CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Jaarverslag 2023.pdf

RAAD 26 juni 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het Jaarverslag 2023 Gemeente Amsterdam (VN2024-006644)49.742 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

3 alinea's met “schiphol”: 244 1040 2379

Reserves Onttrekkingen reserves De onttrekking aan de reserve Programma Stadsbehoud is in dit programmaonderdeel € 0,7 miljoen lager dan begroot. Dit komt door lagere lasten vanwege het doorschuiven van het project aanlanding NDSM naar 2024 en 2025. Overige afwijkingen lichten we verder niet toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 0,2 miljoen (€ 0,2 miljoen).

Toevoegingen reserves Er zijn geen toevoegingen aan de reserves in dit programmaonderdeel.

Risicobeheersing Actuele risico’s

Maatregelen

1. Veren kunnen groeiende passagiersstroom onvoldoende aan.

Actieve monitoring van de reizigersstromen, diverse maatregelen aan de wal en de aanschaf van schepen over het IJ.

Jaarverslag 2023

Beleidskaders • Amsterdam maakte ruimte; dit koersdocument geeft richting aan het toekomstbeeld van Amsterdam op het gebied van ruimte en vervoer. • Toekomstvisie Sociaal Vervoer (2023) beschrijft de mogelijkheden voor mensen met een handicap en de verschillende vervoersmogelijkheden, die zij hebben. • Update Nota Veren (2021), dit document beschrijft de reizigersgroei tot 2030 en de maatregelen die genomen zullen worden voor uitbreiding en verduurzaming van de vloot en het verensysteem als geheel (vloot, verbindingen, aanlandingen en havenfaciliteiten). • Visie Openbare Ruimte 2025 (2017) heeft vijf ambities geformuleerd en principes uitgewerkt voor meer regie op ontwikkelen, inrichten, beheren en gebruiken van de openbare ruimte op stadsniveau. • MobiliteitsAanpak Amsterdam 2030 (2013), het overkoepelende kader voor het Mobiliteitsbeleid van de gemeente Amsterdam in de periode tot 2030. • Ruimtelijk Kader Hoogfrequent Spoorvervoer Amsterdam. • Structuurvisie Amsterdam (2011)/Omgevingsvisie Amsterdam 2050 (2021) • Beleidskader Inclusieve Mobiliteit (2020) van de Vervoerregio, waarin staat beschreven hoe het OV fysiek, visueel, qua datavoorziening en mentaal toegankelijker kan worden gemaakt en de samenwerking tussen OV en AOV kan worden verbeterd.

• Uitvoeringsagenda Mobiliteit (2015), de agenda die Amsterdam bereikbaar en aantrekkelijk houdt, met maatregelen voor meer ruimte en betere doorstroming voor voetganger, fietser, openbaar vervoerreiziger en de automobilist. • Beleidskader Verkeersnetten (2017). Hierin staan de ambities uit Mobiliteitsaanpak en Uitvoeringsagenda uitgewerkt met een afwegingskader bij conflicterende belangen. • Wet lokaal spoor, in werking getreden op 1 december 2015; deze wet maakt de VRA verantwoordelijk voor aanleg, beheer en veiligheid van lokale railinfrastructuur. VRA stelt een vervoerder aan via de OVconcessie en VRA mag een beheerder van de infrastructuur aanwijzen. Vanaf 2022 is GVB de aangewezen beheerder. • De metronetvisie Amsterdam (2020) en de metrovisie Amsterdam (2021) van de Vervoerregio Amsterdam. • De in 2015 vastgestelde Lijnennetvisie is het beleidskader voor het ontwikkelen van vervoerplannen. De gemeente voert overleg met vervoerbedrijven over inpassing van nieuwe vervoerplannen. • Taxiverordening Amsterdam 2012 (laatst gewijzigd in 2018). • Visie Lokaal Spoor (2015), vastgesteld door het dagelijks bestuur van de VRA en bindend kader voor de beheerder van het lokaal spoor. 77

H 2.2.3

2.2.3 Afval en reinigen openbare ruimte Een schone stad is een afvalvrije stad met schone straten, parken en pleinen. Hiervoor reinigen we op de plaatsen en momenten waar het nodig is. Afval dat toch ontstaat, scheiden we voor een zo hoogwaardig mogelijke verwerking, met een efficiënte, schone inzameling. Zo werken we toe naar een circulaire stad. Een schone stad doen we samen met bewoners, ondernemers en andere partners. Samen kunnen we minder afval produceren, zorgen voor zoveel mogelijk hergebruik van materiaal en spullen én de stad schoon maken en houden.

Wat hebben we bereikt (doelen) en wat hebben wij daarvoor gedaan (activiteiten)? Samenwerken aan een Schone Stad Dit jaar is er opnieuw gewerkt aan het schoonmaken en -houden van de stad en het voorkomen van (rest)afval. Een opgave waar we als gehele stad (bewoners, ondernemers en bezoekers) voor verantwoordelijk zijn. Een schonere stad gaat niet alleen over het verbeteren van de inzameling en verwerking van afval en het reinigen van de openbare ruimte door de gemeente. Minstens zo belangrijk, is het gedrag van bewoners, ondernemers en bezoekers. Met als sluitstuk toezicht en handhaving op de afvalregels. Daarnaast is het verminderen van de hoeveelheid afval die we produceren van groot belang, waarbij producentenverantwoordelijkheid een cruciale schakel in de keten is. Bijzondere mijlpalen van afgelopen jaar zijn de afvalplannen die voor het eerst voor elk stadsdeel zijn opgesteld, waarin staat wat er in elk stadsdeel wordt gedaan. Deze plannen omvatten de integrale, gezamenlijke aanpak van specifieke gebiedsopgaven. Over de voortgang van deze plannen worden de stadsdeelcommissies twee keer per jaar geïnformeerd. Met de uitvoering van een verbeterplan en verbeterde (financiële) resultaten is de directie Afval en Grondstoffen vanaf september 2023 niet langer onder verhoogd toezicht gesteld.

Eind november 2023 is de startnotitie voor het burgerberaad Schone Stad vastgesteld, waarin bewoners in gesprek gaan over oplossingen voor een schonere stad. Dit beraad gaat in het eerste kwartaal van 2024 van start.

Zomeraanpak Amsterdam is een prachtige stad en trekt ieder seizoen veel bezoekers. In de zomer wordt er ook door de Amsterdammers veel gerecreëerd in de openbare ruimte, parken en recreatiegebieden. Bij meer recreëren, ontstaat helaas ook meer afval. Daarom hebben we in de zomerperiode de volgende maatregelen genomen in parken en recreatiegebieden: • Extra afvalbakken waar meer afval in kan; • Extra personeelsinzet om de afvalbakken te legen; • Een uniforme uitstraling en boodschap op de afvalbakken en de extra inzet van communicatiemiddelen zoals reclameborden, banieren en beachflags; • De inzet van activatieteams (in vier grote parken) en een gerichte social mediacampagne die bezoekers oproept tot het gewenste gedrag. In de winter heeft de gemeente als prioriteit om gladheid te voorkomen en te bestrijden op belangrijke wegen, fietspaden en het openbaar vervoer. Er wordt ‘s nachts preventief gestrooid, zodat het strooien klaar is vóór de ochtendspits. Bij aanhoudende gladheid wordt er curatief gestrooid. Tram- en bushaltes, trappen en bruggen, trottoirs bij NS-stations en fietsroutes rondom scholen worden handmatig gestrooid bij gladheid. Bij aanhoudende sneeuwval en ijzel wordt er gestrooid op wegen en fietspaden buiten belangrijke routes en ook op trottoirs bij maatschappelijke instellingen.

Om het milieu te ontzien, wordt er niet onnodig gestrooid en wordt er gedeeltelijk gebruik gemaakt van vloeibaar zout.

Uitdagingen invoering statiegeld We zagen dit jaar de negatieve (bij-)effecten van de invoering van statiegeld op kleine plastic flesjes en blikjes. Afvalbakken werden opengebroken en leeggehaald om er statiegeldverpakkingen uit te halen. Hierbij werd het andere afval vaak achtergelaten op straat. Dit leverde veel vervuiling op. Een belangrijk oorzaak hiervan is dat

Jaarverslag 2023

78

H 2.2.3

producenten in onvoldoende mate hun verantwoordelijkheid nemen. Er zijn veel te weinig inname punten. De gemeente heeft, in afwachting van een door producenten ingericht volwaardig innamesysteem, tijdelijke maatregelen getroffen. Zo hebben we extra reinigers ingezet en de afvalbakken aangepast. Ook voerden we in verschillende stadsdelen een proef uit met doneerrekken op afvalbakken.

De overige stadsdelen laten een verbetering zien. Het gemiddelde is wel een verbetering ten opzichte van het laatste onderzoek in 2021. Het schoonhouden van de straten en stoepen scoort iets onder de doelstelling en het schoonhouden van het groen wordt net boven de doelstelling beoordeeld.

Activiteit 2.3.1.1

Buurtconciërges In gebieden met een hoge gebruiksdruk is een buurtconciërge actief. De buurtconciërge signaleert en registreert knelpunten, zoekt naar oplossingen en handelt deze (indien mogelijk) zelf af. In 2023 hebben we vijf extra buurtconciërges ingezet. Deze zijn gefinancierd vanuit de coalitiemiddelen die hiervoor zijn vrijgemaakt.

We maken de openbare ruimte schoon (daar waar het er toe doet). Indicatoren activiteit

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

Toezicht en Handhaving

1

Percentage CROW scores grof zwerfvuil op niveau B

87% (2021)

90%

80%

84,1%

2

Percentage CROW scores vullingsgraad prullenbakken op niveau B

89% (2021)

90%

80%

84,4%

3

Percentage oplosbare meldingen over afval en schoon dat naar tevredenheid is afgehandeld

Niet gemeten

70%

57% (schoon) & 69% (afval)

Om het juiste gedrag van bewoners, ondernemers en bezoekers te verkrijgen is, naast de aanbiedplekken en communicatiecampagnes, toezicht en handhaving noodzakelijk. In het centrum zijn we na de zomer 2023 begonnen met extra toezichthouders. Deze extra inzet zetten we ook komend jaar voort en breiden we uit naar andere stadsdelen.

Doel 2.3.1 Amsterdam is een schone stad. Indicatoren doel

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

1

Ervaren overlast door vervuiling (cijfers Wonen in Amsterdam) (0-10)

5,4 (2021)

Geen meting

6,5

5,7

2

Het schoonhouden van de straten en stoepen wordt door de bewoners beoordeeld op een 6,5

6,3 (2021)

Geen meting

6,5

6,2

3

Het schoonhouden van het groen wordt door de bewoners beoordeeld op een 6,5

6,6 (2021)

Geen meting

6,5

6,6

Doel 2.3.1 Amsterdammers geven gemiddeld een 5,7 voor de overlast die zij ervaren door vervuiling. Deze score is vooral toe te schrijven aan het uitgraven van blikjes in prullenbakken in het centrum door de invoering van statiegeld op blikjes. Jaarverslag 2023

Activiteit 2.3.1.1 De scores voor grof zwerfvuil en vullingsgraad van prullenbakken scoren hoger dan de doelstelling. Deze scores zijn echter lager dan vorig jaar en heeft zoals gezegd onder meer te maken met de statiegeld problematiek. Daarnaast heeft het mooie weer en de stijging van het aantal bezoekers invloed op de hoeveelheid zwerfafval. Het percentage oplosbare meldingen dat naar tevredenheid is afgehandeld inzake inzamel locaties voor afval is gemiddeld 69% tevredenheid gemeten. Dat is 1% punt lager dan begroot. In 2023 was een stijgende trend zichtbaar door het op sterkte komen van het meldingenteam en een verbeterde werkwijze voor het afhandelen van de meldingen. Hierdoor kon in het laatste kwartaal 73% worden gemeten. Voor de reiniging zien we dat de tevredenheid over de afhandeling van de meldingen met 57% onder de doelstelling van 70% scoort. Het vaakst was men niet tevreden over de afhandeling omdat het werk in de beleving van de melder niet af was. Dit komt omdat veel Amsterdammers de afgesproken doelstellingen voor zwerfafval als onvoldoende ervaren.

79

H 2.2.3

Activiteit 2.3.1.2

Activiteit 2.3.1.3

We zorgen dat inwoner en bedrijven hun afval op de juiste wijze kunnen aanbieden.

We zamelen het afval efficiënt en duurzaam in.

Indicatoren activiteit

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

Indicatoren activiteit

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

1

85% (2022)

Niet gemeten

90%

85%

1

19,2 (2019)

2,2

2,5

2,3

Percentage CROW scores bijplaatsingen prullenbakken op niveau B

Activiteit 2.3.1.2 De CROW score geeft aan in hoeverre er bij-plaatsingen bij containers zijn gemeten. In 2023 is deze CROW score 5% punt minder dan de ambitie. Om het aantal bijplaatsingen te verminderen zijn de volgende activiteiten uitgevoerd. a. Dit jaar zijn 1.251 containers vervangen en 277 nieuwe containers geplaatst. Dat zijn er meer dan beoogd. Om het afval op een juiste manier aan te bieden zijn voldoende, schone en toegankelijke aanbiedplekken zoals containers de basis. b. Extra inzet probleemlocaties (circa 1200 stuks) door: – Snellere afhandeling van meldingen. – Het rijden van circa 19 routes per dag om bij-plaatsingen bij containers op te ruimen. – Speciale communicatiecampagnes zijn gevoerd zoals woonwinkelcampagnes, studentencampagne en een kartoncampagne. – Campagnes die bewoners moeten stimuleren zich aan regels omtrent afval te houden zijn vanwege een vertraagde aanbesteding niet uitgevoerd. Bij deze campagnes wordt nauw samengewerkt met de stadsdelen, woningcorporaties en studentenhuizen.

Kg CO2 uitstoot per ton ingezameld materiaal

Activiteit 2.3.1.4 We ondersteunen medebeheer en zetten in op preventie. Indicatoren activiteit

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

1

76% (2020)

65%

Geen meting

Geen meting

Tevredenheid (zeer en redelijk tevreden) onder containeradoptanten

Activiteit 2.3.1.3 De CO2 uitstoot per ton ingezameld materiaal is 0,2 lager dan begroot. De stijging van 2,2 in 2022 naar 2,3 kg CO2 per ton ingezameld materiaal in 2023 wordt veroorzaakt doordat het brandstofgebruik van een lager aanbod van afval van 5% teniet is gedaan door hoger brandstof gebruik voor de extra routes voor onder andere papier & karton, bij-plaatsingen, stremmingen, gfe/t, avonddiensten en oplossen van meldingen.

Activiteit 2.3.1.4 We ondersteunen medebeheer en zetten in op preventie.

Mede door deze interventies is het aantal meldingen op deze probleem locaties met 19% afgenomen.

Jaarverslag 2023

Indicatoren activiteit

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

1

76% (2020)

65%

Geen meting

Geen meting

Tevredenheid (zeer en redelijk tevreden) onder containeradoptanten

80

H 2.2.3

Activiteit 2.3.1.4

meer afval zoals in het “corona jaar” 2021.

In 2023 zijn 271 extra containers geadopteerd door bewoners. We hebben nu 2.754 containeradoptanten die gezamenlijk 4.753 containers adopteren. Het doel van de containeradoptie is om bewoners van Amsterdam mee te laten helpen om hun eigen leefomgeving schoon te houden. De tevredenheid onder adoptanten wordt om het jaar gemeten. Daarnaast werken we mee aan verschillende initiatieven van bewoners (groepen). Door via participatie de bewoners aan te spreken, wordt de betrokkenheid bij hun buurt en bij hun medebewoners in de breedte gestimuleerd. Dit doen we samen met de stadsdelen die met hulp van het amendement 489 extra budget hebben ontvangen die is gebruikt voor de ondersteuning van initiatieven.

Activiteit 2.3.2.1 We maken het voor bewoners mogelijk om hun afval op de juiste manier gescheiden te kunnen aanbieden. Indicatoren activiteit

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

1

1% (2019)

6,5%

8%

8,5%

Doel 2.3.2

Activiteit 2.3.2.1

Amsterdam voorkomt (rest) afval. Indicatoren doel

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

1

Kilogram huishoudelijk fijn en grof restafval per inwoner per jaar (BBV-verplicht)

247 (2019)

243

240

230

2

Kilogram huishoudelijk afval per inwoner per jaar

358 (2019)

361

377

351

Dit jaar zijn 4.000 minirolcontainers erbij geplaatst waarmee eind 2023 42.500 huishoudens zijn aangesloten op een gfe/t inzamelvoorziening. Afgelopen jaar is ook een passende gfe/t verzamelcontainer voor Amsterdam ontworpen. De eerste exemplaren zijn in stadsdeel Oost geplaatst.

Activiteit 2.3.2.2

Doel 2.3.2 De totale hoeveelheid ingezameld afval is dit jaar afgenomen, ondanks de groei van de stad. De hoeveelheid papier, karton en textiel zijn wel iets toegenomen. Per hoofd van de bevolking produceren we dus minder apart ingezameld afval. Landelijke richtlijnen en wetgeving als statiegeld speelt hier een positieve rol in. Het huishoudelijk fijn en grof restafval per inwoner is 10 kg lager dan verwacht. Daarvan is 5 kg (2 kg gfe/t en 3 kg Papier) het resultaat van optimalisatie van het nascheidings­ proces . De overige 5 kg is het gevolg van afval beperkende maatregelen zoals statiegeld op blikjes en pmd flesjes alsmede het lagere consumptiepatroon in 2023. De totale hoeveelheid ingezameld afval per inwoner is uitgekomen op 351 kg. Dat is 26 kg lager dan begroot voor restafval, grof afval en PMD tezamen. Met name omdat het corona effect is uitgewerkt in 2023. In de begroting was rekening gehouden met Jaarverslag 2023

Aantal Amsterdamse huishoudens dat toegang heeft tot een GFE-T inzamelvoorziening

We zorgen dat het afval zo hoogwaardig mogelijk wordt verwerkt. Indicatoren activiteit

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

1

22% (2019)

25%

25%

25%

Percentage gerecycled afval per inwoner per jaar t.o.v. totale hoeveelheid huishoudelijk afval

Activiteit 2.3.2.2 Het recyclingpercentage is gelijk aan de prognose en het jaarverslag van 2022 namelijk 25%. De toename aan teruggewonnen grondstoffen, zoals bovenstaande benoemd, is niet groot genoeg om een verbetering in het recyclingpercentage te realiseren. Het percentage gerecycled afval wordt bepaald door de mate waarin bewoners en bedrijven afval gescheiden inleveren en in hoeverre het ingeleverde materiaal met een scheidingsinstallatie gescheiden kan worden. 81

H 2.2.3

Verbonden partijen

Het programmaonderdeel heeft ten opzichte van de Najaarsnota 2023 een positief resultaat van € 5,2 miljoen. Dit komt door hogere baten van € 4,5 miljoen, lagere lasten van € 2,9 miljoen en hogere toevoegingen aan de reserves van € 2,3 miljoen.

AEB Holding N.V. Amsterdam AEB verwerkt het Amsterdamse restafval, onder andere door kunststof verpakkingen en metalen na te scheiden en het restafval te verbranden. Daarmee produceert AEB stadswarmte en elektriciteit voor woningen en bedrijven.

Het positieve resultaat ten opzichte van de Najaarsnota 2023 komt vooral door:

Baten In 2021 heeft de gemeente besloten haar belang in AEB te verkopen. Eind 2021 is een verkoopovereenkomst gesloten met AVR. In mei 2023 heeft de ACM besloten geen goedkeuring te verlenen voor deze overname. De gemeente heeft besloten om opnieuw een verkoopproces te starten voor AEB inclusief de scheidingsinstallatie. Het verwerkings­ contract met AEB loopt tot drie jaar na het moment dat AEB daadwerkelijk is verkocht.

Stichting Pantar Stichting Pantar voert onder andere opdrachten uit op gebied van schoon en afvalinzameling/ recycling (prikken en het verwijderen van bijplaatsingen, inzamelen van afvalstromen, voorsorteren van afvalstromen).

Financiële toelichting (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Rekening Primaire Begroting 2022 2023

Begroting 2023 (Najaarsnota)

Rekening Verschil Rekening 2023 Begroting 2023 (Najaarsnota)

Baten

197,1

201,4

204,4

209,0

4,5

Lasten

202,8

232,8

225,5

222,6

-2,9

Saldo Baten en Lasten

-5,8

-31,4

-21,1

-13,6

7,5

Onttrekking

1,3

0,1

0,0

0,0

0,0

Toevoeging

14,2

0,0

10,0

12,3

2,3

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-12,9

0,1

-10,0

-12,3

-2,3

Totaal Programma­­ onderdeel 2.3 Afval en reinigen openbare ruimte

-18,6

-31,3

-31,1

-25,9

5,2

Jaarverslag 2023

De totale baten van € 209,0 miljoen zijn € 4,5 miljoen hoger dan begroot. Dit komt door: • Hogere baten reinigingsrechten door intensivering van het toezicht door reinigingsinspecteurs. Dit heeft geleid tot een substantieel aantal aanslagen over oude belastingjaren (€ 1,4 miljoen). • Hogere baten voor bedrijfsafval. Enerzijds komt dit door een verhoogd aantal kilo’s bedrijfsafval dat tegen betaling bij de recyclepunten is gestort en een betere scheiding van afvalstromen op de recyclepunten. Anderzijds komt dat door extra opbrengsten voor bedrijfsafvalcontracten (BAC) als gevolg van hogere tarieven voor zowel bestaande als nieuwe klanten. Daarnaast heeft BAC haar betrokkenheid bij Green Collective nauwkeuriger in kaart gebracht wat geleid heeft tot hogere opbrengsten (€ 0,8 miljoen). • Hogere baten zijn voornamelijk het gevolg van een hogere inzamelvergoeding van Nedvang voor plastic-, metaal- en drankkartonverpakkingen (PMD) (€ 0,8 miljoen). • Hogere baten door start nieuwe jaarlijkse vergoeding van het Afvalfonds Verpakkingen voor het aandeel verpakkingen in openbare prullenbakken (€ 0,7 miljoen). • Hogere baten afvalstoffenheffing doordat de stad groeit en er daarom meer huishoudens zijn die afvalstoffenheffing betalen. Bovendien zijn er minder bezwaren ingediend op de aanslagen afvalstoffenheffing door de huishoudens (€ 0,4 miljoen).

• Overige afwijkingen lichten we verder niet toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 0,2 miljoen (€ 0,4 miljoen).

Lasten De totale lasten van € 222,6 miljoen zijn € 2,9 miljoen lager dan begroot. Dit komt door: • Lagere lasten door vertraging van diverse projecten. Dit is het gevolg van: – het GFTE project door de achterblijvende productie van Inzamelvoorzieningen; – het ABP project door het uitlopen van de aanbesteding van uitbesteed werk en – het communicatieproject door een tekort aan personeel voor onder andere de communicatie campagnes grof en schoon (totaal: € 1,8 miljoen). • Lagere lasten voor gladheidsbestrijding door minder strenge winters (€ 1,5 miljoen). 82

H 2.2.3

• Lagere lasten door openstaande vacatures van ondersteunend personeel en projectmedewerkers (€ 1,1 miljoen). • Lagere lasten verwerkingskosten zijn voornamelijk het gevolg van restitutie afvalstoffenbelasting voorgaande jaren. Ook is sprake van een lager tonnage restafval (€ 1,1 miljoen). • Lagere lasten voor applicatiecontracten in beheer omdat de inkoopfacturen voor 2023/2024 in het juiste jaar zijn verantwoord (€ 0,3 miljoen). • Lagere lasten door afbouw van de Anti Plak en Klad werkzaamheden in aanloop naar 2024 conform de taakstelling vanuit “Samen Sterker uit de Crisis” (€ 0,2 miljoen). • Hogere lasten voor de kwijtschelding van de afvalstoffenheffing door toekenning van beroepen over oude belastingjaren (€ 1,5 miljoen). • Hogere lasten voor uitzendkrachten, uitbesteed werk en voertuigen door het rijden van meer routes voor het oplossen van meldingen. Extra uitzendkrachten zijn ook ingehuurd vanwege ziekteverzuim bij chauffeurs en beladers (€ 1,4 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we verder niet toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 0,2 miljoen (€ 0,2 miljoen).

Risicobeheersing Actuele risico’s

Maatregelen

1. Veranderende wet- en regelgeving op onder andere afvalstoffenbelasting en op het gebied van milieuwetgeving met als gevolg dat b.v. verwerkingskosten toenemen, beperking voor gebruik van bruggen en kades voor de inzameling­logistiek en (nog) hogere milieueisen voor het wagenpark.

Vroeg op de hoogte zijn van veranderingen in wet- en regelgeving door goede monitoring en constant alerte blik naar buiten. Voor het ontzien van bruggen en kades is een pilot gestart voor anders inzamelen in Centrumgebied. De aanbestedingen voor vernieuwing van het wagenpark zullen vanaf 2024 enkel uitstoot­vrije voertuigen bevatten. Daarnaast zal speciaal aandacht zijn voor de randvoorwaarden zoals netcapaciteit en laadpalen.

2. Problemen in het primaire proces door externe factoren zoals een pandemie met als gevolg dat thuiswerken, meer online aankopen doen en meer ziekteverzuim leiden tot meer afval en verminderde beschikbaarheid van personeel.

We nemen de lessen mee van de Corona­ pandemie. Vroeg op de hoogte zijn door goede monitoringen analyse van afvalaanbod, klachten en “schoon”resultaten waardoor snel kan worden bijgestuurd met inzet en inzamelfrequentie. Flexibele inzet van personeel door verdere standaardisatie. Vastleggen van voldoende “reservecapaciteit” bij uitzendbureaus. Voor uiterste situaties in personeelstekort is er een stappenplan ‘Noodscenario Afvalinzameling’.

3. Doelstelling om hoeveelheid (rest) afval te verminderen wordt niet gehaald door externe factoren zoals een lage inzet vanuit Rijk en EU bij de inzet op preventie, lage producentenverantwoordelijkheid en lage inspanning van Amsterdammers.

Constante lobby samen met NVRD, VNG en bv G4 richting het rijk om belang en inzet op preventie en producentenverantwoordelijkheid te benadrukken. Gedrag van Amsterdammers aanpassen door: faciliteiten te bieden om afval gescheiden aan te bieden en in te zamelen en door communicatie en gerichte campagnes burgers bewust(er) te maken van het scheidingseffect van afvalstromen en welk effect dat heeft op de kosten (voor verwerken van restafval) en opbrengsten (bijvoorbeeld voor karton).

Reserves Onttrekkingen reserves Er hebben in 2023 geen onttrekkingen aan reserves plaatsgevonden.

Toevoegingen reserves De toevoeging aan de egalisatiereserve is € 2,3 miljoen hoger dan begroot. Dit komt vooral door meevallers op de baten waardestromen, lagere lasten van inzamelactiviteiten en per saldo voordelig resultaat op het geheel van de inning afvalstoffenheffing, kwijtscheldingen en reinigingsrechten. Het resultaat van de over- en onderschrijding in het gesloten systeem van de afvalstoffenheffing wordt verrekend met de egalisatiereserve afval.

Jaarverslag 2023

83

H 2.2.3

Beleidskaders • De Kaderrichtlijn afvalstoffen (KRA) (2008/98/EG) vormt de basis van de EUwetgeving op het gebied van afvalstoffen, zoals de gewenste manier van afvalbeheer (van preventie tot verbranden), bescherming van gezondheid en milieu en het vormgeven van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. • Ook de richtlijnen ten aanzien van het verpakkingsafval en het storten en het circulaire beleid geven richting aan het landelijke afvalbeleid. • De Wet Milieubeheer geeft weer hoe het landelijke en lokale afvalbeleid vorm moet krijgen. • Het Landelijk Afvalbeheer Plan 3 beschrijft het landelijke afvalbeleid tussen 2017 en 2023. Het voorkomen van afval staat centraal, waarbij we er aan werken om de totale huishoudelijk afvalproductie (dat is het restafval inclusief stromen als papier, plastic, glas, textiel, et cetera) omlaag te brengen. Het landelijk afvalbeheerplan zal worden opgevolgd door het Circulair Materialenplan 1. • De gemeente Amsterdam heeft haar afvalbeleid vastgelegd in het Uitvoeringsprogramma afval en grondstoffen 2020- 2025 (gemeenteraad 17 december 2020), waarin staat hoe we werken aan een schoon en afvalvrij Amsterdam. • Daarnaast liggen regels vast in de verordening op de afvalstoffen, de verordening op de afvalstoffenheffing en de bijbehorende uitvoeringsbesluiten.

• In het Beleidskader ‘1Amsterdam Heel & Schoon’ (2017) staan de principes voor onderhoud en reiniging. We willen in heel Amsterdam een goede beheerkwaliteit en we werken gebiedsgericht om dat te bereiken. Met dit beleid als basis maken we keuzes om de stad schoon, heel en veilig te houden binnen de beschikbare budgetten.

Jaarverslag 2023

84

H 2.2.4

2.2.4 Beheer en onderhoud openbare ruimte De Amsterdamse openbare ruimte wordt duurzaam beheerd en is begaanbaar, heel en veilig voor alle gebruikers.

Wat hebben we bereikt (doelen) en wat hebben wij daarvoor gedaan (activiteiten)?

Doel 2.4.1

Belangrijke ontwikkelingen In 2023 hebben we 78 onderhoudsprojecten aan de verhardingen gerealiseerd; we hebben gewerkt aan pleinen, wegen en stoepen. Ook is onderhoud uitgevoerd aan meer dan 60 bruggen. Het afgelopen jaar hebben onder andere de proef met de knip op de Weesperstraat en het omlaag brengen van de snelheid in de meeste straten naar 30-kilometer per uur voor wijzigingen van de verkeersstromen gezorgd. Hiervoor zijn veel aanpassingen verricht aan de verkeersinformatiesystemen en de verkeersregel­ installaties; denk aan verkeersborden en verkeerslichten. In 2023 is de aanbesteding uitgevoerd en afgerond van algemeen toegankelijk openbare toiletten in en rond parken, en kunnen we beginnen met de plaatsing van de eerste toiletten. Door onderhoud aan de openbare ruimte blijft de stad Amsterdam begaanbaar, leefbaar, heel en veilig voor iedereen Inmiddels is 90% van de openbare verlichting voorzien van energiezuinige leds. De monumentale verlichting gaat dagelijks een uur eerder uit om energie te besparen. Door vernieuwing van contracten wordt het ingezette materieel bij werkzaamheden steeds meer emissievrij. En vrijkomende materialen worden waar het kan hergebruikt. We minimaliseren de impact van de beheeropgave op mens en milieu. Op deze wijze wordt de Amsterdamse openbare ruimte duurzaam beheerd.

Gemiddeld beoordeelt de Amsterdammer de staat van onderhoud van de straten en stoepen met een 6,5. Het budget staat onder druk om de gewenste kwaliteit, niveau C / Sober, te handhaven. Een belangrijke maatregel om de kloof te verkleinen tussen onderhoudsopgave en het beschikbare geld is het werken met een gestandaardiseerde werkwijze. Hiervoor is in 2023 de ‘Uitvoeringsstandaard Toekomstbestendig Werken aan de Openbare Ruimte’ (USTOR) ontwikkeld. Met deze werkwijze gaan onze materialen langer mee. Dit is financieel aantrekkelijk en duurzaam. Onderdeel van deze werkwijze is alleen vernieuwen als het echt noodzakelijk is daarom vindt er minder herinrichting plaats. In 2023 zijn de keuze over duurzaamheid, leefbaar­heid en het beschikbare geld voor onderhoud vastgelegd in het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2023-2026. Er vinden wel vernieuwingen plaats op het vlak van verkeersveiligheid en om de stad voor te bereiden op het veranderende klimaat.

Activiteit 2.4.1.1 We beheren en onderhouden onze verhardingen, straat & speel meubilair en busstations. Indicatoren activiteit

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

1

Percentage van het areaal verhardingen dat voldoet aan niveau C (Sober)

84%

-

≥90%

84%

2

Omvang van achterstallig onderhoud inzake verhardingen

≤10%

-

5%

6%

De Amsterdamse openbare ruimte wordt duurzaam beheerd en is begaanbaar, heel en veilig voor alle gebruikers.

3

Percentage beschikbaarheid speeltoestellen

99%

99%

99%

99%

Indicatoren doel

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

4

-

Niet gemeten

70%

68%

1

6,7 (2021)

Geen meting

6,5

6,5

Percentage oplosbare meldingen over verhardingen dat naar tevredenheid is afgehandeld

5

Percentage hergebruik restmateriaal verhardingen

80%

80%

80%

80%

Doel 2.4.1

Het onderhoud van de straten en stoepen in uw buurt wordt door de bewoners beoordeeld op 6,5

Jaarverslag 2023

85

H 2.2.4

Activiteit 2.4.1.1 Verhardingen Dankzij de pleinen, fietspaden, stoepen en wegen kunnen Amsterdammers en bezoekers naar het werk, school en andere plekken in de stad. Dit is goed voor de bereikbaarheid en we maken het ontmoeten en verblijven in de stad hiermee mogelijk. Het percentage achterstallig onderhoud is iets opgelopen van 5% naar 6%. Dit leidt tot meer meldingen en klachten. Achterstallig Onderhoud komt vooral voor bij parkeervakken, voetpaden en rijbanen. Met als belangrijkste oorzaak boomwortel­ opdruk. De hoofd-, en plusnetten en fietspaden voldoen veelal aan de kwaliteit. In 2023 hebben we 78 onderhoudsprojecten uitgevoerd met een totaal oppervlak van 900.000 m2.Voorbeelden zijn Tegenhouderstraat in Noord, Michel de Klerkhof in Nieuw-West en op plusnetten Noordzeeweg, Westpoortweg en Diepenbrockstraat. In 2023 is gestart met een gezamenlijke groen-verhardingenaanpak van boomwortel­ opdruk. Deze integrale aanpak heeft tot doel het terugdringen van schades door boomwortelopdruk, met behoud of verbetering van de groeiplaats van bomen. Dit stadsbrede project is in voorbereiding. Hergebruik Bij zowel kleine als grote onderhoudsprojecten wordt het uitgangspunt ‘hergebruik tenzij...’ toegepast. Het streven is ongeveer 90% van het materiaal te hergebruiken.

Breuk, vervuiling of toepasbaarheid zorgen voor een percentage dat niet meer direct in het werk hergebruikt kan worden. Een deel daarvan komt na verwerking weer als circulair materiaal terug in nieuwe producten. Een deel wordt tijdelijk opgeslagen voor toepassing in andere projecten en het resterend deel is afval. In het voorjaar is de Samenwerkingsovereenkomst 2.0 Verhardingen met de markt van start gegaan voor al het onderhoud aan verhardingen in de openbare ruimte. De samenwerkingsovereenkomst is belangrijk voor de realisatie van projecten, en ook voor duurzaamheid. Zo is al het licht en middelgroot materieel nu verplicht emissievrij en geldt hergebruik, tenzij… In 2023 zijn we gaan werken met een instrument; een ‘emissietool’, waarmee we beter inzicht krijgen over het behalen van onze emissiedoelstellingen. Ook heeft de aanbesteding plaatsgevonden voor de centrale inkoop van betonmaterialen; waaronder een emissiearme variant.

Jaarverslag 2023

Bij de stedelijke busstations is geen sprake van achterstalligheid. In 2023 zijn diverse herstelwerkzaamheden en afhandeling van schademeldingen als gevolg van slijtage, vandalisme of andere invloeden, uitgevoerd. Voor de kap van busstation IJ-Zijde is het afgelopen jaar het onderzoek gestart om tot een plan van herstel te komen. Straatmeubilair en speelvoorzieningen Kwalitatief en voldoende meubilair draagt bij aan de leefbaarheid in de stad. Zo zorgen uitdagende speeltoestellen voor gezonde beweging en vermaak voor de jeugd. En reclamezuilen in de openbare ruimte bieden ruimte voor commerciële, culturele en ideële boodschappen en of gemeentelijke publieke informatie, bijvoorbeeld over 3o km/uur in de stad of plattegronden. Eind 2023 is er een evaluatie van het beleidskader Buitenreclame met de raad gedeeld. In 2023 is succesvol gewerkt aan de aanbesteding van algemeen toegankelijk openbare toiletten in en rond parken. Dit heeft geresulteerd in de uitvoering en afronding van de aanbesteding en wordt gestart met de eerste plaatsing. In het afgelopen jaar is ook gewerkt aan het vervangen van stroomkasten op de Albert Cuyp markt, groot onderhoud aan speelplek de Natureluur (Nieuw-West) en Martin Ennalstraat (Zuid-Oost), vijver Museumplein en aan het herdenkingsmonument aan de N200. Op dit moment voldoen de speeltoestellen en waterspeelplaatsen aan het beheerniveau.

Bij stroomkasten en fonteinen is sprake van achterstallig onderhoud. De uitrol van nieuwe stroomkasten heeft enige vertraging opgelopen vanwege wachttijden van netaansluiting. Verder zijn een aantal speelprojecten doorgeschoven naar 2024. Voor waterspeelplaatsen gelden vanaf 2024 strengere wettelijke veiligheidseisen en regelgeving. In 2023 is gestart om de invloed van de strengere wettelijke veiligheids­eisen in kaart te brengen voordat hierin een stap wordt gezet. Meubilair dat wordt ingeleverd wordt waar het kan weer hergebruikt in de stad. Afgelopen jaar zijn bijvoorbeeld bankjes hergebruikt in het stadsgebied Weesp, bij opvangplekken voor Oekraïense vluchtelingen. Ook worden bankjes hergebruikt in veel buurtparticipatieprojecten. Fietsenrekken blijven ook functioneel en worden hergebruikt.

86

H 2.2.4

Activiteit 2.4.1.2 We beheren en onderhouden onze civiele constructies en tunnels. Indicatoren activiteit

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

1

Percentage van het areaal van civiele constructies dat voldoet aan niveau C (Sober)

89% (2022)

-

≥90%

88%

2

Omvang van achterstallig onderhoud inzake civiele constructies

1% (2022)

-

0%

2%

3

Beschikbaarheids­ percentage Amsterdamse wegtunnels voor verkeer

-

-

98%

99%

4

Versnellen van het herstel van bruggen (aantal per jaar)

-

-

1

1

Activiteit 2.4.1.2 Beweegbare bruggen, sluizen, steigers en oevers In 2023 is een combinatie van dagelijks-, groot onderhoud en vervangingen aan onze civiele constructies uitgevoerd om deze beschikbaar en veilig te houden of omdat we onze monumenten in goede staat dienen te houden. Het dagelijks onderhoud bestond onder andere uit het koelen van de bruggen in de zomer, kleine gebreken herstellen, schilderen en preventief onderhoud aan onze beweegbare bruggen en sluizen. Er is groot onderhoud uitgevoerd aan meer dan 60 bruggen, met name in stadsdeel Noord, Nieuw West, Zuidoost, Centrum en Oost. Dit groot onderhoud bestond bijvoorbeeld uit het schilderen en/of vervangen van leuningen en rijdek. Verder zijn 4 steigers vervangen en beschoeiing in Zuidoost. Er is groot onderhoud uitgevoerd aan ongeveer 3 km glooiing, met name langs de Singelgracht die de stadsdelen West, Zuid en Oost met elkaar verbindt. Er is ook groot onderhoud uitgevoerd aan beweegbare bruggen en sluizen, dit bestond bijvoorbeeld uit het vervangen van leuningen, rijdek, aandrijving of besturing. De volledige renovatie van de monumentale Scharrebiersluis (is een brug) en het onderhoud aan de Berlagebrug zijn hiervan sprekende voorbeelden.

Jaarverslag 2023

In 2023 is ook gewerkt aan de voorbereiding van werken die in 2024 of later uitgevoerd gaan worden zoals onderhoud aan de NDSM-pier, Douanesteiger en Java-eiland zodat Sail 2025 daar geen hinder van ondervindt. De prioriteit bij het uitvoeren van onderhoud lag bij de objecten die bijdragen aan bereikbaarheid. Daardoor is er minder onderhoud gepleegd aan de beschoeiingen aangezien deze weinig risico vormen voor veiligheid en bereikbaarheid. Daarmee blijft het achterstallig onderhoud in de beschoeiingen in stand wat is terug te vinden in bijna alle stadsdelen. Bruggen en Kademuren (PBK) Het programma Bruggen en Kademuren heeft het doel onze bruggen en kademuren veilig en functioneel te houden. Het programma richt zich hierbij op de circa 850 verkeersbruggen en 230 kilometer oeverconstructies die belangrijk zijn voor het functioneren van de stad. Met het vaststellen van het Actieplan 2023-2026: Gefundeerd Herstellen, zet het programma een volgende stap. Investeringen in kennis en onderzoek betalen zich uit. We hebben beter inzicht in de staat van de bruggen en kademuren, bijvoorbeeld door wetenschappelijk onderzoek naar de draagkracht van kademuren met houten paalfunderingen en de Amsterdamse Risicoscan Bruggen. Hierdoor kunnen we scherpere keuzes maken over de manier van herstel.

Van een deel van de bruggen en kademuren verwachten we dat volledige sloop-nieuwbouw voorlopig niet nodig is. Dit komt omdat de levensduur nog minimaal 30 jaar is, of omdat functieherwaardering; denk hierbij aan bijvoorbeeld het afsluiten van een kademuur voor zwaar verkeer, of het opheffen van parkeerplekken, en renovatie de levensduur kunnen verlengen. Het herstel van bruggen en kademuren komt op gang. In 2023 is de Bullebakbrug opgeleverd en herstel van de Berlagebrug gestart. Daarnaast zijn in 2023 vijf kademuurprojecten opgeleverd (1.073 meter), terwijl aan zeven projecten nog gewerkt werd (1.261 meter). Herstel en innovatie gaan steeds meer hand in hand. Met de drie projecten van het innovatiepartnerschap kademuren zijn methoden ontwikkeld om kademuren met zo min mogelijk hinder én zo snel en duurzaam mogelijk te herstellen. Van de drie projecten is één in 2023 afgerond en volgen twee begin 2024. Er wordt niet alleen gefocust op innovatief herstel van kademuren, maar ook van innovatieve renovatie, zo zijn drie innovatieve renovatietechnieken geselecteerd om op korte termijn toe te passen. In 2023 is de aanvraag voor het groeifonds toekomstbestendige leefomgeving 87

H 2.2.4

door het rijk toegekend. De middelen worden de komende vijf jaar gebruikt om innovaties versneld te ontwikkelen en op te schalen. Ook al weten we beter hoe de bruggen en kademuren eraan toe zijn en kunnen we ze sneller herstellen, de uitdaging blijft groot. We zullen de komende jaren nog steeds alle zeilen bij moeten zetten om achterstalligheid weg te werken, hierbij horen ook passende financiële middelen.

Indicatoren activiteit

4

Versnellen van het herstel van bruggen (aantal per jaar)

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

-

-

1

1

Activiteit 2.4.1.3 Aanpak Wegtunnels Amsterdam De wegtunnels zijn van groot belang voor de bereikbaarheid van de stad. Een stremming in een tunnel heeft meteen gevolgen voor het wegverkeer in de stad. Bij de wegtunnels in Amsterdam is in 2023 gewerkt aan het vernieuwen van de verkeerscentrale. De vernieuwde verkeerscentrale komt aan de Van Marwijk Kooystraat. De aanbesteding van het gebouw is het afgelopen jaar gestart. In 2023 is gestart met de voorbereidingsfase voor vervangingsonderhoud aan de IJ-tunnel. Voor de renovatie Arenatunnel is een Definitief Ontwerp opgeleverd. Als gevolg van de eerder uitgestelde renovatie en vervangingsonderhoud van de Arenatunnel en de IJ-tunnel is het herstellend onderhoud van die tunnels het laatste jaar toegenomen. Tunnelsluiting is nog steeds een realistisch scenario tot gestart wordt met uitvoering van de renovatie; tot die tijd zijn de installaties storingsgevoelig en dienen mogelijk tijdelijke maatregelen genomen worden. Renovatie Arenatunnel is inmiddels weer opgenomen in de Begroting 2024, zodat de werkzaamheden in 2024 weer kunnen worden hervat.

Activiteit 2.4.1.2 We beheren en onderhouden onze civiele constructies en tunnels. Indicatoren activiteit

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

1

Percentage van het areaal van civiele constructies dat voldoet aan niveau C (Sober)

89% (2022)

-

≥90%

88%

2

Omvang van achterstallig onderhoud inzake civiele constructies

1% (2022)

-

0%

2%

Beschikbaarheids­ percentage Amsterdamse wegtunnels voor verkeer

-

3

Jaarverslag 2023

-

98%

99%

Openbare verlichting en laadpalen Met het verlichten van de openbare ruimte van de stad wordt een bijdrage geleverd aan de verkeers-en sociale veiligheid, de sfeer en beleving van de openbare ruimte. De verlichting moet niet alleen goed functioneren en een verzorgde uitstraling hebben. De duurzame toekomst vraagt erom dat verlichting niet onnodig brandt. Amsterdam heeft met de ver-led-ding een duurzame stap gezet en het energieverbruik verlaagd. Het levert hiermee een bijdrage aan de verlaging van de CO₂-uitstoot. Eind 2023 is 90% van het areaal (van in totaal 150.000 lichtpunten/armaturen) voorzien van energiezuinige leds. Wat overblijft zijn armaturen die complexer zijn om te vervangen door led. Zo ook de circa 9.600 armaturen die aan draden hangen van gevel tot gevel (draadverlichting), hiervan hangen er 1.440 boven de trambaan. De verwachting is dat in 2025 het onderhoud en de led-transitie gereed is aan de draadverlichting. Als gevolg van geopolitieke ontwikkelingen in 2022 verdubbelde de energietarieven per 1 januari 2023. Om het verbruik te verlagen en naar aanleiding van voorbeelden overal in Europa waar monumentale verlichting wordt uitgezet of korter brandt om energie te besparen, heeft het college besloten om ook in Amsterdam deze installaties eerder uit te schakelen: niet meer om middernacht maar om 23.00 uur.

Bij een aantal kunstwerken gaat de verlichting zelfs helemaal uit. Naar schatting besparen we met het (eerder) uitzetten van de verlichting van bijzondere locaties 700.000 kWh per jaar. Dat staat gelijk aan het energieverbruik van 280 huishoudens. Kan het licht niet gewoon uit? Het is een vraag die de gemeente regelmatig krijgt. In 2023 is tijdens de Nacht van de Nacht op 28 oktober een meldpunt ‘meld te veel licht’ geopend. Inmiddels zijn er 75 meldingen binnengekomen op het meldpunt en in het komend jaar beoordelen we waar het licht minder of uit kan. Dat is gezond voor mens, plant en dier. Én het scheelt energie. In 2023 is het aantal laadpalen met circa 900 palen uitgebreid naar circa 3.950 stuks. Zodoende zijn er nu in de stad 7.900 laadpunten.

88

H 2.2.4

Verkeersregelinstallaties en verkeersinformatiesystemen Verkeersregelinstallaties en verkeersinformatiesystemen; waaronder verkeerslichten en verkeersborden zijn van belang om duurzame vormen van vervoer te faciliteren. Het zorgt voor het optimaal geleiden van alle verkeersstromen in en door de stad waarbij de bereikbaarheid en verkeersveiligheid gewaarborgd is en weggebruikers tijdens hun reis worden geïnformeerd met als doel de leefbaarheid in de stad te bevorderen. In het afgelopen jaar zijn 30 verkeersregelinstallaties vervangen en 5 nieuwe gebouwd. Ook is een bijdrage geleverd aan een aantal grote projecten op de Kinkerstraat, Burg. Roëllstraat, profielwijziging Amsteldijk – Berlagebrug en de Oranjeloper. Daarnaast heeft de introductie van meer 30-kilometerzones voor aanpassingen gezorgd in 143 verkeersregelinstallaties. Er is afgelopen jaar samen met de leverancier van de verkeersregelinstallaties hard gewerkt om de cybersecurity te vergroten en diverse systemen aan te passen aan de eisen van de tijd. Zo is de aansturing, van het parkeerverwijssysteem en de dynamische route informatie panelen, via een aanbesteding voor de komende 10 jaar gegarandeerd. En er is een extra datacenter in Amsterdam-Noord gebouwd om de werking van de systemen te blijven waarborgen.

Doel 2.4.2 Amsterdam is voorbereid op veranderend klimaat in 2050

Indicatoren doel

1

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

zie indicatoren onder activiteit 2.4.2.1

Doel 2.4.2 In oktober 2023 zijn de klimaatscenario’s van het KNMI gepubliceerd. Het klimaat is veranderd, dat merken we aan de toename van extremen in hitte, droogte en neerslag. Ook krijgen we steeds vaker te maken hoge waterstanden en de bijbehorende gevolgen. Met klimaatadaptieve maatregelen onder andere gericht op vergroenen en waterbeheer bereiden we Amsterdam voor op een toekomst met een hogere zeespiegel en temperatuur, drogere zomers en nattere winters.

Jaarverslag 2023

Activiteit 2.4.2.1 We zorgen voor een klimaatadaptieve stad Indicatoren activiteit

Peilwaarde (peiljaar)

Jaarverslag 2022

Begroting 2023

Jaarverslag 2023

1

Aantal afgeronde klimaatadaptieve projecten

-

Niet gemeten

30

30

2

Aantal m2 vergroend op privaat terrein dmv tegelservice

-

-

10.000

11.000

3

Aantal m3 waterberging gerealiseerd en m2 vergroend in impulsregeling projecten

-

-

1.000; 1.600

1.000; 1.600

Activiteit 2.4.2.1 De jaarlijkse voortgangsrapportage klimaatadaptatie laat zien dat aan diverse projecten wordt gewerkt om buurten groener en klimaatadaptiever te maken, zoals het Rembrandtpark, Museumplein, Noordzeeweg en Iwan Katemanplein. In 2023 hebben we zes daken op ons eigen vastgoed vergroend en bij een aantal panden groene gevels aangelegd. Ook werken we er naartoe dat klimaatadaptatie wordt meegenomen in alles wat we doen. Zo is klimaatadaptatie als eis opgenomen in de Uitvoerings­ standaard Toekomstbestendig Werken aan de Openbare Ruimte (USTOR). In 2023 zijn risicokaarten ontwikkeld. Deze kaarten geven inzicht in de risico’s en kansen voor klimaatadaptatie in Amsterdam. Ook zijn het afgelopen jaar samen met lokale organisaties, een woningcorporatie en veel vrijwilligers drie grote ‘Onze Straat’ acties uitgevoerd waarmee veel versteende tuinen zijn omgezet in groene tuinen. In combinatie met een gemeentelijke service, waarbij bewoners gratis hun tuintegels kunnen laten ophalen, is bij 840 huishoudens circa 11.000 m2 aan stenen vervangen door groen.

Verbonden partijen Voor dit programma onderdeel worden geen verbonden partijen ingezet.

89

H 2.2.4

Financiële toelichting (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Rekening Primaire Begroting 2022 2023

Begroting 2023 (Najaarsnota)

Rekening Verschil Rekening 2023 Begroting 2023 (Najaarsnota)

Baten

43,2

35,8

36,5

45,9

9,4

Lasten

253,0

247,1

262,4

275,7

13,3

Saldo Baten en Lasten

-209,8

-211,3

-225,9

-229,7

-3,8

Onttrekking

0,0

71,8

90,5

92,6

2,1

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

71,8

90,5

92,6

2,1

Totaal Programma­­ onderdeel 2.4 Beheer en onderhoud Openbare Ruimte

-209,8

-139,5

-135,4

-137,1

-1,7

Het programmaonderdeel heeft ten opzichte van de Najaarsnota 2023 een negatief resultaat van € 1,7 miljoen. Dit komt door hogere baten van € 9,4 miljoen, hogere lasten van € 13,3 miljoen en hogere onttrekkingen aan de reserves van € 2,1 miljoen. Het negatieve resultaat ten opzichte van de Najaarsnota 2023 komt vooral door:

Baten De totale baten van € 45,9 miljoen zijn € 9,4 miljoen hoger dan begroot. Dit komt door: • Hogere baten door toename aantal projecten in de stad, zoals de 30 km/u gebieden, waardoor ook de levering van materialen aan derden is toegenomen (€ 4,1 miljoen). • Hogere baten voor reclame in de openbare ruimte. Dit betreft € 1,5 miljoen door hogere inkomsten in 2023 ten opzichte van 2022 door indexatie. Deze indexatie is deels een inhaalslag van eerdere jaren. Daarnaast is de begroting niet aangepast door onzekerheid van huidige overeenkomsten (totaal: € 2,3 miljoen). • Hogere baten door een hoger aantal opbrekingen door nuts- en telecombedrijven en afspraken over nieuwe verrekensystematiek vanaf augustus 2023 (€ 1,4 miljoen). • Hogere baten door een toename van het aantal projecten waarvoor verkeers­ voorzieningen zijn geregeld. Hierdoor zijn de doorbelastingen voor onder meer inzet van verkeersregelaars en materiaal gestegen (€ 0,8 miljoen). • Hogere baten uit de verkoop van huidige veegwagens in het kader van vernieuwing Jaarverslag 2023

wagenpark (€ 0,5 miljoen). • Hogere baten door hogere inkomsten bij de asset tunnels voor opstelpunten KPN en doorbelasting onderhoud naar GVB, deels met inhaalslag voor 2021 en 2022 (€ 0,5 miljoen). • Hogere baten bij de asset Verkeersinformatie Systemen. Daarvan is € 0,3 miljoen bijdrage IDEA dat niet was begroot en € 0,1 miljoen extra vergoeding met betrekking tot ParkeerVerwijsSysteem (€ 0,4 miljoen). • Hogere baten door een ontvangen bijdrage van het Rijk voor de Regiodeal. De beschikking is pas in november ontvangen waardoor de baten niet waren begroot (€ 0,2 miljoen). • Lagere baten door een lagere onttrekking van € 0,4 miljoen vanuit de impulsregeling klimaatadaptatie. Dit bedrag wordt doorgeschoven naar 2024 (€ 0,4 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we verder niet toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 0,2 miljoen (€ 0,4 miljoen).

Lasten De totale lasten van € 275,7 miljoen zijn € 13,3 miljoen hoger dan begroot. Dit komt door: • Hogere lasten door de toename van het aantal projecten in de stad, zoals de 30 km/u gebieden, waardoor de inkoop van materialen is toegenomen. De vertraging tussen inkoop en doorbelasting van materialen aan derden leidt ook tot een tijdelijke stijging van deze lasten. Hier kan circa 3 tot 4 weken tussen zitten (€ 6,6 miljoen). • Hogere lasten bij herstel van opbrekingen door verduurzaming van de uitvoering en beperkingen van zwaar transport, waardoor meer transportbewegingen plaatsvonden met klein materieel. Ook de krapte op de arbeidsmarkt in de weg- en waterbouwsector zorgde voor sterk gestegen lasten (€ 3,1 miljoen). • Hogere lasten voor de asset Tunnels voor dagelijks onderhoud. De IJ-tunnel heeft vervangingsonderhoud nodig, echter, nog uitgesteld. Ook voor de Arenatunnel is de renovatie nog uitgesteld. Dit betekent een toename in preventief- en correctief onderhoud. Daarnaast zijn er hogere lasten voor het nieuwe prestatiecontract Piet Heintunnel, hogere cybersecurity lasten en hogere indexeringen (€ 2,6 miljoen). • Hogere lasten door inhuur van specialistische kennis voor de diverse assets (€ 2,3 miljoen).

• Hogere lasten dagelijks onderhoud watertappunten en fonteinen, doordat het waterschap Amstel-, Gooi- & Vechtstreek oude waterschapsbelastingaanslagen uit 2020, 2021 en 2022 in 2023 heeft doorbelast. Ook zijn de drinkwatertarieven in 2023 met 26,5% gestegen, wat niet in Begroting 2023 was meegenomen (€ 1,3 miljoen). 90

H 2.2.4

• Hogere lasten door prijsstijgingen bij inkoop van materialen (€ 1,1 miljoen). • Hogere lasten op het Programma Bruggen en Kademuren door onvoorziene koepel­ kosten gemaakt door contractbeheersing en door het plaatsen van veiligheids­ constructies wat eigenlijk in 2022 afgerond had moeten zijn (€ 0,8 miljoen). • Hogere lasten van het wagenpark door hogere afschrijvingslasten, brandstofprijzen en verzekeringen (€ 0,8 miljoen). • Hogere lasten met name voor groot onderhoud aan beweegbare bruggen gedekt vanuit de reserve Stadsbehoud (€ 0,6 miljoen). • Hogere lasten voor de asset Verkeersinstallatiesystemen door extra lasten voor systeembeheer (€ 0,5 miljoen). • Hogere lasten voor doorontwikkeling assetmanagement door hogere doorbelastingen voor informatievoorziening. Dit is gedekt vanuit de reserve Stadsbehoud (€ 0,5 miljoen). • Hogere lasten als gevolg van een hogere toevoeging aan de voorziening dubieuze debiteuren voornamelijk door langlopende openstaande vorderingen bij incasso (€ 0,5 miljoen). • Hogere lasten bij verkeersvoorzieningen door een toename van aanvragen voor parkeerverboden en projecten, inclusief evenementen (€ 0,4 miljoen).

• Hogere lasten voor de asset Verhardingen, waarvan € 0,8 miljoen hogere lasten ontstaan door noodreparaties en prijsstijgingen (gedekt vanuit de reserves Achterstallig Onderhoud en Stadsbehoud) en lagere lasten van € 0,5 miljoen gedekt vanuit Stadsverbetering (€ 0,3 miljoen). • Hogere lasten voor waterschapsbelasting, waarvan €0,15 miljoen na-facturatie 2020 en € 0,15 miljoen verwachte structureel hogere lasten. Voor de jaren 2021-2023 zijn nog geen facturen ontvangen vanuit Waternet waardoor dit nog kan wijzigen (€ 0,3 miljoen). • Hogere lasten voor leefkwaliteit en groenomgeving. Doordat de middelen voor Regiodeal pas in november beschikbaar zijn gekomen, zijn deze lasten niet begroot (€ 0,2 miljoen). • Lagere personeelslasten door moeilijk te vervullen vacatures als gevolg van de krappe arbeidsmarkt en aangehouden vacatures in voorbereiding op doorontwikkeling organisatiestructuur (€ 2,2 miljoen). • Lagere lasten op dagelijks onderhoud verhardingen. De reden is dat een deel van de nominale middelen en areaalgelden tijdelijk zijn begroot op dagelijks onderhoud verhardingen. Omdat deze middelen ook deels betrekking hebben op andere activiteiten, leidt dit tot lagere lasten op de activiteit dagelijks onderhoud verhardingen en hogere lasten op andere activiteiten (€ 1,6 miljoen).

• Lagere lasten door het stoppen van de activiteiten hergebruik klinkers conform de Jaarverslag 2023

taakstelling vanuit “Samen Sterker uit de Crisis (€ 0,9 miljoen). • Lagere lasten door capaciteitsgebrek en langere opstarttijd van de interventies van thema wonen en openbare ruimte (€ 0,8 miljoen). • Lagere lasten voor de asset Openbare Verlichting. Dit betreft € 0,5 miljoen lagere lasten voor materiaal en instandhoudingsmanagement voor inspectie. De dekking is uit de reserve Stadsbehoud. Daarnaast € 0,2 miljoen lagere lasten omdat inkomsten uit schades per 2023 verrekend worden via de lasten maar nog begroot waren in de baten (€ 0,7 miljoen). • Lagere lasten voor de assets Tunnels, Straatmeubilair en Speeltoestellen als gevolg van capaciteitstekort en offertediscussies. Daardoor zijn niet alle geplande werkzaamheden uitgevoerd. De dekking is uit de reserves Achterstallig Onderhoud en Stadsbehoud (€ 0,7 miljoen). • Lagere lasten voor klimaatadaptatie waarvan €0,4 miljoen lagere declaraties dan begroot in 2023 ten laste van de impulsregeling klimaatadaptatie. Dit komt doordat projecten met uitgaven begroot in 2023 later zijn gestart of starten dan vooraf ingeschat. Deze regeling loopt door tot en met 2027. Daarnaast zijn er lagere uitgaven van € 0,1 miljoen met dekking vanuit de reserve Stadsbehoud (totaal: € 0,6 miljoen). • Lagere lasten door uitstel van I-projecten die doorgeschoven zijn naar 2024 (€ 0,4 miljoen).

• Lagere lasten voor reclame omdat er minder onderhoud nodig was aan reclameobjecten (€ 0,3 miljoen). • Lagere lasten bij asfaltbeheer door capaciteitsgebrek en weersomstandigheden (€ 0,3 miljoen). • Lagere lasten door afrekening kosten voor additionele inzet functioneel beheer (€ 0,3 miljoen). • Lagere lasten door minder aanvragen voor kleine functionele wijzigingen in de openbare ruimte van bestrating of andere kleine aanpassingen afhankelijk van vragen en verzoeken van de gebiedsbeheerders (€ 0,2 miljoen). • Lagere lasten door minder uitbesteed werk voor Schouw en Monitoring werkzaamheden en beeldkwaliteitsmetingen (€ 0,2 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we verder niet toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 0,2 miljoen (€ 0,6 miljoen).

91

H 2.2.4

Reserves Onttrekkingen reserves • De onttrekking aan de reserve Programma Stadsbehoud is € 1,5 miljoen hoger dan begroot. Zie toelichting op de lasten. • De onttrekking aan de reserve Achterstallig Onderhoud, Openbare Ruimte & groen is € 0,7 miljoen hoger dan begroot. Zie toelichting op de lasten. • De onttrekking aan de reserve Financieringsreserve Activa is € 0,9 miljoen hoger dan begroot. Dit komt door een administratieve correctie op de afschrijvingen. • De onttrekking aan de reserve coalitiemiddelen 22-26 is in dit programmaonderdeel € 2,3 miljoen lager dan begroot. Dit komt door intern capaciteitsgebrek en latere en langere (op)start van interventies in het kader van openbare ruimte en wonen rondom de integrale aanpak “Aanpak Noord”. Een deel van het budget wordt doorgeschoven naar 2024. • De onttrekking aan Reserve Kwaliteitsimpuls Groen is € 0,2 miljoen lager dan be­ groot. Dit komt door vertraging in werkzaamheden op project Martin Luther King park.

Toevoegingen reserves Er zijn geen toevoegingen aan de reserves in dit programmaonderdeel.

Risicobeheersing Actuele risico’s

Maatregelen

1. Door oplopende achterstalligheid zullen bepaalde onderdelen (assets) uit functie moeten worden genomen.

Maximaal inzetten op levensverlengende maatregel in plaats van vervanging en keuzes maken in samenspraak met (stadsdeel)bestuurders.

Beleidskaders • Integraal Beheerplan Openbare Ruimte 2023-2026. Beschrijft hoe we de openbare ruimte beheren en onderhouden en zo bijdragen aan de belangrijkste maatschappelijke opgaven van de stad. • Uitvoeringsstandaard Toekomstbestendig Werken aan de Openbare Ruimte (2023). Hoe we werken in de openbare ruimte bij onderhoud, vervanging, herinrichting en losse verbetermaatregelen. • Omgevingsvisie Amsterdam (2021). Langere termijn visie voor de ruimtelijke ontwikkeling van de stad ten behoeve van welvaart, welzijn en geluk van de Amsterdammers, regiobewoners en bezoekers. Jaarverslag 2023

• Visie Openbare Ruimte 2025 (2017) heeft vijf ambities geformuleerd en principes uitgewerkt voor meer regie op ontwikkelen, inrichten, beheren en gebruiken van de openbare ruimte op stadsniveau. • In het Beleidskader “1Amsterdam Heel & Schoon” (2017). Bevatten de principes voor onderhoud, reiniging en assetmanagement; • De Standaard voor het Amsterdamse Straatbeeld (Beleidskader Puccinimethode 2018) bevat standaard inrichtingsprincipes, profielen en materiaalkeuzes voor het ontwerpen en aanleggen van de openbare ruimte, gekoppeld aan de centrale inkoop van materiaal. • De Routekaart Klimaatneutraal 2050 (2020) is een ambitiedocument voor de Amsterdamse energietransitie. De Routekaart beschrijft de belangrijkste ingrediënten van de visie en strategie om samen de overgang van fossiele naar duurzame energie in beweging te zetten en te houden. • De strategie Amsterdam Circulair 2020-2025 (2020) bevat maatregelen die het gebruik van nieuwe grondstoffen moet laten afnemen. Afval anders aanbieden, minder voedsel verspillen, producten en materialen hergebruiken en bouwen met duurzame materialen. • Het Programmaplan Bruggen en Kademuren (2020) is het overkoepelende kader voor het Programma en geeft invulling aan de organisatie en de aanpak. • Programma Stadsbehoud. • Programma aanpak wegtunnels Amsterdam.

• Het Beleidskader Verlichting (2017) definieert de rol van verlichting in Amsterdam en stelt de kaders waarbinnen de gemeente haar taken voor de verlichting uitvoert, waaronder de transitie naar 100% LED verlichting; • Het Beleidskader Buitenreclame (2020) bepaalt de randvoorwaarden voor het toestaan van reclame in de openbare ruimte. • Beleidskader Verkeersnetten (2018). Hierin staan de ambities uit Mobiliteitsaanpak en Uitvoeringsagenda uitgewerkt met daarbij een afwegingskader bij conflicterende belangen. • Het “Handboek Inrichting Openbare Ruimte Amsterdam” zorgt voor de digitale en integrale ontsluiting van al het beleid dat van toepassing is op de inrichting van de openbare ruimte. Het betreft onder meer de volgende belangrijke beleids­ producten: Visie Openbare Ruimte 2025 (2017) heeft vijf ambities geformuleerd en principes uitgewerkt om meer regie te voeren op ontwikkeling, inrichting, beheer van de openbare ruimte, afgestemd op het gebruik; • Verordening op het Stedelijk Mobiliteitsfonds Amsterdam (2020), een fonds vanuit inkomsten van het straatparkeren om de openbare ruimte en het verkeer- en vervoersysteem te verbeteren. 92

H 2.2.5

2.2.5 Water Een evenwichtig, veilig en duurzaam beheer en gebruik van water en wal door het onderhouden van waterassets. We beheersen op het water en voorkomen overlast. Hierdoor functioneert het Amsterdamse watersysteem, is het veilig en is een vlotte en veilige doorvaart gegarandeerd.

Wat hebben we bereikt (doelen) en wat hebben wij daarvoor gedaan (activiteiten)?

met de brandweer die de inspecties uitvoert. We hebben afgesproken dat de opgelopen achterstand in de eerste helft van 2024 wordt ingelopen.

Capaciteit en budget

Waternetvloot

In 2022 hebben we vastgesteld dat de uitvoering van watertaken in de stad onder druk staat waardoor wettelijke taken onvoldoende kunnen worden opgepakt. Daarom is er in 2023 extra budget vrijgemaakt uit bestaande middelen om het onderhoud van water aan te pakken. Ten opzichte van 2022 hebben we 2,5 miljoen euro meer gerealiseerd aan het op orde brengen en houden van ons stedelijk water. Gelet op het belang van water voor onze stad hebben we in de begrotingsbespreking 2024 hiervoor structureel extra middelen vrij gemaakt

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14297016/1