CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Definitief verslag KDD 07-04-2021

Raadscommissie Kunst Diversiteit en Democratisering 7 april 2021, gemeente Amsterdam11.560 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur, Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering.

KDD

Raadscommissieverslag, 7 april 2021

DEFINITIEF VERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vastgesteld op:

Openbare digitale vergadering van de Raadscommissie Kunst, Diversiteit en Democratisering Woensdag 7 april 2021 van 13.30 tot 17.45 uur in de raadzaal van het stadhuis 28 april 2021

Voorzitter: mevrouw De Fockert Portefeuillehouders: wethouder Groot Wassink en wethouder Meliani Commissiegriffier: mevrouw Ter Braak Verslaglegging: de heer Bollinger (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: de heer Biemond (PvdA), de heer Blom (GL), mevrouw Bosman (D66), de heer Flentge (SP), mevrouw De Grave-Verkerk (VVD), Mevrouw Grooten (GL), de heer Havelaar (CDA), de heer Huisman (CU), de heer Khan (DENK), de heer Mangal (DENK), mevrouw Nadif (GL), mevrouw La Rose (PvdA), mevrouw Van Soest (PvdO), de heer Veldhuyzen (BIJ1), de heer Vroege (D66), mevrouw IJmker (GL) Afwezige commissieleden: Overige aanwezigen: wethouder Everhardt (agendapunt 3, OBA-Next)

Algemeen 1.a. Opening De VOORZITTER opent om 13.30 uur de digitale commissievergadering en heet iedereen welkom. 1.b. Mededelingen De VOORZITTER geeft aan dat mevrouw Kuiper van de CU en mevrouw Berckenkamp van D66 nieuwe commissieleden zijn, maar vandaag nog niet aanwezig. De heer FLENTGE moet soms even de vergadering verlaten. Wethouder MELIANI gaat in op de pilot met sneltesten op verschillende locaties, komend weekeinde. In Amsterdam gaat het om 41 activiteiten. De selectie van de locaties is gemaakt door de miniseries OC&W en VWS op voordracht van de landelijke branchevereniging. Hopelijk kunnen in mei en juni 2021 meer locaties deelnemen, bijvoorbeeld de nachtcultuur of bioscopen. Daarop dringt de wethouder ook aan in het gesprek met het kabinet. Mevrouw BOSMAN vraagt of de selectie geen taak voor de gemeente was. De VOORZITTER stelt voor die inhoudelijke vraag bij de rondvraag te stellen. Wethouder GROOT WASSINK gaat in op de door de heer Vroege gestelde vragen over de gebiedsplannen en de hoeveelheid adviezen vanuit de stadsdeelcommissies. De niet-uitgevoerde gebiedsplannen worden verwerkt in de evaluatie. Overigens stemt de werkwijze van de stadsdelen grotendeels overeen maar verschilt de mate van herkenning in de focusopgaven. Dat verklaart het verschil in

1

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

aantallen adviezen. 1.c. Vaststellen agenda Akkoord. 1.d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de Raadscommissie KDD van 17 maart 2021 Akkoord. 1.e. Termijnagenda De heer MANGAL mist de toezegging van 17 februari 2021 over het gesprek met de burgemeester over ongedocumenteerden van Surinaamse komaf. De wethouder zou informeren of de gemeente bereid was meer te doen voor hen en hoe groot de groep is. Kan dat punt in de termijnagenda worden opgenomen? Wanneer komt het antwoord? Wethouder GROOT WASSINK heeft dat punt met de burgemeester besproken. Het hoort thuis in de agenda van commissie AZ. Hij kan zich voorstellen dat men er in een volgende AZ-vergadering op kan terugkomen. De heer MANGAL vindt het onderwerp bij de commissie KDD thuishoren vanwege de relatie met diversiteit. Wethouder GROOT WASSINK geeft aan dat die beslissing aan de heer Mangal zelf is. Die kan de voortgangsbrief ongedocumenteerden hier agenderen. Spreker is bereid de informatie voor de volgende KDD-vergadering mondeling of op schrift te verstrekken. De VOORZITTER merkt op dat een stuk niet in twee commissies kan worden geagendeerd. De commissie heeft kennisgenomen van de termijnagenda. 1.f.

Lijst ter kennisname De VOORZITTER wijst erop dat de volgende te agenderen stukken zijn ingediend: stuk ter kennisname 1 over de motie Steun de sjoel, stuk 5 (opzet evaluatie kunstenplan), stuk 6 (voortgang diversiteit en inclusie), stuk 9 (reactie jaarverslag commissie persoonsgegevens) en stuk ter kennisname 10 over de afdoening toezegging onderzoek integriteit Zuid-Oost. De heer KHAN denkt bij stuk 10 aan een andere manier van bespreking, wellicht in de privésfeer met de wethouder. Hij zal het nog laten weten en wil het stuk wel alvast agenderen in deze commissie. De commissie heeft kennisgenomen van de lijst. 1.g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen stukken binnengekomen.

2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

2.a. Opening inhoudelijke gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijke deel van de vergadering. Vanaf nu gaan de spreektijden lopen. 2.b. Inspreekmoment publiek De VOORZITTER geeft aan dat drie insprekers zich hebben aangemeld. De heer BATTANI spreekt in namens Stichting Argan over OBA-Next, agendapunt 3 van vandaag. De stichting is een van de partners van het OBA-Nextinitiatief, een belangrijk thema voor de stad. Argan is een jongerencentrum in Nieuw-West en staat voor inclusiviteit, debat en het bespreekbaar maken van maatschappelijke thema’s zoals onderwijs en kansenongelijkheid, naast het mobiliseren van jongeren van diverse achtergrond. Sinds twee jaar heeft Argan ook een gemotiveerd jongerenpanel dat veel initiatieven onderneemt. Spreker geeft aan dat de OBA-Next de jongeren gelegenheid zal geven om hun stem te laten horen op een andere locatie dan NieuwWest. Juist op de Zuidas is meer debat en dialoog nodig. De nieuwe huisvesting en de aangesloten partners zullen een meerwaarde opleveren voor de stad, wat betreft ontwikkelingsmogelijkheden en het bespreken van actuele thema’s die ook voor het bedrijfsleven relevant zijn. Daarmee ontstaat een smeltkroes van ideeën, debat en initiatieven. Mevrouw BOSMAN vraagt waarom de OBA-Next op deze locatie moet komen.

De heer BATTANI antwoordt dat op de Zuidas veel bedrijvigheid is, maar weinig dialoog en debat over maatschappelijke thema’s. Daar is veel behoefte aan, juist op deze plek. In andere stadsdelen vindt dat gesprek wel al plaats. De Zuidas bekijkt inspreker als het centrale punt van de toekomst, en het maken van een connectie met het bedrijfsleven kan van grote waarde zijn in verband met de diversiteit en inclusie. De heer HUISMAN vraagt of het niet tegenstrijdig is te investeren in de wijken als het gaat om kennis en leesvaardigheid, terwijl voor de OBA-Next op de Zuidas veel geld nodig zou zijn. De heer BATTANI vindt die opmerking deels perceptie en deels misvatting. Het gesprek en het debat in de wijken gaan niet stoppen, ook niet bij Argan. De OBA-Next is een aanvulling op de activiteiten. De heer VELDHUYZEN begrijpt dat een duur prestigeproject veel kan losmaken. Maakt het niet veel meer indruk als het geld wordt ingezet in stadsdelen waar mensen wonen zonder toegang tot soortgelijke voorzieningen, zoals Zuid-Oost of Nieuw-West? De heer BATTANI zal met Argan de connectie met de achterban altijd houden, ook in wijken zoals Nieuw-West. Het samenbrengen van verschillende bevolkingsgroepen moet echter ook op andere plekken plaatsvinden. De discussies gaan vaak over thema’s zoals de toegang op de arbeidsmarkt en kansenongelijkheid.

Ook op de Zuidas moet die discussie plaatsvinden. De partner Vrije Universiteit en de hele Zuidas worden steeds gemêleerder. Die trend zal doorzetten. Over vijf jaar zal Amsterdam er anders uitzien. De heer MANGAL vraagt waarom de inspreker zo overtuigd is dat de OBA-Next jongeren uit achtergestelde wijken zal aantrekken. Moeten de partners van OBA-Next niet naar die wijken gaan in plaats van de wijken naar de Zuidas? De heer BATTANI vindt het een interessante vraag. Vanuit Nieuw-West duurt de reis naar Zuid tegenwoordig tien minuten. Veel jongeren hebben behoefte het debat op de

3

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

Zuidas aan te gaan. Op de debatten van Argan verschijnen al veel mensen uit andere stadsdelen. De samenwerking met verschillende partners op één locatie heeft een enorme toegevoegde waarde. Mevrouw DE GRAVE-VERKERK begrijpt het belang van dialoog en gesprek in de stad, maar wie praat er dan met wie in de OBA-Next? De heer BATTANI wijst op de coalitie van een aantal partners die hun commitment hebben afgegeven, zoals TechConnect, Giving Back en Argan als debatcentrum met een achterban van kansarme jongeren. Alle verschillende bevolkingsgroepen kunnen samenkomen op deze plek. Men is al bezig samen uit te zoeken hoe dat gesprek kan worden vormgegeven. De heer NIEUWENHUIS spreekt in als sociaal ondernemer van TechGrounds over het belang van de OBA-Next. In het tech-ecosysteem en bij startups is er behoefte aan meer diversiteit en kansengelijkheid voor mensen op zoek naar banen in de IT. Veel partners werken daaraan mee. In de wijken zijn TechGrounds opgericht voor opleidingen van mensen met allerlei culturele achtergrond, ook vrouwen en mensen van alle leeftijden. In een OBA van Nieuw-West is men daarmee begonnen, waarna de aanpak is uitgerold in Zuid-Oost en Zaanstad. De samenwerking met de plaatselijke bibliotheek is daarbij van belang, evenals die met de werkgevers.

Het gaat om het activeren van ondervertegenwoordigd talent naar banen in de IT, met bijvoorbeeld de RABO, Deloitte, KPN en ABN-AMRO, maar ook met de UWV’s en andere publieke partners. Die aanpak werkt goed. De werkgevers worden uitgenodigd naar de wijken te komen voor het netwerken en de samenwerking, maar ook een plek in het zakelijke hart van de metropoolregio is nodig. Dat is de OBA-Next. Mevrouw BOSMAN vraagt of er concrete aanwijzingen zijn dat er ook vraag bij het grote bedrijfsleven is naar een connectie met TechGrounds. De heer NIEUWENHUIS beaamt dat. Er zijn al diverse leden van het platform OBA-Next betrokken, waaronder de werkgevers Salesforce, ABN-AMRO en Deloitte. Die komen graag in de wijken maar zij willen ook in contact komen met de doelgroepen in hun achtertuin. Dan is een neutrale plek op de Zuidas nodig. Het platform is de optelsom van bijvoorbeeld de achterban van Argan met de verschillende werkgevers van de Zuidas om de mensen naar banen in de IT toe te leiden. Dat proces komt voort uit de marktvraag. De heer VELDHUYZEN vraagt zich af of multinationals niet een fonds kunnen oprichten voor de mensen die in de wijken in de armoede zitten. Kan de inspreker begrijpen dat er veel wantrouwen tegen een te dure bibliotheek bestaat? De heer NIEUWENHUIS vindt die vraag begrijpelijk. TechGrounds is geactiveerd met bijdragen vanuit de tech-bedrijven.

Bedrijven doen financieel mee en zorgen voor fondsen voor deelnemers en renteloze leningen, en de opleidingen zijn kosteloos voor de deelnemers zelf. De werkgevers zijn partner in dit initiatief, financieel, qua netwerk en expertise. Mevrouw DE GRAVE-VERKERK begrijpt het perspectief, maar vraagt naar de waarde van het partnerschap voor de mensen die op de Zuidas wonen. De heer NIEUWENHUIS beaamt dat ook de wijken in de buurt van de Zuidas kunnen meedoen aan TechGrounds wat betreft het activeren van ondervertegenwoordigde inwoners. Ook het leven lang ontwikkelen en het bijleren van digitale vaardigheden is een activiteit van TechGrounds, al voordat de nieuwe OBA-Next is gerealiseerd. De heer GLASTRA VAN LOON spreekt in namens Kracht van Mokum over het beleidskader van de buurtbudgetten, agendapunt 5. Zijn organisatie bundelt signalen uit

4

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

het fijnmazige netwerk van bewonersorganisaties en burgerinitiatieven tot gespreksonderwerpen met de centrale stad. Andersom zet Kracht van Mokum beleidsonderwerpen ter toetsing uit in het netwerk, zodat een verbinding tot stand komt tussen de twee werelden. Zo is ook het beleidskader buurtbudgetten uitgezet met de vraag om reacties over de ervaringen van de afgelopen twee jaar. Het college zet de buurtbudgetten in om zeggenschap en eigenaarschap van bewoners te vergroten, zodat zij meer regie krijgen en er draagvlak en dialoog ontstaan. De evaluatie en het beleidskader zijn echter vooral gebaseerd op input vanuit de gemeenteorganisatie, van bovenaf dus, en de bewoners hebben onvoldoende zeggenschap in het proces gehad. Er is te weinig draagvlak voor de evaluatie en het kader gecreëerd. Een verbeterslag is mogelijk en nodig. Spreker pleit ervoor Kracht van Mokum in te zetten om te werken aan meer zeggenschap, eigenaarschap, dialoogvorming en draagvlak onder de bewoners voor de evaluatie en het kader. Dan kan voor de zomer een breed gedragen buurtbudgetkader tot stand komen. De heer KHAN vindt het een stevig signaal, namelijk dat de bewonerscollectieven niet zijn meegenomen in de ontwikkeling van het beleidskader.

Spreekt de inspreker namens meerdere bewonersinitiatieven? Welke toevoegingen aan het kader zijn nodig? De heer GLASTRA VAN LOON antwoordt dat bewonerscollectieven minder dan gewenst betrokken zijn geweest. Kracht van Mokum is geen belangenclub maar verzamelt de signalen uit de stad in alle diversiteit. Er is te weinig gedaan om de signalen diep in de stad op te halen. Inhoudelijk moeten eventuele toevoegingen komen van de bewonersgroepen zelf. De heer VROEGE merkt op dat de bijdrage van de inspreker vol jargon zit. Is dat niet eerder een blokkade voor het contact met de bewoners dan een stimulans voor dialoog? Met hoeveel gewone Amsterdammers spreekt Kracht van Mokum? De heer GLASTRA VAN LOON gebruikte het jargon van het beleidskader van de gemeente zelf, vandaar. Kracht van Mokum spreekt met duizenden Amsterdammers. Daarvoor is er in elk stadsdeel een sleutelpersoon die toegang heeft tot allerlei actieve buurtgroeperingen. Die informatie wordt vervolgens getrechterd naar zeven personen binnen Kracht van Mokum en die bundelen de signalen, naar en van de gemeente. De heer KHAN is benieuwd naar de mening over model C. Ondersteunen die spelregels het werk van de buurtinitiatieven voldoende? De heer GLASTRA VAN LOON antwoordt dat model C het dichtst komt bij waar de meeste bewonersinitiatieven voor staan, namelijk zoveel mogelijk zeggenschap en eigenaarschap.

Of dat model C helemaal voldoet, hangt af van waar men het toepast. In Nieuw-West bijvoorbeeld is er veel ondersteuning vanuit het opbouwwerk zodat model C er zeker kans van slagen heeft, maar in andere delen van de stad is dat veel minder het geval. Dan moet men op een andere manier met model C omgaan. Het principe van model C wordt in de stad omarmd. 2.c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten. 2.d. Rondvraag Mevrouw GROOTEN wijst op de brief van gemeenteraadsleden in Weesp. Die vragen zich af wanneer de verordening komt omdat zij benieuwd zijn naar de uitwerking. Is het een idee om met de klankbordgroep contact op te nemen, zodat zij niet hoeven wachten op de verordening maar alvast de nodige stappen kunnen zetten?

5

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

Wethouder GROOT WASSINK geeft aan dat de Tweede Kamer de Herindelingswet al heeft goedgekeurd, nu is de Eerste Kamer aan zet. Daarna is er voldoende tijd voor de uitwerking en de vaststelling door de raad. Het besluit over de verordening is aan de raad en niet aan de collega’s in Weesp. Spreker is bereid om, zodra er groen licht is, zelf contact op te nemen met de klankbordgroep. Het zou goed zijn als raadsleden dat ook doen. De VOORZITTER stelt voor dat de griffie een datum voor de klankbordgroep zal voorstellen. De heer MANGAL heeft een vraag mede namens de heren Blom en Veldhuyzen. Het gaat om de groep ongedocumenteerde Nederlanders. Naast de problematiek van mensen van Surinaamse komaf speelt hetzelfde probleem bij een Molukse en Indonesische groep. Hoe groot zijn die groepen? Wat kan de gemeente voor hen betekenen? Wethouder GROOT WASSINK geeft aan dat bij die Molukse groep sprake is van een ander patroon in de migratiegeschiedenis. Hij ontvangt de signalen graag en zal ze onderzoeken. De Molukse gemeenschap is een relict uit het koloniale verleden. Bij mensen met een Indonesische achtergrond is vaak sprake van een arbeidsmigratiereden, tot ver na de onafhankelijkheid. Dat is in aard een andere groep migranten. Spreker denkt dat de vraag nogal wat zoekwerk zal eisen, maar dat is geen bezwaar. De problematiek van de groep met Surinaamse achtergrond is hem wel bekend.

De VOORZITTER stelt voor dat de heer Mangal er contact over zal opnemen met de wethouder. Mevrouw NADIF vraagt of bij de aangekondigde proeven met openstelling is gelet op de spreiding in de stad, al is het landelijk beleid. Worden ook de kleine instellingen buiten het centrum erbij betrokken? Wethouder MELIANI zal het uitzoeken en de spreiding ook bij het Rijk aankaarten. In ieder geval het Plein Theater in Oost en Bijlmer Parktheater in Zuid-Oost zijn betrokken bij deze pilot. De heer VROEGE wijst erop dat anderhalve week geleden Fearless City is begonnen, nu City for Change genaamd. Er is weinig informatie over te vinden, behalve op een website De99vanAmsterdam.nl. Dat deze website van de gemeente is, was niet duidelijk aangegeven. Past deze aanpak in de communicatiestrategie van de gemeente? Zijn er meer van dergelijke websites waarop niet duidelijk is aangegeven dat de site van de gemeente is? Een dag na de indiening van zijn vragen is de site gewijzigd. Ook daar is spreker verbaasd over. Wethouder GROOT WASSINK is verbaasd over de vragen. De website is een collegebreed initiatief. Dat de site mede mogelijk is gemaakt door de gemeente, staat duidelijk aangegeven. Er zijn geen andere websites. De aangebrachte wijzigingen hangen samen met onderhoud van de website. Er is dus geen verband met de ingediende vragen. De VOORZITTER sluit de rondvraag af.

bouw

Bespreekpunten Kunst en Cultuur, Monumenten en Erfgoed 3. Toekennen van het uitvoeringskrediet voor de benodigde investering voor de van OBA NEXT, een nieuwe locatie voor OBA en partners, een buurtkamer, de buurtteams en fietsenstalling in het Kenniskwartier, Zuidas.

6

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

De VOORZITTER verwelkomt wethouder Everhardt van Economische Zaken en de Zuidas. Ook de commissie Ruimtelijke Ordening is uitgenodigd voor dit agendapunt. Commissie De heer HUISMAN benadrukt de rol van de OBA in de Amsterdamse wijken. Het laagdrempelig stimuleren van lezen voor groot en klein is belangrijk. Laaggeletterdheid is anno 2021 nog een groot probleem voor mensen bij de aansluiting in de sociale sfeer en hun kansen op de arbeidsmarkt. Daarom was de CU blij dat de aangekondigde bezuinigingen op de OBA niet door gingen. OBA-Next zou een groot cultuurpaleis op de Zuidas moeten worden voor alle Amsterdammers, maar spreker ziet er geen heil in. Diversiteit, gelijkheid en een plek voor alle bewoners, het zijn mooie doelen die vooral in de wijken moeten worden behaald. Verwacht het college werkelijk dat mensen uit heel Amsterdam vanwege het hypermoderne gebouw naar de Zuidas zullen trekken? Het getuigt van meer lef om OBA’s te realiseren in wijken waar de inwoners nog geen toegang hebben tot dergelijke voorzieningen, zoals in Zuid-Oost als onderdeel van het masterplan. Er zijn nog veel mensen die op straat moeten slapen, maar er kan blijkbaar wel fors worden geïnvesteerd in een luchtkasteel op de Zuidas. Anticyclisch investeren om uit de crisis te komen is in principe een goed uitgangspunt, maar deze investering op deze plek is onverstandig.

De CU stemt niet in met het uitvoeringskrediet. Mevrouw BOSMAN wijst erop dat er veel woningen op de Zuidas worden gebouwd, namelijk van 3000 nu naar 10.000 woningen. Er zijn veel toezeggingen van organisaties en bedrijven om mee te doen aan de sponsoring en om van de OBA-Next een aantrekkelijke voorziening te maken voor veel mensen. De insprekers hebben er vandaag al concrete invulling aan gegeven. Waarom neemt de heer Huisman die feiten niet serieus? Moet de Zuidas een afgeschermd gebied voor advocatenkantoren en de financiële sector blijven? De OBA-Next is pas in 2027 klaar. De heer HUISMAN wijst erop dat bij de Zuidas al een prima OBA-voorziening is. Hij is niet overtuigd van deze grote investering op deze plek. Hij woont in de buurt die wel wat meer bedrijvigheid kan gebruiken, maar niet met de enorme investering. Op termijn moet er een OBA-voorziening bijkomen, zeker gezien het aantal nog te realiseren woningen op de Zuidas. Geld moet nu echter goed worden besteed en vooral in de kwetsbare wijken. Momenteel is de OBA-voorziening voor de Zuidas voldoende, al sluit hij een nieuwe in de toekomst niet uit. Deze investering voldoet niet aan de doelstellingen van de OBA zelf, namelijk het laagdrempelig en toegankelijk houden van goede voorzieningen in de wijken.

De heer MANGAL merkt op dat alleen maar rijke instellingen en bedrijven zich hebben verbonden aan het initiatief van OBA-Next, naast TechConnect, de UvA en VU. De verbinding en diversiteit die de multinationals in het dure gebouw willen nastreven ontbreekt in hun eigen interne HR-management. Is dit wat het college bedoelt met het heroveren van de Zuidas door mensen met een bi-culturele achtergrond en armere Amsterdammers van buiten de ring? Als zij al niet meedoen in de organisatie, hoe wil men hen dan toch aantrekken als bezoeker? Met de OBA-Next kiest het college voor een prestigegebouw voor vermogende bedrijven, al moet de simpele Amsterdammer geloven dat hier een bibliotheek wordt gesubsidieerd. Spreker is het er niet mee eens. De bedrijven die zich in de OBA-Next gaan vestigen, kunnen het makkelijk zelf betalen: I&C, TenneT, PWC, Allen&Overy, UvA en VU, allemaal organisaties met veel geld. Waarom moet de belastingbetaler het geld ophoesten, terwijl de gemeente de broekriem aanhaalt vanwege de coronacrisis? Het publieke geld kan beter worden besteed. Mevrouw BOSMAN is enthousiaster geworden over de plannen. Het was goed om de insprekers te horen en het zou goed zijn de discussie feitelijk te houden, ook over de minder kapitaalkrachtige deelnemers aan het platform zoals I&C Weekeindschool.

Er zijn te weinig voorzieningen op de Zuidas, maar wel grote kantoren en internationale bedrijven. De wijk groeit naar 10.000 woningen en de OBA-Next wordt een grootstedelijke

7

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

voorziening. De OBA zelf constateert dat de uitleen van bibliotheekboeken daalt maar dat het bezoek sterk stijgt. Dat vereist vernieuwing waarbij educatie, leven lang leren, verbinding met de arbeidsmarkt belangrijke thema’s worden, naast een tentoonstellingsruimte, ontwikkeling van schrijverskwaliteiten, journalistiek en de verbinding met het bedrijfsleven in verband met diversiteit en inclusie. Het is goed dat de overheid ervoor zorgt dat het gesprek daarover gaat plaatsvinden, niet alleen in bepaalde wijken maar ook op de Zuidas. De heer HAVELAAR begrijpt dat de OBA wil experimenteren om een digitale transformatie door te maken. Waarom is daarvoor een nieuwe locatie nodig? Is een gewone OBA eigenlijk een sterfhuisconstructie omdat daar steeds minder boeken worden uitgeleend? Daar is geen ruimte voor de zaken die men in de OBA-Next wil gaan ontwikkelen. Mevrouw BOSMAN antwoordt dat de meeste bestaande OBA-locaties klein zijn en vol staan met boeken. Daar kunnen workshops of discussiesessies niet plaatsvinden. OBA-Next wordt vergelijkbaar met de OBA Oosterdok, maar dan nog omvangrijker. D66 heeft zich verdiept in het plan voor de toekomst van de OBA-organisatie. In de OBA-Next is er plek om samen te komen met meer mensen en om meer organisaties te huisvesten. Dat kan in andere locaties niet.

De OBA krijgt een nieuwe rol in de maatschappij en de OBA-Next biedt een kans om nieuwe activiteiten te ontwikkelen. De heer HUISMAN vraagt naar de functie van OBA-Next in de wijk en als aantrekkingskracht voor de rest van Amsterdam. Mevrouw BOSMAN hoopt dat de grootstedelijke voorziening goed zal worden gebruikt door meer mensen dan alleen in de wijk zelf. De Zuidas heeft een goede fysieke verbinding met de rest van de stad en is ook op zoek naar een stevige sociale verbinding. De heer MANGAL vraagt naar de diversiteit. Waarom werkt men niet samen met bedrijven die er zelf naar handelen? Waarom moet de belastingbetaler de investering betalen als de bedrijven dat makkelijk zelf kunnen doen? Mevrouw BOSMAN herkent dat beeld niet uit de stukken. Er is bijvoorbeeld een directe samenwerking met de universiteit en I&C Weekendschool, naast bedrijven die talent willen aantrekken. Spreekster vindt dat alles niet aan de vrije markt moet worden overgelaten. Het is niet goed in de ene wijk problemen te laten voortduren en in een andere wijk alleen maar torenhoge en dure kantoren te bouwen. Haar visie is dat de overheid een actieve rol moet spelen om de functies samen te voegen, ook door middel van vastgoed en ruimtelijke ordening. Mevrouw VAN SOEST wijst erop dat 250 miljoen euro wordt gekort op de gemeenschap.

Is D66 nog steeds bereid in te stemmen met dit prestigieuze gebouw? Mevrouw BOSMAN ziet de OBA-Next niet als een kostenpost maar als een rendabele investering. Hoe verklaart de wethouder de succesfactor van dit Zuidas-project met diverse financiële partners, in tegenstelling tot het masterplan in Zuid-Oost? Mevrouw NADIF constateert dat maatschappelijke organisaties in de hele stad kansen zien in de OBA-Next wat betreft de werkgelegenheid, carrièrekansen, trainingen, digitalisering, democratisering en laaggeletterdheid. De financiële bijdrage van het bedrijfsleven op de Zuidas is enkel sponsoring van de programma’s. Daar zet GroenLinks vraagtekens bij. Als men echt kansengelijkheid wil, is een fysieke locatie op de Zuidas nodig. Dan moet juist het bedrijfsleven investeren in de OBA-Next, niet alleen in de programma’s maar ook in het gebouw, de expertise en de inzet. Spreekster richt zich nu vooral op de wethouder Economische Zaken. Hoe komt het dat er een kleine rol voor het bedrijfsleven is in de programma’s en de inzet bij het mentorschap?

8

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

De heer HAVELAAR vraagt wat GroenLinks doet als de investeringen niet op niveau komen. Mevrouw NADIF stelt vooralsnog vragen aan de wethouder. Zij ziet de eerste stappen en dat het bedrijfsleven financieel wil bijdragen, maar enkel op programmatische basis. Dat moet worden uitgebreid. Hoe zorgt de wethouder ervoor dat het bedrijfsleven meer gaat investeren en jongeren toelaat tot het personeelsbestand, hun expertise en netwerken? Zuidas is nu een afgesloten eiland en met de OBA-Next zorgt men ervoor dat de deuren worden geopend. De Zuidas moet maatschappelijke verantwoordelijkheid tonen. Nu zijn ook de bedrijven aan zet. De heer HAVELAAR is kritisch over de investering in de OBA-Next, zeker gezien de problemen bij de bibliotheken in de buurten. Waarom een nieuw pand? De rol van de bibliotheek wordt heroverwogen vanwege de digitale transitie, al blijven de mensen ook boeken lezen. Hoe zeker is men dat het plan gaat worden wat wordt beloofd? Hoe hard zijn de toezeggingen van de partners die ruimtes willen huren of digitale diensten gaan ontwikkelen? Papier is geduldig en het ziet er fantastisch uit, maar er zijn weinig concrete zaken duidelijk. Wat gaat de kwartiermakersorganisatie doen voor 270.000 euro per jaar? Een publiek gebouw op de Zuidas spreekt tot de verbeelding, maar maak dan ook ruimte voor kunst, exposities, muziek of een botanische tuin.

De heer VELDHUYZEN sluit zich aan bij de bijdragen van de CU en DENK. De Amsterdammers moeten betalen voor de huidige plannen en het is de vraag hoeveel en of het bedrijfsleven eraan gaat bijdragen. Investeringen in de ontwikkelwijken zijn harder nodig dan op de Zuidas. Hij twijfelt niet over de betrokkenheid en intenties van de maatschappelijke organisaties of de wethouder, maar hij is oprecht gefrustreerd over de gang van zaken. Hoe komt het dat het college niet kiest voor een ambitieus plan in ZuidOost en wel voor de Zuidas? Er spelen blijkbaar belangen mee die momenteel niet zichtbaar zijn. Kan de wethouder de commissie schriftelijk informeren over het ontstaan van dit plan, wie erbij betrokken waren en welke belangen op welke momenten hebben meegespeeld, liefst aan de hand van een tijdlijn? Als die toezegging er niet komt, dient spreker een motie in of desnoods een WOB-verzoek om de onderste steen boven te halen. Mevrouw DE GRAVE-VERKERK sluit zich aan bij de heer Havelaar, al is het evident dat de Zuidas een oppepper kan gebruiken. In deze woonwijk moet ook een of andere publieke voorziening komen. Waarom is het college ervan overtuigd dat deze OBA-voorziening daar moet komen, en bijvoorbeeld niet in Noord? De VVD heeft financiële bezwaren tegen geld uitgeven waar men in de toekomst behoefte aan zal hebben.

Is er ook onderzocht een verbinding tot stand te brengen tussen groepen die elkaar niet makkelijk zullen ontmoeten, al dan niet op de Zuidas? Er staan veel kantoren en vergaderruimtes leeg. Waarom begint men daar niet met de ontmoetingen? Dat zal volgens het college gaan leiden tot dynamiek op de arbeidsmarkt. Kan daarop nader worden ingegaan? Wat willen de bewoners van de Zuidas eigenlijk zelf? Die vragen niet om een leven lang leren in hun vrije tijd omdat zij daar al in werktijd aan moeten voldoen. Bewoners vragen om een plek voor ontspanning. Hoe is in die functie voorzien? Beantwoording Wethouder MELIANI begrijpt de vragen in deze tijden van crisis. Het college wil blijven investeren, zeker in nieuwe woonwijken. De OBA is een publieke plek voor ontmoetingen en andere activiteiten dan alleen leren. Culturele activiteiten vinden er ook plaats, zo blijkt ook uit de coalitie die is samengesteld uit verschillende partijen. Soms zijn het werelden die elkaar niet kruisen en elkaar kunnen ontmoeten in de OBA-Next, voor alle generaties en mensen in Amsterdam. Eerder is een motie aangenomen om de Zuidas meer dan een plek voor het bedrijfsleven te maken, in 2018, waarna een haalbaarheidsonderzoek is gedaan. Er zijn weinig plekken in de stad over voor een

9

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

maatschappelijke en culturele onderneming. Ook voor de bewoners van de Zuidas zal een culturele programmering mogelijk worden. Bijzonder aan de coalitie is de deelname van veel maatschappelijke partners, van Stichting Studiezalen, Hamid Idrissi en IMC Weekeindschool tot rijke mecenassen die hun geld, expertise en netwerk bijdragen. Ook de VU wil er de kennis ontsluiten voor iedereen. Het gebouw is 8.500 m 2 groot, voldoende om alle partners een plek te geven. Het wordt een plek waar men dingen kan maken, andere mensen digitaal of fysiek kan ontmoeten, een plek voor opleiding en talentontwikkeling op weg naar werk, al dan niet op de Zuidas zelf. Vanuit Zuid-Oost is het slechts een kwartier reistijd. In de brief van 14 december 2020 is ingegaan op de OBA nieuwe stijl, in transitie vanwege de digitalisering. Aan die omslag wordt hard gewerkt met behulp van een ontwikkelbegroting voor de interne organisatie van de OBA. Daarnaast is het nodig de verbinding met alle groepen in de samenleving te maken. De maatschappelijke coalitie speelt er een belangrijke rol in. De heer HAVELAAR begrijpt dat de OBA een digitale transformatie wil en moet doormaken, maar waarom is daarvoor een nieuw en duur pand nodig? Wethouder MELIANI geeft aan dat die transformatie later in alle OBA’s in de stad zal gaan plaatsvinden. Met de OBA-Next wil men werken aan een nieuwe vorm.

De OBANext wordt verder uitgewerkt, zoals de motie vroeg. Juist op de Zuidas is een grootstedelijke voorziening hard nodig, ook voor de bewoners daar. De heer MANGAL vraagt waarom er studio’s in worden gebouwd. Waarom kan de Meervaart er niet worden gevestigd? Waarom is een dergelijk flitsend gebouw nodig in deze digitale tijden en waarom moet de gemeente dat betalen? Wethouder MELIANI wijst erop dat de OBA verschillende groepen wil kunnen bedienen met ruimtes om zich in terug te kunnen trekken, op basis van het gesprek met de verschillende gebruikers. De Meervaart in Nieuw-West is een theater en totaal anders dan een bibliotheek. Het wordt een grote bibliotheek waarin de maatschappelijke coalitie terecht kan, naast de leners van boeken. Wethouder EVERHARDT is verantwoordelijkheid voor de Zuidas, waarover eerder belangrijke raadsbesluiten zijn genomen om dat gebied een integraal deel van de stad te maken, ook met de bouw van woningen. Een goede publieke voorziening hoort daarbij. De OBA-Next heeft toegevoegde waarde voor de Zuidas als onderdeel van de stad, en is daar goed bereikbaar vanuit heel Amsterdam. Kern van de zaak is de nieuwe toekomst van de OBA, waarbij partners nodig zijn. Vanuit economische zaken zijn de partners gevonden, ook bedrijven op de Zuidas zelf om een connectie te kunnen maken tussen werkgelegenheid en arbeidstoeleiding.

Zij financieren het programma mee en het is belangrijk dat verdere stappen worden gezet op weg naar de opening van het gebouw. Mevrouw DE GRAVE-VERKERK hoort over de betrokkenheid van de partners weinig terug. Kan men niet klein beginnen in de huidige kleine locaties van de OBA om te bekijken wat wel of niet werkt? Is er concreter zicht op de connecties? Wethouder EVERHARDT antwoordt dat die er is, direct en indirect, al is de samenwerking van het bedrijfsleven en OBA-Next nog niet geland in fysieke bijdragen. Wel zijn er al de nodige intenties uitgesproken. Spreker heeft daarom de opdracht aan de OBA-Next meegegeven om dat aspect verder te concretiseren. Mevrouw NADIF vindt dat de toezegging van de gemeente over het krediet ook een toezegging terug van het bedrijfsleven nodig heeft. Nu gaat het slechts om sponsoring op programmatische basis. Zij vraagt om concrete afspraken op papier met de commerciële partners. Wethouder EVERHARDT antwoordt dat in het partnerschap met verschillende partijen wordt gestreefd naar een concrete samenwerking, ook wat betreft de huren. De

10

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

opdracht voor nadere invulling door de OBA is taakstellend meegegeven. De invulling van de partnerships is als bijlage meegestuurd. De wethouder zal zorgen voor nadere concretisering, nog voor de raadsbehandeling. Beide insprekers vandaag zijn al mondeling ingegaan op de rol van de maatschappelijke partners. In het partnership zitten partijen die al op de Zuidas zijn gevestigd, zoals in de mondelinge toelichting van TechConnect is aangegeven. Ook die partners zal spreker in beeld brengen voor de raad. Mevrouw DE GRAVE-VERKERK vraagt wat hen tegenhoudt om nu te starten. Wethouder EVERHARDT heeft aan de hand van de aangenomen motie gevraagd om een inhoudelijk verhaal van de OBA over de noodzaak van deze vestiging voor de toekomst. Ook zijn er partners gezocht en gevonden voor de inhoudelijke invulling. Die zijn al bezig met de uitvoering van het programma. Nu gaat men vorm geven aan een structurele samenwerking, in aanloop naar de oplevering in 2027. De heer BIEMOND begrijpt dat de partners aan de inhoudelijke invulling werken, maar voordien ging de discussie ook over de vraag of het bedrijfsleven zou bijdragen aan de exploitatie- en inrichtingskosten. Dat aspect ontbreekt nog. Wethouder EVERHARDT antwoordt dat daarover nog geen harde afspraken zijn gemaakt, wel is er interesse.

De heer VELDHUYZEN merkt op dat een ruime meerderheid voor OBA-Next is, mits de multinationals van de Zuidas een groot deel van de rekening betalen. Hoe denkt de wethouder daarover? Kan het project on hold worden gezet tot er duidelijkheid is over de bijdragen van de multinationals? Daarmee zou er draagvlak in de raad ontstaan. Wethouder EVERHARDT voert de opdracht van de raad uit, namelijk te zorgen voor een goede plek voor de OBA-Next als publieke voorziening, met een investering vanuit de gemeente. Daarnaast is de opdracht en de taakstelling aan OBA meegegeven om de verbinding met de partijen op de Zuidas uit te bouwen. Nu is men begonnen aan het programma, maar ook is een volgende stap nodig om bijdragen te leveren in de exploitatie of andere vormen. Ook dat behoort tot de taakstelling. Er is voldoende kans op bijdragen nu het gebouw daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Dat is een kwestie van volgordelijkheid. De heer FLENTGE vraagt naar de werkgelegenheid van de vaste medewerkers van de andere OBA’s in de stad, als de OBA-Next is opgeleverd en de plannen qua digitalisering worden uitgevoerd. Wethouder MELIANI heeft in december 2020 de opdracht aan de OBA meegegeven goed te kijken naar de werkgelegenheid en baanbehoud.

De opening van de OBA-Next moet niet leiden tot sluiting van andere vestigingen, daarom heeft het college besloten de bezuinigingen in 2023 en 2024 terug te draaien zodat zoveel mogelijk buurtbibliotheken open blijven. OBA werkt aan een nieuw plan voor het vestigingsnetwerk, maar de wethouder kan niet beloven dat iedereen zijn of haar baan zal behouden. Wel moet er een goed sociaal plan komen. De OBA gaat als onderdeel van het totale plan kijken naar de eigen organisatie, en wellicht komen medewerkers in een ander traject of andere functie terecht als de OBA zich gaat vernieuwen, al dan niet met nieuwe opleidingen. Die uitwerking komt later in de raad aan bod. De heer FLENTGE vindt de interrupties van de voorzitter storend voor zijn betoog. Gaan die niet ten koste van zijn spreektijd? De VOORZITTER geeft aan dat antwoord op interrupties niet van de spreektijd wordt afgetrokken. Zij gaat over op de tweede termijn.

11

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

Mevrouw NADIF vraagt om een brief van de wethouder over de rol van de commerciële partners, inclusief de toezeggingen van hen wat betreft de werkgelegenheid, kansen op de arbeidsmarkt, digitalisering en opleidingsmogelijkheden of andere vormen van bijdragen. De heer VELDHUYZEN vraagt om antwoord op zijn verzoek over de reeks van beslissingen en de belangen. Mevrouw DE GRAVE-VERKERK vindt dat veel zaken nog niet duidelijk zijn. Zij stelt voor het uitvoeringskrediet niet door naar de raad te sturen, maar nog eens in de commissie te behandelen. Wethouder EVERHARDT zal een brief opstellen en naar de raad sturen. Het bedrijfsleven levert ook een bijdrage vanwege de grondprijzen. Dat is positief voor de grondexploitatie van het kenniskwartier. Het college heeft aan de opdracht van de raad voldaan. De stukken zijn gedeeld zodat er inzicht is gegeven in de onderbouwing. De VOORZITTER brengt het ordevoorstel van mevrouw De Grave-Verkerk in stemming om het stuk nog eens in de commissie te bespreken. Na uitgebreide discussie en de hoofdelijke stemming blijkt dat zeven van de aanwezige leden (DENK, CDA, VVD, BIJ1, PvdO en CU) voor een commissiebehandeling zijn. Een meerderheid van negen leden (GL, D66, PvdA en SP) is het eens over doorgeleiding naar de raad.

De VOORZITTER wijst op het ordevoorstel van de heer Vroege om vandaag door te gaan tot 18.00 uur en constateert dat een meerderheid van de commissie daar geen bezwaar tegen heeft, al moeten sommige leden eerder weg. Zij schorst de vergadering 5 minuten. Democratisering (inclusief Bestuurlijk Stelsel) 4. Instemmen met de hoofdpunten voor de nieuwe referendumverordening Commissie De heer VROEGE dankt voor de laat aangekondigde expertsessie zodat er weinig commissieleden aanwezig konden zijn. Waarom worden er geen collegebesluiten aan de raad aangeboden voor bezwaar en bedenkingen als onderdeel van een referendum? Waarom geen referendum op stadsdeelniveau? Waarom mag de raad zelf geen referenda uitschrijven, of waarom moet dat onder een andere naam plaatsvinden? Wie beslist wanneer er een referendum wordt gehouden? Vandaag verscheen een brief van de presidium met een aantal terechte punten en spreker roept de wethouder op nu een tussenstap in te lassen om zaken nog uit te zoeken en in gesprek te gaan met het presidium. Dan kan over een aangevulde hoofdlijnennotitie worden besloten. Mevrouw VAN SOEST juicht het initiatief van het referendum van harte toe, al zijn er nog vragen. In hoeverre is een onderwerp referendabel? Mevrouw DE GRAVE-VERKERK begrijpt dat het hoofddoel van dit voorstel is de burger meer te betrekken en invloed te geven op publieke besluiten van de gemeente.

Nu wordt er ook gesproken over diverse participatie-instrumenten. De wethouder heeft een overzicht voor de zomer toegezegd, inclusief de kosten ervan. Dit voorstel hoort wat de VVD betreft daarbij, zodat een overzichtelijk pallet ontstaat van alle instrumenten om de burger meer invloed te geven. Dat alles moet nog eens goed worden uitgezocht, inclusief een overzicht van de kosten, ook voor de griffie en het presidium. Het gaat om het versterken van de representatieve democratie, tegelijk met het bestuurlijke stelsel. Zo is er rond de Omgevingswet voorgesteld een burgerberaad in te stellen. Spreekster wijst op de ervaringen met een adviserend referendum. Het winnen of verliezen is voor de burger niet

12

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

altijd een verrijkende ervaring, zodat mensen na afloop van een referendum zullen afhaken. In de expertsessie zijn ook succesvolle voorbeelden uit Zwitserland en Duitsland naar voren gebracht, maar zeker Zwitserland kent een heel andere politieke cultuur dan Nederland. De heer VROEGE vraagt of de VVD zich zorgen maakt over de inhoud of over de werking van het instrument referendum. Mevrouw DE GRAVE-VERKERK vindt die vraag niet makkelijk te beantwoorden. Daarom pleit zij ervoor de participatie en de kosten in breder verband te bekijken. De grondhouding van de VVD is dat de participatie van de burger moet worden versterkt, maar het is de vraag of een referendum daarvoor het beste instrument is. Het kan immers ook een recept voor teleurstelling zijn. Aan andere landen kan men zich in dit opzicht niet spiegelen, zo blijkt uit het voorbeeld van Zwitserland. Mevrouw GROOTEN begrijpt dat de VVD de optie van een raadgevend referendum noemt omdat een bindend referendum wettelijk niet mag. Wat vindt die fractie van de optie van zelfbinding door de raad, voorafgaand aan een referendum? Mevrouw DE GRAVE-VERKERK vindt dat het slechtst denkbare voorstel omdat het veel tijd van de raad zal gaan kosten. Die kan de tijd en energie beter richten op betere uitvoeringsprocessen. Met de VVD is wel te praten over een correctief referendum, bindend.

Is er een instrument te ontwikkelen dat de burger werkelijk de mogelijkheid geeft op de rem te trappen? Mevrouw GROOTEN vindt het betoog verwarrend. De VVD wil een correctief referendum, maar de tussenvorm bestaat al met de zelfbinding. Die laatste optie mag best de nodige tijd van de raad kosten. Een correctief referendum mag wettelijk niet bindend zijn, dus kiest de VVD dan niet liever voor een raadgevend referendum zonder drempels? De heer FLENTGE vraagt wat de VVD zelf wil. Hij hoort een pleidooi tegen elke vorm van referenda. Een bindend referendum mag wettelijk niet, terwijl mevrouw De Grave niet streeft naar een raadgevend referendum. Daarmee ontneemt de VVD de burger de mogelijkheid een correctie toe te passen. De Amsterdammer is best geïnteresseerd in het toepassen van een correctie op bijvoorbeeld erfpacht of windmolens. Voelt de VVD daar niets voor? Mevrouw DE GRAVE-VERKERK is het niet eens met GroenLinks. Een correctief referendum is een fors middel voor de burger om de raad terug te fluiten. Zij stelt voor het gesprek later voort te zetten aan de hand van een vergelijking met andere participatieinstrumenten. Aan het huidige voorstel zitten nog te veel haken en ogen, zodat de commissie er later over moet doorpraten. De correctie van de burger vindt plaats door een stem uit te brengen tijdens de verkiezingen. Daarnaast wil de VVD het correctief referendum verkennen.

Men moet niet lichtzinnig omgaan met het vertrouwen van de burger en geen fopspeen van een referendum maken. Er zijn eerder referenda geweest met wisselende uitkomst, waarna er besluiten zijn genomen die daarmee niet in overeenstemming waren. Daarom stelt spreekster voor alle participatie-instrumenten te bespreken in een breder bestek. De VOORZITTER wijst op gebrek aan spreektijd van sommige fracties De heer HUISMAN kan niet instemmen met voorstel, omdat er te veel onduidelijkheden zijn over de uitvoerbaarheid en de bijkomende financiën. De heer FLENTGE vraagt hoe de CU in beginsel tegenover vormen van een referendum staat. Is die fractie bereid een ander referendumvoorstel te steunen binnen de wettelijke mogelijkheden?

13

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

De heer HUISMAN verschilt niet van mening met de VVD over dat onderwerp. Hij is voor een correctief bindend referendum als noodrem voor de burgers, al kan dat wettelijk nog niet. Verder is de burger eens per vier jaar aan zet, naast de middelen ter bevordering van burgerparticipatie, de buurtbudgetten of de inspraak. Met een raadgevend referendum voelen de burgers zich niet serieus genomen. Daarvoor zijn andere en laagdrempeliger middelen. De heer FLENTGE merkt op dat de CU dan helemaal niets besluit, behalve de belofte dat men op zoek gaat naar andere instrumenten. Welk middel is even sterk als de vraag aan de bevolking of men voor of tegen een voorgenomen besluit is? De heer HUISMAN vindt dat lastig meetbaar. Met goede inspraak kan de burger zijn of haar stem laten horen, zoals over de Meervaart of windmolens. Een referendum is niet zaligmakend. Mevrouw GROOTEN vindt het fascinerend dat de CU voor de meest vérgaande vorm van een referendum is, maar omdat het niet mogelijk is dan maar helemaal geen referendum wil. Dan zouden de huidige mogelijkheden voor de burgers om hun stem te laten horen afdoende zijn. Dat is een onnavolgbare redering. In een raadgevend referendum zijn de nodige stappen te maken, waarop spreekster zal ingaan.

De hoofdlijnen van het voorstel zijn resultaat van eerdere levendige discussies in de commissie, na het uitkomen van het rapport van de Staatscommissie. Het referendum moet worden bekeken in het geheel van alle participatie-instrumenten. Elke Amsterdammer kan meedoen aan een referendum, ook door het verlagen van het aantal handtekeningen en de manier waarop men kan stemmen. De inhoudelijke vragen van het presidium hangen samen met nadere uitwerking, naast een deel over de financiën. Kan de wethouder in een brief antwoorden op die vragen, liefst voor de raadsvergadering? Een goede communicatie is essentieel voor het inzetten van een referendum, evenals transparantie en heldere vraagstelling. Moeilijkste kwestie lijkt spreekster het voorkomen van teleurstellingen na de uitslag van een referendum, als de raad er uiteindelijk niets mee doet. Daarom is een verdergaande vorm dan een raadgevend referendum te prefereren, maar wellicht kan zelfbinding door de raad vooraf uitkomst bieden. Waarom heeft de wethouder er in dit voorstel voor gekozen? Wat zijn de afwegingen ervoor tegenover het opwerpen van drempels? Hoe werkt de zelfbinding? Ook is er de optie van het tegenvoorstel door bewoners, naast dat van de raad. Dat kan echter ook via een volksinitiatief. GroenLinks is blij met het voorstel.

De heer FLENTGE is blij met alle vormen waarbij men meer democratie bewerkstelligt, zoals het voorstel wil. Het verlagen van de drempels is een mooie stap vooruit, maar de SP heeft twijfels of het genoeg is. Bij een collegebesluit moet het gaan om een voorhangprocedure, waarbij het voorstel voor een referendum aan de raad wordt voorgelegd voor wensen en bedenkingen. De gemeentewet is er echter niet duidelijk over. Kan de wethouder er nader op ingaan? Zullen collegebesluiten vaker aan de raad worden voorgelegd voor wensen en bedenkingen, zodat die ook vaker referendabel kunnen worden? Hoe zal die procedure in de praktijk gaan werken? Spreker pleit ervoor de Amsterdammers meer ruimte te geven correctie toe te passen op genomen besluiten. Kan een onderwerp zoals windmolens of de politieke inrichting van de stadsdelen referendabel worden verklaard? Volgens de huidige verordening kan dat niet. Kan dat in de toekomst wel? De SP is voor maximale inspraak voor de Amsterdammers. De heer VROEGE vraagt of de SP alleen voor meer inspraak is op die punten waar die fractie in de raad aan het kortste eind trekt, of ook voor referenda over besluiten waar men voor heeft gestemd, bijvoorbeeld over de armoedegelden. Zou de SP instemmen met een referendum om die gelden af te schaffen? De heer FLENTGE vindt die suggestieve vraag onterecht.

Zijn voorstel voor het referendum geldt voor alle Amsterdammers, elk voorstel, elk onderwerp en op welk moment dan ook. Een referendum over het afschaffen van de armoedegelden lijkt hem

14

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

onwaarschijnlijk, maar de SP zal ook in dat geval een harde en inhoudelijke campagne tegen het afschaffen voeren. De heer VELDHUYZEN dankt de wethouder en andere betrokkenen bij de opstelling van de hoofdlijnen. Hij komt er later uitgebreider op terug. Bij de buurtbudgetten is sprake van een ongelijk speelveld en dat moet worden rechtgetrokken. Spreker pleit ook voor een wereldwijd referendum over de verdeling van de welvaart. De heer BIEMOND gaat in op de uitzondering van het spoedgeval, waarbij een raadsmeerderheid de opschortende werking ervan opzij kan zetten. Wat lost dat op? Wordt daarmee de besluitvorming niet meer politiek? Is dat gewenst? De uitzondering in het kader van artikel 45 komt ook te vervallen, waarbij bij langdurige trajecten van tevoren wordt besloten of een referendum mogelijk is. Wat gaat dat betekenen voor de beheersing van de voorspelbaarheid en de financiën van dat soort projecten? Over de zelfbinding sluit de PvdA zich aan bij mevrouw Grooten, met name in combinatie met de uitkomstdrempel. In de voordracht staat de zin: de aanname is dat dit ook voor referenda geldt. Spreker vraagt om meer dan een aanname, namelijk om te toetsen of het mogelijk is of niet. Beantwoording Wethouder GROOT WASSINK gaat in op de voorgeschiedenis, waarbij is gesproken over de mogelijkheden om het houden van referenda te versoepelen.

Amsterdam had immers de meest restrictieve verordening op dat gebied. Niet alles zal referendabel worden, dus een tsunami aan referenda is niet te verwachten. Vandaar deze constructieve referendumverordening, waarbij beperkende factoren zijn geschrapt. Een referendum is niet hetzelfde als participatie. De samenhang van die twee wordt nog in een brief over de democratiseringsagenda aangegeven. Een referendumverordening is een normaal instrument voor meer zeggenschap van burgers en moet niet tot een participatief instrument worden beperkt. Bij zware zaken krijgt de bevolking de mogelijkheid in te grijpen of een signaal af te geven. Een correctief referendum is gewenst maar mag wettelijk niet, maar een versoepeling van de huidige restrictieve verordening is wel nodig en mogelijk. Ook collegebesluiten zijn referendabel. Er spelen zaken in de stadsdelen die van grootstedelijk belang zijn, zoals bij de eerder gehouden buurtreferenda. De heer VROEG doelde op referenda tegen een besluit van de stadsdelen. Wordt dat in het nieuwe model ook mogelijk gemaakt? Geldt het alleen voor besluiten van de raad? Wethouder GROOT WASSINK antwoordt dat besluiten in de bestuurscommissie niet referendabel zijn, wel bepaalde onderwerpen. Dat laatste kan op dit moment niet. Het is niet aan de gemeenteraad om zelf een referendum aan te vragen.

De heer VROEGE begreep dat er een aparte verordening komt voor raadplegingen geïnitieerd door de gemeenteraad, al wordt dat geen referendum genoemd. Klopt dat? Als het voor de burger dezelfde procedure is, dan moet het dezelfde naam krijgen. Creëert het geen onnodige verwarring? Wethouder GROOT WASSINK herkent dat punt niet. Men moet de burgers niet onderschatten. Hoe men omgaat met een referendum ligt in hoge mate in handen van de raad, zeker als het gaat om zelfbinding. In de huidige verordening gaf de referendumcommissie er soms een negatief oordeel over, waarna het college dat advies overnam. Nu versoepelt men de voorwaarden zodat de burgers meer mogelijkheden krijgen een referendum aan te vragen, waarna de politiek er duidelijkheid over moet geven. Teleurstelling vindt de wethouder geen overtuigend argument tegen referenda. Het is een belangrijke democratische ervaring. Of men wel niet zijn zin krijgt, is de essentie van politiek. Een opkomstdrempel is ongewenst. Men moet niet-stemmen immers niet belonen, maar wel stemmen juist wel.

15

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

De heer BIEMOND begrijpt niet goed hoe uitkomstdrempels een demotiverend effect kunnen hebben. Het kan ook juist een mobiliserend effect hebben om zoveel mogelijk mensen aan te moedigen om te gaan stemmen. Dat is duidelijker dan wat nu wordt voorgesteld om achteraf de opkomstpercentages mee te gaan wegen. Kan de wethouder het afschaffen van die uitkomstdrempel toelichten? Wethouder GROOT WASSINK antwoordt dat de percentages niet achteraf worden gewogen. In de huidige verordening zijn er allerlei drempels, maar de discussie moet volgens spreker in de raad plaatsvinden. Bij een referendumverzoek moet de raad zich afvragen hoe men met dat verzoek wil omgaan. Dat is democratischer dan wat nu in de verordening is vastgelegd. Uit internationaal onderzoek blijkt het demotiverende effect van uitkomstdrempels. De zelfbinding is een wezenlijk punt voor de individuele volksvertegenwoordiger en niet als fractie. De heer BIEMOND begrijpt uit het antwoord dat de afschaffing van de uitkomstdrempel samenhangt met de zelfbinding. De Raad van State gaf aan dat het een oordeel moet zijn van ieder individueel raadslid. Op die manier kan het dus, maar dan moet de wethouder er nog nader onderzoek naar doen. Wethouder GROOT WASSINK is ervan overtuigd dat het in de verordening nu te voorzichtig is geformuleerd.

Wat wordt voorgesteld is wettelijk legitiem en ook zuiverder, omdat het democratisch gekozen, hoogste orgaan, namelijk de raad, zich moet verhouden met de uitkomst van een referendum. Mevrouw GROOTEN vraagt of het zuiverder is omdat de raad het per keer kan bepalen, afhankelijk van het onderwerp en het proces. Wethouder GROOT WASSINK beaamt dat. De verordening moet alleen gaan over of een onderwerp wel of niet referendabel is. Verder moeten er geen beperkingen in de verordening staan. De omgang met het instrument hoort bij de raad te liggen. De heer VROEGE vraagt of het voorstel van de wethouder is dat ieder raadslid of iedere fractie bij ieder referendum kan besluiten of de uitspraak bindend is. Kan de raad het in meerderheid besluiten of is het aan elk raadslid? Wethouder GROOT WASSINK wil zelfbinding niet in de verordening regelen maar aan de raad zelf overlaten, namelijk aan elk raadslid individueel. In 90% van de raadgevende referenda in Nederland volgt een raad de uitkomst. Mocht de raad niets doen met de uitkomst bij een hoge opkomst, dan zal de burger er consequenties aan verbinden bij de eerstvolgende verkiezingen. Mevrouw GROOTEN vraagt hoe men met de zelfbinding zal omgaan. Het is aan het individuele raadslid, zonder formeel besluit van de raad.

Hoe gaan andere gemeentes ermee om? Wethouder GROOT WASSINK gaat ervan uit dat bij de aanvraag van een referendum een raadslid publiekelijk zal aangeven hoe deze zal omgaan met de uitkomst. Dat is zuiverder voor de relatie tussen volksvertegenwoordiger en kiezer. Collegebesluiten zijn referendabel, al zijn er uitzonderingen aangegeven. Spreker zal de relatie met de Omgevingswet en ruimtelijke onderwerpen nog bekijken. Het college wil een verruiming bieden, een forse verbetering ten opzichte van de huidige verordening. De heer FLENTGE begrijpt dat collegebesluiten referendabel zijn als die een voorhangprocedure krijgen. Dan wordt het voorstel voorgelegd aan de raad voor wensen en bedenkingen. Dan kan een referendum alsnog niet doorgaan, maar spreker pleit ervoor een en ander zoveel mogelijk op te rekken zodat op bijna alle onderwerpen een referendum mogelijk is. Zou de wethouder een onderwerp als de windmolens referendabel achten?

16

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Kunst en Cultuur Monumenten en Erfgoed, Diversiteit en Antidiscriminatiebeleid, Democratisering, Gemeentelijk Vastgoed, ICT en Digitale Stad, Dienstverlening, Personeel en Organisatie, Coördinatie bedrijfsvoering Definitief Raadscommissieverslag, 7 april 2021

KDD

Wethouder GROOT WASSINK begrijpt dat punt. Hij zal het nog nader onderzoeken. Zijn insteek is vooral meer zaken mogelijk te maken. Spreker wil niet vooruitlopen op een referendum over windmolens. Wat nu voorligt is een enorme verbetering, al blijven er onderwerpen bestaan waarbij een referendum niet is toegestaan of niet gewenst is. Bijvoorbeeld de Omgevingswet speelt daarbij een belangrijke rol. De heer FLENTGE stelde die vraag over het huidige windmolenbesluit als een gedachte-oefening. Kan dat aan de Amsterdammers worden voorgelegd? Wethouder GROOT WASSINK geeft aan dat het in de huidige verordening niet mogelijk is, en met deze wijziging ook niet, gezien de Omgevingswet. In het kader van de vraag over artikel 40 en de langdurige besluitvormingsprocessen zoekt spreker vooral naar wat er makkelijker kan worden gemaakt. Hij deelt de vrees van de heer Biemond niet. Er zal ook geen tsunami aan referenda gaan ontstaan, waarbij allerlei belangrijke besluiten zullen worden opgeschort. De heer BIEMOND is het daarmee eens. Hij vroeg naar de consequenties van het opheffen van de uitzonderingen. Wethouder GROOT WASSINK komt er later nog op terug. Hij is er niet bezorgd over, ook gezien de ervaringen in het verleden. De brief met zorgen van het presidium over de uitvoerbaarheid en de financiën is niet vreemd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10088644/2