CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2024 10 03 definitief verslag AZ

Raadscommissie Algemene Zaken 3 oktober 2024, gemeente Amsterdam17.241 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De burgemeester stelt voor dat zij de bijdragen van de insprekers en de vragen van de commissieleden om te zetten in een raadsbrief voor bespreking in het college en de gemeenteraad. Dan krijgt de raad een compleet antwoord dat steunt op een volledige collegebrief. Daarin worden de vragen van vandaag meegenomen en kan de raad een volledig debat voeren. Ze hoopt de brief voor de volgende commissievergadering te kunnen presenteren. Het lid NADIF vraagt of de sancties die door de scholen en instellingen zelf opgelegd kunnen worden in de brief meegenomen worden. Burgemeester HALSEMA wil dat met wethouder Moorman bespreken. Het lid Nadif krijgt daarna ofwel een procesantwoord in die brief of een inhoudelijk antwoord. Het lid ABDI steunt het voorstel van de burgemeester en zal proberen haar initiatiefvoorstel eerder in te dienen zodat dat het bij de bespreking betrokken kan worden. De VOORZITTER sluit het agendapunt. Het lid WIJNANTS meldt dat hij in overleg met het lid Alberts akkoord gaat dat agendapunt 11 schriftelijk wordt afgedaan.

19

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

Algemene Zaken 11. Amsterdam 750: Start jubileumjaar Nr. VN2024-013178 Dit agendapunt is afgevoerd van de agenda. Het lid KHAN stelt voor om agendapunt 12 door te schuiven indien de vergadering om halfzes nog niet is afgerond. Regelgeving en Handhaving 7. Bespreken van de Voortgang Actieplan Aanpak anti-lhbtiq+-geweld Nr. VN2024012613 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Deterink. Het lid DETERINK legt een verband tussen de dalende acceptatie van de lhbtiq+gemeenschap onder Amsterdamse jongeren en geweldsincidenten tegen deze gemeenschap zoals afgelopen week in het centrum Amsterdam. Hij vindt het van groot belang dat de pakkans wordt vergroot en daders niet ongestraft met dit soort acties weg mogen komen. Hij is blij dat het actieplan en het handelingskader nu volop in uitvoering zijn, maar het is nog te vroeg concrete resultaten. Naar aanleiding van gesprekken met ander andere de Regenboog Veiligheidsalliantie en Queer is not a Manifesto heeft hij de volgende vragen aan de burgemeester.

 Hoe blijft de goede energie behouden nu het extern adviesbureau uit de implementatiefase van het actieplan is gehaald?  Hoe wordt geborgd dat dit actieplan anti-geweld volop steun krijgt van de hele organisatie?  Hoeveel middelen zijn er beschikbaar in dit actieplan voor de community en hoe is het praktisch gezien geregeld om van die middelen gebruik te maken?  Hoe staat het met het stedelijk platform, ook wat betreft de planning?  Zijn er mogelijkheden om vanuit de gemeente een campagne op te starten om meer bekendheid te geven aan de app Rita (report it allways) zodat meldingsbereidheid toeneemt? De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Bentoumya. Het lid BENTOUMYA benadrukt het belang dat de community zelf de leiding heeft binnen het actieplan en dat een aanzienlijk deel van het beschikbare budget naar de mensen moet gaan die hierover ideeën hebben. Onlangs is er een vruchtbare bijeenkomst geweest in het stadscentrum waar zeer goede ideeën vanuit de community naar voren zijn gekomen. Dit soort bijeenkomsten zouden ook in andere stadsdelen georganiseerd moeten worden, zodat de ideeën uit de community zelf navolging krijgen binnen het actieplan en er tevens financiële middelen aan gekoppeld worden.

Ze vraagt zich af of het mogelijk is dat vertegenwoordigers van de lhbtiq+gemeenschap uit de stadsdelen periodiek met de driehoek en de Regenboog Veiligheidsalliantie in gesprek kunnen gaan. Ze onderstreept het belang van de meldingstool Rita, die een cruciale rol speelt in het verhogen van de meldingsbereidheid. Omdat deze app gekoppeld is aan discriminatie.nl, vraagt ze of de gemeente mogelijk met hen kan samenwerken om de bekendheid van Rita verder te vergroten. Ze vraagt ook of meer straatcoaches getraind kunnen worden in het herkennen van straatintimidatie en geweld, bovenop de 25 straatcoaches die nu in de brief worden genoemd.

20

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

Tot slot wil ze weten of het mogelijk is om aan te sluiten bij organisaties zoals ClubEthics en Sexmatters, zodat personeel in het uitgaansleven beter voorbereid is op het herkennen en melden van intimidatie en geweld. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Noordzij. Het lid NOORDZIJ wijst op de negatieve gevolgen van een geweldsincident voor de hele queer-gemeenschap, ze voelen daardoor dat de afkeer tegen de gemeenschap in de stad verhardt. Hij benadrukt dat het actieplan kan bijdragen aan een omgeving waarin mensen kunnen zijn wie ze zijn. Met het nieuwe handelingskader kunnen Amsterdammers rekenen op nog betere en zorgzame opvolging bij aangiftes of meldingen. Hij hoopt dat in samenwerking met lhbtiq+-organisaties, onderwijsinstellingen, verenigingen en het uitgaansleven het bestaan van het handelingskader wordt benadrukt zodat de bekendheid ervan snel verspreid wordt. Dit zal ertoe bijdragen dat slachtoffers van geweldsincidenten sneller aangifte of melding doen. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Hofland. Het lid HOFLAND leest in het actieplan allerlei goede ideeën en mooie initiatieven, maar vraagt zich af welk praktisch verschil dit plan maakt voor iemand die wordt bespuugd, nare opmerkingen krijgt en uiteindelijk ook nog wordt geschopt. In zo'n situatie kun je in gesprek gaan, wat belangrijk is, maar het doel moet zijn om dit soort incidenten te voorkomen.

Dus zijn vraag is, welk verschil maakt dit actieplan voor deze slachtoffers? Daarnaast wijst hij op het bekende probleem dat mensen uit de lhbtiq+gemeenschap niet altijd vriendelijk worden behandeld als ze een taxi willen gebruiken. Hij vraagt of de gemeente kan bijdragen aan het creëren van lhbtiq+-vriendelijke taxi's, eventueel in samenwerking met TTO’s (Toegelaten Taxi Organisaties) Het lid NOORDZIJ merkt op dat eigenlijk elke taxi lhbtiq+-vriendelijk moet zijn. Het lid HOFLAND vindt dat inderdaad vanzelfsprekend. Het lid VAN BERKEL benadrukt dat de vrijheid van lhbtiq+’ers essentieel is en dat zij zonder angst zichzelf moeten kunnen zijn. Hij vindt dat er keihard moet worden opgetreden tegen het geweld tegen deze groep. Daarbij verwijst hij naar een motie van JA21 in de Tweede Kamer voor de inzet van lokagenten om straatintimidatie tegen lhbtiq+’ers tegen te gaan. De pilot met lokagenten in burger die gericht is op het op heterdaad betrappen van seksuele straatintimidatie is al succesvol gebleken waarbij de eerste daders zijn opgepakt en beboet. Hij vraagt of de burgemeester zo'n pilot in Amsterdam voor zich ziet. JA21 zal in de eerstvolgende raadsvergadering waarbij dit onderwerp op de agenda staat een soortgelijke motie indienen en hij hoopt op raadsbrede steun voor dit plan. De VOORZITTER schorst de vergadering voor vijf minuten.

De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema voor de beantwoording in eerste termijn. Burgemeester HALSEMA is blij met de brede steun voor het actieplan, omdat dit noodzakelijk is om stappen vooruit te zetten. Tijdens een bezoek aan een middelbare school hoorde ze leerlingen opmerkingen maken dat zij lhbtiq+ zien als een ideologie of politieke kwestie. Deze opvatting zie je terug op internationale sociale media en in cultuurconservatieve kringen. Ze maakt zich zorgen over deze verschuiving in het nationale en internationale debat.

21

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

Dit geeft aan dat het probleem complex en diepgeworteld is en dat er meer voor nodig is dan alleen harder optreden in bepaalde wijken. Het gaat om een culturele verschuiving die een diepgravende aanpak vereist. Daarom is het actieplan opgesteld, de Regenboog Veiligheidsalliantie opgericht, en een handelingskader ontwikkeld. Er wordt momenteel gezocht naar een nieuwe programmamanager voor het actieplan omdat dit zoveel prioriteit heeft dat er iemand specifiek voor wordt vrijgemaakt. Tot en met 2026 heeft het actieplan een budget van zeven ton, waarmee voldoende activiteiten kunnen worden ontplooid om de doelen te realiseren. De Rita-app is inderdaad een fantastisch initiatief. Het is een privaat initiatief, ontwikkeld in samenwerking met het meldpunt discriminatie en een groot netwerk binnen de lhbtiq+-gemeenschap. Ook enkele partijen uit de taxibranche doen eraan mee. Het platform heeft in korte tijd meer dan vijfduizend volgers op Instagram verzameld en er zijn al 150 meldingen van incidenten uit heel Nederland gedaan. Van deze meldingen is 90 procent anoniem, wat de afhandeling wel ingewikkelder maakt omdat er dan moeilijker op kan worden gehandeld. De burgemeester zal samen met de ambtenaren nadenken over hoe de bekendheid van Rita verder kan worden versneld.

Daarbij zal ook worden gekeken naar manieren om mensen te stimuleren hun meldingen op een laagdrempelige manier door te zetten zonder volledig anoniem te blijven zodat er effectief actie kan worden ondernomen. Het lid DETERINK merkt op dat met de app ook mogelijk is voor omstanders om te kunnen melden. Daarom is die bekendheid nog belangrijker. Het gaat om veel meer dan alleen mensen die last hebben gehad van incidenten. Zou de burgemeester dat ook mee kunnen nemen in de gesprekken? Burgemeester HALSEMA vindt dit een goede toevoeging en zal het meenemen. De mensen die de training hebben gevolgd zijn 25 SAOA-hosts van het uitgaansgebied Rembrandtplein, Dit zijn dus geen straatcoaches. Het stadsdeel overweegt nu om ook andere groepen hosts deze training te laten volgen. De burgemeester zal in gesprek gaan met de stadsdeelvoorzitters om te kijken of dit ook in andere stadsdelen kan worden geïntroduceerd. Het uitgangspunt van het actieplan is inderdaad om een zo groot mogelijk deel van het budget bij de gemeenschap zelf terecht te laten komen om ervoor te zorgen dat het op de juiste plekken wordt besteed. Elk stadsdeel heeft een klein budget gekregen om uit te geven, waarbij ze overleggen met lokale partners en de lhbtiq+-gemeenschap over hoe dit het beste kan worden besteed.

Daarnaast selecteert de organisatie Queer is not a Manifesto zes queer navigators uit de gemeenschap die kunnen helpen om anderen in beeld te brengen en contact te leggen. Deze zes personen krijgen ook een klein budget dat zij in overleg met deze groepen kunnen gebruiken voor kleine projecten die de veiligheid verbeteren. Het lid BENTOUMYA vraagt om bij de betrokkenen aan te geven dat projecten die gestart worden ook volgend jaar doorgang kunnen krijgen zodat daar duidelijkheid over is en dat het geborgd kan worden vanuit de gemeenschap. Burgemeester HALSEMA vindt dat vanzelfsprekend en zal daarvoor zorgen. Het lid BENTOUMYA herhaalt haar vragen over de koppeling met ClubEthics en om ook het personeel in het uitgaansleven te wijzen op de Rita-app en het actieplan Burgemeester HALSEMA geeft aan dat ze dat zal doen. Ze heeft contact met clubs over de intimidatie van vrouwen en zal in haar volgende gesprek dit combineren met overleg over de veiligheid van de lhbtiq+-gemeenschap. Op 5 mei heeft de burgemeester een bijeenkomst in de Melkweg bijgewoond, georganiseerd door Jennifer Hopelezz en anderen, waar taxichauffeurs in gesprek gingen met bekende en minder bekende figuren uit de drag community. Het was een fascinerende middag, een botsing van culturen, maar ook heel plezierig en effectief.

22

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

OOV (Openbare Orde en Veiligheid) neemt deel aan een nieuwe overlegstructuur tussen de gemeente en de taxibranche, dat is het samenwerkingsplatform Taxi 020. Gemiddeld één keer per jaar sluit wethouder Van der Horst zich hierbij aan. In deze overleggen wordt besproken wat er speelt in de branche, zowel strategisch als inhoudelijk en wordt ook nadrukkelijk aandacht gevraagd voor de veiligheid van de lhbtiq+gemeenschap. Het lid HOFLAND vraagt of er naast het overleg ook concrete voorstellen komen voor lhbtiq+-vriendelijke taxi's. Burgemeester HALSEMA vindt het een heel goed idee en gaat kijken hoe dat gerealiseerd kan worden. In principe moet elke taxi daaraan voldoen maar je kunt beginnen met een keuringsgroep die het goede voorbeeld geeft. Dit kan ook een zekere veiligheid bieden. De vraag naar lokagenten is vaker gesteld. Bij het Openbaar Ministerie is er weinig vertrouwen in omdat je al snel op het terrein van uitlokking terechtkomt, wat kan betekenen dat de zaken dan niet bewijsbaar zijn en wegvallen. Maar onder deze omstandigheden moet alles worden nagegaan. De burgemeester zal dit dus onderzoeken en komt hierop terug. De commissie krijgt een vervolgbrief op het actieplan met de toezeggingen en de zaken die nog uitgezocht moeten worden, zoals de aanstelling van de programmamanager en de inhoudelijke antwoorden op vragen waar nu een procesantwoord op is gegeven.

Het lid NOORDZIJ herhaalt zijn vraag over het breder bekend maken van het handelingskader om aangifte- en meldingsbereidheid te verhogen. Burgemeester HALSEMA beaamt dat bekendheid van het handelingskader wezenlijk is voor de levensvatbaarheid van het actieplan. Ze zal een antwoord meenemen de vervolgbrief. De hoofdcommissaris HOLLA wil benadrukken dat de politie het onderwerp belangrijk vindt en dat alle incidenten, meldingen en aangiftes continu gemonitord worden. Alle incidenten worden besproken met het meldpunt discriminatie.nl en het Openbaar Ministerie om ervoor te zorgen dat er geen zaken tussen wal en schip vallen. Roze in Blauw heeft een eigen nummer, maar bij zaken waarvan de politie denkt dat het zinvol is worden zij ook betrokken. Ondanks capaciteitsproblemen heeft dit er niet toe geleid dat zij niet bij een zaak aanwezig zijn geweest wanneer daar behoefte aan was. Het handelingskader helpt enorm om zaken op stadsdeelniveau te kunnen bespreken en een betekenisvolle afdoening te realiseren. Daarnaast worden politiemedewerkers getraind om de drempel voor het doen van aangifte te verlagen. Het Expertisecentrum Aanpak Discriminatie, dat als pilot is gestart, is positief geëvalueerd. Zoals het er nu uitziet is er structureel geld voor beschikbaar en zelfs iets uit te breiden naar andere doelgroepen en ook dit onderwerp specifiek extra aandacht te geven.

Daarnaast is er een dashboard in ontwikkeling om sneller en actueler inzicht te geven in deze problematiek. De VOORZITTER sluit het agendapunt. Regelgeving en Handhaving 8. Bespreken van de raadsinformatiebrief voortgang aanpak dierenmishandeling Nr. VN2024-012614 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Bakker.

23

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

Het lid BAKKER betoogt dat mishandelde dieren een eerste indicator kunnen zijn van andere vormen van geweld, zoals kindermishandeling. Deze zogenoemde cruelty link maakt het waardevol voor zorgverleners, politie en andere professionals om extra alert te zijn op situaties waarin dieren mishandeld worden. Het kan zinvol zijn om bij het opmerken van een mishandelde hond in huis of bij het dumpen van een kat of konijn verder onderzoek te doen naar de dader omdat dit ook ander leed aan het licht kan brengen. Daarnaast kan de signalering van dierenmishandeling bijdragen aan het opsporen van andere vormen van criminaliteit, zoals illegale dierenhandel. Het vergroten van de alertheid bij deze situaties kan dus een breder maatschappelijk belang dienen. De Partij voor de Dieren spreekt haar waardering uit voor het werk van de Dierenpolitie. Het aantal meldingen is in de afgelopen tien jaar verdubbeld, en toch slaagt de eenheid Amsterdam erin om alle meldingen op te pakken. Dit is cruciaal voor dieren in nood in de stad, maar ook om andere vormen van leed op te sporen of te voorkomen. Tegelijkertijd blijkt er onvoldoende tijd te zijn voor de Dierenpolitie om omvangrijke onderzoeken te verrichten.

De Partij voor de Dieren benadrukt het belang van het aanpakken van de capaciteitsproblemen binnen de Dierenpolitie en ondersteunt het voornemen van de burgemeester om dit probleem landelijk aan te kaarten, evenals de werkwijze van het meldpunt 114. Ze benadrukken het belang van meer inzicht in de aard van meldingen bij de Dierenpolitie, hoeveel meldingen succesvol worden afgerond, hoeveel leiden tot een zorgtraject en hoeveel tot een constatering. Ze vinden dit inzicht cruciaal en pleiten indien er onvoldoende overzicht is voor een uitbreiding van de registraties binnen de driehoek en ze vragen of de raad een brief kan ontvangen over het overleg met de minister en de wethouder Dierenwelzijn waarin deze kwesties opnieuw besproken worden. Wat betreft de opstart van het netwerk tussen humane welzijnsorganisaties en dierenwelzijnsorganisaties merkt het lid Bakker op dat er nog weinig respons is gekomen van diverse partijen. Ze hoopt dat de burgemeester zich inzet om van dit netwerk een succes te maken, Het is positief dat Veilig Thuis via presentaties en workshops aandacht besteedt aan de correlatie tussen dierenmishandeling en huiselijk geweld.

Toch ziet ze deze initiatieven als vrijblijvend en ze benadrukt het belang van structurele aandacht voor dierenwelzijn achter de voordeur en vraagt wat de gemeente kan doen om dit thema te verankeren in de opdracht van organisaties zoals de buurtteams en het Ouder- en Kindteam. Ze stelt voor dat het signaleren van dierenwelzijnsproblemen een officieel onderdeel wordt van de opdracht van deze organisaties. De training voor woningcorporaties zou jaarlijks herhaald moeten worden, omdat medewerkers wisselen en de kennis anders verloren kan gaan binnen deze organisaties. Ze wijst op de belangrijke correlatie tussen geweld tegen vrouwen en dierenmishandeling, en stelt voor dat deze link meegenomen wordt in toekomstige campagnes en gemeentelijke communicatie rondom huiselijk geweld. De fractie van de Partij voor de Dieren organiseert een werkbezoek bij de Dierenpolitie binnen de politie-eenheid Amsterdam. Ze nodigen raadsleden uit om in gesprek te gaan over de knelpunten die de Dierenpolitie ervaart, de link tussen dierenmishandeling en huiselijk geweld en om uitleg te geven over de samenwerking met de dierenambulance en dierenopvang. Ook wordt er gekeken naar de mogelijkheid om mee te gaan bij een controlebezoek. De VOORZITTER concludeert dat een aantal partijen geïnteresseerd is in het werkbezoek. Hij geeft het woord aan burgemeester Halsema voor de beantwoording.

Burgemeester HALSEMA stelt voor om een eventuele uitbreiding van registraties afhankelijk te maken van het gesprek binnen de driehoek. Dit gesprek zal duidelijkheid bieden over de toename van meldingen, de oorzaken daarvan, de aard van de meldingen, en de status van opsporing en vervolging. Ze zal ervoor zorgen dat de commissie hierover geïnformeerd wordt. Het is van groot belang dat de raad goed en volledig geïnformeerd blijft over dierenwelzijn en de problematiek rondom dierenmishandeling. Dit vraagt ambtelijk om

24

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

afstemming tussen Openbare Orde en Veiligheid (OOV), Dierenwelzijn, Zorg en de politie. Na het overleg van de wethouder met de minister zal de raad een brief ontvangen. Dit kan dienen als een startpunt voor een jaarlijks terugkerend overzicht over dierenmishandeling en de stand van zaken. Op die manier wordt de raad structureel op de hoogte gehouden van deze problematiek. Het signaleren van huiselijk geweld inclusief dierenmishandeling is al een officieel onderdeel van de opdracht aan buurtteams en Ouder- en Kindteams. De zogeheten meldcodetraining die alle buurtteammedewerkers krijgen omvat ook dierenmishandeling als onderdeel van huiselijk geweld. Daarnaast krijgen enkele medewerkers een verdiepende training om hun collega's te adviseren. De burgemeester zal nagaan of er gesprekken met buurtteams en OKT's nodig zijn om te waarborgen dat signalen van dierenmishandeling voldoende bekend zijn of dat extra aandacht vereist is. Ten slotte zal de burgemeester in de overkoepelende brief terugkomen op de jaarlijkse herhaling van de trainingen voor woningcorporaties mogelijk is en ze zal onderzoeken of dierenmishandeling een onderdeel kan worden van gemeentelijke campagnes tegen huiselijk geweld. De VOORZITTER geeft het woord aan hoofdcommissaris Holla.

De hoofdcommissaris HOLLA benadrukt dat de themahouders Dieren binnen de politie voortdurend proberen goed af te stemmen met andere organisaties die verantwoordelijkheden hebben op dit gebied. Bij grote onderzoeken worden in overleg met het Openbaar Ministerie de prioriteiten zorgvuldig bepaald, wat vaak een moeilijke afweging is maar dit gebeurt met veel zorgvuldigheid. De politie waardeert altijd een werkbezoek omdat dit een goede gelegenheid biedt om het enthousiasme en de inzet van de collega's op het gebied van dierenwelzijn over te dragen. Het geeft ook inzicht in hoe de politie samenwerkt met diverse partners om dierenmishandeling effectief aan te pakken. De VOORZITTER sluit het agendapunt. Evenementen 9. Bespreken van de raadsinformatiebrief over Evenementenkalender 2025 Nr. VN2024-012617 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Moeskops. Het lid MOESKOPS vraagt of de gemeente nog op schema zit met het evenementenbeleid om voor het seizoen van 26 te kunnen vergunnen. Volgens de tijdlijn is de participatie op de locatieprofielen inmiddels begonnen, maar die heeft ze nog niet gezien. Ze vraagt de burgemeester wanneer eventueel het moment zich voordoet dat er weer besloten moet worden om de Evenementenkalender nog een keer te kopiëren. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema voor de beantwoording.

Burgemeester HALSEMA antwoordt dat er hard wordt gewerkt aan het nieuwe evenementenbeleid. Voor de locatieprofielen is het voorwerk gestart, er is vooronderzoek gedaan en er is uitgebreid met de stadsdelen gepraat over de participatie en hun aandeel in het herijken van de locatieprofielen. Op heel korte termijn wordt in het college gesproken over de uitvoeringsagenda in dat stuk wordt visie op evenementen die voor de zomer is vastgesteld vertaald in concrete voorstellen die in het nieuwe beleid worden uitgewerkt. In die voorstellen zijn ook de wensen van de raad, het college en de stadsdelen voor aanvullende beleidsinstrumenten opgenomen, zoals de wens van de raad een extra categorie in het vergunningenstelsel op

25

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

te nemen en de wens voor extra sturingsinstrumenten om middelgrote en gratis toegankelijke evenementen te ondersteunen. Tegelijkertijd zal het college zich ook buigen over de voorstellen voor planning en uitvoering van het nieuwe beleid. Daar is een analyse van gemaakt en die wordt op korte termijn besproken en de raad wordt daarover geïnformeerd zodra er meer duidelijkheid is en dat is naar verwachting over twee à drie weken De VOORZITTER sluit het agendapunt. Openbare Orde en Veiligheid 13. Pro-Palestina UvA-studentenprotest beëindigd op onjuiste juridische gronden Nr. VN2024-013566 De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Khan. Het lid KHAN stelt de vraag hoe het mogelijk is dat de driehoek op 6 mei op gezag van het Openbaar Ministerie de inzet van de mobiele eenheid rechtvaardigde op basis van erfvredebreuk terwijl hetzelfde Openbaar Ministerie vier maanden later concludeert dat er geen sprake was van erfvredebreuk. Kritische juristen hadden deze uitkomst al voorzien. De dag na de demonstratie stuurde de advocaat van de studenten een e-mail naar het Openbaar Ministerie met daarin jurisprudentie die duidelijk maakte dat er geen twijfel bestond over het feit dat er geen sprake was van erfvredebreuk. Desondanks bleef het college van burgemeester en wethouders tijdens het spoeddebat op 10 mei vasthouden aan haar standpunt.

Op 13 september liet het Openbaar Ministerie weten dat alle zaken die gebaseerd waren op erfvredebreuk zouden worden geseponeerd. Hoewel het seponeren van zaken door het Openbaar Ministerie vaak voorkomt, bijvoorbeeld door een gebrek aan bewijs, was dat hier niet het geval. De juridische grond waarop de acties van de politie waren gebaseerd bleek volgens het Openbaar Ministerie niet correct te zijn. In hun woorden was er simpelweg geen sprake van erfvredebreuk. Dit geeft aan dat de basis waarop opgetreden werd tegen de demonstranten juridisch niet houdbaar is.  Hoe kan het dat bij een van de meest impactvolle demonstraties van het jaar een dergelijke misstap is begaan?  Wanneer kwam de burgemeester erachter dat er geen sprake was van erfvredebreuk?  Had de burgemeester kennisgenomen van de brief van de advocaat met de jurisprudentie dat geen sprake kon zijn van erfvredebreuk? De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Veldhuyzen. Het lid VELDHUYZEN vraagt of er op 6 mei nog voldoende gronden waren om een vreedzaam protest te beëindigen nu blijkt dat de belangrijkste grond erfvredebreuk is weggevallen.

Hoe kan de raad erop vertrouwen dat er wel een goede inschatting is gemaakt wat betreft de andere gronden? Aangezien de observaties van de driehoek rondom bijvoorbeeld de gasfles en de molotovcocktails niet terecht waren is het noodzakelijk om de vraag te stellen of het optreden van de driehoek proportioneel was. Er waren inderdaad barricades opgeworpen, maar die werden pas versterkt nadat studenten werden aangevallen door een knokploeg. Bovendien is het opwerpen van barricades op zich volgens het Europees Hof geen reden om te stellen dat een protest niet meer vreedzaam is. Wat blijft er dan nog over? Er werden straatstenen uit de grond getrokken, dat is inderdaad strafbaar, maar is dat genoeg reden om een vreedzaam protest te beëindigen in een stad waar het demonstratierecht bijkans heilig is?

26

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

Uit een Woo-verzoek is gebleken dat de studenten met het College van Bestuur hebben gesproken en ambulance- en brandweerpersoneel gewoon toegelaten zou worden. Daarnaast was er een politieboot aanwezig en kon de politie via die weg het terrein gewoon betreden. Met dit alles in het achterhoofd, denkt de burgemeester dat de driehoek genoeg heeft gedaan om de situatie te de-escaleren voordat er werd ingegrepen? De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Broersen. Het lid BROERSEN uit haar zorgen over het demonstratierecht, dat volgens haar onder druk staat, mede door de komst van het nieuwe kabinet. Hoewel ze de discussie liever had gevoerd op basis van de evaluatie van de driehoek, begrijpt ze de behoefte om het nu te bespreken. De uitspraak van het Openbaar Ministerie was volgens haar helder, de ontruiming van de demonstratie 's nachts vond plaats op basis van een aangifte van de Universiteit van Amsterdam wegens erfvredebreuk terwijl er in werkelijkheid geen sprake van erfvredebreuk was. Daarom worden de studenten niet vervolgd. Ze wijst erop dat tijdens de mondelinge vragen werd verwezen naar andere gebeurtenissen die hadden plaatsgevonden, waarop ook ingegrepen had kunnen worden. Maar de kern blijft dat de aangifte en de ontruiming draaiden om erfvredebreuk.

Ze vraagt zich af, als er andere redenen waren om de demonstratie te ontruimen, waarom werden die dan niet eerder duidelijk gecommuniceerd? Bovendien vraagt ze of de burgemeester, bij een vergelijkbare toekomstige demonstratie op dezelfde locatie, opnieuw zou kiezen voor een ontruiming in het midden van de nacht. De seponering van de aanklachten heeft het wantrouwen bij de studenten verder versterkt. Ze benadrukt dat het essentieel is dat de burgemeester in gesprek blijft met de studenten om het vertrouwen te herstellen. Tot slot doet ze een oproep om in Amsterdam pal blijven staan voor het demonstratierecht. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Alberts. Het lid ALBERTS vraagt of de registratie van de gearresteerden uit het systeem wordt gehaald nu het Openbaar Ministerie de zaken heeft geseponeerd. Want de ervaring leert dat het soms toch weer boven water komt dat ze aan een demonstratie hebben deelgenomen. De aanhouding en vervolging van deze demonstranten moet volledig worden geschrapt. Daarnaast is het op zijn plaats dat er excuses worden gemaakt naar degenen die dit hebben moeten ondergaan. Ze sluit af met de opmerking dat het demonstratierecht bovenaan staat om beschermd te blijven. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Nadif.

Het lid NADIF benadrukt dat het essentieel is om goed geïnformeerd te worden over de momenten waarop een demonstratie niet langer als vreedzaam wordt beschouwd. Dit is belangrijk om ervoor te zorgen dat alle betrokkenen duidelijk begrijpen waarom een bepaald besluit zoals een ontruiming wordt genomen. Verder onderstreept ze het belang van een zorgvuldige evaluatie van de gebeurtenissen en stelt ze voor dat deze evaluatie actief wordt meegenomen in de gesprekken met de studenten. De evaluatie zou ook moeten kijken naar de mogelijkheden voor de-escalatie, zodat de discussie over het verloop van demonstraties op basis van feiten kan plaatsvinden. Ze staat achter de oproepen om op te komen voor het demonstratierecht. De VOORZITTER geeft het woord aan het lid Van Berkel.

27

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

Het lid VAN BERKEL kijkt met verbijstering naar de manier waarop Lijst AV en DENK proberen om de schandalige acties op het Roeterseiland in mei proberen goed te praten. Het had niets meer met demonstreren te maken. Het leek meer op een veldslag, intimidatie van studenten en journalisten, bezetting van het terrein door tenten, barricades en slooppartijen en gemaskerde lieden waarvan de UvA-leiding zelf niet wist met wie ze communiceerden. Dat gebeurde veelal in het Engels en het waren lang niet altijd studenten, zoals de aanwezigheid van de in Duitsland verboden organisatie Samidoun aantoonde. Dat het Openbaar Ministerie de relschoppers niet vervolgt wil niet zeggen dat de acties onterecht zijn beëindigd door de burgemeester. Sterker nog, wat JA21 betreft was er genoeg grond om dat onmiddellijk te doen en was wachten op aangifte van de UvA niet noodzakelijk. Wanordelijkheden, barricades en blokkades zijn niet toegestaan binnen het demonstratierecht en bij overtreding kan de burgemeester besluiten de demonstratie te beëindigen. Ze heeft er vooraf nog voor gekozen om het gesprek aan te gaan met de relschoppers, maar dit is zij niet verplicht. De demonstranten overtraden de wet en kozen daarmee voor de confrontatie met de politie en mobiele eenheid.

En vanwege de ernst van die overtredingen vindt JA21 het belangrijk dat er een verbod komt op gezichtsbedekkende bekleding bij demonstraties. Dit is ook in het belang van demonstranten die wel op vreedzame wijze een punt willen maken. En het stelt de burgemeester beter in de gelegenheid om met de demonstranten in gesprek te gaan wanneer zij daarvoor kiest. Het lid VELDHUYZEN vraagt of het lid Van Berkel in zijn betoog alle studenten relschoppers noemt. Het lid VAN BERKEL antwoordt dat hij het had het over degenen die de wet overtreden en dat waren er nogal wat. Het lid VELDHUYZEN merkt op dat een demonstratie niet beëindigd kan worden omdat enkelen de wet overtreden. Het lid VAN BERKEL zag dat de barricade breed gesteund werd door alle aanwezigen. Het lid VELDHUYZEN herhaalt zijn punt dat volgens het Europese Hof het opwerpen van een barricade niet betekent dat een protest niet vreedzaam is. Het lid VAN BERKEL antwoordt dat het voor advocaten altijd mogelijk is een bepaalde jurisprudentie eruit te lichten die van pas komt. Het lid KHAN mist in het betoog van JA21 de knokploeg die het encampment bestormede, studenten sloeg en met fakkels gooide naar licht ontvlambare tentjes op het terrein. Hij vraagt of JA21 die groep veroordeelt en daar ook zo hard tegen op wil treden.

Het lid VAN BERKEL heeft er alle vertrouwen in dat de politie in samenwerking in de driehoek de juiste beslissing heeft genomen. Het lid KHAN concludeert dat JA21 het niet veroordeelt dat een groep die uit was geweld brandende fakkels richting mensen en tenten heeft gegooid. Wanneer JA21 dat niet veroordeelt, dan verliezen ze hun geloofwaardigheid. Het lid VAN BERKEL antwoordt dat daar ook op gehandhaafd had moeten worden, maar dat wil niet zeggen dat het andere dan wetteloos moet blijven en dat is het wel uiteindelijk geworden.

28

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

Het lid BROERSEN hoopt dat JA21 niet verder afglijdt richting PVV met het verbieden van gezichtsbedekking. Dat vindt ze kwalijk. Demonstratierecht hoort bij een gezonde democratie en dat moet beschermd worden. Het lid VAN BERKEL is ervan overtuigd dat JA21 het demonstratierecht verdedigt door het heel goed af te kaderen zodat de vreedzame demonstranten hun punt kunnen maken. Het lid BROERSEN vindt dat stukje bij beetje afbrokkelen van het demonstratierecht en dat is gevaarlijk voor de democratie. Het lid VAN BERKEL vindt dat flauwekul. Het lid VELDHUYZEN vindt dat het lid Van Berkel vreedzame demonstranten en pro-Palestijnse activisten criminaliseert door zijn suggestie dat demonstranten met een gezichtsbedekking per definitie geen vreedzame demonstranten zijn. Het lid HOFLAND vraagt of het lid Van Berkel ontkent dat er situaties bestaan die gezichtsbedekking bij demonstranten rechtvaardigen of dat hij zich wel bewust is van die mogelijkheid maar dat hij er geen boodschap aan heeft en deze mensen als collateral damage van zijn voorstel beschouwt. Het lid VAN BERKEL vindt het een kosten-batenanalyse, weegt de regeling op tegen hetgeen wat je eigenlijk wil bestrijden. En als het gaat om de herkenbaarheid van demonstranten door buitenlandse entiteiten dan is dat spijtig maar het gaat om het beschermen van het demonstratierecht in Nederland.

Het lid HOFLAND concludeert dat dat het lid Van Berkel er eerlijk voor uitkomt dat hij bepaalde mensen aan hun lot overlaat en er geen probleem mee heeft dat hij mensen het recht op demonstratie ontneemt. Dat is een eng standpunt en komt neer op het zonder touw abseilen richting de PVV als het gaat om de rechtsstaat. Het lid VAN BERKEL begrijpt dat D66 dat een eng standpunt vindt. Maar heel veel mensen zijn ervan overtuigd dat als je niks te verbergen hebt, dat je gewoon kunt demonstreren, ook als je een Oeigoer bent en ook als je denkt dat je door een ander land in de gaten wordt gehouden. Je wordt beschermd door de Nederlandse rechtsstaat en daarom moet je juist zorgen dat je onregelmatigheden en wanordelijkheden voorkomt en mensen uit de anonimiteit haalt die relschoppen. Het lid HOFLAND vraagt of JA21 echt zo naïef is om te denken dat je als Koerd of Oeigoer niets te vrezen hebt zolang je niets op je kerfstok hebt? Het lid VAN BERKEL antwoordt dat het onderwerp de anti-Israël-brigade op de UvA is. Het lid NOORDZIJ vraagt of hij kan concluderen dat het lid Van Berkel voor het demonstratierecht is, maar niet voor iedereen. Het lid VAN BERKEL antwoordt dat wanneer je niets te verbergen hebt, je prima kunt demonstreren. Het lid NOORDZIJ vraagt waarom het lid Van Berkel niet onder ogen wil zien dat dat met zijn voorstel niet het geval is.

Het lid VAN BERKEL vindt het een probleem dat mensen niet herkenbaar zijn bij grote demonstraties waarbij de boel kort en klein wordt geslagen, waarbij gegooid wordt met stenen naar de politie en waarbij intimidatie plaatsvindt.

29

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

Het lid NOORDZIJ vindt het een probleem dat het lid Van Berkel komt met een voorstel om het demonstratierecht van anderen te beperken en te bemoeilijken. Het lid VAN BERKEL wijt dat aan een andere politieke opvatting over de plichten bij het demonstratierecht, want die zijn begrensd. Het lid NADIF weet uit eigen ervaringen aan welke bedreigingen en intimidaties mensen blootgesteld kunnen worden wanneer zij zich uitspreken over steun aan Koerden of andere zaken. Het voorstel van het lid Van Berkel vindt ze niet alleen naïef, het is ook levensgevaarlijk. Het lid VAN BERKEL stelt voor dat het lid Nadif de volgende keer ook gemaskerd moet gaan demonstreren. Wellicht is dat een oplossing is voor haar. Het lid VELDHUYZEN mist de toelichting van het lid Van Berkel hoe het demonstratierecht beschermd wordt door het in te perken. Het lid VAN BERKEL antwoordt dat het demonstratierecht al is beperkt, er zitten al grenzen aan. Zijn voorstel zal helpen om makkelijker te identificeren en een hoop ellende te voorkomen. Het is ook een preventief middel om het nooit meer zo uit de hand te laten lopen. Het lid ALBERTS vraagt of de discussie terug kan naar het onderwerp van het agendapunt. De VOORZITTER is het daarmee eens. Hij geeft het woord aan het lid Hofland voor zijn bijdrage.

Het lid HOFLAND mist de principiële uitspraak van de rechter nu de vervolging op basis van erfvredebreuk is geseponeerd. Daardoor blijft het onduidelijk of erfvredebeuk een grond was voor ontruiming. Deze discussie leidt af van waar het eigenlijk over zou moeten gaan en ook voor de driehoek is het belangrijk om te weten of de grond rechtmatig was. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema voor beantwoording in eerste termijn. Burgemeester HALSEMA geeft aan dat Jente de Koster gevraagd is om haar inspraakbijdrage in te dienen voor de evaluatie omdat duidelijk is dat wat zij heeft verteld niet thuishoort bij politiewerk en dat hier een klacht over ingediend moet worden. Deze klacht moet grondig worden onderzocht. Met meer dan drieduizend demonstraties dit jaar in Amsterdam benadrukt ze dat deze meestal vreedzaam verlopen. In enkele gevallen is harder ingrijpen door de politie noodzakelijk, zoals in dit geval. Maar dat betekent niet dat het politieoptreden in Amsterdam standaard hardhandig is, want die indruk wordt weleens gewekt. Het demonstratierecht staat onder druk en dat is buitengewoon ernstig en zorgelijk. Het wordt aangetast door staten en politici die regelgeving willen bedenken om beperkende regels op te gaan leggen, al naar gelang het onderwerp dat hen wel of niet zint.

Het lid Veldhuyzen heeft oproepen gedaan om gezichtsbedekking te dragen bij demonstraties waaraan hij zelf ook deelneemt omdat de politie niet te vertrouwen is en demonstranten die geen gezichtsbedekking dragen een CTER-stempel krijgen. Dit is volstrekt onjuist, de CTER-indeling gaat over terreur en extremisme en het is niet rechtvaardig om demonstranten angst aan te jagen op basis van een enkel incident dat niet representatief is voor de werkwijze van de Amsterdamse politie.

30

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

Het lid VELDHUYZEN antwoordt dat het de knuppels van politieagenten zijn die angst aanjagen bij studenten. Hij heeft niet gezegd dat iedereen gelijk als terrorist wordt bestempeld, hij heeft gezegd dat het een risico is. De burgemeester weet dat dat waar is en dat hij alle reden heeft om dat te zeggen omdat het in het verleden is gebeurd. Burgemeester HALSEMA vindt dat pertinent onwaar. Mocht er door de politie geweld is gebruikt die buiten de eigen normen en regels valt, dan wordt dat onderzocht, dan zal daarvoor excuus worden gemaakt en dan zal worden erkend dat het niet mocht. De Amsterdamse politie en de vredeseenheden opereren zorgvuldig. Bij de ontruimingen op het Binnengasthuisterrein werden stenen verzameld in de dakgoot en op het Roeterseiland werden vuurwerk en stenen naar de politie gegooid. De burgemeester heeft een uitgebreide brief geschreven aan de raad en tijdens het spoeddebat op 10 mei is besproken op welk moment het vreedzaam protest ophield en er voor de driehoek aanleiding was om op te treden. Dat is door de raad aanvaard. Toch wordt voortdurend de indruk gewekt dat er onevenredig geweld is gebruikt. Die evaluatie is nog niet afgerond maar in een eerder stadium is een zorgvuldige reconstructie van de hele avond gegeven en toen is al aangegeven dat er naast erfvredebreuk andere gronden waren om op te treden, zie pagina twee en drie van de brief van 10 mei.

Er was geen sprake van dat het politieoptreden in zijn geheel onrechtmatig was. Het was noodzakelijk en er werd continue getracht te de-escaleren. De burgemeester heeft zelf gesprekken gevoerd met studenten en de meeste zijn daarna vertrokken. Een kleine groep van 150 studenten is gebleven en verzamelde stenen om verder te barricaderen. Dat is het moment dat het geen vreedzaam protest meer was en de situatie onveilig werd. De driehoek vond optreden noodzakelijk en heeft verschillende gronden tegen elkaar afgezet. Uiteindelijk is op last van het Openbaar Ministerie gekozen voor erfvredebreuk omdat er een aangifte lag van de Universiteit wegens erfvredebreuk. Het is inderdaad jammer dat het Openbaar Ministerie dit niet naar de rechter heeft gebracht, want dan had er een rechterlijke uitspraak kunnen liggen over de juistheid van deze grond. De noodzakelijkheid om op te treden is gebaseerd op het vergaande barricaderen, de onmogelijkheid voor nood- en hulpdiensten om het terrein te bereiken, het loslaten van een vreedzaam protest. Er werden handelingen waargenomen die wezen op de voorbereiding van geweld, zoals het verzamelen van stenen in tenten. Er is daadwerkelijk met vuurwerk en stenen naar de politie gegooid. De shovel is geen excuus om stenen te gooien, want die was niet tegen de studenten gericht. Die was bedoeld om de barricades te verwijderen.

Dat demonstranten op de shovels klommen was volstrekt onverantwoord. Het lid VELDHUYZEN merkt op dat er met stenen en vuurwerk werd gegooid nadat het besluit tot ontruiming werd genomen. Hij wil het niet goedpraten, maar het was degelijk een reactie op de ontruiming. Burgemeester HALSEMA beaamt dat dat de volgorde is die zij ook aanhoudt. Er werd gesommeerd te vertrekken omdat er ontruimd zou worden. Blijf je dan toch zitten dan overtreed je de regels en dat betekent dat er een grond voor ontruiming ontstaat. Vervolgens zijn shovels ingezet om de barricades weg te halen. Die werden aan twee kanten weggehaald zodat de achtergebleven demonstranten via de andere uitgang ook weg konden. Daar heeft men niet voor gekozen. Men is op de shovels geklommen en dat is een verantwoordelijkheid van de demonstranten zelf. Dat is geen geweld van de politie tegen mensen. Het lid VELDHUYZEN vraagt hoe de burgemeester oordeelt over agenten die met knuppels op tenten inslaan waarin zich mensen bevinden. Burgemeester HALSEMA lijkt het onwaarschijnlijk dat zich op dat moment nog mensen in de tenten bevonden.

31

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

Er waren binnen de Wom voldoende gronden om te ontruimen, namelijk de grote zorg om wanordelijkheden en de volksgezondheid omdat er geen open toegang meer was voor de nood- en hulpdiensten. Op last van het Openbaar Ministerie is gekozen voor de strafrechtelijke grond en je kunt zeggen dat Openbaar Ministerie daar een inschattingsfout heeft gemaakt. Maar dat doet niets af aan de noodzakelijkheid van het optreden, die had de driehoek al vastgesteld. Het lid KHAN vraagt hoe die inschattingsfout is meegenomen in de reconstructie in aanloop naar het spoeddebat met de raad. De advocaat had zich immers toen al gemeld met jurisprudentie. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat in de brief van 10 mei uitgebreid, minutieus en stap voor stap wordt beschreven hoe de driehoek tot haar beslissing is gekomen, hoe zwaar die beslissing was dat er zorgvuldig is gehandeld. Dat na afloop een discussie ontstaat tussen een advocaat en het Openbaar Ministerie is niet aan de burgemeester. Dat is een zaak in rechte waar zij buiten blijft. Voor haar was de noodzaak duidelijk om op te treden. Indien er niet was gekozen voor erfvredebreuk, dan had ze gekozen voor de zorg over wanordelijkheden en volksgezondheid.

Dan was ook opgetreden en dat was niet onrechtmatig Het lid KHAN herhaalt dat in het spoeddebat op 10 werd gezegd dat erfvredebreuk voldoende grond was om op te treden en dat het de enige grond was op basis waarvan is opgetreden. Hij vraagt waarom er toen niet is gereflecteerd op jurisprudentie en andere kritische geluiden over erfvredebreuk. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat juristen van het Openbaar Ministerie hebben geoordeeld dat de grond van erfvredebreuk voldoende was om op te treden. Later is er een discussie binnen het Openbaar Ministerie geweest waar men tot een andere conclusie kwam en dat heeft tot sepot geleid van de aanklachten. Dat valt buiten de gemeentebevoegdheden. Dit gaat over het de individuele overtredingen van de mensen die daarbij betrokken zijn en het is aan het Openbaar Ministerie om daarover te oordelen. Had het Openbaar Ministerie op 6 mei geoordeeld dat erfvredebreuk geen grond was, dan hadden de driehoek opgetreden op de gronden van de Wom. Het lid KHAN wijst erop dat de raad de kans ontnomen is om tijdens het spoeddebat te beoordelen of het ingrijpen op 6 mei noodzakelijk was. Omdat toen alleen erfvredebreuk als grond werd aangevoerd kon de discussie over de rechtmatigheid van de andere gronden die de burgemeester noemt, zoals als wanordelijkheden en volksgezondheid, niet gevoerd worden.

De studenten gaven zelf bijvoorbeeld aan dat ze bereid waren om de nood- en hulpdiensten toegang te verlenen en de molotovcocktails en de gasflessen zijn nooit bewezen. Uiteindelijk komt het neer op die straattegels en dan is de vraag of het ingrijpen gerechtvaardigd of noodzakelijk was. En die vraag kon niet gesteld worden in het debat met de raad. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat in de brief van 10 mei werd aangegeven dat er andere gronden waren om te ontruimen. De driehoek vond het noodzakelijk om te ontruimen omdat er wanordelijkheden waren, er was openlijke geweldpleging en nood- en hulpdiensten hadden geen toegang tot het terrein. Het lid VELDHUYZEN vraagt naar feiten van de wanordelijkheden die worden aangevoerd. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat die te vinden zijn in de brief van 10 mei.

32

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

Het lid VELDHUYZEN antwoordt dat de brief juist aanleiding geeft om vragen te stellen over de proportionaliteit van het optreden en de onveilige situatie als gevolg van het optreden. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat er op 10 mei vragen zijn gesteld over de proportionaliteit van de ontruiming. Ze heeft de ontruiming toen verdedigd en dat doet ze nog steeds. Als er individueel wangedrag is geweest van agenten, dan komt ze daarop terug bij de evaluatie. In antwoord op de vraag van het lid Alberts bevestigt de burgemeester dat de registratie van demonstranten wordt verwijderd wanneer er geen andere gronden waren voor aanhouding dan erfvredebreuk Het lid ALBERTS vraagt of er nog excuses worden aangeboden aan degenen die op onrechtmatige grond zijn aangehouden. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat de mensen daar niet mochten zijn, ze hadden moeten vertrekken. Het Openbaar Ministerie verhoudt zich tot de individuele aanklachten, maar de ontruiming in zijn geheel was noodzakelijk en proportioneel. Het lid BROERSEN vraagt of de gesprekken met studenten nog worden voortgezet. Burgemeester HALSEMA heeft er veel moeite mee dat vreedzame demonstranten op één hoop worden gegooid met mensen die op rellen uit zouden zijn en het gemak waarmee wordt gezegd dat mensen die pijn hebben om wat er in Gaza gebeurt antisemitisch zouden zijn of Hamas-aanhanger.

Daar wordt mensen groot onrecht mee aangedaan. Er vinden mensenrechtenschendingen plaats in Gaza en het is legitiem om daartegen te demonstreren en er vinden heel veel studentendemonstraties plaats. Ze is in gesprek geweest op het Sciencepark met een groot aantal demonstranten om te vermijden dat de mobiele eenheid moest optreden en dat is uiteindelijk ook niet gebeurd. Dus het contact blijft en er is ook contact met de universiteiten omdat zij als eerste verantwoordelijk zijn voor de omgang met hun studenten en demonstranten en zij hebben ook de onderhandelingen te voeren. Het lid HOFLAND vraagt of de discussie over de rechtmatigheid van erfvredebreuk wordt meegenomen in de evaluatie en of daar verder nog op gereflecteerd wordt. Burgemeester HALSEMA kan de vraag alleen maar doorgeleiden naar de hoofdofficier van justitie. Ze begrijpt de vraag van het lid Hofland vanwege toekomstige situaties waarin de driehoek eventueel moet ingrijpen op een terrein dat ook publiek toegankelijk is. Het lid HOFLAND vraagt de burgemeester of zij het Openbaar Ministerie bij de doorgeleding ook kan vragen om een uitspraak hoe deze situaties in het vervolg beoordeeld worden. Burgemeester HALSEMA antwoordt dat het gaat om ontwikkeling van jurisprudentie en dat zij geen beslissende uitspraak van het Openbaar Ministerie verwacht.

Het lid KHAN vraagt hoe de raad geholpen kan worden bij het beoordelen van de juridische aspecten van de gronden die worden aangevoerd door de driehoek. Burgemeester HALSEMA herhaalt dat naar haar mening er voldoende gronden waren om op te treden. Dat blijft een menselijke inschatting, maar zij staat nog steeds

33

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Algemene Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Juridische Zaken, Communicatie, Raadsaangelegenheden, Preventie Jeugdcriminaliteit, Vluchtelingen en Ongedocumenteerden, Handhaving en Toezicht

AZ

Definitief raadscommissieverslag, 3 oktober 2024

achter die beslissing en de noodzaak om op te treden. Daarover kan natuurlijk altijd over geprocedeerd worden. Het lid KHAN vraagt of het mogelijk is dat die gronden beoordeeld worden door een externe juridische toetsing en of dat meegenomen kan worden in de evaluatie. Burgemeester HALSEMA is daar niet toe bereid. Het is altijd mogelijk beslissingen te laten toetsen door de rechter maar ze gaat niet bij elke demonstratie verantwoording afleggen over de keuzes van de driehoek om al dan niet in te grijpen bij een demonstratie. De VOORZITTER sluit de het agendapunt. Openbare Orde en Veiligheid 12. Beantwoording schriftelijke vragen van de leden Khan en Veldhuyzen inzake politiemedewerkers die in de problemen komen bij hun werkgevers omdat zij naast burgers gaan staan Nr. VN2024-013565 Dit agendapunt is uitgesteld. De VOORZITTER sluit de vergadering.

34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14785227/1