Bijlage 1 Vernieuwingsplan.pdf
Tekst van het document
Luchtkwaliteit Voorliggende planontwikkeling zal het huidige aantal van 656 woningen ophogen naar 1200 - 1300 woningen in het gebied. De verwachting is dat de luchtkwaliteit zal toenemen door verwachte verkeersafname. In de verdere toekomst zal de luchtkwaliteit weer verbeteren aangezien het aantal verkeersbewegingen in de openbare ruimte zal afnemen. Dit komt doordat een tweede generatie bewoners geen parkeervergunning voor de openbare ruimte zal krijgen.
Externe veiligheid In plangebied zijn geen externe veiligheids-contouren van bedrijven, transportroutes gevaarlijke stoffen of hoge druk aardgasleidingen. Luchthavenindelingsbesluit Met de inwerkingtreding van het Luchthavenindelingbesluit Schiphol in 2003 (LIB 2003) zijn ruimtelijke beperkingen opgelegd aan de omgeving van Schiphol. In het LIB zijn beperkingen opgenomen voor geluidsgevoelige bestemmingen om mensen die wonen rondom Schiphol te beschermen tegen geluidshinder en externe veiligheidsrisico’s. Dit plangebied maakt onderdeel uit van de zones LIB4 en LIB 5. Deze zones stellen beperkingen aan het bouwen van woningen. Er is een 'verklaring van geen bezwaar' nodig van de Inspectie Leefomgeving enTransport om de woningen definitief te kunnen bouwen. Ook valt het plangebied binnen het zogenaamde '20Ke gebied'. Toekomstige bewoners zullen door woningcorporatie/ontwikkelaar vooraf en actief worden geïnformeerd over mogelijke geluidshinder. Hoogbouwbeleid De stroken aan de Ookmeerweg zijn 11 lagen hoog, dus circa 34 m. Daarmee moeten die gebouwen voldoen aan het hoogbouwbeleid van gemeente Amsterdam (2023). Deze stroken vormen een reeks van hoge gebouwen die in een samenhangend ontwerp van compositie, gebouwvorm, hoogte, materialisering en detaillering bij elkaar staan.
Dat betekent uitdrukkelijk niet dat ze exact hetzelfde zijn, maar dat er na moet worden gedacht over de relatie tot elkaar een op welke vlakken deze gebouwen een eenheid vormen (en vooral ook waar niet). De ambitie is om een hoogwaardig architectonisch beeld te verkrijgen dat bijdraagt aan de uitstraling en imago van de Wildemanbuurt. De gebouwen zijn individueel ontworpen, maar vormen een samenhangend ensemble. Door de architectonische kwaliteit en flexibiliteit zijn de gebouwen heel duurzaam; ze laten zich immers gemakkelijk hergebruiken.
Openbare ruimte Er komt iets meer openbare ruimte bij. De openbare ruimte wordt ook extra vergroend; met name bij Grasrijk en het nieuwe Parkplein, maar ook in de straten komt er veel groen bij.
Variatie in de gevelarchitectuur draagt bij aan een afwisselend en gevarieerd straatbeeld gezien vanuit de Ookmeerweg. Elk hoogbouwinitiatief (een gebouw hoger dan 30 meter) formuleert in de schetsontwerpfase per principe een visie die laat zien op welke manier hier invulling aan wordt gegeven. Daarbij is een aantal vuistregels opgenomen die kunnen worden gezien als een leidraad. De vier principes waar op ingegaan moet worden zijn: 1. Hoogbouw draagt bij aan de levendigheid van de openbare ruimte. 2. Het is fijn wonen en werken in hoogbouw. 3. Hoogbouw gaat lang mee. 4. Hoogbouw maakt op een mooie manier onderdeel uit van het stadssilhouet. Grondgebruik De diverse huidige m2 en de toekomstige m2 zijn opgenomen in onderstaande tabel en worden getoond op de hiernaast opgenomen plankaarten. De tabel bevat de metrages excl. het nog uit te werken voorzieningengebied. Dat gebied zal nader worden uitgewerkt.
Bomeninventarisatie Voor het plangebied is een bomeneffectanalyse uitgevoerd. Twee groepen platanen aan Sonderbuur en Reinveen hebben een bijzondere beleidsstatus en zijn aangewezen als monumentale bomen. Deze hebben hiermee de grootste waarde of betekenis voor het plangebied. Andere boomgroepen die voor het groene karakter van de buurt zorgen zijn: ₋ Bomen in groenzones ‘groenstrook langs watergang en de ‘binnentuinen’; ₋ De laanbeplanting van platanen langs Veldzicht. ₋ Volwassen, grote bomen.
Huidige situatie grondgebruik
In erfpacht uit te geven gebied Er wordt dus iets minder gebied in erfpacht uitgegeven. Dit komt met name omdat er twee openbare straten bij zijn gekomen en de hoven zijn ingekort voor extra parkeerplekken. Ook de hoeveelheid groen in het erfpacht uitgegeven gebied wordt iets minder. Dit komt omdat de bebouwing dieper is dan de huidige bebouwing. Nader uit te werken
Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 74
Nieuwe situatie grondgebruik
Voor het behoud van het groene karakter van de buurt is het van belang om deze vier boomcategorieën zo goed mogelijk te sparen en in te passen in de nieuwe situatie. De hoogste prioriteit voor behoud gaat uit naar de monumentale platanen. Daarnaast zijn met name de volwassen exemplaren met een redelijke conditie, functioneel voor de leefbaarheid van de buurt. Het gaat dan om exemplaren met een redelijke tot goede conditie of bomen die in een matige conditie verkeren, maar wel een redelijk tot goede toekomstverwachting hebben. Wat betreft de grote populieren in de buurt dient wel de kanttekening gezet te worden dat de bomen weliswaar zeer beeldbepalend zijn door hun grootte, maar dat deze boomsoort minder duurzaam is. Dat wil zeggen dat deze boomsoort eerder veroudert en takbreuk kan vertonen. Tijdens de planvorming is al een deel van deze populieren gekapt vanwege veiligheidsrisico's.
Door de sloop/nieuwbouw opgave is een deel van het bomenbestand niet te behouden. Dit kan zijn omdat een geplande activiteit ten koste gaat van een te groot deel van de groeiplaats (kwetsbare boomzone) van de huidige boom of omdat sprake is van een stapeling van effecten door verschillende activiteiten die rond de boom (kunnen) gaan plaatsvinden. Bijvoorbeeld wortelschade die optreedt door de aanleg van kabels en leidingen of een bouwput die te dicht op de wortels komt. Een andere reden om tot verplanten dan wel kappen over te gaan is de bestaande groeiplaats: een aantal bomen heeft nu geen gezonde groeiplaats zodat ze geen grote groei- dan wel levensverwachting hebben. Voor duurzaam behoud is het belangrijk dat een heldere keuze gemaakt wordt welke bomen prioriteit hebben qua behoud. Dit noemen we het groene alternatief of de groene variant. Deze kan naast de stedenbouwkundige varianten geplaatst worden en zo een rol spelen bij de uiteindelijke integrale besluitvorming. Belangrijk is vervolgens dat de bomen tijdens het gehele bouwen aanlegproces adequaat beschermd worden en dat de bomen in kwestie een toekomstbestendige groeiplaats meekrijgen. Het uitgangspunt bij de vernieuwing is dat het aantal bomen gelijk of groter wordt en dat de nieuw te planten bomen klimaatbomen of bomen zijn die bijdragen aan de biodiversitiet door bloei of vruchten.
Mocht het toch zo zijn dat bomen gekapt worden, dan zullen deze vervangen worden via de rekenmethode van de gemeente Amsterdam. Dat kan betekent dat een oude dikke boom vervangen kan worden door een paar jongere bomen.
Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 75
Beschermde gebieden De planlocatie ligt binnen de bebouwde kom van Amsterdam en wordt omsloten door woonbebouwing, een gracht en een sportpark. De planlocatie ligt op ongeveer 8 km van het natura 2000-gebied ‘Polder Westzaan’. Gezien de aard en omvang van de werkzaamheden is een stikstofberekening noodzakelijk. De planlocatie ligt op ongeveer 0,2 km van het Natuurnetwerk Nederland. Gelet op de aard en de omvang van de geplande werkzaamheden wordt echter geen effect verwacht. Daarnaast zijn bij de uitvoering van het plan de volgende aandachtspunten van belang: Uitvoering van werkzaamheden voor het bouwrijp maken van het gebied bij voorkeur in het najaar en in ieder geval niet in het voorjaar. Verder wordt verder voorgesteld om de natuurwaarden in het plangebied te verbeteren door aandacht te besteden aan het creëren van plekken voor holenbroeders (vogels die in holenbroeden) en toepassing van gevelbegroeiing. Bodem Het is niet de verwachting, gezien het historisch gebruik, dat er bodemverontreiniging in het gebied aanwezig is. Een bodemonderzoek zal worden uitgezet. Er lijkt in het gebied geen grondwaterproblematiek te spelen. Indien op de onderzoekslocatie ten gevolge van graafwerkzaamheden grond vrijkomt en buiten de locatie wordt hergebruikt, vindt hergebruik veelal plaats binnen het kader van het Besluit bodemkwaliteit.
In dat geval dient de chemische kwaliteit van de grond te worden getoetst aan de kwaliteitsnormen die door het Besluit bodemkwaliteit aan de betreffende toepassing worden verbonden. Kabels & Leidingen Er liggen diverse kabels en leidingen in het plangebied. Bij ontwikkeling van het gebied wordt rekening gehouden met de ligging van deze kabels en leidingen en de positie van de nieuwbouw en het ramen van verleggingskosten. In het gebied
liggen geen hogedruk transportleidingen. In de eerste fase is een inpandig wijkstation elektra nodig (4m x 3m). In totaal voor de gehele ontwikkeling en alle fasen worden zo'n vijf inpandige stations verwacht. In eerste fase dient ook een inpandige regelkamer (t.b.v. warmtenet) te komen van 3 m x 5 m. Vervolgens per 500 woningen een inpandige regelkamer. Huisaansluitingen dienen op tijd te worden aangevraagd door Stadgenoot. Woonkwaliteit De nieuwe woningen hebben een goede woonkwaliteit zodat mensen een leven lang kunnen wonen op een fijne plek. Om dit te bereiken geldt het volgende: Daglicht en zonlicht Elke woning voldoet aan de eisen van het bouwbesluit. Minimaal 80% van de woningen voldoet aan de lichte TNO norm voor de hoeveelheid zonlicht. Dit betekent dat in deze woningen tussen 16 februari en 16 oktober er minimaal 2 uur per dag direct zonlicht in de woonruimtes van de woning valt. Indeling woning Elke woning heeft een plattegrond die flexibel gebruikt kan worden. In de grote woningen valt bijvoorbeeld te denken aan een aparte keuken en woonkamer die kan worden samengevoegd wanneer gewenst. In de gangen zitten zo min mogelijk hoeken. Er zijn geen slaapkamers op de begane grond aan de straatzijde behalve incidenteel, zoals bij studiowoningen. Oriëntatie woningen In het plan zitten voornamelijk tweezijdig georiënteerd woningen en hoekwoningen.
Een klein deel van de woningen is eenzijdig georiënteerd. Dit met name zijn de woningen in het bouwblok aan de Notweg. Woningen die over twee lagen zijn, waarvan de onderste laag slechts eenzijdig is georiënteerd, hebben een begane grond waar in elk geval ruimte is voor een volwaardige woonkeuken en een entree naar de straat.
Bezonningstudie Voor de hiernaast getoonde bezonningstudie is uitgegaan van de onderzoeksdagen 19 februari als winterse dag, 21 juni als zomerse dag en 21 oktober die een gemiddelde dag vormt qua bezonning. Er is gekeken of de woningen volgens de lichte TNO norm minimaal 2 uur per dag zonlicht krijgen in het midden van de vensterbank van de woonruimte. Voor een zeer beperkt aantal woningen aan de autovrije tussenstraten lijkt dit nog niet helemaal goed te gaan. We kunnen dit in het vervolgproces zo laten, er is immers behoefte aan verschillende woningtypen, of we kunnen kijken of er nog aanpassingen mogelijk zijn zoals een andere indeling van de plattegronden (bijvoorbeeld een ander woningtype). Omdat nu nog niet alle woningen zijn ingedeeld, is nu nog niet met zekerheid te zeggen hoeveel procent van de woningen niet helemaal zal voldoen aan de lichte TNO-norm. Dit zal dan ook gemonitord worden tijdens het verdere maken van de verschillende plannen.
Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 76
Plankaart Wildemanbuurt Oo k
A0 1:1000
eg erw me
pad
m
19,8
eg
eerw
Ookm
rweg
ee Ookm
22m
11
7+4
m
23,3
9m
72,1
6
5+
S
1
1
108
6
5+
1
5
6
5+
1
S
5+2
5 rijk
zicht
Veld
S S
5
lswa
Weve
14m
m
Gras
5
S
F
V
23,5
7
5
115
S
,73m
man
F 6m 75,2
5+
Wilde
5
6
5+2
g bur ten Bou
6
S
,73m
7+4
11
9,8m
7
an rB Gee
ur erbu Sond
1
rg
enbu
Bout
1
115
9m
72,1
5+
,43m
ee Ookm
S
eg Notw
een
Reinv
Ma
S
11
m
23,3
ad
1
4 7+
rweg
np Brau
9m
72,1
lepad
6
5+
1
g
nbur
Klare
S
5 S 75,2
6m
5 5+
F
2
urg
Vrijb
Ban er orp Osd
eg
5
Notw
7
d enpa
rding
Wilde
Ouwe
14m
man
S 5
F
6
ri Gras
1
jk
aalst ersw Reim
S
5
5+
lepad
lswa
Weve
75,2
6m
raat
7
5+
Nieuw
2
F
5
an
e La
Nieuw
an
e La
5
aat
r aalst ersw Reim
rper
Osdo
Ban
rper
Osdo
Ban