CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Afd. motie 367.21

RAAD 27 mei 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met het investeringsbesluit Ottho Heldringstraat 1-5 en het beschikbaar stellen van een uitvoeringskrediet. VN2021-0126872.798 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Niet gevonden in dit document.

Raadsinformatiebrief Afdoening motie

Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 7 februari 2023 Duurzaamheid Zita Pels Ruimte en Duurzaamheid (bestuurszaken.RD@amsterdam.nl) Afdoening motie 367 van leden Van Renssen (GroenLinks) en Groen (GroenLinks) inzake Temperatuur, zo laag mogelijk!

Geachte leden van de gemeenteraad, In de vergadering van de gemeenteraad van 27 mei 2021 heeft uw raad bij de behandeling van het investeringsbesluit Ottho Heldringstraat 1-5 motie 367 van leden Van Renssen (GroenLinks) en Groen (GroenLinks) inzake inzake temperatuur, zo laag mogelijk aangenomen waarin het college gevraagd wordt om: 1 Te onderzoeken welke gemeentelijke verordeningen en concessies en andere regelgeving of beleidsinstrumenten, moeten worden aangepast zodat de aansluitplicht op een collectieve warmtevoorziening met hoge en middentemperatuur (zoals huidige stadswarmte) vervalt als er andere duurzamere alternatieven zijn (zoals lage temperatuurwarmte) voor de warmtevoorziening; 2 De bevindingen van dit onderzoek en suggesties voor aanpassingen inclusief consequenties van aanpassingen te bespreken met de gemeenteraad in het eerste kwartaal van 2022. De afdoening van deze motie heeft op zich laten wachten omdat het college de vragen omtrent aansluitplicht op collectieve warmtenetten betrekt bij de evaluatie van de warmteconcessies van Westpoort Warmte in Noord en Nieuw-West. De kennis die is opgedaan in dit traject wordt meegenomen in de beantwoording en uitvoering van de motie. Naast de evaluatie van de warmteconcessies, zijn ook de Wet collectieve warmtevoorziening en de Omgevingswet in voorbereiding.

Deze brief is opgesteld op basis van de huidige stand van zaken, met waar mogelijk een doorkijk naar de toekomstige situatie. Context De huidige klimaatcrisis onderstreept de urgentie om in te zetten op schone en duurzame energie. De overstap naar duurzame warmte is een zeer belangrijk onderdeel van de energietransitie waarin we onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen afbouwen en zo de gevolgen van de klimaatcrisis een halt toe roepen. Het verwarmen van woningen en gebouwen is verantwoordelijk voor een kwart van de Amsterdamse CO2-uitstoot als gevolg van het gebruik van aardgas.

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 7 februari 2023 Pagina 2 van 7

De huidige energiecrisis toont aan hoe belangrijk het is dat we de vraag naar warmte verminderen en daarnaast overstappen naar duurzame manieren van verwarmen, om zo afhankelijkheid te verminderen en te zorgen voor stabielere prijzen. Het college zet daarom in op het versnellen van de overstap naar duurzame warmte in samenwerking met (coöperaties van) bewoners, de energiebedrijven en woningcorporaties. Via collectieve inkoopacties van isolatiemaatregelen en het isolatieoffensief verminderen we ons aardgasgebruik. Voor de overstap naar duurzame warmte werken we onder andere binnen Warm Amsterdam aan het versneld aansluiten van woningen op duurzame warmtenetten en onderzoeken we het gebruik van nieuwe duurzame bronnen voor de warmtenetten. Daarnaast ondersteunen we stappen die Amsterdammers op eigen initiatief individueel en collectief zetten, door onder andere het verstrekken van adviezen en subsidies. De beantwoording van deze motie gaat over de warmtevoorziening in de nieuwbouw. Nieuwbouw wordt goed geïsoleerd en aardgasvrij gerealiseerd. Amsterdam geeft vanwege economische en energetische schaalvoordelen de voorkeur aan collectieve warmtesystemen. Deze collectieve warmtesystemen moeten bijdragen aan de doelstelling klimaatneutraal te zijn in 2050.

Waarom geldt er een aansluitplicht voor nieuwbouw? Het aanleggen van een collectief warmtesysteem vraagt om grote investeringen, met een lange terugverdientijd. Het beperken van risico’s en het creëren van zekerheid over aansluitingen biedt basis om deze investeringen te doen. Dit komt ten goede aan de kosten voor de eindgebruiker. Amsterdam gebruikt een aansluitplicht voor nieuwbouw om collectieve duurzame warmtesystemen mogelijk te maken, die het voor iedereen mogelijk maken mee te doen aan de energietransitie. In het kort: mogelijkheid tot afwijken van aansluitplicht Het college heeft geïnventariseerd onder welke omstandigheden er kan worden gekozen voor een warmteoplossing die afwijkt van het aanwezige of geplande collectieve systeem waarvoor een aansluitplicht van kracht is. De conclusie hiervan is dat publiekrechtelijk opgelegde aansluitplicht ruimte geeft om niet aan te sluiten als een andere techniek tenminste hetzelfde niveau bereikt wat betreft energiezuinigheid en bescherming van het milieu. Een aanpassing van het publiekrechtelijk instrumentarium is dus niet nodig. De gemeente heeft niet de mogelijkheid partijen te verplichten ontheffing aan te vragen voor aansluiting op het voorgeschreven collectieve systeem.

De privaatrechtelijk afgesproken aansluitplicht waartoe woningcorporaties en ontwikkelaars zich hebben verplicht door het [mede-]ondertekenen van de afspraken in IJburg, Nieuw West en Noord met Vattenfall en WPW biedt momenteel alleen in Noord mogelijkheid voor afwijken doordat in dat contract vrijheidsgraden zijn afgesproken. De concessies voor Nieuw West en Noord worden geëvalueerd met WPW en andere ondertekenaars zoals is afgesproken bij de toetreding van de gemeente als aandeelhouder tot WPW. Hierbij wordt ook gesproken over de ruimte voor alternatieve warmtesystemen. Hieronder volgt een uitgebreidere beschrijving van aansluitplicht: waar in de stad en op grond waarvan een aansluitplicht geldt en wanneer en onder welke voorwaarden afwijken van de aansluitplicht mogelijk is. Daarnaast wordt toegelicht hoe het publiekrechtelijk instrumentarium zal veranderen in de context van de nieuwe Omgevingswet en Wet Collectieve

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 7 februari 2023 Pagina 3 van 7

Warmtevoorziening, en hoe de privaatrechtelijke afspraken worden herijkt middels een evaluatie van de warmteconcessies in Noord en Nieuw West. Publiekrechtelijke aansluitplicht via het Bouwbesluit en mogelijkheid tot afwijken Bij collectieve energiesystemen die momenteel worden aanbesteed en voor systemen die zijn gerealiseerd sinds invoering van het Bouwbesluit 2012, geldt een aansluitplicht die van kracht wordt bij het vaststellen van een warmteplan. Het warmteplan als instrument is geïntroduceerd met het Bouwbesluit 2012. In het warmteplan is het gebied waarvoor het warmteplan geldt, het aantal aansluitingen en de mate van energiezuinigheid en de mate van bescherming van het milieu vastgelegd. Een warmteplan wordt door de gemeente ingezet om te sturen op een haalbaar en duurzaam collectief energiesysteem. De gemeente Amsterdam heeft meerdere warmteplannen vastgesteld, waarin gestuurd wordt op aansluiting op collectieve systemen – zowel op midden temperatuur als lage temperatuur warmte. Op grond van het Bouwbesluit 2012 zijn vastgoedontwikkelaars verplicht aan te sluiten op het collectieve systeem indien het geplande aantal aansluitingen op dat systeem nog niet bereikt is en de aansluitafstand niet groter is dan 40 meter of wel groter is dan 40 meter maar de aansluitkosten niet hoger zijn dan bij een afstand van 40 meter.

Van de aansluitplicht kan ontheffing worden verleend als het alternatieve energiesysteem tenminste dezelfde mate van energiezuinigheid en bescherming van het milieu heeft. Op particuliere opdrachtgevers (individuele en collectieve zelfbouw) rust per definitie geen aansluitplicht op grond van het Bouwbesluit.

Publiekrechtelijke aansluitplicht concessiegebieden Westpoort Warmte en Vattenfall In de concessiegebieden waar Westpoort Warmte en Vattenfall collectieve energiesystemen realiseren komt een aansluitplicht op twee verschillende gronden voor. Voor alle concessies in onderstaande tabel vormt de Amsterdamse bouwverordening 2003 via het overgangsrecht van het Bouwbesluit 2012 en (in het geval voor een gebied een warmteplan is vastgesteld) het Bouwbesluit 2012 het publiekrechtelijk kader voor een aansluitplicht op het collectieve systeem. Naam Concessie Samenwerkingsovereenkomst stadswarmte IJburg Nieuw West Overeenkomst stadswarmte Samenwerkingsovereenkomst levering stadswarmte en koude Amsterdam Noord Overeenkomst stadswarmte Overamstel Overeenkomst stadswarmte Amstelkwartier 2e fase Overeenkomst stadswarmte Zeeburgereiland (Sportheldenbuurt) Overeenkomst stadswarmte Zeeburgereiland Sluisbuurt

Publiekrechtelijk kader Bouwverordening 2003

Type systeem Stadswarmte

Bouwverordening 2003

Looptijd 1999onbepaalde tijd 2005-2040

Bouwverordening 2003

2008-2040

Stadswarmte

Bouwverordening 2003

2011-2041

Stadswarmte

Bouwbesluit 2012

2017-2047

Stadswarmte

Bouwverordening 2003

2012-2042

Stadswarmte

Bouwbesluit 2012

2017-2047

Stadswarmte

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Stadswarmte

Warmtebedrijf Vattenfall Warmte B.V. Westpoort Warmte B.V. Westpoort Warmte B.V. Vattenfall Warmte B.V. Vattenfall Warmte B.V. Westpoort Warmte B.V. Westpoort Warmte B.V.

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Overeenkomst stadswarmte Bouwverordening 2003 en comfortkoeling Houthaven

Datum 7 februari 2023 Pagina 4 van 7

2012-2047

Stadswarmte en –koude

Westpoort Warmte B.V.

Het Bouwbesluit 2012 kent in artikel 9.2 lid 10 overgangsrecht voor aansluitverplichtingen krachtens oud recht, zoals opgenomen in artikel 2.7.3A van de Bouwverordening van Amsterdam uit 2003. Op basis van dit artikel uit Bouwverordening 2003 geldt een aansluitverplichting op het bestaande stadswarmtenet voor nieuwbouwplannen in Amsterdam. Het overgangsrecht leidt ertoe dat de aansluitplicht van de Bouwverordening 2003 blijft gelden, als voor een gebied op 1 april 2012 (concreet) deze aansluitplicht gold. Dit betekent in Amsterdam dat moet worden aangesloten op de bestaande warmtenetten als het bouwplan is gelegen binnen 40 meter van de dichtstbijzijnde leiding van het warmtedistributienet zoals dat feitelijk aanwezig was op 1 april 2012 of, indien het bouwplan verder dan 40 meter is gelegen, de kosten voor aansluiting zijn niet hoger dan de kosten zouden zijn dan bij een afstand van 40 meter. Indien een fysieke infrastructuur van het warmtenet nog niet aanwezig was op 1 april 2012 geldt geen aansluitverplichting op basis van het overgangsrecht uit de Bouwverordening 2003. Naast de hierboven genoemde concessiegebieden, geldt de aansluitplicht op grond van het overgangsrecht ook voor het warmtenet van Vattenfall in Amsterdam Zuidoost en de Zuidas. Voor deze stadswarmtenetten is geen concessie verleend.

Voor die gebieden waar de aansluitverplichting op basis van het overgangsrecht van kracht is, is in artikel 2.7.3A lid 2 van de Bouwverordening 2003 bepaald op welke gronden ontheffing kan worden verleend. Dat kan met een goede onderbouwing waaruit blijkt dat ‘het project in hoge mate van belang is voor het milieu’. Amsterdam geeft bij B&W besluit van 20 november 202o als volgt invulling aan de afwijkingsmogelijkheid uit de bouwverordening. Een project is in hoge mate van belang voor het milieu als het gebouw voldoet aan minimaal een energieprestatiecoëfficiënt (EPC) van 0,15 of vergelijkbare normen voor Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG) voor alle gebruiksfuncties uit het Bouwbesluit. Bij B&W besluit van 15 december 2020 is besloten om de ontheffingsnorm van een minimale EPC van 0,15 te ‘vertalen’ in een BENG 3 waarde die 5% hoger is dan de voor de betreffende gebruiksfunctie geldende BENG 3 eis. Daarnaast dient ook een 5% verbetering van de BENG 3 waarde behaald te worden die gerealiseerd zou worden met een aansluiting op het betreffende stadswarmtenet. Deze vertaling betekent geen verzwaring van de huidige ontheffingsnorm van EPC gelijk aan of lager dan 0,15. In die gebieden waar lopende concessiecontracten van kracht zijn wordt altijd in overleg getreden met de contractpartner om afspraken te maken op welke wijze wordt omgegaan met bestaande contractverplichtingen.

Volgens Amsterdamse werkwijze vervalt verder de aansluitplicht op grond van het overgangsrecht als voor een gebied een warmteplan is vastgesteld.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 7 februari 2023 Pagina 5 van 7

Privaatrechtelijke aansluitplicht en afwijking hiervan De bovengenoemde publiekrechtelijke aansluitplicht op grond van het overgangsrecht geldt voor alle (toekomstige) partijen die vastgoed ontwikkelen. De geldende concessies IJburg, Nieuw West, Noord, Zeeburgereiland Sportheldenbuurt, Amstelkwartier 1e fase en Houthavens zijn daarnaast door verschillende vastgoedpartijen (woningcorporaties en vastgoedontwikkelaars) ondertekend. Deze privaatrechtelijke afspraken zijn gemaakt om de ontwikkeling van stadswarmte voldoende zekerheid te bieden voordat hier een publiekrechtelijk kader voor bestond. Deze partijen hebben zichzelf hiermee verplicht tot aansluiting op het warmtenet van Vattenfall en WPW. In de concessie van WPW voor Amsterdam Noord zijn vrijheidsgraden opgenomen: voor circa 1150 woningen is het mogelijk om af te zien van aansluiting op het collectieve warmtenet. Deze vrijheidsgraden zijn momenteel allemaal nog beschikbaar. In de concessies IJburg en Nieuw West is geen mogelijkheid om af te wijken opgenomen. Daarnaast verplicht de gemeente zich met de ondertekening van deze concessies, om via de erfpachtovereenkomst tussen gemeente en ontwikkelaar aansluitplicht op te leggen bij gronduitgifte. De aansluitplicht via de erfpachtovereenkomst geldt ook voor ontwikkelaars die de concessies niet ondertekend hebben.

In die gebieden, waar een lopende concessie van kracht is moet altijd in overleg worden getreden met de contractpartner voor afwijking van de aansluitplicht. Omdat in de concessies IJburg, Zeeburgereiland Sportheldenbuurt, Amstelkwartier 1 e fase en Houthavens (nagenoeg) niet meer wordt gebouwd vormt de aansluitplicht hier in de praktijk geen probleem. In de concessie Nieuw West en Noord wordt nog volop gebouwd. Voor deze concessies is afgesproken om in een evaluatie te komen tot een passende bijstelling van afspraken, ook voor de privaatrechtelijke aansluitplicht. De volgende (derden) partijen zijn medeondertekenaars van de concessies van WPW in Noord en Nieuw West. Organisatie Stadgenoot Woonzorg De Key Eigen Haard Rochdale Ymere AM Blauwhoed Vesteda

Concessie Nieuw West Nieuw West Nieuw West & Noord Nieuw West & Noord Nieuw West & Noord Nieuw West & Noord Noord Noord Noord

Evaluatie concessies De concessies die zijn verleend aan Westpoort Warmte voor Nieuw-West en Noord worden momenteel geëvalueerd, zoals eerder beschreven in de 8ste en 9de Updatebrief Aardgasvrij. De gemeente heeft met WPW afgesproken om de warmteconcessies te evalueren met als doel dat nieuw te bouwen woningen in concessiegebieden de best passende duurzame warmtevoorziening krijgen. In lijn met motie 1404.17 is de gemeentelijke inzet dat de concessies meer ruimte gaan geven voor de toepassing van LTW-netwerken en –bronnen in de nieuwbouw. Dit is met uw raad gedeeld in de achtste updatebrief AGV [VN2021-026905]. Hierbij moet een afweging gemaakt

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 7 februari 2023 Pagina 6 van 7

worden tussen betaalbaarheid en duurzaamheid, en tussen individuele en collectieve kosten en baten. De woningcorporaties en ontwikkelaars die de concessies ondertekend hebben zijn betrokken bij deze evaluatie. Eén van de aspecten die aan bod komt in de hernieuwde afspraken is het maken van een gebiedsgerichte afweging voor de aansluiting van nieuwbouw op een collectief systeem (MT, of een combinatie van MT en LT, of LT), waarbij soms gekozen kan worden om nieuwbouw wel aan te sluiten op het collectieve systeem van WPW ten behoeve van de stadsbrede doelstellingen. Het kan bijvoorbeeld wenselijk zijn om nieuwbouw aan te sluiten om zo de haalbaarheid en betaalbaarheid van een collectief systeem in de bestaande bebouwing te verbeteren. Tegelijk is de gemeentelijke inzet – en inmiddels ook de intentie van alle partners – om in gebieden waar hoofdzakelijk nieuwbouw plaatsvindt (ordegrootte >75%) deze aan te sluiten op LT-warmtesystemen. De uitkomst van de evaluatie en de nadere afspraken die gemaakt kunnen worden bepalen in sterke mate of verdere bijsturing ten aanzien van de aansluitplicht door de gemeente nodig is. Door de aankondiging van de WCW [21 oktober, kamerbrief minister Jetten] is gedurende de evaluatie het speelveld veranderd.

Om tot nieuwe afspraken te komen, is duidelijkheid nodig over de rol en positie van de gemeente, Vattenfall en WPW bij inwerkingtreding van de WCW. Ook is meer duidelijkheid nodig over de voorgenomen ingroeiperiode en het overgangsrecht. Hierdoor zal afronding van de evaluatie helaas meer tijd vragen. Toekomstige aansluitverplichting onder Omgevingswet en Wet Collectieve Warmtevoorziening Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet vervallen de regels op rijksniveau betreffende de aansluiting op een distributienet voor warmte. Deze regels worden via overgangsrechtelijke bepalingen (bruidsschat) opgenomen in het omgevingsplan. In het wetsvoorstel Wet collectieve warmtevoorziening (WCW) komt het instrument warmteplan niet voor, de WCW introduceert het ‘warmtekavel’. De gebieden waarvoor nu warmteplannen gelden of de concessiegebieden, worden op grond van overgangsrecht bij de WCW aangemerkt als warmtekavel als voldaan wordt aan de voorwaarden in het overgangsrecht. Volgens het wetsvoorstel krijgt de gemeente de mogelijkheid warmtekavels aan te wijzen en voorwaarden te stellen aan de warmteleveranciers. Op een warmtekavel krijgt een warmteleverancier het exclusieve recht en de verplichting om op verzoek van de ontwikkelaar of eigenaar gebouwen aan te sluiten. Beide wetswijzigingen zullen zodoende invloed hebben op de huidige aansluitplicht.

De precieze uitwerking hiervan zal duidelijk worden in de definitieve wetten. Conclusie Voor Amsterdam is in meerdere gebieden sprake van een aansluitplicht op collectieve warmtenetten op basis van het Bouwbesluit (door vaststelling warmteplan) op basis van de Amsterdamse bouwverordening 2003 (overgangsrecht van het Bouwbesluit 2012). De

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 7 februari 2023 Pagina 7 van 7

(publiekrechtelijke) aansluitplicht en de mogelijkheid om ontheffing te verlenen bij gelijkwaardigheid van milieuprestaties, is nu geregeld op rijksniveau. Daarnaast bestaat er in onder meer Amsterdam Noord en Nieuw West een aansluitplicht voor ontwikkelaars die zichzelf tot aansluiting hebben verplicht via een privaatrechtelijke overeenkomst. De concessies WPW Noord en Nieuw West worden nu geëvalueerd. Het college wil zorgdragen dat nieuw te bouwen woningen in concessiegebieden de best passende duurzame warmtevoorziening (beschouwd vanuit het oogpunt van de stad) krijgen. De keuze voor een duurzame, passende warmtevoorziening wordt bepaald door de balans tussen onder andere duurzaamheid op individueel niveau, duurzaamheid op collectief niveau en betaalbaarheid. De gemeente, WPW, ontwikkelaars en corporaties voeren constructief overleg over afspraken op basis waarvan al dan niet dient te worden aangesloten op collectieve systemen. Het zal nog enige tijd duren voor de evaluatie tot nieuwe afspraken leidt en meer ruimte biedt voor alternatieven. Dit komt onder andere doordat de aangekondigde WCW het speelveld gedurende de evaluatie heeft veranderd. De uitkomsten van het overleg met de concessiepartners worden aan de gemeenteraad voorgelegd.

Het college beschouwt de motie hiermee als afgehandeld. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,

Zita Pels Wethouder Duurzaamheid, Energietransitie en Circulaire Economie

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12565030/1