Afd motie 373 accent 22
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Afdoening motie
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 28 maart 2023 Duurzaamheid, Energietransitie Zita Pels Ruimte en Duurzaamheid (bestuurszaken.RD@amsterdam.nl) Afdoening motie 373accent van de leden Koyuncu, Nadif, Hofland en Heinhuis inzake de Begroting 2023
Geachte leden van de gemeenteraad, In de vergadering van de gemeenteraad van 9 november 2022 heeft uw raad bij de behandeling van de Begroting 2023 motie 373accent van raadsleden Koyuncu (DENK), Nadif (GroenLinks), Hofland (D66) en Heinhuis (PvdA) aangenomen. Daarin wordt het college gevraagd om: 1. Te onderzoeken hoe de gemeente meer kan inzetten op WKO-systemen waarbij de bewoners, al dan niet verenigd in VVE’s, zelf eigenaar zijn van het systeem en hierover terug te rapporteren aan de raad. Het beheren van bodemenergiesystemen door bewoners sluit aan bij de wens van het college om lokaal eigenaarschap te stimuleren. Deze brief beschrijft hoe de gemeente het gebruik van bodemenergiesystemen door bewoners/vve’s kan faciliteren en nu al faciliteert met advies en middels ordening van de bodem en daarmee al uitvoering geeft aan de motie. Alvorens dit verder toe te lichten, wordt eerst kort beschreven hoe bodemenergie kan worden ingezet in de warmtetransitie en hoe de ondergrond efficiënt kan worden benut. Context warmtetransitie De huidige klimaatcrisis onderstreept de urgentie om in te zetten op schone en duurzame energie.
De huidige energiecrisis toont daarnaast aan hoe belangrijk het is dat we de vraag naar warmte verminderen en daarnaast overstappen naar duurzame manieren om onze gebouwen te verwarmen, om zo afhankelijkheid te verminderen en te zorgen voor stabielere prijzen. Het college zet daarom in op het versnellen van de overstap naar aardgasvrije, duurzame warmtevoorzieningen voor onze bestaande gebouwen. We ondersteunen stappen die Amsterdammers op eigen initiatief individueel en collectief zetten, door onder andere het verstrekken van adviezen en subsidies. Nieuwbouw in Amsterdam wordt goed geïsoleerd en aardgasvrij gerealiseerd. Bodemenergie/ warmte-koudeopslag (WKO) als alternatief voor aardgas De gemeente Amsterdam beschouwt het gebruik van bodemenergie als een belangrijk alternatief voor aardgas. We spreken van bodemenergie wanneer de ondergrond tot 500 meter diepte wordt gebruikt voor energieopwekking en -opslag; tussen 500 en 4.000 meter diepte spreken we van aardwarmte (ook wel: geothermie). Met toepassing van bodemenergie kan op een duurzame en
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 maart 2023 Pagina 2 van 5
efficiënte wijze voorzien worden in warmte- en koudevraag van de gebouwde omgeving. Nagenoeg de gehele Amsterdamse ondergrond is geschikt voor het realiseren van bodemenergiesystemen doordat er dikke geschikte watervoerende lagen zijn. In Amsterdam zien we dat, zeker in gebiedsontwikkeling en transformatie, al veel gebruik gemaakt wordt van bodemenergiesystemen, al dan niet gekoppeld aan collectieve warmtenetten. Er worden in Amsterdam zowel open als gesloten WKO-systemen toegepast. Een open WKOsysteem slaat warmte en koude op in waterhoudende lagen in de bodem. Deze bronnen moeten met elkaar in balans blijven. Open systemen zijn complex en worden vaak aangelegd en beheerd door professionele partijen. Een open WKO-systeem kan in warmte (en koude) voorzien bij een woongebouw vanaf circa 125 gestapelde goed geïsoleerde woningen. Gesloten bodemenergiesystemen (bodemlussen) zijn ook geschikt voor een kleiner aantal woningen of een individuele woning. Bodemlussen zijn minder complex in beheer dan open WKO-systemen. Gebruik van de ondergrond Door verdichting van de stad en de energietransitie neemt de druk op de ondergrond toe. Zo is (onder meer) ruimte nodig voor de verzwaring van het elektriciteitsnet, voor de aanleg van collectieve warmtenetten, en voor gebruik van bodemenergie.
Voor het effectief inzetten van bodemenergie is niet alleen ruimte in de ondergrond nodig, het is ook van belang te voorkomen dat bodemenergiesystemen een negatief effect op elkaars werking hebben. Om deze negatieve beïnvloeding tussen systemen te voorkomen kunnen gemeenten gebieden aanwijzen als interferentiegebied. Door voor een interferentiegebied ook een bodemenergieplan of beleidsregels vast te stellen kan de gemeente sturen op de ordening van de bodem. In Amsterdam zijn nu 16 interferentiegebieden aangewezen (https://www.amsterdam.nl/wonenleefomgeving/duurzaam-amsterdam/aardgasvrij/alternatieven/masterplannen/). Voor kleine, gesloten bodemenergiesystemen (met een vermogen tot 70 kW) hoeft alleen binnen interferentiegebieden een vergunning aangevraagd te worden. Voor een open bodemenergiesysteem moet altijd een vergunning worden aangevraagd. Op dit moment vallen de meeste gesloten bodemenergiesystemen in Amsterdam onder deze kleine systemen; deze zijn in het grootste deel van de stad vergunningvrij. Hoe kan gemeente faciliteren De gemeente kan het gebruik van bodemenergie faciliteren met enerzijds kennis en advies over de mogelijkheden van bodemenergie als alternatieve warmtebron en anderzijds door de ondergrond zo te ordenen dat zoveel mogelijk inwoners gebruik kunnen maken van bodemenergie.
Hieronder wordt beschreven hoe dit gebeurt in zowel de bestaande stad als in nieuwbouwgebieden. De warmtetarieven van collectieve systemen die niet in particulier eigendom zijn worden gereguleerd door landelijke regelgeving en getoetst door de ACM. WKO’s als warmtealternatief in de bestaande stad Collectieve WKO-systemen zijn met name geschikt voor goed geïsoleerde gebouwen met zowel een warmte- als koudevraag. Dit kunnen ook appartementencomplexen beheerd door een vereniging van eigenaren (vve) zijn. Vve’s, of andere bewonerscollectieven, kunnen een aanvraag doen om door de gemeente gefaciliteerd te worden in het onderzoeken van geschikte aardgasvrije warmtesystemen. Voor de gemeente is het belangrijk dat vve’s/bewoners op basis van goede
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 maart 2023 Pagina 3 van 5
informatie samen een besluit nemen over een aardgasvrije warmteoplossing die voor hun het best passend is qua systeemkeuze, prijs en verantwoordelijkheid bij aanleg, beheer en onderhoud. De Gemeente Amsterdam werkt met een vve-aanpak voor de bestaande bouw waarbij vve’s in aanmerking komen voor energieadvies en begeleiding. Er is advies beschikbaar voor kleine vve’s, grote vve’s van voor 1995, grote vve’s van na 1995 en voor zonnepanelen op vve’s. In het haalbaarheidsonderzoek, dat beschikbaar is voor grote vve’s met bouwjaar voor 1995, rekent een onafhankelijk adviseur drie scenario’s voor isolatie, ventilatie en het aardgasvrij maken door naar het effect op de woonlasten van de vve-leden. Hierbij worden ook de verschillende opties voor warmtesystemen en gebouwinstallaties meegenomen. Ook omliggende vve’s worden actief geïnformeerd over de adviezen. Op basis van de adviezen kunnen vve’s een besluit nemen over een eventueel volgend ontwerpproces van een warmtesysteem. Voor vve-complexen van na 1995 is er een beperkter vve-energieadvies beschikbaar. In aanvulling hierop doen vve’s studies naar geschikte aardgasvrije warmtesystemen, zoals de mogelijkheid om bodemenergie in te zetten voor de warmtevoorziening. Deze onderzoeken worden ondersteund vanuit de gemeentelijke subsidie Ruimte voor Duurzaam Initiatief. Er is gestart met 2 pilot vve’s.
De vve’s krijgen inzicht in de haalbaarheid van een buurtgerichte warmteoplossing op basis van WKO. Vragen die de aanvragers beantwoord willen hebben zijn inzicht in de aanleg, gebruiks- en beheerskosten van de warmteoptie en de juridische (beheer)constructies die daarbij komen kijken. Deze pilot leidt tot inzichten voor een veel bredere groep van vergelijkbare vve’s. De ondergrond in de bestaande stad biedt over het algemeen voldoende ruimte om bodemenergiesystemen in te passen. De gemeente wijst alleen interferentiegebieden aan als dit noodzakelijk is (als grote drukte in de ondergrond verwacht wordt) waardoor kleinere gesloten systemen zonder vergunning kunnen worden gerealiseerd door initiatiefnemers (een melding is wel nodig). WKO’s als warmtealternatief in nieuwbouw Bij nieuwbouw zijn er grofweg twee situaties te onderscheiden, namelijk ontwikkelingen buiten en binnen een concessiegebied voor een collectief warmtenet. Buiten de concessie bepaalt de ontwikkelende partij meestal zelf het warmtesysteem, binnen een concessiegebied geldt een aansluitplicht op het collectieve warmtesysteem. Initiatiefnemers kunnen afwijken van deze aansluitplicht, mits een duurzamer eigen energiesysteem wordt gerealiseerd.
Het is dus in principe voor de ontwikkelende partij mogelijk om een eigen bodemenergiesysteem te realiseren, tenzij een bodemenergieplan is vastgesteld waaruit blijkt dat het niet mogelijk is het betreffende warmtesysteem in de ondergrond in te passen naast het collectieve systeem. De inzet van de gemeente op collectieve netten met een geldende aansluitplicht heeft het doel bij te dragen aan een duurzame en betaalbare warmtevoorziening voor alle bewoners. Hoe meer partijen gebruik maken van een collectief systeem, hoe betaalbaarder en efficiënter het collectieve systeem is. De gemeente stelt bij collectieve systemen die gebruik maken van bodemenergie regels vast voor de ordening van de bodem, waarin is vastgelegd op welke manier individuele systemen aangelegd mogen worden zonder dat interferentie met het collectieve systeem optreedt. In het geval dat een ontwikkelende partij binnen een concessiegebied een eigen
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 maart 2023 Pagina 4 van 5
energiesysteem realiseert, stuurt de gemeente niet op het eigendom en exploitatie van het energiesysteem en daarmee ook niet op particuliere realisatie en eigenaarschap door bewoners of vve’s. De gemeente stuurt in deze situatie als concessieverlener op het collectieve systeem, welke in eigendom is van de concessiehouder. Het in de motie aangehaalde voorbeeldproject “De Verbeelding” in de Spaarndammerbuurt is een ontwikkeling buiten een concessiegebied waarbij een blok van 78 nieuwe eengezinswoningen en appartementen is gerealiseerd binnen een buurt met vooral vooroorlogse woningen. Een dergelijk nieuwbouwproject leent zich goed voor een kleinschalige warmte- en koudeoplossing, waarbij hier gekozen is voor een gesloten bodemenergiesysteem met meerdere vergunning vrije bodemlussen. Voor (kleinschalige) gesloten systemen is het gebruikelijk dat de bewoners/vve zelf eigenaar zijn en besluiten hoe het systeem beheerd wordt. Omdat er ook buiten de geldende concessiegebieden steeds meer gebruik wordt gemaakt van bodemenergie doet de gemeente onderzoek naar het verwachte toekomstige gebruik van de ondergrond. Voor gebieden met veel toekomstige voorziene vraag naar bodemenergie zal de gemeente ordeningsregels opstellen zodat de bodem zo efficiënt mogelijk kan worden ingezet.
Een van de doelen hierbij is het faciliteren van particuliere initiatieven met juiste informatie over de ondergrond zonder dat de regeldruk te hoog wordt. Bij het vaststellen van nieuwe interferentiegebieden of bodemenergieplannen voor het gebruik van de bodem wordt de raad geïnformeerd. Conclusie De gemeente faciliteert het gebruik van bodemenergie door middel van advies en kennis en door te sturen op efficiënt gebruik van de ondergrond. De motie is daarmee in uitvoering; nader onderzoek is daarom niet nodig. In de bestaande bouw worden vve’s ondersteund met advies en subsidiemogelijkheden voor onderzoek. Het gebruik van bodemenergie als mogelijkheid om te verduurzamen wordt meegenomen in de advisering aan vve’s. Kleinschalige bodemenergieprojecten van bewoners kunnen vaak vergunningvrij gerealiseerd worden. De gemeente blijft initiatieven van bewoners om te verduurzamen en of aardgasvrij te worden ondersteunen. De gemeente stuurt op gebruik van de ondergrond in gebieden met veel vraag naar bodemenergie. Dit komt veel voor in gebiedsontwikkeling, bijvoorbeeld als er een collectief systeem wordt gerealiseerd op basis van warmte-koudeopslag of als er veel individuele systemen worden voorzien. Hiermee wordt gereguleerd hoe bodemenergie efficiënt kan worden ingezet zonder conflicten tussen verschillende systemen.
In concessiegebieden waar nieuwbouwontwikkelingen een aansluitplicht hebben op een collectief systeem, mogen ontwikkelende partijen afwijken van deze aansluitplicht indien een individueel energiesysteem duurzamer is dan het collectieve systeem en past binnen de ordeningsregels die zijn vastgesteld voor bodemgebruik. Binnen concessiegebieden stuurt de gemeente op de realisatie van het gekozen collectieve systeem en maakt inzichtelijk hoe interferentie tussen systemen wordt voorkomen; het college is niet voornemens te sturen op de eigendomsvorm van individuele ontwikkelingen die naast het collectieve systeem gerealiseerd worden.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 28 maart 2023 Pagina 5 van 5
Buiten concessiegebieden doet de gemeente onderzoek naar toekomstige vraag en de noodzaak voor het ordenen van het gebruik van de bodem. Naast het voorkomen van interferentie is een van de doelen hierbij het faciliteren van particuliere initiatieven met juiste informatie over de ondergrond.
Het college beschouwt de motie hiermee als afgehandeld. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Zita Pels Wethouder Duurzaamheid, Energietransitie en Circulaire Economie
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl