20250611 gemeenteraad verslag middag
Tekst van het document
Het lid ALBERTS: Ja, die verevening is natuurlijk wezenlijk belangrijk. Want als wij sociale huurwoningen willen bouwen, dan hebben we dat geld daarvoor nodig. En u kunt zich misschien herinneren, deze wethouder niet maar dat heb ik in het verleden wel al gedaan, heb ik gezegd ga nou voorzichtig met dat Vereveningsfonds om want 40 procent sociale huurwoningen bouwen, dat wordt dan onmogelijk. En daar heb ik ook regelmatig een punt van gemaakt dat het ook niet gelukt is en dat daar inderdaad minder dan 40 procent sociaal uit is gekomen. En dat is slecht. Dan kunnen we hier natuurlijk ongelooflijk veel steggelen, je hoort eigenlijk uit de bijdragen van een aantal rechtse partijen dat het toch heel duidelijk een marktmechanisme is waar een kosten-batenanalyse wordt gemaakt, enzovoorts. Maar het lastige is natuurlijk dat huisvesting moet natuurlijk een overheidstaak zijn, een landelijke overheidstaak waar uitgebreid wordt geïnvesteerd in het bouwen van woningen. En dat we dan hier toch nog via die verevening de boel proberen op te lossen, dat is prima. Andere gemeentes doen het gewoon via de algemene middelen hoor, dus die hebben ook een soort van verevening in hun begroting staan. Dus dat gebeurt gewoon. Maar we moeten heel erg zuinig zijn, niet op het bouwen van koopwoningen, dat valt wel mee, daar hebben we denk ik best wel een aardige hoeveelheid van.
Maar goed, het lid Von Gerhardt blijft natuurlijk dat roepen want dat moet hij van zijn partij. Maar daarom zeg ik, omdat ik dat moet van mijn partij en gewoon ook omdat ik vind dat sociale huurwoningen, daar is een gierende behoefte aan, een wachtlijst van dertien jaar hebben we niks aan, de laatste tijd is dat geloof ik naar elf verkort. Ga het maar eens op je hoofd staan, dan zie hoelang elf jaar duurt. Kortom, niet doorgaan met de verevening gebruiken voor andere dingen anders dan wanneer we een surplus hebben. En dat is een incidentele mogelijkheid om dan dat geld te gebruiken. Maar niet meer structureel. (Het lid HAVELAAR: Voorzitter, het lid Alberts zei dat in de commissie ook en ik heb daar een motie voor gemaakt dat we moeten stoppen met het structureel geld uit het Vereveningsfonds halen. Gaat het lid Alberts die steunen?) Dat gaat u merken.
56
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
(Het lid HAVELAAR: Ik weet in ieder geval dat het lid Alberts er niet onder wilde want ik kreeg teruggekoppeld dat ze dat pas vanaf volgend jaar wil en niet dit jaar al. Mijn vervolgvraag zou zijn, waarom is dat dan?) Ik ben eigenlijk niet zo van die hele precies uitgevogelde moties die soms wel een heel boekdeel bevatten. Ik heb de lijn uitgezet en u merkt wel of we straks achter die motie staan. (Het lid HAVELAAR: Het lijkt me zo leuk dat ik het eindelijk een keer eens was met het lid Alberts op dit punt. Want ze zei verstandige dingen hierover in de commissie en ik vind het dan zo jammer dat ze nu niet doorpakt en wel in de commissie zegt we moeten stoppen met het structureel uitnemen maar dat ik dan maar bij de stemming moet vernemen of dat de SP dat pas vanaf misschien volgend jaar wil of dat ze dat vanaf nu willen. Dat vind ik dan wel een beetje makkelijk en zo ken ik het lid Alberts eigenlijk helemaal niet.) Ik heb gezegd de lijn is uitgezet en dat betekent dus dat datgene wat ik daarnet heb gezegd heel erg overeenkomt met die motie van u. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Aslami. Het lid ASLAMI: Dank voorzitter. Met gevaar dat we in herhaling vallen hou ik het kort en beknopt. We hebben uitgebreid in de commissie de MPG en het Vereveningsfonds besproken en de druk op het Vereveningsfonds is helaas niet nieuw.
Dat vraagt op lange termijn, ik herhaal op lange termijn, op goed en verantwoord beleid, zoals de Rekenkamer dat ook ons heeft meegegeven. En tegelijkertijd, en dat heeft mijn collega van GroenLinks net denk ik ook benadrukt en de wethouder ook uitgebreid in de commissie, is het fonds op dit moment nog robuust. We stellen niet alleen positieve plannen vast, maar we kunnen ook negatieve plannen vaststellen. Dus al met al denk ik precies waar een fonds voor bedoeld is. Tegelijkertijd steunen we de oproep van de Rekenkamer. Ik kijk ook uit naar de uitwerking van het plan van aanpak van het college om dan ook met elkaar te bepalen welke richting we opgaan als het gaat om de woningbouw. En uiteindelijk, we hebben het hier heel vaak over gehad, gaat het om het bouwen van een complete stad. Dus niet alleen betaalbare woningen maar ook alles wat we rondom groen doen, cultuur, sport en dat vraagt ook om investeringen. En ik hoop dat andere partijen die net heel erg hoog van de toren bliezen, dat die dat ook vinden. (Het lid HAVELAAR: Voorzitter, wat vindt het lid Aslami ervan dat onder dit college de grootste uitnames uit het Vereveningsfonds gedaan worden en dat er sinds 2013 nooit meer zoveel inkomt. Het slechtste eigenlijk, zoals in de Voorjaarsnota staat.) Dat vind ik niet gek gegeven de financiële situatie in de woningbouw.
(Het lid HAVELAAR: Qua uitgaven kan ik misschien nog wel begrijpen wat het lid Aslami zegt. Dan zou ik andere keuzes maken. Maar qua inkomsten begrijp ik dat niet. En een van de oorzaken zijn de hoge grondprijzen die de gemeente vraagt. Wat vindt het lid Aslami daarvan?) Ik ga me niet uitlaten over de grondprijzen die Amsterdam hanteert. Dat lijkt bijna een koehandel hier. Natuurlijk we stellen we de prijzen vast maar ik constateer ook, en ik zie dat het lid Havelaar daar een beetje de ogen voor toeknijpt, dat we hier ook plannen vaststellen met elkaar, nota bene de afgelopen raad, waar we geld mee verdienen. En het lid Havelaar vergeet dat gemakshalve even hier.
57
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
(Het lid VON GERHARDT: Is het lid Aslami het met mij eens dat dat geld pas verdiend wordt op het moment dat die huizen ook daadwerkelijk gebouwd worden?) Nee, dat ben ik niet met het lid Von Gerhardt eens. (Het lid VON GERHARDT: Dat is dan wel zorgwekkend, want het geld komt pas binnen bij de gemeente op het moment dat het huis gebouwd is. Dan wordt ook daadwerkelijk de grond betaald. Dus daar moet wel eerst het huis voor gebouwd worden.) Nee, dat is feitelijk onjuist. (Het lid VON GERHARDT: Ja, dat gaat lastig worden. Je mag pas een winstneming nemen als het plan is afgerond. En winstneming kan pas genomen worden als dus die huizen zijn gebouwd. Nu worden die huizen niet gebouwd omdat de gemeente te veel grond vraagt, dus komen er geen inkomsten binnen. Dus als we minder inkomsten gaan vragen worden die huizen gebouwd, krijgt de gemeente meer inkomsten. Ik hoop dat het lid Aslami dat kan volgen. Is dan, als het lid Aslami dit riedeltje zo hoort, het lid Aslami bereid om toch wat lagere grondprijzen te vragen zodat we wel huizen kunnen bouwen en meer inkomsten hebben als gemeente?) Er zit vertraging in de winstneming en dat weet het lid Von Gerhardt ook, want hij heeft dat lesje uitgebreid van de wethouder meegekregen. Dus hij hoeft dat niet hier te herhalen. Maar natuurlijk wat wel zo is, is dat we de winstneming die we doen dat we dat doen ten behoeve van de stad.
En dat vergeet het lid Von Gerhardt. Het lid Von Gerhardt heeft het over financieel prudent beleid voeren en vervolgens dient hij een motie in zonder dekking. Dus ik zou vooral tegen het lid Von Gerhardt willen zeggen, kijk vooral in de spiegel. (Het lid VAN SCHIJNDEL: Het is allemaal een erg technocratisch debat. Een complete stad betekent ook niet al die hoge flatgebouwen heel dicht op elkaar, dus om maar ruimte voor woningen te benutten, maximaal. We krijgen dus buurten zoals Amstel III en in Noord ook, echt het ziet er niet uit. Dus als je het vergelijkt met de Amsterdamse School, mooie wijken met alles erop en eraan, de tijd van Monne de Miranda, dan is het toch echt verschrikkelijk op dit moment. Wat is de visie van D66 op stedenschoon en wat het mag kosten?) Voorzitter, het lid Van Schijndel ontlokt de poëet in mij. Maar ik zou zeggen, schoonheid kent geen bedrag. Dus ik kijk vooral uit naar heel veel mooie projecten in Amsterdam. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Minderhoud. Het lid MINDERHOUD: Dank, voorzitter. Ik was een beetje aan het twijfelen of ik een inbreng zou doen omdat we dit al helemaal hebben door gekauwd tijdens de commissievergadering. Toen heb ik ook een hele lange inbreng gedaan met een hele geschiedenisles over de volkshuisvesting. Ik zal de wethouder daar niet mee vervelen, de burgemeester ook niet.
We hebben de afgelopen jaren ongelofelijk veel sociaal gebouwd en daarom is dat Vereveningsfonds op dit moment op de stand waar het is. Tussen 2013 en 2018 hebben we veel minder sociaal gebouwd, zijn hele wijken weggegeven aan de markt met maar 20 procent sociale huur, soms zelfs maar 9 procent. Op dit moment doen we dat veel beter, we liggen veel dichter bij die 40 procent. Dat betekent ook dat het geld kost.
58
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Verder ook het rapport van de Rekenkamer over het bouwen van een complete stad, dat kost natuurlijk ook geld. Voorlopig kunnen we nog vooruit. Ik ben ook ongelofelijk blij dat we de Brede Welvaart Scan hebben aangenomen zodat we ook kunnen bepalen wat de impact is van de verdichtingen en het bouwen van zoveel woningen op de leefbaarheid in de stad. We verwachten die uitkomsten geloof ik tegelijkertijd met een notitie waar de wethouder mee bezig is zodat we alles als één pakketje kunnen beoordelen en bespreken. (Het lid VON GERHARDT: Voorzitter, ik moest nog even rekenen. Weet het lid Minderhoud tussen 2015 en 2018 hoeveel sociale huurwoningen er zijn gebouwd?) Als ik dat weet, dan krijg ik een biertje van het lid Von Gerhardt denk ik. Maar dan moet ik hem toch teleurstellen, ik heb dat even niet paraat. (Het lid VON GERHARDT: Ik heb net even geteld. In die vier jaar zijn er ongeveer elfduizend sociale huurwoningen gebouwd. In de jaren daarna, na 2017, dus de periode dat het echt ging lopen, 2019 tot 23 zijn er zo'n tienduizend sociale huurwoningen gebouwd. Dat zijn dus minder sociale huurwoningen. Dus de stelling die het lid Minderhoud net aannam, dat al dat geld op is gegaan vanwege al die sociale huurwoningen, dat klopt helemaal niet.
Het is deels natuurlijk waar, maar dat komt natuurlijk door al die uitnamen die u en uw coalitiegenoten hebben gedaan.) Ik geloof dat we het over een andere periode hebben. En daarnaast, sociale huurwoningen bouwen kost geld. Daar heeft het lid Von Gerhardt gelijk in. Dus vandaar ook dat het Vereveningsfonds leeg gaat. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Weyenberg. Wethouder VAN WEYENBERG: Dank u wel en dank aan de raadsleden voor hun vragen. Mij valt op dat als we deze raadszaal betreden van sommige de toon aanzienlijk anders wordt dan in de commissiezaal, af en toe had ik bijna het gevoel alsof ik weer in Den Haag zat. En dit bedoel ik niet als compliment. Ik moest net eerlijk gezegd wel een beetje grinniken om de toon van het lid Havelaar en het lid Von Gerhardt of het fonds op omvallen stond. Ik heb eerder al met veel genoegen geluisterd bij het vragenuurtje naar de inbreng van het lid Von Gerhardt die bezig was met een soort Don Quichot-strijd tegen de windmolen van een boek van de gemeente Amsterdam wat betoogde iets te vertellen over de leegstand van vijftig jaar geleden, wat door hem werd gereflecteerd als een soort mening over woningbouw voor koopwoningen nu, twee totaal ongelijksoortige dingen.
En ik had hetzelfde gevoel van het lid Von Gerhardt tegen de windmolens als een ware Don Quichot eerlijk gezegd ook wel een klein beetje bij de tekst over het Vereveningsfonds. Dat geldt ook voor de teksten van het lid Havelaar. Toch even feitelijk, omdat er anders een verkeerde indruk ontstaat. We hebben een solide Vereveningsfonds. En ja, het kost geld om 40 procent sociale huurwoningen en 40 procent middenhuurwoningen te bouwen. En dat is ook heel bewust beleid, ongelijk investeren. En ja, dat is deels een reactie op eerdere jaren waarin dat minder gebeurde. En ook het lid Von Gerhardt weet dat je altijd als college deels toch de woningen oplevert die door de voorgangers kwamen. Ik vond het overigens wel heel fijn, het warme pleidooi op meerdere momenten van het lid Von Gerhardt te mogen aanhoren over het belang van ongelijk investeren in sociale woningbouw. Ik denk dat velen van u hem daar nog aan zullen houden de komende jaren. Dan even heel precies, het fonds is gezond. En waarom is het fonds gezond? Omdat we al het geld hebben met reserves om alle plannen die we tot nu
59
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
toe door uw raad zijn geaccordeerd kunnen betalen. Plannen die geld opleveren en plannen die geld kosten. Ja heb ik gezegd, als u nog nieuwe plannen wil maken die geld kosten zult u moeten zorgen voor andere plannen die ook geld opleveren. En een van de problemen die ik heb met de twee moties van de VVD, die ik hierbij allebei ontraad, is dat ze net doen alsof het een soort statisch geheel is, dat er vanaf nu niks meer verandert. Maar natuurlijk komen er ook dingen bij die geld opleveren. Natuurlijk actualiseren we het en op dit moment lijkt bijvoorbeeld de grondwaarde zich positief te ontwikkelen. Dus het is niet feitelijk waar dat we nu helemaal niets meer kunnen vanaf nu. Het enige punt is, en daar gaat u in de campagne vast heerlijk met elkaar over discussiëren, dat als u in de toekomst andere keuzes maakt, u ook moet zorgen dat u er wel de middelen bij vindt. Welke keuzes het ook zijn. (Het lid VON GERHARDT: Voorzitter, nog 41 miljoen vereveningsruimte hebben we om plannen vast te stellen. Dan staat er in het stuk, naar verwachting moeten we over het aankomend jaar, dat is dus dit jaar, besluiten over plannen die 35 tot 45 miljoen kosten. Dat betekent al dat we waarschijnlijk niet eens alle plannen die in de pijplijn zitten kunnen vaststellen, tenzij we ze wat positiever maken. Maar dat betekent ook dat er in 2026 helemaal geen ruimte meer is.
En volgens mij is het slecht bestuur als wij zeggen, volgend college hier alstublieft, hier heeft u een Vereveningsfonds waar geen ruimte meer is om plannen vast te stellen. En ik ken deze wethouder als iemand die ook financieel onderlegd is, die snapt hoe je financieel met situaties om moet gaan. Dus is de wethouder het met mij eens dat het prudent zal zijn om niet het volgende college met het probleem op te zadelen dat we vandaag de dag creëren?) Dit is nou die windmolen, want als dit waar was had het lid Von Gerhardt natuurlijk gelijk. Maar zo werkt het helemaal niet. Wat wij op dit moment kunnen is om de plannen die in de pijplijn zitten, gemiddeld ongeveer 40 miljoen, kunnen wij betalen uit de ruimte die we hebben van de plannen die inmiddels door u zijn goedgekeurd die geld opleveren. Dan hebben we overigens nog steeds een heel robuust fonds, want we hebben reserves, we nemen winsten pas na vijf jaar terwijl je als je een verlieslatend project doet, moet je het verlies meteen in de boeken zetten. Dus allemaal redenen waarom dat fonds solide is. Die kasstromen zeggen op dat vlak ook oprecht niets over de gezondheid van het fonds. Die zeggen wel iets over dat je ongelijk investeert. Dan is de vraag, kun je nou volgend jaar geen nieuwe plannen maken? Ja, dan zul je ook plannen nodig hebben die geld opleveren.
Maar het lid Von Gerhardt kan niet zeggen het is een schande dat er straks geen geld is om nieuwe plannen te maken die geld kosten en dan negeren dat er misschien ook nog plannen zijn die geld opleveren. Dus ik zou zeggen, ik heb op dit moment totaal niet het gevoel dat ik dingen niet kan doen. Ik heb alleen de raad in het debat gewaarschuwd, als u nu plannen die geld opleveren nog gaat aanpassen dat ze minder geld opleveren, ja dat zou ik niet doen. En als u plannen die geld kosten nog duurder maakt, dat zou ik ook niet doen. Maar wat het lid Von Gerhardt, en dat zit ook in die twee moties, daarom ontraad ik ze, is de gedachte alsof we in de komende jaren er wel alleen nog maar plannen bij komen die geld kosten en geen plannen die geld opleveren. En dat is gewoon niet de realiteit. (Het lid VON GERHARDT: Dan zou ik de wethouder toch willen vragen om zijn eigen stukken aan te passen. Want in de stukken staat, voor de komende vijf jaar is nog 40 miljoen vereveningsruimte. Die vereveningsruimte gaan we dit jaar opmaken. Als er vereveningsruimte bij komt moeten we inderdaad winstnemingen nemen. Winstnemingen kunnen
60
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
we pas nemen op het moment dat plannen worden opgeleverd. Maar volgens uw eigen prognose is er de komende jaar niet meer vereveningsruimte, want daar zitten die winstnemingen al bij. Dus ik zou graag ook in 2026, 27, 28 en 29 nog vereveningsruimte hebben. Waarom? Omdat we ook dan willen bouwen voor de toekomst. Dus of u stukken kloppen niet, dan zal ik u vragen pas de stukken aan, of u moet ook het eerlijke verhaal erbij vertellen dat wij gewoon op deze weg niet door kunnen gaan en dat na 2025 alle vereveningsruimte op is.) Voorzitter, er wordt continu de indruk gewekt alsof we geen ruimte meer hebben voor die plannen die we nu hebben afgesproken. Die 40 miljoen, dat zijn plannen die we klaar hebben staan, die gaan gewoon gebeuren. Dus het is niet volgend jaar. Als je op dit moment nog iets wil doen wat geld kost, zul je ergens anders geld moeten opleveren. Maar dat zegt niets over of je geld op is. Ik bedoel als je de huidige hypotheek kunt betalen, gaat het goed. Als je een duurdere hypotheek wil, zul je meer inkomsten nodig hebben. Dat is hoe het hier werkt. Maar het beeld wat continu wordt gesteld dat het fonds eigenlijk stiekem door zijn hoeven zakt is gewoon niet waar. Dat er allemaal grote keuzes te maken zijn, is dat wel. Ik ga zo nog iets over de uitname zeggen. Maar het is gewoon feitelijk niet waar.
(Het lid VON GERHARDT: Voorzitter, het laatste wat de wethouder zei, dat klopt wel. Dat is namelijk dat we dit jaar die plannen nog vast kunnen stellen. Maar daarna, na dit jaar, is de ruimte op. En mijn moties zitten juist in het feit dat we niet alleen naar dit jaar gaan kijken, maar ook naar de toekomst. En dat we ook in de toekomst ervoor zorgen dat er nog ruimte is. Dus volgens mij zijn de wethouder ik het dan eens en dan zou de wethouder dit moet omarmen. Want regeren is niet alleen het hier en nu, maar ook vooruitkijken.) Ik verander dat oordeel daarover niet. Maar echt oprecht, doe nou niet alsof het statisch is. We gaan volgend jaar winstnemingen krijgen, er kunnen dingen veranderen in de grond, er kunnen allerlei dingen veranderen die iets doen met de waarde van het Vereveningsfonds. En het is mij helemaal helder, het lid Von Gerhardt wil op een andere manier plannen maken, die wil meer winstgevende projecten. Dat respecteer ik. Daar komen die bouwstenennotitie, daar wordt ook hard aan gewerkt. En aantal van u vroeg daar ook naar. Maar dat betekent niet dat we op dit moment eigenlijk op een bijna feite boel zitten. Want dat is toch een klein beetje het gevoel wat hier door de eerste twee raadsleden een beetje is neergezet. Dat is gewoon feitelijk onjuist. Er zijn uitnames, daar wil ik wel meteen iets over zeggen. Daar kun je wel of niet voor kiezen.
Dat is helemaal waar. Maar ik vind het oprecht niet raar dat als wij in deze stad draagvlak willen hebben voor woningbouw en draagvlak willen houden voor de groei van de stad die nodig is en waar ook heel veel mensen een huis zoeken, dat we een stukje van wat de stad daarmee verdient gebruiken om ook de bestaande huidige Amsterdammers te laten meeprofiteren. En hoe doen we dat? Bijvoorbeeld door investeringen in openbaar vervoer, in de schaalsprong. Ik vind dat buitengewoon verdedigbaar. Dan kun je een discussie voeren over hoeveel, dat is allemaal waar. Maar ik vind dat echt niet onlogisch, want daarmee kun je ook aan de rest van de stad laten zien, de stad groeit, daar verdient de gemeente ook geld aan en dat komt ook ten goede ook aan de inwoners van de stad. (Het lid HAVELAAR: Voorzitter, ten eerste maak ik bezwaar tegen de samenvatting die de wethouder geeft van mijn woorden, want ik heb zelfs de wethouder nog geciteerd dat hij het solide vindt, maar dat ik de grote uitname en de kleine instroom van geld niet solide vind. Dat is iets anders dan zeggen dat het fonds op zijn gat ligt. Mijn vraag aan de wethouder is,
61
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
hij zegt dat er voldoende vereveningsruimte is voor de vastgestelde projecten. Is er ook voldoende om het vastgestelde woningbouwplan van meerjarige gemiddeld 7.500 woningen per jaar waar we al jaren op achter liggen te realiseren?) Zeker. (Het lid HAVELAAR: Mijn tweede vraag zou zijn, welke rol speelt het op peil houden van de grondprijs daarin? Dus hoeveel risico zit er op dat punt?) De realiteit is, de grondprijzen doen wij op basis van residuele grondprijzen, ik zal er geen heel grondprijzendebat van maken, maar wij vinden die grondprijs moet reëel zijn. En die doen we, met corporaties hebben we daarover specifieke afspraken, daar werd al eerder naar verwezen. Maar wij zijn niet bezig met een wedstrijdje maximaal geld verdienen. We willen wel een eerlijke prijs voor die grond en daar is natuurlijk altijd druk op van partijen die willen bouwen dat ze hem zo goedkoop mogelijk willen hebben. Dat respecteer ik volledig, zo werkt ook de markt. En wij hebben daar gewoon een vind ik goed beleid voor wat mij betreft niet in de weg staat om die ambitie te halen. Overigens heeft het lid Havelaar helemaal gelijk, afgelopen jaar ook door allerlei tegenwind waren het er 4.500. De sociale huur bleef aardig overeind, aan de middenhuur was er nog echt een weg te gaan. Dat geef ik meteen toe. En dat is precies wat wij ook aan het doen zijn.
Waarbij ik wel nog toch één ding wil zeggen, en dat is dat ik wel echt ook voor dit jaar wel hoopvol ben dat we echt ruim boven die 4.500 kunnen uitkomen in 2025. Zeker nu gelukkig dat plan wat de woningbouwcorporaties miljarden zou kosten van tafel is. (Het lid HAVELAAR: Dan zou mijn laatste vraag aan de wethouder zijn dat er op dit moment op B-locaties rondom Sloterdijk door de gemeente Amsterdam vierkante meterprijzen van 4.600 euro per stuk gevraagd worden. Dat betekent dat woningen die daar gebouwd worden minstens 10.000 euro per stuk moeten opleveren, want je moet er nog op bouwen. De wethouder zegt wij doen aan residueel rekenen, maar het is genormeerd residueel rekenen, want de gemeente bepaalt wat de som is. Mijn vraag aan de wethouder is, heeft hij prijzen van 4.600 euro per vierkante meter nodig om zijn Vereveningsfonds buiten risico te houden?) Wij doen grondprijzen niet omdat ik bepaalde inkomsten voor het fonds nodig heb. Wij vinden het gewoon de redelijke waarde om te vragen, zoals ik al zei, en dat is iets anders. Dat begint niet aan de voorkant maar aan de achterkant. Dus het is niet van hoeveel heb ik nodig en daar pas ik dan de grondprijs op aan. Zo werkt het gelukkig niet. Dat zou willekeur zijn en dat doen we niet. Dan tot slot een vraag nog die mij is gesteld door het lid Van Schijndel over wooncoöperaties.
Ik heb hem beloofd om bij het volgende commissiedebat een wat uitgebreidere stand van zaken over die coöperaties te geven. Met oog op de klok zal ik dat daar doen. Ik wijs hem wel graag op de Amsterdamse Nieuwbouwprijs die ik zaterdag mag uitreiken en dat een van de tien genomineerden het nieuwe Bajesdorp, overigens een mooie wooncoöperatie, is die ik graag even aanbeveel, een prachtig project. Net zoals de andere overigens. Dan brengt mij dat bij nog een motie, want ik heb er al twee van het lid Von Gerhardt ontraden. Dat is de motie van het lid Havelaar en het lid Von Gerhardt. Daar heb ik twee problemen mee. De structurele afdracht, ik vind oprecht dat je een deel kunt gebruiken om ook bestaande inwoners, de bestaande stad te laten meeprofiteren van de groei van de stad. Dus ik ben het ten principale niet eens en ook niet eens met de overweging toch dat het fonds heel ongezond wordt hierdoor.
62
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Tot slot, ik kwam in deze stad binnen met veel onzekerheid, maar met een paar zekerheden. En ik verlaat dit debat wel weer met een zekerheid minder, moet ik u bekennen. Want ik dacht altijd VVD en CDA, ik ben het niet altijd met ze eens, maar dat zijn in ieder geval financieel heel degelijke partijen. En nu moet ik deze motie ook nog ontraden omdat die ongedekt is. De discussie wordt gesloten. De VOORZITTER schorst de vergadering. Voorzitter: het lid Burgers De VOORZITTER heropent de vergadering. Ruimtelijke Ordening 8. Vaststellen van het bestemmingsplan Datacenters Amsterdam en de beleidsregels Vestigingsbeleid Datacenters gemeente Amsterdam 2020-2030, eerste herziening VN2025-005892 Gevoegd behandeld met 9. Kennisnemen van de discussienota Datacenters: noodzakelijk kwaad of grote transitieremmers VN2025-007779 De VOORZITTER deelt mee dat de volgende moties zijn ingekomen: Motie van de leden Aslami, Van Munster en Garmy inzake geopolitiek bewust datacentrabeleid, voor digitaal soeverein Amsterdam, nr.
209.25 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: - expliciet rekening te houden met veranderende geopolitieke omstandigheden en het belang van digitale soevereiniteit; - te onderzoeken hoe er in het toekomstig beleid voor datacenters onderscheid kan worden gemaakt tussen typen datacenters, om zo voorkeur te kunnen geven aan datacenters die bijdragen aan het publieke belang, digitale onafhankelijkheid en innovatiekracht van Amsterdam en Nederland. Motie van het lid Emmerik inzake een maatschappelijke kosten-batenanalyse om meer inzicht te krijgen en zo nodig tegenhouden van de groei van datacentercapaciteit van 350 extra MW, nr. 215.25 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: - een overzicht te maken waaruit duidelijk wordt hoeveel van de 350 MW in welke planfase/vergunningsfase zit (eventueel anoniem); - een onafhankelijke maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) te laten opstellen waar in duidelijk wordt hoe de kosten en baten van het niet honoreren van de lopende afspraken over 350 MW tegen elkaar opwegen; - deze analyse zo snel als mogelijk te delen met de raad.
63
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Motie van het lid Van Munster inzake laat datacenters wat terug doen voor de stad, nr. 226.25 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: - te onderzoeken hoe de mogelijke bijdrage van datacenters aan de noden van de stad, onder andere op het gebied van netcongestie en warmtetransitie, gerealiseerd kan worden. De moties maken deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Emmerik. Het lid EMMERIK: Dank, voorzitter. Amsterdam wil klimaatneutraal worden en het is goed dat het nieuwe datacenterbeleid een rem zet op verdere groei. Echter, wij vinden het onbegrijpelijk dat het college nog altijd vasthoudt aan het honoreren van lopende datacenteraanvragen voor maar liefst 350 megawatt extra capaciteit. Dat is het elektriciteitsverbruik van een stad als Utrecht en het net is nu al overbelast. Ik ga niet de hele discussie uit de commissie herhalen. De burgemeester wil dat niet en het is ook niet nodig. Maar we hebben in de commissie de wethouder wel horen zeggen dat het onbehoorlijk bestuur zou zijn om deze datacenters nu niet toe te staan omdat er een gesprekken zijn gevoerd. Maar voor zover wij weten is er nog niks ondertekend en in sommige gevallen is er slechts sprake van oriënterende gesprekken.
Dus is het dan niet juist onbehoorlijk om zonder inzichtelijk te maken door te gaan hiermee en deze besluiten te laten voortrollen? Want de baten zijn zeer beperkt, weinig werkgelegenheid, nauwelijks restwarmte hergebruik maar wel een gigantisch beslag op de schaarse ruimte, energie en water. Daarom dienen wij een motie in die het college oproept, maak nou inzichtelijk hoeveel van die 350 megawatt zich in welke plan- of vergunningsfase bevindt en vooral voer een onafhankelijke maatschappelijke kosten-batenanalyse uit die duidelijk maken wat het betekent als we deze aanvragen wel of niet honoreren. Want dit gaat over publieke middelen, publieke ruimte en publieke belangen en dat verdient een zorgvuldige transparante afweging. En dat lijkt me niet meer dan redelijk. En niet blind beroep doen op een paar oriënterende gesprekken. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Alberts. Het lid ALBERTS: Dank u, voorzitter. Er wordt eigenlijk heel makkelijk gejubeld over datacenters en over de digitalisering van de maatschappij. Allemaal top en allemaal prachtig, maar er zit een keerzijde aan het geheel en dat is heel goed opgeschreven in de discussienota van de Partij voor de Dieren.
Op andere momenten heb ik soortgelijke uitingen gedaan, ruimtebeslag, energiebeslag, er gaat meer energie in dan dat er uitkomt aan restwarmte, wat dan overigens ook nog eens een keertje lang niet altijd gebruikt wordt. Dus heel veel negatieve kanten en ik zou eigenlijk de bejubelaars willen uitdagen om zich eens ook van die keerzijde te vergewissen en daar iets over te zeggen. Want het is niet rozengeur en maneschijn met deze datacenters. En wij steunen dan in dit geval ook van harte de moties die door de Partij voor de Dieren zijn ingediend. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Munster.
64
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Het lid VAN MUNSTER: Dank, voorzitter. Altijd een beetje spannend om met het lid IJmker en haar fractie over dit soort onderwerpen te praten. Ja, dat is een beetje hoe dat gaat. Het commissiedebat gaan we niet herhalen maar wij vinden het heel goed dat even een stop komt op datacenters. Tegelijkertijd zien wij ook dat een wereld zonder datacenters eigenlijk niet meer kan, maar dat we wel ons even goed ervan moeten vergewissen wat de impact is van datacenters op onze stad en eigenlijk op onze planeet. Daarom is het ook goed dat we eigenlijk niet alleen in Amsterdam, maar ook op landelijk en Europees niveau moeten gaan kijken hoe kunnen wij nou datacenters op een zo duurzaam mogelijke manier inregelen in onze stad. Maar het is goed dat wij in Amsterdam even een pas op de plaats maken en gaan kijken, al die negatieve effecten van datacenters, hoe kunnen we dat nu zorgen dat we dat op een goede manier doen in deze stad. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Garmy. Het lid GARMY: Dank, voorzitter. In een wereld die in rap tempo digitaliseert nemen datacenters een steeds belangrijkere positie in. En het is daarom dus ook goed dat we hier als stad beleid ontwikkelen, want dit onderwerp raakt ook grote opgaven in de stad, zoals ruimtegebruik, klimaatverandering en netcongestie. En in dat licht begrijpen we ook de keuzes die het college hierin maakt.
Toch willen we wel een belangrijke kanttekening plaatsen en dat is de koppeling met ons bestaande beleid rond digitale autonomie. Die ontbreekt namelijk en Amsterdam heeft in een eerder beleid digitale autonomie als speerpunt benoemd en dat is ook een streven dat wij ondersteunen. En ook meerdere wethouders hebben zich uitgesproken dat ze de ambitie hebben om van Amsterdam om de tech-hoofdstad van Europa te maken. En juist daarom is het opvallend dat in het voorliggende datacenterbeleid nauwelijks wordt ingegaan op de vraag hoe dit beleid zich verhoudt tot die ambities. Dit vraagt juist nu om een integrale benadering, waarbij we vooraf inzichtelijk maken wat dit beleid betekent voor de controle over onze digitale infrastructuur. Want onze digitale soevereiniteit is geen bijzaak, het verdient alle aandacht en zeker nu. En het vraagstuk rondom datacenters is tenslotte groter dan Amsterdam alleen. Het gaat niet alleen om onze stad maar ook om onze onafhankelijkheid van andere landen. En de keuzes die we hier maken hebben invloeden op de regio, op Nederland en op Europa. En we moeten deze context ook voortdurend meenemen bij het vormgeven van beleid en ik ben benieuwd hoe de wethouder dat gedaan heeft. En tot slot, we hadden begrepen dat de datacenters zelf niet goed betrokken waren bij de vorming van het beleid.
Nu het beleid voorligt doen we de oproep om de sectoren vanaf nu wel actief te betrekken. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Ahmadi. Het lid AHMADI: Dank u, voorzitter. Extra belasting op een nu al overbelast elektriciteitsnet, verspilling van miljoenen liters drinkwater en een enorme toename in CO 2uitstoot. Dat zijn een aantal van de gevolgen voor de stad als we vasthouden aan de lopende afspraken met deze datacenterbedrijven. Zoals we inmiddels gewend zijn binnen het kapitalisme zijn de kosten collectief gedragen en de opbrengsten geprivatiseerd. Bedrijven kunnen met deze uitbreidingen winsten boeken, maar de kosten die gemaakt moeten worden om dit te faciliteren worden opgehoest door de belastingbetaler. Amsterdam moet zich niet laten verleiden om commerciële partijen en hun winsten te prioriteren boven het welzijn en de leefbaarheid van onze stad en onze Amsterdammers. Tegelijkertijd voeren we hier ook al een hele tijd de discussie over de ethische kwesties rondom big tech, zo blijken bedrijven als Microsoft zonder enige waarborg de
65
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof toegang tot zijn eigen gegevens te ontzeggen en blijkt Google ingezet te worden voor het automatiseren van de genocide in Gaza, surveillance en segregatie van Palestijnen op de Westoever en vele andere wanpraktijken en misdrijven. Deze bedrijven dienen voornamelijk ook kapitalistische belangen waarbij mensenrechten volledig ondergeschikt zijn. En als mensenrechtenstad zouden wij ons moeten distantiëren van dit soort praktijken. Dus we zijn blij dat de urgentie om de onafhankelijkheid van dit soort megalomane Amerikaanse bedrijven te verkleinen breed gevoeld wordt en dat datacenters in het toekomstige beleid niet meer uitgebreid worden. We steunen daarom ook het voorstel van de Partij voor de Dieren voor een kostenbatenanalyse om te kijken of het opzeggen van de huidige afspraken een optie is. Als deze kosten minder zijn dan de uitbreidingen met zich mee meebrengen, dan zouden we namelijk ook gewoon een dief zijn van onze eigen portemonnee. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Aslami. Het lid ASLAMI: Dank, voorzitter. We hebben de voorgestelde beleidsregels uitgebreid besproken in de commissie en laat ik zeggen dat ik het ook vooral goed vind dat we kritisch kijken naar alles wat ruimtelijk beslag legt op de stad en op de beperkte ruimte die we hebben. Maar tegelijkertijd hebben we ook datacenters nodig.
Niet omdat we ze per se in Amsterdam willen, maar omdat Amsterdam nu eenmaal de plek is waar een grote internetkabel internationaal hier landt. En wat in het huidige beleid ontbreekt is een expliciet onderscheid tussen de verschillende typen datacenters. Dat is net al genoemd, de vele Amerikaanse bedrijven. Dat zijn type datacenters die we denk ik niet in Amsterdam moeten willen. Maar wat dan wel? En volgens mij is het zo dat in de geopolitieke constellatie waarin we nu zitten, dat we ook oog moeten hebben voor onze eigen soevereiniteit, onze eigen digitale soevereiniteit. En dan is het zaak dat je je eigen broek kunt ophouden, dat je de vitale infrastructuur die je in Amsterdam en in Nederland hebt kunt laten draaien. En daar heb je immers datacenters voor nodig. Dat brengt mij ook op het punt van de geopolitieke spanningen waar ik net naar verwees, en waar collega Garmy denk ik ook terecht naar verwees, is dat we als stad ook het vermogen moeten hebben om onafhankelijk te kunnen opereren en daar heb je dus datacenters voor nodig. En daarom dien ik samen met een aantal collega's een motie in waarin we het college verzoeken om expliciet rekening te houden met deze geopolitieke ontwikkelingen en ook te onderzoeken hoe we onderscheid kunnen maken in het type datacenters die we in Amsterdam wel willen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van Weyenberg.
Wethouder VAN WEYENBERG: Dank u wel, voorzitter. En dit onderwerp en ook wel de bijdrages uit uw raad laten zien dat je hier van verschillende manieren naar kunt kijken. En het college heeft wel gezocht om daar dan naar ons oordeel een goede balans in te vinden. Want het is evident dat er ook grote impact is van datacenters, bijvoorbeeld het energieverbruik en op de ruimtelijke inpassing. En het lid Emmerik heeft daar ook een discussienota over gemaakt. Ik heb hem al in het commissiedebat gezegd dat ik vind dat hij de nadelen uitbundig beschrijft, maar dat er ook voordelen zijn die ik mis. Maar ik vind het altijd ook fijn als de raad haar eigen rol pakt en met initiatiefnota 's en discussienota's komt. Dus dat waardeer ik altijd erg, zeg ik ook als oud-volksvertegenwoordiger.
66
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
En tegelijkertijd heb ik een aantal raadsleden ook het belang in onzekere geopolitieke tijden en autonomie horen zeggen, waarvan je ook minder afhankelijk wil worden, misschien ook van het buitenland, zeker de VS, en we daar ook als Amsterdam ook eigen ambities hebben, wethouder Scholtes in het bijzonder. En daarbinnen is het dan balanceren en wij denken dat we daar nu de goede balans in hebben gevonden. Het oorspronkelijke beleid, en ik kijk hier puur nu even vanuit de ruimtelijke inpassing, want daar ga ik over, niet de meer inhoudelijke kant van het datacenterbeleid en de ICT. We hadden oorspronkelijk ruimte voor iets van 670 MVA, zoals dat in jargon heet. We zaten op ongeveer 170, we zaten nog op een kwart. Met het beleid wat het college nu voorstelt hebben we nog ruimte om zes vergunningen die echt in aanvraag waren of waar serieus vooroverleg liep, om die door te zetten. En met die zes kan dat dan nog ongeveer verdubbelen, die MVA’s, voor de capaciteit naar ongeveer 350. Dus ongeveer de helft van wat we oorspronkelijk aan ruimte hadden geboden. Ik vind dat een goede balans die ook past in deze tijd waarin we ook allemaal gewoon, we gebruiken het ook allemaal, daar moeten we denk ik ook gewoon eerlijk over zijn.
We zeggen die zes mogen door en de motie van het lid Emmerik die zegt ga nog eens opnieuw een MKBA doen of je die zes nou door wil laten gaan, die motie ontraad ik want op die zes zeggen wij ook vanuit behoorlijk bestuur, als je een vergunningaanvraag hebt lopen op staand beleid dan moet je die doorzetten. En inderdaad ook soms vooroverleg, dat is een heel intensief gesprek, dat is niet zomaar een kopje koffie drinken, het is een uitbundig gesprek ook om een goede vergunningsaanvraag te krijgen. Dat vinden we als gemeente belangrijk. Dat helpt ons allemaal, ook als gemeente. Dus die zes bieden we nog ruimte. En daarmee is er nog ruimte voor ongeveer een verdubbeling ten opzichte van nu maar is dat een halvering ten opzichte wat we oorspronkelijk als toekomstige ruimte hadden bedacht. En dat vinden wij de goede balans. (Het lid KREUGER: De wethouder zei er ligt erg veel nadruk op de nadelen van de datacenters. En dan even als we het puur houden bij waar de wethouder zelf verantwoordelijk is, dus de ruimtelijke inpassing, wat zijn dan de voordelen? Want ik kan ze niet zo snel bedenken.) Ze kunsten kunnen een rol spelen bijvoorbeeld bij netstabilisatie. En breder, we hebben het ook gewoon nodig om onafhankelijk te zijn. We willen dit soort bedrijven die ook gebruikmaken van datacenters, willen we ook in dit land en in deze stad hebben. Dus ruimtelijk moeten we ze inpassen.
Dan zou je bijvoorbeeld rond duurzame energiehubs, overigens de Amsterdamse datacenters lopen allemaal op groene energie, vind ik ook gewoon wel fair om te benoemen. Maar in tijd van krapte vonden wij ook wel dat we er een nieuwe balans in moesten vinden. (Het lid KREUGER: Ik denk dat de mensen die nu aan het meeluisteren zijn hier helemaal niet zo naar kijken. Die zien alleen maar in de krant staan dat ze even moeten wachten met de auto opladen en allemaal dat soort dingen en niet de wasmachine aanzetten. En hier worden dan aan de lopende band allemaal datacenters aangesloten. Ik zie dat nog steeds geen echt voordeel. En ook als we het hebben over de autonomie, dan had je niet eerst alles in de uitverkoop moeten doen waar Google en Microsoft met onze SDE-subsidie de hele kop van Noord-Holland vol zetten met windturbines en dan zeggen, wij zijn een groen bedrijf. Dat noem ik geen balans.) Maar ik had het ook over een hele andere balans. En dat is namelijk dat waar we tot nu toe zeiden dat we ongeveer nog verviervoudigen, dat we nu een gigantische rem op de groei van die datacentra hebben gezet. Dus volgens mij in de in de lijn waar het lid
67
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Kreuger hier voor pleit. Het enige wat wij wel zeggen is dat we de zes aanvragen waar we over in vergevorderd vooroverleg waren of in een vergunningsaanvraag, dat we die zes respecteren. Dat vind ik juridisch maar ook gewoon bestuurlijk verstandig. Dus die zet ik door. Dit gesprek hebben we ook uitbundig in de commissie overigens gehad. Dus de balans is dat er veel minder datacentra nu komen dan oorspronkelijk was gepland. (Het lid VAN SCHIJNDEL: Ja, dat is toch een heel interessant juridisch punt. Je onderhandelt als gemeente met ongelooflijk professionele bedrijven, ze weten van de hoed en de rand. En dan kun je je als gemeente beschermen in die serieuze onderhandelingen door heel duidelijk te maken, niks is afgesproken zolang er niet een handtekening onder staat. Zo gaat het in de Angelsaksische wereld. En nu hoor ik de wethouder reppen van er zijn juridische belemmeringen om ons vrij te maken en die zes dan daar nee tegen te zeggen, dat kan niet meer. Dat begrijp ik niet.) Ja, als je eenmaal in een vergunningaanvraag zit heb je ook gewoon daar dingen te respecteren. En ik heb al eens eerder gezegd dat los van de juridische kant ik ook in deze tijd van grote, er is nogal wat veranderd sinds het moment ook waarop denk ik dit beleid is aangekondigd, vind ik het ook heel goed verdedigbaar dat er nog wel een aantal bijkomen.
Maar puur ook aan de juridische kant, ja als je in een vergunningstraject zit, dan de spelregels veranderen, dat is niet hoe dit college wil besturen. Dat is overigens ook niet hoe we in Nederland besturen. De Angelsaksische cultuur, ik hou van Engeland, maar dit stukje wil ik graag buiten de deur houden. (Het lid VAN SCHIJNDEL: Ja maar dan zitten we toch kennelijk aan die zes partijen vast, juridisch en zo. Dat is echt hoe je de onderhandelingssituatie inricht, ook in Nederland. Dus de politieke keuze om die zes niet te krijgen, niet toe te laten, die ontglipt ons kennelijk in deze onderhandelingssituatie. En dat is niet juist, meen ik.) Voorzitter, toch wel even heel precies. Ik vind dat geen onderhandeling als je een vergunning aanvraagt. Dan toetsen we gewoon aan de spelregels. Daar gaan we niet mee marchanderen. En als je in een aanvraag zit waar je ook kosten maakt, dan vind ik dat je daar ook het vertrouwen aan mag ontlenen dat lopende aanvragen ook netjes worden behandeld. En dat geldt ook voor dat vooroverleg, wat gewoon een veelgebruikte vorm is. Dus er is geen sprake hier van een soort koehandel. Want ik snap heel goed als het lid Van Schijndel een huis van mij wil kopen, dan is er niks klaar totdat de deal klaar is. Maar dit is gewoon een vergunningaanvraag en daar heb je als openbaar bestuur vind ik ook gewoon zorgvuldig te handelen.
(Het lid VAN SCHIJNDEL: Ja zorgvuldig, dat moet je natuurlijk altijd zijn. Ik zou het eigenlijk wel zorgvuldig vinden als de wethouder komt met een brief, een juridische uiteenzetting, Dienst juridische zaken kan meeschrijven, over hoe dat nou loopt in die vergunningstrajecten, dus het zich vastlopen van de gemeente in die zes partijen. Ik vind dat moet de wethouder even grondig toelichten in een brief.) Maar we hebben gewoon staand vergunningenbeleid. Om daar nu de ambtenaren die ik op allerlei andere trajecten heb zitten te vragen om het bestaande vergunning beleid uit te leggen, dat ga ik niet doen. Ik wil wel iets anders toezeggen over de stand van zaken. (Het lid EMMERIK: De wethouder zei dat er is vooroverleg gepleegd. We zijn als college niet gebonden aan vooroverleg en er is hier sprake van een klimaatcrisis, energiecrisis, een ruimtecrisis. Dus het lijkt mij juist onbehoorlijk bestuur als we gewoon niet inzichtelijk maken wat de situatie is, de voor- en nadelen. We weten als raad helemaal niet wat de situatie is.
68
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Dat is niet onderzocht. Ik zeg niet dat ze er wel of niet moeten komen, ja liever niet. Maar laten we dit nou onderzoeken en op basis van feiten kunnen we als raad beslissen wat we gaan doen. Maar hier hebben we het ook uitgebreid over gehad. Dit is wel onze juridische en ook wel gewoon ons behoorlijk bestuur-interpretatie. Dat beeld dat dat vooroverleg, dat we ons daar niks van moeten aantrekken. Wij vinden het heel fijn als partijen met ons overleggen. Dat scheelt ook ons als vergunningverlener gewoon tijd als je gewoon van tevoren goed met elkaar praat. Dat scheelt verderop in het proces tijd, of het nou om woningbouw gaat of om andere dingen. Ik snap heel goed het lid Emmerik die zegt ik wil eigenlijk geen datacentra want daar heb ik redenen voor, dat respecteer ik. Alleen deze zes vind ik juridisch en qua behoorlijk bestuur gewoon extreem verstandig dat we dat doen. En twee, ik vind het ook gegeven de nieuwe geopolitieke realiteit waar we in zitten een goede balans. Die zes kunnen nog die al in serieus gesprek waren met de gemeente of een vergunningsaanvraag hadden lopen. Daarna stopt het en daarmee hebben we in totaliteit straks maar de helft van de ruimte voor datacenters in Amsterdam als die in het oorspronkelijke beleid zat. En dat is ook een hele forse aanscherping, zeg ik er toch wel bij.
(Het lid AHMADI: Voorzitter, de wethouder zegt steeds het is behoorlijk bestuur om hier wel mee door te gaan. Maar het gaat hier niet om een paar woningen bouwen of een nieuw fietsrek. Het gaat echt om ongelooflijk veel waterverbruik in tijden waarin water steeds schaarser wordt. Het gaat om het extreem verzwaren van het elektriciteitsnetwerk in een tijd dat we tegen wooncoöperaties zeggen, wacht maar even een half jaar voordat jaar aangesloten wordt. Ik vind dat eigenlijk niet uit te leggen aan de Amsterdammer. En hier ligt een motie die gewoon vraagt wat kost het nu eigenlijk om uit die overleggen te stappen. Dat lijkt mij helemaal geen raar verzoek en het lijkt mij ook dat het hier om iets meer gaat dan slechts zes partijen. Het gaat om ontzettend veel energie, Utrecht is volgens mij geen kleine stad. Ik denk dat dat een klein beetje onderschat wordt in de bijdrage van de wethouder.) Wij hebben dit juist heel serieus gedaan. Er ligt een uitgebreide raadsbrief waarom dat verstandig is. Dat is de afweging die wij maken. Ik zie dat een aantal stemmen kan worden toegevoegd aan de moties van het lid Emmerik die ik heel goed begrijp, maar wij maken als college gewoon een andere afweging. En ik zeg nogmaals, we halveren hier ten opzichte van het oorspronkelijke plan de ruimte voor datacentra.
Dat is ook niet niks in de tijd waar we tegelijkertijd ons met elkaar zorgen maken over onze eigen ook digitale autonomie. (Het lid AHMADI: Het zou dan helemaal mooi zijn als u die datacenters ook verantwoordelijk houdt voor de zware maatschappelijke kosten die komen kijken bij hun vestiging in een stad die echt met extreme schaarste te maken heeft.) Maar over die schaatste, daar ben ik het gewoon heel erg mee eens. Dat is ook een van de redenen, ik ga zo de moties doen, de motie van het lid Van Munster zit natuurlijk op dit punt, kijk ook in het gesprek welke bijdrage datacenters kunnen leveren. En die geef ik dus ook een positief advies. Dat geldt tegelijkertijd ook, ook relevant, voor de motie van het lid Aslami die zegt hou ook wel oog voor de geopolitieke en wereldwijde ontwikkelingen en kijk daar ook naar. Die vind ik dus mooi, u heeft samen ook weer een mooie balans gevonden, dus ook die beoordeel ik positief. De laatste is die van het lid Emmerik. Daar heb ik al van gezegd, dit is de afweging die wij nu voor hebben liggen en daar kunt u uw mening over geven maar
69
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
nog weer een opnieuw een MKBA doen, volgens mij is dit gewoon het politieke debat dat we elkaar hebben laten zien wat daar de vraag is. Ik ga wel één ding toezeggen aan het lid Emmerik, overigens dank voor het hele constructieve gesprek wat we hier ook al weken over hebben, en dat is een van de dingen die hij in zijn motie vraagt die ik namelijk wel gewoon redelijk vind. U hebt er nu zes in de pijplijn zitten, hoe gaat dat daar nu mee en kunt u ons daarvan op de hoogte houden? Dus wat ik eigenlijk wil doen is over iets van een half jaar wil ik wel melden hoe we met die zes zijn gevaren, dat u daar een vinger aan de pols kunt houden, dat ieder geval zicht houdt op hoe het daar nou met die ontwikkeling gaat. Dat vind ik een hele redelijke vraag. Dus die zeg ik graag toe, naast het ontraden van de motie vanwege andere dingen. De discussie wordt gesloten. Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit 10. Wijzigen van de Parkeerverordening 2025 VN2025-006356 De VOORZITTER deelt mee dat de volgende moties en amendement zijn ingekomen: Motie van het lid Havelaar inzake kraskaarten en parkeerontheffing voor vrijwilligers van maatschappelijke organisaties, nr.
202.25 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: - een regeling in te voeren waarbij stadsdelen een bepaald aantal kraskaarten of parkeervrijstellingen kunnen verstrekken aan erkende maatschappelijke organisaties zoals gebedshuizen, sportverenigingen en vrijwilligersorganisaties; - het aantal kraskaarten of parkeervrijstellingen per organisatie te laten bepalen door het stadsdeel op basis van de omvang van de vrijwilligersinzet en de beschikbare parkeervoorzieningen nabij de organisatie; - de organisaties zelf te laten bepalen aan welke vrijwilligers of bezoekers zij deze kraskaarten toekennen; - deze regeling gelijktijdig met de andere aangekondigde wijzigingen van de parkeervergunningsregeling in te voeren. Motie van het lid Havelaar inzake Invoering bezoekersregeling voor stadsdeel Centrum, nr. 203.25 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: - een bezoekersregeling voor stadsdeel Centrum in te voeren, bijvoorbeeld door de eerste twee uur parkeren tegen gereduceerd tarief aan te bieden. Amendement van de leden IJmker en Moeskops inzake geen uitbreiding van benzinedeelauto’s, nr. 211.25 Besluit: - de Eerste wijzigingsverordening Parkeerverordening Amsterdam 2025 als volgt te amenderen: - (I) Aan artikel I wordt een nieuw onderdeel i toegevoegd met daarin de volgende tekst:
70
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
-
R
Artikel 6.1 komt te luiden: Een autodeelorganisatie kan een vergunning aanvragen voor het parkeren in een vergunninggebied naar keuze, met uitzondering van een vergunninggebied in stadsgebied Weesp, als: a. de autodeelorganisatie voldoet aan de door het college nader gestelde voorwaarden; b. het motorvoertuig ten minste de in bijlage X gestelde kenmerken heeft. (II) Onder vernummering van de artikelen VII tot en met IX naar VIII tot en met X, wordt een nieuw artikel VII ingevoegd, luidende: Bijlage X komt te luiden: Bijlage X Emissiestandaard, als bedoeld in artikelen 6.1, eerste lid, onder b en artikel 6.5, eerste lid, onder b Een motorvoertuig met de voertuigclassificatie M1, niet zijnde een gehandicaptenvoertuig of motorrijtuig met beperkte snelheid, zoals bedoeld in de Regeling voertuigen dat volledig elektrisch is aangedreven en volledig emissievrij en uitstootvrij is. Met dien verstande dat voor toepassing van artikel 6.1, eerste lid, onder b, geen voertuigclassifcatie geldt.
Motie van de leden Asruf, Wijnants, Koyuncu, Bobeldijk, Kreuger, Ahmadi en Kabamba inzake onderzoek naar verdere uitbreiding maatschappelijke parkeervergunningen, nr. 216.25 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: - om te onderzoeken welke impact het uitbreiden van de maatschappelijke vergunningen voor andere doelgroepen zoals buurtteams, OKT’s, kinderopvang, verpleeg- en verzorgingshuizen en religieuze instellingen heeft op onder ander vergunningsplafonds en parkeerdruk; - om dit onderzoek af te ronden voorafgaand aan de volgende coalitieperiode. De moties en het amendement maken deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Havelaar. Het lid HAVELAAR: Dank u wel, voorzitter. En zoals in de commissie al aangegeven missen we onze vrijwilligers en bewoners in het centrum in de stukken die voorliggen en ik denk dat er mogelijkheden zijn om betrokken burgers en centrumbewoners minder de dupe te laten zijn van de parkeergeldhonger van de gemeente. En daarom dien ik twee moties in. Ten eerste kraskaarten voor maatschappelijke organisaties en ten tweede een tweede motie voor een bezoekersregeling in het centrum. Het duurste stadsdeel biedt als enige stadsdeel aan de negentigduizend bewoners geen bezoekersregeling en hoe duurder het parkeren wordt, en het is daar heel duur, hoe onrechtvaardiger dat is.
De VOORZITTER deelt mee dat de volgende moties zijn ingekomen: Motie van leden Koyuncu, Ahmadi en Kabamba inzake bescherm bewoners tegen verdringing op de parkeerwachtlijst, nr. 189.25 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: - om tot die tijd maatschappelijke parkeervergunningen niet mee te laten tellen voor het vergunningenplafond.
71
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Motie van de leden Koyuncu, Ahmadi en Kabamba inzake onderzoek naar parkeertegoedregeling voor religieuze instellingen, nr. 190.25 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: - de raad te informeren over hoe in Den Haag de parkeertegoedregeling is vormgegeven; - dit onderzoek af te ronden voorafgaand aan de volgende collegeperiode zodat het nieuwe college hierover een weloverwogen besluit kan nemen. De moties maken deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Munster. Het lid VAN MUNSTER: Voorzitter, ik zal het kort houden want we hebben het commissiedebat al uitvoerig gehad. Waar ik bang voor ben met dit beleid is dat we op termijn de deur steeds verder gaan openzetten. Maar ik heb de wethouder toentertijd goed gehoord. Dat is niet zo. Zo lezen wij ook de motie van collega Asruf, we bekijken wat de impact is van het verruimen, want dat is namelijk wat we hier doen. Maar dat we niet nu al opvolgend zeggen we gaan kijken wat de maximale ruimte is om vergunningen uit te breiden. Dat zouden wij niet recht vinden doen aan de autoluwe ambities van de stad. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Asruf. Het lid ASRUF: Dank u wel, voorzitter. En zoals ook in de commissie gezegd is onze fractie hartstikke blij met deze uitbreiding.
Het is een brede wens en ik denk dat ook bepaalde doelgroepen die van levensbelang zijn voor onze stad, dat die op deze manier beter bediend worden. Denk aan leraren en politieagenten. Al met al dus goed nieuws. Uit de reacties vanuit de stad en vanuit de stadsdelen kwam ook naar voren dat er een bredere wens is om ook andere doelgroepen onder deze regeling toe te voegen, denk aan buurtteams, OKT’s en ook religieuze instellingen. De wethouder gaf in de raadsinformatiebrief heel duidelijk aan dat de impact nog niet duidelijk is. En daarom heb ik ook een motie ingediend, ondersteund door verschillende partijen in deze raad, om te kijken naar de impact en juist dat te onderzoeken en daar eigenlijk met dat onderzoek en de uitkomsten daarvan voor het volgende college daar in ieder geval voor naar buiten te komen. Dus ook dank aan de verschillende partijen die daaronder staan. En ik kijk uit naar de uitkomsten van dat onderzoek. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Koyuncu. Het lid KOYUNCU: Voorzitter, dank. We hebben daar inderdaad uitgebreid bij stilgestaan tijdens de commissie. Daarom wil ik het ook kort gaan houden. Aan de ene kant positief dat de maatschappelijke vergunningen worden bijgeplust bij het vergunningsplafond, maar op den duur betekent het dat dat uit hetzelfde potje gaat en het vergunningsplafond gaat al ieder jaar vanzelf omlaag.
Dat betekent dat als straks er een zorginstelling komt ergens in een wijk dat de mensen die daar in de wijk wonen ook langer moeten wachten op een parkeervergunning. En dat vinden wij jammer. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Kreuger.
72
Jaar
2025
Vergaderdatum 11 juni 2025
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Het lid KREUGER: Dank u wel, voorzitter. Het is een historische dag, want we gaan aan de slag met progressieve tarieven. Dat is een lang gekoesterde wens van JA21, altijd al geweest hier in deze raad. En vandaag is het moment dat die er ook daadwerkelijk gaat komen. Dus dat is heel erg goed. Het is ook een historisch moment omdat dit volgens mij in de geschiedenis van JA21, en ik weet dat die nog niet zo erg lang is, maar dat dit de eerste keer wordt dat wij een parkeerverordening gaan steunen hier. Dat betekent niet dat we alles in de parkeerverordening goed vinden, want er zit ook nog een uitbreiding in, die steunen we uiteraard niet. Maar omdat de belangrijkste wijziging hier de progressieve tarieven betreft zullen we hem dit geval dus toch steunen. We zijn zelfs moties met de Partij van de Arbeid samen aan het indienen. Dus misschien komen we wel in het college in maart, je weet niet hoe het loopt natuurlijk. Nee, maar in ieder geval het mag van ons altijd meer en beter maar je moet ook niet je hand overspelen. Voor nu is het prima. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Schijndel. Het lid VAN SCHIJNDEL: Voorzitter, ja inderdaad. Ten principale moeten we toch even naar het hele parkeergebeuren kijken, vooral in Nieuw-West en Noord.
Dat zijn tuinsteden, tuinsteden gebouwd in de tijd van Joop den Uyl als wethouder in Amsterdam, dat ook de arbeider het autootje voor de deur kwijt moet kunnen en dus niet allerlei flauwe gein van vergunningen en zo voor bewoners daar. Dat is helemaal niet nodig. Dus helemaal niet is aangetoond dat in Noord en Nieuw-West dat daar echt de noodzaak was om de boel zo te verdelen via vergunningen. Daar was geen sprake van. We zijn dus tegen dat hele vergunningen- en parkeerbeleid van de gemeente en ik kan nu al aankondigen dat onze inzet zal zijn bij de komende gemeenteraadsverkiezingen, een van onze punten, dat wij dus een roll back willen, het terugdraaien van wat door GroenLinks, Partij van de Arbeid is uitgerold in Nieuw-West en Noord, stadsdelen waar het helemaal niet nodig is om met vergunningen te werken. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Moeskops. Het lid MOESKOPS: Dank u wel, eigenlijk voor een kleine administratieve mededeling. We vinden bij dit agendapunt ook een amendement wat eigenlijk inhoudelijk hoort bij het deelmobiliteitspunt maar uit technische redenen beter bij dit punt gebruikt kon worden. Maar ik vond het wel zo netjes om dat even aan de raad te laten weten. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Van der Horst. Wethouder VAN DER HORST: Dank, voorzitter. En ik denk dat er inderdaad een paar mooie dingen in deze parkeerverordening staan.
Ik denk dat we ook een goede balans vinden tussen parkeervergunningen maar ook kijken wat er eigenlijk nodig is voor bepaalde groepen in de stad. Ik denk ook wat het lid Kreuger al aanhaalde, we proberen natuurlijk ook altijd te kijken hoe we dingen zo goed mogelijk kunnen doen en ook luisteren als de oppositie goede ideeën heeft. En ik ga gewoon meteen even naar de moties om het kort te houden. Motie 189, bescherm bewoners tegen verdringing op de parkeerwachtlijst. Deze motie is wat mij betreft overbodig omdat de nieuwe regeling per 1 juli in gaat maar per 1 januari passen we het pas onder het plafond. Tot nu toe zorgen we er gewoon voor dat tot 1 januari het plafond van de vergunningen wordt opgehoogd met alle maatschappelijke vergunningen. Ik snap het