1 Wijzigingsbesluit Omgevingsplan gemeente Amsterdam Toevoeging van regels over horeca, darkstores en evenementenlocaties
Tekst van het document
Besluit van de raad van de gemeente Amsterdam tot wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008 en het Omgevingsplan gemeente Amsterdam in verband met het implementeren van het Horecabeleid 2025 en het aan het omgevingsplan toevoegen van regels over darkstores en evenementenlocaties (Wijzigingsbesluit Omgevingsplan gemeente Amsterdam: Toevoeging van regels over horeca, darkstores en evenementenlocaties) De raad van de gemeente Amsterdam, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van DATUM PM, gelet op: a. artikel 2.4 van de Omgevingswet, dat bepaalt dat de gemeenteraad voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan vaststelt waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen; b. artikel 16.30 en artikel 16.23, eerste lid, Omgevingswet, die bepalen dat: 1. op de voorbereiding van een omgevingsplan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is, met dien verstande dat een ieder een zienswijze bij de gemeenteraad mag indienen omtrent het ontwerp wijzigingsbesluit; 2. de artikelen 3:43 tot en met 3:45 en afdeling 3.7 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing zijn op een omgevingsplan; c. artikel 16.78, eerste lid, Omgevingswet, dat bepaalt dat een wijziging van een omgevingsplan in werking treedt met ingang van de dag waarop vier weken zijn verstreken sinds de dag waarop het besluit is bekend gemaakt; d.
artikel 149 van de Gemeentewet, dat bepaalt dat de raad de verordeningen maakt die hij in het belang van de gemeente nodig oordeelt; e. het Horecabeleid 2025, zoals door de raad van de gemeente Amsterdam vastgesteld op 15 mei 2025, en de nota van wijziging op het horecabeleid; f. de binnengekomen zienswijzen en de beantwoording daarvan, zoals opgenomen als bijlage bij de Nota van beantwoording zienswijzen (bijlage 1); Besluit;
Artikel I Wijziging Omgevingsplan gemeente Amsterdam Het Omgevingsplan gemeente Amsterdam wordt gewijzigd conform de wijzigingen zoals opgenomen in Bijlage A, waarbij ten opzichte van het ontwerp wijzigingsbesluit, zoals dat ter inzage heeft gelegen, de wijzigingen zijn aangebracht zoals opgenomen in bijlage 2.
Artikel II Wijziging Algemene Plaatselijke Verordening 2008 De Algemene Plaatselijke Verordening 2008 wordt gewijzigd conform de wijzigingen zoals opgenomen in bijlage 3.
Artikel III Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking vier weken na bekendmaking ervan. Dit document bevat verschilmarkering t.o.v. eerdere regelingtekst. Tekst en afbeeldingen die worden toegevoegd zijn onderstreept en groen gemarkeerd, of van een groen kader voorzien. Tekst en afbeeldingen die worden verwijderd zijn doorgestreept en rood gemarkeerd, of van een rood kader voorzien.
1
Artikel IV Aanhaaltitel Dit besluit wordt aangehaald als Wijzigingsbesluit Omgevingsplan gemeente Amsterdam: Toevoeging van regels over horeca, darkstores en evenementenlocaties. Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van de Gemeente Amsterdam, in vergadering op DATUM. DIEGENEN DIE MOGEN ONDERTEKENEN
Tegen het wijzigingsbesluit kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dat kan alleen voor zover het besluit betrekking heeft op het wijzigingen van het Omgevingsplan gemeente Amsterdam. Beroep kan worden ingesteld gedurende de beroepstermijn die loopt van PM tot en met PM. Het beroep dient te worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA ’s-Gravenhage. Voor het op andere wijze dan schriftelijk instellen van beroep, wordt verwezen naar de website van de Raad van State. Een belanghebbende kan altijd beroep instellen, ook als hij geen zienswijzen heeft ingediend op het ontwerpwijzigingsbesluit. Een niet-belanghebbende kan ook beroep instellen als hij: - een zienswijze tegen het ontwerpwijzigingsbesluit heeft ingediend; of - geen zienswijze heeft ingediend en kan aantonen dat hij redelijkerwijs niet in staat is geweest om zienswijzen in te dienen; of - beroep wil instellen tegen wijzigingen die de raad bij de vaststelling van het wijzigingsbesluit ten opzichte van het ontwerpwijzigingsbesluit heeft aangebracht. Het wijzigingsbesluit treedt in werking op de dag waarop 4 weken zijn verstreken sinds de dag waarop de gemeente het besluit bekend heeft gemaakt. Dat is op PM. Het instellen van beroep heeft geen schorsende werking.
Dat betekent dat het wijzigingsbesluit, ook al is er beroep ingesteld, in werking treedt. Degene die beroep heeft ingesteld kan de Voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak verzoeken om met het oog op onverwijlde spoed een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoek dient geadresseerd te worden aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, ter attentie van de Voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak, postbus 20019, 2500 EA ’s-Gravenhage. Onder de Omgevingswet heeft een verzoek om voorlopige voorziening géén schorsende werking. Dat betekent dat het indienen van een voorlopige voorziening er niet automatisch voor zorgt dat een omgevingsplan voorlopig niet uitgevoerd kan worden. Dat gebeurt pas als de voorzieningenrechter een verzoek om voorlopige voorziening geheel of gedeeltelijk toewijst.
2
Bijlage A Bijlage bij artikel I A Artikel 4.90 wordt verplaatst van subparagraaf 4.2.4.14 naar hoofdstuk 1. Artikel 4.90 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 4.90 1.6 Overige Vangnetbepaling aanvullende gegevens en bescheiden bij aanvragen Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit bouwwerkenworden in aanvulling op de gegevens en bescheiden die elders in dit omgevingsplan worden gevraagd ook de overige gegevens en bescheiden verstrekt die naar het oordeel van het bevoegd gezag nodig zijn voor toetsing aan dit omgevingsplan. B Artikel 2.20 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.20 Kamerverhuur 1.
Woonruimte is uitsluitend toegestaan in de vorm van zelfstandige woonruimte, tenzij: a. de woonruimte is gerealiseerd op grond van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor zover die vergunning voorziet in het realiseren van onzelfstandige woonruimten; b. de op grond van de Huisvestingsverordening benodigde omzettingsvergunning is verleend; of c. het een omzetting naar een onzelfstandige woning betreft die in de Huisvestingsverordening is vrijgesteld van vergunningplicht als bedoeld in artikel 21 lid 1 onder c van de Huisvestingwet.
2.
In aanvulling op het eerste lid, onder a en b, is onzelfstandige woonruimte ook toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'onzelfstandige woonruimte toegestaan'.
3.
In afwijking van het eerste lid, onder c, is omzetting naar onzelfstandige woonruimte niet toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'onzelfstandige woonruimte niet toegestaan'.
3 4. Als onzelfstandige woonruimte is toegestaan, is ter plaatse van de aanduiding 'minimum aantal onzelfstandige woonruimten' het minimum aantal onzelfstandige woonruimten de daar bepaalde waarde. 4 5. Als onzelfstandige woonruimte is toegestaan, is ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal onzelfstandige woonruimten' het maximum aantal onzelfstandige woonruimten de daar bepaalde waarde. C Het opschrift van artikel 2.29 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.29 2.26 Instellingen met een gezondheidszorgfunctie met bedgebied D Artikel 2.25 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.25 2.27 Kinderopvang 1.
3
Een kinderopvang is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'kinderopvang toegestaan'.
2.
Ter plaatse van de aanduiding 'uitsluitend kinderopvang zonder bedgebied toegestaan' is uitsluitend kinderopvang zonder bedgebied toegestaan
4 3. Ter plaatse van de aanduiding 'bouwlaag waarin kinderopvang is toegestaan' is kinderopvang uitsluitend toegestaan in de daar bepaalde bouwlaag of bouwlagen. 5 4. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal kinderopvang' geldt dat per bouwblok maximum één kinderopvang is toegestaan. E Artikel 2.26 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.26 2.28 Onderwijs 1.
Een basisschool is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'basisschool toegestaan'.
2.
Een instelling voor het bieden van voortgezet onderwijs is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'voortgezet onderwijs toegestaan'.
3.
Een instelling voor het bieden van middelbaar beroepsonderwijs is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'middelbaar beroepsonderwijs toegestaan'.
4.
Een hogeschool of universiteit is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'hogeschool en universitair onderwijs toegestaan'.
6 5. Het derde en vierde lid zijn niet van toepassing op het geven van avondonderwijs. 6.
Ter plaatse van de aanduiding 'onderwijs aan minderjarigen met een lichamelijke of geestelijke beperking uitgesloten' is onderwijs aan minderjarigen met een lichamelijke of geestelijke beperking niet toegestaan.
F Het opschrift van artikel 2.27 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.27 2.29 Ziekenhuizen en daarmee vergelijkbare instellingen G Het opschrift van artikel 2.28 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.28 2.30 Verpleeghuizen en verzorgingshuizen H Het opschrift van artikel 2.30 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.30 2.31 Kinderboerderijen I Het opschrift van artikel 2.31 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.31 2.32 Begraafplaatsen
4
J Het opschrift van artikel 2.32 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.32 2.33 Crematoria K Het opschrift van artikel 2.33 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.33 2.35 Overige vormen van maatschappelijke dienstverlening die uitsluitend op specifiek aangegeven locaties zijn toegestaan L Het opschrift van artikel 2.64 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.64 Gereserveerd Ondergeschikte verkoop van ter plaatse bereide etenswaren [gereserveerd] M Het opschrift van artikel 2.65 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.65 Gereserveerd Het verstrekken van etenswaren en dranken [gereserveerd] N Het opschrift van artikel 2.107 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.107 Waar culturele horeca met toepassing van subparagraaf [PM] kan worden toegestaan [gereserveerd] O Artikel 2.116 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.116 Bijbehorende faciliteiten uitsluitend voor hotelgasten
5
1.
Bij het hotel behorende faciliteiten voor hotelgasten mogen, tenzij elders anders is bepaald, uitsluitend door hotelgasten worden gebruikt.
2.
Ter plaatse van de aanduiding 'bijbehorende hotelfaciliteiten ook voor niet-hotelgasten' geldt dat bij het hotel behorende faciliteiten voor hotelgasten ook door niet-hotelgasten mogen worden gebruikt, met uitzondering van faciliteiten gericht op het ter plaatse verstrekken van dranken of bereiden en verstrekken van etenswaren.
3.
Het aanbieden van faciliteiten aan derden voor het houden van vergaderingen en congressen is toegestaan voor zover dit ondergeschikt is aan het hoofdgebruik van hotel.
4.
Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte verhuurbare vergader- en congresfaciliteiten' is de maximum bruto-vloeroppervlakte die ten behoeve het aanbieden van faciliteiten voor het houden van vergaderingen en congressen mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde.
P Paragraaf 2.3.20 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Paragraaf 2.3.20 Horecazaak [gereserveerd] [Gereserveerd] [Vervallen] Q Paragraaf 2.3.21 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Paragraaf 2.3.21 Darkstore [gereserveerd] [Gereserveerd] [Vervallen] R Paragraaf 2.3.22 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Paragraaf 2.3.22 Evenementenlocaties en gebouwen, bedoeld voor het houden van evenementen [gereserveerd] [Gereserveerd] [Vervallen] S Na paragraaf 2.3.22 worden drie paragrafen ingevoegd, luidende:
Paragraaf 2.3.20 Horecazaak Subparagraaf 2.3.20.1 Algemeen Artikel 2.244 Toepassingsbereik 1.
Deze paragraaf is van toepassing op het exploiteren van een horecazaak.
2.
Deze paragraaf geldt ter plaatse van de volgende aanduidingen: a. 'gebruiksdoel: lichte horeca'; b. 'gebruiksdoel: reguliere horeca'; c. 'gebruiksdoel: middelzware horeca'; en d. 'gebruiksdoel: zware horeca'.
3.
Deze paragraaf is niet van toepassing op een horecazaak die als additionele horeca is toegestaan op grond van subparagraaf 3.2.13.2.
Artikel 2.245 Omvang en situering van een horecazaak
6
1.
Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte horecazaak' is de maximum bruto-vloeroppervlakte die ten behoeve van een of meer horecazaken mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde.
2.
Ter plaatse van de aanduiding 'bouwlaag waarin een horecazaak is toegestaan' is een horecazaak uitsluitend toegestaan in de daar bepaalde bouwlaag of bouwlagen.
3.
Ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal horecazaken' is het maximum aantal horecazaken dat is toegestaan de daar bepaalde waarde.
Artikel 2.246 Maatwerkvoorschrift met betrekking tot het incidenteel aanbieden van een dansvloer 1.
Het bevoegd gezag kan een maatwerkvoorschrift stellen waarmee in afwijking van subsubparagraaf 2.3.20.2.2 of subsubparagraaf 2.3.20.2.3 incidenteel het aanbieden van een dansvloer en het overschrijden van de geluidsnorm voor het ten gehore brengen van muziek kan worden toegestaan, indien dit naar het oordeel van het bevoegd gezag niet leidt tot onaanvaardbare gevolgen voor het woon- en leefklimaat.
2.
Aan het maatwerkvoorschrift kunnen de beperkingen worden verbonden die nodig zijn om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te borgen, onder andere over de aard, omvang en frequentie van de activiteit.
3.
Het maatwerkvoorschrift is op naam gesteld van de exploitant, persoonsgebonden en niet overdraagbaar.
Subparagraaf 2.3.20.2 Zwaartecategorieën voor zelfstandige horeca Subsubparagraaf 2.3.20.2.1 Lichte horeca Artikel 2.247 Toepassingsbereik 1.
Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca'.
2.
Deze subparagraaf geldt ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca'.
Artikel 2.248 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca', toegestaan gebruik De gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca' hebben als gebruiksdoel lichte horeca, en mogen worden gebruikt voor het exploiteren van lichte horeca.
Artikel 2.249 Activiteiten die in elk geval zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval toegestaan: a. het bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaak; b. het verstrekken van etenswaren en/of dranken voor consumptie in de horecazaak en op het bijbehorende horecaterras; c. het verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het bijbehorende horecaterras of in de publieke buitenruimte; d. het verstrekken van dranken voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterras; e. het verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen, nodig hebben.
Artikel 2.250 Activiteiten die in elk geval niet zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: lichte horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval niet toegestaan: a. het verstrekken van alcoholhoudende dranken; b. het verstrekken van etenswaren, anders dan bedoeld in artikel 2.249, onder e, voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterras; c. het ten gehore brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 77 dB(A); d. het aanbieden van een dansvloer; e. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik ter plaatse; f. het exploiteren van fastfoodhoreca.
7
Artikel 2.251 Het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak In afwijking van artikel 2.250 is het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren, zoals belegde broodjes, voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'verstrekken van niet verwarmde etenswaren binnen horeca toegestaan' toegestaan.
Artikel 2.252 Verstrekken van etenswaren voor directe consumptie vanuit een kiosk Ter plaatse van de aanduiding 'verstrekken van niet-verwarmde etenswaren binnen horeca toegestaan is, in afwijking artikel 2.250, het verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan, maar uitsluitend als de horecazaak niet voor publiek toegankelijk is en een maximale bruto-vloeroppervlakte heeft van 50m2.
Subsubparagraaf 2.3.20.2.2 Reguliere horeca Artikel 2.253 Toepassingsbereik 1.
Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca'.
2.
Deze subparagraaf geldt ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca'.
Artikel 2.254 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca', toegestaan gebruik De gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca' hebben als gebruiksdoel reguliere horeca, en mogen worden gebruikt voor het exploiteren van reguliere horeca en lichte horeca.
Artikel 2.255 Activiteiten die in elk geval zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval toegestaan: a. het bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaak; b. het verstrekken van etenswaren en/of dranken voor consumptie in de horecazaak en op het bijbehorende horecaterras; c. het verstrekken van etenswaren en dranken voor directe consumptie elders dan in de horecazaak, op het bijbehorende horecaterras of in de publieke buitenruimte; d. het verstrekken van dranken voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterras; e. het verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen, nodig hebben.
Artikel 2.256 Activiteiten die in elk geval niet zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: reguliere horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval niet toegestaan: a. het verstrekken van etenswaren, anders dan bedoeld in artikel 2.255, onder e, voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterras; b. het ten gehore brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 77 dB(A); c. het aanbieden van een dansvloer; d. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik in de horecazaak.
Artikel 2.257 Het exploiteren van fastfoodhoreca
8
1.
Het exploiteren van fastfoodhoreca is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan'.
2.
In afwijking van artikel 2.256, aanhef en onder a, is ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan' bij het exploiteren van fastfoodhoreca het verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, waaronder in de directe omgeving van de horecazaak, toegestaan.
3.
Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte fastfoodhoreca' is de maximum bruto-vloeroppervlakte die ten behoeve van fastfoodhoreca mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde.
Artikel 2.258 Het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak In afwijking van artikel 2.256 en artikel 2.257 is het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren, zoals belegde broodjes, voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'verstrekken van niet-verwarmde etenswaren binnen horeca toegestaan' toegestaan.
Subsubparagraaf 2.3.20.2.3 Middelzware horeca Artikel 2.259 Toepassingsbereik 1.
Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca'.
2.
Deze subparagraaf geldt ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca'.
Artikel 2.260 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca', toegestaan gebruik De gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca' hebben als gebruiksdoel middelzware horeca, en mogen worden gebruikt voor het exploiteren van middelzware horeca, reguliere horeca en lichte horeca.
Artikel 2.261 Activiteiten die in elk geval zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval toegestaan: a. het bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaak; b. het verstrekken van etenswaren en/of dranken voor consumptie in de horecazaak en op het bijbehorende horecaterras; c. het verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het bijbehorende horecaterras of in de publieke buitenruimte d. het verstrekken van dranken voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterras; e. het verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen, nodig hebben; f. het ten gehore te brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 77 dB(A), met inachtneming van subparagraaf 9.2.2.3.
Artikel 2.262 Activiteiten die in elk geval niet zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: middelzware horeca' is het verstrekken van etenswaren, anders dan bedoeld in artikel 2.261, onder e, voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterras in elk geval niet toegestaan.
Artikel 2.263 Het exploiteren van fastfoodhoreca
9
1.
Het exploiteren van fastfoodhoreca is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan'.
2.
In afwijking van artikel 2.262 is ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan' bij het exploiteren van fastfoodhoreca het verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, waaronder in de directe omgeving van de horecazaak, toegestaan.
3.
Bij het exploiteren van fastfoodhoreca is niet toegestaan: a. het ten gehore te brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 77 dB(A) niet toegestaan; en b. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik ter plaatse.
4.
Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte fastfoodhoreca' is de maximum bruto-vloeroppervlakte die ten behoeve van fastfoodhoreca mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde.
Artikel 2.264 Het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak In afwijking van artikel 2.262 en artikel 2.263 is het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren, zoals belegde broodjes, voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'verstrekken van niet-verwarmde etenswaren binnen horeca toegestaan'.
Artikel 2.265 Het verstrekken van waterpijpen Het verstrekken van waterpijpen voor gebruik in de horecazaak is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'horeca met aanbieden waterpijpen toegestaan'.
Artikel 2.266 Waar het aanbieden van een dansvloer is toegestaan In afwijking van artikel 2.262, aanhef en onder b, is ter plaatse van de aanduiding 'aanbieden van een dansvloer binnen middelzware horeca toegestaan' het aanbieden van een dansvloer toegestaan, onder voorwaarde dat er geen entreegeld wordt geheven en de dansvloer niet groter is dan 20% van het bruto oppervlak van de horecazaak.
Subsubparagraaf 2.3.20.2.4 Zware horeca Artikel 2.267 Toepassingsbereik 1.
Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca'.
2.
Deze subparagraaf geldt ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca'.
Artikel 2.268 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca', toegestaan gebruik De gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca' hebben als gebruiksdoel zware horeca, en mogen worden gebruikt voor het exploiteren van zware horeca, middelzware horeca, reguliere horeca en lichte horeca.
Artikel 2.269 Activiteiten die in elk geval zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval toegestaan: a. het bereiden van etenswaren en/of dranken binnen in de horecazaak; b. het verstrekken van etenswaren en/of dranken voor consumptie in de horecazaak en op het bijbehorende horecaterras; c. het verstrekken van etenswaren en dranken voor consumptie elders dan in de horecazaak, op het bijbehorende horecaterras of in de publieke buitenruimte; d. het verstrekken van dranken voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterras; e. het verstrekken van kleine etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, voor zover het gaat om etenswaren die ter plaatse geen voorbereidingshandelingen, zoals gaar maken, samenstellen en beleggen, nodig hebben; f. het ten gehore te brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 77 dB(A), met inachtneming van subparagraaf 9.2.2.3; g. het aanbieden van een dansvloer.
Artikel 2.270 Activiteiten die in elk geval niet zijn toegestaan Bij het exploiteren van een horecazaak ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: zware horeca' zijn de volgende activiteiten in elk geval niet toegestaan: a. het verstrekken van etenswaren, anders dan bedoeld in artikel 2.269, onder e, voor directe consumptie buiten de horecazaak en het bijbehorende horecaterras; b. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik in de horecazaak.
10
Artikel 2.271 Het exploiteren van fastfoodhoreca 1.
Het exploiteren van fastfoodhoreca is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan'.
2.
In afwijking van artikel 2.270, aanhef en onder a, is ter plaatse van de aanduiding 'fastfoodhoreca toegestaan' bij het exploiteren van fastfoodhoreca het verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de publieke buitenruimte, waaronder in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan.
3.
Bij het exploiteren van fastfoodhoreca is niet toegestaan: a. het ten gehore te brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 77 dB(A) niet toegestaan; en b. het aanbieden van een dansvloer.
4.
Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte fastfoodhoreca' is de maximum bruto-vloeroppervlakte die ten behoeve van fastfoodhoreca mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde.
Artikel 2.272 Het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak In afwijking van artikel 2.270 en artikel 2.271 is het verstrekken van niet-verwarmde etenswaren, zoals belegde broodjes, voor consumptie in de directe omgeving van de horecazaak toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'verstrekken van niet-verwarmde etenswaren binnen horeca toegestaan' toegestaan.
Subparagraaf 2.3.20.3 Waar een horecazaak uitsluitend is toegestaan in combinatie met een andere vorm van gebruik Artikel 2.273 Toepassingsbereik 1.
Deze subparagraaf is van toepassing op het exploiteren van een horecazaak op locaties waar het exploiteren van een horecazaak uitsluitend is toegestaan indien en zolang op die locatie ook een andere vorm van gebruik plaatsvindt.
2.
Deze subparagraaf geldt ter plaatse van de volgende aanduidingen: a. voorgeschreven combinatie van horeca met een museum - 1.
Artikel 2.274 VOORBEELDARTIKEL: Voorgeschreven combinatie van horeca met een museum ter plaatse van de aanduiding 'voorgeschreven combinatie van horeca met een museum - 1' 1.
Ter plaatse van de aanduiding 'voorgeschreven combinatie van horeca met een museum - 1' is een horecazaak uitsluitend toegestaan indien en zolang op die locatie ook een museum wordt geëxploiteerd.
2.
In afwijking van en in aanvulling op paragraaf 2.3.20.2.2 gelden ter plaatse van de aanduiding 'voorgeschreven combinatie van horeca met een museum - 1 de volgende regels: a. het verstrekken van niet-alcoholische dranken en kleine etenswaren voor directe consumptie in de directe omgeving van de horecazaak is niet toegestaan; b. openingstijden: xxxxx c. etcetera.
Paragraaf 2.3.21 Darkstore Artikel 2.275 Toepassingsbereik
11
1.
Deze paragraaf is van toepassing op het gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: darkstore'.
2.
Deze paragraaf geldt ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: darkstore'.
Artikel 2.276 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: darkstore ', toegestaan gebruik De gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: darkstore' heeft als gebruiksdoel een darkstore, en mogen worden gebruikt ten behoeve van het exploiteren van een darkstore.
Artikel 2.277 Omvang en situering van een darkstore 1.
Ter plaatse van de aanduiding 'maximum bruto-vloeroppervlakte darkstore' is de maximum bruto-vloeroppervlakte die ten behoeve van een darkstore mag worden gebruikt de daar bepaalde waarde.
2.
Een darkstore is uitsluitend toegestaan in de eerste bouwlaag.
Artikel 2.278 Maatwerkvoorschriften Het bevoegd gezag kan een maatwerkvoorschrift stellen over een darkstore om onevenredige aantasting tegen te gaan van: a. het woon- en leefklimaat; b. de gebruiksmogelijkheden van de openbare ruimte; en c. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
Paragraaf 2.3.22 Evenementenlocatie Subparagraaf 2.3.22.1 Algemeen Artikel 2.279 Toepassingsbereik 1.
Deze paragraaf is van toepassing op: a. het gebruiksdoel van locaties met de aanduiding 'gebruiksdoel: evenementenlocatie'; b. de inrichting en het gebruik van een evenementenlocatie voor het houden van evenementen.
2.
Deze paragraaf geldt ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: evenementenlocatie'.
Artikel 2.280 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: evenementenlocatie', toegestaan gebruik De gronden en bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'gebruiksdoel: evenementenlocatie' hebben als gebruiksdoel het gebruik als evenementenlocatie en mogen worden gebruikt als evenementenlocatie.
Subparagraaf 2.3.22.2 Aangewezen evenementenlocaties en daarop betrekking hebbende regels Artikel 2.281 Beperkingen met betrekking tot evenementenlocatie X: VOORBEELDARTIKEL
12
1.
Dit artikel geldt ter plaatse van de aanduiding 'evenementenlocatie X'.
2.
Voor alle evenementen gezamenlijk geldt: a. het totaal aantal evenementen dat jaarlijks mag worden gehouden bedraagt PM; b. het maximum aantal dagen dat een evenement mag duren bedraagt PM.
3.
Voor evenementen met maximaal 499 bezoekers per dag geldt: a. het maximum aantal dagen per jaar dat een klein evenement gehouden mag worden bedraagt PM; b. PM.
4.
Voor evenementen met 500 tot maximaal 1.999 bezoekers per dag geldt: a. het maximum aantal evenementen dat jaarlijks mag worden gehouden bedraagt PM; b. het maximum aantal bezoekers per dag van een middelgroot evenement bedraagt PM.
5.
Voor een evenement met 2.000 of meer bezoekers per dag geldt: a. het maximum aantal grote evenementen dat jaarlijks mag worden gehouden bedraagt PM; b. het maximum aantal dagen dat jaarlijks een groot evenementen mag worden gehouden, bedraagt PM; c. het maximum aantal bezoekers per dag van een groot evenement bedraagt PM.
6.
Voor meerdaagse evenementen geldt: a. meerdaagse evenementen zijn wel/niet toegestaan; b. het maximum aantal meerdaagse evenementen per jaar bedraagt PM; c. het maximum aantal dag per jaar dat een meerdaags evenement is toegestaan bedraagt PM; d. een meerdaags evenement duurt maximaal PM dagen.
7.
Voor een muziekevenement geldt: a. muziekevenementen zijn wel/niet toegestaan; b. de geluidbelasting vanwege een muziekevenement op één of meer geluidgevoelige gevels bedraagt maximaal 85 dB(C); c. het maximum aantal muziekevenementen dat per jaar mag plaatsvinden bedraagt PM; d. het maximum aantal dagen per jaar dat muziekevenementen mogen plaatsvinden bedraagt PM; e. het maximum aantal dagen dat een muziekevenement mag duren bedraagt PM.
8.
Overige beperkingen
Artikel 2.282 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.283 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.284 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.285 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.286 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.287 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.288 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.289 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.290 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.291 Gereserveerd [Gereserveerd]
13
Artikel 2.292 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.293 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.294 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.295 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.296 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.297 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.298 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.299 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.300 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.301 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.302 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.303 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.304 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.305 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.306 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.307 Gereserveerd [Gereserveerd]
14
Artikel 2.308 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.309 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.310 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.311 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.312 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.313 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.314 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.315 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.316 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.317 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.318 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.319 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.320 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.321 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.322 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.323 Gereserveerd [Gereserveerd]
15
Artikel 2.324 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.325 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.326 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.327 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.328 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.329 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.330 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.331 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.332 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.333 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.334 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.335 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.336 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.337 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.338 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.339 Gereserveerd [Gereserveerd]
16
Artikel 2.340 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.341 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.342 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.343 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.344 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.345 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.346 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.347 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.348 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.349 Gereserveerd [Gereserveerd]
Artikel 2.350 Gereserveerd [Gereserveerd] T Het opschrift van artikel 2.244 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.244 2.351 Toepassingsbereik en oogmerk U Het opschrift van artikel 2.245 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.245 2.352 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding gebruiksdoel: buisleiding voor warm water of stoom' V Het opschrift van artikel 2.246 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
17
Artikel 2.246 2.353 Gereserveerd W Het opschrift van artikel 2.247 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.247 2.354 Gereserveerd X Het opschrift van artikel 2.248 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.248 2.355 Gereserveerd Y Het opschrift van artikel 2.249 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Artikel 2.249 2.356 Gereserveerd Z Het opschrift van paragraaf 2.3.23 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Paragraaf 2.3.23 2.3.24 Kampeerterrein en vakantiepark [gereserveerd] AA Het opschrift van paragraaf 2.3.24 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Paragraaf 2.3.24 2.3.25 Vergader- en congresfaciliteit [gereserveerd] BB Na paragraaf 3.2.12 wordt een paragraaf ingevoegd, luidende:
Paragraaf 3.2.13 Activiteiten op het gebied van horeca Subparagraaf 3.2.13.1 Algemeen Artikel 3.52 Toepassingsbereik
18
1.
Deze paragraaf is van toepassing op: a. het uitoefenen van additionele horeca; b. het verrichten van een omgevingsplanactiviteit culturele horeca; c. het uitoefenen van een omgevingsplanactiviteit horecaterras; en d. openingstijden bij het exploiteren van een horecazaak.
2.
Deze paragraaf is niet van toepassing op de in het eerste lid genoemde activiteiten voor zover die betrekking hebben op het binnen een hotelverstrekken van eten en drinken aan uitsluitend hotelgasten.
Artikel 3.53 Begripsbepaling In deze paragraaf wordt onder bezoekers verstaan degenen die niet zijn: a. de leden van het gezin of de huishouding van de exploitant alsmede zijn elders wonende bloeden aanverwanten, in de rechte lijn onbeperkt, in de zijlijn tot en met de derde graad; b. de personen van wie de aanwezigheid in het bedrijf wegens dringende reden noodzakelijk is.
Artikel 3.54 Specifieke zorgplicht Degene die een horeca-activiteit verricht en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor het woon- en leefklimaat, is verplicht: a. alle maatregelen te treffen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen; b. voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen: die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; c. als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt: die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van diegene kan worden gevraagd.
Artikel 3.55 Maatwerkvoorschrift Indien de uitoefening van een horeca-activiteit in ernstige mate afbreuk doet aan een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, kan een maatwerkvoorschrift worden gesteld om de nadelige gevolgen te beperken.
Subparagraaf 3.2.13.2 Additionele horeca Artikel 3.56 Toepassingsbereik, voorrangsbepaling, begripsbepaling 1.
Deze subparagraaf is van toepassing op het uitoefenen van additionele horeca.
2.
Ter plaatse van de aanduiding 'ruimtelijke regels tijdelijk deel nog niet vervallen' blijven de artikelen 3.57, 3.58 en 3.59 buiten toepassing als het ter plaatse geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan regels over additionele horeca bevat. In dat geval blijven de regels in dat ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan van toepassing.
3.
Ter plaatse van het besluitgebied van een TAM-omgevingsplan, waarbij het ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan is komen te vervallen, blijven de artikelen 3.57, 3.58 en 3.59 buiten toepassing voor zover het TAM-omgevingsplan afwijkende regels over additionele horeca bevat. In dat geval zijn de betreffende regels van het TAM-omgevingsplan van toepassing.
4.
In deze subparagraaf wordt onder hoofdactiviteit verstaan het bedrijf, de instelling, de vereniging of andere functie waarbinnen additionele horeca plaatsvindt.
Artikel 3.57 Additionele horeca bij een andere hoofdactiviteit dan detailhandel of binnen een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging Binnen de uitoefening van een ander gebruik dan detailhandel en binnen een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging is additionele horeca uitsluitend toegestaan met inachtneming van de volgende regels: a. additionele horeca mag plaatsvinden vanaf een uur voordat de hoofdactiviteit begint tot een uur nadat de hoofdactiviteit is geëindigd, maar: 1. tot uiterlijk 22.00 uur binnen een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging; 2. in overige gevallen kunnen met het oog op een aanvaardbaar woon- en leefklimaat met een maatwerkvoorschrift beperkingen worden gesteld aan de openingstijden; b. toegestaan is het bereiden en verstrekken van etenswaren, alcoholhoudende en niet-alcoholhoudende dranken voor directe consumptie ter plaatse; c. niet toegestaan zijn: 1. het verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de directe omgeving van waar de hoofdactiviteit plaatsvindt; 2. het verstrekken van alcoholische of niet-alcoholische dranken voor directe consumptie in de directe omgeving van waar de hoofdactiviteit plaatsvindt; 3. het ten gehore brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan 77 dB(A); 4. het aanbieden van een dansvloer;
19
5. 6. d. e.
f.
het aanbieden van waterpijpen voor gebruik ter plaatse; en activiteiten die zijn gericht op het aantrekken van zelfstandige bezoekersstromen, zoals het maken van reclame voor de additionele horeca-activiteit; de additionele horeca is alleen te bereiken door een bezoek aan de hoofdactiviteit; bij afzonderlijke horecagedeelten, die niet met de hoofdfunctie zijn verweven, omvat de additionele horeca maximaal 20% van de publiektoegankelijke ruimte, waarbij toiletten, keuken en opslagruimten niet tot het horecagedeelte worden gerekend; en terrassen en gevelbanken zijn niet toegestaan.
Artikel 3.58 Additionele horeca bij detailhandel, niet zijnde een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging 1.
Binnen de uitoefening van detailhandel, niet zijnde een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging, is additionele horeca toegestaan met inachtneming van de volgende regels: a. additionele horeca mag alleen worden uitgeoefend tijdens de (reguliere) openingstijden van de detailhandelsvestiging, met een uiterlijke sluitingstijd van 22.00 uur; b. toegestaan is het bereiden en verstrekken van etenswaren en niet-alcoholhoudende dranken voor directe consumptie ter plaatse; c. niet toegestaan zijn: 1. het verstrekken van etenswaren voor directe consumptie in de directe omgeving van de detailhandelsvestiging; 2. het verstrekken van alcoholhoudende of niet-alcoholhoudende dranken voor directe consumptie in de directe omgeving van de detailhandelsvestiging; 3. het verstrekken van alcohol voor directe consumptie ter plaatse; 4. het ten gehore brengen van muziek met een geluidsniveau hoger dan dat 77 dB(A); 5. het aanbieden van een dansvloer; 6. het aanbieden van waterpijpen voor gebruik ter plaatse; en 7. activiteiten die zijn gericht op het aantrekken van zelfstandige bezoekersstromen, zoals het maken van reclame voor de additionele horeca; d. de additionele horeca is alleen te bereiken door een bezoek aan de detailhandelsvestiging; e. de additionele horeca omvat maximaal 20% van het winkelvloeroppervlak, tot een maximum van 20 m2; f.
terrassen en gevelbanken zijn niet toegestaan; en g. additionele horeca mag niet aan een raam zijn gelegen, uitgezonderd hoekpanden, waar dat wel mag, maar dan niet aan de zijde van de voorgevel of hoofdstraat.
2.
Ter plaatse van de aanduiding 'uitzondering op beperking situering additionele horeca' geldt in afwijking van het eerste lid, onder f, dat additionele horeca ook aan een raam mag zijn gelegen.
Artikel 3.59 Aanvullende beperking op artikel 3.58 ter plaatse van de aanduiding 'additionele horeca niet toegestaan binnen winkels met een voedselwarenassortiment' 1.
In aanvulling op artikel 3.58 geldt ter plaatse van de aanduiding 'additionele horeca niet toegestaan binnen winkels met een voedselwarenassortiment' dat additionele horeca niet is toegestaan binnen de uitoefening van detailhandel met een voedselwarenassortiment.
2.
Het eerste lid is niet van toepassing op additionele horeca binnen de uitoefening van detailhandel met een voedselwarenassortiment als die additionele horeca op het moment dat het eerste lid in werking is getreden rechtmatig aanwezig was.
3.
Het in het tweede lid bedoelde overgangsrecht vervalt als: a. niet tijdig aan artikel 3.61, derde lid, wordt voldaan; en b. de wijze van exploitatie of de exploitant van de additionele horeca wijzigt.
Artikel 3.60 Meldingsplicht additionele horeca binnen detailhandel
20
1.
Het is verboden additionele horeca binnen de uitoefening van detailhandel, niet zijnde een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging, uit te oefenen zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden.
2.
De melding bevat informatie over: a. de aard en omvang van de detailhandel waarbinnen de additionele horeca gaat worden verricht; b. de aard en omvang van de voorgenomen additionele horeca; en
c. 3.
de indeling van de locatie waarbinnen de additionele horeca gaat worden verricht.
Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing als zich bij bestaande additionele horeca binnen de uitoefening van detailhandel, niet zijnde een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging, een wijziging gaat voordoen met betrekking tot: a. de aard en omvang van de detailhandel waarbinnen de additionele horeca gaat worden verricht; b. de aard en omvang van de aanwezige additionele horeca; of c. de indeling van de locatie waarbinnen de additionele horeca wordt verricht.
Artikel 3.61 Overgangsbepalingen bestaande additionele horeca 1.
Voor additionele horeca die op de datum van inwerkingtreding van deze subparagraaf rechtmatig werd uitgeoefend, geldt dat binnen zes maanden na die datum aan het bepaalde in deze subparagraaf moet zijn voldaan. Tot dat moment blijven de regels van toepassing zoals die golden tot het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf.
2.
Voor zover op de datum van inwerkingtreding van deze subparagraaf artikel 3.56, lid 2 of lid 3 van toepassing was, geldt dat binnen zes maanden na het vervangen van het betreffende ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan of TAM-omgevingsplan aan het bepaalde in deze subparagraaf moet zijn voldaan. Tot dat moment blijven de regels van toepassing zoals die golden tot het moment van het vervangen van het betreffende ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan of TAM-omgevingsplan.
3.
De in artikel 3.60 bedoelde meldingsplicht is van overeenkomstige toepassing op additionele horeca binnen de uitoefening van detailhandel, niet zijnde een warenhuis of grootschalige detailhandelsvestiging, die op de datum van inwerkingtreding van deze subparagraaf rechtmatig werd uitgeoefend. In afwijking van het eerste lid geldt voor deze gevallen dat de in artikel 3.60 bedoelde melding binnen één jaar na de datum van inwerkingtreding van deze subparagraaf moet zijn gedaan.
4.
In afwijking van het eerste lid gelden voor additionele horeca waarvoor op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3.8 van de Algemene Plaatselijke Verordening geldt, de in die exploitatievergunning opgenomen openingstijden, tot het moment dat die exploitatievergunning is verlopen. Vanaf dat moment gelden de openingstijden, zoals opgenomen in artikel 3.57, onder a.
Subparagraaf 3.2.13.3 Culturele horeca Artikel 3.62 Toepassingsbereik, begripsbepaling 1.
Deze subparagraaf is van toepassing op het verrichten van een omgevingsplanactiviteit culturele horeca.
2.
Deze subparagraaf is van toepassing ter plaatse van de aanduiding ‘ruimtelijke regels tijdelijk deel vervallen’.
3.
In deze subparagraaf wordt onder hoofdactiviteit verstaan het bedrijf, de instelling, de vereniging of andere functie waarbinnen een omgevingsplanactiviteit culturele horeca plaatsvindt.
Artikel 3.63 Locatiebepaling 1.
Een omgevingsplanactiviteit culturele horeca is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'culturele horeca toegestaan - vergunningplicht'.
2.
Op locaties, bedoeld in het eerste lid, zijn de vergunningplicht, bedoeld in artikel 3.65, en de daarop betrekking hebbende regels onverkort van toepassing.
Artikel 3.64 Uitsluitend in een gebouw Een omgevingsplanactiviteit culturele horeca mag alleen plaatsvinden in een gebouw. Daaronder wordt tevens begrepen dat de activiteit niet plaatsvindt op een (dak)terras of in een (keur)tuin.
21
Artikel 3.65 Vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit culturele horeca te verrichten.
Artikel 3.66 Beoordelingsregels Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca wordt alleen verleend als: a. de aanvraag betrekking heeft op een locatie waar op grond van artikel 3.63 een omgevingsplanactiviteit culturele horeca is toegestaan; b. wordt voldaan aan artikel 3.64; c. de exploitatie van dat gebouw geschiedt door een instelling met een culturele doelstelling; d. de omgevingsplanactiviteit culturele horeca bijdraagt aan een mix van verschillende activiteiten binnen het gebouw, waarbij de horecacomponent ondergeschikt is en blijft aan de culturele activiteiten; e. de omgevingsplanactiviteit culturele horeca niet leidt tot een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat in de omgeving van de activiteit.
Artikel 3.67 Vergunningvoorschriften 1.
Aan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca worden de voorschriften verbonden die nodig zijn met het oog op de in artikel 3.66 bedoelde voorwaarden en belangen.
2.
Aan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca worden in elk geval voorschriften verbonden over openingstijden.
3.
Aan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca wordt in elk geval bij voorschrift bepaald wat de hoofdactiviteit is waarbinnen de omgevingsplanactiviteit culturele horeca mag worden uitgeoefend, en dat die omgevingsplanactiviteit culturele horeca niet langer mag worden uitgeoefend wanneer de hoofdactiviteit geheel of gedeeltelijk wordt beëindigd
Artikel 3.68 Aanvraagvereisten Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. tekeningen van het gebouw waarbinnen de culturele instelling is gevestigd waarop is aangegeven waar de een omgevingsplanactiviteit culturele horeca zal worden uitgeoefend; b. stukken waaruit blijkt dat de aanvrager een instelling betreft met een culturele doelstelling, waaronder in elk geval: 1. een bedrijfsplan waaruit blijkt dat sprake is van een instelling met een culturele programmering; en 2. inzicht in de programmering van het afgelopen jaar of de voorgenomen programmering voor het komende jaar; c. de beoogde openingstijden voor de omgevingsplanactiviteit culturele horeca; d. het maximum aantal bezoekers dat tegelijkertijd aanwezig is binnen de culturele instelling, en het maximaal aantal bezoekers dat gebruik kan maken van de culturele horeca-voorziening. Voor zover beide aantallen gelijk zijn, wordt dit voor beide afzonderlijk vermeld.
Artikel 3.69 Overgangsbepalingen 1.
22
Voor de in bijlage IX opgenomen instellingen gelden de volgende vergunningen als een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca: a. een op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder c, jo. artikel 2.12 van de toenmalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht verleende vergunning voor het ten behoeve van culturele horeca afwijken van het ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan; b. een omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 22.280 en 22.281, voor het ten behoeve van culturele horeca afwijken van het ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan; c. een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor het ten behoeve van culturele horeca afwijken van het omgevingsplan.
2.
Voor zover een exploitatievergunning horecabedrijf, zoals die gold op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf, voorschriften van ruimtelijke aard bevat, met inbegrip van voorschriften over openingstijden, dan gelden deze als vergunningvoorschrift, verbonden aan de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca, bedoeld in het eerste lid.
3.
Het college van burgemeester en wethouders zal binnen een redelijke termijn een schriftelijke versie van de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit culturele horeca en de daarop betrekking hebbende voorschriften verstrekken aan de exploitant.
Subparagraaf 3.2.13.4 Horecaterrassen Subsubparagraaf 3.2.13.4.1 Algemeen Artikel 3.70 Toepassingsbereik Deze subparagraaf is van toepassing op horecaterrassen en het verrichten van een omgevingsplanactiviteit horecaterras.
Subsubparagraaf 3.2.13.4.2 Algemene regels over horecaterrassen Artikel 3.71 Locatiebepaling horecaterras 1.
Een horecaterras is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'horecaterras toegestaan - vergunningplicht'.
2.
Ter plaatse van de aanduiding 'ruimtelijke regels tijdelijk deel nog niet vervallen' is een horecaterras ook toegestaan op een locatie anders dan ter plaatse van de aanduiding 'horecaterras toegestaan - vergunningplicht', voor zover: a. het ter plaatse geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan op de locatie een horecaterras toestaat; b. het ter plaatse geldend ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan een binnenplanse afwijkbevoegdheid bevat om op de locatie een horecaterras toe te staan; c. een omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de toenmalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht op de locatie een horecaterras toestaat; d. een omgevingsvergunning van rechtswege, bedoeld in artikel 3.76, geldt.
3.
Waar een TAM-omgevingsplan in werking is getreden, geldt in aanvulling op het eerste lid dat een horecaterras ook is toegelaten ter plaatse van een in dat TAM-omgevingsplan gegeven aanduiding 'horecaterras toegelaten - vergunningplicht'.
4.
Op locaties, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, zijn de vergunningplicht, bedoeld in artikel 3.75, en de op die vergunningplicht betrekking hebbende regels onverkort van toepassing.
Artikel 3.72 Activiteiten die op een horecaterras zijn toegestaan
23
1.
Voor zover verband houdend met de exploitatie van een horecaterras mogen op een horecaterras uitsluitend bedrijfsmatig dranken worden geschonken of etenswaren en/of waterpijpen worden verstrekt voor directe consumptie op het horecaterras. Andere activiteiten die verband houden met de exploitatie van de horecazaak waar het horecaterras bij hoort, zijn niet toegestaan.
2.
Het verstrekken van waterpijpen voor directe consumptie op het horecaterras is uitsluitend toegestaan voor zover dit bij vergunningvoorschrift is bepaald.
3.
Maximaal twee keer per jaar zijn andere dan de in het eerste lid bedoelde activiteiten toegestaan die verband houden met de exploitatie van de horecazaak waar het horecaterras bij hoort, onder de volgende voorwaarden: a. de activiteiten vinden plaats tussen 09:00 en 22:00 uur; b. alleen tijdelijke objecten zijn toegestaan; c. live-muziek is toegestaan, maar geluidsversterkers zijn niet toegestaan.
Artikel 3.73 Objecten die op een horecaterras zijn toegestaan 1.
Objecten die het normaal gebruik van het horecaterras, bedoeld in artikel 3.72, mogelijk maken zijn toegestaan.
2.
Terrasverwarming in de vorm van losstaande elementen of verwerkt in een parasol of ander op het horecaterras staand object is niet toegestaan.
3.
Alle objecten op een horecaterras moeten verwijderd kunnen worden als dat nodig is voor het gebruik of beheer van de openbare ruimte.
4.
Met een maatwerkvoorschrift kan het bevoegd gezag bepalen dat verwijdering van het terras noodzakelijk is in verband met werkzaamheden in de openbare ruimte. In dat geval zorgt de exploitant of de leidinggevende onmiddellijk of binnen de daartoe gestelde termijn voor verwijdering.
Artikel 3.74 Openingstijden horecaterras 1.
Het is verboden een horecaterras voor bezoekers geopend te hebben of bezoekers op een horecaterras toe te laten op een ander tijdstip dan waarop de horecazaak waar het horecaterras bij behoort geopend mag zijn, maar tot maximaal: a. op zondag tot en met donderdag tot 01.00 uur; b. op vrijdag en zaterdag tot 02.00 uur.
2.
In afwijking van het eerste lid geldt van 1 november tot 1 maart een maximum sluitingstijd van 24.00 uur.
3.
In afwijking van het eerste en tweede lid geldt voor een horecaterras bij lichte horeca een maximum sluitingstijd van 22.00 uur.
4.
In een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras kan een vroeger tijdstip als maximale sluitingstijd zijn bepaald. In afwijking van het eerste en tweede lid is in dat geval dat de maximale sluitingstijd.
Subsubparagraaf 3.2.13.4.3 Vergunningplicht Artikel 3.75 Vergunningplicht omgevingsplanactiviteit horecaterras 1.
Het is verboden zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit horecaterras te verrichten.
2.
Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras is verbonden aan de horecazaak waarbij het horecaterras behoort.
Artikel 3.76 Omgevingsvergunning van rechtswege voor legaal bestaande terrassen
24
1.
Dit artikel is van toepassing op een horecaterras waarvoor op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf een exploitatievergunning horecabedrijf gold.
2.
Voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras waarvoor op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf een exploitatievergunning horecabedrijf gold, geldt een omgevingsvergunning van rechtswege voor onbepaalde tijd, mits en voor zolang die activiteit naar aard en omvang niet verschilt van de activiteit zoals die is vergund met de in het eerste lid bedoelde exploitatievergunning horecabedrijf.
3.
De voorschriften zoals opgenomen in de exploitatievergunning horecabedrijf, zoals die gold op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf, gelden als vergunningvoorschrift, verbonden aan de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras, bedoeld in het tweede lid, voor zover die voorschriften betrekking hebben op: a. positionering en maatvoering van het terras; b. openingstijden van het terras; c. het aantal bezoekers of zitplaatsen dat maximaal op het terras aanwezig mag zijn; d. terrasschotten en parasols.
4.
Voor zover met betrekking tot een horecaterras het ruimtelijk plan tijdelijk deel omgevingsplan, zoals dat gold op het moment van inwerkingtreding van deze subparagraaf, regels bevat, gelden die regels als vergunningvoorschrift, verbonden aan de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras, bedoeld in het tweede lid.
5.
Voor zover met betrekking tot een horecaterras een op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder c, jo. artikel 2.12 toenmalige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht verleende vergunning voorschriften bevat, gelden die voorschriften als vergunningvoorschrift, verbonden aan de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras, bedoeld in het tweede lid.
6.
Voor zover de openingstijden van het terras, bedoeld in het derde lid, onder b, ruimer zijn dan de openingstijden, bedoeld in artikel 3.74, gelden laatstgenoemde openingstijden.
7.
Het college zal binnen een redelijke termijn een schriftelijke versie van de omgevingsvergunning van rechtswege voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras en de daarop betrekking hebbende voorschriften verstrekken aan de exploitant.
Artikel 3.77 Beoordelingsregels 1.
Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras wordt alleen verleend als de aanvraag betrekking heeft op een locatie waar op grond van artikel 3.71 een terras is toegestaan.
2.
Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras wordt alleen verleend als de activiteit niet leidt tot een onaanvaardbare aantasting van: a. de gebruiksmogelijkheden van de gronden zelf en van de aangrenzende gronden en bouwwerken; en b. het woon- en leefklimaat.
3.
Bij de in het tweede lid bedoelde beoordeling houdt het bevoegd gezag in elk geval rekening met de volgende aspecten: a. de mate waarin het beoogde gebruik schade toebrengt aan de openbare ruimte dan wel gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de openbare ruimte of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan; b. de mate waarin het beoogde gebruik een belemmering vormt voor het doelmatig beheer en onderhoud van de openbare ruimte; c. de mate waarin het beoogde gebruik afbreuk doet aan andere publieke functies van de weg, inclusief de bescherming van het uiterlijk aanzien daarvan; d. de mate van geluidsoverlast die naar verwachting op de omgeving zal ontstaan en de mogelijkheden om onaanvaardbare geluidoverlast te voorkomen.
4.
Een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit horecaterras wordt ook geweigerd als de activiteit niet is te verenigen met een voorgenomen herontwikkeling van het gebied of herinrichting van de publieke buitenruimte van het gebied waar het beoogde terras binnen valt.