Trends en Wmo.pdf
Tekst van het document
Trends en Wmo In deze bijlage worden de trends en actuele ontwikkelingen beschreven, die van invloed zijn op het gebruik en kosten van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Trends in demografie De bevolking van Nederland verandert de komende dertig jaar flink. De belangrijkste demografische veranderingen zijn de aanhoudende bevolkingsgroei, de toenemende vergijzing en de groeiende diversiteit. Deze veranderingen hebben fikse gevolgen voor veel maatschappelijke terreinen. Vooral de toenemende vergrijzing heeft invloed op de Wmo. Volgens de Bevolkingsprognose van het Centraal Planbureau Statistiek (CBS) zal het aandeel ouderen sterk groeien. Het percentage 65-plussers neemt toe van 19 nu naar 25 in 2050 (figuur 2). Het aandeel van de bevolking met een migratieachtergrond neemt nog sterker toe: van 24 procent nu naar 36 procent in 2050. Het aantal mensen in de werkzame leeftijd (de zogenoemde potentiële beroepsbevolking) zal daarentegen nauwelijks groeien (figuur 1). Al deze ontwikkelingen hebben gevolgen voor veel maatschappelijke terreinen. Zo leidt de bevolkingsgroei bij voorbeeld tot een toename van de vraag naar woningen en tot meer mobiliteit en energiegebruik. Vergrijzing leidt tot een toename van de zorgvraag. De stagnatie van de potentiële beroepsbevolking kan een remmend effect hebben op de economische groei.
prognose vergrijzing in Alblasserdam In Alblasserdam neemt het aandeel ouderen van 19% in 2022 toe naar ruim 24% in 2040 1. Het percentage 80+ groeit van in dezelfde periode van 5,6% (van de totale bevolking in Alblasserdam) naar 8,0% in 2040. Het percentage 65+ neemt toe van 20,1% naar 24,3% (van het totaal aantal inwoners in Alblasserdam) Het aantal 1 persoonshuishoudens van 80 jaar en ouder stijgt van 520 in 2022 naar 672 in 2040, een stijging van 152 huishoudens in de komende 18 jaar) Het aantal 1 persoonshuishoudens van 65 tot 80 neemt van 1.192 in 2022 toe tot 1.420 in 2040. Dat is een stijging van 218 huishoudens tot 2040. Het aandeel 1 persoons ouderenhuishoudens neemt de komende 18 jaar toe met 370. Het totale aantal inwoners in Alblasserdam wordt voor 2040 geprognosticeerd op 20.338. In 2022 zijn dat er 20.087. Dat betekent een toename voor de komende 18 jaar van 251 inwoners. Het aantal 1 persoonshuishoudens voor de oudere inwoners vanaf 65 jaar neemt tot 2040 toe met 370. Het aandeel ouderen onder de inwoners van Alblasserdam neemt dus fors toe, terwijl andere groepen zoals de beroepsbevolking en jongeren niet toeneemt. Effecten vergrijzing op dementie, mantelzorg en kosten Met het toenemen van de vergrijzing wordt ook een toename verwacht van het aantal inwoners met dementie. Alzheimer Nederland heeft de prognose per gemeente laten berekenen.
In 2040 zijn er naar verwachting 540 mensen met dementie in Alblasserdam en in 2050 worden het er 640 volgens de prognose. In 2021 waren het er 370. De toenemende vergrijzing werkt ook door op het aantal mantelzorgers, dat beschikbaar is voor het ondersteunen van ouderen2. De verhouding tussen 50 -74-jarigen en 85-plussers (Oldest Old Support Ratio (OOSR)) daalt in Nederland al sinds 1975. 50 jaar geleden waren er 30 potentiële mantelzorgverleners op iedere mantelzorgontvanger. In 2015 was dat aantal gehalveerd: 15 potentiële mantelzorgverleners op één mantelzorgontvanger. Naar verwachting neemt dat aantal verder af. De prognose voor 2040 is dat er 6 potentiële mantelzorgverleners zijn op iedere mantelzorgontvanger. Met de toename van het aantal 1-persoonshuishoudens van ouderen is de verwachting dat de kosten voor langer thuis wonen ook zullen toenemen. Met de verwachting dat het aantal mensen in de werkbare leeftijd (beroepsbevolking) onvoldoende mee stijgt, wordt duidelijk dat er steeds minder rijksmiddelen beschikbaar zullen zijn om de uitgaven voor de Wmo te financieren. Aanpassing abonnementstarief Wmo Op 4 november 2022 is bekend geworden dat het kabinet 3 een aantal aanpassingen in de Wmo gaat doorvoeren om de houdbaarheid ervan te verbeteren.
De belangrijkste aanpassing is de invoering van een passende eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp per 1 januari 2025, waarbij meer rekening wordt gehouden met de draagkracht van huishoudens. Praktisch betekent dit dat huishoudens met een inkomen boven 185% van het sociaal minimum (in 2021 was dit circa € 30.000 voor een alleenstaande AOW-gerechtigde) een hogere eigen bijdrage zullen betalen. Andere aanpassingen zoals resultaatgericht werken en beschikken worden nog onderzocht. 1
Bron: Regiobeeld.nl. De cijfers geven een toekomstprojectie vanaf 2021 op, basis van de prognoses van de bevolkingsontwikkeling gemaakt door Primos-prognose, ABF Research. 2 Bron: Toekomstverkenning mantelzorg aan ouderen 2040, Sociaal Cultureel Planbureau, 2019 3 Bron: Rijksoverheid.nl
Bij huishoudens met een inkomen boven 185% van het sociaal minimum zal de eigen bijdrage geleidelijk stijgen naarmate het inkomen hoger wordt (in 2021 was 185% van het sociaal minimum voor een alleenstaande AOW-gerechtigde circa € 30.000). Voor een huishouden met een inkomen van € 1000 boven dat grensbedrag (185% WSM) zal de maandelijkse eigen bijdrage circa € 6,70 hoger zijn. Vanaf een inkomen van circa € 66.000 gaat de maximum eigen bijdrage gelden van € 255 per maand. Deze bedragen kunnen mogelijk nog wel veranderen op basis van de indexatie. Voor de meeste huishoudens betekent de invoering van een passende eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp dat zij alsnog € 19 per maand blijven betalen. De achterliggende gedachte hierbij is dat cliënten met een hoger inkomen de keuze hebben om of een hogere eigen bijdrage te betalen of huishoudelijke hulp in te kopen op de private markt Vanaf 2019 konden huishoudens tegen betaling van het abonnementstarief (een vast tarief van € 19 per maand, ongeacht inkomen, vermogen gebruik maken van bepaalde Wmo-voorzieningen. Het gebruik van huishoudelijke hulp binnen de Wmo steeg hierdoor sterker dan verwacht. Voor de overige Wmo-voorzieningen is de druk op voorzieningen beperkt en blijft het abonnementstarief voor alle inkomens gelijk.