20250123 FKD definitief verslag
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit
FKD
Raadscommissieverslag, 23 januari 2025
DEFINITIEF VERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vastgesteld op:
Openbare vergadering van de Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit (FKD) Donderdag 23 januari 2025 van 9.00 – 13.03, 19.30 - 21.19 uur in Willem Kraanzaal (commissiezaal) Donderdag 27 februari 2025 Voorzitter: R.P. Hofland Plaatsvervangend voorzitter: H.C. Burgers, A.S. Aslami Portefeuillehouders: wethouders H. van Buren, A. Scholtes, T. Meliani Commissiegriffier: M. Diemont Commissieondersteuner: P. Miedema Verslaglegging: I. van Mourik (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: M.F. Asruf (PvdA), A. Bouhassani (PvdA), Y.E. Bentoumya, E.C. IJmker (GroenLinks), J.F. van Pijpen (GroenLinks), A.S. Aslami (D66), M. Lust (D66), E.D.M. Moeskops (D66), E. Schmit (D66), H.C. Burgers (VVD), W.J. Deterink (VVD), S.N. Hijlkema (VVD), J.M. Krom (Partij voor de Dieren), M.M. Meerburg (Partij voor de Dieren), I. Garmy (Volt), E. Bobeldijk (SP), C. van Berkel (JA21), L.J.J. Lochtenberg (CDA), T. Bilgin (Forum voor Democratie), C.K.A. Kabamba (Lijst Kabamba) Afwezig: E. Mangal (DENK) Overige aanwezigen: M. Belkasmi (PvdA), F.A. Namane (PvdA)
1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering om 9.00 uur en heet de aanwezigen en toehoorders welkom. Er wordt vermeld dat lid Mangal wegens ziekte afwezig is. b. Mededelingen Lid IJMKER (GroenLinks) meldt namens lid Bentoumya dat de expertsessie over moslimdiscriminatie is ingepland op 5 februari om 13.00 uur. Meer informatie hierover kan in de dagmail van 22 januari gevonden worden. Lid VAN BERKEL (JA21) verwijst naar een eerdere aanvraag tot interpellatie, ingediend vanwege het niet openbaar maken van stukken over de OZB-verhoging door het college aan AT5. Hij geeft aan dat de VVD, CDA en Partij voor de Dieren al hebben toegezegd mee te doen aan deze interpellatie. Hij roept andere commissie- en raadsleden op om ook deel te nemen en verzoekt hen dit voor 14.00 uur kenbaar te maken, zodat hun namen aan de deelnemerslijst kunnen worden toegevoegd. Hij geeft aan dat hij een mail naar de commissie heeft gestuurd met de aanvraag als bijlage. Wethouder SCHOLTES meldt dat het GVB tijdens een werkbezoek op 17 oktober een uitnodiging heeft gedaan voor een volgend werkbezoek, waarvoor de datum 18 juni is
1
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
vastgesteld. Hij vraagt via de voorzitter wie daarin interesse heeft, zodat de organisatie kan beginnen. Daarnaast geeft de wethouder een update over een toezegging aan lid Burgers betreffende refurbished laptops. Er is een snelle verkenning uitgevoerd en er wordt gekeken naar het gebruik van refurbished laptops, geïnspireerd door een pilot met remanufactured laptops die is gestart bij de Ierse overheid. Dit biedt perspectief, maar het is nodig om te onderzoeken of deze laptops voldoen aan kwaliteitseisen, kosten besparen en binnen de huidige inkoopvoorwaarden passen. De wethouder verwacht enkele maanden nodig te hebben om deze punten te onderzoeken en zal later met een update komen. Lid KROM (Partij voor de Dieren) roept op om ook refurbished telefoons en iPads te gebruiken. Wethouder SCHOLTES geeft aan dat hij dit mee zal nemen. Wethouder VAN BUREN meldt dat het nieuwe Amsterdamse financiële en inkoopsysteem, Avis, op 6 januari is ingevoerd en dat de livegang over het algemeen goed is verlopen. De meeste problemen die zijn ontstaan, konden snel worden opgelost. Er is echter een achterstand ontstaan in de betaling van facturen aan leveranciers. De gemeente heeft extra personeel ingezet om deze achterstand binnen zes weken in te halen. Leveranciers zijn in november en recentelijk geïnformeerd over mogelijke vertragingen in de betalingen.
Eind deze week ontvangen leveranciers met openstaande facturen een overzicht van welke facturen het betreft en wanneer deze zullen worden betaald. De wethouder kondigt aan dat de raad binnenkort een raadsinformatiebrief zal ontvangen over het verloop van de implementatie van Avis. Wethouder MELIANI heeft drie mededelingen. Als eerste een herinnering dat het werkbezoek aan de Vrouwenrechtswinkel op 6 februari van 16.00 tot 18.00 plaatsvindt. Er zijn al aanmeldingen, maar meer raadsleden zijn welkom. Naar aanleiding van het debat over sociale veiligheid en de situatie rondom de gastregisseur van Fidelio bij Nationale Opera & Ballet, heeft de wethouder begin december gesprekken gevoerd met de organisatie. Ze heeft afspraken gemaakt dat de organisatie haar in de toekomst tijdig zal informeren over soortgelijke situaties. Verder zullen zij externe professionals, zoals regisseurs en choreografen, voortaan grondiger screenen. Ook worden verdiepende gesprekken gevoerd over sociale veiligheid en de werkwijze van de instelling. Op een vraag van partij DENK over het doorberekenen van kosten voor parkeerplaatsen van het Nationale Opera en Ballet, geeft de wethouder aan dat deze parkeerplaatsen onderdeel zijn van eerdere contractuele afspraken. Extra kosten doorberekenen is niet mogelijk zonder het contract te herzien.
Deze kwestie valt overigens onder de portefeuille van de wethouder Vastgoed en vragen zijn daar neergelegd. Lid VAN BERKEL (JA21) verzoekt de wethouder om de informatie over Nationale Opera & Ballet ook schriftelijk te doen toekomen. Wethouder MELIANI zegt toe dat zij deze informatie nog per brief zal delen. c. Vaststellen agenda De VOORZITTER bespreekt een aantal praktische punten en wijzigingen. De leden hebben een voorlopige vergaderorde ontvangen via de dagmail. Dit moet helpen met de planning, maar tijden blijven indicatief. De vergadering gaat ook in de avond door, met agendapunten 16 tot en met 18. In de dagmail staat vermeld dat er aan het begin van de vergadering vijf en een half uur spreektijd wordt verdeeld.
2
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
Voor de agendapunten 3, 4 en 5 zijn geen aanmeldingen ontvangen. Deze onderwerpen worden niet inhoudelijk behandeld en zullen als hamerstukken in de raad worden vastgesteld. Op verzoek van de leden Deterink (VVD) en Van Berkel (JA21) wordt agendapunt 19, bespreken van berichtgeving over uitzonderingen op subsidieregels voor Queer Amsterdam, doorgeschoven naar de vergadering van 27 februari. Agendapunten 6 en 7 worden samengevoegd, omdat beiden over het Amsterdams inkoopbeleid gaan. Agendapunten 12 en 13 worden ook samengevoegd, omdat beiden over deelnemingen gaan. Er zijn twee insprekers voor agendapunt 16, raadsinformatiebrief over de inzet bij bestrijding van antisemitisme. Het inspreken vindt aan het begin van het avonddeel plaats, om 19:30 uur. Zo kunnen de woordvoerders die alleen in de avond aanwezig zijn dit ook bijwonen. Het lid Lochtenberg (CDA) stelde eerder voor om agendapunt 13 door te schuiven, maar is daarop teruggekomen. Dit punt blijft dus op de agenda. De agenda wordt vastgesteld zonder verdere opmerkingen vanuit de commissie. d. Conceptverslag van de openbare vergadering van de raadscommissie FKD d.d. 5 december 2024 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. e. Termijnagenda's en langetermijnagenda's (BLTA), per portefeuille Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) vraagt naar de status van de afhandeling van de motie Parijs havenproof.
Deze motie zou worden meegenomen in de strategische visie van de haven. Lid Meerburg wil weten wanneer deze strategische visie op de agenda staat. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat de strategische visie van de haven vandaag of morgen naar buiten komt. f. TKN-lijst De VOORZITTER geeft aan dat er verzoeken zijn ontvangen om twee stukken van de ter kennisnamenlijst te agenderen voor de volgende vergadering op 27 februari. Het gaat om: 1. Tweede aanvulling van de reservering van 100 miljoen uit de begroting 2025, op verzoek van lid Burgers (VVD). 2. Het plan van aanpak moslimdiscriminatie, op verzoek van lid Garmy (Volt). De motivatie voor bespreking van deze onderwerpen stond in de dagmail van 22 januari. g. Ingekomen stukken stadsdeelcommissies Er zijn geen ingekomen stukken. 2. INHOUDELIJK DEEL a. Opening inhoudelijk gedeelte
3
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
De VOORZITTER opent het inhoudelijk deel. Vanaf dit moment zijn de spreektijden van kracht. b. Inspreekmoment Publiek Dit agendapunt is naar de avond verplaatst. c. Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten. d. Rondvraag Lid IJMKER (GroenLinks) verwijst naar recente ontwikkelingen in de wereld van grote techbedrijven en uit zorgen over hun invloed op grondrechten en democratie. Ze noemt onder andere Zuckerberg die stopt met factchecken en Musk die nauwe banden heeft met Trump. Dit, samen met de prominente aanwezigheid van techmiljardairs bij de recente inauguratie, benadrukt volgens haar de noodzaak van digitale autonomie, die geen luxe of linkse hobby is, maar een vereiste. Ze vraagt hoe het college deze ontwikkelingen ziet en wat dit betekent voor de relaties met techbedrijven. Ze is benieuwd naar de strategie van de gemeente rondom het gebruik van sociale media, niet alleen X maar ook platforms van Meta, en vraagt om de overwegingen en argumenten om wel of niet actief te blijven op deze kanalen. Wethouder SCHOLTES benadrukt de zorgen die recente ontwikkelingen rondom techbedrijven oproepen, waaronder de suggestie dat de belangen van specifieke techbedrijven samenhangen met nationale belangen, zoals die van de VS, en de impact daarvan op Europa.
Hij noemt dat er veel verwacht wordt van Europa in het reguleren van techbedrijven en kondigt aan binnenkort naar Brussel te gaan om te lobbyen voor strengere regelgeving, met name om jongeren te beschermen tegen schadelijke en verslavende algoritmes. Hij wijst op het belang van digitale autonomie, zowel op Europees als nationaal niveau, en noemt de noodzaak om te investeren in alternatieven en een sterke Europese techsector, ondanks de uitdagingen die dat met zich meebrengt. Ook komt dit onderwerp bij het kabinet steeds hoger op de agenda. Over de relatie met techbedrijven stelt hij dat bedrijven die Europese wet- en regelgeving niet naleven, kritisch moeten worden beoordeeld. Hij onderscheidt twee soorten relaties: enerzijds met leveranciers zoals Microsoft, waarbij structureel overleg plaatsvindt over zowel de producten als privacybescherming. Anderzijds de meer ambivalente relatie met sociale mediaplatforms, waar Amsterdam wel enige invloed lijkt te hebben, maar niet kan sturen. Hij benadrukt dat naast regulering en alternatieven, ook normeren en gesprekken blijven bijdragen aan het aanpakken van deze uitdagingen. Wel geeft hij aan dat er duidelijke grenzen moeten zijn in de omgang met deze bedrijven.
Lid IJMKER (GroenLinks) heeft een tweede vraag naar aanleiding van een rapport van de Algemene Rekenkamer met de titel Donkere Wolken pakken samen, waarin kritiek wordt geuit op het cloudbeleid van de Rijksoverheid. Het rapport stelt dat de overheid ondoordacht te werk is gegaan bij het implementeren van cloudoplossingen en onvoldoende risico's heeft overwogen. Ze verwijst daarbij naar een recent bericht van de gemeente Amsterdam aan haar medewerkers waarin staat dat vanaf september volledig wordt gewerkt met Microsoft Teams, en merkt op dat deze overgang al in beweging was. Ze wil weten of de gemeente de aanbevelingen van het Rekenkamerrapport betrekt in haar beleid en verkenning en wanneer de resultaten daarvan verwacht kunnen worden.
4
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
Wethouder SCHOLTES verduidelijkt dat de conclusie van de Algemene Rekenkamer specifiek betrekking had op de Rijksoverheid en dat Amsterdam een eigen cloudstrategie heeft, die eerder met de raad is besproken. In die strategie wordt aandacht besteed aan risico's, zoals het uitvoeren van DPIA's, het uitsluiten van leveranciers uit landen met offensieve cyberprogramma's en het maken van afspraken met Microsoft over de opslag van data binnen Europa. Desondanks erkent de wethouder dat de vraag over de risicoafwegingen, zoals gesteld door de Rekenkamer, ook relevant is voor Amsterdam. Hij geeft aan dat dit meegenomen zal worden in de verdere uitwerking van de verkenning naar digitale onafhankelijkheid en dat hij zijn team hierop heeft aangesproken. Hij belooft op dit onderwerp terug te komen in de uitkomsten van die verkenning. Lid SCHMIT (D66) deelt zijn positieve ervaring van een werkbezoek aan het GVB, waar hij sprak met de directie over de aanpak van racisme en antidiscriminatie. Hij is positief over de campagne Nok Nok die GVB heeft waarbij medewerkers de mogelijkheid hebben om een grens aan te geven wanneer een gesprek hen ongemakkelijk maakt. Hij waardeert deze benadering en denkt dat de gemeente iets kan leren van deze aanpak.
Hij nodigt wethouder Van Buren uit om naar de campagne te kijken en te overwegen wat ervan geleerd kan worden voor het ondersteunen van medewerkers op het gebied van antidiscriminatie en antiracisme. Wethouder VAN BUREN vindt het een goed idee om te zien hoe de aanpak van antidiscriminatie en antiracisme bij de GVB werkt en geeft aan binnenkort op werkbezoek te gaan. De VOORZITTER schorst de vergadering voor een halve minuut voor een voorzitterswissel. Lid Burgers zal het volgende agendapunt voorzitten. BESPREEKPUNTEN Financiën 3. Vaststellen van het Normenkader rechtmatigheid 2025 (VN2024-018316) Dit punt wordt niet inhoudelijk behandeld. Coördinatie Bedrijfsvoering 4. Vaststellen van de wijzigingsverordening op de Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2023 vanwege de verlening van specifieke uitkeringen (VN2024-014092) Dit punt wordt niet inhoudelijk behandeld. Lucht- en Zeehaven (incl. Schiphol) 5. Toestemming verlenen om de Gemeenschappelijke Regeling Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied te wijzigen (VN2024-018158) Dit punt wordt niet inhoudelijk behandeld. Coördinatie Inkoop
5
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
6. Bespreken van het initiatiefvoorstel Amsterdams geld voor Amsterdam: inkopen met waarde(n) van het lid IJmker (GroenLinks) en de bestuurlijke reactie (VN2024-011013) Gevoegd behandeld met 7. Bespreken van de afhandeling van moties over het inkoopbeleid (moties 420, 422 en 425) (VN2024-016202) De PLAATSVERVANGEND VOORZITTER heropent de vergadering en kondigt het begin aan van agendapunt 6, waarin het initiatiefvoorstel Amsterdams geld voor Amsterdam: inkopen met waarde(n) van lid IJmker wordt besproken. Dit punt wordt gevoegd behandeld met agendapunt 7, over de afhandeling van moties met betrekking tot het inkoopbeleid. De voorzitter legt uit dat lid IJmker het voorstel eerst in drie minuten zal toelichten, waarna commissieleden verduidelijkende vragen kunnen stellen. De toelichting van de indiener kost geen spreektijd, maar de vragen wel. Lid IJMKER (GroenLinks) opent het voorstel door te benadrukken dat de gemeente elk jaar maar liefst 3,1 miljard euro uitgeeft aan inkopen van producten en diensten, wat volgens haar een enorme kans biedt om de economie en de stad op een meer doelgerichte manier te sturen. Ze stelt voor om niet alleen te focussen op de prijs, maar ook maatschappelijke waarden en doelen zoals duurzaamheid, werkgelegenheid, en een sterke lokale economie mee te nemen in de aanbestedingstrajecten.
Ze noemt voorbeelden van aanbestedingen die niet optimaal zijn verlopen en pleit voor een aanpak die meer nadruk legt op lokale bedrijven en maatschappelijke impact. Lid IJmker benadrukt dat hoewel er al stappen zijn gezet, er nog veel meer mogelijk is en dat er ambitie, creativiteit en doorzettingsvermogen nodig zijn om maatschappelijke impact centraal te stellen in het inkoopbeleid. Ze roept het college op om serieus werk van dit voorstel te maken, omdat de enorme uitgaven van de gemeente veel meer kunnen bijdragen aan de stad dan nu het geval is. Lid NAMANE (PvdA) geeft aan dat haar fractie het eens is met het idee om meer in te kopen met maatschappelijke impact en waarde te creëren, maar ze heeft enkele vragen over het lokale betaalsysteem. Ze is vooral benieuwd naar wat het in de praktijk toevoegt voor gewone Amsterdammers en vraagt zich af of de gemeente dan echt alles met het Amsterdams geld zou betalen, en of medewerkers van de organisaties waar de gemeente inkopen doet hun salaris in Amsterdamse euro's ontvangen. Ze vraagt zich ook af of dit hen niet te veel zou beperken in wat ze met dat geld kunnen doen.
Lid IJMKER (GroenLinks) verwijst naar een eerder uitgevoerd onderzoek waaruit blijkt dat het niet effectief is om bij de consument of de gemiddelde Amsterdammer te beginnen, maar dat je eerst een sterk netwerk moet opbouwen van belangrijke organisaties, zoals ankerinstituties of grote bedrijven. Deze instellingen zouden samen met de gemeente speciale rekeningen moeten openen, waarop de Amsterdamse euro's geoormerkt kunnen worden. Dit netwerk kan dienen als de motor voor de verandering. Ze benadrukt dat de effecten voor de Amsterdammer uiteindelijk uit dit proces zullen voortvloeien, en dat het beter is om eerst met deze grotere partners te werken in plaats van direct met de individuele Amsterdammer te starten, zoals blijkt uit ervaringen in andere steden. Lid NAMANE (PvdA) vraagt zich af hoe bedrijven die Amsterdamse geld ontvangen hun personeel kunnen betalen en wat deze medewerkers vervolgens met dat geld kunnen doen. Lid IJMKER (GroenLinks) legt uit dat bedrijven een aparte rekening openen, wat kan worden gezien als een Amsterdams betaalsysteem. Werknemers van deze bedrijven worden echter gewoon in euro's betaald. Het gaat meer om een netwerk van grote bedrijven en
6
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
instellingen die samen werken en diensten afnemen, zonder dat de individuele werknemers direct met dit systeem in aanraking komen. Lid LOCHTENBERG (CDA) vraagt zich af of lid IJmker een Amsterdam coin wil oprichten? Lid IJMKER (GroenLinks) verduidelijkt dat het hier expliciet niet gaat om een nieuwe munt, crypto of valuta, zoals soms wordt gedacht. Het betreft normale euro's die worden geoormerkt op een aparte rekening. Lid HOFLAND (D66) wijst op het voorbeeld van het Oostenrijkse dorpje Wörgl uit 1931, waar een lokaal betaalsysteem werd gebruikt om geld lokaal te laten circuleren. Hij benadrukt echter dat Amsterdam fundamenteel verschilt van een dergelijk dorp, gezien de welvaart van de stad historisch gebaseerd is op handel met partners buiten de stadsgrenzen. Zijn verduidelijkende vraag is daarom of lid IJmker dit fundamentele verschil ook ziet en hoe dat verschil is vertaald in het voorgestelde systeem, dat volgens hem een compleet andere aanpak vereist dan het systeem van Wörgl. Lid IJMKER (GroenLinks) benadrukt dat zij het voorgestelde systeem niet zelf heeft bedacht, maar zich baseert op ervaringen uit andere steden en inzichten van experts. Ze noemt Wörgl als een historisch voorbeeld om te laten zien dat het concept al langer bestaat, maar verwijst ook naar meer recente en relevante voorbeelden zoals de Sardex op Sardinië en Santa Coloma in Spanje.
Ze wijst erop dat Santa Coloma, dat ontstond als een post-covid-crisisinitiatief, waarschijnlijk beter vergelijkbaar is met hoe Amsterdam een dergelijk systeem zou kunnen toepassen. Daarnaast stelt ze dat het onderzoek, waarin diverse initiatieven en hun verschillen worden geanalyseerd, inzicht biedt in wat dergelijke systemen voor Amsterdam kunnen betekenen. Lid BOBELDIJK (SP) of bij het voorstel ook gekeken wordt naar bestaande lokale initiatieven, zoals Makkie in Amsterdam-Oost, en of de ervaringen daarvan kunnen worden meegenomen in de uitwerking van het voorstel. Verder wijst hij erop dat in het stuk wordt gesproken over duurzaamheid en werkgelegenheid bij lokale productie, maar dat er minder nadruk ligt op mogelijke mensenrechtenschendingen in de keten die de gemeente indirect kan financieren. Hij stelt voor om dit explicieter op te nemen in de vragen aan het college, bijvoorbeeld door termen als fair trade in te voegen als extra opgave. Als antwoord op de tweede vraag verwijst lid IJMKER (GroenLinks) naar een recente handleiding van de VNG, die is ontwikkeld naar aanleiding van de aanbesteding van Chinese camera's. Deze handleiding biedt een model om mensenrechtenschendingen in de inkoopvoorwaarden te adresseren, niet alleen in relatie tot China, maar wereldwijd. Ze stelt voor dat Amsterdam dit model gebruikt en daarmee experimenteert.
Hoewel ze dit niet expliciet in het dictum van haar voorstel heeft opgenomen, benadrukt ze dat het voorstel een breed kader biedt waarin maatschappelijke impact centraal staat. Ze ziet ruimte om aanvullende onderwerpen, zoals mensenrechten, toe te voegen aan dit kader, afhankelijk van politieke prioriteiten. Verder erkent lid IJmker de waarde van initiatieven zoals Makkie, maar benadrukt dat deze zich richten op maatschappelijke initiatieven en vrijwilligerswerk, terwijl een lokaal betaalsysteem veel fundamenteler is en bredere mogelijkheden biedt. Hoewel de doelen deels overlappen, ziet ze Makkie als een ander type project. Ze heeft dit verschil overwogen bij het opstellen van haar voorstel, maar het niet volledig uitgewerkt om het voorstel beknopt te houden. Lid BOBELDIJK (SP) zich af of er een visie is waarin deze initiatieven elkaar kunnen versterken of op een bepaalde manier met elkaar kunnen communiceren. Lid IJMKER (GroenLinks) bevestigt dit.
7
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
Lid KROM (Partij voor de Dieren) stelt een vraag over de FIXbrigade, die ze beschouwt als een slachtoffer van het aanbestedingsbeleid. Ze verwijst naar eerdere debatten, waarin de PvdD stelde dat het wellicht anders had gekund, en vraagt lid IJmker of zij denkt dat de FIXbrigade inderdaad geen slachtoffer had hoeven worden van het aanbestedingsbeleid en of het anders had gekund. Lid IJMKER (GroenLinks) verwijst naar een expertsessie die ze anderhalf jaar geleden heeft georganiseerd over aanbestedingsregels, waarin de casus van de FIXbrigade is besproken. Ze herinnert zich dat er in die sessie werd gesproken over de mogelijkheid om aanbestedingen in kleinere percelen op te splitsen, hoewel daar ook nadelen aan zitten, zoals extra capaciteit die dat van de gemeente vraagt. Ze benadrukt dat haar voorstel juist pleit voor het verkennen van de mogelijkheden binnen aanbestedingsregels en stelt dat er vaak te snel wordt aangenomen dat bepaalde dingen niet mogen volgens Europese regelgeving. Op basis van haar opgedane kennis denkt ze dat er meer mogelijk is dan vaak gedacht, als er durf en bereidheid is om te experimenteren. Ze roept de raad op om het college de ruimte te geven om te proberen wat wel kan, ook als dat risico’s met zich meebrengt.
Eerste termijn Lid IJMKER (GroenLinks) gaat in op de bestuurlijke reactie en complimenteert de acties en onderzoeken die al lopen, maar ze benadrukt dat ze meer ambitie en urgentie mist. Ze roept het college op om structureel werk te maken van haar voorstel en pleit voor meer actie en durf, zoals het juridisch opzoeken van grenzen en bewust kiezen voor lokale organisaties bij aanbestedingen, zelfs als dat risico’s met zich meebrengt. Ze stelt voor om maatschappelijke impact meer centraal te stellen en pleit voor betere sturingsmechanismen vanuit de raad, zoals een duidelijke rapportagevorm die doelen formuleert en monitort, in plaats van enkel via de jaarrekening te rapporteren. Over het lokale betaalsysteem merkt ze op dat het eerdergenoemde onderzoek de potentie ervan bevestigt, en ze pleit ervoor om nu echt aan de slag te gaan met een concrete pilot, bij voorkeur nog dit jaar. Lid LOCHTENBERG (CDA) uit zijn bezorgdheid over de mogelijke impact van de nieuwe voorstellen en vraagt zich af of deze nieuwe eisen niet zorgen voor een grote hoeveelheid aan werk voor de ambtenaren, wat de uitvoering zou kunnen bemoeilijken. Lid IJMKER (GroenLinks) verduidelijkt dat haar voorstel meer gericht is op het creëren van een overkoepelend kader voor het inkoopbeleid.
Ze erkent dat er al eerdere moties zijn geweest, zoals die over social return en true pricing, maar benadrukt dat het doel van het voorstel is om het inkoopbeleid op een meer systematische manier aan te pakken, wat volgens haar noodzakelijk is voor de uitvoering van de eerder genomen stappen. Lid LOCHTENBERG (CDA) vraagt zich af hoeveel extra werk en ambtenarenuren dit gaat kosten en of lid IJmker dit het waard vindt? Lid IJMKER (GroenLinks) geeft aan dat het bevorderen van maatschappelijke impact volgens haar altijd de moeite waard is. Volgens haar moet dit meegenomen worden in het werk dat al gebeurt. Lid LOCHTENBERG (CDA) vraagt zich af of de extra eisen die vanuit Amsterdam komen, zoals die in het voorstel van lid IJmker, niet als een extra belasting worden ervaren door leveranciers. Lid IJMKER (GroenLinks) geeft aan dat er juist mogelijkheden kunnen zijn om kosten te besparen. Ze stelt dat de gemeente doelen heeft, zoals het creëren van werkgelegenheid en het behalen van duurzaamheidsdoelen, die via het inkoopbudget van 3,1 miljard euro gerealiseerd
8
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
kunnen worden. Door deze doelen mee te nemen in de inkopen, zou het mogelijk zijn om op andere gebieden te besparen. Lid HOFLAND (D66) benadrukt de potentie van het voorstel, vooral als het zou leiden tot meer inkoop bij sociale ondernemingen. Hij stelt dat als bijvoorbeeld 1 procent van de 3 miljard euro aan inkoop wordt besteed bij sociale ondernemingen, dit een enorm positief effect zou hebben, met mogelijk 30 miljoen euro die naar deze ondernemingen zou gaan. Daarnaast doet hij voorstellen om successen van aanbestedingen met sociale bedrijven meer zichtbaar te maken en om samen te werken met brancheorganisaties zoals De Omslag om het proces van aanbesteding verder te verbeteren voor sociale bedrijven. Lid NAMANE (PvdA) benadrukt het belang van inkoop met maatschappelijke meerwaarde, gezien de grote invloed die de gemeente heeft door de miljarden die jaarlijks worden uitgegeven. Ze sluit zich aan bij het voorstel van lid IJmker, waarbij ze benadrukt dat met inkoop het type ondernemerschap gestimuleerd kan worden dat belangrijk wordt geacht, zoals duurzaamheid, banen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, en kansen voor lokale bedrijven. Ze is het eens met de noodzaak om de monitoring van inkoop te verbeteren en spreekt haar steun uit voor concretere rapportages over de impact van inkoop.
Ze benadrukt de noodzaak van specifieke vragen bij inkoop, zoals of deze lokaal kan worden uitgevoerd, en vraagt zich af of het al gebeurt om impact uit te vragen bij alle inkoop, zoals was voorgesteld in een eerdere motie. Ze wil ook meer duidelijkheid over de weging van deze aspecten in het inkoopproces. Lid KROM (Partij voor de Dieren) vindt dat de stappen die in het voorstel worden gepresenteerd, zoals duurzaam inkopen, al verwacht zouden moeten worden van het college, vooral bij een beleidsdocument zoals Inkopen met invloed. Verder richt ze zich op de aanbesteding van koffie, waar volgens haar duurzame en lokale partijen buitenspel zijn gezet, ondanks dat ze aantoonbaar geschikt waren. Ze wijst erop dat de gekozen aanbieder, die jaarlijks anderhalf miljard omzet in Zwitserland, niet bijdraagt aan de boeren die de koffie verbouwen en noemt de gekozen partij gecertificeerde armoede. Dit terwijl er al een duidelijk inkoopkader is dat duurzaamheid, sociale aspecten en lokale betrokkenheid voorstaat. Ze vraagt zich af waarom dit niet in de aanbesteding zichtbaar is en vindt dat directe duurzame inkoop en eerlijke prijzen voor boeren de werkelijke oplossing zijn. Ook vraagt ze de wethouder om terug te komen op de motie om te onderzoeken welke aanbestedingen in percelen opgedeeld kunnen worden. Lid HOFLAND (D66) vraagt zich af hoe lid Krom de aanbesteding dan zelf zou vormgeven.
Hij merkt op dat ze hetzelfde einddoel lijken te hebben, namelijk het betalen van een eerlijke prijs, en refereert aan de dienstenrichtlijn en het juridische kader dat daarbij komt kijken. Lid Hofland is benieuwd naar de visie van lid Krom op hoe een aanbesteding eruit zou moeten zien, vooral gezien de suggestie van de wethouder om lokale partijen samen te laten werken met grotere bedrijven. Lid KROM (Partij voor de Dieren) legt uit dat de aanbesteding bepaalde eisen stelde, zoals het plaatsen van een aantal machines binnen een specifieke tijdslimiet bij één werkgever of organisatie. Door deze voorwaarden werden veel kleinere aanbieders automatisch uitgesloten van deelname. Ze benadrukt dat deze richtlijn niet voortkomt uit enige wetgeving, en stelt dat de voorwaarden anders geformuleerd hadden kunnen worden, zodat kleinere partijen ook hadden kunnen meedoen. Lid HOFLAND (D66) vraagt hoe de aanbesteding dan wel opgesplitst had moeten worden. Hij benadrukt dat de gemeente overal koffie nodig heeft en vraagt zich af op welke manier de aanbesteding volgens lid Krom geformuleerd had moeten worden, zodat kleinere partijen ook kans hadden gehad om deel te nemen.
9
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
Lid KROM (Partij voor de Dieren) legt uit dat het volgens haar mogelijk was geweest om een percelenregeling te hanteren, waarbij verschillende aanbieders op verschillende locaties zouden werken. Ze stelt dat de eis zo geformuleerd had kunnen worden dat kleinere organisaties uitgedaagd zouden worden om samen in te schrijven. Lid HOFLAND (D66) stelt voor om bij een aanbesteding kleinere lokale partijen te helpen om gezamenlijk in te schrijven. Hij vraagt aan lid Krom of dit een optie zou zijn, zodat achteraf niet gezegd zou worden dat de aanbesteding niet goed was. Lid KROM (Partij voor de Dieren) is enthousiast over het idee van samenwerking tussen kleinere lokale organisaties en stelt voor om samen met Hofland een motie in te dienen in de raad. Ze benadrukt dat de gemeente meer proactief moet zijn in het betrekken van kleine bedrijven bij het inkoopbeleid, gezien het enorme bedrag dat de gemeente jaarlijks uitgeeft. Ze roept de wethouder en het college op om verder te gaan dan alleen plannen en moties aannemen en daadwerkelijk actie te ondernemen. Lid BOBELDIJK (SP) steunt het voorstel omdat het bijdraagt aan een kritische blik op de inkooppraktijken van de gemeente. Hij wijst erop dat veel inkooppraktijken leiden tot concurrentie op prijs, vaak ten koste van duurzaamheid en mensenrechten.
Hij benadrukt dat de winsten vaak naar bedrijven gaan die al veel geld hebben, en niet lokaal blijven. Hij pleit voor meer bewust inkoopbeleid, waarbij niet alleen gekeken wordt naar prijs, maar ook naar de impact op de stad en haar beleid. Hij roept ook op om kritisch te kijken naar wat er daadwerkelijk moet worden ingekocht en of minder inkopen misschien effectiever is. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat het initiatiefvoorstel van lid IJmker goed past binnen de beleidslijn van de gemeente. Ze erkent het belang van social return en legt uit dat dit al een norm is binnen de aanbestedingen van de gemeente, met een goed werkend systeem dat de resultaten monitort en rapporteert. Ze gaat verder in op de uitdaging van het meenemen van andere maatschappelijke doelen, zoals milieu, biodiversiteit, klimaat, circulariteit, inclusie en lokaal inkopen, en legt uit dat deze niet altijd gemakkelijk in een specifiek percentage in contracten te vertalen zijn. Dit maakt het soms lastig om deze doelen op dezelfde manier als social return in aanbestedingen op te nemen. Lid NAMANE (PvdA) vraagt zich af waarom het moeilijk zou zijn om maatschappelijke doelen op dezelfde manier te meten en rapporteren als social return.
Ze wijst erop dat er al een systeem bestaat waarin bepaalde zaken worden uitgevraagd en gewogen, en dat het daarom toch mogelijk zou moeten zijn om hierover te rapporteren, bijvoorbeeld door te laten zien welke factoren de doorslag gaven bij het toekennen van een opdracht en hoeveel punten aan deze doelen werden toegekend. Wethouder VAN BUREN licht toe dat het rapporteren over maatschappelijke effecten in aanbestedingen complex is, vooral omdat sommige doelen niet altijd meetbaar zijn of niet in een vast percentage kunnen worden vertaald. Er moeten keuzes worden gemaakt over welke maatschappelijke effecten prioriteit krijgen, en de stapeling van eisen kan soms leiden tot mislukte aanbestedingen. Het opzetten van een rapportagestructuur is een meerjarige en complexe taak. De wethouder geeft aan dat de gemeente werkt aan het verbeteren van de rapportage en het verzamelen van data om meer zicht te krijgen op de maatschappelijke effecten van inkopen. Ze benadrukt de noodzaak van afwegingen tussen maatschappelijke doelen en bedrijfsmatige overwegingen, en dat dit ook geldt voor de uitvoering van social return. Er worden al inspanningen geleverd, zoals het verhogen van het aantal Pantar-medewerkers in de cateringaanbesteding.
Wat betreft ketenverantwoordelijkheid, wordt er ook gewerkt aan het verbeteren van rapportages en het monitoren van sociale en milieuaspecten, hoewel het moeilijk is om direct te koppelen aan de inkoop door de gemeente. De wethouder noemt ook de koffieaanbesteding, waarbij duurzaamheid en ketentransparantie belangrijke criteria waren, en waar kleine Amsterdamse bedrijven de kans kregen om samen te werken met de hoofdaannemer. Ook wordt er ondersteuning geboden aan
10
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
kleinere partijen om hen te helpen met de aanbesteding, hoewel de gemeente zich beperkt tot advisering en niet direct kan optreden in het wervingsproces. Lid KROM (Partij voor de Dieren) geeft aan dat het adviesproces weinig waarde heeft wanneer een aanbesteding zo wordt ingericht dat bepaalde partijen feitelijk niet kunnen inschrijven. Ze verwijst naar de aanbesteding waarin werd gevraagd om één aanbieder die op veel locaties moest leveren, wat volgens haar anders had gekund. Ze schrikt van het argument van de wethouder dat de smaak van de koffie overal hetzelfde moet zijn, omdat het lijkt alsof uniforme koffiesmaak belangrijker is geworden dan een eerlijke prijs betalen aan de koffieboeren. Wethouder VAN BUREN benadrukt dat zij dit niet zo heeft gezegd. Ze onderstreept dat een eerlijke prijs voor koffieboeren belangrijk is, maar dat er bij de aanbesteding ook is gekeken naar efficiëntie en het onderhoud dat een grote partij kan bieden. Volgens haar zijn kleine partijen niet uitgesloten, want er is een gunningscriterium opgenomen waarbij grote partijen moeten samenwerken met kleine partijen. Ze wijst erop dat er een zorgvuldige afweging is gemaakt tussen de beste prijs en de praktische eisen, zoals het onderhoud van machines bij de vele locaties en voor bijna 22.000 ambtenaren. Dit brengt volgens haar grote risico’s met zich mee voor kleine partijen.
De wethouder benadrukt verder dat er rekening is gehouden met meerdere criteria, en dat maatschappelijke doelen een belangrijke rol spelen. Ze erkent dat het proces verder ontwikkeld kan worden, maar verwerpt de suggestie dat er niet goed naar deze aspecten is gekeken. Het gaat volgens haar om het vinden van een balans tussen de vele doelen die bij een aanbesteding spelen. Lid BOBELDIJK (SP) merkt op dat in de huidige aanpak van aanbestedingen 50 procent van de beoordeling op de prijs gebaseerd is. Volgens hem leidt dit ertoe dat er op andere belangrijke punten, zoals duurzaamheid, wordt ingeleverd. Dit vindt hij opmerkelijk, aangezien de gemeente veel investeert in duurzaamheidsprogramma’s. Hij stelt dat de huidige aanpak ertoe leidt dat de gemeente indirect iets financiert dat minder duurzaam is, wat haaks staat op de eigen doelstellingen en pleit daarom voor een proef met een vaste prijsaanbesteding. Bij zo’n aanpak ligt de nadruk volledig op maatschappelijke waarde, duurzaamheid, werkgelegenheid en mensenrechten in de keten. Hij kondigt aan dat hij hierover een motie zal indienen als dat nodig is. Wethouder Van Buren benadrukt dat het inkoopbeleid gericht is op een balans tussen maatschappelijke doelen en financiële verantwoordelijkheid. Ze vindt dat prijs een belangrijk onderdeel blijft, omdat het om gemeenschapsgeld gaat en de begroting sluitend moet zijn.
Ze geeft aan dat er ruimte is om af te wijken van reguliere inkoopregels als dat maatschappelijk gewenst is, maar dat dit altijd een bewuste keuze van het college moet zijn. De wethouder ziet kansen in lokale aanbesteding via community wealth building en geeft aan dat er initiatieven lopen onder verantwoordelijkheid van collega Groot Wassink. Ze stelt verder dat de evaluatie van eerdere aanbestedingen, zoals bij FIXbrigade, belangrijk is om lessen te trekken en het beleid te verbeteren. Lid LOCHTENBERG (CDA) merkt op dat TenderNed benchmarks en datagedreven rapportages biedt die kunnen helpen bij de doelen, zoals fair pricing. Hij vraagt de wethouder of het mogelijk is om in samenwerking met TenderNed te werken in plaats van alles zelf te ontwikkelen. Dit zou volgens hem efficiënt zijn, omdat de resultaten direct beschikbaar komen voor andere gemeenten en aanbestedende organisaties in Nederland. Wethouder VAN BUREN benadrukt dat de gemeente altijd openstaat voor samenwerking met andere partijen en dat indien de gemeente iets ontwikkelt of uitvindt, deze kennis graag gedeeld wordt met andere gemeenten.
11
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
Lid IJMKER (GroenLinks) geeft aan dat ze het voorstel gaat aanscherpen en verwacht dat deze over een maand in de raad besproken kan worden. De PLAATSVERVANGEND VOORZITTER sluit dit agendapunt en schorst de vergadering voor vijf minuten. 8. Bespreken van de raadsinformatiebrief over de stand van zaken rondom de onrechtmatigheid inkoop (VN2024-017023) De VOORZITTER heropent de vergadering. Eerste termijn Lid BURGERS (VVD) geeft aan dat hij de brief van de wethouder over onrechtmatige inkoop onduidelijk vond. Hij wijst erop dat in de brief wordt vermeld dat er in de eerste vier maanden van 2024 ongeveer 805 miljoen euro aan inkoopuitgaven is gedaan, waarvan ongeveer 15 miljoen euro aan onrechtmatige inkopen zou betreffen. Hij vraagt of het volledige bedrag van 805 miljoen euro door de directies is onderzocht en of er al een interne audit op het gehele bedrag heeft plaatsgevonden. Daarnaast is hij benieuwd naar de verwachtingen rondom de genoemde 15 miljoen euro. Verder uit hij kritiek op het feit dat de KPI’s voor de eerste vier maanden niet in cijfers of percentages zijn weergegeven. Volgens hem maakt dit de monitoring weinig effectief.
Ook stelt hij vragen over het centrale register van inkoopcontracten, in de brief wordt vermeld dat alle contracten geregistreerd zouden zijn, maar later wordt aangegeven dat er aanvullende acties nodig zijn om ontbrekende informatie in kaart te brengen. Hij wil weten welk deel van de inkoopcontracten niet centraal geregistreerd was en wat de verwachting is voor het gehele jaar. Tot slot vraagt hij zich af hoe het versterken van sturing, eigenaarschap en verantwoording kan beginnen bij de ambtelijke top, terwijl er momenteel een hoog verloop is onder de directeuren. Lid GARMY (Volt) heeft nog een aanvullende vraag. Hij merkt op dat er in de brief staat dat er meerdere maatregelen zijn genomen op basis van het advies van de ACAM over cultuurverandering en vraagt de wethouder of zij al iets kan zeggen over de effectiviteit van deze maatregelen en hoe deze momenteel in de praktijk worden uitgevoerd. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat het college met de aangekondigde maatregelen meer grip heeft gekregen op rechtmatige inkoopuitgaven. Het nieuwe financiële systeem Avis speelt hierbij een belangrijke rol, omdat het betere data en managementrapportages mogelijk maakt. Ook is de aandacht voor rechtmatigheid in de organisatie versterkt, onder andere door de aanstelling van rechtmatigheidscoördinatoren per directie en het bespreken van dit thema in het gemeentelijk managementteam.
De wethouder benadrukt dat de verbeteringen in de processen voor rechtmatigheidsverantwoording al hebben geleid tot diepgaandere controles. Hierdoor is er meer inzicht in onrechtmatigheden, maar dit kan ook tot hogere gerapporteerde bedragen leiden in 2024 vergeleken met 2023. De voorlopige auditresultaten laten echter zien dat de meeste beoordelingen van de directies juist zijn onderbouwd. Verder wordt er gewerkt aan betere prestatie-indicatoren en het compleet maken van de contractadministratie. Hoewel er nog stappen te zetten zijn, is de organisatie volgens de wethouder goed op weg. Wat betreft de cultuurverandering stelt de wethouder dat bewustwording en eigenaarschap in de organisatie zijn verbeterd door duidelijk vastgelegde verantwoordelijkheden in de governance. Dit proces wordt ondersteund door het GMT, dat hier structureel aandacht aan besteedt. Tot slot geeft de wethouder aan dat verdere rapportages over de voortgang, waaronder de jaarrekening, meer duidelijkheid zullen bieden over de effectiviteit van deze maatregelen.
12
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp voldoende besproken is. Lucht- en Zeehaven (incl. Schiphol) 9. Bespreken van de brief aan Schiphol inzake over onderhoudswerkzaamheden aan het banenstelsel van Schiphol in 2025 (VN2024-018362) Eerste termijn Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) uit kritiek op Schiphol en de manier waarop het bedrijf omgaat met bewoners van Amsterdam en omstreken. Ze noemt de houding van Schiphol arrogant en verwijt het bedrijf dat het geen verantwoordelijkheid neemt, zelfs terwijl het communicatieadvies durft te vragen. Ze stelt dat Schiphol weinig geeft om de belangen van Amsterdammers en noemt de luchtvaartsector een staat boven de staat die zich weinig aantrekt van de omgeving. Hoewel ze de inzet van de wethouder en de ondersteunende documenten waardeert en steunt, benadrukt ze dat het sturen van brieven en voeren van gesprekken onvoldoende lijkt. Ze roept op tot actie en vraagt specifiek naar de mogelijkheden voor juridische stappen, zowel namens de gemeente als ter ondersteuning van omwonenden. Ze wil duidelijkheid over wat de gemeente juridisch en politiek kan doen om krachtiger op te treden tegen Schiphol en vraagt de wethouder om concrete antwoorden. Lid GARMY (Volt) sluit zich aan bij de kritiek van GroenLinks en waardeert de inzet van de wethouder, vooral haar bezwaar tegen Schiphol en de minister.
Hij vindt het onbegrijpelijk dat de minister hiermee instemt en noemt de houding van Schiphol stuitend. Hij is benieuwd naar de reactie op de vraag over communicatieadvies en vraagt zich af hoe groot de kans is dat Schiphol uiteindelijk met betere maatregelen komt of dat het plan niet doorgaat. Daarnaast benadrukt hij het belang van goede communicatie met de inwoners en stelt dat de gemeente haar verantwoordelijkheid moet nemen als Schiphol slecht communiceert. Garmy steunt het idee van naming and shaming om duidelijk te maken wie er verantwoordelijk is voor de misstanden. Lid SCHMIT (D66) uit zijn zorgen over de sluiting van de Buitenveldertbaan bij Schiphol, dat volgens hem leidt tot twintig weken extra overlast voor de Amsterdammers door vliegtuigen die over hun huizen vliegen. Hij beschouwt dit als een schoffering van de bewoners, het gemeentebestuur als buurman en als groot aandeelhouder van Schiphol. Hij uit zijn steun voor de wethouder en haar zienswijze, en vraagt welke andere maatregelen er mogelijk zijn om deze situatie te stoppen. Lid NAMANE (PvdA) vraagt de wethouder of zij vertrouwen heeft dat er nog verzachtende maatregelen zullen komen rond deze zaak en of de gemeente in de toekomst meer invloed kan uitoefenen.
Lid VAN BERKEL (JA21) stelt dat het noodzakelijk is dat Schiphol onderhoud aan de Buitenveldertbaan pleegt en benadrukt dat Schiphol, met zes start- en landingsbanen, voldoende ruimte heeft voor onderhoud zonder de luchthaven te veel te verstoren. Hij vindt de toon van de wethouder niet constructief en stelt dat haar eisen onrealistisch zijn. Verder vraagt hij waarom de wethouder de periode van twintig weken voor het onderhoud aan de Buitenveldertbaan als onterecht beschouwt, en wat zij dan zelf voor alternatieven heeft om de luchthaven op volle capaciteit te houden. Hij suggereert dat de wethouder misschien beter de aandelen van Schiphol zou kunnen verkopen aan een andere partij, die een gezonde bedrijfsvoering nastreeft. Lid Van PIJPEN (GroenLinks) reageert op de opmerking van lid Van Berkel over de gezonde bedrijfsvoering van Schiphol en stelt dat de gezondheid van de Amsterdammers hier in feite ondergeschikt wordt gemaakt aan de bedrijfsvoering van Schiphol, en dat deze twee niet
13
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
samengaan. Ze benadrukt dat Schiphol en de luchtvaartmaatschappijen weigeren het aantal nachtvluchten te verminderen, ondanks dat dit de overlast tijdens het onderhoud zou kunnen verminderen en vraagt aan lid Van Berkel hoe hij kijkt naar de mogelijkheid kijkt om nachtvluchten drastisch te verminderen tijdens het onderhoud. Lid VAN BERKEL (JA21) reageert op de suggestie van GroenLinks om het aantal vluchten te verminderen tijdens het baanonderhoud. Hij benadrukt dat onderhoud aan de Buitenveldertbaan noodzakelijk is en juist goed voor de bewoners, omdat het onderhoud ervoor zorgt dat de baan negen jaar weer kan worden gebruikt, in plaats van zeven jaar. Dit zal op de lange termijn leiden tot minder overlast voor bewoners. Ook stelt hij dat de regels met betrekking tot uitstoot en geluidsoverlast in Nederland al strenger zijn dan elders. Wat betreft nachtvluchten stelt hij dat de Buitenveldertbaan vooral overdag gebruikt wordt en nachtvluchten alleen plaatsvinden als dat noodzakelijk is door weersomstandigheden. Hij geeft aan dat ook bij gebruik van de Oostbaan, er alles aan gedaan zal worden om nachtvluchten te beperken. Lid BOBELDIJK (SP) stelt dat de uitstootregels voor luchtvaart gebonden zijn aan internationale regels en niet aan Nederlandse regels.
Wethouder VAN BUREN legt uit dat de gemeente niet tegen Schiphol of vliegen is, maar dat de gezondheid van mensen, vooral de nachtrust, prioriteit heeft. Ze benadrukt dat het noodzakelijk is om onderhoud aan de Buitenveldertbaan uit te voeren, maar ze heeft kritiek op de manier waarop dit wordt gepresenteerd, met name het gebrek aan tijdige communicatie van Schiphol. Ze uit ook haar bezorgdheid over de minister van Infrastructuur en Waterstaat, die volgens haar niet voldoende rekening houdt met de zorgen van de omwonenden. Ze stelt dat de gemeente zich inzet voor een nachtvluchtenstop en pleit voor transparante communicatie naar de bewoners. Ze zegt dat er geen wettelijk recht op compensatie is voor de overlast, maar dat de gemeente wel probeert een eerlijke benadering te bieden. Ook geeft ze aan dat de gemeente, ondanks dat ze niet in bezwaar kan gaan tegen de ministeriële regeling, wel blijft aandringen op meer betrokkenheid bij toekomstige baanonderhoudsprocessen en onderzoekt juridische stappen tegen de overlast. Lid SCHMIT (D66) vraagt of de wethouder een extra Raad van Commissarissenvergadering wil aanvragen om dit onderwerp te bespreken. Wethouder VAN BUREN legt uit dat ze geen reden ziet om een extra aandeelhoudersvergadering of een vergadering van de Raad van Commissarissen aan te vragen, omdat zij zelf geen commissaris is.
Ze benadrukt dat zij haar standpunten en ongenoegen al op andere manieren heeft geuit, zoals in gesprekken met de CEO van Schiphol en via contact met de voorzitter van de Raad van Commissarissen. Hierdoor voelt zij zich voldoende in staat om haar zorgen te communiceren zonder aanvullende vergaderingen. Lid VAN BERKEL (JA21) vraagt of het klopt dat de wethouder krimp wil van Schiphol tijdens het onderhoud en zo ja, waar Schiphol dan de opbrengsten voor het onderhoud vandaan moet halen. Wethouder VAN BUREN beaamt dat dit klopt. Ze legt uit dat zij in aandeelhoudersvergaderingen veel gesprekken voert over de investeringen van 6 miljard euro die in Schiphol gedaan moeten worden. Ze benadrukt dat het niet realistisch is te denken dat het onderhoud gefinancierd kan worden door simpelweg gedurende twee zomermaanden het aantal vluchten te verminderen. Het gaat volgens haar om veel meer dan alleen het aantal vluchten. Lid GARMY (Volt) vraagt naar de verantwoordelijkheid van de gemeente in de communicatie naar de inwoners en of er een duidelijk beeld is van wat Schiphol zelf van plan is te doen en welke rol de gemeente hierin zal vervullen.
14
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
Wethouder VAN BUREN stelt dat de verantwoordelijkheid voor de communicatie over de situatie primair bij Schiphol en het Rijk ligt. De gemeente ziet erop toe dat die communicatie helder, duidelijk en transparant is. Daarnaast benadrukt ze dat bewoners klachten kunnen indienen via bestaande meldpunten en dat er nauwe contacten zijn met de Maatschappelijke Raad Schiphol (MRS) en de Bestuurlijke Regie Schiphol (BRS), waar bewoners ook vertegenwoordigd zijn en gesprekken over deze kwesties plaatsvinden. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voldoende besproken is. 10. Bespreken van juridische stappen tegen schadelijke uitstoot door vliegverkeer rond Schiphol (VN2024-018762) Eerste termijn Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) stelt dat Schiphol handelt als een gewetenloze, kankerverwekkende onderneming en spreekt van georganiseerde milieucriminaliteit die zich voordoet als luchthaven. Hij vraagt zich af welke laatste stappen op de escalatieladder kunnen worden ingezet om deze situatie aan te pakken en wijst daarbij op de rol van de gemeente als aandeelhouder en de zorgplicht die de stad heeft om juridische stappen te overwegen. Lid VAN BERKEL (JA21) vraagt zich af waar lid Meerburg op baseert dat hier sprake zou zijn van een criminele organisatie.
Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) stelt dat Schiphol voortdurend moedwillig de milieunormen overschrijdt die in een gezonde samenleving horen te gelden, met ernstige gezondheidsschade als gevolg. Hij benadrukt dat wanneer een onderneming zulke schade toebrengt aan de samenleving en zich steeds opnieuw probeert te onttrekken aan verantwoordelijkheid door middel van lobbywerk en machtsmisbruik, dit crimineel gedrag is. Hij vergelijkt het met andere multinationals zoals Shell, die soms veroordeeld worden en andere keren wegkomen met dergelijke praktijken. Lid VAN BERKEL (JA21) vraagt of lid Meerburg van mening is dat Schiphol en de Nederlandse luchtvaart opzettelijk en bewust de wet overtreden. Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) stelt dat het niet alleen gaat om het overtreden van wetten, wat aan de rechter is om te bepalen, maar dat moedwillig schade toebrengen aan de maatschappij met extreem vervuilende stoffen en het manipuleren van wetgeving om verantwoordelijkheid te ontlopen, beschouwd kan worden als een vorm van milieucriminaliteit. Hij noemt dit crimineel gedrag, ongeacht of er een veroordeling plaatsvindt. Hij wijst erop dat bedrijven zoals Schiphol normen schenden die in een gezonde samenleving zouden moeten gelden en benadrukt het belang van de rechterlijke macht om dergelijke praktijken te stoppen.
Lid VAN BERKEL (JA21) noemt het pertinent onzin om de luchtvaart als een criminele organisatie te bestempelen en vraagt lid Meerburg nadrukkelijk om afstand te nemen van zijn woorden. Hij benadrukt dat de Partij voor de Dieren de rechtsstaat zou moeten respecteren en dat dergelijke uitspraken daarmee in strijd zijn. Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) geeft aan zijn woorden over Schiphol niet terug te nemen en wijst op juridische stappen zoals class action lawsuits in Amerika, waar bewoners luchthavens aanklagen wegens milieuschade en gezondheidsschade. Hij verwijst naar het RIVMrapport dat de relatie tussen fijnstof en gezondheidsschade aantoont en stelt dat dit mogelijk vraagt om een actievere rol van de gemeente. Hij vraagt de wethouder of de gemeente, vanuit haar zorgplicht, juridische stappen moet overwegen tegen Schiphol of dat dit volledig aan bewonersorganisaties, zoals SchipholWatch, moet worden overgelaten.
15
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
Lid VAN BERKEL (JA21) reageert kritisch op het voorstel van lid Meerburg om juridische stappen tegen Schiphol te overwegen. Hij noemt het vreemd dat de gemeente, als aandeelhouder van Schiphol, een rechtszaak tegen het bedrijf zou starten. Hij stelt dat dit een heel andere situatie is dan bewoners die stappen ondernemen en vraagt of de Partij voor de Dieren het gepast vindt om dit te doen op kosten van de Amsterdamse belastingbetaler. Volgens hem vertegenwoordigt de Partij voor de Dieren een kleine minderheid die zich voornamelijk richt op het aanvallen van de luchtvaart. Hij benadrukt dat duizenden werknemers, vaak uit kwetsbare wijken, hun inkomen verdienen via Schiphol en vraagt hoe de Partij voor de Dieren deze belangen meeneemt. Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) stelt dat de werknemers van Schiphol worden blootgesteld aan schadelijke uitstoot van vliegtuigmotoren, wat ernstige gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Hij benadrukt dat dit een groter probleem is dan de belangen van reizigers die goedkoop willen vliegen of de vermeende economische voordelen van transitpassagiers. Lid VAN BERKEL (JA21) noemt het voorstel van de Partij voor de Dieren om juridische stappen te overwegen tegen Schiphol van de zotte. Hij stelt dat Schiphol zich aan de strenge Nederlandse luchtvaartregels houdt, die strikter zijn dan in veel andere Europese landen.
Hij bekritiseert het idee dat de gemeente, als aandeelhouder, zou procederen tegen haar eigen onderneming en noemt dit een voorbeeld van activisme van linkse partijen die hun agenda willen doordrukken met belastinggeld. Hij benadrukt dat wat zijn partij betreft de gemeente niet meewerkt aan dergelijke juridische stappen en dat partijen die willen procederen dat op eigen kosten moeten doen. Lid KABAMBA (Lijst Kabamba) benadrukt het belang van goed zorgen voor zowel de inwoners als de medewerkers van Schiphol. Ze wijst op de schadelijke gezondheidseffecten en klachten van medewerkers die niet adequaat zijn aangepakt, wat leidt tot langdurige gezondheidsproblemen zonder oplossingen en steunt daarom de oproep van de Partij voor de Dieren om actie te ondernemen en deze mensen beter te ondersteunen. Ze stelt dat Schiphol als internationaal voorbeeld een verantwoordelijkheid heeft om zowel omwonenden als medewerkers te beschermen en pleit voor een groene manier van reizen die de gezondheid en het welzijn van mensen vooropstelt, zodat niemand gedwongen wordt naar de rechter te stappen om normaal te kunnen ademen. Lid VAN BERKEL (JA21) vraagt lid Kabamba hoe dit zich verhoudt tot haar eerdere uitspraak dat krimp niet zou mogen leiden tot het niet kunnen bezoeken van het land van herkomst door Amsterdammers met een migrantenachtergrond.
Hij wijst erop dat haar steun voor maatregelen tegen Schiphol mogelijk zou bijdragen aan krimp, en vraagt hoe ze daartegen aankijkt. Lid KABAMBA (lijst Kabamba) legt uit dat haar strijd gericht is tegen onrechtvaardigheid, vooral tegen grote bedrijven zoals Schiphol die hun verantwoordelijkheid voor de gezondheid van werknemers niet nemen. Ze benadrukt dat werknemers in gebieden als Zuidoost en Nieuw-West recht hebben op een gezonde werkomgeving en een gezonde toekomst. Lid Kabamba stelt dat, indien er krimp zou plaatsvinden bij Schiphol, er manieren gevonden moeten worden om de werknemers te ondersteunen, zodat ze niet gedwongen worden door te werken in ongezonde omstandigheden. Ze benadrukt het belang van zowel krimp als gezonde werkomstandigheden, vooral in verband met de ernstige gezondheidsproblemen die werknemers bij Schiphol hebben ervaren, zoals kanker door kankerverwekkende stoffen. Ze stelt dat het onacceptabel is dat werknemers zoveel moeite en geld moeten investeren om steun te krijgen, bijvoorbeeld van de FNV. Wethouder VAN BUREN legt uit dat de gemeente juridische stappen tegen Schiphol niet wenselijk vindt. Ze benadrukt dat de gemeente zoekt naar andere manieren van beleidsbeïnvloeding, zoals het verbeteren van verduurzaming en arbeidsomstandigheden. Ze
16
Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Definitief raadscommissieverslag, 23 januari 2025
FKD
stelt dat er al juridische procedures lopen, zoals tegen de natuurvergunning van Schiphol, en dat het starten van strafrechtelijke procedures, bijvoorbeeld over gezondheidseffecten, problematisch kan zijn. Ze pleit voor samenwerking met Schiphol en andere gemeenten, vooral rondom maatregelen voor krimp en een nachtsluiting. Ook wijst ze op het belang van maatschappelijke betrokkenheid en gesprekken met belanghebbenden om tot oplossingen te komen. Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) vraagt of zijn samenvatting klopt dat het college liever geen juridische stappen onderneemt vanwege de nadelen, maar dat het niet volledig uitsluit en niet per se niet passend vindt. Wethouder VAN BUREN erkent dat ze in gesprek is met partijen die juridische stappen overwegen, maar benadrukt dat het college op dit moment geen juridische stappen wil ondernemen, hoewel ze de ontwikkelingen volgt. Ze verwijst naar een gesprek met een pushback truckchauffeur als voorbeeld van zorgen over de arbeidsomstandigheden, vooral door schadelijke stoffen. Ze stelt dat Schiphol zich bewust is van de situatie en maatregelen neemt, zoals walstroom voor vliegtuigen, maar dat de implementatie sneller moet gaan. Ze benadrukt dat ze geen oordeel kan vellen over alle arbeidsomstandigheden, maar wel achter verder onderzoek staat naar de gezondheidseffecten voor medewerkers.
Op een interruptie van lid Van Berkel verduidelijkt ze dat Schiphol wel maatregelen neemt, zoals het gebruik van walstroom en elektrische voertuigen om de luchtvervuiling te verminderen, maar dat de implementatie nog niet snel genoeg gaat. Ze noemt de beperkte beschikbaarheid van voertuigen en de druk van luchtvaartmaatschappijen, zoals KLM, die snelle doorstroming van vliegtuigen willen. Ze benadrukt dat er nog meer onderzoek nodig is en dat verduurzamingsmaatregelen sneller moeten worden doorgevoerd, maar ze geeft aan dat Schiphol al stappen heeft gezet, ook al is er ruimte voor verbetering. Lid LOCHTENBERG (CDA) vraagt de wethouder of zij een overzicht heeft van de juridische procedures die tegen Schiphol lopen, inclusief de status van deze procedures, en of ze dit met de commissie kan delen. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat ze geen compleet overzicht heeft van de lopende juridische procedures tegen Schiphol, maar geeft aan dat Platform Vliegoverlast met een procedure bezig is en gemeente Aalsmeer hierover nadenkt. Ze stelt voor om een overzicht te verstrekken als daar behoefte aan is. Als antwoord op een vraag van lid Kabamba geeft ze aan in overleg te zijn met gemeenten rond Schiphol die overlast ervaren. De VOORZITTER concludeert dat dit punt voldoende besproken is. Deelnemingen (excl. AEB en Schiphol) 11.
Bespreken van de ernstige problemen rondom veiligheid van reizigers en medewerkers GVB (VN2024-018782) De VOORZITTER opent agendapunt 11 over de ernstige problemen rondom de veiligheid van reizigers en medewerkers bij het GVB. De voorzitter vermeldt dat eind vorig jaar onafhankelijke en relevante rapporten en documentatie over de technische veiligheid van GVBmaterieel, opgesteld door het GVB, de ILT en de VRA, openbaar zijn gemaakt naar aanleiding van een aangenomen motie van de Partij voor de Dieren. Eerste termijn Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) wijst erop dat de raad unaniem een motie heeft aangenomen om alle rapporten over de technische veiligheid van het GVB te ontvangen. Hij merkt op dat een Woo-verzoek van het NRC meer onthullende informatie opleverde dan wat de raad heeft gekregen. Dit roept bij hem zorgen op over de volledigheid van de