Definitief verslag DC 13-04-2023
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Raadscommissieverslag, 13-04-2023
Vergadering
Openbare vergadering van de Raadscommissie Duurzaamheid en Circulaire economie Vergaderdatum Donderdag 13 april 2023 van 09.00 uur tot 13.03 uur in de Willem Kraanzaal Verslag vastgesteld op: Donderdag 25 mei 2023 Voorzitter: het lid Runderkamp Portefeuillehouder: wethouder Pels Commissiegriffier: M. Diemont Commissieondersteuner: N. Bakkali Verslaglegging: M. Kuiper (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Bilgin (FvD), Boomsma (CDA), Garmy (Volt), Haijen (SP), Havelaar (CDA), Heinhuis (PvdA), Hofland (D66), Kreuger (JA21), Krom (PvdD), Lust (D66), Mangal (DENK), Nadif (GroenLinks), Noordzij (PvdA), Nijssen (VVD), Olivieira (Lijst Kabamba) Afwezige commissieleden: het lid Koyuncu (DENK) Overige aanwezigen: J. Hoogland, J. de Groot, N. Kusters, C. Verberne, M. van Beenen, P. Verbeek
ALGEMEEN DEEL 1. a. Opening De VOORZITTER opent de vergadering om 09.02 uur en heet iedereen welkom. Hij stelt vast dat er een quorum is. b. Mededelingen Het lid GARMY merkt op dat er op 28 maart jl. een Tafeltjesavond is georganiseerd over windturbines, waarbij verschillende organisaties, inwoners en experts aanwezig waren. De eerste reacties waren heel positief; mensen vonden het fijn dat ze een open gesprek aan konden gaan met de aanwezige politici, ook van gemeenteraden van buurgemeenten. Hij hoopt dat dit soort avonden vaker georganiseerd worden, gezien de uitdagingen die de klimaattransitie met zich meebrengt in de komende jaren. Het lid NOORDZIJ meldt dat het lid Heinhuis later zal arriveren, naar verwachting tegen een uur of tien. Het lid MANGAL merkt op dat het lid Koyuncu niet aanwezig kan zijn. Wethouder PELS komt terug op de doneerringen, waar leden van de commissie informatie over vroegen. Besloten is om als gemeente zelf een vervolgproef te doen met doneerrekjes, en prullenbakken die specifiek geschikt zijn voor petflesjes. De locaties daarvoor zijn afgestemd met de stadsdeelbestuurder. Ook worden de sloten vervangen van de zelf persende afvalbakken, want die worden het meeste opengebroken.
Op basis van wat geleerd wordt uit deze proef kan daarna bekeken worden wat structureel gedaan kan worden in de binnenstad, enerzijds om het inzamelen van statiegeldverpakkingen zo
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
makkelijk mogelijk te maken, en anderzijds om te voorkomen dat prullenbakken niet worden opengebroken om statiegeldverpakkingen te zoeken. Het lid BOOMSMA vraagt wanneer de pilot afgerond is. En wanneer mogen de resultaten verwacht worden? Wethouder PELS antwoordt dat bekeken moet worden hoe het gaat. Zij heeft tijdens een werkbezoek gezien dat doneerringen vaak worden gebruikt om peuken op te leggen, of voor andere dingen die niets met statiegeld te maken hebben. Zij zal de commissie informeren via een nieuwe Schone Stad-brief. Dat is niet de komende, want die komt al heel snel, maar die daarna. Dat zal na de zomer zijn. Mocht in de tussentijd blijken dat het niet werkt, dan zal ze dat via de mededelingen met de commissie delen. c. Vaststellen agenda De VOORZITTER maakt melding van het voorstel om punt 9 direct na punt 4 te behandelen. Op die manier worden de onderwerpen over de windturbines na elkaar behandeld. Hij constateert dat de commissie daartegen geen bezwaar maakt. Met inachtneming van het voornoemde wordt de agenda conform vastgesteld. d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie DC .d.d. 23 maart 2023 De VOORZITTER meldt dat er een wijzigingsvoorstel is binnengekomen van het lid Lust. De desbetreffende passage zal worden aangepast. Met inachtneming van het voornoemde wordt het verslag conform vastgesteld. e.
Termijnagenda, per portefeuille Wethouder PELS herinnert aan haar toezegging in de commissie van 23 maart aan het lid Nadif om de resultaten te delen van het onderzoek naar aquathermie in de Sloterplas. Dat onderzoek is inmiddels afgerond. Zij zal de commissie een link toesturen waarmee de leden zelf kennis kunnen nemen van het rapport. Het staat op de website. f. TKN-lijst De VOORZITTER maakt melding van de volgende verzoeken tot bespreking tijdens de volgende vergadering op a.s. TKN-4 en -5 staan geagendeerd voor bespreking in deze vergadering. TKN-3 kan betrokken worden bij agendapunt 9. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen stukken ingekomen van stadsdeelcommissies. INHOUDELIJK DEEL 2. a. Opening inhoudelijk gedeelte
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
De VOORZITTER opent het inhoudelijk gedeelte van de vergadering. b. Inspreekmoment publiek Bij agendapunt 2b J. HOOGLAND spreekt in op persoonlijke titel over Liander. Zij heeft gistermiddag dankzij de wethouder met drie mensen van de afdeling Ruimte en Duurzaam gepraat. Men was verbaasd hoe Liander alles afketst. Bij Amsterdam.nl/stroom vind je allerlei dingen die niet kunnen. Het enige wat wel kan is vleermuizen bij onderstation Nieuwe Meer II. Zij probeert alles als geheel te bekijken en denkt dan: hoezo alle elektra van Nieuwe Meer I naar het luchthaventerrein? Hebben die zelf niets? Haarlemmermeer wil een distributiecentrum; daar moet van alles komen. Het gaat niet om NIMBY, maar de regel van Liander is dat het zo dichtbij mogelijk moet. Doe dat dan zelf ook! Er komt een onderstation bij Schiphol, dus daarmee zou het toch klaar moeten zijn? Dan is Nieuwe Meer I over. Voor zover zij weet komt daar 240 mva. Een ander zegt dat het 280 mva wordt. Het nieuwe onderstation wordt maar 160 mva, dus is er teveel. Dat moet toch geen probleem zijn? Zij vroeg de drie experts of Nieuwe Meer II niet nodig was als dat wegvalt. Die past ook niet op de kleine postzegel die Liander aangekocht heeft. Het is prachtig, maar je kunt het niet volproppen. De inpassing klopt dus niet. Zij hoorde dat het gemeenteraadslid Lust ook in Nieuw-West woont, en er is nog een.
Het is soms een beetje onderverdeeld in de raad. De VDOB vraagt de commissieleden om eens te komen kijken. Als ze in het gebied komen lopen, kan alles uitgelegd worden. Dan hoeft men al die dikke stukken niet meer te lezen. Om te kunnen controleren, wat een raadstaak is, moeten de leden wel alle informatie hebben. Dat is nu niet zo. De projectleider zei dat het eerst naar Nieuw-West gaat, en dan in de gemeenteraad. Maar de stadsdeelcommissie van Nieuw-West wordt benoemd door het college! Die mensen zijn bang dat ze op hun donder krijgen van het stadhuis. Met deze werkwijze is er geen controle. Bij agendapunt 4 J. DE GROOT spreekt namens Windalarm. Hij is vader van twee zoons. Toen men bij hem windturbines wilde plaatsen, vroeg hij zich af wat de gezondheidsrisico’s daarvan zouden zijn. Door zijn eigen overheid werd hij verwezen naar de website van Pondera, een bedrijf dat zijn geld verdient met het plaatsen van windturbines. Volgens een ambtenaar zou hij op die site goed kunnen lezen waarom artsen die hun zorgen uitspraken ongelijk hadden. Vanaf dat moment vroeg hij zich af in hoeverre het belang van burgers voorop staat. Zijn die windturbines echt nodig? Of zijn er alternatieven? De afgelopen twee jaar is de gemeente stelselmatig de inhoudelijke discussie over nut en noodzaak in Amsterdam uit de weg gegaan.
Met onzorgvuldige draagvlakonderzoeken, een reflectiefase, klankbordgroepen en meer probeert de wethouder de inwoners af te leiden van de vraag of het plaatsen van windturbines in Amsterdam een goed plan is. Bij onverantwoorde risico’s komen de windturbines er niet, zei de wethouder dinsdag nog in Het Parool, maar een duidelijk afwegingskader waarin staat wat onverantwoord is, is er tot op heden niet, ondanks het verzoek van de heer Vink van D66 daartoe. Ook in de voorliggende NRD wordt alleen het aantal ernstig gehinderden in kaart gebracht, niet het totaal aantal gehinderden. Ook de sociale effecten door de plaatsing van windturbines worden niet onderzocht, ook al is dat een van de aanbevelingen van de commissie-MER. Maar dat is toch juist wat bezorgde burgers zouden moeten weten? Ook de gemeenteraad zou het moeten weten. De plannen voor de windturbines staan in de Windvisie 2012, dus een stuk van tien jaar geleden. Er werd gekozen voor wind op land, omdat in die tijd wind op zee nog niet tot de opties behoorde. Dat is nu heel anders. De nationale overheid heeft uitbreiding tot 70.000 GW toegezegd. Groei tot 100.000 GW is mogelijk. In Amsterdam heb je het over 50 MW. Ruim twee jaar geleden werd duidelijk dat de doelstelling van de RES ruim gehaald zou worden. Het klimaatakkoord is duidelijk; als de klimaatdoelen worden opgehoogd,
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
moet eerst gekeken worden of dit kan met wind op zee en zonnedaken. Windalarm vroeg zich af waarom dit niet werd onderzocht. Er is een uitgekiende windturbinelobby om de belangen van de industrie te borgen. Die krijgt de ruimte om commentaar te leveren op de rapportages van de RES en via de klimaattafels heeft men een sterke positie om de eigen belangen veilig te stellen. Dat gaat met de boodschap: Alles moet! Dat blijkt niet uit de onderzoeken van bijvoorbeeld TNO, CU Delft, KIVI en Urgenda. Maar door korte lijntjes met EZK en de RES weet de lobby deze boodschap te versterken bij lokale politici, die oprecht denken dat door het niet bouwen van die ene windturbine de hele wereld vergaat. Uiteindelijk toont het ingenieursbureau CU Delft aan dat er alternatieven zijn voor windturbines op land. Ook Marjan Minnesma deelt deze conclusie. Zij merkt op: ‘Maar in druk bevolkte gebieden, zoals rond Amsterdam, waar veel weerstand is, zou je nu niet langer projecten moeten doordrukken. Polarisatie kunnen we niet gebruiken bij de energietransitie.’ Na ruim twee jaar, waarin ook datacentra vrolijk kunnen doorgroeien en waarbij besloten wordt om tonnen Italiaans afval te gaan verbranden in Amsterdam, worden deze windturbines doorgedrukt over de ruggen van duizenden Amsterdammers. Hij roept de gemeenteraadsleden op om te stoppen met deze symboolpolitiek.
Er moet een discussie komen over nut en noodzaak van windturbines in Amsterdam, waarbij gezamenlijk gekeken wordt naar de feiten en er gerekend wordt. Er moet gezorgd worden voor een afwegingskader voor windturbines voordat de PlanMER wordt uitgevoerd. In die PlanMER moeten alle gehinderden en de sociale effecten in kaart gebracht worden. Er mag geen vergunning verleend worden voor de Noorder IJplas. De landelijke normen moeten afgewacht worden. Eerst is nu een nut- en noodzaakdiscussie nodig. Het lid HAIJEN vraagt toe te lichten wat de sociale effecten zijn. J. DE GROOT antwoordt dat de commissie-MER een aantal handreikingen heeft geschreven over het uitvoeren van een MER. Een daarvan gaat in op de sociale effecten. In die handleiding staat een aantal dingen benoemd dat onderzocht zou moeten worden als je windturbines gaat plaatsen. Die onderzoeken zouden voor Amsterdam heel relevant zijn, maar toch worden ze niet meegenomen bij de onderzoeken die de gemeente nu wil doen. Dat vindt hij heel vreemd. Het lid BOOMSMA begrijpt uit het rapport van Windalarm dat ook zonder extra windturbines op land de klimaatdoelen gehaald kunnen worden. Er zijn namelijk alternatieven. Hij vraagt te schetsen waarom het niet klopt wat de coalitiepartijen zeggen, dat alles op alles gezet moet worden om de klimaatdoelen te halen.
Waarom zijn er betere alternatieven voor windturbines op Amsterdams grondgebied? J. DE GROOT antwoordt dat de volgende inspreker daarop dieper in zal gaan. Het gedane onderzoek heeft behoorlijk wat geld gekost. Dat is met crowdfunding bij elkaar gebracht. Er zijn een heleboel bewoners die een andere oplossing zien en bereid zijn om daarvoor een ingenieursbureau in te huren om alternatieven te onderzoeken. Dat signaal moet in de gemeenteraad en bij de wethouder serieus genomen worden. Er moet iets mee gedaan worden. Deze mensen zijn niet tegen de klimaatdoelen of de energietransitie, maar deze energietransitie moet toch gezamenlijk vormgegeven worden? Over hoe dat kan, moet gesproken worden. Tot nu toe lijkt het in Amsterdam alsof de windturbines een doel zijn in plaats van een middel. Daar moet men vanaf. Hij hoopt dat de wethouder zich voor dat signaal openstelt. Het lid KREUGER herinnert eraan dat Windalarm ook initiatiefnemer was van een referendum in Noord-Holland. Dat referendum ging niet door omdat er heel zwaarwegende belangen waren. De VVD, PvdA, GroenLinks en D66 zeiden: ‘We moeten door!’ Maar dat klopt niet, afgaande op dit onderzoek. Ziet de heer De Groot een mogelijkheid om nog iets met het referendum te doen? J. DE GROOT antwoordt dat hij die mogelijkheid zeker ziet.
Vorig jaar mei zei men in Noord-Holland dat het referendum niet door kon gaan, omdat anders de klimaatdoelen
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
niet gehaald konden worden. Daartegen maakte Windalarm bezwaar bij de hoor- en adviescommissie in Noord-Holland. Toen liet Windalarm zien dat bij handhaving van de 600 m-grens, waarmee de windturbines op voldoende afstand van de burgers zouden komen, je maximaal 0,43 TWh aan stroom níet realiseert. De bieding van de provincie Noord-Holland is 6,3 TWh. Dat is een onderdeel van het totaalbod van alle energieregio’s bij elkaar van 55 TWh, waar de doelstelling 35 TWh is. De hoor- en adviescommissie heeft Windalarm daarin ook gelijk gegeven. Als je in heel Noord-Holland geen windturbines neerzet, zou je nog steeds je klimaatdoelen kunnen halen. De RES liet zelfs nog weten dat alleen al door de technologische verbeteringen van zonnepanelen er met de al geplande hoeveelheid zonnepanelen in Noord-Holland, 0,55 TWh extra beschikbaar zou zijn. Waarbij je dus 0,43 TWh verliest aan windenergie. Er is dus geen enkele noodzaak om vol in te zetten op de windturbines. Het lid MANGAL vraagt wat er precies ontbreekt in het afwegingskader. J. DE GROOT antwoordt dat het aan inhoud ontbreekt. Men zegt dat er een afwegingskader moet komen, omdat men geen dingen gaat doen die onverantwoord zijn. Maar in de praktijk zegt men niet wat de wethouder dan onverantwoord vindt. Er wordt een PlanMER gemaakt waarin gekeken wordt naar aspecten zoals gezondheid of natuur.
Je kunt een van die twee prioriteit geven en daarna kijken waar die windturbines moeten komen om de ambitie van de gemeente te halen. Maar naar de mening van Windalarm zou je eventueel moeten zeggen dat het onverantwoord is. Als blijkt dat er geen enkele windturbine kan, is dat vervelend, maar je moet geen onverantwoorde dingen doen. Zijn zorg is dat het afwegingskader op een onduidelijke manier vormgegeven gaat worden, en dat terwijl de onderzoeken gedaan worden. Je kunt met de onderzoeksresultaten vervolgens gaan kijken waar je de lat legt om de ambitie te halen. Naar mening van Windalarm moet je echter duidelijk zeggen wat wel en wat niet verantwoord is. Daarna ga je onderzoeken, en daaruit zul je dan zien wat wel en niet kan. Het lid BILGIN hoort zeggen dat de windturbines een doel in plaats van een middel zijn geworden. Hij ziet zelf tunnelvisie. Als je windturbines in een stad plaatst, sta je stedelijke verdichting in de weg, waardoor de voorzieningen en de woonwijken verder uit elkaar liggen. Er is dan dus meer mobiliteit, met alle uitstoot van dien. Hij vraagt of de gemeente de doelen op deze manier onhaalbaar maakt. J. DE GROOT antwoordt dat de gemeente met dit beleid een hoop goodwill die nodig is voor een succesvolle energietransitie, overboord gooit. Het beleid is onrechtvaardig. Je kunt het niet uitleggen. Daarom gaan mensen zich afkeren van de energietransitie.
Op termijn schiet je jezelf daarmee in de voet. Het lid OLIVIEIRA vraagt wat het verschil is tussen ‘gewone’ en ‘ernstig’ gehinderden door de windturbines. En zijn er ook mensen die nergens last van hebben? J. DE GROOT antwoordt dat hij dat verschil niet zo ziet, maar in de beoordeling, bij de meting, wordt altijd gekeken naar het aantal mensen dat ernstig gehinderd is en het aantal mensen dat minder ernstig gehinderd is. De wethouder is van plan met de NRD alleen de ernstig gehinderden in kaart te brengen. Windalarm vindt dat je in een MER, met een overzicht van de effecten, niet alleen die ernstig gehinderden, maar alle gehinderden in kaart moet brengen. De overweging daarbij is dat het totaal aantal gehinderden geen extra informatie zou geven in de afweging, omdat er altijd een verhouding is tussen de ernstig gehinderden en de gewoon gehinderden. Hij vraagt zich af of dat echt zo is. Voor de duidelijkheid zou het goed zijn om het totaal aantal gehinderden in kaart te brengen. Ook voor de gemeenteraad is een overzicht daarvan behulpzaam bij het nemen van beslissingen over windturbines die mogelijk overlast veroorzaken. N. KUSTERS spreekt op persoonlijke titel. Hij is al dertig jaar klimaatactivist. Bij alles wat hij doet zijn het klimaat, natuur en milieu zijn motivatie. Hij reageert op het CD11-
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
rapport. Daarin leest het college dat voor 2030 extra wind op land noodzakelijk is. Daarmee verdraait het echter volledig de conclusies uit dat rapport. De ophoging van de 2030-doelstelling met 39 TWh in het kader van Green Deal van de EU is puur voor de productie van 50% groene waterstof als grondstof voor de chemische industrie. Hiervan is alleen al 14 TWh voor de productie van kunstmest voor de export. Dat zijn 500 windturbines bij woonwijken en in de natuur. Is dat het waard om de kunstmestindustrie in Nederland te behouden? Hierover is geen maatschappelijk debat. Men heeft deelgenomen aan de maatschappelijk reflectiegroep van het ‘Alles uit de kast’-rapport dat nu als basis voor overheidsbeleid dient. Dit rapport is geschreven onder leiding van de NVDE en Vattenfall. Het geeft aan hoe men in 2030 in de extra groene stroom opgave gaat voorzien. In die reflectiegroep mochten niet meerdere scenario’s op tafel komen, terwijl dit nota bene de wens was van de voltallige reflectiegroep, inclusief JongRES en de natuur- en milieufederaties. De industriële partijen hebben het binnen het enige scenario dat ze ontwikkeld hebben zo geregeld dat iedereen wat van zijn gading kreeg. Omzetopties kunnen immers niet uitgesloten worden? Als je een branchevereniging bent, ga je niet een deel van je leden wegzetten.
EZK antwoordde op de vraag waarom een club van met name vertegenwoordigers van de industrie de energiemix mag bepalen, dat ze het wel handig leken om dit aan een onafhankelijke partij te geven. Ze zijn bovendien zeer deskundig! Hoe naïef kan je als overheid zijn? Waar heeft men dit eerder gezien? TNO stelde onlangs in een rapport dat aan de klimaattafels het algemeen belang ondergeschikt is. ‘Alles uit de kast’ stelt in haar enige scenario dat men 10 TWh extra moet opwekken in 2030 met zon en wind op land, om met name de kunstmestindustrie van groene waterstof van Nederlandse bodem te voorzien. De rest komt in 2035 van zee. Maar die 10 TWh is helemaal niet nodig. Zo rekent ‘Alles uit de kast’ met veel te lage opbrengsten voor wind. De 2030-doelstellingen voor waterstof zijn inmiddels verlaagd door de EU. En dat was de disclaimer van CU Delft. De zonne-energie groeit zo hard, dat die alleen al deze 10 TWh voor zijn rekening kan nemen. Al twee jaar worden betere alternatieven aangedragen, niet alleen voor mens en natuur, maar ook voor het klimaat. Stoppen met wind op land geeft per TWh 35 ton minder CO2-uitstoot per jaar. Wind op land werkt immers niet goed samen met zon en wind op zee. Het leidt tot een systeemonbalans, waardoor extra bijstook van gas nodig is. Dat stellen zowel TNO, CU Delft als KIVI.
Niet voor niets staat in het klimaatakkoord dat na het halen van de 35 TWh-doelstelling men verdergaat met wind op zee en zon op dak. Dat is ook het goedkoopste systeem. In de dialooggroep Hernieuwbaar opwekken op land, die een nationale invulling was van de door de voltallige gemeenteraad aangenomen feitenmotie van Boomsma -dat is twee jaar geleden- mocht niet over de inhoud worden gesproken. Het lid BOOMSMA begrijpt van de inspreker dat de plaatsing van windturbines in Amsterdam volgens het rapport niet voor de productie van elektriciteit is, maar eigenlijk alleen voor de productie van synthetische brandstof voor de industrie. Op dit moment worden brandstoffen geïmporteerd. Kan de heer Kusters iets nader ingaan op de verhouding tussen de import en de productie van de synthetische brandstof waarom het hier gaat? Hij las ook in het rapport dat de capaciteit voor elektrolyse voor de productie van waterstof in 2030 nog beperkt is. In welke mate beïnvloedt dat de wenselijkheid van windturbines op land? N. KUSTERS antwoordt dat de overheid de doelstelling heeft van 40 TWh productie voor waterstof in 2030. Dat is een EU-regel. Inmiddels is dat door de EU verlaagd. Daarmee is het probleem al opgelost. Het scheelt 7 TWh. Voor elektrolyse zijn elektrolysers nodig, en die zijn helemaal niet klaar.
Minister Jetten heeft gezegd dat hij maar de helft van de elektrolysers klaar heeft, dus kan er maar 20 TWh geproduceerd worden. En dat, terwijl de doelstelling vanuit de gemeente Amsterdam is om die 40 TWh te gaan produceren aan stroom. In 2032 zijn de elektrolysers klaar, maar komt er ook een hele grote smak wind op zee bij. De overheid heeft allang geregeld dat men in 2032 die doelstelling haalt. In 2030 heeft men dus een gigantisch overschot aan stroom. Daarvoor waarschuwen ook het PBL
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
en TNO. Dat gaat de hele elektriciteitsmarkt verstoren. Hij voorziet dat de lokale overheden overal windmolens op land gaan plaatsen, er binnenkort teveel stroom zal zijn, en dat de ruimte voor wind op zee niet ingevuld gaat worden. Dat zal leiden tot een veel hogere CO 2uitstoot. Vanuit de klimaatoptiek moet dus nu een goed plan gemaakt worden. Daarvoor moet iedereen samen om tafel gaan zitten om een optimaal systeem te bedenken. Optimaal rechtvaardig voor de burger en voor het klimaat. Het lid BOOMSMA begrijpt dat de inzet van windturbines op land, bijvoorbeeld in Amsterdam, leidt tot meer CO2-uitstoot. N. KUSTERS bevestigt dat. Dat wordt gezegd door CU Delft, KIVI en TNO. Iedereen zegt dat je moet stoppen met wind op land zo snel het kan. CU Delft zegt dat alle ruimte op zee moet worden gebruikt. Als je dan nog meer wilt en minder wilt importeren, dan kan je nog 2000 windmolens op land bijplaatsen. Daar moet je 37 TWh produceren. 12 TWh kan je in de prullenbak gooien vanwege onbalans in het systeem. Dan heb je 25 TWh van de 650 TWh die nodig is. Dat voorkomt de import van 25 TWh. Dat zijn 25 olietankers kerosine. Uiteindelijk zijn de windmolens bij de woonwijken in Amsterdam voor de productie van kerosine voor Schiphol, voor de overstapfunctie. Noem dat maar klimaatrechtvaardig en lokale zelfvoorziening! Dat zijn de feiten, en daarover moet het gesprek gaan.
Dat gebeurt niet, omdat de overheid niet meer werkt voor haar inwoners. Mensen beginnen dat door te krijgen. Er wordt op geen enkele manier een afweging gemaakt van belangen. Hij heeft hier alles netjes op een rijtje gezet. Twee jaar zijn er vragen gesteld aan de overheid. Ook in de Amsterdamse gemeenteraad is een motie ingediend, door het lid Boomsma. Die motie is niet tot uitvoering gebracht. Er is geen gesprek. In twee jaar tijd is er nog geen enkel inhoudelijk gesprek geweest met iemand van de overheid. Hoe kan dat in een democratie? In de dialooggroep ging het over de toon van het gesprek, hoe je met elkaar omgaat. Maar er moet gereageerd worden op inhoudelijke feiten! Er ligt hier een rapport dat door een ingenieursbureau geschreven is. Alle eerder naar voren gebrachte feiten zijn gestaafd. Het enig dat niet gestaafd is, ging over de hoeveelheid zon die je in Nederland kan hebben. CU Delft zegt, in tegenstelling tot wat men dacht, dat er een maximum is van 100 TWh zon. Dat betekent dat je alle zonnepanelen die je nu op velden gaat leggen, niet meer op daken kan leggen. Op daken is vijf keer zoveel ruimte als Nederland nodig heeft qua zonne-energie. Men laat de daken leeg en legt de velden vol. Er zit zoveel irrationaliteit in het beleid. Het lid MANGAL vraagt een van de scenario’s waarover de heer Kuster het had te beschrijven. N.
KUSTERS antwoordt dat er diverse scenario’s worden uitgewerkt, waarvan een met kernenergie en een met meer windmolens. Het scenario met extra wind op land is het goedkoopste, omdat er dan minder overschot is. Wind op land werkt niet goed samen met wind op zee, omdat het vaak op land waait als de zon ook schijnt. Bovendien waait de wind op zee veel stabieler. Wind op zee is dus veel gemakkelijker inpasbaar in het systeem. Bovendien is het goedkoper. In een stedelijke omgeving zoals Amsterdam waait het trouwens sowieso niet hard, en er is ook sprake van een hoogtebeperking. Kerosine produceren met windmolens in Amsterdam gaat niet lukken, want dat kan veel goedkoper in landen met veel zon rondom de Middellandse Zee. Nederland importeert ieder jaar 2500 tankers olie. Uiteindelijk gaat het bij de kwestie van wel of niet wind op land om 25 tankers kerosine meer of minder. Die discussie moet nationaal gevoerd worden. Nederland is een vol land en heeft de luxe van de Noordzee, maar zet die niet in voor de eigen inwoners. Het lid KREUGER vraagt wat de indruk van de heer Kusters was van de Tafeltjesavond. En heeft men naar de uitkomsten daarvan geluisterd? N. KUSTERS antwoordt dat hij met alle partijen heeft kunnen spreken en het rapport kunnen overhandigen met een korte toelichting. Uiteindelijk was er heel weinig tijd,
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
maar het was goed om elkaar persoonlijk te leren kennen. Een inhoudelijk vervolggesprek is van belang. Bij agendapunt 9 C. VERBERNE spreekt op persoonlijke titel. Hij dankt voor het organiseren van de Tafeltjesavond op 28 maart jl. Hij stond met tafeltje ‘Amsterdam Noord’ in de Stopera om uit te leggen dat er voor plaatsing van windturbines in Noord totaal geen draagvlak is. Hij heeft uitgelegd dat er veel meer ernstig gehinderden zijn te verwachten dan de wethouder de raad voorhoudt. Bij het kadaster heeft hij gegevens opgevraagd over het aantal woningen nabij windturbines in Nederland. Het bleek dat in Nederland binnen 1000 m afstand van een windturbine van 150-200 m hoogte gemiddeld 16 woningen staan. Binnen het gebied van de Noorder IJplas komen 3500 te liggen binnen 1000 m afstand van een windturbine van dezelfde hoogte. Bij die 3500 woningen gaat het om heel veel ernstig gehinderden. Over die ernstig gehinderden wil hij het hebben, want hij plaatst vraagtekens bij het lage aantal ernstig gehinderden dat de wethouder steeds noemt. In de vergadering van 2 februari noemde de wethouder het aantal van 24 ernstig gehinderden. In de raadsinformatiebrief van 6 april, dus na de Tafeltjesavond, heeft zij het over 13-34 ernstig gehinderden. Dat is niet zo veel.
Na raadpleging van de Project-MER (figuur 26 op pagina 31) kwam hij tot de conclusie dat de absolute aantallen ernstig gehinderden worden weggerekend in de beoordeling door de volgende twee rekentrucs. Ten eerste rekent de wethouder de bouwplannen niet mee. Daarmee komt ze van 691 tot 91 ernstig gehinderden. Ten tweede redeneert de wethouder dat van de 91 ernstig gehinderden er al 67 ernstig gehinderd worden door andere geluidsbronnen. 91 min 67 geeft 24 ernstig gehinderden door windturbineoverlast. Als je dus overdag verkeersoverlast ervaart en ’s nachts windturbineoverlast, tel je voor de wethouder niet mee. Hij vindt het overigens ook een erg slecht plan om het Stadspark Noorder IJplas op te offeren aan windturbines. Dat groen is juist ontzettend nodig voor het toekomstige Haven-Stad. Ten slotte was hij geschrokken van wat de bestuurder van Amsterdam Wind zei tijdens de Tafeltjesavond. Hij vroeg de heer Olij of men wacht op de landelijke normen. Die antwoordde ontkennend. Bij Windpark Spui gaven de betrokkenen achteraf toe dat de locatie een vergissing was. Hij hoopt dat de raad, het college en het stadsdeel tot die conclusie komen vóórdat een windpark wordt gebouwd. Het lid BOOMSMA vraagt welke betrokkenen aangaven dat de locatie voor Windpark Spui een vergissing was. C. VERBERNE weet dat niet, hij denkt dat het politici waren die erbij betrokken waren.
In ieder geval voldeed het Windpark Spui aan de normen, terwijl achteraf veel mensen gingen klagen. Er zijn mensen om de komst ervan verhuisd. Het gaat om 521 inwoners die binnen een straal van 1000 m van het windpark wonen. Bij de Noorder IJplas wordt door Zaanstad en de gemeente Amsterdam gebouwd. Je hebt het dan om 3500 woningen binnen 1000 m. Op die manier krijg je een soort gezondheidsexperiment. Het lid NIJSSEN vraagt wat de plannen voor de Noorder IJplas gaan betekenen voor gehinderden en ernstig gehinderden in Noord. C. VERBERNE antwoordt dat de straal is uitgebreid naar 380 m van woningen en bewoners van het Zijkanaal. Dat zijn 60 woonarken die er last van gaan krijgen. Verder worden er op de locatie Melkweg Oostzanerwerf 1600 woningen gebouwd. Of die plannen moeten niet doorgaan. Op het Cornelis Douwesterrein worden duizenden woningen gebouwd. In de Achtersluispolder komen twee wijken en die gaan gewoon door. Die liggen pal aan de Noorder IJplas. Ook mensen op 800 of 1000 m kunnen last hebben van het geluid van windturbines. In Frankrijk heeft iemand die woonde op 1000 m een rechtszaak gewonnen, omdat hij last had van laagfrequent geluid. Het lid BILGIN wijst erop dat de Noorder IJplas een mooi groen gebiedje zou
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
kunnen zijn voor alle bouwprojecten, zoals Achtersluispolder en Cornelis Douwesterrein. Als de Noorder IJplas geen leefbaar natuurgebied wordt, moeten mensen op zoek naar alternatieve natuurgebieden of parken. Denkt de inspreker dat die parken zoveel overlast krijgen dat de natuur daar achteruitgaat, en daarmee de beleving voor de mensen? C. VERBERNE antwoordt dat op dit moment de Noorder IJplas geen stadspark is waar heel veel mensen naartoe gaan, maar de situatie zal heel anders worden. Het wordt echt een stadspark; er komt een strandje. Pal op dat strandje komt dan een windturbine, wat uniek is voor Nederland. Er komt dus veel meer recreatie; er komt een horecatentje. De beleving van de natuur daar en de omgeving zullen heel bijzonder worden. M. VAN BEENEN spreekt namens de Bewonersvereniging Noorder IJplas. Hij werd vanochtend om vier uur wakker en ging werken aan die brief. Er was zo slecht geluisterd. Hij heeft de initiatiefnemers vandaag uitgenodigd om te kijken wat er met alle bewoners gebeurt, en wat het voor ze doet. Hij ligt er echt wakker van. Toen hij de brief had geschreven, gooide hij die in de prullenbak. Vorige week kwam het nieuws over de ‘verschuiving van de windturbine’. De uitdrukkingen ‘schuifbaar’ en ‘binnen de norm’, daar wordt hij kwaad van. Wat is binnen de norm? Ze hebben het over 42 dB, 45 dB, 47 dB, en dat op 375 m van zijn slaapkamer.
Hoe durf je? Hij woont op een terrein met alleen maar snelweg eromheen. Het excuus is altijd dat er zoveel herrie is in zijn buurt. Hij laat een geluidsopname horen met vogelzang en het geluid van een beginnende spits om 07.00 uur. Maar het is geen geluid! Het is zuidwestenwind kracht 4, precies in de lijn van zijn woonboot. Dat betekent dat er straks overlast komt van 47 dB. Hij kreeg vorige week een brief die hij zal voorlezen. ‘Ik heb straks nog een geluidsfragment, als jullie willen weten wat laagfrequent geluid is. Als het goed is heb je van Tineke dat ook al gehoord. De vergunningen voor de windturbines zijn aangevraagd. In de aanvraag zijn de exacte locaties aangegeven. We hebben veel gesprekken gehad met TenneT en over de helikopter route. De turbine kan daardoor niet aan de zuidwestkant van de kleine plas komen en komt daardoor dichter bij Zijkanaal H. Dat is natuurlijk voor jullie geen goed nieuws, maar ik kan het niet mooier maken. Ik zal nog eventjes uitleggen wat dat laagfrequent geluid is, want dat is wat niemand snapt.’ De initiatiefnemers zijn nooit bij ons geweest om te kijken wat bij ons speelt. Heb ik migraine? Last van slapeloosheid? Een nulmeting van geluid of een gezondheidsonderzoek is wel het minste dat je kunt doen als je bewoners gaat confronteren met geluid. Dit is de uitleg over het meten van geluid. Het lid HOFLAND vraagt het geluid te laten horen.
M. VAN BEENEN antwoordt dat hij dat graag doet. Hij laat een geluidsopname horen waarin uitgelegd wordt hoe geluid gemeten wordt. ‘Geluid wordt gemeten in dBA’s. Decibellen zijn welbekend. Dat zijn logaritmische grootheden. 3 dB erbij betekent 2 keer zo hard. Maar die A betekent dat er een filtercurve overheen zit. Als ik hier met mijn microfoontje ga staan en ik ga eens kijken hoeveel signaal er komt uit de microfoon, en ik ga dat meten, dan zijn dat niet dBA’s die je meet. Want die filtercurve van de dBA’s die er nog overheen gaat is een curve die op het menselijk gehoor is geënt. Althans, daar hebben ze een soort gemiddelde van genomen. Het menselijk gehoor is bijvoorbeeld heel gevoelig voor middelhoge frequenties, zoals gitaren die door je oren knetteren. Dan heb je dus al snel meer dBA’s, hoewel je hetzelfde signaal hebt, dan bijvoorbeeld bij heel lage tonen. Het menselijk oor is over het algemeen vrij ongevoelig voor bas. Dat betekent dat de lage tonen die van die windmolens komen en knetterend hard zijn, en allerlei andere somatische problemen opwekken dan gehoorbeschadiging, in de geluidsmetingen eigenlijk helemaal niet tot uiting komen. Eigenlijk moeten ze apart worden bepaald en er moet ook een aparte norm voor komen hoe je dat dan goed wilt meten. Dat is er allemaal nog niet.
Er worden dus dBA’s gepresenteerd en er wordt gezegd dat dit de norm is voor dBA’s…’ De VOORZITTER denkt dat het punt voldoende helder is gemaakt.
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
P. VERBEEK spreekt namens Vrienden van de Noorder IJplas. Hij merkt op dat aan de commissie advies gevraagd is over de vergunningaanvraag voor de bouw van windturbines in het natuurpark Noorder IJplas. Bijna drie jaar geleden werd in het kader van de RES in Amsterdam begonnen met het vormgeven van de energietransitie. De belofte van de RES was een van onderaf gedragen energietransitie. Het Amsterdamse RES-team faalde in die opzet door een initiatief voor zeventien windturbines als een voldongen feit te presenteren. Er ontstond massaal verzet vanwege de aantasting van de leefomgeving. Bij de afsluitende ZOOM-meeting in november 2020 ontplofte de chatbox door de 2500 protest chats. De zogenaamde participatie ging echter verder. Midden 2021 werd een reflectiefase aangekondigd. Participatie zou plaatsvinden middels zogenaamde klankbordgroepen. Een mediationbureau werd ingehuurd om de klankbordgroepen te begeleiden. Ze kregen de opdracht om de zeventien beoogde turbines niet ter discussie te stellen, en evenmin alternatieven daarvoor te accepteren. Toen de deelnemers van de lokale klankbordgroepen dat doorkregen, beëindigden ze hun deelname. De reflectie werd voortijdig afgebroken. Er was ook nog een klankbordgroep Gezondheid met deskundige artsen. Die werd op een zijspoor gemanoeuvreerd omdat hun zorgen over de gezondheid van omwonenden niet tot een turbineproject zouden leiden.
Een zogenaamde ‘expertgroep gezondheid’ werd ingehuurd om normen te definiëren die de bouw van de turbines wél mogelijk zouden maken. De inbreng van de artsen werd genegeerd en vragen bleven onbeantwoord. Het expertrapport met discutabele normen is vervolgens de basis geworden voor de Project-MER van het windproject Noorder IJplas. Ten slotte was er dan nog de participatie specifiek voor het project Noorder IJplas. Ook die is jammerlijk mislukt. De dialoog werd onmogelijk gemaakt, want vragen werden alleen genoteerd, en pas later schriftelijk beantwoord. Na twee sessies was 60% van de deelnemers afgehaakt. De overblijvers gingen na enkele geforceerde discussies in participatiestaking. Een inhoudelijk verslag van het participatieproces bij de Noorder IJplas is nooit gepubliceerd. Drie jaar participatie op dit dossier is dus niet eerlijk, niet democratisch en niet rechtvaardig verlopen. Hij verzoekt de commissie daarom op basis van dit feit negatief te adviseren op de voorliggende vergunningaanvraag. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten aangemeld. d. Rondvraag Het lid NIJSSEN herinnert aan zijn vragen over Vattenfall, het bedrijf dat heeft aangegeven in Amsterdam mogelijk niet meer in warmtenetten te willen investeren. De wethouder heeft daarop schriftelijk gereageerd.
In de beantwoording van de schriftelijke vragen staat dat Vattenfall voor nieuwbouwprojecten die gebruikmaken van stadswarmte in combinatie met warmte/koudeopslag een investeringsstop voor hanteert. Dit raakt in ieder geval de projecten Elzenhagen Zuid, Sluisbuurt, NDSM, Van Deysselbuurt en Amstelkwartier. Hij vraagt of dat betekent dat deze woningbouwprojecten vertraging oplopen, of stil komen te liggen. Wethouder PELS antwoordt dat Vattenfall heeft aangegeven het voor WKOprojecten per geval te zullen bekijken. De gemeente zal steeds een aanbieding doen. Op dit moment leidt het nog niet tot vertraging voor de woningbouw. Wethouder Van Dantzig is natuurlijk goed aangehaakt. Er wordt ondertussen gewerkt aan verschillende scenario’s, bijvoorbeeld voor als Vattenfall geen aanbieding doet voor de WKO. Zijn er dan andere marktpartijen die in willen stappen? Of kan de aanbieding op een andere manier gedaan worden? Op dit moment is er dus nog geen sprake van vertraging, maar als deze houding van Vattenfall heel lang blijft duren, zou dat na de zomer wel tot vertraging kunnen leiden. Op dit moment in ieder geval nog niet.
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
Het lid NIJSSEN vraagt of er al een scenario klaarstaat, bijvoorbeeld dat andere partijen erin springen, of dat de gemeente zelf iets wil gaan doen. Of kan dat ook nog weer extra vertraging opleveren? Wethouder PELS antwoordt dat er op dit moment aan gewerkt wordt. Zij wil graag meteen met een alternatief kunnen komen, maar is daarbij wel van verschillende dingen afhankelijk. De marktpartijen gedragen zich ook anders. Het hangt er dus vanaf hoe de markt zich ontwikkelt en hoe de discussie bij EZ rondom de warmtewet loopt. Als wordt voorzien dat er vertraging op gaat treden, zal zij de commissie daarover informeren. Ook zal zij dan aangeven wat het handelingsperspectief is voor de gemeente. Het lid HAVELAAR merkt op dat Amsterdam zich opmaakt voor Koningsdag, waarbij het centrum weer erg druk zal zijn. Vorig jaar ging het heel goed met de reiniging, hoewel de binnenstad weken na Koningsdag nog bezaaid lag met glas. Dat gaf lekke banden en scherven in hondenpootjes. Hij vraagt of de wethouder dit jaar extra aandacht kan geven aan het reinigen van glas en kleine scherven in de weken na Koningsdag. Wethouder PELS antwoordt dat ervoor gezorgd zal worden dat vooraf alle vuilnisbakken goed geleegd zijn, zodat er alle ruimte is. Verder zullen extra afvalbakken geplaatst worden. In de nacht van Koningsdag en de dagen erna zal er extra inzet zijn.
Zij zal het signaal van het lid Havelaar meegeven aan Stadswerken. De VOORZITTER schorst de vergadering van 10.00-10.05 uur. BESPREEKPUNTEN Duurzaamheid, Energietransitie en Circulaire Economie 3. Voortgangsrapportage Regionale Energiestrategie (RES) Noord-Holland Zuid. Nr. VN2023-010271 De VOORZITTER licht toe dat dit een bespreekpunt betreft dat in principe niet doorgaat naar de raad. Het is geagendeerd op verzoek van de leden Garmy en Nijssen, onder andere om de monitoring van de doelen van de strategie te bespreken. Het lid GARMY vroeg zich af wat de verkiezingsuitslag zal hebben op de ambities, en ook op de uitvoering ervan. Moeten ze worden bijgesteld? Er wordt in de rapportage aangegeven dat de gemeenten in de regio zich in verschillende stadia bevinden met betrekking tot de uitvoering. Er is geen garantie dat de vergunningen op tijd kunnen worden verleend, waardoor men achter gaat lopen. Is het duidelijk wat de impact daarvan is? Er staat dat men elkaar actief moet aanspreken als doelen niet tijdig worden behaald. Gebeurt dat ook? Hij vraagt of de wethouder dezelfde drive bij andere gemeenten ziet om de ambities te halen. Het lid KROM denkt dat nog veel winst behaald kan worden uit zonnepanelen op het dak. Zij vraagt wat de status daarvan is in Amsterdam. De doelstelling was dat de helft van de daken in 2030 zonnepanelen zouden moeten hebben.
Voor 2022 was het doel 250 MW zonne-energie. Zij vraag of dat doel behaald is. En zal men de doelstelling van 350 MW in 2025 gaan halen? Of moet er extra actie ondernomen worden, en de strategie aangepast worden? Speelt congestie hier ook een rol? Het lid HOFLAND las dat gemeenten niet altijd kunnen garanderen dat tijdig vergunningen voor zon gegeven worden. Gebeurt dat ook in Amsterdam? Elders in de rapportage leest hij dat gemeenten, waterschappen en provincies zoekgebieden aan het specificeren zijn. Hij vraagt of er in de samenwerking iemand is die de lead heeft. Verder vraagt hij of de gemeente voordeel haalt uit het Isolatieoffensief dat uitgevoerd wordt.
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
Het lid NADIF leest in het rapport dat niet bij alle gemeenten voldoende kennis is over lokaal eigendom. Er zijn geen kaders. Het zou goed zijn als iets gedaan wordt aan de kennisuitwisseling, omdat lokaal eigendom ook voor andere gemeenten van groot belang is. Het lid MANGAL vraagt voor wie deze energie geproduceerd wordt. Wethouder PELS antwoordt het lid Garmy dat het moeilijk is de ambities van de provincie te voorspellen. In ieder geval geeft het huidige provinciale beleid ruimte om de ambities van Amsterdam te verwezenlijken. Daarvan kan dus tot nader order uitgegaan worden. Er zijn tussen de verschillende gemeenten inderdaad verschillende snelheden. Men loopt ook tegen andere problemen aan. Daarbij komen de verschillen in politieke samenstelling van de verschillende gemeentebesturen. Dat heeft zijn weerslag op de drive van een gemeente voor bepaalde onderdelen. Alle gemeenten hebben een grote ambitie voor zon op dak, en sommige ook voor zon op land. De ambitie voor wind op land is wat minder. Elke zes weken is er een overleg om over de RES te spreken. Zij ziet dan allemaal wethouders die graag aan de slag willen en doordrongen zijn van de ernst van de zaak. Zij zien de noodzaak om zelf energie op te gaan wekken. Zij antwoordt het lid Nadif dat zij bij de laatste bijeenkomst heeft aangeboden om de kennis over de coöperatieve ontwikkeling van windmolens te delen.
Amsterdam heeft meer capaciteit en stelt de kennis graag beschikbaar aan andere gemeenten. Zij antwoordt het lid Krom dat er op dit moment wordt gewerkt aan het afronden van de cijfers voor 2022. Die komen in de klimaatrapportage. Zij stelt voor ze daarbij met elkaar te bespreken. Tot op heden is in Amsterdam vooral congestie als het gaat om de vraag naar elektriciteit, en niet zozeer wat betreft het aanbod. Zon ontwikkelt zich snel. Steeds meer mensen nemen steeds sneller zonnepanelen. Er zal nagedacht moet worden over smartgrids, dus het lokaal opzetten van een energienetwerk tussen de verschillende huizen waarbij gewisseld kan worden in energieaanbod en -vraag. Het lid MANGAL merkt op dat nu al problemen bestaan bij het terugleveren van stroom. 2030 is niet ver meer. Kunnen voor die tijd oplossingen gevonden worden voor congestieproblemen? Wethouder PELS antwoordt dat iedereen op dit moment kan terugleveren op het net. Er is geen aanbodcongestie in Amsterdam. Dat geldt niet voor het nieuwe deel van Amsterdam, Weesp. Daar zijn plekken waar wel aanbodcongestie is. De Taskforce Netcongestie is nu in gesprek met de verschillende partijen, waaronder Liander, om te bezien hoe aanbodcongestie voorkomen kan worden. Er wordt dus plannen gemaakt. Gisteren is een rapport gepubliceerd vanuit de expertgroep Energie. Die is gericht op 2050.
Men laat daar zien dat niet zozeer voor 2030, maar pas daarna de smartgrids gaan spelen. Dan moet gezorgd worden dat wijken qua energievraag en -aanbod uitgebalanceerd worden. Zij antwoordt het lid Hofland dat het met de vergunningen voor zon goed gaat. Er is geen probleem. Tot op heden weet iedereen elkaar goed aan te vullen. Haar ervaring is dat Amsterdam in de lead is. Daarom maakt Amsterdam de PlanMER en het programma Windenergie Amsterdam. Amsterdam wordt daarbij ondersteund door de provincie, en daarbij zijn er geregeld gesprekken met de waterschappen. AGV heeft bijvoorbeeld een enorme ambitie als waterschap. Amsterdam probeert de ambitie van het waterschap zo goed mogelijk binnen de RES te faciliteren. Een andere belangrijke partij is het Rijk, bijvoorbeeld met de Energieroute. Er liggen koppelkansen met alles wat gebeurt in de stad met betrekking tot het Isolatieoffensief en andere doelen in de verduurzaming, zoals zon op dak. Zij heeft met de energiecoöperaties en de corporaties besproken dat het goed zou zijn als die twee partijen elkaar weten te vinden in de verdere ontwikkeling van zon op dak bij corporatieswoningen. Zo zouden mensen die in die woningen wonen de voordelen krijgen van de zonnepanelen die op het dak geplaatst gaan worden. Over dat idee wordt nog gesproken.
Zij antwoordt het lid Mangal dat alle nieuwe windmolens in Amsterdam 100% in coöperatieve handen moeten komen. Dat betekent dat alle energie die daarmee wordt
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
opgewekt in de handen van Amsterdammers komt. Het lid MANGAL vraagt aan wie de energie geleverd wordt. Wethouder PELS antwoordt dat iedereen in de buurt lid kan worden van zo’n coöperatie. Je neemt dat stroom af bij zo’n bedrijf, maar die stroom wordt geleverd aan het net. Straks kan je laten zien welke huishoudens met welke windmolens verder geholpen kunnen worden. In de monitoring kan met de raad worden gedeeld hoeveel procent van de leden dicht rondom de windmolen wonen. Het lid MANGAL vraagt of ook duidelijk wordt gemaakt aan welke bedrijven de stroom geleverd wordt. Wethouder PELS antwoordt dat er een verschil bestaat tussen de levering aan het net en wat je afneemt. Zij zal kijken hoe het inzichtelijk kan worden gemaakt in de monitoring. Waarschijnlijk kan echter niet een-op-een getoond worden waar een kWh eindigt. Zij begrijpt dat het lid Mangal duidelijk wil hebben dat de coöperatieve molenstroom ook echt bij Amsterdammers en Amsterdamse bedrijven terechtkomt. Zij zal kijken hoe dat zichtbaar kan worden gemaakt in de monitoring. Het lid GARMY herhaalt zijn vraag over het elkaar actief aanspreken als de doelen niet worden gehaald. Hij had gelezen dat er een herijking komt van de strategie, en bovendien is er sprake van een nieuwe politieke realiteit. Wethouder PELS antwoordt dat men het daarover heeft gehad bij de laatste RESbijeenkomst.
Het is zaak niet uit de pas te gaan lopen. Zij zag dat alle wethouders van zins waren aan de slag te gaan, maar dat er wel verschillen tussen de wethouders was wat betreft de politieke realiteit waarin ze zich bevonden. Het kan zijn dat er al keuzes zijn gemaakt, bijvoorbeeld een nadruk op zon in plaats van wind. Tweede termijn Het lid BILGIN vraagt of er in Amsterdam nog woningbouwprojecten onder druk staan door netcongestie. Wethouder PELS antwoordt dat er via een ander rapport informatie wordt gegeven over de voortgang van netcongestie. Op dit moment is er op verschillende plekken sprake van congestie, en dat kan gevolgen hebben voor woningbouw. Zij is dan ook blij met de recente aankondiging vanuit de ACM dat het netbedrijf mag gaan selecteren. Samen met Liander is afgesproken dat Amsterdam daarin een rol zal nemen, zodat woningbouw kan worden geprioriteerd. Door te prioriteren kan de vrijkomende stroom direct voor de woningbouw beschikbaar gesteld worden. Zij stelt voor in de komende rapportage over netcongestie specifiek aandacht te geven aan woningbouw, en de eventuele effecten. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. 4. Conclusies nieuw rapport: plaatsing windturbines in Amsterdam lijkt geen noodzaak voor behalen klimaatdoelen Nr.
VN2023-010278 De VOORZITTER licht toe dat dit een bespreekpunt betreft dat in principe niet doorgaat naar de raad. Het is geagendeerd op verzoek van de leden Boomsma, Kreuger en Nijssen, omdat zij de conclusies van het rapport graag met de wethouder willen bespreken. Het lid BOOMSMA merkt op dat zijn fractie in de afgelopen jaren steeds heeft betoogd dat extra windturbines op land in Amsterdam een slecht idee zijn. Het CDA is natuurlijk voor een snelle overstap naar duurzame energie, maar dan op een slimme
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
manier. Windturbines moeten op zee geplaatst worden, want daar waait het harder en vaker. Je kunt er grotere turbines neerzetten die veel meer stroom opleveren. Daardoor is het ook goedkoper en heb je meer duurzame energie voor minder geld. Bovendien wonen op zee geen mensen die er last van kunnen hebben. Een moratorium op nieuwe windturbines op land is een kwestie van fatsoenlijke ruimtelijke ordening, maar ook van goed klimaatbeleid. Steeds is gezegd dat de turbines in Amsterdam moeten worden geplaatst, pal naast woonwijken, want op de Noordzee zou geen ruimte zijn. Hij is blij dat met dit rapport van CU Delft definitief is aangetoond dat dit slechte excuus niet klopt. Er is ruimte op zee en daarvoor moet dan ook gekozen worden. De doelstelling van wind op land uit het klimaatakkoord als onderdeel van de algehele doelstelling van 35 TWh is al behaald. Het is juist conform het klimaatbeleid om nu voor extra ambities in te zetten op wind op zee. Het lid HOFLAND wijst erop dat de ambities voor wind op zee groot zijn, ook landelijk. Maar er zullen daarvoor wel militaire zones, visgronden en natuurgebieden nodig zijn. Heeft het CDA daartegen geen bezwaren? Het lid BOOMSMA antwoordt dat dit vooralsnog niet nodig is. Als het wel nodig is, is dat natuurlijk te prefereren. Iets meer windturbines in militaire zones is te prefereren boven turbines in een woonwijk in Amsterdam.
Windturbines op zee zijn efficiënter en beter. Turbines op land leiden tot extra maatschappelijke en financiële kosten. Het lid NADIF merkt op dat men er in het rapport vanuit gaat dat de nu al geplande windturbines, ook die in Amsterdam, onderdeel uitmaken van de energie die opgewekt moet worden. Het rapport gaat over 2030, maar het is wel zaak de doelen tot dat jaartal te behalen. Hoe ziet het lid Boomsma dat? Het lid BOOMSMA vraagt het rapport echt goed te lezen. Er staat dat de extra windturbines, waarmee men in Amsterdam nu bezig is en die nog niet vergund zijn, niet nodig zijn. Dat is de conclusie van het rapport. Ze zijn niet nodig om de doelstellingen te behalen. Het is zelfs inefficiënt en onverstandig om ermee door te gaan. Extra windturbines in Amsterdam doe je niet voor elektriciteitsopwekking, maar eigenlijk om iets minder waterstof en kerosine te importeren voor de industrie in Nederland. Dat is aangetoond in dit rapport. En dat kan veel beter op een andere manier worden georganiseerd. Daarover moet je duidelijk zijn. Het lid NADIF leest dat de doelen van 2030 eerst behaald moeten worden. Vindt het CDA dan ook dat er in de industrie, als het gaat over klimaatmaatregelen, grote stappen moeten worden gemaakt? Zij doelt bijvoorbeeld op Tata Steel. Het lid BOOMSMA antwoordt dat ook stappen moeten worden gezet voor de industrie.
Er moet niet worden ingezet op extra windturbines in Amsterdam, maar op windturbines op zee, want daarmee kan je beter de waterstof produceren die nodig is voor de industrie. Hij vraagt de wethouder met een serieuze, inhoudelijke reactie te komen op dit rapport. Ook verneemt hij graag welke conclusies daaruit trekt voor de wenselijkheid van een verdere uitrol van wind op land. Het lid HOFLAND vroeg het lid Boomsma eerder of bij wind op zee natuurgebieden bijvoorbeeld acceptabel zouden zijn als locatie. Het lid Boomsma antwoordde dat dit nu nog niet nodig was. Het is tot 70. Maar in het rapport waarover hij spreekt staat dat het van 70-100 wel nodig zou zijn. Is dat dan acceptabel voor het lid Boomsma? Het lid BOOMSMA antwoordt dat hij dat acceptabel vindt. Het lid KREUGER merkt op dat volgens CU Delft de geplande extra windturbines in Amsterdam en de rest van Nederland niet nodig zijn om de klimaatdoelstellingen te behalen. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen de doelen voor 2050 en 2030. Voor
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
2050 is het helemaal niet nodig. Bij 2030 zegt men dat het wat lastiger is, maar je ziet dan dat je toch binnen de range blijft als je de doelstelling een jaartje opschuift, dus als je naar 2031 gaat. Daarom is 2030 niet heilig. Hij leest in het rapport dat het scenario extra wind op zee en zon op dak de laagste totale maatschappelijke kosten voor de energieproductie lijkt te hebben. De windwappies, zoals ze weleens genoemd worden en die achter in de zaal zitten bij deze vergadering, hebben overal gelijk in! Hoe reflecteert de wethouder op wat er nu voorligt? Zijn de windturbines een middel, of een doel op zich geworden? Het lid NADIF vraagt duidelijkheid van JA21 over de klimaatdoelen. Zij heeft de indruk dat die partij geen prioriteit geeft om die te behalen, ook voor 2030. Het lid KREUGER antwoordt dat de klimaatdoelen gehaald kunnen worden zonder extra windturbines op het land. Voor 2050 is het helemaal geen probleem, en voor 2030 zou het ook kunnen als je de doelstelling één jaartje opschuift. Zelfs de 60% die Amsterdam heeft gesteld, zou gehaald kunnen worden als je de CO 2-opslag van het AEB meeneemt. Hij is het overigens niet eens met de klimaatdoelen. Het lid BILGIN vraagt waarom men doorgaat met windturbines, als je toch met jaartallen gaat schuiven, en niet voor kerncentrales gaat. Het lid KREUGER antwoordt dat klimaatbeleid aan twee dingen zou moeten voldoen.
In de eerste plaats: als je iets doet, moet het een kostenefficiënte maatregel zijn. In de tweede plaats: als je iets doet en het kost meer geld, dan doe je het in de slipstream van een grote economie. Zo’n groot probleem maken van zeventien windturbines in Amsterdam getuigt van een kruideniersmentaliteit. Alsof de schaal waarop Amsterdam opereert zo’n verschil uitmaakt voor de hele wereld. Het lid HEINHUIS vraagt aandacht voor het feit dat Amsterdam de grootste stad van Nederland is. En Nederland heeft verder een zeer grote economie, bepalend op wereldniveau en bepalend voor de wereldwijde uitstoot. Het is dus niet meer dan logisch dat Nederland nu zijn verantwoordelijkheid neemt om de uitstoot omlaag te brengen. Amsterdam, als verantwoordelijke hoofdstad, moet zo goed mogelijk verantwoordelijkheid nemen en kijken hoe op Amsterdams grondgebied schone energie kan worden opgewekt. Het lid KREUGER antwoordt dat Amsterdam geen significante impact heeft op temperatuur of zeespiegel. Nul. Het lid NIJSSEN vindt dat de vorige twee sprekers, waarmee hij het agendapunt heeft ingediend, het al heel eloquent verwoord hebben. Het lid NADIF vraagt of de klimaatdoelen voor de VVD wel prioriteit hebben. De voorgaande spreker denkt daar in ieder geval anders over. De VVD heeft landelijk getekend om bepaalde klimaatdoelen te halen.
Het lid NIJSSEN antwoordt dat hij doelt op een serieus rapport met een serieuze conclusie. Er worden ook serieuze vragen gesteld. De VVD staat zeker achter het klimaatakkoord. Hij hoort graag een reflectie van de wethouder op dit rapport. Hoe vertaalt het zich naar de Amsterdamse ambitie, met windmolens dicht op woningen en in het groen? De beantwoording van de wethouder op de vragen van de Partij voor de Dieren vond hij breedsprakig en weinig precies. Het lid NADIF merkt op dat de klimaatdoelen uit het onderzoek niet geheel in lijn zijn met het Parijse akkoord. Hoe ziet de VVD dat? Het lid NIJSSEN antwoordt dat het klimaatakkoord in Nederland de opgave is. Het lid KREUGER vraagt of 2030 voor de VVD heilig is.
15
Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire economie
DC
Concept Raadscommissieverslag, 13-04-2023
Het lid NIJSSEN antwoordt dat er een klimaatakkoord is, waarin een aantal jaartallen staat. Daaraan moet Amsterdam zich houden. Het lid KREUGER begrijpt dat de extra windturbines er wel moeten komen, omdat de doelstelling voor 2030 moet worden gehaald. Het lid NIJSSEN vindt dat windmolens kunnen, ook op land, maar alleen als het niet dicht op woningen of in het groen is. Amsterdam kan dus prima een bijdrage leveren door ze in de haven te plaatsen, maar niet daarbuiten. Dit rapport toont aan dat er veel meer nuances zitten in de noodzaak van windmolens op land, zoals in de Noorder IJplas. Het lid NADIF merkt op dat het rapport gaat over de dingen die nu gedaan worden. Het moet uitgevoerd worden als je wilt dat de andere scenario’s daar deel van uitmaken. Er staan best wel wat haken en ogen in het rapport, maar daarover hoort zij de VVD niet. Zij vraagt het lid Nijssen wat dieper in te gaan op het rapport, en in het bijzonder op de haken en ogen. Zij vindt de bijdrage van het lid Nijssen vaag. Het lid NIJSSEN antwoordt dat dit rapport laat zien dat 2030 in principe haalbaar is, op voorwaarde dat je dan iets meer importeert. Als je dat zo doet, kan je ervoor kiezen om geen windmolens op land neer te zetten en 2030 toch halen. Dat lijkt hem heel verstandig. De raad kan besluiten om ze niet neer te zetten buiten de haven. Die mogelijkheid wordt nu gefundeerd door dit rapport.
Het lid HEINHUIS vraagt hoe zeker het is dat die waterstof zomaar geïmporteerd kan worden, nog los van het jaartal dat je koppelt aan de transitie. Een brede meerderheid erkent de urgentie van deze transitie. Je hebt niet de luxe om te wachten of die import misschien gerealiseerd kan worden. Het lid NIJSSEN antwoordt dat er gewerkt gaat worden aan de import van waterstof in Rotterdam en Amsterdam. Er worden elektrolysers neergezet. Er komt een waterstofimport infrastructuur. De overheid kan ervoor kiezen zich hierop te richten. Dat moet ook zo gedaan worden. Het lid HEINHUIS vraagt of nu ingezet moet worden op onzekerheden of op zekerheden, als het gaat om de klimaatdoelen te halen. Het lid NIJSSEN antwoordt dat dit rapport laat zien dat wind op land niet nodig is. Amsterdam kan ervoor kiezen dat niet te doen, en toch de klimaatdoelen te halen. Op die manier worden Amsterdammers niet belast met de plaatsing van windmolens in groen of dicht op de huizen. Het lid HEINHUIS concludeert dat de VVD wil inzetten op onzekerheden. Waar komt de waterstof vandaan? Uit welk land komt de waterstof? En is dat wenselijk? Hoe zeker is het dat die import mogelijk is? Er moet zekerheid zijn dat de klimaatdoelen gehaald worden en dat er elektriciteit is. Die moet op een veilige en natuurvriendelijke manier aan de mensen geleverd worden. Wind op land is in ieder geval een zekere techniek.
Het lid HOFLAND dankt de mensen die op eigen houtje dit dure onderzoek hebben laten doen. Hij weerspreekt wat het lid Kreuger zegt, dat mensen die zich zorgen maken over de gevolgen van de komst van windturbines ‘windwappies’ genoemd worden. Niemand vindt dat en niemand in deze zaal heeft dat ooit gezegd. Dit onderzoek geeft veel inzicht in de mogelijkheden en levert de bijbehorende getallen. Hijzelf wil in control zijn over de vraag hoe je de stad klaarmaakt voor de toekomst. Kijk je naar 2050, en je ziet geheel af van wind op land, dan kom je op onzeker terrein. Welke duurzame technieken komen er? Hoe snel gaat wind op zee? Hoe snel gaat waterstof? Hoe snel zon op dak? Welke landen maken die waterstof? Wat betekent dat voor de strategische autonomie van