CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

1A.19 Gewaarmerkte jaarstukken 2025.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 26 mei 2026, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 15: Doorlopende lijst ingekomen stukken22.907 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

kosten lichten wij dit verschil niet toe.

In de bijgestelde begroting 2025 was aan opbrengsten voor Gegevensbeheer BAG een bedrag geraamd van € 330.000. De werkelijke opbrengsten voor Gegevensbeheer BAG zijn in de jaarrekening 2025 € 330.000. De realisatie ligt in lijn met de bijgestelde begroting.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 27 van 69

Jaarstukken 2025

3.4 Toelichting programma WOZ-administratie 3.4.1

Omschrijving

Onder het programma WOZ-administratie vallen de activiteiten op het gebied van de WOZ-

administratie (o.a. WOZ-bezwaarafhandeling), de permanente marktanalyse en de herwaardering. Wat hebben we bereikt?

We hebben een waarde voor de gebouwde en ongebouwde eigendommen toegekend overeenkomstig de WOZ-tijdlijn.

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Hiervoor hebben we de gebouwde en ongebouwde eigendommen getaxeerd in een

waarderingsapplicatie. Er is gewerkt aan de implementatie van een verder geautomatiseerde

afwikkeling van bezwaren met het systeem Footsteps. Lasten

De WOZ-kosten gemeenten hebben betrekking op de kosten voor WSHD die door het ministerie van

BZK worden doorbelast via SVHW voor het gebruik van landelijke voorzieningen ten behoeve van

belastingheffing. Deze kosten worden één op één doorbelast aan WSHD. Vanaf 2026 stuurt BZK deze

nota rechtstreeks aan WSHD. Daarnaast bestaan de lasten uit externe kosten voor de verstrekking van

de aanslagen aan belastingplichtigen, dwanginvordering, proceskostenvergoeding en bankkosten. De kosten diensten derden betreffen de kosten van inschakeling van externe organisaties voor de

taxatie van de onroerende zaken en het afwikkelen van WOZ-bezwaren. De toegerekende kosten van het programma ondersteuning worden op basis van de formatie aan de diverse programma’s

toegerekend. Baten

De bijdrage van de deelnemers is gebaseerd op een vast bedrag van 14,134 euro per WOZ-object.

Kwantitatieve gegevens

2025

werkelijk

2025

begroot

2024

werkelijk

Aantal te waarderen WOZ-objecten

327.574

324.314

317.175

Aantal objecten t.b.v. aanslagen waterschap Hollandse Delta

179.347

178.493

179.634

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 28 van 69

Jaarstukken 2025

3.4.2

WOZ-administratie – Overzicht van Baten en Lasten

Omschrijving

Realisatie 2025

Begroting 2025 na

wijziging

(bedragen x € 1.000)

Begroting

Realisatie

2025

2024

LASTEN Personeelskosten

Ingeleend personeel

1.496

1.748

1.881

1.383

648

738

689

597

704

Automatiseringskosten Overige kosten

55

WOZ kosten gemeenten

850

42

1.503 49

1.948 41

626

639

689

639

Subtotaal programma kosten

3.529

4.017

4.811

4.608

Toerekening kosten Ondersteuning

1.046

1.268

1.268

867

Totaal lasten

4.575

5.285

6.079

5.475

626

639

689

625

BATEN Bijdrage deelnemers-factuur Ministerie BZK Bijdragen deelnemers

4.630

4.646

5.390

5.650

Totaal baten

5.256

5.285

6.079

6.275

Totaal baten

5.256

5.285

6.079

6.275

681

-

-

800

Totaal lasten Resultaat

4.575

5.285

6.079

5.475

In de bijgestelde begroting 2025 was aan kosten voor WOZ-administratie (exclusief de toerekening van kosten Ondersteuning) een bedrag van € 4.017.000 geraamd. De werkelijke kosten voor WOZ-

administratie zijn in de jaarrekening (exclusief de toerekening van kosten Ondersteuning) € 3.529.000. Dit geeft een positief resultaat van € 488.000. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door: •

•

Personeelskosten zijn € 252.000 lager dan begroot door openstaande vacatures met name voor taxateur (niet) wonen.

Het budget voor ingeleend personeel is bij de eerste begrotingswijziging 2025 al flink verlaagd vanwege de ingebruikname van een nieuwe bezwarenapplicatie en met name de lagere verwachting voor bezwaren. Het platform maakt het proces rondom het afhandelen van WOZbezwaren eenvoudiger en efficiënter. Vooral doordat het aantal bezwaren lager is dan geschat bij de 1e begrotingswijziging 2025 is er over heel 2025 uiteindelijk minder ingehuurd.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 29 van 69

Jaarstukken 2025 •

De automatiseringskosten worden aan de programma’s toegerekend op basis van het werkelijk aantal fte’s per ultimo 2025. Zie de toelichting bij Gegevensbeheer algemeen. De

automatiseringskosten op het programma WOZ-Administratie zijn € 90.000 lager dan begroot. In de bijgestelde begroting 2025 was aan opbrengsten voor WOZ-administratie een bedrag geraamd van € 5.285.000. De werkelijke opbrengsten voor WOZ-administratie zijn in de jaarrekening 2025 € 5.256.000. De realisatie ligt in lijn met de bijgestelde begroting.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 30 van 69

Jaarstukken 2025

3.5 Toelichting programma Dienstverlening 3.5.1

Omschrijving

Onder het programma Dienstverlening vallen: Klantcontact, Heffingen en Invordering. Klantcontact •

Het afhandelen van telefonische klant vragen en contactformulieren door allround

medewerkers volgens het first time right principe met minimale doorverbinding naar de procesteams in de andere Domeinen; •

Het proactief signaleren van- en gericht doorsluizen van klantsignalen in het kader van

•

Het verrichten van ondersteunende werkzaamheden ten behoeve van de andere procesteams

•

Het triageren van TopDesk meldingen van onze deelnemers en doorgeleiden naar de juiste

continue verbeteren van onze dienstverlening;

zoals o.a. het outbound bellen;

functionaris en/of procesteam. Heffingen

Dit onderdeel van het programma heeft als doelstelling het opleggen van aanslagen en het afhandelen van bezwaar- en beroepschriften. Hiervoor worden onder andere de onderstaande activiteiten

uitgevoerd • • • • •

Het verwerken van de plichten en maatstaven;

Het controleren van de aanslagkohieren;

Het printen van de aanslagen (door een extern bureau); Het verzenden van de aanslagen;

Het behandelen van bezwaar- en beroepschriften.

Invordering

Dit onderdeel van het programma heeft als doelstelling het innen van de opgelegde belastingbedragen. Hierbij worden volgende activiteiten uitgevoerd: • • • • • •

Bijhouden debiteurenadministratie; Bijhouden financiële administratie;

Behandelen van kwijtscheldingsverzoeken;

Verzenden van aanmaningen en dwangbevelen;

Het treffen van overige invorderingsmaatregelen;

Beoordelen invorderbaarheid en het doen van voorstellen ten behoeve van oninbaar verklaringen.

Wat hebben we bereikt?

In 2025 zijn voor alle deelnemers de aanslagen opgelegd binnen de normen, zoals opgenomen in de dienstverleningsovereenkomsten. De invordering van de opgelegde aanslagen is overeenkomstig de planning verlopen.

Wat hebben we daarvoor gedaan?

We hebben aanslagen opgelegd, klanten telefonisch te woord gestaan, kwijtscheldingsverzoeken

behandeld, aanmaningen en dwangbevelen verzonden, bezwaar- en beroepsschriften behandeld, de

invorderbaarheid beoordeeld en voorstellen gedaan ten behoeve van oninbaar verklaringen. Hiervoor zijn de processen verder geoptimaliseerd door afstemming, pilots en automatisering. Er is een pilot

voor de kosteloze herinnering uitgevoerd, er is verkend hoe en wanneer we belacties en huisbezoeken Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 31 van 69

Jaarstukken 2025 inzetten, we hebben een pilot gedraaid op dwanginvordering buitenland en het kwijtscheldingsproces

is geoptimaliseerd en verder geautomatiseerd. Ook is aangesloten op de nieuwe digitale omgeving van Bureau InformatieDiensten Nederland (BIDN) om meer informatie voor kwijtschelding op te kunnen

vragen. Deze beide projecten hebben in sommige gevallen geleid tot vertraging in de afwikkeling van kwijtscheldingsverzoeken. Om efficiënter te kunnen heffen is met de deelnemers gewerkt aan

besluitvorming om de komende jaren de belastingverordeningen verder te harmoniseren. Dit leidt tot

efficiëntere uitvoering en verlaging van risico’s. Ook zijn er diverse nieuwe belastingen ingevoerd en is Geertruidenberg als nieuwe deelnemer in de processen ingepast.

Medewerkers van het KCC hebben in 2025 ook collegiale ondersteuning verleend aan het domein

Heffen & Innen. Naast het verzorgen van de telefonische contacten met burgers en bedrijven hebben

zij ook een deel van de stroom contactformulieren verwerkt (circa 4.000) en is er slechts in 2,4 % van

alle bij het KCC binnengekomen gesprekken doorverbonden naar de operationele teams. Mede in het kader van belacties heeft het KCC gedurende 6 weken in november en december 2025 namens het

Domein Heffen en Innen gericht telefonisch contact gezocht met bedrijven die nog vorderingen hadden openstaan. De gemiddelde wachttijd bedroeg minder dan 2,5 minuut en het percentage dat tijdig (binnen 5 minuten) te woord is gestaan bedroeg 79 %. Het KCC heeft zich in 2025 weer verder ontwikkeld tot een volwaardige schakel in de dienstverlening naar burgers en bedrijven.

Lasten

Dit betreffen de kosten voor het Heffen en Innen van de belastingen. Dit bestaat uit kosten om de aanslagen op te leggen en dit kenbaar te maken bij de belastingplichtigen en de kosten voor het

invorderen zoals bijvoorbeeld dwanginvorderingsmaatregelen. Ten slotte zijn ook de kosten voor de

nazorg die samenhangen met de belastingaanslag en het innen daarvan opgenomen.

De toegerekende kosten van het programma Ondersteuning worden op basis van de formatie aan de diverse programma’s toegerekend. Baten

De bijdrage van de deelnemers is gebaseerd op een vast bedrag per aanslagregel van 1,858 euro.

Daarnaast bestaat de bijdrage van het waterschap uit de door het SVHW te betalen vergoeding voor het gebruik van de landelijke voorzieningen voor de belastingheffing.

Kwantitatieve gegevens

In onderstaande tabel zijn de kwantitatieve gegevens opgenomen die horen bij het programma

Dienstverlening. In de aantallen van bezwaar- en verzoekschriften zijn ook de aantallen opgenomen

die worden veroorzaakt door het ambtshalve ontheffen en verminderen en belastingaanslagen.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 32 van 69

Jaarstukken 2025

Kwantitatieve gegevens

2025 werkelijk

2025 begroot

2024 werkelijk

Aanslagbedrag

€ 593.305.410

€

490.957.171

€ 534.346.707

Aanslagregels

3.984.226

Bezwaar-en verzoekschriften (objectniveau)

4.062.712

3.898.748

Ingekomen

18.903

44.607

26.024

Afgedaan

18.790

28.558

25.273

113

16.049

751

Aantal aanslagbiljetten

738.617

700.804

735.368

Aantal aanmaningen

67.701

73.109

65.961

Aantal dwangbevelen

35.407

34.270

32.384

Aantal verzoeken om kwijtschelding

43.303

37.928

36.590

Aantal toegekende verzoeken om kwijtschelding

34.023

Niet afgedaan per 31/12

In de bovenstaande tabel zijn de automatische verminderingen en ontheffingen meegenomen. Er zijn

effecten zichtbaar in het aantal aanmaningen en dwangbevelen, omdat er in 2025 een pilot kosteloze herinneringen heeft plaatsgevonden. Dit heeft geleid tot een kleine 4.000 minder aanmaningen en

ongeveer 2.000 minder dwangbevelen.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 33 van 69

Jaarstukken 2025

3.5.2

Dienstverlening – Overzicht van Baten en Lasten

Omschrijving

Realisatie 2025

(bedragen x € 1.000)

Begroting

Begroting

2025 na

Realisatie

2025

wijziging

2024

LASTEN Personeelskosten

2.158

2.177

2.410

1.883

Automatiseringskosten

1.129

1.156

1.107

987

69

161

161

190

Overige kosten

Ingeleend personeel

Telefoonkosten KCC Kosten aanslagen

Controle belastingen Mediacampagne

56

84

511

39 58

61

105 815

72 57

Kosten dwanginvordering

431

376

Bankkosten

192

189

Proceskosten

387

53

105 815

71 57

46

167 696

57 42

376

282

190

205

800

1.131

704

Subtotaal programmakosten

5.114

5.969

6.477

5.259

Toerekening kosten Ondersteuning

1.819

1.984

2.038

1.433

Totaal lasten

6.933

7.953

8.515

6.692

3.531

2.792

2.793

2.501

7.503

5.241

4.847

BATEN Opbrengst invorderingskosten

Teruggave opbrengst invordering Bijdragen deelnemers Rentebaten

-3.531

-2.792

471

450

7.567

-

480

-

652

Totaal baten

8.038

7.953

8.515

8.000

Totaal baten

8.038

7.953

8.515

8.000

Resultaat

1.105

-

-

1.308

Totaal lasten

6.933

7.953

8.515

6.692

In de bijgestelde begroting 2025 was aan kosten voor Dienstverlening (exclusief de toerekening van kosten Ondersteuning) een bedrag van € 5.969.000 geraamd. De werkelijke kosten voor

Dienstverlening zijn in de jaarrekening (exclusief de toerekening van kosten Ondersteuning)

€ 5.114.000. Dit geeft een positief resultaat van € 855.000. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door: •

De automatiseringskosten worden aan de programma’s toegerekend op basis van het werkelijk aantal fte’s per ultimo 2025. Zie de toelichting bij Gegevensbeheer algemeen. De

automatiseringskosten op het programma Dienstverlening zijn € 27.000 lager dan begroot.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 34 van 69

Jaarstukken 2025 •

De scherpe aanbesteding en implementatie van telefoonsoftware voor het KCC heeft in 2025

geresulteerd in een besparing van € 92.000. In 2024 waren we contractueel gehouden aan de vorige leverancier en moesten we een hoger bedrag in de begroting opnemen voor

implementatie kosten en specifieke inrichtingswensen. De uitkomst van de aanbesteding zal in de eerstvolgende begroting verwerkt worden. •

De kosten aanslagen zijn aanzienlijk lager (€ 304.000) dan begroot. Dit wordt met name

veroorzaakt door het niet meer meesturen van de zogenoemde bijsluiters bij de aanslagen. Het bijgestelde aantal pagina’s heeft ervoor gezorgd dat de prijs per aanslag aanzienlijk lager is geworden.

•

De controle op enkele belastingen is efficiënter ingezet dan begroot leidt tot € 33.000 lagere kosten.

•

De kosten van dwanginvordering zijn € 55.000 hoger ten opzichte van de begroting doordat er

meer dossiers zijn aangeleverd bij de deurwaarder (in 2025 18.072 dossiers) en is er sprake

van een lichte stijging van de prijs per dossier. •

De proceskosten zijn € 413.000 lager dan begroot. De begroting is gebaseerd op de cijfers en de kosten vanuit 2024. Het vooraf inschatten van het aantal ingediende bezwaren blijft een

lastige opgave. We hebben veel minder NCNP-bezwaren ontvangen en er is, anders dan bij de

Najaarsnota gedacht, slechts 15% gegrond. Dit leidt bij elkaar tot een forse vermindering van de proceskosten.

In de bijgestelde begroting 2025 was aan opbrengsten voor Dienstverlening een bedrag geraamd van

€ 7.953.000. De werkelijke opbrengsten voor Dienstverlening zijn in de jaarrekening 2025

€ 8.038.000. Dit geeft een positief resultaat van € 85.000 ten opzichte van de bijgestelde begroting

2025. Dit verschil wordt veroorzaakt door hogere rentebaten en hogere deelnemersbijdrage o.b.v. de werkelijke aanslagregels.

Opbrengst invorderingskosten deelnemers

De invorderingsopbrengsten zijn € 739.000 hoger dan geraamd bij de begroting. De aanslagen voor

2025 zijn het eerste kwartaal verstuurd, hiervan is inmiddels de betaaltermijn verstreken en zijn waar nodig de invorderingskosten opgelegd. De stijging wordt veroorzaakt door er meer uitgevaardigde

dwangbevelen zijn (zie ook de stijging bij dwanginvordering). Hierdoor stijgt ook de terug te betalen post aan de deelnemers. In de toelichting op de balans bij de overlopende passiva is een specificatie opgenomen met het bedrag per deelnemer.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 35 van 69

Jaarstukken 2025

4.

Paragrafen

4.1 Paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing

Het weerstandsvermogen is: het vermogen van SVHW om niet-structurele risico's op te vangen zonder

het beleid en de bedrijfsvoering aan te hoeven passen. Onder het weerstandsvermogen wordt verstaan de algemene reserve.

Op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen zijn de deelnemers verplicht eventuele tekorten

bij een gemeenschappelijke regeling aan te vullen. Het SVHW verwerkt de kosten in de tarieven van de

producten. Een eventueel overschot/tekort aan het einde van het jaar wordt in rekening of in mindering gebracht op de te ontvangen bedragen van de deelnemers. In formele zin loopt het SVHW geen risico,

omdat het eventuele tekorten afwentelt op de deelnemers, dan wel verrekent met de algemene reserve (buffer) van de gemeenschappelijke regeling.

Op 13 april 2022 heeft het Algemeen bestuur de nota Risicomanagement en weerstandsvermogen

SVHW 2022 vastgesteld. Deze nota beschrijft de structuur ten aanzien van het uit te voeren beleid

omtrent risico’s en fraude. SVHW hanteert een risicomijdend profiel ten aanzien van risico’s en streeft ernaar om risico 's zoveel mogelijk te ondervangen. Dat is de reden waarom diverse verzekeringen afgesloten zijn voor het onroerend goed, inventaris en personeel.

De risico’s hebben een intern (SVHW, “eigen” organisatie) en/of een extern (deelnemers) karakter. Op basis van de risico’s zijn/worden (aanvullende) beheersmaatregelen genomen. In de Voor- en

Najaarsnota rapporteert SVHW over de voortgang van de risico’s en de beheersmaatregelen.

SVHW is een belangrijke organisatie voor haar 15 deelnemers. Continuïteit van de bedrijfsvoering is

daarom essentieel. Dit dient op het niveau van directie en Dagelijks Bestuur te kunnen worden beslist. Bij het opvangen van de gevolgen van calamiteiten is het onwenselijk dat de organisatie afhankelijk zou zijn van de besluitvorming van de deelnemers. Gelet op genoemde risico's en de behoefte aan

continuïteit van de bedrijfsvoering is het gewenst een financiële buffer in stand te houden. In de nota

Risicomanagement en weerstandsvermogen is daarom besloten de omvang vast te stellen op minimaal 400.000 euro en maximaal 700.000 euro.

Er doen zich geen juridische procedures voor die aanleiding kunnen geven tot enig financieel nadeel. Eind 2004 is bij de Bank Nederlandse Gemeenten een lening van € 2.600.000 met een looptijd van 30 jaar aangetrokken. Deze lening heeft gedurende de gehele looptijd van 30 jaar een vast rentepercentage van 4,445%, zodat er geen sprake is van een financieel risico. Beschikbare weerstandscapaciteit

Het weerstandsvermogen is: het vermogen van SVHW om niet-structurele risico’s op te vangen zonder

het beleid en de bedrijfsvoering aan te hoeven passen. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat bij SVHW uitsluitend uit de algemene reserve. Weerstandscapaciteit

BW 31-122024

Toevoeging

Onttrekking

(bedragen in x € 1.000)

Bestemming resultaat vorig

BW 31-122025

boekjaar

Algemene reserve

700

-

-

-

700

Totaal eigen vermogen

700

-

-

-

700

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 36 van 69

Jaarstukken 2025 Inventarisatie van de risico’s

In onderstaand overzicht zijn de belangrijkste risico’s weergegeven:

Categorie Risico

Nalatigheid of onrechtmatig

Beheersing

Verzekeren

Financieel belang

100

Kans Klasse

1

Risico % 10%

score

10

handelen

Toelichting

(bedragen in x € 1.000)

De risico’s zijn in de meeste gevallen beperkt, doordat waar mogelijk

verzekeringen zijn afgesloten. Ook hebben wij in de begroting diverse

budgetten beschikbaar, bijvoorbeeld Schadeclaims

Overdragen

100

1

10%

10

om ons eigen risico af te dekken. SVHW loopt altijd het risico op

schadeclaims. Over het algemeen zijn dit langlopende procedures

waarvan de risico's moeilijk in te schatten zijn. Onderhoud gebouw SVHW

Accepteren

100

1

10%

10

Wij voeren voor onze gebouw

planmatig beheer en onderhoud uit. Dit doen wij op basis van actuele inspecties. Echter het kan altijd voorkomen dat onbegroot

onderhoud moet plaatsvinden. Dit

risico neemt af na renovatie van het Bedrijfsongevallen

Verzekeren

50

1

10%

5

gebouw in 2027.

Wij hebben hiervoor een verzekering afgesloten. Werkgevers hebben de wettelijke zorgplicht voor de

veiligheid van werknemers en die zorgplicht wordt uitgebreid. De

werkgever is aansprakelijk voor

bedrijfsongevallen en beroepsziektes van werknemers. Fraude en diefstal

Elimineren

50

1

10%

5

Economische ontwikkelingen kunnen voor medewerkers van SVHW leiden tot verhoogde prikkels of

gelegenheden tot het doen van of meewerken aan fraude. Er zijn fysieke en/of administratieve maatregelen genomen (functiescheiding,

procesbeschrijvingen). De interne controle richt zich ook op deze zaken. Afwezigheid

personeel wegens

Reduceren

150

2

30%

ziekte of anderszins

45

Kennis en kunde zijn (tijdelijk) niet beschikbaar waardoor de kwaliteit van de organisatie en de door de

(zwangerschaps- en

organisatie geleverde producten

bevallingsverlof,

lager worden. Uitgangspunt bij

zorgverlof)

ziekteverzuim is een interne

oplossing en geen externe inhuur, afhankelijk van de duur van de afwezigheid en taak.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 37 van 69

Jaarstukken 2025 Categorie

Beheersing

Financieel

Reduceren

150

Risico Vertrek personeel

belang

Kans Klasse 3

Risico % 50%

score

75

Toelichting

Door vertrek van personeel kan er kennis en kunde verloren gaan. Daarnaast is er bij het huidige

personeel veel ervaring en kennis

van de lokale situatie aanwezig, die bij vertrek verloren gaat. Dit kan ICT

Reduceren

750

2

30%

225

leiden tot inefficiëntie.

Computer-/ systeemuitval kan tot gevolg hebben dat we onze

dienstverlening niet meer uitvoeren en onze medewerkers niet meer

optimaal kunnen werken. Concreet

zijn er dreigingen van cyber

aanvallen en datalekken, maar ook overstromingen of internationale

Informatiebeveiliging en cybercrime

Reduceren

750

2

30%

225

dreiging.

Informatiebeveiliging is steeds

actueler. Er is weliswaar steeds meer aandacht voor en zelfs wetgeving in de maak, maar het risico wordt ook steeds groter. Denk hierbij aan

datalekken en cyberincidenten.

SVHW heeft beheersmaatregelen

uitgevoerd en toetst periodiek de beveiliging van informatie

bijvoorbeeld door de jaarlijkse

pentest. Voor 2026 bereidt SVHW

zich voor op ISO27001 certificering voor ICT. Vooralsnog is het risico door SVHW niet verzekerd. Loonontwikkelingen

Accepteren

100

2

25%

25

Voor 2026 is een cao vastgesteld. In 2026 vinden opnieuw cao-

onderhandelingen plaats, waarbij het

risico bestaat dat loonontwikkelingen hoger uitvallen dan geraamd. Dit kan leiden tot een stijging van de personeelslasten. Prijsontwikkelingen

Reduceren

75

2

25%

19

De begroting is zowel aan de batenals aan de lastenkant gebaseerd op contante prijzen. Per programma

maken we bij het opstellen van de begroting een reële en actuele

inschatting van de kosten. Het kan voorkomen dat de inflatie hoger is dan geraamd. De meerjarige

indexering is verhoogd van 1% naar 2%. Bezwaarschriften & Beroep

Reduceren

150

2

25%

38

Door de vele bezwaarschriften die worden ingediend moeten hoge

proceskostenvergoedingen worden

betaald. Deze zijn al verwerkt in de begroting, echter het is lastig te schatten naar omvang.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 38 van 69

Jaarstukken 2025 Categorie

Beheersing

Financieel

Accepteren

100

Risico Uittreden van deelnemers

belang

Kans Klasse 1

Risico score

% 10%

10

Toelichting

Risico op verlies van baten bij

uittreden van deelnemers uit de GR. Dit is echter goed afgedekt binnen de gemeenschappelijke regeling waarbij frictiekosten worden

opgevangen door de uittredend Nieuwe wet- en regelgeving

Reduceren

100

1

10%

10

deelnemer.

Het risico dat wij onvoldoende

voorbereid zijn op de invoering van nieuwe wet- en regelgeving

waardoor wij onvoorziene kosten moeten maken Totaal

2.725

712

Ratio weerstandsvermogen

Voor de beoordeling van het weerstandsvermogen wordt de verhouding tussen de beschikbare

weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit berekend. De weerstandsratio van SVHW bedraagt:

Beschikbare capaciteit/ benodigde capaciteit = 700/ 712 = 0,98

Voor de beoordeling van het weerstandsvermogen wil SVHW uitkomen op een waarde tussen de 1,0 en 1,4. Een weerstandsratio van minimaal 1 wordt gezien als voldoende.

Wanneer de geïnventariseerde risico’s de bovengrens van € 700.000 structureel overschrijden legt het

Dagelijks Bestuur een plan voor dat gericht is op het aanvullen van de Algemene reserve tot het bedrag uit hoofde van het benodigd weerstandsvermogen. Als de risico’s meerjarig de algemene reserve overstijgen komt er een voorstel. Op dit moment is dit nog niet aan de orde. Financiële kengetallen

Het BBV schrijft voor dat in de jaarstukken een uniforme set van vijf financiële kengetallen moet worden opgenomen. Voor SVHW zijn deze kengetallen als volgt: Kengetallen

Jaarrekening

Begroting 2025

Jaarrekening

Netto schuldquote

12,03%

2,00%

13,82%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle

12,03%

2,00%

13,82%

Grondexploitatie

0,00%

0,00%

0,00%

Solvabiliteitsratio

8,44%

11,00%

10,11%

Structurele exploitatieruimte

9.95%

2,59%

12,86%

Belastingcapaciteit

0,00%

0,00%

0,00%

verstrekte leningen

2025

(primitief)

2024

Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen (hoe lager deze percentages hoe beter)

Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau

van de schuldenlast van SVHW ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Een hoge netto schuldquote hoeft op zichzelf geen probleem te zijn. Of dat het geval is valt niet direct af te leiden uit de netto schuldquote zelf,

maar hangt af van meerdere factoren. Zo kan een hoge schuld worden veroorzaakt doordat er leningen Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 39 van 69

Jaarstukken 2025 zijn afgesloten en die gelden vervolgens worden doorgeleend en vervolgens weer afgelost. In dat geval hoeft een hoge schuld geen probleem te zijn. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van

doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). De netto schuldquote is verbeterd door met name een hoger banksaldo per 31-12-2025 van Schatkistbankieren. Solvabiliteitsrisico (hoe hoger dit percentage hoe beter)

Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin SVHW in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van SVHW. De mate van

weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie. De solvabiliteitsratio 2025 is gedaald ten opzichte van 2024 doordat het totaal van de balans is

gestegen door de opname van de terugbetaling van invorderingsopbrengsten aan de deelnemers. Grondexploitatie

Dit kengetal is voor SVHW niet van toepassing. Structurele exploitatieruimte (hoe hoger dit percentage hoe beter)

Dit kengetal helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte SVHW heeft om de eigen lasten te

dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de structurele lasten te blijven dragen. Belastingcapaciteit

Dit kengetal is voor SVHW niet van toepassing. Tabel signaleringswaarden

Voor de financiële kengetallen heeft de Provincie Zuid Holland signaleringswaarden opgesteld. Onderstaande tabel geeft de financiële kengetallen van SVHW weer ten opzichte van de signaleringswaarden. Ke nge ta lle n Netto schuldquote

signa le ringswa a rd e n P rovincie Zuid -Holla nd vold oe nd e < 90%

ma tig

onvold oe nd e

90-130%

> 130%

Netto schuldquote

< 90%

90-130%

> 130%

Grondexploitatie

< 20%

20-35%

> 35%

Structurele exploitatieruim Belastingcapaciteit

> 0% < 95%

=0% 95-105%

< 0% > 105%

gecorrigeerd voor alle verstrekte geldleningen

Solvabiliteitsratio

> 50%

20-50%

SVHW j a a rre ke ning 2 0 2 5

< 20%

12,38%

12,38% n.v.t.

8,60%

10,22% n.v.t.

Doordat de deelnemers verplicht zijn eventuele tekorten aan te vullen beschikt SVHW over een relatief laag eigen vermogen. Hierdoor is het percentage solvabiliteitsrisico laag, maar dat is geen reden tot

zorg. Op basis van de financiële kengetallenkunnen we concluderen dat de financiële positie voldoende is.

4.2 Paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen

Het periodieke onderhoud is in 2025 minimaal uitgevoerd in afwachting van het besluit over de verduurzamingsmaatregelen. In afwachting van de uitkomsten hiervan zijn bepaalde onderhoudsuitgaven en – investeringen aangehouden. Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 40 van 69

Jaarstukken 2025

4.3 Paragraaf Financiering 4.3.1

Algemeen

De financieringsparagraaf gaat in op de eisen van de wet Fido. Het moet blijken dat de uitvoering van

de treasuryfunctie alleen de publieke taak dient, het beheer prudent is en dat aan de kasgeldlimiet en de renterisiconorm is voldaan.

4.3.2

Treasurybeheer

De volgende risico`s zijn voor de organisatie van belang:  

Renterisicobeheer;

Kredietrisicobeheer.

Renterisicobeheer

Het doel van het renterisicobeheer is het beheersen van de risico`s die voortvloeien uit de

mogelijkheid dat de rentelasten van vreemd vermogen in de toekomst hoger zouden worden dan gewenst zou zijn. De aangetrokken geldlening heeft gedurende de looptijd (30 jaar) een vast rentepercentage.

Kredietrisicobeheer

Per twee weken vinden afgeronde voorschotbetalingen plaats aan de deelnemers. SVHW bepaalt de hoogte van het voorschot aan de hand van de werkelijk ontvangen belastingopbrengsten per

deelnemer. Een gering bedrag reserveren we voor restituties. Elk kwartaal ontvangen de deelnemers

een overzicht van de stand van de invordering alsmede van de ontvangsten en de daarop in mindering gebrachte voorschot afdrachten. Medio van het jaar ontvangt SVHW de geraamde bijdragen van de

deelnemers in de kosten van de dienstverlening. Het verstrekken van gelden aan derden in welke vorm dan ook komt niet voor. In 2025 zijn de opbrengst invorderingskosten gebruikt om de balanspositie

hiervoor af te wikkelen. Pas vanaf 2026 zal de doorbetaling aan de deelnemers hiervan beslag krijgen.

4.3.3

Kasgeldlimiet en renterisiconorm

De kasgeldlimiet en de renterisiconorm hebben beiden als doel de leningenportefeuille van decentrale overheden te behoeden voor een onverantwoord grote gevoeligheid voor rentefluctuaties. De

kasgeldlimiet stelt dat de gemiddelde netto vlottende schuld van een decentrale overheid in een

bepaald kwartaal niet hoger mag zijn dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. Voor gemeenschappelijke regelingen is dit 8,2 procent.

Uit de onderstaande tabel blijkt dat de ruimte onder het kasgeldgeldlimiet gedurende 2025 niet is overschreden.

K a sge ld limie t 2 0 2 5 ( x€ 1 . 0 0 0 )

1

Omvang begroting

18.717

Kasgeldlimiet

8,2%

1 e kwa r t. 2 e kwa r t. 3 e kwa r t. 4 e kwa r t. 1.535

1.535

1.535

1.535

0

0

0

0

2

Vlottende schuld Opgenomen gelden < 1 jaar

3

Vlottende middelen Rekening-courantsaldi < 1 jaar

484

518

496

483

4

Totaal netto vlottende schuld (2)-(3)

-484

-518

-496

-483

Ruimte onder kasgeldlimiet (1)-(4)

2.019

2.053

2.031

2.018

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 41 van 69

Jaarstukken 2025 De renterisiconorm is opgesteld met als doel de rentegevoeligheid van de portefeuille van leningen met een looptijd van één jaar of langer te beperken. Dit komt erop neer dat het renterisico in een bepaald jaar niet meer mag bedragen dan een bepaald percentage van het begrotingstotaal. Voor gemeenschappelijke regelingen is dit 20 procent.

Uit de onderstaande tabel blijkt, dat SVHW geen renterisico heeft. R e nte risico va ste schuld x € 1 . 0 0 0

4.3.4

2025

1a Renteherziening vaste schuld o/g 1b Renteherziening vaste schuld u/g 2 Netto renteherziening (1a-1b) 3a Nieuwe vaste schuld 3b Nieuwe verstrekte lange leningen 4 Netto nieuwe vaste schuld 5 Betaalde aflossingen 6 Herfinanciering (laagste van 4 en 5)

0

0 0 0 0 0 98 0

7 Renterisico vaste schuld (2 en 6)

98

Renterisiconorm 8 Begrotingstotaal 9 Vastgesteld % (20%) 10 Renterisiconorm (minimumnorm) 7 Renterisico vaste schuld

18.717 3.743 2.500 98

11 Ruimte (10-7)

2.402

Financiering

Het saldo van de aangetrokken geldleningen is per 1 januari 2025 afgerond € 1.259.000. Op de lening van de Bank Nederlandse Gemeenten is in 2025, € 102.000 afgelost. Het saldo van de geldlening per 31 december 2025 bedraagt € 1.156.000 euro. Bij deze lening bedraagt het vaste rentepercentage 4,445% voor de gehele looptijd van de lening.

4.3.5

Relatiebeheer

Het SVHW heeft met de Bank Nederlandse Gemeenten een rekeningcourant verhouding. De bank valt onder Nederlands toezicht.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 42 van 69

Jaarstukken 2025

4.4 Toelichting EMU-saldo

In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV, art. 19) is de verplichting vastgesteld, dat er in de

jaarrekening een overzicht verstrekt wordt over het boekjaar. Hieronder volgt het EMU-Saldo van SVHW over 2025:

2025 x € 1000,-

Omschrijving

Jaarrekening

1

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

2

(bedragen in x € 1.000)

2025 x € 1000,-

Volgens begroting 2025

2024 x € 1000,-

Jaarrekening

2.269

0

2.525

Afschrijvingen ten laste van de exploitatie

199

311

200

3

Dotaties aan voorzieningen ten laste van de exploitatie minus vrijval van voorzieningen ten bate van de exploitatie

-217

0

100

4

Bruto investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd

430

0

29

5

Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, geen betrekking hebbende op bouwgrondexploitatie en niet verantwoord op de exploitatie

6

Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord

7

Aankoop van grond en uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d., alleen transacties met derden niet op de exploitatie

8

Baten bouwgrondexploitatie: Baten voor zover niet al op de exploitatie verantwoord

9

Lasten op balanspost Voorzieningen voor zover deze transacties met derden betreffen

10

Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder vraag 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht

11 a b

Verkoop van effecten: Gaat u effecten verkopen? (ja/nee) Zo ja wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie?

ja

Berekend EMU-saldo

Versie 1.0

18 maart 2026

nee

1.821

Pagina 43 van 69

ja

nee

311

ja

nee

2.796

Jaarstukken 2025

4.5 Paragraaf Bedrijfsvoering 4.5.1

Personeel en organisatie

In 2025 is het in 2024 vastgestelde generieke functiehuis een van de pijlers van het P&O beleid SVHW. De opleidingsbehoefte- en vraag bij medewerkers is in de volle breedte geïnventariseerd en heeft

geresulteerd in een aantal in company opleidingen en trainingen en opleidingstrajecten bij externe scholingsinstanties voor parate kennis voor de huidige functie en meer loopbaangerichte en op de

persoonlijke ontwikkelingen gerichte opleidingen. De eerste categorie wordt ten laste gebracht van het Centraal Opleidingsbudget. De meer op de persoonlijke ontwikkeling gerichte trainingen en

opleidingen worden door het Persoonsgebonden Basis Budget (PBB) bekostigd.

In november 2025 is het MTO gehouden. Dit was overeenkomstig het model van het A&O fonds

Waterschappen uit 2023. Het deelnamepercentage lag ruim boven de 90% hetgeen de betrokkenheid

van onze medewerkers laat zien. De resultaten lieten een positieve trend zien en ook voldoende ruimte om met elkaar nog verder te groeien.

In 2025 hebben we met externe ondersteuning een stap gezet in de herijking van onze strategische personeelsplanning. De HR-speerpunten die daaruit volgen sluiten op veel onderdelen aan bij de

bevindingen uit het MTO. In 2026 werken we de HR-speerpunten verder uit. De speerpunten zien met

name op acties rondom arbeidsmarktbenadering en ontwikkel- en doorgroeimogelijkheden.

4.5.2 ICT Ondersteuning

Na de voorbereidingen voor de implementatie van AFAS ERP in 2024 is na invoering per 1 januari 2025 in 2025 ingezet op de verdere uitbreiding en optimalisatie van de geïmplementeerde functionaliteiten. Voor de afdeling Financiën is het inkoop‑ en contractbeheer ingericht en is de administratieve

inrichting geoptimaliseerd om makkelijker te kunnen rapporteren. Binnen HRM is het onboarding-

proces in de basis gerealiseerd; de verdere doorontwikkeling en verbetering hiervan vindt plaats in 2026. Ook is een koppeling tot stand gebracht tussen de belastingapplicatie en AFAS.

Hardware/ netwerk

Landelijk wordt Gemnet uitgefaseerd, omdat steeds meer overheidsorganisaties en ketenpartners

overstappen op Diginetwerk als standaard en beveiligde overheidsinfrastructuur. Als gevolg hiervan

stoppen diverse partijen met het aanbieden van diensten via Gemnet. In 2025 zijn de meeste diensten en processen die via Gemnet liepen gemigreerd naar Diginetwerk. De resterende diensten worden in het eerste kwartaal van 2026 afgerond.

In 2025 is de serverinfrastructuur (servers en storage) via een onderhandse aanbesteding opnieuw in de markt gezet en is de hardware vervangen. Aansluitend zijn de migraties naar de nieuwe

infrastructuur uitgevoerd. Daarnaast zijn in 2025 alle laptops van medewerkers van SVHW vervangen. In het verlengde hiervan is in 2025 een Europese aanbesteding uitgevoerd voor het beheer en de

migratie van de Linux‑ en database‑omgeving. Deze aanbesteding is in 2025 afgerond, waarna de

migratie door de gegunde partij is uitgevoerd en het beheer is overgedragen. Dit project is in 2025 volledig afgerond.

Op het gebied van informatiebeveiliging zijn in 2025 diverse projecten uitgevoerd, waaronder de

verdere toepassing van zero‑trust‑principes binnen de ICT‑omgevingen van SVHW. Dit betreft een Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 44 van 69

Jaarstukken 2025 meerjarig traject, waarin in 2025 belangrijke stappen zijn gezet. Tenslotte zijn in 2025 de laatste ICT‑restpunten vanuit het project Toetreding Geertruidenberg afgerond.

Applicaties

Het nieuwe kwijtscheldingsproces is in 2025 geïmplementeerd en Kwijtschelding 3.0 (de wijze waarop informatie met BIDN wordt uitgewisseld) is in productie genomen. Vanuit ICT is bovendien een

substantiële bijdrage geleverd aan de pilot Kosteloze Herinnering. Ook is de doorverwerking van mutaties vanuit het NHR naar de belastingapplicatie geïmplementeerd en in productie genomen. Binnen de belastingapplicatie is de module Flexincasso opgeleverd. Belastingplichtigen kunnen daarmee hun eigen gewenste incassomoment aangeven.

Verder is in 2025 gewerkt aan het ombouwen van oplossingen van maatwerk naar standaardsoftware, onder meer bij de BIZ‑en. Ook is een nieuw taxatieverslag ontwikkeld en in productie genomen. In

2025 zijn alle ICT‑voorwaarden gerealiseerd die noodzakelijk zijn voor de inwerkingtreding van de nieuwe Waterschapswet per 1 januari 2026.

Voor het domein Vastgoed is in 2025 een nieuw Bezwarenplatform in gebruik genomen. Hiervoor zijn door SVHW zelf API‑koppelingen gerealiseerd met de belastingsoftware en is de OrtaX Data API

aangepast en aangesloten op het Bezwarenplatform. Hiermee is de volledige bezwaarafhandeling van WOZ‑bezwaren voor woningen en NCNP‑bureaus ondergebracht binnen het Bezwarenplatform.

Organisatie

Als uitwerking van de stratege van SVHW is in 2025 de ICT‑Strategie 2030 opgeleverd. Deze strategie is ondersteunend aan en dienend voor de organisatie brede Visie en Strategie en fungeert als

richtinggevend kader voor de ICT‑inspanningen in de komende jaren. Onderdeel van deze strategie zijn nieuwe architectuurprincipes, uitfaseren van maatwerk en meer projectmatig werken. Voor dat laatste

is in 2025 de ICT‑Roadmap geïntroduceerd. Projecten met een ICT‑component worden op basis van een aanvraag beoordeeld en, afhankelijk van prioriteit, capaciteit en financiële haalbaarheid, al dan niet op de Roadmap geplaatst. Hiermee is geborgd dat besluitvorming op gestructureerde en integrale wijze plaatsvindt en de prioriteiten bijdragen aan de strategische doelen van SVHW.

Naast het volgen van ontwikkelingen op het gebied van wet‑ en regelgeving zijn in 2025 stappen gezet om de organisatie voor te bereiden op de WMEBV, NIS2 en de nieuwe Waterschapswet. Om te voldoen

aan de vereisten van NIS2 en de BIO richt SVHW zich op het behalen van het ISO 27001‑certificaat eind 2026 met ICT als scope. In 2025 zijn de eerste voorbereidingen hiervoor gestart.

De ramingen voor deelnemers worden inmiddels rechtstreeks en geautomatiseerd gegenereerd vanuit

het bedrijfsprocessensysteem. Om de voortgang op de strategische speerpunten te monitoren en tijdig bij te sturen, zijn KPI’s ontwikkeld voor de Visie en Strategie en de Dienstverleningsovereenkomst

(DVO). In 2026 wordt verder gewerkt aan de doorontwikkeling van aanvullende KPI’s en bijbehorende dashboards voor de verschillende domeinen.

Tot slot heeft de verdere ontwikkeling van de telefoonapplicatie voor het KCC in 2025 geleid tot een aanzienlijke besparing op telefoonkosten en tot verbeteringen in de dienstverlening aan burgers en bedrijven.

Privacy en databeveiliging

Door zowel de CISO als de Privacy Officer en de FG is er in nauwe samenwerking met de staande

organisatie gewerkt aan het naleven van vigerende Wet- en regelgeving. De betreffende regelingen en

procedures zijn in 2024 daar waar nodig geactualiseerd en meegenomen in de verbijzonderde interne Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 45 van 69

Jaarstukken 2025 controles. De huidige FG is in 2024 gestart en voor de CISO-functie is in januari 2025 een vervanger

aangetrokken. De wens is om deze onafhankelijke functionarissen na een aantal jaren te rouleren om ook nieuwe inzichten aan onze organisatie toe te voegen. De nieuw gestarte contract manager toetst

en bewaakt dat bestaande en nieuwe contracten met leveranciers ook op de specifieke vereisten voor

de AVG en NIS2. In de organisatie is in 2025 succesvol gestart met de e-learning ARDA om kennis en bewustzijn van privacy en security te verhogen.

In 2024 is een begin gemaakt met de GAP-analyse om in beeld te brengen wat er nog gedaan moet

worden om compliant te zijn aan BIO2 en NIS2. Dit loopt nog door in 2025 en 2026 en is de basis voor de ISO-certificering.

4.5.3

Rechtmatigheid

Het Controleprotocol SVHW 2025 is op 12 november 2025 vastgesteld. Hierin is ook het

geactualiseerde normenkader opgenomen wat gelijktijdig met het controleprotocol is vastgesteld.

Begrotingsrechtmatigheid

De toelichting begrotingsrechtmatigheid 2025 (zie paragraaf 5.2) geeft een analyse van de afwijking van het exploitatieresultaat ten opzichte van bijgestelde begroting 2025.

Voorwaardencriterium en Misbruik en Oneigenlijk gebruik Criterium Verbijzonderde Interne controle

SVHW gebruikt voor de onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording de werkzaamheden die worden uitgevoerd door de verbijzonderde interne controlefunctie. Deze werkzaamheden vinden

gestructureerd plaats op basis van het Interne controleplan 2025. In het interne controleplan 2025 zijn

zowel werkzaamheden beschreven voor de controle op de getrouwheid en rechtmatigheid van de

jaarrekening en de jaarverantwoording belastingen voor de deelnemers. Vanuit de interne controle wordt zowel systeemgericht als gegevensgerichte controles uitgevoerd.

Bij de systeemgerichte controle is gekeken naar de interne beheersing van SVHW: •

Zijn de processen goed ingericht en werkt het in de praktijk ook zo (opzet, bestaan en werking);

• •

Is er voldoende functiescheiding;

Kunnen mutaties uitsluitend worden aangebracht door daartoe bevoegde medewerkers (bijvoorbeeld invoering van de tarieven);

•

Worden transacties door de juiste personen geautoriseerd.

Naast de systeemgerichte controles zijn aanvullend gegevensgerichte controles uitgevoerd door middel van het trekken van een steekproef. Over de uitkomsten van de verbijzonderde interne controle is per kwartaal gerapporteerd. Er zijn geen fouten gebleken groter dan de rapporteringsgrens.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 46 van 69

Jaarstukken 2025

4.6 Openbaarheidsparagraaf Wet Open Overheid (WOO)

De Wet Open Overheid (Woo) legt aan bestuursorganen een aantal verplichtingen op. Eén van deze verplichtingen betreft het geven van een impuls aan openbaarheid door in de begroting en het verantwoordingsverslag in de jaarstukken aan te geven hoe rekening wordt gehouden met de bepalingen uit de Woo.

De Wet Open Overheid kent, samengevat, een viertal belangrijke aspecten: 1.

De verplichting voor ieder bestuursorgaan om een Woo contactfunctionaris aan te wijzen.

3.

Verplichtingen gericht op actieve openbaarmaking.

2.

4.

Verplichtingen gericht op passieve openbaarmaking.

Het op orde brengen van de (digitale) informatiehuishouding.

Woo contactfunctionaris

De Woo contactfunctionaris is geheel 2025 in dienst geweest bij SVHW en helpt burgers en journalisten bij informatieverzoeken.

Passieve openbaarmaking

Alle verzoeken tot openbaarmaking worden via een workflow afgewikkeld in onze systemen. Deze

worden in behandeling genomen door onze contactfunctionaris en doorgezet naar de verantwoordelijk medewerker. In 2025 zijn er 2 verzoeken binnen gekomen om informatie openbaar te maken. Hiervan zijn er 2 afgewezen, 0 zijn buiten behandeling gesteld en 0 zijn er toegewezen.

Actieve openbaarmaking

De Woo stelt de verplichting om elf benoemde informatiecategorieën actief te publiceren. Deze

verplichting zal niet voor alle elf categorieën tegelijk gelden. Over de ingangsdatum is nog geen

zekerheid tijdens het schrijven van dit onderdeel Openbaarheid. De eerste fase/tranche van de Wet open overheid ging in op 1 november 2024. De volgende fase heeft vertraging opgelopen. De

ontwikkeling van de centrale digitale voorziening duurt minstens negen maanden langer dan gepland.

Het is de bedoeling dat er eind februari 2026 een aangepaste planning komt.

In 2025 voldeden wij aan de Woo door de verplichte informatiecategorieën actief te publiceren. De Wet Open Overheid legt de verplichting op documenten in een, voor SVHW beperkt, aantal categorieën actief openbaar te maken, zijnde: •

wet- en regelgeving;

•

bestuurstukken;

•

•

• • •

organisatiegegevens; jaarplannen en -verslagen; Wob/Woo-verzoeken; onderzoeken; klachten.

SVHW voldoet - voor zover van toepassing- aan deze verplichting.

Informatiehuishouding op orde

De Woo verplicht dat de digitale informatiehuishouding binnen acht jaar op orde wordt gebracht. Dit betekent dat er op basis van een op te stellen meerjarenplan maatregelen moeten worden genomen om informatiebestanden duurzaam toegankelijk te maken en te houden. In 2026 zullen wij daarom doorgaan met het uitvoeren van de maatregelen.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 47 van 69

Jaarstukken 2025

JAARREKENING 2025 5.

Baten en Lasten

5.1 Staat van baten en lasten 2025

De onderstaande tabel geeft de staat van baten en lasten weer. (bedragen in x 1.000 euro) R e a lisa tie 2 0 2 5

Sta a t va n b a te n e n la ste n

Omschrijving programma:

Ba te n

Ondersteuning

-

Gegevensbeheer Algemeen BAG-administratie WOZ-administratie

Dienstverlening

Sub tota a l p rogra mma ' s

3.859 330 5.256

8.038

-

2.461 250 3.619

5.270

Sa ld o

Ba te n

-

La ste n

10

1.398 80 1.637

10

3.848 330 5.285

2.768

7.954

2.898 231 4.216

6.279

Be groting 2 0 2 5

Sa ld o

Ba te n

-

La ste n

10

950 99 1.069

3.804 310 6.079

1.674

8.514

Sa ld o

10

-

2.869 214 4.969

6.735

935 96 1.111

1.778

17.483

11.599

5.884

17.427

13.634

3.793

18.717

14.796

3.921

-

-

-

-

-

-

-

-

-

3.615 15.214

-3.615 2.269

17.427

3.793 17.427

-3.793 -

18.717

3.921 18.718

-3.921 -

-

207 207

-

-

-

-

-

-

17.427

17.427

-

18.717

18.718

-

Omschrijving algemene dekkingsmiddelen:

Algemene dekkingsmiddelen Sub tota a l a lge me ne d e kkingsmid d e le n

Gerealiseerde kosten Overhead Vennootschapsbelasting G e re a lise e rd e tota a l sa ld o va n b a te n e n la ste 1 7 . 4 8 3

Toevoeging/onttrekking aan reserves: Mutaties in reserves Sub tota a l muta tie s re se rve s G e re a lise e rd e re sulta a t

La ste n

Be groting 2 0 2 5 na wij ziging

207 207 17.690

15.214

2.476

NB: in bovenstaande tabel zijn de baten en lasten in de jaarrekening 2025 € 428.000 lager dan in de exploitatierekening 2025 is opgenomen, vanwege de verantwoording op programma en de daarbij

behorende doorbelastingsystematiek vanuit Ondersteuning voor wat betreft de baten en de lasten.

5.2 Begrotingsrechtmatigheid (bedragen in x 1.000 euro) R e a lisa tie

Be groting na wij ziging 2 0 2 5

Afwij king

0 2.461 250 3.619 5.270 3.615

10 2.898 231 4.216 6.279 3.793

10 437 -19 597 1.009 178

10 2.553 254 3.949 5.972 3.576

10 92 5 330 702 -38

15.214

17.427

2.213

16.315

1.101

0 3.859 330 5.256 8.038

10 3.848 330 5.285 7.954

10 -11 0 29 -84

10 3.848 330 5.345 7.928

-10 11 -0 -89 110

17.483

17.427

-5 6

17.462

21

207

0

-207

207

0

2.476

0

-2 . 4 7 6

1.353

1.123

2025 Ondersteuning Gegevensbeheer algemeen Gegevensbeheer BAG WOZ administratie Dienstverlening Gerealiseerde kosten Overhead T ota a l ge ne ra a l uitga ve n Ondersteuning Gegevensbeheer algemeen Gegevensbeheer BAG WOZ administratie Dienstverlening T ota a l ge ne ra a l inkomste n Mutaties in reserves T ota a l re sulta a t b oe kj a a r

Versie 1.0

18 maart 2026

(B-A)

Pagina 48 van 69

R a p p orta ge

Afwij king

Controle

Na j a a rsnota 2 0 2 5 na me ld e n re chtma tig Ja Ja Ja Ja Ja Ja

Ja Ja Ja Ja Ja

Ja

Jaarstukken 2025 Op basis van bovenstaande opstelling blijkt dat de lasten en de baten per programma binnen de vastgestelde begroting zijn gebleven. De overschrijding bij programma gegevensbeheer BAG is

beneden de rapportingstolerantie en dat geldt ook voor de baten bij programma gegevensbeheer

Algemeen. Bij de baten is er sprake van een overschrijding op programma Dienstverlening door de afrekening deelnemersbijdrage op basis van de werkelijke aanslagregels over 2025. De werkelijke

aanslagregels zijn pas na de Najaarsrapportage 2025 bekend geworden en leiden hierdoor niet tot een onrechtmatigheid. De mutatie in de bestemmingsreserve is vermeld in de Najaarsrapportage 2025.

Voor 2025 hebben er geen begrotingsonrechtmatigheden voorgedaan. Bij de investeringen is binnen

het door het algemeen bestuur vastgestelde krediet gebleven. Het totaal krediet was € 450.000 en de investeringen in 2025 betreffen afgerond € 440.000.

5.3 Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid dagelijks bestuur

De baten en lasten en ook de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten en ook de balansmutaties, blijkt een drietal

rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en

oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, en ook de balansmutaties het

begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in

dat de verantwoorde baten en lasten, en ook de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur op 12 november 2025 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en

regelgeving verder toegelicht.

Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de

verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald en

bedraagt 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 302.000. De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025. Bevinding

Het dagelijks bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en

lasten en ook de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen € 0 bedraagt. Dit is lager dan de daarvoor gestelde grens van € 302.000. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen

verantwoorde baten en lasten en ook de balansmutaties is volgens het dagelijks bestuur overigens een bedrag van € 0 acceptabel op basis van door het algemeen bestuur vastgestelde afspraken.

In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het algemeen bestuur aanvullende informatie opgenomen over de

financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het dagelijks bestuur ook beschreven welke actie hij

onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 49 van 69

Jaarstukken 2025

5.4 Staat van incidentele baten en lasten

Hieronder staan de incidentele baten en lasten groter dan € 25.000 opgenomen. Het saldo geeft een incidenteel resultaat van € 486.000. Programma

Kostensoort

Diversen

Personele kosten

Ondersteuning

Huisvestingskosten

Diversen

Dienstverlening Dienstverlening

Personele kosten

Diensten van derden Contributies

Omschrijving

(bedragen in x € 1.000)

Incidentele lasten

Transitievergoedingen

Rentebaten

Ondersteuning

Voorzieningen

Ondersteuning

Voorzieningen

Ondersteuning

Overige opbrengsten

Ondersteuning

Overige opbrengsten

Ondersteuning

Bestemmingsreserve

-68

Extra werkzaamheden Geertruidenberg

29

Uitstel wegens huisvestingsstrategie Bijdrage projectorganisatie reductie proceskostenvergoeding

Incidentele baten

Boven structurele rente

Vrijval voorziening verlofsparen Vrijval voorziening dubieuze debiteuren

25

118

21

124

93

130

Doorbelasting kosten Geertruidenberg

29

Vrijval bestemmingsreserve

207

Totaal incidentele baten

604

Incidenteel resultaat

486

Niet van toepassing.

5.6 Besteding onvoorzien Niet van toepassing.

18 maart 2026

40

Forfaitaire vergoeding KOTA

5.5 Structurele toevoeging en onttrekking aan reserves

Versie 1.0

92

Ontvangen zwangerschapsgelden

Totaal incidentele lasten

Ondersteuning

Bedrag

Pagina 50 van 69

Jaarstukken 2025

6.

Balans per 31 december 2025

Ac tiva

(bedragen in x € 1.000)

31- 12- 2025 31- 12- 2024 Pas s iva

V as te ac tiva Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Totaal Totaal vas te ac tiva

31- 12- 2025 31- 12- 2024

1.660

V as te pas s iva Eigen vermogen 1.420 - Algemene reserve - Bestemmingsreserve 1.420 - Gerealiseerd resultaat

1.660

1.420

1.660

Totaal

700 129 2.526

3.290

3.355

525

649

V lottende ac tiva Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar - Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetpyische looptijd korter dan één jaar - Overige vorderingen

31.823 4.024

25.587 2.800

Totaal

525

649

Totaal

35.847

28.387 Vaste schulden met een rentetypsiche looptijd van één jaar of langer - Binnenlandse banken en overige financiële instellingen

1.156

1.258

Totaal

1.156

1.258

4.971

5.262

2 29.417 29.419

26.621 26.621

Liquide middelen Kassaldi Banksaldi

5 483 Totaal

Overlopende activa - Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal

Totaal vlottende ac tiva

Totaal ac tiva

Versie 1.0

18 maart 2026

Voorzieningen - Voorziening verlofsparen

700 114 2.476

488

965

965

37.300

38.960

2 484 Totaal vas te pas s iva

486 V lottende pas s iva Netto vlottende schulden met een rentetypsiche looptijd korter dan één jaar - Banksaldi - Overige schulden Totaal 2.897

2.897 Overlopende passiva - Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten en daaraan gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume 31.770 Totaal

4.570

1.307

4.570

1.307

Totaal vlottende pas s iva

33.989

27.928

38.960

33.190

33.190 Totaal pas s iva

Pagina 51 van 69

Jaarstukken 2025

6.1 Waarderingsgrondslagen Algemeen

De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat berusten op de grondslag van verkrijgings- of vervaardigingsprijs of nominale waarde, tenzij hierna anders is vermeld. De baten en

lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. De jaarrekening is opgemaakt

met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten daarvoor geeft.

Rechtmatigheidsverantwoording

De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: •

De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten,

balansmutaties, en ook de baten en lasten over de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet;

•

De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: •

•

Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op

door het algemeen bestuur is vastgesteld op 12 november 2025 als onderdeel van

het controleprotocol 2025;

Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en

investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de

Financiële verordening SVHW 2025 is beschreven wanneer deze overschrijdingen

acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als

onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het algemeen bestuur zijn

•

gemeld.

Ten aanzien van het M&O criterium is er geen Nota Misbruik en oneigenlijk

gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.

De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid

2025 van de Commissie BBV van september 2025 en ook de Financiële verordening SVHW 2025 en het controleprotocol 2025. Dit betekent dat: •

Een verantwoordingsgrens van 2% is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en

onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; •

Een rapporteringstolerantie van € 25.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.

Balanswaardering 

Vaste activa

De activa met economisch nut zijn gewaardeerd tegen de historische kostprijs verminderd met de daarop toegepaste afschrijvingen, bepaald op basis van de verwachte levensduur dan wel de

periode waarop de investeringen betrekking hebben. De afschrijvingen zijn berekend volgens het Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 52 van 69

Jaarstukken 2025 lineaire systeem met uitzondering van het kantoorpand waar een annuïtaire geldlening tegenover staat. Het kantoorpand wordt annuïtair afgeschreven. 

Vlottende activa

De vorderingen en overlopende activa zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde, met aftrek van een voorziening voor oninbaarheid wanneer hier sprake van is. 

Voorzieningen

De voorzieningen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. 

Overige activa en passiva

Voor zover in het bovenstaande niet anders is aangegeven, worden activa en passiva gewaardeerd op nominale waarde. 

Eigen vermogen

Het eigen vermogen van SVHW bestaat uit de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het

gerealiseerde resultaat. Mutaties hierop vinden plaats conform besluitvorming door het algemeen bestuur.

Resultaatbepaling

Het resultaat wordt bepaald met in achtneming van de hiervoor vermelde waarderingsgrondslagen.

Baten worden verantwoord in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd. Lasten worden opgenomen in het jaar waarin zij voorzienbaar zijn. 

Afschrijvingen

De afschrijvingen op vaste activa zijn gebaseerd op basis van verkrijgings- of vervaardigingsprijs.

Afschrijvingen vinden plaats op basis van geschatte levensduur dan wel de periode waarop de investeringen betrekking hebben. De volgende termijnen worden gehanteerd:

Automatisering: • • • •

Apparatuur (beeldscherm, PC, printers, overige hardware) 4 jaar

Servers 4 jaar

Aanpassingen/ ontwikkeling van software 4 jaar

Licenties op software voor onbepaalde duur 4 jaar

Licenties voor bepaalde duur moeten volgens de richtlijnen van het BBV verantwoord worden onder vooruitbetaalde kosten.

Gebouwen: • • • •

Gebouwen permanent 30 jaar

Gebouwen semipermanent 15 jaar

Verbouwing/ renovatie 15 jaar Herinrichting terrein 20 jaar

Inrichting: •

Meubilair/ inventaris 10 jaar

Machines en installaties: • •

Technische machines, installaties 10 jaar

Kantoormachines 5 jaar

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 53 van 69

Jaarstukken 2025

6.2 Toelichting Balans 2025 6.2.1

ACTIVA

Materiële vaste activa

Investeringen met een economisch nut Balans per 1 januari

01-012025

(bedragen in x € 1.000)

01-01-2024

Bedrijfsgebouwen

930

995

Grond kantoorgebouwen

293

293

Overige materiële vaste activa

196

302

Totaal boekwaarde per 1 januari

1.420

1.590

Investeringen boekjaar

31-12-2025

Bedrijfsgebouwen

(bedragen in x € 1.000)

31-12-2024

-

29

Overige materiële vaste activa

440

-

Totaal investering boekjaar

440

29

De investering in het boekjaar betreft o.a. het vervangen van servers, storage en het vervangen van laptops. Op deze post zal worden afgeschreven met ingang van boekjaar 2026.

Afschrijvingen boekjaar

31-12-2025

(bedragen in x € 1.000)

31-12-2024

Afschrijvingen bedrijfsgebouwen

56

94

Afschrijvingen overige materiële vaste activa

143

105

Totaal afschrijvingen boekjaar

216

200 (bedragen in x € 1.000)

Balans per 31 december Bedrijfsgebouwen Grond kantoorgebouwen Overige materiële vaste activa Totaal boekwaarde per 31 december

31-12-2025

31-12-2024

873 293

930

493

196

1.660

1.420

Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar Balans per 31 december

293

31-12-2025

(bedragen in x € 1.000)

31-12-2024

Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rente

31.823

25.587

Overige vorderingen

4.024

2.800

Totaal boekwaarde per 31 december

35.847

28.387

typische looptijd korter dan één jaar

Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan één jaar

De hoogte van het drempelbedrag voor het begrotingsjaar 2025 bedraagt € 2.625.000. Het SVHW

maakt gebruikt van de mogelijkheid bij de BNG Bank om de overtollige middelen automatisch af te

romen vanuit het eigen rekeningstelsel naar de werkrekening schatkistbankieren. Deze automatische afroming vindt dagelijks plaats.

Versie 1.0

18 maart 2026

Pagina 54 van 69

Jaarstukken 2025

Verantwoording schatkistbankieren

In het overzicht hieronder wordt per kwartaal aangegeven welke middelen SVHW buiten ’s

Rijksschatkist heeft aangehouden. Dit overzicht is gebaseerd op de richtlijn in artikel 2, vierde lid, van de Wet financiering decentrale overheden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/822/documents/18583