CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Nota van Beantwoording Erotisch Centrum.pdf

Raadscommissie Algemene Zaken 12 februari 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Projectbesluit Erotisch Centrum (VN2026-000707)45.675 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 6

5 alinea's met “sluiting”: 294 319 356 362 648

Bij de besluitvorming over de projectnota (projectbesluit) heeft het college een belangenafweging gemaakt tussen individuele en groepsbelangen – zoals naar voren gebracht in de inspraakreacties – en het bredere maatschappelijke of stedelijke belang: het ontlasten van de Wallen, creëren van veilige werkplekken en tegengaan van ondermijning. Het college weegt hiermee zorgvuldig de zorgen van insprekers, terwijl het de uitgangspunten van het project in de projectnota Erotisch Centrum vaststelt.

19

3. Sekswerk In dit hoofdstuk zijn de inspraakreacties gebundeld die betrekking hebben op de positie van sekswerkers, het gemeentelijke beleid rond sekswerk en de verwachte gevolgen van het gedeeltelijk terugbrengen van raamprostitutie op De Wallen in combinatie met het realiseren van een Erotisch Centrum op een andere locatie in de stad. De inspraakreacties zijn afkomstig van sekswerkers en sekswerker-belangenorganisaties en van insprekers uit diverse groepen, onder meer omwonenden van de gekozen voorkeurslocatie. Uit de reacties blijkt een breed spectrum aan opvattingen en zorgen. Een deel van de indieners staat in beginsel positief tegenover het verbeteren van de arbeidsomstandigheden voor sekswerkers via het realiseren van diverse en hoogwaardige werkplekken in een Erotisch Centrum. Tegelijkertijd is er veel kritiek op de beleidskeuze om het nieuwe Erotisch Centrum te koppelen aan het sluiten van een deel van de ramen op De Wallen. Volgens veel insprekers leidt deze koppeling niet tot versterking van de positie van sekswerkers, maar juist tot een aantasting van hun autonomie, keuzevrijheid en bestaanszekerheid.

Sekswerkers benadrukken dat hun werkplekken op de Wallen juist veilig zijn en sluiten van ramen is dus een verslechtering van hun positie: het verslechtert hun positie richting exploitanten en zorgt voor meer kwetsbaarheid, er is grote vrees voor verlies van inkomen en het sluiten van ramen is een risico dat sekswerkers naar het illegale circuit worden verdrongen. Insprekers benadrukken dat het sluiten van ramen de problematiek op de Wallen niet oplost en dat dit al bekend is uit project 1o12. Indieners wijzen op het risico van verlies aan werkplekken op zichtlocaties, het mogelijke verlies van sociale netwerken en informele zorg op De Wallen. Daarbij is er vrees dat sekswerkers die niet willen of kunnen werken in het Erotisch Centrum, terechtkomen in het niet-vergunde circuit. Daarnaast uiten verschillende indieners specifieke zorgen over de gevolgen voor transpersonen en andere sekswerkers die al te maken hebben met meervoudige uitsluiting. Ook wordt gewaarschuwd voor het maatschappelijke signaal dat uitgaat van het fysiek verplaatsen van sekswerk uit het centrum: dat dit sekswerk zou isoleren of stigmatiseren in plaats van erkennen als legale en volwaardige functie binnen de stad. Tegelijkertijd zijn er ook inspraakreacties die de realisatie van een Erotisch Centrum steunen, mits dit gebeurt in nauwe samenwerking met sekswerkers zelf.

Daarbij worden randvoorwaarden genoemd zoals privacy, veiligheid, bereikbaarheid, differentiatie van werkplekken en een realistisch verdienmodel. Het belang van co-creatie, langdurige betrokkenheid van sekswerkersorganisaties en aanvullende beleidsmaatregelen op het gebied van empowerment, gezondheidszorg en arbeidsrechten wordt in veel reacties benadrukt. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de verschillende thema’s die in dit kader aan de orde zijn gesteld, waaronder de gevolgen van het verminderen van raamprostitutie op De Wallen, de rol van het Erotisch Centrum binnen het bredere sekswerkbeleid, de inpasbaarheid van sekswerk op de nieuwe locatie, het toezicht- en vergunningenstelsel, de positie van lhbtqi+-sekswerkers en de oproepen tot fundamentele beleidswijzigingen. Het College gaat in de beantwoording in op deze punten en geeft daarbij aan op welke manier de belangen van sekswerkers zijn meegewogen en hoe zij ook in het vervolgtraject betrokken blijven bij de ontwikkeling van het Erotisch Centrum. 3.1. Gevolgen voor positie sekswerkers Indieners van inspraakreacties geven blijk van brede zorgen over de gevolgen van het verminderen van het aantal ramen op De Wallen voor de positie van sekswerkers, in het bijzonder raamwerkers.

Hoewel sommigen het realiseren van veilige sekswerkplekken in een Erotisch Centrum als op zichzelf positief beschouwen, zijn er veel zorgen over de koppeling van het Erotisch Centrum met het sluiten van ramen

20

op de Wallen. Volgens de indieners leidt deze koppeling tot een verslechtering voor sekswerkers, waarbij de volgende punten worden benoemd: -

Verlies van keuzevrijheid in werkplek, want er blijven weinig ramen Wallen over; Aantasting van de autonomie van sekswerkers, met name van raamwerkers; Risico op inkomensverlies door het verlies van zichtlocaties en klantentoevoer; Verslechtering van veiligheid voor sekswerkers, die zich gedwongen voelen over te stappen naar een Erotisch Centrum waarvan het draagvlak of de voorwaarden onzeker zijn; Stigmatisering en risico op uitsluiting van sekswerkers die niet in een Erotisch Centrum willen werken; Specifieke zorgen voor transpersonen en andere gemarginaliseerde groepen; Verlies van sociale cohesie en informele netwerken van zorg en toezicht op De Wallen; Vrees voor vertrek naar/terugkeer naar het niet-vergunde circuit als gevolg van verminderen ramen Wallen Verslechtering positie naar exploitanten als er minder ramen overblijven.

De kern van de inspraakreacties is dat het verminderen van ramen op De Wallen in combinatie met het ontwikkelen van een Erotisch Centrum niet wordt ervaren als een versterking van de positie van sekswerkers, maar juist als een inbreuk op hun fundamentele rechten en bestaanszekerheid. Er wordt getwijfeld aan de veronderstelling dat het Erotisch Centrum een volwaardig alternatief biedt voor de bestaande raamwerkplekken. Antwoord Veel insprekers, zowel sekswerkers als andere insprekers, zijn zeer kritisch over de koppeling tussen het realiseren van een Erotisch Centrum en het verminderen van ramen op De Wallen. Deze zorgen zijn door sekswerkers ook in eerdere participatierondes en consultaties geuit. Tegelijkertijd staat het college voor de bestuurlijke opgave om de balans in de binnenstad te herstellen. De hoge druk op het Wallengebied (in combinatie met overlast, onveiligheid en toeristische drukte) vraagt om ingrepen die verder gaan dan regulering alleen. In dit licht is besloten om het aantal ramen in het Wallengebied gedeeltelijk te verminderen, als onderdeel van een bredere aanpak gericht op leefbaarheid, veiligheid en spreiding van functies. In hoofdstuk 1 van de Nota van Beantwoording en in hoofdstuk 1 van de projectnota is dit uitgebreider toegelicht. Bij de besluitvorming over de toekomst van de raamprostitutie op de Wallen wegen de belangen van de sekswerkers zwaar.

Om negatieve effecten zoveel mogelijk te beperken voorziet het Erotisch Centrum in vervangende en veilige werkplekken. In Hoofdstuk 1-3 van de Nota van Beantwoording wordt toegelicht hoe daarin rekening wordt gehouden met de belangen van sekswerkers, onder meer door het realiseren van een goede businesscase voor sekswerkers, een goed zorgaanbod, de combinatie met andere functies, belang van anonimiteit, goede toegangswegen et cetera. Er is verder uitdrukkelijk geen sprake van het volledig verdwijnen van raamprostitutie op De Wallen. Het gaat om een beperking van het aantal ramen, niet om een algehele sluiting. Sekswerkers behouden dus de keuze om op de Wallen te blijven werken. Daarnaast kent Amsterdam ook andere raamgebieden (Singel/Spui, Zuid), besloten clubs, escortbureaus en seksbedrijven verspreid over de stad. Het college blijft zich inzetten voor het behoud en de vernieuwing van sekswerkplekken voor verschillende doelgroepen, waaronder sekswerkers die raamprostitutie of onlinewerving-

21

werkplekken willen en sekswerkers uit de cis- en lhbtiq+-gemeenschap. Daarbij wordt gekeken naar veiligheid, werkbaarheid en differentiatie in het aanbod. Voor een nadere toelichting op de bestuurlijke afwegingen rond het Wallengebied en de koppeling met het Erotisch Centrum wordt verwezen naar hoofdstuk 1 en hoofdstuk 2 in de Nota van Beantwoording. 3.2. Vrees voor marginalisering van sekswerk Indieners van inspraakreacties wijzen op de culturele en sociale betekenis van het Wallengebied als plek waar sekswerk historisch en sociaal geworteld is. Daarbij wordt gewezen op de rol van het gebied als gemeenschap waarin sekswerkers onderling verbonden zijn en waarin ook sprake is van sociale controle en wederzijdse ondersteuning. Volgens deze inspraakreacties leidt de fysieke verplaatsing van sekswerkplekken uit het centrum tot een marginalisering van sekswerk als stedelijke functie, waarmee het maatschappelijke stigma op sekswerk zou worden vergroot. Indieners stellen dat het onderbrengen van sekswerk in een apart centrum juist het beeld bevestigt dat sekswerk buiten de samenleving zou moeten plaatsvinden. Dit zou volgens hen leiden tot grotere kwetsbaarheid, uitsluiting en verlies van zichtbaarheid. Indieners stellen dat de gekozen aanpak ertoe leidt dat raamwerkers de dupe worden van een beleidskeuze die niet op hen is gebaseerd.

Volgens deze reacties wordt de positie van sekswerkers juist verzwakt, doordat zij werkplekken verliezen of zich gedwongen voelen te verplaatsen naar een centrum waarvan de voorwaarden en het draagvlak onzeker zijn. Daarmee zouden de voorgenomen maatregelen de doelstellingen niet waarmaken, maar eerder leiden tot marginalisering en verlies van autonomie van sekswerkers, zonder dat sprake is van aantoonbare verbetering van de situatie op De Wallen. Antwoord Het college onderkent de historische en culturele betekenis van De Wallen. De keuze voor het gedeeltelijk verminderen van ramen is onderdeel van een bredere aanpak om de balans in de binnenstad te herstellen, waarbij de belangen van sekswerkers, bewoners, ondernemers en bezoekers zijn afgewogen. Het college benadrukt dat het niet de intentie is om raamprostitutie uit de stad te laten verdwijnen, noch om sekswerk te isoleren. De plannen zijn nadrukkelijk géén volledige beëindiging van raamprostitutie in het Wallengebied. Er blijft ruimte voor raamwerkplekken op De Wallen na een vermindering van circa 100 ramen. Daarbij kent Amsterdam meerdere vergunde raambordeelgebieden, waaronder die aan het Singel/Spui en in Amsterdam Zuid. Ook zijn er verspreid door de stad vergunde clubs, privéhuizen en escortbedrijven.

Sekswerk blijft daarmee, ook in de toekomst, een zichtbare en gereguleerde functie binnen de stad, als onderdeel van het stedelijk ecosysteem. Het Erotisch Centrum is een nieuwe locatie die veilige, toegankelijke en professionele werkplekken biedt, inclusief voorzieningen en toezicht. De functie van sekswerk wordt hiermee niet gemarginaliseerd. Sekswerk blijft dus volwaardig onderdeel van het Amsterdamse stedelijk weefsel, met ruimte voor keuzevrijheid, veiligheid en differentiatie. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar hoofdstuk 1 deze Nota van Beantwoording. Voor een nadere toelichting op de overwegingen en samenhang met het bredere beleid wordt verwezen naar hoofdstuk 1 in de projectnota.

22

3.3. Vermindering risico’s op uitbuiting binnen de sekswerksector Indieners van inspraakreacties betwijfelen of de vermindering van raamprostitutie op De Wallen en de verplaatsing van werkplekken naar een Erotisch Centrum zullen leiden tot een daadwerkelijke vermindering van de risico’s op uitbuiting binnen de sekswerksector. Indieners geven aan dat veel raamwerkers geen interesse hebben om in een Erotisch Centrum te werken, onder andere vanwege het concept van het gebouw, de locatie aan de rand van de stad en het verwachte gebrek aan klantaanloop. Zij vrezen dat een deel van de sekswerkers zich door het verdwijnen van werkplekken op De Wallen gedwongen zal voelen uit te wijken naar het niet-vergunde circuit, waarin sprake is van minder toezicht en een grotere kans op criminele beïnvloeding en uitbuiting. Volgens hen is de situatie op De Wallen, ondanks de overlastproblematiek, juist relatief veilig voor sekswerkers. Antwoord Het college benadrukt dat er geen sprake is van een volledige sluiting van de raamprostitutie op De Wallen. Het betreft een beperking van het aantal ramen, waarbij een deel van de bestaande werkplekken behouden blijft. Sekswerkers behouden daarmee de mogelijkheid om te blijven werken op De Wallen. Daarnaast blijven ook de andere bestaande raambordelen in Amsterdam bestaan, zoals die op het Singel/Spui en in Amsterdam Zuid.

Sekswerkers kunnen dus zelf kiezen of zij op de Wallen blijven werken, willen werken in het beoogde Erotisch Centrum of in andere vergunde seksbedrijven elders in de stad. Het college onderkent het belang van voldoende veilige werkplekken voor sekswerkers; juist daarom is de keuze gemaakt om geen ramen te verminderen zonder een alternatief elders te bieden. Voor verdere toelichting: zie ook het antwoord onder 3.1 Binnen het Erotisch Centrum zal net als elders in de stad sprake zijn van een vergunningplicht voor sekswerk, waarbij het gemeentelijk toezicht en (indien nodig) handhaving is geregeld. Het Erotisch Centrum is daarmee geen vrijplaats, maar een regulier onderdeel van het Amsterdamse vergunningenstelsel. Vergelijkbaar met de situatie op De Wallen is de gemeente ook hier verantwoordelijk voor toezicht en naleving van de regels. Tegelijkertijd biedt het Erotisch Centrum een aantal aanvullende veiligheidsvoorzieningen die op De Wallen (als publiek toegankelijk gebied) niet of minder goed kunnen worden gerealiseerd. Het gebouw kent centrale ingangen waardoor de bezoekersstroom en het gedrag van bezoekers veel beter kan worden gereguleerd. Hierdoor is het mogelijk om ongewenst gedrag sneller te signaleren en bezoekers waar nodig te weren of aan te spreken.

De combinatie van interne beveiliging, sociale controle en toezicht door de gemeente biedt daarmee een betere vorm van bescherming voor sekswerkers en bezoekers. Het college onderkent het belang van veilig en bereikbaar woon-werkverkeer voor sekswerkers. Mede daarom is gekozen voor een locatie aan de Europaboulevard, die goed bereikbaar is met openbaar vervoer, taxi’s en eigen vervoer. Bij de verdere uitwerking van het plan wordt nadrukkelijk aandacht besteed aan bereikbaarheid, sociale veiligheid en toegankelijkheid voor verschillende doelgroepen. Voor een nadere onderbouwing van de functie en het doel van het Erotisch Centrum wordt verwezen naar het hoofdstuk Nut en noodzaak Erotisch Centrum in de projectnota. Het Erotisch Centrum is geen alternatief dat opgelegd wordt, maar een aanvullende voorziening die tot doel heeft veilige, gereguleerde en diverse werkplekken te bieden binnen het Amsterdamse sekswerkbeleid.

23

3.4. Praktische en sociale inpasbaarheid van sekswerk Indieners van inspraakreacties uiten zorgen over de praktische en sociale inpasbaarheid van sekswerk op de nieuwe locatie van het Erotisch Centrum. Insprekers, waaronder sekswerkers, vrezen dat de nieuwe werkomgeving niet zal aansluiten bij de behoeften en werkomstandigheden van sekswerkers en daarmee niet bijdraagt aan het verbeteren van hun positie. Concreet wordt aangegeven dat het Erotisch Centrum mogelijk minder anonimiteit biedt dan de huidige situatie op de Wallen, waar sekswerkers opgaan in de drukte en zich discreet kunnen verplaatsen. Ook is er twijfel of het Erotisch Centrum zal beschikken over voldoende sociale controle en onderlinge ondersteuning tussen sekswerkers, zoals die nu bestaat in bestaande raamgebieden. Verder wordt gevreesd dat de locatie aan de rand van de stad onvoldoende veilig of sociaal toegankelijk is, met name in de avond- en nachtelijke uren en dat de klandizie beperkt zal zijn door een gebrek aan aanloop, zichtbaarheid of spontane bezoekers. Een andere zorg is dat het Erotisch Centrum (door de bijzondere uitstraling en aandacht die het genereert) zou kunnen verworden tot een toeristische attractie, in plaats van een werkplek die primair is ingericht op de veiligheid, autonomie en privacy van sekswerkers.

Deze aspecten worden gezien als cruciale voorwaarden voor een werkbare, veilige en professionele omgeving. Antwoord De inrichting van het Erotisch Centrum moet aansluiten bij de behoeften, werkpraktijk en veiligheid van diverse groepen sekswerkers. Een belangrijke voorwaarde is dat het businessmodel voor sekswerkers haalbaar en aantrekkelijk is, inclusief voldoende anonimiteit, klantbereik en veiligheid. Deze aspecten zijn in de huidige fase betrokken in de eerste ruimtelijke en functionele schets in de conceptprojectnota. In de vervolgfasen van het project worden deze onderdelen verder uitgewerkt. Daarbij is de betrokkenheid van sekswerkers zelf essentieel, zoals ook in eerdere fases van het project is gebleken. Een deel van de sekswerkers heeft in eerdere participatierondes aangegeven wat zij belangrijk vinden in een goed functionerende werkplek. Deze input is verwerkt in het voorlopig programma van eisen dat bij de projectnota hoort. Hierin is onder meer gekozen voor een combinatie van verschillende typen werkplekken, waaronder raamplaatsen en online-gerichte werkplekken. Dit biedt ruimte voor een divers aanbod dat verschillende vormen van werving en klantcontact mogelijk maakt. De combinatie met andere functies binnen het Erotisch Centrum biedt daarbij niet alleen kansen voor sociale veiligheid, maar ook voor meer anonimiteit voor zowel sekswerkers als klanten.

Dat draagt bij aan het verdienmodel voor sekswerkers, mits zorgvuldig ontworpen. Tegelijkertijd onderkent het college dat een groot centrum niet voor alle groepen sekswerkers aantrekkelijk is. Met name sekswerkers voor wie privacy en discretie cruciaal zijn (bijvoorbeeld vanwege hun klantenkring) zullen mogelijk geen voorkeur hebben voor het Erotisch Centrum. Daarom blijft het college zich onverminderd inzetten voor het behoud en de ontwikkeling van een breed palet aan vergunde werkplekken verspreid over de stad, zodat er keuzevrijheid blijft en verschillende werkvormen ondersteund worden. In het programma van eisen is daarnaast een optionele invulling van circa 300 m² als 'erotic playground' opgenomen. Deze ruimte biedt aanvullende mogelijkheden voor werkvormen die buiten traditionele raamprostitutie vallen en sluit aan bij de diversiteit binnen de sekswerksector. Wat betreft toegangswegen en veiligheid is aangegeven dat deze cruciaal zijn voor sekswerkers. In de participatie is benadrukt dat meerdere uitgangen, de mogelijkheid om anoniem het

24

gebouw te betreden of te verlaten en goede sociale en fysieke bereikbaarheid belangrijke randvoorwaarden zijn. Deze elementen maken onderdeel uit van de projectnota en worden in de nadere uitwerking integraal meegenomen. Voor de aspecten die zien op het te verwachten klantbereik en de inschatting van bezoekersaantallen wordt verwezen naar het hoofdstuk Programma en bezoekers in de projectnota. Voor de bredere inhoudelijke onderbouwing van het Erotisch Centrum als stedelijke voorziening wordt verwezen naar de hoofdstukken Nut en noodzaak Erotisch Centrum en Programma. 3.5. Morele bezwaren tegen het faciliteren van sekswerk Indieners van inspraakreacties geven aan morele bezwaren te hebben tegen het faciliteren van sekswerk via een gemeentelijk gesteund Erotisch Centrum. Hun afwijzing is niet alleen praktisch of locatie gebonden, maar raakt aan overtuigingen over seksualiteit, de rol van de overheid en de publieke ruimte. Zij vragen zich af hoe de gemeente omgaat met deze morele bezwaren, of deze serieus worden genomen, en in hoeverre er ruimte is voor fundamenteel andere opvattingen binnen het beleidsproces. Antwoord In een stad als Amsterdam bestaan er verschillende visies op seksualiteit en sekswerk. Voor het college geldt: sekswerk is in Nederland een legaal beroep.

Amsterdam voert daarom sinds jaren een actief sekswerkbeleid dat gericht is op het verbeteren van de mensenrechtelijke positie van sekswerkers, het voorkomen van uitbuiting en mensenhandel en het creëren van gezonde en veilige werkomstandigheden. Dit beleid is verankerd in landelijke wet- en regelgeving van de gemeentewet die ruimte biedt voor een vergunningenstelsel. Amsterdam heeft een vergunningstelsel voor prostitutiebedrijven en houdt toezicht op de vergunningvoorschriften en zet zich in op het voorkomen en aanpakken van misstanden. Waar nodig, is er een uitgebreid zorgaanbod via de diverse (gesubsidieerde) zorgpartners. 3.6. Betrokkenheid sekswerkers bij ontwikkelproces Indieners van inspraakreacties benadrukken het belang van betrokkenheid van sekswerkers bij het ontwerp, de inrichting en het beleid van het Erotisch Centrum. Volgens deze indieners is de legitimiteit en het succes van het Erotisch Centrum afhankelijk van de vraag of het aansluit bij de wensen, werkpraktijken en veiligheidseisen van sekswerkers zelf. Zij pleiten daarom voor een vorm van medeeigenaarschap of co-creatie, waarbij sekswerkers niet alleen geconsulteerd worden, maar ook structureel invloed kunnen uitoefenen op ontwerpkeuzes, het programma van eisen en toekomstige exploitatievormen.

Daarnaast zijn er ook reacties die het idee van een Erotisch Centrum in beginsel ondersteunen, mits wordt voldaan aan een aantal voorwaarden. Die voorwaarden betreffen onder meer de beschikbaarheid van verschillende typen werkplekken, privacy, veiligheid, bereikbaarheid en acceptabele tarieven. Cruciaal daarbij is dat deze randvoorwaarden niet eenzijdig door de overheid of exploitant worden vastgesteld, maar in nauwe afstemming met sekswerkers tot stand komen. Antwoord Vanaf de start eind 2028 van de discussie over de toekomst van de raamprostitutie op de Wallen zijn sekswerkers op verschillende manieren betrokken bij het proces, onder meer via gesprekken, gestructureerde participatiebijeenkomsten en individuele bijdragen. De opbrengsten van deze participatie zijn zorgvuldig verwerkt in de projectnota en vormen mede de basis voor het voorlopig programma van eisen. Daarbij gaat het onder meer om onderwerpen zoals veiligheid, anonimiteit, keuzevrijheid, bereikbaarheid en diversiteit in werkplekken.

25

Ook in het vervolgtraject geldt dat de businesscase en de inrichting van het centrum moeten aansluiten bij de praktijk van verschillende groepen sekswerkers. Dit betekent dat in elke volgende fase (van ontwerp tot exploitatie) sekswerkers als ervaringsdeskundigen en medeontwikkelaars worden betrokken. Die betrokkenheid zal een doorlopend en integraal onderdeel van het ontwikkelproces zijn. 3.7. Empowerment en gezondheidszorg sekswerkers Indieners van inspraakreacties benadrukken dat het gemeentelijk beleid rondom sekswerk zich niet alleen zou moeten richten op regulering en ruimtelijke spreiding, maar juist ook op empowerment van sekswerkers, toegang tot gezondheidszorg en structurele samenwerking met sekswerkersorganisaties. Volgens hen vereist het verbeteren van de positie van sekswerkers een brede sociale benadering, waarbij ook aandacht is voor arbeidsrechten, mentale en fysieke gezondheid, armoedebestrijding, zelfbeschikking en bescherming tegen discriminatie en stigma. Indieners doen een oproep aan het College om het Erotisch Centrum niet te beschouwen als een ruimtelijke oplossing voor een stedelijk probleem, maar als onderdeel van een omvattend beleid dat sekswerk als volwaardig en legaal beroep erkent.

Sekswerkers zouden actief betrokken moeten worden bij beleid, uitvoering en toezicht en waar mogelijk ondersteund worden in het versterken van hun positie, bijvoorbeeld via toegang tot opleidingen, juridische ondersteuning en aansluiting bij netwerken en belangenorganisaties. Antwoord Empowerment, gezondheidszorg en structurele samenwerking met sekswerkers en hun organisaties zijn onmisbare onderdelen van het gemeentelijk sekswerkbeleid. Deze thema’s maken al jarenlang integraal deel uit van het Amsterdamse beleid gericht op sekswerk. Daarom wordt ook altijd uitgebreid gesproken met sekswerkers en belangenorganisaties over beleid en waar verbeterpunten kunnen liggen. Amsterdam biedt ook een uitgebreid aanbod van zorg en opleiding via de zorgpartners. Op de website van de gemeente Amsterdam staat het complete aanbod en de raadsbrief van december 2023 waarin het beleid voor empowerment, gezondheidszorg en structurele samenwerking is toegelicht. Voor wat betreft de ontwikkeling van het Erotisch Centrum geldt: gedurende het hele traject rondom het Erotisch Centrum zijn sekswerkers en sekswerkersorganisaties op verschillende momenten en via diverse kanalen betrokken geweest bij het gesprek over de doelstellingen, het programma en de randvoorwaarden voor nieuwe werkplekken.

De opbrengsten van deze gesprekken zijn vastgelegd in participatieverslagen, herhaaldelijk gedeeld met de gemeenteraad en betrokken bij bestuurlijke afwegingen. In alle raadsbrieven over het traject Erotisch Centrum zijn de reacties van sekswerkers geadresseerd. In het vervolgproces blijft de betrokkenheid van sekswerkers en hun belangenorganisaties essentieel, zowel bij de verdere uitwerking van het Erotisch Centrum als bij het bredere beleid rondom de sekswerksector in Amsterdam.

3.8. Normalisering en emancipatie van sekswerk Indieners van inspraakreacties zien in het project een kans om bij te dragen aan de normalisering en emancipatie van sekswerk. Zij willen weten hoe het Erotisch Centrum kan helpen om sekswerk als legaal en volwaardig beroep te erkennen, het stigma op sekswerkers te verminderen en ruimte te scheppen voor meer openheid, respect en inclusiviteit rondom seksualiteit. Zij hopen dat het Erotisch Centrum niet

26

alleen een veilige werkplek biedt, maar ook een maatschappelijke functie vervult door erotiek en diversiteit zichtbaar en bespreekbaar te maken. Antwoord Het Erotisch Centrum draagt bij aan de normalisering en emancipatie van sekswerk in Amsterdam. In Nederland is sekswerk een legaal beroep, maar in de praktijk blijven stigma, maatschappelijke uitsluiting en marginalisering hardnekkige realiteiten. Sekswerkers krijgen niet altijd dezelfde bescherming, toegang tot voorzieningen of erkenning als andere beroepsgroepen. Het Erotisch Centrum is gericht op hoogwaardige sekswerkplekken in een centrum dat is gericht op inclusiviteit en diversiteit rond seks en erotiek. Dit draagt bij aan maatschappelijke erkenning en helpt negatieve beeldvorming te doorbreken. De keuze om het Erotisch Centrum te ontwikkelen met hoogwaardige architectuur, goede voorzieningen en een duidelijke publieke positionering maakt deel uit van deze strategie. Het Erotisch Centrum wordt daarmee ook een plek waar respect voor seksualiteit, diversiteit en menselijke waardigheid wordt uitgedragen. 3.9. Effecten op de positie van lhbtqi+ sekswerkers Indieners van inspraakreacties uiten zorgen over het negatieve effect van het verminderen van raamwerkplekken op De Wallen op de positie van lhbtqi+ sekswerkers, in het bijzonder op die van transpersonen.

Volgens deze inspraakreacties zijn De Wallen, mede door hun centrale ligging en de bestaande sociale infrastructuur, een relatief veilige en zichtbare werkplek voor transpersonen en andere sekswerkers die te maken hebben met meervoudige marginalisering of discriminatie. Inspraakreacties stellen dat het verdwijnen van ramen kan leiden tot verlies van veilige werkplekken waar transpersonen zichzelf kunnen zijn, toegang hebben tot hun vaste klantenkring en deel uitmaken van een bredere gemeenschap. Daarnaast wordt gevreesd dat het Erotisch Centrum, ondanks goede intenties, niet vanzelfsprekend dezelfde mate van toegankelijkheid, acceptatie of economische kansen zal bieden voor deze groep. De bezorgdheid is dat transpersonen door deze beleidskeuze verder in de knel komen, zowel economisch als sociaal. Antwoord De veranderingen in het raamprostitutieaanbod raken ook de groep sekswerkers uit de lhbtqi+gemeenschap. Het is van belang om te benadrukken dat de plannen voor het Erotisch Centrum niet is gericht op het beëindigen van raamprostitutie op De Wallen, maar op het gedeeltelijk verminderen van het aantal ramen. Daarmee blijft raamprostitutie als werkvorm op De Wallen mogelijk, ook voor sekswerkers uit de lhbtqi+-gemeenschap.

Daarnaast blijven ook andere vergunde werkplekken elders in de stad bestaan en wordt met het beoogde Erotisch Centrum ingezet op het bieden van nieuwe, toegankelijke en veilige werkplekken voor diverse groepen sekswerkers, waaronder specifiek ruimte voor lhbtqi+-sekswerkers. Uit participatie en gesprekken met de sector blijkt dat juist binnen de lhbtqi+-gemeenschap behoefte bestaat aan alternatieve werkplekken, omdat er te weinig mogelijkheden voor hen zijn in de bestaande raamgebieden. De bestaande exploitanten richten zich voor het merendeel alleen op de cis-gemeenschap. Voor een deel van deze groep biedt het Erotisch Centrum meer kansen op toegang tot gereguleerde werkplekken, met aandacht voor veiligheid, anonimiteit en diversiteit. Binnen het voorlopige programma van eisen is ruimte opgenomen voor verschillende typen sekswerkplekken, inclusief werkvormen die beter aansluiten bij de wensen van lhbtqi+sekswerkers.

27

De uitgangspunten voor het Erotisch Centrum zijn gericht op inclusiviteit en maatwerk. De diversiteit binnen de doelgroep van sekswerkers wordt daarbij erkend en betrokken bij de verdere uitwerking van het programma en de inrichting van het centrum. 3.10.

Principiële bezwaren tegen sekswerk

Enkele indieners van inspraakreacties pleiten voor een volledig verbod op sekswerk, ongeacht de aard van de werkplek of de mate van regulering. Volgens deze inspraakreacties is sekswerk per definitie schadelijk voor individuen en samenleving en zou het beleid gericht moeten zijn op het uitfaseren van de sector, in plaats van het faciliteren of reguleren ervan. Antwoord De projectnota ziet op het onderzoek naar de ruimtelijke en technische inpassing van een Erotisch Centrum op de locatie aan de Europaboulevard. In het algemeen geldt het volgende. Sekswerk is in Nederland een legaal beroep. Ook binnen de gemeente Amsterdam wordt sekswerk erkend als een volwaardige economische activiteit, mits uitgevoerd binnen de daarvoor geldende wettelijke kaders. Sekswerk is onderdeel van de stad. Het gemeentelijk beleid is er dan ook op gericht om sekswerk veilig, gereguleerd en onder toezicht te laten plaatsvinden. De opvatting dat alle sekswerk zou moeten worden verboden, raakt aan een fundamenteel ander juridisch en beleidsmatig uitgangspunt dan het huidige systeem van gereguleerd sekswerk. Een dergelijk verbod is in strijd met de huidige wetgeving. Amsterdam blijft zich inzetten voor een veilig, divers en gereguleerd aanbod van sekswerkplekken, waarbij de rechten, autonomie en bescherming van sekswerkers centraal staan.

28

4. Locatiekeuze In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de vragen over de keuze voor de locatie Europaboulevard voor het Erotisch Centrum. Deze vragen gaan over hoe de uiteindelijke voorkeurslocatie aan de Europaboulevard tot stand is gekomen en of dat proces op transparante, zorgvuldige en objectieve wijze is verlopen. Indieners willen weten welke alternatieve locaties zijn onderzocht, waarom deze locaties zijn afgevallen en of de gehanteerde criteria volledig en evenwichtig zijn toegepast bij het bepalen van de voorkeurslocatie. Uit de inspraakreacties volgt de vraag of het Erotisch Centrum mogelijk beter op een andere plek gerealiseerd kan worden, verder van woningen, scholen of het zakelijk district van Zuidas. Een terugkerend thema in de inspraakreacties is de nabijheid van het Erotisch Centrum tot functies die door de indieners als kwetsbaar worden gezien, zoals scholen, kinderopvang, sportverenigingen, recreatie- en speelgelegenheden (Amstelpark) en nabijgelegen woningen (Europaboulevard). Er zijn ook zorgen over de impact van het Erotisch Centrum op het imago van Amsterdam en de bredere identiteit van de stad. Indieners beschouwen het Erotisch Centrum als een risico voor het evenwicht tussen Amsterdam als stad van cultuur, kennis, wonen en internationale innovatie enerzijds, en haar reputatie als bestemming voor seks- en drugstoerisme anderzijds.

In dit licht wordt de komst van het Erotisch Centrum ervaren als een bevestiging of zelfs intensivering van deze reputatie, in plaats van een correctie ervan. Daarnaast roepen meerdere reacties vragen op over de relatie tussen het Erotisch Centrum en het internationale, zakelijke karakter van Zuidas. Indieners uiten zorgen over het imago van het gebied, het vestigingsklimaat voor internationale bedrijven, de beleving van de openbare ruimte en de invloed die het Erotisch Centrum daarmee mogelijk heeft op investeringsbereidheid en vastgoedontwikkeling. Een aantal bedrijven en investeerders heeft hun zorgen kenbaar gemaakt.

4.1. Besluitvorming voorkeurslocatie Erotisch Centrum Indieners van inspraakreacties vragen welke alternatieve locaties voor het Erotisch Centrum zijn onderzocht en waarom deze locaties uiteindelijk zijn afgevallen. Zij willen weten op welke wijze het locatieonderzoek is uitgevoerd, welke criteria zijn toegepast en hoe de afweging tot stand is gekomen. De vraag weerspiegelt zorgen over transparantie en rechtvaardiging van de voorkeurslocatie en veronderstelt dat mogelijk betere locaties onvoldoende serieus zijn onderzocht. Antwoord Het onderzoek naar het Erotisch Centrum is de afgelopen jaren in fases uitgevoerd: eerst werden scenario’s raamprostitutie uitgewerkt inclusief een marktverkenning. Vervolgens is in 2020 in opdracht van het Bestuurlijk Team Aanpak Binnenstad het locatieonderzoek opgestart. De locatiekeuze is gebaseerd op een gefaseerd locatieonderzoek, uitgevoerd in opdracht van het college en op basis van beleidsdoelen en uitgangspunten die eerder door de gemeenteraad zijn vastgesteld. Er is eerst gezocht naar kansrijke gebieden, gevolgd door een verdiepend locatieonderzoek naar concrete locaties binnen die gebieden. In deze onderzoeken zijn ruimtelijke, programmatische, maatschappelijke, juridische en financiële criteria gehanteerd. Negen (transformatie)gebieden zijn onderzocht.

In de verdiepende fase zijn locaties binnen deze gebieden beoordeeld op aspecten als bereikbaarheid, stedelijkheid, sociale context, veiligheid, eigendomssituatie, planologische kaders en maatschappelijke draagkracht. In het inpassingsonderzoek Erotisch Centrum is vervolgens bekeken hoe het Erotisch Centrum inpasbaar is op enkele concrete locaties.

29

Op basis van het locatieonderzoek, stadsdeeladviezen, gesprekken met stakeholders, marktconsultaties en adviezen is uiteindelijk de locatie aan de Europaboulevard naar voren gekomen als meest kansrijke locatie. In de projectnota is een extra bijlage opgenomen waarin de voorgeschiedenis van het project wordt beschreven. Zie ook Nota van Wijziging. 4.2. Locatiekeuze in relatie tot zakelijk en internationaal karakter Zuidas Indieners van inspraakreacties vragen zich af hoe het Erotisch Centrum zich verhoudt tot het huidige profiel van Zuidas als internationaal zakelijk district met een hoogwaardige uitstraling. Zij uiten zorgen dat de komst van het Erotisch Centrum kan leiden tot imagoschade, afname van investeringsbereidheid of spanningen met de ambities van het gebied als vestigingslocatie voor internationale bedrijven, juridische instellingen en financiële dienstverleners. Ook wordt gevreesd dat de combinatie van het Erotisch Centrum met zakelijke functies, hotels en woningen tot frictie leidt in het dagelijks gebruik van de omgeving. De kern van de zorg is of en hoe het Erotisch Centrum kan worden ingepast in een gebied met een sterk zakelijk en internationaal profiel, zonder afbreuk te doen aan het vestigingsklimaat of de publieke ruimte.

Antwoord Zuidas heeft zich in de afgelopen decennia ontwikkeld tot een toonaangevend zakelijk en internationaal knooppunt voor wonen, werken en mobiliteit. Het college is van mening dat het Erotisch Centrum en de zakelijke omgeving van Zuidas op verantwoorde wijze naast elkaar kunnen bestaan. Verderop in paragraaf 4.5 van deze nota wordt hier nader op in gegaan. Daarbij is het uitgangspunt dat sekswerk een legale functie is die niet zonder meer leidt tot aantasting van de omgeving en die ingepast kan worden in een stedelijke omgeving. Wel moet gekeken worden naar de ruimtelijke effecten van het Erotisch Centrum op de locatie. De locatie aan de Europaboulevard is bij het locatieonderzoek beoordeeld op een brede set criteria, waaronder bereikbaarheid, inpasbaarheid, afstand tot functies zoals scholen en mogelijkheden voor toezicht en beheer. In de projectnota is op locatieniveau dieper ingegaan op het inpassen van het Erotisch Centrum aan de Europaboulevard. De locatie bevindt zich aan de rand van Zuidas, buiten het kerngebied van de internationale kantoren en binnen een overgangszone waar meerdere stedelijke functies samenkomen, zoals wonen, evenementen (RAI), voorzieningen en verkeer. Bij de verdere uitwerking van het Erotisch Centrum wordt nadrukkelijk rekening gehouden met de kenmerken en het profiel van de omgeving. 4.3.

Nabijheid functies in de omgeving bij afweging locatiekeuze Indieners van inspraakreacties geven aan dat zij het onwenselijk vinden dat het Erotisch Centrum in de nabijheid van functies wordt gepland die zij als kwetsbaar beschouwen, zoals basisscholen, kinderopvang, sportverenigingen, speelplekken (o.a. het Amstelpark). Zij vrezen dat de aanwezigheid van het Erotisch Centrum kan leiden tot gevoelens van onveiligheid, ongewenste confrontatie met seksuele dienstverlening of reputatieschade voor maatschappelijke instellingen. Daarnaast maken sommige indieners zich zorgen over de invloed op kinderen en het dagelijks gebruik van de openbare ruimte. De kern van de vraag is in hoeverre bij de locatiekeuze en inrichting van het Erotisch Centrum expliciet rekening is gehouden met de bescherming van kwetsbare functies in de omgeving, en welke maatregelen worden genomen om conflicten of overlast te voorkomen.

30

Antwoord Het college kent de zorgen van omwonenden en andere indieners van inspraakreacties over de nabijheid van het Erotisch Centrum tot functies zoals scholen, kinderopvang, sportverenigingen, jeugdvoorzieningen en Amstelpark. Deze zorgen betreffen onder meer de mogelijke impact van de komst van het Erotisch Centrum op kinderen en jongeren, het gevoel van veiligheid in de openbare ruimte en de sociale dynamiek in de omgeving. Tegelijkertijd plaatst het college deze zorgen in de bredere context van het leven in een compacte, diverse en dynamische stad als Amsterdam. In deze stad bewegen Amsterdammers (jong en oud) zich dagelijks tussen uiteenlopende stedelijke functies: wonen, werken, leren, ontspannen, ontmoeten. Het college acht de functie van sekswerk in zijn algemeenheid aanvaardbaar in een stedelijke omgeving, zoals de locatie aan de Euroboulevard. Wel vraagt de inpassing van een dergelijke functie om een zorgvuldig ingerichte openbare ruimte. Hoewel het Erotisch Centrum zich niet op grote afstand van alle woon- of schoolfuncties bevindt, ligt de locatie niet in een woonwijk. Bij de locatiekeuze en het verdere ontwerp is zorgvuldig gekeken naar de balans tussen stedelijke inpassing en impact op de omgeving. De locatie Europaboulevard is gekozen als best passende locatie op basis van een integrale beoordeling van risico’s, potentie en maatschappelijke impact.

Om de impact van het Erotisch Centrum op de omgeving te kunnen afwegen is tijdens de fase van het locatieonderzoek een sociaal-maatschappelijke impactanalyse door bureau Onderzoek & Statistiek (O&S). In deze analyse zijn diverse factoren meegewogen, waaronder: • • • • •

De fysieke afstand tot gevoelige functies zoals scholen, kinderopvang en jeugdvoorzieningen; De mate van sociale controle in de buurt (ogen en oren op straat overdag en ’s avonds); Aandeel jongeren en de aanwezigheid van jongeren met een lage sociaaleconomische status (SES); De verwachte overlast en maatschappelijke spanningen; En de kwetsbaarheid en draagkracht van de wijk.

Deze analyse is aangevuld met een veiligheidsadvies van de politie, die per locatie een risicoinschatting heeft gemaakt op basis van de prevalentie van overlast en veiligheidsincidenten, signalen van ondermijning, criminele netwerken en jeugdproblematiek en aanwezige risico’s op het gebied van drugscriminaliteit en groepsvorming. Uit deze integrale beoordeling is gebleken dat de locatie Europaboulevard valt binnen een gebied met een gemiddelde prevalentie van risico’s. Andere onderzochte locaties scoorden hoger qua kwetsbaarheid, overlast en veiligheidsproblematiek en zijn (mede) om die reden afgevallen. In de projectnota is de bredere omgeving van de locatie geanalyseerd en meegenomen in de stedenbouwkundige uitgangspunten. Zo zijn de sekswerkplekken niet vanaf buiten zichtbaar en is het doel de openbare ruimte met zorg in te richten voor de bezoekers van het Erotisch Centrum én de omwonende. Het college houdt bij de verdere uitwerking van het Erotisch Centrum aan de Europaboulevard rekening met de aanwezigheid van nabijgelegen functies. 4.4. Erotisch Centrum in een woongebied Indieners van inspraakreacties uiten zorgen over de locatie van het Erotisch Centrum in of nabij een woongebied. Zij vinden het onwenselijk dat een voorziening waar sekswerk plaatsvindt, zich bevindt in de nabijheid van woningen. Er leven zorgen over veiligheid, leefbaarheid, sociale controle, privacy en

31

overlast. Sommige indieners zijn van mening dat het Erotisch Centrum beter op een afgelegen of nietwoonbestemde locatie gerealiseerd kan worden. Antwoord De locatie van het Erotisch Centrum ligt nabij een woonwijk en niet in een woonwijk. Vanwege de nabijheid van woningen is er door onderzoeksbureau O&S onderzoek gedaan naar de impact van een Erotisch Centrum op de omgeving en heeft de politie geadviseerd. Zie ook bovenstaande paragraaf 4.4. Een belangrijk criteria bij het locatieonderzoek was dat het Erotisch Centrum onderdeel moet zijn van de stad. Zowel tijdens de gesprekken met sekswerkers als met marktpartijen kwam naar voren dat het Erotisch Centrum niet in een industrieel gebied, of ver van het centrum moet liggen. Een goede stedelijke inbedding is belangrijk. Sekswerk moet niet weggestopt worden op een afgelegen plek. In het volgende hoofdstuk wordt er verder ingegaan op de inspraakreacties over veiligheid en leefbaarheid. 4.5. Invloed Erotisch Centrum op het imago en vestigingsklimaat Indieners vinden dat een Erotisch Centrum aan de rand van de stad de identiteit van Amsterdam als tolerante, creatieve en diverse stad aantast. Zij vrezen stigmatisering van sekswerk en een toeristische attractie die niet past bij de internationale uitstraling van de Zuidas.

Ook zijn er zorgen dat het verplaatsen van sekswerkers uit de historische binnenstad de culturele waarde van de Wallen aantast (zie hoofdstuk 1). Er wordt aangegeven dat het Erotisch Centrum op gespannen voet staat met andere ambities van de stad, zoals het bevorderen van hoogwaardige stedelijke ontwikkeling, het aantrekken van kennisintensieve bedrijvigheid (de kennisstad) en het bouwen aan leefbare wijken voor diverse doelgroepen. Er wordt gevreesd voor een framing van Amsterdam als “hoofdstad van de seksindustrie”, wat volgens indieners haaks staat op waarden als emancipatie, gelijkwaardigheid en inclusiviteit. In sommige inspraakreacties wordt het Erotisch Centrum omschreven als een moreel verouderd concept dat geen recht doet aan de ontwikkeling van de stad als moderne metropool. Er zijn ook indieners die benadrukken dat Amsterdam door een modern Erotisch Centrum juist een open en progressief imago kan behouden, mits het goed wordt ingebed in de stedelijke context. Tot slot wordt gewezen op de mogelijke schade voor bewoners die zich identificeren met een ander beeld van de stad. Sommigen ervaren het Erotisch Centrum als een signaal dat de stad zich afkeert van hun waarden of leefstijl. Dit kan leiden tot gevoelens van vervreemding en verlies van binding met de stad.

Vestigingsklimaat Zuidas Indieners van inspraakreacties uiten specifieke zorgen dat de vestiging van het Erotisch Centrum op of nabij Zuidas negatieve effecten kan hebben op het internationale en zakelijke imago van het gebied. Zij wijzen op het belang van Zuidas als vestigingslocatie voor hoofdkantoren, juridische instellingen, financiële dienstverleners en internationale bedrijven en vrezen dat de aanwezigheid van een sekswerkvoorziening afbreuk kan doen aan het vestigingsklimaat

32

Ook leeft de vrees dat investeerders, huurders, werknemers of bewoners mogelijk afhaken als gevolg van reputatierisico’s of negatieve beeldvorming. De kern van de zorg is of het Erotisch Centrum het vestigingsklimaat en het imago van Zuidas als hoogwaardige internationale zone onder druk zet en welke maatregelen de gemeente neemt om dit te voorkomen of te mitigeren. Een aantal partijen in de omgeving, waaronder EMA, congrescentrum RAI en het NH-hotel, heeft concrete zorgen geuit over de mogelijke impact van het Erotisch Centrum op hun bedrijfsvoering. Daarnaast hebben sommige gebouweigenaren, ontwikkelaars en beleggers zorgen over de mogelijke invloed op vastgoedwaarde en het investeringsklimaat. Door een Erotisch Centrum verwachten de (toekomstig) huurders de `war for talent' op een krappe arbeidsmarkt te verliezen en haken (nu al) af. Een aantal partijen heeft aangegeven juridische stappen te overwegen of te zetten. Inspraakreacties van bedrijven/partijen in de omgeving zoals Encore en Europees geneesmiddelenbureau EMA stellen dat de maatregelen in de Concept Projectnota zijn thans onvoldoende om het vestigingsklimaat gunstig te houden. In de definitieve versie van de projectnota zal dit beter moeten. Antwoord De balans tussen toeristische drukte en een leefbare stad voor Amsterdammers is, met name in de binnenstad, compleet verstoord geraakt (zie hoofdstuk 1).

Het verminderen van het aantal ramen op de Wallen en de realisatie van nieuwe ramen in het Erotisch Centrum dragen bij aan het imago van Amsterdam als een stad die zorg draagt voor haar historische binnenstad, haar bewoners en haar sekswerkers. Het college wil met het Erotisch Centrum juist bijdragen aan het innovatie-imago van de stad. Binnen het project Aanpak Binnenstad zoekt de gemeente naar innovatieve manieren om overtoerisme tegen te gaan en drukte te voorkomen. Een van deze manieren is het faciliteren van de bouw van een modern Erotisch Centrum. Dit centrum biedt ruimte voor een eigentijdse invulling van sekswerk, met aandacht voor diversiteit, inclusiviteit en experiment. Het innovatieve imago van Amsterdam omvat niet alleen techniek of kunst, maar ook de aanpak van grootstedelijke problematiek en het creëren van een prettige en veilige werkomgeving. Het college ziet geen spanningsveld tussen sekswerk en haar ambitie om een kennisstad te zijn. Wel ziet zij een spanningsveld tussen het streven naar een kennisstad en het over-toerisme in de binnenstad. Juist de binnenstad is een aantrekkelijke plek voor mensen, bedrijven en instellingen die zich bezighouden met kennis en innovatie. Door de balans tussen wonen, werken en recreëren in de binnenstad te herstellen, draagt de gemeente volgens haar visie juist bij aan de ambities van Amsterdam als kennisstad.

Zuidas Zuidas is een strategisch belangrijke locatie binnen het internationale vestigingsklimaat van Amsterdam, met een concentratie van hoofdkantoren, juridische en financiële instellingen, internationale organisaties en hoogwaardige woon- en werkmilieus. Uit beschikbare gegevens over het vestigingsklimaat in Amsterdam blijkt dat er geen directe samenhang is tussen de nabijheid van sekswerkvoorzieningen en de vestiging of ontwikkeling van internationale bedrijven. In de binnenstad bevinden zich momenteel 753 buitenlandse bedrijven op maximaal circa 1 kilometer afstand van de Wallen. Alleen al in de afgelopen vijf jaar zijn 138 buitenlandse bedrijven nieuw geland in dit gebied, meer dan op Zuidas, waar zich in dezelfde periode 64 nieuwe buitenlandse bedrijven vestigden. Deze bedrijven zijn actief in uiteenlopende sectoren, waaronder tech, creatieve industrie en zakelijke dienstverlening.

33

Hieruit blijkt dat de nabijheid van gereguleerde sekswerkvoorzieningen in zichzelf geen belemmering vormt voor een bloeiend internationaal vestigingsklimaat, mits deze voorzieningen zorgvuldig zijn ingepast, beheerd en gereguleerd. Door sekswerk te verplaatsen uit de overbelaste binnenstad en onder te brengen in een professioneel, veilig en gereguleerd centrum, wordt de leefbaarheid, veiligheid en economische waarde van het centrum versterkt. Daarmee verbetert ook het internationale imago van Amsterdam als stad die op respectvolle, open en gecontroleerde wijze omgaat met kwetsbare sectoren en stedelijke complexiteit. Bij de uitwerking van het Erotisch Centrum worden diverse maatregelen getroffen om negatieve effecten op imago en vestigingsklimaat te voorkomen of te mitigeren. Deze zijn opgenomen in de stedenbouwkundige uitgangspunten in hoofdstuk 6 van de projectnota. 4.6. Locatie in strijd met zetelovereenkomst EMA Het Europees geneesmiddelenbureau EMA is van mening dat het voorstel om een Erotisch Centrum in Stadsdeel Zuid te vestigen niet voldoet aan de voorwaarden die de Nederlandse overheid in 2017 stelde in haar bod om het agentschap te huisvesten.

Het Nederlandse bod positioneerde Amsterdam Zuid niet alleen als een internationaal topzakencentrum, maar ook als een centrum voor onderzoek en onderwijs en een populaire woonwijk die de komende jaren verder zou groeien en zich zou ontwikkelen. De EMA verwacht dat de locatie van het Erotisch Centrum in de buurt een negatieve invloed zou hebben op deze beoogde uitbreiding en ontwikkeling. In de Zetelovereenkomst, die op 1 juni 2018 tussen het EMA en het Koninkrijk der Nederlanden is ondertekend, staat in artikel 7 duidelijk vermeld dat het de plicht is van de gaststaat (het Koninkrijk der Nederlanden) om de veiligheid en rust van het terrein van het Agentschap te waarborgen en verstoringen in de directe omgeving te voorkomen. Hoewel de Zetelovereenkomst verplichtingen oplegt aan het Koninkrijk der Nederlanden, zijn deze verplichtingen ook van belang voor de Gemeente Amsterdam. Antwoord Op voorhand is niet vast te stellen dat de vestiging van een Erotisch Centrum in de omgeving van EMA een inbreuk op het zetelverdrag zou betekenen. Hiervan zou op grond van artikel 7 van het zetelverdrag sprake zijn als de komst van het Erotisch Centrum zal leiden tot verstoring van de rust en/of bedreiging van de veiligheid van het pand van EMA en/of overlast zal veroorzaken in de onmiddellijke nabijheid van het pand van EMA. Op Nederland incl.

de gemeente Amsterdam rust de inspanningsverplichting om eventuele verstoring van de rust of bedreiging van de veiligheid te voorkomen en te bestrijden. Ter zijnerzijds kan de gemeente in gesprek met de EMA over de risico’s op verstoring van de rust of bedreiging van de veiligheid (in de nabijheid) van het pand zodat die op voorhand meegenomen kunnen worden in het vervolgtraject. 4.7. Alternatieve oplossingen Indieners van inspraakreacties stellen dat het college te weinig oog heeft gehad voor alternatieve oplossingen voor het Erotisch Centrum, zoals een locatie bij Schiphol, een drijvend gebouw in het IJ, verspreide locaties over de stad of andere creatieve varianten en vragen in hoeverre dergelijke alternatieven serieus zijn overwogen, onderzocht of uitgesloten in de totstandkoming van het huidige plan.

34

Antwoord Voor de projectnota was de locatiekeuze aan de Europaboulevard het vertrekpunt en is er verder onderzoek verricht naar de ruimtelijke en financiële haalbaarheid van het Erotisch Centrum op deze locatie. Eventuele alternatieve locaties zijn in deze fase dan ook niet onderzocht. In aanloop naar de gekozen voorkeurslocatie voor het Erotisch Centrum is een zorgvuldig en stapsgewijs proces doorlopen, waarin verschillende locaties zijn onderzocht en gewogen. De keuze voor de huidige locatie aan de Europaboulevard is gebaseerd op een breed afwegingskader waarin ruimtelijke, maatschappelijke en juridische aspecten zijn meegewogen. Zie ook de nieuwe bijlage “Voorgeschiedenis Erotisch Centrum”.

35

5. Veiligheid en leefbaarheid Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de inspraakreacties over de mogelijke gevolgen van het Erotisch Centrum voor de veiligheid en leefbaarheid in de omgeving van de beoogde locatie aan de Europaboulevard. In dit hoofdstuk komen onderwerpen aanbod zoals de verwachte bezoekersstromen, drukte en overlast, toezicht en handhaving, de bescherming van kwetsbare groepen, de risico’s op criminaliteit en de impact op het dagelijks leven van bewoners, sekswerkers en bezoekers. Veel vragen en zorgen over veiligheid en leefbaarheid zijn gericht op het moment dat het Erotisch Centrum geopend is. Omdat er nog geen concreet bouwplan, ontwikkelaar en/of exploitanten zijn, kunnen niet alle vragen al in deze fase concreet worden beantwoord. Indieners uiten met name zorgen over het risico op verplaatsing van de overlast van de Wallen naar Amsterdam-Zuid, de beheersbaarheid in de nacht en het effect op het veiligheidsgevoel en de leefbaarheid in nabijgelegen buurten. Zij vragen zich af hoe criminaliteit wordt voorkomen, hoe toezicht wordt georganiseerd, en hoe de sociale veiligheid en het werkklimaat van sekswerkers worden gewaarborgd. Er wordt ook aangegeven dat het positief is dat in hoofdstuk 4.2 van de Concept Projectnota veiligheid als een prioriteit binnen het project wordt beschouwd.

Indieners stellen dat de projectnota echter geen concrete maatregelen bevat die veiligheid ook daadwerkelijk borgen. Bij het locatieonderzoek en de inpassingsstudie waarin gebieden en locaties zijn onderzocht is veiligheid en leefbaarheid meegewogen in de locatiekeuze. Zo was het uitgangspunt dat de locatie onderdeel moet zijn van het stedelijk weefsel. Een afgelegen locatie geeft meer risico's en belemmeringen uit oogpunt van veiligheid, toezicht en handhaving. Tijdens het locatieonderzoek is ook de sociaal-maatschappelijke impact onderzocht door onderzoeksbureau O&S en heeft de politie geadviseerd. Voor de drie voorkeurslocaties, waaronder Europaboulevard, werd geconcludeerd dat de sociaal-maatschappelijke impact gemiddeld is of lager. De politie ziet gemiddelde prevalentie van overlast en veiligheidsincidenten waardoor deze locaties relatief minder kwetsbaar zijn voor vestiging van een Erotisch Centrum (raadsinformatiebrief Uitkomsten locatieonderzoek Erotisch Centrum 14 februari 2023.). De analyse van O&S is in juni 2023 aangevuld met een nadere analyse over scholieren (raadsinformatiebrief Beantwoording vragen n.a.v. publicatie Locatieonderzoek Erotisch Centrum 13 juni 2023). Met het onderzoeken van de ruimtelijke en financiële haalbaarheid in de projectnota is veiligheid meegenomen in de vorm van de veiligheidsanalyse.

In het participatietraject 2024/2025 voorafgaand aan de conceptprojectnota zijn daarnaast suggesties en zorgen voor inpassing in de omgeving verzameld. Er is vervolgens een veiligheidsanalyse uitgevoerd (zie bijlage 1 projectnota), waarin mogelijke risico’s en aandachtspunten in een vroeg stadium in beeld zijn gebracht. In de projectnota zijn de input en aanbevelingen gebruikt bij het formuleren van uitgangspunten en randvoorwaarden voor het Erotisch Centrum. In de fase investeringsnota en de daaropvolgende projectfasen wordt het veiligheidsplan gedetailleerder uitgewerkt, waarbij rekening wordt gehouden met de gesignaleerde risico’s en de input vanuit de participatie en inspraak. Uiteindelijk wordt toegewerkt naar inzicht in het effect van het Erotisch Centrum op de veiligheid van de omgeving, mogelijke overlast en maatregelen. Door dit aspect mee te nemen bij uitwerking in het stedenbouwkundig plan, de selectie van een marktpartij, de wijziging of afwijking van het omgevingsplan en omgevingsvergunningen en het veiligheidsplan dat de ondernemer nodig heeft bij opening van het Erotisch Centrum, kan er gestuurd worden op een veilige en leefbare omgeving. 5.1. Risicoanalyses en studies Indieners van inspraakreacties vragen welke risicoanalyses aan de projectnota ten grondslag liggen en of deze een realistisch beeld geven van de veiligheids- en overlastrisico’s.

Insprekers geven aan dat de

36

onderzoeken niet volledig, niet objectief en niet actueel zijn en ze onvoldoende rekening houden met de specifieke kenmerken van de locatie en het gebruik van het Erotisch Centrum in de avond en nacht. Antwoord De gemeentelijke dienst Openbare Orde en Veiligheid (OOV) heeft in het kader van de projectnota een veiligheidsanalyse opgesteld (zie bijlage 1 van de projectnota). Deze analyse richt zich op mogelijke risico’s voor de toekomstige veiligheidssituatie in en rond het beoogde Erotisch Centrum. Het vertrekpunt van de analyse is in eerste instantie gebaseerd op cijfermatige bronnen en het raadplegen van veiligheidsprofessionals. Deze deskundigen zijn zowel professionals die actief zijn in het gebied zelf (zoals wijkagenten, handhavers en toezichthouders) als experts met ervaring op het gebied van prostitutiebeleid, veiligheid en horecabeleid in bredere zin. Verder is de analyse gebaseerd op input uit participatiebijeenkomsten, waarin zorgen en aandachtspunten van bewoners, ondernemers en andere betrokkenen zijn geïnventariseerd. In de analyse is de huidige situatie geanalyseerd en zijn acht mogelijke risicoscenario's beschreven, waarbij telkens is gekeken naar het onderliggende mechanisme dat zou kunnen leiden tot onveiligheid of overlast. De scenario’s zijn bedoeld als denkbare situaties waarmee in het ontwerp en beheer rekening moet worden gehouden.

Daarbij wordt aangegeven dat de feitelijke veiligheidsimpact sterk afhankelijk is van de uiteindelijke vorm, programmering en exploitatie van het Erotisch Centrum. De acht geïdentificeerde risico’s zijn: drugshandel in de omgeving, niet vergund sekswerk in de nabijheid van het Centrum, straatroof en zakkenrollerij, seksuele intimidatie en seksueel geweld, onveiligheid voor sekswerkers binnen het gebouw, uitgaansgerelateerde overlast en geweld, overlast van andere doelgroepen (zoals dak- en thuislozen of hangjongeren), en onveiligheidsgevoelens bij voorbijgangers. Per risico is bovendien aangegeven voor welk gebied het specifiek relevant is: het Erotisch Centrum zelf, de directe omgeving, of de bredere context zoals het Amstelpark, Beatrixpark, nabijgelegen scholen of station RAI. Deze analyse vormt een eerste stap in het veiligheidsbeleid rond het Centrum. In de volgende projectfase worden de risico’s verder uitgewerkt in een integraal veiligheidsplan, waarin maatregelen per risicogebied worden geconcretiseerd en afgestemd met betrokken handhavings- en beheerpartners. 5.2. Verplaatsing overlast van de Wallen Indieners van inspraakreacties uiten zorgen dat het Erotisch Centrum niet zal bijdragen aan het verminderen van de overlast op de Wallen, maar dat deze overlast zich juist zal verplaatsen naar Amsterdam-Zuid.

Er leeft breed de vrees dat het Centrum nieuwe bezoekersstromen aantrekt en Amsterdam- Zuid zo geconfronteerd wordt met vergelijkbare problematiek als in het centrum, waaronder overlast van toerisme, alcohol- en drugsgebruik, criminaliteit en een verslechtering van de leefomgeving. Antwoord Het doel van het college is om overlast voor de directe omgeving en overlast en respectloze bejegening van sekswerkers te voorkomen. Om te voorkomen dat de overlast van de Wallen zich verplaatst naar Amsterdam-Zuid, wordt het Erotisch Centrum en het sekswerk anders opgezet dan het Wallengebied. Een belangrijk verschil is dat het Erotisch Centrum een besloten gebouw wordt. Sekswerk is niet zichtbaar vanaf de straat.

37

Het Erotisch Centrum richt zich op gecontroleerde toegang. Daarmee wordt gestuurd op een beheersbare bezoekersstroom en wordt voorkomen dat bezoekersgroepen blijven rondhangen in de openbare ruimte, zoals vaak op de Wallen gebeurt. Er is ook geen sprake van een open uitgaansgebied, wat overlast van groepen feesttoeristen reduceert. De verwachting dat bezoekers die op de Wallen voor overlast zorgen zich eenvoudig zullen verplaatsen naar het Erotisch Centrum, wordt in de veiligheidsanalyse genuanceerd. Op de Wallen is sprake van een unieke combinatie van functies en een toeristisch imago die tot specifieke vormen van overlast leiden. Deze combinatie zal in het Erotisch Centrum niet bestaan. Tegelijkertijd erkent de veiligheidsanalyse dat elk gebied met bezoekers potentieel risico's kent. Daarom worden gerichte maatregelen voorgesteld in de omgeving van het Erotisch Centrum, zoals goede verlichting, toezicht, inrichting die het verblijf in de buitenruimte ontmoedigt en het voorkomen van unheimische plekken. 5.3. Drukte en lawaai in de omgeving Indieners van inspraakreacties maken zich zorgen over een toename van drukte en lawaai in de omgeving van het beoogde Erotisch Centrum. Zij verwachten dat de komst van het Centrum zal leiden tot meer verkeersbewegingen, taxistromen, bezoekersaantallen en nachtelijke activiteit, wat gepaard gaat met geluids- en omgevingsoverlast.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16549759/1