2023 04 18 Transcript Gemeente Altena Gemeenteraad
Tekst van het document
En daarnaast en ik heb het hier al vaker gehoord vanavond en daar ben ik heel blij om, ik kan dat onderschrijven, heb ik veel vertrouwen in de scholen in onze gemeente zelf, dat zij op een goede manier invulling geven aan de inhoud van hun onderwijs om deze kerndoelen te behalen en dat zij die afstemmen op de populatie van hun kinderen en hun ouders. En op deze twee redenen wil ik deze motie bij u ontraden. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Van Ooijen. Gaan we naar de tweede termijn. Als er behoefte is vanuit de raad om in de tweede termijn nog te reageren? Ik zie niemand opstaan. Dan kijk ik even naar de indieners of er nog een behoefte is van hun kant om te reageren? Nee? Dan zullen we overgaan tot stemming, want wel gewoon in stemming brengen, neem ik aan? Mag ik dan bij hand opsteken wie voor deze motie is? Dat is de fractie van de VVA en de fractie van de SGP. En wie is … Dat zijn er vijf. En wie is tegen deze motie? Dat zijn de overige fracties. Dan is de motie verworpen met drieëntwintig stemmen tegen en vijf stemmen voor. 16. Motie P. den Haan (AL) – Bereikbaarheidsarmoede De voorzitter: Gaan we naar agendapunt 16, een motie van de heer Den Haan van AltenaLokaal over bereikbaarheidsarmoede. Mijnheer Den Haan, aan u het woord. De voorzitter: Voorzitter, dankjewel. De motie vreemd bereikbaarheidsarmoede.
En dat gaat niet over mijn wifi thuis, maar dat gaat over een serieuzer probleem. Dat gaat over mobiliteit algemeen en over openbaar vervoer in het bijzonder. Is overigens een motie mede ingediend door de SGP, dat even nog vooraf. Deze motie is wat ons betreft een opstel, optelsom van feiten en informatie en ik noem er een paar. Denk daarbij aan de onderhandelingen die gaande zijn, allang gaande zijn tussen provincie en Arriva over schrappen van niet rendabele lijnen in onze gemeente. Dat hebben we al vaak genoeg aan den lijve ondervonden. En er is ook door deze raad, ook door bijna alle partijen, al aandacht voor gevraagd in het verleden. Denk ook aan een recentelijke themabijeenkomst over de SRBT, waarin de presentator op een gegeven moment uitleg gaf ook over het onderdeel mobiliteit. En ik weet niet of degenen die er aanwezig waren, zijn geweest het kaartje nog kunnen herinneren, maar daar kwam het OV er in ieder geval erg slecht af in Altena. En ook voor de toekomst was het niet best. Denk er ook aan, de jongerenraad die al, ons al vaak en eigenlijk al vanaf het begin van hun hun ontstaan erop attent maakte en genoeg op attent maakte over hun zorgen hè. Dat we moesten zoeken naar van, wat konden we dan doen? Ooit hebben we in het Altena college wel eens gedebatteerd of met elkaar en opties genoemd over nou ja, misschien moeten we dat dan maar zelf doen.
Maar ook onze inwoners die ons regelmatig weten te vinden over hun problemen en de laatste info is die we gekregen hebben is, dat er, dat er kennelijk ook weer buurtbusjes van verschillende lijnen weer komen te vervallen. Zeker in de kernen waar nu al de voorzieningen steeds minder worden, is dat natuurlijk knellend. Daarom is dat nu tijd om zelf
het voortouw te nemen en onze inwoners jong en oud, de kans te bieden naar beter OV. Naar school, naar familie, naar werk, naar ziekenhuizen en school. Denk daarbij ook dat je de verbinding moet maken vanuit de kleine kernen naar de hups: Tol, Kromme Nol, Nieuwendijk en Hank. Uit de overwegingen, voorzitter, haal ik deels een aantal ja, overwegingen. Het rijk wil en we hebben pasgeleden ook vanuit het Nationaal Plan Landelijk Gebied gehoord, dat hij wil dat de provincie gaat uitvoeren. Dat leefbaarheid, vitaliteit, goeie omgevingskwaliteit verbeterd gaat worden, maar ook dat de provincie Brabant wil inzetten op initiatieven op het gebied van leefbaarheid, economische vitaliteit en bredere welvaart. Onder bredere welvaart staat ook het kopje bereikbaarheid, mobiliteit. Maar ook dat de provincie wil zien dat de gemeenten eigen initiatieven ontplooien. En nou, daarom hebben wij die overwegingen gemaakt. Dus kijk even naar één en twee, die overwegingen één en twee gaan echt over, er zijn nu coalitieonderhandelingen gaande in de provincie. We weten allemaal wat de uitslagen zijn geweest van de verkiezingen, dus het platteland versus de grote steden. Nou, er moet echt wel wat gebeuren. Dan is het nu zaak om die partijen die nu in onderhandeling zijn om dat kenbaar te maken en om ze dat ook op te laten nemen in dat nieuwe coalitieakkoord van de provincie.
In relatie tot wat de provincie wil, zelf die initiatieven ontplooien, kijken we naar punt drie hè. Dus experimenten ontplooien als gemeente. Nou, dat zouden we zelf kunnen doen. Dus daar past dit volledig in om dat te doen, met steun en wellicht ook facilitering van de provincie. Waarbij ook een pilot natuurlijk mogelijk is voor onze gemeente. En die pilot, die zou dan kunnen leiden tot nou ja, voorbeelden die ook kunnen dienen naar breder in ons, in onze provincie in Brabant, maar wellicht ook wel verder in het land. Ja, en ja, punt vijf is vanzelfsprekend. Dus dat is zeg maar wat ons betreft de reden om nu in eerste termijn aan te geven wat onze motie is en we hopen dat naast de SGP zoveel mogelijk partijen dit zullen ondersteunen voor onze inwoners. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Den Haan. Gaan we luisteren hoe de andere fracties reageren. Mijnheer Meijboom als mede indiener, gaat uw pleidooi denk ik mede ondersteunen. De heer Meijboom: Inderdaad. Dat klopt, voorzitter. Ja, dit is nou weer net zo'n onderwerp waar je kan gaan zitten sippen of gaan zitten sikkeneuren van nou ja, goed, ja, het OV is gewoon zwaar onder de maat in Altena. En we kunnen wel weer een signaal gaan afgeven bij de provincie, maar de heer Den Haan heeft het eigenlijk al namens de fractie ook al prima verwoord.
Dat juist ook in deze formatieperiode, dit ook het moment is om ons ook duidelijk te laten horen. Dat is ook de reden waarom wij ook con amore onze handtekening hebben gezet onder dit amendement. Want ook, wat ook de kracht daarvan is, is dat je niet nou ja, dat het niet blijft bij een krachtig signaal te geven, maar om ook te onderzoeken welke experimenten ook mogelijk zijn in onze gemeente om dat vervoer, om die vitaliteit, om die leefbaarheid ook voor onze gemeente ook naar een hoger peil te brengen. Er is al een paar jaar geleden - dacht dat het een motie was van de fractie van de Tol – is dat automaatje is er gekomen hè. Dus de mogelijkheid voor mensen die niet mobiel zijn, oudere inwoners om vervoer te regelen. Nou, dat is ook mooi, ook een prachtig experiment. Maar wat ons betreft zit er veel meer in. De provincie geeft er ook ruimte voor, dus wij ondersteunen en wij onderschrijven en ondertekenen die motie ook con amore. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Meijboom. De heer Kolff van de VVD. De heer Kolff: Dank u wel. Maar volgens mij mijn buurvrouw eerst hoor, maar ik wil wel voorgaan. Ik wil voordringen, maar, bij dezen. Ja, over deze motie. Ja, zoals altijd ‘ditjes’ zeggen, heel veel sympathie. Alleen punt drie zoals gesuggereerd is, ondersteunen en faciliteren. Ja, dat gaat ons eigenlijk toch wel zoverre te ver, dat we niet weten waar we aan toe zijn.
Dus we wachten het even af wat de portefeuillehouder hierover zegt.
Maar om te gaan faciliteren iets dat we niet weten wat het gekost heeft, wat het op gaat brengen, daar hebben we nog even wat vraagtekens over. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kolff. Mevrouw Schermers van de ChristenUnie. Mevrouw Schermers: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, op zich mijnheer Den Haan en ook mijnheer Meijboom, heel positief dat u aandacht vraagt in deze motie voor mobiliteit en u noemt het bereikbaarheidsarmoede. Zoals u net zei dat u nul procent had meegewerkt aan een motie, zou kunnen op zich honderd procent gelijk geven op de punten die u aandraagt waarom het belangrijk is dat er in Altena aandacht is voor mobiliteit en bereikbaarheid. En het is zelfs zo belangrijk voor ons, dat de fractie van de provinciale staten, ChristenUnieSGP, dit zo belangrijk vond dat ze dat opgenomen hebben in hun verkiezingsprogramma. En dat ze gezegd hebben ja, dit is onderdeel van een heel belangrijk onderwerp voor alle kleine kernen voor een vitaal platteland. Dat maakt ook dat we zeggen ja, wij weten dat onze woordvoerder in de provinciale staten daar zeker aandacht voor zal vragen als het op de agenda staat, maar ook zeker bij de onderhandelaars naar voren zal brengen. Maar ik ben nou ja, niet sippig, mijnheer Meijboom, dus.
Als de wethouder denkt ja, maar dit heeft echt toegevoegde waarde, dit gaat het verschil maken, hiermee bestrijden wij de nou ja, als het ware de bereikbaarheidsarmoede zoals u hem noemt en stimuleren we de mobiliteit, dan gaan we dat natuurlijk heroverwegen. Maar we zijn nog niet overtuigd dat dit nu het juiste middel is. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Schermers. Mijnheer Van Breugel van het CDA. De heer Van Breugel: Ja, dank u wel, voorzitter. Toen wij die motie lazen, roept dat nogal wat vragen op. De punten één en twee, daar kunnen wij ons volledig in vinden. Maar punt vier en die luidt op de voorhand: ‘Als college het initiatief nemen om de bereikbaarheidsarmoede op te lossen door middel van huurbusjes, lease busjes, vrijwilligers. Ja, daar hebben wij toch wel vragen over en de vraag is eigenlijk: Waarom een onderzoek? Mijnheer Meijboom, die gaf net al aan ja, we hebben allerlei initiatieven al genomen als, ook hier als raad. Het automaatje hè, dat is een succes. Maar vergeet ook niet een raadsbrede motie die we ingediend hebben voor de Altena Liner. Die is omarmd door de provincie en die wordt nu uitgewerkt door Arriva. Ook dat is een initiatief. Verder heb ik de vraag aan AltenaLokaal de heer Den Haan: Hoe denkt u aan vrijwilligers te komen? Want u gaf net aan, de buurtbus verenigingen dreigen in te storten, maar u weet ook hoe het komt.
Dat komt omdat er een tekort is aan vrijwilligers in Babyloniënbroek was een buurtbus vereniging veertig jaar lang actief, zijn gestopt omdat ze niet aan vrijwilligers komen. Als je in heel Nederland rondkijkt, is overal het grootste probleem met de buurtbussen en de wijkbussen zoals ze elders in andere gemeenten genoemd worden, het tekort aan vrijwilligers. Dus wij kunnen hier van alles optuigen, maar als het stokt op de vrijwilligers, dan moeten we dat zeer zeker niet doen. En de vraag die ik eigenlijk straks gelijk aan de wethouder heb als dat mag: Hoeveel tijd gaat het ons kosten en wat geeft het voor druk op onze organisatie? Onze mobiliteitsclub hè onze mobiliteit wethouder, die hebben hele grote projecten waar ze mee bezig zijn. Ja, kan dit allemaal gehandeld worden? En de laatste vraag die ik eigenlijk heb is: Hoe groot is het probleem eigenlijk? Want we roepen allemaal van ja, er is, lijnen worden geschrapt. Maar gaat het nu, de oplossing die we moeten zoeken over duizend mensen, gaat het over honderd mensen of tien mensen? Hoe groot is het probleem? Dat, die vraag hebben we. Dat is voor ons nog niet duidelijk, dus ik hoop daarop antwoord te krijgen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Breugel. Mijnheer Alderliesten van Progressief Altena. De heer Alderliesten: Dank u, voorzitter.
Ja, Progressief Altena heeft enkele maanden geleden deze verschraling van de leefbaarheid, meer specifiek het openbaar vervoer in de landelijke gebieden, ook al
aangekaart bij de provincie en uiteindelijk heeft het ook tot een bijna unaniem gesteunde motie geleid. Die wij dus door het nieuwe provinciebestuur dan ook met belangstelling tot uitvoering zien komen. Deze motie zoals die hier nu voorligt, ligt inhoudelijk in het verlengde van hetgeen in gang gezet is en kunnen we dan ook prima ondersteunen. Maar voordat we dit volmondig kunnen doen, zouden we wel graag van de wethouder willen horen dat het uitvoeren van deze motie en de heer Van Breugel, die refereerde daar ook al een beetje aan, het uitvoeren van deze motie niet leidt tot vertraging op de uitvoering van lopende projecten op het gebied van mobiliteit in de gemeente Altena. Oftewel heel concreet, hebben we hier voldoende capaciteit voor en ziet de wethouder mogelijkheden ook spoedig invulling te kunnen geven aan het dictum van deze motie? Waarvoor dank. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Alderliesten. Mijnheer Verbaarschot van de VVA. De heer Verbaarschot: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Op zich vinden wij dit een prima idee van AltenaLokaal. Alleen, we struikelen eventjes voor de bus langs op punt vier wat betreft het inzetten van vrijwilligers. En ik hoorde al dat we niet de enige zijn in die opvatting. Echter, ik wil daar ietsje verder ingaan. Kijk, wij zouden prima hiermee in kunnen stemmen met dit plan, mits er dan uitgegaan wordt van bezoldigde chauffeurs.
Dat zou eventueel hè ook een goed doel, sociale plaats kunnen zijn. Hoe dat dan precies ingevuld moet worden, dat kan ik ook niet zo meteen vertellen. Maar in ieder geval mensen die betaald worden om te gaan rijden zodat ze niet zo maar zeggen van ja, maar nou wil ik eten of nou heb ik een feestje en ik kom dus niet. Want die bus voorziening, die moet wel continuïteit garanderen, anders dan hebben onze scholieren en alle mensen die daarvan afhankelijk zijn helemaal geen ene donder aan. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Verbaarschot. Ik kijk even naar de indiener, de heer Den Haan. Een reactie op de andere fracties? En wellicht beantwoording van een aantal vragen die gesteld zijn. De heer Den Haan: Ja, dank je wel, voorzitter. Ja, natuurlijk. Even kijkend, ik probeer dat even terug te halen. Even kijkend naar de experimenten. Dat bedoel ik in punt drie, dat gaat over de provincie hè. Dat de provincie dus niet, daar had ik het in eerste instantie nog niet over, dat wij als gemeente dan kijken naar wat het ons gaat kosten. Dat komt pas bij punt vier. Bij punt drie is het echt wel bedoeld in relatie tot één en twee. Dat het gaat over dat de provincie die initiatieven wil laten ontplooien, maar dat wij dan wel kunnen vragen of dat ze ons faciliteren en ondersteunen. Dus dat is de, als dat niet helemaal duidelijk is geweest hoop ik dat hiermee weggenomen te hebben.
Nou, kijkend naar de ChristenUnie, dank hè. Maar dat is al veel gezegd dat sommige partijen of veel partijen dat al gedaan hebben in de richting van hun vakbroeders in de provincie dan we in het land. Ja, dat kunnen we alleen maar onderschrijven. Dat is ook eigenlijk de oproep die je doet, hier ook doet om zoveel mogelijk daar in de provincie van kenbaar te maken. Niet in de hoop dat dat andere dingen in de wielen gaat rijden, maar daar kom ik zo op. Met betrekking tot de bijdrage van het CDA van de heer Van Breugel. Ja, dit is eigenlijk zoiets van, hebben we niet met elkaar afgesproken. Maar dit is zo'n soort voorzet die mijnheer Van Breugel voor mij in ieder geval goed inkopt in de, voor mij in de tweede termijn. Want natuurlijk is het zo als je gaat kijken naar wanneer het glas half leeg is en ik zeg niet dat u dat doet hoor, maar als je dat zou doen, dan heb je inderdaad het verhaal over ja, er gaan buurtbusjes weg en heeft dat te maken met vrijwilligers. Maar juist als je nu even wat creatief bent in de oplossingen, dan kun je dus denken aan nou ja, de contacten die we inmiddels hebben met de verenigingen. Daar zijn vrijwilligers. Kunstgras hoeft op dit moment niet meer gemaaid te worden, dus wellicht dat daar vrijwilligers over zijn. Dat is nou net wat je gaat onderzoeken. Ja, dat hoeft niet meer, heer Bouman.
Kunstgras hoef je niet meer te maaien, dus dat … Maar denk daarbij ook eventjes aan nou ja, een onderwerp wat hier ook recent nog actueel was, dat er verenigingen zijn die rond oud papier daar wel echt wel problemen mee hebben. Als je daar vrijwilligers zou kunnen vragen
in relatie tot het terugverdienen van nou ja, de wederkerigheid, dan ben je met nieuw besturen bezig. Dan ben je uitdagend, uitnodigend bezig als gemeente om te kijken of dat er oplossingen zijn. Als we die oplossingen niet zien ja, dan wordt het heel lastig, maar ik zie die oplossingen wel. Even kijken. Ja, hoe groot is het probleem? Ja, dat ga je nu net onderzoeken. En dat onderzoek hoeft, wat mij betreft hoeft dat niet zo lang te duren, want op het moment dat je dat integraal oppakt - iets wat we veel vaker zouden moeten doen in dit huis - dat je dat niet alleen bij de afdeling Mobiliteit haalt, maar dat je dat ook anders bij de afdeling Samenleven haalt hè. Dus, we hebben pas nog een motie ja, die kwam er dan niet doorheen. Maar volgens mij wordt het wel gedaan, dat er sport coaches extra komen die in contact gaan met de verenigingen. Die kun je de opdracht geven om vervolgens aan te geven van nou ja, zijn er vrijwilligers die er aan mee willen werken. En ja, mijnheer Verrbaarschot, dat heeft echt en dat onderken ik ook, dat heeft echt te maken - volgens mij was u dat die dat zei – dat dat gaat over nou ja, dat je zo’n vervoersschema wel dicht moet maken. Maar dat is wat je als gemeente probeert te onderzoeken. Als je het niet onderzoekt, weet je het niet en volgens mij hoeft zo'n onderzoek echt niet lang te duren. Met betrekking tot PA.
Ja, dat is inderdaad een hele ruime gesteunde motie ook van ons geweest en we zijn daar alleen maar blij mee dat dat gebeurt is. U wacht het antwoord af van de wethouder. Maar het ging er ons nou juist om, dat we in relatie tot wat we vertellen aan de provincie, dat we nu juist zelf initiatief tonen als gemeente voor onze inwoners. En dat is wat ik wat jullie vraag. Volgens mij heb ik dan ook als het gaat over bezoldigd, heb ik ook al een klein beetje aangegeven van welke richting dat het college kan denken als het gaat over vrijwilligers die je kunt betalen voor die busjes. Wat betreft huurbusjes en lease auto's, er zijn al projecten in het land die dat al doen, denk aan reclames op busjes. Dus je kunt die kosten, die kun je voor de gemeente, die kun je redelijk gedekt houden. Maar dat is maar wat wij onderzoeken. En tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Den Haan. Dan gaan we naar … Ja, dat is eigenlijk niet gebruikelijk, dat … Ja, maar dan als, ik sta het wel voor deze keer toe. Maar kijk, als er dan vier fracties zijn die mede indiener zijn, dan krijg je nog vier fracties die aan het eind van de eerste termijn het woord hebben. Maar ik denk dat u ook, bijdrage in de tweede termijn ook nog kan. Ja? Mijnheer Tanis namens het college. De heer Tanis: Dank u wel, voorzitter.
Ik begin, voorzitter in eerste instantie maar even in de richting van mevrouw Schermers. Ja, hoe kijk je naar de motie? Ja, ik zie hem kort en bondig, maar als ondersteuning van het beleid van het college en de lijn die wij al lopen. Verder, voorzitter, als je kijkt naar het dictum en alle argumenten die gebruikt worden, herkennen wij, herkent het college de zorg die er is over de bereikbaarheid van het platteland. Daar hebben we natuurlijk met elkaar al meer over gesproken en ook het college maakt zich daar oprecht zorgen over. Wij hebben daar – en daar hebben we natuurlijk in andere settingen wel eens meer over gesproken - al aangegeven op welk aambeeld wij slaan op moment dat we over een nieuwe concessie hebben gesproken. Dat doen we natuurlijk niet alleen vanuit het perspectief van Altena, maar ook vanuit regionale samenwerking vanuit de RWB omdat er binnen de RWB natuurlijk meerdere plattelandsgemeenten zijn die worstelen met dit thema en met bereikbaarheid. Er worden vijf punten genoemd, voorzitter. Nou, ik kan u in ieder geval melden, de heer Den Haan en heer Meijboom, dat als het over de eerste drie punten gaat, het college inmiddels bezig is vorige week al, met een brief richting de formateur.
Dat gaat uiteraard breder dan alleen dit thema, maar het thema bereikbaarheid is wel nadrukkelijk een thema wat wij in de brief ook richting de formateur willen sturen ter ondersteuning van het beleid en ook de uitgangspunten die ook de raad heeft geformuleerd. Ik zeg er wel bij, voorzitter en daar is het glas misschien half leeg, maar op het moment dat, en de nieuwe coalitie binnen Gedeputeerde Staten niet bereid is om de portemonnee te trekken, dan is natuurlijk de vraag wat er gaat gebeuren. Hebben we natuurlijk al meerdere keren met elkaar gedeeld en zo simpel is het leven natuurlijk wel. Bij de nieuwe concessie is heel nadrukkelijk als uitgangspunt meegegeven de bestaande financiële middelen. En aan de andere kant is er
gezegd ja, de zogenaamde dikke lijnen en het verstedelijkt gebied, dat moet beter ontsloten worden en er moet extra in geïnvesteerd worden. De praktijk is dan wel in de stukken die nu vastgesteld zijn door de Staten, ja, dat dat leidt tot verdere verschraling van het gebied. Dat wij ons daar gezamenlijk zorgen over maken, dat is, dat is heel helder. Als je dan kijkt naar punt vier en punt vijf, voorzitter, daar zitten voor mij een paar kanten aan. De vraag komt ook van: Heb je er capaciteit voor? Ja, ik denk als er echt een onderzoek gedaan moet worden en daar moeten we gewoon even kijken hoe we dat vormgeven, dan hebben we daar binnen de bestaande bezetting in het cluster Mobiliteit geen ruimte voor beschikbaar. Zo simpel is het leven, ik kan het niet anders formuleren. Dat betekent als wij een opdracht moeten formuleren, dat we daar echt even externe capaciteit voor in moeten huren. Dat dat wil niet zeggen, voorzitter, dat wij niks doen. Wij zijn al bezig mede ook naar aanleiding van een gesprek wat wij een poosje geleden hebben gehad met een aantal jongeren vanuit de jongerenraad, om in ieder geval eens even te verzamelen wat wij nu allemaal hebben.
Toen wij het gesprek hadden met de jongerenraad kwam ook al naar voren of je het nu gaat, hebt over het automaatje, over de buurtbus, maar bijvoorbeeld ook het initiatief wat allang loopt in Wijk en Aalburg, dat er ook onbekendheid is. Dus wij hebben daar afgesproken en dat wordt ook uitgewerkt en dat gaan we zeker voor de zomer naar buiten brengen, om in ieder geval richting alle betrokkenen en de inwoners te melden wat er allemaal al is. Noem het maar een veredelde OV krant. Dat is één. Twee, zijn we natuurlijk bezig en dat punt kwam ook net voorbij met betrekking tot de relatie met de provincie om een aantal hubs op te waarderen, zowel op het gebied van veiligheid, maar ook op het gebied van toegankelijkheid. Wij praten daar ook over met de provincie hoe we op een goeie manier die hubs toegankelijk kunnen maken door middel van deelmobiliteit en dergelijke. En daarnaast, voorzitter ja, hebben wij echt toch wat extra informatie nodig uit een onderzoekje. Ik zal het proberen zo klein mogelijk te houden, om verder in te gaan op de zorgen die AltenaLokaal en de SGP op tafel leggen om te kijken hoe we daar nou concreet mee verder kunnen. Maar nogmaals, wij zitten niet stil, maar we schaken op een aantal borden. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Tanis. Gaan we naar de tweede termijn. Dan krijgt als eerste mijnheer Meijboom het woord. De heer Meijboom: Ja, precies, dank u.
Hartelijk dank, voorzitter. Ja, het is zo ja, de verkiezingen die liggen alweer eventjes achter ons. De politiek krijgt dan ook vaak het verwijt van ja, tijdens de verkiezingen worden we goed geluisterd en daarna dan zakt dat allemaal weg en dan gaat de politiek weer zijn eigen gang. Want ik wil de heer Van Breugel er toch nog ook even op wijzen want die zegt: Ja, is daar eigenlijk wel een probleem? Wij, ik herinner me nog dat wij een verkiezingsbijeenkomst hebben gehad in het Altena college hier in Sleeuwijk waar, met de jongeren hebben we daar een debat gevoerd. Daar stond, het thema vervoer stond daar ongeveer op nou, in ieder geval in de top drie en ik geloof zelfs op de eerste plaats. Dus dat is dan in ieder geval ook één doelgroep. Dus daar is in ieder geval, daar wordt in ieder geval een groot probleem gevoeld, dat weet ik nog, dat weet ik me nog goed te herinneren in ieder geval. Het tweede wat ik wilde, nog wilde aanvullen want de heer Den Haan heeft het allemaal al prima verwoord toen hij nog mocht reageren van u. Maar wat ik daar nog op wilde aanvullen is, het mooie van hier is, wordt gevraagd om, naar experimenten om dat uit te werken. En nou ja, en dat is het mooie van experimenten, dan moet je buiten de kaders denken. Dus dan kun je wel allerlei, van tevoren allerlei bezwaren op gaan werpen van ja, hebben we wel vrijwilligers en kunnen we wel.
Maar dat ga je nu juist proberen om buiten die kaders te denken om te kijken van nou, kan er niet iets gevonden worden wat echt een goeie aanvulling is op de goeie dingen die er overigens ook al wel gebeuren. En dan komen de goeie ideeën vanzelf wel naar voren. De heer Verbaarschot, die gaf daar ook al een voorbeeld van nou ja, kun je niet dan iets van tot betaling overgaan. Nou ja, dat kan allemaal uitgezocht worden. Dus wat ons betreft, wij staan vierkant achter deze motie.
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Meijboom. Ik kijk naar andere fracties voor de tweede termijn? De heer Van Breugel van het CDA. De heer Van Breugel: Ja, dank u wel, voorzitter. Goed, mijnheer Den Haan die gaf net aan de oplossing te hebben voor de vrijwilligers hè; bij de voetbal hoeft het gras niet meer gemaaid te worden. Dus die mensen gaan allemaal op de bus. Ja goed, ik vind dat een beetje, beetje karig. En ook bij de muziekvereniging halen ze het papier niet op, dus die gaan ook op de bus Ja, zo kun je iedereen wel op de bus zetten. Maar goed, ik begrijp ook wel dat ie op mijn vraag geen antwoord heeft, want ik heb het zelf ook niet. Dus, het was een beetje uitlokken. Hij gaat weer zitten, dus dat mag ook ‘…’. Maar goed, het is wel een serieus probleem als we experimenten willen gaan uitoefenen en het is gebaat bij vrijwilligers. Ja, dan zijn ze er bijna niet. Want ja, in het verleden gingen mensen met de vijfenvijftigste, zestigste met de VUT. Maar tegenwoordig moet je, ga je met je zeventigste en dan lukt het niet meer om een bus te besturen of andere dingen te doen. Dus ja, daar hebben wij best wel zorg over. Goed, de wethouder heeft gezegd een klein onderzoekje. Nou, natuurlijk moet, staan wij altijd open voor onderzoek.
Ja, als het een klein onderzoekje is wil ik ook de wethouder vragen, dat ie ook eventjes in het onderzoekje vermeldt hoe groot het probleem echt is in cijfers. Want we roepen allemaal, maar de reden dat die buurtbus in Babyloniënbroek niet meer gevuld werd door scholieren was, omdat iedereen op de elektrische fiets zat. Dus het is ook wel belangrijk dat wij constateren hoe groot ons probleem is. Dus wij zullen straks deze motie gaan steunen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Breugel. Mevrouw Schermers. Mevrouw Schermers: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, even bij dat laatste beginnen, namelijk dat stukje onderzoek. Ik kreeg van mijn collega fractielid nog een artikel aangereikt over een integrale kijk op bereikbaarheid, de IKOB zogenaamd waarbij eigenlijk nog veel beter geanalyseerd wordt wat nou de vervoersarmoede, de mobiliteitsarmoede eigenlijk is, die veel breder is dan alleen maar openbaar vervoer. Dus in die zin zouden we dat ondersteunen als dat nou, ook nog meer de eigenlijk de inclusie en kijk naar van dat iedereen mee kan doen ook juist als het gaat op het gebied van mobiliteit.
Toch hoor ik eigenlijk de wethouder zeggen dat die voortvarend met dit onderwerp aan de slag is en dat er zelfs een brief klaarligt voor de mensen van de provinciale staten, voor de formateurs van, dat dit een van de belangrijke thema's is waar we vanuit Altena graag zouden zien dat de provincie dit gaat oppakken. Dus in die zin heeft de wethouder als het ware geen steun in de rug of schop onder de billen, net hoe je dat wil zeggen, nodig om te zorgen dat hier aandacht voor is. Dan hoor ik de wethouder ook zeggen, dat er toch wel wat externe capaciteit nodig is als we echt alle punten van uw motie willen gaan uitvoeren. Terwijl, hij somt ook op dat bijvoorbeeld ie met de jongerenraad alweer bezig is om te kijken hoe dat dingen uitgevoerd kunnen worden. Dus ja, ik denk dat we raadsbreed allemaal echt wel op ons netvlies hebben dat er aandacht moet zijn voor mobiliteit en dat juist hier in Altena er heel veel kleine kernen zijn en dat het enorm belangrijk is. Maar we zijn nog niet helemaal overtuigd dat dit nu eigenlijk het middel is, omdat ik vertrouwen heb in het college dat dit eigenlijk voldoende opgepakt gaat worden. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Schermers. Mijnheer Alderliesten van Progressief Altena. De heer Alderliesten: Dank, voorzitter.
Wij hebben inderdaad ook geluisterd naar de wethouder en ook gehoord dat hier gelukkig raadsbreed onderkend wordt, dat mobiliteitsarmoede zoals het hier voorwoord staat zeker voor Altena een serieus probleem is. We zijn blij te horen dat er al stappen gezet worden. Wel hebben we zorgen, hebben we ook in de eerste termijn ook gevraagd aan de wethouder, over capaciteit. Want wat wij niet zouden willen is dat er lopende projecten vertraging oplopen, juist ook op dat punt van mobiliteit. Maar ik ken de heer Den Haan ook als een creatief man, dat heeft hij ook al vaker aan de dag
gelegd. En in hoeverre is punt vier, moet dat leiden tot externe capaciteit inhuren en is er mogelijk invulling te geven aan punt vier, waardoor we toch de hele gedachte van de motie gewoon door kunnen zetten? Moet er een externe partij aangezocht worden om dat helemaal uit te kristalliseren of – wat de heer Den Haan in de eerste termijn of bij de indienen van de motie ook aangaf - zijn er andere wegen naar Rome die eigenlijk al voldoende onderbouwen om die creativiteit vervolgens hier in Altena aan de dag te leggen, om die mobiliteitsagenda wat breder te voeren. Dat is eigenlijk een vraag aan de heer Den Haan. De voorzitter: Mijnheer Den Haan, kunt u op reageren en dan gaan we daarna naar de heer Verbaarschot. De heer Den Haan: Ja, dank je wel, voorzitter. Ik had eigenlijk al een beetje klaar van op de heer Verbaarschot na van waarop ik zou moeten reageren, maar om hierop te reageren. Ja, ik zal niet zeggen dat dat ook bijna weer een voorzet is maar ja, de creativiteit die ik ook een klein beetje genoemd heb, gaat ook over integraliteit. Dus je hoeft het niet alleen te zoeken bij de afdeling mobiliteit, want daar weten we van dat daar hè, dat heeft de wethouder nog eens een keer verteld ja, dat is best wel lastig. En of het dan perse extern zou moeten worden ja, dat laat ik aan de creativiteit van het college over.
Maar ik geef hem wel aan dat er mogelijkheden zijn om vanuit verschillende disciplines en dat hangt vanaf van welke vraag dat je wil gaan stellen. Maar als de raad zou willen dat ik meehelp aan het onderzoek, doe ik er graag aan mee. Want ik denk dat ik er zelf niet zo heel lang voor nodig heb om daarachter te komen van waar nou de behoefte ligt en om mensen ook in de richting van vrijwilligers te laten hè, vrijwilliger te laten zijn. Want ja, dat ligt opgesloten in die integraliteit. Dat kun je laten vragen door verschillende mensen die in staat zijn om met verenigingen of met stichtingen of met instellingen te gaan praten. Dat is mogelijk. Ik zeg niet dat dat direct de oplossing is, maar dat is een, dat is een mogelijkheid om dat te doen. En ik wil ook nog een keer benadrukken naar uw verhaal in de eerste instantie, dat gaat over, dat gaat echt over punt vier. Ja, punt één, twee en drie is wat mij betreft, is wel helder. Dat kan gewoon als een ondersteuning dienen. En nogmaals, gaat over dat experiment om dat er nog even uit te lichten. Maar ja, ik zie echt wel mogelijkheden en kansen om dat te doen zonder dat, we hebben ook een redelijke termijn daaraan gekoppeld ja, daar kun je de jongerenraad bij betrekken, kun je iedereen bij betrekken. Maar ik zie nog niet zozeer dat er echt een externe deskundige nodig is. Maar dat kunnen we echt integraal oplossen volgens mij.
De voorzitter: Oké. Dank u wel, mijnheer Den Haan. Blijf nog even staan voor de afronding. De heer Alderliesten: Ja, een kleine reactie. Dank u, voorzitter, kleine reactie daarop. Waar het ons om gaat en volgens mij zitten we aan dezelfde kant dus hè, dus steun voor de motie zal er wel komen. Waar het ons vooral in zit van, probeer dan niet die, dat onderzoek uitputtend en, maar maak inderdaad vooral gebruik van de kennis die we hier al hebben en de netwerken die hier al zijn om bij wijze van spreken punt vier voldoende in te vullen om vervolgens te kunnen doorpakken. Dat zou dan mijn advies wat dat betreft zijn daarover. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Alderliesten. Gaan we naar mijnheer Verbaarschot en dan mag de heer Den Haan zo direct afronden. De heer Verbaarschot: Dank u wel, voorzitter. Is misschien een voorstel om punt vier aan te passen mogelijkheid voor AltenaLokaal, dat het woord ‘vrijwilligers’ vervangen wordt door het woord ‘betaalde bestuurders’? Hè, ook al omdat het, u al zegt van nou, het staat eigenlijk al een beetje al in de tekst. Dan zouden wij het stuk volkomen kunnen steunen wat dat betreft. Dank u. De voorzitter: Mijnheer Den Haan, gaat uw gang.
De heer Den Haan: Ja, daarop reagerend, de heer Verbaarschot, is het wat ons betreft - maar goed, kijk ook wel even naar mijn collega indiener – ja, dat zal ook, dat is, misschien gaat het daar wel naartoe. Maar laat dat nou het onderzoek uitwijzen hoe dat dat gaat, hoe vrijwilligers erin zitten. Misschien willen de vrijwillig doen, weet ik niet, dat ze dat ook niet doen. Maar laat dat nou het onderzoek uitwijzen hè als het gaat over het besturen van eventueel lease busjes, huurbusjes, je kunt van alles bedenken, op reclame erin. Er zijn al gemeentes die dat al doen. Dus ja, wat ons betreft zou ik dat nu effe nog niet willen aanpassen, maar zou ik dat aan het onderzoek willen laten. En voorzitter, als ik gelijk door mag gaan in de richting van de ChristenUnie? Ja, natuurlijk hebben wij ook vertrouwen in het college hè. U benoemt het nog eens een keer extra, zeker ook naar aanleiding van het feit wat er al gebeurt. Maar nogmaals, wat die brief die er nou komt van het college dat is prima, maar wij willen dat nog een keer ondersteunen. Maar we willen extra nog een keer benadrukken aan dat, aan de andere provincie, dat als je dat, neem dat nou op in het bestuursakkoord en zorg er dan ook voor dat wij bijvoorbeeld in Altena die pilot en dat experiment kunnen doen. Wat we dan vervolgens uit kunnen dragen in de rest, want die mogelijkheden die zijn er.
En ze onderkennen het dat het er is. Dus ja, wat dat betreft denk ik dat ik niet zo lang erover doe als de heer Bouman om mijnheer Duizer te overtuigen, maar dat is, dan stop ik ermee om u mee te nemen. Dus tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Den Haan. Gaan we nog eventjes naar, in ieder geval een betaalde bestuurder, dat is de heer Tanis. De heer Tanis: Ja, dat wist jij niet, he? Voorzitter, even een korte reactie. Dank, overigens mevrouw Schermers voor de suggestie van het IKOB. Ik kende het niet. Wellicht is het hier intern wel bekend, maar dat nemen we zeker mee. Het is ook zeker mijn bedoeling, voorzitter, vandaar dat ik bewust het verkleinwoord onderzoekje heb genoemd, om te kijken van wat is er al beschikbaar aan data. Er is natuurlijk ook heel veel beschikbaar ook bij de provincie na zeg maar, die gebruiken ze als basis voor de uitwerking van de nieuwe concessie. Dat werk wil ik absoluut niet overdoen en wat mij betreft is het een korte klap om helder te maken van, welke data hebben we en vervolgens te kijken van, waar ligt de behoefte. Maar ook wel: Wat zijn dan mogelijke oplossingsrichtingen? Juist ook omdat de provincie aangegeven heeft open te staan voor experimenten.
Maar heel eerlijk, met de plattelandsgemeenten binnen de RWB hebben we ook een paar keer rond de tafel gezeten om te kijken ja, wat doen jullie nu en wat zijn dan de mogelijkheden. Daar heb ik eigenlijk vind ik ook wel wat, of hebben we wat externe ervaring voor nodig om te kijken hoe je dat dan vervolgens kan doen en welke suggesties zijn er allemaal? Maar nogmaals, voorzitter, deze portefeuillehouder zit niet in de modus om het groot te maken. We willen daar graag op vrij korte termijn in de richting van de raad op terug te komen. En de heer Alderliesten zegt het ook, dat is ook zeker onze insteek, om dit niet ten koste te laten gaan van de lopende projecten. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Tanis. Dan gaan we over tot de stemming. Is er nog behoefte aan een stemverklaring? Mevrouw Schermers. Even nog een keer. Mevrouw Schermers: Oké. Ja, inderdaad. Dank u wel, voorzitter. We hebben inderdaad niet zo lang nodig, mijnheer Den Haan om mij te overtuigen, want samen met uw pleidooi maar ook vooral de beantwoording van mijnheer Tanis waarbij die zegt ja, dat integrale kijk op bereikbaarheid, dat is een nieuw document en dat wil ik zeker gaan toepassen. En dat het een klein project is, dus dat we niet heel veel uit de kast gaan halen. Dus dat lopende trajecten eigenlijk niet belemmerd worden plus dat het niet heel veel nou, geld extra en externe inzet gaat kosten.
Ja, vinden wij dit wel een dusdanig belangrijk onderwerp dat we zeggen, dan gaan wij ook steunen.
De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Schermers. Nog meer behoefte aan stemverklaringen? Mag ik dan bij hand opsteken wie voor deze motie is? En ik zie als het goed is, alle handen omhoog gegaan. Dan is de motie unaniem aangenomen. 17. Motie H. Timmermans (VVA) - Attero en scheiden afval De voorzitter: Gaan we naar agendapunt 17 Motie van de heer Timmermans van de VVA over Attero en het scheiden van afval. Mijnheer Timmermans, gaat uw gang. De heer Timmermans: Ja, dank je wel, voorzitter. Voorzitter, het is tijd voor een excuus van de gemeente. En dat staat hier dus ook omschreven. Gezondheid. Hij was zo te horen hè. Dat staat dus ook omschreven in de motie. Ja, waar zijn we eigenlijk mee bezig als gemeente? En natuurlijk zeker niet alleen de gemeente Altena wat het nu is, maar voorafgaand aan de drie gemeentes die natuurlijk mede veroorzaker zijn van die na belasting die dus nu komt van Attero. Vind ik een excuus van de huidige gemeente, waar de drie dan in op zijn gegaan, wel op zijn plaats. Daarin meenemend het puntje drie ook van de motie. Het is een vreemde gedachte om je inwoners stelselmatig te zeggen: Je moet je afval scheiden. Nou heb ik op zich niks tegen afval scheiden.
Alleen, dan moet je dus wel eerlijk erbij bekennen dat er dan als je afval gaat scheiden en vervolgens doet, afvalverwerker gooit alles bij mekaar, waarvoor ben je dan aan het scheiden? Dus ik wil eigenlijk gewoon een open kaart spelen in die, ook graag aan de gemeenteraad voorleggen, om deze motie te debatteren. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Timmermans. Ik kijk even rond welke fracties in de eerste termijn willen reageren? Ik zie, mijnheer Hoegee is toch als eerste bij de microfoon. ‘…’ Ga uw gang. De heer Hoegee: Dank, voorzitter. Ja, AltenaLokaal kijkt altijd naar een ingediende motie met het idee, het goede te steunen en het minder goede aan te passen of te corrigeren met als doel een acceptabele motie te creëren. Daarom willen we de VVA graag vragen een paar onjuistheden te herstellen. Bij de overwegingen, daar begint u met: ‘de gemeente inwoners opdraagt’. Maar de gemeente draagt niks op, de gemeente geeft een mogelijkheid. Het is een vrije keus van inwoners om hier gebruik van te maken, of niet. Dan gaat u verder: ‘inwoners afval moeten scheiden’. Zoals gezegd, mogen scheiden. Het is een keus. Vervolgens door de afvalstoffendienst op een hoop worden gegooid. Dit is een aantoonbare fabel. Glas, metaal, papier, textiel leveren geld op en plastic is kostenneutraal. Composteren van gft is goedkoper dan verbranden.
Artikelen bij Kassa, Milieu Centraal, NRC geven een eerlijk en uitgebreide uitleg, mocht u dat willen lezen. Wij spreekt uit dat: ‘gemeente bewust een probleem creëert en dan de inwoners de dupe worden, maar de gemeente doet zeker niet bewust een probleem creëren. Er is überhaupt geen probleem gecreëerd, want scheiden van afval brengt geld op en is goed voor milieu. Er is ook niemand de dupe, want voor het overgrote deel van de kosten zijn in een heel ver verleden al voorzieningen getroffen. Ook in het heden, de inwoners niet goed geïnformeerd werd over de afvalinzameling’. Die zin loopt niet helemaal lekker, maar dat vergeef ik u. Hoe het ook gesteld wordt, het is onjuist. ‘Over afvalinzameling wordt altijd goed en duidelijk geïnformeerd. Er is een kalender of een app, waarin de dagen op welke afvalbak geleegd wordt duidelijk worden gecommuniceerd.’ Punt één, excuses maken is dan ook niet nodig. En punt drie kan niet worden uitgevoerd, omdat dwingend adviseren niet mogelijk is. Of je dwingt, of je adviseert. Om toch positief te eindigen, samenvattend, als u wat in de motie zou willen schrappen zodat overblijft bij de overwegingen: door de hoge Raad nu een uitspraak is gedaan die negatief uitvalt voor de gemeente en dit tot gevolg heeft dat de gemeente een suppletie vergoeding van tenminste vierhonderdzevenendertigduizend euro verschuldigd is aan Attero.
En het tweede punt van de opdracht aan het college, de ervaring met Attero mee te nemen bij toekomstige aanbestedingen. Als dat overblijft in de motie, zal ik mijn best doen om mijn fractie ervan te overtuigen om ermee in te stemmen. Ik hoop dat u dat in overweging wil nemen. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hoegee. Mevrouw Schipper van het CDA. Mevrouw Schipper: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, CDA Altena begrijpt niet wat de VVA met deze motie wil. De raad is in de RIB van 30 maart onder meer geïnformeerd over de afname van het aangeleverde afval als gevolg van betere afvalscheiding. De VVA vergeet in haar motie te vermelden, dat die afvalscheiding is bepaald – en daar zijn we weer – door landelijke wetgeving. Daarnaast is het niet ongebruikelijk dat de afvalstoffendienst Den Bosch het afval dat bij haar wordt afgeleverd op één hoop gooit. De afvalstoffendienst ontvangt namelijk het restafval. We hebben in Altena vier huishoudelijke afvalstromen: papier, groen, PDM en restafval. Het papier en het PDM wordt gerecycled, het groenafval wordt vergist tot groengas. Blijft over, restafval. Het restafval hoeven de inwoners niet alsnog te scheiden. De afvalstoffendienst Den Bosch hoeft dat voor zover ik weet, dus ook niet. Maar ik sluit niet uit dat ze daar toch nog bepaalde soorten afval scheiden. Wellicht dat de portefeuillehouder hierover ons wat meer kan vertellen. Uiteraard betreurt het CDA ook dat we als gemeente aan Attero na een jarenlange rechtsgang, een naheffing moeten betalen. Het CDA ziet alleen geen noodzaak tot een excuus en gaat ervan uit dat de ervaring met Attero zeker wordt meegenomen bij de toekomstige aanbestedingen.
Tot slot wil ik benadrukken dat we als CDA Altena juist trots zijn op het feit dat we in Altena beter dan het landelijk gemiddelde in staat zijn om afval te scheiden. Dit brengt minder stortkosten met zich mee en dat is weer een voordeel voor de inwoners van Altena. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Schipper. Mijnheer Kolff van de VVD. De heer Kolff: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, mijn voorgangers hebben al heel wat gezegd. Wij zullen deze motie ook niet steunen, mede ook dat die excuses naar ons inziens niet gemaakt hoeven te worden. Is door de rechtbank besloten dat die extra kosten betaald moeten worden en ik denk dat er al voldoende over gesproken is en dat die extra kilo's die niet geleverd worden momenteel niet meer verrekend hoeven te worden. Dus heeft zijn werk al gedaan, dus vandaar dat die excuses ook zeker overbodig zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kolff. Mijnheer Nieuwenhuizen van de ChristenUnie. De heer Nieuwenhuizen: Ja, dank u wel, voorzitter. Als fractie van de ChristenUnie zullen we deze motie ook niet steunen. De VVA haalt een aantal zaken door elkaar. Het gaat over de kosten van Attero in de motie en het gaat over afval scheiden. Eigenlijk zijn dat twee heel verschillende dingen. De kosten van Attero, dat betreuren wij uiteraard ook.
Maar dat is gepasseerd station in 2015-2017 en staat los van afvalscheiding in de zin van nut en noodzaak daarvan. Het gaat over de contractafhandeling en dat is zaak één. Daar hoeven we geen excuses voor aan te bieden. Daar hebben we gehandeld, hebben we geprobeerd tenminste tot aan de Hoge Raad zeg maar, geprobeerd om dat aan te vechten. En dat is het meeste wat gedaan kan worden. Het zou jammer zijn dat, als afvalscheiding door dit amendement of door deze motie zeg maar, in een negatief daglicht zou komen te staan. Want we zijn als Altena denk ik, heel goed op leg, op weg als je dat afzet tegen heel veel andere gemeentes. Onze inwoners doen juist heel goed hun best om afval te scheiden. Eigenlijk betekent afval scheiden dat je heel veel grondstoffen overhoudt, dus het gaat meer om grondstoffen dan om afval. En daar is al door de voorgaande sprekers al over gezegd wat de voordelen daarvan zijn, maar laten we vooral afval blijven scheiden en zo weinig mogelijk afval overhouden en zoveel mogelijk grondstoffen overhouden voor hergebruik. En dat levert voor al onze inwoners het beste resultaat op, maar het levert dus ook het beste resultaat op voor de leefbaarheid van onze gemeente en voor het milieu. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Nieuwenhuizen. Mijnheer Noordergraaf van de SGP.
De heer Noordergraaf: Dank u wel, voorzitter. Nou ja, heel veel argumenten al gehoord. Ook wij als fractie steunen deze motie zeker niet. Dus ook geen excuses. En ik moet eerlijk zeggen, dat ik het persoonlijk ook jammer zou vinden als we die stap zouden maken om alles in, op één hoop te doen. Want ik moet zeggen dat de sport behoorlijk leuk is om het te scheiden en het ook zeker in je eigen portemonnee gevoeld wordt als je op die manier te werk gaat. Dat zal niet alleen voor mij gelden, maar voor menigeen in onze gemeente Altena. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Noordergraaf. Mevrouw Hofstede, Progressief Altena. Mevrouw Hofstede: Ja, dank u wel, voorzitter. Nou, ook wij zullen niet met deze motie instemmen hè. Er wordt onder andere gesteld dat afval op één hoop komt. Nou, dit klopt niet; afval wordt keurig na inzameling via verschillende stromen verwerkt. Daarnaast vinden wij ook wat ook al door anderen is gezegd, dat we juist trots moeten zijn op Altena op hoe goed wij hier al bezig zijn met het scheiden van ons afval hè. Belangrijk voor de natuur, maar ook zeker voor de portemonnee. En als wij minder gaan scheiden, dan zal de afvalverwerking alleen nog maar duurder worden.
En ik wil gelijk gebruik maken van de mogelijkheid omdat ik denk dat het, behalve dat het goed is als we onze afval goed scheiden, dat het nog beter zal zijn als we proberen met elkaar minder afval te produceren. Dat zou pas goed zijn voor het milieu en voor onze portemonnee. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Hofstede. Mijnheer Timmermans als reactie op de inbreng van andere fracties. De heer Timmermans: Voorzitter, ik denk dat ik erg onduidelijk ben ergens, maar laten we het daar maar op houden. Ik zeg niet dat ik tegen afval scheiden ben en dat hoor ik nou eigenlijk al vanaf iedere partij zo’n beetje. Ik ben juist voor afval scheiden, alleen wat er eigenlijk elke partij aan voorbij gaat, er wordt wel degelijk op één hoop gegooid. Dus al ga je naar de afvalverwerkers toe, het plastic wat wij apart inzamelen en aan de lantarenpaal hangt, wordt gewoon bij het restafval gegooid. Waarom? Omdat we nu geen contracten meer hebben die we in het verleden wel hadden ten tijde van Attero. Toen hadden wij contracten om plastic apart te verwerken en dat is dus nu niet meer zo. Dus het wordt wel degelijk op één hoop gegooid. Ik mag in tweede termijn reageren. De voorzitter: Hij staat er nu al voor klaar denk ik, maar … De heer Timmermans: Dus ja, voorzitter, concluderend eigenlijk.
Dat is eigenlijk een van de hoofdredenen die ik naar mijn hoofd gegooid krijg van andere mensen te zeggen nou, het wordt al, scheiden is goed en daar moeten we vooral mee doorgaan. Eens, maar dan moet er ook een vervolg aan komen en dan niet achterover gaan hangen op het moment dat wij het gescheiden hebben, dat het dan vervolgens op één hoop, in één hoop gegooid wordt. Want dan ben je het voor niks aan het doen. En even kijken, dan had ik ook nog een AltenaLokaal. Nou ja, die vrije keus van afval scheiden, die betwijfel ik een beetje. Want uiteindelijk is het zo, we zijn met minder ophaal bewegingen naar onze inwoners toe, ook voor de grotere gezinnen zijn we wel degelijk minder vrij geworden in ons afval als dat we waren vroeger. Dus ik zie die vrijheid niet meer zo, als dat het was. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Timmermans. Na afloop van deze eerste termijn gaan we toch eerst naar het college luisteren, portefeuillehouder Van Vugt. Even erin steken.
De heer Van Vugt: Excuus voorzitter, dat ik mijn eigen bakje heb. Maar het was op bij Jan. Kijk, het sentiment mijnheer Timmermans, begrijp ik hè. Het, deze uitspraak die gedaan is door de rechter voelt natuurlijk wel enigszins onrechtvaardig, omdat je het gevoel hebt dat je voor goed gedrag toch enigszins gestraft wordt. En in het licht van de eerdere arbitrage, de arbitrage die ging over de jaren 2011 tot 2014, zijn alle gemeenten in het gelijk gesteld. Helaas in de tweede, niet. Dat voelt zuur. Maar als we gaan doen wat u vraagt, als wij onze inwoners eigenlijk gaan voorstellen van, gooi het allemaal maar op één hoop. Gooi alle afval die u heeft groen, grijs, plastic maar in één grijze container, dan gaat er één ding wel gebeuren en dat is dat de inwoner vele malen meer gaat betalen voor afval in Altena. Dat is volgens mij iets wat we niet willen. Maar buiten het financiële aspect is er natuurlijk ook een milieurendement wat we met zijn allen nastreven. In die zin, voorzitter, ben ik buitengewoon trots op onze inwoners in Altena die een hele hoge scheidingsmoraal hebben. Ik heb het dan natuurlijk over afval. En er, die er in ieder geval toe leidt, dat de afgelopen jaren we beduidend onder de honderd kilo per inwoner zijn gekomen als het gaat om restafval. En als we gaan naar fijn restafval, dan zitten we zelfs onder de tachtig kilo.
En dat is echt een grote prestatie, zeker als je dat afzet tegen alle gemeenten in den lande en ook in West-Brabant. Dus in die zin doen we het goed en zou ik er vooral voor willen pleiten om dat scheidingsgedrag nog wat te intensiveren, want dat scheelt ook echt in de portemonnee. Maar ik weet niet of ik u overtuigd krijg. Ik heb daar enige twijfel bij, ook vanwege de manier waarop de moties is vormgegeven. Daarom wil ik u een tegenvoorstel doen. Laten we samen eens naar Den Bosch gaan om te kijken wat daar gebeurt. Ik ben voordat wij Den Bosch de opdracht verleenden om het afval in Altena op te halen, het groen, het PMD en het restafval, ben ik zelf wezen kijken. Af toe moet je inderdaad aan fact checking doen en ik zou en de hele raad ook willen uitnodigen om dan eens mee te gaan naar Den Bosch en kijken wat daar gebeurt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, portefeuillehouder Van Vugt. Gaan we naar de tweede termijn. En mijnheer Hoegee stond al klaar en die wil weer als eerste bij de microfoon en dat gaat hem lukken. Ja, u heeft weer beltegoed, mijnheer Hoegee. De heer Hoegee: Dank, voorzitter. Nee, ik denk dat het een goed voorstel is van de wethouder om met mijnheer Timmermans eens te gaan kijken. Dan weten we ook waar we het over hebben.
En wat ik jammer vind, ik doe eigenlijk als enige partij u een suggestie zodat uw motie toch aangenomen kan worden en daar reageert u niet eens op. De voorzitter: Ik kijk even rond naar de naar de tweede termijn. Wilt u meteen reageren, mijnheer Timmermans? Mag hoor. De heer Timmermans: Ja, nou goed, als je alles zo ongeveer uit de motie haalt wat er in op is gedragen, ja, dan snap ik dat u hem gaat steunen. De heer Hoegee: Maar mijnheer Timmermans, dat doe ik om te voorkomen dat u fouten maakt, omdat het onjuistheden zijn die erin staan. Als je dat er nou uithaal, dan heb je een goeie motie, dan heb je een redelijke kans dat die wordt aangenomen. Ik probeer u alleen te helpen. De heer Timmermans: Ik snap wat u bedoelt, alleen het klopt niet wat u zegt. Want er staan geen onjuistheden in. Ik wil uiteraard wel op die handreiking van de wethouder ingaan, om dan als volgende raadsuitje dan maar naar de afvalstoffendienst te gaan. Dus bij deze, die vind ik wel, dat is wel prettig. Maar er staan geen onjuistheden in de motie.
De voorzitter: Ik kijk even rond of er nog andere fracties zijn die behoefte hebben in tweede termijn te reageren? Is er nog behoefte vanuit de portefeuillehouder om te reageren? De heer Van Vugt: Nou, in het kader van de goede relatie, kleine handreiking wil ik wel doen. Het punt twee, of de ervaringen meegenomen worden voor, kan ik wel toezeggen. Alle ervaringen waar wij wijzer van worden in Altena zullen wij zeker meenemen naar toekomstige situaties. De voorzitter: Dank u wel, portefeuillehouder Van Vugt. Mijnheer Timmermans, wilt u de motie handhaven en in stemming brengen? Jazeker? Is er nog behoefte aan een stemverklaring? Dan gaan we stemmen over de motie. Wie is voor deze motie? Dat is de fractie van de VVA met twee stemmen. En er was iemand die maakte een schijnbeweging. Hè, ook voor de kijkers thuis, want die snappen dit lachen anders niet. Iemand maakte een schijnbeweging en dat telt niet. Twee stemmen voor tel ik. Wie is tegen? Het zijn er vijfentwintig. Dus is de motie met vijfentwintig stemmen tegen, verworpen. Zesentwintig, sorry. Zesentwintig tegen en twee voor, verworpen. 18. Sluiting De voorzitter: Daarmee komen we aan het laatste agendapunt, dat is de sluiting van deze vergadering. Ik kijk even, is er een beeld over hoeveel mensen hebben meegekeken via de livestream dan wel via Altena TV? Altena TV weten we niet, livestream weten we ook zo niet.
Zoals gebruikelijk zullen het er zeker meer dan honderd zijn. Ik wens iedereen nog een hele fijne avond en iedereen hier wordt uitgenodigd voor de nazit. Dank u wel. -