CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Afd. motie 58.22

RAAD 26 januari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de Evaluatie Agenda Dieren 2015-2021 VN2021-035686720 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Raadsinformatiebrief Afdoening motie

Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 12 april 2022 Dierenwelzijn Jakob Wedemeijer Ruimte & Duurzaamheid, bestuurszaken.RD@amsterdam.nl Afdoening motie 58 van de leden A.L. Bakker van de Partij voor de Dieren, J.F. van Pijpen van GroenLinks en T. Kuiper van de ChristenUnie

Geachte leden van de gemeenteraad, In de vergadering van de gemeenteraad van 26 januari 2022 heeft uw raad bij de behandeling van ‘Kennisnemen van de Evaluatie Agenda Dieren 2015-2021’ motie 58 van de leden A.L. Bakker van de Partij voor de Dieren, J.F. van Pijpen van GroenLinks en T. Kuiper van de ChristenUnie aangenomen waarin het college gevraagd wordt om: 1. te onderzoeken in hoeverre het mogelijk is om, naar voorbeeld van de bierfiets, een gebiedsverbod in te stellen voor paardenkoetsen in het centrum Hiervoor is onderzocht welke gronden er juridisch kunnen zijn om een dergelijk gebiedsverbod in te stellen. Een belangrijke voorwaarde voor een dergelijk gebiedsverbod is dat er daadwerkelijk sprake is van het gebruik van paardenkoetsen en overlast en/of hinder als gevolg daarvan wordt ervaren. Sinds april 2020 is in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) opgenomen dat het verboden is om op of aan de weg met een voertuig tegen betaling alternatief personenvervoer aan te bieden1. De paardenkoets is een voertuig waarvoor dit verbod van toepassing is. Klanten mogen nu alleen nog via een vooraf afgesproken bestelling op een vooraf afgesproken plaats worden opgehaald. Het onderweg halteren en oppikken van klanten is niet meer toegestaan. Sinds deze wijziging van de APV lijkt de aanwezigheid van dit soort voertuigen sterk verminderd te zijn in de stad.

Dit kan echter niet los worden gezien van de COVID-19 pandemie en de gepaarde sterke vermindering van het aantal toeristen in de stad en vooral het centrum. Hierdoor is nog niet duidelijk wat de effecten zijn geweest van het afschaffen van de vergunningen voor alternatief personenvervoer. Het besluit om in de APV een bepaling (artikel 2.17A) op te nemen waarmee het mogelijk is gemaakt om een gebiedsverbod in te stellen voor groepsfietsen, zoals bierfietsen, is gemotiveerd op basis van de vele meldingen van overlast en duidelijke verkeershinder die op dat moment ervaren werd van de groepsfietsen in het centrum van Amsterdam. 1

Https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/8230619/1/09012f9782c2d008

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 12 april 2022 Pagina 2 van 2

Het besluit om een gebiedsverbod voor bepaalde voertuigen in de APV op te nemen moet gemotiveerd worden op basis van concrete overlast en/of hinder. De gemeente dient daarbij een zorgvuldige afweging te maken of voor het tegengaan van deze overlast en/of hinder een gebiedsverbod proportioneel en noodzakelijk is. Dit zal door de rechter getoetst kunnen worden. Wanneer er niet of nauwelijks paardenkoetsen in het centrum van Amsterdam rondrijden en het onduidelijk is welke overlast en/of hinder zij veroorzaken, is er onvoldoende feitelijke basis voor een gebiedsverbod. Bestuurders van paardenkoetsen moeten zich uiteraard houden aan relevante regelgeving zoals de Wegenverkeerswet, de Wet dieren en bijbehorende regelingen. De Wegenverkeerswet en de Wet dieren betreffen hogere (landelijke) wetgeving, waardoor lokaal geen strengere uitgangspunten kunnen worden gehanteerd. Specifiek voor knelpunten rondom dierenwelzijn is dierenwelzijn geen weigeringsrond. Beperkingen van dierenwelzijn zou in theorie aanleiding kunnen zijn voor verstoring van openbare orde, overlast en hinder. Hiertoe lijkt momenteel lokaal geen aanleiding toe aangezien er geen diergerelateerde signalen of meldingen binnen komen. Afsluitend, momenteel is het onduidelijk of er overlast en/of hinder wordt ervaren om een gebiedsverbod in te stellen voor paardenkoetsen in het centrum.

Overlast en hinder zijn namelijk de enige weigeringsgronden voor een verbod op alternatief personenvervoer in een gebied. Wegens de COVID-19 pandemie en gepaarde verminderde aantallen toeristen in de stad is monitoring naar alternatief personenvervoer uitgesteld. Dit zal nu pas plaats vinden in Q3 van dit jaar. Op basis van de resultaten kan mogelijk beoordeeld worden hoe de situatie omtrent paardenkoetsen zich ontwikkeld heeft en of vervolgstappen wenselijk en mogelijk zijn. Deze resultaten zullen in Q4 2022 worden teruggekoppeld aan de raad. Het college beschouwt de motie hiermee als afgehandeld. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Jakob Wedemeijer Wethouder Dierenwelzijn Bijlagen 1. Motie 58 inzake paardenkoetsen als toeristisch vervoer verder terugdringen

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11475285/1