CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Afd. motie 441.21

RAAD 7 juli 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de Voorjaarsnota 2021 en vaststellen enkele begrotingswijzigingen VN2021-0176841.492 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Raadsinformatiebrief

Aan:

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 16 november 2021 Portefeuille(s) Sociale Zaken Portefeuillehouder(s): Rutger Groot Wassink Behandeld door Directie WPI (bestuurszaken.wpi@amsterdam.nl) Datum

Onderwerp

Voortgangsrapportage Werk, Participatie en Inkomen t/m augustus 2021 en afdoen motie 441 van de leden Yilmaz en Biemond inzake extra inzet werkbrigade

Geachte leden van de raad, In de bijlage bied ik u de WPI-voortgangsrapportage aan tot en met augustus 2021. In deze rapportage neem ik u graag mee in de belangrijkste (tussen)resultaten van de programmaonderdelen Werk, Participatie en Inkomen (WPI) aan de hand van de begrotingsindicatoren 20211 en andere relevante programma’s en opgaven. Twee keer per jaar ontvangt u deze rapportage, die u gedurende het jaar inzicht geeft in de ontwikkelingen bij WPI.2 Deze rapportage bestaat uit twee delen: een algemeen deel, waarin met name ontwikkelingen in bijstandsbestand en de dienstverlening worden beschreven en een deel waarin enkele bestuurlijke aandachtsgebieden en andere relevante opgaven van WPI nader worden toegelicht (zoals de Cohortaanpak, de Banenplannen en het Regionaal Werkcentrum). In deze tussenrapportage zijn de cijfers tot en met augustus 2021 opgenomen. Opvallende inzichten Uit de rapportage blijkt dat bij het bijstandsbestand de instroom afneemt en de uitstroom toe, waarmee de omvang van het bijstandsbestand ongeveer weer op het niveau van voor de coronacrisis is (39.497 huishoudens). Vermeldenswaardig is dat na afloop van de rapportage periode dit aantal verder is gedaald tot 38.429 (stand eind week 43).

Door de versoepelingen van de coronamaatregelen ontstonden er weer meer kansen op de arbeidsmarkt, waardoor veel mensen die tijdens de coronacrisis een bijstandsuitkering hebben aangevraagd weer aan het werk gingen. De ontwikkeling van het bijstandsbestand is in Amsterdam beter dan het G4-gemiddelde. De streefwaarden voor de uitstroom dit jaar blijven dan ook in zicht. Recente ontwikkelingen op de arbeidsmarkt maken duidelijk dat de krapte op de arbeidsmarkt zich weer in grotere mate aandient. Daarmee richt de dienstverlening zich, onder andere via het Regionaal Werkcentrum, ook op het verbeteren van de matching tussen vraag en aanbod van werk in de regio. Het aantal begeleidingen van werk naar werk door het Regionaal Werkcentrum ligt reeds boven de streefwaarde. Met de toevoeging van de Regionale Mobiliteitsteams (RMT) begin dit jaar kan het Regionaal Werkcentrum nu ook individuele ondersteuning bieden aan werknemers die met werkloosheid bedreigd worden en werkzoekenden die werkloos zijn geworden door de coronacrisis. Door het kabinet zijn ruime middelen beschikbaar gesteld voor om- en bijscholing en praktijkleren en om dienstverlening van de verschillende partners binnen het RMT in te zetten voor alle werkzoekenden. Er zijn momenteel 301 werkzoekenden begeleid door

1 Aan de hand van de programmaonderdelen 7.1 (Inkomensregelingen) en 7.2 (Werk, participatie en inburgering). 2 Op 7 juli 2021 heeft u de tussenresultaten t/m april 2021 ontvangen (zie hier).

Gemeente Amsterdam

Datum 16 november 2021 Pagina 2 van 3

het RMT en die begeleiding heeft al geleid tot 80 herplaatsingen. Een deel van de kandidaten is op eigen kracht uitgestroomd naar werk. De verschillende onderdelen van de aanpak meer kans op werk liggen op schema. Het Startproces (intensiever instroom proces) is per mei 2021 geïmplementeerd in alle stadsdelen. In de stadsdelen Centrum, Oost en Zuidoost is het Startproces ook gericht op jongeren. Verwachting is dat in het najaar van 2021 de andere stadsdelen volgen. Insteek voor dit kwartaal is de fysieke intakegesprekken weer zoveel mogelijk in te zetten. Met de cohortaanpak is inmiddels met 16.617 klanten gesproken en zijn 2.794 klanten uitgestroomd naar werk, opleiding of anderszins. De coronamaatregelen van de eerste acht maanden van dit jaar hebben een grote invloed gehad op de uitvoering van de banenplannen, met name op de mogelijkheid om Amsterdammers aan het werk te krijgen. Het bouwen aan de structuur en de samenwerking met werkgevers is juist doorgegaan en de situatie heeft ook gevraagd om flexibiliteit in de benadering van werkgevers waar meer kansen zijn voor onze doelgroep. Dit heeft ertoe geleid dat naast het banenplan Zuidoost en Schiphol, ook in Noord wordt gewerkt aan een banenplan. En hierbij wordt nadrukkelijk de verbinding gezocht met de masterplannen. In de laatste maanden is de aantrekkende arbeidsmarkt goed merkbaar.

Het aantal plaatsingen stijgt sterkt en er zijn meer kansen voor alle werkzoekenden. Er is veel vertrouwen dat de investering in de structuur en samenwerking met werkgevers in een gebied een positief effect gaat hebben voor kansen op werk voor onze doelgroep. Daar willen we ook op blijven inzetten. Daarnaast zien we dat de inspanningen op het banenplan Werken in de Zorg de laatste jaren tot een goede resultaten hebben geleid. In deze aanpak worden Amsterdammers met een uitkering opgeleid in twee jaar op MBO 2 niveau zorg. Ondanks dat het een aandachtspunt blijft om te zorgen voor voldoende begeleiding bij de stageplekken, zien we dat een groot percentage dat start aan dit traject de opleiding weet af te ronden (82%) en dat daarvan tot nu toe 72% aan het werk komt. Het programma 50-plus, ziet dat 50-plussers vanaf het tweede kwartaal dit jaar kunnen profiteren van het aantrekken van de arbeidsmarkt. De uitstroom uit de uitkering liggen dan ook boven de streefwaarden. Ook jongeren hebben geprofiteerd van de groei aan werkgelegenheid. Bij de aanpak ‘Meer Kans Op Werk Jongeren’ is de uitstroom op koers met de streefwaarde eind dit jaar.

In de rapportage is ook een beschrijving opgenomen van de maatschappelijke initiatieven gericht op toeleiding naar werk, alsmede de stand van zaken van de interne leerwerktrajecten ter nadere uitvoering van de motie Taimounti inzake leerwerktraject klantmanagers en de motie Ernsting, Roosma en De Heer inzake personeelstekort3. Motie van de leden Yilmaz en Biemond inzake de extra inzet werkbrigade4 Ter uitvoering van de motie van de leden Yilmaz en Biemond inzake extra inzet werkbrigade geef ik u mee dat de motie uitgaat van de veronderstelling dat er sprake is van een tekort aan plaatsen bij de Werkbrigade of een tekort dreigt. Dit doet zich echter niet voor; er zijn voldoende plekken bij de Werkbrigade voor 500 kandidaten. Het aantal kandidaten dat werkzaam is bij de Werkbrigade is echter achtergebleven, omdat door de coronamaatregelen nieuwe kandidaten niet konden beginnen met de voorbereidingsperiode die onderdeel is van een werkbrigadetraject. Ook de huidige werksoorten sluiten niet altijd goed aan bij de kandidaten. 3 Moties nr. 742/2020 en nr. 711/2020. 4 Motie nr. 441/2021 (zie bijlage)

Gemeente Amsterdam

Datum 16 november 2021 Pagina 3 van 3

Het college vindt het van groot belang dat de ambitie van 500 gehaald wordt. Er wordt dan ook stevig ingezet om deze ambitie te halen. Zo is er een inhaalslag gemaakt met kandidaten die niet konden beginnen met de voorbereidingsperiode. Daarnaast is ook de instroom versneld door het selectieproces van de deelnemers te verbeteren en de voorbereidingsperiode te verkorten. Dit heeft geleid tot een hogere instroom in de Werkbrigade. De hogere instroom is voldoende om de uitstroom te compenseren en om het aantal deelnemers stabiel te houden. Deelnemers stromen uit als zij een reguliere baan hebben gevonden of als het traject na twee jaar eindigt. Het aantal instromers is op dit moment niet voldoende om groei van het aantal deelnemers te bewerkstelligen. Om verdere groei te realiseren gaat het college experimenteren met een andere benadering dan de gebruikelijk werkwijze van de Werkbrigade. De huidige werkwijze is dat we kandidaten zoeken bij de beschikbare werksoorten. Het alternatief gaat ervan uit dat we werk zoeken bij de individuele kandidaat. Door deze andere benadering komen we ook tegemoet aan kandidaten die wel bij Werkbrigade willen werken, maar niet binnen de huidige werksoorten. We zoeken ontwikkelplekken voor de kandidaten bij Amsterdamse werkgevers met een maatschappelijke meerwaarde, die bijdragen aan de stad.

Daarbij zoeken we ook naar beschikbare plekken bij sociale firma’s. Sociale firma’s en werkgevers uit de non-profit sector zijn de eerste aangewezen organisaties voor het college om mee in gesprek te gaan om te zien welke mogelijkheden er zijn. Op deze wijze blijft het college zich inzetten om de doelstelling van 500 werkbrigadisten te halen. Daarbij blijft het uitgangspunt van de Werkbrigade overeind dat de werkbrigadisten een bijdrage leveren aan het onderhoud en leefbaarheid van de stad en ook in andere sectoren die uitzicht bieden op doorstroom naar regulier werk. In het Jaarverslag 2021 worden de resultaten opgenomen. Tot slot Met de rapportage en deze brief heb ik u meegenomen in de stand van zaken rondom werk en inkomen. Desgewenst kan ik u in de commissie Werk, Inkomen en Onderwijs (WIO) verder bijpraten over deze recente ontwikkelingen. Eind dit jaar stuurt het college u een brief met een terugblik op de inzet van het college op de aanpak Meer kans op werk en de behaalde resultaten. Vertrouwende u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Rutger Groot Wassink Wethouder Sociale Zaken Bijlagen: - WPI-voorgangsrapportage t/m augustus 2021 - Motie 441/2021 van de leden Yilmaz en Biemond inzake extra inzet werkbrigade

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10847507/1