afwegingen \zijn intern binnen de gemeente gemaakt, aan de statushouders is de optie van kwijtschelding nooit voorgespiegeld. Zij vindt wel dat de brief aan statushouders zelf te vol staat met juridisch, technisch en complex jargon. Zij zegt toe dat ze die begrijpelijker zal laten maken. Bij gedwongen herhuisvesting is de behandeling gelijk aan die voor alle Amsterdammers. Bij berekeningen worden informele schulden ook in beschouwing genomen.

Wethouder GROOT WASSINK noemt het KIS-rapport over Syriërs en Eritreeërs heftig. Maar Amsterdam zet met het Team Entree eropin 50% van de statushouders binnen drie jaar duurzaam aan het werk te krijgen en dat lijkt redelijk te lukken. Dat verschilt wezenlijk van het landelijke beeld omdat Amsterdam bereid is daar zelf fors in te investeren. Voor mensen uit Eritrea blijkt de specifieke aandacht onder meer uit de inschakeling van klantmanagers met een achtergrond in dat land. Het klopt dat de arbeidsmarkt aantrekt, maar extra inzet blijft nodig om statushouders naar een werkplek te begeleiden. Het motto van dit college is wat dat betreft ‘integreren is investeren’. En dat doet Amsterdam meer dan de landelijke overheid. De VOORZITTER constateert dat het onderwerp nu voldoende besproken is. Armoede en Schuldhulpverlening 8. Voortgang speerpunten Amsterdamse Agenda Armoede en Schulden 2019-2022 Nr. VN2022-001229 gevoegd behandeld met: 9. Invulling van de ambitie voor een pilot Inkomensondersteuning op maat Nr. VN2021034817Amsterdamse Armoedemonitor 2020 en Schuldenmonitor Amsterdam Nr. VN2021-034762 Mevrouw VAN DER LIST ziet in deze brief vooral weer eens hoe Amsterdam met vroegsignalering, voorkomen van huisuitzettingen en andere maatregelen vooroploopt in het verzachten van de effecten van landelijk beleid.

De wethouder merkt in de brief volgens haar terecht op dat de gemeente door wetsaanpassingen meer moet doen zonder dat daar extra middelen vanuit het Rijk voor

6

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

komen. Zij vindt het een goede ontwikkeling dat de schuldhulpverlening voor jongeren geborgd is in de buurtteams en dat de raad daar in het voorjaar verder over geïnformeerd wordt. Naar aanleiding van de inspraak vorige keer en een werkbezoek aan Noordas vraagt zij hoe je als Amsterdammer kunt weten dat je aanspraak kunt maken op maatwerk bij inkomensvoorzieningen en waar dat maatwerk voor ingezet kan worden. Mevrouw HEINHUIS sluit zich aan bij de vorige spreker en de complimenten over de aanpak en de positieve resultaten. Zij vraagt hoe de komende ontkoppeling van de AOW en andere landelijke ontwikkelingen van invloed zullen zijn op het Amsterdams armoedebeleid. Zij maakt zich met name zorg over die ontkoppeling en vraagt of de wethouder zicht heeft op de omvang van de groep die hier in Amsterdam door getroffen zal worden. Zij overweegt anders een motie in te dienen om daar onderzoek naar te verrichten. Zij is benieuwd of de wethouder in haar brief ook nog andere ontwikkelingen in het landelijk beleid op het oog heeft die van invloed gaan worden op het armoedebeleid. Zij is benieuwd welke aanbevelingen de wethouder zou willen doorgeven aan de volgende wethouder Armoedebeleid. Het werkbezoek aan de buurtteams heeft zij als nuttig ervaren.

Daar zijn nu al wachttijden en zij is benieuwd of maatwerk zal leiden tot extra wachttijden en of er op de arbeidsmarkt wel mensen beschikbar zijn als daardoor extra medewerkers van buurtteams nodig blijken te zijn. Zij begrijpt dat het ingewikkeld en omslachtig is om maatwerk direct op grote schaal in te voeren, maar vraagt zich af of er wel proefprojecten mogelijk zijn bij wijze van experiment. Wethouder MOORMAN verwelkomt vindt net als bij de VloA de brede steun in de raad voor armoedebeleid. Zij merkt op dat corona een groot effect heeft op de levens van mensen die het toch al lastig hadden en n u bovendien ook nog te kampen hebben met inflatie en stijgende energieprijzen. Voortdurende aandacht blijft dus geboden. De Amsterdamse aanpak van vroegsignalering heeft nu navolging gekregen in de landelijke wet voor gemeentelijke schuldhulpverlening waardoor nu allerhande partners verplicht zijn daarin mee te werken. Vroegsignalering heeft in Amsterdam zijn effect bewezen. Het aantal huisuitzettingen is hier drastisch afgenomen en dat betekent minder emotionele en financiële drama’s voor de betrokkenen. Dat is dus een verstandige aanpak die het Rijk nu overneemt, maar daarbij komen helaas de middelen niet mee naar de gemeente. De aanpak scheelt een hoop geld op termijn, maar de gemeente krijgt daar niets van en moet dus aan de voorkant zelf investeren.

Er is wel overleg gaande in VNG-verband met het Rijk en daar is het laatste woord nog niet gesproken. Amsterdam heeft gelukkig wel al het instrumentarium in huis. Zij is blij dat de schuldhulpverlening voor jongeren is ondergebracht bij de buurtteams en daar geborgd is als specialisme. Daar komt in het voorjaar m eer informatie over naar de raad. De buurteams hebben een maatwerkbudget toebedeeld gekregen. Dat is in beginsel vrij besteedbaar voor gevallen waar geen reguliere voorziening beschikbaar is. Voorwaarde is wel dat een professional goedkeuring verleent aan een voorgestelde bestemming. Zij signaleert misverstanden over de bewegingen van het nieuwe kabinet rond de AOW. De AOW blijft gekoppeld aan de loonontwikkeling, maar er wordt nog gekeken of dat ook moet gelden voor de 7% stijging van hert minimumloon over vier jaar. Er wordt gedacht aan een compensatie via een verhoging van de ouderenkorting voor de belasting, maar die zou alleen ten goede komen aan de rijkere AOW’ers met een redelijk aanvullend pensioen. Zij wil graag zaken zuiver houden in de discussie over die plannen. Veel onderzoeken wijzen uit dat ouderen over de hele linie niet de meest kwetsbare en arme groep vormen. Maar het is zeker wel zo dat mensen met alleen AOW en zeker de mensen met een onvolledige AOW geen enkel profijt hebben van die ouderenkorting. Het is van belang vooral naar die groep te kijken.

De stijgende inflatie en energieprijzen treffen vooral die groep hard. Daar moeten echt maatregelen voor komen en daarover dienen de gesprekken met het Rijk te gaan. De groep met onvolledige AOW is al langer in beeld bij de gemeente en haar advies is de aandacht vooral op die groep te richten. In de commissie ZJS komt morgen een brief over de werkdruk bij de buurtteams aan de orde. Schuldhulpverlening blijft een apart specialisme binnen die teams. Het zou wellicht de meest sjieke oplossing zijn om bij de toekenning van armoedevoorzieningen alleen te kijken naar het besteedbaar inkomen. Maar daardoor zouden de uitvoeringskosten de werkelijke uitgaven fors gaan overschrijden. Er zou een onbetaalbare bureaucratie voor opgetuigd moeten worden. Men hoeft maar te kijken naar de intensieve intake bij voedselbanken om daar een idee van te krijgen. Bij de voedselbanken is dat een verstandige aanpak, want het gaat om een groep van bescheiden omvang. Maar het is niet te doen voor alle 140.000 stadspasbezitters.

7

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

De VOORZITTER constateert dat de PvdA afziet van een motie en dat het onderwerp nu voldoende besproken is en niet hoeft te worden doorverwezen naar de raad. 10. Kennisnemen van de raadsinformatiebrief ter afhandeling van motie 785 (10 en 11 november 2021) van de leden Roosma cs. getiteld ‘onderzoek naar de gevolgen van hardvochtig fraudebeleid’ Nr. VN2022-001328 Mevrouw VAN DER LIST vindt fraai dat zij ter afsluiting van haar deelname aan deze raadscommissie nu het woord mag voeren over dit onderwerp. Haar fractie heeft met andere fractie de motie ingediend die het college opdroeg te onderzoeken welke lessen Amsterdam kan trekken uit de toeslagenaffaire voor de eigen dienstverlening burgers en voor het signaleren van onheuse bejegening. Die motie hebben de wethouders naar haar mening goed vertaald in dit onderzoeksvoorstel. Dat concentreert zich op de rol van de professionals, maar zij adviseert ook het perspectief van de ervaringsdeskundigen en slachtoffers hierbij te betrekken. De heer KHAN bedankt de wethouders voor de snelle reactie en de aanpak in G4-verband. Onlangs werd bekend dat ook andere onderdelen van de Belastingdienst niet alleen nationaliteit, maar zelfs ook uiterlijke kenmerken betrekken in de oordeelsvorming. Men denkt daar kennelijk dat bepaalde uiterlijke kenmerken je al bij voorbaat verdacht maken.

Tot nu toe zei het kabinet dat die werkwijze beperkt was tot de afdeling Toeslagen. Als men bedenkt dat ambtenaren gerekend mogen worden tot de elite in de samenleving, geeft dat hem te denken over hoe diep de rot en het hardvochtig beleid zijn doorgedrongen. Het fraudebeleid en de hardvochtigheid waren gerationaliseerd en dus handelde men veelal onbewust. Hij is benieuwd of professionals nu ook getraind worden om ze bewust te maken van de ingesleten vooringenomenheid en het herkennen van onheuse bejegening. Hij erkent dat het een lastig onderwerp is, maar vindt het cruciaal te voorkomen dat overheidsdiensten zich tegen mensen keren vanwege uiterlijke kenmerken of afkomst. De Amsterdamse doorbraakteams en de buurtteams doen volgens hem hun werk overwegend goed. Maar van gedupeerden hoort hij wel veel klachten over de klachtenafhandeling en 14020, iets wat in de brief van de Ombudsman wordt bevestigd. De heer VELDHUYZEN sluit zich bij de vorige sprekers aan. Hij is blij dat het college serieus werk maakt van het onderzoek en dat andere gemeenten zich daarbij aansluiten. Maar om het vertrouwen in de overheid te herstellen is volgens hem meer nodig dan alleen onderzoek. Het gaat erom wat er met de resultaten gebeurt en dat er preventieve maatregelen getroffen worden. Het gevoel dat er jacht gemaakt wordt op mensen moet worden weggenomen.

De Ombudsman laat in zijn brief weten dat de klachtenafhandeling in het sociaal domein niet goed is en dat verbeteringen daar uitblijven. Hij vraagt de toezegging dat die bevindingen worden meegenomen in het onderzoek. Hij vraagt waarom de rol van het Inlichtingenbureau in het opsporen van bijstandsfraude niet wordt meegenomen in het onderzoek. Volgens een artikel in de Groene Amsterdammer lag onderzoek van dat bureau ten grondslag aan het boodschappenschandaal in Wijdemeren. Wethouder MOORMAN benadrukt dat de brief namens het hele college is geschreven. De motie ondersteunde het al bestaande plan om deze zaken te laten onderzoeken. Er hebben te lang zaken plaatsgevonden die het daglicht niet verdragen en levens hebben verwoest, terwijl signalen werden genegeerd. Het PWV-rapport toont aan dat dit niet alleen bij toeslagen gebeurde, maar ook elders bij de Belastingdienst. Daarom is het van belang dit onderzoek uit te voeren om daaruit lering te trekken en alert te worden op signalen. De knellende mechanismen die hier spelen, kunnen dat ook op meer plaatsen binnen de overheid doen. Zij vindt dat ook de rol van het Inlichtingenbureau en 14020 in dat onderzoek moet worden meegenomen en ook de ervaringen van de slachtoffers. De knellende mechanismes kunnen immers overal optreden. Zij stelt dat de gemeente nooit gewerkt heeft met profileringen.

Iedereen heeft toegang tot de schuldhulpverlening en daarbij is geen sprake van criteria of algoritmes, ook niet als er signalen van fraude zijn. Het gaat nu om herstel van het vertrouwen in de overheid. Het idee om preventie als leerdoel van het onderzoek te benoemen, neemt zij graag over. Er is een gesprek geweest met de Ombudsman en die heeft aangegeven dat hij zich richt op de aspecten die de gemeente niet aanpakt. In de zijlijn blijft hij dus betrokken bij dit onderzoek.

8

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

Wethouder GROOT WASSINK zegt dat hij bij elke openbaring opnieuw verbijsterd is over wat mensen is aangedaan. Hij vindt het allemaal dieptreurig en getuigen van een achterliggend mensbeeld dat bepaalde mensen beziet als potentiële fraudeurs, zeker als daar racisme in schuilt. Als het aan hem ligt mag dat nooit meer gebeuren en is dat ook nodig om alle wantrouwen in de overheid weg te nemen. Daartoe dient het onderzoek. Het Inlichtingenbureau kan veel gegevens verstrekken, maar Amsterdam is terughoudend met het gebruik. Er is voor gekozen om het onderzoek te richten op knellende mechanismes en hij sluit niet uit dat het Inlichtingenbureau daarin zal opduiken. Wat betreft de boodschappenboete heeft Amsterdam een afwijkend beleid. Maar als in het onderzoek naar voren komt dat mensen vermangeld zijn als gevolg van optreden van het Inlichtingenbureau, zal dat meegenomen worden. De heer VELDHUYZEN waarschuwt wethouder Moorman terughoudend te zijn met stellige uitspraken als zou de gemeente nooit etnisch profileren of algoritmes gebruiken. Dat moet immers nog uit het onderzoek blijken. Bij het schuldhulploket is dat misschien zo, maar hij sluit het bij andere diensten niet bij voorbaat uit. Wethouder MOORMAN zegt dat hij haar verkeerd begrepen heeft. Zij heeft het alleen gehad over het ontbreken van selectiecriteria worden gehanteerd bij de toegang tot schuldhulverlening.

De VOORZITTER constateert dat het onderwerp nu voldoende behandeld is. Sociale Zaken 11. Brief en rapportage Programma Meer Kans Op Werk Nr. VN2021-034797 Mevrouw IJMKER constateert dat er mooie resultaten geboekt zijn ondanks corona. De aanpak blijkt te werken, maar er is meer geld nodig dan het kabinet beschikbaar stelt en dan het regeerakkoord nu belooft. Die discussie wil zij her nu echter niet voeren. De focus in de aanpak ligt nu op uitstroom naar voltijds werk. Zij vraagt of er niet meer winst te behalen zou zijn als er ook gekoerst werd op deeltijdbanen zoals in het experiment met de bijstand. Zij mist informatie over de duurzaamheid van de uitstroom. Hoeveel mensen zijn er bijvoorbeeld nog steeds aan het werk na een half jaar? Zij v raagt of de gemeente daar zicht op heeft en of er na een half jaar nog sprake is van enige vorm van begeleiding. Zij is benieuwd welke lering er getrokken wordt uit al deze programma’s en dan niet alleen in aantallen en cijfers, maar vooral vanuit het perspectief van de werkzoekenden zelf. Dus vragen als hoe zij de cohortaanpak en de nieuwe vorm van inkomstenverrekening ervaren. Als persoonlijke aandacht en begeleiding de succesfactoren zijn, heeft zij twijfels over de in-een-keer-goed aanpak en de bulkvacatures.

Dat lijken haar eerder quick-fixes en zij wil voorkomen dat mensen gefrustreerd raken waarna ze nog moeilijker weer te motiveren zijn. Een zorgvuldige omgang blijft geboden. De her MIEDEMA sluit zich daarbij aan. Dankzij de nieuwe aanpak is het aantal bijstandsgerechtigden afgenomen en daarmee complimenteert hij het college. Door corona heeft de cohortaanpak helaas enige tijd vertraging opgelopen. Hij vraagt of die nu weer echt op stoom is en verder doorgaat. Hij is benieuwd hoe alle lessen uit dit programma nu concreet geborgd gaan worden. Verder is hij benieuwd of het programma voor jongeren Meer Kans Op Werk doorgaat. Hij vraagt dat mede met het oog op de motie van PvdA en GroenLinks over integraal herstel van de aanpak voor jongeren na de coronacrisis. Hij heeft tijdens het werkbezoek van afgelopen vrijdag aan de buurtteams van ervaringsdeskundigen gehoord dat die niet gediend zijn van het gebruik van het woord klant. Zij zouden liever het woord Amsterdammers zien als men naar hen verwijst. Hij vraagt de wethouder dat hier ook te doen en is benieuwd naar diens reactie. De heer KHAN vindt het lastig tot een afgewogen oordeel te komen omdat hij de nodige informatie mist. De doelstelling van de wethouder was aanvankelijk om 10.000 mensen te laten uitstromen. Dat zijn er 2600 geworden, maar vanwege de coronacrisis valt niet te zeggen of dat nu veel of weinig is.

Maar wat in ieder geval niet te beoordelen valt is hoe duurzaam die uitstroom is. De wethouder

9

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

had cijfers over duurzame uitstroom beloofd, maar die zijn niet geleverd. Dankzij de investering is nu van 92% het klantbeeld bekend, waar dit eerst 50% was. Een toename dus van 42%. Het zou interessant zijn om te weten hoeveel van die 42% nu ook uitgestroomd is. Hij vraagt de wethouder deze cijfers alsnog te leveren. Wethouder GROOT WASSINK merkt op dat hij al voor de komst van corona de andere manier van werken had aangekondigd. Het is verleidelijk om te bespiegelen over het regeerakkoord, maar hij gaat dat niet doen. Hij volstaat met de mededeling dat de VNG berekend heeft dat er alleen al voor reintegratietaken een veelvoud van het voorgenomen Rijksbudget nodig is. Voltijdswerk is niet voor iedereen weggelegd en een deeltijdbaan van minimaal 16 uur maakt volgens hem de kans op stapsgewijze duurzame uitstroom en bestaanszekerheid ook al een stuk groter. De huivering van mensen zit hem vooral in de ingewikkeldheden van de verrekening. Een deeltijdbaan kan echter een goede opstap zijn. De doelstelling van de coalitie is duurzame uitstroom. Daar wordt ook over gerapporteerd. Van 92,5% van de uitstromers in 2021 was bij WPI bekend dat zij langer dan zes maanden ergens aan het werk waren. De gemeente heeft geen bevoegdheid om de contractvormen te onderzoeken, maar kan wel kijken of mensen na die zes maanden nog in dienst zijn.

Bij jongeren is het aannemelijk dat het om jaarcontracten gaat. Het percentage van mensen die binnen een jaar weer terugvielen op een uitkering is gedaald van 25 naar 18%. Daar valt dus ook een verbetering te zien. De scores bij het klanttevredenheidsonderzoek zijn over de hele linie ongeveer gelijk gebleven, maar op onderdelen zijn er wel verschillen te zien. De mensen waarderen het persoonlijke contact met de inkomensconsulenten en de directe duidelijkheid over de uitkering. De snelheid kan beter, maar de persoonlijke aandacht bij de cohortaanpak lijkt te helpen. Sommigen schrokken in eerste instantie wel van de gespreksoproep, maar spreker is blij dat die aanpak is ingezet. Ook bij de bulkvacatures en de ineen-keer-goed aanpak blijft er persoonlijke begeleiding om te bezien of personen passen bij de beschikbare vacatures. Men beoogt zaken in een keer helemaal compleet aan te pakken door aan de voorkant beter te onderzoeken wat de persoon in kwestie nodig heeft. De cohortaanpak is na de coronadip weer volledig op stoom en loopt tot eind volgend jaar door. Hij zal nog laten uitzoeken hoeveel van de 42% mensen van wie nu een beter klantbeeld gemaakt is, zijn uitgestroomd. Corona heeft een effect gehad op de dienstverlening en daardoor is niet het hele budget van twintig miljoen euro uitgegeven. Er zijn verschuivingen geweest en een deel van het budget is over.

Maar de gemeente staat nu aan de goede kant van de streep en presteert beter dan het landelijk gemiddelde. In de rapportage staat al het een en ander over lessen die tot nu toe geleerd zijn. De speciale aandacht voor jongeren blijft volgens hem terecht omdat zij onevenredig getroffen zijn door de coronacrisis. Hij is dan ook blij met het programma Meer Kans Op Werk. Daardoor weer veel jongeren die hun baan verloren hebben, weer naar school gegaan. Het antwoord op de motie komt eind februari. De bedoeling is inderdaad integraal te werken en versnippering tegen te gaan. Hij is het ermee eens dat het gebruik van de term klant verkeerde associaties kan oproepen als ging het om consumenten. Hij heeft intern al gezegd dat hij van die term af wil en dat wat hem betreft WPI gewoon weer Sociale Dienst genoemd mag worden. Als hij na de verkiezingen weer het voorrecht mocht krijgen deze portefeuille weer te beheren, zou een van zijn eerste voorstellen zijn die naamswijziging door te voeren. Ook hij heeft de voorkeur om mensen gewoon Amsterdammers te noemen. Hij werpt de vraag op hoe men klantmanagers dan voortaan zou moeten gaan noemen. Maar hij is het volledig eens met de hartenkreet. De heer MIEDEMA oppert de term sociale dienstverleners. Hij vraagt of er een motie nodig is om de term klant van tafel te krijgen.

Wethouder GROOT WASSINK adviseert hem dringend dan vooraf te peilen of een dergelijke motie het zou halen, want als die verworpen zou worden zou dat zijn ruimte om iets te wijzigen behoorlijk beperken. De heer MIEDEMA zegt er dan van uit te gaan dat het college zelf de intentie heeft die term te veranderen en daarom voorlopig af te zien van een motie in die richting. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp dan voor dit moment voldoende besproken is en niet naar de raad wordt doorgeleid.

10

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

Duurzaamheid en Circulaire Economie 12. Voortgang Duurzaam Economisch Herstel Nr. VN2021-035138 De VOORZITTER merkt op dat voor dit punt ook de commissie FED is uitgenodigd. De heer MIEDEMA betreurt het dat hij nog maar weinig spreektijd heeft voor dit belangrijke programma dat zich grotendeels in stilte voltrekt. Hij vraagt of hij de mantelovereenkomst van de warmtemonitor die beoogt 110 woningen aan te sluiten op het warmtenet ook eens onder ogen mag krijgen en hoe het daarmee staat. Dat de omscholing van mensen ingewikkeld is, is al eerder gemeld. Maar nu stelt het college dat de aanpak versnipperd is en dat daarom ASTA wordt omgezet in een samenwerkingsverband. Hij vraagt wat dat betekent en welke concrete resultaten dat moet opleveren. Mevrouw IJMKER mist de aandacht voor gender in deze monitor en voortgangsrapportages terwijl haar eerder is toegezegd dat die aandacht er zou komen, zeker gezien de ondervertegenwoordiging van vrouwen in technische beroepen. Bij de bespreking van de genderscan een jaar geleden werd ook geconstateerd dat aan die achterstand weinig zal veranderen als daar geen speciale aandacht aan wordt geschonken. Wellicht speelt hier ook een imagoprobleem rond de installatiesector met daarbovenop een verkeerd beeld over de salarissen. Zij vraagt hoe die beroepen aantrekkelijker zijn te maken voor groepen die daar nu een vertekend beeld van hebben.

Wethouder GROOT WASSINK erkent dat het gaat om taaie en technische materie, maar dat het wel gaat om het grote vraagstuk van deze tijd. Hij heeft er onlangs nog met de minister over gesproken dat alle Amsterdamse en nationale ambities op het gebied van klimaat, energietransitie en bouw in de knel komen als er geen doorbraak komt op de inrichting van de arbeidsmarkt. De mantelovereenkomst voor de warmtemotor is in december in de commissie FED aan de orde geweest en desgewenst kan hij die aan deze commissie nazenden. Bij de omscholing is inderdaad sprake van versnippering en daarom is met het oog op een integrale aanpak van de om- en bijscholing besloten ASTA om te vormen van netwerk naar samenwerkingsverband voor het uitzetten van concrete trajecten. Het blijkt lastig gegevens over gender goed te registreren, maar hij zal nogmaals vragen daar in volgende rapportages speciale aandacht aan te geven. Het kan zijn dat beeldvorming over salaris en arbeidsvoorwaarden in de technische sector voor sommige groepen het werken daar minder aantrekkelijk maakt, maar in werkelijkheid wordt in veel sectoren goed betaald voor vaklieden. Hij denkt dat de werkcultuur veel bepalender is voor de keuze om daar al dan niet te willen werken. Veelal begint de werkdag daar al vroeg in de ochtend en dat maakt de combinatie met andere (zorg)taken lastig.

Deeltijd is in die sector nog lang niet overal geaccepteerd, maar hij verwacht dat op een gegeven moment de wal het schip zal keren. De VOORZITTER constateert dat het punt nu voldoende besproken is. Onderwijs 13. Luchtfilters plaatsen in scholen ter bestrijding van de verspreiding van covid-19 Nr. VN2022-002606 Mevrouw BLOEMBERG-ISSA merkt op dat haar initiatiefvoorstel voor betere luchtkwaliteit in schoolgebouwen en op schoolpleinen destijds helaas alleen de steun kreeg van de PvdO en BIJ1. Het RIVM heeft intussen zijn mening bijgesteld over de rol van aerosolen in de verspreiding van virussen. Scholen vormen een haard van besmettingen, zo merkt zij zelf ook in haar werk. Het goede nieuws is dat besmettingen sterk lijken te kunnen worden teruggedrongen door het plaatsen van goede filters. De TU Delft doet daar onderzoek naar op 85 scholen in Nederland en België. Het zou een stap in de goede richting zijn en Oostenrijk en Duistland hebben die stap al gezet, terwijl Nederland een afwachtende houding aanneemt. Zij verzoekt de wethouder te laten onderzoeken in welke scholen het gemakkelijk is hepafilters te plaatsen, waar het lastig is en welke kosten er mee gemoeid zouden zijn om goede

11

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

maatregelen te treffen. Zo kan zij de voorbereiding in gang zetten en hoeft zij niet stil te zitten in afwachting van de uitkomsten van het lopende onderzoek. Mevrouw ROODERKERK zegt dat zij al meermalen gevraagd heeft om CO2-meters op scholen en informatie over scholen die nog geen luchtzuiveringsinstallatie hebben geplaatst. Zij is benieuwd naar de mogelijkheden van hepafilters, zeker voor scholen zonder luchtfilters, maar ook voor de scholen die ze wel hebben. Uit de brief van de wethouder maakt zij op dat er (financiële) ruimte is voor andere maatregelen, bijvoorbeeld voor koelsystemen waar zij eerder al om gevraagd had, en is benieuwd of hepafilters daarmee ook gefinancierd zouden kunnen worden. Zij wil graag meer informatie over de scholen die nog geen luchtfilters hebben. Zij zou ook graag zien dat in het huisvestingsplan van scholen op een voor ouders en leerkrachten inzichtelijke manier wordt aangegeven welke school wel en welke niet zijn voorzien van luchtfilters. Zij vraagt of de wethouder dat weer in leven zou willen roepen zodat ouders dat aspect in hun schoolkeuze kunnen betrekken. Zij hoort verder graag van de wethouder of die hepafilters als een waardevolle aanvulling ziet. Mevrouw HEINHUIS benadrukt het belang van goede ventilatie op scholen en merkt op dat Amsterdam met dit programma vooroploopt in het land.

Daar moet men vooral mee doorgaan, maar zij is wel benieuwd naar de toegevoegde waarde en mogelijkheden van hepafilters. Wethouder MOORMAN vindt de herhaalde aandacht voor dit onderwerp terecht vanwege het belang van schone lucht in scholen en dat niet alleen vanwege corona. Slechte luchtkwaliteit leidt tot lagere leerprestaties. Zij heeft zelf als raadslid in 2015 het initiatiefvoorstel ingediend. Inmiddels is men een stuk verder en heeft het onderwerp extra aandacht gekregen vanwege corona. De gemeente heeft vanaf de start van het programma 80% van de kosten voor haar rekening genomen. Sinds kort betaalt het Rijk 30%. Inmiddels zijn ook de laatste elf scholen die in aanmerking komen, in het programma opgenomen. Er wordt nu ook breder gekeken. Zo wordt er voortvarend omgegaan met plaatsing van CO2-meters omdat dit leerkrachten een goed handelingsperspectief biedt. De gemeente heeft wel een rol genomen in dit programma, maar het blijft de verantwoordelijkheid van de schoolbesturen om luchtfilters te plaatsen. Zij wijst erop dat D66 indertijd zelf de verantwoordelijkheid voor het beheer van schoolgebouwen heeft overgeheveld van de gemeente naar die besturen. Dit programma gaat vooral om het wegfilteren van fijnstof, niet van aerosolen waar de PvdD op doelt. Fijnstof wordt in de hele stad goed gemonitord en de dichtheden zijn goed in kaart gebracht.

Zo zijn ook locaties bepaald waar geen nieuwe scholen meer mogen worden gebouwd vanwege te hoge concentraties. De luchtfilters van dit programma houden de lucht binnen scholen schoon en dat helpt ook tegen corona. De TU Delft en het RIVM voeren onderzoek uit naar hepafilters. Zij heeft daar zelf geen verstand van, maar zij weet wel dat er nog veel onduidelijkheden zijn. Zij vindt dat de adviezen van het RIVM moeten worden afgewacht en dat intussen moet worden doorgegaan met de uitvoering van dit GSA-programma. Mevrouw ROODERKERK voert aan dat volgens het Rijk gemeenten verantwoordelijk zijn voor schoolgebouwen en dat daarom subsidieaanvragen van scholen voor luchtfilters ook via de gemeenten moeten verlopen. Zij vindt het vreemd dat de wethouder die rol uit haar handen laat glippen, terwijl ze in de brief juist aangeeft meer regie te willen voeren. Verder is zij benieuwd hoeveel scholen inmiddels CO2-meters hebben ontvangen. Wethouder MOORMAN stelt dat volgens de wet de verantwoordelijkheid hiervoor toch echt bij de schoolbesturen ligt. Zij zegt niets uit haar handen te laten glippen, maar juist een grotere rol te nemen dan de wet voorschrijft. Als wethouder moedigt zij schoolbesturen aan mee te doen en zorgt zij ook voor miljoenen euro’s ter medefinanciering, maar is zij niet in een positie om deelname te kunnen afdwingen.

Zij vindt het jammer dat mevrouw Rooderkerk twijfels blijft hebben. Zij zal zorgen dat scholen zo spoedig mogelijk CO2-meters krijgen en belooft een brief te sturen over de ontwikkelingen in de verantwoordelijkheden van gemeenten en schoolbesturen voor schoolgebouwen. Mevrouw DE FOCKERT vraagt of er aanwijzingen zijn dat scholen belemmeringen ervaren bij het inroepen van hulp van de gemeente.

12

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

Wethouder MOORMAN zegt dat eventuele belemmeringen voor deelname niet aan de kant van de gemeente liggen, maar aan zaken buiten haar invloedssfeer. De gemeente stelt de middelen beschikbaar om scholen van goede luchtkwaliteit te voorzien. Mevrouw BLOEMBERG-ISSA vraagt of er geen lobby gevoerd wordt om de bijdrage van het Rijk naar 100% te krijgen. Wethouder MOORMAN zegt dat het Rijk pas laat is gestart met die bijdrage van 30% toen de coronacrisis uitbrak. Amsterdam financierde uit eigen middelen al enkele jaren die 80% en veel scholen hebben daar dus geen profijt van gehad. Nu financiert Amsterdam 80% na aftrek van die 30% Rijksbijdrage. Zij merkt op dat sommige fracties zich misschien geroepen voelen dit aan te kaarten bij hun partijgenoten in Den Haag. Mevrouw ROODERKERK zegt dat haar partijgenoten in Den Haag een motie hebben liggen om de Rijksbijdrage naar 100% te brengen. Zij merkt op dat Amsterdam in het voortgezet onderwijs achterloopt met 20% scholen die voldoen aan de norm terwijl dit landelijk 26% is. Wethouder MOORMAN zegt te hopen dat die motie van D66 het haalt. Zij herhaalt haar toezegging voor de brief over verantwoordelijkheden. Zij zal de raad ook informeren als er uitkomsten zijn van het onderzoek naar hepafilters. Als die toegevoegde waarde blijken te hebben, zal de gemeente daarop actie ondernemen. Zij belooft de ontwikkelingen in de gaten te houden.

De VOORZITTER constateert dat het onderwerp nu voldoende besproken is. 14. Kennisnemen van het initiatiefvoorstel 'Gezonde schoollunches in Amsterdam' van het lid Rooderkerk (D66) en de actie Nr. VN2022-002879 De VOORZITTER zegt dat voor dit punt ook de commissie OJZ is uitgenodigd. Mevrouw ROODERKERK zegt dat haar voorstel negen maanden geleden unaniem is overgenomen door de raad. Zij brengt in herinnering dat bij een werkbezoek aan een school in Zuidoost bleek dat de helft van de kinderen zonder ontbijt naar school gekomen was. Een gevulde maag is volgens haar een voorwaarde om te komen tot meer kansengelijkheid. Op sommige scholen vindt zij deze voorziening hard nodig en veel scholen hebben haar gemeld dat ze hiermee aan de slag willen gaan. Daarom vindt zij de reactie van de wethouder teleurstellend. Die wil niets meer doen dan wethouder Kukenheim nu al doet. Geld lijkt spreekster geen probleem; er is immers veel extra geld van het Rijk voor scholen gekomen. De wethouder verwijst alles terug naar scholen en wijst ook een convenant af. Dat vindt zij jammer. Mevrouw HEINHUIS heeft ouders gesproken die het initiatief van belang vonden, maar zij heeft ook een snelle rekensom gemaakt. Voor tien scholen zou dit al 1,2 miljoen euro kosten en als men het voor alle basisscholen zou willen, komt zij uit op een bedrag van 20 miljoen euro.

Zij vraagt zich af hoe men een bedrag van die omvang moet zien in het licht van de totale onderwijsbegroting van Amsterdam. Mevrouw ROODERKER is blij met de steun voor het belang van een lunch op school. Zij heeft bij de VU ook steun gevonden voor het belang van schoollunches. Zij heeft er ook met ouders over gesproken en erkent dat die verantwoordelijk zijn voor het meegeven van een lunchpakket aan hun kinderen. Maar tegelijkertijd wijst zij erop dat Nederland in Europa eigenlijk een uitzondering is, want in veel landen is het normaal dat de school een lunch verstrekt. Zij vindt dit van belang voor gelijke kansen en stelt ook niet voor het voor alle scholen te regelen, maar bij tien waar het het hardst nodig is. Er is veel extra geld van het Rijk ontvangen voor scholen en zij zou al blij zijn als er begonnen wordt met een of twee scholen. Mevrouw HEINHUIS zou hier graag langer over doorspreken dan nu hier mogelijk is. Zij vraagt of met tien scholen het probleem opgelost is en zij zet vraagtekens bij de middelen. Het is haar niet

13

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Sociale Zaken, Armoede en Schuldhulpverlening, Onderwijs, Voorschool, Kinderopvang en Naschoolse Voorzieningen, Volwasseneneducatie Laaggeletterdheid en Inburgering. Definitief Raadscommissieverslag, 2 februari 2022

WIO

duidelijk waar die keuze voor tien scholen op gebaseerd is. Mevrouw ROODERKERK zegt hier graag een keer langer over te willen doorpraten. Zij noemt het Mundus College als een van de scholen die graag willen meedoen. Zij zegt een lijst met de nemen van tien scholen aan de gemeente te hebben doorgegeven. De VOORZITTER merkt op dat D66 ruim door de spreektijd heen is en dat zij mevrouw Rooderkerk dus geen gelegenheid meer zal geven te antwoorden op interrupties. Mevrouw BLOEMBERG-ISSA stelt dat dit voorstel goed zou kunnen aansluiten bij de eiwittransitie die beoogt de consumptie van dierlijke eiwitten terug te dringen. Zij wil daarover graag buiten de vergadering om met mevrouw Rooderkerk van gedachten wisselen. Mevrouw MARTTIN vraagt hoe men wil bepalen welke scholen voor deelname in aanmerking komen. Zij merkt verder op dat de voorgestelde maatregelen om binnen 250 meter van een school geen fastfoodketens toe te staan erg lijkt op de regeling voor coffeeshops. Als D66 die maatregel bovendien ook nog wil beperken tot de lage-inkomsens-gebieden van de stad, vindt zij dat niet liberaal en nogal betuttelend, omdat het erop lijkt dat de opsteller van mening is dat lage inkomens geen verstandige voedingskeuzen kunnen maken. Zij is benieuwd hoe mevrouw Rooderkerk dat zelf ziet en betreurt het dat zij nu geen antwoorden meer mag geven.

De VOORZITTER merkt op dat dit ook in de raad zou kunnen gebeuren als het voorstel daar geagendeerd wordt. Zij vraagt wat mevrouw Rooderkerk gaat doen met haar voorstel en of zij het dan voor de eerstkomende of voor de volgende raad wil agenderen. Mevrouw ROODERKERK zegt dat zij het voorstel ongewijzigd in de komende raad wil agenderen voor een middellange behandeling. Zij wil alle vragen van D66 en PvdD beantwoorden, omdat die immers ook eerder haar voorstel gesteund hebben. Ook voor de wethouder heeft zij nog enkele vragen. De VOORZITTER sluit de bespreking af en concludeert dat het voorstel wordt doorgeleid naar de raad van 16 en 17 februari voor een middellange behandeling, 15. Sluiting De heer BLOM bedankt de voorzitter aan het einde van deze raadsperiode voor haar rustig, zakelijk en beheerst voorzitterschap van de afgelopen jaren waarin meningen soms heftig botsten, maar waar zij toch wist te zorgen voor verbinding. De VOORZITTER zegt zich overdonderd te voelen door deze woorden. Wethouder MOORMAN zegt die waardering te delen en die ook te willen uitspreken voor de griffie en overige ondersteuners van deze commissie. Zij spreekt ook haar waardering uit voor de commissieleden die vaak op het scherp van de snede veel voorstellen beter gemaakt hebben in het belang van Amsterdammers. De VOORZITTER sluit de vergadering om 12.15 uur. ``

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11504713/2