Definitief verslag DC 16 05 2024
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Raadscommissieverslag, 16-05-2024
Vergadering
Openbare vergadering van de Raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie Vergaderdatum Donderdag 16 mei 2024 van 09.00 uur tot 10.30 uur in de Willem Kraanzaal Verslag vastgesteld op: Donderdag 13 juni 2024 Voorzitter: het lid I. Runderkamp Wethouder(s): R. Groot Wassink Commissiegriffier: M. Diemont Commissieondersteuner: Verslaglegging: N. de Graaf-Schouwenaar (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Bakker (Partij voor de Dieren), Haijen (SP), Heinhuis (PvdA), Hendriks (Volt), Hofland (D66), Kreuger (JA21), Krom (PvdD), Lust (D66), Nadif (GroenLinks), Noordzij (PvdA), Nijssen (VVD), Van Munster (GroenLinks), Garmy (Volt), Bilgin (Forum voor Democratie), Koppejan (CDA), Norbruis (D66), Hirsch (PvdA), Veldhuyzen (BIJ1), Havelaar (CDA) Afwezige commissieleden: Overige aanwezigen: -
ALGEMEEN DEEL 1. a. Opening De VOORZITTER opent de vergadering om 09.00 uur en heet iedereen welkom. Hij stelt vast dat er een quorum is. b. Mededelingen De VOORZITTER doet de volgende mededelingen. • Er zijn geen afmeldingen ontvangen. • Leden Koppejan en Hirsch zijn vandaag als nieuwe leden aanwezig. • Wethouder Pels is afwezig en wordt vervangen door wethouder Groot Wassink voor de portefeuilles Duurzaamheid, Energie, Transitie en Circulaire Economie. • Er is gewerkt aan de apparatuur waardoor de spreektijd van de fracties in het display zichtbaar is. • De te organiseren technische sessies worden alleen toegestaan als deze in de commissie worden aangekondigd en er minimaal vier fracties aangeven aanwezig te zullen zijn. De namen van de desbetreffende leden worden genoteerd en deze worden dan geacht aanwezig te zijn bij de betreffende technische sessie. Wethouder GROOT WASSINK doet de volgende mededelingen. • Diverse leden hebben aangegeven vragen te hebben over de Elektriciteit Congestie. Het voorstel is om een technische sessie te organiseren.
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
• •
•
•
Vanwege het gebrek aan vergadervrije weken in september en oktober is het voorstel dit te doen in de week van 30 oktober 2024. Mocht dit niet lukken dan bestaat de mogelijkheid een afspraak met de individuele leden te maken. Inzake de vragen van raadsleden over de gezondheidsrisico’s van de elektriciteit infrastructuur en hoe de raad hierover geïnformeerd wordt, meldt de wethouder dat op korte termijn een raadsvoordracht en een informatiebrief over het voorzorg beleid zal komen. Na de zomer zal ook hiervoor een technische sessie georganiseerd worden. Het zal gaan om de opgave van het programma EVA, waar ook uitgebreid de risico's van EMV worden toegelicht en hoe daar in projecten mee omgegaan wordt. Inzake de toezegging aan lid Nijssen over de Noorder IJ Plas wordt gemeld dat de bewoners geïnformeerd zijn via diverse nieuwsbrieven van zowel de initiatiefnemers als Gemeente Amsterdam. Dit betreft de gewijzigde aanvraag voor één turbine. De wethouder zal binnenkort ook zelf met de bewoners in gesprek gaan. Met betrekking tot de ter visie legging van het ontwerpprogramma Wind Amsterdam en Plan Milieueffectenrapportage zal er een technische sessie zijn op donderdag 6 juni 2024.
De VOORZITTER peilt de behoefte voor de technische sessies. • Voor de technische sessie Wind Amsterdam melden zich de leden Nijssen, Van Munster, Garmy en Noordzij. • Voor de technische sessie Elektriciteit Congestie melden zich de leden Garmy, Hofland, Nijssen, Bilgin, Nadif, Haijen en Noordzij. • Voor de technische sessie Gezondheidsrisico’s melden zich de leden Garmy, Nijssen, Nadif/Munster, Haijen, Noordzij en Hofland. c. Vaststellen agenda De VOORZITTER stelt dat er geen agendaverzoeken zijn gekomen. Voor de volgende raadsvoordrachten hebben zich geen sprekers gemeld. Het voorstel is om agendapunt 3 (Vaststellen van het gewijzigde warmteplan Sluisbuurt Noord) en agendapunt 7 (Uiten van wensen en bedenkingen over verlenging financieringsfaciliteit) nu niet inhoudelijk te behandelen maar deze voordrachten in de raad te hameren. Lid NIJSSEN meldt nog een inbreng te hebben bij agendapunt 3. De VOORZITTER stelt vast dat agendapunt 3 behandeld zal worden en agendapunt 7 gehamerd zal worden in de raad. Met inachtneming van het voornoemde wordt de agenda conform vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie DC d.d. 11 april 2024 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. e. Termijnagenda, per portefeuille Er worden geen opmerkingen gemaakt.
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
f. TKN-lijst De VOORZITTER maakt melding van negen stukken waar er voor drie stukken het verzoek ontvangen is om deze inhoudelijk te bespreken in de commissie DC van 13 juni 2024. Dat betreft: • TKN-2 inzake de raadsinformatiebrief over de maatregelen tegengaan misbruik inzamelvoorzieningen door bedrijven en bedrijfsmatige grof dumpingen op verzoek van het lid Lust • TKN-3 inzake de reactie op motie 529 en 530 over financiële hulp aan dierenwelzijnsorganisaties op verzoek van het lid Krom • TKN-5 inzake een raadsinformatiebrief over de voortgangsrapportage van Windenergie Amsterdam Q1 2024 op verzoek van het lid Nijssen Er zijn geen bezwaren om deze TKN-stukken de volgende commissievergadering te bespreken. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen stadsdeelcommissies stukken ingekomen. INHOUDELIJK DEEL 2. a. Opening inhoudelijk gedeelte De VOORZITTER opent het inhoudelijk gedeelte van de vergadering en deelt voor de goede orde mee dat de spreektijden zoals op het display getoond, nu gaan lopen. b. Inspreekmoment publiek Er zijn geen aanmeldingen voor insprekers. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten ingebracht. d. Rondvraag Het lid KROM stelt dat in november 20222 het voorstel De Vervuiler Verantwoordelijk is aangenomen. Dit betreft een initiatiefvoorstel wat een bijdrage zou moeten leveren aan het verminderen van zwerfafval.
De raad stemde in met het voorstel om supermarkten en fastfoodketens proactief te houden aan de 25 meter regel, dat wil zeggen, het binnen een straal van 25 meter voor de deur schoonhouden van de eigen straat. Er zouden ook aanvullende afspraken gemaakt worden met de grootste vervuilers in de stad. Ook is afgesproken in dit voorstel dat de gemeente jaarlijks met een top drie van best presterende bedrijven zou komen ten aanzien van het tegengaan van zwerfafval. Daarnaast zou de gemeente gaan onderzoeken hoeveel schade zwerfafval toebrengt aan mensen, dier en milieu.
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Voor de Partij voor de Dieren betreft dit een mooi en relevant voorstel maar helaas is het tot op heden onbekend wat er met het voorstel is gebeurd en wanneer de uitvoering hiervan plaats zal gaan vinden, na anderhalf jaar. De vraag aan de wethouder is wanneer hiervan een terugkoppeling plaats zal vinden. Wethouder GROOT WASSINK biedt namens het college excuses aan voor de late reactie en zegt toe hier voor de zomer 2024 uitgebreid op terug te komen. Het lid KROM is benieuwd of er bij deze reactie van het college ook een uitvoeringsplan gevoegd zal zijn. Wethouder GROOT WASSINK stelt dat er in elk geval een reactie zal komen maar kan niet op de zaken vooruitlopen. Het lid HAVELAAR geeft complimenten voor de noeste arbeid rondom Koningsdag maar vraagt de wethouder of er geen mogelijkheden zijn om ervoor te zorgen dat er niet weken na Koningsdag glas op straat blijft zwerven. Wethouder GROOT WASSINK herkent de situatie niet geheel. Hij benoemt het festival in het Westerpark waar het binnen twee dagen geheel schoon was. Hij zegt toe hier bij de volgende commissievergadering een antwoord op te geven. Het lid HAVELAAR ziet graag best practice voorbeelden terug in de reactie, zoals die van het Westerpark, zodat hiervan geleerd kan worden op plaatsen waar het niet zo gaat, zoals in de gehele Jordaan.
Wethouder GROOT WASSINK stelt zich hiervan niet bewust te zijn maar zegt toe dit in de reactie mee te nemen. BESPREEKPUNTEN Duurzaamheid, Energietransitie en Circulaire Economie 3. Vaststellen van het gewijzigde warmteplan Sluisbuurt Noord (VN2024-002157) De VOORZITTER stelt dat voor dit agendapunt alleen lid Noordzij een bijdrage heeft. Het lid NOORDZIJ geeft aan dat dit warmteplan een goede stap is om het tempo in de klimaatambities te houden en in het bijzonder natuurlijk om zekerheid te bieden voor de concessiehouder. Maar het is een kleinere stap in een grotere opgave waar echt nog veel moet gebeuren. Het is echter nog niet duidelijk wanneer men de volgende stappen kan verwachten en hoe de commissie hierin meegenomen wordt. Hij vraagt de wethouder hier een toelichting op te geven. Wethouder GROOT WASSINK begrijpt de vraag maar geeft aan dat de commissie en de raad via raadsinformatiebrieven zullen worden geïnformeerd over de aanbesteding van zowel het warmte- als het koudenet. Naar verwachting zullen de uitgangspunten voor die aanbesteding in het zomerreces worden gedeeld, de resultaten daarvan zullen negen tot twaalf maanden later zijn. De VOORZITTER stelt dat het onderwerp hiermee voldoende is besproken en gereed is voor behandeling in de raad.
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
4. Vaststellen van de verlenging en de verkleining van de oormerking middelen in het Klimaatfonds voor een herziening van de subsidieregeling Ruimte voor Duurzaam Initiatief Amsterdam (VN2024-02299) Het lid KOPPEJAN geeft aan dat de fondsbeheerder van het Klimaatfonds positief geadviseerd heeft op het verlengen van de subsidieregeling. Zij vindt het, als CDA'er, belangrijk dat er ruimte is voor lokale initiatieven om de stad te verduurzamen. Er wordt verantwoordelijkheid gelegd bij het maatschappelijk middenveld. Zij ziet het als de taak van de gemeente om het laagdrempelig te maken om subsidies voor deze initiatieven aan te vragen. In de voordracht staat dat de totale oormerking van het Klimaatfonds wordt gewijzigd. Zij is benieuwd of er dan te weinig aanvragen zijn geweest en heeft rondgevraagd hoe de mensen die deze subsidies aanvragen dit ervaren. Dit liet zien dat het lang wachten is op de uitslag van de subsidieaanvraag en dat de drempel hoog is om de aanvraag in te dienen. Er zijn goede initiatieven in de stad, bijvoorbeeld de Voedselcirkel Amsterdam, Helen’s Free Foodmarket en Rooftop Revolution. Begin augustus 2023 vroeg Helen’s Free Foodmarket, een lokaal initiatief in Amsterdam om voedselverspilling tegen te gaan, de RIMI-subsidie aan. Zij kregen pas in november 2023 antwoord op de aanvraag welke werd afgewezen.
Helen van Helen’s Free Foodmarket had dezelfde aanvraag ingediend als Voedselcirkel Amsterdam, die de subsidie wel toegewezen kregen terwijl het om ongeveer hetzelfde initiatief gaat. Dit heeft voor Helen tot veel stress en tijd geleid om de financiën rond te krijgen. Mensen zoals zij, die vrijwillig veel tijd en veel van hun passie steken in het verduurzamen van de stad, moeten geholpen worden met deze subsidieaanvraag zodat de vrije tijd die zij opofferen door vrijwilligerswerk te doen, niet naar bureaucratische rompslomp gaat. Een andere organisatie werkt aan de vergroening van de daken, zij helpen kleine lokale initiatieven met de subsidieaanvraag wat een goed voorbeeld is waarvan er meer zouden moeten zijn. De gemeente zelf moet hier beter in faciliteren.
De volgende vragen worden aan de wethouder gesteld: Hoe kan het aanvragen van subsidies laagdrempeliger worden gemaakt, zodat er minder bureaucratische rompslomp is? Hoe kunnen subsidies gemonitord worden zodat de subsidie aanvraag niet onterecht wordt afgewezen en deze goed besteed wordt? Hoe wordt de € 468.000 besteed en wie gaat dit bedrag betalen? Komt dit ten goede van de lokale initiatieven? Kunnen er afspraken gemaakt worden dat de aanvraagtijd halveert zodat men in plaats van vier maanden voortaan maximaal acht weken moet wachten? Het lid NORBRUIS dankt lid Koppejan voor de inbreng en stelt dat een aantal van de vragen van CDA door D66 herkend worden. Het is goed dat deze lokale initiatieven via een subsidie toegekend kunnen worden. Wat betreft de verlenging heeft D66 geen bezwaar maar pleit men voor klimaatactie en klimaatresultaat. Hoe kan ervoor gezorgd worden dat deze verlenging niet ook leidt tot een verdere vertraging? Inzake het geoormerkte geld hoopt D66 dat dit bedrag realistisch is en daadwerkelijk besteed gaat worden. De afgelopen periode is slechts € 470.000 besteed en moet er tempo gemaakt worden om ook het resterende bedrag te besteden.
Wat gebeurt er met het verschil van die € 350.000? Is dat een onderbesteding of is daar al een nieuw plan voor? Idealiter hadden zij dit bekeken vanuit het grotere geheel want op het klimaatfonds is een grote onderbesteding. Is deze € 350.000 een extra onderbesteding of was die al ingecalculeerd in die in eerder gecommuniceerde onderbesteding? Het lid GARMY stelt dat het goed is dat de subsidieregeling er is en wordt verlengd. Hij begrijpt echter niet waarom de onderbesteding niet al eerder is vastgesteld, daar er in mei 2020 al met deze regeling is ingestemd.
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Wordt er op een vast moment gemonitord? Zijn er evaluatietrajecten? Waarom moet het minimaal anderhalf jaar duren om tot een nieuwe ondersteuningsstructuur te komen als nu al bekend is wat de oorzaken zijn voor het aanpassen van de regeling? Wat kunnen we verwachten van die nieuwe ondersteuningsstructuur? De subsidieregeling is eind 2023 is gestopt. Betekent dit dat er vanaf eind 2023 tot nu geen aanvragen kunnen worden gedaan? Als dit het geval is had dit dan niet veel eerder besproken moeten worden zodat er geen stop op gezet hoeft te worden? Het lid NOORDZIJ beaamt dat het goed is dat er verlengd wordt maar voelt tevens de druk om tot uitvoering over te gaan. Het is zijns inziens daarom terecht dat er verder gekeken wordt naar hoe die ondersteuning vanuit de gemeente op korte termijn beter georganiseerd kan worden. Hij geeft aan benieuwd te zijn of er in deze verlenging, naast de ruimte die er weer is voor de bestaande initiatieven, ook ruimte komt voor nieuwe initiatieven en of er wordt gewerkt aan het breed bekendmaken van deze verlenging. De VOORZITTER geeft aan dat de eerste termijn hiermee verstreken is en geeft de wethouder gelegenheid tot antwoorden. Wethouder GROOT WASSINK dankt de leden voor de vragen.
Inzake de vragen van lid Koppejan stelt hij dat de Regeling Integraal Maatschappelijk Initiatief een andere subsidie is dan hier nu voorligt met een andere doelstelling. Hij stelt dat het moeilijk is om in te gaan op de toekenning van een RIMI-subsidie daar de gemeenteraad speciaal hiervoor mensen heeft aangesteld om daarover te oordelen. In die zin ligt dit niet bij het college. Hij merkt op dat de RIMI een belangrijke regeling is waarvan de financiering ophoudt als daar niet op ingegrepen wordt. Het is een financieringsbron voor initiatieven die veel verder gaan dan sec één beleidsdoel. Het kan bijvoorbeeld voedsel zijn, maar ook het aan het werk helpen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en dergelijke. Juist die integraliteit maakt het een goede regeling. Het lid KOPPEJAN geeft aan zich ervan bewust te zijn dat RIMI om een andere regeling gaat maar dat het probleem hetzelfde blijft. Het is niet laagdrempelig om een subsidie aan te vragen met een lange wachttijd tot het ontvangen van een reactie op de aanvraag. Daarnaast is het onduidelijk voor de initiatieven welke subsidies wel of niet van toepassing zijn. Wethouder GROOT WASSINK geeft aan dat dat voor RIMI niet het geval kan zijn daar het stelselmatig sprake is van over intekening, deze zou dus zeker laagdrempelig en vindbaar zijn.
Dit maakt het tegelijkertijd ingewikkeld doordat er zoveel initiatieven intekenen op een beperkt budget. De RIMI werkt met verschillende tranches, binnenkort zal hier weer over gesproken worden. Hij nodigt de raad uit met verbetervoorstellen te komen daar hij de opmerking dat het laagdrempelig moet zijn, deelt. Er moet ook gekeken worden of het doelmatig en rechtmatig is. Hij legt uit dat er geprobeerd wordt juist te monitoren maar geeft toe dat het lang geduurd heeft wat mogelijk aan de onvermijdelijke gestelde voorwaarden kan liggen. Eén van de andere zaken is dat de stap van verkenning naar haalbaarheid ingewikkeld is. Het realiseren van 30% cofinanciering lijkt in deze regeling ook vaak een probleem te zijn. Hij deelt de wens dat het hele geoormerkte bedrag eerder was opgemaakt maar geeft aan dat dit ook op een zorgvuldige manier dient te gebeuren die bijdraagt aan de lokale initiatieven voor de energietransitie. Een versnelling in de voorwaarden zit er zijns inziens niet in daar de gestelde voorwaarden goed zijn. Er is een ingecalculeerde verlaging op basis van de realisatie die gezien wordt, het geld valt terug in het Klimaatfonds. Het lid Norbruis vraagt of er voor de onderbesteding van het Klimaatfonds van € 350.000 nog geen ander doel vastgesteld is en of de raad hier nog met een voorstel voor kan komen.
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Wethouder GROOT WASSINK bevestigt dat er nog geen ander doel voor is. Het voorstel is juist om de voorwaarden te verlengen zodat het door kan gaan. Zijns inziens zou er een voorstel kunnen komen, hoewel dit niet wenselijk lijkt. Inzake de ondersteuning stelt hij dat er zeker praktische ondersteuning is geweest en dat er nagedacht is over het vormgeven van de nieuwe structuur. Dit kost tijd en tot aan de besluitneming tot verlening zijn er geen nieuwe aanvragen geweest. Het is ruim gecommuniceerd geweest. Hij beaamt dat er gekeken moet worden naar hoe deze regeling zorgvuldig verbeterd kan worden. Het lid Noordzij herhaalt de vraag wat er op korte termijn is gebeurd, of er naast de bestaande initiatieven ook ruimte is voor nieuwe initiatieven en hoe dat bekendgemaakt wordt. Wethouder GROOT WASSINK antwoordt dat er tot het besluit van deze verlenging geen nieuwe aanvragen zijn geweest. Op het moment dat hiertoe besloten wordt kunnen ook nieuwe initiatieven hier gebruik van maken, dit is zeer nadrukkelijk de bedoeling. Het lid GARMY stelt dat het goed is dat er een nieuwe ondersteuningsstructuur komt om de hoeveelheid aanvragen te verbeteren. De vraag is echter of er intern gekeken wordt naar het voorkomen van een lange periode voordat geconcludeerd gaat worden dat er een onderbesteding is.
Wethouder GROOT WASSINK legt uit dat de monitoring gaande is en er tegelijkertijd onderzocht wordt hoe huidige en toekomstige bewonersinitiatieven en coöperaties blijvend ondersteund kunnen worden. Dat loopt hier parallel aan. Eén van de lessen die gebleken zijn uit de verkenning naar haalbaarheid is dat, hoewel er veel initiatieven bij de verkenning ingestapt zijn, het toewerken naar een haalbaar investeringsvoorstel complexer is en meer tijd kost. Daar zit de crux en er moet gekeken worden naar hoe dit verbeterd kan worden. Het lid KOPPEJAN dankt de wethouder voor de antwoorden en stelt wederom de vraag hoe ervoor gezorgd kan worden dat sommige subsidies, zoals de RIMI, niet drie keer overvraagd worden en andere niet opgaan. Daarnaast is zij benieuwd of de wethouder mogelijkheden ziet om de tijd van de aanvraag te verkorten. Zij overweegt om hierover een motie in te dienen. Wethouder GROOT WASSINK beaamt dat bij voorkeur de periode tussen aanvraag en toekenning snel zou moeten zijn. Er zijn echter nogal wat subsidieregelingen in gemeente Amsterdam waarbij altijd afgewogen moet worden of het rechtmatig en doelmatig is. Indien de raad vindt dat er substantieel meer geld ter beschikking zou moeten worden gesteld aan maatschappelijke initiatieven, zou er een voorstel van de raad richting de budgethouder moeten komen.
Inzake de beschikbaarheid van het budget zou er met elkaar een afweging gemaakt moeten worden, want beschikbaar stellen van budget kan op zichzelf ook vragen genereren. Het lid NORBRUIS vraagt de wethouder of de monitoring anders gedaan zal gaan worden of in een andere frequentie, of dat dit, zoals voorheen, één keer in de drie jaar gedaan zal worden wat haars inziens laat is. Inzake het verliezen van initiatieven in de fase van de verkenning naar haalbaarheid stelt zij voor om degenen die een aanvraag hebben ingediend maar niet voldoende concreet zijn geworden, nogmaals aan te schrijven. Op deze wijze worden zij geïnformeerd dat de subsidie verlengd wordt en dat ondersteuning hierbij geboden wordt. Wethouder GROOT WASSINK geeft aan dat de monitoring al plaatsvond maar begrijpt de behoefte om hier eerder over te rapporteren. Het is zijns inziens een goed voorstel om, op het moment dat de looptijd weer start, halverwege deze periode te rapporteren en niet aan het einde van de periode. Dit is bij deze toegezegd.
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Wel geeft hij aan dat de praktijk uitwijst dat een initiatief niet volledig door de gemeente gedragen wordt maar dat er ook extra financiering nodig is. Hoewel er onderzoek gedaan wordt naar verbetering in deze, is het onvermijdelijk dat er initiatieven zijn die aanvankelijk goed lijken te zijn maar mogelijk niet tot realisatie kunnen komen. De nodige ondersteuning zal geboden worden maar geeft geen garantie dat elk initiatief tot een haalbaar investeringsvoorstel komt. De VOORZITTER eindigt hiermee de tweede termijn en concludeert dat het onderwerp voldoende is behandeld. Het is gereed voor een korte bespreking in de raad. 5. Bespreken van de onderzoeken “Tussen duurzaam denken en duurzaam doen” door het Sociaal en Cultureel Planbureau en “Trajectverkenning Klimaatneutraal 2050 van het Planbureau voor de Leefomgeving (VN2024-006100) De VOORZITTER licht toe dat dit bespreekpunt is geagendeerd op verzoek van de leden Nadif en Hofland. Het lid NADIF legt uit dat de intentie van het agenderen van deze twee documenten was om met te bekijken op welke punten de raad het met elkaar eens is en ideeën hieruit te bespreken. Daarnaast om ook stil te staan bij wat er speelt onder de burgers. In het rapport “Tussen duurzaam denken en duurzaam doen” wordt veel verteld over hoe mensen kijken naar klimaatverandering en klimaatbeleid.
Een heel groot deel van de bevolking vindt dat er de afgelopen honderd jaar sprake is van klimaatverandering en 65% vindt dat dat komt door menselijk handelen. Veel mensen willen hier ook bewust mee omgaan. In de (sociale) media worden veel vooroordelen naar voren gebracht als het gaat om een duurzame levensstijl, terwijl het in de praktijk anders gaat. De textielindustrie is één van de meest vervuilende industrieën in de wereld als het gaat om klimaatverandering. Mensen die meer geld te besteden hebben geven meer uit aan kleding en dragen dus ook meer bij aan de vervuiling dan mensen die minder geld te besteden hebben. Deze laatste groep voelt zich dan ook ‘bedreigd’ door duurzame opties omdat hierdoor meer geld uitgegeven moet worden dan voor hen mogelijk is. Dit wringt met elkaar. Haars inziens is het belangrijk dat deze groep het meest ondersteund wordt door subsidies en investeringen. Dit komt ook duidelijk in het rapport naar voren. Het lid KREUGER is benieuwd op welke wijze mensen ‘bedreigd’ worden. Het lid NADIF legt uit dat er een veelvoud van desinformatie is, met name op sociale media wat ook in verschillende onderzoeken naar voren is gekomen. Er wordt veel gezegd over klimaatverandering, waar het vandaan komt en dat dit een ‘bedreiging’ is voor de portemonnee omdat het allemaal duurder is.
Gekeken naar duurzame opties en wat dat in de praktijk betekent, is het tegenovergestelde zichtbaar. Het is daarom goed dat dit onderzoek dit ook naar voren laat komen. Het lid KREUGER vraagt welke duurzame optie er goedkoper is. Het lid NADIF benadrukt dat mensen die minder te besteden hebben duurzamer leven en goedkopere opties gebruiken. In het onderzoek staat dat deze duurzame opties in de praktijk goedkoper zijn. Op sociale media wordt het tegenovergestelde beweerd. Het lid KREUGER geeft aan op zoek te zijn naar een concreet voorbeeld. Als het gaat om tweedehands kleding kopen, is het begrijpelijk dat dit goedkoper is. Als het gaat over andere duurzame opties zoals een elektrische auto of van het gas afgaan is dit zijns inziens niet goedkoper.
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Het lid NADIF haalt Extinction Rebellion aan die een actie gaat doen over tweedehands kleding in de winkels. Gekeken naar de kritiek op mensen met een kleinere portemonnee en het ‘shamen’ als men koopt bij winkels als Primark en Shein, blijkt dat dit niet altijd de mensen met een lager budget zijn. Haars inziens moet het beeld veranderd worden als het gaat over wie het meest verantwoordelijk is voor de vervuiling en CO2uitstoot. Het rapport laat zien dat het vooral de mensen zijn met de hoogste inkomens die bij dit soort winkels kopen. Mensen met een hogere opleiding vinden de klimaatverandering wel belangrijk en zijn zich ervan bewust, maar er is een green cap als het gaat om de uiteindelijke, niet duurzame keuzes die zij maken. Zij wil de vooroordelen en de mythes hierover ontkrachten en is van mening dat wanneer men de privileges heeft om te kiezen voor de duurzame optie, men die verantwoordelijkheid ook moet nemen. In het rapport “Trajectverkenning Klimaatneutraal 2050” staan veel maatregelen evenals de noodzaak om andere beleidskeuzes te maken. Het landelijk akkoord is gepresenteerd en hoewel daarin wel aangegeven is dat het Klimaatfonds behouden blijft, staan er haars inziens veel zaken in die niet realistisch zijn. Als het gaat over duurzaamheid en klimaatverandering, is het van belang om realistisch te zijn naar de burgers toe en wat dit voor hun leven gaat betekenen.
Zij geeft aan dat als het gaat over de energietransitie en het verminderen van de CO2-uitstoot, het goed is om het debat te voeren maar vooral opties gepresenteerd moeten gaan worden, ook door de oppositie. Het lid KREUGER vraagt wat GroenLinks vindt van de rol van kernenergie in dit rapport. Het lid NADIF stelt hier veel moeite mee te hebben omdat duidelijk is wat kernafval teweegbrengt en het pas over 25 jaar iets oplevert. Duidelijk is dat er op korte termijn ingegrepen moet worden als het gaat om het opwekken van energie en het besparen van energie. Het gebruiken van kernenergie als argument om dan de komende 25 jaar niets te doen en te blijven vervuilen, en vervolgens verbaasd te zijn als niet aan de doestellingen voldaan wordt, is naar haar mening niet de oplossing. Het lid KREUGER stelt dat het hier gaat om een wetenschappelijk rapport en vraagt lid Nadif of zij dit niet serieus neemt. Het lid NADIF legt uit dat dit niet het geval is maar dat het niet betekent dat er in die 25 jaar geen extra maatregelen genomen moeten worden. Zij stelt andere overwegingen te hebben dan JA21 maar is van mening dat iedereen wel de verantwoordelijkheid heeft om in de tussentijd wat te doen. Het lid KREUGER geeft aan dat wanneer men een gebalanceerd energiesysteem wil hebben, een constante bron nodig zal zijn.
Het lid NADIF wijst erop dat, op het moment dat er van duurzame opties als wind en zon gebruik gemaakt wordt, het ook gaat om net congestie. Er zullen nu maatregelen genomen moeten worden. Het is goed dat nu benoemd wordt dat er een gebalanceerd energiesysteem nodig is want die is er op dit moment niet. Als dit niet op de korte termijn opgelost wordt ontstaat er een groot probleem. Zij stelt dat dit een uitreiking is naar de commissie en andere politieke partijen toe om samen te bekijken wat er wel mogelijk is. Als het gaat om het onderwerp ‘warmte’ staat iedereen tegenover elkaar terwijl de doelstellingen gelijk zijn. Zij is op zoek naar een breder draagvlak. Als het gaat om de participatie van burgers, zijn legitimiteit en rechtvaardigheid twee belangrijke uitgangspunten die gezamenlijk gedragen moeten worden. Dit is niet alleen de verantwoordelijkheid van de coalitie maar ook van de oppositie. Het lid Hofland dankt lid Nadif voor haar bijdrage. Er staan drie zaken in het rapport vermeld, te weten gedragsverandering, techno fixus en duurzame energiebronnen.
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Mensen raken overtuigd van het klimaatbeleid als duidelijk is hoe duur de nietduurzame keuzes in feite zijn. ‘True pricing’ maakt dit inzichtelijk, het geeft mensen de eerlijke kans om een echte keuze te maken die voor hen het meest goedkoop is. Hij stelt dat de wateroverlast, die in 2021 Limburg € 430 miljoen euro heeft gekost, een gevolg is van klimaatverandering. Zijn vraag aan de wethouder is hoe het staat met het initiatiefvoorstel dat hij gedaan heeft. Daarnaast stelt hij voor om met meer bedrijven in gesprek te gaan om proeven te doen waarbij mensen de echte prijs te zien krijgen naast de prijs die zij betalen zodat zij zelf een keuze kunnen maken. In dit rapport is zichtbaar dat als mensen zien hoe duur bepaalde keuzes zijn, zij sneller geneigd zijn om een duurzame keuze te maken. Het lid KREUGER vraagt of het zo is dat wanneer iemand uit Valkenburg zijn hele leven kleding koopt bij de tweedehandswinkel, de overstroming daar dan niet geweest zou zijn. Met andere woorden, is dit relevant als het gaat om klimaatverandering? Het lid HOFLAND legt uit dat als het gaat over klimaat en verduurzaming er nu keuzes gemaakt worden om in de toekomst mensen een eerlijk leven te geven, een eerlijke kans om het niet te duur te maken. De versimpelde politiek van lid Kreuger is niet zoals de wereld in elkaar zit, zijns inziens.
Het lid KREUGER merkt op dat het niet gaat om versimpeling. Er staat letterlijk in het rapport dat, als verklaring voor het gedrag dat mensen hebben, het gaat om het ‘prisoners dilemma’. Waarom zou men dit doen als de rest niets doet en daardoor de eerlijke prijs betalen die volgens de heer Hofland duurder is, en vervolgens wateroverlast, dat ook duurder is? De vraag is wat men hiermee opschiet. Het lid HOFLAND stelt dat door keuzes in het gedrag in het verleden nu een overstroming is veroorzaakt die € 430 miljoen kost. Als mensen geen eerlijke keuze krijgen om inzicht te krijgen in hoe duur hun keuzes voor de toekomst zijn, kan ook niet verwacht worden dat ze de meest duurzame keuzes maken. Dit is waarom hij voor ‘true pricing’ is. Het lid KREUGER antwoordt dat het dan beter zou zijn om in te zetten op mitigerende maatregelen als beter watermanagement et cetera, wat effectiever zou zijn dan met zijn allen niet naar Primark gaan voor kleding. Het lid HOFLAND is van mening dat beide gedaan moet worden, het gaat al zo slecht dat klimaatadaptie voor een deel onvermijdelijk is. Voorkomen is niet alleen beter maar ook goedkoper dan genezen. Het lid HAIJEN geeft aan veel over consumentengedrag te horen en dat het fijn is als mensen de juiste duurzame keuzes maken.
Hij vraagt of D66 het met de SP eens is dat er ook systeemkritiek nodig is en dat het kapitalisme hetgeen is dat roofbouw pleegt op onze planeet. Het lid HOFLAND is het hiermee eens. Als het gaat om de duurzame energiebronnen is er veel informatie tot 2030. Zijns inziens is de periode 2030-2050 ook belangrijk. Het kabinet heeft klimaatgelden achter de hand gehouden maar zijns inziens is het akkoord gebouwd op financieel drijfzand. Met een extreemrechtse partij zal vreemdelingenhaat altijd het ‘duizend-dingen-doekje’ zijn waardoor serieus rekening gehouden moet worden met een flinke achterstand. Dit maakt de periode 2030-2050 nog meer cruciaal. Zijns inziens moet er een inhaalslag gemaakt worden. De vraag die nu niet in de rapporten vermeld staat is welk energieverbruik er van 2030-2050 zal zijn en in welke energiemix er dan voorzien zal worden. In de Omgevingsvisie staat duidelijk vermeld hoeveel aantallen huizen er moeten zijn, wat voor haven er zou moeten zijn, of er voor huizen elektriciteit en de haven waterstof moet zijn et cetera. Wat is er nodig zodat ook de versimpelde discussie van een zonnepaneel of een kerncentrale beter gefundeerd gevoerd kan worden, ook voor de periode 2030-2050?
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Het lid KREUGER geeft aan begrepen te hebben dat er voor D66 geen taboes meer zijn als het gaat om de opwek van CO2 vrije energie, bijvoorbeeld kernenergie. Hij vraagt of hij dit goed begrepen heeft. Het lid HOFLAND antwoordt dat er geen taboes meer zijn maar dat het gezonde verstand wel aanstaat. Het lid KREUGER vraagt of het lid Hofland ervoor openstaat om samen met JA21, VVD, VOLT, CDA en wellicht FORUM om volgend jaar meer de kar te gaan trekken om de kerncentrale in de buurt mogelijk te gaan maken. Het lid HOFLAND vindt Amsterdam daar een buitengewoon slechte plek voor. Hij wil in zoverre met lid Kreuger meegaan dat hij hem zal herinneren aan de gezondheidsrisico’s van een kerncentrale op het moment dat er weer een windmolen gebouwd moet worden. Het lid KREUGER betreurt het dat D66 hier niet in mee wil gaan. Zij zijn wel voor kernenergie maar niet in de buurt, terwijl het, naar de mening van lid Kreuger, wel veilig kan. Het lid HOFLAND antwoordt dat hij een inhoudelijk gesprek hierover wil starten waarbij de eerste twee vragen zouden zijn: Welke afstand norm ziet lid Kreuger voor zich voor een kerncentrale? Vindt lid Kreuger dat er een referendum moet komen voordat er een kerncentrale gebouwd moet worden? Het lid BILGIN doet een handreiking richting D66 want een kerncentrale kan stroom leveren aan meer dan alleen Amsterdam.
Wellicht is het een optie om met alle gemeenten in Noord-Holland een flinke kerncentrale te bouwen ergens in Noord-Holland waarmee ook de eigen energievoorziening gespekt kan worden. Het lid HOFLAND geeft aan dat de reden waarom hij nooit een kerncentrale in Amsterdam zou willen niets te maken heeft met waar de kerncentrale stroom kan leveren. Het lid BILGIN merkt op dat hij tegen de verwachtingen in het lid van GroenLinks niet heeft geïnterrumpeerd omdat zijn verhaal een ontkrachting is van het verhaal dat hij van haar heeft verwacht. Het is tegelijkertijd een idee uitwisseling waarbij hij zal ingaan op haar vragen over het draagvlak. Het grootste mysterie van onze tijd is dat rijke mensen allemaal klimaatbeleid willen maar zelf kampioen CO2 uitstoten zijn. Arme mensen zijn bang voor klimaatbeleid maar juist heel duurzaam. Dit lijkt tegenstrijdig maar arme mensen kunnen de uitstoot niet betalen. Terwijl de rijken regelmatig kunnen winkelen bij topmerken, zoeken veel armen naar koopjes bij de kringloopwinkel. Terwijl de rijken regelmatig vliegen kunnen de armen een dergelijke vliegreis misschien maar eens in de drie jaar betalen. Hier is onderzoek naar gedaan. De kiezers van D66, GroenLinks en VVD vliegen het vaakst, bij deze partijen zitten ook de rijkste kiezers. Uit armoede de verwarming uitdoen is duurzamer dan een warmtepomp.
Het is niet zo dat armen bewust duurzaam zijn en daar altijd gelukkig mee zijn. Als zij meer te besteden hadden, zouden ze net als de rest vaker vliegen, een groter huis kopen, de verwarming vaker aanzetten of de Gucci Store bezoeken. Dit is ook op mondiaal niveau te zien. De valkuil van dit debat is dat politici snel verleid zijn om te zeggen dat mensen luxe moeten inleveren. De ongelijkheid kan hierdoor echter toenemen. Forum voor Democratie wil juist de andere richting op kijken en gunnen iedereen dezelfde luxe van vliegreizen, auto’s en huizen. Zijns inziens en naar zijn interpretatie van de rapporten die nu besproken worden ligt hier de reden waarom veel mensen kritisch zijn op het klimaatbeleid.
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Het lid BAKKER stelt de vraag hoeveel planeten Forum voor Democratie nodig te hebben als iedereen een vliegvakantie gaat doen, iedereen elke dag vlees eet en elke dag en nieuwe kleding aandoet. Het lid BILGIN antwoordt deze berekening niet gemaakt te hebben. Het lid BAKKER vraagt lid Bilgin of hij het eens is met de stelling dat men nu al op de pof leeft, dat de World Overshot Day nu al in het eerste kwartaal van het jaar komt en men tegen de grenzen van de planeet aanloopt. Het lid BILGIN stelt dat dit een onderwerp is om dieper over na te denken. Zoals het er nu naar uitziet gaan de klimaatdoelen alleen behaald worden als mensen hun levenswijze drastisch veranderen. Dat is slecht nieuws voor degenen die nu al weinig hebben, uit de rapporten blijkt ook dat zij het meest bezorgd zijn. Zijn uitnodiging aan de raad is om mensen uit te leggen hoe de klimaatdoelen bereikt gaan worden zonder dat de ongelijkheid toeneemt en zonder dat vooral de armen moeten inleveren op de kwaliteit van hun leven. Het lid HIRSCH dankt leden Nadif en Hofland voor het agenderen van dit belangrijke onderwerp. Zij stelt dat er nog een lange weg te gaan is om in 2050 klimaatneutraal te zijn. In het onderzoek komt veel naar voren inzake Europees en landelijk beleid, maar haars inziens dient Gemeente Amsterdam ook te bekijken wat men kan doen om deze doelen te halen.
Daarnaast ook hoe men als stad en bewoners meer klimaatneutraal kan worden, meer na te denken over de keuzes die gemaakt worden. Belangrijk is daarbij dat de kosten niet neergelegd worden bij degenen die dit het minst kunnen dragen. Ook dient er in campagnes goed gekeken te worden naar welk beeld er afgegeven wordt. De campagne om de verwarming naar negentien graden te zetten was voor velen zeer pijnlijk omdat de verwarming al uitstond. Er moet dus zeker gekeken worden hoe er bespaard kan worden maar tegelijkertijd moet er beseft worden dat veel mensen klimaatneutraal willen zijn en de nodige aanpassingen hiervoor willen doen maar het zich op dit moment niet kunnen veroorloven. In het rapport komt naar voren dat er meer gedaan kan worden met recyclen dat niemand geld kost, maar het vernietigen van spullen verbruikt meer dan wanneer het hergebruikt wordt. Er dient op slimme wijze gekeken te worden naar hoe iedereen zijn steentje kan bijdragen. Gemeente Amsterdam kan ook van het bedrijfsleven en grote projecten die er starten vragen om meer bij te dragen. Het lid KREUGER vraagt of hij goed gehoord heeft dat recyclen goedkoper is dan vernietigen. Het lid HIRSCH antwoordt dat de klimaatdoelen behaald dienen te worden. Recyclen is beter voor het milieu en er zal daardoor minder gecompenseerd hoeven te worden, wat op termijn goedkoper is.
Niet voor de ondernemer maar wel voor de maatschappij. Zij vervolgt haar betoog met het feit dat het noodzakelijk is mensen te laten inzien dat zij een keuze kunnen maken die niet per se duurder is maar wel duurzamer. Een vegetarisch alternatief is goedkoper en duurzamer, maar deze kennis ligt lang niet bij iedereen. Zij stelt benieuwd te zijn naar de ideeën die mensen hebben, naar wat financieel haalbaar is en hoe men in die zin, ook met het oog op de toekomst, kunnen kijken naar hoe Amsterdam 2050 maar liefst eerder klimaatneutraal kan krijgen. Het lid BAKKER steunt het grootste deel van het betoog van lid Hirsch maar geeft aan dat een duidelijk punt uit het rapport was dat er niet ingezet moet worden op gedragsverandering en bewustwordingscampagnes. Zij is benieuwd hoe lid Hirsch hiernaar kijkt want haars inziens zou het geldverspilling zijn om daar volop op in te gaan zetten.
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Het lid HIRSCH is van mening dat er niet volop op ingezet moet worden maar dat in veel gevallen, zeker bij degenen die het financieel kunnen missen, meer bewustwording geen kwaad kan. Er zou bijgestuurd kunnen worden op lopende campagnes en uitgelegd kunnen worden waarom Gemeente Amsterdam een bepaalde keuze maakt. Het lid BAKKER stelt enigszins gechoqueerd te zijn door de conclusies in het rapport. Mensen blijken dus vooral een drijfveer te hebben voor hedonisme en geld. Er wordt vanuit verschillende sociaalwetenschappelijke onderzoeken naar verwezen dat mensen niet zo snel op een ander been te brengen zijn als het gaat om een beroep doen op hun moreel kompas. Het zou fantastisch zijn als de gemeente zou kunnen bijsturen maar het moet wel effectief zijn. Het lid HIRSCH is het eens met lid Bakker. Zij geeft aan dat er wellicht vervolgonderzoeken moeten plaatsvinden om te zien of er groepen zijn die hier meer vatbaar voor zijn, meer specifiek ook in Amsterdam daar de rapportage landelijk onderzoek betreft. Meer bewustwording bij bepaalde groepen als het gaat om de leefomgeving en gevolgen van keuzes die gemaakt worden, kan naar haar mening geen kwaad. Het lid KREUGER vraagt welke groepen bedoeld worden met ‘bepaalde groepen’. Het lid HIRSCH merkt op dat dat onderzocht dient te worden.
Het lid KREUGER geeft aan dat uit het rapport blijkt dat leden van GroenLinks en D66 het minst duurzaam zijn. Hij vraagt of daar niet meer campagne gevoerd moet worden. Het lid HIRSCH antwoordt dat het rapport een landelijk onderzoek betreft en dat specifiek voor Amsterdam onderzocht moet worden wat daar geldt. Het lid KREUGER begint zijn betoog door te stellen dat op Twitter vaak foto’s geplaatst worden van demonstranten die vliegvakanties gehad hebben en dat dit hypocriet gedrag is. Een groot deel van politiek links progressief Nederland stelt dat hypocrisie in principe geen argument is, de CO2 moet hoe dan ook gereduceerd worden. Feit is dat de menselijke psychologie zo gemaakt is dat men moeilijk iets kan aannemen van iemand die het slechte voorbeeld geeft. Als de aanwezigen daadwerkelijk een verandering willen in hoe de maatschappij omgaat met CO2 uitstoot, dan is het van essentieel belang dat zij hun eigen gedrag gaan aanpassen. Het lid NADIF vraagt lid Kreuger of JA21 het eens is met het feit dat de rijkste 1% het grootste probleem vormt als het gaat over klimaatverandering. Het lid KREUGER is het ermee eens dat zij de grootste voetafdruk hebben maar is niet van mening dat hen ontnomen moet worden wat zij doen. Hij stelt dat dit hun eigen keuze is.
Het lid NADIF noemt dit een tegenstelling omdat er van uit links opgeroepen wordt om deze groep aan te pakken en dat er van uit rechts nu geroepen wordt dat deze mensen hun eigen keuzes moeten kunnen maken. Het lid KREUGER merkt op dat dit niet zijn eigen standpunt betreft maar het standpunt van GroenLinks en hoe dat haaks staat op wat er in de praktijk gebeurt. Hij haalt het voorbeeld aan van de linkse personen die met de auto in plaats van met de fiets of het openbaar vervoer naar het stadhuis komen terwijl die vermoedelijk allen in Amsterdam wonen. Hij noemt dit hypocriet gedrag dat andere personen niet aan zal zetten tot het maken van duurzame keuzes. Ingaand op de vragen van het lid Hofland inzake een eventueel referendum voor een kerncentrale, stelt hij dat hij daar geen bezwaar tegen heeft als hier draagvlak voor is.
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Als het gaat om de afstandsnorm hiervoor stelt hij dat dit zijns inziens niet nodig is. Hij stelt voor de mogelijkheden voor de Hemweg te onderzoeken. Het lid BAKKER stelt de vraag hoe een samenleving georganiseerd kan worden waarbij men met respect met de planeet omgaat. Zij heeft de voorliggende stukken met interesse gelezen en dankt D66 en GroenLinks voor het agenderen hiervan. Zij is blij dat er een gevoel van urgentie bestaat bij de coalitie. Zij is van mening dat het veel gaat over drijfveren, opvattingen en gedrag van individuen. Daarnaast laat het rapport zien dat mensen met een smalle beurs zich aanzienlijk duurzamer gedragen dan gemiddelde Nederlanders, hoewel ze juist minder duurzame opvattingen hebben. Andersom resulteert een gemiddeld hogere levensstandaard in een hogere consumptie en daarmee verbonden grotere ecologische voetafdruk. Over het algemeen is er veel draagvlak voor het principe dat de sterkste schouders de grootste lasten dragen en de vervuiler betaalt en dat een prijsprikkel beter lijkt te werken dan inspelen op een moreel kompas. Ze herhaalt dat hedonisme en winst de grootste drijfveer zijn. De Partij voor de Dieren wil niet blindstaren op individuele gedragsverandering maar vooral inzetten op systeemverandering.
Het lid Bakker is van mening dat sectoren als de bollenteelt, dierenfabrieken en kledingindustrie niet nodig zijn en de energie, grondstoffen en vervuiling die daarmee gepaard gaan bespaard kunnen worden. Er is nu zoveel kleding op de wereld dat er voor de komende zes generaties voldoende is als men nu zou stoppen met de productie van nieuw textiel. De EU steekt miljarden in niet-duurzame landbouw, tientallen miljoenen subsidies in vlees- en zuivelreclame en ook op straat wordt toegelaten dat bedrijven mensen beïnvloeden om op het hedonisme in te spelen. Zij heeft samen met GroenLinks een initiatiefvoorstel ingediend om te stoppen met het toelaten van reclame voor vervuilende producten en diensten. Daarnaast vraagt zij de wethouder om een reflectie op de gedragsbeïnvloedingscampagnes en dat deze op individueel niveau niet de meest effectieve manier zijn om mensen tot duurzamer gedrag aan te zetten. De VOORZITTER dankt de leden voor hun inbreng in de tweede termijn en geeft de wethouder gelegenheid tot reageren. Wethouder GROOT WASSINK geeft aan het antwoord op het initiatiefvoorstel van lid Hofland schuldig te moeten blijven. Hij zegt toe hier zijn aandacht aan te geven en het voeren van gesprekken met bedrijven over ‘true pricing’ daarin mee te nemen.
Inzake de opmerking van lid Bakker over gedragscampagnes stelt hij de stukken zodanig gelezen te hebben dat deze niet per definitie niet zinvol zouden zijn. De vraag is uiteindelijk of gedrag de grootste component is die van invloed is op wat men zou moeten doen, hij is van mening dat dit niet het geval is. Zijns inziens leidt de ‘beter milieu begint bij jezelf’ brigade af van het daadwerkelijke probleem, de grote structuren met vervuilende industrie. Gedrag is een moeilijk component mede vanwege het feit dat de mens van nature geneigd is tot individuele behoeftebevrediging, maar dit kan niet zonder een aanpak van de structuren die uiteindelijk de grootste impact maken. De VOORZITTER stelt vast dat hiermee het onderwerp voldoende is besproken en schorst de vergadering tot 10:25 alvorens verder te gaan met agendapunt 6. VOEDSEL 6. Bespreken van de reacties op moties 766, 767, 768 en 770 van 21 december 2023 van raadslid Krom (PvdD) en toezegging over onder andere meer plantaardig (VN2024-005496)
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Het lid KROM dankt de wethouder voor het snel komen met de afdoening van de aangenomen moties. Elke dag met onnodig dierenleed is er één te veel, en met name in de vee-industrie is hier sprake van. Het is fijn dat de wethouder ermee aan de slag gaat want van de nieuwe coalitie in Den Haag moet men het niet hebben. Inzake de samenwerking met de horeca en supermarkten vraagt zij de wethouder meer proactief op te treden door zelf met een voorstel te komen inzake de behoeften van de ondernemers en vervolgens daar de horeca enthousiast voor te maken in plaats van andersom. Dit geldt ook voor de gesprekken tussen gemeente Ede en NS waarin de wethouder een afwachtende houding aanneemt. Het verzoek is om, als voortrekker in Amsterdam, ook hier meer proactief op te treden. Ook voor alle BIZ verwacht PvdD een meer proactieve houding van de wethouder Waarom niet alle BIZ aansporen om met de transitie aan de slag te gaan? Daarnaast geeft lid Krom aan graag een overzicht van de wethouder te ontvangen over wat er met de BIZ Knowledge afgesproken gaat worden. Er zijn een flink aantal acties die niet terugkomen in de appendix van de uitvoeringsagenda, zoals bijvoorbeeld de gesprekken tussen gemeente Ede en de NS of het feest van de ondertekening op de ambtswoning waar PvdD graag bij zou willen zijn mocht het tot een convenant komen.
De vraag aan de wethouder is hoe hij ervoor gaat zorgen dat alle acties die in de afdoening staan ook daadwerkelijk uitgevoerd gaan worden en hoe dit gevolgd kan worden. Het lid NORBRUIS geeft aan dat er goede stappen gezet zijn en duidelijker zijn geworden door een aantal zaken een plek te geven in de uitvoering van de voedselstrategie. Zij dankt de wethouder voor de beantwoording en afdoening. Zij is het eens met lid Krom dat er een meer proactieve houding nodig is als het gaat om de gesprekken tussen gemeente Ede en de NS. Ze vraagt de wethouder een meer aanjagende rol aan te nemen en zelf het gesprek met gemeente Ede aan te gaan. Er wordt in de afdoening gerefereerd aan de No Waste Challenge die met veertien hotels gestart is. De Amsterdamse horecasector telt echter meer dan 500 hotels, voldoende opschaalpotentie in dit geval. Zij vraagt een reflectie van de wethouder of hij vindt dat er voldoende ambitie is en hoe het opgeschaald gaat worden de komende jaren. Inzake het convenant Amsterdam Gezond, Eerlijk en Duurzame Voedsel Stad stelt lid Norbruis dit een mooie ambitie te vinden maar in de afdoening wordt alleen gesproken over doelstellingen op het gebied van plantaardig en voedselverspilling. Haars inziens mist de doelstelling op het vlak van gezondheid.
Een toezegging van de wethouder om de doelstelling gezondheid ook op te nemen in het convenant wordt bij deze gevraagd. In de afdoening staat dat de ondertekening van het convenant in 2024 plaatsvindt en dat het een groeimodel is waar nieuwe partijen zich bij kunnen aansluiten. Zij vraagt de wethouder wat gemeente Amsterdam gaat doen om zoveel mogelijk partijen te laten aansluiten en wat de verwachting is over het aantal partijen. Zij wil graag meer duiding over de ambitie. De VOORZITTER eindigt hiermee de eerste termijn van de commissie en vraagt de wethouder om een reactie. Wethouder GROOT WASSINK antwoordt inzake het meer proactief zijn dat er een veelvoud aan acties ingezet zijn als het gaat om de horeca en BIZ. Hij is echter bereid om te bekijken of hier aanvullende acties ondernomen kunnen worden. Als er een maatregel ontbreekt in het overzicht wat in de appendix is opgenomen, zal dit gecorrigeerd worden. De voedselmonitor zal in Q3 2024 worden voorgelegd. Dit is zijns inziens een nieuw moment om te zien of deze voldoet aan de wensen van de raad. Betreffende het overleg van gemeente Ede en de NS stelt hij dat op de Universiteit Wageningen de innovatie plaatsvindt en zij hierdoor in de lead zijn. Hij is van mening dat zoals het er nu staat voor dit onderdeel passend is.
15
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Definitief Raadscommissieverslag,16-05-2023
Het lid KROM geeft aan dat het noodzakelijk is dat het gesprek met de NS aangegaan wordt als het gaat om het creëren van een plantaardig voedselaanbod op de stations. Zij ziet niet in wat de Universiteit van Wageningen hiermee van doen heeft. Daarnaast is de NS een onderdeel van de Green Business Club die een 8020-eiwit voorstel hebben. Om deze reden zou haars inziens de NS wel geïnteresseerd zijn om mee te werken aan een plantaardig aanbod in Amsterdam. De VOORZITTER legt uit het traject eerst te willen afwachten maar er graag aan mee te willen werken en het om deze reden op deze wijze in stand wil houden. Aangaande de vragen van lid Norbruis over de veertien hotels geeft hij aan de vraag te begrijpen maar eerst te willen zien hoe het werkt met deze veertien hotels. Het is geen gebrek aan ambitie maar realistisch kijken naar hoe zaken opgeschaald kunnen worden, wat wel het uiteindelijke doel is. Over het onderwerp Gezondheid merkt hij op dat dit een zeer nadrukkelijk onderdeel van het convenant moet zijn en dat dit zijns inziens ook zo is aangegeven. Hij stelt dat de raad op de hoogte wordt gehouden van alle activiteiten en daar ook voor wordt uitgenodigd, ook voor de ondertekening van het convenant.
Er is geen kwantificeerbaar doel opgenomen maar het is heel nadrukkelijk de ambitie om het aantal partijen dat hierbij betrokken is te laten groeien middels onder andere evenementen en subsidiëring. Het lid KROM vraagt de wethouder wanneer hij de feestelijkheden voor de ondertekening van het convenant wil houden als er geen kwantificeerbaar doel voor is opgenomen. Wethouder GROOT WASSINK antwoordt dat hij niet kan vooruitlopen over zijn gemoedstoestand over een gebeurtenis in het najaar 2024. Het lid KROM wil checken of de toezegging om te bekijken of er aanvullende acties ondernomen kunnen worden en de ontbrekende maatregelen toevoegen aan de appendix, op de termijnagenda zullen komen. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. Sluiting De VOORZITTER sluit de vergadering om 10:53 uur met dank aan ieders aanwezigheid en de mededeling dat de volgende vergadering op 13 juni 2024 zal zijn.
16